Category Archives: Canadese bevrijders

Gedèènktiek’n veur de bouwers van de noodbrogge

In de krant Ons Noorden : Dagblad voor de Noorderlijke Provinciën verscheen op 21 mei 1945 een artikel over de bouw van de noodbrug over de Drentse Hoofdvaart an de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945. 

Drentse burgers bouwden een noodbrug en bevorderden Frieslands bevrijding
In de dagen rond 10 april, zo lezen we in de ‘De Vrije Pers’, toen het noorden des lands in angstige spanning op de bevrijdende Canadese legers wachten, ging er in de huizen van de gelukkigen, die nog op de een of andere elektrische stroom konden bemachtigen, geen uur voorbij of de radio werd ingeschakeld. De hoop op een spoedige verlossing van de onderdrukkers nam toe in de harten van de Drenten en Groningers, naarmate de tankspitsen ten oosten van de Drentse Hoofdvaart vorderen. Doch de Friezen werd het bang te moede, want wie beter dan zij wisten welk een barrière hen nog van de oprukkende geallieerden scheidde.
Op een goede dag meldde Herrijzend Nederland evenwel plotseling dat de Canadese spitsen tot in Diever doorgedrongen waren. Diever, over het kanaal dus ! En zie, dit bruggenhoofd is het geweest van waaruit Frieslands victorie begon. Dit bruggenhoofd danken zij aan een Drentse opzichter van de Rijkswarerstaat, die met een aantal burgers onder het bereik der Duitse kanonnen een noodbrug over het kanaal sloeg, waarover het materiaal naar het westen stroomde.
Canadezen en Polen rukten in Drente op: Coevorden werd bevrijd, de spoorbaan Hoogeveen – Meppel gepasseerd, in de loop van woensdag den 11de april werd Dwingeloo bereikt en even later stonden Canadezen aan de Drentse Hoofdvaart. Waarschijnlijk heeft het niet in de bedoeling gelegen om de operaties onmiddelijk aan de westzijde ervan voort te zetten, doch er zijn factoren geweest (onder andere een noodkreet van de bevolking van Diever, waar de terugtrekkende Duitsers een vreselijke terreur uitoefenden, die den commandant de wenselijkheid van een noodbrug bij Dieverbrug deden inzien.
Mer een opzichter van de Rijkswaterstaat te Dwingeloo werd overleg gepleegd en deze bood aan, met een aantal vrijwilligers een brug over het kanaal te slaan. Ondanks het feit, dat zowel Wittelte, de Haarsluis (ten zuiden van Geeuwenbrug) en Diever nog in Duitse handen was en het geenszins denkbeeldig was, dat deze tegen het vallen van de avond het vuur zouden openen, meldden zich tal van vrijwilligers aan. Uit deze groep werden zestien bekwame vaklui gekozen, die ’s avonds om negen uur met de bouw begonnen, terwijl de Canadezen de wegen naar Dieverbrug onder controle hielden.
De opdracht van den Canadesen commandant luidde: maak  mij een brug geschikt voor maximaal 9-tons wagens en zorg, dat die morgenvroeg half zeven klaar is. De hele nacht zwoegden en ploeterden de vrijwilligers, daarbij gebruik makend van een bok met marteriaal afkomstig van de op last van de Duitsers afgebroken Wittelterbrug, welk materiaal men speciaal met het oog op de bouw van een noodbrug in de buurt had weten vast te houden. De mannen smaakten tenslotte het genoegen debrug tien minuten voor de vastgestelde tijd gereed te hebben en onmiddellijk starten de geallieerde colonnes naar het westen.
Het schijnt dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het ‘bruggenhoofd Dieverbrug’ het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft ‘meegenomen’. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog de zelfde dag werd Wolvega bereikt.
Is het teveel gezegd, dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (Pingjum onder andere) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van de Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft in verschillende berichten aandacht besteed aan het ontbreken van een gedenkplaat of een plaquette voor de Deeverse en Dwingeler bouwers van de noodbrogge over de Drentse Hoofdvaart an de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945. De noodbrug is gebouwd geweest naast de Deeverbrogge, die de Duitse bezetter tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog heeft opgeblazen. Op de hier afgebeelde helaas niet zo scherpe foto is de opgeblazen Deeverbrogge te zien; deze foto is vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog gemaakt door de an de Deeverbrogge wonende Wopke Veenstra.
Zie bijvoorbeeld het bericht Bouwers van de noodbrogge kriegt un gedenkplaete
en het bericht De seu’m lange staarke ieser’n balk’n van Oere Chris of het bericht Un ienvoldig gedèènktiek’n bee de Deeverbrogge.
De bedoeling van het bestuur van de Historische Vereniging Gemeente Diever was deze gedenkplaat, eigenlijk meer een vandalenbestendig informatiebord, met enig ceremonieel te plaatsen op 12 april 2010, vijfenzeventig jaar na de bevrijding van de gemiente Deever, te plaatsen, maar vanwege de corona-pandemie bleek dat helaas op die datum niet tot de mogelijkheden te behoren.
In de webstee van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 3 augustus 1920 het bericht Historische Vereniging Gemeente Diever plaatst informatiepanelen
waarin ook verslag wordt gedaan van het plaatsen van een bord met gegevens over de bouw van de noodbrogge ter plaatse van de vernielde Deeverbrogge.
Het is er dus na 75 jaren en bijna 4 maanden na 12 april 1945 dan toch nog van gekomen. Niet op initiatief van de Hoge Heertjes En Dametjes Van Het Dagelijks Bestuur Van De Gemeente Westenveld En Hun Ambtelijke Medewerkers In Hun Luxe Onderkomen Aan de Gemeentehuislaan In Deever, maar wel op het zeer te waarderen intiatief van de Historische Vereniging Gemeente Diever.
De redactie zal te gelegener tijd bij een volgende fotoexpeditie door de gemiente Deever, dus zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf enige foto’s van dit gegevensbord maken, en toevoegen aan dit bericht.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadese bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De bouwers van de noodbrogge en de Canadezen

