Category Archives: Kerk op de brink

Dieverder landschappen – September 1643

De redactie van het Deevers Archief toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan zijn trouwe bezoekers. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen getoond kunnen worden, hoe liever het de redactie is.

De hier afgebeelde tekeningen zijn aanwezig in een bewaard gebleven schetsboek van Pieter Serwouters. Het schetsboek ‘Assens Album, folio 69v-70r’ bevindt zich in de collectie van het Drentsch Museum in Assen.

Pieter Serwouters (geboren in 1586 in Antwerpen, overleden in 1657 in Amsterdam) was boekhouder en cartograaf. Vanaf 1629 tot aan zijn dood was hij boekhouder van de Compagnie van de Hollandse Participanten van de Dieverder en Leggeler Smildervenen. Hij was blijkbaar ook een begaafd tekenaar.

De tekeningen zijn gemaakt in september 1643. De drager van de tekening in kleur is papier. De tekenaar gebruikte waterverf en inkt. De liggende rechthoek van de tekeningen heeft een breedte van 145 mm en een hoogte van 96 mm.

Het opschrift van de bovenste tekening luidt als volgt:
Dieveren in Drenthe gelegen, alsoot hem vertoont komende vande Leggeler brug a° 1643 in September / voorden middach.

De toren met het aangebouwde kerkgebouw is herkenbaar. De redactie heeft het vermoeden dat de afgebeelde molen die van Oldendeever is en niet de beltmolen aan het Katteneinde. De weg die zichtbaar is aan de linkerkant van de bovenste tekening zal de Stienwiekerweg zijn.

De redactie heeft het opschrift van de onderste tekening helaas nog niet kunnen ontcijferen.

De redactie wil de in Pieter Serwouters geïnteresseerde bezoekers van het Deevers Archief graag verwijzen naar het lezenswaardige artikel ‘De kunst van het boekhouden – Pieter Serwouters (1567-1657)’ van de Amerikaanse kunsthistorica Claudia Swan, dat in 2001 is verschenen in nummer 2 van het tijdschrift Waardeel. In dit artikel is bijgaande afbeelding opgenomen.

De topografische deskundige van de heemkundige vereniging uut Deever noemt op de webstee van deze vereniging de resultaten van zijn diepgaande en diepgravende bronnenonderzoek naar de door de eeuwen heen veranderende naam van het esdorp Deever: Deuvre (1188), Deveren (1258), de Devere (1262), apud Duvere (1298-1304), van Dyveren (1327), van Deveren (1377), tot Deveren (1402), Dieveren (1475).

De topografische deskundige van de heemkundige vereniging uut Deever zou op basis van het hiervoor genoemde jaartal 1643 Dieveren (1475) uit kunnen breiden tot Dieveren (1475-1643).

In de Deeverse streektoal is Deever de hedendaagse schrijfwijze van Diever.

Posted in Deevers, Deeverse dialect, Diever, Kerk op de brink, Kunst, Molen 'de Vlijt', Tekeningen, Topstukken, Toren op de brink | Leave a comment

Wij wensen u geluk met uw verjaardag

Het bestuur van de Nederlands hervormde gemiente Deever die kerkt in het kerkgebouw op de verloederende brinQ van Deever had of heeft (?) de goede gewoonte elk lid een kaartje te sturen ter gelegenheid van zijn of haar verjaardag. Betalen leden tegenwoordig nog kaarkebelasting ?
Het bestuur stuurde of stuurt niet zo maar een bij een neringdoende gekocht dertien-in-een-dozijn verjaardagskaartje, maar stuurde of stuurt een kaartje met een tekening, die het bestuur speciaal liet maken. Driewerf hulde. Hulde, hulde, hulde.
Bij de hier afgebeelde eigenlijk niet zo goed gemaakte tekening gaat het om de hoofdingang aan de zijkant van het kerkgebouw op de verloederende brinQ van Deever. De rechter deur van de hoofdingang staat uitnodigend open. Kom binnen, de koffie staat te pruttelen.

De tekst op achterkant van het kaartje, zie bijgaande afbeelding,  geeft de tekst op de plaat boven de hoofdingang weer:
Wier ’t oude heiligdom door blixemvuur verbrand +
Het vuur der godvrucht bragt dit nieuwe huys tot stand ++
Maar wil God ’t heilig vuur van zijnen geest verlenen
Hier word een kerk gebouwd van levendige stenen

+ Anno 1759 den 27 augustus
++ Anno 1760

En natuurlijk wenste of wenst het bestuur van de Nederlands hervormde gemiente Deever het lid geluk met zijn of haar verjaardag.

Het is jammer dat de tekenaar zijn tekening niet van zijn naam of initialen heeft voorzien, nu kan de redactie van het Deevers Archief weer een paar vragen aan zijn toch al zeer lange lijst van vragen toevoegen.
Wie is de maker van deze tekening ? Wanneer is deze tekening gemaakt ? Heeft een foto als lichtend voorbeeld gediend ? Wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief kan deze vragen beantwoorden ?

De redactie van het Deevers Archief heeft zelf het vermoeden dat de tekenaar niet gebruik heeft gemaakt van bijgaande zwart-wit foto uit 1957 van de hoofdingang, ondanks dat de rechter deur op de foto ook open staat. Architect H.K. Kleijn uit Aerdenhout is de maker van deze zwart-wit foto.


Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Tekeningen | Leave a comment

Diever – Kerk en toren op de Brink – 1938

De redactie van het Deevers Archief laat graag zijn bezoekers meegenieten van mooie afbeeldingen uut de gemiente Deever.
In het archief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in Den Haag bevindt zich een prachtige zwart-wit foto van hert kerkgebouw en de gemeentelijke toren op de nu verloederende brinQ van Deever. Deze hier afgebeelde foto is gemaakt in 1938. De naam van de fotograaf is niet bekend.
Het torenuurwerk van de kerk op de verloederende brinQ van Deever zat voor de grote restauratie in 1956-1957 boven de galmgaten. Aan de stand van de zon te zien moet de foto om zesentwintig minuten over tien uur in de ochtend zijn gemaakt. Dit is af te leiden uit de schaduw in de linker benedenhoek van de foto.
Was de fotograaf speciaal naar Deever gekomen voor deze foto en heeft hij naast deze foto nog een hele serie foto’s gemaakt ? Dat is wel te hopen. Wellicht was hij al daags tevoren aangekomen en had hij overnacht in hotel Brinkzicht an de brinQ van Deever.
In die tijd was de hof van de kerk voorzien van een afrastering van betonnen palen en gaas. Om te voorkomen dat de vertrekkende of terugkerende schaapskudde op de hof zou gaan grazen ? Of om te voorkomen dat het mit de Deevermaarkt een rotzooitje zou worden op de hof ? De grafstenen op de kerkhof zijn misschien al lang vóór 1938 verdwenen. De graven zijn pas bij de grote restauratie van de kerk in 1956-1957 geruimd. Wie in die jaren in Deever woonde, zal zich wellicht de berg botten bij het graafwerk rond de kerk nog herinneren. Zijn de nieuwe boompjes met de juiste kennis van de ligging van de graven geplant of kan het zijn dat onder de stammen van de thans aanwezige bomen nog resten van menselijke botten zijn te vinden ?
Aan de rechterkant is wit wasgoed in de hof van de kerk te zien. De met gras begroeide hof kon immers mooi worden gebruikt als bleek (de was lag op de blieke). Wie bleekte daar de was ? Was het de vrouw die in de boerderij op de hoek van de Peperstraat en de Kerkstraat woonde of was het de vrouw van Hendrik Gruppen (geboren op 10-07-1868, overleden op 15-8-1955), die in de boerderij op de hoek van de Hoofdstraat en de Kerkstaat woonde ?
Heette de verbindingsweg tussen de Hoofdstraat en de Peperstraat toen ook al Kerkstraat of is die saaie naam later bedacht ? De naam van deze straat zou met enige goede wil nog steeds kunnen worden veranderd in Aquamanileweg of Orgelpomperstraat of Jans Tabaklaan. Deze straat bestond in 1938 uit een klinkerverharding met aan weerskanten zo’n mooie echte strook van veldkeien en veldkeitjes. Is de verharding van deze straat ten prooi gevallen aan de naoorlogse slooplust van de voorkant van het gelijk, dat Deever in de moderne vaart der volkeren wilde opstoten ?
Aan de rechterkant van de foto is een pand te zien. Of zijn het twee panden ? Bij vergroting van de foto is boven het rechter zonnescherm een niet te ontletteren naam te zien. Was in het pand een winkel gevestigd ? Van wie was het pand of de pandenl ? Van bakker Albert Kuiper (Aubert Kuper) ? Wat is na 1938 met dit pand of met deze panden gebeurd ?
Aan de rechterkant is een houten paal van het bovengrondse elektriciteitsnet te zien. Bij vergroting van de foto zijn aan de paal de porceleinen isolatiepotjes te zien en ook de stroomdraden. Was de spanning op de draden toen al 220 Volt ?
Aan de linker kant van de foto is te zien dat een hoekje van de hof in gebruik was als een soort plantentuintje. Was dit het tuintje van dorpsfiguur Geert Dekker, koster en orgelpomper van de kerk en menner van de lijkwagen ? Geert Dekker woonde immers aan de Hoofdstraat tegenover de Kerkstraat ? Het zou best kunnen, want Geert Dekker had zijn moestuin op ’t Bultie.
Aan de linkerkant van de foto is op de achtergrond de boerderij van Jan Seinen te zien. Deze boerderij bestaat nog steeds, zij het dat aan één kant de muren beetje bij beetje steeds meer scheef zakken.

Posted in Afbeeldingen, Brink, Diever, Kerk op de brink, Topstukken | Leave a comment

De brinq van Deever neerkalefateren

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende mini-essay (nummer 38) over het verleden van de brink in Deever met bijbehorende afbeelding van een ansichtkaart uit 1920 gepubliceerd.

Een onderhoudend reisverslag uit die tijd vermeldt het volgende:
Voor den zuidkant van de kerk is een pleintje met een brandput in het midden, waaraan pastorie en gemeentehuis en aan de andere zijde het vroegere schultehuis staan. De kerk is een imposant gebouw. Onder de schaduw der hooge boomen die het voormalige kerkhof omgeven, rijzen de grauwe, verweerde muren op. De zware toren is binnen de kerk opgetrokken, zoodat de westzijde een vlakken gevel vormt.
In tegenstelling met de meeste Drentsche kerken uit denzelfden tijd die meestal één schepping zijn, bestaat deze kerk uit een middenschip en twee zijbeuken. Acht zware vierkante zuilen droegen de gewelven, waarvan alleen nog maar die van de noorder zijbeuk over zijn. In het middenschip en de zuidelijke zijbeuk zijn zij verdwenen. In augustus 1759 werd de toren door de bliksem getroffen en het dak der kerk door brand vernield. Bij die gelegenheid zijn de gewelven ingestort of zoodanig beschadigd dat zij moesten worden afgebroken. In de plaats daarvan kwam een vlakke zoldering van ruwe balken en planken. Ook het kruisgewelf onder de toren is weggebroken.
Niettemin is het binnenaanzicht der kerk door zijn strenge lijnen en goede verhoudingen nog altijd indrukwekkend en zou het zeker de moeite loonen het gebouw in zijn ouden toestand te herstellen. Boven den ingang wordt van den herbouw in 1760 in rijmvorm gewag gemaakt.
De brink en de Nederlands Hervormde Kerk zijn vaak op de foto gezet, maar dit is tot nu toe de enige bekende prentbriefkaart van dit dorpsbeeld in een winterse omgeving. Mooi is in de sneeuw te zien hoe de wegen over de brink lopen. Binnen het omheinde gedeelte op de brink ligt de braandkoele. Het kleine gebouwtje links naast de kerk is het boarhusie. De openbare ruimte werd toen nog in het donker met petroleumlampen verlicht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De voorkant van het gelijk in de gemiente Westenveld (de gemiente Deever is helaas onderdeel van de gemiente Westenveld) (Westerveld ? Nooit van gehoord ! Waar ligt in hemelsnaam Westerveld ? Is dat niet de naam van een crematorium of een vuilstortplaats ?) heeft een dichtgetimmerd en onwrikbaar plan met de citeertitel Beleid -en beheerplan Brinken gemeente Westerveld (nota bene: zelfs de citeertitel van het plan ligt vast !). De voorkant van het gelijk in de gemiente Westenveld houdt zichzelf ook al een tijdje bezig met het proces BrinQ.

Al direct in paragraaf 1 ‘beleidsvisie brinken’ van het door de voorkant van het gelijk in de gemiente Westenveld vastgestelde brinkenplan begint het overduidelijke adviesbureau-geleuter en -gezever over de bomen; lees het volgende afschuwelijke kippenvel-citaat:
Evenals de paragraaf ‘van functie naar visie’ (redactie: je zou verwachten dat zo ’n paragraaf ‘van visie naar functie’ zou heten) in het vastgestelde bomenbeleid van de gemeente, zijn de bomen die staan op de verschillende brinken beeldbepalend in het dorp of in enkele gevallen daarbuiten. De brinkbomen zijn bepalend voor de structuur van het dorp en vormen een bijdrage aan de leesbaarheid van de historische ontwikkeling van het dorp, geven hier identiteit aan, spelen een rol in de milieukwaliteit, verzachten de harde lijnen van de gebouwen en infrastructuur rond de brink en hebben een lange levensloop. De visie van de gemeente Westerveld is er op gericht om de bestaande brinken haar oude vorm te laten behouden of te herstellen, wat van groot belang is en blijft voor de herkenbaarheid van het dorp en de leefbaarheid voor haar inwoners.

Het is natuurlijk zo dat de BrinQ van Deever al lang niet meer haar oude qwaliteit en vorm (welke oude qwaliteit en welke oude vorm?) heeft.
De ‘historische leesbaarheid’ (is de BrinQ een geschiedenisboek ?) van de BrinQ van Deever is na de grote vernieling door de toenmalige voorkant van het gelijk in de jaren 1956-1957, en beetje bij beetje in de jaren daarna, volledig te niet gedaan. Echt wè.
Dus zal de tegenwoordige voorkant van het gelijk flinq wat geld moeten steken in het herstel van een soort van soort van oude qwaliteit en vorm van de BrinQ van Deever.
Maar dat zal wellicht worden getorpedeerd door de politieke krachten buiten de gemiente Deever (Deever hef ’t roadhuus an de gemientehuuslaen, dus moei nee’t zeur’n, wee bint now an de beurte).
Maar wat is de oude qwaliteit en vorm van de BrinQ van Deever ?
Is dat de qwaliteit en vorm uit 1920 (zie bijgaande afbeelding) ?
Un BrinQ mit un braandkoele en un vreding um de braandkoele ?
Un BrinQ mit un vreding um de kaarke (want biest’n mögt nee’t op de kaarkhof loop’m) ?
Un BrinQ mit un liek’nhüsie ?
Un BrinQ mit slietpaed’n ?
Un bijna boomloze BrinQ en veule iep’m op de kaarkhof ?
Un BrinQ sunder toerist’nindustrie ?
Un BrinQ mit un boer’ncafé ?
Un BrinQ mit de olde boerderee’jn (aarfgood);
Un BrinQ sunder auto’s ?
Un BrinQ sunder ut megalomane gemientehuus van de gemiente Deever ?
Un BrinQ woar ’t Schultehuus vaaste sit an de Schulteboerderee’je ?
Of is dat de qwaliteit en de vorm uit 1910 of 1890 of 1832 ?
Of naaien de ijverige medewerkers van de voorkant van het gelijk de Deeverse gemeenschap met het proces BrinQ (democrasietje spelen met geld van de belastingbetaler) een oor aan en laten ze vervolgens hun eigen fantasie en de fantasie van het voor veel geld ingehuurde adviesbureau de vrije loop gaan ?
Of is het proces BrinQ een verkapte actie om tot forse besparingen in het beheer van de openbare ruimte te komen ?
Meemummelen en meemompelen ? Echt wè. Meebeslissen ? Echt nee’t.
Het doorlopen van het proces BrinQ (de Q van quality; spreek uit kwalleti) is verloren tijd en het daarvoor uitgegeven belastinggeld is weggegooid geld. Echt wè.

We moeten ons over de BrinQ van Deever geen zorgen maken over een ver verwijderd later. Voor het beste voor de BrinQ van Deever zullen we ons inspannen. En hoe meer we ons voor de BrinQ van Deever inspannen, hoe meer we deze BrinQ zullen vernielen.

Posted in Brink, Diever, Gemeente Westenveld, Kerk op de brink | Leave a comment

Een kijkje in een van de intieme straatjes van Deever

De redactie van het Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand knipsel met een afbeelding van een boer met een door een paard getrokken geladen kar in de Heufdstroate in Deever vroeg in de ochtend.

De redactie weet helaas nog niet in welke tijdschrift deze fraaie afbeelding heeft gestaan en in welk jaar de foto is gemaakt. De redactie heeft het vermoeden dat de foto voor deze afbeelding ongeveer rond 1935 is gemaakt. Wie het wel weet, die mag het de redactie natuurlijk melden.
De maker van de foto voor de kleuren ansichtkaart met de titel Groet’n uut Deever stond ongeveer op hetzelfde punt als de maker van de foto voor de afbeelding uit het tijdschrift. De maker van de kleurenfoto deed dat op de vuilnisophaaldag. Ee’m de conteen’r an de weg zett’n.
De organisatie Diever Sportief heeft de kleuren ansichtkaart in 2016 uitgegeven ter gelegenheid van de Internationale Drents-Friese Woud Wandelvierdaagse. Daarvoor hulde, hulde, hulde.

Posted in Ansichtkaarten, Boer'nwaark, Diever, Hoofdstraat, Kerk op de brink, Topstukken, Toren op de brink | Leave a comment

Als ’t kouder wordt in Drenthe’s landschap

De redactie van het Deevers Archief kwam bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief – bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal en zo voort en zo voort uut de gemiente Deever – bijgaande foto van de Kleine Brink van Deever tegen in een knipsel uit het geïllustreerde blad Het Noorden in Woord en Beeld, jaargang 11, 1935-1936, datum 20 december 1935.

In het boerderijtje met de twee gotische ramen in de voorgevel woonde tot 28 november 1934 kleermaker Fredrik (Frièrik) Westerhof. Hij was op 25 oktober 1919 medeoprichter van de ‘Coöperatieve Bakkerij en Winkelvereeniging ‘Samenwerking’ te Diever’. Fredrik Westerhof is op 28 november 1934 overleden in Deever.
In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 31 december 1928 wensen kleermaker Frederik (Frièrik) Westerhof en echtgenote Christina Houwer familie, vrienden en begunstigers een gelukkig nieuwjaar.
De redactie verzoekt zijn trouwe bezoekers gegevens te verschaffen over de bewoners van de andere zichtbare huizen.


Posted in Alle Deeversen, Diever, Kerk op de brink, Kleine Brink, Neringdoenden, Toren op de brink | Leave a comment

Zorgvlied – Ansichtkaart van de Dorpsstraat in 1934

Deze zwart-wit ansichtkaart ‘Groeten uit Zorgvlied’ is vóór 28 december 1929 verstuurd.
Aan de linkerkant is de nog niet verlengde kapel (kerkje) van de Nederlands hervormde gemeente aan de Dorpsstraat op Zorgvlied te zien.
Op het zandpad naast de weg -blijkbaar liet de begaanbaarheid van de klinkerweg voor voetgangers te wensen over- staat een vrouw met twee emmers.
De verstuurders van deze kaart waren de familie Sjouke Benthem, Gerrit en Boukje (Baukje ?).
De kaart is verstuurd naar Jan Benthem, Tweede Oostwijkstraat 2 in Steenwijk.
Jan Benthem is de eerste zoon van Wolter Benthem (geboren op 11 juli 1850 op Wateren, overleden op 1 juli 1925 op Wateren) en Baukje Stelma (geboren op 16 juni 1854 in Makkinga, overleden op 28 december 1929 op Wateren). Jan Benthem is geboren op 22 mei 1878 op Wateren. Hij werkte -toen hij de kaart ontving- in Steenwijk bij de N.V. Stoomtabak- en Sigarenfabriek ‘de Tabaksplant’.
Sjouke Benthem is de jongste broer van Jan Benthem. Sjouke Benthem is geboren op 23 december 1891 en is op 2 oktober 1976 overleden in Meppel.
Baukje is de hiervoor genoemde Baukje Stelma, de moeder van Jan en Sjouke Benthem
De redactie moet nog uitzoeken wie de mede-afzender Gerrit is. Gerrit Benthem ?
De uitgever van de kaart is volgens het logo v.d.L te D. De redactie moet nog uitzoeken wie achter dit logo schuil gaat.

Posted in Ansichtkaarten, Dorpsstraat, Kerk op de brink, Obadja, Zorgvlied | Leave a comment

Ansichtkaart van toren en kerk op de brinq van Deever

In het papieren clubblad met de merkwaardige titel Opraekelen van januari 2017 (jaargang 23, 2017, nummer 1) van de heemkundige vereniging uut Deever is als bladvulling op bladzijde 33 een afbeelding van een mooie zwart-wit ansichtkaart van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw op de brink van Deever opgenomen. De betreffende ansichtkaart is afkomstig uit de verzameling van J.F. Dekker. Wie is toch die J.F. Dekker ?
Wie leest tegenwoordig nog het papieren clubblad van de hiervoor genoemde vereniging ? Wie leest in het huidige tijdperk van snel en veel beelden kijken op smartphone, tablet en laptop überhaupt eigenlijk nog wel tekst op papier ?
De redactie van het Deevers Archief wil zijn trouwe bezoekers een afbeelding van de hiervoor genoemde zwart-wit ansichtkaart uit eigen verzameling niet onthouden. Deze ansichtkaart is in 1948 uitgegeven. De kaart is vóór de grote vernieling van de brink in de jaren 1955/1957 uitgegeven en laat derhalve een oudere versie van een deel van de brink zien.
De redactie weet nog niet welke neringdoende deze kaart heeft uitgegeven.
De redactie kwam er onlangs achter dat de voorkant van het gelijk de schrijfwijze van brink rücksichtlos heeft gewijzigd in brinq.
De grote vraag is wat voor soort brinq de brink bij de gemeentelijke toren en het kerkgebouw in Deever is. Is het een marktbrinq, een torenbrinq, een kerkbrinq, een boerderijbrinq, een brandkoelebrinq, een schapenbrinq, een gemeentehuisbrinq, een cafébrinq, een cafetariabrinq, een toeristenindustriebrinq, een schultehuisbrinq, een nostalgiebrinq of ….. ?
Voor het beoogde oppimpen van deze schaarse ruimte naar versie 13.8 schijnt het voor de voorkant van het gelijk merkwaardig genoeg wel van belang te zijn wat voor soort ruimte het in het verleden is geweest. Het was in alle gevallen een brinq zonder trottoirbanden en zonder automobielen en zonder toeristenindustrie, maar wel met veel erfgoed.


Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Kerk op de brink, Toren op de brink | Leave a comment

Foto van de Brink van Deever

De redactie van het Deevers Archief heeft deze foto van de Brink van Deever met het Schultehuis en het kerkgebouw met de gemeentelijke toren gemaakt op 20 november 2005.

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Schultehuis, Toren op de brink | Leave a comment

Grensveranderingen in het kerspel Diever

In de Nieuwe Drentsche Volksalmanak 1905, bladzijden 22 tot en met 39, verscheen het artikel ‘Het voormalige kerspel Diever en de latere grensveranderingen’ van burgemeester H. G. van Os van de gemeente Diever

Bij de mededeling van de oorspronkelijke uitgestrektheid van het kerspel Diever heb ik gemeend niet verder te moeten teruggaan dan tot het begin der 15de eeuw, omdat gegevens omtrent de vroegere indeling van Drenthe in kerspelen nagenoeg ontbreken en ongeveer op dat tijdstip in de oude Landschap ene gewijzigde orde van zaken intrad, welke gedurende de volgende vier eeuwen in hoofdzaak onveranderd bleef. Immers eerst na den afstand van Drenthe door Reynold van Coevorden aan de Utrechtsen bisschop Frederik van Blankenheim in 1395, werd door laatstgenoemde een meer geregeld bestuur in Drenthe ingesteld en het is dan ook van omstreeks deze tijd, dat enigszins betrouwbare inlichtingen, vooral ook aangaande het burgerlijk bestuur in de kerspelen, tot ons zijn gekomen en de benaming kerspel een scherper omlijnde betekenis kreeg.

Deze betekenis van een tweeledige: de indeling in kerspelen betrof zowel het werkelijk als het kerkelijk machtsgebied, zodat men sedert genoemde afstand in de regel in elk kerspel een schulte en een pastoor aantrof.

De oudst bekende volledige opgaaf van de Drentse kerspelen vindt men in een handschrift van omstreeks het jaar 1435, medegedeeld in den Nieuwe Volksalmanak van 1904, bladzijde 182, waarin Diever voorkomt als ‘Deueren’. Uit de vermelding van de namen van de overige kerspelen is na te gaan, dat het kerspel Diever ten Noorden en Noord-Oosten begrensd werd door het kerspel Beilen, ten Oosten door Dwingelo, ten Zuiden door Westerhessel en Wapserveen en ten Westen door Vledder. Overigens grensde het noordelijk aan Friesland (Stellingwerf).

Men zal tegenwoordig deze grenzen niet overal met even grote juistheid kunnen aanwijzen, onder andere op die plaatsen, waar vroeger uitgestrekte onbewoonde heidevelden, moerassen of venen werden aangetroffen; nauwkeuriger echter waar een riviertje of stroom een natuurlijke grens vormde. En daar dergelijke natuurlijke grenzen tussen de tegenwoordige burgerlijke gemeente en de meeste der omliggende gemeenten, in de opgaaf van 1435 reeds als kerspelen voorkomende (de gemeente Havelte als gevormd uit de kerspelen Westerhessel en Wapserveen), bijna overal aanwezig zijn, mag men, ook gelet op de benamingen en grenzen der marken, velden, maden enzovoort van de verschillende buurtschappen en kluften, die natuurlijke grensscheiding veilig aannemen als de grens van het oude kerspel Diever, behoudens de plaats gehad hebbende grensveranderingen, waaromtrent echter voldoende zekerheid bestaat. Deze grenzen waren: de Oude of Beilerstroom tegen het kerspel Dwingelo, de Wapserveensche Aa tegen het kerspel Wapserveen, de Vledder Aa tegen het kerspel Vledder.

De grens tegen het kerspel Westerhessel vormde waarschijnlijk een moeras ter plaatse van het tegenwoordige gehucht ‘het Moer’, dat daaraan blijkbaar zijn naam heeft ontleend (voetnoot 1), terwijl in het Noorden en Noord-Oosten uitgestrekte moerassen en venen werden aangetroffen tussen het kerspel Diever aan de ene zijde, Friesland en het kerspel Beilen aan de andere zijde. Juist terwijl deze streek niet bewoond was, zal het vergeefse moeite zijn, na te sporen, hoever in die tijden het kerspil zich in deze richting uitstrekte. Van ene eigenlijke grenslijn zal wel geen sprake zijn geweest. Eerst later, toen de venen vergraven en de gronden dientengevolge productief gemaakt werden, zal de grens der onder de verschillende kerspelen gelegen marken, als gevolg van het op de voorgrond tredend eigenbelang van de wederzijdse deelgerechtigden, door deze zijn vastgesteld. En deze markegrenzen, welke ook thans nog wel zijn aan te wijzen, werden alzo tevens de grenzen tussen de kerspelen, van welke die marken deel uitmaakten.

Op het tijdstip, waarmede deze verandering begint, bestond het kerspel Diever, behalve uit het dorp Diever (in ene acte van 1181 of 1182 reeds voorkomende als Devere), uit de buurtschappen of gehuchten Kalteren (in 1209 of 1210 Calthorne), Oldendiever (in een register van de jaren 1298-1304 Oldendene, waarschijnlijk een schrijffout voor Oldendever), Wittelte (21 mei 1040 Withelte), Wapse (5 februari 1384), Leggelo (in 1207 of 1208 Leggelo) en Eemster (in 1210 of 1211 Hemsere) (voetnoot 2). Enige kleinere gehuchten schijnen eerst later te zijn ontstaan, zoals Krommevoort (reeds in 1633 bekend), Wateren (in de 17e eeuw bekend als Achter- en Voor-Wateren, terwijl de benaming Klein-Wateren voor ’t eerst in 1761 voorkomt), ’t Moer in 1683, de Brugge of Dieverbruggge in 1685, de Voshaar in 1737, de Geeuwenbrug in 1768 en de Haart in 1772 (voetnoot 3).

Magnin (voetnoot 4) vermeldt nog, dat na de 14e eeuw Lhee onder ’t kerspel Diever heeft gehoord. Ik heb niet kunnen ontdekken, waarop deze mening gegrond is en ben geneigd aan een onwillekeurige vergissing bij die schrijver te denken. Volgens die mening zou Dwingelo, dat toen reeds een afzonderlijk kerspil vormde, behalve aan den kant van Ruinen geheel door ’t kerspel Diever zijn ingesloten geweest, terwijl Lheebroek, dat steeds een deel van Dwingelo heeft uitgemaakt, een enclave zou hebben gevormd. Een en ander komt mij zeer onwaarschijnlijk voor en ook bij overlevering is van een vereniging van Lhee met het kerspel Diever niets bekend.

De enige malen uitgesproken mening, dat Wapserveen nog geruime tijd, althans nog in de 15de eeuw, onder Diever heeft behoord, zal wel op een dwaling berusten. Volgens Romein (voetnoot 4) en waarschijnlijk in navolging daarvan de Nieuwe Drentse Volksalmanak van 1902, bladzijde 73, zou het in 1461 kerkelijk van Diever zijn afgescheiden, terwijl op laatstgenoemde plaats nog vermeld wordt, dat er toen eveneens een schulte werd aangesteld en de schrijver blijkens de bewoordingen wil te kennen geven, dat Wapserveen voor ‘t eerst sedert dat jaar zowel in ’t burgerlijke als in ’t kerkelijke een afzonderlijk kerspel uitmaakte, in overeenstemming met de stelling onder andere bij Magnin (voetnoot 4). Dat dit niet het geval geweest is, mag blijken uit een open brief van het jaar 1285 (voetnoot 4), waarin van de kerk aldaar reeds als van een parochiekerk wordt melding gemaakt, alsook uit de lijst der kerspelen van 1435, waarop Wapserveen eveneens reeds als zodanig voorkomt.

Wel is het aan te nemen, dat Wapserveen in vroegere tijd met Diever en de omgelegen buurtschappen een kerspil vormde. Niet alleen de naam, in verband met die van de buurtschap Wapse onder Diever, maakt dit zeer waarschijnlijk, doch ook de omstandigheid, dat Wapserveen, sedert het een afzonderlijk kerspel werd, meest met Diever tot een schultambt verenigd was. Tot dusver heeft men alleen in de jaren 1461, 1469 en 1480 (voetnoot 4) afzonderlijke schulte van Wapserveen aangetroffen; overigens was de schulte van Diever tevens schulte van Wapserveen, althans van 1595 tot 14 april 1795, toen laatstgenoemd kerspel bij besluit van de Representanten van het volk van Drenthe in ’t burgerlijke bij Havelte werd gevoegd.

Een eigenaardige illustratie van de verhouding tussen de kerspelen Diever en Wapserveen (misschien wel een uitvloeisel van de vroegere afscheiding), leverde de sinds onheugelijke tijden bestaande gewoonte, dat de schulte van Diever van elk erf te Wapserveen een voer turf genoot, waartegenover de schulte om het andere jaar twee tonnen bier placht te geven.

Bij een contract van 17 juni 1768 (voetnoot 6) werd tussen de schulte L. Nysingh en de carspellieden van Wapserveen tot onderling gemak en gerief overeengekomen, dat de carspellieden, zolang de heer Nysingh schulte zou zijn, in plaats van turf voor elk voer zouden betalen 14 stuivers, terwijl de schulte vrij zou zijn van het geven van bier. Er waren toen te Wapserveen 59 of 60 erven.

Behalve Wapserveen, schijnt ook Vledder enige tijd met het kerspel Diever in het burgerlijke te zijn verenigd geweest. Met zou dit kunnen opmaken uit een ordel van de Etstoel, in 1454 te Rolde gewezen, aldus aanvangende: “Soe iss gewiset tusschen den Drost unde den Kasspil van Deueren unde Vledderen…”. Deze vereniging is dan echter slechts zeer tijdelijk geweest, want op de lijst van 1435 komt Vledder als een afzonderlijk kerspel voor, in 1595 weer, terwijl het korte tijd daarna dezelfde schulte had als Havelte. Wellicht dat dus een enkele schulte van Diever tevens schulte van Vledder was, evenals later Hendrik van Barneveld, bijgenaamd Magere Hein, sedert 1530 tegelijkertijd schulte was van Meppel en Diever en Arent Dannenberg in 1737 en 1738 tegelijkertijd van Diever en Hoogersmilde.

In de loop der jaren is de grens van het kerspel Diever, zoals die hierboven is aangegeven als te zijn geweest in het begin van de 15de eeuw, meermalen gewijzigd door de afscheiding van enkele buurtschappen. Deze afscheiding betrof nu eens het wereldlijk, dan weder het kerkelijk gebied, doch nimmer het een en ander tegelijk.

De eerste afscheiding had plaats in 1633 en betrof de uitgestrekte hoge venen in het Noorden en Noord-Oosten van het kerspel onder de marken Diever en Leggeloo, tot de vervening waarvan in 1612 octrooi was verleend. In 1625 waren de meeste gronden reeds van veen ontbloot en ontgonnen, terwijl zich daar inmiddels een kolonie gevormd had, de Hoogersmilde genoemd. Bij een acte van 19 februari 1633 werden door Ridderschap en Eigenerfden ten behoeve van Adriaan Pauw, Ridder, Heer van Heemstede, Raadpensionaris van Holland en Westfriesland, deze venen, genaamd de Dieverder en Leggelder Smilder venen ‘beginnende t’eydens de Crommevoerder veenen (voetnoot 7), streckende opwaerts aen tot aen Hycker- ende andere Marcken ende tot aen de Vriesche Custen respective’ tot een Heerlijkheid verheven onder de naam van ‘de Heerlickheyt van Hooger-Smilde’. Dientengevolge kreeg Hoogersmilde een eigen schulte; een enkele maal was de schulte van Diever tevens schulte van de Heerlijkheid (voetnoot 8).

Kerkelijk bleef ze onder Diever ressorteren en ook de armenzorg, destijds uitsluitend een zaak van de diaconie, bleef aanvankelijk op de oude voet bestendigd. Op de duur gaf dit laatste echter aanleiding tot bezwaren en onenigheden, welke bij de Ridderschap en Eigenerfden werden aanhangig gemaakt. Een notitie in een oud kerkelijk register (voetnoot 6) leert ons de uitslag. Op 22 maart 1711 werd namelijk de kerk te Diever afgekondigd, dat ingevolge sententie van Ridderschap en Eigenerfden, op de laatstgehouden landdag genomen, de diakenen van het kerspil Diever ‘van alle gemeynschap met de Smildinger armen of armcassa ten enemaal aftreden en niet voornemens sijn eenich support an deselve te verlienen. Noch oock van haar armpenningen te profiteeren en dat diensvolgens de Smildinger haar armgeld en almosen separaat sullen konnen manieren, distribueren end imployeren so als sullen goedvinden’. Doch hiermee was het geschil niet uit de weg geruimd, want daarna vinden wij de zaak voor de Etstoel gebracht. Bij een uitspraak van 6 juni 1714 (voetnoot 9) van Gecommitteerden namens de Etstoel werd, na verhoor van diakenen en volmachten van Diever en Smilde, een minnelijke overeenkomst tot stand gebracht, in hoofdzaak hierop neerkomende, dat het armoortjesgeld (voetnoot 10) van de verpachtingen en de opbrengst van de bussen, in de herbergen hangende, door elke diaconie op haar eigen gebied zou worden genoten; evenzo hetgeen in het bekken op het kerkhof te Diever gegeven werd bij de begrafenissen van doden uit het kerspil Diever en uit Smilde. Daarentegen zou de opbrengst  der collecten in de kerk te Diever voor 9/10 aan Diever, voor het overige 1/10 gedeelte aan de Smilder diaconie komen en zouden in dezelfde verhouding de rente en huur van de armengoederen verdeeld worden, uitgezonderd de goederen, welke reeds voor de stichting van Hoogersmilde aanwezig waren en waarvan de opbrengst geheel aan de diaconie van Diever verbleef.

Zoals gezegd , bleef Hoogersmilde kerkelijk onder Diever behoren en het is vrij nauwkeurig na te gaan, hoever zich destijds het gebied van de kerk te Diever noordelijk uitstrekte. Deze grens moet worden aangenomen ongeveer ter plaatse, waar zich tegenwoordig de Leembrug over de Drentse Hoofdvaart bevindt. In de oude doopboeken immers ziet men, dat herhaaldelijk personen van den- achter den- of tegenover de Wolvenberg (gelegen in de nabijheid van de vervening van het Oranjekanaal met de Drentse Hoofdvaart) hun kinderen in de kerk te Diever lieten dopen.

Een grote verandering bracht de vereniging van het Koninkrijk Holland met het Franse Keizerrijk, bij Keizerlijk decreet van 9 juli 1810 en de daarop gevolge verdeling in departementen, arrondissementen, kantons en gemeenten, definitief omschreven bij decreet van 21 oktober 1811, ten opzichte van Diever teweeg.

Werd bij deze verdeling Vledder met Diever tot een commune verenigd, de welvarende buurtschappen Eemster en Leggeloo werden van Diever afgescheiden en in het burgerlijke bij Dwingelo gevoegd. Bij deze afscheiding wens ik enigszins uitvoeriger stil te staan, omdat ze – en vooral de daaruit gevolgde kerkelijke afscheiding – op hevig verzet van de zijde van de belanghebbenden stuitte en vooral ook omdat, zonderling genoeg, noch Magnin in zijn overigens zo volledig ‘Overzicht van de Kerkelijke Geschiedenis van Drenthe’, noch Romein in ‘de Hervormde Predikanten van Drenthe’ hiervan met een enkel woord gewag maken.

De beweegreden voor deze afscheiding schijnt minder te moeten worden gezocht in de wens om de ingezetenen van deze buurtschappen welgevallig te zijn, dan wel om het zielental van Dwingelo tot een behoorlijk cijfer op te voeren; van een andere overweging is mij althans niet gebleken. In Diever schreef men de afscheiding toe aan kuiperijen van de zijde van Dwingelo, gegrond als men ze noemde op willekeurigheid, misverstand, overijling of persoonlijke berekeningen. In elk geval is het duidelijk, dat daarbij geen rekening is gehouden met de wensen van de bevolking van de beide buurtschappen, die op ondubbelzinnige wijze blijk gaf van haar tegenzin tegen deze verandering.

In Dwingelo daarentegen heeft men zich gemakkelijker bij het geval neergelegd en haastte men zich de nieuwe gemeentenaren ook de voorrechten van een kerkelijke vereniging te doen deelachtig worden. Reeds in november 1811 richtte de maire van Dwingelo een verzoek tot de prefect van het departement van de Wester-Eems, om de beide buurtschappen thans ook in de geestelijke onder Dwingelo te doen ressorteren. Dit verzoek werd in dier voege toegestaan, dat bij besluit van de perfect van 16 december daar aan volgende, no. 15, werd verklaard, dat met ingang van 1 januari 1812 Eemster en Leggelo ten aanzien van het kerkelijk zouden gehouden worden tot de mairie van Dwingelo te behoren ‘tenzij daartegen gegronde inconvenienten mogten militeeren, dewelke existerende, door den onderprefekt opgegeven en ter kennisse van den prefekt moeten gebragt worden.’

Niettegenstaande de laatste zinsnede van deze beschikking, die door de onderprefect in het arrondissement Assen ook aan de maire van Diever werd gezonden en die als ’t ware een uitnodiging was aan belanghebbenden om met hun bezwaren voor de dag te komen, bleef men van die zijde aanvankelijk stilzitten. De maire van Dwingelo schijnt daaruit niet zonder reden te hebben afgeleid, dat er geen ‘inconvenienten’ aanwezig waren, waarom hij de vrijheid nam om op de 7 mei 1812 in de kerk te doen afkondigen, dat sedert 1 januari van dat jaar Eemster en Leggelo kerkelijk met Dwingelo verenigd waren.

Deze mededeling was wel in staat, de belanghebbenden op onzachte wijze uit de slaap te wekken. Reeds de 16 mei daarop volgende werd een adres, door een aanzienlijk getal inwoners van Eemster en Leggelo en leden van het Hervormde kerkgenootschap te Diever ondertekend, ingezonden, waarbij zij te kennen gaven ‘niets hartelijker te verlangen dan met de gemeente Diever op de oude voet verknocht te blijven en wel op grond van een door de tijd diep ingewortelde en door niets te wraken gehechtheid aan een gemeente, in welke kring hun voorvaderen sedert onheugelijke jaren en zijzelf de zegeningen van de godsdienst genoten hebben, alsmede op grond van de nadelen, die door de voorgenoemde afscheidingen bedreigen’.

Nu ook achtte de maire van Diever de tijd gekomen om te voldoen aan de aanschrijving van de onderprefect te Assen van 23 december van het vorige jaar, om ten spoedigste te rapporteren ten aanzien van de inconvenienten, die bij hem tegen het besluit van de prefect mochten aanwezig zijn. En nu worden wij bekend gemaakt met tal van bezwaren, sommige wel wat al te breed uitgemeten, andere daarentegen volstrekt niet denkbeeldig, uit welke opsomming blijkt, dat men het ook destijds reeds een goede gewoonte achtte, de meest afdoende argumenten tot het laatst te bewaren.

In de eerste plaats dan zouden de ingezetenen van Diever voor de afscheiding in de onmogelijkheid worden gebracht, hun kerkgebouw en aanhoren naar eis te onderhouden. Deze kerk zou veel te groot worden en die van Dwingelo te klein voor de vermeerderde bevolking. Verder hadden de bewoners van Eemster en Leggelo te Diever in de nabijheid van de kerk sedert jaren bij hun oude vrienden en bloedverwanten, met wie zij – zowel als deze met hen – de broederlijke gemeenschap wensten te onderhouden, een zogenaamde ‘vrije intrek’, waar zij bij slecht weer, te vroege aankomst en tot verblijf tussen de kerkdiensten kosteloos vertoefden en verfrissing vonden, hetgeen zij te Dwingelo misten en zich dus tegen betaling moesten verschaffen. Te Diever hadden zij merendeels in de kerk hun vaste zitplaatsen en eigen voorouderlijke graven; hier waren zij gedoopt en in de echt verbonden, hier stonden ook hun familie van de oudste tijden er in de kerkelijke registers opgetekend en hadden zij van hun jeugd af het godsdienstonderwijs genoten, zodat een onlaakbare vooringenomenheid en van hun kindsheid af aan de plaats, medelidmaten en leraar verbond. Bovendien viel hun de uitoefening van de eredienst te Diever gemakkelijker, terwijl de weg daarheen korter en te allen tijde te voet en per rijtuig begaanbaar was, terwijl die naar Dwingelo, vooral in de winter wanneer de Oude stroom buiten zijn oevers was getreden, veelal onbruikbaar was, bepaaldelijk voor voetgangers. Het slotargument, dat naar de mening van adressanten moest beslissen, was, dat zij voor hun aandeel wettige eigenaars waren van de kerk en pastorie te Diever van welke eigendom zij door de afscheiding verstoken zouden worden, terwijl hun aandeel in de lasten voor rekening van de Dieverse leden zou komen.

