Category Archives: Diever

Kerk aan de brink van Deever op 11 maart 1933

De redactie van het Deevers Archief  kent maar weinig mooie oude foto’s van onderwerpen uit de gemiente Deever, waarvan de juiste datum van fotograferen bekend is. Van deze foto van de kerk aan de brink van Deever is die datum wel bekend, te weten 11 maart 1933. Deze foto, nota bene afgedrukt op papier met een kartelrand, is gemaakt door juffrouw Christina Augusta Johanna ter Horst. Zij was van 1 maart 1930 tot 1 maart 1937 onderwijzeres an de Wittelter skoele. Daarvoor had ze een tijdelijke aanstelling aan de openbare lagere school in Deever. Ze was in de kost bij Gosem Klasen, die in de Hoofdstraat woonde.
Aan de linker kant van de zuidelijke zijbeuk van de kerk is een deur te zien. Die deur is bij de restauratie van 1956/1957 weggehaald, omdat dit geen originele deur was, maar later is aangebracht, waarschijnlijk in de tijd dat de ruimte achter de deur, waar nu een drieluik hangt, in gebruik werd genomen als lagere school.
Op de hof van de kerk werden geen doden meer begraven, maar toch stond er nog een hek om de kerk, de reden daarvan kan zijn geweest dat de aanwezige graven nog niet waren geruimd, dat gebeurde bij de restauratie in 1956/1957. Straatjongens uit die tijd zullen zich de berg schedels en skeletten bij de zij-ingang van de kerk nog wel kunnen herinneren.
Aan de rechter kant van de foto is nog net een stukje van het hek om de braandkoele op de brink te zien.
Heel mooi is ook het slijtpad vanaf de Hoofdstraat over de brink naar de ingang van ‘het oude gemeentehuis’.
Uiteraard was het electriciteitsnet nog niet onder de grond aangebracht.
Het liek’nhusie op de brink is op deze foto niet meer te zien.

Posted in Brink, Diever | Leave a comment

De Gaper aan de gevel van drogisterij Hendrik Mulder

De twee hier afgebeelde zwart-wit foto’s van ‘de Gaper’ aan de gevel boven de winkeldeur van de drogisterij van Hendrik Mulder an de Heufdstroate in Deever zijn afkomstig uit een collectie foto’s van Monumentenzorg, die aanwezig is in het Drentsch Archief in Assen. De twee foto’s zijn op 2 april 1959 gemaakt.

Hendrik Mulder (Hendrik Moesie; alle Mulders in Diever hadden een bijnaam; hij werd ook wel Moesie Peep genoemd) en zijn vrouw Christina (Stina) Klok openden in 1933 in Deever in een nieuw pand drogisterij ‘De Gaper’, Hoofdstraat 17, nu Hoofdstraat 43. Hendrik was ook huisschilder, zijn vrouw Christine (Stina) deed de drogisterij. Hendrik maakte ook graag foto’s.
Hendrik Mulder werd geboren op 24 mei 1905 en overleed op 30 januari 1977. Zijn vrouw Christina (Stina) Klok werd geboren op 24 januari 1910 en overleed op jonge leeftijd op 28 oktober 1961.
Per 1 januari 1966 deed Hendrik Mulder (Hendrik Moesie) zijn zaak over aan zijn neef Hendrik Koopman. In juni 1993 is Hendrik Koopman met zijn drogisterij verhuisd naar de Peperstraat. Zowel Hendrik Mulder als Hendrik Koopman waren uitgever van heel veel mooie ansichtkaarten met afbeeldingen uit de gemeente Deever. Deever is hen daar veel dank voor verschuldigd.
De Gaper, het beeld met de houten kop met de gapende mond (tong uit de mond), is gemaakt door een beeldhouwer uit Veendam. In de tachtiger jaren van de vorige eeuw moest de fraaie kop worden verwijderd. Hij was totaal verrot.
Het gevelobject Gaper maakt steeds minder deel uit van het straatbeeld in dorpen en steden in Nederland. Er is al een webstee die zich speciaal richt op Gapers in Nederland. In deze webstee is ook een kleurenafbeelding van ‘de Gaper’ van Hendrik Mulder aanwezig. Boven in het scherm van de webstee Gapers in Nederland op de hoofdletter D klikken en vervolgens naar beneden ‘scrollen’.
Het gevelobject ‘de Gaper’ kan beschouwd worden als een jammer genoeg verloren gegaan Deevers kunstobject van historische waarde. Wellicht kan een groepje dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever of een groepje dorpskrachten van de vereniging van neringdoenden uut Deever in samenwerking met de huidige eigenaar van het pand een kleine inspanning doen om te komen tot het plaatsen van een nieuwe ‘de Gaper’.
Als in Deever daken van pothokken opgetuigd kunnen worden met lichtgevende dakpannen, dan behoort het opnieuw plaatsen van ‘de Gaper’ zeker tot de mogelijkheden. Wellicht zou ‘de Gaper’ bij wijze van experiment met behulp van een 3D-printer kunnen worden gemaakt van een duurzame kunststof en zou een lokale kunstenaar de zo ontstane ‘de Gaper’ kunnen beschilderen.  

De redactie van het Deevers Archief stelde in 2003 ten behoeve van de leden van de plaatselijke heemkundige vereniging de zo door de heemkundige vereniging genoemde ‘historische kalender’ (hoe kan een kalender historisch zijn ?) voor het jaar 2004 samen. De bijgaande afbeelding toont het kalenderblad voor de louwmaand 2004, dat wil zeggen januari 2004.
De zwart-wit foto van de gevel van de drogisterij met ‘de Gaper’ is omstreeks 1962 gemaakt en is afkomstig uit het archief van de voormalige gemeente Diever.

Abracadabra-1207Abracadabra-1206Abracadabra-1208

Posted in Diever, Historische kalenders, Hoofdstraat, Kunst, Kunstig gemaakte objecten, Neringdoenden | Leave a comment

Een annekkedote in ’t Deevers van Jan Hessels

Toen Jan Hessels nog leefde sprak de redactie van het Deevers Archief regelmatig met hem bij hem thuis in zijn boerderij over het oude Deever, over het boerenleven. Jan hield van het vertellen van annekkedotes, zoals hij die korte en altijd grappige verhaaltjes noemde. De redactie prijst zich gelukkig enige daarvan digitaal te hebben opgenomen. De ‘annekkedote’ is -het kan niet anders- opgeschreven in het Deevers: Jan Hessels sprak het Deevers, net zoals Jantje Andreae-Oost dat deed, zoals je het Deevers hoort te spreken. Het is jammer dat het Deevers in het hedendaagse Deever bijna dood is.

De grond van de febriek
De ièste grond veur de febriek is deur de gemiente Deever veur vieftien gulden vukogt an de vereniging. Aachter de febriek langes laag een akker bouwlaand van Haarm Hessels. Disse Haarm Hessels hef joar’n in ’t bestuur van de febriek eseet’n. Ik miene dat hee sölls vanof de oprichting in 1899 in ’t bestuur hef eseet’n. As de febriek weer uutebreid mös wödd’n, dan waar’n zee vansöllls laand van Haarm Hessels neudug. Op de vugeadering van ’t bestuur wödde dan seins teeg’n Haarm Hessels esègd: Haarm, we hept -seg moar- duusend veerkante meter neudig van oen akker, wat geet oens dat kost’n. Noa wat hen en weer geproat wödde de koop esleut’n, ’t geld wödde betealt en de saeke gunk wieder. In 1936 bee de vudeeling van de aarfenis kwaa’m wee ur aaachter dat de halve febriek op grond van de familie Hessels stön. D’r was nooit wat bee’j de netoaris beschree’m. ‘t Is toe recht etrökk’n mit ’n akte van vurjoaring.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers archief
Jan Hessels bedoelt met ‘vereniging’ de in 1899 opgerichte Coöperatieve Zuivelfabriek aan het Moleneinde (Katteneinde). Harm Hessels (geboren op 3 oktober 1862, overleden op 23 juni 1936) was getrouwd met Aaltje Hessels (geboren op 23 maart 1868, overleden op 15 januari 1941). Harm Hessels was de grootvader van Jan Hessels. Hun boerderij stond, staat nog steeds, aan het begin van de Kruisstraat, je kijkt tegen de voorgevel aan als je vanaf de brink door de Hoofdstraat naar de Kruisstraat gaat. De zwart-wit foto van deze boerderij is gemaakt in de strenge winter van 1979 De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op 16 november 2013.

Posted in Boerderijen, Brink, Diever, Hoofdstraat, Kruisstraat | Leave a comment

De handbediende Shell pomp bij garage Rolden

Bij het bedrijf van de firma Rolden aan de Hoofdstraat stond aanvankelijk in 1936 één handbediende Shell-benzinepomp. Een paar jaar later is er een tweede pomp voor superbenzine bijgeplaatst.
In het voorhuis van het pand was in het rechter deel, het deel met de winkelruiten, de winkel ingericht. Deze ruimte was bij de vorige eigenaar, boer Teunis Wesseling, in gebruik als gelagkamer van zijn boerencafé.
De ruimte met de uitbouw achter de spelende kinderen was in gebruik als ruimte voor het repareren van fietsen, bromfietsen en motorfietsen.
De auto met kenteken D-832 was van veearts Nanne Brandenburg van de Deeverbrogge. Volgens Hendrik Jan Rolden had deze veearts een Chevrolet.
Het pand stond op de hoek van de Hoofdstraat en de Tusschendarp, waar nu een zelfbedieningswinkel staat (eerst Golff, nu Coop).
Deze foto is gepubliceerd met toestemming van de familie Rolden.

Abracadabra-368

Posted in Bedrijven, Diever, Hoofdstraat, Olde auto's, Opraekelen | Leave a comment

Het Studentenpad is voor een deel het Jeudenpad

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 14 juli 1934 het navolgende artikel over het Studentenwerkkamp Diever.

Studenten werken met hun handen. Het studentenwerkkamp Diever.
We reden door de prachtige bosschen bij Diever op weg naar het Studentenwerkkamp dat daar deze week is geopend.
Je rijdt maar recht door en dan zie je ze vanzelf, was het kort en bondige antwoord van een bewoner van het mooie Drentsche dorp op onze informatie. En dus reden we recht door, genietend van den mooien dag in dit aan natuurschoon zoo rijke deel van het Olde Landschap. Aan beide kanten van den straatweg strekken de bosschen zich uit …. vol beloften voor den wandelaar, den stillen genieter van een rustigen vacantie-dag. Daar zijn ze.
De vacantie-stemming is voorbij. De auto staat stil en we stappen uit op een punt, waar een dertig jonge menschen met schoppen en kruiwagens, bijlen en touwen manoeuvreeren. Ze werken in het zweet huns aanschijns. Ze hebben het niet gemakkelijk, want de overgang van het normale studentenleven naar de werkzaamheden, verbonden aan den aanleg van een fietspad dwars door de bosschen, is groot. Maar ze hebben het naar hun genoegen. De enkele dagen buiten hebben reeds een bronskleur aangebracht op de jonge koppen en de tengere maar meerendeels taaie bovenlijven.
Na de kennismaking met den heer C.G.L.J. Kusters, den kampsecretaris, hadden we de gelegenheid de werkzaamheden van deze vroolijke groep meer van nabij te bekijken.
Dit is nu het derde studentenkamp in ons land. In 1931 werd bij Havelte een rijwielpad gemaakt, dat zich in een druk gebruik mag verheugen. In 1932 waren de studiosi aan den arbeid te vinden op het terrein der Volkshoogeschool te Bakkeveen, waar ook geregeld de kampen voor jeugdige werkloozen worden gehouden. Verleden jaar had men reeds het oog laten vallen op het object, dat nu onder handen is genomen, maar de tijd was toen al te ver gevorderd om nog met kans van slagen een kamp te organiseeren. Deze tegenvaller had evenwel tengevolge, dat men de voorbereidingen voor dit jaar met te meer zorg kon treffen.
Er wordt nu door de bosschen van Staatsboschbeheer een rijwielpad en brandsingels aangelegd, waarvan de eerste een nieuwe verbinding naar de Smildervaart (in aansluiting op een bestaanden en nog te verbeteren weg) zal geven. Gemakkelijk is het werk niet: er moeten boomen worden gekapt, oneffenheden in het terrein gedeeltelijk worden weggewerkt en dit alles in 9 weken met gemiddeld een kleine 40 enthousiaste, maar ongeoefende krachten.
De algemeene organisatie en oorsprong der studentenwerkkampen (oorspronkelijk in Zwitserland begonnen) kunnen we wel als bekend veronderstellen, zoodat wij ons bepalen tot enkele bijzonderheden over het nu georganiseerde kamp.
Gedurende negen weken zullen er drie groepen van studenten en aanstaande studenten bijeenkomen. Zij vinden een onderkomen in de ruime stal van de boerderij Uilenhorst, waar zij -zooals wij onder leiding van mr. A.Th.E. Kastein konden constateeren- eenvoudig maar goed zijn gehuisvest. Hier wordt voor het huishouden gezorgd door een achttal dames, van wie mej. J.T. Hylkema het opperbewind voert. Een primitieve buitenkeuken is doelmatig ingericht en de voeding is een steeds weer werk brengende bezigheid, getuige de groeiende behoefte aan stevige maaltijden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De kampen werden gehouden van 8 juli/28 juli, van 29 juli/18 augustus en van 19 augustus/8 september 1934.
Het project werd tijdens de grote vooroorlogse crisis uitgevoerd. De kampleiding benadrukte echter dat het werk geenszins moest worden opgevat als concurrentie met ‘de werkeloozen’.
De besturen van de rechtste universitaire studentenverenigingen uit diverse steden van het land concurreerden niet met ‘de werkeloozen’, maar wel degelijk met kleine aannemers, kleine ondernemers, die dit soort zandwegen in concurrentie en in opdracht van Staatbosbeheer en met inzet van plaatselijke werklozen, ook hadden kunnen aanleggen.
Nu stuurde het rechtse netwerk een gemotoriseerde journalist van het Nieuwsblad van het Noorden op ‘het object’ af voor het schrijven van een snorkend propagandaverhaal, want wat was het toch bijzonder dat studenten met hun handen werkten.  Staatsboschbeheer gaf bovendien als dank voor hun inzet het fietspad de naam Studentenpad.
De studenten hebben echter niet het gehele fietspad van de Bosweg tot aan de Pastoorszandweg aangelegd, het laatste en op bijgevoegde kaart zichtbare deel van het fietspad is in 1941 door de joden uit de Rijkswerkkampen Diever A en Diever B aangelegd. De naam van dat deel van het pad zou daarom in Jeudenpad moeten worden gewijzigd.

Posted in Bosweg, de Oude Willem, Diever, Uilenhorst, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Een hechte, sterke en welbeklantte korenmolen

Advertentieblad van het Departement van de Wester-Eems van 7 oktober 1811 vermeldt het volgende bericht over de verkoop van dd hechte, sterke en welbeklantte korenmolen, staande tusschen Diever en Oldendiever.

G.A. DE JONGE te Diever is voornemens, ten overstaan van den ondergeteekende KEIZERLYKEN NOTARIS, op Donderdag den 7 november 1811, des avonds met het opsteken der Kaars, ten huize van DANIËL HANSEN te Diever, publiek bij Strykgeld te doen inzetten, en Woensdag den 13 November daar aan volgende, by toeslag aan de meestbiedende te Verkoopen: een hechte, sterke en welbeklantte KOREN-MOLEN, staande tusschen Diever en Oldendiever, in het voormalig Departement Drenthe. Kunnende den Kooper (des begerende) de halve Koopprys tegens behoorlyke intrest, en op voor te lezen Conditien, over het gekochtte behouden.
S.J. van Royen, Keizerlyke Notaris.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de advertentie gaat het natuurlijk om de verkoop van de korenmolen, die tegenwoordig molen ‘de Vlijt’ wordt genoemd.
In 1811 was Geert Aalderts de Jonge de mulder van de korenmolen op de Westeresch tussen Deever en Oldendeever. Hij overleed op 22 mei 1815 op 69-jarige leeftijd. Hij was getrouwd met Geesje Hessels.
Stephanus Jacobus van Royen (gedoopt op 8 april 1764 in Vledder, overleden op 3 augustus 1834 in Bentheim) was notaris in Vledder. Hij was in de Franse tijd ook burgemeester en schulte van Deever.
Strijkgeld is een beloning die de verkopende partij van een onroerend goed uitlooft aan de hoogste bieder
.
Het departement Wester-Eems was de naam van een Frans departement in de Nederlanden ten tijde van het eerste Franse keizerrijk. Het departement werd gevormd op 1 januari 1811 na de annexatie door Frankrijk op 9 juli 1810 van het koninkrijk Holland. Het bestond uit de voormalige Hollandse departementen Groningen en Drenthe en het Duitse deel van het Reiderland.

Posted in Diever, Molen 'de Vlijt', Molens | Leave a comment

Deever – Drogisterij van Hendrik Moesie – ± 1962

De redactie van het Deevers Archief stelde in 2003 ten behoeve van de leden van de plaatselijke heemkundige vereniging de zo door de heemkundige vereniging genoemde ‘historische kalender’ (hoe kan een kalender historisch zijn ?) voor het jaar 2004 samen. De hier afgebeelde zwart-wit foto stond afgebeeld op het kalenderblad voor de louwmaand 2004, dat wil zeggen januari 2004. De redactie herinnert zich het samenstellen van deze kalender als een leerzame wandeling op de wegen der vrijheid.
De zwart-wit foto is omstreeks 1962 gemaakt en is afkomstig uit het archief van de voormalige gemeente Deever. De redactie heeft de kleurenfoto van het nog immer bestaande pand ongeveer 50 jaar later op 3 oktober 2012 gemaakt. Zoek op de twee foto’s de wellicht meer dan 10 verschillen tussen de oude en de huidige voorgevel. Om treurig van te worden. De kleurenfoto heeft inmiddels ook al enige historische waarde. 

Hendrik Mulder (Hendrik Moesie; alle Mulders in Deever hadden een bijnaam, hij werd ook wel Moesie Peep genoemd) en zijn vrouw Stina Klok openden in 1933 in een nieuw pand drogisterij ‘De Gaper’, Hoofdstraat 17, nu Hoofdstraat 43. Hendrik was ook huisschilder, zijn vrouw Stina deed de drogisterij. Hendrik Mulder werd geboren op 24 mei 1905 en overleed op 30 januari 1977. Zijn vrouw Christina Klok werd geboren op 24 januari 1910 en overleed op jonge leeftijd op 28 oktober 1961.
De houten kop met gapende mond is gemaakt door een beeldhouwer uit Veendam. In de tachtiger jaren van de vorige eeuw is de fraaie kop verwijderd. Hij was totaal verrot.
Per 1 januari 1966 deed Hendrik Moesie zijn zaak over aan zijn neef Hendrik Koopman. In juni 1993 is Hendrik Koopman met zijn drogisterij verhuisd naar de Peperstraat.
In de etalages en aan de zijmuur wordt reclame gemaakt voor pleegzuster Bloedwijn, Akkertjes pijnstillers, Babyderm, Vicks tegen hoest, Chefarine 4 en meer van dat soort merken van de zestiger jaren van de vorige eeuw.
Let vooral ook op de fraaie reclameborden van email aan de zijmuur van de winkel. Let vooral ook op de voorgevel die niet haaks op de zijmuur staat.

Reactie van Ricardo Marlo Ruiter van 3 mei 2016
Mijn naam is Ricardo Marlo Ruiter. Mijn familie en ik zijn de huidige bewoners van deze voormalige drogisterij.
Wij wonen hier sinds 2003 en zijn erg gelukkig met het huis. Het is heel groot en het heeft een leuke kelder.
Inmiddels is binnenshuis heel veel verbouwd.
De zolder is in drie slaapkamers verdeeld met drie opbergkasten. De schuur is in tweeën gedeeld. De ene helft is nu de woning van mijn oma. De andere helft is onze schuur. De winkelruimte is nu onze woonkamer.
Wij vinden het heel leuk dat de historie van ons pand op internet staat, dan kan iedereen wat lezen over ons huis.

Abracadabra-1204Abracadabra-1205

Posted in Diever, Historische kalenders, Hoofdstraat, Neringdoenden | Leave a comment

Roggemiet’n op de Noordesch van Deever

Bijgaande prachtige foto is aanwezig in de collectie van het Drentsch Archief in Assen.
Om te vermijden dat de loonwerker zijn tractor en zijn döskaaste vaak moest verplaatsen van de ene miete naar de andere miete, zetten de boeren hun miet’n altijd in zo groot mogelijke groepen op de nes, in dit geval in het najaar van een jaar tussen 1930 en 1940 op de Noordesch van Deever.
Op de voorgrond is nog ’n tippe heide te zien. Aan de linkerkant is de bebouwing langs de Bosweg en het Marktterrein te zien. Tuss’n de miet’n deur is de gemeentelijke toren aan de helemaal niet-Saksische brink van Deever te zien. Deze is ingebouwd in de Oude Kerk.
Een miete zett’n was een hele kunst. Als deze niet mooi gelijkmatig werd opgebouwd, dan kon het gebeuren dat deze scheef zakte en met palen moest worden gestut. Een paar van de hier zichtbare miet’n zijn wel scheef gezakt, maar niet zo erg dat ze gestut moesten worden. De schuine buitenkant van een miete was vergelijkbaar met een reet’n doake. In een goed gezette miete kon het regenwater net zoals bij een reet’n doake niet binnendringen.

De redactie van Dievers Archief is op zoek naar foto’s van boer’nwaark: rogge meej’n, miete zett’n, döss’n, enzovoort. Bezoekers worden verzocht deze foto’s te scannen en naar de redactie toe te sturen voor publicatie in de webstee Dievers Archief.

Abracadabra-1203

Posted in Boer'nwaark, Bosweg, Diever, Noordesch | Leave a comment

Aquarel van ‘de Dikke Stien’n van Marjolein Kruijt

De redactie van het Deevers Archief toont haar trouwe bezoekers bijzonder graag prachtig getekende en prachtig geschilderde objecten uit de gemeente Diever. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen in het Deevers Archief afgebeeld kunnen worden, hoe liever het de redactie is.

De redactie vond in de webstee van de Amersfoortse kunstenares Marjolein Kruijt een afbeelding van haar prachtige aquarel van de Dikke Stien’n (hunnebed D52) op de Stienakkers an de Grönnegerweg bee’j Deever.
De kunstenares heeft haar aquarel van 30 cm x 17 cm de titel ‘Hunebed Diever’ gegeven.
Op haar webstee is in de categorie landschappen van haar portofolio een afbeelding van deze aquarel te vinden. Op de pagina even naar beneden scrollen, dan op de tegel met een deel van de aquarel klikken voor het kunnen zien van een volledige afbeelding. Dan wordt ook zichtbaar of deze aquarel te koop of verkocht is.
De kunstenares heeft het aquarel gemaakt kijkend in de richting van ’t Kastiel,
De oriëntatie van het hunnebed D52 is ongeveer oost-west. De ingang van het hunnebed lag aan de zuidkant. Werd de urn met de as van een dode om twaalf uur ’s middags bijgezet in de grafkelder ?
De redactie toont deze tekening met toestemming van de kunstenares Marjolein Kruijt. De redactie is haar daar bijzonder erkentelijk voor.
Het is te hopen dat Marjolein Kruijt nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten binnen de grenzen van de gemiente Deever zal maken. Hopelijk kunnen deze dan ook in de webstee van het Deevers Archief worden getoond.
Meer gegevens  over haar is te vinden op haar webstee www.marjoleinkruijt.nl.
De redactie verwijst voor gegevens over en afbeeldingen van het hunnebed D52 onder meer naar de betreffende berichten in het Deevers Archief, klik daarvoor aan de rechterkant van het scherm op de categorie Hunnebed.

Abracadabra-1645

Posted in Diever, Hunnebed, Kunst, Schilderijen | Leave a comment

Drie wandelingen rond Deever – Tekening hunnebed

Het boekje ‘Drie wandelingen rond Diever’ (dit leuke boekje is aanwezig in het Deevers Archief), dat is uitgegeven door de Provinciale VVV Drenthe, is voor de afwisseling verluchtigd met veel pentekeningen.
Bij route 1 begint de wandelaar bij de Olde Kaarke aan de Brink de lopen, giet deur de Peperstroate, slat dan linksof de Kruusstroate in, löp dan véur de Eendeveever rechtsof de Grönnegerweg in, en ziet dan na zo’n acht minuten lopen aan de linkerkant hunnebed D52 op de Steenakkers liggen.
In het boekje is op bladzijde 10 de hier getoonde pentekening van hunnebed D52 opgenomen. Het is altijd weer aardig na te gaan welke ansichtkaart of welke foto de tekenaar als inspirerend voorbeeld heeft gebruikt. De redactie denkt dat de tekenaar in dit geval de hier getoonde zwart-wit ansichtkaart uit 1968 heeft gebruikt of eentje die daar op lijkt.
De hier getoonde ansichtkaart werd uitgegeven en verkocht door Boek-en Kantoorboekhandel Fa. van Goor an de Kruusstroate in Deever. Deever is Roelof van Goor veel dank verschuldigd. Hij heeft immers onbedoeld in de loop van zeker meer dan dertig jaren een historisch zeer waardevolle verzameling ansichtkaarten uitgegeven en verkocht.
De tekenaar heeft de creatieve vrijheid genomen de steen die op de ansichtkaart net wel aan de linkerkant is te zien, niet op te nemen in zijn tekening. Een kniesorige hunnebeddoloog die daar op let.
De hunnebeddologen van de heemkundige vereniging uut Deever zijn tot het inzicht gekomen dat rond de dikke stien’n geen struweel mag groeien, vandaar dat een groep dorpskrachten enige jaren geleden rond het hunnebed een flinke voorraad open haardhout heeft weggekapt en weggezaagd.
De redactie van het Deevers Archief is van mening dat ál het struweel en álle bomen rond de dikke stien’n moeten worden verwijderd, opdat het kale terrein rond de dikke stien’n gewoon weer als bouwland kan worden gebruikt.

Abracadabra-1642Abracadabra-1641

Posted in Diever, Grönnegerweg, Heezenesch, Hunnebed, Oudheden, Steenakkers, Tekeningen | Reacties uitgeschakeld voor Drie wandelingen rond Deever – Tekening hunnebed

Pentekening van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn

Op deze pentekening van de heer J. Minderaa is de achterkant van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn. an de Brink van Deever te zien. De tekening is gemaakt in het jaar 1975.
De pentekening maakte deel uit van een hele serie tekeningen, die als ansichtkaart is uitgegeven door de eigenaren van de winkel met de naam ‘de Boerderij’, Brink 2 in Deever. Voorheen was dat de boerderij van Cornelis Seinen.
De redactie van het Deevers Archief weet nog niet welke foto als voorbeeld is gebruikt en heeft daarom bij gebrek aan vergelijkingsmateriaal bijgaande door de redactie gemaakte kleurenfoto op 21 januari 2016 onder enigszins winterse omstandigheden gemaakt.
Zo te zien heeft tekenaar J. Minderaa (wat was toch de voornaam van die heer Minderaa ?) zich bij het natekenen van zijn voorbeeld redelijk aan de destijdse werkelijkheid gehouden. In 1975 waren de staldeuren in de achtergevel nog staldeuren (was Hendrik Mulder, zoon van Jan Mulder, die in de volksmond Jan Boartie werd genoemd, toen nog boer ?), heden ten dage zijn de staldeuren wellicht te gebruiken om de ramen in de deurkozijnen te luiken.