De Amerikaanse Begraafplaats in Margraten in Limburg, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en een monument ter nagedachtenis van de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog.
De begraafplaats ligt tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer aan de provinciale weg N278 in Zuid-Limburg.
In een soort van museumkapel zijn drie grote landkaarten te zien, deze zijn in steen uitgebeiteld, met beschrijvingen van de verrichtingen van het 1e Amerikaanse leger in de regio gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Op één van de kaarten is met een grote rode pijl naar het noorden van Nederland de opmars van the Canadian First Army, het Canadese Eerste Leger aangegeven. Zie de bijgevoegde kleurenfoto.
De naam Canadian First Army is samen met de andere geallieerde legers ook onder de kaarten vermeld. Zie de bijgevoegde kleurenfoto. Eenheden van het Canadese Eerste Leger speelde een belangrijke rol bij de bevrijding van Noord-Nederland van de Duitse bezetter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.
De bouw van een noodbrug over de Drentse Hoofdvaart ter plaatse van de opgeblazen Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 maakte de bevrijding van Deever mogelijk en versnelde en vergemakkelijkte de opmars van de Canadezen naar Friesland, Drenthe en Groningen.
Het mag toch wel een beetje onverschillig worden genoemd dat an de Deeverbrogge in de buurt van de Deeverbrogge nog steeds geen teken van waardering voor de bouwers van de noodbrug en voor het Canadese Eerste Leger is te vinden. Dit teken had mooi alsnog na zeventig jaren op 12 april 2015 onthuld geweest kunnen zijn geworden. Bijvoorbeeld door een nazaat van aannemer Albert Schipper uut Leggel. Daar is het helaas niet van gekomen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft beide kleurenfoto’s op 16 augustus 2015 op de Amerikaanse Begraafplaats in Margraten gemaakt. De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste versie van dit bericht op 20 augustus 2015 in ut Deevers Archief gepubliceerd.