De zaak schijnt daarna geruime tijd hangende te zijn gebleven, waarschijnlijk een gevolg van de algemene toestand van het land, welke in het volgende jaar tot de val van het Franse Keizerrijk en de herstelling van onze onafhankelijkheid leidde. Wel opmerkelijk is het, dat juist tussen januari 1812 en juli 1813 geen enkel kind uit Eemster of Leggelo te Diever is gedoopt, later wel weer.

Uit een in mijn bezit gekomen ontwerpadres van ingezeten uit Eemster en Leggelo blijkt, dat men nu de tijd gekomen achtte om opnieuw, ditmaal bij de Staten van de Landschap Drenthe, aan te dringen op een hereniging met Diever, waartoe de op handen zijnde reorganisatie van het inwendig bestuur een ongezochte gelegenheid aanbood. Dit verzoek betrof zowel de burgerlijke als de kerkelijke indeling, zodat wij, behalve de reeds vroeger gebezigde argumenten, daarin ook de bezwaren tegen de politieke afscheiding aantreffen.

Vooropstellende, dat van de oudste tijden er de Oude stroom de natuurlijke grens was geweest tussen de kerspelen Diever en Dwingelo, betoogde men, dat door de afscheiding de evenredigheid tussen bouwland, heide en zandgrond met hooi- en weilanden in eenmaal verbroken werd, daar bijna al het groenland van de gemeente onder de afgescheiden buurtschappen gelegen was. Dientengevolge zou de gemeente niet bestand zijn tegen de aanmerkelijke quota’s en aanslagen, inzonderheid van de grondbelasting, welke over de zo weinig opleverende overgebleven gronden moest worden verdeeld. Talloze onenigheden zouden hieruit voortvloeien, daar de grondeigendommen wederzijds zodanig door elkander waren gelegen, dat dit alleen reeds de afscheiding als geheel absurd en als zonder kennis van zaken tot stand gebracht moest doen voorkomen. Ook had door de afscheiding het traktement van de schoolmeester te Diever een aanmerkelijke vermindering ondergaan, terwijl deze functionaris toch mede door adressanten was beroepen, welke verbintenis zij voor hun aandeel thans verhinderd waren na te komen (voetnoot 11). Ten slotte gaven zij hun vast voornemen te kennen, niettegenstaande alle politie betrekkingen, bij voortduring van het kerkgebouw te Diever gebruik te zullen maken en tot het onderhoud van kerk en eredienst aldaar te blijven bijdragen, wat toch wel niemand hun zou kunnen beletten. Ook hun liefdegaven ten bate van de diaconie zouden zij te Diever blijven besteden.

Deze poging heeft evenmin het gewenst gevolg gehad. In het burgerlijke bleven Eemster en Leggelo met Dwingelo verenigd, terwijl Diever en Vledder afzonderlijke gemeenten werden.

Op 15 juli 1817 heeft de commissaris-generaal, provisioneel belast met de zaken van de Nederlands Hervormde kerk enzovoort, Eemster en Leggelo kerkelijk van Diever afgescheiden en met Dwingelo verenigd. Bij Koninklijk Besluit van 12 september 1823, no. 103, werd die afscheiding definitief tot stand gebracht.

De bedreiging, dat de ingezetenen van de buurtschappen niettegenstaande de burgerlijke afscheiding toch te Diever de bevrediging van hun godsdienstige behoeften zouden blijven zoeken, is niet lang volgehouden. Werden in de eerste jaren na 1823 hun kinderen nog op de oude voet te Diever gedoopt, spoedig verminderde dit, om in 1830 geheel op te houden. Reeds sedert 1814 waren uit Leggelo, sedert 1816 uit Eemster geen nieuwe lidmaten meer te Diever aangenomen. Enkele families daarentegen bleven nog een 30-tal jaren te Diever naar de kerk gaan.

Nog tweemaal moest de kerk te Diever een deel van haar gebied afstaan.
De eerste maal was dit een gevolg van de kolonisatie der buurtschappen Wateren door de Maatschappij van Weldadigheid, die daar een opvoedingsgesticht vestigde. Bij beschikking van de Minister voor de zaken van de Hervormde eredienst enzovoort van 17 april 1834, no. 3, werden de godsdienstige belangen der Protestantse kwekelingen van het opvoedingsgesticht te Wateren en van de Protestantse bewoners van de te Groot-Wateren gelegen woningen aanbevolen aan de predikant te Vledder. Nadat in 1860, dus een jaar nadat de bedelaarsgestichten te Ommerschans en Veenhuizen door het Rijk van de Maatschappij van Weldadigheid waren overgenomen, alle bezittingen van de Maatschappij te Wateren, de kweekschool daaronder begrepen, in openbare veiling waren verkocht en in handen aan bijzondere personen overgegaan, werd bij besluit van dezelfde Minister van 7 maart 1862, no. 8, op een adres van het Classicaal bestuur van Meppel vorenbedoelde beschikking van 1834 ingetrokken, zodat sedert dat jaar geheel Wateren weer kerkelijk onder Diever behoort.
De laatste afscheiding betrof de voormalige Heerlijkheid Hoogersmilde, in 1633 reeds in het burgerlijke van Diever gescheiden. Met het oog op de verre afstand ligt het voor de hand, dat het voor de bewoners op de duur een groot ongerief was, hun godsdienstplichten te Diever blijven te vervullen. Een deel van hen bezocht dan ook reeds sedert jaren de op 17 februari 1788 ingewijde nieuwe kerk te Kloosterveen. Op verzoek van de Hervormde ingezetenen van Hoogersmilde werd hun bij Koninklijk Besluit van 23 maart 1844, no. 70, toegezegd, dat zij van Diever zouden worden afgescheiden en een afzonderlijke kerkelijke gemeente uitmaken, indien zonder bezwaar van ’s lands kas aldaar een geschikt kerkgebouw met predikantswoning werd gebouwd. De kerk te Diever zou alle kerkelijke bezittingen behouden, de ingezetenen van Hoogersmilde zouden daarentegen worden vrijgesteld van de kerkelijke omslag te Diever, in te gaan op 1 januari na het jaar waarin de nieuwe kerk zou zijn ingewijd. Deze inwijding had plaats op 26 december 1844, zodat op 1 januari 1845 ook deze afscheiding haar beslag kreeg.

Volledigheidshalve werd nog vermeld, dat te Wateren, waar voor de afscheiding van de Maatschappij van Weldadigheid door de Rooms Katholieke bewoners gebruik werd gemaakt van de Rooms Katholieke kerk te Frederiksoord. (rectoraat onder de parochie Steenwijkerwold), zich vooral sedert het jaar 1880 meer Rooms Katholieke gezinnen vestigden, zodat zich langzamerhand de behoefte aan een eigen kerk deed gevoelen. In 1883, toen het getal van de gezinnen 9 bedroeg met 50 gezinsleden, richtte de Vikaris Kapitulair van het Aartsbisdom Utrecht tot de Minister van Financiën het verzoek om ten behoeve van de pastoor een te Wateren op te richten parochie een rijksjaarwedde, benevens een subsidie voor de bouw van een kerk, toe te kennen. Niettegenstaande dit verzoek, met het oog op de weinig talrijke nederzetting, werd afgewezen, werd bij beschikking van de Aartsbisschop van Utrecht van 3 september 1884 met ingang van 18 september daaropvolgende te Wateren een kerkelijke parochie opgericht onder de bescherming van de H. Andreas.

Voetnoten:
1)
Van de vroegste tijden af, dat deze naam in oude stukken voorkomt, werd de bevolking van dit gehucht steeds aangeduid als wonende “op het Moer”.
2)
Deze oorkonden zijn te vinden in het Oorkondenboek van Groningen en Drenthe onder de nrs. 39, 48, 199, 19, 726, 44 en 49.
3)
Deze jaartallen zijn geput uit de oude kerkelijke doopboeken, aanwezig op het gemeentearchief te Diever, beginnende op het jaar 1676.
4)
Magnin. Overzicht der Kerkelijke Geschiedenis van Drenthe, bladzijde 141.
5)
De Hervormde Predikanten van Drenthe.
6)
In het gemeentearchief van Diever.
7)
In de nabijheid van de Geeuwenbrug.
8)
Zie de Nieuwe Drentse Volksalmanak van 1902, bladzijde 197.
9)
Kopie in het “Protocol aangaande de administratie der armen wegens de Hooger Smilde”, in het gemeentearchief te Smilde.
10)
Een vierde gedeelte, namelijk een oortje (2 duiten of 4 penningen) van elke stuiver, welke van elke gulden op de pachtsommen der Generale Middelen ten laste van de pachters werd geheven.
11)
Dat Eemster en Leggeloo inderdaad het welvarendste deel van het kerspil Diever hebben uitgemaakt, mag blijken uit de volgende lijst van zuivere bezittingen (daaronder begrepen de gekapitaliseerde waarde van revenuen van ambten, bedieningen en beneficiën) van de ingezeten, welke tot een bedrag van minstens 100 gulden gegoed waren. Deze lijst strekte ten behoeve der heffing van den 100sten penning, ingevolge resolutie van de representanten van het Drentse volk van 11 oktober 1796.
Diever                 83 huizen     201515,– gulden
Oldendiever        19 huizen       38525,– gulden
Kalteren                3 huizen           400,– gulden
Wateren                6 huizen         5400,– gulden
Wittelte               12 huizen       32050,– gulden
’t Moer                  4 huizen         1450,– gulden
Wapse                36 huizen       61990,– gulden
Leggeloo            22 huizen       79550,– gulden
Eemster              25 huizen       57635,– gulden

Posted in 't Moer, Diever, Kalteren, Kerk op de brink, Kerspel Diever, Oldendiever, Wapse, Wateren, Wittelte | Leave a comment

Ansichtkaarten uut de gemiente Deever

In webstees op het internet staan veel afbeeldingen van ansichtkaarten waarop onderwerpen uit de gemeente Diever zijn te zien. Het Dievers Archief zal deze waar mogelijk in deze categorie tonen. Op termijn zullen hier zeker meer dan 1500 verschillende afbeeldingen te zien zijn.

Diever – Nederlands Hervormde Kerk aan de Brink
Deze foto moet tussen 1950 en 1956 zijn genomen, in de periode voor de grote restauratie van de kerk. Op de plek waar nu een bank staat, stond in die periode nog een boerderijtje. Op de hoek van de Peperstraat en de Kerkstraat staat de oude boerderij, die toen eigendom was van bakker Gerard Krol.

Diever – Nederlands Hervormde Kerk aan de Brink

Diever – Bosweg – Gemeentelijk kampeerterrein

 

 

 

 

 

 

 

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Kerk op de brink | Leave a comment

An de olde brink van Deever op 12 mei 1955

De maker van deze foto was zo slim om op 12 mei 1955, dus niet zo lang vóór het begin van de grote vernieling van de brink van Deever in de jaren 1955-1957, nog een foto te nemen. Een vernieling dit daarna tot op de dag van vandaag is doorgegaan. Let vooral op de rodondendronstruiken bij de braandkoele op de brink.
Dat deze foto vóór de restauratie van de kerk die in gebruik is bij de hervormde geloofsgemeente is gemaakt, dat is onder meer te zien aan de klok boven het galmgat in de gemeentelijke toren.
Tegenwoordig wordt deze kerk die in gebruik is bij de hervormde geloofsgemeente te pas en te onpas en onterecht en zonder respect voor de gebruikers Sint Pancratiuskerk of Pancratiuskerk genoemd.

Posted in Afbeeldingen, Brink, Diever, Kerk op de brink | Leave a comment

De kerk op de brink te Diverde in 1756

Deze tekening van de kerk van Diverde werd gemaakt door Cornelis van Noorde (1731-1795) in 1756 gemaakt. De afmetingen van de tekening zijn 13,0 x 19,4 cm. De tekening bevindt zich in de prentencollectie van de Universiteitsbibliotheek van Leiden.
Bodel Nijenhuis (Museum Bodellianum) noteerde bij deze tekening: ‘Deze kerk heeft zeer veel duifsteen aan zich’. Duifsteen is tufsteen, dat uit Duitsland werd gehaald.
De toren had in 1756 nog geen uurwerk, uiteraard had de toren wel galmgaten. Het op de tekening zichtbare zuid-westelijke deel van de kerk op de Brink zag er in die tijd heel anders uit. Brand als gevolg van blikseminslag verwoestte de kerk in 1759.
De topografische expert van de lokale heemkundige vereniging uit Diever noemt op de webstee van deze vereniging de resultaten van zijn diepgaande en diepgravende bronnenonderzoek naar de door de eeuwen heen veranderende naam van het esdorp Diever: Deuvre (1188), Deveren (1258), de Devere (1262), apud Duvere (1298-1304), van Dyveren (1327), van Deveren (1377), tot Deveren (1402), Dieveren (1475).
De expert van de lokale heemkundige vereniging kan aan zijn niet-limitatieve lijstje in elk geval toevoegen: Diverde (1756).

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Kunst, Tekeningen, Topstukken | Leave a comment

Interieur van het kerkgebouw op de brink van Deever

De schilder Maarten ’t Hart (1950) schildert graag onderwerpen, zoals oude verlaten stationsgebouwen, afgelegen staande huizen en bijzondere gebouwen in binnen- en buitenland, met name vanwege de lichtval op oude muren van interieur en exterieur, die een object vaak onwerkelijk en verlaten doet lijken. Hij past bij het schilderen graag de tempera techniek toe.
Het tekenen en schilderen van interieurs en exterieurs van Middeleeuwse kerken is zijn specialiteit.
Dat is te zien op bijgaande afbeelding van zijn schilderij (olieverf op paneel) Interieur kerk te Diever naar het koor. Het betreft een deel van het interieur van het kerkgebouw op de brink van Deever.
Het is de redactie van het Deevers Archief niet bekend in welk jaar dit schilderij is gemaakt.
De andere afbeelding is een afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw, die de schilder gelukkig niet heeft gebruikt als voorbeeld voor zijn kunstwerk.
De schilder wekt de indruk van onwerkelijkheid en verlatenheid in het schilderij niet zozeer door de lichtinval, als wel door zoveel mogelijk in het schilderij weglaten van wel aanwezige voorwerpen in het interieur, zoals stoelen en kerkmeubilair en daarnaast door het licht-eiken-achtig schilderen van de preekstoel en de deur die toegang geeft tot de consistoriekamer.
Liggen vóór in het kerkgebouw op de brink van Deever werkelijk zoveel plavuizen van natuursteen ? Het rechter raam is in werkelijkheid lager dan het linker raam. Wel heeft de schilder mooi de kringen van opgetrokken vocht onder in de muren van het koor geschilderd.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Kerk op de brink, Kunst, Schilderijen | Leave a comment

Geert Dekker, Aebel Wiekstroa en Hillechien Dekker

Arend Mulder schreef  op bladzijde 92 van zijn boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ (uitgegeven in januari 1975) het volgende over ‘De woning van Geert Dekker’.

Onbegrijpelijk, dat geen enkele daartoe bevoegde instantie heeft belet, dat dit knusse boederijtje na overlijden van de eigenaar en bewoner Geert Dekker, met de grond gelijk is gemaakt. Nam het niet ook en klein een aparte plaats in, betreffende zijn bewoners als folkloristen van Diever ?
Alleen al door het feit dat het steeds bewoond is geweest door twee opeenvolgende oude dorpsfiguren, te weten Abel Wijkstra (in de volksmond Aebel Allen of ‘de Smorre’ genoemd). en z’n oomzegger Geert Dekker, zonder welke figuren Diever bijna niet denkbaar was, is dit haast niet te geloven. Samen met Hillegien (zuster van Geert) die immer wat ziekelijk was en niet veel verder dan in en om huis kwam, woonde het drietal daar eenvoudig en tevreden.
Geert Dekker had verschillende bijbaantjes. Hij was namelijk 40 jaar lang klokkeluider, koster en orgelpomper der Nederlands Hervormde Kerk. Bij deze feestelijke herdenking werd hij koninklijk onderscheiden. Landlopers, zwervers en dergelijke lieden warden door hem onderdak verschaft in een hok onder de toren en van eten en drinken bediend, in opdracht van de burgemeester.
Vanaf de oprichting van de lijkwagenvereniging in 1912 tot 1938, dus 26 jaar lang, reed hij de lijkwagen. Zelf reed hij naar Assen en Groningen om de overledenen van het betreffende ziekenhuis te halen. Op deze reizen, in alle weer en wind gemaakt, vergezelde hem dikwijls zijn oom Abel (zelf al ruim 80 jaar). Toen deze in 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever overleed en enkele jaren later ook zijn zuster Hillegien, bleef Geert alleen achter.
Veel ook zag men hem werken in de tuintjes van diverse burgers en niet minder in zijn eigen tuin ‘op ’t Bultien’.
Hij bezat als koster de sleutel der kerk en heeft menig toerist, zowel voor als na de restauratie der kerk, het gebouw laten zien. Elke zondagmorgen luidde hij om 9 uur de klok en bij de aanvang van de dienst. Nooit verzuimde hij een dienst, wat wel een bewijs was van zijn sterk gestel. Maar de sterkste boom moet eens vallen. Zo ook Geert Dekker. Op 6 maart 1953 overleed hij  naar een kortstondig ziekbed in een verpleegtehuis te Oosterwolde op de leeftijd van 87 jaar.
Hij schonk bij testament zijn huisje en grond aan de afdeling van het Groene Kruis en de Kerkvoogdij der Nederlands Hervormde Gemeente te Diever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. ……. Geert Dekker …….. Tallozen heeft hij uitgeluid, Weinigen hebben hem uitgeleid.

Lammert Huizing schreef In de Meppeler Courant van 14 november 2011 in zijn wekelijkse artikelenreeks ‘Eertieds in dizze streek’ een artikel met de titel ‘Deever, niet denkbaor zunder Geert Dekker. Het is geschreven in een soort van net niet echt Hoogeveens dialect. Dit artikel is ook te vinden in de webstee van de heemkundige vereniging van Diever. Dit artikel is een bewerking van het hiervoor weergegeven artikel van Arend Mulder.

Oldere inwoners van Diever hebt nog weet van twei dorpsfiguren, zunder wie Diever niet denkbaor was. Dat waren Aobel Wiekstra, die Aebel Allen (zien va was Alle Wiekstrao) weur enuumd of ‘de smorre’ en zien oomzegger Geert Dekker. Zij woonden in een boerderijgien op ’t Bultien. Het is al meer as veertig jaor eleden dat Geert Dekker in een verpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp.
Aobel Wiekstra mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide kerels weuren verzorgd deur Hillechien, een zuster van Geert. Hillechien was niet stark, vake ziek en kwaamp niet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkenluder, koster en orgelpomper in de staotige Pancratiuskarke op de Brink. Doe hij dit veertig jaor edaone had, kreeg hij een keuninklieke medallie.
Een hok under de toren was het underdak veur laandlopers, zwarvers, dronken volk en kleine krimmenelen. As ’t er iene op esleuten was veur ien of meer nachten, dan mus Geert in opdracht van de borgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eten en drinken.
Geert was ok de man van de liekwagen. Doe in 1912 de liekwagenverieneging weur op ericht, weur hij mitiene an esteld as vaste voorman. Daorveur weur een boerenwagen gebruukt, waorop de kiste weur eplaotst op een legge uutgedorst roggenstro. Aoverledenen haalde Geert niet allennig uut het starfhuus in dorp en naoste umgeving, maor ok uut Assen en Grunning, as daor iene uut het darp was aoverleden. Dizze reizen, vake dagreizen, weuren bij tienden emaakt in weer en wiend.
Oom Abel, die de 80 al passeerd was, gunk vake mit hum mit. Oom Aobel aoverleed in 1930, 93 jaor old. E paar jaor later kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allent achter.
Tot 1938 bleef hij de voorman op de liekwagen, wat hij doe 26 jaor lang edaon had. Tot wied in de viefteger jaoren had hij as koster de sleutel van de Hervormde karke. Zowel veur as nao de resteraosie hef hij honderden toeristen rond eleid in de olde karke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wordt. Elke zundagmorgen um negen ure en an het begun van de dienst bengelde hij de klokke. Het is bekend dat hij nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien starke gestel.
Nao een kort ziekbedde aoverleed Geert Dekker in 1963 op 87-jaorige leeftied.’Tallozen hef hij uut elod – weinigen hebt hun uut eleid’, schreef in 1975 de plaatselijke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerderijgie mit grond was deur Geert Dekker bij testament vermaakt an de ofdieling van het Grune Kruus en an de karkvoogdij van de hervormde gemiente. Zij verkochten het huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um het te slopen. Een ofbraok die achterof deur hiel wat meinsen weur betreurd.

De redactie van het Dievers Archief heeft de tekst van het artikel van Lammert Huizing voor de echte liefhebbers van het Deevers vertaald in het Deevers.