Abracadabra-1569Abracadabra-1570

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Brink, Diever, J. Minderaa, Tekeningen | Leave a comment

Mijn dorp Diever Holland – My village Diever Holland

De redactie van het Deevers Archief laat bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan haar trouwe bezoekers zien. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen, hoe liever het de redactie is.

Onlangs vond de redactie op de website Kunst Wereldwijd Netwerk een prachtige tekening van de Oude Kerk op de brink van Deever. Deze tekening heeft als titel: Mijn dorp Diever Holland – My village Diever Holland.
De welbekende beeldend kunstenaar en schrijver Willem van Spronsen heeft deze tekening gemaakt. Hij is lid van de Gooise Kunstkring.
Willem van Spronsen heeft in het verleden in Deever gewoond en is daar nog voorzitter van de PvdA-fractie in de gemeenteraad van Deever geweest. Ook zijn kinderen zijn in Deever geboren. Hij komt regelmatig in Deever, omdat hij daar een atelier heeft.
De redactie toont deze tekening met toestemming van Willem van Spronsen. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor. Daarbij stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de websteee Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de webstee Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.
De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemiente Deever mag maken.

Abracadabra-1632

Posted in Brink, Diever, Kerk aan de brink, Kunst, Tekeningen | Leave a comment

De laatste melkbussen, de laatste melkrit ……

In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 24 december 1979 verscheen het navolgende berichtje over de laatste melkrit van de laatste melkrijder uut Deever. Het is goed zo nu en dan eens in het archief van de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) rond te neuzen en wat historisch archiefmateriaal tegen te komen.

De laatste bussen ….
Diever. De heer J. Kiers uit Diever maakte dezer dagen zijn laatste rit naar de Domo-fabriek in Beilen. Hij was 11,5 jaar melkrijder. De eerste zeven weken deed hij het met paard en wagen, daarna met de tractor.
Hij bracht eerst de melk naar de fabriek in Diever, maar toen die werd opgeheven, achtereenvolgens naar Dwingelo, Wapserveen, Kolderveen en de laatste jaren naar Beilen.
In de eerste jaren moest hij de melk afhalen bij 50 boeren, de laatste jaren nog maar bij 20 boeren. De komende jaren komt er een auto om de melk af te halen en dan moeten alle boeren in het bezit zijn van een tank.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Jan Kiers (Jan Kiersie) werd hier aan de Veentjesweg in Deever op de foto gezet. Voor de show had hij eerst een gedeukte melkbus van de wagen gehaald om deze voor de foto op de wagen te kunnen slingeren, zogenaamd de laatste melkbus…..
Op de plek waar dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels deze prachtige foto heeft gemaakt, is echter geen melkveehouder te vinden, want Jans Kruid, die woonde in de boerderij die te zien is rechts achter de melkbussen, was toen al gestopt met zijn boerderij.
Het lijkt wel of de melkbussen leeg zijn, want het lid (deksel) van sommige melkbussen is niet helemaal aangedrukt. Jan Kiers moet de melk al naar ‘de Domo’ in Beilen hebben gebracht en is bezig aan zijn echt laatste rit, te weten het afleveren van de lege melkbussen bij de boeren van zijn melkrit.
Het nummer op sommige melkbussen begint met een 4…, waaruit de melkrit van Jan Kiers ongeveer zou kunnen worden afgeleid.
Melkbussen doen in Deever op oudejaarsdag gelukkig nog steeds dienst als carbidkanon. En dat moet vooral zo blijven. Die traditie mogen de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk vooral niet verpesten.

Posted in Alle Deeversen, Boer'nwaark, Carbid schieten, Diever, Harm Hessels, Veentjesweg, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Poëzie van de dood op een grafsteen uit 1911

Op de kaarkhof an de Grönnigerweg in Deever is het graf van Lamkjen Siegersdochter Hofstee en Saakje Siegersdochter Hofstee te vinden. Op het graf staat één grafsteen voor de twee meisjes. Zie de bijgaande foto, die de redactie van het Deevers Archief op 4 april 2013 heeft gemaakt.

Wat deze grafsteen zo bijzonder maakt, is de aanwezigheid van zeldzame funeraire rijmelarij op de steen, deze luidt als volgt:
Arme ouders .
Waarom treurt gij.
Waarom weent gij om ons lijk.
Boven leven wij. 
Boven zweven wij.
Als Engeltjes van ’t Hemelrijk.

De literair onderlegde bezoeker van het Deevers Archief wordt bij de kwaliteit van dit gedicht over de dood enkel ter vergelijking verwezen naar de welbekende en veel gelezen funeraire gedichten van Daniël Heinsius, Pieter Corneliszoon Hooft, Constantijn Huijgens en Joost van den Vondel.
Wellicht schreef William Shakespeare ook wel gedichten over de dood. To be or not to be, that’s the question. Zijn of niet zijn, dat is de vraag. Bestaan of niet bestaan, dat is de vraag. Het antwoord is: Wij zijn langer niet dan wel op deze aarde. Het antwoord is: Wij bestaan langer niet dan wel op deze aarde.

Aannemende dat het niet de diepbedroefde ouders zelf zijn geweest, die dit gedichtje op de grafsteen hebben laten zetten, rijst wel de vraag wie het dan wél heeft gedaan ? Waren het de zusters en de broeders van beide zusjes ? Waren het de zusters en de broeders van de beide ouders ?

Als de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk besluiten het perk, waarin deze prachtige cultuurhistorisch zeer waardevolle grafsteen staat, om geldelijke of wat voor voorkant-van-het-gelijk-reden dan ook te ruimen en de familie van Lamkjen Siegersdochter Hofstee en Saakje Siegersdochter Hofstee zou besluiten de grafrechten niet meer te betalen of niet weer te gaan betalen, dan nog zouden deze grafen met de prachtige cultuurhistorisch zeer waardevolle grafsteen duurzaam gespaard moeten worden voor volgende generaties.

Saakje Hofstee is geboren op 9 september 1897 in Wapse. Zij is op 13-jarige leeftijd overleden op 14 juli 1911 in Wapse.
Lamkjen Hofstee is geboren op 13 mei 1899 in Wapse. Zij is op 12-jarige leeftijd overleden op 24 juli 1911 in Wapse.
Beiden waren dochters van boer Sieger Hofstee en Akke van der Burg en zusters van Froukje, Klaas en Tjibbe Hofstee.

In de krant ‘het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant’ verscheen op 29 juli 2011 het navolgende overlijdensbericht:
Werden wij den 14den Juli in rouw gedompeld door het overlijden van onze dochter en zusje Saakje, heden werden wij weer opnieuw getroffen door het overlijden van onze dochter en zuster Lamkjen, op den nog jeugdigen leeftijd van 12 jaar en ruim 2 maanden, een ziekte van slechts 2 dagen maakte ook een einde aan haar voor ons zoo dierbaar leven.
Wapse, 24 juli 1911,
De diepbedroefde Ouders, Zusters en Broeders,
S.K. Hofstee, A. Hofstee-van der Burg en kinderen
Algemene kennisgeving aan vrienden en bekenden.

Abracadabra-1625Abracadabra-1626

Posted in Cultureel erfgoed, Diever, Erfgoed, Kerkhof, Wapse | Leave a comment

Bouw van een eigen theaterlokaal en sportlokaal

De redactie van het Deevers Archief heeft van de webstee www.scholenopdekaart.nl het volgende citaat over het steeds maar verder krimpende plattelandsfiliaaltje van het Meppeler scholenconglomeraat Stad & Esch op de Westeresch in Deever overgenomen:

Stad & Esch Diever is een kleinschalige school, maar heeft van alle deelscholen van Stad & Esch de breedste onderbouw: VMBO, HAVO, VWO en Atheneum. Leerlingen in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg gaan na het tweede jaar naar het Stad & Esch Beroepencollege in Meppel. VWO-leerlingen gaan na het derde jaar verder op het Stad & Esch Lyceum in Meppel. De aansluiting verloopt altijd soepel. De school is onlangs gerenoveerd, de openbare bibliotheek huist onder hetzelfde dak en gewerkt wordt aan een nieuwe sportzaal en een eigen theaterzaal.

De beleving van de Deeverse gemeenschap bij de vervanger van het Dingspilhuus 1.0 an de Heufdstroate in Deever is een volledig andere dan de beleving van de Voorkant Van Het Gelijk en het Bestuur van de Stichting Onderwijsgroep Zuid-West Drenthe.
Terwijl de Deeverse dorpsgemeenschap denkt dat het Dingspilhuus 1.0 door een helaas uiterst sober Dingspilhuus 2.0, zeg maar een Dingspilhuus 0.5, gaat worden vervangen, staat in de gegevens van het scholenconglomeraat Stad & Esch dat het gaat om de bouw van een nieuwe sportzaal en een eigen theaterzaal. Let wel boven aan het dure en schreeuwerige indoctrinatiebord, zie afbeelding 1, staat dat het gaat om de nieuwbouw van een sportaccomodatie.
Dus het lekker lang hangen aan de bar, onder het genot van een niet te duur kopje koffie of pilsje of borreltje na het sporten en na het vergaderen of gewoon zo maar, is er straks niet mee bij ? Dus zelfs geen ontmoetingscentrum Dingspilhuus 0.5. Is de Deeverse dorpsgemeenschap een loer gedraaid ? Over een jaar zullen de Deeversen het weten.
Het onvermijdelijk krimpende Westeresch-filiaaltje van het scholenconglomeraat Stad & Esch heeft ongeveer 200 leerlingen (of al minder ?). Bij Stad & Esch in Meppel gaan bijna 2000 leerlingen naar school.
Voorstelbaar is dat de verborgen politieke agenda van (de beleidsregisseurs van) de Voorkant Van Het Gelijk was en is de sluiting van het Westeresch-filiaaltje voor de korte termijn te voorkomen en dat daarom het met publieksgeld pamperen van het Bestuur van de Stichting Onderwijsgroep Zuid-West Drenthe met een eigen nieuw sportlokaal en eigen theaterlokaal daar onderdeel van is.
De Deeversen mogen wel even blijven treuren, maar moeten zich wel alvast voorbereiden op de volgende klap. Na de onvermijdelijke sluiting van het op middellange termijn niet-levensvatbare krimpende Westeresch-filiaaltje van het scholenconglomeraat Stad & Esch uit Meppel kan het schoolgebouw worden omgebouwd tot een ‘zeer brede school’, waar de openbare lagere school Deever en de openbare christelijke lagere school Deever en de openbare lagere school Wapse in kunnen worden ondergebracht. Dat levert na afbraak van de bestaande scholen voor het grondhandeltje van de Voorkant Van Het Gelijk veel heel dure bouwgrond op, waarvan de opbrengst gebruikt kan gaan worden voor de financiering van de ‘zeer brede school Deever‘.
De bouw van het sportlokaal is inmiddels naast de bestaande gymnastieklokaal begonnen, zie afbeelding 2. Dit eigen gymnastieklokaal van het filiaal Esch zal na de bouw van het nieuwe sportlokaal met publieksgeld worden omgebouwd tot eigen theaterlokaal.
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 18 mei 2018 staat een kleurenfoto van de onthulling van het luxe en groteske, op afbeelding 1 zichtbare, bouwbord ‘nieuwbouw sportaccomodatie’. Op die foto zijn in het geheel geen vertegenwoordigers van de Deeverse dorpsgemeenschap en het Deeverse verenigingsleven te bekennen. Wel staan vijf dragers van kreukelige colbertjasjes op de foto, te weten van links naar recht gezien, de heer Jaap Schipper, filiaalhouder van de Westeresch-locatie in Deever van het scholenconglomeraat Stad & Esch, de heer Homme Geertsma, wethouder van de Voorkant Van Het Gelijk, de heer Peter de Visser, directeur-bestuurder van het scholenconglomeraat Stad & Esch, de heer Erik van Schelven, wethouder van de Voorkant Van Het Gelijk en de heer Klaas Smidt, wethouder van de Voorkant Van Het Gelijk.
Het is bij de redactie niet bekend of de prachtig gedurfd geelgeschilderde houten barak, die al jarenlang het ontmoetings- en inspiratiecentrum voor de Deeverse kunstenaren, kunstmakers en kunstenmakers is, die op afbeelding 2 aan de linkerkant is te zien, zal worden gesloopt of zal blijven gedoogd. Of gaan op die plek de geplande ruimtes voor vergaderingen van verenigingen en organisaties uut Deever worden gebouwd en mag deze barak daar nog eventjes blijven staan ?
De redactie heeft beide kleurenfoto’s op 16 juni 2018 gemaakt.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Diever, Dingspilhuus, Signalen van krimp | Leave a comment

Twee boerderijtjes op de Baarg op ’t Kasteel

Op de Baarg op ’t Kastiel in Deever is links het keuterboerderijtje van de weduwe Evertje Davids-Vierhoven en rechts het keuterboerderijtje van de weduwe Elsje (Elle) Smit-Oost te zien in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw.
Tussen de twee boerderijtjes staat een grote vlierboom; van de bessen van deze boom werd in het najaar lekkere jam gemaakt.
Evertje Vierhoven werd op 29 juli 1896 in Deever geboren als dochter van Albert Vierhoven en Trijntje Andree (Andrea of Andreae ?). Zij trouwde op 27 juni 1925 met Albert Davids, beroep arbeider, zoon van Hendrik Davids en Magrieta Sidonia Wibier. Albert Davids werd op 26 oktober 1881 geboren in Deever en overleed op 20 juni 1955 in Deever. Evertje Vierhoven overleed op 21 april 1972 in Deever.
In de webstee nieuwenhuis-genealogie is een mooie foto uit 1950 te zien van Albert Davids, Evertje Vierhoven en hun dochter Trijntje, de foto is genomen aan de voorkant van het boerderijtje.
Elsje (Elle) Oost werd op 20 maart 1893 in Deever geboren als dochter van Helprig Oost en Hilligje Prikken. Zij trouwde op 31 augustus 1912 met Hilbert Smit, beroep arbeider, zoon van Jan Smit en Margje Hilberts de Wit. Zij overleed op 4 oktober 1985.
Hilbert Smit werd op 18 september 1888 geboren in het Leggelerveld (gemiente Dwingel), hij overleed op jonge leeftijd op 5 juli 1931 in Deever, hij was toen landbouwer.
Het echtpaar ligt begraven op de kaarkhof an ut begun van de Grönnegerweg in Deever, zie afbeelding 2.
De redactie van het Deevers Archief heeft de foto van de opvallen goed geconserveerd gebleven rustplaats van Hilbert Smit en Elsje Oost, zie afbeelding 2, gemaakt op vrijdag 3 mei 2018. De familie Smit heeft zich niet gek laten en vermelde gelukkig niet de onjuiste naam Dwingeloo, maar wel de juiste naam Dwingelo (Dwingel) als geboorteplaats van Hilbert Smit.

Aanvulling van mevrouw Sina Raadgever-Smit uit Amsterdam
In de zestiger jaren van de vorige eeuw woonde Elsje Smit-Oost, mijn opoe, niet meer op de Baarg. Het moet ongeveer 1955 zijn geweest dat wij, Helprig Smit en Wietske Smit-van Leeuwen, Sina, Elly, Hilbert en Jochem, daar gingen wonen. Er werd het een en ander verbouwd om het huis geschikt te maken voor ons gezin. Mijn moeder was de eerste die van de vlierbessen jam maakte, want voorheen deed niemand dat, de bessen zouden wel eens giftig kunnen zijn !

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Boerderijen, Diever, Kasteel, Kerkhof, Keuterijen | Leave a comment

De DNA-boom van Westenveld – Kunst ?

In de webstee van de gemeente Westenveld was een tijdlang een bericht te vinden over de kunst bij en in het raadhuis van de gemeente Westenveld an de Gemeentehuislaan in Deever, maar is niet meer te vinden. Dit bericht luidde als volgt.

Kunst – De DNA-boom van Westerveld
Het is gebruikelijk om een percentage van de bouwsom te bestemmen voor een kunstwerk. Ook de gemeente Westerveld heeft een kunstwerk laten ontwerpen en maken ter gelegenheid van de bouw van het nieuwe gemeentehuis in Diever. Op donderdag 16 april 2009 werd het kunstwerk als een van de openingshandelingen onthuld.
Het kunstwerk is een ontwerp van kunstenaar Merijn Bolink uit Amsterdam. Hij werd in 2008 door het college van burgemeester & wethouders gekozen voor deze opdracht, na een voordracht door de commissie beeldende kunst nieuwe gemeentehuis. In deze commissie hadden zitting: de wethouder Cultuur van Westerveld, de architect van het nieuwe gemeentehuis, een vertegenwoordiger vanuit het cultuurfonds Westerveld en een adviseur van het Centrum Beeldende Kunst Drenthe.
Het kunstwerk is een sculptuur, bestaande uit twee bronzen boomstammen die zo met elkaar vergroeid zijn, dat ze een fragment van een DNA-molecule vormen. Maar sommige mensen zien er een wokkel in, of de Jacobsladder die naar de hemel reikt. De huid van beide ‘stammen’ laten twee verschillende soorten boomschors zien. Het kunstwerk is rechts voor de hoofdingang van het gemeentehuis geplaatst, dichtbij een poel op de ‘kademuur’. Aan de andere zijde van de poel groeit een levende DNA-boom. Anders gezegd: twee levende bomen die zo gegroeid én vergroeid moeten raken, dat ze samen een DNA-structuur vormen. Het is nog ‘even’ afwachten of dit experiment zal slagen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Opvallend aan dit bericht is dat de gewone man in de Westenvelder straten geen deel uitmaakte van de Commissie Beeldende Kunst Nieuwe Gemeentehuis. Verder lijkt het deze commissie ontgaan te zijn dat de bouw van het raadhuis het gevolg is geweest van de gedwongen samenvoeging van de vier gemeenten Oavelte, Vledder, Dwingel en Diever en dat dit echt wel gesymboliseerd had kunnen zijn geweest geworden door een object van vier boomstammen, die om elkaar heen kronkelen, dus zeg maar een dubbele DNA-structuur, zeg maar een dubbele wokkel. Wat een gemiste kans.
Nu zit de gewone man in het dorp Deever voor erg lange tijd (totdat de gemeente Westenveld gedwongen wordt samen te gaan met de gemeente Meppel en het raadhuis van de fusiegemeente in Meppel komt te staan) opgescheept met een smakeloze wokkel bij een megalomanistisch raadhuis aan de Gemeentehuislaan.

Posted in Beelden, Diever, Gemeentehuis, Kunst | Leave a comment

Palmpoas’n en poasvuur sleep’m in 1939 in Deever

Abracadabra-1613In de krant ‘het Nieuwsblad van Friesland – Hepkema’s Courant’ verscheen op 5 april 1939 het volgende belangwekkende artikel over de tradities met Palmpasen en Pasen in de gemeente Deever.

Palmpaschen-viering

De burgemeester van Diever geeft het goede voorbeeld
Verleden Zondag was het Palmpaschen en hier en daar is deze dag, vooral door de jeugd, weer naar den ouden trant gevierd. Van de Palmpaschenviering te Akkrum, die ook dit jaar weer gehouden werd, hebben we vorige jaren reeds uitvoerige overzichten gegeven. Ditmaal brengen we enkele beelden van het feest te Diever.
Ook hier dreigde het loopen met de Paaschhaantjes in onbruik te geraken, doch enkele kindervrienden hebben het tot nieuw leven gewekt. Het is de burgervader, de heer Van Os, die met zijn echtgenoote de aloude traditie zoveel mogelijk bevordert.
Zoo trekt de Dieverder jeugd dan in den vroegen ochtend op Palmzondag in kleurigen stoet met de versierde Palmpaaschhaantjes naar de burgemeesterlijke residentie, om den Palmpaaschwensch te brengen, waarna mevrouw ieder kind gelukkig maakt met een netje met een groot Paaschei er in.
Vorigen Zondag namen er wel tachtig kinderen aan den stoet deel.
Ook het Paaschfeest wordt te Diever nog naar oud gebruik gevierd met het ontsteken van grote Paaschvuren.

Onderschrift bij de eerste foto
De Palmpaasch-stoet wordt geformeerd.

Onderschrift bij de tweede foto
Mevrouw Van Os temidden der Palmpaasch-wenschers.

Onderschrift bij de derde foto
Het Paaschvuur-togen in Drenthe en wel in de gemeente Diever.
De brandstof wordt uit het bosch Berkenheuvel naar den weg gebracht, waar de wagen klaar staat.
Dan volgt het transport op den weg naar het dorp, waarvan hierbij de foto. Men moet ruim een half uur loopen om op den berg te komen aan de Burgemeester van Oslaan, waar het vuur zal worden ontstoken.
Zelf trekken de knapen den wagen.

Onderschrift bij de vierde foto
Als ze bij de bult zijn aangekomen, zijn ze flink moe en laten zich al gauw in het gras neervallen om uit te rusten.
Andere jongens maken dan den wagen leeg en bouwen de bult op.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Bij de redactie zijn nagenoeg geen foto’s van het poasvuur sleep’m bekend en zeker geen foto’s van vóór de Tweede Wereldoorlog. In het hiervoor gepubliceerde artikel zijn gelukkig wel twee foto’s van deze traditie opgenomen. Helaas moet de bezoeker van de webstee het doen met bijgaande afbeeldingen. De redactie weet niet of het negatief van deze foto’s nog is te achterhalen. Wie heeft een afdruk van deze foto’s ?
Wie kan de redactie informeren over de plek van de derde foto, met het boerderijtje op de achtergrond ?
Als de jongens op de foto’s jongens van de lagere school zijn in de leeftijd van 8 tot 14 jaar, dan zullen de jongsten nu zo’n 85 jaren oud zijn. Wie van de oudere generatie kan zich deze foto’s herinneren ? Wie herkent de jongens op deze foto’s. Wie kan hier een verhaal bij vertellen ?
De naam van de weg over het Kasteel werd pas bij de pensionering van burgemeester Van Os gewijzigd in Burgemeester van Oslaan.

Posted in Bosweg, Diever, Haentie op mien stokkie, Kasteel, Poasvuur sleep'm, Tradities | Leave a comment

Automobiel met kenteken D1 rijdt door Deever

Bijgaande afbeelding is een beeld uit een film die in 1927 in de provincie Drenthe is gemaakt. Een filmploeg trok dat jaar de hele provincie door om het leven in de provincie in beeld te brengen. De film betreft de oudste film uit de verzameling van het Drents Archief in Assen.

De automobiel met het bijzondere kenteken D1 rijdt in de Heufdstroate van Deever in de buurt van het Kleine Brinkie. Dit was de automobiel van het merk Daimler Benz van mr. Jan Tijmen Linthorst Homan, de commissaris van de koningin in de provincie Drenthe. In de boerderij aan de rechterkant woonden Roelof Hendrik Wesseling en Annigje Smidt.

Denk niet dat bij het eerste kenteken D1 van de provincie Drenthe ook de eerste auto in de provincie Drenthe hoorde.
Kenteken D1 werd op 12 januari 1906 afgegeven aan mr. Hendrik Gerard van Holthe tot Echten, woonachtig in de gemeente Assen.
Kenteken D1 is op 1 oktober 1924 vervallen.
Kenteken D1 werd op 28 november 1924 overgeschreven op naam van mr. Jan Tijmens Linthorst Homan, woonachtig in de gemeente Assen.
Kenteken D1 is op 9 augustus 1932 vervallen.
Kenteken D1 is op 9 augustus 1932 overgeschreven op naam van mevrouw Jeannette Madeleine Staal, de weduwe van mr. Jan Tijmens Linthorst Homan, woonachtig in de gemeente Havelte.

Kenteken D230 was het eerste kenteken dat werd afgegeven aan een inwoner van de gemeente Deever. Kenteken D230 werd op 20 juni 1911 afgegeven aan Gijsbertus Antonius Meijer, ontvanger der directe belastingen en accijnzen in Deever.
De vraag rijst of het motorvoertuig van Gijsbertus Antonius Meijer een motorfiets of een automobiel was ? Woonde Gijsbertus Antonius Meijer aan de Brink ? Wie van de Deever-kenners kan de redactie van het Deevers Archief hierover informeren ?

Abracadabra-1631

Posted in Automobielen, Diever, Hoofdstraat, Olde auto's | Leave a comment

Dieveren op een bord uit Parijs in het Rijksmuseum

In zaal 1.12 van het Rijksmuseum in Amsterdam bevinden zich 18 porceleinen borden met het decor van een Nederlandse provincie. De maker van de borden en de porceleinschilder (monogrammist RD) zijn niet bekend. De borden zijn gemaakt in 1822 in Parijs in Frankrijk. Het Rijksmuseum verwierf de borden op 6 juli 2010.
De rand van de borden is gemaakt in onderglazuur blauw, op glazuur vergulding, het decor op de glazuur is ‘petit feu’. De gouden decoratie is in neoclassicistische stijl. De rand is voorzien van bloem/blad krullen en harpijen in de stijl van omstreeks 1820-1830. Aan de bovenzijde staat het Nederlandse Rijkswapen, aan de onderzijde de wapens van de provincie. De diameter van de borden is 22,1 cm.
Het bord met de afbeelding van de provincie Drentije behoort tot een serie van 18 borden met elke het decor van een provincie in de tijd dat Nederland en België samen het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden vormden (1815-1830). Het koninkrijk bestond uit 17 provincies plus het groothertogdom Luxemburg.
De eerst navolgende afbeelding laat een detail van het bord zien. Diever heette toen nog Dieveren. Dieverbrug heette toen Dieverbrug en blijkbaar niet Dieverenbrug. Het streekdorp Wapserveen heette toen nog Wapsterveen. Dwingelo werd gelukkig geschreven zoals het hoort. Gehuchten zoals Wapse en Wateren zijn niet weergegeven.
De redactie van het Dievers Archief heeft de foto van het bord met de afbeelding van de provincie Drentije op 25 mei 2014 gemaakt.



Posted in An de Deeverbrogge, Diever, Kunst | Leave a comment

De sloop van het hunnebed in het Potties Baargie

In de tijd dat hunebedden nog hunnebedden werden genoemd en de overheid deze nog niet als oudheidkundig waardevolle objecten in bescherming had genomen, kon het voorkomen dat de eigenaar deze ‘dikke stenen’ publiekelijk te koop aanbood, zoals mag blijken uit dit bericht in de Drentsche Courant van 07-01-1848, waarin de boermarke van Rolde twee hunnebedden te koop aanbood.
De twee hunnebedden, lagen in bouwland op de esch waarschijnlijk toch maar in de weg en konden bovendien geld opbrengen als bouwmateriaal voor kust- en oeverwerken. Echter na protest van de Gedupeerde Staten van Drenthe, en na een advies van het Ministerie van Binnenlandse Zaken werd de openbare verkoop verhinderd. Meer gegevens hierover zijn te lezen in de webstee Pelgrimspad.nl.
In Diever liep het wel verkeerd af met het hunnebed onder het zand van wat later het Potties Baargie in Berkenheuvel werd genoemd. Dit hunnebed (D52a) viel al in 1735 ten prooi aan de slopershamer. Belangwekkende gegevens hierover zijn te vinden in de webstee Noorderbreedte.nl, waaruit het volgende citaat is overgenomen:
De route kronkelt zich rond een grafheuvel, Pottiesbargien geheten, die vroeger een hunebed bevatte. Dat is zo’n 250 jaar geleden gesloopt. Op 15 maart 1735 gaven de Staten van Drente toestemming tot het verwijderen van enige grote stenen in het Wapserveld, die waarschijnlijk (de resten van) een hunebed vormden. Omdat deze stenen gedeeltelijk overstoven waren, en omdat de indieners van het verzoek, Jan Hendriks en Hendrik Jans uit Steenwijk, reeds vóór 1734 een kontrakt voor het rooien van stenen in het Wapserveld hadden gesloten met de boeren van Wapse, verleenden de Staten ontheffing van de bepaling van 21 juli 1734, dat hunebedden niet vernield mochten worden. Als argumentatie voor dit besluit gaven de Staten op, dat het hunebed ‘om de Freijgheifs des gesights niet te verblijven’ hoefden!
In de webstee Panoramio.com is een foto van de plaats van het gesloopte hunnebed D52a te zien. Van Daalen gaf aan de weg langs het Potties Baargie de toepasselijke naam Hunnebedweg.