Abracadabra-439 Abracadabra-440

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Canadese bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Bouwers van de noodbrogge kriegt un gedenkplaete

De redactie van ut Deevers Archief besteedde op 5 augustus 2013, alweer in een tamelijk ver en grijs verleden, in zijn eerste versie van het bericht Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons aandacht aan het veel te lang ontbreken van een gedenkteken voor de mannen die in de nacht van 11 op 12 april 1945 an de Deeverbrogge een noodbrogge over de Voat bouwden, de noodbrogge waarover in de vroege morgen van 12 april 1945 met succes zwaar materieel van het Eerste Canadese Leger, de Royal Canadian Dragoons, kon passeren, waarna in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog en de Canadezen via de de Kop van Overijssel snel konden oprukken naar en in Friesland.

De redactie citeert het volgende stukje tekst uit zijn eigen hiervoor genoemde bericht:
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien.

De redactie was bijzonder verbaasd in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 14 februari 2020 het bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ te lezen. In dit bericht wordt verslag gedaan van het tijdverdrijf van het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever in het kader van het herdenken van het feit dat het op 12 april 2020 het vijfenzeventig jaar zal zijn geleden dat in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog.

De redactie citeert uit het hier afgebeelde bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ het volgende stukje tekst:
Op initiatief van de Historische Vereniging wordt er dit jaar ook een gedenkplaat geplaatst bij de Dieverbrug. In de nacht van 11 op 12 april 1945 werd door burgers van Dwingelo en Diever hier een noodbrug gebouwd, ter vervanging van de opgeblazen Dieverbrug. Dit gebeurde om de gevechtswagens van het Canadeze leger de mogelijkheid te bieden de Drentse Hoofdvaart over te steken om het getroffen Diever te bevrijden. ‘We willen de inspanningen die burgers uit Dwingelo en Diever hebben geleverd om een noodbrug te bouwen blijven herinneren.’, zo vult redactielid Henk ter Walle aan.

De redactie denkt dat hij in zijn hiervoor genoemde bericht uit 2017 het eerste stille voorzetje en het eerste stille aanzetje voor het plaatsen van een gedenkplaat an de Deeverbrogge heeft gegeven. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit. De redactie is bijzonder verrast dat het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever nu, maar wel met veel herrie, veel bombarie en veel poeha-publiciteit, opvolging geeft aan het voorzetje en aanzetje van de redactie en eindelijk uitvoering gaan geven aan het plaatsen van de door de redactie bedoelde gedenkplaat bee, op, an, onder, boo’m, veur of aachter de Deeverbrogge. En dan doaluk mit ut hiele stellegie mit de snötkoker veuran bee de gedèènkplaete bee de brogge stoan veur de foto in de kraante. Dat kan ook weer een mooi sappig persmomentje opleveren voor de politiek gesneefde ex-wethouder en nog steeds voorzitter van de induttende heemkundige vereniging uut Deever.

De redactie van ut Deevers Archief wil de wakkere bezoeker van ut Deevers Archief graag aanraden vooral ook het bericht De zeven lange sterke ijzeren balken van Oere Chris te lezen. In dat bericht beschrijft wijlen Albert Schipper uut Leggel in zijn eigen streektaal op bijzonder nuchtere wijze de bouw van de noodbrogge an de Deeverbrogge. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit en bij leven geen erkenning.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadese bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons

In de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden is een plaquette ingemetseld. De tekst op de plaquette herinnert aan 15 april 1945, de dag waarop de Royal Canadian Dragoons (het eerste Canadeze leger) Leeuwarden bevrijdde van de Duitse bezetter.
De tekst op de plaquette luidt:
Het jaartal 1883. Het wapen van de Royal Canadian Dragoons. Het jaartal 1983.
De Engelse tekst: This plaque commemorates the liberation of Leeuwarden on 15 april 1945 by the Royal Canadian Dragoons. It was placed here during the centennial of the Regiment.
De versnelde bevrijding van Friesland was mogelijk geworden, omdat mannen uit de omgeving van de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadeze leger een sterke noodbrug bouwden ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentse Hoofdvaart.
Van wijlen de schrijver Reinder Smit uut Dwingel is het volgende korte citaat:
Het schijnt, dat de Canadeze bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadeze verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadeze bevrijders. Zo ook de plaquette in de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden, zoals te zien op bijgaande foto.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De eerste versie van dit bericht is gepubliceerd op 5 augustus 2013.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadese bevrijders, Dorpskracht, Gemiente Deever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Esdoorn op 12-04-1985 eplaant veur de Canadezen

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 29 maart 1985 verscheen het volgende korte, maar daarom niet minder belangwekkende berichtje.

Maple leaf in Diever
Diever. Bij wijze van hommage aan ‘onze Canadese bevrijders’, zoals burgemeester H.G. Overweg het noemde, zal op 12 april om vijf uur een boom worden geplant tegenover het politiebureau van Deever. Op die dag is het 40 jaar geleden dat Diever werd bevrijd door de Canadese troepen.
Er zal een esdoorn worden geplant. Zoals bekend is de maple leaf, het blad van deze boom, het Canadeze symbool.

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 maart 1985 verscheen het volgende korte, maar daarom niet minder belangwekkende berichtje, nota bene met een foto.

Canadezen-boom
Ter herinnering aan de bevrijding van Diever is nabij het politiebureau een esdoorn geplant. Dit gebeurde uit erkentelijkheid voor de inzet van de Canadezen die veertig jaar geleden de gemeente Diever bevrijdden van de Duitse overheersing.
Na een korte toespraak van burgemeester H.G. Overweg werd de boom door de vier fractievoorzitters, te weten mevrouw A. Seinen-Brunsting (VVD), W. Dooren (PvdA), IJ. van der Veen (CDA) en J. Lok (Gemeentebelangen) in de grond gezet.
Dat het juist een esdoorn is, heeft te maken met het blad. Dit blad, de maple leaf, is het nationale symbool van Canada.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Canadese vlag met het esdoornblad (maple leaf flag) werd nota ben pas in 1964 aangenomen en in 1965 in gebruik genomen. Voor die tijd was het een officieus symbool voor de Canadezen.
In de symbolen van de Royal Canadion Dragoons, die Noord-Nederland bevrijdden in april 1945, komt ook geen esdoornblad (maple leaf) voor.
Dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels is de maker van de hier afgebeelde zwart-wit foto, die geplaatst is bij het artikel in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 maart 1985.
De redactie heeft de eerste kleurenfoto gemaakt op 21 januari 2016 zo rond 15.00 uur. Het had die dag een beetje gesneeuwd. Op de kleurenfoto is te zien dat de zonnepanelen op het dak achter de alweer flinke ‘maple’ bedekt zijn met een laagje sneeuw.
De redactie heeft de tweede kleurenfoto gemaakt op vrijdag 29 november 2019.
De ‘maple’ staat in het veldje op de hoek van de Vlasstroate en de Kloosterstraote in Deever. Bij de ‘maple’ is – zoals gebruikelijk in de gemiente Deever – een niet al te grote zwerfsteen neergezet, waaraan een bordje is vastgezet met vier bolle plaatstaalschroeven.
De tekst op het bordje luidt als volgt:
Op 12 april 1985 werd deze esdoorn geplant door de fractievoorzitters uit de gemeenteraad. Als herinnering aan de bevrijding van Diever 40 jaar eerder. Het planten van een esdoorn en het schroeven van een mini-plaquette aan een zwerfsteen als dankbetoon aan de Canadese bevrijders, veertig jaar na de bevrijding, is wel erg rijkelijk laat. Het is wel te beschouwen als een nalatigheid en een gebrek aan geschiedkundig inzicht van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk In De Gemiente Deever. 
Bovendien had het dankbetoon an de Deeverbrogge moeten worden geplaatst. An de Deeverbrogge begon immers de bevrijding van de gemiente Deever.
Het is een tamelijk armoedig bordje en de hoofdbeleidsmedewerker van de Voorkant Van Het Grote Gelijk In De Gemiente Deever, 
die verantwoordelijk is voor het bedenken van juiste teksten voor gemeentelijke gedenktekens, kwam met een erg armoedige niet-eenduidige krakkemikkerige tekst; bovendien moet het woord ‘als’ met een hoofdletter worden geschreven en ontbreekt in de tweede zin de punt. Zo worden de Canadese bevrijders van het Eerste Canadese Leger niet eens genoemd op het bordje, dit in tegenstelling tot de twee krantenberichten.
Hoe anders herdenkt de gemeente Leeuwarden diezelfde bevrijders met een mooie plaquette, die is ingemetseld in de voorgevel van het gemeentehuis in Ljouwert.
Bij de ‘maple’ staat nu een bankje. De vraag ligt voor de hand: wie is de sponsor van dit bankje ?
Want de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In De Gemeente Westenveld willen het aankopen, het plaatsen, het beheren en het onderhouden van dit soort straatmeubilair in de gemiente Deever zo veel mogelijk, liefst volledig, met particulier geld en particuliere arbeid betalen.
En wie sponsort het onderhouden van de ‘maple’ of wie heeft het onderhouden van de ‘maple’ geadopteerd ? Want die was op 21 januari 2016 en op 29 november 2019 zo te zien wel aan een snoeibeurt toe ! Of is het niet nodig een esdoorn te snoeien ?