Oldere inwoners van Deever hept nog weet van twei dörpsfiguur’n, zunder wie Deever neet denkboar was. Dat waar’n Aebel Wiekstroa, die Aebel Allen (zien vä was Alle Wiekstroa) of de Smorre wödde enuumd, en zien oomzegger Geert Dekker.
Zee woond’n in ’n boerdereegie op ’t Bultie. Het is al mièr as veertug joar elee’n dat Geert Dekker in un vurpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp. Aebel Wiekstroa mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide keerels wödd’n vurzorgd deur Hillechien, un zuster van Geert. Hillechien was niet staark, vaeke zeek en kwaamp neet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkeluder, koster en orgelpomper in de stoatige Pancratiuskaarke op de Brink. Doe hee dit veertig jaor edoane haar, kreeg hee een keuninklukke medallie.
Een hok under de toor’n was het underdak veur laandlopers, zwaarvers, dronk’n volk en kleine krimmeneel’n. As er iene op esleut’n was veur iene of meer naacht’n, dan mus Geert in opdracht van de börgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eet’n en drink’n.
Geert was ok de man van de liekwaeg’n. Doe in 1912 de liekwaegenverieneging wödde op ericht, wödde hee mitien an esteld as vaaste veurman. Daorveur wödde ’n boer’nwaegen gebruukt, woarop de kiste wödde ezet op een legge uutedöste roggestro. Overlee’n haelde Geert neet allennig uut ‘t staarfhuus in dörp en noaste umgeving, mor ok uut Assen en Grunning, as doar iene uut ’t dörp was overleed’n. Dizze reizen, vaeke dagreizen, wödd’n bee tied’n emaek in weer en wiend.
Ome Aebel, die de 80 al pesseerd was, gunk vaeke mit hum mit. Ome Aebel overleed in 1930, 93 joar old. Een paer joar laeter kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allennig aachter.
Tot 1938 bleef hee de veurman op de liekwaeg’n, wat hee doe 26 joar laank edoane haar. Tot wied in de viefteger joar’n haar hee as koster de sleutel van de Hervormde kaarke. Zowel veur as noa de resteroasie hef hee honderd’n toerist’n rond eleid in de olde kaarke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wödde. Elke zundagmörn um neeg’n ure en an ’t begun van de dienst bengelde hee de klokke. Het is bekend dat hee nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien staarke gestel.
Noa een köt ziekbedde oaverleed Geert Dekker in 1963 op 87-joarige leeftied. ‘Tallozen hef hee uut elut – weinigen hept hum uut eleid’, schreef in 1975 de plaeselukke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerdereegie mit grond was deur Geert Dekker bee testement vermaekt an de ofdieling van ’t Gruune Kruus en an de kaarkvoogdij van de hervormde gemiente. Zee verkocht’n ’t huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um ‘t te sloop’m. Een ofbroak die aachterof deur hiel wat meins’n wödde betreurd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het mag ook voor de minder oplettende bezoeker van het Deevers Archief duidelijk zijn dat de genoemde Lammert Huizing zich in zijn artikel in de Meppeler Courant (wekelijkse artikelenreeks Eertieds in dizze streek) volledig heeft bediend van de tekst van Arend Mulder en het hier en daar wat heeft aangedikt en omgevormd en opgeleukt.
Voor meer gegevens over de journalist Lammert Huizing wordt verwezen naar de webstee van Wikipedia.
Abel Wijkstra werd geboren op 26 maart 1837 te Deever. Hij was een zoon van Alles Abels Wijkstra, landbouwer en Jacobje Jans Kremer. Abel Wijkstra werd ook wel Abel Allen genoemd. Abel Wijkstra overleed op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever.
Geert Dekker werd geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij was een zoon van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra. Geert Dekker overleed op 5 maart 1963 in Möppel. Marchje Wijkstra was een zuster van Abel Wijkstra.
Hilligje Dekker werd geboren te Dwingel op 7 april 1869, Zij was een dochter van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra.
Blijkbaar was Lammert Huizing niet op de hoogte van de woonplaats van Arend Mulder, want de ‘plaatselijke kroniekschrijver’ Arend Mulder woonde in 1975 in Norg.
Geert Dekker stierf in 1963 en liet het huisje na aan de plaatselijke afdeling van het Groene Kruis en de kerkvoogdij van de  Nederlands Hervormde Gemeente te Deever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. Juist in die jaren probeerden burgemeester Jan Cornelis Meiboom en de zijnen rücksichtslos al het oude te slopen wat in het oude centrum van Deever te slopen viel, denk aan bebouwing bij de kleine Brink, een groot deel van de Peperstraat en panden aan de Hoofdstraat, het niet herbouwen van verbrande panden. En dat is ze aardig gelukt, daarmee verdween de ziel uit het oude Deever.
De instantie die hem in eerste instantie tegen had kunnen houden was natuurlijk de gemeenteraad van de gemiente Deever (wie zaten toen in de gemeenteraad ?), maar wellicht kon of wilde die geen weerstand bieden aan de ambitieuze burgervader. Bij burgemeester Jan Cornelis Meiboom stonden woorden en termen, zoals cultuurhistorisch erfgoed, pand voor een streekmusuem, woonboerderijtjes, waardevol voor de toeristen-industrie, beschermd dorpsgezicht, koesteren en restaureren niet in zijn neo-liberale woordenboek.

Posted in Alle Deeversen, Boerderijen, Brink, Bultie, Deevers, Deeverse dialect, Diever, Erfgoed, Hoofdstraat, Kerk op de brink, Keuterijen | Leave a comment

In de Heufdstroate van Deever in 1954


Bijgaande zwart-wit ansichtkaart was in 1954 te koop bij Roelof (Roef) van Goor, Kantoorboekhandel aan de Kruisstraat in Deever. De fotograaf van deze mooie afbeelding stond ter hoogte van de boerderij van Hendrik Krol. Links is nog net een deel van het muurtje voor de Gereformeerde School te zien. Rechts staan de woningen van Hendrik Gruppen en … Eising. Wie kan meer gegevens verschaffen over de zichtbare panden en hun bewoners in die tijd ?

Posted in Ansichtkaarten, Hoofdstraat, Kerk op de brink | Leave a comment

Toren en kerk op de Brink van Deever

Abracadabra-430De gemeentelijke toren van de kerk op de Brink van Diever was vóór de Grote Restauratie in 1955 in een zeer beroerde en vervallen toestand, wat mag blijken uit de bovenste foto die tijdens de restauratie in 1956-1957 van de noordkant van de kerk en de gemeentelijke toren is gemaakt. Op deze foto is aan de linker kant het toen nog gelukkig niet gesloopte pand bij de kerk te zien.
De foto onder de bovenste foto toont de noordkant van de gerestaureeerde kerk en de gemeentelijke toren en het pand bij de kerk, nadat Klaas Kleine het eerder gesloopte pand bij de kerk eigenhandig weer helemaal had opgebouwd. Hière mien tied, wat ’n klus.
De redactie van het Deevers Archief heeft de onderste foto op 7 augustus 2015 tijdens een periodieke visuele inspectie van de gemeentelijke toren vanaf het terras van Café Brinkzicht gemaakt.

Abracadabra-431

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-432

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Erfgoed, Kerk op de brink, Klaas Kleine | Leave a comment

Ansichtkaart – Groeten uit Diever (Dr)

In het archief van het Deevers Archief zijn ook ansichtkaarten met als titel ‘Groeten uit Diever (Dr,) aanwezig. De redactie van het Deevers Archief wil zijn trouwe bezoekers het kijken naar de aanwezige afbeeldingen van het gemeentehuis, de kerk op de brink en de Kruusstroate toch niet onthouden. De hier afgebeelde kaart is in 1980 uitgegeven.

Posted in Ansichtkaarten, Gemeentehuis, Kerk op de brink, Kruisstraat | Leave a comment

Pentekening van Peperstraat en kerk op de Brink

De foto voor deze ansichtkaart van de Kleine Peperstraat en de kerk op de brink van Deever is gemaakt in de vijftiger jaren van de vorige eeuw, maar wel vóór de restauratie van de kerk in 1956/1957. Dit is af te leiden van de klok boven het galmgat in de toren van de gemiente Deever. Bij de restauratie werd de klok naast het galmgat geplaatst.
Het boerderijtje van de familie Hunneman an de Aachterstroate, te zien aan de linkerkant van de foto, was gelukkig nog niet gesloopt. Ook de schuur van Klaas Marcus Balsma, te zien aan de rechterkant van de foto, stond er toen nog.
De naam van de overtekenaar van deze ansichtkaart staat rechts onder op de tekening, maar was niet te lezen. Wie kent de naam van de overtekenaar ?

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Kerk op de brink, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Nog een monumentenschildje aan de toren op de Brink

In de Meppeler Courant van 8 september 2014 verscheen het navolgende kleine berichtje over de presentatie van het nieuwe landelijke monumentenschildje.

Primeur in Pancratiuskerk
Diever. De openingshandeling van de Open Monumentendag in de gemeente Westenveld vindt vrijdag om 16.00 uur plaats in de Sint Pancratiuskerk in Diever. Tijdens de openingshandeling heeft er een primeur plaats: landelijk wordt tijdens het Open Monumentendag weekeinde het nieuwe landelijke ‘moumentenschildje’ gepresenteerd en de gemeente Westenveld mag de Drentse onthulling voor haar rekening nemen. Voor het weekeinde van de Open Monumentendag in de gemeente Westenveld heeft zich een record aantal monumenteneigenaren en bewoners aangemeld. In totaal zijn 33 monumenten geopend voor het publiek.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Sint Pancratiuskerk, het blijft merkwaardig de kerk op de brink van Deever te bestempelen als de kerk van een rooms-katholieke geloofsgemeente als deze kerk al eeuwen niet meer in gebruik is bij deze geloofsgemeente.
De kerk op de brink van Deever, die in gebruik is bij de Nederlands hervormde geloofsgemeente (dominee, schrijf ik het zo goed ?), is voorzien van het sinds 1954 internationaal gebruikte blauw-wit schildje. Zie de kleurenfoto die de redactie van het Deevers Archief op 13 november 2014 maakte. Het schildje is keurig met 3 roestvast stalen schroefjes bevestigd aan de toren. Sommige (lang niet alle) rijksmonumenten zijn voorzien van het blauw-witte schildje. Het schildje geeft aan dat het betreffende pand in oorlogstijd moet worden beschermd en moet leiden tot eerbiediging van het pand door strijdende partijen tijdens gevechtshandelingen.

Een rijksmonument is een bouwwerk of object, of het restant daarvan, die van algemeen belang is wegens de schoonheid, de betekenis voor de wetenschap of de cultuurhistorische waarde.
Tijdens de Open Monumentendagen 2014 in het tweede weekeinde van september is het nieuwe schildje in gebruik genomen.
Zie de kleurenfoto die de redactie van het Deevers Archief op 13 november 2014 maakte. Het eerste schildje in Drenthe werd bevestigd aan de toren die bij de kerk op de Brink staat. Voorwaar een gebeurtenis van groot historisch belang. Opvallend is dat het wit-oranje schildje niet gewoon naast het blauw-witte schildje is bevestigd.
Maar hoe is het nieuwe schildje aan de toren bevestigd ? Schroefjes zijn niet te zien. Met lijm soms ?
Is de toren eigendom van de gemeente Westenveld of eigendom van de eigenaar van de kerk op de Brink (hervormde geloofsgemeente) ? Wellicht is het nieuwe schildje aan het verkeerde pand geschroefd en moet ook een schildje naast de hoofdingang van de kerk aan de tufstenen muur worden bevestigd.
Binnen de grenzen van de gemeente Diever zal het schildje naar verwachting aan de volgende rijksmonumenten worden bevestigd:
Restanten van een kalkovencomplex bij Rijksweg 26, Dieverbrug;
Kerk op de Brink, Hoofdstraat 45, Diever;
Voormalig schultehuis, Brink 7, Diever;
Voormalig armenwerkhuis, Groningerweg 6, Diever;
Voormalige boerderij ‘de Caathof’, Holtenweg 2, Dieverbrug;
Korenmolen ‘de Vlijt’, Dingspil 17, Diever;
Hunebed D52, op de Steenakkers aan de Groningerweg, Diever
Boerderij met zijbaander, Achterstraat 14, Diever;
Voormalige smederij, Hoofdstraat 49, Diever;
Boerderij met zijbaander, Kruisstraat 2, Diever;
Dubbel verdiepingsloos woonhuis, Kruisstraat 4, Diever;
Boerderij met zijbaander, Kastanjelaan 18, Diever;
Hallenhuisboerderij met voorgeplaatst dwarshuis, Brink 11, Diever;
Pothok met potstal bij hallenhuisboerderij, bij Brink 11, Diever;
Hollenhuisboerderij met dwarsdeel, Hoofdstraat 34, Diever.  Continue reading

Posted in Brink, Erfgoed, Kerk op de brink, Rijksmonumenten | Leave a comment

Hervormde gemeente heeft een eigen webstee

De hervormde kerkgemeente in Deever heeft een eigen webstee (www.hervormddiever.nl) die bereikbaar is via het internet. In deze webstee zijn ook enige gegevens te vinden over het kerkgebouw op de brink van Deever.

Posted in Diever, Kerk op de brink | Leave a comment

Er staat een kerk op instorten !

In het christelijk georiënteerde weekblad ‘de Spiegel’ verscheen in het nummer van 23 juli 1955 het volgende artikel van de hand van de journalist P.W. Russel over de slechte staat van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren op de brink van Deever. Het artikel werd geschreven kort voor aanvang van de grote restauratie van het oude kerkgebouw en de gemeentelijke toren in de jaren 1956/1957. 

‘Ja, dit is een ramp’, zei burgemeester J.C. Meyboom van Diever, toen ik hem opbelde om een afspraak te maken. ‘Beslist een ramp, zoals de kerk er nu bij ligt’, herhaalt hij, als wij op het kerkplein in het centrum van zijn dorp staan. Diever, het bijna vijf-en-dertig-honderd zielen tellende dorp tussen Assen en Meppel, kent in deze dagen nog maar één gesprek: de kerk. De bakker en de melkboer, de burgemeester en de jonge dominee Smit. allen zijn er vol van. ‘Er zijn twee mogelijkheden: óf we gaan de kerk het volgend jaar sluiten en schaffen een bordje aan ‘Ruïne te bezichtigen’, óf er wordt gerestaureerd.’ Zo stond het op een folder en het hele dorp is geschrokken.
De hervormde gezinnen in het dorp – het is hun kerk – brachten 22.000 gulden bij elkaar; vlugschriften leverden nog eens tien mille op en een fonds beschikte nog over drieduizend gulden. Vijf-en-dertig-duizend gulden dus. Die zijn er.
‘Maar weet u wat dit gaat kosten ?’ vraagt burgemeester Meyboom, die nu al zestien jaar zijn krachten aan Diever geeft. ‘We hadden een eerste begroting en daar stond als eindbedrag 170.000 gulden op. Daar was niet bij gerekend wat er allemaal in de kerk moet gebeuren, na de restauratie. Ik bedoel zaken zoals meubilair, verwarmingsinstallatie en verlichting.
‘Maar wacht even. Kijk, ziet u die meneer daar uit de kerk komen ? Juist, dat is de heer G.C. Helbers, de directeur van het Provinciaal Museum in Assen. Moet u hem eens vragen, waarom het allemaal zo duur gaat worden.’ ‘Hierom’, zegt de heer Helbers, die breedgeschouderd en goedgehumeurd is, ‘we gaan deze kerk niet repareren, niet herstellen, maar restaureren. En dat betekent, dat we alles zoveel mogelijk in de oude en originele vorm terugbrengen.’
‘Deze kerk staat op instorten’, aldus de directeur van het museum in Assen. ‘Niets meer en niets minder. Alle maatregelen, die nodig waren, zijn genomen. We gaan restaureren, dat is één. We hebben een restauratiecomité, dat is twee. Gedeputeerde Staten zijn helemaal accoord, dat is drie en er is een begroting, nummer vier. We startten dus, twee weken geleden.’
‘Maar wat ontdekken we ? Tien centimeter onder de huidige tegelvloer in de kerk ligt een tweede vloer, van rode plavuizen. Oh, dachten we, de originele staat van de kerk was dus tien centimeter lager. Neen, helemaal niet, want nog eens vijfentwintig centimeter lager vinden we een tweede vloer, van groene en gele tegeltjes. Dat betekent dus, dat we de hele kerk vijf-en-dertig centimeter moeten uitgraven, om de oorspronkelijke diepte terug te krijgen.’
We lopen door de kerk, de burgemeester, de heer Helbers en ik. ‘Ga hier eens in dat gat staan’, zegt de heer Helbers. ‘Ziet u wel, de kerk wordt hoger en imponeert nu veel meer door zijn verhoudingen. We hebben verder inkassingen gevonden, waaruit blijkt, dat het middenschip en het hoogkoor eens overwelfd waren. Overal aan de zijkanten ziet u nog hele of halve colonetten; bij die halve heeft men in vroegere jaren de rest gewoon weggehakt, om ‘ruimte’ te krijgen. En kijkt u eens naar de zoldering. Half verteerde planken uit 1760. Het gewelf zit er onder. De manier, waarop vroeger aan deze kerk is gewerkt, is gewoon in-elkaar-timmeren geweest.’
‘Hoe oud is deze kerk van Diever eigenlijk, burgemeester ?’ vraag ik. ‘De kerk dateert uit 1400 en de toren uit 1100’, is het antwoord. ‘Naar die tijd moeten we met onze restauratie dus terug’, vult de heer Helbers aan. ‘Steeds doen we meer ontdekkingen: dichtgemetselde ramen, die open behoren te zijn; muren in zijbeuken die er maar gewoon tussen gemetseld werden en kostbare zandstenen randen rond pilaren, waar de een of andere optimist rustig overheen kalkte. Maar al die verrassingen doen de begroting van de restauratie angstig naar boven lopen. De tweede (definitieve’?) begroting moet nog komen, maar men vreest dik boven de twee ton te komen.
‘Maar dit kon niet langer’, zegt burgemeester Meyboom, die tegelijk voorzitter van de restauratiecommissie is. ‘Twee tot drie jaar duurt de restauratie, maar we zijn beslist tegenover het nageslacht verplicht een bouwwerk als dit, met zulk een rijkdom aan schoonheid, te bewaren.’ ‘Hier in dit hoekje moet U gaan staan en dan naar boven kijken’, adviseert de heer Helbers. Ik doe het en kijk dwars door het dak heen. Niet door een klein gaatje, maar door een opening, waar met gemak een divan in de breedte doorheen getrokken kan worden. Het dak van nieuwe pannen voorzien, kon ook niet meer, want geen mens durft meer naar boven. ‘Eerst moeten alle rotte balken weggehaald, want een kind zou er door vallen’, zegt de heer Helbers.
Tot 1 juni van dit jaar zijn de kerkdiensten in Diever gewoon doorgegaan. En het is goed, dat de dorpelingen het niet zo precies geweten hebben. Want toen men begon met breekijzers de planken van de zijvloeren los te breken, bleven de planken zitten en vielen de verteerde binten naar beneden. ‘Om niet eens te praten van de kerkbanken zelf’, merkte de burgemeester op. ‘Daar, vóór de kerk ziet u ze liggen: één hoop vermolmd hout. Ze vielen in elkaar toen men ze wilde wegdragen.’

Uitleg bij foto 1 in het artikel
Zo ziet de kerk er nu van binnen uit: de orgelpijpen, tijdig gered uit de ruïne, liggen in het zand; kruiwagens staan in het middenpad; de kansel wordt voorzichtig gesloopt en in de muren van het hoofdkoor ontdekt men steeds meer verborgen nissen.


Uitleg bij foto 2 in het artikel
Dit is de kerk van Diever, die op instorten staat. Aan de dakrand en vlak bij de toren zijn de gaten te zien, terwijl op de voorgrond een dichtgemetseld raam herinnert aan de eerste helft van de 17de eeuw, toen de kerk na een brand werd ‘vertimmerd’.

Uitleg bij foto 3 in het artikel
Oorspronkelijke hoge, smalle ramen in gotische stijl; sinds honderden jaren al dichtgemetseld, met hier en daar een recht raampje. ‘Maar voor we het open maken, moet de kerk eerst gestut’, zei de directeur van het Provinciaal Museum in Assen. ‘Anders valt de hele zaak in.’

Uitleg bij foto 4 in het artikel
Ik ben 79 jaar’, zegt Geert Dekker, ‘en gedurende 45 jaar daarvan heb ik de kerkklok van Diever geluid. Nu moet ik drie jaar wachten, maar ik weet niet wat ik in die tussentijd moet doen.’

Uitleg bij foto 5 in het artikel
Niet alleen in de kerk, maar ook in de toren zijn in de loop der eeuwen ramen dichtgemaakt. De steunbeer uit de vijftiende eeuw, vlak naast de ronde deur, kan elk ogenblik omvallen. De stenen, voor zover ze niet afbrokkelden, staan los op elkaar en de specie geeft geen enkel houvast meer.

Uitleg bij foto 6 in het artikel
Met het grootste gemak breekt burgemeester J.C. Meyboom van Diever een plank van een kerkbank door. Tot 1 juni van dit jaar volgden de dorpelingen, gezeten op deze banken, de kerkdiensten.

Uitleg bij foto 7 in het artikel
Als u in een zijbeuk van de Dieverse kerk staat en omhoog kijkt, dan ziet u dit: verteerde balken, gescheurde muren en een kapot dak.

Posted in Diever, Erfgoed, Kerk op de brink | Leave a comment

Een vierkante band van straatklinkertjes

In de Volkskrant van 1 juni 1962 verscheen nummer 340 van de door Lijntrekker getekende rubriek ‘het merckwaerdigste meyn bekent’, waarin hij aandacht besteedde aan de hervormde kerk op de Brink van Diever. Als Lijntrekker tekende en beschreef Jan Bouman decennia lang heemkundige varia voor de Volkskrant. Geen gevelsteen, windwijzer of tegeltableau in Amsterdam en de rest van Nederland sloeg hij over. Zo vergat hij ook de kerk van de hervormde gemeente op de Brink van Diever niet.
De tekst die boven de zuidelijke ingang van de kerk staat, is links boven in de afbeelding duidelijk te lezen, echter de tekst van de voetnoten niet, die luidt als volgt:
In het Drentse dorp Diever staat op het ruime plein de hervormde kerk, eertijds gewijd aan Sint Pancratius. Boven de zuidelijke ingang staat een vierregelig vers te lezen, verduidelijkt door twee voetnoten, dat herinnert aan de blikseminslag van 1759, die de toren trof. Het bovendeel van de toren en de kerk brandden uit.
Bij de restauratie van het kerkgebouw in 1955 werden de resten ontdekt van niet minder dan zeven voorgaande kerken, waarvan de eerste drie uit de negende en tiende eeuw dateren.
Aan de westkant van de toren is de opmerkelijkste ‘voetnoot’ aangebracht. Een vierkante band van straatklinkertjes geeft tussen het gras de grondslag aan van de vroegere toren, die los stond van een houten zaalkerkje met versmalde absis.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2014-12-03
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto, met daarop te zien de vierkante band van straatklinkertjes, op 21 november 2014 gemaakt. De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto, met daarop te zien de markante paarsgebroekte koster en klokkenluider (en orgelpomper ?) van de Heilige Sint Pancratius Kathedraal op de Brink van Diever, op 13 november 2008 gemaakt.

