Category Archives: Drentsche Hoofdvaart

Ten huize van Jan Pot an ’t Wittelterschut

Op 10 december 1868 verscheen in de Drentsche en Asser Courant het navolgende bericht over de verkoop van hout op stam ten huize van Jan Pot an ’t Wittelterschut.

De notaris mr. W.O. Servatius te Dwingelo zal, op vrijdag den 18 december 1868, des morgens om elf uren, ten huize van Jan Pot, aan het Wittelterschut publiek verkoopen: Eenige perceelen schel- en weekhout en dennen, op stam staande te Wittelte, in de gemeente Diever, en toebehoorende aan de markegenooten van Wittelte en aan B.H. Barelds te Dwingelo, kunnende van die perceelen aanwijzing worden bekomen bij H.L. Barelds te Wittelte.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In dit bericht wordt Dwingelo geschreven, zoals het met één o behoort te worden geschreven: Dwingelo.
In 1868 bestond het Wittelterschut in de Drentsche Hoofdvaart nog. Dit overbodige en te smal geworden schut werd tussen 1 juli en 15 augustus 1880 afgebroken.
Ten huize van Jan Pot was ten huize van de schutmeester Jan Pot van het Wittelterschut. Jan Pot zal in één van de voorkamers (de voorkamer aan de kant van de Wittelterbrug) van de schutmeesterswoning (de sluiswachterswoning) een café hebben gehad, waar de publiek verkoop van hout op stam plaats moet hebben gevonden. Jan Pot was naast schutmeester (sluiswachter) ook landbouwer.

Jan Pot werd op 22 juli 1835 geboren te Wittelte, als zoon van Jan Pot en Aaltje Jans Duiker. Hij overleed op 21 januari 1920 te Wittelte. Hij was getrouwd met Christina Henderika Leonora Bakker. 
De schutmeesterswoning, die eigendom was van het Rijk, werd in 1905 op een openbare veiling verkocht.
Het pand heeft tegenwoordig als adres: Rijksweg 74, Wittelte. In het pand was jarenlang een Old Timer Museum gevestigd.
H.L. Barelds was Hendrik Lefferts Barelds (geboren op 1 april 1834, overleden op 11 mei 1895).
Met weekhout wordt bedoeld hout van de populier (geschikt voor het maken van klompen).

abracadabra-146

Posted in Drentsche Hoofdvaart, Wittelte, Wittelterschut | Leave a comment

Deeverse sluus an de Deeverbrogge vrog in de mörn

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van de Deeverse sluus bee’j de Deeverse brogge vroeg in de ochtend van 2 januari 2017 gemaakt. Het had die ochtend een beetje gesneeuwd. Echt wel.
Het is bepaald niet de gewoonte van de voorkant van het gelijk, gevestigd in de kantoortuinen en kantoorparken in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever, zitbankjes, zoals er nog net één aan de rechterkant van de foto is te zien, met publieksgeld te betalen. De kans is groot dat het ook hier een gesponsord exemplaar betreft.

Posted in An de Deeverbrogge, Dieversluis, Drentsche Hoofdvaart | Leave a comment

Een tekening van de Brogge an de Gowe uut 1985

De redactie van het Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever in de map 1986 bijgaande afbeelding, die de redactie de trouwe bezoekers van de webstee van het Deevers Archief niet wil onthouden.

Op de afbeelding is te zien het kalenderblad voor de maand maart van het jaar 1986 van een kalender die de RABO-bank uut Dwingel speciaal ter gelegenheidheid van zijn 75-jarig bestaan (1911-1986), zomaar grateloos cadeau gaf aan zijn vaste klanten.
Bij elke maand stond een tekening. De maart-tekening is een prachtige fantasierijke tekening van de brogge over de voart an de Gowe van de kunstenaar André Winkel. De tekening heeft als voor de hand liggende titel ‘Gezicht op Geeuwenbrug’.
De kunstenaar André Winkel beheerst de kunst van het weglaten van wel aanwezige bebouwing, waardoor de blik vooral naar de brogge wordt getrokken. En ook een beetje naar rechts, naar het café van Zwatte Hendekie. Of was in het pand in 1985 geen café meer gevestigd ?
Heeft de tekenaar André Winkel zijn tekening ter plekke gemaakt of heeft hij zich in zijn atelier laten inspireren door één of andere (door hem zelf gemaakte ?) foto ?
De redactie weet niet of de greinse tuss’n de gemiente Deever en de gemiente Dwingel links van de brug, rechts van de brug of precies midden over de brug loopt. Wie het weet, die mag het natuurlijk melden.
De redactie vraagt zich af of de RABO-bank uut Dwingel ter gelegenheid van zijn 100-jarig bestaan (1911-2011) weer een kalender met mooie tekeningen heeft uitgegeven, met bijvoorbeeld een tekening van de brogge van Deever of een tekening van ’t Olde Voartie an de Oldendeeversebrogge of een tekening van de Stroombrogge in Wittelte. Wie het weet, die mag het natuurlijk melden.
Of misschien komt de heemkundige vereniging uut Deever in 2018 ter gelegenheid van zijn 24-jarige bestaan wel met een door deze vereniging zo genoemde ‘historische kalender’ met afbeeldingen van oude tekeningen en schilderijen uut de gemiente Deever, waarop de drie laatst genoemde objecten staan.

Posted in Drentsche Hoofdvaart, Geeuwenbrug, Kunst, Tekeningen | Leave a comment

De situatie an de Deeverbrogge bij tegenlicht

Deze afbeelding van de Deeverbrogge en van hotel-café-restaurant Blok staat op een ansichtkaart die in augustus 1955 is uitgegeven door Hotel Blok, telefoon 05219-456.
Diverse Deeverse verzamelaars zijn in het bezit van een exemplaar van deze ansichtkaart.
Van deze ansichtkaart is ook een herdruk bekend uit juni 1959.
Deze kaart is dus veel verstuurd. Blijkbaar hadden toen lang onderweg zijnde handelsreizigers en vrachtvervoerders tijdens een eet- en drinkpauze in café-restaurant Blok even de tijd een kaartje met een berichtje naar huis te sturen.

Op de bij tegenlicht gemaakte kleurenfoto, die de redactie van het Deevers Archief op 21 november 2014 om ongeveer twee uur in de middag heeft gemaakt, is een enigszins ander beeld te zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Café-Hotel Blok, Drentsche Hoofdvaart | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Kalkovens staan op instorten

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 21 januari 1983 het navolgende artikel ‘Voor 1 februari omheining Kalkovens in Dieverbrug’ naar aanleiding van gedoe over de bouwvallige restanten van de kalkovens an de Deeverbrogge.

Burgemeester en Wethouders van Diever hebben eigenaar H.J. Schoenmaker uit Haren gesommeerd vóór 1 februari de kalkovens in Dieverbrug af te schermen voor het publiek. Het gevaar is niet ondenkbeeldig dat stukken van de schoorsteenpijp naar beneden vallen. Twee jaar geleden is dat al eens gebeurd, overigens zonder dat zich ongelukken voordeden. Ook toen hebben Burgemeester en Wethouders gevraagd te zorgen voor een deugdelijke afrastering rond de uit het begin van deze eeuw stammende kalkovens. Hieraan heeft Schoenmaker niet voldaan.

Omdat het gevaar voor instorten nog groter is geworden, wil het college op grond van de bouwverordening nu kracht achter het verzoek zetten. ‘De tand des tijds heeft haar nimmer aflatende invloed steeds sterker doen gelden.’ staat in een brief aan Schoenmaker. Hij krijgt een maand de tijd in beroep te gaan. Anders zal de gemeente op zijn kosten voor een deugdelijke omheining zorgen. De gemeente heeft overigens al diverse pogingen ondernomen de kalkovens te behouden. ‘Ons is gebleken dat de helft van de kalkovens in ons land de laatste jaren verloren is gegaan.’ zegt burgemeester H.G. Overweg. ‘Het is goed om er dan een paar te bewaren. Deze ovens zijn daarvoor uitermate geschikt, omdat uit de plaats een relatie blijkt met de omgeving. De schelpen werden altijd aangevoerd via de Drentsche Hoofdvaart.
Als bestuurslid wist Overweg de Stichting Oud-Drenthe voor de ovens te interesseren. Onderhandelingen met de eigenaar liepen echter op niets uit. ‘Schoenmaker vroeg zo’n hoge prijs dat de stichting daar niet op in kon gaan. Er zijn altijd mensen die denken dat in een dergelijk bezit geld zit. Het is echter eigenlijk een negatief bezit, want je hebt er geen donder aan. Voor het behoud van de ovens was het voor de stichting echter wel interessant.
De suggestie van Schoenmaker de gemeengte de oven te laten opknappen leverde geen gehoor op. ‘Wanneer je geen eigenaar bent moet je niet gaan prutsen aan dit soort dingen.’ zegt Overweg. ‘Ook in het belang van de toeristen willen we wel graag iets doen. De kalkovens zijn een monumentje van industrie en techniek.’
Ondersteuning krijgt het gemeentebestuur van G.J.P. Bloemen uit Doesburg. Tijdens zijn vakantie maakte hij kennis met de ovens. In een brief aan de gemeenteraad pleit Bloemen voor het behoud ervan. De gemeenteraad van Diever vergadert donderdagavond.

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Boek An de Brogge, Cultureel erfgoed, Cultuurhistorie, de Kalkovens, Drentsche Hoofdvaart, Economie, Erfgoed | Leave a comment

We gaan met de snikke als het markt te Meppel is

In het Nieuwsblad van het Noorden van 9 december 1896 verscheen het navolgende bericht over ervaringen bij het vervoer per snikke van Dieverbrug naar Meppel.

Gemengd Nieuws.
Uit Drenthe’s Zuidwesthoek schrijft men aan de ‘Telegraaf’:
Drente is door natuur en menschen beide al zeer stiefmoederlijk bedeeld. De dorre heidevelden worden door een armoedige bevolking bewoond, die tracht van den schralen zandgrond nog te halen wat er van te halen is. En de noodige middelen om de producten van het land te vervoeren en het vee ter markt te brengen, zijn slechts in geringe mate aanwezig en vaak nog zeer primitief. In deze streken moet men zich nog behelpen met het vervoer per trekschuit, een vaartuig dat de bewoners van meer bevoorrechte oorden alleen nog uit de Camera Obscura kennen.
’t Is waar, er bestaat een dagelijksche stoombootdienst der Duitsche Stoomvaartmaatschappij. Hare booten, die geregeld vice-versa voorbij Smilde, Dieverbrug, Uffelte en Havelte tusschen Meppel en Assen varen, maken het mogelijk aan de bewoners deze streken iederen dag naar Assen of Meppel te komen en hunne goederen daarheen te zenden.
Maar wat voor het personenvervoer nogal lastig is, deze booten gaan zeer langzaam (moeten langzaam varen om de wallen der Drentsche Hoofdvaart niet te beschadigen) en, dit geldt ook voor het goederenvervoer, zijn erg duur. Onze boeren maken er dan ook zoo weinig mogelijk gebruik van. Wie op een niet-marktdag te Meppel moet wezen, en ieder onzer moet er zo nu en dan zijn, gaat per as (op een hortenden boerenwagen) of te voet.
Als het markt te Meppel is (Donderdag) echter gaan we met de trekschuit. We staan vroeg op, vroeg althans naar steedsche opvatting en hebben als we te Uffelte of Havelte wonen, keus uit vier trekschuiten, twee Dieversche en twee Uffelter ‘snikken’ (trekschuiten). Haasten we ons een goed plaatsje uit te zoeken, want als gewoonlijk zijn de ‘snikken’ meer dan vol, zoowel aan personen als goederen.
Wat ’n drukte in het vroege morgenuur. Boeren op klompen (de boer draagt altijd klompen, ’s zomers en ’s winters, op zon- en werkdagen), die varkens of geiten voortdrijven, boerinnen met oorijzers en witte muts, die manden met boter of eieren torsen, allen eenigszins gehaast om in de ‘snikke’ te komen. Als allen er op zijn, gaat het vooruit, natuurlijk bedaard, doodbedaard, zooals het ’n trekschuit past.
Laten we nu eens ’n kijkje in de schuit nemen. Op vier banken zitten de passagiers opeeengepakt. Geen wonder bij zo’n volte, dat het er na een half uur al benauwd wordt en dat veelen te Meppel met ‘heufdzeerte’ (hoofdpijn) aankomen. Men gaat er niet licht toe over een raampje open te zetten, want de plattelandbewoner vreest niets zoozeer als tocht. De meest verpestende atmosfeer is hem liever dan het gevaar van op den tocht te zitten. Opgeschoven ramen ziet men zelfs op snikheete zomerdagen slechts bij uitzondering.
Zo’n reisje per trekschuit is, vooral als men het reeds eenige malen meegemaakt heeft, verre van gezellig. Luister slechts waar die passagiers over redeneeren, die beide bejaarden in den hoek. De een beweert dat goede mest toch het ware is op het land, waarop zijn buurman bevestigend knikt.
Deze bewering is niet juist nieuw voor hem; vóór een halve eeuw was hij reeds van de waarheid ervan overtuigd. Een oud moedertje weidt lang en breed uit over de goedkoopte van de varkens, welke mededeeling voor hare toehoorders ook al geen nieuws bevat. Maar wie ter wereld zou in een trekschuit ook met wat nieuws voor den dag komen ? Toch heb ik eens een nieuwe stelling hooren te berde brengen, door een man met bakkebaardjes en laarzen. Hij was dus geen boer. Een boer heeft baard noch knevel en draagt geene laarzen. De man beweerde met kracht van woorden en gebaren (hij sloeg bij iederen zin met flinken slag op knie van zijn buurman), dat het liggen gaan van koren niet zooals de heerschende mening wil, het gevolg is van ‘geilheid’ (overmaat aan vruchtbaarheid), maar juist van gebrek aan voedsel. In de ‘snikke’ is men het altijd met elkaar eens, maar met iemand, die wat nieuws zegt, nooit. Een opgewekt debat volgde dan ook. Gelukkig, want dit verkortte den drie uren langen, anders eindeloos vervelende tocht.
Godsdienst-quaesties of politieke dito worden nooit besproken.  Eens hoorde ik ’n ouden boer beweren, dat die van Houten toch een flinke kerel was en dat de nieuwe kieswet … Maar de man praatte voor doove oren. Niemand interesseerde dit onderwerp. Er is maar ééne enkele zaak, die den boer belang inboezemt, dat is het boerenbedrijf. Al wat daar buiten ligt, is voor hem terra incognita en daar bemoeit hij zich niet mee.
Eindelijk zijn wij te Meppel, want zelfs een trekschuit komt ten slotte op de plaats harer bestemming.
Meppel is onze stad. Meppel is de plaats waar we onze producten en onze ‘diers’ (dieren) aan den man brengen. Meppel is ook de stad, waar we onze inkoopen doen. Veele huishoudelijke benodigdheden, kleederen, eetwaren (vleesch bijvoorbeeld) zijn op onze landbouwdorpen niet te krijgen of erg duur en slecht.
We zijn dan erg ingenomen met onze ‘snikken’, die ons den tocht naar Meppel mogelijk maken en zeer goedkoop zijn. Toch zouden we het oogenblik zegenen, dat we hier een tram kregen. Er is al eens over gepraat. En we hopen dus !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De schrijver van bovenstaand artikel probeert op enigszins negatieve manier de sfeer in de snikke te beschrijven tijdens het vervoer van mensen, dieren en goederen van de Deeverbrogge naar Meppel, Desalniettemin had publicatie van dit verhaal in hoofdstuk 6 Transport van het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’, dat de heemkundige vereniging uut Deever heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan, niet misstaan.
In het artikel is sprake van Duitsche Stoomvaartmaatschappij, dit moet zijn Drentsche Stoomboot Maatschappij.
Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1906 ligt voor de löswal an de Deeverbrogge de snikke van waarschijnlijk Sjoert Benthem.

Abracadabra-449

Abracadabra-450

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-451

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Drentsche Hoofdvaart, Snikke, Vervoer, Verzet | Leave a comment

Aanlegplaats en Kantoor der D.S.M. te Dieverbrug

De redactie van het Deevers Archief laat de trouwe bezoekers van de webstee Dieversarchief.nl graag meegenieten van zijn aanwinsten in de verzameling ansichtkaarten. Slechts enkele verzamelaars van ansichtkaaren uit de gemeente Diever zullen bijgaande ansichtkaart in hun album hebben.
Het gaat in dit geval niet zozeer om de fraaie sfeervolle opname van de aanlegplaats van de stoomboot bij en het kantoor van de Drentsche Stoomboot Maatschappij in het café-logement van Sjoert Benthem, waarbij Sjoert Benthem, met wit overhemd, links naast de stoomboot zit, dan wel om de twee afzenders van deze kaart.
Neef en nicht, Sjoert Benthem en echtgenoote, verstuurden deze eigen ansichtkaart op 2 januari 1907 aan den heer Johan Jacob Pieter Merk, Agent van Politie, Korte Lijdsche Dwarsstraat 25 in Amsterdam. Johan Jacob Pieter Merk was een broer van Griet Merk, de vrouw van Sjoert Benthem. Sjoert Benthem moet deze kaart geschreven hebben en wel in een redelijk handschrift, met inkt en kroontjespen, in de schrijfstijl uit die tijd.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café Sjoert Benthem, Drentsche Hoofdvaart, Drentsche Stoomboot Maatschappij, Loswal | Leave a comment

An de Deeverbrogge – IJzeren draaibrug – 1909

Op 6 april 1880 om 12 uur ’s middags werd het bouwen van een ijzeren draaibrug over de Drentsche Hoofdvaart ter vervanging der Oude Dieverbrug, gemeente Diever in het gebouw van het Provinciaal Bestuur te Assen aanbesteed. Het werk werd voor 5077 gulden gegund aan aannemer Roelof Hunse Jr. uit Assen.
Het werk bestond uit het maken, onderhouden en afbreken van een hulpbrug, het slopen van de oude draaibrug, het bouwen van twee landhoofden, het maken van een draaipijler, het bouwen van een draaibrug, het plaatsen van een remmingwerk, het maken van een loopbrugje, grond-, straat-, teer- en voegwerk en het bouwen van een dagverblijf.
De draaibrug was 13,60 m lang en 3,60 m breed. De doorvaartwijdte tussen het landhoofd en het remmingwerk was 6,00 m. De gesmede afgedraaide ijzeren draaispil woog 110 kg, vier geslagen en getrokken ijzeren liggers wogen 3130 kg en de gegoten ijzeren broekbalk woog 1600 kg. De ballastbak onder de brug was gevuld met 1100 kg ruwijzer. Het onderdek van de brug was gemaakt van eikehout. Het bovendek bestond uit Dantzichs grenehout.
Op de brug zijn de gegoten ijzeren spanstijlen, de koppelstangen en de smeedijzeren leuningen te zien. De brug werd met de hand bewogen met behulp van een Engelse schroefsleutel met verstaalde bek.
De aannemer moest zorgen voor een veilig verkeer over en een onbelemmerde doorgang door de hulpbrug. Aan beide zijden van de hulpbrug moest van zonsondergang tot zonsopgang een helder lichtgevende lantaarn branden.
Hij kreeg een boete van drie gulden voor elk uur tussen zonsondergang en zonsopgang dat een lantaarn niet helder lichtgevend was!
Achter de brug is het café-logement van Sjoert Benthem en Grietje Merk te zien. Links naast de witte schuur is de woning van de brugwachter te zien. Aan de rechterkant is het dagverblijf van de brugwachter te zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Diever, ie bint 't wel ..., Drentsche Hoofdvaart | Leave a comment

Ansichtkaart van een gezicht op de Deeverbrogge

De uit Wanneperveen afkomstige caféhouder Hendrik Benthem Szn. overleed op 17 februari 1906. Zijn zoon Sjoert nam toen het café-logement van zijn vader over.
Tussen de houten schuur, die gebruikt werd als opslagplaats, wagenschuur en paardestal, en het witte logement bevond zich een kruidenierswinkeltje. Daar konden de schippers inkopen doen.
De Drentsche Hoofdvaart werd in die jaren nog druk bevaren. Dieverbrug was door zijn centrale ligging een belangrijke laad- en losplaats. Vrachtschepen werden in die jaren nog gezeild, let daarbij op het zeilende schip in de vaart op de achtergrond.
Sjoert Benthem was ook schipper. Hij en Johannes (Hans) Warries voeren met de trekschuit wekelijks op woensdag van Dieverbrug naar Assen en weer terug.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De zwart-wit ansichtkaart van de löswal met café-logement Dieverbrug is in 1906 verstuurd. De ansichtkaart is uitgegeven door Sjoert Benthem.
De plaatselijke dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever die gewerkt hebben aan het in 2014 verschenen boek ‘An de Brogge in woord en beeld’ mogen Sjoert Benthem wel erg dankbaar zijn dat hij in die tijd het lef had zoveel mooie ansichtkaarten uit te geven. Van deze kaarten kan nu iedereen grateloos mooie sier maken.
Al die mooie Sjoert-Benthem-ansichtkaarten horen thuis in dat mooie album van de fanatieke verzamelaar van ansichtkaarten uit de gemiente Deever. Je moet er echt niet aan denken dat eentje aan de verzameling zou ontbreken. 

De redactie heeft de zwart-wit foto van het Chinese restaurant Hui Moa an de Deeverbrogge op 15 mei 2002 gemaakt. Die foto is een kwart eeuw geleden gemaakt en heeft ondertussen ook al historische waarde.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Dorpskrachten, Drentsche Hoofdvaart, Historische kalenders, Scheepvaart | Leave a comment