Posted in Canadese bevrijders, Canadian First Army, Gemiente Deever, Harm Hessels, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Diever herdenkt twee zwarte dagen op 22-11-1945

In De Heerenveensche Koerier – Onafhankelijk Dagblad voor Midden-Zuid-Oost Friesland en Noord-Overijssel verscheen op 28 november 1945 het navolgende bericht over de herdenking van twee zwarte dagen in de Tweede Wereldoorlog in de gemeente Diever. 

Diever herdenkt een zwarte dag
Op 22 november 1943 stortte in het Dieverveld een Canadeesch vliegtuig neer, waarbij alle zeven leden der bemanning de dood vonden. Bij zwaar buiïg weer was het toestel hoog in de lucht in brand geraakt en zonder dat iemand der bemanning de kans had er uit te komen viel het toestel ter aarde.
Precies een jaar later, namelijk op 22 november 1944 werden zeven inwoners van deze gemeente als politieke gevangenen gearresteerd, van wie slechts één terugkeerde.
Ter herdenking van deze gebeurtenissen werd op donderdag j.j. een rouwdag gehouden. Van de huizen hing de vlag halfstok. In de ochtend van de dag vond een bijeenkomst plaats van illegale werkers en hun familie bij het hol in de bosschen van Berkenheuvel, waar de S.D. een jaar geleden zijn slag sloeg. Het woord werd hier gevoerd door dominee Van der Hoeven te Diever en dominee Van Nooten te Meppel. Om 12 uur werd in de Gereformeerde Kerk een rouwdienst gehouden. In het bijzonder bestemd voor de verwanten van de families Eggink, Gunnink, Koster en Vos. In deze dienst spraken dominee Van der Hoeven te Diever en dominee Van Arkel te Naaldwijk.
Des middags vond een indrukwekkende plechtigheid plaats op het kerkhof bij de graven van de Canadeesche vliegers. Om de graven werd een eerewacht opgesteld van twee secties gezagtroepen. Daarvoor stelde zich een groep doedelzakspelers, die met hun muziek de plechtigheid zeer verhoogden. Verder stond een groep Iersche Canadeezen opgesteld. Tegenwoordig waren tallooze hoge militaire autoriteiten. Het woord werd gevoerd door den burgemeester en een Canadeesch veldprediker, waarna een kranslegging plaats vond.
In de Nederlandsch Hervormde Kerk werd daarop een kerkdienst gehouden waar als spreker optraden dominee Bakker te Diever, dominee Van der Hoeven te Diever en dominee Van Nooten te Meppel.
Vermelden wij nog de namen van alle de gevallenen. Het zijn dokter Van Nooten, arts alhier. T.G. Drupsteen, 1e ambtenaar ter secretarie, C.M. Groenewoud, controleur der steunverleening, de gebroeders Th. J. en R. Eggink, allen landbouwers te Wapse, G.G. Koster, schilder te Diever, H. Vos, manufacturier te Diever, terwijl nog worden vermist H. Gunnink, smidsknecht te Diever en J. Bosscher, plaatsvervangend leider van de distributiedienst alhier. Zij gaven hun leven voor onze vrijheid.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de zwart-wit foto zijn in het zwart geklede mensen te zien, die onderweg zijn naar de kerkdienst die op 22 november 1945 in de middag werd gehouden in de Nederlandsch Hervormde Kerk op de Brink van Deever.
Achter de in het zwart geklede mensen is het boerderijtje van Hendrik Gruppen te zien.