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Tekeningen, Tilgröppe, Toren op de brink | Leave a comment

Op 24-8-1948 gemaakte tekening van Jan Planting

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

De redactie toont heel graag tekeningen van onderwerpen uut de gemiente Deever.
En zoals het in het fototijdperk meestal met getekende onderwerpen uut de gemiente Deever gaat, is ook voor deze tekening een zwart-wit ansichtkaart als voorbeeld gebruikt. Deze ansichtkaart is hier ook afgebeeld.
Jan Planting, de overtekenaar van deze ansichtkaart, heeft de vrijheid genomen niet al het zichtbare op de ansichtkaart over te tekenen. De redactie vindt het desalniettemin toch wel een hele mooie kunstige tekening.
Hij heeft deze tekening gedateerd op 24 augustus 1948.
Het was bij de redactie niet bekend dat de getoonde zwart-wit ansichtkaart al in 1948 is uitgegeven. In het Deevers Archief is wel het hier getoonde exemplaar van de ansichtkaart aanwezig. Deze kaart is in november 1954 uitgegeven door Hendrik Mulder, Drogisterij ‘de Gaper’, Diever, Drenthe.

abracadabra-556abracadabra-555

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Kerk op de brink, Kunst, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Gemeentelijk propagandabord net niet plat gereden

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

Komende vanuit Kalteren over de Ten Darperweg wordt bij het marktterrein ter hoogte van de bocht bij de Bosweg de aandacht van de weggebruiker sterk getrokken naar een tamelijk nutteloos en erg luxe, erg degelijk en erg protserig uitgevoerd elektronisch propagandabord van de gemeente Westenveld.
Dit propagandabord is waarschijnlijk door een nijvere medewerker van de voorkant van het gelijk vanuit het raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever te programmeren met allerlei propagandistische teksten. Wat is eigenlijk het gemeentelijke verdienmodel voor dit dure propagandabord ?
Toen de redactie deze foto op 2 januari 2017 nam, was op het propagandabord de tekst ‘Diever, 15 januari nieuwjaarsconcert Drents symfonie orkest, Sint Pancratiuskerk, 15.00 uur’ te lezen.
Het is knap vervelend dat de nijvere propaganda-medewerker van de voorkant van het gelijk, al dan niet gehinderd door enige kennis van en respect voor religieuze zaken, het kerkgebouw, dat als eeuwen in gebruik is bij de hervormde geloofsgemeente, de naam van een katholieke heilige durft te geven.
Zo te zien is kort voor het tijdstip van deze opname een voertuig uit de bocht gevlogen, zijn daarbij enige paaltjes omver of kapot gereden, is het voertuig vlak langs het gemeentelijke propagandabord gereden, en is waarschijnlijk tot stilstand gekomen bij het omver gereden boompje. Hopelijk hebben de daarbij betrokken weggebruikers geen letsel opgelopen. Maar hoe zou het ongeval afgelopen zijn als het voertuig tegen de forse rechter staander van het gemeentelijke propagandabord was geknald ?
Zou tussen de plaats van het schreeuwerige en vooral in het donker sterk de aandacht trekkende gemeentelijke propagandabord en het uit de bocht vliegen van het voertuig een oorzakelijk verband zijn ?
Het is de hoofdbeleidsmedewerker voor verkeersdeskundige zaken van de gemeente Westenveld aan te bevelen zijn licht nog eens te laten schijnen over de plaats van dit soort lichtbakken bij de invalswegen naar de dorpen in de gemiente Deever, de plaats nog eens goed tegen het licht te houden, de plaats nog eens goed door te lichten.
Maar wie zit met de grenzeloze en uitdagende mogelijkheden van het internet eigenlijk nog te wachten op dit soort amateuristisch overkomende propagandagedoe ?

abracadabra-543

Posted in Bosweg, Gemeente Westenveld, Kerk op de brink, Marktterrein, Ten Darperweg, Verkeer en vervoer | Leave a comment

Diever, 9 juni 1962. Ze hebben hier ook televisie.

In de zestiger jaren van de vorige eeuw verhuurden veel mensen in Deever in de zomer een deel van hun huis aan vakantiegangers. Deze mensen konden uit alle delen van Nederland komen, maar veelal kwamen ze uit het Westen. De mensen in Deever hadden dan ‘pensiongasten’ over de vloer, dat betekende gedurende een aantal maanden veel drukte, flink inschikken en een aardige bijverdienste. Zo ook bij de familie ……., die naast de familie Van de Bos aan de Brinkstraat in Deever woonde. De ansichtkaart werd op 6 juni 1962 verstuurd naar een familie in Sassenheim.
De ansichtkaart is in juni 1959 uitgegeven door Roelof van Goor’s Kantoorboekhandel an de Kruusstroate in Deever.
Het was in de begintijd van de televisie, want de schrijfster van de tekst op de kaart vond het de moeite waard te melden dat het ‘pension’ ook een T.V. had.

Diever, 9 juni 1962.
Liever Vader, Moeder, Bram Yvon,
Na een voorspoedige reis zijn we hier vanmiddag om plusminus kwart voor één aangekomen. Wat een geluk dat we in de trein konden zitten, want hij was stampvol, de hele weg.
We hebben het hier geloof ik wel goed van eten en drinken, maar de kamer is wat klein. Ik heb op de voorkant van de kaart een pijl gezet bij ons slaapkamerraam.
Er zit hier ook een echtpaar uit Rotterdam met een zoontje van goed anderhalf jaar, maar het lijkt me een beetje lastig geval, maar ja overdag hopen we toch steeds weg te zijn, als het weer maar goed blijft.
Het gaat verder wel goed met me.
Is het in Sassenheim ook lekker met het weer ?
Vanmiddag zijn we een eindje om geweest, een stukje het bos in en naar het hunebed.Daarna hebben we een poosje op een terrasje gezeten. Geen beter leven dan een goed leven. Ze hebben hier ook T.V.
Veel liefs, Pam

Posted in Ansichtkaarten, Brinkstraat, Diever, Kerk op de brink, Molen 'de Vlijt', Toeristenindustrie | Leave a comment

Café Trompetter belemmert het zicht op de Kerk

In de Friese Koerier van 30 januari 1964 verscheen het navolgende artikel over het mogelijk plaatsen van het café Trompetter op de lijst van beschermde monumenten.

Monument-woning te Diever van lijst ?
Diever – Het ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen heeft het gemeentebestuur een aanvulling toegezonden van de lijst van beschermde monumenten. Het betreft het pand Hoofdstraat 25 te Diever, waarvan eigenaar bewoner is de heer A. Trompetter. De motivering is aldus:
‘Boerderij bestaande uit woonhuis met aangebouwde schuur. De voorgevel aan de Hoofdstraat bestaat uit een eenvoudige topgevel met vlechtingen. Het pand is vroeger in gebruik geweest als dorpsherberg. Het bevat inwendig, zowel begane gronds als op de verdieping betimmering met bedsteden, tegelwanden en een oude tapkast. Het pand is historisch merkwaardig, omdat het eertijds dienst deed als betaalplaats voor de belasting, hetgeen uit enkele elementen van het interieur nog blijkt plusminus 1720.
Ingevolge de Monumentenwet heeft de raad de bevoegdheid de minister in overweging te geven monumenten van de lijst af te voeren. Burgemeester en wethouders komt het gewenst voor in dit geval de minister te adviseren het pand Hoofdstraat 25 van de ontwerplijst af te voeren, omdat het is gelegen binnen het ‘komplan voor de gemeente Diever’. In dit plan is het terrein waarop genoemd plan is gebouwd bestemd voor aanleg van plantsoenen. Het is dus de bedoeling dat deze woning te zijner tijd zal verdwijnen als de sanering van de zogenaamde groene Brink enig effect zal sorteren.
Daar het zonder meer duidelijk zal zijn dat de sanering van de dorpskern, indien de plaatsing van het pand Hoofdstraat 25 definitief is geworden, in ernstige mate wordt belemmerd, omdat de groene Brink zijn aansluiting aan de Kruisstraat mist en het gezicht op de gerestaureerde Nederlands Hervormde kerk zal worden gestoord, stellen Burgemeester en wethouders van Diever de raad voor genoemde bezwaren aan de minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen kenbaar te maken en hem te verzoeken het bedoelde pand van de ontwerplijsrt af te voeren.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De sloopzucht, in dit artikel eufemistisch aangeduid met sanering van de dorpskern, van het toenmalige bestuur van de gemeente Diever, aangevoerd door burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees genoemd), was in de naoorlogse jaren groot, zonder daarbij oog te hebben voor behoud en restauratie van cultuurhistorische waardevolle panden en fraaie dorpsgezichten.
Denk aan de sloop van het boerderijtje van de familie Hunneman aan de Achterstraat, heel wat panden aan de Peperstraat, een pand aan het straatje dat nu de niet erg originele naam Kerkstraat heeft, het authentieke boerderijtje van orgelpomper Geert Dekker, de oude pastorie op de Brink (een pastorie hoort op de Brink te staan) en het oude gemeentehuis (daarvoor school en boerderij).
Blijkbaar was het de bedoeling van burgemeester Jan Cornelis Meiboom cum suis alle panden die ingesloten werden door Hoofdstraat, Kruisstraat, Peperstraat en Kerkstraat met de grond gelijk te maken om daar een megalomaan plantsoen met de naam ‘groene Brink’ van te maken, en dat in een dorp, waar zeker niet hoeft te worden geklaagd over gebrek aan groen..
De schrijver van het artikeltje moet het aardig eens zijn geweest met burgemeester Jan Cornelis Meiboom cum suis, want wat te denken van het vermelden van goedkope drogredenen, zoals ‘sanering van de dorpskern’ en ‘het gezicht op de gerestaureerde Nederlands Hervormde kerk zal worden gestoord’ ?
Gelukkig is het snorkerige plan voor de ‘groene Brink’ niet doorgegaan en is de boerderij waarin het boerencafé Trompetter was gevestigd behouden gebleven. Bijgaande foto is gemaakt op 15 november 2013.

Posted in Achterstraat, Brink, Café Trompetter, Diever, Gemeentehuis, Hoofdstraat, Kerk op de brink, Kruisstraat | Leave a comment

Vervanging wijzerplaten van de gemeentelijke toren

In de Meppeler Courant van 10 februari 2010 verscheen het volgende korte bericht over het renoveren van de wijzerplaten van de klok in de toren op de brink van Deever.

Renovatie cijfers en wijzers Pancratiuskerk in Diever
Diever, De wijzers en de cijferplaten van de vier uurwerken op de Pancratiuskerk aan de Brink in Diever worden gerenoveerd. Eén cijferbord wordt zelfs volledig vervangen. De andere drie borden krijgen een opknapbeurt. Ook de mechanische werken achter de wijzers worden vervangen en de bestaande verlichting gecontroleerd.
De renovatie van de uurwerken op de Pancratiuskerk start komende donderdag. Wanneer de weersomstandigheden meewerken moeten de werkzaamheden eind maart afgerond zijn. Vanaf die tijd kan een ieder weer vertrouwen op de aangegeven tijd op de toren van Diever.
De renovatiewerkzaamheden worden uitgevoerd door Koninklijke Eijsbouts uit Asten, Klokkengieterij en fabriek van torenuurwerken.
Het slaan van de klok op de hele en halve uren staat los van de uurwerken en gaat tijdens de werkzaamheden gewoon door. Ook het klok luiden voor de kerkdienst en begrafenissen ondervindt geen hinder van de werkzaamheden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-12-13
Voor alle duidelijkheid moet wel onderscheid blijven worden gemaakt tussen de toren en het kerkgebouw op de brink van Deever. De toren was eigendom van de gemiente Deever en is nu eigendom van de gemeente Westenveld. Het kerkgebouw is eigendom van de hervormde gelooofsgemeente van Deever.
De hervormde geloofsgemeente heeft de gemeentelijke toren weliswaar in erfpacht van de gemeente Westenveld, maar de flinke kosten voor het vernieuwen van de vier wijzerplaten zullen ongetwijfeld voor rekening van de gemeente Westenveld zijn gekomen. Dit moet zijn terug te vinden in de financiële verantwoording van de gemeente Westenveld over het boekjaar 2010.

Bij het artikeltje in de Olde Möppeler was helaas geen foto van de gemeentelijke toren zonder wijzerplaten geplaatst. De redactie van het Deevers Archief kon toevallig op 26 maart 2010 in het voorbijgaan bijgaande foto van de gemeentelijke toren zonder wijzerplaten maken en toont deze graag aan zijn trouwe bezoekers. Voor wat deze waard is.

abracadabra-532

abracadabra-533

Posted in Gemeente Westenveld, Kerk op de brink, Toevallige waarnemingen, Toren op de brink | Leave a comment

De Oele in de Singelier

Als je aan een groot aantal mensen, die vandaag de dag in Deever woont, de vraag zou stellen waar de Oele is gebleven en wat singelier betekent, dan zal zeker bijna honderd procent van de ondervraagden deze vragen negatief beantwoorden, laat staan dat ze op de hoogte zijn van het bestaan van de Oele.

De Oele
De Oele is een zandstenen beeldhouwwerkje dat hoog in de voorgevel van de openbare lagere school aan de Tusschendarp in Deever was ingemetseld. Dit is te zien op de navolgende op 23 oktober 2012 gemaakte foto van de gekleurde pentekening van deze school, deze pentekening hangt in de openbare basisschool met de naam ‘de Singelier’ in Deever.
De Oele is bij de afbraak van de openbare lagere school gelukkig niet gestolen, ook niet met het bouw- en sloopafval afgevoerd naar een puinbrekerij, ook niet voor veel geld aan een liefhebber verpatst, maar dankzij de inspanning van de lokale heemkundige vereniging behouden gebleven. Het in een periode van meer dan een halve eeuw door weer en wind en zure regen en fijnstof aangetaste zandstenen beeldhouwwerkje is na een grondige schoonmaakbeurt in de herfstvakantie van het jaar 2000 door wijlen Bram Moesker binnen in de Singelier ingemetseld. Dit is te zien op de navolgende op 23 oktober 2012 door de redactie van het Deevers Archief gemaakte foto van de Oele. Hij hangt bij de hoofdingang boven een grote groene met strooizout gevulde groenafvalcontainer.
De Oele wordt in veel culturen beschouwd als teken van wijsheid. Waar een mens in de duisternis rondtast, neemt de Oele met zijn scherpe gezichtsvermogen alles waar. Gelukkig zag de maker van dit beeldhouwwerkje daar de betrekkelijkheid wel van in, want al houwend beeldde hij de Oele met zijn tenen met grote scherpe grijpklauwen op de rand van een opengeslagen boek, want ook een opengeslagen boek is als een teken van wijsheid te beschouwen.
Als je aan Deeversen, die jarenlang dagelijks langs de Oele aan de voorgevel van de school aan de Tusschendarp lipen of fietsten en soms of vaak naar de Oele hebben gekeken, zou vragen of ze weten dat de Oele op het opengeslagen boek van de wijsheid zit, dan zullen de meesten die vraag met nee beantwoorden. Kijken, maar niet zien.

De Singelier
De Oele hangt in de openbare basisschool met de naam ‘de Singelier’ in Deever. Singelier is een woord in het Deeverse dialect, dat een verbastering, zeg maar verdeeverdisering, is van het Nederlandse woord singulier, wat afwijkend, bijzonder of apart betekent. Het Deeverse dialect behoort tot de verzameling van Stellingswerfse dialecten. Het woord singelier is ook bij olde Deeversen in onbruik geraakt.
Het openbare lagere onderwijs in Deever werd eerst gegeven op een plaats in de hervormde kerk, daarna op een andere plaats in de hervormde kerk, daarna in een tot school verbouwde oude boerderij aan de brink, daarna in een nieuw gebouwde school aan de Hoofdstraat, daarna in een nieuw gebouwde school aan de Tusschendarp en nu in de nieuw gebouwde school op de Westeres.


Posted in Beelden, Brink, Diever, Kerk op de brink, Openbare Lagere School Diever, Scholen, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Eervol ontslag lantaarnopsteker per 1-11-1924

In het Nieuwsblad van het Noorden van 30 oktober 1924 verscheen een verslag van de vergadering van de gemeenteraad van Deever. In dit verslag staat weliswaar veel belangwekkend nieuws, maar in dit bericht gaat het met name om de passage over het ontslag van de gemeentelijke lantaarnopsteker.

Diever, 30 oktober – ….. Besloten werd met het oog op de onlangs tot stand gekomen electrificatie van de straatverlichting, de betrekking van lantaarnopsteker op te heffen en aan J. Monsieur eervol ontslag als zoodanig te verleenen met ingang van 1 november aanstaande. …….

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

De gemeentelijke lantaarnopsteker moest elke winteravond tegen het donker de petroleumlampen in de bebouwde kom van Diever bijvullen en aansteken. Deze lampen moesten één voor één worden aangestoken.

Een citaat uit het fotoboekje Diever in oude ansichtkaarten van Albertus Andreae (Andree ?, Andrea ?): …… de oude petroleum straatlantaarns, die elke winteravond ontstoken werden door Jan Monsieur van de Achterstraat. Hij ging rond met een speciaal daarvoor geschikt laddertje op zijn schouder, vaak vergezeld door kinderen, die dan dat laddertje ook wel eens mochten dragen. …..

Het zou best wel eens zo kunnen zijn geweest dat de in Diever aan het Moleneinde (naast het skoelpattie hen ’t Kastiel) gevestigde petroleumboer (pietereulieboer) Cornelis Andreae (Andree ?, Andrea ?) (geboren op 8 oktober 1863, overleden op 6 februari 1942 te Diever) – de vader van Albertus Andreae (Andree ?, Andrea ?) – petroleum voor de straatlantaarns aan de gemeente Diever leverde.

Niet bekend is hoe dit in de buitendorpen van de gemeente Diever was geregeld, was daar wel straatverlichting ?
De laatste gemeentelijke lantaarnopsteker was Jan Monsieur, die in de Achterstraat woonde. Hij werd op 20 april 1876 geboren in Deever als zoon van Albert Monsieur en Aaltien Benthem. Hij trouwde op 25 april 1908 met Rika Wanningen uit Dwingelo. Jan Monsieur overleed op 15 februari 1960 in Deever. Hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Diever.

Op de navolgende afbeelding van een ansichtkaart is aan de linkerkant de straatlantaarn bij de pastorie op de Brink te zien. De foto voor deze ansichtkaart is omstreeks 1920 gemaakt, een paar jaar voor de electrificatie van de straatverlichting.
Op een ansichtkaart van de Kleine Brink uit omstreeks 1905 is ook een petroleum straatlantaarn te zien. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in Achterstraat, Ansichtkaarten, Brink, Kerk op de brink | Leave a comment

Het reglement van de Lijkwagendienst uit 1912

In het Deevers Archief bevindt zich een exemplaar van het reglement van de Vereniging “Lijkwagendienst” voor de gemiente Deever. Het reglement is vastgesteld op 23 december 1912. Het exemplaar is afkomstig uit het papieren archief van de erven Hendrik Donker uut Woater’n (de aandere kaante van de bos).
De lijkwagendienst was de voorloper van de begrafenisvereniging en was mede het gevolg van het opheffen van de boermarken, de verminderende sociale binding binnen boerengemeenschappen, de groei van de dorpen en de verwatering van het noaberschop. Door de noabers hen de kaarkhof gebracht worden op een boerenkar is op een gegeven moment uit de tijd geraakt.   

Reglement van de Vereniging “Lijkwagendienst” voor de gemeente Diever
Artikel 1
De vereeniging “Lijkwagendienst” voor de gemeente Diever stelt voor begrafenissen beschikbaar een lijkwagen met toebehoren.
Artikel 2
Het verenigingsjaar loopt van 1 januari tot 1 januari.
Artikel 3
Leden zijn zij, die vóór 1 februari 1913 hunne contributie betaald hebben.1
Artikel 4
Na 1 februari 1913 worden nieuwe leden slechts toegelaten met den aanvang van een nieuw vereenigingsjaar.
Personen die in den loop van een vereenigingsjaar zich metterwoon in de gemeente vestigen, of een zelfstandig gezin vormen, kunnen onmiddelijk lid worden, mits binnen een maand na de vestiging of na de gezinsvorming zich daarvoor aangevende tegen betaling der volle contributie. Laten zij dezen termijn voorbijgaan, dan is de eerste zinsnede van dit artikel van toepassing.
Artikel 5
De contributie wordt jaarlijks vastgesteld en geïnd in januari. Wie niet betaalt wordt geacht niet meer lid te zijn.
Een eventueel tekort wordt gedekt door een hoofdelijke omslag over de leden.
Artikel 6
Het lidmaatschap eindigt ook door bedanken of vertrek uit de gemeente Diever. Als een lid sterft, gaat zijn lidmaatschap over op wie dan als ’t hoofd van ’t gezin wordt beschouwd.
Artikel 7
Het bestuur bestaat uit 7 leden, waarvan 3 in Diever, 1 in Wapse, 1 in Wittelte, 1 in Wateren en 1 te Dieverbrug en omstreken.
Op den in artikel 8 bedoelde algemeene vergadering treden ieder jaar 3 of 4 bestuursleden af volgens rooster. Ze zijn herkiesbaar.
Het bestuur verdeelt de functies onderling.
Artikel 8
Elk jaar wordt in Januari een algemeene ledenvergadering gehouden. De agenda bevat onder andere rekening over het afgeloopen, en behandeling der begrooting voor het komende dienstjaar.
Artikel 9
Indien 40 leden het verlangen, is het Bestuur verplicht binnen 14 dagen een buitengewone vergadering te beleggen.
Artikel 10
Het rijden van den wagen en ’t schoonhouden van dezelve en ’t schuurtje enzovoort, wordt door het Bestuur geregeld.
Artikel 11
Het gebruik van den wagen is voor leden kosteloos. Indien hij buiten de gemeente Diever gebruikt wordt door een lid, is deze verplicht, de meerdere onkosten te betalen tegen een door het Bestuur vast te stellen tarief.
Armlastigen hebben kosteloos ’t gebruik van den wagen.
Artikel 12
Aanvraag van den wagen geschiedt bij den Secretaris, minstens 2 x 24 uur voor de begrafenis (buitengewone gevallen uitgezonderd).
Artikel 13
Bij meerdere aanvragen op één dag, gaat de eerste voor. De Secretaris kan door schikking in de uren der begrafenis, trachten aan meerdere aanvragen te voldoen.
Artikel 14
Stemming over personen geschiedt schriftelijk, over zaken mondeling; bij staking beslist het lot. Besluiten worden genomen bij volstrekte meerderheid der op de vergadering uitgebrachte stemmen.
Artikel 15
Geen voorstellen ter verandering van dit Reglement worden behandeld, tenzij minstens 1/4 der op de vergadering aanwezige leden of het Bestuur zulks verlangd.
Artikel 16
In onvoorziene gevallen beslist het Bestuur.

