Category Archives: Jaarmarkt

Jacob Oost is veertig jaar veemarktmeester

Op 2 mei 1952 werd in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het artikel ‘Jacob Oost 40 jaar marktmeester’, ter gelegenheid van het feit dat Jacob Oost van ’t Kastiel in Deever toen veertig jaar lang de functie van marktmeester van de Deeverse veemarkten had vervuld.

Diever
Jacob Oost 40 jaar marktmeester
Morgen, 3 mei zal het 40 jaar geleden zijn dat Jacob Oost Bzn van de Burgemeester van Oslaan, marktmeester voor de jaarmarkten in Diever werd. Eigenlijk is hij al 50 jaar bij het marktwezen in Diever betrokken, want gedurende 10 jaar daarvóór was hij één van de 5 personen, die op diverse plaatsen rondom het dorp post vatten voor het tellen van het vee, dat marktwaarts ging.
Bij de invoering van de marktgeldheffing op 1 mei 1912 is Oost marktmeester geworden. Hij is steeds bij de koeien betrokken geweest. Veel weet hij over het verleden te vertellen. Over de zogenaamde voormarkten aan de vooravonden van de markten op de erven bij de cafés, waar dan al grote aantallen paarden verzameld waren en waar het al druk toeging en vele dieren van eigenaar verwisselden.
Was het marktgeld voor een koe steeds 10 cent in de afgelopen 40 jaar, in de aanvoer van het vee zat meer muziek. Op de Meimarkt in 1912 waren 229 stuks hoornvee aangevoerd. Het aantal aangevoerde paarden bedroeg toen 570. De grote aanvoer is er vroeger wel eens oorzaak van geweest, dat Oost het niet geheel alleen af kon. Dit is de laatste jaren evenwel niet meer voorgekomen, want de jaarmarkten zijn in betekenis afgenomen als gevolg van de opkomst van de weekmarkten in grote plaatsen in de omtrek door het zich steeds meer uitbreidende snelverkeer.
Wij wensen Oost, die met z’n 78 jaar de leeftijd der zeer sterken al dicht nadert, toe, dat hij even kwiek en nauwgezet als tot nu toe de functie van marktmeester nog diverse jaren zal vervullen.

Het bijschrift bij de foto luidt als volgt.
We fotografeerden Oost, terwijl hij druk bezig was voorjaarswerkzaamheden op het land te verrichten. Men zou het hem daarbij niet aanzien, dat hij reeds zo’n respectabele leeftijd heeft bereikt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Jacob Oost is geboren op 30 oktober 1873 in Deever en is overleden op 28 mei 1967 in Deever. Hij was een zoon van Barteld Oost en Jantje Prikken. Barteld Oost was de laatste schaapsherder van Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft al enige keren aandacht besteed aan Jacob Oost. Zie bijvoorbeeld het bericht Echtpaar in Deever viert 60-jarig huwelijksfeest en het bericht Keuterijtje op ’t Kastiel in Deever in 1958.
Het mag duidelijk zijn dat het bijschrift bij de foto uit de duim gezogen is; het is wel zo dat Jacob Oost aan de rechterkant van de boer op de ploeg (?) zit, maar uiteraard zelf niet meer achter de ploeg (?) liep. Wie is de man aan de linkerkant ? Iemand van ut Kastiel ? Wellicht ploegde de boer voor Jacob Oost een tippe laand ? Maar waar, op welke esch ?
Jacob Oost en zijn vrouw Elsje Davids woonden in een keuterijtje op ut Kastiel (je woont op ut Kastiel en niet an ut Kastiel). Het keuterijtje had toen huisnummer 2. Deze weg werd in de volksmond altijd ut Kastiel genoemd, ook nadat de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk bij het afscheid van burgemeester Hendrik Gerard van Os in 1939 deze straat bewust, maar wel erg abusievelijk Burgemeester van Oslaan ging noemen. En dat hebben de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk veel te lang volgehouden.