Posted in Berkenheuvel, Diever, Hunnebed | Leave a comment

Fotokaart van de Offescheid’n Skoele in Deever

De redactie van het Deevers Archief toont zijn trouwe bezoekers graag mooie beelden uut de gemiente Deever.
In dit bericht is een zeer zeldzame door fotograaf Sietze Mulder in Appelscha gemaakte foto en daarvan uitgegeven fotokaart van de Offescheid’n Skoele (Griffemeerde Skoele) an de Heufdstroate in Deever te zien.
De redactie kan niet goed inschatten in welk jaar deze kaart is uitgegeven, wellicht aan het einde van de veertiger jaren van de vorige eeuw. Wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief kan deze schatting verbeteren ?
Op de ansichtkaart is aan de kleur van de dakpannen en de kleur van het metselwerk in de voorgevel te zien dat het derde lokaal aan de rechterkant van de school later is bijgebouwd.
De tweelokalige school is op 31 mei 1904 geopend. De heer R. Offringa te Smilde heeft het bestek en de tekeningen voor de tweelokalige school gemaakt. Aannemer Paul Mos uut Eemster heeft de tweelokalige school voor f. 5.200,- gebouwd.
Op 1 oktober 1929 is het derde lokaal in gebruik genomen. De heer Hoekstra uit Appelscha heeft het bestek en de tekeningen voor de verbouwing van de school tot een drielokalige school gemaakt. Aannemer D. Oort en schilder Geert Koster uut Deever hebben de verbouwing voor f. 8385,95 uitgevoerd.
Op het terrein van deze school staat nu een christelijke lagere school (christelijke school voor primair onderwijs) (christelijke basisschool) (basisschool met den bijbel) met de naam Roosjenschool, adres Heufstroate 23, Deever.

De redactie denkt dat de Roosjenschool nog wel een tijdje zal bestaan, maar dat het in krimpgemeente Westenveld met onder meer steeds minder kinderen en steeds meer drentenierders onvermijdelijk is dat de openbare lagere school van Deever, de christelijke lagere school van Deever en de openbare lagere school van Wapse na lang en vergeefs verzet zullen worden samengevoegd tot één brede school, dit naar analogie van de vorming van de brede school in Dwingel.
De redactie denkt dat het op de Westeresch van Deever staande onderbouw-filiaaltje van de Meppeler scholengemeenschap Stad & Esch nog wel een tijdje zal bestaan, maar dat het in krimpgemeente Westenveld met onder meer steeds minder kinderen en steeds meer drentenierders het onvermijdelijk is dat dit te dure en te verwende filiaaltje na lang en vergeefs verzet zal worden opgegeven en dat in het dan vrijgekomen grote gebouw de brede school van Deever zal worden ondergebracht.

Posted in Diever, Gereformeerde school, Hoofdstraat, Onderwijs, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Eerst perk A op de kaarhof van Deever ruimen

Voordat je als kind of kleinkind of achterkleinkind of achterachterkleinkind het in de gaten zou kunnen hebben, zouden de overijverige werkertjes van de voorkant van het gelijk – die hun bureautje in het raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever hebben staan – op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever kunnen beginnen met het opruimen van de stoffelijke resten van een ouder of een grootouder of een overgrootouder of een overovergrootouder in één van de perken A tot en met Z.
Als vanwege het voorgewende of geveinsde ruimtegebrek op de kaarkhof van Deever dan zo nodig een perk zou moeten worden geruimd, dan is dat voor de erfgenamen van de stoffelijke resten en de grafsteen ethisch en juridisch gezien alleen te verantwoorden als de overijverige werkertjes beginnen bij de grafen in het zo genoemde perk A.
De Engelsen zeggen dat zo: first in, first out. Wie het eerst is begraven, die wordt ook het eerst geruimd. Dus de conclusie is dat de stoffelijke resten in perk A in volgorde van overlijden en zonder aanziens des persoons het eerst moeten worden geruimd.
En dan kan het wel zo zijn dat de overijverige bestuurdertjes van de zo genoemde Historische Vereniging Gemeente Diever -niet gehinderd door enige kennis- wel voortdurend en heel hard schreeuwen en brullen en lobbyen dat perk A van historisch belang is en dan kan het wel zo zijn dat de ijverige werkertjes van de genoemde vereniging als een soort van tijdverdrijf zo nu en dan in perk A hier en daar de gevallen bladeren opharken, hier en daar een grafsteentje rechtzetten, hier en daar de korstmosjes van een grafsteen wegkrabben of hier en daar de rode grafsteentor bestuderen, maar dat heeft nul en generlei waarde, dat doet niets af aan het ethische, objectieve en juridisch te volgen principe dat de oudste stoffelijke resten in het oudste perk A het eerst worden geruimd, en niet subjectief eerst perk D waar veel arbeiders liggen en dat perk K en dan perk B waar veel dikke boeren en notabelen liggen.
In het geval van Jan Lefferts ten Brink en Grietje Veenhuis, die begraven zijn in perk A, zal het overijverige werkertje van de voorkant van het gelijk inderdaad -als een soort van beginnend notarisklerkje- overijverig en gratis overuren makend op zoek moeten gaan naar alle erfgenamen van de stoffelijke resten van Jan Lefferts ten Brink en Grietje Veenhuis en de grafsteen en hen via een officieel document de wettelijke en objectieve mogelijkheden voor het omgaan met de stoffelijke resten en de grafsteen en de geldelijke gevolgen van een keuze mee te delen.
Jan Lefferts ten Brink is geboren op 1 juni 1850 in Deever en is op 30 april 1887 overleden in Wittelte. Hij is een zoon van Leffert ten Brink en Grietje Hessels. Jan Leffert ten Brink was boer in Wittelte.
Geertje Veenhuis is geboren op 18 maart 1858 in Wapse en is op 29 mei 1915 overleden in Wittelte. Zij is een dochter van Fokke Jans Veenhuis en Annechien Niklaas Krijthe.
Op de grafsteen staat de eerste regel van psalm 103, vers 8.
Dit vers heeft betrekking op de vergankelijkheid van het leven, het sterven en de rouw.
De tekst van psalm 103, vers 8 luidt als volgt:
Gelijk het gras is ons kortstondig leven,
Gelijk een bloem, die op het veld verheven,
Wel sierlijk pronkt, maar krachteloos is en teer,
Wanneer de wind zich over ’t land laat horen,
Dan knakt haar steel, haar schoonheid gaat verloren,
Men kent en vindt haar standplaats zelfs niet meer.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 3 oktober 2017 gemaakt.
De redactie is bezig alle grafstenen in alle perken van de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever te fotograferen.

Posted in Diever, Kerkhof | Leave a comment

Houtskoolschets van een boerderijtje op ’t Kastiel

De redactie van het Deevers Archief toont graag mooie afbeeldingen van onderwerpen uit de gemiente Deever op tekeningen en schilderijen.

De in Boyl (Buil) geboren Stellingwerfse kunstenaar Johannes Mulders (1899-1989) maakte illustraties voor kinderboeken, ontwierp boekbanden en boekomslagen, maakte illustraties voor rijmprenten, kranten en tijdschriften en maakte houtsneden. Hij was kassier van de Boerenleenbank in Boyl (Buil). Nadat hij in 1964 met pensioen was gegaan, legde hij zich vooral toe op schilderen en tekenen.
Zo maakte hij ook de hier afgebeelde houtskoolschets van een boerderijtje op ’t Kastiel in Deever. De redactie weet niet in welk jaar deze fraaie schets is gemaakt.
De vragen zijn wanneer deze schets is gemaakt, om welk boerderijtje het gaat en wie daar woonden……
Is hier soms de achterkant van het boerderijtje van de weduwe Smit met de nog steeds bestaande zandweg van ’t Kastiel hen de Heezenesch te zien ? Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.

Mevrouw Gina Raadgever-Smit reageerde op 4 november 2016 als volgt:
Ik denk wel dat dit het huisje van mijn opoe Elsje Smit-Oost is. Al die bomen en het weggetje en aan het eind nog een huis, dat moet dan van Roelof Fledderus zijn. Kan eigenlijk niet missen !

Mevrouw Gina Raadgever-Smit stuurde op 7 november 2016 bijgaande foto van de achterkant van het boerderijtje van haar grootmoeder de weduwe Elsje Smit-Oost. De redactie is haar daarvoor zeer erkentelijk.
De foto is omstreeks 1965 gemaakt. De familie Smit woonde toen al een paar jaar elders. De man die toen in het boerderijtje woonde, onderhield blijkbaar zijn achtertuin niet. De kinderen op de zandweg zijn kinderen uit Capelle aan den IJssel.

Het mag duidelijk zijn dat de kunstenaar Johannes Mulders zijn houtskoolschets van het boerderijtje van de weduwe Elsje Smit-Oost heeft gemaakt. Die kunstenaar werkte wel ter plekke en tekende thuis geen ansichtkaarten of zwart-foto’s over. Hij zal de tekening hebben gemaakt in de tijd vóór 1963, toen de familie Smit nog in het boerderijtje woonde, toen was de achtergevel nog niet ontsierd met die merkwaardige metalen pijp.

De heer Fred van der Zanden meldde op 9 november 2016 het volgende.
Na de familie Smit woonde een zekere Brouwer in het boerderijtje. Hij kwam uit Haren bij Groningen. Ik weet zijn voornaam niet. Hij heeft zeker tot 1970 daar gewoond. Ik weet dit, omdat mijn vriendje ook op ’t Kasteel woonde en wij wel bij hem kwamen. Hij leed aan astma. Hij leefde als een kluizenaar.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Na de heer Brouwer kwam het huis in het bezit van de familie Brakel, die op de plaats van het boerderijtje en nieuw woonhuis heeft laten bouwen.
De redactie heeft de kleurenfoto van de tegenwoordige bebouwing en het zandpad op 2 januari 2017 gemaakt.

Abracadabra-1276 abracadabra-495abracadabra-558

Posted in Boerderijen, Diever, Kasteel, Keuterijen, Kunst, Tekeningen, Zandwegen | Leave a comment

Gedraaide vierkante ramen in een boerderij

In de boerderij an de Heufdstroate in Deever, waar eerder de familie Bakker -wie heeft gegevens over de familie Marinus (?) Bakker ?- woonde, bevinden zich in de zijgevel aan de straatzijde drie gedraaide ramen, zo te zien zitten de kozijnen keurig in de verf en bevindt zich in de siedbaander ook een gedraaid raam, dat nota bene ook kan worden geopend. Zie de twee kleurenfoto’s. Die vier op deze manier aangebrachte ramen moeten enigst zijn in Nederland. Echt wel.
Wat ook opvalt is het mooie grote lange dubbele muuranker. Dit anker brengt blijkbaar voldoende kracht over op de constructie, want de buitenmuur staat nog steeds mooi recht.
Wel is het de eigenaar van het pand aan te raden bij de hoofdbeleidsambtenaar voor de openbare ruimte van de voorkant van het gelijk vergunning aan te vragen voor het verwijderen van het openbare groen uit het looppad bij de gevel, want wortelgroei is op den duur schadelijk voor de fundering. Echt wel. Zou funderingsschade ook het geval zijn geweest bij de netjes gerepareerde scheur onder het rechtse raam in de zijgevel ?
De reet’n doake is mooj mit grüne mos begröjt, moar so loat’n meins’n, aans verrop ie de bool.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de ramen in de zijgevel gemaakt op 3 oktober 2012 en heeft de kleurenfoto van de zijbaander gemaakt op 26 april 2018.
Ter vergelijking of juist niet ter vergelijking is op bijgevoegde ansichtkaart uit de twintiger jaren van de vorige eeuw, aan de rechterkant de boerderij te zien, waarvan de drie ramen in de zijgevel en het raampje in de baander deel uitmaken.
Aan de linkerkant van de ansichtkaart was in het tweede pand met de hoge rechte voorgevel an de Heufdstroate in Deever het postkantoor gevestigd. Het pand was in Deever het enige pand met een plat dak. Het pand werd bewoond door de postkantoorhouder met zijn gezin. Wie kan de redactie van het Deevers Archief helpen met het benoemen van de bewoners van de andere panden. De foto is genomen in de richting van de Kruusstroate.


Posted in Ansichtkaarten, Baanders, Boerderijen, Diever, Hoofdstraat | Leave a comment

Roelof Offerein uit het bestuur van de Boermarke

In de Meppeler Courant van 12 januari 1981 verscheen het volgende bericht over het aftreden van Roelof Offerein van de Deeverbrogge als boekhouder-secretaris van de Boermarke van Diever.

Diever. Tijdens de vergadering van de Boermarke, die in café De Lange werd gehouden, trad de heer H. Offerein (75 jaar) uit Dieverbrug af als boekhouder-sekretaris van deze organisatie. De heer Offerein blijft wel volmacht.
Door voorzitter H. Moes Dzn. werd aan de deze functionaris een wandelstok met inscriptie aangeboden. De heer Moes sprak woorden van dank voor het vele werk en de grote plichtsgetrouwheid waarmee de heer Offerein zijn werk heeft uitgevoerd.
De heer Offerein is 45 jaar lang volmacht bij de Boermarke in Diever geweest. Vanaf 1939 was hij boekhouder-sekretaris. Hij volgde toen zijn oom in deze funktie op.
Vier gulden
Deze functie is niet geheel onbezoldigd. Vanaf 1939 ontving de heer Offerein f 4,- per jaar voor zijn werkzaamheden. De heer Jan Hessels Jaczn. die tot zijn opvolger werd gekozen, ontvangt ook hetzelfde honorarium.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Het is toch wel handig om zo nu en dan eens bij het archief van de Meppeler Courant langs te gaan om wat meer te weten te komen over het boerenleven in de gemeente Diever.
Het was wel een bijzonder gul gebaar van de ‘dikke boer’n uut Deever’ dat ze Roelof Offerein (niet Hendrik Offerein, zie de attente reactie van kleindochter Gea Offerein) voor 45 jaar trouwe inzet voor de boermarke een wandelstok gaven, nota bene eentje met inscriptie. Wat zou de tekst van deze inscriptie zijn geweest ? Hebben de nazaten van Roelof Offerein de stok bewaard ?
Van links naar rechts zijn op de foto te zien: Jan Hessels Jaczn, Roelof Offerein, Cornelis Seinen, Harm Moes Dzn. en Hendrik Mulder Jzn.
Jan Hessels (geboren op 4 mei 1934 te Diever, overleden 20 augustus 2001 te Diever) was een zoon van Jacob Hessels (geboren op 3 mei 1896 te Diever, overleden op 7 maart 1979 te Diever) en Margje Veenhuis (geboren op 25 juni 1899 te Wapse, overleden op 23 mei 1985 te Diever).
Roelof Offerein werd op 28 mei 1905 op ’t Kastiel in Deever geboren in de boerderij die nu als adres Van Osstraat 2 heeft en is op 17 mei 1983 overleden an de Deeverbrogge in de boerderij met adres Dieverbrug 33.
Cornelis Seinen (geboren op 8 september 1912, overleden op 6 november 1989) was getrouwd met Hendrikje Schiphorst (geboren op 5 oktober 1912, overleden op 14 oktober 1989).
Harm Moes (geboren op 3 januari 1906, overleden op 8 februari 1993) was getrouwd met Janna Eggink (geboren op 1 maart 1907, overleden op 6 december 1983). Zijn ouders waren Dirk Moes (geboren op 5 januari 1876, overleden op 14 juni 1952) en Aaltje Timmerman (geboren op 10-april 1880, overleden op 6 juli 1960).
Gegevens van Hendrik Mulder moeten nog worden uitgezocht.
De boermarke stamt uit de middeleeuwen en was van oorsprong een verband van grotere boeren die onderling het beheer en gebruik van hun gemeenschappelijke gronden regelden. Het woord marke betekent grens en werd gebruikt om het gebied aan te geven dat bij een dorp hoorde: de boermarke van Diever, de boermarke van Wapse, de boermarke van Wittelte en de boermarke van Wateren. In de tachtiger van de vorige eeuw ging het in Diever nog om het beheer van kleine resten van de oorspronkelijke boermarke, zoals bijvoorbeeld de ‘boer’nbos an de Grönnegerweg’.
De foto bij het berichtje in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) is gemaakt door de Deeverse dorpsfotograaf Harm Hessels.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De redactie ontving op 13 juni 2015 de volgende reactie van Gea Offerein.
Beste mensen,
Op jullie heel mooie website kwam ik bij het onderwerp Boermarke een stukje over mijn opa tegen.
Hij heette echter Roelof Offerein, niet Hendrik Offerein.
Hendrik Offerein is een andere persoon uit Diever, inmiddels ook overleden, neef van mijn vader en moest dus oom zeggen tegen mijn opa.
Mijn vader is Cornelis Frederik Offerein.
Met vriendelijke groet,
Gea Offerein

Posted in Alle Deeversen, An de Deeverbrogge, Boermarke van Diever, Cultureel erfgoed, Diever | Leave a comment

Grof- en hoefsmid Abel Offerein an ’t Kleine Brinkie

De redactie van het Deevers Archief toont de bezoekers van zijn webstee graag mooie afbeeldingen van Deeverse dorpsgezichten.
Bijgaande ansichtkaart, waarop ’t Kleine Brinkie in Deever is te zien, is op 10 juli 1908 door mejuffrouw E.J. Schoemaker uit Diever verstuurd aan mejuffrouw H. Krol p/a B. Krol, Herbergier te Noordwolde.
E.J. Schoemaker is Elisabeth Johanna Schoemaker, geboren op 14 oktober 1895. Zij was een dochter van Jan Schoemaker, van beroep brievengaarder en Jantien Trompetter. Zij trouwde met Lambert Rolden. Elisabeth Johanna Schoemaker is op 2 februari 1958 in Deever overleden. Zij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
Arend Mulder schreef in het tekst- en fotoboekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ de volgende tekst bij dit dorpsgezicht:
Het eerste huis (rechts) is van Abel Offerein, smid en bijker. Hij leefde de laatste jaren samen met zijn zuster Luutien. Harm Bennen is daar grootgebracht. Het tweede huis (links) is van kleermaker en scheerbaas Frederik Westerhof. Hier hing destijds een uithangbord aan de gevel, waarop was geschilderd: Eerst werkte ik om de kunst, nu werk ik om de gunst.   
In het huis (adres Diever 12) aan de linkerkant woonde en werkte kleermaker en scheerbaas Fredrik Westerhof. Hij was getrouwd met Christina Houwer. In de voorgevel bevonden zich destijds nog twee ramen die de vorm hadden van de grote ramen in de Hervormde Kerk.
Fredrik Westerhof werd geboren op 23 september 1866 op Kalteren, hij overleed op 28 november 1934 in Deever.
Hij was eerst getrouwd met Margje Houwer, later met Christina Houwer.
In het huis (adres Diever 13) aan de rechterkant woonden Abel Offerein en zijn zuster Lutina. Abel Offerein was grof- en smid (zie de tekst op het bord boven het linker raam) en bijker. Frederik Offerein, die ook aan ‘t Kleine Brinkie woonde, was een neef van hen.
Abel Offerein werd geboren op 31 mei 1859 en overleed op 26 november 1921. Zijn vader Fredrik Jacobs Offerein was ook smid. Luitje (Lutina) Offerein werd op 17 januari 1861 geboren en overleed op 24 januari 1936.
Frederik Offerein werd in de volksmond Grote Frièrik genoemd. Frederik Offerein werd geboren op 28 januari 1887 en overleed op 3 september 1967. Frederik Offerein was getrouwd met Anna Barelds. Zij werd geboren op 11 april 1888 in Wapse en overleed op 22 mei 1979 in Deever.

Abracadabra-1508

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Kleine Brink, Topstukken | Leave a comment

Mooie oude ansichtkaart van zwembad Dieverzand

Van het openluchtzwembad Dieverzand an de Bosweg op Berkenheuvel in Deever is in de loop van de jaren van het bestaan van dit zwembad in de open lucht een aardig aantal mooie zwart-wit ansichtkaarten uitgegeven. Stel jij je eens voor dat jij deze allemaal in jouw mooie verzamelalbum zou hebben.
De redactie wil de trouwe bezoekers van het Deevers Archief bijgaande ansichtkaart, die vlak na de Tweede Wereldoorlog werd uitgegeven, niet onthouden.
Let vooral op de primitieve lage houten duikplank aan de linker kant en de hoge houten duikplank in het midden, die later is vervangen door een stalen duuktoor’n (duiktoren).
Bezoekers worden opgeroepen van ansichtkaarten en foto’s die zij in hun bezit hebben een goede scan te maken en deze naar de redactie van het Deevers Archief te sturen (klik onder aan het bericht op Leave a comment). De redactie zal deze met veel plezier publiceren.

abracadabra-129

Posted in Ansichtkaarten, Berkenheuvel, Bosweg, Diever, Zwembad Dieverzand | Leave a comment

Gezicht op Deever vanaf de Uitkijktoren – 1952

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 18 januari 1950 het navolgende korte bericht over het de bouw van een uitkijktoren aan de Bosweg.

In het bos van Berkenheuvel te Diever is een door het Staatbosbeheer overgenomen boortoren gebouwd, welke van trappen en bordessen zal worden voorzien, en dan als uitkijktoren dienst zal doen. Het stalen gevaarte steekt een heel eind boven het bos uit en geeft een prachtig overzicht over de omgeving. De toren zal na gereedkomen worden beheerd door de V.V.V. Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De hergebruikte boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij stond aan de Bosweg in Deever tegenover Paviljoen Vierhoven op een heuvel aan de kant van het Openluchtspel.
Boven op de toren had de beklimmer naar alle kanten een heel mooi uitzicht op de omgeving. Bij helder weer was zelfs de kerktoren van Steenwijk te zien.

De V.V.V. Diever is de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer in Deever.

Posted in Ansichtkaarten, Berkenheuvel, Bosweg, Diever, Openluchtspel, Paviljoen Berkenheuvel, Uitkijktorens | Leave a comment

Deever – Moleneinde in 1958 en in 2012

 

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Moleneinde, Verleden en heden | Leave a comment

De kerk aan de Brink van Deever – 1935-1936

Met de naamgeving van het kerkgebouw aan de brink van Deever is iets merkwaardigs aan de hand. In de webstee van Wikipedia is te lezen dat de Sint Pancratiuskerk een Nederlands hervormde kerk is. Dit is een contradictio in terminis, een tegenstrijdigheid in de gebruikte woorden.
Tot 1598 was het kerkgebouw in gebruik bij de rooms-katholieke geloofsgemeente, het gebouw was gewijd aan de heilige Pancratius. In de periode van de beeldenstorm is het kerkgebouw gestript van alles wat met heiligen had te maken. Het kerkgebouw was daarom niet meer gewijd aan de heilige Pancratius. Toen was het afgelopen met die naam. Echt wel. Vanaf 1598 was het niet meer dan een veel te groot en veel te duur kerkgebouw aan de brink, nu het kerkgebouw aan de brink dat in gebruik is bij de kleine hervormde geloofsgemeente.
De zwart-wit-foto is gemaakt in 1936, toen het kerkgebouw gelukkig nog niet tot Sint Pancratiuskerk was gebombardeerd. De vrienden van het kerkgebouw aan de brink van Deever gebruiken de naam Oude Kerk, een enigszins beter passende naam.
Let op het hekwerk om de hof van de kerk. In die jaren werden op de kerkhof al geen doden meer begraven, stonden op de kerkhof geen grafstenen meer, maar was de hof bij de kerk nog niet geruimd, dat gebeurde pas bij de Zeer Grote Restauratie van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren in de vijftiger jaren van de vorige eeuw.

Posted in Brink, Diever, Kerk aan de brink, Toren aan de brink | Leave a comment

Gebroeders Harm en Jaap Mulder weten er alles van

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papier scannen en vervolgens in de oud-papier-container gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever zo nu en dan een  voor hem belangwekkend bericht. De redactie wil zo één bericht natuurlijk niet onthouden aan de trouwe bezoeker van het Deevers Archief. In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 10 februari 1967 verscheen op de volledige bladzijde 15 het volgende artikel over de Deeverse dorpsfiguren gebroeders Harm en Jaap Mulder, die an de Heufdstroate tegenover de smederij van ‘de Kloeze’ woonden.

De gebroeders Mulder weten er alles van
Het spinmoal en de snikke
“De ruimtevaart ? Je moet even aan het idee wennen. Als je vijftig jaar geleden zou zeggen dat er nog eens een tijd zou komen, dat je in één nacht van Nederland naar Canada zou kunnen vliegen, verklaarden de mensen je voor gek, maar het is tegenwoordig de gewoonste zaak van de wereld en niemand kijkt er meer van op.” Deze woorden worden gesproken door Harm Mulder uit Diever, die ondanks het feit dat hij al 84 jaar oud is, deze wereld van automatisering beslist niet verafschuwt en in al zijn weloverwogen zinnen overduidelijk naar voren laat komen dat hij het oog houdt voor de reusachtige ontwikkelingen, die zich in de afgelopen decennia hebben voltrokken en zich in de toekomst nog voltrekken zullen. “Vroeger ? O, ja, het leven was veel gemoedelijker. Nu schijnt iedereen zich te moeten haasten, maar of het vroeger beter was … Sociale voorzieningen waren er bijna niet. De mensen leefden vaak in bittere armoede. Landarbeiders, die soms met grote gezinnen in krotten hokten, hadden midden in de winter geen aardappel meer in huis en hun bestaan hing af van de liefdadigheid van anderen. Het laatste toevluchtsoord was vaak het armenhuis. Meneer, de mensen leven nu in welvaart, maar ze beseffen het niet altijd. Ze zijn nog ontevreden; is het niet droevig ?”

Harm Mulder woont met zijn 80-jarige broer Jaap in een keuterboerderijtje aan de Hoofdstraat in Diever. Aan die straat wonen de Mulders hun lange leven al. Tot 1915 woonden ze met hun ouders in een boerderij een eindje verderop, maar in dat jaar ging deze boerderij in vlammen op en al het vee en huisraad verbrandde. De inboedel, die in die jaren al antiek was, vertegenwoordigde een kapitaal. Harm Mulder wijst op een paar grote koperen ketels, die in de hoek van de kamer staan. “Dat soort spullen bedoel ik nou.” Dan neemt hij ons mee naar buiten en wijst naar een manufacturenwinkel. “Daar woonden we vroeger, samen met de familie Boelens.”
Als Harm en Jaap Mulder op de praatstoel zitten komen ze er niet zo gemakkelijk af. Het zijn gezellige vertellers, die vaak herinneringen uit het oude Diever ophalen en het is dan ook niet verwonderlijk dat er voortdurend oudere inwoners even bij hen komen aanwippen, om ’t laatste dorpsnieuws te horen of om ‘zomaar’ een praatje te maken. Harm en Jaap Mulder zijn uit Diever even moeilijk weg te denken als de oude hervormde kerk, die vanaf de Brink het dorpsbeeld beheerst.
De Mulders gingen vroeger, evenals hun leeftijdgenoten, op school bij meester Kuper, die lange tijd de scepter zwaaide in het gebouw, waar nu het gymnastieklokaal is.
De onderwijsmethoden verschilden heel wat met die van nu en het was helemaal geen uitzondering als de leerlingen ‘lijfstraffen’ kregen. “De lineaal kwam er wel eens aan te pas als het niet helemaal naar de zin van de meester ging”, zegt Harm nu, lachend als hij aan die tijd terugdenkt. “Het leerlingental was erg onregelmatig. Leerplicht was er niet en de arbeiderskinderen zag je ’s zomers niet komen. Die moesten op hun broertjes en zusjes passen als de ouders aan het werk waren of ze liepen met de schapen langs de weg. Tegen de winter kwamen ze weer op school. ‘Winterkraaien’, noemde meester Kuper die kinderen.”
Harm en Jaap hebben hun leven doorgebracht met werken in de landbouw, als houthakker of ze groeven waterputten voor de boeren in de omtrek. Jaap weet nog dat hij als houthakker twee gulden per dag verdiende, wat een hoog loon was. Harm: “Een daggelder in de landbouw verdiende maar een gulden.” Jaap verbetert: “Nee, zo was het niet, zestig cent en ’s winters veertig cent. ”
Als de 71-jarige oud PTT-besteller Arend Trompetter binnenkomt, vindt hij het gezellig als hij hoort dat er over oud-Diever wordt gepraat. Hij gaat zitten en vertelt dat er in Diever vroeger een grote paardenmarkt was, die bekend was in het gehele noorden en waar kooplui uit het buitenland soms honderd paarden tegelijk kochten. Ook was er een schapen- en een geitenmarkt, die op de Brink werd gehouden. Trompetter: “Deze markten waren altijd hele feestdagen voor het dorp. Bij de kerk stond een draaimolen en een Kop van Jut. Maar het was allemaal geen pais en vree, want dit waren juist de dagen dat de onderlinge vetes tussen jongelui uit Diever en die uit de naburige dorpen werden uitgevochten, waarbij dikwijls het mes werd getrokken. Als een jongen uit een ander dorp met een Dieverse uit wilde, kostte hem dat een kruik jenever van tachtig cent. Het ‘glaasje op, laat je rijden’ was er niet bij, want iedereen moest lopen.”
De gebroeders Mulder gingen vroeger met de trekschuit naar de Meppeler markt. Om vijf uur vertrok de boot, de zogenaamde snikke vanuit Dieverbrug. In het vooronder liepen de varkens, die in Meppel van eigenaar zouden veranderen, in het ruim krioelden de biggen en in de bedompte kajuit zaten de passagiers, die tegen elkaar hele verhalen afstaken, die wel leuk waren om te horen, maar die vaak niet geheel op waarheid berustten. “Dat waren de snikkepraatjes”, zegt Harm, die nog best weet dat de schippers van de trekschuit, de ‘snikkevaarders’, Klasens en Warries heetten. “De vrouwen moesten wel eens in de lijn lopen en dan zei de schipper: “Je moet de vrouwen altijd in de gaten houden.””
In de jaren 1915-1916 ging de tram van Dieverbrug naar Meppel rijden en toen werd het vervoer wat gemakkelijker. Harm weet niet hoe lang een dergelijke reis duurde, maar als hij in Meppel een sigaar opstak en langzaam rookte kon hij tot Dieverbrug met de sigaar doen.
Harm en Jaap Mulder waren trouwe bezoekers van de catechisatie van de gereformeerde kerk, die werd gegeven door de oude dominee Dijkstra, die in Diever zijn veertigjarig ambtsjubileum vierde. Zo’n zestig jaar geleden was dominee Van Dalsem voorganger in de Hervormde Kerk. “Op één van deze catechisaties miste dominee Dijkstra een jongen, die niet was gekomen. Wij vertelden de dominee, dat de jongen naar Hijken was, naar een meisje waarop de dominee vermanend zei: “Hijken, Hijken, het land van wellust en vermakelijkheid, Hijken het oude spinnehuis.””, zegt Harm, die ondeugend begint te lachen als het gesprek op de liefde komt. “Ja”, zegt Trompetter, “vroeger kwamen de jongens ook wel aan de meisjes.”
Als Jaap zich even in de keuken heeft teruggetrokken om een kopje koffie te zetten, beginnen Harm en Trompetter te praten over de toenaderingen tot het vrouwelijk geslacht, en vooral over de spinmoalen die na Nieuwjaarsdag plaatsvonden. “De huwbare dochters zaten dan in het achterhuis aan het spinnewiel te wachten op de komst van de jongelieden, die hun hoofd voorzichtig om de deur staken. Als de meisjes dan begonnen te zingen: “Snor, snor, snor, wat zijn de jongens dor.”, dan was dit een stille wenk dat de jongelieden wel binnen mochten komen. Er zijn wel huwelijken uit dit soort bijeenkomsten voortgekomen.”
Trompetter vertelt dat er vroeger in het café van zijn ouders ook wel eens dansavonden werden gehouden, die alleen toegankelijk waren voor paren. Vrijgezellen werden angstvallig geweerd en als ze toch naar binnen wilden, werden ze zonder pardon van de trap gegooid.
Deze dansavonden, de bijeenkomsten die door de kerk waren georganiseerd en de jaarmarkten, waren eigenlijk de enige vorm van ontspanning, die de mensen in Diever kenden en daarom vormden ook de bezoeker van een zekere Slieker een welkome afwisseling, vooral voor de schooljeugd. Slieker kwam in Diever met een voorloper van de moderne projector, de cinematograaf, die hij voor café Brinkzicht, in die dagen geëxploiteerd door kastelein Hummel, liet afdraaien. Hij maakte dan gebruik van de volgende slagzin: “Hij komt, wie komt, Slieker komt met zijn cinematograaf of levende beelden.”
Een jaar of tien later, het zal in de twintiger jaren zijn geweest, zo vertelt Harm Mulder, ontstond er op warme zomeravonden voor de winkel van manufacturier Zaligman, een oploop als die grammofoonplaten draaide op zijn piepende patofoon. Het waren de dagen van de uitvindingen, die ook Diever bereikten. Zo herinnert Mulder zich nog dat de eerste automobiel, piepend en knallend door het centrum van het dorp reed, gevolgd door de schooljeugd, die het vehikel gemakkelijk bij kon houden. En verder het verhaal van de landbouwer Jan Haveman Mzn. uit Wapse, die zestig jaar geleden de eerste hulpmeststoffen in ’t nachtelijke duister op zijn akkers strooide, omdat hij bang was dat de bevolking anders zou zeggen dat hij niet goed wijs was door de toepassing van de nieuwe bemestingsstoffen.
De klederdrachten hebben zich in Diever niet kunnen handhaven; alleen bij bijzondere gebeurtenissen komen de Drentse kostuums nog uit de kast. Harm: “Vroeger droegen de mannen een duffelse jas, die wel een leven lang meeging als hij een keer gekeerd werd. De vrouwen kregen oorijzers als ze zestien of zeventien jaar werden en het haar mochten opsteken. Aan deze oorijzers kon je zien uit welk milieu de vrouwen kwamen. Arbeidersvrouwen hadden een zilveren oorijzer, de andere vrouwen een gouden en de ‘upper ten’ had nog een gouden plaat op het oorijzer.
Aan de klederdrachten kon je ook zien of iemand in de rouw was, want in die dagen werd bij het overlijden van een familielid een jaar lang diepe rouw betracht.”, zegt Harm. “Ja,”, vult Jaap aan, die inmiddels weer in de kamer is gekomen en een kopje koffie met een Drents koekje presenteert, “de vrouwen die in de rouw waren droegen een dichte muts over het oorijzer. In de periode na de diepe rouw droeg de vrouw weer een andere muts.
Trompetter is blij dat de tijden veranderd zijn. “Er was vroeger bittere armoede. De arbeider had een achttienurige werkdag en als hij zes gulden in de week verdiende had hij een reuzeloon. In de wintermaanden als er voor hen geen werk was, werd er door de kerken brood uitgereikt en als er een noodslachting was, werd het vlees verdeeld onder de armen. Nu is er welvaart.”
Terwijl Harm Mulder met zijn hand langs de kin strijkt, komt zijn gesprek nog even op barbier Vierhoven, die de inwoners op de deel van de baard bevrijdde. Het kostte drie cent en dan kreeg je koffie toe.
Als we Harm en Jaap Mulder en Arend Trompetter vragen wat ze van het Diever anno 1967 denken, een Diever dat zich steeds meer gaat toeleggen op de recreatie, zeggen ze: “De boeren houden niet van de recreatie. Je moet eens zien wat de stadse bevolking in de zomermaanden vernield. Maar ja, de middenstand heeft in de zomermaanden belang bij recreatie en daar moet je ook naar kijken. De tijden zijn nu eenmaal veranderd.”

De tekst bij de afbeelding van ansichtkaart van de Kleine Peperstraat luidt als volgt:
Een dorpsbeeld van Diever, dat op deze foto doet denken aan een Zwitsers bergdorp. De foto, die dateert uit 1910, is genomen vanaf de Pepersteeg.

De tekst bij de afbeelding van de ansichtkaart van café Brinkzicht luidt als volgt:
Café Brinkzicht in vroeger dagen (1910).

De tekst bij de afbeelding van Arend Trompetter luidt als volgt:
… vroeger kwamen de jongens ook wel aan de meisjes …

De tekst bij de afbeelding van Jaap Mulder luidt als volgt:
… kopje koffie met Drentse koek …

De tekst bij de afbeelding van Harm Mulder luidt als volgt:
… er is nu welvaart …

De tekst bij de afbeelding van de ansichtkaart van de löswal an de Deeverbrogge luidt als volgt:
Boven: De Drentse Hoofdvaart bij de Dieverbrug, een oud vrachtschip wordt geladen (1910).

De tekst bij de afbeelding van de ansichtkaart van de plaggenhut luidt als volgt:
Links: Een plaggenhut in Wapse (1910).

De tekst bij de afbeelding van de ansichtkaart van de Kruusstroate in Deever luidt als volgt:
Onder: De schooljeugd van Diever kwam in 1910 op de foto.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het interview met Harm Mulder, Jaap Mulder en Arend Trompetter werd gehouden in het huis met adres Hoofdstraat 60 in Deever. Dit huis is te zien op bijgaande kleurenfoto. De redactie van het Deevers Archief heeft deze foto op 20 november 2005 gemaakt.
De redactie wil graag zo snel mogelijk van alle vijf in het artikel ‘Het spinmoal en de snikke’ getoonde ansichtkaarten een afbeelding in het Deevers Archief tonen. De redactie wil ook graag een afbeelding van Harm Mulder, Jaap Mulder en Arend Trompetter bij dit bericht in het Deevers Archief tonen.
De afbeelding van de ansichtkaart van de löswal an de Deeverbrogge is al opgenomen in het bericht Waterverfschilderij ‘An de Deeverbrogge’. Deze ansichtkaart is niet in 1910, maar in 1905 uitgegeven. 

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Dorpsfiguren, Hoofdstraat | Leave a comment

Een Spartaans hangkotje op de Langparkeerbrink

In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 25 september 2017 stond het volgende berichtje over een culturele gebeurtenis van de eerste orde binnen de grenzen van de gemiente Deever. Deze gedenkwaardige gebeurtenis zal ongetwijfeld rechtstreeks en zonder enige betuttelende ballotage in het geschiedenisboek van de gemiente Deever worden vermeld.

Jeugd Diever heeft eigen plek
Jongeren Ontmoetings Plaats bij sportvelden
Diever. De jongeren in Diever hebben een eigenplek. Wethouder Homme Geertsma heeft samen met een aantal jongeren de JOP, een Jongeren Ontmoetings Plaats, geopend.

De Jongeren Ontmoetings Plaats in Diever is gerealiseerd in de nabijheid van scholengemeenschap ‘Stad en Esch’ en het sportterrein Westeres van de voetbalvereniging Diever/Wapse. Hij is geplaatst op het parkeerterrein. De JOP is geheel van metaal en voorzien van banken. De jeugd kan nu overdekt zitten en elkaar gezellig ontmoeten. De JOP is voorzien van de tekst: ‘Hangen oké  ! Overlast nee ! En rotzooi opruimen !’
Geertsma opende de JOP door samen met jongeren uit Diever de poster te plaatsen waarop de afspraken staan die zijn gemaakt. Men mag geen lawaai maken en harde muziek is geheel niet toegestaan. De wethouder zei dat het goed was om te zien dat de gemeente, de jongeren en de omwonenden gezamenlijk tot een prachtige ontmoetingsplek waren gekomen.
‘Een JOP waarin jongeren gezellig kunnen praten en bij elkaar kunnen zijn. En doordat we onderling goede en duidelijke afspraken hebben gemaakt, ga ik er van uit dat we allemaal plezier beleven aan de JOP.
Overlast
Naast de Jongeren Ontmoetings Plaats is een afvalbak geplaatst. Deze is volgens omwonenden nog niet heel erg opgevallen, gezien het vele afval in de JOP afgelopen weekeinde.
In Diever wordt gehoopt dat door de realisatie van de JOP de overlast die rondhangende jeugd regelmatig veroorzaakt bij de openbare lagere school ‘de Singelier’ en in de overdekte picknickplaats aan de Bosweg minder wordt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Volgens de webstee van de voorkant van het gelijk is de hoogedelachtbare heer Homme Geertsma de CDA-wethouder voor het beheer van de openbare ruimte, milieu, onderwijs, sport en jeugdzorg. Dat zijn heel wat dikke zware, vette, dure portefeuilles bij elkaar, maar dat kwam bij deze topgebeurtenis mooi uit: één wethouder die politiek verantwoordelijk is voor het beheer van duurzame objecten in een duurzame openbare ruimte binnen de gemiente Deever én bovendien politiek verantwoordelijk is voor het duurzaam zorgen voor de jeugd.
JOPsbode Homme Geertsma van de voorkant van het gelijk kwam met een opgeheven moraliserend wijsvingertje en met het volgende JOPsbericht naar het Spartaanse rondhangkotje op de gratis Langparkeerbrink aan de straat met de naam Westeresch in Deever: ‘Hangen oké ! Overlast nee ! Rotzooi opruimen ! Geen lawaai maken !’  ‘Geen harde muziek afspelen !’
Als de rondhangjeugd in de buurt van het rondhangkotje toevallig eens een keer een beetje afval maakt in de vorm van bijvoorbeeld een leeg blikje van een energiedrankje, dan is het bevel ‘En rotzooi opruimen !’. Rondhangjeugd trapt rotzooi, rondhangjeugd maakt rotzooi, rondhangjeugd is rotzooi.
Dat minachtende woord rotzooi geeft al meteen aan dat de hoogedelachtbare heer CDA-wethouder Homme Geertsma de Deeverse jeugd om het op zijn Deevers te zeggen ‘veur gien cent in de reek’n hef’ of anders gezegd ‘minder in de reek’n hef dan un vurrotte kool’, 
want op de webstee van de voorkant van het gelijk wordt wel degelijk gebruik gemaakt van de termen afval en zwerfafval en niet rotzooi en zwerfrotzooi.
De hoogedelachtbare heer CDA-wethouder Homme Geertsma hoefde in zijn JOPsbericht niet het bevel ‘Niets vernielen !’ op te nemen, want het massief dikstalen en militair-donkergroen gespoten Spartaanse rondhangkotje valt niet te vernielen.
Het zware orkaanbestendige Spartaanse rondhangkotje kan ook onmogelijk worden omgeduwd.
Hij had voor alle zekerheid in zijn JOPsbericht wel het bevel ‘Niet spuitverven !’ kunnen opnemen.
Het Spartaanse rondhangkotje kan ook niet in brand gestoken worden, want staal is nog steeds niet brandbaar.
Kortom de hoogedelachtbare heer CDA-wethouder Homme Geertsma van de voorkant van het gelijk is er volledig in geslaagd de Deeverse rondhangjongeren een onpersoonlijk, onaantrekkelijk, ongezellig en afstotelijk Spartaans rondhangkotje op de gratis Langparkeerbrink op de Westeresch van Deever door de strot te duwen.
Deze indruk wordt versterkt door de slechte anti-propagandafoto van de voorkant van het gelijk, waarop een erg eenzame hoogedelachtbare heer CDA-wethouder Homme Geertsma nota bene met de rug naar de fotograaf bezig is met het doorknippen van een wellicht door hemzelf meegebracht en opgehangen rood-wit geblokt plastic wegenbouwlintje met een wellicht door hemzelf meegebracht schaartje. Of heeft hij voor de zekerheid altijd een schaartje in zijn binnenzak ? Je zou verwachten dat het doorknippen van dat lintje gedaan mocht worden door een vertegenwoordiger van de rondhangjongeren, maar nee …. Op de foto zijn in de verste verte geen, ook niet achter de bosjes bij de twee langparkeerauto’s, rondhangjongeren te bekennen. Echt niet ! Maar deze staan ongetwijfeld in groten getale achter de maker van de krantenfoto. Echt wel ?
Dan is de onthulling van het Spartaanse rondhangkotje voor de hoogedelachtbare heer CDA-wethouder Homme Geertsma zo in de aanloop naar de 2018-gemeenteraadsverkiezingen toch wel als een soort van negatief persmomentje, als een soort van deceptietje te beschouwen, want een wethouder die politiek verantwoordelijk is voor het duurzaam zorgen voor de jeugd moet op zijn minst zorgen wel omringd door rondhangjongeren op de foto te komen. Toch nog maar gauw even een schriftelijk snelcursusje ‘Hoe ga ik om met mijn klanten’ volgen ? Want rondhangjongeren mogen tegenwoordig al stemmen als ze achttien jaren jong zijn.
De redactie van het Deevers Archief heeft de twee kleurenfoto’s van het Spartaanse rondhangkotje op 4 november 2017 gemaakt.

Posted in Diever, Gemeente Westenveld | Leave a comment

De Leendert is de ijsbaan van ijsclub Deever

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 30 november 1937 het volgende bericht over de jaarvergadering van de IJsclub Diever.

Diever
In het café Slagter vergaderden de leden van de ijsclub Diever, onder presidium van burgemeester Van Os.
De ontvangsten bedroegen f. 314.31 (inclusief het batig saldo van het vorig jaar ad f. 179,87), de uitgaven f. 132.77, batig saldo f. 181.54. Het ledental bedraagt 249.
Bovendien werd een cassagebouwtje voor de club gemaakt, wat een uitgaaf vorderde van f 65.10.
Het aftredend bestuurslid, de heer J. Boesjes, werd herkozen.
De contributie voor het vereenigingsjaar 1937/1938 werd bepaald op f. 0.50 per lid.
De voorzitter deelde mede, dat het bestuur de vorige vergadering is gemachtigd tot het uitvoeren van een verdiepingsplan van de ijsbaan ‘de Leendert’. Dit plan zou van de club f. 240,- vorderen. De uitvoerende maatschappij wilde echter niet toezeggen, dat ‘de Leendert’ dan voor jaren goed en vrij van biezen enzovoort zou blijven. Daarom werd een proef genomen met het afmaaien van de biezen. Blijkt dat dezen winter goed te voldoen, dan wordt van het uitdiepingsplan afgezien.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Met café Slagter wordt het café van Berend Slagter, later het café van Klaas Doorten en Alberdine Slagter, an de Kruusstroate in Deever bedoeld.
Het was voor de Tweede Wereldoorlog gebruikelijk dat de zo genoemde ‘vooraanstaanden’ in de gemeente in de meeste verenigingsbesturen een functie bekleedden, zo ook bij de ijsclub Diever. Hendrik Gerard van Os, burgemeester van de gemeente Deever, was in 1937 voorzitter van de ijsclub. Jan Boesjes, secretaris van de gemeente Deever was in 1937 lid van het bestuur van de ijsclub.
Vanaf de Wittelterweg liepen de schaatsers over het land van de familie Bult naar het veentje ‘de Leendert’. Het kassagebouwtje zal bij de Leendert hebben gestaan, blijkbaar moesten niet-leden bij de kassa toegang tot de ijsbaan betalen.
Wie van de bezoekers van de webstee van het Deevers Archief heeft verhalen over het schaatsen op de Leendert, wie heeft foto’s van het schaatsen op de Leendert ? De redactie wil deze graag publiceren.
Bijgaande foto is gemaakt op 11 april 2013. De Leendert is nu volledig dichtgegroeid.

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in Diever, Kruisstraat, Oldendiever, Verenigingen | Leave a comment

Plattelandsvrouwenzitbankje op de Schultehuisbrink

Na de gedwongen fusie van de gemiente Deever met de gemienten DwingelVledder en Oavelte bleek in de praktijk dat de nieuwe voorkant van het gelijk het bestand aan erg schaarse zitbankjes in de openbare ruimte binnen de grenzen van de gemiente Deever bij voorkeur uitbreidde met gesponsorde exemplaren.
Op 23 november 1999 vierden de dames van de afdeling Deever van de Nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen hun vijfenzeventigjarige jubileum. En ja, echt wel, de plattelandsdames uut Deever vonden dit blijkbaar een goede gelegenheid voor het aanbieden van een met eigen geld betaald zitbankje aan de bewoners en bezoekers van het dorp Deever.
De voorkant van het gelijk stond de jubilerende plattelandsdames zo maar toe hun eigen goedbedoelde zitbankje op de helaas niet-origineel-Saksische Schultehuisbrink van Deever te plaatsen. Zie de twee kleurenfoto’s, die de redactie van het Deevers Archief gelukkig op 2 januari 2017 heeft kunnen maken.
De grote vragen zijn natuurlijk of de dames van de afdeling Deever van de Nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen ook een zak met geld voor het langdurig beheren en onderhouden van hun zitbankje aan de voorkant van het gelijk hebben overgedragen ? Of dat de voorkant van het gelijk het zitbankje met schaars publieksgeld laat onderhouden ? Of schilderen de dames van het Deeverse plattelahaand in het kader van de burgerparticipatie zo nu en dan zelf hun eigen zitbankje !? Bij de laatste schilderbeurt met wijnrode glanslak is het aan het bankje geschroefde eeuwige-roem-plaatje van aluminium in de snelle gauwigheid een beetje meegeschilderd. Wie daar op let of daar iets lelijks van zegt of daar iets kritisch over schrijft is toch echt wel een kniesoor.
En let vooral ook op de vier ééntoers-schroeven, waarmee het eeuwige-roem-plaatje aan de rugleuning van het zitbankje is vastgemaakt. Zo kunnen verdwaalde rondhangjongeren (waar staan toch al die rondhangjongerenkotjes van de hoogedelachtbare heer CDA-jeugdzorgwethouder Homme Geertsma ??) het plaatje niet verwijderen.
De vraag is of het nederlandsebondvanplattelandsvrouwenzitbankje op de Schultehuisbrink mag blijven staan ? De redactie heeft het wijnrood gelakte vermoeden dat het prachtige zitbankje zijn vijfentwintigjarige jubileum, dat wil zeggen op de dag van het honderdjarige jubileum van de afdeling Deever van de Nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen, op de Schultehuisbrink niet zal halen, want op bijgaande afbeelding van een detail van de door de voorkant van het gelijk min of meer bij benadering schier voorlopig definitief vastgestelde ontwerp- en bouwtekening van het superdure zo genoemde Brinkenplan Diever van 12 december 2017 komt het Plattelandsvrouwenzitbankje niet voor. De ontwerp- en bouwtekening geeft aan dat de voorkant van het gelijk op de plaats van het prachtige zitbankje veel reclame voor William Shakespeare zal gaan maken.
De voorkant van het gelijk lijdt immers ook zwaar aan shakespearitis, want reclame maken op de niet-origineel-Saksiche Schultehuisbrink voor de (commerciële ?) theaters in het pretpark aan de Shakespearebrink aan de Heezenesch van Deever vergroot slechts een heel klein beetje de kans op meer theaterbezoekers en daarmee een heel klein beetje de kans op meer geld dat de voorkant van het gelijk binnenharkt uit de belasting op de prijs voor de toegang tot die (commerciële ?) theaters.
Heeft de voorzitter van de politieke vereniging Dorpsbelangen Deever, die -let wel- lid is van het zo genoemde projectteam dat een beetje met de voorkant van het gelijk mag meebabbelen en meekeuvelen en meeleuteren over het Brinkenplan Deever, tijdens die meebabbel-meekeuvel-meeleuter-bijeenkomsten wel in de gaten dat dit prachtige goedbedoelde wijnrood gelakte Plattelandsvrouwenzitbankje gaat sneuvelen of van de Schultehuisbrink zal worden verbannen ?
De redactie van het Deevers Archief trekt uit de ontwerp- en bouwtekening verder de conclusie dat de Brinkenplan-project-directeur-ingenieur van de voorkant van het gelijk met al de vele zijnen van de voorkant van het gelijk achter de vele ramen van het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan al lang en breed hebben besloten dat de Heufdstroate vanaf de wel-origineel-Saksische Kleine Brink tot an de Kruusstroate slechts in één richting mag gaan worden bereden, waardoor de Aachterstroate druk deel gaat uitmaken van het verkeerscirculatieplan; dat zij al lang en breed hebben besloten flink wat jonge bomen op de niet-origineel-Saksische Schultehuisbrink van Deever te kappen en dat zij al lang en breed hebben besloten een soort van nep-braandkoele (want Deever hef gien braandweer meer) op deze niet-origineel-Saksische Schultehuisbrink te laten graven. Maar dat geeft allemaal echt niet, want de niet-origineel Saksische Schultehuisbrink zal door al dat superdure gesleutel en gepruts aan de openbare ruimte niet origineel-Saksischer worden. Er is geen weg terug, het is een éénrichtingsweg. De Griekse dichter Konstantinos Kavafis schreef in het begin van de twintigste eeuw: We zullen ons geen zorgen maken over een ver verwijderd later, voor het beste zullen we ons inspannen en hoe meer we ons inspannen hoe meer we zullen bederven ..


Posted in Achterstraat, Brink, Diever, Gemeente Westenveld, Kleine Brink, Shakespearitis, William Shakespeare | Leave a comment

Voetbalclub SHELL – Sport Houdt Elk Lichaam Lenig

Bijgaande foto uit de jaren 1935/1936 is afkomstig uit de verzameling van Jochem Smit uit Steenbergen. Hij kreeg deze foto van zijn vader Helprig Smit, die op deze foto staat.
De foto van het elftal van voetbalclub SHELL (Sport Houdt Elk Lichaam Lenig) is gemaakt op het weiland van boer Roelof Bisschop an de Aachterstroate in Deever, het weiland naast het huidige restaurant The Shakespeare.
De jongens staan in elftalformatie opgesteld.
In het midden vooraan zit de keeper met de voetbal, geflankeerd door de twee backs, de drie spelers in het midden zijn de linkshalf, de stopperspil en de rechtshalf. Achteraan staan de linksbuiten, de linksbinnen, de midvoor, de rechtsbinnen en de rechtsbuiten.
1.
De linksback is Jan Mulder Tzn.
Hij is geboren op 18 april 1910 in Deever als zoon van Teunis Mulder en Maria Houwer.
Zijn dochter Monique Mulder vulde deze gegevens op 29 oktober 2016 als volgt aan.
Hij is geboren op ’t Kasteel in Deever. Hij is in 1947 getrouwd met Pietertje de Jong. Zij is geboren op 8 september 1915 in Bleskensgraaf. Jan Mulder is overleden op 14 mei 1988 in Apeldoorn. Zijn beroep was timmerman.
2.
De keeper is Jacob (Jaap) Kannegieter.
Hij is geboren op 18 februari 1913 en is overleden op 26 mei 1974.
Aanvullende gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

3.
De rechtsback is Albert Vos
Hij is geboren op 10 augustus 1915 in Deever. Hij was een zoon van postbode Roelof Vos (bode Vossie) en Jansje ter Heide van de Bosweg. Hij is op 26 januari 2005 overleden.
Aanvullende gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

4.
De linkshalf is Albert Geerts.
Hij is op 25 juni 1912 geboren in Eursinge (Havelte) als zoon van Klaas Geerts en Femmigje van de Pol,
Hij is geëmigreerd naar Zuid-Afrika.
Aanvullende gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ? 

5.
De stopperspil is Jan Oostenbrink.
Zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

6.
De rechtshalf is Johannes Mulder Tzn.
Zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

7.
De linksbuiten is Helprig Smit.
Zijn dochter mevrouw Sina Raadgever-Smit (woonachtig in Amsterdam) stuurde op 3 november 2016 de volgende gegevens (hartelijk dank daarvoor).
Hij is op 14 mei 1916 in Deever geboren. Hij was een zoon van Hilbert Smit en Elsje Oost. Hij is op 25 oktober 2003 overleden in Capelle aan de IJssel.
8.
De linksbinnen is Jacob Hulshof.
Zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

9.
De midvoor is Hendrik Punt.
Zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

10.
De rechtsbinnen is Geert Andreae (Andree ?)
Hij is op 30 oktober 1913 geboren in Deever als zoon van Cornelis Andreae (Andree ?) en Jantje Schoenmaker. Hij is overleden in Groningen op 1 februari 1968, hij was toen 54 jaar oud.
Aanvullende gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

11,
De rechtsbuiten is Arend de Groot.
Zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht.
Wie kan deze gegevens verstrekken ?

Op 3 november 1932 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden het volgende bericht:
Diever, 2 november. De voetbalclub SHELL alhier is toegetreden tot den Drentsche Voetbal Bond. Een onmiddelijk gevolg hiervan was dat een nieuw terrein gehuurd moest worden, aangezien het oude niet aan de eischen voldeed. Het bestuur is er in geslaagd een stuk weiland te vinden en heeft nu het terrein meteen in het dorp liggen, hetgeen aan het bezoek zeker ten goede zal komen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
SHELL speelde in de dertiger jaren eerst op het Mastenveldje bij de Studentenkamp aan de Bosweg.
In het jubileumboekje ‘Geschiedenis van de voetbalvereniging Diever’ dat ter gelegenheid van het 65-jarig bestaan van de voetbalvereniging Diever is uitgegeven, is bijgaande foto helaas niet opgenomen, is bijgaand artikeltje helaas niet opgenomen en is helaas maar heel beperkt aandacht besteed aan de voorlopers van de voetbalvereniging Diever.
Bijgaande foto is ook gepubliceerd in nummer 10/2 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever.

Abracadabra-1521Abracadabra-1528

Posted in Afbeeldingen, Diever, Opraekelen, Topstukken, Voetbal | Leave a comment

Mooie oude ansichtkaart van zwembad Dieverzand

Van het zwembad Dieverzand aan de Bosweg in Deever zijn in de loop van de jaren van het bestaan van dit zwembad in de open lucht veel mooie zwart-wit ansichtkaarten uitgegeven. Stel jij jou eens voor dat jij deze allemaal in jouw mooie collectie zou hebben.

De redactie wil de trouwe bezoekers van het Deevers Archief bijgaande ansichtkaart, die tussen 1945 en 1950 moet zijn uitgegeven, graag tonen.

De foto voor deze ansichtkaart moet buiten het badseizoen zijn gemaakt, want de waterstand in het zwembad is laag.

Let vooral op de houten omkleedhokken op de achtergrond. In het midden was de ingang. Links van de ingang waren de omkleedhokken voor de meisjes en de vrouwen en rechts waren de hokken waar de jongens en mannen zich moesten omkleden.

Bezoekers van het Deevers Archief worden opgeroepen van ansichtkaarten of foto’s van het zwembad, die zij in hun bezit hebben, een goede scan te maken en deze in te sturen naar het Deevers Archief. De redactie zal deze met veel plezier publiceren.

abracadabra-133

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Zwembad Dieverzand | Leave a comment

V.C.S.B.-kampen aan de Bosweg – 1922

In de krant Het Vaderland (staat- en letterkundig nieuwblad) van 20 februari 1922 verscheen het navolgende bericht over het kampterrein van de op 8 december 1915 opgerichte Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.) in de buurt van het Mastenveldje aan de Bosweg.

Evenals vorige jaren zal de V.C.S.B. dezen zomer op haar kampterreinen te Diever en te Sleen in Drente jongens- en meisjeskampen houden, in totaal vijf, waarvan drie voor jongens, alle 10 dagen durende. Uitnemende instelling! H.B.S.’ers, Gymnasiasten en dat soort volkje worden zoo geleidelijk aan voorbereid om later den V.C.S.B. of C.J.B. te beschouwen als hun geestelijk huis. Vooral de zoogenaamde novietenkampen voor jongens en voor meisjes afzonderlijk, zijn van groot belang. Uit elke academiestad zijn daar studenten, die aan de nieuwelingen alle mogelijke inlichtingen verstrekken. Men verwacht van deze kampen, welke buiten het kader der gewone studentenconferenties worden gehouden, door meer sport en eenvoudiger besprekingen, veel vrucht.
En voor de studenten die deze kampen leiden heeft de omgang met de jongeren groote bekoring en groot nut. Te midden van de vele gevaren die het geestelijk en zedelijk leven bedreigen zijn deze kampen een prachtige tegenweer. Juist ook door hun vroolijkheid en sportieven geest. Voetbal, korfbal, hockey, zwemmen, hardloopen, fietsen, naast het zingen van een ernstig lied, zijn aan de orde van de dag. De jongens worden door de kampboekjes al ingelicht dat hun leiders, ook de predikanten en professoren, uitstekende sportlui zijn.
De kampboekjes! Wat zien ze er, met hun leuke kiekjes, aantrekkelijk uit! En wat is de uitnoodiging prettig en hartelijk!.
Ouders en voogden, als ge uw kinderen een heerlijken, naar lichaam en ziel gezonden en stralenden tijd wilt gunnen, gedurende de lange vacantie, stuur ze dan naar een V.C.S.B.-kamp. Vraagt een kampboekje aan voor uw jongens of meisjes bij het secretariaat van den V.C.S.B., Nutsgebouw, Langebrug te Leiden. Maar: ge moet u haasten. Ik weet zeker dat volgend jaar de grootste wensch van uw kind voor de zomervacantie zal zijn: naar het kamp te Diever of te Sleen. En wij zelf? Als onze kinderen met opgetogen verhalen thuiskomen, zouden we, alleen voor zoo’n kamp nog eens 15 jaar willen worden!
J.J.M.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond wilde de vereniging zijn voor alle vrijzinnige universitaire studenten in Nederland. Deze bond was ontstaan uit de vrijzinnig christelijke studenten verenigingen te Utrecht, Leiden en Groningen. De bond trachtte in studentensteden waar deze nog niet bestond ook een plaatselijke vereniging op te richten.
De hier afgebeelde foto op de ansichtkaart uit 1920 toont het zogenoemde ‘professorenhuis’, waarin ook de kampkeuken was ondergebracht. In dit houten gebouwtje sliep de leiding van het kamp.
Na de Tweede Wereldoorlog vorderde de gemeente gedurende een aantal jaren het pand, vanwege de toen heersende woningnood en vestigde daar toen pas getrouwden in, totdat deze konden verhuizen naar een woning in de eerste naoorlogse nieuwbouw. De stapel zwerfstenen is ter plekke nog steeds aanwezig.


Posted in Bosweg, Diever, Gemeente Diever, V.C.S.B.-kamp | Leave a comment

Nee’jbouw an de Kloosterstroate en an de Binnenesch

De omstreeks 1956 gebouwde gemeentelijke dubbele huurwoningen an de Kloosterstroate en an de Binnenesch in Deever zijn in 2014 gesloopt, waarna de bouw is begonnen van twaalf huurwoningen en vier koopwoningen.
Dat heeft een nogal aanzienlijke verandering van het beeld van de Kloosterstroate en de Binnenesch tot gevolg gehad. Zo een grote verandering moet toch wel in het Deevers Archief worden bericht en gefotodocumenteerd. Bij deze.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande serie foto’s van de al redelijk ver in aanbouw zijnde woningen gelukkig op 13 november 2014 tijdens een fotorontie deur de gemiente Deever kunnen maken. Eergisteren is immers gisteren geschiedenis geworden. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief wil deze serie aanvullen met een eigen serie foto’s ?



Posted in Binnenes, Diever, Kloosterstraat | Leave a comment

Diever – Weg naar Dieverbrug – vóór 1915

De redactie van het Deevers Archief toont graag zijn mooiste ansichtkaarten aan de bezoekers van zijn webstee. In dit geval betreft het bijgaande zwart-wit ansichtkaart, die op 11 juli 1921 is verstuurd vanuit Diever naar Den Haag. Uitgeverij H. ten Brink te Meppel is de uitgever van deze kaart.

Op de kaart is in het vrije tekst gedeelte de volgende tekst te lezen:
Beste Amalia,
Hartelijke groeten ui Drenthe ! Ik heb het heerlijk op de hei en tusschen de dennen.Alleen is het erg warm. Wil je tante de groeten doen ? Ontvang ook zelf de groeten van …… (naam van de afzender is niet leesbaar). 11 juli 1921.
De kaart is verzonden aan Mejuffrouw A. van Willigenburg, Beeklaan 440, Den Haag.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De hier afgebeelde ansichtkaart is ook opgenomen in het boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ van Arend Mulder.
Op de ansichtkaart zijn de stoomzuivelfabriek en de in 1915 afgebroken beltmolen van Jan Rabinge te zien. Dat wil zeggen dat de op 11 juli 1921 verzonden kaart dateert van vóór de afbraak van de molen. De winkelier, die het kaartje verkocht, had waarschijnlijk nog een oud voorraadje ?
Aan de linker kant is een deel van de boerderij van Egbert (Eppe) Bennen te zien.

De redactie wil in het Deevers Archief tevens graag verwijzen naar het bericht Stoomzuivelfabriek aan het Katteneinde – 1908, naar het bericht Einde van de molen een het Moleneinde en naar het bericht Korenmolen van den Heer Wesseling afgebrand.

Abracadabra-1400
Abracadabra-1401

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Topstukken, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Titania smokt Spoel met de ezelskop op de Brink

3Op de Brink van Deever staat een beeld van de elfenkoningin Titania met de wever Spoel met de ezelskop. Dit beeld stelt een scène uit William Shakespeare’s komedie ‘Een midzomernachtsdroom’ voor.
De elfenkoning Oberon is jaloers op zijn vrouw de elfenkoningin Titania, omdat zij zo’n aantrekkelijke dienstknaap heeft en die niet aan hem wil afstaan. Zijn wraaklust zorgt voor grote verwarring in het bos. Zo laat Oberon zijn dienaar Puck toversap halen en druppelt dat in de ogen van zijn sla­pende vrouw Titania. Hierdoor zal ze verliefd worden op het eerste levende wezen dat ze ziet. Na haar ontwaken ziet ze als eerste een handwerksman, de wever Spoel, die tot overmaat van ramp door Puck tijdelijk met een ezelskop is uitgerust. Titania zegt na haar ontwaken in haar mooiste Oud-Engels tegen Spoel met de ezelskop:
I pray thee, gentle mortal, sing again:
Mine ear is much enamour’d of thy note;
So is mine eye enthralled to thy shape;
And thy fair virtue’s force perforce doth move me
On the first view to say, to swear, I love thee.
De verliefde elfenkoningin Titania smokt vervolgens de wever Spoel met de ezelskop. Het beeld op de Brink in Deever is geplaatst ter gelegenheid van het vijfentwintig-jarig bestaan van het openluchttheater. Sinds 1946 wordt elke zomer in het openluchttheater aan het Groenendal een toneelstuk van William Shakespeare opgevoerd, met de gelukkige uitzondering in het jaar 1949, toen werd het prachtige stuk Peer Gynt van Hendrik Ibsen opgevoerd (werd de jongste zoon Peer van burgemeester Jan Cornelis Meiboom vernoemd naar Peer Gynt ?).
De linker afbeelding van de wever Spoel met ezelskop is opgenomen in het programmaboekje van het in 1955 opgevoerde openluchtspel. De redactie van het Deevers Archief heeft de foto van het beeld van de elfenkoningin Titania en Speol met de ezelskop op de Brink van Deever in de avond van 23 december 2015 gemaakt.

Abracadabra-1502Abracadabra-1501Abracadabra-1504

Posted in Ansichtkaarten, Beelden, Brink, Diever, Groenendal, Openluchtspel, William Shakespeare | Leave a comment

Ansichtkaart – Vijfluik – Groeten uit Diever

Het bijzonder aardige van deze zo genoemde vijfluiks-ansichtkaart is dat de vijf getoonde beelden ook op een aparte zwart-wit ansichtkaart zijn uitgegeven. Je zal die vijf afzonderlijke ansichtkaarten maar in jouw verzameling hebben.
De hier getoonde vijfluiks-ansichtkaart is in november 1953 uitgegeven.
Burgemeester van Osbank
Deze ter meerdere eer en glorie van burgemeester Hendrik Gerard van Os aan elkaar gemetselde berg zwerfkeien staat niet meer op zijn oorspronkelijke plek, die plek is wel op de afbeelding te zien. Op de afbeelding is aan de rechterkant de Hoofdstraat te zien.
Bij het marktterrein
Het marktterrein aan het begin van de Bosweg is eigenlijk een complex van vier niet-origineel-Saksische brinken. Het terrein om de koele, die tegenwoordig Eendenvijver wordt genoemd, is de Doolhofbrink. Kijkend in de richting van het tolhuisje ligt aan de linkerkant van de Bosweg de Paaskermisbrink. Sommige mensen noemen deze brink ook wel de Lijkwagenschuurtjebrink. Aan de rechterkant van de Bosweg ligt de Kaarkhofbrink. Daar is ook het 4 mei 1945 brinkje te vinden.
Peperstraat
Op de afbeelding is de Kleine Peperstraat te zien.
In het huis aan de linkerkant woonde de familie Roelof Hunneman. Roelof Hunneman is op 10 april 1945 op het marktterrein door de Duitse S.S.’er Fritz Habener vermoord.
Burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) had, nadat hij na de oorlog, uit een door nota bene het Deeverse verzet afgedwongen onderduiking, terug was gekomen als burgemeester van de gemiente Deever, zeer grote haast alle oude erfgoedpanden in het centrum van Deever onbewoonbaar te verklaren en vervolgens zo snel mogelijk te laten slopen. Dat gebeurde ook met het erfgoedpand van de familie Roelof Hunneman op de hoek van de Kleine Peperstroate en de Aachterstroate.
Burgemeester van Oslaan
Het Kasteel is een tijdlang door de voorkant van het gelijk volledig onterecht Burgemeester van Oslaan genoemd. In de volksmond bleef de weg over ’t Kastiel gelukkig gewoon Kastiel heten.
Aan de rechterkant loopt de weg over ’t Kastiel. Aan de linkerkant is de zandweg met de naam Grönnegerweg te zien.
Uitkijktoren
In het Deevers Archief is in een aantal berichten aandacht besteed aan de uitkijktoren tegenover paviljoen Berkenheuvel.

Posted in Ansichtkaarten, Burgemeester Van Osbank, Diever, Jan Cornelis Meiboom, Kasteel, Marktterrein, Peperstraat, Uitkijktorens | Leave a comment

Bij de manufacturenwinkel van Flip Zaligman – 1936

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is de navolgende mini-essay (nummer 76) over het verleden van de manufacturenwinkel van Flip Zaligman en Heintje Wilda an de Heufdstraote (adres Deever 189) in Deever met bijbehorende ansichtkaart uit 1936 gepubliceerd.

In het rechter pand was de grootste en mooiste manufacturenwinkel van het dorp gevestigd.
Het werd bewoond door de in Dwingeloo geboren Philippus (Flip) Zaligman, zijn vrouw Heintje Wilda en hun in Diever geboren kinderen Martha Hendrika (8-12-1920), Levie (Loekie) Salomon (21-12-1921) en Hendrika (Rikie) Henriëtta (26-10-1925).
Flip Zaligman was mit ’t pak bee’j ’t pad. In het begin bezocht hij zijn klanten op een transportfiets. Het pak was toen een grote koffer die onder meer was gevuld met rollen stof. Als hem werd gevraagd hoe de zaken gingen, dan kon het zijn dat hij antwoordde: Het gaat goed, maar het goed gaat niet…..
Het ging echter zo goed met het goed dat hij de transportfiets kon vervangen door een automobiel. Bij de winkel staat zijn voertuig met kenteken D-3386. Het nummerbewijs werd afgegeven op 11 maart 1924.
De winkel brandde op 20 februari 1940 af. De familie Zaligman vestigde zich op 26 april 1940 in Meppel op het Noordeinde 7.
De Duitse bezetter arresteerde in de nacht van vrijdag 2 op zaterdag 3 oktober 1942 ongeveer 14.000 joodse landgenoten. Zo kwam het dat in de grauwe morgen van zaterdag 3 oktober, op sabbat en bovendien op Grote Verzoendag, de joodse gemeenschap van Meppel op het station stond te wachten op een trein naar het kamp Westerbork. Daarbij bevonden zich Flip, Heintje, Loekie en Rikie Zaligman. Martha was ondergedoken en werd later verraden. Haar dochter Thea werd in Westerbork geboren. Vanuit Westerbork zijn ze gedeporteerd naar de Duitse vernietigingskampen.
Heintje en Rikie werden kort daarna in 1942 vergast in Auschwitz. Loekie kwam in 1943 om in Schöppenitz. Flip vond in 1944 de dood in Auschwitz. Martha, haar man en hun dochter Thea overleefden het concentratiekamp Theresienstadt. Martha overleed in 1970 in Zandvoort. Thea emigreerde naar Israël, waar ze met Marcel Gaby trouwde. Zij heeft nog regelmatig contact met Jans Tabak.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Philippus (Flip) Zaligman is op 21 september 1893 geboren in Dwingelo. Hij was manufacturier.
Hij huwde op 10 mei 1894 in Coevorden met Heintje Wilda.
Zij verhuisden op 20 mei 1920 van Dwingelo naar het adres Deever 189.
Martha Hendrika Zaligman is op 8 december 1920 in Deever geboren.
Levie (Loekie) Salomon Zaligman is op 21 december 1921 in Deever geboren.
Hendrika (Rika) Henriëtte is op 26 oktober in Deever geboren.
De familie Zaligman verhuisde op 7 juni 1936 naar het adres Eerste Hoofdstraat 34 in Meppel.
De familie Zaligman verhuisde op 28 april 1939 naar het adres Deever 189.
De familie Zaligman verhuisde op 26 april 1940 naar het adres Noordeinde 7 in Meppel.
De winkel van Flip Zaligman brandde op 20 februari 1940 af.
Het zou zeker van respect getuigen als in het trottoir voor de drogisterij op het adres Hoofdstraat 51 in Deever (zeg maar voor de ‘oude boerenleenbank’) vijf  zo genoemde stolpersteine (straampelstien’n), waarbij op elke steen de naam van een lid van de familie Flip Zaligman is gegraveerd.
Een  mooie klus voor bestuursvoorzitter Homme Geertsma met de vele zijnen van de ingedutterige heemkundige vereniging uut Deever.
De redactie heeft de kleurenfoto op 26 april 2018 gemaakt.

abracadabra-491

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Diever, ie bint 't wel ..., Hoofdstraat, Joodse inwoners, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Verwerende tufsteen van de kerk aan de brink

De muren van de kerk aan de brink van Deever zijn voor een deel gebouwd van tufsteen. Dit betrekkelijk zachte bouwmateriaal is door de eeuwen heen aan de zon- en regen- en windkant op een prachtige manier aan het verweren.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van een detail van de muur aan de kant van de brink op 3 oktober 2012 gemaakt.

Posted in Diever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Sukersakkie van het Schultehuus in Deever

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw werden in het deel rechts van de voordeur van het Schultehuus an de niet-origineel-Saksische Schultehuusbrink van Deever ook allerlei culturele activiteiten georganiseerd. Het Schultehuus zou met een beetje goede wil echt wel kunnen worden beschouwd als een soort van mini-Dingspilhuus.
Het Schultehuus had net zoals hotels, cafés, restaurants, lunchrooms, kantines, enzovoort, enzovoort een ‘eigen’ sukersakkie. Dit sukersakkie – aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar minder of meer (meer meer dan minder) overgetekend van een mooie ansichtkaart uit de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Zie de bijgaande afbeelding van deze ansichtkaart.
Op de achterkant van de ansichtkaart staat de volgende tekst:
Het schultehuis te Diever na de restauratie van 1935 – 1941.
Dit huis is in 1604 gebouwd door Berend Ketel. Deze was als schulte van Diever aangesteld door graaf Willem Lodewijk van Nassau, stadhouder van Friesland, Stad Groningen en Ommelanden en Drenthe, nadat in 1594 de stad Groningen was ingenomen en de Spanjaarden uit genoemde gewesten waren verdreven. Zijn wapen staat gebeiteld in de steen boven de voordeur. Toen het huis in 1934 dreigde te worden afgebroken, is het aangekocht door de Stichting ‘Oud-Drenthe’.
De redactie weet niet precies in welk jaar deze ansichtkaart is uitgegeven. Wie weet het wel ?
Het Schultehuus zat na de mislukte restauratie, die van 1935 tot 1941 duurde, helaas niet meer vast aan de bijbehorende Schulteboerderij.
Let bij de ansichtkaart vooral direct rechts naast het Schultehuus op de nog net deels zichtbare roggemiete bij de Schulteboerderij van Koendert Krol.


Posted in Brink, Diever, Schultehuis, Sukersakkies | Leave a comment

Ut Rabobankbankje an de Peperstroate in Deever

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 10 februari 2017 bijgaand kort berichtje over de onthulling van een door de Rabobank gesponsord zitbankje tegenover de Rabobank an de Peperstroate in Deever.

Het dorp Diever is weer een bank rijker
Directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe onthulde woensdag in het centrum van Diever het nieuwe straatmeubilair. De zitbank bij de Peperstraat is aan Dorpsbelang Diever geschonken na een oproep van één van de klanten van de bank om zogenaamde random readers in te leveren en te recyclen. De apparaatjes waarmee geldzaken konden worden geregeld, waren overbodig geworden na de invoering van de raboscanner.
Als tegenprestatie voor het inleveren van de reader bij de Rabobank, zijn er een aantal banken beschikbaar gesteld in het werkgebied van Rabobank Zuidwest-Drenthe.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de bovenste foto staat het bestuur van de politieke vereniging Dorpsbelangen Deever. Van links naar rechts zijn te zien voorzitter Rikus Kloeze, bestuurslid Jannie Brouwer, secretaris Adrie Gaasbeek, bestuurslid Henk Heijnen en bestuurslid Thijs Zuidema. Aan de rechterkant is directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe te zien.
Het gezelschap staat op een winterse dag bij het te onthullen zitbankje op de hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstraat in Deever.
Een grote vraag is natuurlijk welke naam het dertien-in-een-dozijn zitbankje heeft gekregen: Rabobank, Rabobankje, Rabobankbank of Rabobankbankje. De redactie houdt het op Rabobankbankje.
Een andere grote vraag is of Dorpsbelangen Deever van de voorkant van het gelijk vergunning voor het plaatsen van het Rabobankbankje heeft gekregen of dat de voorkant van het gelijk het Rabobankbankje gedoogd of dat hier sprake is van het illegaal plaatsen van een particulier object in de publieke ruimte.
De redactie heeft de kleurenfoto van de zo genoemde Kerkstraat op donderdag 4 november 2017 gemaakt. Het Rabobankbankje van Dorpsbelangen Deever wordt zo te zien nog steeds bij de helaas nog steeds scheef staande verkeersbordpaal gedoogd. Het zitbankje wordt wel erg dicht bij de straat gedoogd.
De vraag is of het Rabobankbankje mag blijven staan ? Want op bijgaande afbeelding van een detail van de door de voorkant van het gelijk min of meer bij benadering schier voorlopig definitief vastgestelde ontwerp- en bouwtekening van het zo genoemde brinkenplan Diever van 12 december 2017 is geen Rabobankbankje ingetekend, maar is op tien meter afstand op de andere hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstaat wel een nieuw zitbankje ingetekend. Heeft de voorzitter van Dorpsbelangen Deever, die -let wel- lid is van het zo genoemde projectteam dat een beetje met de voorkant van het gelijk mag meebabbelen en meekeuvelen over het brinkenplan Deever, tijdens die meebabbel-meekeuvel-bijeenkomsten zitten slapen ?
De grote vraag is natuurlijk ook of het nieuw geplande zitbankje met schaars publieksgeld zal worden bekostigd of dat de luxe brood- en banketbakker uit de Peperstraat indringend zal worden aangemoedigd de aankoopkosten (plusminus 400 euro) en de beheerkosten tijdens de levensduur van het zitbankje (plusminus 400 euro) tegenover zijn nering te betalen in ruil voor een aan de rugleuning te bevestigen metalen eeuwige roemplaatje met inscriptie ?

Posted in Alle Deeversen, Diever, Gemeente Westenveld, Peperstraat | Leave a comment

Openbare vergadering van de N.S.B. in café Balsma

In de krant Drentsch Dagblad, officieel orgaan voor de provincie Drenthe, jaargang 2, nummer 606, van 22 mei 1944 verscheen het volgende bericht.

Ons nationalisme uw redding. Openbare vergadering op vrijdag 26 mei, in zaal Balsma te Diever. Aanvang 8 uur, Spreker Ph. van Kampen. Ons socialisme uw toekomst.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Nationaal Socialistische Beweging (afgekort N.S.B.) kondigde op 22 mei 1944 in het Duits gezinde Drentsch Dagblad aan dat de beweging een openbare vergadering in Deever ging houden.
De N.S.B. was een Nederlandse politieke beweging, die van 1931 tot 1945 heeft bestaan. De N.S.B. was op nationaal-socialistische leest geschoeid en fungeerde in de Tweede Wereldoorlog als colloboratiepartij voor de Duitsers.

De propaganda-teksten ‘Ons Nationalisme uw redding!’ en ‘Ons Socialisme uw toekomst!’ en ook ‘Steunt de N.S.B. in de strijd voor Volk en Vaderland!’ werden op allerlei affiches van de N.S.B. gebruikt.
De N.S.B.’er J.Ph. van Kampen was afkomstig uit IJmuiden.
Het is niet precies bekend in de gemiente Deever naar dit soort propaganda-bijeenkomsten kwamen. 

Abracadabra-1264

Posted in Café Balsma, Diever, N.S.B., N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Berkenheuvel – Een levenswerk

Het artikel ‘Een levenwerk’ van de onbenoemde journalist D …… is gepubliceerd op 19 september 1925 in nummer 38, jaargang 51 van het blad Eigen Haard. Het artikel is zonder bronvermelding ook al een keer in helaas bewerkte vorm in 2008 als een flinke bladvulling opgenomen in het papieren blad Opraekelen, deels in nummer 08/2 en deels in nummer 08/3 van de heemkundige vereniging uut Deever.

Wij waren in Dieverbrug. Als ge geen lid bent van de Vrijzinnige Christelijke Studenten Bond of de Nederlandse Tenten Kampeer Vereniging zult ge, vrees ik, het wijze voorhoofd rimpelen en trachten, den geest te scherpen, om u te herinneren, waar een plaats van dien naam in ons land wel ligt.
’t Is waar, ’t ligt afgelegen, dat zult ge moeten toestemmen, tenzij ge een plaatsje, dat een uur stoomtramhobbelen buiten het Drentsche stadje Meppel ligt tot de gemakkelijk te bereiken plaatsen rekent.
Een paar maal per dag brengt het trammetje een enkelen reiziger, wat postzaken, een pakje, en door het kanaal varen de schepen af en aan. Dat is zoo de communicatie met de buitenwereld, waaronder in de eerste plaats te verstaan zijn het reeds genoemde Meppel en het nog verder af liggende Assen. Tusschen die twee, aan de Drentsche Hoofd- of Smildervaart ligt Dieverbrug.
De naam doet veronderstellen, dat er ook wel een plaatsje Diever zal zijn en dat is zoo. Twintig minuten verder de rimboe in ligt het dorp. Men bereikt het langs een landweg met praehistorische rariteiten als een tol en als tegenhanger electrische verlichting. Wat kinderen kijken de wandelaar verbaasd aan, die door hun dorp stapt en ’t vrouwtje in ’t winkeltje, dat prentbriefkaarten verkoopt, kan niet nalaten eens te informeren: vanwaar en waarheen ?
Och heere, zult ge zeggen. Wacht wat! We moeten het dorp nog door en links zien we al dra de oneindigheid van ’t Drentsche landschap.
Rechts liggen de villa’s van den dokter en den burgemeester. Dan begint ook aan dezen kant de wijde natuur….. maar nu leidt een zandpad naar rechts. ‘Berkenheuvel’ staat op het bordje, en nu naderen we het doel der reis. Daar ligt reeds de boschwachterswoning in de schaduw van wat boomen, aan den ingang van het landgoed, dat niemand zal aarzelen, een levenswerk te noemen.
Bosch en nog eens bosch is wat ge hier ziet en als ge vraagt, waar dat levenswerk dan wel in zit, behoef ik u slechts te wijzen juist op dat bosch. Want wie hier een halve eeuw geleden doolde – och, ’t zal niet veel anders geweest zijn dan een schaapherder, een strooper, een landlooper – nog zand, zand en nog eens zand, ter afwisseling misschien een beetje hei of een heideplas, maar voor ’t overige zandverstuivingen, binnenduinen, opgewaaide en zich verplaatsende heuvels, een oord van dorre verlatenheid.
Hier, op deze geblakerde dan wel grimmig ijzige omgeving – naarmate het zomer of winter was – was de aandacht gevallen van een paar mannen met pioniersbloed in de aderen. Voor ’t bekende bange gezicht kochten ze zeventig, vijf en zeventig jaar gelden een 700 H.A. grond.
Doel was, deze gronden te bebosschen. Er werden door deze heeren of hun opvolgers nieuwe complexen aangekocht, zoodat ten slotte een kleine 1400 H.A. in bezit van eenige particulieren kwam. Bebosschen dus. Maar het leek nog niet erg op wat men daaronder heden ten dage verstaat, nu boschbouwkundigen zich beijveren, uit ieder stukje grond te halen, wat er in zit, en geleerd hebben, met zooveel rekening te houden, wat de aandacht van den eenvoudigen arbeider ontsnapt.
Want boschbouw is – het hoeft in deze tijd, nu we alles wel weten, wat Staatsboschbeheer en de Heidemaatschappijen presteeren, bijna niet gezegd, – een zeer apart, zeer lastig en dikwijls weinig rendabel bedrijf, dat buitengewone toewijding en zeer veel vakkennis vraagt, en tot die overtuiging, beter gezegd tot die door ondervinding gesteunde wetenschap was men driekwart eeuw geleden nog niet gekomen. De boschbaas en zijn arbeiders plantten waar een plek hun geschikt leek en de uitkomst bewees dat wat dikwijls een gunstige plaats had geschenen, maar gansch niet beantwoordde aan de verwachtingen…… Wat er meer van te zeggen ? Met vallen en opstaan leert men loopen en dat in een particulier bedrijf in het midden van de vorige eeuw in de binnenlanden van Drente nu niet altijd de methoden werden gevolgd, die thans, vijf en zeventig jaar later zouden worden uitgevoerd, ligt voor de hand.
Ja, ook de meer moderne opvattingen, die het richtsnoer waren voor het bedrijf gedurende de laatste jaren konden de gevolgen niet geheel ongedaan maken. En dat moge voor den eigenaar minder voordeelig zijn,voor het landschap heeft het wel degelijk zijn profijten opgeleverd. We bedoelen dit: Een boschbedrijf zonder meer is tot in alle onderdeelen ingericht op de rente, die het bosch moet opleveren. Hier een perceel éénjarig hout, daar twééjarig, daar driejarig, een eind verder dertig-, veertigjarig, liefst zoo economisch aangelegd, dus niet al te grillig, niet al te natuurlijk zou men haast zeggen. Kijk, dat is Berkenheuvel nu juist helemaal niet: Het is een plek natuur geworden met al dat zorgelooze in den aanleg, met dien krachtigen groei, die weelderige vegetatie, die ten eenenmale doet vergeten, dat dit dan toch maar aangeplant is, door menschenhand aangebracht, door menschen onderhouden. Neen, daar lijkt het inderdaad niet veel op: Het is àl natuur, àl ongebreidelde groei. Het is een landschap geworden, overweldigend schoon, dit golvend terrein, overal, overal begroeid met dennen in diverse variëteiten met berken en ander geboomte. Neen, toch niet overal, want daar zijn ook complexen grond, die thans geschikt geworden zijn voor landbouw en veeteelt. Maar ’t allergrootste gedeelte van de 1350 H.A. is toch bosch geworden en wordt als zoodanig geëxploiteerd.
Wat voor 75 jaar nog woest en verlaten hier lag, is dus een vriendelijk landschap geworden. Waar ’t schrale zand zich op de vleugels van den wind telkenmale verplaatste, brengen bosschen, weiden en bouwland hun rente op. Uit de dorre aarde is een lachend stuk natuur opgebloeid. En hiermede komen we op het opschrift boven dit artikel. Een levenswerk ! Ja, dat is het toch wel geweest en het past hier, den naam te noemen van den man, die dertig jaar geleden den grond hier vond, slecht toebereid, ter nauwernood hier en daar van een armelijk boschje voorzien en voor ’t overige niets dan zand en heide. Een domein voor schapen en konijnen !
De nieuwe eigenaar, mr. A.C. van Daalen, was geen man van half werk. Hij wist van aanpakken en overtuigd, dat er hier aangepakt moest worden spaarde hij zichzelf niet en wist zijn helpers te bewegen tot een krachtsinspanning, die al spoedig het geel van het zand en het grauw en paars van de heide deed verkeeren in het frissche groen der eerste aanplantingen. Wat al belofte zat er in die gronden, die stilaan bedekt werden met opgroeiend geboomte, wat al vooruitgang kon ieder jaar worden geconstateerd, gestadige – schoon langzame – vooruitgang.

Aantekeningen van de redactie van Deevers Archief
Dit artikel is nog niet helemaal overgetikt.
In het artikel zijn ook vier foto’s opgenomen. Deze moet hier ook nog worden geplaatst.

Posted in Berkenheuvel, Diever, Opraekelen | Leave a comment

Marktterrein aan het begin van de Bosweg in 1924

Bijgaande prachtige foto van het marktterrein aan het begin van de Bosweg in Deever is gemaakt in 1924.
De foto is gemaakt in de richting van het tolhuis.
Links en rechts van de Bosweg zijn betonnen palen en buizen te zien. Aangevoerde paarden en koeien werden aan de buizen vastgebonden. De paardenmarkt werd aan de rechterkant van de Bosweg gehouden. De koeienmarkt werd aan de linkerkant van de Bosweg gehouden.
Op de foto is aan de rechter kant achter het hek een woonwagen te zien. Het marktterrein was de plek waar woonwagens mochten staan. De paarden van de eigenaar van de woonwagen zijn eveneens aan de rechter kant van de foto te zien.
Aan de rechterkant van de foto ligt ook de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
Zo te zien hebben de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever voor het restaureren van de oude situatie nog wel enig hekwerk te verrichten.
In die jaren werd een paar keer per jaar veemarkt gehouden op dit marktterrein, Zie de bijgevoegde advertentie die op 28 oktober 1924 nota bene in de Nieuwe Rotterdamsche Courant verscheen.
De niet met enige cultuurhistorische kennis behepte brinkexperts van de heemkundige vereniging uut Deever noemen het marktterrein bij gelegenheid te onpas een marktbrink, wellicht zijn zij daarbij zó ver op drift geraakt dat zij het gedeelte aan de linker kant van de Bosweg een koeienbrink noemen en het gedeelte van het marktterrein aan de rechter kant van de Bosweg een paardenbrink. Gelukkig staat op de kleurenfoto op de richtingaanwijzer het parkeerterrein op het markterrein wel met Markterrein aangeduid.
Verontrustend is echter wel dat de in Diever geboren en getogen projectdirecteur en de vele zijnen achter de vele ramen van het kantorencomplex in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan van Deever niet erg op dreef zijn, maar wel erg op drift zijn geraakt – echt wel – en in hun ontwerp- en bouwtekening van het binnenkort uit te voeren peperdure Brinkenplan 2018-2019 het marktterrein helaas wel de naam Marktbrink hebben gegeven.
De Bosweg was vroeger een schapendrift.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto op 21 januari 2016 gemaakt. Het had die ochtend een beetje gesneeuwd. Echt wel.

Abracadabra-1500
Abracadabra-1532
Abracadabra-1503

Posted in Bosweg, Diever, Dievermarkt, Topstukken | Leave a comment

’t Is mor hoe ai ’t in Deever bekiekt

In dit bericht is afgebeeld een zwart-wit ansichtkaart, die in 1958 is uitgegeven door boekhandel Roelof (Roef) van Goor in Deever. De redactie van het Deevers Archief brengt de kleine wakkere Roelof (Roef) van Goor daarvoor alsnog posthuum hulde: hulde, hulde, hulde.
Op die ansichtkaart is het in 1957 geopende lelijke megalomane gemientehuus van de gemiente Deever an de brinQ van Deever te zien. Wie heeft ooit de bliend’n dicht voor de ramen gezien ? Ook is een stukje van de brinQ van na de grote vernieling in 1956/1957 te zien.
Het gebouw is onder neo-drenthiaans-boerse-postbellum-architectuur gebouwd en moest het oude wel volmaakt bij de brinQ passende gemientehuus snel doen vergeten.
De redactie heeft de kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
Bij de kleurenfoto valt op dat aan het ontwerp van de architect Jans Boelens een beetje is gesleuteld. In het dak boven de voormalige gemeente-secretarie is een dakkapel flink vergroot en zijn dakramen aangebracht. Wellicht wordt de ruimte nu gebruikt als een soort van kantoor. Werd die zolder in de gemeentehuis-tijd gebruikt als opslagplaats ? De zij-ingang naar de secretarie is vervangen door een raam. Zijn al deze veranderingen een inbreuk op het auteursrecht van de architect ?
En waar is de op de zwart-wit ansichtkaart zichtbare gemeentelijke zonnewijzer -nota bene geplaatst op een zwerfsteentje- gebleven ? Ligt de zonnewijzer soms nog ergens op een van de vele en te grote zolderverdiepingen van het megalomane gebouw ? En is het zwerfsteentje verplaatst naar de hoek van de Kerkstraat en de Peperstraat ?
De geruchten gaan dat de niet-echt-Saksische brinQ van Deever in 2018 op de schop gaat, mits de politieke anti-Deever lobby (Deever möt niet seur’n, Deever hef sien roadhuus) daar natuurlijk geen stokje voor steekt.
De brinQ krijgt dan een echte Qualiteitsimpuls; trottoirs worden gesloopt, de braandkoele wordt weer gegraven, de hiele dikke stien wordt verwijderd, de bestrating van zwerfkeitjes met de Abe-Brouwer-figuren wordt verwijderd, er komen glint’n om de hof van de kaarke, de hof van de kaarke wordt volgeplant met iepen, de onterecht gesloopte erfgoedboerderijen worden herbouwd, de brinQ wordt helemaal autovrij, de toeristenindustrie verdwijnt van de brinQ, het Schultehuis wordt weer Schultehuis, het zo genoemde Oermuseum wordt verplaatst naar het bedrijventerrein an de Deeverbrogge, en zo voort, en zo voort.
De brinQ zal worden opgestoten, opgeklopt of neergekalefaterd in de vaart der hedendaagse bevolkers van Deever. ’t Is mor hoe ai ’t in Deever bekiekt. De hedendaagse bevolkers van Deever mochten zelfs bij wijze van soort van proef een paar keer een beetje hun eigen mening mompelen over brinQ 8.2 in het bijzijn van de ijverige werkertjes van de voorkant van het gelijk uit de kantoorparkjes en uit de kantoortuintjes achter de wel erg vele ramen van het Roadhuus an de Gemientehuuslaene in Deever.

Posted in Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Roggemiet’n op de Hezenesch van Deever in 1960

Bijgaande foto is gekopieerd uit de reclamefolder ‘Ga liever naar Diever’ uit 1961 van de Vereniging Voor Vreemdelingen Verkeer (V.V.V.V.) uut Deever.

Om te vermijden dat de loonwerker zijn tractor en zijn döskaaste vaak moest verplaatsen van de ene miete naar de andere miete, zetten de boeren hun miet’n altijd in zo groot mogelijke groepen op de nes, in dit geval in het najaar van 1960 op de Hezenesch van Deever.
Een miete zett’n was een hele kunst. Als deze niet mooi gelijkmatig werd opgebouwd, dan kon het gebeuren dat deze scheef zakte en met palen moest worden gestut. De schuine buitenkant was vergelijkbaar met een reet’n doake. In een goed gezette miete kon het regenwater net zoals bij een reet’n doake niet binnendringen.

De redactie van Dievers Archief is op zoek naar foto’s van rogge meej’n, miete zett’n, döss’n, enzovoort.
Bezoekers worden verzocht deze foto’s te scannen en naar de redactie toe te sturen voor publicatie in de webstee Deevers Archief.

Posted in Boer'nwaark, Diever, Heezenesch | Leave a comment

Afbraak van het mooie oude boerencafé Trompetter ?

In de Friese Koerier verscheen op 1 februari 1964 het volgende bericht met foto over de mogelijke afbraak van de mooie oude boerderij van Arend Trompetter en Roelina Pit op de hoek van de Hoofdstraat en de Kruisstraat in Deever

Afbraak mooie oude boerderij ?
Dit is de boerderij van de heer A. Trompetter, Hoofdstraat 25 te Diever, vroeger onder meer in gebruik als dorpsherberg, ook als betaalplaats voor de belastingen. Omdat het gebouw van 1720 vooral ook inwendig merkwaardig is, heeft het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen besloten het op de Monumentenlijst te plaatsen. Maar de raad heeft andere plannen. Het komplan komt er door in gevaar en het pand is ook hinderlijk voor het verkeer. Daarom heeft de raad aan de minister gevraagd, het huis van de Monumentenlijst te doen afvoeren.

Posted in Boerderijen, Café Trompetter, Diever, Gemeentebestuur, Hoofdstraat, Kruisstraat, Opraekelen | Leave a comment

Tjeerd Bottema is de ontwerper van de Sluis-haan

Rechts van de ingang van korenmolen de Vlijt in Oldendeever hangt al zeker meer dan vijftig misschien wel zestig of zeventig jaren een geëmailleerd reclamebordje met de bekende hanekop van Pieter Sluis, ooit fabrikant van onder meer veevoeders, mengvoeders, diervoeders, vogelvoeders, pluimveevoeders, kippevoer en zangzaad.
Het bordje is helemaal verweerd en was oorspronkelijk kanariegeel van kleur, dat is nog een beetje te zien bij de letters E, N en G van het woord MENGVOEDERS.
Het email is bij de vier schroeven (of zijn het spijkers ?) op de hoeken verdwenen en de schroeven (of zijn het spijkers ?) zijn helemaal weggeroest.
De tanden van de tijd zullen het bordje verder aanvreten en op een dag zal de zwaartekracht het bordje van de muur trekken, maar daar zal waarschijnlijk geen haan naar kraaien.
Zo te zien zal het bordje voor de verzamelaar weinig waarde hebben.
Het bordje moet daar zijn opgehangen in de beste jaren van Pieter Sluis, toen het merk Sluis nog een begrip in heel Nederland was. Heeft mulder Jan Albert (Ab) Jansen het bordje opgehangen, voordat hij naar het land Verenigde Staten van Amerika (U.S.A) verhuisde, misschien wel vóór de Tweede Wereldoorlog of heeft zijn opvolger Arend Uiterwijk Winkel dit na 1953 gedaan ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het reclamebordje op 3 oktober 2012 gemaakt.

Op 14 februari 2018 schreef Evert de Jong de volgende reactie, waarvoor de redactie hem bijzonder erkentelijk is:
Vermeld mag worden dat de Sluis-haan voor reclamedoeleinden is ontworpen door tekenaar, schilder, etser en illustrator Tjeerd Bottema. Dat moet ver voor de Tweede Wereldoorlog zijn geweest.
Rond 1905 had Tjeerd Bottema het beroemde affiche voor verzekeringsmaatschappij RVS gemaakt: vrouw met paraplu, man met wandelstok en hondje.
In die periode moet hij hoogstwaarschijnlijk ook het beroemde embleem voor P. Sluis hebben gemaakt.
Ik heb ruim 40 jaar geleden een boek geschreven over het leven van Tjeerd Bottema (ISBN 9062720013), getiteld ‘Mijn leven’. Daarin staat een fraaie Friestalige affiche van P. Sluis Ochtendvoer afgedrukt. De datum waarop deze prent werd gemaakt staat er helaas niet bij. Bottema zegt in het boek onder meer over zijn studententijd aan de Rijksacademie voor Schilderkunst in Amsterdam: ‘Het ging me daar goed. Ik kreeg veel opdrachten voor illustraties en voor reclamewerk’. Later maakte hij furore als illustrator van voornamelijk kinderboeken en als etser. In het voorjaar van 1978 is Tjeerd Bottema in Katwijk overleden. Ik hoop u hiermee naar genoegen te hebben geïnformeerd.

Posted in Diever, Kunst, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Heiig zicht op het dorp Deever en de Noordesch

Nu winterse perioden met sneeuw en ijs vanwege de opwarming van de aarde ook in de gemiente Deever steeds minder vaak voorkomen en die perioden bovendien korter worden, is het een goede zaak veel foto’s van winterlandschappen in de gemiente Deever te maken. Vandaag is morgen alweer verleden tijd.
De redactie van het Deevers Archief maakte deze foto van de Noordesch met een heiig zicht op het dorp Deever en de Noordesch op 21 januari 2016. De punt van de gemeentelijke toren aan de niet-origineel Saksische Brink van Deever is nog net in het midden van de foto te zien.
Bezoekers van het Deevers Archief zijn bij deze uitgenodigd hun mooiste winterfoto’s te publiceren in het Deevers Archief.

Posted in Diever, Noordesch | Leave a comment

Diever, London, Paris, New York, Mexico, Caïro, …

De redactie van het Deevers Archief komt bij het ofstruun’n van het internet regelmatig bijgaande afbeelding tegen. Is het een plakaat ? Is het een poster ? Is het een kunstwerk ? Is het een reclamestunt ? Is het uitsnede van een veel grotere afbeelding ? Toch maar voor alle zekerheid bijgaande afbeelding in het Deevers Archief bewaard.

Wat zou toch het verband kunnen zijn tussen het betrekkelijk kleine dorp Deever en de wel erg grote wereldsteden London (Londen), Paris (Parijs), New York (Nieuw Amsterdam), Caïro, Mexico City (Mexico-Stad) en Hong Kong.
De redactie heeft lang moeten piekeren en peinzen – hij kon soms van al dat gepieker en gepeins slecht in slaap komen – om uiteindelijk tot de voor hem enige gevolgtrekking te komen dat geld verdienen aan het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare (Sjakie uut Spier) de verbindende schakel is tussen de kleine muis en de grote olifanten.
Want overal op de wereld zijn handige uitbaters er achter gekomen dat met het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare goed geld is te verdienen.
In London (Londen) staat al lang een Shakespeare’s Globe Theatre, bestaat de Shakespeare Tour al lang, staat al lang een Shakespeare Hotel, wordt al lang het verblijf van Shakespeare in London (Londen) uitgebaat, enzovoort, enzovoort.
In Paris (Parijs) is in het Quartier Latin (Latijnse Wijk) natuurlijk de wereldberoemde boekhandel Shakespeare and Company gevestigd en in 2015 opende het Shakespeare and Company Café haar deuren en dan is er ook het theater de Verdure du Jardin Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
New York (Nieuw Amsterdam) heeft The Shakespeare Exchange, heeft het gratis Shakespeare in the Park (doar begunt see in Deever neet an, dan löp de gemiente te veule geld mis), heeft het Theatre For A New Audience, is er een restaurant The Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
In Caïro in Egypte -je zou het niet verwachten- is een café restaurant Shakespeare and Co., en is Shakespeare de speciale gast op het Caïro International Film Festival, enzovoort, enzovoort.
In Mexico City bestaat het Foro Shakespeare, enzovoort, enzovoort
In Hong Kong bestaat het bedrijf Shakespeare4All Company Limited, het bedrijf The Law Society of Hong Kong besteed aandacht aan Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
Ook neringdoenden en ondernemers in de toeristenindustrie in de betrekkelijk kleine gemiente Deever willen geld verdienen aan het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare. En de schatkist van de voorkant van het gelijk moet wel de hele zomer van al het binnenstromende vermakelijkheidsbelastinggeld blijven rinkelen, want het uitbaten van het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare is een profijtelijke zaak en moet een veel profijtelijker zaak worden en mag onder geen beding worden veronachtzaamd.
Het uitbaten van het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare is in het door de voorkant van het gelijk bedachte peperdure Brinkenplan 2018 een waar speerpunt van het gemeentelijke verdienmodel geworden. Dat is in vergelijking met de commerciële Shakespeare activiteiten in de erg grote wereldsteden wel rijkelijk laat te noemen.
Het zal de redactie van het Deevers Archief dan ook niet verbazen als de weg vanaf de Eendenvijverbrink langs de Kerkhofbrink door het Grünedal tot aan de Shakespearebrink voor het Openluchtspel (de open ruimte voor het Openluchtspel was vroeger een Bolderbrink, de plek waar de echte Deeversen bolderden) zal worden gewijzigd in Shakespeare Avenue. Maar dan heb je ook wel wat. Echt wel. Na het koekeloeren naar als die opdringerige Shakespeare-informatieborden lekker even uitrusten op het Bert-Haanstra-Zitbankje aan de Shakespeare Avenue. En aan de aanstaande Shakespeare Avenue is ruimte voor meer gesponsorde zitbankjes, bijvoorbeeld het Jantina-Figeland-Zitbankje en het Kappertie-de-Boer-Zitbankje, twee Deeverse toneelspelers, die hebben meegeplaveid aan de weg naar het succes van het Openluchtspel.
De grote vraag is natuurlijk: wie is de bedenker van bijgaande afbeelding ? Wie het weet, die mag het bij de redactie melden.

Posted in Diever, Kunstig gemaakte objecten, Shakespearitis, William Shakespeare | Leave a comment

De zeer grote brand in Deever op 27-8-1759

In de Leeuwarder Courant van 5 september 1759 verscheen het navolgende bericht over de zeer grote brand in Deever op 27 augustus 1759, dat de lokale correspondent op 28 augustus 1759 instuurde.

Dieveren in het Landschap Drenthe den 2 Augusty. Gisteren namiddag om 1 uuren had men hier een vreeslyk Onweer, bestaande in Donder en Bliksem; de Donder sloeg in het huis van een Smit aan de Zuidkant van de Kerk, verbryselde de Posten van de Deur, en stak het Huis in Brand, waar door de Vlam, door de sterke Wind, tot andere Huizen en vervolgens tot de Kerk en Tooren oversloeg, zoodanig dat dezelven, in 4 à 5 uuren tyds, benevens 48 Huizen en Schuuren, meerendeels vol Hooy en Koorn, in de asche wierden gelegt. Onder de Huizen bevinden zig die van den Predikant en van den Schout.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De zuidkant van het kerkgebouw aan 
de brink van Deever is de kant van de Heufdstroate. Het kerkgebouw en veel huizen en boerderijen aan de brink, langs de Heufdstroate en de Peperstroate zijn toen verwoest. Dit kan haast niet anders hebben betekent, dan dat de toenmalige kerkelijke archieven zijn vernietigd. Ook het huis van de schout, dat wil zeggen het schultehuis, verbrandde. 

Posted in Brink, Diever, Hoofdstraat | Leave a comment

Hier werd landverhuizer Harm Kerssies geboren

De redactie van het Deevers Archief ontving op 29 januari 2018 bijgaande reactie van Richard Kerssies. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.

Ik ben onlangs via het internet in contact gekomen met mijn heel verre achterneef Brian Kerssies. Hij is geboren in Canada, maar is verhuisd naar de Verenigde Staten van Amerika (U.S.A.).
Hij stuurde mij bijgaande afbeelding van een foto die bij hem aan de muur hangt. Ik kan hem wel vragen van de foto een nette scan te maken.
Volgens mijn heel verre achterneef is zijn grootvader Harm Kerssies in dat huis geboren. Zijn vader, die ook Harm Kerssies heet, vertelde hem dat het huis op het Kasteel in Deever stond.
Volgens mijn vader gaat het om het huis waarin Schokkenkamp een tandartsenpraktijk heeft of heeft gehad. En dat huis staat niet op het Kasteel, maar aan de Dwarsdrift in Deever, te weten het huis met adres Dwarsdrift 20.
Mijn heel verre achterneef komt deze zomer op familiebezoek in Nederland en zou graag de juiste plek van het huis op de foto willen bezoeken.
Wie weet waar het huis op de foto heeft gestaan ?
Wie heeft wellicht andere foto’s van dit huis ?

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de verzameling van het Deevers Archief is bijgaand afgebeelde toch wel fraaie zwart-wit ansichtkaart aanwezig. Het exemplaar in de verzameling van het Deevers Archief is in maart 1970 uitgegeven door Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie voor het gemak maar weggelaten. De redactie biedt daarvoor zijn excuses aan.
Op de zwart-wit ansichtkaart zijn drie boerderijtjes (keuterijtjes) aan de Dwarsdrift in Deever te zien. In de vijftiger/zestiger jaren van de vorige eeuw woonde in het voorste boerderijtje de familie (Jeene ?) Haanstra, woonde in het middelste boerderijtje de familie Wolter Oost en woonde in het achterste boerderijtje de familie Roelof (Roef) van Nijen. Groepen personen konden toen in de zomer kamperen in de boerderij van de familie Haanstra.
Het mag duidelijk zijn dat het voorste boerderijtje hetzelfde merkwaardig gebouwde boerderijtje is als het boerderijtje dat op de foto van Brian Kerssies is te zien, en stond op de plek waar nu het huis met adres Dwarsdrift 20 staat.
Waarschijnlijk is het rechter voorhuisje onderdeel van het oorspronkelijke boerderijtje en is het linker voorhuisje er vóór de Tweede Wereldoorlog vanwege ruimtegebrek bij aangebouwd ? Gingen daar de bejaarde ouwelui wonen ? Let wel, de eerste bejaardenhuisjes werden in de gemiente Deever pas in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw in de Weiert in Deever gebouwd ! 

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Boerderijen, Diever, Dwarsdrift, Emigranten, Keuterijen, Landverhuizers | Leave a comment

Joden met de achternaam Zaligman in Deever

Heiman Wolf Zaligman werd geboren op 20 december 1827 in Dwingel en stierf op 4 maart 1904 op de Smilde. Hij trouwde op 30 april 1855 in Dwingelo met Sara Israël van Zuiden. Zij werd geboren op 9 april 1825 in Hoogeveen. Heiman Wolf Zaligman was koopman. Het echtpaar moet direct na hun huwelijk in Deever zijn gaan wonen, want hun kinderen Siptje, Mietje, Mina, Israël, Wolf, Henderika en Simon zijn in Deever geboren. Het gezin verhuisde op 27 april 1868 naar de Smilde.
Siptje Zaligman werd geboren op 22 mei 1856 in Deever en overleed op 15 juni 1856 in Deever.
Mietje Zaligman werd geboren op 1 augustus 1857 in Deever. Zij overleed op 7 december 1927 in Amsterdam.
Mina Zaligman werd geboren op 12 december 1859 in Deever en overleed op 30 januari 1942 in Amsterdam. Zij trouwde op 17 mei 1900 met Levie Pam in Amsterdam. Leva Pam werd geboren op 26 mei 1869 in Amsterdam en stierf op 73-jarige leeftijd op 21 januari 1943 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
Hun dochter Bloeme Pam werd geboren op 11 oktober 1901 in Amsterdam en stierf op 9 augustus 1942 in het concentratiekamp  Auschwitz in Polen.
Hun dochter Sara Pam werd geboren op 23 juni 1904 in Amsterdam en stierf op 26 augustus 1943 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
Israël Zaligman werd geboren op 16 november 1861 in Deever en overleed op 16 augustus 1932 in Assen. Hij was koopman. Hij trouwde op 17 mei 1889 op de Smilde met Eva van Zuiden. Eva van Zuiden werd geboren op 22 oktober 1860 in Hoogeveen en stierf op 1 oktober 1942 op 81-jarige leeftijd in Katowice in Polen.
Hun dochter Rebecca Zaligman werd geboren op 12 mei 1893 in Hijkersmilde en stierf op 26 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen
Hun dochter Saartje Zaligman werd geboren op 18 april 1890 in Hijkersmilde en stierf op 4 juni 1943 in het concentratiekamp Sobibor in Polen.
Wolf Zaligman werd geboren op 6 januari 1864 in Deever en overleed op 16 juni 1881 in Ommen.
Henderika Zaligman werd geboren op 5 mei 1866 in Deever en overleed op 3 april 1867 in Deever.
Simon Zaligman werd geboren op 2 februari 1868 in Deever en overleed op 26 augustus 1880 op de Smilde.

Philippus (Flip) Zaligman werd geboren op 21 september 1893 in Dwingel, hij stierf op 28 februari 1944 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen. Philippus Zaligman was manufacturier. Hij trouwde op 31 maart 1920 in Coevorden met Heintje (Hennie) Levie Wilda. Zij werd geboren op 10 mei 1894 in Coevorden en stierf op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
De echtelieden moeten kort na hun huwelijk in 1920 aan de Hoofdstraat in Deever zijn gaan wonen, want hun kinderen Martha Hendrika, Levie Salomon, en Hendrika Henriëtte zijn in Diever geboren. Op 7 januari 1936 verhuisde het gezin naar Meppel, keerde na enige tijd terug naar Deever, waarna het gezin officieel op 26 april 1940 -vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog- naar het adres Noordeinde 7 in Meppel verhuisde. Op 20 februari 1940 was hun winkel en huis aan de Hoofdstraat helemaal uitgebrand.
Martha Hendrika werd geboren op 8 december 1920 in Deever. Zij overleefde de Tweede Wereldoorlog. Zij overleed op 19 mei 1977 in Haarlem.
Levie (Loek) Salomon werd geboren op 29 dcecember 1921 in Deever en stierf op 28 februari 1943 in het concentratiekamp Schöppenitz. Hij was manufacturier.
Hendrika (Rikie) Henriëtte werd geboren op 26 oktober 1925 in Deever en stierf op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.

Posted in Diever, Joodse inwoners | Leave a comment

Winkelbehuizinge van de gebroeders Zaligman

Op 29 november 1913 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden inzake de veiling van een flink huis de volgende advertentie.

Winkelbehuizinge-Diever
Notaris Bon te Dwingelo zal op Maandag 8 december a.s. des voormiddags elf uur, in het logement van Roelof Seinen, te Diever, voor de gebroeders B. en A. Zaligman, publiek bij inzate veilen: Een flink Huis, waarin vroeger een druk beklante zaak in manufacturen werd uitgeoefend en ook thans nog voor de uitoefening van alle affaires zeer geschikt, erf en tuin aan de Hoofdstraat te Diever, ter grootte van 11 are en 20 centiare.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De koopmannen (manufacturiers) Benjemin Zaligman (geboren op 28 december 1873 in Dwingel, gestorven op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen) en Anton Zaligman (geboren op 1 december 1875 in Dwingel, overleden op 19 oktober 1942 in Assen) waren zonen van de koopman (manufacturier) Jacob Zaligman en Roosje Heijmans uut Dwingel.

Posted in Alle Deeversen, Diever, Joodse inwoners | Leave a comment

Het rookkotje van de voorkant van het gelijk

De redactie van het Deevers Archief vindt het historisch gezien nogal logisch, echt wel, dat alle veranderingen in de gemiente Deever op de gevoelige plaat worden vastgelegd. Dat zouden veel meer Deeversen moeten doen. De redactie heeft de hier afgebeelde historisch ooit waardevolle kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
Op de foto is te zien de luxe rookfaciliteit van de nijvere werkers van de voorkant van het gelijk, die hun bureau hebben staan in het ruime en comfortabele kantoortuinen- en kantoorparkencomplex in het bedrijfspandachtige raadhuis, dat achter de luxe rookfaciliteit is te zien. Of werken de nijvere werkers van de voorkant van het gelijk tegenwoordig thuis ?
De wel in het raadhuis aanwezige nijvere werkers kunnen hun luxe rookfaciliteit gemakkelijk via de dienst-ingang/uitgang over een verhard paadje bereiken. De faciliteit bestaat uit een overdekt rookkotje met rookbankje en twee andere rookbankjes in de open lucht. De overkapping van het rookkotje is heel uitgekookt op het zuidwesten georiënteerd, opdat de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk bij regen en wind beschut en beschermd hun sigaretje, sigaartje of pijpje kunnen roken of hun pluk tabak kunnen pruimen. Bij mooi en zonnig en weinig-winderig weer kunnen de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk op de twee rookbankjes in de open lucht zitten. Het is jammer dat de nijvere werkers hun peuken niet netjes in een prullebakje kunnen gooien.
Een grote vraag is wat het doel is van het verharde minibrinkje voor de twee openluchtrookbankjes ?
Een andere grote vraag is of het rookkotje en de drie rookbankjes met schaars publieksgeld zijn betaald of dat het rookkotje en de drie rookbankjes door een belanghebbende sponsor zijn betaald ?
Een andere grote vraag is of de Deeverse jeugd dit rookkotje van de voorkant van het gelijk ook als hangplek mag gebruiken, als de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk niet aanwezig zijn in hun kantoortuinen en kantoorparken in het bedrijfspandachtige raadhuis ? Zo ja, dan heeft het dorp Deever drie hangplekken voor de jeugd: dit rookkotje, de overdekte picnic-bank bij de eendevijverbrink en het onverwoestbare stalen maar niet duurzame gedrocht op de langparkeerbrink bij het Westeresch-filiaaltje (de voormalige U.L.O.-skoele) van het in het nabije Meppel gevestigde prestigieuze Stad- en Eschcollege.
En de grootste vraag is waarom dit luxe rookkotje nog niet is afgebroken, want de voorkant van het gelijk geeft met dit tot roken uitnodigende kotje wel een slecht voorbeeld aan de nieuwe hopelijk niet-rokers-generatie.

Posted in Diever, Gemeente Westenveld | Leave a comment

Aanbesteding roomboterfabriek op 1 april 1899

In maart 1899 was het zo ver dat het bestuur van de Coöperatieve Vereeniging te Deever de bouw van de roomboterfabriek publiekelijk kon gaan aanbesteden. Op 26 maart 1899 verscheen in de Leeuwarder Courant de volgende advertentie.

Aanbesteding. Roomboterfabriek.
Het bestuur van de Coöperatieve Vereeniging te Diever zal op Zterdag 1 april 1899, ’s namiddags 2 uur, ten huize van den Logementshouder R. Seinen te Diever, aanbesteden het bouwen van een roomboterfabriek te Diever, met bijlevering van materialen.
Bestek en teekening liggen van af heden ter inzage bij genoemden Seinen.
Aanwijzing zal plaats hebben op den dag der aanbesteding, ’s morgens 11 uur.
Diever, 25 maart 1899.
Het bestuur

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Een coöperatie is een groep -in dit geval een vereniging- van producenten -in dit geval melkproducerende boeren- die samenwerken om marktaandeel en economische macht te veroveren en te vergroten.
De bouw van deze melkfabriek aan het Katteneinde in Deever was een reactie van de boeren in Deever, De
everbrogge, Oldendeever, Kalteren, ’t Noord, Wittelte en ’t Moer op de particuliere melkfabriek an de Deeverbrogge van de Nijensleekse ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen). Blijkbaar bood deze ondernemer (veel) te weinig voor de melk van de boeren uit de omgeving.
De aanbesteding vond plaats in de gelagkamer van het café-logement van Roelof Seinen an de Heufdstroate in Deever.
De redactie zal trachten een passende foto bij dit bericht te plaatsen.

Posted in Diever, Landbouw, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

De verzetsstrijders Geert en Geert Gerhardus Koster

De doodlopende Kosterstraat is te vinden op de Westeresch van Deever.
Zie bijgaande twee kleurenfoto’s, die de redactie van het Deevers Archief op donderdag 4 november 2017 heeft gemaakt tijdens zijn jaarlijkse inspectieronde door de gemiente Deever.
Eigenlijk is de Kosterstraat meer een karig en goedkoop doorgaand Kosterpaadje, maar wel met van die betuttelpaaltjes aan het begin van het paadje. Stel je toch eens voor dat vanaf de Brinkstraat auto’s de smalle Kosterstraat in zouden worden gereden, of omgekeerd.
Het straatnaambordje aan de kant van de Dingspilstraat zag er op 4 november 2017 verloederd, versmeerd en verweerd uit. De tekst onder de naam van de straat was zelfs niet meer te lezen. Dit bordje staat in schril contrast met de keurig opgepoetste bordjes aan het begin van de Gemeentehuislaan.
De Kosterstraat is vernoemd naar de Deeverse verzetsstrijder Geert Gerhardus Koster (geboren op 24 mei 1925 in Deever, overleden op 24 maart 1945 te Paigerhorst). Verzetsstrijder Geert Gerhardus Koster is de zoon van de Deeverse verzetsleider Geert Koster (geboren op …. 1900 in ….., overleden op 26 maart 1996).
Geert Koster onthulde het straatnaambord op 9 mei 1988; zie het bijgevoegde artikel, dat op 9 mei 1988 is gepubliceerd in de Olde Möppeler (Meppeler Courant).
Erg opmerkelijk is dat de voorkant van het gelijk in 1988 de straat alleen naar Geert Gerhardus Koster heeft vernoemd en niet naar vader en zoon Koster, maar de oude vader Geert Koster wel het bord liet onthullen.
Nog erger opmerkelijker is dat de voorkant van het gelijk de tekst onder de naam van de straat na het overlijden van Geert Koster niet direct respectvol heeft aangepast door ook vader Geert Koster te vernoemen.
Bijvoorbeeld, wat te denken van de volgende voor de hand liggende tekst:
Geert Koster, 1900-1996; Geert Gerhardus Koster, 1925-1945; Vader en zoon, verzetsstrijders.
De redactie van het Deevers Archief heeft zijn burgerlijke vrijheid en verantwoordelijkheid genomen en bedacht voor de betreffende harde werkertjes van de voorkant van het gelijk alvast van het straatnaambordje gratis bijgaand voorlopig concept van het voorlopige overleg- en herkauwontwerp. Want het conceptje moet vast nog wel in allerlei vergader- en overleggroepen worden gegooid. Want niets is zo moeilijk als het bedenken en ontwerpen van een straatnaambord.
Maar het zal de hoofdbeleidsmedewerker voor Tweede-Wereldoorlogzaken van de voorkant van het gelijk – gevestigd in het ruime en comfortabele kantoortuinen- en kantoorparkencomplex aan de Gemeentehuislaan in Deever – toch wel enige goede wil en moeite gaan kosten om meer dan twintig jaren na het overlijden van verzetsleider Geert Koster aan zijn verantwoordelijke wethouders voor te stellen het onderschrift op het straatnaambord alsnog te wijzigen, opdat ook verzetsleider Geert Koster op gepaste wijze wordt geëerd. Een dorp dat zijn oorlogsverleden vergeet, heeft geen recht op een toekomst.
Maar het echte doorslaggevende en financiële aapje komt nu uit de mouw.
Want de hoofdbeleidsmedewerker voor Tweede-Wereldoorlogzaken van de voorkant van het gelijk en de hoofdbeleidsmedewerker voor straatnaambordjes van de voorkant van het gelijk kunnen met een gerust hart de wijziging aan hun respectievelijke wethouder voorstellen, want de redactie van het Deevers Archief tornt niet aan de naam Kosterstraat, dus de voorkant van het gelijk hoeft niet het hoofd te bieden aan administratieve kosten ten gevolge van een straatnaamwijziging.
Wellicht zullen de verantwoordelijke wethouders van de voorkant van het gelijk over de voorgestelde wijziging van het onderschrift van het straatnaambord willen overleggen met de voorzitter van de heemkundige vereniging uut Deever.
Duurzame eerlijke-handel straatnaamborden met hun bevestigingsmaterialen zijn tegenwoordig gemakkelijk bij diverse bedrijven via internet te bestellen (vandaag besteld, morgen in het raadhuis). De redactie raamt de maak- en verzendkosten voor dit bord met bevestigingsmateriaal op ongeveer 100 euro, dus voor het vervangen van het bord aan beide kanten van het paadje bedragen de materiaalkosten ongeveer 200 euro.
De voorkant van het gelijk zou deze onvoorziene en zeer zeker ongewenste kosten kunnen betalen uit de begrotingspost zitbanken in de openbare ruimte, want op deze post kan winst worden gemaakt, omdat voor een nieuwe zitbank in de openbare ruimte tegenwoordig gemakkelijk een sponsor is te vinden.
En de om werk verlegen zittende dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever zijn vast wel bereid de twee aanwezige straatnaamborden te verwijderen en de twee nieuwe straatnaamborden aan de paal te schroeven en zijn vast wel bereid het aanwezige verkeersbord RVV L08 te reinigen van de carbidrookaanslag.
En de dochter, een kleinkind of een achterkleinkind van verzetsleider Geert Koster zou de twee vernieuwde straatnaambordjes kunnen onthullen.
Zo’n heronthullinkje is wel weer een sappig persmomentje voor de betreffende wethouder van de voorkant van gelijk. Denk aan die herverkiezing; elk persmomentje en elk fotootje in een krant of een flodderblaadje is toch maar mooi weer meegenomen. Zo’n heronthullinkje betekent ook gerinkel in de kassa van de plaatselijke krantencorrespondent.


Posted in Alle Deeversen, Diever, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

Gesloopte panden aan de brink van Deever

Op deze afbeelding van een vooroorlogse zwart-wit foto uit 1935 laat een fraai winters beeld van de brink van Deever zien.
Links is de oude pastorie van de Nederlands Hervormde Kerk (de pastorie hoort aan de brink te staan) te zien met daarnaast het oude gemeentehuis (het gemeentehuis hoort aan de brink te staan), dat eerder de lagere school en nog eerder een boerderij was.
Rechts is het oude boerencafé van Jan Barelds te zien. Dit café is in de dertiger jaren van de vorige eeuw gesloopt. Op die plaats liet Harm Smit – boschbaas op Berkenheuvel – voor zijn dochter Gezina Catharina en zijn schoonzoon Klaas Marcus Balsma het nieuwe café Brinkzicht bouwen.
De pastorie en het oude gemeentehuis moesten in 1956 helaas het veld ruimen voor de bouw van een nieuw gemeentehuis van de gemiente Deever.
Dit gemeentehuis en café Brinkzicht zijn te zien op de afgebeelde kleurenfoto.
De afgebeelde zwart-wit foto is aanwezig in het archief van de gemiente Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde kleurenfoto gemaakt op 4 november 2017.

Posted in Brink, Café Brinkzicht, Diever, Gemeentehuis, Pastorie aan de Brink, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Braand in ut gemientehuus van Deever

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 30 juli 1864 verscheen het navolgende bericht over de brand van 27 juli 1864 in het gemeentehuis van Deever.

Heden nacht, omstreeks één uur is alhier brand ontstaan in het gemeentehuis, toebehorende en bewoond door J. Seinen, met dat ongelukkig gevolg, dat in een uur tijds drie huizen, bewoond door vier huisgezinnen, benevens 2 paarden, 50 schapen, één oud varken en 8 of 9 biggen, alsmede het grootste gedeelte der inboedels, een prooi der vlammen zijn geworden.
Huizen en inboedels waren tegen brandschade verwaarborgd, behalve de inboedel van Van der Kamp, die alleen het huis maar had verzekerd.
Naar men verneemt zijn de gemeentelijke archieven meest behouden gebleven, doch die der Kerkvoogdij zijn mede eene prooi der vlammen geworden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In die tijd was het gemeentehuis in Deever gevestigd in één van de twee voorkamers van het café-logement van Jan Seinen aan de Hoofdstraat.

Posted in Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Peperstraat – Hervormde Kerk – Diever – 1935 ?

Op deze historisch waardevolle zwart-wit foto is een prachtige vooroorlogse (1935 ?) Peperstroate te zien.
Let vooral op de zijkanten van de straat: het is een bestrating met een regengoot van vele keien en keitjes, die afkomstig moeten zijn geweest uit de bouwakkers op de essen rond Deever.
Het oude boerderijtje (wanneer is dit pand afgebroken ?) achter de Hervormde Kerk, toen zonder uitbouw voor de consistoriekamer (?), was eigendom van bakker Albert Kuiper (Aubert Kuper), die zijn bakkerij en woning aan de andere kant van de straat had (foto uit de verzameling van het archief van de gemiente Diever).
In die tijd werd de elektrische energie nog getransporteerd via draden die opgehangen waren aan houten palen.
Op de kleurenfoto is ongeveer tachtig jaar later de toestand ter plekke op een regenachtige. De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 3 oktober 2012 gemaakt.

Posted in Diever, Kerk aan de brink, Peperstraat | Leave a comment

De Oele in de gevel van de Openbare Lagere School

Als je aan mensen, die nu in Deever wonen, de vraag zou stellen waar de Oele van de openbare lagere school an de Tusschendarp in Deever is gebleven, dan zal bijna iedereen deze vragen met nee beantwoorden, laat staan dat ze op de hoogte zijn van het bestaan van de Oele.

De Oele is een zandstenen beeldhouwwerkje dat hoog in de voorgevel van de Openbare Lagere School aan de Tusschendarp in Deever was ingemetseld. Dit is te zien op de bijgevoegde foto van de vervuilde voorgevel van deze school. De redactie heeft deze kleurenfoto in mei 2000 gemaakt, kort voor de afbraak van deze school.
De Oele is bij de afbraak van de school gelukkig niet gestolen, ook niet met het bouw- en sloopafval afgevoerd naar een puinbrekerij, ook niet verkocht aan een handelaar en ook niet voor veel geld aan een liefhebber verpatst, maar dankzij de inspanning van de heemkundige vereniging uut Deever behouden gebleven voor Deever.
Is het een object met cultuurhistorische waarde ?
Is het een object met nostalgische waarde ?
Is het een object met opvoedkundige waarde ?
Is het een erfgoedobject ?
Het in een periode van meer dan een halve eeuw door weer en wind en zure regen en fijn stof aangetaste zandstenen beeldhouwwerkje is na een grondige schoonmaakbeurt in de herfstvakantie van het jaar 2000 door wijlen Bram Moesker binnen in de Openbare Lagere School ‘de Singelier’ ingemetseld.
Als je aan Deeversen, oud-leerlingen van deze school of mensen die jarenlang dagelijks langs de Oele aan de voorgevel van de school aan de Tusschendarp kwamen en vaak naar de Oele kunnen hebben gekeken, zou vragen of ze weten dat de Oele op het opengeslagen boek van de wijsheid zit, dan zal bijna iedereen die vraag met nee beantwoorden. Kijken, maar niet zien.

Posted in Beelden, Diever, Kunstig gemaakte objecten, Openbare Lagere School Diever, Tusschendarp, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Miet’n op de Hezenesch bee’j Deever – omstreeks 1960

Tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw werd de rogge an de miete gezet, waarna een loonbedrijf de rogge dorste met een döskaaste.
De Groningerweg was toen tot aan het gesticht Armenwerkhuis nog een zandweg, was dat nog maar zo.
Naast de zandweg lag gescheiden door betonnen paaltjes het schelpenpad voor de fietsers en de wandelaars.
Deze zwart-wit foto is in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw gemaakt door de Deeverse dorpsfotograaf Harm Hessels.

Posted in Boer'nwaark, Diever, Grönnegerweg, Heezenesch | Leave a comment

Een Kap op de Kerk en een Spits op den Tooren

In de Amsterdamse Courant van 1 maart 1760 verscheen het navolgende bericht over de aanbesteding van bouwwerkzaamheden aan het kerkgebouw aan de brink van Deever.

De Carspellieden van Diever zyn voornemens op Dinsdag 25 Maart 1760, ten huize van Andries Hummel te Diever, te besteden het maaken van een Kap op de Kerk en Spits op den Tooren, nevens de leverantie der materiaalen daar toe nodig; zullende het Bestek 14 dagen te vooren by het Gerigte aldaar te zien zijn.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Werd met Carspellieden van Deever het bestuur van het wereldse kerspel Deever bedoeld of het bestuur van het kerkelijke kerspel Deever of werden beide besturen bedoeld ? Deze vraag kan gesteld worden, omdat wellicht het kerkgebouw eigendom was van het kerkelijke kerspel en de toren eigendom was van het wereldse kerspel.
Waarom moest op het kerkgebouw een kap en op de toren een spits worden gemaakt ? Was het houtwerk van het dak en de spits verrot of vermolmd of was er brand geweest ?
Met ten huize van Andries Hummel zal in de herberg van Andries Hummel (is Hummelen) zijn bedoeld. Andries Klazen Hummelen werd op 22 december 1726 in Deever geboren als zoon van Hermannus Hummelen. Hij trouwde op 15 april 1759 met Maria Timens Winst. De herberg moet gevestigd zijn geweest in een boerderij aan de Brink.

Op de afbeelding uit omstreeks 1950 is de (weer) in verval geraakte kerk en toren op de brink van Deever te zien en is\de braandkoele, omgeven door rhodondendrons, nog aanwezig op de brink. Het bestuur van de gemiente Deever greep de bouw van het nieuwe gemeentehuis en de restauratie van de kerk in de jaren 1956/1957 aan om de brink anders in te richten, beter gezegd grondig te vernielen.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Gemeentehuis, Kerspel Diever | Leave a comment

Een reactie – Cantharellen zoeken in de herfst

De redactie van het Deevers Archief ontving bijgaande reactie van Alex Daleman (een Deeverse die al jaren in Amsterdam woont) op het artikel ‘Gesloopt pand aan de Hoofdstraat’, dat op 8 november 2012 in het Dievers Archief is gepubliceerd.

Beste redactie,
Allereerst: een prachtige website over Diever en omstreken.
Je krijgt hier informatie die ik bij andere websites niet tegen kom. Wat weer oude herinneringen oproept. Bedankt hier voor!

Een kleine aanvulling bij de foto van het pand van Hendrik Berends en zijn vrouw Toni.
In de zestiger jaren van de vorige eeuw werden door dit echtpaar cantharellen ingenomen, waar je dan een paar dubbeltjes of een paar kwartjes voor kreeg. Een keer dachten een vriend en ik slim te zijn door de cantharellen een tijdje in een pannetje water te doen om deze zwaarder te maken, zodat we meer geld zouden krijgen. Met enige schuldbesef gingen we naar Hendrik. Hendrik voelde aan de cantharellen, keek naar de cantharellen, vond dat ze onnatuurlijk vochtig waren en zei: “Dit kan niet jongens.” We biechten maar op dat we ze extra vochtig hadden gemaakt. Hendrik was niet de slechtste en betaalde ons uit, maar minder dan we hadden verwacht. Toch waren we blij, vervolgens gingen we van het geld snoep kopen in de Vivo-winkel aan de overkant. We hebben het daarna niet meer gedaan en we konden altijd weer onze cantharellen aan hem kwijt.

De eikenboom links achter in het midden van de tweede foto, staat waar vroeger de overgang van de openbare lagere school naar de oude lagere school (later gymzaal) was, naar mijn weten stonden er nog meer oude eiken in de buurt.

Dit was mijn kleine bijdrage. Succes met de website en dat de mensen maar foto`s mogen bijdragen.

Vriendelijk groet,
Alex Daleman

 

Posted in Diever, Hoofdstraat, Openbare Lagere School Diever, Scholen, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

If you steal, then you are marked

Op de voormalige kaarkhof bij het kerkgebouw aan de niet-origineel-Saksische brinQ van Deever -die in 2018 of 2019 zal worden opgekalefaterd tot een QualiteitsbrinQ van de eerste en ergste orde- staat een uiterst kostbaar in Uffelte gemaakt bronzen beeld van Adrianus (Arie) Teeuwisse uit 1970. Het bijna vijftig jaar oude bronzen beeld geeft een voorstelling van de smokkende elfenkoningin Titania en Spoel de Wever in de tweede scene van het derde bedrijf uit het openluchtspel Midzomernachtsdroom van William Shakespeare. Zal de voorkant van het gelijk dit uiterst kostbare bronzen beeld in 2019 na de Geldverslindende Grote Opkalefatering van de brinQ nog op de voormalige kaarkhof laten staan ? Hopelijk niet.
De aandacht wordt niet alleen getrokken naar het toch wel kunstig vorm gegeven stuk brons, maar naar beneden ook naar de hoge stenen sokkel, die helaas geen kleinformaat hunnebedsteen is, naar het gedicht Midzomernachtdroom van de Beiler dichter Roel Reyntjes, en vooral naar het ronkende en luidruchtige bordje onder aan de sokkel.
Op dat bordje staat ‘Beveiligd met SDNA’ en ‘Onze eigendommen zijn gemarkeerd’ en de in slecht Engels geschreven zin ‘You steal, you are marked’.
De grote vragen zijn natuurlijk wat voor spul SDNA (synthetisch DNA?) is, wat voor beveiliging SDNA biedt, hoe het SDNA-systeem werkt, wat per object de jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten zijn en wie opdraait voor de kosten ?
Wat heb je aan een duur SDNA-systeem als dieven en inbrekers -zelfs op klaarlichte dag- het uiterst kostbare bronzen topstuk op een vrachtwagen kunnen laden (er hangt geen camera, er gaat geen sirene af), rechtstreeks naar een smelterij kunnen rijden en daar het uiterst kostbare bronzen beeld kunnen laten omsmelten ? Brons bevat wel ten minste zeventig procent erg duur koper. Of is het gewoon een nepbordje wat dieven en inbrekers zou moeten afschrikken ? Maar wat als de dief of de inbreker geen Engels kent ?
De nog grotere vraag is of in de openbare ruimte zo maar een object mag worden beveiligd met een SDNA-systeem ? Of is voor toepassen van een dergelijk systeem een vergunning van het bevoegd gezag nodig ?
En is het beeld ‘Het leven’, dat voor het gemeentehuis van de gemeente Deever staat, ook beveiligd met een duur SDNA-systeem ? Of heeft de voorkant van het gelijk dat beeld al lang afgeschreven ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.

Posted in Beelden, Brink, Diever, Kunst, Kunstig gemaakte objecten, William Shakespeare | Leave a comment

Kaart van het landgoed Berkenheuvel – 1936

Van het landgoed Berkenheuvel bestaat een kaart, met daarop aangegeven de situatie in 1936. Mr. Albertus Christiaan van Daalen exploiteerde zijn landgoed voor de verkoop van hout. Om dit hout uit de bossen te kunnen vervoeren, liet hij heel veel zandwegen aanleggen. En hij gaf aan al die wegen zelf een naam, zoals Melloweg, Wouwenaarsweg, Van Tienhovenweg, Gerardinaweg, Jodenzand.
Die namen zijn terug te vinden op deze kaart, die namen zijn veelal niet meer ter plekke terug te vinden op die aandoenlijke kleine witte bordjes met zwarte letters aan de bomen. Zelfs veel wegen zijn onder het bewind van Natuurmonumenten niet meer terug te vinden. De Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten is in dit geval bepaald geen Vereniging tot Behoud van Cultuurmonumenten.
Op de kaart is ook aangegeven waar ooit een brandpaal heeft gestaan, te weten aan de Middenlaan, tegenover de Kelderweg. De stampbetonnen fundering van deze brandpaal is heden ten dage nog ter plekke aanwezig. Op de kaart is ook de Uitkijktoren aan de Torenweg terug te vinden.
Vanuit historisch oogpunt is het nog aardiger dat naast een overgebleven zeldzaam exemplaar van de kaart van het landgoed Berkenheuvel ook de originele drukplaat van deze kaart nog bestaat, zoals te zien is op bijgaande foto, die de redactie van het Deevers Archief op 26 april 2000 heeft gemaakt.
Als de voorraad kaarten (kosten 10 cent per exemplaar, Van Daalen lette vooral ook op de kleintjes) op was, dan stuurde mr. Albertus Cristiaan Van Daalen die plaat gewoon naar een drukker (wellicht Roelof van Goor in Deever ?) voor het maken van een nieuwe voorraad. Zou deze drukplaat nu nog kunnen worden gebruikt ?

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Berkenheuvel, Diever | Leave a comment

Een flesch cognac gestolen uit café Trompetter

In het Nieuwsblad van het Noorden van 1 juli 1930 verscheen het volgende bericht over het stelen van een flesch cognac uit café Trompetter op de hoek van de Hoofdstraat en de Kruisstraat in Diever.

Terwijl een tweetal Utrechtsche werkloozen – te werk gesteld bij de normalisatie van de Oude Vaart en gehuisvest in de barakken te Wittelterbrug – gisteren hun vrije dag hadden, belandden ze in het café van den heer A. Trompetter alhier. Na het gebruiken van eenige consumptie, vertrokken zij. De dochter van Trompetter, die bediende, had, toen de mannen nog aanwezig waren, even het café verlaten en in dien tijd had één van hen kans gezien een flesch cognac te stelen. Direct na het vertrek van de mannen werd de daad ontdekt. Een achtervolging begon en de mannen waren spoedig ingehaald. Een hunner bleek de flesch in den binnenzak te hebben. De man bekende de daad te hebben gepleegd. Door Trompetter is aangifte bij de politie gedaan, die procesverbaal opmaakte. Naar we vernemen hebben reeds vaker dergelijke diefstalletjes plaats gehad, zoodat de diverse caféhouders op hun qui vive zijn.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
A. Trompetter is natuurlijk Arend (Oarend) Trompetter. 
Een flesch cognac (skink mee’j moar ‘n cojakkie in) is natuurlijk geen fles echte Franse cognac, maar een fles echte Schiedamse vieux (namaakcognac).
Het bericht leert dat aan het begin van de dertiger jaren van de vorige eeuw een barakkenkamp voor te werk gestelde werklozen an de Wittelterbrogge stond. Het kamp stond op de plaats waar nu camping Wittelterbrug is gevestigd.  De afbeelding toont een afbeelding van het kampgebouw van camping Wittelterbrug uit het jaar 1976.

Posted in Ansichtkaarten, Café Trompetter, Diever, Kruisstraat, Wittelte | Leave a comment

Diever – Hoofdstraat – Gezicht op Diever – ± 1912

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende mini-essay (nummer 22) over de Deeverse schilderijen van de in Noordwolde geleefd hebbende, maar in Deever geboren kunstschilder Hans Kuiper met een zwart-wit afbeelding van het schilderij ‘Gezicht op Diever’ uit ± 1912 gepubliceerd. Zie de bijgaande afbeelding van de betreffende bladzijde uit het genoemde fotoboekje.

De in de Hoofdstraat (adres Diever 129) van Diever geboren fotograaf en schilder Hans Kuiper maakte van onderwerpen uit Diever ook een aantal schilderijen. In de catalogus van zijn kleinzoon Hermannus Deuling is het hier afgebeelde doek Gezicht op Diever onder nummer 518 te vinden. Links is de Hoofdstraat in de buurt van de dokterswoning te zien. Rechts achter de bomen is de toren van de Nederlands Hervormde Kerk zichtbaar. Het olieverfschilderij is omstreeks 1912 gemaakt.
Het eveneens omstreeks 1912 gemaakte schilderij Laantje in Diever is in de genoemde catalogus onder nummer 520 geregistreerd.
Hans Kuiper was op Zorgvlied bevriend met mr. Lodewijk Guillaume Verwer en dr. Julius Johannes Verwer. Hij heeft tussen 1900 en 1910 in opdracht van de gebroeders Verwer een aantal doeken geschilderd.
De genoemde catalogus vermeldt Brug in ’t Bosch te Zorgvlied (nummer 104), Lodewijk Guillaume Verwer (nummer 109), Landweg in Zorgvlied (nummer 110) en Familie Leemkoel (nummer 120).
Het schilderij Landweg in Zorgvlied heeft lange tijd in Vancouver in Canada gehangen, maar is in ruil voor twee flessen jenever terug in Nederland. Het mooie schilderij Familie Leemkoel hangt in de directiekamer van het Sint Joseph Ziekenhuis in Harlingen.
De nazaten van Hans Kuiper hebben een aantal van de genoemde schilderijen gekocht van de familie Verwer.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het schilderij ‘Gezicht op Diever’ was in 1998, toen de tekst voor het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is geschreven, in het bezit van Hermannus Deuling, een kleinzoon van Hans Kuiper.
De in het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ opgenomen afbeelding is bijgaande zwart-wit afbeelding, die de redactie in 1998 heeft gemaakt.
De redactie is bezig uit te zoeken wie de actuele eigenaar van dit schilderij is en waar het schilderij zich bevindt, teneinde mogelijk zelf een kleurenfoto van het schilderij te kunnen maken en deze eigengemaakte afbeelding te tonen in het Deevers Archief, want de trouwe bezoekers van het Deevers Archief hebben daar wel recht op.
Tot zolang is van het schilderij bijgaande kleurenfoto uit de fotoverzameling van mevrouw Margje Dekker-van der Meulen uit Alkmaar te zien. De waarde heer Fred Jansen – secretaris van de Historische Vereniging Gemeente Diever – stuurde deze kleurenfoto op 23 december 2017 naar de redactie. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
Op de kleurenfoto is duidelijk te zien dat het schilderij met name vanwege de ernstig gecraqueleerde verf erg hard toe is aan een grondige restauratie.
In de tekst staat dat het standpunt van de schilder in de buurt van de dokterswoning lag, maar het zal bij nadere beschouwing meer in de buurt van de voormalige burgemeesterswoning hebben gelegen.
De vraag is eigenlijk niet of Hans Kuiper het schilderij ter plekke heeft geschilderd, nee de vraag is meer of zijn eigen foto van de situatie op het schilderij en of het betreffende glasplaatnegatief door hem is bewaard en bewaard is gebleven. De redactie heeft het vermoeden dat dit niet het geval is.

Posted in Diever, Diever, ie bint 't wel ..., Hans Kuiper, Hoofdstraat, Kunst, Schilderijen, Topstukken, Toren aan de brink | Leave a comment

Dwingel opent nieuw Groene Kruis gebouw

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papier scannen en vervolgens in de oud-papier-container gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever zo nu en dan een  onbelangrijk, maar wel grappig berichtje. De redactie wil een dergelijk berichtje natuurlijk niet onthouden aan zijn trouwe bezoekers.
In de Olde Möppeler van 21 juni 1957 verscheen het navolgende grappige berichtje over de opening van het nieuwe Groene Kruis gebouw in Dwingel (an de aandere kaante van de voart). De redactie van de Olde Möppeler vergiste zich  blijkbaar bij het plaatsen van de juiste foto bij het bericht. De foto van het nieuwe gemeentehuis van de gemiente Deever had in dezelfde krant bij het artikel ‘Opening van nieuw gemeentehuis stimulans voor verdere activiteit’ moeten zijn geplaatst. 

Dwingeloo opent nieuw Groene Kruis gebouw
Het Groene Kruis in Dwingeloo is zo ver gevorderd met zijn wijkgebouw, dat het woensdag a.s. kan worden geopend.
De openingsplechtigheid wordt ’s middags om twee verricht door de heer R. Mantingh uit Groningen, geneeskundig inspecteur voor de volksgezondheid, in hotel Wesseling.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het mag duidelijk zijn dat op de foto niet is te zien het nieuwe Groene Kruis gebouw in Dwingel, maar wel het in in dezelfde maand in 1957 in gebruik genomen gemeentehuis van de gemiente Deever.
Blijkbaar is de aannemer van de bouw van het gemeentehuis nog bezig met de laatste hand te leggen aan het gebouw, want er staat een ladder tegen het gebouw. Zo te zien is een schilder bezig met het schilderen van de linker dakkapel in het dak boven de secretarie. Waarom ontsierde de architect het gebouw met lelijke dakkapellen aan de kant van de brinQ ? Daarmee ging direct het soort van boersige karakter van het gebouw verloren.
Het is zeer te betreuren dat voor de bouw van het gemeentehuis van de gemiente Deever een flink stuk van de niet-origineel Saksische brinQ moest verdwijnen en dat tijdens de bouw van het gemeentehuis de oude brinQ en de kaarkhof bij het kerkgebouw aan de brinQ grondig zijn vernield.

Posted in Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Boermarke en veldnamen – Deever – 1938

Op 18 maart 1938 verscheen in Nieuwsblad van het Noorden het volgende bericht.

Diever – Ten overstaan van notaris Heering vond de publieke verkoop plaats van de volgende onroerende goederen ten verzoeke van de erven L. Jonkers te Dieverbrug,
1. Huis, schuur en erf te Dieverbrug , A. Geerts, Diever, f. 1612.50,
2. Bouwterrein naast perceel 1, R. Warnders, Dieverbrug, f. 290,
3. Huis, erf en bouwland te Diever, F. Ofrein, Diever, f. 1510,
4. Bouwland Hilgensteen, F. Ofrein voornoemd, f. 1380,
5. Bouwland Hilgensteen, W. Jonkers, Dieverbrug, f. 770,
6. Bouwland Hilgensteen, dezelfde, f. 850,
7. Bouwland Zuurlandsche esch, L. Klok, Dieverbrug, f. 200,
8. Bouwland Heezenesch, H. Kloosterman, Diever, f. 95,
9. Aandeel boermarke Diever, W. Jonkers voornoemd, f. 10.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
L. Jonkers is Lambertus Jonkers (geboren op 01-12-1858, overleden op 13-02-1938).
R. Warnders is Roelof Warnders (geboren op 01-09-1893, overleden op 01-03-1972), de turfschipper.
F. Ofrein is Frederik Ofrein (geboren op 07-04-1895, overleden op 18-05-1975.
W. Jonkers is Willem Jonkers (geboren op 13-06-1905, overleden op 04-06-1993).
L. Klok is Leffert Klok (geboren op 16-07-1893, overleden op 09-06-1974).
H. Kloosterman is Harm Kloosterman (geboren op 16-01-1893, overleden op 28-03-1963).
Het bijzondere aan deze verkoop van onroerende goederen is dat de erven L. Jonkers een aandeel in de reeds verdeelde maar nog bestaande boermarke van Deever verkopen, weliswaar voor een bedrag van f. 10, maar toch. De vraag is of dit document nog in het bezit is van de nazaten van W. Jonkers ? Wie kan hier duidelijkheid in verschaffen ?
Het artikel maakt ook melding van de verkoop van drie stukken bouwland die alle drie de veldnaam Hilgensteen hebben. Met het verdwijnen van de kleine landbouw in de zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw, maar ook door het ruilverkavelen is ook het gebruik van oude veldnamen in de gemeente Diever verdwenen.
Wie in het Deever van de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw in de buurt van boeren is opgegroeid, zal zich bepaalde stukken landbouwgrond met een veldnaam herinneren, bijvoorbeeld Kwabbik, Buunst en Scholten’s Bultie.
Gelukkig is een gedreven, maar ondergewaardeerde vrijwilliger van de lokale heemkundige vereniging bezig geweest met het samenstellen van een eenvoudig drukwerkje (het mocht geen geld kosten), waarin op kaarten en op papier bijna alle ooit gebruikte veldnamen in de gemeente Deever zijn aangegeven. Hulde daarvoor ! Deze prestatie is groter dan het met veel gratis geld en een leger vrijwilligers samenstellen van een culturele atlas van de gemeente Westenveld.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Boermarke van Diever, Cultuur, Cultuurhistorie, Diever, Veldnamen | Leave a comment

Deever is geen echte Saksische nederzetting

De heer Anne Post, de eigenaar van de webstee www.dorpshistorie.nl, heeft een bijzonder originele kijk op het ontstaan van het dorp Deever. Hij gaf de redactie van het Deevers Archief toestemming bijgaande – door de redactie enigszins geredigeerde – tekst en bijgaande afbeelding van de plattegrond van het dorp Deever in 1832 te publiceren. De redactie van het Deevers Archief is de heer Anne Post daarvoor bijzonder erkentelijk.

Diever is op de kaart van 1832 een vrij groot dorp.
In het bebouwingsbeeld is echter geen deel te ontdekken dat wijst op een oorspronkelijk Saksische nederzetting. Dat komt omdat het Saksische Diever gezocht moet worden in Oldendiever.
Diever zelf is ontstaan als gevolg van het aanleggen van een landgoed op basis van verordeningen van Karel de Grote (zie de webstee www.dorpshistorie.nl: deel 4 voor de ligging). Het is niet met zekerheid te zeggen wanneer deze aanleg heeft plaatsgevonden.
In 2004/2005 is ten noordwesten van Diever in het gebied van een nieuw aan te leggen woonwijk het verplichte archeologische onderzoek uitgevoerd. De plattegrond van een zeer groot gebouw is blootgelegd. Het onderzoek doet vermoeden dat dit gebouw, waarschijnlijk een grote hoeve, omstreeks 1150 moet zijn gebouwd.
Uit oorkonden is bekend dat er een leengoed Calthoren of Calthorne is geweest, in bezit van de bisschop van Utrecht, omstreeks 1200 in leen bij Hugo Sturm. Het leengoed zelf zal vermoedelijk zijn aangelegd na het jaar 1040, omdat dit landgoed niet wordt vermeld in de oorkonde van dat jaar, waarin de Duitse keizer zijn landgoederen in Drenthe schenkt aan de bisschop van Utrecht, vooruitlopend op de overdracht in 1047 van het wereldlijke bestuur over Drenthe aan diezelfde bisschop.
Maar ook het feit dat Diever zeker drie houten kerken heeft gehad vóór de bouw van de huidige. Elk landgoed moest een kapel hebben en evenals bij andere landgoederen in Drenthe, zoals bij Gieten, Gasselte en Een, heeft men ook hier een (houten) kerk gebouwd, ongeveer halverwege de Saksische nederzetting (Olden)Diever, zodat deze gekerstende Saksen hier ter kerke konden gaan. Rondom deze kerk heeft het huidige Diever zich ontwikkeld tot een centrum van handel en nijverheid.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Anne Post concludeert in zijn webstee dat Deever geen echte Saksische nederzetting is. Dan is de open ruimte bij het kerkgebouw ook geen echte Saksische brink, deze lijkt dus eigenlijk meer een soort van geforceerd ontstane NepBrinQ, waaraan de notabelen en de machtigen van de boerengemeenschap zich vestigden.  
Dan duidt het bebouwingsbeeld rond de Kleine Brink aanzienlijk meer op een echte Saksische brink, dat wil zeggen een willekeurige ongeordende organische samenklontering van boerderijen rond een open ruimte.
Gelukkig is op de plattegrond uit 1832 echt wel in de verste verte geen beeld te herkennen van wat de ronkende en zichzelf op de borst kloppende deskundologen, historologen, histerielogen, brinkologen en ietsologen de marktbrink van Deever durven te noemen.

Posted in Archeologie, Diever | Leave a comment

Veertigjarig jubileum van de zuivelfabriek Diever

De Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Graanmaalderij Diever aan het Moleneinde in Deever bestond op woensdag 29 maart 1939 veertig jaar. De raad van commissarissen (in latere jaren commissie van toezicht genoemd), het bestuur en mijnheer de directeur van deze onderneming van boeren uut Deever, Oldendeever, Kalter’n, Wittelte en de Deeverbrogge zijn ter gelegenheid daarvan tussen de maartse buien door buiten bij de fabriek op de foto gezet. De jubilerende boeren hebben zo te zien hun mooiste en duurste zondagse pak aan. Let ook op de dikke (zilveren ?) horlogeketting van Bertus Wemmenhove van de Deeverbrogge. Het zichtbare deel van de zijgevel van ‘de febriek’ bestaat nog steeds. Het lijkt bijna vanzelfsprekend dat de zeer vele keuterboeren, die wel hun melk leverden aan ‘de febriek’, niet vertegenwoordigd waren in het bestuur en in de raad van commissarissen. 

In de wekelijks verschijnende krant ‘de Westervelder’ is een aantal jaren de rubriek ‘Ontbrekende namen op school- en verenigingsfoto’s’ opgenomen geweest. In ‘de Westervelder’ van 8 augustus 2007 werd in de genoemde rubriek bijgaande foto opgenomen. Bij deze foto stond de volgende tekst:
Deze week een foto van de commissarissen, bestuur en de directeur van de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij te Diever. De Historische Vereniging wil graag in het bezit komen van de namen van de personen op de foto en verder uit welk jaar dateert de foto…………
De heemkundige vereniging uut Deever nam met de twee verzoeken de lezers van deze rubriek niet serieus, want de namen van alle personen op de foto en de datum waarop de foto is gemaakt waren al vóór 1999 op zijn minst bekend bij de secretaris van deze vereniging. Nog betreurenswaardiger is dat de oplossing van het ‘wekelijkse raadseltje’ niet één week of twee weken of drie weken later in ‘de Westervelder’ werd gepubliceerd en dat door goedwillende lezers verstrekte gegevens bij wijze van spreken verdwenen in de vele en dikke plakboeken en ordners van de heemkundige vereniging.
Op de foto zijn staande van links naar rechts te zien:
commissaris Tjeerd Ofrein van ’t Noord (melkbusnummer 133), commissaris Bertus Wemmenhove van de Deeverbrogge (melkbusnummer 119), voorzitter van de raad van commissarissen Jans Bult uut Oldendeever (melkbusnummer 192), secretaris van de raad van commissarissen Roelof (Roef) van Wester uut Oldendeever (melkbusnummer 204), commissaris Hendrik Jonkers van de Oldendeeversebrogge (melkbusnummer 114).
Op de foto zijn zittend van links naar rechts te zien:
bestuurslid Jan Berends van de Berg uut Wittelte (melkbusnummer 177), secretaris van het bestuur Jacob (Jaap) Hessels uut Deever (melbusnummer 59), bestuursvoorzitter Jan Seinen uut Deever (melkbusnummer 42), mijnheer de directeur Jan Andree (die dolgraag de achternaam Andreae zou willen hebben) (de enige met gleufhoed), bestuurslid Dirk (Dörk) Moes uut Deever (melkbusnummer 65), bestuurslid Jan Boerhof uut Wittelte (de enige met pet) (melkbusnummer 186).
De heren hebben allemaal hun glimmend gepoetste zondagse zwarte schoenen aan. Of heeft Tjeerd Ofrein zijn zondagse klompen aan ?
De redactie van het Deevers Archief verzoekt de lezers van dit bericht eventuele foute verwijzingen naar melkbusnummers door te geven.
De redactie heeft de kleurenfoto van een deel van de zijgevel van ‘de febriek’ op 21 januari 2016 gemaakt, voor wat deze waard is.

Posted in Diever, Kalteren, Moleneinde, Oldendiever, Wittelte, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Stien van 13 tunne efun’n in ’t Oldendeeverseveld

De redactie van het Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand krantenknipseltje, dat de redactie de trouwe bezoekers van het Deevers Archief niet wil onthouden.

De tekst van het onderschrift bij de foto luidt als volgt.
Bij grondwerk voor de ruilverkaveling in het Oldendieverseveld in Diever is een kei van 13 ton gevonden.
Bulldozermachinist J. van Beers haalde het gevaarte naar boven.
De kei, 3,5 meter lang, 2,5 meter breed en 1,5 meter hoog, krijgt vermoedelijk een plaatsje op de brink voor het gemeentehuis van Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie betreurt het wel dat hij op de achterkant van het knipseltje niet heeft genoteerd in welke krant het berichtje heeft gestaan en op welke datum (ergens in de zeventiger jaren van de vorige eeuw ?) het berichtje is gepubliceerd. Maar wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief kan deze gegevens melden bij de redactie ?
De stien van daartien tunne is een stien van de buten-categerie. Echt wel. Zelfs de stenensjouwers en bouwvakkers van de stammen uit de nieuwe steentijd zouden deze hiele dikke stien veel te zwaar hebben gevonden voor het bouwen van hun hunnebedden. Echt wel.
De dikke stien is inderdaad naar de brinQ van Deever gesleept (en het was niet eens oudejaarsavond). De redactie verwijst de trouwe bezoeker van het Deevers Archief voor nog een foto van de Oldendeeverse Stien op de brinQ van Deever naar het berichtje Een hiele dikke stien veur’t gemientehuus van Deever.
De grote vraag is natuurlijk staat deze dikke stien op de lijst van gemeentelijke aardkundige monumenten ?|
De nog grotere vraag is natuurlijk wat de namen van de drie kinderen bee’j de hiele dikke stien zijn. Deze kinderen zullen inmiddels in de vijftig zijn. Wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief herkent de drie kinderen ? De redactie verneemt het graag.
Een scherpere versie van de foto staat op bladzijde 124 van het onvolprezen boekje ‘Oldendiever in de twintigste eeuw’ (elk dorp, elke kluft en elk gehucht in de gemiente Deever heeft het onvervreembare recht op een eigen soort van geschiedkundig boekje, dus bewoners van de Gowe, Kalter’n,
 ’t Moer, ’t Noave, ’t Noord, Olde Willem, Veenhuus’n, Veldhuus’n, Soerte, Wapse, Woater’n en Zorgvlied aan de slag).
Is de Deeverse dorpsfotograaf wijlen Harm Hessels de maker van deze foto ?
De redactie heeft de kleurenfoto van de Oldendeeverse Stien op de BadQualityBrinQ van Deever op 11 november 2017 gemaakt.

Posted in Aardkundige monumenten, Archeologie, Brink, Diever, Oldendiever | Leave a comment

Het huisje van professor Van Giffen op de Heezebaarg

De kunstenaar Harm Kamerlingh Onnes maakte in 1946 een waterverfschilderijtje van 26 x 19 cm waarop zijn te zien een deel van de bos van het landgoed Heezebaarg en het dak van het zomerhuisje met de naam de Keet van professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s en de nootjes) op de Heezebaarg bee’j Deever. Hij gaf het kunstwerkje de naam ‘Het huisje van professor van Giffen te Deever’. Wellicht was de bekende familie Kamerlingh Onnes bevriend met de bekende familie Van Giffen en bracht Harm Kamerlingh Onnes in 1946 een schilderweekeinde door op de Heezebaarg.
Het dak van het zomerhuisje was inderdaad gedekt met rode dakpannen. In 1946 zullen de dakpannen nog rood zijn geweest, de dakpannen waren zeker niet rood meer op de dag voordat het zomerhuisje met de naam de Keet werd afgebroken.
Het geel geaquarelleerde land op de voorgrond moet het land met de naam Bunst of Buunst zijn. De redactie weet niet of dit land in 1946 als bouwland of als groenland in gebruik was. De redactie weet ook niet wie toen de eigenaar was.
Klaas Fledderus van ’t Kastiel was aan het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw de eigenaar van dit land.
De afgebeelde kleurenfoto van het zomerhuisje de Keet met de rode dakpannen is aanwezig in de verzameling van mevrouw Tineke Zweers-van Giffen, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen.

Posted in Albert Egges van Giffen, Diever, Heezebaarg, Heezenesch, Kunst, Schilderijen | Leave a comment

Ansichtkaart en foto van ‘de Keet’ op de Heezebaarg

De oudheidkundige professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever) staat op deze ansichtkaart in de voordeur van zijn geliefde buitenhuisje genaamd de Keet op zijn landgoed de Heezebaarg aan de rand van de Heezenesch bij Diever.
Professor doctor Albert Egges van Giffen stuurde deze fotokaart -gemaakt van een eigen foto- op 16 september 1956 naar de familie Zijp-Laan, Oostwoud 56 in Noord-Holland. De kaart is ondertekend door professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (klik hier voor meer gegevens over Albert van Giffen). De tekst op de kaart luidt: Diever, de ‘Heezeberg’, ons buitenhuisje. Veel dank voor uw kaart van de reis. Met vele groeten.
De Keet is inderdaad de keet die bij de grote oudheidkundige afgraving van de terp van Ezinge stond (meer gegevens over de afgraving van de terp van Ezinge). Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezenesch).

In 1997 was met name de houten onderkant van de Keet in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenote, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter stenen vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uut Dwingel (eerder gevestigd in Leggel).

De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van het Deevers Archief en de eigenaren van de Keet bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van de Keet op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De redactie van het Deevers Archief heeft de hier afgebeelde kleurenfoto op de dag vóór de afbraak tegen het vallen van de avond met flitslicht gemaakt. Het zal de allerlaatste ooit gemaakte foto van dit huisje zijn geweest.

Reactie van J. Smit van 5 december 2017
Ik ben in de zestiger jaren van de vorige eeuw enkele keren met mijn vader Wolter Smit, die de exclusieve jachtrechten op de gronden rond de Heezenes had verkregen van de familie Van Giffen, in aanwezigheid van Jan van Giffen (de zoon van professor doctor Albert Egges van Giffen) in het verblijf geweest. Het was inderdaad een eenvoudig zomerhuisje op een prachtige locatie in een fraaie omgeving !

Abracadabra-1253
Abracadabra-844Abracadabra-1254

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Heezenesch, Topstukken | Leave a comment