Alsdus vastgesteld in de vergadering van 23 december 1912.
Het Bestuur:
J.B.M. van Dalfsen, Voorzitter
A. Kloeze, Secretaris
J. Mulder Wzn., Penningmeester
R. Haveman
A. Kruit
S. Benthem

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-11-24
Het bestuur bestond bij vaststelling van het reglement niet uit 7 reglementaire leden, maar uit 6. Deever was vertegenwoordigd met 4 leden, Wapse met 1 en deDeeverbrogge met 1. Wittelte en Woater’n waren niet vertegenwoordigd. Opvallend is dat Zorgvlied in artikel 10 niet wordt genoemd.
J.B.M. van Dalfsen was de predikant Jochem Berend Martinus van Dalfsen. Hij is geboren op 11 juli 1978 in Aalsmeer en is overleden op 6 mei 1957 in Zutphen. Hij was van 1905 tot 1931 dominee in de hervormde kerk van Diever.
A. Kloeze was de dorpsmid Albert (Aubert) Kloeze uut de Heufdstroate in Deever. Hij is geboren op 18 maart 1873 in Veeningen (Zuidwolde) en is overleden op 15 mei 1944 in Deever. Nazaten van Albert Kloeze wonen nog in Deever.
J. Mulder Wzn, was boer Jan Mulder uut de Heufdstroate in Deever, zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht. Nazaten van hem wonen nog in de gemeente Deever.
R. Haveman was boer Roelof Haveman uit Wapse. Roelof Haveman is geboren op 17 februari 1858 en is overleden op 9 oktober 1941.
De gegevens van A. Kruit zijn nog niet gevonden.
S. Benthem was café-logementhouder Sjoert Benthem van de Deeverbrogge. Sjoert Benthem is geboren op 18 november 1864 an de Deeverbrogge, hij is overleden op 50-jarige leeftijd op 20 maart 1915 an de Deeverbrogge. Was hij toen nog bestuurslid van de Lijkwagendienst ? Zou hij na zijn dood ook met de lijkwagen van de Deeverbrogge hen de kaarkhof van Deever zijn vervoerd ? Of besloot zijn familie hem toch maar met de kiddewaegen naar zijn laatste rustplaats op de kaarkhof van Deever te brengen ?

In artikel 10 van het reglement is sprake van ’t schuurtje. Daarmee wordt het gebouwtje voor de lijkwagen van de Lijkwagendienst op het marktterrein aan de Bosweg in Deever bedoeld, zoals deze is te zien op een op 3 oktober 2012 gemaakte foto. De baander zit aan de andere kant van het schuurtje. Bij de bouw van het schuurtje moet een vergissing zijn gemaakt, want de achteringang van het schuurtje zit goed beschouwd aan de kant van de Bosweg.
Het schuurtje van de Lijkwagendienst is eigendom van de ondernemersvereniging in het dorp, maar die heeft het schuurtje al jaren lang niet meer onderhouden.
De plaatselijke heemkundige vereniging is van mening dat het honderd jaar oude schuurtje, waar de lijkwagen stond van grote waarde is voor het dorp. De vereniging hoopt dat de gemeente het gebouwtje van de ondernemersvereniging wil overnemen. De ;plaatselijke heemkundige vereniging staat te popelen om met behulp van dorpskrachten het schuurtje een grote opknapbeurt te geven. De gemeente wil het bouwvallige schuurtje niet overnemen, vanwege de bezuinigingen, zij wil juist zoveel mogelijk voorzieningen en panden en projecten privatiseren en wil daarom geen panden aankopen. Ook niet voor het symbolische bedrag van 1 euro ? De dorpskrachten doet de rest wel.

De Mepperler Courant van 9 april 2012 meldt het volgende:
Het lijkwagenhuisje aan de Bosweg in Diever heeft een schoonmaakbeurt gehad. Samen met drie vrijwilligers van de Historische Vereniging Gemeente Diever heeft Rian van de Berg donderdag het huisje van de buitenzijde schoongemaakt. Het honderd jaar oude lijkwagenhuisje is eigendom van de ondernemingsvereniging Diever. Die heeft het gebouwtje aangeboden aan de historische vereniging. Die wil het stukje erfgoed graag voor Diever behouden, maar het onroerend goed niet overnemen. In een schrijven aan de ondernemigsvereniging verzoekt het bestuur van de historische vereniging de handelsvereniging contact op te nemen met het gemeentebestuur van Westerveld om het lijkwagenhuisje over te nemen. De historische vereniging heeft wel toegezegd de onderhoudswerkzaamheden voor haar rekening te nemen. Een eerste bespreking over de toekomst van het gebouwtje heeft inmiddels plaatsgevonden, maar duidelijkheid is er nog niet.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Bosweg, Canon van de gemeente Diever, Diever, Dorpskrachten, Erfgoed, Kerk op de brink, Lijkwagendienst | Leave a comment

Tekening van kerk en brink in Deever

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-11-13

De redactie toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan de trouwe bezoekers van de webstee Deevers Archief. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen zijn opgenomen in het Deevers Archief, hoe liever het de redactie is.

De kunstenaar Willem van Spronsen gaf de redactie toestemming zijn bijgaande prachtige tekening van het kerkgebouw op de brink van Deever, parkeersplaats en café Brinkzicht te publiceren in het Deevers Archief. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor.

De tekening zou als titel kunnen hebben: Kerk en brink in Deever.

Aan het tonen van deze tekening in het Deevers Archief stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de website Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de website Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.

De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemiente Deever mag maken.

De kunstenaar Willem van Spronsen is graag bereid -als men het in Deever een leuk idee vindt- een kleine eenvoudige expositie met een aantal tekeningen en schilderijen met ook werken uut Deever en omgeving te geven, in bijvoorbeeld het gemeentehuis aan de Raadhuisstraat in Deever.

abracadabra-499

Posted in Brink, Café Brinkzicht, Kerk op de brink, Kunst | Leave a comment

Tekening Diever van Willem van Spronsen

De redactie van het Deevers Archief toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan de trouwe bezoekers van de webstee van het Deevers Archief. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen zijn opgenomen in het Deevers Archief, hoe liever het de redactie is.

De kunstenaar Willem van Spronsen gaf de redactie toestemming zijn bijgaande prachtige tekening van het kerkgebouw op de brink van Deever en een stukje bebouwing an de Peperstroate te publiceren in het Deevers Archief. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor.

Zo te zien heeft de tekening als titel: Diever.

Deze tekening heeft in mei 2016 gehangen in een internationale tentoonstelling in de Hermitage in Amsterdam.

Aan het tonen van deze tekening in het Deevers Archief stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de website Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de website Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.

De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemiente Deever mag maken.

De kunstenaar Willem van Spronsen is graag bereid -als men het in Deever een leuk idee vindt- een kleine eenvoudige expositie met een aantal tekeningen en schilderijen met ook werken uut Deever en omgeving te geven, in bijvoorbeeld het gemeentehuis aan de Raadhuisstraat in Deever.

abracadabra-492

Posted in Brink, Kerk op de brink, Kunst, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Tekening van de kerk op de brink op een tegel

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-10-28

De redactie toont graag getekende beelden van onderwerpen uut de gemiente Deever.
Onlangs tikte de redactie op een rommelmarkt een souvenir in de vorm van een tegel (van het fabrikaat Sphinx uit Maastricht) met daarop bijgaande tekening van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren op de brink van Deever op de kop.
Voor zover de redactie heeft kunnen nagaan, heeft de maker deze tekening niet van een ansichtkaart overgetekend. Wellicht wel van een foto, de redactie zou in dat geval graag in het bezit willen komen van deze foto.
De vraag aan de bezoekers van het Deevers Archief is: wie was de maker W.W. van deze tekening ?
De vraag aan de bezoekers van het Deevers Archief is ook: wanneer en waar was deze tegel in Deever te koop ? Bij de Wiba an de Heufdstroate misschien ? Of bij Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate ?

abracadabra-489

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Tekeningen | Leave a comment

Brand in het boerderijtje van Hendrik Gruppen

De redactie van het Deevers Archief publiceerde het bijgaande bericht in Oprakelen 07/02. Opraekelen is het blad van de lokale heemkundige vereniging uit Diever. Het bericht betreft de brand in het boederijtje van Hendrik Gruppen an de Heufdstroate in Deever. Dit boerderijtje is op 21 juni 1946 na een blikseminslag afgebrand en niet weer opgebouwd. De plek van het boerderijtje is nu een stuk grasveld aan de zo genoemde Kerkstraat bij de kerk op de Brink.

Bij de brand in het boerderijtje van Hendrik Gruppen kwamen een paard en drie varkens om het leven. Het brandweerrapport vermeldt: Het beschikbare aantal slangen was net voldoende. Aangezien de zuigslang te kort is voor de nortonput, kon slechts uit de open brandkuil (redactie: de braandkoele op de Brink) worden gepompt, zodat na beëindiging van de brand de watervoorraad ook geheel was uitgeput. Het dak van deze boerderij bestond uit riet en stroo, zoals zoveele daken in de kom. Indien de voorafgaande regen de omliggende daken niet voldoende nat had gemaakt, was een groote ramp niet te voorkomen geweest.

Tekst bij de eerste afbeelding:
Het huis naast het boerderijtje van Hendrik Gruppen an de Heufdstroate was eigendom van Jan Schoemaker. In het linker deel van het voorhuis was het postkantoor gevestigd. Het rechter deel was in gebruik als voorkamer. In het huis daarnaast woonde Jantje Kiers. Dit huis is later gekocht door Bart Schoemaker, die ook een beetje makelaar in grond en huizen was. Hij heeft het huis afgebroken om zo ruimte te krijgen voor een tuin.

Tekst bij de tweede afbeelding

De fraaie foto op deze ansichtkaart is gemaakt in de zomer van 1939. In de Tweede Wereldoorlog woonde de familie Jochem Kamp in het huis van Marinus Bakker aan de Hoofdstraat. Op het witte uithangbord aan de gevel van het pand aan de rechter kant staat vermeld: J. Kamp, Groente, Visch en Fruit.
Aan de linker kant zijn van links naar rechts te zien het boerderijtje van Hendrik Gruppen (op 21 juni 1945 door blikseminslag verbrand), het postkantoor van Lambertus Schoemaker, de smederij van Albert en Hendrik Kloeze, het huis waarin de gezusters Oostenbrink woonden en het woonhuis met winkel van Philip Zaligman (het pand brandde op 20 februari 1940 af).
Aan de rechter kant zijn van rechts naar links te zien het boerderijtje van Geert Dekker en zijn zuster Hilligje (let vooral op de bliende voor het bovenlicht boven de voordeur), het pand van Marinus Bakker, de manufacturenwinkel van Jacoba Vos-Hessels, het huis van Harm, Hendrik en Jaap Mulder (Garke Bakker’s jongen) en het pand van schilder Geert Koster.
Op de achtergrond is de boerderij van Jacob Hessels te zien.

Tekst bij de derde afbeelding (afbeelding van de kerk op de Brink):
In Deever an de Heufdstroate op de hoek van het straatje dat nu de naam Kerkstraat heeft, stond het boerderijtje van Hendrik Gruppen. Deze foto uit 1937 toont verloren gegaan bijzonder erfgoed, te weten de fraaie bestrating van veldkeitjes bij de boerderij en toont een kerk met omheining en pas geplante boompjes en een pas gebouwd hotel-café Brinkzicht.

Tekst bij de vierde afbeelding:
De fotograaf moet deze foto in het najaar van 1944 vanaf de gemeentelijke toren bij het kerkgebouw aan de Brink in Deever hebben gemaakt. Het is niet bekend wie de maker is van deze zeer waardevolle opname. Bijzonder fraai is het boerderijtje van Hendrik Gruppen en de ligging daarvan te zien. Hoe oud moet het boerderijtje wel niet zijn geweest …

Abracadabra-410

Abracadabra-412

Abracadabra-413Abracadabra-414

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Brandweer, Diever, Hoofdstraat, Kerk op de brink, Opraekelen, Postkantoren, Topstukken, Verdwenen bouwwerken, Vrijwillige brandweer | Leave a comment

Ansichtkaart van de Brink van Deever – 1959

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-10-19

In de zestiger jaren van de vorige eeuw verkochten neringdoenden in de gemiente Deever nog veel zwart-wit ansichtkaarten. De hier afgebeelde ansichtkaart van de bebouwing om en op de Brink van Deever moet wel erg gevraagd zijn geweest, want deze kaart werd na de eerste uitgave een aantal keren heruitgegeven.
De uitgever van deze ansichtkaart was JosPé uit Arnhem. Tussen 1925 en 1989 maakte JosPé duizenden fotokaarten van plaatsen uit heel Nederland.

In het Deevers Archief zijn de volgende vijf exemplaren van deze ansichtkaart aanwezig.
1.
Uitgave in juni 1959 (06-59):
Verkocht door L. Wanningen, Luxe en Huishoudelijke Artikelen en Souvenirs, Diever.
2.
Heruitgave in januari 1960 (01-60):
Verkocht door L. Wanningen, Luxe en Huishoudelijke Artikelen en Souvenirs, Diever.
3.
Heruitgave in april 1963 (04-63):
Verkocht door Hotel Brinkzicht. Diever, Telefoon 05219-1213.
4.
Heruitgave in december 1964 (12-64):
Verkocht door Pension, Lunchroom, Cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, Telefoon 05219-1335.
5.
Heruitgave van januari 1967 (01-67):
Verkocht door Levensmiddelenbedrijf A. Kuiper, Diever (Dr.), Telefoon 05219-1221.

De afgebeelde ansichtkaart is door verschillende aan de Brink gevestigde neringdoenden verkocht.
Zo blijkt Lubbert (Lub) Wanningen in 1960 in zijn pand aan de Brink een winkel in luxe en huishoudelijke artikelen en souvenirs te hebben, echter in 1964 is hij in hetzelfde pand uitbater van een pension, luchroom en cafetaria.

De vraag is natuurlijk of de kaart, die in juni 1959 is uitgegeven, de eerste uitgave van deze kaart is. Wellicht is de kaart al eerder uitgegeven. De vraag is natuurlijk ook of andere heruitgaven bekend zijn, bijvoorbeeld in 1961 of 1962 ? Wie van de verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever  kan de redactie aan aanvullende gegevens helpen ? Wie wil een exemplaar van in de lijst ontbrekende heruitgaven aan de redactie verkopen ?

Op de Brink is rechts van een boom en links van een lantaarpaal een zonnewijzertje op een zwerfkeitje (in de gemiente Deever is de zwerfkei de meest toegepaste sokkel) te zien. De vraag is of dit zonnewijzertje nog steeds op de Brink staat ? Zo nee, waar is dan dit object gebleven ? Wie kan de redactie hierover duidelijkheid verschaffen ?

abracadabra-485

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Brink, Café Brinkzicht, Gemeentehuis, Hotel Brinkzicht, Kerk op de brink, Neringdoenden | Leave a comment

Jaarlijks een hoen uit elk huis te Vledder

In 1855 schrijft Jaen Samuel Magnin, Provinciaal Archivaris van Drenthe, in zijn boek ‘Overzigt der kerkelijke geschiedenis van Drenthe’ op bladzijde 82 het volgende: ‘Thans zullen wij, in alphabetische orde naar de plaatsen in deze provincie, alwaar zij werden gevonden, laten volgen eene opgave van de geestelijke en kerkelijke stichtingen, welke in Drenthe hadden bestaan en nog bestonden, toen aldaar tot de kerkhervorming werd overgegaan.’ . Over Diever schrijft hij op de bladzijden 99, 100 en 101 het volgende.

Diever
De parochiale kerk te Diever, de hoofdplaats van het Dieverder-dingspil, was mede eene der zes oudste christenkerken van Drenthe. Zij wordt gehouden voor de moeder der kerspilkerken te Dwingelo, Vledder en Wapserveen, welker pastoors door den tijdelijken parochiepriester van Diever werden aangesteld, en was den Heiligen Pancras toegewijd.
In de kerk te Diever werden acht altaren gevonden, namelijk: het Sint Pancras-altaar, dat het voornaamste was; het Heilige Kruis-altaar; het Sint Stephanus-altaar; het Heilige Sacraments-altaar; het Onze Lieve Vrouwen-altaar en een altaar dat aan den Heiligen Maarten was opgedragen. Op elk van deze altaren was eene vicarie gesticht. Het achtste altaar was Sint Anna toegeheiligd.
Volgens opgaven, daarvan in Januarij 1598 gedaan, behoorden destijds:

a. tot de pastorie te Diever:
1° huis, hof en geregtigheid of aandeel in de ongescheidene marke;
2° twaalf stukken bouwlands, welke bij name zijn genoemd, doch waarvan de grootte niet is opgegeven;
3° ongeveer 15 dagmaat hooilands;
4° eenige roggepachten, gezamenlijk bedragende 8¾ mud ’s jaars;
5° onderscheidene geldpachten, jaarlijks beloopende f. 15,00.
Uit gemaakte aanteekeningen blijkt, dat eenige goederen en inkomsten waren vervreemd, andere verzwegen.

b. tot de Heilige Kruis-vicarie, welke, volgens eene acte van het jaar 1503, toen reeds zeer lang had bestaan:
1° huis en tuin;
2° een halve kooltuin;
3° ongeveer 30 muds bouwlands en 14 dagmaat hooilands;
4° vier geldpachten, jaarlijks te zamen bedragende 5 goudgulden en ½ oud schild;
5° diverse roggepachten, ten bedrage van 15½ mud ’s jaars.

c. tot de Sint Antonie-vicarie:
1° huis, tuin en aandeel in de marke van Diever;
2° twee pachten, waarvan jaarlijks werd ontvangen 1 mud rogge;
3° eenige geldpachten, gezamenlijk ten bedrage van f. 6,00 ’s jaars;
4° drie stukken groenlands, groot vier roeden, en een stukje lands bij den molen te Diever gelegen.
De overige bezittingen en inkomsten dezer vicarie konden niet worden opgegeven, omdat de laatste Vicaris, Herman Alers, ‘hebbende gedaen een nederslagh’, was gevlugt, en alle boeken en papieren had meegenomen.

d. tot de Sint Steven-vicarie:
1° huis en tuin;
2° een hof, Sint Steffen’s-hof genaamd;
3° 27 stukken lands onder Diever en 13 stukken lands onder Wapse, waarvan de grootte niet is vermeld.
4° 5 mud bouwlands onder Leggelo;
5° 6½ mud dito, onder Eemster;
6° 1 dagmaat en 28 opgaande roeden hooilands, onder Eemster en Wapse;
7° eenige roggepachten, ten beloope van 8 mud en ½ schepel ’s jaars;
8° jaarlijks een hoen uit elk huis te Vledder.

Van de andere vicariën zijn de bezittingen en inkomsten niet opgegeven.

De vicariën gewijd aan het Heilige Kruis, aan Sint Antonius en aan Sint Stephanus werden bediend door Vicarissen, die tevens Kapellanen waren van den Pastoor. Uit hen werden de parochiepriesters van Dwingelo, Vledder en Wapserveen benoemd.
De laatste Pastoor, Andries Veenraet, vlugtte in het jaar 1594, en voegde zich bij de Spanjaarden en Spaanschgezinden, welke de bezetting van Lingen uitmaakten.
Jonkheer Evert van Ensse, van wege den Koning van Spanje steeds Drost van Drenthe en Hoofd-officier bij gemelde bezetting, die in het jaar 1606 eenen gewapenden inval en eenen strooptogt in dit Landschap deed, wendde bij die gelegenheid nog pogingen aan, om de ingezetenen van het kerspil Diever tot het doen van betalingen aan hunnen voormaligen Pastoor te dwingen, en schijnt daarin, immers ten dele, ook te zijn geslaagd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Een vicarie was vóór de kerkhervorming een afgezonderd vermogen, waarvan de opbrengst bestemd was voor het levensonderhoud van een priester. De vicaris – de beheerder van het vermogen van een vicarie – moest daarvoor aan het altaar van zijn vicarie per jaar één of meer heilige missen opdragen.
Dat zou kunnen hebben betekend dat aan het einde van de zestiende eeuw in het Deeverder-dingspil de rooms-katholieke kerk alleen al uit het rendement op eigen vermogen zo’n negen priesters had kunnen onderhouden. Dat zal niet het geval zijn geweest. Voorwaar een voor die tijd goed draaiende winstgevende en op groei gerichte kerkelijke onderneming.
De zwart-wit foto van de voormalige rooms-katholiek kerk op de Brink van Deever is in de dertiger jaren van de vorige eeuw gemaakt.

Abracadabra-397

Posted in Afbeeldingen, Brink, Kerk op de brink, Kerspel Diever, Rooms Katholieke Kerk | Leave a comment

Vacature Schoolonderwijzer, Koster en Voorzanger

Op bladzijde 120 van het Aanhangsel Schoolberigten behorende bij het tijdschrift ‘Bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in Holland’, uitgave Oogstmaand 1810 verscheen het navolgende bericht.