Abracadabra-415

Abracadabra-411

Posted in Canadese bevrijders, Hoofdstraat, Onderduikershol, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen object, Verzet | Leave a comment

De bouw van de noodbrogge an de Deeverbrogge

Om het voor het Canadese leger mogelijk te maken over de Deeverbrogge op te trekken naar Deever bouwden Deeverse en Dwingeler vrijwilligers in de nacht van 11 op 12 april 1945 op de landhoofden van de vernielde Deeverbrogge een noodbrug. Op het internet is in de webstee ‘vortmes.nl‘ hierover de volgende informatie over te vinden.

Noodbrug
“Wat de ene mens voor de ander kan betekenen”. Het zijn woorden die vele mensen zullen aanspreken. Zo zal een heel dorp en met name Diever in dankbaarheid terugdenken aan de heer R. Koers, toen (in april 1945) opzichter van Rijkswaterstaat en wonend te Dwingelo.
De heer Koers bouwde met een aantal vrijwilligers in de nacht van 11 op 12 april een complete noodbrug over de Drentse Hoofdvaart waardoor de Canadese troepen Diever en zelfs Steenwijk, Wolvega en de rest van Friesland konden bevrijden.
In het nummer van vrijdag 12 april 1946 van de vrije Pers onafhankelijk weekblad van het Noordererf staat het zo: “Het schijnt dat de Canadese bevelhebber na deze voorspoedige vorming van het “bruggehoofd Dieverbrug” ‘t krijgsplan heeft gewijzigd en meteen Friesland en de kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen die op enkele plaatsen na bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers”.