Op de plek van dit oude keuterijtje is anno 2018 een uiterst merkwaardig nieuw pand gebouwd.
De Deeverse correspondent Anne Mulder berichtte in de Olde Möppeler van 11 juli 1952, zie de bijgevoegde afbeelding, dat de aanvoer op de jaarveemarkt van 9 juli 1952 slechts 53 paarden, 17 koeien, 13 schapen en 4 geiten bedroeg. De jaarveemarkt was in 1952 op sterven na dood.

Posted in Alle Deeversen, Boer'nwaark, Jaarmarkt, Kastiel | Leave a comment

De messies zaat’n wel hiel lös in de büse

In de Leeuwarder Courant van 6 september 1883 verscheen het volgende bericht over een groote onenigheid tussen de jeugd van Deever en Dwingel op de Deeversche kermis.

Makkinga, 4 september.
Tusschen de jongelingschap van Diever en Dwingelo bestaat sedert de Dieversche kermis groote twist. Op dien dag namelijk werden de kermisbezoekers uit Dwingelo door de Dieversche jongelingen letterlijk bij klaarlichten dag naar huis gejaagd. Die van Dwingelo besloten wraak te nemen, en alle jongelieden aldaar werden bij geheimen brief uitgenoodigd om Zondag daar aan volgend, te acht uur, op den Brink zamen te komen en een togt naar Diever te maken, natuurlijk niet met edele bedoelingen. Aan die uitnoodiging werd door plusminus honderd man gevolg gegeven, waarvan sommige met pistolen gewapend, en onder ’t zingen van krijgshaftige (?) liederen ging ’t op Diever los.
De Burgemeester van Dwingelo, van de zaak bewust en wonende te Dieverbrug, posteerde zich met eenige veldwachters vóór zijne woning, en toen de troep, onder het lossen van eenige schoten, de gemeente Diever zou betreden, trad de burgervader voor de bende en kommandeerde: ‘Retireren !’
Dank zij de doortastende maatregelen van dien ambtenaar en de omstandigheid dat de troep nog niet te veel aan Bacchus gewijd had, werd de terugtogt aangenomen. Echter de dappere (?) Dwingelo’ster jonkheid heeft nu aan de inwoners van Dwingelo eene andere proclamatie uitgevaardigd, namelijk: Niet van Dieversche ingezetenen te koopen, en dat, wordt deze bepaling overtreden, met het inwerpen der glasruiten van den overtreder zal worden bestraft.
En die laatste bedreiging schijnt te helpen; althans de bakkers en andere neringdoenden uit Diever verkoopen nu in Dwingelo niets en worden door die dapperen (?) met steenen begroet. Een kuiper met eenige vaatjes moest door de laagheden dier bengels den terugtogt aannemen.
Ook Diever had zich op den voorgenomen togt voorbereid; men verzekert ons, dat op dien dag vele geladen pistolen aan de wand hingen.
’t Is te hopen, dat de belhamels van weerszijden eens kennis maken met het pakhuis van Themis, want zulke daden moeten bestraft worden.

In het Algemeen Handelsblad van 31 oktober 1883 verscheen het volgende korte bericht.

Ter gelegenheid der jaarmarkt te Diever is een persoon, terwijl hij buiten de herberg was, door anderen aangegrepen en zóódanig in ’t aangezicht gesneden, dat hij bijna onherkenbaar was. Bovendien werden de jassen van een tiental personen op verschillende plaatsen aan stukken gesneden. Van een en ander is proces-verbaal opgemaakt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de Dieversche jaarmarkten met kermis werd natuurlijk stevig gedronken en was er voor de jeugd uit de toen nog gesloten dorpsgemeenschappen altijd wel een aanleiding om met elkaar op de vuist te gaan, bijvoorbeeld de omgang met een mooi meisje uit een ander dorp.
De aanleiding van de hier beschreven twist moet echter wel heel ernstig zijn geweest, in het artikel in de Leeuwarder Courant wordt daar geen aandacht aan besteed. De verslaggever wil de belhamels in het pakhuis van Themis (de gevangenis) opsluiten.
Wellicht heeft de twist te maken met het bericht in het Algemeen Handelsblad van 31 oktober 1883.
De messies zaat’n wel hiel lös in de büse.

Abracadabra-443

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-444

 

Posted in Diever, Jaarmarkt | Leave a comment