Diever. Door den vrijwilligen afstand van Jacob Hagedoorn, zijn de posten van Schoolonderwijzer, Koster en Voorzanger  bij de Hervormde Gemeente alhier, vacant geworden.
De Sollicitanten moeten voorzien zijn met eene Acte van Algemeene Toelating, ten minste van den derden Rang, en worden uitgenoodigd, om voor den 1. van Herfstmaand aanstaande, zich met hunne Getuigschriften bij Roelof R. Seinen, te Diever, aan te geven.
Het jaarlijks inkomen mag min of meer op f. 340 geschat worden.
Hoofd District, mr. J. Tonckens.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Denk niet dat het gaat om drie afzonderlijke posten waarin door drie personen moest worden voorzien, nee, één persoon moest de drie genoemde functies vervullen.
De lagere school was toen uiteraard nog gevestigd in de kerk op de brink van Deever.
In de boerderij annex café-logement van Roelof R. Seinen an de Heufdstroate in Deever was in één van de twee voorkamers de gemeentekamer gevestigd, hier hield de burgemeester kantoor, hier was ook het gemeente-archief ondergebracht.

Posted in Cafe-Logement Roelof Seien, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis, Kerk op de brink, Onderwijs | Leave a comment

Interview met burgemeester van Os – November 1932

In het Nieuwsblad van het Noorden van woensdag 2 november 1932 verscheen in de serie ‘Burgemeesters over hun gemeenten’ een lang interview met burgemeester H.G. van Os.

81. De gemeente Diever
Waar groote bosschen zich uitstrekken en nieuwe aanplantingen in voorbereiding zijn. 

Bij kampeerders en rondtrekkende touristen, die zich den tijd gunnen, is de gemeente Diever bekend om haar rijk en af- wisselend natuurschoon. Groote loof- en naaldbosschen strekken zich binnen haar uit en dagen, ja weken lang kan men er ronddwalen om telkens weer wat nieuws te zien en telkens weer getroffen te worden door verrassende vergezichten.
De gemeente Diever is 7409 H.A  groot en daarvan is 772 H.A. in cultuur als bouw- en 2011 als grasland. Niet minder dan 1231 bunder is bedekt door bosch en dan is er nog 3167 H.A. heide en zandverstuivingen. Die heide zal nu ook wel grootendeels in bosch veranderen, want 2 jaar geleden kocht de Staat een groot deel van het Dieverscheveld voor bebossching aan, nadat een jaar daarvoor dr. L. Janssen, de zoon van den bekenden philantroop aan den Staat het Waterscheveld ten geschenke aanbood met gelijk doel.
Dat beteekent, zei de heer H.G. van Os, de Burgemeester dezer schoone gemeente die ons met veel ingenomenheid van deze plannen vertelde, dat hier op den duur een reusachtig complex aaneengesloten bosch van 4500 H.A. groot zal komen, waarvan het landgoed Berkenheuvel van plm. 1300 H.A. de kern zal vormen. De bebosschingen in Smilde en Ooststellingwerf sluiten zich bij die in Diever aan.
Dat zal het vreemdelingenverkeer zeker sterk doen toenemen , veronderstellen wij.
Dat is al vrij groot, Berkenheuvel is door het geheele land bekend. De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond en de Groningse C.J.O. hebben er hun vaste kampen en verder komen er iederen zomer tal van groepen kampeeren. Een mooie wandelweg van den A.N.W.B., dit jaar door onze gemeente tot stand gekomen, bevordert dit touristenverkeer.
Het gemeentebestuur stelt het kampeertourisme ook vooral daarom zoo op prijs, omdat de omgeving er niet door verandert, wat zoo gemakkelijk gebeurt, wanneer er overal optrekjes verrijzen.

Historische notitie
Het bleek ons al spoedig, dat het Hoofd dezer gemeente niet alleen een minnaar is natuurschoon, maar zich ook sterk in- teresseert voor de geschiedenis van Diever waarvan helaas door het afbranden van het gemeente-archief voor plm. 70 jaar, niet zoo heel veel bewaard is gebleven.
De naam Diever komt, als Dever, het eerst voor in een oorkonde van 1181. Van Oldendiever lezen we voor ’t eerst in 1298, van Kalteren (Kalthorne) in 1269, van Wit telte in 1040 en van Wapse in 1384.
Diever is heel vroeger veel grooter geweest. In 1633 werd een gedeelte -Hoogersmilde- geformeerd tot een heerlijkheid door den bekenden Adr. Pouw van Wieldrecht (de kerkelijke afscheiding volgde in 1845) en in 1811 (kerkelijk in 1823) volgde de afscheiding van de welvarendste gedeelten, n.l. Leggelo en Eemster, die bij Dwingelo werden gevoegd.
We noemden hier boven enkele jaartallen, die spreken van een 1000 jaar geleden. Maar reeds veel en veel eerder, was de streek, die nu de gemeente Diever is, bewoond. Daarvan getuigen de tallooze vondsten van urnen, steenen werktuigen, pijlspitsen e.d.
Aan den ouden Groningerweg – zoo bracht de Burgemeester in herinnering – ligt een tamelijk vervallen hunebed. In de nabijheid daarvan heeft dr. Van Giffen een open steengraf blootgelegd en bovendien vond hij verleden jaar op het landgoed Berkenheuvel nog de standsporen van een hunebed, waarvan de steenen in 1735 met toestemming van de Staten van Drenthe door de Wapster boeren zijn weggevoerd. Ook heeft dr. Van Giffen het vorige jaar tusschen Diever en Wapse een kringgrepurnenveld ontdekt, waar zeer fraaie urnen zijn gevonden.
Uit jongeren tijd – maar toch van respectabelen ouderdom, n.l. ongeveer 10 eeuwen – is de gedeeltelijk afgegraven heuvel bij de school te Wittelte. Dit is een overblijfsel van een zoogenaamden Frankischen burcht, waarop vermoedelijk betrekking heeft de giftbrief van Keizer Hendrik 111 van 21 Mei 1040, waarbij hij de goederen van zekeren Ulffo en zijn broeders, gelegen te Uffelte, Wittelte en Peeio, verbeurd verklaarde en aan de kerk van Utrecht schonk als allodiale bezitting. De proostdij van St. Pieter te Utrecht trok nog vele eeuwen inkomsten uit deze omgeving; de z.g. St. Peters roggepachten. De burcht te Wittelte zou door een van de genoemde broeders zijn bewoond. Soortgelijke burchten zijn die te Leiden en de Klinkersberg bij Gees.
Tot voor eenige jaren trof men in het Wittelterveld nog een ouden schans aan, verbonden met een eigenaardig gevormden heuvel. Het middengedeelte van dezen heuvel was omringd door een droge sloot, deze weder door een ringwal, deze weder door een sloot, terwijl een laag walletje het geheel omgaf. De Schans heeft waarschijnlijk in 1591 gediend als legerplaats voor de verbonden legers van Prins Maurits en Willem Lodewijk, die, na de inneming van verschillende schansen en forten in de Ommelanden, door Drenthe trokken en zich „tot Dieveren” legerden. De ronde heuvel is blijkbaar een oude openlucht-vergaderplaats, waar de hagespraken in Dieverder-dingspil werden, gehouden. Immers, op de hagespraak van 5 December 1617 werd besloten, dat deze vergaderingen zouden worden uitgeschreven als volgt: bij wintertijd, n.l. van St. Maarten tot Paschen, te Uffelte.bij zomertijd te Wittelter Weere. Als gevolg-van de ontginning is dit monument der oudheid verdwenen.
De kerk te Diever behoort tot de oudste kerken van Drenthe, ze was een van de weinige kerken uit de omgeving, die niet schatplichtig was aan die te Steenwijk en dus vermoedelijk even oud. Het tegenwoordige gebouw is natuurlijk niet het oorspronkelijke; het is uit tufsteen, overigens uit baksteen en heeft een driebeukig schip. Het koor had oorspronkelijk een lager steenen gewelf dan de middenbeuk en is gesloten met drie zijden van een achthoek. De Noordelijke beuk, rechthoekig gesloten, had oorspronkelijk geen steenen gewelf, maar heeft thans een steenen kruisgewelf met ribben. de Zuidelijke beuk, gesloten met drie zijden van een achthoek, had oorspronkelijk een gewelf van dezelfde hoogte als dat van den middenbeuk en zal dus een afzonderlijk dak hebben gehad. De toren heeft een koepelgewelf in het onderste gedeelte en dateert uit de 12de eeuw; bij het bouwen van de tegenwoordige kerk werd de toren verhoogd. Op 27 Aug. 1759 werd de toren door den bliksem getroffen en brandden de spits en het dak van de kerk af.
Aan den Brink ziet men het typische oude Schultehuis, in 1604 gebouwd door den Schulte Berend Ketel, wiens wapen boven de deur in steen is gehouwen. Van deze familie, afkomstig uit Hackfort, hebben een zestal leden het Schuitambt van Diever bekleed.
De Burgemeester had ons reeds enkele malen in zijn historische uiteenzetting vertelt van branden, die Diever geteisterd hebben. Deze branden zijn waarschijnlijk ook de oorzaak, dat het dorp Diever een afwijkend, meer stedelijk, karakter heeft bij andere oude Drentsche dorpen. Bij het opbouwen kwam men tot een meer aaneengesloten bebouwing en zoo heeft Diever geen Brink.
Den 9 Februari 1581 is nagenoeg het heele dorp door krijgslieden plat gebrand. In den nacht van 10-11 Maart 1862 brak een brand uit, die 18 huizen in asch legde, en twee jaar later kraaide opnieuw de roode haan in het dorp, waarbij ook de gemeentekamer in het logement (en daarmee het reeds genoemde gemeentearchief) verloren gingen.

Het Diever van thans
Na deze uitvoerige uitweiding over het verleden kwam de heer Van Os op het heden. Wij vinden daaromtrent in onze notities de volgende, bijzonderheden.
De 2724 inwoners zijn over de voornaamste dorpen en hun directe omgeving als volgt verdeeld: Diever (met Kalteren, Oldendiever en Vaart) 1285, Wittelte 370, Wapse 655 en Zorgvlied-Wateren 414. Er zijn 1995 inwoners, dit tot de Hervormde kerk behooren, 536 Gereformeerden en 72 Roomsch-Kath.
Landbouw en veeteelt zijn de hoofdmiddelen van bestaan, veelal is het bedrijf gemengd. Boterfabrieken vindt men te Diever en Wapse en bovendien is de gemeente nog een cement-industrie en een kalkbranderij rijk.
Het onderwijs wordt verzorgd door 4 openbare en 1 bijzondere school, de laatste te Diever.
Terwijl er geen aanleiding was om woningen met overheidssteun te stichten, is er ook niet zoo heel veel gedaan aan de uitvoering der landarbeiderswet.
Slechts viermaal werd een aanvrage toegestaan. De oorzaak hiervan is, aldus de Burgemeester, gelegen in het feit van de afwezigheid van woningnood, die elders veelal tot de stichting van landarbeidersplaatsjes meewerkte, en door de gelegenheid, welke de Boerenleenbank vroeger op vrij gemakkelijke voorwaarden bood om geld op te nemen voor het stichten van woningen voor landarbeiders.

Moelijke oeconomische omstandigheden, maar waarschijnlijk nog geen saneering
En hoe staat uw gemeente er financieelvoor? vroegen wij.
Er heeft hier altijd een bescheiden welvaart geheerscht, leidde de Burgemeester zijn antwoord in. Diever heeft geen rijke ingezetenen, maar ook geen groote armoede. De gemeentelijke financiën zijn daarvan een getrouwe afspiegeling. De schulden beloopen rond f 125.000. Daarvan komt f 36.000 ten laste van de electrificatie, die waar mogelijk is doorgevoerd. Ons net sluit op Groningen aan behalve dat van Zorgvlied, dat op het Friesehe net is aangesloten. Wateren valt hier nog buiten.
De financiëele toestand was tot dusver vrij gunstig ,maar dit jaar ziet het er wel wat anders uit. Dat komt doordat de werkloosheid zich aanmerkelijk heeft uitgebreid. Onze zorgen ter bestrijding daarvan behoefden tot voor kort niet zoo groot te zijn. ’s Winters waren er een 15 à 20 menschen zonder werk, maar die konden we wel bij de wegen te werk stellen en zoo was er van eigenlijke werkverschaffing geen sprake.
Hierin is nu helaas verandering gekomen. We kunnen rekenen op een 50 à 60 werkloozen en zelfs den geheelen zomer zijn er nog een 30 naar de werkverschaffing gegaan. Bovendien is de opbrengst der gemeentefondsbelasting een klassificatieverschil (ruim f 6000) gedaald. We kunnen het vermoedelijk nog zonder saneering bolwerken dit jaar, maar daartoe moeten we overgaan tot 200 opcenten op de personeele en 80 op de fondsbelasting.
De wegen vragen uiteraard ook nog al wat aan onderhoud. Behalve 8.7 K.M. Rijksweg langs de Smildervaart liggen er in de gemeente 35.6 K.M. verharde wegen, waarvoor de gemeente heeft te zorgen. De laatste jaren zijn we in de gehuchten bezig met het verharden der modderwegen met paardenklinkers. In Wapse en Kalteren is dit al gebeurd en nu geschiedt het in Wittelte. Dit wordt uit de gewone middelen betaald.

Vereenigingsleven en watervoorziening
Deze beide onderwerpen zijn natuurlijk tijdens dit onderhoud ook besproken.
De Burgemeester gaf ons de volgende opsomming van instellingen en vereenigingen. In Diever is een bloeiende boerenleenbank. Landbouwcoöperaties zijn gevestigd te Diever en Wapse; landbouwvereenigingen te Diever, Wapse en Zorgvlied-Wateren. Het Groene Kruis strekt zich uit over de geheele gemeente, het heeft een eigen wijkverpleegster en een consultatiebureau voor gezonde zuigelingen. Naast een afdeeling der Vereniging tot het uitzenden van Kinderen naar Vacantiekolonies en een Vereniging van Ziekenhuisverpleging kunnen nog genoemd worden tal van andere meer plaatselijke vereenigingen als voet- en korfbalverenigingen, muziekkorpsen en tooneelvereenigingen.
Diever is geïnteresseerd bij het waterleidingplan voor West-Drenthe. Vermoedelijk zullen alleen Dieverbrug en Diever -althans voorloopig- kunnen worden aangesloten. Dieverbrug heeft slecht drinkwater en in Diever is dat zeer afwisselend door bodemvervuiling van stallen. Ter bestrijding van branden is waterleiding natuurlijk ook van groote beteekenis. De reeds tientallen jaren werkende verordening, waarbij nieuwbouw met rieten daken verboden werd heeft het brandgevaar aanzienlijk verminderd.

Posted in Albert Egges van Giffen, An de Deeverbrogge, Diever, Gemeente Diever, Gemeentebestuur, Gemeentehuis, Hunebed, Kasteel, Kerk op de brink, Schultehuis | Leave a comment

Ansichtkaarten – Kerk op de brink van Deever

De foto voor deze ansichtkaart werd omstreeks 1925 gemaakt.
De redactie van het Deevers Archief heeft het vermoeden dat Willem Mulder de maker is van deze foto.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Kerk op de brink | Leave a comment

Met de nachtboot van de Lemmer naar Amsterdam

Bij het verzamelen van ansichtkaarten uut de gemiente Deever gaat het de redactie van het Deevers Archief in de eerste plaats om de afbeelding, maar vaak is het aanschaffen van een kaart pas echt de moeite waard als op de achterkant iets staat dat verband houdt met het verleden van de gemiente Deever, bijvoorbeeld bekende namen (elke Deeverse maakt deel uit van het verleden van de gemeente Deever) of een mooie tekst.
De afgebeelde ansichtkaart met op de achterkant de hierna weergegeven tekst bevindt zich in de verzameling van het Deevers Archief. De ansichtkaart van de gemeentelijk toren met het kerkgebouw op de Brink van Deever is op 2 augustus 1931 verstuurd. Deze ansichtkaart is uitgegeven door de weduwe van Johannes Vos an de Heufdstroate in Deever.

De tekst op de achterkant van de ansichtkaart luidt als volgt.
Lieve Zus,
’t Is nu Dinsdagmorgen drie uur en kom ik je even bedanken voor je brief.
Je hoeft niet meer zo lang te wachten voor ik er weer ben. Ik ga vanavond met de vrachtboot uit Lemmer naar Amsterdam en ben dan morgen 3 Augustus weer thuis.
Vanavond was er kampvuur, een fijn vuur.
Van Zondag op Maandag ben ik in bed gebleven, ik was toen verkouden en juist toen onweerde en regende het verschrikkelijk, ’t kampterrein stond blank, maar alles is goed afgelopen.
Nu tot morgen dus. Groeten aan Vader, Moeder en Tante Marie.
Gerrit

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant van 31 juli 1931 stond het volgende korte krantenvulbericht.

Kampeeren.
Diever, 29 juli.
De vele kampeerders in onze bosschen treffen het niet bijster goed. Ongunstig weer werkt voor kampeeren al heel slecht mee. En er zijn momenteel talrijke kampementen in de bosschen.
In het kamp van den V.C.S.B. zijn reeds een tweetal jongens door de kou ziek geworden, van wie een naar de ouderlijke woning is teruggebracht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Er is wel iets merkwaardigs aan de hand met deze ansichtkaart.
Gerrit heeft de kaart op 2 augustus 1931 ’s morgens om 3.00 uur (na een stevige borrel aan het fijne kampvuur ?) met een gewoon potlood volgeschreven. Hij moet de kaart vervolgens in de loop van de ochtend bij een postkantoor (in Deever of op Zorgvlied ?) hebben afgeleverd, teneinde de volgende dag (dat is wel snel) in Amsterdam te kunnen worden besteld. Gerrit zal de kaart in een enveloppe hebben verstuurd, want het adresgedeelte van de kaart is ook beschreven. Maar waarom verstuurde Gerrit op 2 augustus 1931 een kaart, waarin hij aangeeft dat hij op 3 augustus 1931 in Amsterdam zal zijn. Wellicht arriveerde hij zelf eerder in Amsterdam dan de kaart.
De redactie heeft het donkerbruine vermoeden dat Gerrit de kaart nooit heeft verstuurd, maar dat hij deze gewoon in zijn valiesje of karbiesje mee naar Amsterdam heeft genomen en deze persoonlijk bij lieve zus heeft besteld.
Gerrit zal van het kampeerterrein van de Vrijzinnig Christelijke Studentenbond (V.C.S.B.) bij het Mastenveldje aan de Bosweg naar Diever of Zorgvlied zijn gegaan (lopend of op de fiets ?) en vandaar verder zijn gereisd. Maar waarom reisde Gerrit zo ingewikkeld ? Hoe kwam hij vanuit Diever of Zorgvlied in de Lemmer ? Reisde hij met het sukkeltrammetje van Elsloo naar Steenwijk ? En hoe reisde hij dan van Steenwijk naar de Lemmer ? En dan die nachtelijke boottocht van de Lemmer naar Amsterdam.over de Zuiderzee (de Afsluitdijk was nog niet dicht).
Waarom reisde Gerrit niet gewoon via Dieverbrug met het boemeltrammetje langs de Drentsche Hoofdvaart naar Meppel ? Het eindpunt van het trammetje was bij het treinstation in Meppel. Vandaar kon Gerrit met de trein naar Amsterdam reizen. Wie het weet mag het vertellen.

Abracadabra-1242Abracadabra-1241Abracadabra-1243

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Brink, Diever, Kerk op de brink, Mastenveldje, V.C.S.B.-kamp | Leave a comment

Plaatje 88 uit Bussink’s album Mijn land – Drenthe

Het boekwerk ‘Bussink’s Album – Mijn land – deel VIII – Drenthe’ is geschreven door G.J. Nijland. Het album is in 1934 uitgegeven door Bussink’s Koekfabriek uit Deventer. Het album was verluchtigd met 100 plaatjes en 2 platen. Bijgaande kleine afbeeldingen tonen de voorkant en de achterkant van plaatje nummer 88. De redactie van het Deevers Archief toont dit onlangs verworven plaatje graag aan zijn trouwe bezoekers van de webstee,
Op de voorkant van het plaatje is de Kleine Peperstraat en de Kerk op de Brink van Deever te zien. En zoals het meestal met getekende onderwerpen uit de gemeente Deever ging, is voor dit plaatje ook een ansichtkaart als voorbeeld gebruikt. Deze ansichtkaart uit 1933 is hier ook afgebeeld. De overtekenaar van de ansichtkaart heeft op zijn tekening de op de ansichtkaart zichtbare mensen en de twee zichtbare houten palen van de electriciteitsvoorziening niet overgetekend. Wel heeft de overtekenaar zijn tekening ingekleurd, bepaald niet slecht gedaan. Of de aan de rechterkant zichtbare schuur van de N.S.B,’er Klaas Marcus Balsma inderdaad met rode pannen was gedekt, dat is bij de redactie niet bekend, maar valt wel te betwijfelen, want de overtekenaar van de ansichtkaart is waarschijnlijk niet in Deever geweest

Abracadabra-1271Abracadabra-1272
Abracadabra-1273

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Kerk op de brink, Klaas Marcus Balsma, N.S.B.'ers, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Excelsior in de consistoriekamer op 22 mei 1954

De redactie van het Dievers Archief publiceerde in nummer 07/1 van Opraekelen, het blad van de in Diever gevestigde heemkundige vereniging, het volgende bijschrift bij een foto van muziekvereniging Excelsior. De foto is bij deze tekst opgenomen.  Deze foto komt uit de verzameling van Arent Ekkelboom, die ook op de foto staat.