Moord
De directe aanleiding tot het slaan van het bruggehoofd was een zinloze moordpartij door de Duitsers in Diever. Zonder vorm van proces werden kort voor de bevrijding negen mensen die op straat liepen, doodgeschoten. De reden was dat de NSB-burgemeester door enkele inwoners aan een boom was gebonden en dat hadden de Duitsers gezien.
“De volgende dag zouden ze terugkomen om nog meer mensen te vermoorden. Ik ben toen direkt naar de Canadezen gestapt en heb ze voorgesteld een noodbrug te bouwen, zodat ze nog op tijd Diever konden bevrijden.” vertelt de heer Koers.
De Dieverbrug was er niet meer. Die hadden de Duitsers, zoals trouwens vrijwel alle bruggen over de Drentse Hoofdvaart, afgebroken. Toen al speelde de heer Koer(t)s een slim spelletje.
“Ze wilden de bruggen in de berm langs de rijksweg gooien. Ik heb ze toen voorgesteld om bokschuiten te gebruiken en ze dan aan de stille kant te leggen, onder het mom van als de vijand nu eens over die rijksweg komt. Zodoende hadden we het materiaal voor het bruggehoofd direct bij de hand toen het nodig was”.
En het was nodig. De Canadese commandant gaf de heer Koer(t)s opdracht om de volgende morgen half zeven de brug klaar te hebben.
“Dat is een nacht keihard werken geworden onder hoogspanning. Voor alle zekerheid zorgden de Canadezen voor bewaking. We zijn ons nog een keer rot geschrokken toen midden in de nacht een van die soldaten over de brug wilde lopen en er prompt doorzakte. Zijn geweer ging daarbij af. Hij kwam ons direct narennen dat het een vergissing was, want wij waren al bezig om er vandoor te gaan”.
Om half zeven was de noodbrug klaar, berekend op een gewicht van ongeveer acht tot negen ton. Maar de Canadezen hadden materiaal bij zich dat zeker veertien ton woog. Toch hield de […ontbreekt een regel….] vrijwilligers.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het valt toch wel te betwijfelen of het verhaal van opzichter Koers een juiste weergave van het gebeurde in het dorp Deever en van de gebeurtenissen bij de bouw van de noodbrug aan de Deeverbrogge is.de redacte
De redactie zal voor de noodzakelijke nuancering ook gegevens uit andere bronnen in ut Deevers Archief publiceren. 

Posted in An de Deeverbrogge, Canadese bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Un ienvoldig gedèènktiek’n bee de Deeverbrogge

In de nacht van 11 op 12 april 1944 bouwden mannen uit de omgeving met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadese leger een noodbrug ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentsche Hoofdvaart.

Van wijlen de schrijver Reinder Smit uit Dwingelo is het volgende citaat:
Het schijnt, dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadese verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.

In de gemiente Deever herinnert alleen het esdoornblad (maple leaf, het nationale symbool van Canada) in het na de Tweede Wereldoorlog door burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) cum suis bij elkaar gefantaseerde wapen van de niet meer bestaande gemiente Deever aan de Canadese bevrijders, een wel erg magere herinnering. De gemiente Deever heeft dit wapen bij het opgaan van de gemiente Deever in de gemeente Westenveld (officieel of officieus ?) in eigendom overgedragen aan de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever. Daarmee bestaat geen officiële band meer tussen het plaatselijke bestuur en de Canadese bevrijders.

In de gemiente Deever staat een gedenksteen bij het onderduikershol, is een omgekomen Canadese vliegtuigbemanning op het kerkhof van Diever begraven, zijn de tien op 10 april 1945 vermoorde mensen op het kerkhof van Diever begraven, staat een herinneringsteken in de Olde Willem op de plek waar een Canadese bommenwerper is neergestort, staat een herinneringsteken bij de als kamp voor de doorvoer van joden gebruikte rijkswerkkampen Diever A en Diever B, en staat een herinneringsteken op het marktterrein voor de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen mensen in de gemiente DeeverDeever toont veel respect voor de tragische gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog.

Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld en de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever en die van Dwingel toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de bouwers van de noodbrug, de over de noodbrug oprukkende Canadese bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van de gemiente Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen van dien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadese bevrijders.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de eerste versie van dit bericht gepubliceerd op 1 november 2016.
Commies der Belastingen Wopke Veenstra maakte deze unieke foto op 12 april 1945. De foto is afkomstig uit de verzameling van mevrouw Lonnie Zoer-Veenstra uut Dwingel. Op de foto is an de Deeverbrogge an de Deeverse kaante een Canadese gevechtswagen te zien. Deze pantserwagen van het type Britse Universal Carrier, beter bekend onder de naam Bren Gun Carrier, had een kaliber 0.303 Brengun als bewapening. Dit wapen is op de afbeelding goed te zien.
De man met geweer links op de voorgrond is brandstoffenhandelaar Jan Oostenbrink, wonende an de Deeverbrogge an de Dwingeler kaante. Het meisje met pop is Alone (Lonnie) Veenstra, dochter van Wopke Veenstra en Lia van Delden.
Het huis met de gesloten luiken links op de achtergrond is vanwege een latere reconstructie van het kruispunt an de Deeverbrogge afgebroken.
Juffrouw Rigtje van der Land van de Openbare Lagere School in Deever (hiel veule Deeversen hept bee heur in de klasse seet’n ?) en haar ouders (haar vader overleed in 1944 en haar moeder in 1950, beiden zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever) woonden in de oorlog in het huis (adres Rijksweg 34), dat rechts naast het huis met de gesloten luiken is te zien. Zij en haar moeder hebben niets gemerkt van de bouw van de noodbrug bij de opgeblazen Deeverbrogge. Dit gebeurde immers ’s nachts. Het bleek dat ze bevrijd waren, toen ze ’s morgens ontwaakten. De eerste Canadese tank, die over de noodbrug kwam, hebben ze in het geheel niet gezien.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadese bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Ut woap’m van de gemiente Deever

De volgende verklaring bij het wapen van de gemiente Deever is overgenomen uit de gegevens in de webstee ngw.nl van Heraldry of the World.

I : 3 september 1946 ” In hermelijn een paal, gedwarsbalkt van keel en zilver van 16 stukken, rechts boven vergezeld van een kraaghalskruikje van hunebedaardewerk en links onder van een eschdoornblad, beide van keel. Het schild gedekt met een gouden kroon van 3 bladeren en 2 paarlen.”

Bij het ontwerp had de gemeente een aantal mogelijke motieven aangedragen:
Allereerst de aanwezigheid van hunebedden in de gemeente. Niet alleen de hunebedden, maar ook het daarin gevonden aardewerk zijn uniek in Drenthe. Verder een herinnering aan de kerk van Deever, een van de oudste van Drenthe, het wapen van de familie Ketel, die in de 16e-18e eeuw diverse schouten heeft geleverd. Tevens was een mogelijkheid de afwijkende lengtemaat in Deever te tonen. In geheel Drenthe bestond de roede uit 14 voeten, behalve in Deever waar de roede 16 voet lang was. Tenslotte wilde de gemeente nog een herinnering aan de bevrijding door de Canadezen. Hoewel dat laatste niet specifiek voor Deever is, werd er toch veel belang aan gehecht. In de nadagen van de oorlog werden er in en rond Deever felle gevechten geleverd tussen de Duitsers en Fransen/Canadezen. De Duitsers dreigden in Deever de orde goed te gaan herstellen en executeerden 11 willekeurige burgers. Om een verder bloedbad te voorkomen grepen de Canadezen in en bevrijdden Deever.
In het wapen wordt de afwijkende roede gesymboliseerd door de paal, het kraaghalsflesje geeft het unieke aardewerk aan, de Canadese Maple Leaf spreekt voor zich, terwijl het hermelijn, als kleine kruisjes, de oude kerk symboliseert.
De gemeente diende drie voorstellen in, allereerst het huidige wapen, met als uitzondering dat de paal golvend gedwarsbalkt was. De Hoge Raad van Adel ging er echter vanuit dat een lengtemaat recht is en niet golvend. Het tweede voorstel was identiek, alleen de Maple Leaf was weggelaten. Het derde ontwerp tenslotte toonde het kraaghalsflesje in de rechterbovenhoek van het wapen Ketel, in zilver een dwarsbalk van azuur.
Literatuur:  Bontekoe, 1947, Oorsprong/verklaring

Abracadabra-1300

Posted in Canadese bevrijders, Diever, Gemiente Deever, Hunnebed D52, Oudheidkunde, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment