Category Archives: Diever

Deever op drift met een schijnbare maakbaarheid

De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk van de gemeente Westenveld, tot de voorspelbare fusie met de gemeente Meppel tijdelijk gevestigd in het gerieflijke kantoortuinen- en kantoorparkencomplex in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever, zijn begin 2019 begonnen met de volstrekt overbodige droevige sloop van de openbare ruimte in het centrum van Deever.
In dit belastinggeldverslindende project met de naam Deever op Drift (een schaapsdreef is een schaapsdrift) mocht een groepje bewoners van het dorp Deever, helaas met nogal wat Deeversen van vrogger, een beetje tegensputteren, een beetje meebabbelen over, instemmen met en jaknikken tegen de plannen van het ingehuurde chique technische adviesbureau met de hoge uurtarieven en een werkgroep van Minder Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk. En dat alles ongetwijfeld onder het genot van een hapje, een biertje, een borreltje, een colaatje en een sigaartje. Ouwe jongens, krentewegge. Het groepje bewoners van Deever is medeplichtig geworden, is partner in crime geworden, zoals de Engelsen dat zo treffend weten uit te drukken, van het project Deever op Drift.
De redactie van het Deevers Archief kan zich volstrekt niet voorstellen wat mis is met de situatie in april 2019 bij de braandkoele ‘de Dobbe’ op de hook van de Kruusstroate en de Aachterstroate.
De redactie citeert hier vier beelden uit een met belastinggeld gemaakt propagandafilmpje dat het ingehuurde chique technische adviesbureau met de hoge uurtarieven heeft gemaakt van de door haar zo genoemde ‘virtual reality’ (dat is Engels en betekent schijnbare werkelijkheid, dus niet de werkelijke werkelijkheid, je wordt met een raar brilletje op je kop een oor aangenaaid waar je bij staat) van de openbare ruimte van het centrum van het dorp Deever van vóór en ná de grote sloop.
De citaten 1 en 2 tonen de schijnbare werkelijkheid (virtual reality) van de werkelijke werkelijkheid in april 2019 bij de braandkoele ‘de Dobbe’ op de hook van de Kruusstroate en de Aachterstroate in Deever, dus de schijnbare werkelijkheid (virtual reality) van de werkelijke werkelijkheid van vóór de grote sloop.
De citaten 3 en 4 tonen beelden van de schijnbare werkelijkheid (virtual reality) op de hook van de Kruusstroate en de Aachterstroate in Deever ná de grote sloop. Van de braandkoele is een schijnbaar grote plas water gemaakt.
Als de schijnbare werkelijkheid (virtual reality) van de citaten 3 en 4 wordt getoetst aan de opgeblazen, opgefokte en snorkende bedoeling van het project Deever op Drift, te weten het versterken van de vier schijnbare kernwaarden van het dorp Deever, zie het bijgevoegde citaat 5, dan concludeert de redactie het volgende:
– de braandkoele ‘de Dobbe’ heeft geen relatie met de esschen (het landschap) en de bosschen (het nationale park);
– met het slopen van de braandkoele ‘de Dobbe’ wordt het tegendeel van het benadrukken van de authentieke uitstraling bereikt;
– tussen de cultuurhistorische waarde van de braandkoele ‘de Dobbe’ en Sjakie uut Spier bestaat gelukkig geen verband;
– de braandkoele ‘de Dobbe’ heeft geen relatie met actieve recreatie, wel met passieve recreatie (terraszitters, bankzitters, eendjes voerders). Kortom de werkelijke redenen voor het grondig vernielen van de nog enige overgebleven braandkoele van Deever ontbreken volledig of zijn verborgen andere redenen.
Het is ronduit verbazingwekkend zorgwekkend hoe enige historielogen van de heemkundige vereniging uut Deever, let wel leden van de projectgroep Deever op Drift, zich wat betreft de braandkoele ‘de Dobbe’ waarschijnlijk een gigantisch oor hebben aan laten naaien door de duurbetaalde adviseurs van het ingehuurde chique technische adviesbureau en een werkgroep van Minder Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk. Want hier lag een prachtige en enige kans om de braandkoele ‘de Dobbe’ in zijn echte oude originele authentieke fraaie boerse staat te herstellen. Of hebben de heren leden van de steeds maar weer om onbetaald werk verlegen zittende Dorpskrachten vóór het slopen van de braandkoele ‘de Dobbe’ gestemd, opdat zij als vrijwillige baggeraars van de aanstaande grotere vijver in de toekomst meer werk hebben ? Of wordt braaf uitvoering gegeven aan een mogelijk verborgen agenda van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk ?

Citaat 1

Citaat 2

Citaat 3

Citaat 4

Citaat 5

Posted in Achterstraat, Braankoel'n, Diever, Kruisstraat | Leave a comment

Markterrein aan het begin van de Bosweg in 1929

Bijgaande enigszins onscherpe maar toch prachtige ansichtkaart van het marktterrein aan het begin van de Bosweg in Deever is uitgegeven in 1929. De uitgeefster van deze kaart was de weduwe Johannes Vos (GeertjeVos) an de Heufdstroate.
De foto is gemaakt in de richting van het tolhuis.
Aan de linkerkant is het lijkwagenhuisje te zien.
Rechts van de Bosweg zijn betonnen palen en buizen te zien. Aangevoerde paarden en koeien werden aan de buizen vastgebonden. De paardenmarkt werd aan de rechterkant van de Bosweg gehouden. De koeienmarkt werd aan de linkerkant van de Bosweg gehouden. Maar waar werd dan toch de schapenmarkt gehouden ?
Op de foto zijn aan de rechter kant tegen het hek twee jongens te zien.
Het marktterrein was de plek waar woonwagens mochten staan.
Aan de rechterkant van de foto ligt ook de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever. Zo te zien hebben de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever voor het restaureren van de oude situatie nog wel enig hekwerk te verrichten.
In die jaren werd nog een paar keer per jaar veemarkt gehouden op dit marktterrein,
De vermeende brinkologen van de heemkundige vereniging uut Deever noemen het marktterrein bij gelegenheid en te pas en te onpas een marktbrink. Het is zeer waarschijnlijk dat zij daarbij zó ver gaan dat zij het gedeelte aan de linker kant van de Bosweg een koeienbrink noemen en het gedeelte van het marktterrein aan de rechter kant van de Bosweg een paardenbrink. De vermeende brinkologen onder de Minder Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk zullen wellicht meer geneigd zijn het markterrein een NuNogEvenGratisLangParkerenBrink te noemen. Gelukkig staat het parkeerterrein op de richtingaanwijzer op de kleurenfoto wel gewoon met markterrein aangeduid.
De Bosweg was vroeger een schapendrift.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto op 21 januari 2016 gemaakt.

Abracadabra-1534Abracadabra-1533

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Marktterrein | Leave a comment

Kaarke an de brink van Deever in mei 1963

Bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van de koorkant (de oostkant) van het kerkgebouw an de brink van Deever was te koop bij Hendrik Mulder, die in de volksmond altijd Henduk Moessie of Moessie Peep (Hendrik Mulder had astma) (alle Mulders in ut … Continue reading

Posted in Diever, Kerk aan de brink | Leave a comment

Museum Radio Wereld in boerderij van Sieme Smidt

Radio-Wereld (www.radio-wereld.nl) is een webstee over de geschiedenis van de radio, televisie en elektriciteit. Het is een informatieve webstee over de historie, de feiten en de reparatietips van de oude radio!
Vroeger was Radio-Wereld ondergebracht in Diever in een museum in de boerderij van Sieme Smidt, Achterstraat 9, bij de Eendenvijver. Op oktober 1999 is het museum opgeheven. De eigenaren Sjoukje en Wim Stuiver zijn verhuisd naar Havelte en zijn verder gegaan met een kleine collectie historische radio’s, curiosa en met een bibliotheek met vele gegevens over de oude radio.
Radio-Wereld is nu op internet een virtueel museum met foto’s, uitleg en interessante onderwerpen betreffende de oude radio. Het is een webstee die de moeite van het bekijken waard is.
In de tijd dat het museum in de boerderij van Sieme Smidt was gevestigd, gaven de eigenaren van het musuem ook ansichtkaarten uit. Bijgaand is een van die ansichtkaarten van een bij elkaar horende serie van vier te zien. Je zal als verzamelaar van ansichtkaarten uit de gemeente Diever die vierling maar in je mooie album in je verzamelkast op de zolder hebben !
Het museum mocht dat wel de naam van ‘Radio-Wereld’ hebben, toch hadden de eigenaren ook belangstelling voor de eerste Philips televisie in Nederland, gebouwd in 1951. Deze televisie had de bijnaam ‘Hondehok’.
De radio-ontvanger is de eerste Philips radio, gebouwd in 1927, deze had als bijnaam ‘Roggebroodje’. Dat kan, omdat in die tijd de mensen, met name de armere, veel roggebrood aten en dat werd verkocht in grote hompen. Tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw verkocht de ‘Coöperatie’ (de Koeperasie) an de Heufdstroate in Deever grote stukken ongesneden roggebrood. Het oude en vaak hard geworden niet verkochte roggebrood werd opgevoerd aan het paard van de broodventer.
Let vooral ook op het aandoenlijke echte plantje van moeder de vrouw des museums aan de rechterkant van de foto.

Posted in Achterstraat, Ansichtkaarten, Boerderijen, Cultuur, Diever, Museums | Leave a comment

Diever – Kasteel – Op de Baarg – Winter 1962-1963

Op ‘de Baarg’ op ut Kastiel in Deever is links het boerderijtje van de weduwe Evertje Davids-Vierhoven en rechts nog net het boerderijtje van de weduwe Elsje (Elle) Smit-Oost te zien in de strenge winter van 1962-1963.
Evertje Vierhoven werd op 29 juli 1896 in Deever geboren als dochter van Albert Vierhoven en Trijntje Andree (Andrea ?, Andreae ?). Zij trouwde op 27 juni 1925 met Albert Davids, beroep arbeider, zoon van Hendrik Davids en Magrieta Sidonia Wibier. Albert Davids werd op 26 oktober 1881 geboren in Deever.
In de webstee nieuwenhuis-genealogie is een mooie foto uit 1950 te zien van Albert Davids, Evertje Vierhoven en hun dochter Trijntje (Trientie). Die foto is genomen aan de voorkant van het boerderijtje.
Elsje (Elle) Oost werd op 20 maart 1893 in Deever geboren als dochter van Helprig Oost en Hilligje Prikken. Zij trouwde op 31 augustus 1912 met Hilbert Smit, beroep arbeider, zoon van Jan Smit en Margje Hilberts de Wit.
Hilbert Smit werd op 18 september 1888 geboren in het Leggelerveld (gemiente Dwingel), hij overleed op 5 juli 1931 in Deever, hij was toen landbouwer.
De bezoekers van het Deevers Archief worden uitgenodigd aanvullende teksten bij deze foto in te brengen.

Posted in Boerderijen, Diever, Kastiel | Reacties uitgeschakeld voor Diever – Kasteel – Op de Baarg – Winter 1962-1963

Jan Koning uit Leggelo benoemd tot magazijnmeester

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 31 maart 1927 het navolgende bericht over de jaarlijksche algemeene vergadering van ‘Het Groene Kruis’.

Diever, 30 maart.
Ten huize van T. Wesseling had gisteravond de jaarlijksche algemeene vergadering plaats van ‘Het Groene Kruis’. Uit het verslag van den penningmeester den heer J. Schoemaker bleek, dat de inkomsten (met inbegrip van opgenomen gelden ten bedrage van f. 2938) hebben bedragen over het afgeloopen boekjaar f. 4866,10 en de uitgaven f. 4885,40, alzoo een nadeelig saldo van f. 19,30. (’t Vorig jaar was er een batig saldo van f. 1306,43).
Uit het verslag van den secretaris, ds. Dijkstra, vermelden we het volgende:
Er werden over 1926 55 toestellen uitgeleend, waarvan 42 teruggebracht.
Het ledental bedraagt thans 456.
Benoemd werd tot magazijnmeester uit 10 sollicitanten J. Koning te Leggelo.
Een nieuwe woning hiervoor werd gebouwd en zal 1 mei 1927 worden betrokken.
In plaats van wijlen de heer P. Barelds werd tot bestuurslid gekozen den heer H.l. Barelds te Wittelte.
Op het verzoek van de afdeling Diever en omstreken van het Centraal Genootschap voor Kinderherstellings- en Vacantiekolonies om subsidie wordt besloten f. 5 te verstrekken.
De contributie werd bepaald gelijk aan het voorgaande jaar.
Het verzoek van het hoofd der openbare lagere school te Diever om in de scholen een verbandtrommel te plaatsen zal nader onder de oogen worden gezien.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
1.
Ten huize van de heer T. Wesseling was in het boerencafé van Teunis Wesseling (aan de Hoofdstraat. Deever had in de twintiger jaren van de vorige eeuw veel meer café’s dan nu, vanwege de druk bezochte markten.
De boerderij met daarin het café van Teunis Wesseling stond op de plek waar nu de enige levensmiddelenzelfbedieningswinkel van Deever staat, namelijk op de hoek van de Hoofdstraat en de Tusschendarp. De boerderij waarin het café was gevestigd werd in 1936 verkocht aan Lambert Rolden, waarna het café ophield te bestaan.
Op bijgaand afgebeelde ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw is aan de linkerkant het bedrijf van Hendrik Jan Rolden te zien.

2.
J. Koning uit Leggelo was Jan Koning, die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog op de Heezenesch werd doodgeschoten door de Duitsers, toen hij op 10 april 1945 hen wilde ontvluchten bij het kerkhof. Jan Koning werd geboren op 19 mei 1901 en overleed op 10 april 1945. Hij was getrouwd met Hilligje Wanningen (geboren 29 mei 1892, overleden op 21 augustus 1987.
Het oorlogsmonument op het marktterrein aan de Bosweg in Deever is een zwerfkei (alweer een zwerfkei), waarop twee gedenkplaatjes zijn aangebracht. Op de gedenkplaatjes staan de namen van alle inwoners van Deever die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen, waaronder die van verzetsman Jan Koning.
3.
Met ‘een nieuwe woning’ zal het nog steeds bestaande pand aan het Moleneinde, nu Moleneinde 1, in Deever worden bedoeld.
4.
Wijlen P. Barelds uit Wittelte was Pieter Barelds (geboren op 17 maart 1873, overleden op 5 mei 1926). Hij werd in het bestuur van het Groene Kruis opgevolgd door zijn zoon Hendrik Lefferts Barelds (geboren op 6 oktober 1900, overleden op 10 augustus 1954).

 

Posted in Ansichtkaarten, Café Wesseling, Diever, Groene Kruis, Moleneinde, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De school met den Bijbel aan de Hoofdstraat – 1938

In het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is de navolgende mini-essay (nummer 77) over het verleden van de School met den Bijbel aan de Hoofdstraat in Diever gepubliceerd. 

Onder leiding van dominee Harmen Ages Dijkstra, predikant van de Gereformeerde kerk, werd op 26 december 1902 door een groep van 27 personen besloten tot de oprichting van een Vereniging tot stichting en instandhouding ener school met den Bijbel.
Op 1 mei 1904 kon het eerste lokaal van de school in gebruik worden genomen, zodat bovenmeester Geert de Boer kon beginnen met het geven van christelijk onderwijs aan 53 kinderen. Op 9 september 1904 werd de school officieel in gebruik genomen. De kerkeraad was toen van oordeel dat de zondagschool kon worden opgeheven.
Per 1 januari 1908 werd Geert de Boer als hoofd van de school opgevolgd door Broer Roosjen. Hij bleef hier tot zijn overlijden op 2 januari 1939. Het schoolbestuur benoemde toen per 1 april 1939 Sierd Okke Roosjen, een zoon van Broer Roosjen, als hoofdonderwijzer.
In zijn toespraak ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de school memoreerde dominee Jan Anthony van Arkel dat met het overlijden van Broer Roosjen de school een punctueel mens in de kracht van zijn leven was ontvallen en dat het schoolbestuur met de benoeming van Sierd Okke Roosjen de nagedachtenis van het overleden schoolhoofd niet beter had kunnen eren.
Sierd Okke Roosjen overleed op 5 februari 1973. Het schoolbestuur besloot toen de school te noemen naar vader en zoon Roosjen. Op 25 juni 1973 werd de naam Roosjenschool officieel onthuld.
Het rechter huis hoorde bij de school en werd toen bewoond door Jan Houwer en Jantje Boelens. Hij staat rechts bij het hek.
Links naast de school is te zien een deel van de zijgevel van het huis waar de hoofdonderwijzer met zijn gezin woonde. Achter de meesterswoning en achter de bomen staat de boerderij van de familie Jaopie Krol en Aoltie Odie. In de verte is nog net de dokterswoning te zien.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Deze school werd in de volksmond altijd de Griffemeerde Skoele (Gereformeerde School) genoemd. In Deever hadden de fervente voorstanders van openbaar lager onderwijs het ook wel over de Grifverkeerde Skoele. Tegenwoordig staat op het betreffende terrein an de Heufdstroate de christelijke basisschool met de naam Roosjenschool (christelijke school voor primair onderwijs). Ook kinderen uit gezinnen van onder meer hervormde en katholieke gezindte kunnen vanwege de krimpende aantallen kinderen blijkbaar nu wel terecht op deze school.
De verwachting van de redactie van het Deevers Archief is dat -nadat het streven is gelukt de openbare basisschool in Wapse over enige jaren op te heffen – de openbare en de christelijke basisschool in Deever om voor de hand liggende redenen (krimpgebied, geldgebrek, de steeds meer seculariserende samenleving, enzovoort) zullen worden samengeknepen tot één zo genoemde ‘brede basisschool’. Want hoe christelijk moet het vak rekenen, het vaak taal of het vak aardrijkskunde zijn? Na de sanering zal met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de naam ‘Roosjenschool’ verdwijnen. Dat zal voor de christenen in de gemeente Deever wellicht aanleiding kunnen zijn tot de wederoprichting van een christelijke zondagschool, want actie roept altijd reactie op.
Broer Roosjen is geboren op 20 januari 1884 in IJlst. Hij is op 2 januari 1939 overleden in Deever. Hij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg. Hij was getrouwd met Jacoba Tiemersma. Zij is geboren op 30 mei 1888 in Hennaarderadeel en is op 1 mei 1955 overleden in Deever. Zij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg.
Domeneer Harmen Ages Dijkstra is geboren op 8 april 1854 in Oosterend. Hij is op 27 februari 1941 overleden in de stichting Dennenoord te Zuidlaren. Hij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg. Hij was getrouwd met Aaltje Kok. Zij is op 8 april 1856 geboren in Dwingelo. Zij is overleden op 23 mei 1960 in Deever. Zij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg
Sierd Okke Roosjen is geboren op 7 oktober 1908 te Deever. Hij is overleden op 5 februari 1973 te Amsterdam. Hij ligt begraven op op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg. Hij was getrouwd met Grietje Fokkinga. Zij is geboren op 22 september 1907 en is overleden op 19 augustus 1998 in Deever. Zij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg.
Broodventer Jan Houwer is geboren op 23 november 1911 op Kalteren en is op 10 april 1945 door de Duitse bezetter vermoord op het Marktterrein in Deever. Hij is een zoon van Nicolaas Houwer en Lammigje Westerhof. Hij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg. Jantje Boelens is geboren op 9 augustus 1909 in Deever an de Brink. Zij was een dochter van schoenmaker Mans Boelens en Geesje de Leeuw. Zij ligt begraven op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg,
Het schoolgebouw op de afgebeelde ansichtkaart bestaat niet meer.

Abracadabra-1219

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Diever, ie bint 't wel ..., Gereformeerde school, Hoofdstraat, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Met de nachtboot van de Lemmer naar Amsterdam

Bij het verzamelen van ansichtkaarten uut de gemiente Deever gaat het de redactie van het Deevers Archief in de eerste plaats om de afbeelding, maar vaak is het aanschaffen van een kaart pas echt de moeite waard als op de achterkant iets staat dat verband houdt met het verleden van de gemiente Deever, bijvoorbeeld bekende namen (elke Deeverse maakt deel uit van het verleden van de gemeente Deever) of een mooie tekst.
De afgebeelde ansichtkaart met op de achterkant de hierna weergegeven tekst bevindt zich in de verzameling van het Deevers Archief. De ansichtkaart van de gemeentelijk toren met het kerkgebouw op de Brink van Deever is op 2 augustus 1931 verstuurd. Deze ansichtkaart is uitgegeven door de weduwe van Johannes Vos an de Heufdstroate in Deever.

De tekst op de achterkant van de ansichtkaart luidt als volgt.
Lieve Zus,
’t Is nu Dinsdagmorgen drie uur en kom ik je even bedanken voor je brief.
Je hoeft niet meer zo lang te wachten voor ik er weer ben. Ik ga vanavond met de vrachtboot uit Lemmer naar Amsterdam en ben dan morgen 3 Augustus weer thuis.
Vanavond was er kampvuur, een fijn vuur.
Van Zondag op Maandag ben ik in bed gebleven, ik was toen verkouden en juist toen onweerde en regende het verschrikkelijk, ’t kampterrein stond blank, maar alles is goed afgelopen.
Nu tot morgen dus. Groeten aan Vader, Moeder en Tante Marie.
Gerrit

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant van 31 juli 1931 stond het volgende korte krantenvulbericht.

Kampeeren.
Diever, 29 juli.
De vele kampeerders in onze bosschen treffen het niet bijster goed. Ongunstig weer werkt voor kampeeren al heel slecht mee. En er zijn momenteel talrijke kampementen in de bosschen.
In het kamp van den V.C.S.B. zijn reeds een tweetal jongens door de kou ziek geworden, van wie een naar de ouderlijke woning is teruggebracht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Er is wel iets merkwaardigs aan de hand met deze ansichtkaart.
Gerrit heeft de kaart op 2 augustus 1931 ’s morgens om 3.00 uur (na een stevige borrel aan het fijne kampvuur ?) met een gewoon potlood volgeschreven. Hij moet de kaart vervolgens in de loop van de ochtend bij een postkantoor (in Deever of op Zorgvlied ?) hebben afgeleverd, teneinde de volgende dag (dat is wel snel) in Amsterdam te kunnen worden besteld. Gerrit zal de kaart in een enveloppe hebben verstuurd, want het adresgedeelte van de kaart is ook beschreven. Maar waarom verstuurde Gerrit op 2 augustus 1931 een kaart, waarin hij aangeeft dat hij op 3 augustus 1931 in Amsterdam zal zijn. Wellicht arriveerde hij zelf eerder in Amsterdam dan de kaart.
De redactie heeft het donkerbruine vermoeden dat Gerrit de kaart nooit heeft verstuurd, maar dat hij deze gewoon in zijn valiesje of karbiesje mee naar Amsterdam heeft genomen en deze persoonlijk bij lieve zus heeft besteld.
Gerrit zal van het kampeerterrein van de Vrijzinnig Christelijke Studentenbond (V.C.S.B.) bij het Mastenveldje aan de Bosweg naar Deever of Zorgvlied zijn gegaan (lopend of op de fiets ?) en vandaar verder zijn gereisd. Maar waarom reisde Gerrit zo ingewikkeld ? Hoe kwam hij vanuit Deever of Zorgvlied in de Lemmer ? Reisde hij met het sukkeltrammetje van Elsloo naar Steenwijk ? En hoe reisde hij dan van Steenwijk naar de Lemmer ? En dan die nachtelijke boottocht van de Lemmer naar Amsterdam.over de Zuiderzee (de dijk tussen Friesland en Noord-Holland was nog niet gesloten).
Waarom reisde Gerrit niet gewoon via de Deeverbrogge met het boemeltrammetje langs de Drentsche Hoofdvaart naar Meppel ? Het eindpunt van het trammetje was bij het treinstation in Meppel. Vandaar kon Gerrit met de trein naar Amsterdam reizen. Wie het weet mag het vertellen.

Abracadabra-1242Abracadabra-1241Abracadabra-1243

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Brink, Diever, Kerk aan de brink, Mastenveldje, V.C.S.B.-kamp | Leave a comment

Verdeeling van de ongescheidene markte van Deever

In de Provinciale en Asser Courant verscheen op 12 maart 1856 het navolgende korte bericht over het besluit tot de verdeling van de ongescheiden marke van Deever.

Diever, 8 maart. Op vrijdag den 7 dezer heeft alhier eene vergadering plaats gehad van deelgeregtigden in de ongescheidene markte van Diever, ten einde te beraadslagen over de verdeeling der markte. Er is besloten de markte te verdelen en voorts eene commissie te benoemen, die de zaak zal regelen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De boeren van het dorp Deever hebben de gronden van de markte, marke of boermarke van Deever eeuwenlang gemeenschappelijk in bezit, beheer en gebruik gehad.

Posted in Boermarke van Diever, Canon van de gemeente Diever, Diever | Leave a comment

Monument Molen in Deever Holland

De redactie van het Deevers Archief laat bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan haar trouwe bezoekers zien. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen, hoe liever het de redactie is.

Onlangs vond de redactie op de website Kunst Wereldwijd Netwerk een prachtige tekening van korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever. Deze tekening heeft als titel: Monument Molen in Diever Holland.
De welbekende beeldend kunstenaar en schrijver Willem van Spronsen heeft deze tekening gemaakt. Hij is lid van de Gooise Kunstkring.
Willem van Spronsen heeft in het verleden in Deever gewoond en is daar nog voorzitter van de PvdA-fractie in de gemeenteraad geweest. Ook zijn kinderen zijn in Deever geboren. Hij komt regelmatig in Deever, omdat hij daar een atelier heeft.
De redactie toont deze tekening met toestemming van Willem van Spronsen. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor. Daarbij stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de webstee Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de webstee Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.
De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemiente Deever mag maken.

Abracadabra-1633

Posted in Diever, Kerk aan de brink, Kunst, Molen 'de Vlijt', Tekeningen | Leave a comment

Oldste ansichtkoate van de uutkiektoor’n

Een afgedankte stalen boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (N.A.M.) heeft van 1950 tot 1976 dienst gedaan als uitkijktoren voor de brandwacht en in de zomer ook als uitkijktoren voor toeristen. De uitkijktoren is in 1950 in gebruik genomen en is in 1976 gesloopt.
De uutkiektoor’n stön an de Bosweg in Deever teeg’nover paviljoen VierhovenAs de toor’n dichte was, dan klöm’m wee’j gewoon langs ut gèès en over ut prikkeldroad noar boo’m hen ’t ièste budes.
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart moet in het voorjaar van 1950 kort na de plaatsing van de uitkijktoren zijn gemaakt.
Ansichtkaarten met daarop de hier getoonde afbeelding behoorden gedurende zeker vijftien jaren zeker tot de best verkopende ansichtkoat’n uut de gemiente Deever. Deze ansichtkaart is wellicht ook de meest verkochte zwart-wit ansichtkoate uut de gemiente Deever.
Bij de redactie van het Deevers Archief zijn op dit ogenblik de volgende uitgaven bekend.
In mei 1950 werd een oplage van deze kaart uitgegeven door Roelof (Roef) van Goor, Kantoorboekhandel, an de Kruustroate in Deever (zie de afgebeelde ansichtkaart, die is voorzien van een witte rand).
In juli 1957 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door Lubbert (Lub) Wanningen, Luxe en huishoudelijke artikelen an de Heufdstroate bee’j de brink in Deever.
In augustus 1958 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door de firma A. Kuiper (Aubert Kuper), Bakker en Kruidenier, Diever, Telefoon 221 en Dieverbrug, Telefoon 259.
In maart 1961 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Levensmiddelenbedrijf A. Kuiper (Aubert Kuper), an de Peperstroate in Deever.
In januari 1963 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door Van Goor’s boekhandel, an de Kruusstroate in Deever.
In december 1964 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Pension, Lunchroom, Cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, Telefoon 05219-1335.
In november 1965 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Hotel Brinkzicht, Diever, Telefoon 05219-1213.
In november 1965 werd ook een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Lunchroom, Cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, Telefoon 05219-1335.
Ongetwijfeld zullen in de jaren 1951-1956 ook oplagen van deze kaart zijn uitgegeven door neringdoenden in Deever. De redactie verneemt graag van de bezoekers van het Deevers Archief of in die jaren ook oplagen zijn uitgegeven.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Uitkijktorens | Leave a comment

Uitkijktoren aan de Bosweg bij Diever wordt gesloopt

In de Leeuwarder Courant verscheen op 17 april 1976 het bericht dat de uitkijktoren aan de Bosweg in Diever zou worden afgebroken.

Uitkijktoren bij Diever wordt gesloopt
Diever. De uitkijktoren aan de Bosweg in Diever wordt afgebroken. De toren, beheerd door de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer, bood de toeristen jarenlang een schitterend uitzicht over het dorp en de bossen.
Bij de woning van Staatsbosbeheer is een nieuwe uitkijktoren gebouwd.
Leden van de personeelsvereniging van de gemeente Diever hebben de taak op zich genomen de toren te slopen. De sloopwerkzaamheden worden in vrije tijd uitgevoerd; de opbrengst van het werk zal worden gestort in de kas van de vereniging.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De stalen uitkijktoren stond op een heuvel tegenover Paviljoen Berkenheuvel aan de andere kant van de Bosweg. De beklimmer van de toren kon inderdaad bij helder weer zelfs de toren van Steenwijk zien.
Op het bovenste platform stond een houten hokje met een telefoon voor de dienstdoende brandwacht.
Buiten het toeristenseizoen was de toren afgesloten, maar was voor de Deeverse jeugd met enige moeite via het beklimmen van de paar meter hoge afrastering van gaas en het passeren van wat lastig prikkeldraad wel binnen te komen.       

De nieuwe brandtoren werd gebouwd achter de woning Staatbosbeheer in de Oude Willem. Deze toren bestaat nog steeds.
Met de opbrengst van het werk zal de opbrengst van het oude staal en ijzer zijn bedoeld.

 

Posted in Berkenheuvel, Bosweg, Diever, Paviljoen Berkenheuvel, Uitkijktorens | Leave a comment

De vijand diensten bewezen in de oorlogstijd

In de Heerenveensche Courant verscheen op 8 april 1947 het volgende bericht over het Drents Bijzonder Gerechtshof inzake het proces tegen de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma uut Deever

Drents Bijzonder Gerechtshof.
3 april.
Doodstraf geëist.
De vijand diensten bewezen in de oorlogstijd.

Klaas Marcus Balsma, 54 jaar, caféhouder te Diever, gedetineerd, heeft als landwachter de gehele omgeving van Diever onveilig gemaakt. Bij de landwachters was hij sectie-commandant en deed steeds actief mede aan vele huiszoekingen, aan arrestaties en vooral het opsporen van onderduikers.
Het dikke dossier van hetgeen deze man ten laste wordt gelegd, bevat een aantal bewijsstukken van verdachtes wandaden.
Getuige H. Dijkstra, wachtmeester, die in de bezettingstijd bij de A.K.D. te Meppel gedetacheerd was, zeide dat de verdachte als gids dienst deed, om met zijn kameraden (?) in Diever jacht op onderduikers te maken.
Getuige weduwe Kiers deelt mee, hoe de verdachte aanwezig was bij de arrestatie van haar man en vier onderduikers. Haar man kwam helaas nimmer terug.
Verdachte was zeer ijverig en actief bij de arrestatie van Zwanenburg te Beilen, die door de Moffen gefusilleerd is geworden.
De beide getuigen Jacob Hessels en Jan Hilberts uit Diever, verklaren dat ze de gevolgen van verdachte’s handelen aan den lijve hebben gevoeld.
De advocaat-fiscal meent, dat deze verdachte met zijn volle verstand heeft gehandeld en eist voor deze verdachte, ‘de duivel van Diever’ meermalen genoemd, de doodstraf.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het Deevers Archief is inmiddels al heel wat gepubliceerd over de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma, de houder van café Brinkzicht aan de Brink van Diever, zie de navolgende afbeelding.
De A.K.D. is de Arbeidscontroledienst.
De N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma maakte in Diever en omstreken met name jacht op mannen die de Arbeitseinsatz ontliepen.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers | Leave a comment

De olde ULO-skoele an de Tusschendarp in Deever

De redactie van het Deevers Archief heeft deze zwart-foto van de olde ULO-skoele an de Tusschendarp in Deever op 11 november 1999, kort voor de millennium-wisseling, in het nauwelijks meer gebruikte 6 cm x 6 cm formaat, gemaakt.
Leerlingen van deze school, waar uitgebreid lager onderwijs werd gegeven, worden uitgenodigd verhalen en foto’s over de tijd dat zij les kregen in het hier zichtbare gebouw in te sturen. De redactie zal deze verhalen zeker in het Deevers Archief publiceren. Links achter de olde ULO-skoele is nog net een stukje van de olde legere skoele an de Tusschendarp te zien.

Posted in Diever, Scholen, Tusschendarp, U.L.O.-school | Leave a comment

Excelsior in de consistoriekamer op 22 mei 1954

De redactie van het Dievers Archief publiceerde in nummer 07/1 van Opraekelen, het blad van de in Diever gevestigde heemkundige vereniging, het volgende bijschrift bij een foto van muziekvereniging Excelsior. De foto is bij deze tekst opgenomen.  Deze foto komt uit de verzameling van Arent Ekkelboom, die ook op de foto staat.

Oude in binnenruimten in de gemeente Diever gemaakte groepsfoto’s zijn zeldzaam. Deze foto van muziekvereniging Excelsior, opgericht op 22 mei 1924, is vermoedelijk op 22 mei 1954 ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de vereniging gemaakt in de oude consistoriekamer van de Nederlands Hervormde Kerk in Diever.
Arent Ekkelboom heeft het vermoeden dat niet alle leden van de vereniging op deze foto staan, want in zijn tijd waren en man of twintig lid. Zo ontbreken op deze foto onder meer smid Frederik (Freerk) Offerein en schoenmaker Jan Mulder (Jan Pikkie).
Achteraan zijn van links naar recht te zien:
Anne Vierhoven (met tuba, geboren op 22-10-1918, overleden op 10-11-1963);
Ido Hunze (gegevens niet bekend),
Reinder van Leeuwen (gegevens niet bekend, wonende te Vledder, hij wordt verzocht te reageren op deze foto);
Hendrik Broekman (met trompet, geboren op 26-7-1930, wonende te Steenwijk);
Arent Ekkelboom (met piston, geboren op 27-10-1938, wonende te Joure);
Frederik (Freek) Bremer (met trompet, geboren op 18-11-1922, overleden op 28-12-1992)
Frederik (Freek) Klok (met bugel, geboren op 8-7-1937, overleden op 20-5-1987)
Hendrik Jan Rolden (met klarinet, geboren op 10-3-1921, overleden op ….);
Hilbert Bijker (met tuba, geboren op 16-9-1900, overleden op 20-1-1983).
De rij zittende muzikanten bestaat van links naar rechts uit:
Hendrik Oost (met klarinet, geboren op 21-3-1915, overleden op 12-2-2000);
Dirk van Leeuwen (met tuba of bariton in handen, maar blies eerst cornet, geboren op 4-1-1896, overleden op 17-9-1985);
Hendrik Nijzingh (met de ringbas, geboren op 18-7-1901, overleden op 12-5-1969);
Menno (Minne Pieter) de Raaf (met trombone, geboren op 19-3-1923, overleden op 18-4-1992);
Willem Krol (met piston, geboren op 20-10-1920).
Zittend voorzaan zijn van links naar rechts te zien:
Mans Nijzingh (met klarinet, geboren op 17-2-1940, wonende te Dwingelo);
Anne Nijzingh (met kleine trommel, geboren op 16-8-1932, wonende te Diever);
Jan Thalen (gegevens niet bekend, wonende te Assen, hij wordt verzocht te reageren op deze foto).

Posted in Cultuur, Diever, Kerk aan de brink, Opraekelen, Verenigingen | Leave a comment

Diever – Plaatselijk distributie-kantoor leeggehaald

In de verzetskrant De Waarheid verscheen op 24 december 1943 tussen korte berichten over liquidaties van Nederlandse S.S.’ers, S.D.’ers, N.S.K.K.-mannen en andere foute Nederlanders in diverse dorpen en steden het navolgende korte bericht van slechts drie woorden.

DIEVER – Plaatselijk distributie-kantoor leeggehaald.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het plaatselijke verzet overviel in de nacht van 9 op 10 november 1943 het gemeentehuis aan de Brink in Deever. Uit het gemeentehuis, waar ook het ‘distributie-kantoor’ was gevestigd, werden onder meer distributie-bonkaarten en een deel van het persoonsregister weggehaald.

Posted in Brink, Diever, Gemeentehuis, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

De herstapeling van de stenen van het hunnebed

De weledelzeergeleerde heer professor doctor in de oudheidkunde Albert Egges van Giffes gaf in 1953/1954 leiding aan het creatieve populair wetenschappelijke herstapelen van de stenen van het al duizenden jaren geleden in elkaar gezakte hunnebed op de Stienakkers an de Grönnegerweg bee’j Deever.
Bijgaand afgebeelde ansichtkaart is de eerste kaart die na de zo genoemde ‘restauratie’ is uitgegeven. Op de afbeelding is het resultaat van het goedbedoelde knutselwerk te zien.
Winkelier Jan Brugging (de Wiba) an de Heufdstroate in Deever gaf deze nu zeer zeldzaam geworden ansichtkaart in juli 1955 uit.
De redactie van het Deevers Archief prijst zich gelukkig wél een exemplaar van deze kaart in zijn verzameling te hebben en deze aan de trouwe bezoekers van de webstee te kunnen tonen.

Abracadabra-1274

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Diever, Grönnegerweg, Hunnebed D52, Rijksmonumenten | Leave a comment

Oude dokterswoning an de Heufdstroate

Eerste ansichtkaart
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart van de oude dokterswoning an de Heufdstroate in Deever is voor de Tweede Wereldoorlog gemaakt. Links naast de dokterswoning is de woning van Martinus Strating (geboren op 15 januari 1982, overleden op 5 augustus 1965) en Jacoba Timmerman (geboren op 27 februari 1882, overleden op 20 november 1982) te zien. Meester Strating was onderwijzer aan de Gereformeerde School. Beiden liggen begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
Tweede ansichtkaart
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart van de Heufdstroate in de buurt van de dokterswoning en de burgemeesterswoning is gemaakt in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Dirk Ludolf Broekema was toen de plaatselijke huisarts. Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) was toen de burgemeester van de gemiente Deever.

Posted in Ansichtkaarten, Burgemeesterwoning, Diever, Dokterswoning, Hoofdstraat | Leave a comment

Plaatje 88 uit Bussink’s album Mijn land – Drenthe

Het boekwerk ‘Bussink’s Album – Mijn land – deel VIII – Drenthe’ is geschreven door G.J. Nijland. Het album is in 1934 uitgegeven door Bussink’s Koekfabriek uit Deventer. Het album was verluchtigd met 100 plaatjes en 2 platen. Bijgaande kleine afbeeldingen tonen de voorkant en de achterkant van plaatje nummer 88. De redactie van het Deevers Archief toont dit verworven prachtige plaatje graag aan de trouwe bezoekers van zijn webstee,
Op de voorkant van het plaatje is de Kleine Peperstroate en het kerkgebouw aan de brink van Deever te zien. En zoals het meestal met getekende onderwerpen uut de gemiente Deever ging, is voor dit plaatje ook een ansichtkaart als voorbeeld gebruikt. Deze ansichtkaart uit 1933 is hier ook afgebeeld. De overtekenaar van de ansichtkaart heeft op zijn tekening de op de ansichtkaart zichtbare mensen en de twee zichtbare houten palen van de electriciteitsvoorziening niet overgetekend. Wel heeft de overtekenaar zijn tekening ingekleurd, bepaald niet slecht gedaan. Of de aan de rechterkant zichtbare schuur van de N.S.B,’er Klaas Marcus Balsma inderdaad met rode pannen was gedekt, dat is bij de redactie niet bekend, maar valt wel te betwijfelen, want de overtekenaar van de ansichtkaart is waarschijnlijk niet in Deever geweest

Abracadabra-1271Abracadabra-1272
Abracadabra-1273

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Kerk aan de brink, Klaas Marcus Balsma, N.S.B.'ers, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Zoals je ziet ben ik nog te Diever

Ansichtkaarten zijn een belangrijke bron van gegevens voor het schrijven over vrogger in de gemiente Deever.
De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is op zondag 23 juli 1939 in Deever in het postkantoor an de Heufdstroate gestempeld, wellicht door postkantoorhouder Lambert Schoemaker.
Een ansichtkaart van dit type wordt een vierluik genoemd; op de kaart worden vier kleine fotootjes getoond, in dit geval gebouwen in het dorp Deever. De vier kleine fotootjes staan elk apart ook afgebeeld op een gewone ansichtkaart.
Aan de linkerkant van de ansichtkaart is het café Centrum van Berend Slagter an de Kruusstroate te zien; dit nu wit geschilderde gebouw bestaat in enigszins verbouwde vorm nog steeds.
Boven in het midden van de ansichtkaart is het café Brinkzicht van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te ziet, dit gebouw bestaat in enigszins verbouwde vorm nog steeds.
Onder in het midden van de ansichtkaart is de oude kerk van de gereformeerde geloofsgemeente an de Kruusstroate te zien, dit gebouw -met uitzondering van het torentje- bestaat niet meer, op deze plek staat nu een andere kerk van de gereformeerde geloofsgemeente, die Kruiskerk is genoemd, maar gelukkig wel met het oude torentje. Het oude torentje moet toch èch wè as Deevers aarfgood worden beschouwd.
Aan de rechterkant van de ansichtkaart is de kaarke an de brink van Deever te zien. De kaarkhof (ook wel kaarketuun genoemd) was volkomen terecht afgezet met glint’n. De kaarkhof of kaarketuun behoort duidelijk niet tot de niet-origineel Saksische brink van Deever. De al in 1939 sterk vervallen kerk aan de brink is in 1956/1957 grondig gerestaureerd.
Het is jammer dat het fotootje aan de linkerkant van de ansichtkaart iets wordt overlapt door het fotootje boven in het midden van de ansichtkaart; dat was helemaal niet nodig.
De ansichtkaart is op vrijdag 21 juli 1939 door Joop geschreven aan mejuffrouw Mathilde L. Groenewoud, Wilhelminastraat 39, Den Haag. Afzender Joop schreef de volgende tekst op de achterkant van de ansichtkaart:
Zooals je ziet ben ik nog te Diever. Zondag als ’t goed weer is, ga ik met Cor een tocht maken en ga dan in Meppel slapen en Maandag naar huis, trein Roosendaal, verder fietsen. Ik kom misschien nog wel eens naar den Haag, maar er ligt zooveel werk thuis, dat ik er nu tegenop zie. Wees hartelijk gegroet van Cor en Joop en tot een volgende keer.

Posted in Ansichtkaarten, Café Balsma, Café Centrum, Diever, Erfgoed, Gereformeerde kerk, Kerk aan de brink | Leave a comment

Ansichtkaart van de gemeentecamping Deever

Deze in november 1965 uitgegeven zwart-wit ansichtkaart, met daarop een afbeelding van de gemeentecamping Deever, was te koop bij lunchroom annex cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, telefoon 05219-1335.
Lubbert (Lub) Wanningen was in die jaren in de zomer ook de uitbater van een kiosk aan de Bosweg bij het zwembad Dieverzand.
Lubbert (Lub) Wanningen en zijn echtgenote liggen begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Gemeentelijke camping, Neringdoenden | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie, bin ’t ee’m kwiet

In een gesprek dat de redactie van het Deevers Archief op 9 september 2005 had met wijlen boer in ruste Jans Bult uit Oldendeever, heeft de redactie de volgende reactie vastgelegd. Deze reactie biedt meer inzicht in de voor vele Deeversen bekende plek met de naam ‘t Bultie. Jans Bult reageerde echter toen als volgt.

Toen an de Brink ’t olde gemientehuus is offebreuk’n, hef ’t gemientehuus tiedelijk in ‘n noodgebouw ezeet’n. Het noodgemientehuus stön op een plek die ’t Bultie wödde enuumd. Vanof de boerdereje van Jan de Ruuter in Oldendeever leup ’r een zaandpad hen. Het pad zölf wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Ai’j over dat pad leup’m, dan leup ie over ’t Bultie.
We haad’n an dat pad nog een klein akkertie van twee-en-daartig are en dat wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Dat akkertie laag woar now, vanof de Kloosterstroate bekeek’n, de eerste dree huuz’n an de Veentiesweg stoat.
Noast oens akkertie laag an de Deeverse kaante een akker van Derk Vording (Dörk Vodding). Die akker wödde ok ’t Bultie enuumd. Een stuk van de Kloosterstroate was dus vrogger ’t Bultie.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

In het Deevers Archief is al heel wat aandacht besteed aan ’t Bultie, beter gezegd de discussie over de ligging van ’t Bultie, Voorgaande in het Deevers weergegeven reactie van wijlen boer Jans Bult uit Oldendeever geeft een duidelijke en positieve bijdrage aan deze discussie.
Deze reactie werd ook gepubliceerd in Opraekelen 05/4 (december 2005). Opraekelen is het blad van de heemkundige vereniging uut Deever. 

In het noodgebouw aan de Kloosterstroate, dat op deze uit 1964 daterende kleurenfoto is te zien, werd toen nog les gegeven aan leerlingen van de U.L.O.-school. Het noodgebouw stond dus niet op ’t Bultie, maar een flink eind naast ’t Bultie.
Boven het gammele houten gebouw (met gevaarlijke asbesthoudende dakplaten ?) is nog net een stukje van de spits van de gemeentelijke toren An de brink van Deever te zien.
Aan de linkerkant is niet helemaal scherp het voorhuis van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn, en Jantje Wesseling te zien.

De heer Wobke Vermaat reageerde op 13 oktober 2016 als volgt.
In 1963 zat ik in het witte noodgebouw op de U.L.O. We hadden daar ook schaakles.
Ik ben opgegroeid (familie Vermaat) in één van de dubbele woningen in de Kloosterstraat.
(redactie: De vader van Wobke Vermaat was leraar aan deze U.L.O.-school; de familie Vermaat woonde op nummer 18 in de Kloosterstraat, de door hem bedoelde dubbele woning is in 2014 afgebroken.

Abracadabra-417

Posted in Bultie, Deevers, Diever, Kloosterstraat, Opraekelen, U.L.O.-school | Leave a comment

Bouw café met concertzaal van Klaas Marcus Balsma

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 27 januari 1927 het volgende bericht over de uitslag van de publieke aanbesteding van de bouw van een café met concertzaal voor rekening van Klaas Marcus Balsma. 

Diever, 26 januari.
Voor rekening van den heer K.M. Balsma te Jubbega had heden alhier de publieke aanbesteding plaats van een café met concertzaal enzovoort aan de Brink te Diever.
I. Timmerwerk, enzovoort, hoogste inschrijver J. Coenraads te Noordwolde, f. 12479, laagste Mos en Zoer te Dwingelo, f. 11475.
II. Schilderwerk. Hoogste inschrijver G. Koster, alhier, f. 1290,-, laagste B. ter Wal, alhier, f. 1175.
III. Betonwerken. Hoogste inschrijver G.F. Bijl, Meppel, f. 879.30, laagste D. Faber te Assen, f. 348.
IV. Grondwerk. Hoogste inschrijver M. Punt, alhier f. 400, laagste L. Klok te Dieverbrug, f. 335.

Posted in An de Deeverbrogge, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma | Leave a comment

Daar wordt gedanst en nog wel op zondagmiddag

In het Vaderland – Staat- en Letterkundig Nieuwsblad van 5 februari 1920 verscheen het navolgende bericht over het V.C.S.B.-kamp aan de Bosweg tussen Deever en de Olde Willem. De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond organiseerde in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw in de zomer studentenkampen op een terrein in de buurt van het Mastenveldje aan de Bosweg. Op de ansichtkaart is de groote tent in ’t Studentenkamp te zien.

Kerknieuws – V.C.S.B.
In het laatste nummer van de Berichten uit den Vrijzinnig Christelijken Studentenwereld staat een geestig stukje van professor  Heering, getiteld “O.V.C.S.B., let op uw saek”.
We schrijven over:
“Zooals bekend is hebben hare conferenties wel eens het praedicaat moeten dragen van ‘Jolig Christendom’. Hare jongenskampen waren ook te uitbundig en te sportief. En zelfs drong eens het verwijt tot me door: ‘Wat zijn dat voor Christenen in Diever. Daar wordt gedanst en nog wel op Zondagmiddag.’
Na dit verwijt heb ik ’t toen voor beter gehouden, dat de V.C.S.B. voortaan niet voetbalde , niet sprong en niet danste. Doch tot mijn schrik heb ik gemerkt, dat de wind van kritiek ook uit een tegenovergestelden hoek waait. Er rijzen klachten dat de V.C.S.B. te weinig levenslustig is, te weinig pret maakt.
Ds. Van Wijngaarden heeft een student ontmoet, die kennismakende met de V.C.S.B. , teruggedeinsd was voor de droogstoppels die er waren. Ds. Van Wijngaarden achtte wel is waar deze aanklacht overdreven, maar vond er toch aanleiding in, om in de Nieuwe Stemmen uit de Vrije Gemeente (December 1919) een ernstige waarschuwing te laten hooren, een waarschuwing zóó belangrijk, dat de N.R.C. van 9 januari, ochtenblad, haar overnam. De waarschuwing luidt: De V.C.S.B. hebbe niet te vergeten: ‘Ook bij de sportlievenden, danslustigen is het godsdienstig gevoel niet afwezig.’
Wanneer men nu aan deze bezwaren wil tegemoet komen en tegelijk de eerstgenoemde klachten niet verontachtzamen wil, dan wordt het geval moeilijk, uiterst moeilijk.
Professor Heering’s welgemeenden raad aan de V.C.S.B. is : Kunnen de danslustige en de ernstige lieden elkaar en de zoo hartelijk belangstellende buitenwereld niet tevreden stellen door het volgende in acht te nemen.
’s Zomers danse men een stemmige Quadrille des Lanciers, ’s winters na een ernstige lezing of sectie een vrolijk (maar kalm) walsje ! Zoo betracht gij binnen de grenzen van uw vereniging den rijkdom des levens en houdt allen te vriend, die met hun opbouwende critiek het werk van uwen Bond zoo krachtdadig steunen !

 

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Gemeente Diever, V.C.S.B.-kamp | Leave a comment

Tjeerd Bottema is de ontwerper van de Sluis-haan

Rechts van de ingang van korenmolen de Vlijt in Oldendeever hangt al zeker meer dan vijftig misschien wel zestig of zeventig jaren een geëmailleerd reclamebordje met de bekende hanekop van Pieter Sluis, ooit fabrikant van onder meer veevoeders, mengvoeders, diervoeders, vogelvoeders, pluimveevoeders, kippevoer en zangzaad.
Het bordje is helemaal verweerd en was oorspronkelijk kanariegeel van kleur, dat is nog een beetje te zien bij de letters E, N en G van het woord MENGVOEDERS.
Het email is bij de vier schroeven (of zijn het spijkers ?) op de hoeken verdwenen en de schroeven (of zijn het spijkers ?) zijn helemaal weggeroest.
De tanden van de tijd zullen het bordje verder aanvreten en op een dag zal de zwaartekracht het bordje van de muur trekken, maar daar zal dan waarschijnlijk geen haan naar kraaien.
Zo te zien zal het bordje voor de verzamelaar weinig waarde hebben.
Het bordje moet daar zijn opgehangen in de beste jaren van Pieter Sluis, toen het merk Sluis nog een begrip in heel Nederland was. Heeft mulder Jan Albert (Ab) Jansen het bordje opgehangen, voordat hij naar het land Verenigde Staten van Amerika (U.S.A) verhuisde, misschien wel vóór de Tweede Wereldoorlog of heeft zijn opvolger Arend Uiterwijk Winkel dit na 1953 gedaan ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het reclamebordje van dichtbij op 3 oktober 2012 gemaakt.
De De redactie van het Deevers Archief heeft de andere kleurenfoto op vrijdag 30 november 2018 gemaakt.

Op 14 februari 2018 schreef Evert de Jong de volgende reactie, waarvoor de redactie hem bijzonder erkentelijk is:
Vermeld mag worden dat de Sluis-haan voor reclamedoeleinden is ontworpen door tekenaar, schilder, etser en illustrator Tjeerd Bottema. Dat moet ver voor de Tweede Wereldoorlog zijn geweest.
Rond 1905 had Tjeerd Bottema het beroemde affiche voor verzekeringsmaatschappij RVS gemaakt: vrouw met paraplu, man met wandelstok en hondje.
In die periode moet hij hoogstwaarschijnlijk ook het beroemde embleem voor P. Sluis hebben gemaakt.
Ik heb ruim 40 jaar geleden een boek geschreven over het leven van Tjeerd Bottema (ISBN 9062720013), getiteld ‘Mijn leven’. Daarin staat een fraaie Friestalige affiche van P. Sluis Ochtendvoer afgedrukt. De datum waarop deze prent werd gemaakt staat er helaas niet bij.
Bottema zegt in het boek onder meer over zijn studententijd aan de Rijksacademie voor Schilderkunst in Amsterdam: ‘Het ging me daar goed. Ik kreeg veel opdrachten voor illustraties en voor reclamewerk’.
Later maakte hij furore als illustrator van voornamelijk kinderboeken en als etser.
In het voorjaar van 1978 is Tjeerd Bottema in Katwijk overleden.
Ik hoop u hiermee naar genoegen te hebben geïnformeerd.

Posted in Diever, Kunst, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Professor doctor Albert Egges van Giffen

Een gemakkelijk leesbaar verhaal over de archeoloog professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee www.dodenakkers.nl.
De laatste paragraaf van het artikel beschrijft de plechtigheid voorafgaand aan de begrafenis van professor doctor Albert Egges van Giffen op de kaarkhof an de Grönnigerweg in Deever.
Een ander aanvullend verhaal over professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee In en om Assen.
Ook is in de webstee Wikipedia een en ander te vinden over professor doctor Albert Eggen van Giffen.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever | Leave a comment

De Venus van Leggel werd gevonden in Deever

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant verscheen op 4 juni 1847 het navolgende bericht over de vondst van een vrouwenbeeldje uit de Romeinse tijd.

Te Leggeloo, in Drenthe, werd onlangs door een arbeider van den landman Tissing te Diever, bij gelegenheid van het graven naar veldsteenen, in het veen, ter diepte van ruim 11/2 Nederlandsche el, een romp van een Romeinsch vrouwenbeeldje opgegraven, zijnde van kalksteen en op de helft van levensgrootte bewerkt. Het stelt eene liggende Venus of nimf voor, naakt tot op het midden, waar de vouwen van het nedergedaalde sluijergewaad gezien worden, terwijl de haren achterwaarts over de schouders vallen, tot omstreeks op de helft van de rug, en één der lokken ook den linker boezem bedekt. Zij schijnt zich oorspronkelijk op den regter arm gestut te hebben; de houding is bevallig en de bewerking vrij goed. Dit, vooral wegens de localiteit, waar het ontdekt is, belangrijke overblijfsel, lag te Diever tusschen een hoop opgegraven veldsteenen, bij de schuur van voormelden Tissing, om eerlang met de steenen verkocht en stuk geslagen te worden, waar het echter nog tijdig genoeg door den heer Janssen, conservator bij ’s Rijks museum voor oudheden te Leijden, ontdekt en voor de Leijdsche verzameling verworven werd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden bevindt zich daadwerkelijk de Romeinse Venus van Leggel. Uit de informatie in de webstee van dit museum is de exacte vindplaats in het veen niet direct af te leiden. Ook is niet bekend waar de genoemde Tissing in de gemiente Deever woonde.
Veldstenen werden in die tijd in de streek gewoon opgegraven en verkocht om bijvoorbeeld toegepast te worden als bekleding en bescherming van de Friese zeedijken. Maar waarom veldstenen opgraven uit het veen ? Het kan best zo zijn geweest dat boeren, die hun land geschikt maakten voor landbouw, de veldstenen die ze tegen kwamen en in de weg lagen in een nabij hun akkers liggend veentje dumpten.
Bijgaande foto is afkomstig van de webstee van het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden.

 

Posted in Diever, Oudheden | Leave a comment

Slijtpaden over de kaarkhof bij de brink van Deever

Op de hier afgebeelde foto uit 1916 is fraai te zien hoe over de kaarhof bij de brink van Deever drie slijtpaden lopen. In die tijd lagen op de kaarkhof bij de brink nog stoffelijke resten van begraven mensen. Pas bij de grote restauratie van het kerkgebouw aan de brink in 1956-1957 zijn deze stoffelijke resten geruimd. Onder de slijtpaden lagen dus in 1916 nog mensen begraven.
Op foto’s uit latere jaren is te zien dat om de kaarhof bij de brink een hek staat en dat over de kaarkhof geen slijtpaden meer lopen. Blijkbaar was dat hek in 1916 nog niet geplaatst.
Vanaf de brink loopt een slijtpad naar de hoofdingang van het kerkgebouw. Het brede slijtpad loopt van de Hoofdstraat over de kaarhof naar het boerencafé aan de brink. De mensen sneden zo een aardig stukje af. Het smallere slijtpad loopt vanaf de huizen bij het Schultehuis aan de brink over de kaarkhof naar de Peperstroate.
De hier afgebeelde foto van het kerkgebouw bij de brink van Deever is in 1916 gemaakt door de fotograaf Cornelis Johannes Steenbergh voor het weekblad ‘Buiten’. Het originele glasplaatnegatief is aanwezig in de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, In de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft de foto objectnummer ST 1067.

Abracadabra-1252

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Reactie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van 2016-05-10:

Bijna alle foto’s en een groot deel van de tekeningen in de beeldbank zijn in de loop van de tijd gemaakt door medewerkers van de Rijksdienst en zijn diverse voorgangers. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is daarom de rechthebbende van deze afbeeldingen.
Er is ook ander materiaal in de beeldcollectie opgenomen. De Rijksdienst heeft zijn best gedaan de eventuele rechthebbenden van dit materiaal op te sporen en toestemming te vragen voor de openbaarmaking. Vindt u desondanks dat de digitale beschikbaarheid van bepaalde afbeeldingen inbreuk maakt op enig recht dat u toekomt of uw (privacy)belangen schaadt, dan kunt u dit onderbouwd aan ons doorgeven. Wij nemen dan op korte termijn contact met u op. Bij een gegronde klacht verwijderen we vanzelfsprekend het materiaal van de website.
Alle beschikbare bestanden zijn vrij te downloaden en mogen onder de voorwaarden van de Creative Commons Naamsvermelding – Gelijk Delen 4.0 licentie gebruikt worden. Dit betekent dat iedereen de foto’s mag kopiëren, verspreiden en delen onder voorwaarde dat de bron staat vermeld en elk afgeleid werk onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

Posted in Brink, Diever, Erfgoed, Kerk aan de brink, Kerkhof, Rijksmonumenten | Leave a comment

Museum Dieverza an de brink in Deever

In de gemeente Deever houdt ogenschijnlijk geen enkel particulier museum het lang uit. Voorbeelden van dit komen en gaan zijn het Glasmuseum an de Heufdstroate in Deever en het Radiomuseum an de Aachterstroate in Deever, Zo ook het particuliere museum Dieverza an de brink in Deever. Blijkbaar is het erg moeilijk om zelfs in een toeristisch gebied, zoals de gemeente Diever, dergelijke museums uit te baten. Van Ron en Eefke Zegers, de bedenkers van het museum Dieverza, is de volgende tekst over hun museum geciteerd.

Na jaren van verzamelen hebben we in 1990 onze eerste winkel geopend. Dat was verzamelwinkel ‘de Bumper’ op de ringdijk in Ridderkerk. In 1998 wilde we graag een museum beginnen voor onze enorme verzameling. De droom was een oude boerderij. We zijn daarvoor verhuisd naar de Brink in Diever in Drenthe. In een oude boerderij uit 1863 zijn we ons museum met winkel, café, snuffelschuur, theetuin en speeltuin begonnen. We veranderden onze naam in ‘Museum Dieverza’.
Het was een prachtig avontuur, maar het zoeken naar antiek en brocante op markten in België en Frankrijk bleef ons meer trekken dan de horeca …… Na een groot gedeelte van onze collectie van ons museum te hebben verkocht aan het Nobel Museum op Ameland, zijn we eind 2002 verhuisd naar ons huidige adres in Schoondijke in Zeeuws-Vlaanderen in Zeeland. Daar zijn we een brocante-winkel begonnen. Ons pand in Schoondijke is het voormalig ‘winkelcentrum’ of zoals ze het hier noemen ‘de centrale winkel’. Het pand heeft een oppervlakte van 400 m² en staat bomvol. We hebben de naam Dieverza veranderd in Diverza, want dat is tevens een leuke afkorting van diverse verzamelingen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De achterkant van deze ansichtkaart uit 1999 (dat is al weer zeventien jaar geleden) vermeldt het volgende:
Museum Dieverza:
– een museum met diverse oude winkeltjes;
– een gezellig oud dorpscafeetje;
– een museum met antiek, curiosa en verzamelingen;
– een nostalgisch snoepwinkeltje;
Brink 2, 7981 BZ Diever, Telefoon 0521-591194.
De bezoekers wordt tevens gewezen op een eerder verschenen bericht over deze boerderij in het Deevers Archief.

Abracadabra-1251

Posted in Boerderijen, Brink, Diever, Museums, Neringdoenden, Toeristenindustrie | Leave a comment

Anne Mulder over Albert Egges van Giffen

De Deeverse wijlen Anne Mulder vertelde in een interview in 1991 in Assen enige persoonlijke herinneringen aan professor doctor Albert Egges van Giffen aan de redactie van het Deevers Archief. Deze heeft de herinneringen van wijlen Anne Mulder op papier uitgewerkt en in maart 2000 gepubliceerd in nummer 00/1 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever.

Mijn ambtelijke contacten met Van Giffen
In de negentwintig jaren die ik heb gewerkt op de secretarie van het gemeentehuis in Diever, heb ik met de professor op prettige wijze over verschillende zaken contact gehad.

Van Giffen, de bosbewoner
Hij had een tweede woning op de Heezeberg. Daar vertoefde hij regelmatig. Dat was de plaats waar hij het liefst verbleef. Op de Heezeberg was het bosonderhoud een geliefde bezigheid van hem. Hij had altijd een tang bij zich om takken af te kunnen knippen. Na zijn dood heeft zijn oudste zoon Jan daar gewoond.

Van Giffen, zijn contacten met het dorp
Voor zover mij bekend hebben Van Giffen en zijn vrouw nooit deelgenomen aan het gemeenschaps- en verenigingsleven in Diever. Op één uitzondering na. Hij was lid van de commissie van aanbeveling van een geldinzamelingsactie voor de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk van Diever. Die actie heeft succes gehad, want de restauratiecommissie heeft de kerk in 1959 schuldenvrij overgedragen aan de kerkvoogdij.

Van Giffen, de altijd gedrevene
Hendrik Jan ter Mast fungeerde als toezichthouder op zijn bosgebied op de Heezeberg. Op een gegeven moment vertelde de professor aan Hendrik Jan over zijn grootse plannen voor de komende jaren inzake de beplanting en het onderhoud van het areaal bos. Hendrik Jan reageerde daarop met: “Mor dan moei’t oasemhael’n neet vergeet’n meneer”, waarop de professor antwoordde met: “Ik zal erom denken Ter Mast”.

Van Giffen, de grappenmaker
Het kwam wel eens voor dat hij bij het hunnebed mensen aantrof die uit het westen van het land kwamen. Hij maakte met zijn kleine gestalte en een pet op zijn hoofd dan niet bepaald een professorale indruk. Hij vertelde dan die mensen wel eens de gekste verhalen over de hunnebedden en de wijze waarop ze waren ontstaan. En met die verhalen togen ze dan huiswaarts.

Van Giffen, de onverbiddelijke
Mijn broer Egbert had een tijdlang het alleenrecht van jagen op zijn grondgebied. Totdat de Dieverse jagers, waaronder mijn broer, eens op de rand van dat gebied de jacht uitoefenden. De oude Hendrik Jubbega uit Oldendiever was op een gegeven moment moe en ging even zitten. Op dat moment was ook professor Van Giffen ter plaatse en constateerde dat Hendrik Jubbega op het uiterste puntje van zijn bosgebied was gaan zitten. Meteen ontnam de professor Egbert definitief het alleenrecht op de jacht in zijn bosgebied. Maar daarmee was de professor niet van mijn broer af, want wie ligt naast hem en zijn vrouw begraven op de algemene begraafplaats in Diever ? Jawel, de jager Egbert Mulder ! Nu zijn en blijven ze nog buren ook.

Van Giffen, de opmerker
Bij een wandeling door het dorp ontdekte professor Van Giffen een pol huislook op het dak van onze boerderij, Achterstraat 10. Hij vroeg aan mijn moeder, die buiten stond, of hij een stuk huislook mocht hebben. “Eiglijk neet”, zei mijn moeder, “want ‘k vun oe vrogger in de skoele moar een kreng, want ie kneep’m mee’j altied in de wange”. Ze zaten immers bij elkaar in de klas toen de professor als jongen in Diever woonde. Zij werd geboren op 9 januari 1884 en hij op 14 maart 1884.
De professor wenste zich niet te herinneren wat mijn moeder zei. Het had ook niets met hunnebedden, grafheuvels en urnenvelden te maken. Desondanks heeft hij wel een stukje huislook meegekregen. Ik weet niet hoe die pol huislook op ons dak is gekomen. Misschien is die pol meegebracht door mijn vader, want die was rietdekker van beroep.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Professor doctor Albert Egges van Giffen was namens de Drentsche Praehistorische Vereniging lid van het bestuur van de Stichting ‘Oud-Drenthe’ te Assen, de stichting die in het voorjaar van 1935 meende in de eerste plaats zijn gehele aandacht te moeten concentreren op het behoud en herstel van het zo genoemde Schultehuis an de Brink in Deever.
In het zo genoemde Schultehuis is nu gevestigd het zo genoemde Oermuseum, dat wel bijzonder schatplichtig is aan de niet in Deever geboren en ook niet in Deever getogen professor doctor Albert Egges van Giffen.
Lezers die Deeverse herinneringen hebben aan professor doctor Albert Egges van Giffen worden verzocht deze op papier te zetten en voor publicatie in het Deevers Archief in te sturen.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde zwart-wit foto van het boerderijtje an de Aachterstroate in Deever, waar vroeger de familie Mulder woonde, op 10 februari 2000 gemaakt, da’s ook al weer meer dan zestien jaar geleden.

Abracadabra-1248

Posted in Achterstraat, Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Hunnebed D52, Kerk aan de brink, Opraekelen | Leave a comment

Plotseling en wreed stond de dood voor de broers

Ter godvruchtige nagedachtenis van de broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens werd bijgaand doodsprentje gemaakt. Een doodsprentje is een klein prentje dat binnen de Rooms Katholieke Kerk wordt uitgegeven als herinnering aan een overlijden. Een doodsprentje wordt tijdens de uitvaart aan de aanwezigen uitgedeeld. Het hier afgebeelde doodsprentje -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- zal derhalve op 14 april 1945 in de Kerk op de Brink van Deever zijn uitgedeeld tijdens de uitvaartdienst van de tien mannen die op 10 april 1945 op het Marktterrein in Deever werden vermoord.  

De Duitsers gijzelden op 10 april 1945 de uit Noord-Brabant geëvacueerde broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens, samen met Nicolaas Houwer, Kornelis Kerssies, Harman Bennen, Roelof Hunneman, Hendrik Akkerman, Klaas Daleman, Jan Houwer, Koop Houwer en Koop Westerhof.
De Duitse gijzelaars dwongen de gegijzelden op het Marktterrein in Deever tegen de wal van de kaarhof te gaan staan. Zie de afgebeelde foto, die op 15 februari 2001 is gemaakt. Op deze plek staat heden ten dage een rododendronbosje.
Na enige uren arriveerde een auto uit Steenwijk. De Duitse officier die uit de auto stapte was de woedende en schreeuwende S.D.-commandant Fritz Habener, Hij greep plotseling een mitrailleur en vermoordde de mannen die tegen de wal van de kaarkhof stonden. Koop Westerhof overleefde als door een wonder deze wrede moordaanslag.

De tekst van het doodsprentje luidt als volgt:
Jezus, Maria, Joseph.
Ter godvruchtige nagedachtenis van Antonius Maria Gerardus Janssens, geboren 26 mei 1926 te Tilburg en van Jozef Cornelis Maria Janssens, geboren 10 october 1930 te Berkel, gevallen voor het vuurpeloton 10 april 1945.
Plotseling en wreed stond de dood voor deze beide jonge menschen, die nog aan ’t begin, aan de lente stonden van hun leven.
Maar toch roept onze Moeder de Heilige Kerk, ook bij deze wreede sterfgevallen ons toe om niet te blijven treuren, maar om te denken aan de opstanding en ’t eeuwig leven, dat deze jongens tegemoet gaan.
Beste ouders, broers en zusjes weent niet over ons. Eens zullen we allen weer in blijdschap vereenigd zijn.
Mijn Jezus, barmhartigheid !

Een doodsprentje werd vaak van een passende bijbeltekst voorzien. En niet te vergeten voorzien van een aanwijzing voor een aflaat. Een aflaat is de vermindering van tijdelijke straffen die de overledene in het vagevuur moet ondergaan. Deze straffen kunnen worden verminderd door het uitspreken van gebedjes voor de overledene, zoals bijvoorbeeld op dit doodsprentje het gebed ‘Mijn Jezus, barmhartigheid’. Dit leverde voor de gestorvenen per gebed 100 dagen aflaat op.
De term ‘Cum approbatione ecclesia’ betekent in het Nederlands ‘Met goedkeuring van de kerk’.
Het prentje van de religieuze scène is getekend door Augustin Müller-Warth (1864-1943). Het is bij de redactie niet bekend of ook een kleuren-versie van dit doodsprentje is uitgegeven.

Abracadabra-1255Abracadabra-1256Abracadabra-1258Abracadabra-1257

Posted in 10 april 1945, Bidprentjes, Diever, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Begroeiing verwijderd bij het hunnebed

In 2011 werd een vuurtje gestookt bij het hunnebed D52 op de Steenakkers an de Grönnigerweg bee’j Deever, waardoor een groot stuk van een deksteen afbrak. In 2008 zijn drie stenen van het hunnebed blauw geverfd. Vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever hebben op maandag 16 februari 2012 en de dagen daarna een groot deel van de begroeiing rond het hunnebed weggehaald.
De zo onstane zichtbaarheid van het hunnebed zou moeten bijdragen aan het voorkomen van vernielingen aan het hunnebed en vervuiling rond het hunnebed. Het kappen, hakken, zagen en snoeien van bomen, struiken en bosschages is in overleg gegaan met Staatsbosbeheer, de beheerder van het terrein rond het hunnebed.
RTV-Drenthe heeft tijdens de werkzaamheden bij het hunnebed filmopnamen voor de televisie gemaakt, waarbij de verslaggever de in hunnebedden en bosschages gespecialiseerde deskundige van de heemkundige vereniging van Deever ruim aan het woord liet.
Het uitgezonden filmpje is ook te zien op het internet.
In het filmpje heeft de hiervoor genoemde deskundige het ook over een foto van jaren terug, waarop het hunebed zonder begroeiing is te zien. Wellicht doelde hij op de foto van hunnebed D52 uit 1918, toen Albert Egges van Giffen bezig was met het inventariseren van de hunnebedden.
Overigens was het in 1952, een paar jaar voor de mislukte restauratie van het hunnebed, ook vrij kaal rond het hunnebed, zoals te zien is op deze prachtige zwart-wit ansichtkaart van het hunnebed met op de achtergond in schoven gezette rogge. Het ware beter geweest dat de weledelgestrenge heer professor doctor Albert Egges van Giffen het hunnebed van Diever met rust had gelaten.
Voor de volledigheid en ter illustratie van deze tekst wordt hier ook een op 26 juli 2012 gemaakte foto getoond.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Hunnebed D52, Steenakkers | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie

De heer Jaap Koning stuurde op 1 februari 2014 de volgende in het Deevers gestelde vraag in:
Woar was ok a weer ‘t Bultie ? Bin ’t eem hielemoale kwiet !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Jaap Koning is een zoon van Lambertus Koning (Battus Keuning) (geboren 15 maart 1918, overleden 7 december 1987) en Deeltje …………. (gegevens moeten nog worden uitgezocht).
Wijlen sier- en hoefsmid, schrijver, geitenfokker, doe-het-echt-zelver en dorpscriticaster Klaas Kleine noemde Lambertus Koning (Battus Keuning) de lochtkeerl (doe ’t locht ies an, ’t wödt a donker), omdat Lambertus Koning (Battus Keuning) ook opnemer van de electriciteitmeters was. De familie Koning woonde an de Veentjesweg in Deever. De heer Jaap Koning heeft ook een eigen webstee, te weten www.jaapkoning.nl.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de prangende vraag van de heer Jaap Koning, geboren en getogen Deeverse, voorzien van het juiste antwoord ? 
Woar was ok a weer ’t Bultie ? Woar was ok a weer ’t olde Bultie ?
Misschien zou Rikus Kloeze, de veldnamenexpert en voorvechter van de lokale politieke partij Dorpsbelangen, daar uitsluitsel over kunnen geven ? Want in november 2012 (zie ook het bericht van 9-11-2012 in de webstee van de Olde Möppeler) smeedde hij vrolijk lachend en eigenhandig het Zwatte Pattie om tot Bultie, het nieuwe Bultie. Deever had eindelijk zijn nieuwe Bultie. Rikus had een jarenlange strijd tegen de ambtelijke windmolens beloond zien worden.
Maar daarmee is nog niet de cultuurhistorische vraag beantwoord over de ligging van ‘t Bultie. Daarvoor moeten we zoeken op de kaart met de Deeverse veldnamen en dan blijkt er een akker met de naam Scholten’s Bultie te zijn geweest, tussen wat nu de Vlasstraat is en wat nu de Veentjesweg is, dus eigenlijk zou de Kloosterstraat –het is nooit bewezen dat in Deever een klooster heeft gestaan- tussen de Vlasstraat en de Veentjesweg de naam Scholten’s Bultie moeten hebben. Dus het Zwatte Pattie, nu bij vergissing Bultie genoemd, het zij Rikus Kloeze, Nico Pook en Zwanie Zantinge vergeven, was de verbinding tussen de Hoofdstraat en het zandpad over Scholten’s Bultie naar Oldendeever. Het laat zich raden dat dit voor de Afgescheidenen uit Oldendeever en Wittelte in de tijd van de onverharde wegen op zondag hun kaarkepad naar hun Offescheid’n kaarke aan hun Kruisstraat moet zijn geweest.

Posted in Bultie, Diever, Kloosterstraat, Kruisstraat, Veentjesweg, Veldnamen | Leave a comment

Het huisje waar mijn grootouders hebben gewoond

De in Amsterdam wonende, maar in Deever geboren en getogen Jaap Koning stuurde op 22 mei 2016 de volgende reactie naar het Deevers Archief. Het betreft een reactie op het bericht De olde kouwe van Oaltie Keuning-Hoaveman. De redactie is Jaap Koning zeer erkentelijk voor deze reactie. 

Volgens mij wordt het woord ‘kouwe’ hier gebruikt in de denigrerende betekenis van ‘kooi’. Een aanduiding voor een in elkaar getimmerd schuurtje, waarvan het dak lekt en waar de wind doorheen blaast door de kieren tussen de planken.
Het was het huisje waar mijn grootouders hebben gewoond. Ik kwam er als kind vaak.
Het dak lekte niet en de wind kwam niet binnen, maar verder was het behoorlijk primitief. De vloer bestond nog uit leem en stromend water of een pomp was er niet. De laatste jaren woonde mijn grootmoeder daar alleen en ik haalde als jongetje een paar keer per week een grote emmer water bij de buren en zette die dan in een halletje neer, zodat opoe Koning altijd water in huis had.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het woord ‘kouwe’ heeft -voor zover de redactie zich dat kan herinneren- in het Deeverse dialect drie betekenissen, te weten: kooi, huis en snee.
Alleskunner Klaas Kleine (dertien ambachten en geen ongelukken) -van nature wel kritisch en een beetje cynisch- heeft het woord ‘kouwe’ hier vast en zeker in de betekenis van ‘huis’ gebruikt. 

Posted in Diever, Klaas Kleine, Peperstraat | Leave a comment

Einde van de molen aan het Moleneinde

Op 6 maart 1915 verscheen de volgende advertentie in het Nieuwsblad van Friesland over de veiling van den ondergrond van een windkorenmolen met aangelegen grond, den molen op afbraak en een dorschmachine. Het ging om de molen aan het Katteneinde, later Moleneinde genoemd, in Deever.

Molen  – Diever (Dr.)
Notaris Bon te Dwingelo zal op maandag 15 maart 1915, des voormiddags ten 11 ure, ten huize van T. Wesseling te Diever, ten verzoeke van Jan Rabbinge aldaar, publiek bij inzate veilen:
1. den ondergrond van een windkorenmolen met aangelegen grond groot 7 aren 90 centiaren, zeer gunstig bij het dorp gelegen aan den straatweg Diever-Dieverbrug; zeer geschikt voor huisplaats;
2. den molen op afbraak in twee percelen a. het houtwerk met zwaar eikenhouten achtkant en 2 maalsteenen; b. de steenen en verder metselwerk en het riet; de bliksemafleider wordt afzonderlijk verkocht;
3. een zoo goed als nieuwe dorschmachine door den molen gedreven wordende.
Vreemde bieders gelieven zich te voorzien van een verklaring van gegoedheid afgegeven door hun notaris.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Als onderdeel van de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek, ‘de fabriek’, aan het Katteneinde in Diever werd in 1908 een korenmalerij ingericht.
Jan Rabbinge, de molenaar van de windkorenmolen naast ‘de fabriek’ zal uiteindelijk in de concurrentiestrijd met de korenmalerij van ‘de fabriek’ het onderspit hebben gedolven. Zo gebeurde het dat hij zijn beltmolen in 1915 door notaris Bon uit Dwingelo liet veilen in het boerencafé van Teunis Wesseling aan de Hoofdstraat in Diever. Roelof Willem Fledderus werd de koper van de molen op afbraak. Wellicht dat het vrijgekomen eikenhout in de streek is hergebruikt bij de bouw of de verbouwing van een boerderij.
Jan Rabbinge werd op 11 juli 1872 geboren in Bloemberg (Zuidwolde) als zoon van landbouwer Jan Rabbinge en Lummigje ten Kate. Hij overleed op 2 januari 1954 in Zuidwolde. Jan Rabbinge trouwde op 15 juni 1900 in Ruinerwold met Hilligje Nijsingh. Zij werd geboren op 23 april 1874 aan het Oosteinde in Ruinerwold en overleed op 21 juni 1911 in Deever. Zij was een dochter van Jan Hendriks Nijsingh en Vrougje Karsten.
Jan Rabbinge hertrouwde op 15 maart 1913 in Deever met 
Janna Smid. Zij werd op 22 oktober 1883 geboren aan de Anserweg in Ruinen en overleed op 3 maart 1951 in Zuidwolde. Zij was een dochter van Arend Smid en Marchien Willems.
De boerderij met het boerencafé van Teunis Wesseling stond op de hoek van de Hoofdstraat en de Tusschendarp, op de plek waar nu een zelfbedieningswinkel is gevestigd.

Posted in Diever, Molen aan het Moleneinde, Molens | Leave a comment

Botterfabriek van Deever bestaat 40-jaar op 29-3-1939

In het Nieuwsblad van Friesland verscheen op 24 maart 1939 het volgende artikel over het 40-jarig bestaan van de zuivelfabriek van Diever op woensdag 29 maart 1939.

Diever, 23 maart. Op 29 maart aanstaande zal het 40 jaar geleden zijn, dat werd opgericht de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij “Diever” te Diever. Oorspronkelijk was de naam Coöperatieve Vereniging voor boterbereiding en aanschaffing van veevoeder in den uitgebreidsten zin, doch  deze werd in 1919 gewijzigd. Dit jubileum zal met grooten luister gevierd worden. Een revue is door de Directeur vervaardigd en zal eenige avonden ten gehoore gebracht worden. Op 29 februari 1899 werd op initiatief van den heer H. Krol, landbouwer en veehouder alhier, destijds een bijeenkomst gehouden van met de oprichting symphatiseerenden. Aanwezig waren 50 belanghebbenden, die besloten tot oprichting over te gaan. Op 29 maart werd voor notaris Beckering van Loenen te Dwingelo de akte gepasseerd, waarbij 46 leden tot de vereeniging toetraden. Het eerste bestuur bestond uit de heeren L.W. van Os, voorzitter, C. Offerein, K.W. Fledderus, H.H. Hessels, R. Seinen, de eerste raad van commissarissen uit de heeren H. Krol, B. de Ruiter, H. Kok, W. Bakker, R. Hummelen. Eerste directeur was de heer J.H. Bentum, die 19 mei 1899 als zoodanig in functie trad, en eerste personeel de heeren J. Jonkers, A. Klaster en R. van Nijen. Onder architectuur van den heer Ten Bosch, opzichter der rijkswaterstaat te Dieverbrug, werd op 1 april 1899 de bouw der fabriek aanbesteed. De bouw werd opgedragen aan den timmerman Johannes Noorman te Diever voor -let wel- f. 2736. Binnen 3 maanden was het gebouw gereed en de inventaris, welke werd geleverd door de fa. Boeke en Huidekoper te Groningen, opgesteld. Het was toen nog een handkrachtbedrijf. Op 25 juli 1899 werd de fabriek in werking gesteld. Den eersten morgen werd 2194 kg melk verwerkt, het eerste boekjaar (25 juli 1899 – 30 april 1900) 450.000 liter. Het gemiddelde vetgehalte bedroeg toen 3,10 %. De vereeniging dreef vanaf den beginne wel handel in koeken en rijstmeel, doch pas later en wel in 1908 werd de korenmalerij ingericht. Het bedrijf werd toen meteen in stoomkracht aangezet, en eveneens uitgebreid, aangezien de boeren van Wittelte toetraden. In 1909, dus na 10-jarig bestaan, bedroeg de melkaanvoer 1.000.000 kg. Aan veevoeder werd omgezet 450.000 kg met een totale waarde van f. 41.857. Verschillende verbouwingen heeft de fabriek naderhand ondergaan. In 1914 werd een tweede stoomketel aangeschaft en het ketelhuis uitgebreid. In 1928 vond een bijna geheele vernieuwing der fabriek plaats en werd tevens een kaasmakerij aan de inrichting verbonden.
In 1935 werden ketelhuis en malerij verbouwd en in 1938 de kunstmestafdeeling uitgebreid. De kunstmesthandel was tot 1919 in handen van de Dorpsvereeniging, doch ging in dat jaar over aan de zuivelfabriek.
De melk-aanvoer is, mede door de ontginning, veeverbetering, enz. in verhouding zeer toegenomen. Over het laatst afgesloten boekjaar werd verwerkt 4.100.000 kg melk. De omzet aan veevoederartikelen en kunstmeststoffen bedroeg 2.600.000 kg, met een totale waarde van f. 156.000. De afdeeling veevoeder en kunstmest is sedert augustus 1930 in exploitatie als filiaal van de Coöperatieve Landbouwersbank te Meppel. Het laatst afgesloten boekjaar was het vetgehalte 3.415 % .
Van de eerste bestuursleden en commissarissen is alleen nog in leven de heer B. de Ruiter, thans woonachtig te Dwingelo. Van de 46 leden die de vereeniging oprichtten, leven er nog 8, namelijk J. Noorman, C. Andree, J. Bennen, en Roelofje Wever te Diever, J. Bult en J. de Ruiter Sr. te Oldendiever, K. Bennen te Dieverbrug en W. Boverhof in Amerika.
Als voorzitter hebben gefungeerd, de heeren L.W. van Os (1899-1900), R. Seinen (1900-1919), P. Barelds (1919-1924), H.H. Hessels (1924-1931) en J. Seinen (sedert 1931).
Momenteel zijn bestuurslid: J. Seinen, Jac. Hessels, D. Moes te Diever, J.B. van de Berg en J. Boerhof te Wittelte. De Raad van Commissarissen wordt gevormd door de heeren: J. Bult en R. van Wester te Oldendiever, H. Jonkers en B. Wemmenhove te Dieverbrug en T. Ofrein te Wittelte. De heer J. Bult is sedert de oprichting en sedert 1900 lid van de Raad van Commissarissen.
Als directeur fungeerde vanaf de oprichting tot 1 september 1931 de heer J.H. Bentum, thans woonachtig te Dieverbrug. De heer Bentum heeft den geheelen groei der vereeniging dus meegemaakt, hetgeen hem als een groote verdienste mag worden aangerekend. Vanaf 1 september 1931 treedt als directeur op de heer J. Andree.
De vereeniging, begonnen met 46, telt thans 217 leden. Het personeel liep op tot 15 man.
De jubileerende vereeniging zal zich de volgende week zeker in groote belangstelling der leden mogen verheugen. Op 29 en 30 maart zal voor de leden een revue worden vertoond met 30 medewerkenden. Voor de afnemers en voor de jeugd zullen bovendien nog een tweetal avonden ten beste worden gegeven.
Op den dag van het jubileum namelijk woensdag 29 maart, des namiddags te 2 uur, zal in het café Slagter een openbare bestuursvergadering worden gehouden. Ook daar zal het zeker niet aan belangstelling ontbreken.

Posted in Diever, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Duvel van Deever veroordeeld tot levenslang

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 17 april 1947 het navolgende bericht over het Bijzonder Gerechtshof te Assen, inzake het proces tegen de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma uut Deever.

Duivel van Diever veroordeeld tot levenslang
Het Bijzonder Gerechtshof te Assen veroordeelde heden den 64-jarigen caféhouder Klaas Marcus Balsma te Diever, den ‘duivel van Diever’ tot levenslange gevangenisstraf, ontzetting uit de kiesrechten en uit het recht het beroep van caféhouder uit te oefenen. Eisch was doodstraf met ontzetting uit de rechten. Het recht van cassatie werd Balsma toegekend.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het recht van cassatie is het recht beroep aan te tekenen bij het hoogste rechtsprekende orgaan van het land tegen het vonnis van een lagere rechter. Het is bij de redactie van het Deevers Archief niet bekend of Klaas Marcus Balsma van dat recht gebruik heeft gemaakt.

Posted in Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers | Leave a comment

Pacht Café Brinkzicht in andere handen

In de Meppeler Courant van …. 1948 verscheen het volgende bericht over het opnieuw verpachten van Café Brinkzicht aan de Brink van Diever.

Pacht Café Brinkzicht in andere handen
Diever. De pacht van het café Brinkzicht zal ingaande 3 maart aanstaande overgaan op mejuffrouw J. Strampel (Jannie Strampel) te Rottum bij Heerenveen, zulks in de plaats van de heer H. Figeland (Hendrik Figeland), die vanaf de bevrijding pachter van dit café is geweest.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De juiste datum van publicatie van dit berichtje moet nog worden uitgezocht.
Hoe zal het in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog zijn gegaan met het beheer van het café, toen de eigenaar de N.S.B.’er Klaas Markus Balsma vanwege oorlogsmisdaden in de gevangenis zat ?
Nam één van zijn kinderen zijn zaken waar of was een bewindvoerder aangesteld ?
Zie de afbeelding van het sukersakkie, waaruit blijkt dat Jannie Strampel de uitbaatster van hotel-café Brinkzicht is  Dit sukersakkie is aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief.

Abracadabra-175

 

Posted in Afbeeldingen, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma, Sukersakkies | Leave a comment

N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma zoekt een dienstbode

In  het Drentsch dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe), jaargang 1, nummer 176, van 22 december 1942 verscheen het navolgende bericht, waaruit blijkt de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma op zoek was naar een dienstbode.

Gevraagd: een dienstbode voor de dag of voor dag en nacht of een werkster, 3 dagen per week. K.M. Balsma, café, Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma was weduwnaar. Zijn vrouw Gezina Catharina Smit, geboren op 7 april 1895, overleed op 27 september 1938. Haar graf met grafsteen is te vinden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever .
Klaas Marcus Balsma werd geboren op 28 april 1892 in Eernewoude (Tietjerksteradeel).
De overlijdensadvertentie in de Leeuwarder Courant van 13 maart 1970 vermeldt dat hij op 12 maart 1970 op 77-jarige leeftijd is overleden in Appelscha (Ooststellingwerf) en op 16 maart 1970 is verbrand in Groningen.

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Vergadering van de N.S.B. in café Balsma uitgesteld

Op 6 maart 1943 verscheen in het Agrarisch Nieuwsblad de volgende korte advertentie over het uitstellen van een vergadering van de afdeling Diever van de Nationaal Socialistische Beweging (N.S.B.) in café Balsma an de Brink in Deever.

Nationaal Socialistische Beweging – Diever
De aangekondigde Openbare Vergadering op 7 maart in café Balsma wordt tot nader datum uitgesteld.

Posted in Brink, Café Balsma, Diever, N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Lonen omlaag met respectievelijk 10, 7,5 en 5 %

De redactie van het Deevers Archief houdt er een merkwaardige hobby op na en dat is onder meer het verzamelen van jaarverslagen en andere documenten van de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij ‘Diever’, die was gevestigd aan het Katteneinde (Moleneinde) in Deever. Elk jaarverslag bevat een schat aan gegevens over de melkveehoudende boerenstand in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte.
De redactie vond het ‘Jaarverslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932’ bij toeval in een achtergelaten doos in het kaaspakhuis in het toen nog bestaande oude pand van de zuivelfabriek aan het Katteneinde (Moleneinde) in Deever.

De jaren 1931 en 1932 waren jaren in de grote vooroorlogse crisis. In het ‘Verslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932’ zijn slechts twee zinnetjes in het verslag van de bestuursvergaderingen besteedt aan de beloning van zijn arbeiders:
Verder werd besloten tot loonsverlaging van het personeel over te gaan en wel met percentages van respectievelijk 10, 7½ en 5. Voor de hierna geldende salarissen zie men de tusschen haakjes geplaatste bedragen bij de loonlijst personeel.
Het bestuur was in het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932 als volgt samengesteld:
– Jan Seinen, Diever, voorzitter;
– Gerard Meijering, Diever, secretaris;
– Dirk Moes, Diever, vice-voorzitter;
– Hendrik Lefferts Barelds, Wittelte, vice-secretaris;
– Jan Berends van der Berg, Wittelte, lid.
De raad van commissarissen was in het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932 als volgt samengesteld:
– Jans Bult, Oldendiever, voorzitter;
– Roelof van Wester, Oldendiever, secretaris;
– Hendrik Jonkers, Dieverbrug;
– Klaas Geerts, Oldendiever;
– Bertus Wemmenhove, Dieverbrug.

De genoemde loonlijst is te zien op de hier afgebeelde bladzijde 4 van het genoemde jaarverslag.
De Heer Directeur J.H. Benthem en de Heer Assistent J. Andree (die zichzelf altijd maar Andreae wilde
noemen)
bleven -ook in die zware crisis- gespaard van deze groffe gedwongen loonsverlaging. Zij hadden bovendien het grote voorrecht van ‘vrij wonen’. Ook de eerste kaasmaker had ‘vrij wonen’.
Op de hier afgebeelde bladzijde 5 van het genoemde jaarverslag is te lezen hoe ook de melkrijders het er van langs kregen. Merkwaardig genoeg namen de melkrijders het voorstel aan voortaan op de zondag gratis te rijden.

Het schrille contrast met de groffe gedwongen loonsverlaging van de fabrieksarbeiders van de toch wel mededogenloze boerenonderneming ‘Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij Diever’ is te lezen in het hier afgebeelde kort-door-de-bocht bericht, dat verscheen op 29 juni 1932 in het Nieuwsblad van het Noorden:
Diever, 28 juni. Van gemeentewege vond dezer dagen de uitkeering plaats van gelden ingevolge de Crisis-Zuivelwet. Bijna 400 veehouders ontvingen kleinere en grootere bedragen, tot een totaal van f. 4369,50. Het gaf een heele drukte.

Om voorlopig in ‘de ergste nood’ van de melkveehouders te voorzien, kon in 1932 elke melkveehouder krachtens de Crisis-Zuivelwet steun ontvangen. Per melkgevende koe, die aanwezig was op 15 juni 1932, kon elke melkveehoudende boer, die zich voor steun aanmeldde f, 2,25 ontvangen. In de gemeente Diever ging het om 376 boeren, die tezamen 1959 koeien hadden, dus het steunbedrag was f. 4407,75. De boerenorganisaties moeten ook in die jaren al krachtige lobbyisten in het Haagsche hebben gehad.
Van hoeveel koeien in 1932 de melk naar de ‘Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij Diever’ werd gebracht, is niet bekend, dus is het ook niet bekend hoeveel steun naar de boeren in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte is gegaan.
Na de gedwongen groffe loonsverlaging van de arbeiders van de melkfabriek een maand eerder gaf het met die 203 boeren in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte wel een hiele drokte daar bij het gemeentehuis an de Brink in Deever (een gemeentehuis hoort aan de Brink staan). Bestuursleden, commissarissen en leden van de coöperatie, allemaal in de rij staan voor een beetje steun. Hand ophouden. Niet klagen, maar dragen. Geld van de arbeider en geld van de belastingbetaler. Alle beetjes helpen om de crisis door te komen.
De redactie kan belangstellenden een pdf-bestand van het belangwekkende ‘Jaarverslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932′ toesturen. Stuur een berichtje.

Abracadabra-1224Abracadabra-1225Abracadabra-1223

Posted in An de Deeverbrogge, Diever, Kalteren, Landbouw, Oldendiever, Wittelte, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Onderhandelen over krijgsgevangenen in Deever

In Tresoar (Frysk Historisysk en Letterkundich Sintrum) in Leeuwarden bevinden zich in de inventaris (stukken betreffende het openbaar leven, militaire aangelegenheden, verdediging en oorlogshandelingen en algemene stukken) van het Stadhouderlijk archief: De archieven in het Koninklijk Huisarchief: Hendrik Casimir II stukken betreffende een overeenkomst, in 1672 gesloten te Diever, tussen gemachtigden van Hendrik Casimir II, de bisschop van Munster en de bisschop van Keulen betreffende de behandeling van wederzijdse krijgsgevangenen.

In het rampjaar 1672 (het volk redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos) werd de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden aangevallen door Engeland, Frankrijk en de bisdommen van Münster en Keulen. Het bisdom van Münster stond onder gezag van Bernard van Galen, het bisdom van Keulen stond onder gezag van prins Maximiliaan Hendrik van Beieren.
De troepen van de twee bisdommen vielen Noord-Nederland aan. De Keulse en Munsterse bisschoppen zetten daarbij 30.000 man soldaten. Het lukte Bernard von Galen (Bommen Berend) tot vlak voor de stelling Heerenveen te komen, maar die was versterkt met een aarden wal en dubbele grachten. De bezetting bestond uit burgercompagnieën: schutters uit Leeuwarden en Franeker, en geregelde troepen, allen onder het bevel van graaf Johan Maurits van Nassau-Dietz, stadhouder Hendrik Casimir II, generaal Carl von Rabenhaupt en luitenant-admiraal baron Hans Willem van Ayala. De troepen van het bisdom Münster vielen in de nacht van 18 op 19 augustus 1672 tot driemaal toe aan, maar ze werden steeds tegengehouden. Daardoor konden ze Friesland niet verder binnendringen. Op 28 augustus, en na een beleg van amper een maand gaf de bisschop zijn troepen opdracht de belegering van Groningen op te heffen. Op 2 september 1672 werd Blokzijl bijgestaan door Friese troepen en een Hollandse vloot; de bisschop trok zich terug.
Winschoten werd op 7 september 1672 prijsgegeven; Oudeschans capituleerde op 27 oktober 1672 voor Von Galen. Coevorden werd na een verrassingsaanval eind december 1672 opgegeven. Bij dichte mist werden 600 Münsterse soldaten gevangen genomen en vielen 85 kanonnen in handen van generaal Carl von Rabenhaupt.
De troepen van de bisschop van Münster verbleven geruime tijd in Staphorst en omstreken, zodat zelfs de kerk van dat dorp bijna een jaar voor de beoefening van de roomse eredienst werd gebruikt. Vanuit Staphorst werden strooptochten in Drenthe en Friesland ondernomen.
In de strijd werden -blijkens de bewaard gebleven stukken- zowel aan de zijde van de troepen van Hendrik Casimir II als aan de zijde van de troepen van de bisschoppen van Münster en Keulen soldaten krijgsgevangen gemaakt, waarover tussen gemachtigden in Diever, wellicht in het huis van de schulte aan de Brink, werd onderhandeld over de manier van behandeling van wederzijdse krijgsgevangenen.

Posted in Brink, Diever | Leave a comment

Ansichtkaarten – Kerk op de brink van Deever

De foto voor deze ansichtkaart werd omstreeks 1925 gemaakt.
De redactie van het Deevers Archief heeft het vermoeden dat Willem Mulder de maker is van deze foto.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Kerk aan de brink | Leave a comment

’t Pothokke in de gemiente Deever

De redactie van het Deevers Archief heeft in jaar 2007 de zogenaamde Historische Kalender voor het jaar 2008 voor de leden van de heemkundige vereniging uut Deever samengesteld, zo ook de teksten bij de foto’s en de eerste bladzijde met enige uitleg over de betekenis van het pothokke.

Het pothokke staat nu bijna altijd bij boerderijen die al lang niet meer daadwerkelijk in gebruik zijn als boerderij. Wie let er in het vooorbijgaan op ? Wie hecht nu nog belang aan dit kleine huisje ? Toch hoorde het pothokke honderden jaren bij het boerenleven, want in dat kleine gebouwtje werd brood gebakken, melk gekarnd, de was opgekookt, varkensvoer gekookt, het vlees van het geslachte varken verwerkt, geweckt, in de zomer huisde het boerengezin in het pothokke. Een kleine, maar onmisbare ruimte voor het leven op de boerderij in vroeger tijden. Niet alleen nuttig, maar ook aangenaam. In de avonduren trof de jeugd elkaar in het stookhok, er werd in gevrijd, jenever gestookt, geboomd, tabak gedroogd.
De voormalige werkgroep ‘Pothokken in de gemeente Diever’, bestaande uit Dieverse Dorpskrachten, waaronder wijlen Jan Hessels, is vanaf 1999 bezig geweest met het lokaliseren, inventariseren, bestuderen en fotograferen van alle pothokken in de gemeente Diever en zijn de afmetingen, het bouwjaar, de opdrachtgever van de bouw, de bouwaannemer, de aard van de gebruikte materialen, de huidige staat van onderhoud en de huidige bestemming vastgelegd. daarbij zijn de nijvere verzamelaars van gegevens wel vergeten de verhalen bij de pothokken vast te leggen. Het geheel is in 2007 als een losbladig boekwerk ’Pothokken in de gemeente Diever’ uitgegeven. Gelukkig heeft de redactie van het Deevers Archief wel het verhaal uit de mond van wijlen Jan Hessels opgeschreven en dit bericht verwerkt.
In de gemeente Diever stond vroeger bij de meeste boerderijen een pothokke, bij de meeste boerderijen staat gelukkig nog steeds een pothokke. Er waren kleine en grote pothokken. Een klein pothokke was meestal alleen bestemd voor het koken van de pot met varkensvoer. Dat was een grote pot waarin, afhankelijk van het aantal te voeren varkens, enkele keren per week aardappels werden gekookt. In de kookpot ging als regel dree maande eapels, ongeveer vijfenzeventig kilo aardappelen. Als de aardappels gaar waren, dan werden ze met een aparte klauw fijn gestampt.
Het vuur onder de pot werd meestal gestookt van takkenbossen of oude verrotte afrasteringspalen. De takkenbossen stonden in een bult bij de boerderij. Ze stonden in weer en wind. Bij flinke regen werden de takkenbossen behoorlijk nat, wat bij het opstoken veel rookontwikkeling gaf.
De familie Hessels aan de Kruisstraat in Diever had twee binnenpotten. ’s Maandags werd in de buitenpot een geëmailleerde binnenpot geplaatst, waarin de was werd opgekookt. Kinderen moesten vaak het vuur onder de pot stoken. Ook werd in het najaar in de pot water gekookt voor het slachten van het varken. Het warme water was nodig om het haar van het varken te broeien. Het haar kon dan beter van het varken worden verwijderd. Daarna werd in de pot de bloedworst gekookt en vervolgens het zogenaamde kortgoed. Dit waren de kop, de lever en het hart van het varken. Die werden verwerkt in de leverworst en hoofdkaas. Hiervoor werd een grote pot gebruikt.
Bij de familie Hessels aan de Kruistraat stond een wat groter pothokke, dit pothokke bestaat staat steeds (zie de bij dit bericht gepubliceerde foto, die op 20 november 2005 is gemaakt). In het pothokke stond ook een kachel, waarop drie pannen konden worden geplaatst. In de winter werd in de huiskamer gekookt. In de zomermaanden was het in de huiskamer te warm en werd in het pothokke gekookt. Dit was een manier om de warmte van het koken buiten het huis te houden. Ook stond in het pothokke de wasmachine. Dit was een wasmachine, die met de hand moest worden gedraaid. Wijlen Jan Hessels moest ook wel eens draaien. Hij moest dan tweehonderenvijftig slagen draaien. Hij was de tel nog wel eens kwijt, maar begon dan niet opnieuw.
De kachel in het pothokke werd in de regel gestookt met hout en turf of zudden. Grotere pothokken bestonden uit twee gedeelten. In één gedeelte werd in de zomer gegeten. Het was voor de huisvrouw wel gemakkelijk, want de kachel, waarop het eten werd gekookt, was dan dichtbij. Je hoefde daarnaast niet zo ver te lopen met de pannen. Het eten vond plaats naast de pot waar het varkensvoer werd gekookt. Je zorgde dan wel dat je snel at, want het stikte in het pothokke van de vliegen.
In het  pothokke werd veel water gebruikt bij het koken van varkensvoer, bij het slachten, bij het wecken en bij het wassen. Daarom stond het pothokke aan de kant van de pompestroate en kon men via de zijdeur van de boerderij zo het pothokke in lopen.
Vanwege het brandgevaar was het pothokke altijd bedekt met dakpannen, bij voorkeur met cementpannen, omdat deze het meest afdichtend gelegd konden worden. Altijd met dakpannen ? Niet altijd, want in Wapse staat een pothokke mit’n reet’n doake.
Het pothokke heeft in de loop van jaren zijn oude functies verloren. Sommige pothokken zijn helaas afgebroken, maar pothokken kregen vooral een nieuwe bestemming. Uit de inventarisatie van de pothokken in de gemeente Diever blijkt dat het gebruik van het pothokke verrassend veelzijdig is. Veel pothokken zijn helaas in gebruik als fantasieloos baarghokke, maar gelukkig ook veel als fietsenhok, voorraadruimte, kippenhok, konijnenhok, paardenbox, keuken, galerietje, schildersatelier, expositieruimtetje, cv-ketelhuisje, tuinhuisje, garage, strijkkamertje, zomerverblijf, trainingsruimte, washok, kantoor en badkamer.
Dat deze bestemmingen tot voorbeeld moge zijn van de eigenaren, die hun pothokke gebruiken als baarghokke. Ook het kleinste pothokke in de gemeente Diever, met een binnenoppervlak van slecht 3,6 m2, is in gebruik als baarghokke, het verdient een beter lot. In het verleden was op Zorgvlied een pothokke in gebruik als werkruimte van een fietsenmaker.
Elders zijn pothokken in gebruik als winkeltje en als sauna en wie weet wat voor bestemmingen nog meer. Kortom het pothokke is voor veel doeleinden geschikt. Uit de inventarisatie bleek ook dat bij een oude boerderij in 2004 een pothokke is ingestort en is afgebroken. Het is zeker de moeite waard dat voor onze streek zo karakteristieke gebouwtje te herbouwen.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Canon van de gemeente Diever, Diever, Dorpskrachten, Erfgoed, Kruisstraat, Pothokke | Leave a comment

Van Osstraat te wijzigen in ’t Kasteel

De wegen op ‘t Kastiel in Deever hebben jammer genoeg te lang Burgemeester van Oslaan geheten.
De intrigerende vraag is waarom de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk deze wegen de naam Burgemeester van Oslaan heeft aangemeten en waarom niet de naam Burgemeesters van Oslaan ? Er zijn immers twee Ossen (vader en zoon) burgemeester van de gemiente Deever geweest.
Deze dwaling van de ene Voorkant Van Het Grote Gelijk is helaas slechts ten dele door een andere Voorkant Van Het Grote Voorkant Gelijk recht gezet.
Op de kleurenfoto is te zien dat de andere weg over ’t Kastiel (de mooie weg langs de Fledderushoeve) nu ten onrechte Van Osstraat heet. Deze weg ook Van Osstraat noemen dat is wel heel veel eer voor burgemeester Hendrik Gerard van Os, die veel te lang aan het Deeverse pluche bleef kleven.
Pas vanaf het pand waarin nu het naai-atelier van Maaike Bakker is gevestigd (adres Van Osstraat 4a) tot aan de Dwarsdrift zou het aanvaardbaar kunnen zijn de naam Van Osstraat te blijven gebruiken. Het ene deel van deze straat zou dan Leonard Willem van Osstraat kunnen heten en het andere deel Hendrik Gerard van Osstraat, immers de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk schijnen zo nodig elke burgemeester van de gemiente Deever op deze manier en zonder aanziens des persoons te moeten verheerlijken.
En waar in Deever hebben de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk zo nodig Johannus Pottinga Szn verheerlijkt ? Hij is maar zo’n twee magere jaartjes burgemeester van de gemiente Deever geweest. De redactie is van mening dat het eventueel naar hem vernoemen van een achterafweggetje, een achterafpaadje, een achterafsteegje, een achteraflaantje, een achterafstraatje of een achterafpleintje wel meer dan voldoende is.
Zou het een politiek briljant idee kunnen zijn om in de gemiente Deever het beheren, periodiek schoonmaken en onderhouden van al het gemeentelijke wegmeubilair, zoals smerig geworden lantaarnpalen en straatnaamborden -zie de kleurenfoto- onderhands gratis of voor een habbekrats uit te besteden aan een hobby-onderneming, bijvoorbeeld aan een boermarke of aan de supporters van een sportvereniging of aan een buurtvereniging of aan de dorpskrachten van de plaatselijke heemkundige vereniging ? Dan kan door de inzet van dorpskrachten op zijn minst ongeveer een kwart voltijds-ambtenaar worden wegbezuinigd uit het kantoortuinencomplex aan de gemeentehuislaan.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt.

Abracadabra-572

Posted in Diever, Gemeente Diever, Gemeente Westenveld, Gemeentebestuur, Kastiel, Straatnamen, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Verkwisters hadden een lamp van wel 40 kaarsen

De redactie van het Deevers Archief mocht graag bij wijlen Jan Hessels, de broer van dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels, op bezoek gaan in sien boerdereeje an de Kruusstroate in Deever. Jan hield van het vertellen van korte lachwekkende verhaaltjes, die hij steevast anekkedotes noemde. Zo ook zijn volgende anekkedote over de elektrificatie van Deever. 

In de maand mei in het jaar 1924 zijn mijn vader en moeder getrouwd. In het najaar van 1924 is onze boerderij aangesloten op het elektriciteitsnet.
Mijn moeder heeft ons vaak verteld dat ze toch nog een paar jaar de olielampen zijn blijven gebruiken. Ze gingen eerst kijken wat de ervaringen van andere mensen waren. Ze zei dat de mensen vaak een gloeilamp van 25 kaarsen in de woonkamer hadden hangen, maar dat er ook van die verkwisters waren die een gloeilamp van wel 40 kaarsen hadden hangen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De ouders van Jan Hessels waren Jacob (Jaap) Hessels en Margje Veenhuis. Zij trouwden op 3 mei 1924 in Deever.
Jacob Hessels is geboren op 3 mei 1896 in Deever en is overleden op 7 maart 1979 in Deever.
Margje Veenhuis is geboren op 25 juni 1899 in Wapse en is overleden op 23 mei 1985 in Deever.
Dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels is geboren op 8 oktober 1927 in Deever en is overleden op 21 maart 1995 in Deever.
Jan Hessels is geboren op 4 mei 1934 in Deever en is overleden op 20 augustus 2001 in Deever.
De redactie heeft de kleurenfoto van de boerdereeje mit ut grote pothokke, waar de familie Hessels woonde, op maandag 3 september 2018 gemaakt.

Posted in Diever, Electrificatie, Harm Hessels, Kruisstraat | Leave a comment

Ut Bultie lig an ’t ende van ’t Zwatte Pattie

De redactie van het Deevers Archief ontving van Jaap (Jacob, Japie) Koning, broer van Henk, Jacoba (Coba) en Jan  Koning, geboren en getogen in Deever en opgegroeid aan de Veentjesweg, naar aanleiding van een eerdere reactie van hem de navolgende reactie. De eerdere reactie is te vinden in de webstee van het Deevers Archief, via zoeken op de woorden ‘jaap’ en ‘koning’. Die reactie heeft als titel ‘Woar was ok a weer ’t Bultie’. Zijn eigen conclusie is nu: ‘Het Bultie was op het eind van het Zwarte Pattie’.

Inmiddels heb ik er nog eens rustig over nagedacht en hier en daar mijn oor te luisteren gelegd. Volgens mij is het zo dat het Bultie was op het eind van het Zwarte Pattie, dat liep van de Kruisstraat naar de Vlasstraat. Daar waar in de vijftiger jaren ooit het houten postkantoortje stond als tijdelijke vervanging voor het postkantoor van Bart Schoenmaker in de Hoofdstraat. Waarom dat gebied daar het Bultie heette, dat is mij een raadsel, misschien weet iemand het.
En verder nog: Lambertus (Bertus) Koning was getrouwd met Deeltje van der Helm, dochter van Meine van der Helm en Jacoba Pit uit Wapse (wij noemden toen die streek trouwens Kalteren). Deeltje (mijn moeder dus) is momenteel 93 jaar en woont/verblijft in het verpleeghuis Dickninge, onderdeel van de Schiphorst in Meppel. Tot zover. Als het anders is, dan lees ik het graag !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaats waar in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw een houten noodgebouwtje stond werd in de volksmond het Bultie genoemd, mee eens. Het ‘Groene Kruis gebouw’ op de hoek van de Vlasstraat en de Kloosterstraat staat echter ook op ’t Bultie. Vandaar dat het onzin is dat het Zwatte Pattie nu de naam Bultie heeft gekregen.
Het noodgebouwtje diende vanaf de sloop van het oude gemeentehuis tot aan de bouw van het nieuwe gemeentehuis (1955/1956) als tijdelijk onderkomen voor het gemeentelijke apparaat.
Daarna werd in het gebouwtje ook les gegeven aan leerlingen uit de eerste klas van de U.L.O-school, totdat het nieuwe gebouw van deze school op de Westeres in 1965 in gebruik werd genomen.
De naam het Bultie vindt zijn oorsprong in de behoefte van boeren om hun akkers een herkenbare naam te geven, dat is een behoefte die boeren (nog steeds) in de hele wereld hebben. De bouwakkers in de buurt van het Bultie hadden in de tijd van het ontstaan van het kadaster de naam Scholten’s Bultie (de kleine Bult van Scholten). Bijvoorbeeld dorpsfiguur Geert Dekker had een moestuin op ’t Bultie.
De volksmond sprak over ’t Bultie en niet over de Bult. Het is voorstelbaar dat vóór 1940, toen de nes in die buurt nog niet bebouwd was, je lopende over het zandpad vanaf de Hoofdstraat in de richting van Oldendeever, tegen een lichte glooiing aankeek, dat plaatselijke licht hogere deel van de nes kreeg natuurlijk de naam Bultie, dat kon niet missen.
Als het anders is of moet worden, dan verneemt de redactie van het Deevers Archief
dat graag.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande foto op donderdag 13 november 2014 gemaakt. Het naambordje staat aan het begin van het Zwatte Pattie an de kaante van de Vlasstroate..

Posted in Bultie, Cultuurhistorie, Diever, Gemeentehuis, Veldnamen | Leave a comment

Ansichtkaart van het café van Berend Slagter

De Kruusstroate in Deever zag er in de vijftiger jaren van de vorige eeuw een tijdje zo uit.
Let vooral op de Esso-benzinepomp van Jan Slagter, die is te zien naast de houten paal waaraan de bovengrondse elektriciteitsdraden zijn bevestigd.

Posted in Ansichtkaarten, Café Berend Slagter, Diever, Kruisstraat | Leave a comment

Deever – In steen gehouwen : J. SL. B.M. 16-9-53

De redactie van het Deevers Archief heeft op 3 oktober 2012 des morgens om 10.14 uur toevallig in het voorbijgaan de hier afgebeelde eenvoudige gevelsteen an de Kruusstroate in Deever waargenomen en natuurlijk op de foto gezet:
J.SL. B.M. 16-9-53.
Blijkbaar heeft het echtpaar J.SL en B.M de ‘eerste steen’ van het betreffende leegstaande pand op 16 september 1953 ‘gelegd’ in de vorm van een gevelsteen. Heeft hij of heeft zij hem ‘gelegd’ ?
Het pand stond op 3 oktober 2012 nog te koop. De staat van het pand was toen niet al te best meer. Hopelijk hebben de kopers van dit pand de gevelsteen bij het opknappen van het pand niet verwijderd.
Hopelijk herkennen bezoekers van het Deevers Archief deze gevelsteen en kunnen en willen zij een en ander vertellen over het echtpaar J.SL en B.M.

Abracadabra-1277

Posted in Diever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Deever – Weg hen de Deeverbrogge – 1906

De redactie van het Deevers Archief toont graag zijn mooiste ansichtkaarten aan de bezoekers van zijn webstee. In dit geval betreft het bijgaande zwart-wit ansichtkaart (briefkaart), die op 11 juli 1921 is verstuurd vanuit Diever naar Den Haag. Uitgeverij H. ten Brink te Meppel is de drukker van deze kaart.

Op de kaart is in het vrije tekst gedeelte de volgende tekst te lezen:
Beste Amalia,
Hartelijke groeten ui Drenthe ! Ik heb het heerlijk op de hei en tusschen de dennen. Alleen is het erg warm. Wil je tante de groeten doen ? Ontvang ook zelf de groeten van …… (naam van de afzender is helaas niet leesbaar). 11 juli 1921.
De kaart is verzonden aan Mejuffrouw A. van Willigenburg, Beeklaan 440, Den Haag.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De hier afgebeelde ansichtkaart (briefkaart) is ook opgenomen in het boekje met de snorkende titel ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ van Arend Mulder Jzn.
Op de ansichtkaart (briefkaart) (kenmerk nummer 231/A R) zijn te zien de stoomzuivelfabriek en de beltmolen, die in 1915 is afgebroken. Jan Rabinge was in 1915 de molenaar van de beltmolen.
Dat wil zeggen dat de op 11 juli 1921 verzonden kaart dateert van vóór de afbraak van de molen, de precieze datering is 1906. De plaatselijke neringdoende verkocht in 1921 dus een herdruk van de oorspronkelijke ansichtkaart (briefkaart) uit 1906.
Op de afbeelding is aan de linker kant te zien een deel van de boerderij Egbert (Eppe) Bennen (geboren op 4 augustus 1863 in Deever, overleden op 15 april 1912 in Deever) en Jantien Zoer (geboren op 14 oktober 1872 in Lhee, overleden op 20 april 1961 te Wapse)

De redactie wil in het Deevers Archief tevens graag verwijzen naar het bericht Stoomzuivelfabriek aan het Katteneinde – 1908, naar het bericht Einde van de molen een het Moleneinde en naar het bericht Korenmolen van den Heer Wesseling afgebrand.

Abracadabra-1400
Abracadabra-1401

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Molens, Topstukken, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Lest we forget – Opdat wij niet vergeten

Op de kaarkhof van Deever an de Grönnigerweg bevinden zich zeven oorlogsgraven van het Gemenebest. Hier liggen begraven de zeven bemanningsleden van een geallieerde bommenwerper- zes Canadezen en een Engelsman- die zijn gesneuveld op 22 november 1943, toen hun vliegtuig werd neergeschoten in de Olde Willem.
In een serie ansichtkaarten met als onderwerp ‘World War II Heroes – Lest we forget’ is van deze zeven oorlogsgraven bijgaand afgebeelde ansichtkaart uitgegeven, Het is jammer dat de tekst op de grafstenen niet leesbaar is.
De redactie van het Deevers Archief verwijst gemakshalve naar de betreffende gegevens in de webstee Tracesofwar.com.
De Engelse term ‘lest we forget’ in de linker bovenhoek van de ansichtkaart betekent in het Nederlands ‘opdat wij niet vergeten’. Dat is een mooi thema voor de jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei.
Het is bij de redactie van het Deevers Archief niet bekend wanneer en door wie de foto voor deze ansichtkaart is gemaakt. Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.

Abracadabra-1281

Posted in Ansichtkaarten, de Oude Willem, Diever, Grönnegerweg, Kerkhof, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Ansichtkaart en sukersakkie van Hotel Café Centrum

De foto voor de ansichtkaart in kleuren moet in de tweede helft van de zeventiger jaren van de vorige eeuw zijn gemaakt, dit vanwege de kleur oranje van de zitting en de rugleuning van de in kunststof verpakte metalen terrasstoelen.
Oranje was in die tijd de modekleur, oranje voorraadbussen, oranje bloemenvazen, oranje gordijnen, oranje vergieten, enzovoort, enzovoort.
In die tijd zal het café nog eigendom zijn geweest van Klaas Doorten en Alberdina Slagter (dochter van Berend Slagter).
Het sukersakkie is uit de tijd dat voormalig kolen- en petroleumboer Lambertus (Battus) Warnders (Waanders) van de Deeverbrogge (geboren op 12-05-1925, overleden op 04-11-1999) en zijn vrouw Geertje Kloosterman (geboren op 26-04-1925, overleden op 08-11-1990) de uitbaters van dit etablissement waren.

Posted in Ansichtkaarten, Café Centrum, Diever, Kruisstraat, Sukersakkies | Leave a comment

Veiling koornmolen met bijbehoorenden molenberg

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 28 januari 1882 verscheen het volgende korte bericht.

De notaris mr. W. G. Servatius te Dwingelo zal, ten verzoek van H. Kok en H.K. Mulder, op maandag 6 februari 1882, des morgens om elf uren, ten huize van K. Kok te Diever, publiek bij inzate veilen:
een koornmolen en daarbij behoorenden molenberg, staande en gelegen aan den straatwerg te Diever.

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 3 februari 1882 verscheen het volgende korte bericht

Koornmolen te Diever
De notaris mr. W.O. Servatius te Dwingelo maakt bekend dat de koornmolen te Diever uit de hand is verkocht en dat dientengevolge de geannonceerde publieke veiling van dien molen aanstaanden maandag, den 6den februarij, niet zal plaats hebben.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het ging om de verkoop van de beltmolen aan het Katteneinde (Moleneinde) van Deever.
H,K. Mulder was molenaar Hendrik Klaassen Mulder.
Wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief kan gegevens van K. Kok, H. Kok en Hendrik Klaassen Mulder aan de redactie verstrekken ? Waar in Deever stond het café van K. Kok ?
In 1882 kon de persoon (Jan Rabinge ?), die de korenmolen op de molenberg uit de hand kocht, niet vermoeden dat in 1899, bijna vlak naast zijn molen, zijn grootste concurrent zou worden gebouwd, te weten de coöperatieve melkfabriek, die enige jaren daarna werd uitgebreid met een korenmalerij.
De beltmolen draaide in 1915 voor het laatst.

abracadabra-528

 

 

 

 

 

abracadabra-529

Posted in Diever, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Molens | Leave a comment

Diever in 1581 geplunderd door Rennenberg

In de Drentsche Volksalmanak van 1838 staat in de rubriek Geschiedkundige Herinneringen bij de maand januari dat het dorp Deever in januari 1581 door Rennenberg is geplunderd en verbrand.
In de Drentsche Volksalmanak van 1838 staat in de rubriek Geschiedkundige Herinneringen bij de maand februari dat op 19 februari 1580 in Drenthe de kerkenplundering en beeldstorm plaats vond.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
George van Lalaing, beter bekend als graaf van Rennenberg of kortweg Rennenberg (Hoogstraten 1536 – Groningen 23 juli 1581), was stadhouder van Friesland, Groningen, Drenthe en Overijssel. Hij was afkomstig uit een Henegouws geslacht van landsbestuurders. Zijn ouders waren Filips van Lalaing, tweede graaf van Hoogstraten en Anna van Rennenberg.
Of de kerkenplunderingen en de beeldenstorm in 1580 ook de rooms-katholieke kerk aan de brink van Deever hebben getroffen is bij de redactie van het Deevers Archief niet bekend, maar mag niet worden uitgesloten.
Burgemeeester H.G van Os vertelde in een interview:
Den 9 Februari 1581 is nagenoeg het heele dorp door krijgslieden plat gebrand.

Posted in Diever, Geschiedenis | Leave a comment

Woap’m van Deever an de Kloosterstroate in Deever

Het direct na de Tweede Wereldoorlog bij elkaar gefantaseerde en op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven ‘grensstenen’. Deze stonden voor het ontstaan van de gemeente Westenveld op 1 januari 1998 ergens op de gemeentegrens langs een weg.
Op het erf van de woning an de Kloosterstroate 27 (voorheen Kloosterstroate 9) in Deever staat een kennelijk redelijk goed exemplaar, maar de eigenaar is van mening dat zijn object wel een keertje mag worden geverfd. Het wapen dat gemaakt is van beton staat op een betonnen sokkeltje en is geflankeerd door twee tuinversieringen. De maker van de foto heeft het rechter beeldje een beetje aan de kant geschoven om het wapen beter op de foto te krijgen.
De eigenaar was er, net als een paar anderen, op tijd bij, anders was zijn exemplaar begin 1998 met de andere verzamelde ‘grensstenen’ afgevoerd naar een puinbreker.
De huidige bewoners van het huis an de Kloosterstroate waren zo vriendelijk op 15 november 2013 de redactie van het Deevers Archief toegang te geven tot hun erf voor het maken van deze foto, daarvoor veel dank.
Gegevens over het wapen van de gemiente Deever zijn te vinden in het Nederlandse deel van de webstee van Heraldry of the World (Internationale Overheidsheraldiek). De in die webstee opgenomen verklaring bij het wapen van de gemiente Deever bevat helaas enige historische onjuistheden.

Posted in Diever, Gemeente Diever, Kloosterstraat, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

De Oele in de Singelier

wAls je aan een groot aantal mensen, die vandaag de dag in Deever woont, de vraag zou stellen waar de Oele is gebleven en wat singelier betekent, dan zal zeker bijna honderd procent van de ondervraagden deze vragen negatief beantwoorden, laat staan dat ze op de hoogte zijn van het bestaan van de Oele.

De Oele
De Oele is een zandstenen beeldhouwwerkje dat hoog in de voorgevel van de openbare lagere school aan de Tusschendarp in Deever was ingemetseld. Dit is te zien op de navolgende op 23 oktober 2012 gemaakte foto van de gekleurde pentekening van deze school, deze pentekening hangt in de openbare basisschool met de naam ‘de Singelier’ in Deever.
De Oele is bij de afbraak van de openbare lagere school gelukkig niet gestolen, ook niet met het bouw- en sloopafval afgevoerd naar een puinbrekerij, ook niet voor veel geld aan een liefhebber verpatst, maar dankzij de inspanning van de lokale heemkundige vereniging behouden gebleven. Het in een periode van meer dan een halve eeuw door weer en wind en zure regen en fijnstof aangetaste zandstenen beeldhouwwerkje is na een grondige schoonmaakbeurt in de herfstvakantie van het jaar 2000 door wijlen Bram Moesker binnen in de Singelier ingemetseld. Dit is te zien op de navolgende op 23 oktober 2012 door de redactie van het Deevers Archief gemaakte foto van de Oele. Hij hangt bij de hoofdingang boven een grote groene met strooizout gevulde groenafvalcontainer.
De Oele wordt in veel culturen beschouwd als teken van wijsheid. Waar een mens in de duisternis rondtast, neemt de Oele met zijn scherpe gezichtsvermogen alles waar. Gelukkig zag de maker van dit beeldhouwwerkje daar de betrekkelijkheid wel van in, want al houwend beeldde hij de Oele met zijn tenen met grote scherpe grijpklauwen op de rand van een opengeslagen boek, want ook een opengeslagen boek is als een teken van wijsheid te beschouwen.
Als je aan Deeversen, die jarenlang dagelijks langs de Oele aan de voorgevel van de school aan de Tusschendarp lipen of fietsten en soms of vaak naar de Oele hebben gekeken, zou vragen of ze weten dat de Oele op het opengeslagen boek van de wijsheid zit, dan zullen de meesten die vraag met nee beantwoorden. Kijken, maar niet zien.

De Singelier
De Oele hangt in de openbare basisschool met de naam ‘de Singelier’ in Deever. Singelier is een woord in het Deeverse dialect, dat een verbastering, zeg maar verdeeverdisering, is van het Nederlandse woord singulier, wat afwijkend, bijzonder of apart betekent. Het Deeverse dialect behoort tot de verzameling van Stellingswerfse dialecten. Het woord singelier is ook bij olde Deeversen in onbruik geraakt.
Het openbare lagere onderwijs in Deever werd eerst gegeven op een plaats in de hervormde kerk, daarna op een andere plaats in de hervormde kerk, daarna in een tot school verbouwde oude boerderij aan de brink, daarna in een nieuw gebouwde school aan de Hoofdstraat, daarna in een nieuw gebouwde school aan de Tusschendarp en nu in de nieuw gebouwde school op de Westeres.


Posted in Beelden, Brink, Diever, Kerk aan de brink, Openbare Lagere School Diever, Scholen, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Bolder’n op de Unesco-lijst van immaterieel erfgoed

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 4 december 2015 verscheen het volgende voor de redactie van het Deevers Archief zeer verheugende bericht over de traditie van het bolder’n.

Blokgooien immaterieel erfgoed
Diever. Het spelletje blokgooien dat nog wekelijks gespeeld wordt op het speelveldje aan de Dwarsdrift in Diever, is door Unesco erkend als immaterieel erfgoed. Blokgooien is een oeroud volksspelletje uit het Nedersaksisch taalgebied.
Volgens de overlevering is het spelletje in deze streken terecht gekomen door de Romeinen. De spelregels van het blokgooien zijn altijd doorgegeven van de ouders aan de kinderen, Men moet het niet vergelijken met klootschieten.
Bij het blokgooien worden centen op een blok gelegd en gooi je raak dan mag je de centen omhoog behouden. Hert gooien vindt plaats met een rond zwerfkeitje.
Ze hebben veel benamingen voor het spel, zoals bolderen, klobbejagen en klobbegooien. Zo komt het ook voor onder de naam van piksjitten in Friesland en kaalbakken in Groningen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Unesco heeft het oeroude Drentse bolder’n eindelijk erkend als immaterieel werelderfgoed. Het spel wordt in delen van Drenthe nog in ere gehouden, onder meer in en rond Roden en Westerbork en natuurlijk in Deever..
De trouwe bezoeker van het Deevers Archief wordt -na het misschien wel, maar beter niet lezen van het voorgaande in de gauwigheid in elkaar gedraaide stukje rammelende tekst- vooral aangeraden de webstee Blokgooien te raadplegen. De beheerder van deze website heeft zich het vuur uit zijn klompen gelopen om het bolder’n op de lijst van immaterieel werelderfgoed van de Unesco te krijgen. Hulde. Hulde. Hulde.
Het berichtje vermeldt dat heden ten dage in Deever wordt gebolderd met een rond zwerfkeitje. Dat is uit de duim gezogen onzin. De bolderstien wordt zeker al een generatie lang niet meer gebruikt in Deever. Gebruikte bolderstien’n zijn uiterst zeldzaam en museumwaardig geworden. In de collectie van het Deevers Archief bevinden zich de twee bewaard gebleven bolderstien’n van Hendrik Krol Jzn.

abracadabra-525

Posted in Bolderen, Diever, Erfgoed, Tradities | Leave a comment

In het nieuwe gemeentehuis an de brink van Deever

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande zwart-wit foto ontvangen van Jannes Smit, die in 1939 is geboren an de Deeverbrogge. De redactie is hem zeer erkentelijk voor het toezenden van deze foto en het mogen publiceren van deze foto in het Deevers Archief. 

De foto is gemaakt in de secretarie, afdeling voor algemene zaken, bevolking en militaire zaken, van het nieuwe gemeentehuis an de brink in Deever (in Deever heurt un gemientehuus an de brink te stoan). Door de ramen is vaag de brink te zien. Op de foto zijn van links naar rechts te zien: Otte Franke van Elselo (zie de navolgende reactie van Anneke van Elselo), Lambert (Lamut)  Brugging (overleden, gegevens moeten nog worden uitgezocht), Hennie Hulshof en Jannes Smit.

De foto is gemaakt na de ingebruikname van het nieuwe gemeentehuis, waarschijnlijk direct na de ingebruikname in juni 1957, in de zomer, want Otte Franke en Lambert zitten met keurig opgestroopte mouwen aan hun bureau. Waren er toen nog geen overhemden met korte mouwen ? Otte Franke en Lambert (Lamut) hebben hun stropdas niet afgedaan, maar dat zal wel aan het vigerende kledingprotocolletje van ome Kees (burgemeester Jan Cornelis Meiboom werd in de volksmond altijd ome Kees genoemd) liggen. Hennie is gekleed in een zomerjurk. Jannes is nog leerling-ambtenaar en heeft het colbert van zijn donkere pak niet uitgedaan, hij wil waarschijnlijk een beetje een nette indruk maken op zijn superieuren.

Zo te zien speelt Otte Franke speciaal voor de foto een beetje toneel met de telefoon. Wat Lambert (Lamut) nu precies aan het doen is met dat stapeltje kaartjes, dat is niet duidelijk. Bij zijn arm ligt op het bureau wel een stempelkussen, maar de stempels liggen op het bureau van Otte Franke.

De gemiente Deever was in die jaren eigenlijk best wel een beetje vooruitstrevend en knijpstuiverig te noemen, want de ambtenaren ter secretarie werkten niet in aparte kantoortjes van gestandaardiseerde maten, maar werkten toen al, werkten eigenlijk altijd al, in een soort van ‘kantoortuin’, maar dan zonder planten en bloemen.

Opvallend is dat het kantoormeubilair niet strak in het gelid staat opgesteld, maar redelijk losjes en een beetje schots en scheef in de ruimte is verdeeld. Standaard kantoormeubilair; stalen kasten, stalen bureau’s met een bureaublad van linoleum, standaard bureaustoelen en op elk bureau staat een zwarte bakelieten telefoon. Hennie moet het zo te zien zonder telefoon doen. Alle vier de ambtenaren zijn rechtshandig. Typemachines zijn in geen velden of wegen te ontwaren.

Onderscheid is wel te onderscheiden. Otte Franke is waarschijnlijk de ambtenaar met de hoogste rang, want hij zit achter in het zaaltje en kijkt uit over de aanwezige ambtenaren en is gezeten aan een groter bureau met gesloten front (erg lastig voor mensen met lange benen, maar Otte Franke was niet zo lang), met aan beide zijden een ladenblok. Lambert (Lamut) en Jannes zitten ook aan een bureau met aan beide zijden een ladenblok, maar met een open front. Henny moet het met nog minder doen, zij zit aan een bureautje met open front met alleen aan de linkerkant een ladenblok.
De deur in het midden geeft waarschijnlijk toegang tot het kantoor van de gemeentesecretaris. Vandaar dat secretaresse Hennie waarschijnlijk haar bureautje in de buurt van die deur heeft staan. Ze zit bij het grote raam, dus ze kan zo nu en dan even naar het komen en gaan over de brink van Deever kijken.

Reactie van 2016-11-06 van mevrouw Anneke Witthaus-van Elselo, wonende in Wetzikon in Zwitserland 
Mijn vader heette Otte Franke van Elselo (Frederik is verkeerd).
Hij was vanaf 1949 tot zijn pensioen commies ter secretarie, afdeling Bevolking, enzovoort.
Hij is op 3 april 1908 geboren in Hindeloopen en is op 11 september 1987 overleden in Bergum in Friesland.
Ik woonde in Diever van 1949 tot 1961 en ik ben daar getrouwd op 10 september 1970, daarna ben ik verhuisd naar Zwitserland. Ik ben lid van de Historische Vereniging Gemeente Diever.

Abracadabra-1236

Posted in Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Woap’m van Deever an de Heufdstroate in Deever

Het direct na de Tweede Wereldoorlog bij elkaar gefantaseerde en op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven ‘grensstenen’.
Zo hangt een kennelijk redelijk goed onderhouden exemplaar, die voor het ontstaan van de gemeente Westenveld op 1 januari 1998 ergens op de gemeentegrens langs een weg stond, aan een muur -waarvan het metselwerk is voorzien van geknipte voegen- van de woonboerderij met als huidige adres Heufdstroate 76 in Deever (voorheen de boerderij van Jan Mulder, de boerderij van Roelof Fransen (schoonzoon van Jan Mulder), de woning van … Verhoeven (de Koetsenman) en  ……).
De huidige bewoners van dit pand waren zo vriendelijk op 11 april 2013 de redactie van het Deevers Archief toegang te verschaffen tot hun erf voor het maken van deze foto, daarvoor heel veel dank.
Gegevens over het wapen van de gemiente Deever zijn te vinden in het Nederlandse deel van de webstee van Heraldry of the World (Internationale Overheidsheraldiek). De in die webstee opgenomen verklaring bij het wapen van Deever bevat helaas enige historische onjuistheden.

Posted in Diever, Gemeente Diever, Hoofdstraat, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Zwart-wit 8 mm film met nummer 58245265 uit 1939

In de webstee Oorloginblik.nl is een zwart-wit 8 mm film over Deever uit het Drents Archief over de ontvangst van burgemeester Meiboom, Palmpasen en het maaien van rogge in het jaar 1939 te bekijken.

Bij de film is de volgende beschrijving opgenomen.
Film over de aankomst van toekomstig burgemeester Meiboom in Diever en de viering van Palmpasen in 1939. Aan de orde komen onder andere:
Deel 1.
Een groepje mensen staat te wachten aan de kant van de weg. Een auto met het kenteken E6824 arriveert en de heer Meiboom en zijn vrouw stappen uit. Ze worden welkom geheten door een man die een hoge hoed vasthoudt. Een harmonieorkest speelt een stuk muziek. De man met de hoge hoed houdt een toespraak. Twee kinderen overhandigen een grote bos bloemen aan de vrouw van de heer Meiboom, mevrouw Meiboom-Veltman. Een kinderkoor zingt een lied terwijl een dirigent de maat aangeeft. Opname van een feestelijke optocht met voorop ruiters te paard, gevolgd door een harmoniekorps. Een auto is gearriveerd en de heer Meiboom en zijn vrouw stappen onder grote publieke belangstelling uit. De heer Meiboom en zijn vrouw maken kennis met diverse personen. Het harmoniekorps begint weer te spelen en er wordt een toespraak gehouden. Het toekomstig burgemeestersechtpaar poseert voor een foto met een aantal jonge dames in klederdracht. Na de foto spreken ze met elkaar.
Deel 2
Twee dames lopen in de sneeuw. Impressie van de sneeuw. Vooraanzicht van een villa, een moeder kijkt in haar kinderwagen. Vervolgens zit de moeder te handwerken en speelt een kind op een trap. Kinderen staan met hun haantje op een stokje klaar voor de Palmpasen optocht. Elders krijgen de haantjes een netje met een ei omgehangen. Mevrouw Meiboom-Veltman staat bij een grote hoeveelheid kinderen en vervolgens begint de Palmpasen optocht.
Deel 3
Overzicht van Diever vanaf de Nederlands hervormde kerk en een impressie van de kerktoren.
Deel 4
Een man en een jongen zitten op een door paarden voortgetrokken maaimachine en maaien het koren. Een boer maakt van het gemaaide graan korenschoven.

In de beschrijving van deel 1 van de film staat de zin ‘Ze worden welkom geheten door een man die een hoge hoed vasthoudt’. Jan Cornelis Meiboom en zijn vrouw Nell Veltman zijn merkwaardig genoeg in Wittelte op de grens van de gemeente Diever en de gemeente Havelte niet welkom geheten door de loco-burgemeester van de gemeente Diever of vertegenwoordigers uit de raad van de gemeente Diever of de secretaris van de gemeente Diever of de rijkste aller rijke hereboeren uit de gemeente Diever of de notabelste aller notabelen uit de gemeente Diever, maar door Jan Andree (André ?, Andreae ?) (geboren op 2 februari 1904 in Deever, overleden op 25 december 1975 te Zuidwolde, zoon van pietereulieventer Cornelis Andree (André ?, Andreae ?) en zijn tweede vrouw Jantje Schoenmaker), hij was in 1939 de directeur van de Zuivelfabriek van Diever.
Op de bijgaande afbeelding zijn op de voorgrond van links naar rechts te zien Nell Veltman, Jan Cornelis Meiboom en de wel zeer diep buigende Jan Andree (André ?, Andreae ?).

Posted in Diever, Gemeente Diever, Kerk aan de brink, Palmpasen | Leave a comment

Een eenvoudige deur, een afgesleten zerken stoepje

Bijgaande zwart-wit afbeelding van een deel van het westelijke deel van de zuidelijke zijbeuk van het kerkgebouw aan de brink van Deever is in 1934 gepubliceerd in een geïllustreerd weekblad.
Het bijschrift bij de foto luidt als volgt:
Het geheel van kerk en toren te Diever is zwaar van bouw en mooi-Drentsch in de omgeving, maar ook details zooals dit torenpoortje zijn vol stemming, opgewekt door muren, een eenvoudige deur en een afgesleten zerken stoepje, en een verdiepende beschouwing waard.
De redactie van het Deevers Archief zoekt zich nog steeds suf naar de titel van dit geïllustreerde weekblad. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief weet om welk weekblad het gaat ?
De eenvoudige deur was geen torenpoortje, maar was tot de opening van de lagere school aan de brink de toegang tot de lagere school in het westelijke deel van de zuidelijke beuk van het kerkgebouw. De deur is ook geen oorspronkelijke deur, want is er in de negentiende eeuw ingeknutseld. Intrigerend is wel het ‘afgesleten zerken stoepje’. De redactie heeft het vermoeden dat een deel van een oude gebroken zerk van een graf in de hof van de kerk aan de brink lang heeft gediend als opstapje.
Bij de Grote Restauratie in de vijftiger jaren van de vorige eeuw is de oorspronkelijke muur hersteld, wat te zien is op de kleurenfoto, die de redactie van het Deevers Archief op woensdag 19 september 2018 heeft gemaakt.

Posted in Brink, Diever, Kerk aan de brink, Lagere school Deever | Leave a comment

Buitelbam officieel geopend op 31 augustus 1955

In de Heerenveensche Koerier (onafhankelijk dagblad voor Midden-Zuid-Oost-Friesland en Noord-Overijssel) verscheen op 2 september 1955 het volgende bericht over de opening van de eerste kleuterschool in de gemeente Diever.

Onder grote belangstelling is de eerste kleuterschool in de gemeente Diever officieel door burgemeester Meijboom geopend. Vooraf  had dr. Naarding de naam van de school onthuld: “de Buitelbam”.
Alle aanwezigen waren vol lof over het fraaie gebouw en de moderne inventaris. Vele personen hebben ’t woord gevoerd.
Een hunner verklaarde de naam. Buitel is de Drentse naam voor kleuter en het woord bam staat in verband met de oude rechtspositie van vluchtelingen. Het was een vrijplaats voor dezen. Buitelbam is dus: veilige plek voor kleuters.
Het gebouw bevat een leslokaal, een les-speellokaal, hal, kamer voor het hoofd, garderobe, enzovoort.
De totale bouwkosten hebben f. 53.000,- bedragen. Het hoofd is mej. Dalstra, helpster mej. Vrucht.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Burgemeester Jan Cornelis Meijboom opende de kleuterschool op 31 augustus 1955, daarin ‘bijgestaan’ door de vijfjarige Hans Bakker, zoon van de gemeente-architect Bakker.
Op de foto zijn te zien bij de ingang van de kleuterschool gemeente-architect Bakker en zijn vrouw met tussen hen in hun niet zichtbare zoon Hans Bakker. Wel is waar te nemen dat Hans (Hansie) Bakker een grote symbolisch bedoelde sleutel draagt.
Mooi is te zien dat aan de Binnenes nog geen huizen staan. Op de achtergrond zijn drie huizen aan de Veentjesweg te zien, die behoren tot de eerste na-oorlogse uitbreiding van de plaats Diever, Gemeente-architect Bakker en zijn gezin woonden in het rechtse huis, Veentjesweg 1.
De op de foto zichtbare huizen aan de Kloosterstraat werden in januari 1951 opgeleverd.

Posted in Binnenes, Diever, Gemeente Diever, Kleuterschool 'de Buitelbam', Kloosterstraat, Scholen, Topstukken, Veentjesweg | Leave a comment

Negende regiment, tweede bataljon, derde compagnie

Op 8 augustus 1907 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant het volgende korte bericht.

Het kamp bij Diever is heden, Woensdag, betrokken door den staf en de twee bataljons van het 9e regiment infanterie te Leeuwarden, alsmede door afdeelingen trein- en hospitaalsoldaten, voor het houden van compagnies-, bataljons- en velddienstoefeningen. Met de leiding dier oefeningen is belast de kolonel C.P. de Veer, commandant van het regiment alhier.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het soldatenkamp (de Kaamp) bij Deever stond op de Oeren tussen Deever en Wapse.
Vanaf 1905 oefende de Landweer een aantal jaren achter elkaar elk jaar in de zomer of het najaar op de heidevelden tussen Wapse en Deever. In 1907 werden de oefeningen in de zomer gehouden.
De redactie van het Deevers Archief is op zoek naar meer historisch feitenmateriaal over deze soldatenkampen.
Van dit kamp zijn ook hele mooie ansichtkaarten verschenen. Bij een grote vraag van de soldaten in het kamp naar briefkaarten, ontstond vanzelf een aanbod van ansichtkaarten. Bij de redactie van het Deevers Archief is een flink aantal verschillende ansichtkaarten bekend, maar hopelijk zal dit aantal in de komende tijd groter worden.
De kaarten zijn zeer gewild bij en gezocht door hedendaagse verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever. Sommige verzamelaars stoppen dit soort kaarten in een schoenendoos diep weg in een kabinet, andere verzamelaars bewaren de kaarten voor zichzelf in zuurvrije plastic opbergmappen in dure opbergsystemen.
De bedoeling van de redactie van het Deevers Archief is zoveel mogelijk ansichtkaarten uut de gemiente Deever liefst uit eigen verzameling aan een breed publiek te tonen. Elke bezoeker van het Deevers Archief moet kunnen meegenieten van al het moois uit het verleden van de gemiente Deever.
Op de hier afgebeelde ansichtkaart is de derde compagnie van het derde bataljon van het negende regiment te zien, althans dat is te lezen op het bordje dat vóór de soldaten is geplaatst. Als van elke compagnie een foto is gemaakt, dan moeten nog vijf soortgelijke ansichtkaarten worden opgespoord. De hier afgebeelde ansichtkaart is op 9 augustus 1907 verstuurd.
In nummer 3 van 2014 (nr. 14/3) van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever, is deze kaart ook afgebeeld in het artikeltje ‘Uit de verzameling van Klaas Vording’. Het artikeltje vermeldt niet wie Klaas Vording is. Dus de vraag is: Wie is toch die Klaas Vording ?

Abracadabra-1250Abracadabra-1249

Posted in Ansichtkaarten, de Kaamp op de Oeren, Diever, Topstukken, Wapse | Leave a comment

De laatste Israëlieten uit de gemiente Deever

In het Nieuwsblad van het Noorden van 6 januari 1936 verscheen het volgende bericht over het vertrek van de joodse familie Zaligman uit de gemeente Diever.

Diever, 6 januari. Ingaande 1 januari jongstleden is uit onze plaats vertrokken het gezin Zaligman. Hiermede zijn de laatste Israëlieten uit de gemeente Diever verdwenen.
De heer Zaligman bekleedde in verschillende vereenigingen een bestuursfunctie, onder andere van de V.V.V. Diever en de gymnastiekvereeniging W.I.K. alhier. Van laatstgenoemde vereeniging is de heer Z. oprichter en een der leidende figuren.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het bericht mag toch wel merkwaardig worden genoemd. Blijkbaar vond de plaatselijke correspondent van het Nieuwsblad van het Noorden het verhuizen van een joodse manufacturier en zijn gezin van Deever naar Meppel voor de lezers van deze krant een bepaalde nieuwswaarde hebben, wellicht omdat het om joden ging.
Het gebruik van het woord ‘laatste’ wekt de suggestie dat al eerder joden uit Deever waren vertrokken. En ook het gebruik van het woord ‘verdwenen’ komt merkwaardig over, de correspondent had in plaats van ‘verdwenen’ ook ‘verhuisd naar de gemeente Meppel’ op kunnen schrijven, want dat was op het dorp bekend. En ook het vermelden van Israëlieten komt merkwaardig over. Beschouwde de correspondent het woord Jood als een scheldwoord ?
Het ging om het echtpaar Philippus (Flip) Zaligman en Heintje (Hennie) Levie Wilda en hun in Deever geboren kinderen Martha Hendrika, Levie (Loek) Salomon en Hendrika (Rikie) Henriëtte. Het echtpaar ging in 1920 in Deever wonen.
V.V.V. is de afkorting van Vereniging voor het Vreemdelingen Verkeer.
W.I.K. is de afkorting van Willen Is Kunnen. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de redactie op het spoor zetten van gegevens over de niet meer bestaande gymnastiekvereniging W.I.K. ?

Posted in Diever, Familie Zaligman, Gemeente Diever, Joodse inwoners | Leave a comment

Korenmolen van den Heer Wesseling afgebrand

In de krant ‘Het Nieuws van de dag: kleine courant’ verscheen op 4 april 1881 het volgende korte bericht over het afbranden van de korenmolen van de heer Wesseling.

In de gemeente Diever (Drente) is Maandagnacht de korenmolen van den Heer Wesseling geheel afgebrand. De oorzaak is nog onbekend.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De vraag is natuurlijk welke van de drie Deeverse korenmolens het betrof. Was het de korenmolen in Oldendiever, was het de korenmolen aan het Katteneinde of was het de korenmolen op het Marktterrein ? De redactie zal dit proberen uit te zoeken, maar mochten bezoekers van het Deevers Archief hierover gegevens hebben, dan worden zij verzocht de redactie hiervan op de hoogte te stellen. En wie was de heer Wesseling ?   

Posted in Diever, Molen aan het Moleneinde, Molens | Leave a comment

Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud met kleinkind

De redactie ontving bijgaande zwart-wit foto van Carla Kragt, een dochter van Karel Kragt en Geertje van Gijssel. De redactie is haar bijzonder erkentelijk voor haar toestemming deze foto te mogen publiceren in het Deevers Archief.
Geertje van Gijssel is opgegroeid in ’t Aar’mhuus an de Grönnigerweg bee’j Deever. Zij is een dochter van Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud.
Op de zwart-wit foto zijn te zien het echtpaar Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud en hun kleinkind Carla Kragt. De zwart-wit foto is in het najaar van 1952 gemaakt aan de zijkant van het  gesticht Armenwerkhuis.
In het Deevers Archief bevindt zich bijgaande ansichtkaart in kleur. Deze kaart is in januari 1972 uitgegeven door hotel-restaurant-manege ’t Ruterhuus an de Grönnigerweg bee’j Deever, telefoon 05219-1680. Op de achterkant van de kaart is ook nog vermeld: Gelegenheid voor buitenritten, paardenboxen beschikbaar.
De Nederlands Hervormde Kerk verkocht het gesticht Armenwerkhuis in 1967.
Bij de grondige verbouwing van het Armenwerkhuis in 1967-1968 zijn de baanders in de hier zichtbare zijgevel vervangen door grote ramen en werden in de hier zichtbare zijgevel extra ‘stalramen’ en een zijdeur aangebracht. Zo te zien waren en zijn de ‘stalramen’ helaas niet van het model Deever. Let bij de ansichtkaart in kleuren ook op de televisieantenne, die is vastgemaakt aan de schoorsteen.
Het Armenwerkhuis werd of bleef na de grondige verbouwing een zo genoemd rijksmonument (voor zolang het duurt, want eeuwig is wel erg lang), ondanks al het gesleutel en gerommel aan de buitengevels. Zijn bij de verbouwing de originele bakstenen wel opnieuw gebruikt ? Hoe ruim worden de voorwaarden voor het verkrijgen of behouden van de status van een zo genoemd rijksmonument geïnterpreteerd ? Of is een zo genoemd rijksmonument niet meer dan een onbetrouwbaar conjunctuurgevoelig bordje aan de muur ?

Abracadabra-1234Abracadabra-1233

Posted in Ansichtkaarten, Armenwerkhuis, Boerderijen, Diever, Grönnegerweg, Kerk aan de brink, Rijksmonumenten, Toeristenindustrie | Leave a comment

Voor de tent in de soldatenkamp te Deever in 1906

Op 21 augustus 1906 verscheen in de Leeuwarder Courant in de rubriek Stadsnieuws het volgende korte bericht.

De beide bataljons van het 9e regiment infanterie alhier hebben heden het kamp bij Diever betrokken tot het houden van compagnie- en bataljonsoefeningen.
Met de leiding dier oefeningen is belast de kolonel C.P. de Veer, commandant van het regiment alhier.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het soldatenkamp (de Kaamp) bij Deever stond op de Oeren tussen Deever en Wapse. Vanaf 1905 oefende de Landweer een aantal jaren achter elkaar elk jaar in de zomer of het najaar op de heidevelden tussen Wapse en Deever.
De redactie van het Deevers Archief is op zoek naar meer historisch feitenmateriaal over deze soldatenkampen.
Van dit kamp zijn ook hele mooie ansichtkaarten verschenen. Bij een grote vraag van de soldaten in het kamp naar briefkaarten, ontstond vanzelf een aanbod van ansichtkaarten.
De kaarten zijn zeer gewild bij en gezocht door hedendaagse verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever. Sommige slordige verzamelaars stoppen dit soort kaarten diep weg in een schoenendoos in een kabinet, andere verzamelaar bewaren de kaarten voor zichzelf in zuurvrije plastic opbergmappen in dure opbergsystemen.
De bedoeling van de redactie van het Deevers Archief is zoveel mogelijk ansichtkaarten uut de gemiente Deever uit eigen verzameling aan een breed publiek te tonen. Elke bezoeker van het Deevers Archief moet kunnen meegenieten van al het moois uit het verleden van de gemiente Deever.
De hier afgebeelde ansichtkaart, waarop een deel van de derde compagnie van het derde bataljon van het negende regiment is te zien, is in 1906 verstuurd vanuit Diever.
In nummer 3 van 2014 (nr. 14/3) van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever, is deze kaart ook afgebeeld in het artikeltje ‘Uit de verzameling van Klaas Vording’. Het artikeltje vermeldt niet wie Klaas Vording is. Dus de vraag is: Wie is toch die Klaas Vording ?

Abracadabra-1246Abracadabra-1247

Posted in Ansichtkaarten, de Kaamp op de Oeren, Diever, Opraekelen, Wapse | Leave a comment

De Dikke Stien’n in de Stienakkers op de Heezenesch

In het prachtig uitgevoerde fotoboek ’Uit het album van meester Boneneschanscher – Dwingelo en omgeving in foto’s, circa 1895- 1930′ staat een foto van het hunnebed in de Stienakkers op de Heezenesch bee’j Deever. De originele zwart-wit foto is aanwezig in de collectie van het Drentsch Archief in Assen. De foto is als ansichtkaart uitgegeven in 1911. De redactie van het Deevers Archief hoopt ten zeerste een exemplaar van deze zeldzame ansichtkaart op de kop te kunnen tikken.
Meester Engelke Jan Boneschanser (1858-1946) uut Dwingel heeft deze foto omstreeks 1910 gemaakt.
Het hunnebed was toen niet meer dan een groep dikke stenen en lag op de kaele ruumte in bouwakkers op de Heezenesch bee’j Deever. Die bouwakkers heten natuurlijk de Stienakkers (elke akker in Deever heeft zijn eigen naam en moet zijn eigen naam houden). De jongen links in de boom is Eppo Boneschanser, zoon van meester Engelke Jan Bodeschanser. Het is niet meer te achterhalen wie de andere personen op de foto zijn.
De redactie van het Deevers Archief is van mening dat de situatie van 1910 snel moet worden hersteld, teneinde het goedbedoelde stenen laten stapelen van wijlen de weledelgestrenge hooggeleerde professor doctor Albert Egges van Giffen ongedaan te maken. Dan kunnen bij de derestauratie van het hunnebed de stenen weer half of voor driekwart onder het zand worden begraven, per slot van rekening hebben de stenen daar al zo’n vijfduizend jaar in uit elkaar gezakte toestand gelegen Vandalen mogen de stenen niet meer kunnen vernielen en mogen ook geen fikje meer kunnen stoken onder de stenen.
Het werk zou kunnen worden uitgevoerd door een lokale loonwerker of wellicht gratis door een hobby-onderneming, zoals de boermarke van Deever, de boermarke van Wittelte of de boermarke van Wapse of wellicht gratis door dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever, die dan natuurlijk wel de gezaagde bomen en het verwijderde struweel mee mogen nemen voor de open haard. En vooral niet vergeten alle stobben uit de akker te verwijderen. Wie weet wat daarbij nog te voorschijn kan komen.
Dan wordt het hunnebed, zoals op de foto is te zien, gewoon weer een groepje dikke stien’n in de Stienakkers op de Heezenesch, dat op de kaele ruumte al van ver zichtbaar is. En dan mag tussen de dikke stien’n best een berkje of een eikje of een appelboompje gaan groeien. Niks mis mee. Laten we vooral niet hysterisch historisch doen. Het advies is echt al het struweel en alle bomen en al het gras te verwijderen, dus de akker rond de stenen weer kaal te maken. En ook het overdadig betuttelende en zichtbelemmerende bordengedoe bij het hunnebed kan dan worden verwijderd. Tegenwoordig loopt iedereen met een zo genoemde ‘knappe telefoon’ of een zo genoemde ‘tablet computer’ rond, zodat via internet op elk ogenblik alle gewenste gegevens over het hunnebed zijn te vinden.

Abracadabra-1235

Posted in Ansichtkaarten, Boermarke van Diever, Diever, Heezenesch, Hunnebed D52, Rijksmonumenten, Topstukken | Leave a comment

De gemeentelijke dokterswoning op de Noordesch

Veel trouwe bezoekers van het Deevers Archief stellen prijs op berichten over de Tweede Wereldoorlog en dan het liefst voorzien van afbeeldingen. De redactie probeert zo veel als mogelijk is aandacht te besteden aan die donkere periode in de geschiedeenis van de gemiente Deever.
Het tonen van afbeeldingen bij een bericht is niet altijd mogelijk. In de Tweede Wereldoorlog zijn immers weinig foto’s gemaakt 
in de gemiente Deever. Het is voor de redactie dan ook een hele toer om van die weinige foto’s zo veel mogelijk op te sporen. Beste bezoekers, stuur vooral uw gescande materiaal en gescande foto’s naar de redactie !
Hier worden de voorkant en de achterkant van een ansichtkaart uit de Tweede Wereldoorlog getoond. Deze ansichtkaart is aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief. Bij deze afbeelding is een verhaal te 
vertellen over ‘de gemeentelijke dokterswoning op de Noordesch’.

Op 3 januari 1919 werd de bouw van de gemeentelijke dokterswoning op de Noordesch voor 35.790 gulden gegund aan een aannemerscombinatie uit Meppel. De bouwgronden ten noorden van de Hoofdstraat tussen de Kleine Brink en de weg naar Wapse lagen, vòòrdat helaas de ‘betonweg’ (die nu Ten Darperweg wordt genoemd) werd aangelegd, op de Noordesch van Deever.
De eerste bewoners van deze grote gemeentewoning waren dokter Alexander Leonardus van Eldik en zijn gezin. Van Eldik is hier van 1917 tot in 1931 geneesheer geweest. De vier vertrekken die het gezin van de gemeentelijke geneesheer Van Eldik tot in de najaar van 1919 in het gemeentehuis op de Brink bewoonde, werden daarna bij het gemeemtehuis betrokken.
Van 1931 tot in 1946 woonde de familie van Nooten in het huis.
De Duitse Sicherheitspolizei (S.P.) arresteerde verzetsman dokter Sebastiaan van Nooten op 22 november 1944 in dit huis. Hij overleed op 24 mei 1945 in het General Britisch Hospital in het Duitse Rothenburg Unterstedt.
Van 1946 tot in 1968 werd het huis bewoond door dokter Ludolf Dirk Broekema en zijn gezin.
De gemeente Diever heeft het pand daarna verkocht aan Gerard Seinen, die er een pension van heeft gemaakt.

De ansichtkaart is op 11 september 1942 verzonden aan mejuffrouw J.J.G. van Nooten, Kettingweg 31 te Baarn. De afgebeelde ansichtkaart is aan de achterkant en aan de voorkant helemaal volgeschreven met tekst. Deze luidt als volgt.
Diever (Dr), 11 september 1942. Lieve Bé,
Hierachter een kiek van Basje’s [1] huis, waar we al heel wat keeren geweest zijn. De kinderen zijn erg leuk en dat kleine Marietje net een engeltje [2]. Ze zijn allen erg vlug en leenig.
We hebben al heel wat gezien van Diever, waar het heel rustig logeeren is. Men merkt niets van de oorlog, behalve dan de bonnen. Er zijn hier prachtige bosschen, en toch is het zoo onbekend eigenlijk en overal schilderachtige boerderijen.
Wij zijn nu de laatste gasten van dit hotelletje [3]. Zondag komt zus ook nog enkele dagen en aanstaande woensdag gaan we weer naar Laren. We hebben prachtig weer en niet te warm.
We zouden vandaag naar Meppel hebben gewild, maar bij W. en B. [4] was hun meisje ziek en ze hadden bezoeken te brengen, dus dat was jammer. W. heeft moeite gedaan voor eene fiets voor zus, die hier niet te krijgen was. Maar misschien komt zij per fiets van Meppel dus. Er is heel veel te wandelen, maar dat is voor mij niet zoo goed. Toch zien wij veel en het bosch is dichtbij.
Was het leuk op 7 september bij Nellie ? Zeker wel. Ben je nog wat nagebleven? Is je logée er nog? En hoe staat het met mevrouw Donk? Gaat dat nog door?
Hartelijke groeten van G. Zuilen.

Toelichting op de tekst in het artikel:
[1]
Dokter Sebastiaan van Nooten werd in de familie blijkbaar Basje genoemd.
[2]
Zij was de jongste van de vier kinderen van het echtpaar Van Nooten: Basje, Jacques, Stans en Marietje.
[3]
De afzendster van deze zeldzame ansichtkaart van de dokterswoning logeerde bij Berend Slagter in Hotel Centrum an de Kruusstroate in Deever.
[4]
In Meppel woonde aan het Zuideinde het echtpaar dominee W.N. van Nooten en B.D. Westra.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft de kleurenfoto op 16 februari 2005 gemaakt.
Zo te zien is tussen 1942 en 2005 het een en ander gesleuteld aan het huis. 

Abracadabra-1237Abracadabra-1239

 

Abracadabra-1238

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Dokterswoning, Hoofdstraat, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Even een leevensteeken vanuit Diever, 22 juli 1943

Bij het verzamelen van ansichtkaarten uut de gemiente Deever gaat het de redactie van het Deevers Archief in de eerste plaats om de afbeelding, maar vaak is het aanschaffen van een kaart pas echt de moeite waard als op de achterkant iets staat dat verband houdt met het verleden van de gemiente Deever, bijvoorbeeld bekende namen (elke Deevenaar maakt deel uit van het verleden van de gemeente Deever) of een mooie waardevolle tekst.
De afgebeelde ansichtkaart met op de achterkant de hierna weergegeven tekst bevindt zich in de verzameling van het Deevers Archief.
De redactie van het Deevers Archief publiceerde bijgaand bericht in nummer 2001/2 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging in Deever.

De afgebeelde ansichtkaart was al vanaf 1938 te koop bij Copieerinrichting Roelof van Goor an de Kruusstroate in Deever. Deze mooie kaart werd blijkbaar goed verkocht, want van deze kaart is een aantal herdrukken gemaakt.

De kaart werd op 22 juli 1943 door een zekere Martha verstuurd naar mejuffrouw Lena Marree, Fultonstraat 140, ’s Gravenhage. De Fultonstraat in ’s Gravenhage is niet ver verwijderd van de kust.

De tekst op de achterkant van de kaart luidt als volgt:
Beste Lena,
Even een levensteeken vanuit Diever. Je zult wel snappen dat we geweldig boffen met het weer. We hebben nog geen mantel aan gehad.
De omgeving van Diever is schitterend. Prachtige bosschen en korenvelden.
Ook een mooi bad. Annie en ik hebben er al gezwommen.
Verder merken we totaal niets van den oorlog. Geen vliegmachines, geen militairen, geen N.S.B.’ers en natuurlijk nooit luchtalarm.
We drinken iedere dag ettelijke bekers volle melk en ook het middagmaal is goed, maar niet overdadig.
Hoe gaat het in ‘t Haagje? Nog geen Engelschen op de kust? Wegens plaatsgebrek stop ik.
Groet je Moeder en Hanna van ons en wees zelf van ons allen hartelijk gegroet.
Martha.

De rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de Oude Willem werden in 1942, tijdens de Tweede Wereldoorlog, door de Duitse bezetter gebruikt als verzamel- en isolatiekamp van joodse Nederlanders. Het waren voorportalen van het kamp
Westerbork, zoals Westerbork een voorportaal was van de Duitse vernietigingskampen in Duitsland en Polen.
In de loop van 1943 werden de twee rijkswerkkampen in gebruik genomen voor het huisvesten van evacué’s, voornamelijk vrouwen en kinderen, die in plaatsen vlak aan de kust woonden.
Martha en de in tekst genoemde Annie waren, gelet op de verwijzing naar ‘Engelschen op de kust’, waarschijnlijk vrouwen die vanwege de aanleg van Duitse verdedigingswerken langs de Nederlandse kust tijdelijk in de Deeverse rijkswerkkampen waren ondergebracht.
Met het door Martha genoemde mooie bad kan niet het bosbad Dieverzand aan de Bosweg zijn bedoeld. Dat was in de zomer van 1943 nog niet gegraven. Wellicht doelde de schrijfster op het grote diepe zandgat, dat in het heideveld achter de twee rijkswerkkampen werd gegraven ten behoeve van de aanleg van het nabijgelegen Duitse schijnvliegveld. Dat zandgat bevatte helder grondwater. In dat gat gingen na de oorlog ook wel mensen uit Deever zwemmen.

Abracadabra-1219Abracadabra-1220

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Gereformeerde school, Hoofdstraat, Opraekelen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Poasvuur in Deever, Wapse en Wittelte – Pasen 2016

Op drie plaatsen binnen de grenzen van de gemiente Deever is met de paasdagen een poasbulte verbrand.
De Dorpsvereniging Wittelte heeft zijn poasbulte gemaakt op een plek bij Wittelteweg 18 – Wapserveenseweg 1.
De Wapser Gemeenschap heeft zijn poasbulte gemaakt op een plek bij de Landweg in Wapse.
De Buurtvereniging Kasteel-Dwarsdrift heeft zijn poasbulte gemaakt op een plek aan de Steenakkerweg op de Heezenesch.
De plek van de poasbulte van de Buurtvereniging Geeuwenbrug lag buiten de grens van de gemiente Deever.
De poasbulte in Wapse is tegen de traditie in al op zaterdag 26 maart 2016 rond acht uur ’s avond aangestoken.
De poasbulte in Wittelte is eveneens tegen de traditie in op zaterdag 26 maart 2016 rond acht uur ’s avond aangestoken.
De poasbulte van Deever is zoals de traditie dat wil wel op Tweede Paasdag 28 maart aangestoken.

De voorkant van het gelijk heeft zo genoemde beleidsregels voor poasbult’n opgesteld. In de webstee van de gemeente Westenveld is sprake van een vreugdevuur, dit is een volstrekt verkeerde term, de juiste term is poasvuur. De betreffende tekstschrijver van de gemeente Westenveld wil de burgers blijkbaar een nieuwe term opdringen..
Een vereniging die niet aan deze zo genoemde beleidsregels voldoet, krijgt van de met de uitvoering van het paasvuurbeleid belaste ambtenaar geen tijdelijke stookvergunning. Gelukkig voldeden de Dorpsvereniging Wittelte, de Wapser Gemeenschap en de Buurtvereniging Kasteel-Dwarsdrift blijkbaar vooraf wel al aan zo genoemde beleidsregels voor het slepen en verbranden van poasbult’n 
De redactie van het Deevers Archief betreurt het dat in Oude Willem, Groot Wateren, Klein Wateren en Zorgvlied (de aandere kaante van de bos) en an de Deeverbrogge geen poasbulte is gesleept. Haar Tied Zat gien zat tied veur ’t sleep’m van ’n poasbulte ?

In de webstee van de gemeente Westenveld is ook nog de volgende overbodige zin te lezen: Het is alleen aan de organisaties die een ontheffing hebben gekregen toegestaan, een paasvuur (vreugdevuur) te organiseren. Vingertje in de lucht, ah, ah. En let vooral op de term tussen haken: vreugdevuur. Om droevig van te worden.

De met de uitvoering van de zo genoemde beleidsregelds voor het slepen en verbranden van poasbult’n belaste ambtenaar geeft alleen een tijdelijke stookvergunning aan een vereniging af als is voldaan aan de volgende beleidsregels:
1. de vereniging is niet eerder dan vier dagen vóór het verbranden van de poasbulte begonnen met het slepen.
2. de poasbulte is door de vereniging aangestoken.
3. de poasbulte bestaat alleen uit snoeihout.
4. de poasbulte is schoon opgebrand.
5. de vereniging heeft de verbrandingsresten van de poasbulte afgevoerd.

De vraag is hoe van te voren kan worden nagegaan of achteraf is voldaan aan de hiervoor zo genoemde vijf beleidsregels.
Regel 1 is pas na het aansteken van de poasbulte te controleren. Maar wat als vanwege wind of regen de poasbulte niet op een geplande zaterdag voor Pasen, maar op Tweede Paasdag ’s avonds om acht uur wordt aangestoken en ’s zaterdags, na de vierde dag, wordt nog een vrachtje mooi schoon opbrandbaar snoeihout naar de paosbulte gesleept. Wat dan ? Dan kan regel 1 niet worden afgevinkt. Maar hoe gaat het bevoegd gezag dit controleren ?
Regel 2 is pas na het aansteken van de poasbulte te controleren door het bevoegde gezag. Pas dan kan al dan niet een vinkje bij regel 2 worden gezet.
Regel 3 is wel tijdens het slepen van de poasbulte te controleren door het bevoegde gezag. De poasbulte mag alleen van snoeihout worden gemaakt. Dus gien olde maan’n of stobb’m of olde witt’n. Maar wat als een vrachtje stobb’m onder in het hart van de poasbulte wordt verwerkt en direct wordt bedekt met schoon opbrandbaar snoeihout. Geen rode haan die daar naar kraait. Regel 3 is echter alleen te controleren als voortdurend iemand van het bevoegd gezag bij het slepen van de poasbulte staat te koekeloeren.
Regel 4 is ook pas na het opbranden van de poasbulte te controleren. In de webstee van de gemeente Westenveld was geen omschrijving van het begrip ‘schoon opbranden’ te vinden. Dit biedt erg veel ruimte voor persoonlijke interpretatie. Wat is schoon opbranden en hoe schoon moet schoon opbranden zijn, is schoon opbranden te meten en wie controleert deze zo genoemde beleidsregel ? Of wordt met ‘schoon opbranden’ bedoeld dat de poasbulte volledig moet zijn verbrand ?
Regel 5 is ook pas achteraf af te vinken. Waarschijnlijk moeten de verbrandingsresten worden vervoerd naar en afgegeven aan een inrichting die een omgevingsvergunning heeft voor het accepteren van verbrandingsresten van een poasbulte.  Bijvoorbeeld afvoeren naar de afvalverwerking in Wijster ? Afvalstroomnummer aanvragen ? Dus het acceptatiebewijs van de afvalverwerking inleveren bij de ambtenaar die belast is met de uitvoering van de poasbulte-regelties ?

De gevolgtrekking is dat de vijf zo genoemde beleidregels voor het slepen en verbranden van poasbult’n niet zijn te handhaven, zeker niet vooraf, maar ook niet achteraf zijn af te vinken, tenzij dag en nacht een vertegenwoordiger van het bevoegd gezag bij een poasbulte staat te controleren en zodra een vereniging een van de vijf zo genoemde beleidsregels overtreedt, het repressieve vingertje in de lucht steekt, heel hard ah ah roept, en overgaat tot het intrekken van de tijdelijke stookvergunning.
De voorkant van het gelijk zal de vijf zo genoemde beleidsregels ongetwijfeld aangrijpen om – net zoals bij het kebied scheet’n – het onderwerp op te blazen en vooraf een erg belangrijke informatiebijeenkomst te organiseren om op de betreffende verenigingen in te praten. En bij de traditie van het verbranden van de poasbulte is direct na het verbranden van de poasbulte dan ook nog een erg belangrijke zo genoemde evaluatiebijeenkomst met de verenigingen noodzakelijk, want dan moet voor elke vereniging worden vastgesteld welke van de vijf zo genoemde beleidsregels daadwerkelijk zijn af te vinken. Dan kan het bakkeleien beginnen. En dan ? Geen vijf vinkjes, geen keurmerk, dus repressie en geen tijdelijke stookvergunning voor het volgende jaar ? Kan de gemeente Westenveld het zich in deze tijden van vergrijzing, krimp en geldschaarste eigenlijk wel veroorloven bestuur en ambtenaren tijd te laten besteden aan een klein onderwerpje, zoals het sleep’m en vurbraan’n van een poasbulte ?

Posted in Diever, Dorpskrachten, Erfgoed, Gemeentebestuur, Heezenesch, Poasvuur sleep'm, Tradities, Wapse, Wittelte | Leave a comment

Executie van de boedel van Vesalius Mobachius

In de Amsterdamse Courant van 3 februari 1767 plaatste mr. J. Kymmel, Raad en Landschrijver der Landschap Drenthe, uit Havelte, de volgende advertentie over de executie van de boedel van apotheker Vesalius Mobachius uit Deever. Opvallend is dat de advertentie in de marge van de krant is geplaatst, wat in die tijd gebruikelijk moet zijn geweest, een pagina werd voor bijna honderd procent bedrukt. 

Alzo den Boedel van Wijlen Vesalius Mobachius, in leven Apotheker te Diever, in het Landschap Drenthe, Grasvellig is verklaard; zo worden mids dezen alle Crediteuren verwittigd, dat een ieder, die op dezen Boedel eenige Schulden of Actien heeft te pretendeeren, binnen den tijd van 3 Weeken na dato dezes, zijne geprentendeeerde Schulden en Actien bij den Heer en Mr. J. Kymmel, Raad en Landschrijver der Landschap Drenthe tot Havelte, zal moeten laten aantekenen, en daar bij zijn Bescheid, Brieven en Documenten, tot Verificatie van de Schulden en Actien dienende, in Originali of in Copia Authentica vertoonen, en een van beiden bij den Landschrijver laaten verblijven, bij poene, dat die in gebreken blijft zulks te doen, op deze Boedel geen verder Regt zal hebben te pretendeeren.

Aantekeningen van de redactie van Deevers Archief
Grasvellig verklaren  =  ter executie aan de schuldeisers overgelaten; bij poene = op straffe.
Vesalius Mobachius is een verlatijniseerde naam. Het is wel vaker voorgekomen dat mensen die zichzelf belangrijk en onmisbaar en boven iedereen verheven voelden hun werkelijke naam latiniseerden.
Het geslacht Mobach (verlatijniseerd tot Mobachius) is uit Kleef in de buurt van Wesel (verlatijniseerd tot Vesalius) afkomstig.
Predikant Petrus Mobach, een voorvader van hem, noemde zichzelf ook Vesalius Mobachius.
Zijn vader Joachim Mobach (geboren 19 juli 1699 te Groningen, overleden op 7 december 1790 te Den Bosch) werd op 2 december 1725 gereformeerd predikant in Deever.
Bijzonder is wel te lezen dat in Deever al in 1767 een apotheker was gevestigd.
Ook bijzonder is dat de Landschrijver mr. J. Kymmel uit Havelte een advertentie in de Amsterdamse Courant om mogelijke schuldeisers, die wellicht allemaal uit Deever en omgeving kwamen, op de hoogte te stellen van de executie van de boedel van Vesalius Mobachius.

Posted in Diever | Leave a comment

Gees, de postbeambte, kijkt me triomfantelijk aan

Bijgaande tekst is een deel van het lange in het Frans geschreven verhaal ‘Het Nederlandse Intermezzo’ van luitenant Edgard Tupet-Thomé, commandant van de twee sticks Franse parachutisten, die tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog geheel tegen de geallieerde plannen in bij Diever landden. De redactie van het Dievers Archief heeft dit verhaal voor de bezoekers van www.dieversarchief.nl vertaald in het Nederlands.

Het verzet zou graag willen dat we Diever, dat op drie kilometer in westelijke richting ligt, bezetten. Mijn gast verzekert mij dat in het dorp geen Duitsers zijn, maar alleen een groep colloborateurs onder leiding van de burgemeester mijnheer Posthumus. Ze staan op het punt hun biezen te pakken… gewapend, en dát is het knelpunt, en de bevolking zou willen dat we dat zouden verhinderen.
Terwijl ik uitleg dat onze missie niets van doen heeft met dat soort zaken, komt een jong meisje, een beetje opgewonden, op haar beurt bij ons kamp: het is de postbeambte van Diever, nog een verbindingsofficier van het verzet. Ook zij verzoekt onze hulp en zij biedt aan ons te gidsen.
De zaak interesseert me niet. Maar iets anders is de argumenten van een mooie vrouw te weerstaan ! De mannen draaien om haar heen als jonge ……. honden en ik zie goed aan hun houding dat ze in de war zijn geraakt door mijn ontoegeeflijkheid. Anspach en Puydupin hebben zich opgeworpen als gedienstige ridders van de jongedame en ik denk dat als ze het nog wat dramatischer voorstelt, dat ze zich dan aan haar voeten zullen werpen, de twee handen op hun hart. Alleen de jongens van mijn eigen stick, met Klein aan het hoofd, blijven onverschillig onder het debat.
Bah !… Trouwens, ik kan hen er toch niet van weerhouden…  en Gilles heeft genoeg ervaring en gezond verstand om hem te kunnen vertrouwen: dat ze dus gaan, als ze daar zin in hebben, een verkenning in het dorp uitvoeren…, maar slechts een verkenning. Iedereen die de benen wil strekken kan gaan, behalve mijn stick en ik, we zullen in het kamp blijven.
Het lijkt wel een militaire wandeltocht: drie uren na hun vertrek, keert mijn deftige landingsploeg terug, beladen met vers voedsel, mijnheer Posthumus en enkele idiote Duitsers voor zich uit drijvend.
Gees, de postbeambte, kijkt me triomfantelijk aan: de slechte vaderlanders zijn begonnen voor hun misdaden te boeten, en daar is ze niet weinig trots op. De arme Posthumus voortgeduwd door zijn drie bewakers, een touw om zijn nek, zijn handen vastgebonden met koorden van een parachute, zinkt neer bij een boom.
De ‘bevrijders’ van Diever vieren hun overwinning nogal bedeesd… Ze doen me denken aan mijn hond Tell ! Dat was een prachtige Duitse brak (redactie: jachthond), een staande hond, die volmaakt was afgericht door mijn vader. Gehoorzaam, bescheiden, erg waardig, hij deed zijn werk zonder ooit een fout te maken, hij had het hart van een goede grote hond. Hij wist zelfs deuren te openen. Dora, mijn Duitse herder, bezat die talenten niet, maar zij gebruikte hem als een Jan Klaassen: zij troonde hem mee naar het erf, Tell opende de deuren van de konijnehokken… en Dora slachtte de konijnen af. Daarna kwam die arme grote hond het huis binnen, schurend langs de muren, helemaal niet trots.
Ten slotte ! Zelfs al is dit niet roemrijk, toch wil ik hier niet neerbuigend over zijn. Ik doe mij schaamteloos te goed aan de levensmiddelen, die zijn geplunderd uit de kelder van Posthumus.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De schrijver gaat in dit fragment van zijn verhaal in op de arrestatie van de N.S.B.-burgemeester Pier Obe Posthumus op  9 april 1945 op klaarlichte dag door enige parachutisten van de stick van Gilles Anspach, waarbij Gees (Geesje) Schoemaker, dochter van de postkantoorhouder Lambert Schoemaker van Deever, optrad als gids. Bij deze actie lukte het niet de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te pakken te krijgen.
Gees (Geesje) Schoemaker was in de Tweede Wereldoorlog koerierster voor het verzet. Gees (Geesje) Schoemaker is op zondag 11 augustus 2013 op 92-jarige leeftijd in haar woonplaats Den Helder overleden. Zij is op donderdag 15 augustus 2013 vanuit de kerk op de Brink op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever begraven.
Uit het relaas van luitenant Edgard Tupet-Thomé blijkt dat hij helemaal niet van plan is geweest Deever te bezetten, dit in tegenstelling tot de bewering van een zekere mevrouw Ter Laan in het artikel ‘Bevrijding van Diever’ in Opraekelen 95/1 (het blad van de heemkundige vereniging van Diever). Op het artikel ‘Bevrijding in Diever’ in Opraekelen 95/1 valt wel meer af te dingen.
In de laatste zin wordt met ‘uit de kelder van Posthumus’ bedoelt ‘uit de kelder van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma’. De N.S.B.-burgemeester van de gemiente Deever was in de kost bij de N.S.B.-caféhouder Klaas Marcus Balsma.
Op de bijgevoegde foto is luitenant Edgard Tupet-Thomé te zien.

Posted in Brink, Diever, Franse parachutisten, Gees Schoemaker, Opraekelen, Pier Obe Posthumus, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

Er was geen water en de brandspuit was defect

In onder meer de navolgende kranten verscheen een bericht over de felle brand in manufacturenmagazijn ‘de Toekomst’ van de heer Philippus (Flip) Zaligman an de Heufdstroate in Deever.
– De Gooi- en Eemlander : nieuws- en advertentieblad van 21 februari 1940;

– Nieuwsblad van het Noorden van 21 februari 1940;
– De Banier: staatkundig gereformeerd dagblad van 21 februari 1940;
– Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant : staats-, handels-, nieuws- en advertentieblad van 21 februari 1940;
– Nieuwe Provinciale Groninger Courant van 21 februari 1940;
– Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s courant van 21 februari 1940;
– Utrechts Volksblad: sociaal-democratisch dagblad van 21 februari 1940;
– De Tijd: godsdienstig-staatkundig dagblad van 21 februari 1940;
– De Residentiebode van 21 februari 1940;
– De Maasbode van 21 februari 1940;
– De Standaard van 21 februari 1940;
– Delftsche Courant: nieuwsblad voor Delft en Delfland van 21 februari 1940;
– Limburgs Dagblad van 22 februari 1940.

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche-Courant van 21 februari 1940 werd het volgende -hierna afgebeelde- bericht gepubliceerd.

Felle brand te Diever
Er was geen water en de brandspuit was defect.
Gistermiddag heeft een felle brand gewoed in het manufacturenmagazijn ‘de Toekomst’ van den heer P. Zaligman, aan de Hoofdstraat te Diever. Het vuur, dat op de bovenverdieping is ontstaan, kon in verband met gebrek aan bluschwater, niet worden bestreden. Bovendien bleek de brandspuit van Diever niet in orde te zijn, weshalve de burgemeester, de heer J.C. Meiboom, gezien den omvang, welke de brand dreigde aan te nemen, de brandweer van Dwingelo en later die van Assen, om assistentie verzocht.
Inmiddels was ook het benedengedeelte van het manufacturenmagazijn door het vuur aangetast. Men slaagde er nog in het huisraad en enkele bescheiden in veiligheid te brengen. Evenwel deelde het vuur zich korten tijd later mede aan de naast gelegen copieerinrichting van den heer Van Goor, terwijl aan de achterzijde de vlammen oversloegen op het woonhuis van den landbouwer Vierhoven.
De brandweer slaagde er in samenwerking met de intusschen ter plaatse verschenen brandweer van Dwingelo en Assen in, het huis van den landbouwer behouden, evenals twee daar aan grenzende woonhuizen.
Het manufacturenmagazijn en de copieerinrichting brandden echter geheel uit. Slechts een gedeelte van den inventaris van de copieerinrichting wist men te redden.
De schade wordt door verzekering gedekt. De oorzaak van den brand is niet bekend.

In het Nieuwsblad van het Noorden van 21 februari 1940 werd het volgende bericht gepubliceerd.

Twee huizen te Diever afgebrand
Gevaar voor uitbreiding kon nog worden voorkomen.
Te Diever is gistermiddag brand uitgebroken door tot dusver onbekende oorzaak in het manufacturenmagazijn ‘de Toekomst’ van den heer Ph. Zaligman aldaar.
Het vuur, dat in de bovenverdieping woedde, was niet te blusschen, voornamelijk door gebrek aan bluschwater. Na korten tijd stond het gehele pand in lichterlaaie. Alleen de boeken en enig huisraad kon men redden.
Doordat de brandspuit niet werkte, geraakte ook het naastgelegen huis, waarin de copieerinrichting van den heer R. van Goor is gevestigd, in brand.
De burgemeester der gemeente, de heer J.C. Meyboom, achtte het toen geraden de brandweer van Dwingelo en later die van Assen te hulp te roepen. Het was een kritiek moment, want een drietal aan de overzijde van de Peperstraat gelegen gebouwen liepen ernstig gevaar. Het huis van den landbouwer A. Vierhoven (Albert Vierhoven) vatte zelfs even vlam. Gelukkig slaagde men er echter in deze huizen te behouden.
Toen later ook de bedoelde brandweren van Dwingelo en Assen arriveerden en werden aangesloten op de nieuw geslagen nortonput voor het gemeentehuis, was het gevaar spoedig bezworen.
De huizen en de inboedels waren verzekerd. De inventaris van de copiëer-inrichting werd nog gedeeltelijk gered.

Aantekeningen van redactie van het Deevers Archief
R. van Goor is Roelof van Goor, de uitgever van het Deeverse Blattie. Zijn copieerinrichting was gevestigd in een pand dat eigendom was mejuffrouw L. Oostenbrink. De landbouwer A. Vierhoven is Albert Vierhoven, die an de Peperstroate woonde.
Het mag duidelijk zijn dat met een oude niet-werkende brandspuit (een betere naam voor dit materieel is waterspuit) en zonder water geen branden kunnen worden geblust. Voor de bestelde maar nog niet geleverde moderne brandweerwagen was al een nortonput vóór het gemeentehuis geslagen. Een nortonput is een inrichting voor het onttrekken van water aan diep gelegen grondlagen via buizen.
De artikelen melden dat het verbrande manufacturenmagazijn ‘de Toekomst’ van den heer Ph. Zaligman (Philippus Zaligman) is. Of de joodse familie Zaligman toen nog in de woning boven de winkel woonde, dat is de redactie niet helemaal duidelijk, omdat deze familie in 1936 naar Meppel verhuisde. Het kan zijn dat het pand toen aan iemand was verhuurd. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan hier duidelijkheid over verschaffen ?
Op de grond van het verbrande pand van Philippus (Flip) Zaligman an de Heufdstroate is in de Tweede Wereldoorlog het gebouw van de Boerenleenbank gebouwd en in gebruik genomen. Heeft de Boerenleenbank de grond van de familie Zaligman direct na de brand gekocht ? Waar is het puin van het verbrande pand van de familie Zaligman en van mejuffrouw L. Ooostenbrink gebleven ?
Op de afgebeelde zwart-wit ansichtkaart uit 1948 is de Boerenleenbank met woning voor de kassier aan de rechterkant van de afbeelding te zien. Helemaal rechts achter de leilinden staat café Trompetter. Aan de linkerkant is op de voorgrond de schilderswinkel van Geert Koster te zien. Achter de Boerenleenbank is nog net een stukje van de smederij van Albert Kloeze zichtbaar. Het hoekige gebouw met het platte dak achter de smederij is het postkantoor (Deever had toen een postkantoor).

Abracadabra-1215
Abracadabra-1212

 

Posted in Ansichtkaarten, Boerenleenbank, Café Trompetter, Deeverse braandweer, Diever, Hoofdstraat, Joodse inwoners, Neringdoenden, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Gereformeerde school onder de slopershamer – 1982

Het is goed zo nu en dan eens een middagje bij het archief van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) langs te gaan en ter plekke -het archief van deze krant zal immers niet via het internet worden ontsloten- materiaal te verzamelen dat de moeite waard is te publiceren in het Deevers Archief. Bijgaande foto en bijgaand berichtje verschenen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 11 januari 1982.

Diever.
De sloop van de ‘Meester Roosjenschool’ in Diever is in volle gang. De nieuwe school is enige weken geleden al in gebruik genomen, maar de officiële opening zal pas de komende zomer plaats vinden.
De school die nu wordt afgebroken is bijna tachtig jaar oud. Vanaf 1 juni 1904 was de school in gebruik, die nu moet wijken voor de moderne tijd.
De school heeft de naam Meester Roosjenschool gekregen, daar meer dan 65 jaar het hoofd van de school de naam Roosjen droeg en wel Broer en Sierd Okke Roosjen.

Abracadabra-1222Abracadabra-1221

Posted in Afbeeldingen, Diever, Gereformeerde school, Hoofdstraat, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Fritz Habener is de moordenaar van 10 april 1945

Op 4 mei worden elk jaar bij het oorlogsmonument op het marktterrein aan het begin van de Bosweg in Deever de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen burgerslachtoffers herdacht waarvan de namen zijn gegraveerd in de koperen plaat, die is vastgeschroefd aan de zwerfsteen van het monument. De redactie van het Deevers Archief heeft de hier afgebeelde foto van het oorlogsmonument gemaakt op 27 april 2008.

Op deze koperen plaat staan ook de namen van de tien burgers, die op 10 april 1945 op brute wijze op het marktterrein zijn vermoord:
– Nicolaas Houwer, geboren op 8 mei 1882 in Deever;
– Kornelis Kerssies, geboren op 15 maart 1885 in Wittelte;
– Harman Bennen, geboren op 4 augustus 1891 in Deever;
– Roelof Hunneman, geboren op 5 juni 1898 in Deever;
– Hendrik Akkerman, geboren op 15 februari 1904 in Zwolle;
– Klaas Daleman, geboren op 22 mei 1906 in Wittelte;
– Jan Houwer, geboren op 23 juli 1911 op Kalter’n;
– Koop Houwer, geboren op 16 mei 1915 in Deever;
– Antonius Maria Gerardus Janssens, geboren op 26 mei 1926 in Tilburg;
– Joseph Cornelis Maria Janssens, geboren op 10 oktober 1930 in Berkel.

De beruchte Duitse S.S. Hauptscharfüher Fritz Habener -zie de afgebeelde foto- is de moordenaar van de tien onschuldige mannen, hij schoot ze eigenhandig met zijn machinegeweer dood. Dat was op ut maarktterrein teeg’n de wal van de kaarkhof . Op deze stee staat nu een rododendronbosje.

S.S.  Hauptscharfüher Frits Habener is geboren op 17 mei 1909 in Hamburg in Duitsland. Op 30 september 1950 is hij wegens oorlogsmisdaden in het Fort de Pontessy bij Lyon in Frankrijk gefusilleerd. De foto van Frits Habener is afkomstig uit de collectie van het Bundesarchif in Berlijn, Duitsland.

Meer gegevens over dit oorlogsmonument zijn te vinden in de webstee Traces of War en in de webstee van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

De heer J.G.S.E. Borg reageerde op 15 januari 2018 als volgt.
Fritz Habener is volgens mij ook betrokken geweest bij de executie van zes personen in Kallenkote.
Ik weet niet of hij het bevel voerde over het executiepeloton, dat uit twaalf mannen bestond. Ik weet ook niet of hij degene was die na de executie het genadeschot gaf.
Ik heb twee vragen.
Werd er na een executie altijd een genadeschot gegeven ?
Werden de soldaten van een executiepeloton ook vervolgd ?

Abracadabra-1226

Abracadabra-1227

Posted in Bosweg, Diever, Oorlogsmonumenten, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De olde kouwe van Oaltie Keuning-Hoaveman

De redactie van het Deevers Archief laat de trouwe bezoekers van de webstee www.dieversarchief.nl graag meegenieten van nieuwe aanwinsten in zijn verzameling objecten uit de gemeente Deever. Eén daarvan is bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw. 

Uit de mond van wijlen Anne Mulder schreef de redactie van het Deevers Archief het volgende op over het hoekhuis aan de Peperstraat:
Omstreeks 1932 werd het hoekhuis aan de Peperstraat bewoond door Frederik Haveman. Hij was niet gehuwd. Hij was eertijds bediende bij de Coöperatieve Verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ in Diever. Op latere leeftijd heeft hij in Wapse zijn intrek genomen in het gezin van Hendrik Koning, die gehuwd was met zijn zuster Aaltje Haveman. Na het overlijden van Frederik Haveman -zijn overlijdensdatum is te lezen op een eenvoudige grafzerk in het gesloten gedeelte van de begraafplaats- zijn Hendrik Koning en Aaltje Haveman verhuisd naar het hoekhuis aan de Peperstraat.

Roelof Santing herinnert zich het volgende van de mensen die in zijn jeugd in dit huis woonden:
Voordat Aaltje Koning-Haveman bewoonster van het huis aan de Peperstraat werd, woonde daar haar broer Frederik Haveman. Op het dorp stond hij bekend als Freerk Punt of Freerk Puntien. In mijn herinnering was dit een markante persoonlijkheid, al kwam dit niet tot uitdrukking in zijn figuur. Gezeten op de steen, zoals die te zien is op de afbeelding, gaf hij in de dertiger jaren van de vorige eeuw zijn visie op de politieke toestand van die tijd, waarbij hij het uit het Oosten dreigende gevaar zeer wel onderkende.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Frederik (Freerk) Haveman is geboren op 8 mei 1876 in Deever en is overleden op 25 maart 1939 in Wapse. Hij ligt begraven op de kaarkhof van Deever. Hendrik Koning is geboren op 9 mei 1875 in Dwingelo en is overleden op 28 december 1953 in Meppel. Hij ligt begraven op de kaarkhof van Deever. Aaltje Haveman is geboren op 14 september 1879 in Deever en is overleden op 6 oktober 1967 in Deever. Zij ligt begraven op de kaarkhof van Deever.
In het begin van de twintigste eeuw woonden in het zichtbare pand schoenmaker Berend Slagter met zijn vrouw Femmigje Mulder.
De foto voor de zwart-wit ansichtkaart is in 1964 of 1965 gemaakt. Dat is een paar jaar nadat burgemeester Jan Cornelis Meiboom (ome Kees) van de gemeente Diever in 1956, 1957 of 1958 (?) alvast het achterste deel van het pand liet afbreken in het kader van de zo genoemde krotopruiming. Het achterste deel is bewoond geweest door bakker Jonkman, kapper Jan de Boer en de familie Hendrik Baaiman. De familie Baaiman werd eerst naar een woning aan de Wapserveenseweg in Wittelte verbannen, waarna het achterste deel kon worden gesloopt.
Ome Kees had grootse -ja bijna megalomanistische- plannen met de dorpskern. Vele prachtige en beeldbepalende cultuurhistorisch waardevolle ‘olde kouw’n’ in het hart van het dorp Deever pasten niet in zijn plannen en moesten daarom bij voorbaat al worden gesloopt. Volop en niet te weinig.
De gemeente Diever onder leiding van ome Kees werd gelukkig op tijd een zogenaamde artikel 12-gemeente, zodat niet het hele hart van Deever vernield en gesloopt is geworden, maar waren wel de mooiste en oudste panden verdwenen.
Bij de sloop van het achterste deel van het pand ontstonden gaten in de tussenmuur, die toen buitenmuur van de achtergevel van het op de afbeelding zichtbare pand van de weduwe Koning was geworden. Van oude stenen werd een muur tegen de kapotte achtergevel gemetseld. Het rieten dak werd gesloten met een wolfseind.
Alleskunner wijlen Klaas Kleine (geboren op 20 maart 1940, overleden op 24 oktober 2000) kocht op 14 oktober 1966 de ‘olde kouwe’ voor f. 6.000,- van Aaltje Haveman, de weduwe van Hendrik Koning, en ging met het pand aan de slag op basis van een vermetel plan voor restauratie en herbouw.
De redactie merkt op dat in het bovenlicht van de voordeur van het pand geen levensboom aanwezig is.
Wie van de weinige sprekers van het Deeverse dialect weet nog de betekenis van het niet meer gangbare woord ‘kouwe’ ? Bijvoorbeeld in de zin: See haad’n kolt in de olde kouwe. Wie is bereid te reageren ?  

Abracadabra-1214

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Klaas Kleine, Peperstraat | Leave a comment

De webstee van museum Radio Wereld in Deever

Het blijft maar een komen en gaan van particuliere museums in de gemiente Deever. Het mooie glasmuseum ‘de Spiraal’ an ’t Meulenende in Deever is gekomen en is gegaan. Het mooie koetsenmuseum ‘de Koetsenman’ an de Heufdstroate in Deever is gekomen en is gegaan. Het mooie museum Dieverza an de brink van Deever is gekomen en is gegaan. Het museum Dieverhof an de Aachterstroate in Deever is gekomen en is gegaan. Het mooie Oldtimermuseum in Wittelte is gekomen en is gegaan. Het natuurmuseum het Drents-Friese-Wold op Woater’n is gekomen en is gegaan. Het mooie (oerlelijke ?) Oermuseum an de brink van Deever is gekomen en wanneer zal het gaan … ? Het Shakespearemuseum zal komen en zal gaan … ? Het Midwintertoetermuseum zal komen en zal gaan … ? Het Groevemuseum zal komen en zal gaan … ?
Wat is er toch mis met de toeristenindustrie in de gemiente Deever ? Wat is er toch mis met de toeristische bedrijvigheid in de gemiente Deever ? Wat is er toch mis met het culturele en economische beleid van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk ? En heeft het misschien allemaal te maken met het gegeven dat de gemiente Deever in een krimpgebied ligt ?

In de Meppeler Courant van 4 september 1999 verscheen in de rubriek @penstaart een kort stukje tekst over het museum Radio Wereld in Deever:
Iets geheel anders is de site www.radio-wereld.demon.nl van museum Radio Wereld in Diever. De teller staat hier op 286 hits en heeft grafische mogelijkheden voor een zescijferige teller Het blijft voorlopig bij een begin met zes nullen (000286). De site bevat informatie over het museum, natuurlijk, de oprichting, de expositie, excursies, doe-dingen en museumnieuws. Onder het kopje museumnieuws brengt eigenaar Wim Stuiver de activiteiten voor de komende weken, onder meer over de Shakespeare-spreukenwandeling door de omgeving van Diever. De site is aardig vormgegeven met een enkele foto, die een aardig beeld geeft van het museum  

Ook het mooie museum Radio Wereld (voorheen museum ‘d’ Olde Radio’) an de Aachtertroate in Deever is gekomen en is gegaan. Na 15 jaar (1985 t/m 1999) actief met het museum Radio Wereld bezig te zijn geweest, besloten de eigenaren Sjoukje en Wim Stuiver, het museum per 1 oktober 1999 voor het publiek te sluiten.
Wat valt nog te achterhalen van de korte geschiedenis van het museum Radio Wereld ? Digitaal is in elk geval gelukkig nog wel een en ander van het museum te vinden.
Een hele geruststelling is dat de webstee van het Internetarchief (The Internet Way Back Archive) (archive.org/web) als doel heeft voor altijd (voor altijd is wel erg lang) universele toegang te bieden tot alle via het internet bereikbare menselijke kennis.
Zo ook tot de kennis die is opgeslagen in alle versies van de webstee radio-wereld.demon.nl van het museum Radio Wereld. Klik op de navolgende link voor het raadplegen van de laatste versie van radio-wereld.demon.nl.

De redactie van het Deevers Archief toont graag afbeeldingen van Museum Radio Wereld. Op bijgaande ansichtkaart is de markante vormgeving van de Philips radio uit de periode 1930-1940 te zien. Deze ansichtkaart is uitgegeven door Museum Radio Wereld, Achterstraat 9, 7981 AS, Diever, (Dr.), telefoon 05219-2386.

abracadabra-534

Posted in Achterstraat, Ansichtkaarten, Cultuur, Diever, Museums, Toeristenindustrie | Leave a comment

Kerk aan de brink van Deever op 11 maart 1933

De redactie van het Deevers Archief  kent maar weinig mooie oude foto’s van onderwerpen uit de gemiente Deever, waarvan de juiste datum van fotograferen bekend is. Van deze foto van de kerk aan de brink van Deever is die datum wel bekend, te weten 11 maart 1933. Deze foto, nota bene afgedrukt op papier met een kartelrand, is gemaakt door juffrouw Christina Augusta Johanna ter Horst. Zij was van 1 maart 1930 tot 1 maart 1937 onderwijzeres an de Wittelter skoele. Daarvoor had ze een tijdelijke aanstelling aan de openbare lagere school in Deever. Ze was in de kost bij Gosem Klasen, die in de Hoofdstraat woonde.
Aan de linker kant van de zuidelijke zijbeuk van de kerk is een deur te zien. Die deur is bij de restauratie van 1956/1957 weggehaald, omdat dit geen originele deur was, maar later is aangebracht, waarschijnlijk in de tijd dat de ruimte achter de deur, waar nu een drieluik hangt, in gebruik werd genomen als lagere school.
Op de hof van de kerk werden geen doden meer begraven, maar toch stond er nog een hek om de kerk, de reden daarvan kan zijn geweest dat de aanwezige graven nog niet waren geruimd, dat gebeurde bij de restauratie in 1956/1957. Straatjongens uit die tijd zullen zich de berg schedels en skeletten bij de zij-ingang van de kerk nog wel kunnen herinneren.
Aan de rechter kant van de foto is nog net een stukje van het hek om de braandkoele op de brink te zien.
Heel mooi is ook het slijtpad vanaf de Hoofdstraat over de brink naar de ingang van ‘het oude gemeentehuis’.
Uiteraard was het electriciteitsnet nog niet onder de grond aangebracht.
Het liek’nhusie op de brink is op deze foto niet meer te zien.

Posted in Brink, Diever | Leave a comment

De Gaper aan de gevel van drogisterij Hendrik Mulder

De twee hier afgebeelde zwart-wit foto’s van ‘de Gaper’ aan de gevel boven de winkeldeur van de drogisterij van Hendrik Mulder an de Heufdstroate in Deever zijn afkomstig uit een collectie foto’s van Monumentenzorg, die aanwezig is in het Drentsch Archief in Assen. De twee foto’s zijn op 2 april 1959 gemaakt.

Hendrik Mulder (Hendrik Moesie; alle Mulders in Diever hadden een bijnaam; hij werd ook wel Moesie Peep genoemd) en zijn vrouw Christina (Stina) Klok openden in 1933 in Deever in een nieuw pand drogisterij ‘De Gaper’, Hoofdstraat 17, nu Hoofdstraat 43. Hendrik was ook huisschilder, zijn vrouw Christine (Stina) deed de drogisterij. Hendrik maakte ook graag foto’s.
Hendrik Mulder werd geboren op 24 mei 1905 en overleed op 30 januari 1977. Zijn vrouw Christina (Stina) Klok werd geboren op 24 januari 1910 en overleed op jonge leeftijd op 28 oktober 1961.
Per 1 januari 1966 deed Hendrik Mulder (Hendrik Moesie) zijn zaak over aan zijn neef Hendrik Koopman. In juni 1993 is Hendrik Koopman met zijn drogisterij verhuisd naar de Peperstraat. Zowel Hendrik Mulder als Hendrik Koopman waren uitgever van heel veel mooie ansichtkaarten met afbeeldingen uit de gemeente Deever. Deever is hen daar veel dank voor verschuldigd.
De Gaper, het beeld met de houten kop met de gapende mond (tong uit de mond), is gemaakt door een beeldhouwer uit Veendam. In de tachtiger jaren van de vorige eeuw moest de fraaie kop worden verwijderd. Hij was totaal verrot.
Het gevelobject Gaper maakt steeds minder deel uit van het straatbeeld in dorpen en steden in Nederland. Er is al een webstee die zich speciaal richt op Gapers in Nederland. In deze webstee is ook een kleurenafbeelding van ‘de Gaper’ van Hendrik Mulder aanwezig. Boven in het scherm van de webstee Gapers in Nederland op de hoofdletter D klikken en vervolgens naar beneden ‘scrollen’.
Het gevelobject ‘de Gaper’ kan beschouwd worden als een jammer genoeg verloren gegaan Deevers kunstobject van historische waarde. Wellicht kan een groepje dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever of een groepje dorpskrachten van de vereniging van neringdoenden uut Deever in samenwerking met de huidige eigenaar van het pand een kleine inspanning doen om te komen tot het plaatsen van een nieuwe ‘de Gaper’.
Als in Deever daken van pothokken opgetuigd kunnen worden met lichtgevende dakpannen, dan behoort het opnieuw plaatsen van ‘de Gaper’ zeker tot de mogelijkheden. Wellicht zou ‘de Gaper’ bij wijze van experiment met behulp van een 3D-printer kunnen worden gemaakt van een duurzame kunststof en zou een lokale kunstenaar de zo ontstane ‘de Gaper’ kunnen beschilderen.  

De redactie van het Deevers Archief stelde in 2003 ten behoeve van de leden van de plaatselijke heemkundige vereniging de zo door de heemkundige vereniging genoemde ‘historische kalender’ (hoe kan een kalender historisch zijn ?) voor het jaar 2004 samen. De bijgaande afbeelding toont het kalenderblad voor de louwmaand 2004, dat wil zeggen januari 2004.
De zwart-wit foto van de gevel van de drogisterij met ‘de Gaper’ is omstreeks 1962 gemaakt en is afkomstig uit het archief van de voormalige gemeente Diever.

Abracadabra-1207Abracadabra-1206Abracadabra-1208

Posted in Diever, Historische kalenders, Hoofdstraat, Kunst, Kunstig gemaakte objecten, Neringdoenden | Leave a comment