Oude in binnenruimten in de gemeente Diever gemaakte groepsfoto’s zijn zeldzaam. Deze foto van muziekvereniging Excelsior, opgericht op 22 mei 1924, is vermoedelijk op 22 mei 1954 ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de vereniging gemaakt in de oude consistoriekamer van de Nederlands Hervormde Kerk in Diever.
Arent Ekkelboom heeft het vermoeden dat niet alle leden van de vereniging op deze foto staan, want in zijn tijd waren en man of twintig lid. Zo ontbreken op deze foto onder meer smid Frederik (Freerk) Offerein en schoenmaker Jan Mulder (Jan Pikkie).
Achteraan zijn van links naar recht te zien:
Anne Vierhoven (met tuba, geboren op 22-10-1918, overleden op 10-11-1963);
Ido Hunze (gegevens niet bekend),
Reinder van Leeuwen (gegevens niet bekend, wonende te Vledder, hij wordt verzocht te reageren op deze foto);
Hendrik Broekman (met trompet, geboren op 26-7-1930, wonende te Steenwijk);
Arent Ekkelboom (met piston, geboren op 27-10-1938, wonende te Joure);
Frederik (Freek) Bremer (met trompet, geboren op 18-11-1922, overleden op 28-12-1992)
Frederik (Freek) Klok (met bugel, geboren op 8-7-1937, overleden op 20-5-1987)
Hendrik Jan Rolden (met klarinet, geboren op 10-3-1921, overleden op ….);
Hilbert Bijker (met tuba, geboren op 16-9-1900, overleden op 20-1-1983).
De rij zittende muzikanten bestaat van links naar rechts uit:
Hendrik Oost (met klarinet, geboren op 21-3-1915, overleden op 12-2-2000);
Dirk van Leeuwen (met tuba of bariton in handen, maar blies eerst cornet, geboren op 4-1-1896, overleden op 17-9-1985);
Hendrik Nijzingh (met de ringbas, geboren op 18-7-1901, overleden op 12-5-1969);
Menno (Minne Pieter) de Raaf (met trombone, geboren op 19-3-1923, overleden op 18-4-1992);
Willem Krol (met piston, geboren op 20-10-1920).
Zittend voorzaan zijn van links naar rechts te zien:
Mans Nijzingh (met klarinet, geboren op 17-2-1940, wonende te Dwingelo);
Anne Nijzingh (met kleine trommel, geboren op 16-8-1932, wonende te Diever);
Jan Thalen (gegevens niet bekend, wonende te Assen, hij wordt verzocht te reageren op deze foto).

Posted in Cultuur, Diever, Kerk op de brink, Opraekelen, Verenigingen | Leave a comment

Ansichtkaart van de Nederlands Hervormde Kapel

De redactie van het Deevers Archief is nog niet in de gelegenheid geweest bij deze ansichtkaart van de Nederlandse Hervormde Kapel op Zorgvliet een passende tekst te bedenken. Gelukkig is op deze foto wel de kaarkhof direct achter de kapel te zien.

Posted in Ansichtkaarten, Kerk op de brink, Nederlands Hervormde Kapel, Zorgvlied | Leave a comment

Arbeider vindt volkomen ongeschonden urn

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 7 april 1905 het volgende bericht over de vondst van een volkomen ongeschonden urn in de buurt van het hunebed.

Diever, 6 april. In de nabijheid van het hunnebed bij ons dorp vond een arbeider op ongeveer 1 meter diepte een urn, die volkomen ongeschonden is gebleven.
De hoogte is 18 cm, de halswijdte bedraagt 49 cm, de buikwijdte 66 cm. De inhoud bestaat uit asch en gedeeltelijk verbrande beenderen. Op ongeveer anderhalven meter afstand vond men op dezelfde diepte overblijfsels van een vuur. Het is te hopen, dat de urn voor het Drentsch museum worde aangekocht.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De vraag is wat die arbeider bewoog om in de Stienakkers een gat met een oppervlakte van een paar vierkante meters en zeker 1 meter diepte te graven. Was hij een amateur-archeoloog of deed hij werkzaamheden in opdracht van een archeoloog ? Zeker is wel dat de kleine Albert Egges van Giffen in die tijd in Diever woonde, zijn vader was dominee van de hervormde kerkgemeente van Diever en woonde in de pastorie aan de Brink. Stond hij bij het gat naar de opgraving te kijken ? Is de urn inderdaad in het Drentsch museum in Assen terecht gekomen ?
Op de ansichtkaart is het hunebed te zien, dat door professor doctor Albert Egges van Giffen in de vijftiger jaren van de vorige eeuw met veel ‘deskundige fantasie’ is ‘gerestaureerd’.

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Brink, Hunebed, Kerk op de brink | Leave a comment

Slijtpaden over de kaarkhof op de Brink van Deever

Op de hier afgebeelde foto uit 1916 is fraai te zien hoe over de kaarhof op de Brink van Deever drie slijtpaden lopen. In die tijd lagen op de kaarkhof op de Brink nog stoffelijke resten van begraven mensen. Pas bij de grote restauratie van het kerkgebouw op de Brink in 1956-1957 zijn deze stoffelijke resten geruimd. Onder de slijtpaden lagen dus in 1916 nog mensen begraven.
Op foto’s uit latere jaren is te zien dat om de kaarhof op de Brink een hek staat en dat over de kaarkhof geen slijtpaden meer lopen. Blijkbaar was dat hek in 1916 nog niet geplaatst.
Vanaf de Brink loopt een slijtpad naar de hoofdingang van het kerkgebouw. Het brede slijtpad loopt van de Hoofdstraat over de kaarhof naar het boerencafé aan de Brink. De mensen sneden zo een aardig stukje af. Het smallere slijtpad loopt vanaf de huizen bij het Schultehuis aan de Brink over de kaarkhof naar de Peperstroate.
De hier afgebeelde foto van het kerkgebouw op de Brink van Deever is in 1916 gemaakt door de fotograaf Cornelis Johannes Steenbergh voor het weekblad ‘Buiten’. Het originele glasplaatnegatief is aanwezig in de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, In de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft de foto objectnummer ST 1067.

Abracadabra-1252

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Reactie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van 2016-05-10:
Bijna alle foto’s en een groot deel van de tekeningen in de beeldbank zijn in de loop van de tijd gemaakt door medewerkers van de Rijksdienst en zijn diverse voorgangers. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is daarom de rechthebbende van deze afbeeldingen.
Er is ook ander materiaal in de beeldcollectie opgenomen. De Rijksdienst heeft zijn best gedaan de eventuele rechthebbenden van dit materiaal op te sporen en toestemming te vragen voor de openbaarmaking. Vindt u desondanks dat de digitale beschikbaarheid van bepaalde afbeeldingen inbreuk maakt op enig recht dat u toekomt of uw (privacy)belangen schaadt, dan kunt u dit onderbouwd aan ons doorgeven. Wij nemen dan op korte termijn contact met u op. Bij een gegronde klacht verwijderen we vanzelfsprekend het materiaal van de website.
Alle beschikbare bestanden zijn vrij te downloaden en mogen onder de voorwaarden van de Creative Commons Naamsvermelding – Gelijk Delen 4.0 licentie gebruikt worden. Dit betekent dat iedereen de foto’s mag kopiëren, verspreiden en delen onder voorwaarde dat de bron staat vermeld en elk afgeleid werk onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

Posted in Brink, Cultureel erfgoed, Diever, Kerk op de brink, Kerkhof, Rijksmonumenten | Leave a comment

Anne Mulder over Albert Egges van Giffen

De Deeverse wijlen Anne Mulder vertelde in een interview in 1991 in Assen enige persoonlijke herinneringen aan professor doctor Albert Egges van Giffen aan de redactie van het Deevers Archief. Deze heeft de herinneringen van wijlen Anne Mulder op papier uitgewerkt en in maart 2000 gepubliceerd in nummer 00/1 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever.

Mijn ambtelijke contacten met Van Giffen
In de negentwintig jaren die ik heb gewerkt op de secretarie van het gemeentehuis in Diever, heb ik met de professor op prettige wijze over verschillende zaken contact gehad.

Van Giffen, de bosbewoner
Hij had een tweede woning op de Heezeberg. Daar vertoefde hij regelmatig. Dat was de plaats waar hij het liefst verbleef. Op de Heezeberg was het bosonderhoud een geliefde bezigheid van hem. Hij had altijd een tang bij zich om takken af te kunnen knippen. Na zijn dood heeft zijn oudste zoon Jan daar gewoond.

Van Giffen, zijn contacten met het dorp
Voor zover mij bekend hebben Van Giffen en zijn vrouw nooit deelgenomen aan het gemeenschaps- en verenigingsleven in Diever. Op één uitzondering na. Hij was lid van de commissie van aanbeveling van een geldinzamelingsactie voor de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk van Diever. Die actie heeft succes gehad, want de restauratiecommissie heeft de kerk in 1959 schuldenvrij overgedragen aan de kerkvoogdij.

Van Giffen, de altijd gedrevene
Hendrik Jan ter Mast fungeerde als toezichthouder op zijn bosgebied op de Heezeberg. Op een gegeven moment vertelde de professor aan Hendrik Jan over zijn grootse plannen voor de komende jaren inzake de beplanting en het onderhoud van het areaal bos. Hendrik Jan reageerde daarop met: “Mor dan moei’t oasemhael’n neet vergeet’n meneer”, waarop de professor antwoordde met: “Ik zal erom denken Ter Mast”.

Van Giffen, de grappenmaker
Het kwam wel eens voor dat hij bij het hunnebed mensen aantrof die uit het westen van het land kwamen. Hij maakte met zijn kleine gestalte en een pet op zijn hoofd dan niet bepaald een professorale indruk. Hij vertelde dan die mensen wel eens de gekste verhalen over de hunnebedden en de wijze waarop ze waren ontstaan. En met die verhalen togen ze dan huiswaarts.

Van Giffen, de onverbiddelijke
Mijn broer Egbert had een tijdlang het alleenrecht van jagen op zijn grondgebied. Totdat de Dieverse jagers, waaronder mijn broer, eens op de rand van dat gebied de jacht uitoefenden. De oude Hendrik Jubbega uit Oldendiever was op een gegeven moment moe en ging even zitten. Op dat moment was ook professor Van Giffen ter plaatse en constateerde dat Hendrik Jubbega op het uiterste puntje van zijn bosgebied was gaan zitten. Meteen ontnam de professor Egbert definitief het alleenrecht op de jacht in zijn bosgebied. Maar daarmee was de professor niet van mijn broer af, want wie ligt naast hem en zijn vrouw begraven op de algemene begraafplaats in Diever ? Jawel, de jager Egbert Mulder ! Nu zijn en blijven ze nog buren ook.

Van Giffen, de opmerker
Bij een wandeling door het dorp ontdekte professor Van Giffen een pol huislook op het dak van onze boerderij, Achterstraat 10. Hij vroeg aan mijn moeder, die buiten stond, of hij een stuk huislook mocht hebben. “Eiglijk neet”, zei mijn moeder, “want ‘k vun oe vrogger in de skoele moar een kreng, want ie kneep’m mee’j altied in de wange”. Ze zaten immers bij elkaar in de klas toen de professor als jongen in Diever woonde. Zij werd geboren op 9 januari 1884 en hij op 14 maart 1884.
De professor wenste zich niet te herinneren wat mijn moeder zei. Het had ook niets met hunnebedden, grafheuvels en urnenvelden te maken. Desondanks heeft hij wel een stukje huislook meegekregen. Ik weet niet hoe die pol huislook op ons dak is gekomen. Misschien is die pol meegebracht door mijn vader, want die was rietdekker van beroep.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-05-09
Professor doctor Albert Egges van Giffen was namens de Drentsche Praehistorische Vereniging lid van het bestuur van de Stichting ‘Oud-Drenthe’ te Assen, de stichting die in het voorjaar van 1935 meende in de eerste plaats zijn gehele aandacht te moeten concentreren op het behoud en herstel van het zo genoemde Schultehuis an de Brink in Deever.
In het zo genoemde Schultehuis is nu gevestigd het zo genoemde Oermuseum, dat wel bijzonder schatplichtig is aan de niet in Deever geboren en ook niet in Deever getogen professor doctor Albert Egges van Giffen.
Lezers die Deeverse herinneringen hebben aan professor doctor Albert Egges van Giffen worden verzocht deze op papier te zetten en voor publicatie in het Deevers Archief in te sturen.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde zwart-wit foto van het boerderijtje an de Aachterstroate in Deever, waar vroeger de familie Mulder woonde, op 10 februari 2000 gemaakt, da’s ook al weer meer dan zestien jaar geleden.

Abracadabra-1248

Posted in Achterstraat, Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Hunebed, Kerk op de brink, Opraekelen | Leave a comment

Zwart-wit 8 mm film met nummer 58245265 uit 1939

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

In de webstee Oorloginblik.nl is een zwart-wit 8 mm film over Deever uit het Drents Archief over de ontvangst van burgemeester Meiboom, Palmpasen en het maaien van rogge in het jaar 1939 te bekijken.

Bij de film is de volgende beschrijving opgenomen.
Film over de aankomst van toekomstig burgemeester Meiboom in Diever en de viering van Palmpasen in 1939. Aan de orde komen onder andere:
Deel 1.
Een groepje mensen staat te wachten aan de kant van de weg. Een auto met het kenteken E6824 arriveert en de heer Meiboom en zijn vrouw stappen uit. Ze worden welkom geheten door een man die een hoge hoed vasthoudt. Een harmonieorkest speelt een stuk muziek. De man met de hoge hoed houdt een toespraak. Twee kinderen overhandigen een grote bos bloemen aan de vrouw van de heer Meiboom, mevrouw Meiboom-Veltman. Een kinderkoor zingt een lied terwijl een dirigent de maat aangeeft. Opname van een feestelijke optocht met voorop ruiters te paard, gevolgd door een harmoniekorps. Een auto is gearriveerd en de heer Meiboom en zijn vrouw stappen onder grote publieke belangstelling uit. De heer Meiboom en zijn vrouw maken kennis met diverse personen. Het harmoniekorps begint weer te spelen en er wordt een toespraak gehouden. Het toekomstig burgemeestersechtpaar poseert voor een foto met een aantal jonge dames in klederdracht. Na de foto spreken ze met elkaar.
Deel 2
Twee dames lopen in de sneeuw. Impressie van de sneeuw. Vooraanzicht van een villa, een moeder kijkt in haar kinderwagen. Vervolgens zit de moeder te handwerken en speelt een kind op een trap. Kinderen staan met hun haantje op een stokje klaar voor de Palmpasen optocht. Elders krijgen de haantjes een netje met een ei omgehangen. Mevrouw Meiboom-Veltman staat bij een grote hoeveelheid kinderen en vervolgens begint de Palmpasen optocht.
Deel 3
Overzicht van Diever vanaf de Nederlands hervormde kerk en een impressie van de kerktoren.
Deel 4
Een man en een jongen zitten op een door paarden voortgetrokken maaimachine en maaien het koren. Een boer maakt van het gemaaide graan korenschoven.

In de beschrijving van deel 1 van de film staat de zin ‘Ze worden welkom geheten door een man die een hoge hoed vasthoudt’. Jan Cornelis Meiboom en zijn vrouw Nell Veltman zijn merkwaardig genoeg in Wittelte op de grens van de gemeente Diever en de gemeente Havelte niet welkom geheten door de loco-burgemeester van de gemeente Diever of vertegenwoordigers uit de raad van de gemeente Diever of de secretaris van de gemeente Diever of de rijkste aller rijke hereboeren uit de gemeente Diever of de notabelste aller notabelen uit de gemeente Diever, maar door Jan Andree (André ?, Andreae ?) (geboren op 2 februari 1904 in Deever, overleden op 25 december 1975 te Zuidwolde, zoon van pietereulieventer Cornelis Andree (André ?, Andreae ?) en zijn tweede vrouw Jantje Schoenmaker), hij was in 1939 de directeur van de Zuivelfabriek van Diever.
Op de bijgaande afbeelding zijn op de voorgrond van links naar rechts te zien Nell Veltman, Jan Cornelis Meiboom en de wel zeer diep buigende Jan Andree (André ?, Andreae ?).

Posted in Diever, Gemeente Diever, Kerk op de brink, Palmpasen | Leave a comment

Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud met kleinkind

De redactie ontving bijgaande zwart-wit foto van Carla Kragt, een dochter van Karel Kragt en Geertje van Gijssel. De redactie is haar bijzonder erkentelijk voor haar toestemming deze foto te mogen publiceren in het Deevers Archief.
Geertje van Gijssel is opgegroeid in ’t Aar’mhuus an de Grönnigerweg bee’j Deever. Zij is een dochter van Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud.
Op de zwart-wit foto zijn te zien het echtpaar Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud en hun kleinkind Carla Kragt. De zwart-wit foto is in het najaar van 1952 gemaakt aan de zijkant van het  gesticht Armenwerkhuis.
In het Deevers Archief bevindt zich bijgaande ansichtkaart in kleur. Deze kaart is in januari 1972 uitgegeven door hotel-restaurant-manege ’t Ruterhuus an de Grönnigerweg bee’j Deever, telefoon 05219-1680. Op de achterkant van de kaart is ook nog vermeld: Gelegenheid voor buitenritten, paardenboxen beschikbaar.
De Nederlands Hervormde Kerk verkocht het gesticht Armenwerkhuis in 1967.
Bij de grondige verbouwing van het Armenwerkhuis in 1967-1968 zijn de baanders in de hier zichtbare zijgevel vervangen door grote ramen en werden in de hier zichtbare zijgevel extra ‘stalramen’ en een zijdeur aangebracht. Zo te zien waren en zijn de ‘stalramen’ helaas niet van het model Deever. Let bij de ansichtkaart in kleuren ook op de televisieantenne, die is vastgemaakt aan de schoorsteen.
Het Armenwerkhuis werd of bleef na de grondige verbouwing een zo genoemd rijksmonument (voor zolang het duurt, want eeuwig is wel erg lang), ondanks al het gesleutel en gerommel aan de buitengevels. Zijn bij de verbouwing de originele bakstenen wel opnieuw gebruikt ? Hoe ruim worden de voorwaarden voor het verkrijgen of behouden van de status van een zo genoemd rijksmonument geïnterpreteerd ? Of is een zo genoemd rijksmonument niet meer dan een onbetrouwbaar conjunctuurgevoelig bordje aan de muur ?

Abracadabra-1234Abracadabra-1233

Posted in Ansichtkaarten, Armenwerkhuis, Boerderijen, Diever, Grönnegerweg, Kerk op de brink, Rijksmonumenten, Toeristenindustrie | Leave a comment

Een trouwjurk van zijde van een Franse parachute

De redactie ontving bijgaande reactie van Carla Kragt, een dochter van Karel Kragt en Geertje van Gijssel. Haar reactie ging vergezeld van de hier afgebeelde scan van de trouwfoto van haar ouders. De redactie is haar bijzonder erkentelijk voor haar bijdrage aan het beschrijven van de geschiedenis van Deever. Alle beetjes helpen. Haar moeder Geertje van Gijssel is opgegroeid in ’t Armenhuus an de Grönnigerweg bee’j Deever. Geertje van Gijssel is een dochter van Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud.

Ik ben een kleinkind van Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud.
Het bevreemde mij dat het Armenwerkhuis door de gereformeerde gemeente was opgezet, maar voor zover ik weet waren mijn grootouders hervormd.
Sommige mensen die het over het Armenwerkhuis hadden, dachten dat daar arme mensen woonden, maar mijn grootouders waren niet arm. De mensen die verzorgd werden, die waren arm. Jans en Geert waren de laatste twee mannen, die in het Armenwerkhuis werden verzorgd.
Ook kwamen in de zomer groepen jongens (padvinders ?) naar het Armenwerkhuis. Daar herinner ik mij nog een voorval van. Enige jongens hadden zout in de custard pudding gegooid en werden voor straf naar huis gestuurd. Ik zie nog voor mij hoe mijn oma in hele grote gietijzeren potten kookte voor de jongens. De groepen jongens aten in de half open schuur. De tafels waren planken op balen stro. De jongens sliepen ook in die schuur, op balen stro.
Geertje van Gijssel is mijn moeder. Zij was gehuwd met Karel Kragt. Mijn vader gaf vroeger dansles, ook in Diever. Ik weet niet of hij in Diever ook dansles gaf tijdens de oorlog, maar ik denk het wel.
Geertje was de oudste van de vier dochters van Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud.
Ik weet dat mijn oma de scepter zwaaide in het Armenwerkhuis, mede omdat mijn opa een beroerte – wat nu een TIA wordt genoemd – had gehad en als gevolg daarvan was verlamd in zijn aangezicht.
Over het einde van de oorlog in april 1945 vertelde mijn moeder ooit, dat de lijkkoets toen wel erg vaak door de Groningerweg (toen nog een zandweg) kwam. Achteraf had ze het idee dat met de lijkkoets verzetsmensen werden verplaatst of parachutisten.
Mijn moeder vertelde mij dat mijn opa en anderen aan het einde van de oorlog parachutes van de Franse parachutisten uit de bomen in het bos tegenover het Armenwerkhuis haalden. Ook haalden ze daar een Franse parachutist, die in een boom hing, naar beneden. Dat werd in het donker gedaan om geen risico te lopen.
Mijn ouders Karel Kragt en Geertje van Gijssel trouwden op 30 oktober 1945. Op hun trouwfoto -zie de bijgaande afbeelding- is het niet goed te zien, maar de trouwjurk van mijn moeder is gemaakt van stof afkomstig van een van de parachutes van de Franse parachutisten. De eerste tijd na de Tweede Wereldoorlog was alles schaars. Dus stof van een parachute, die van echte zijde was gemaakt, was zeer gewild bij de dames.
Mijn grootouders Albert van Gijssel en Aaltje Hagewoud zijn na hun tijd in het Armenwerkhuis verhuisd naar Ruinerwold. Daar zijn zij ook in een boerderij gaan wonen. Die boerderij kon je bezichtigen, die is nog steeds te bezichtigen. Na het overlijden van mijn grootvader is mijn grootmoeder daar nog een aantal jaren blijven wonen, waarna ze naar het bejaardenhuis in Dwingelo is gegaan, waar zij is overleden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-04-11
De boerenknecht Albert van Gijssel trouwde op 15 augustus 1924 op 29-jarige leeftijd in Zuidwolde met de 20-jarige Aaltje Hagewoud.

Albert van Gijssel is geboren op 16 januari 1895 in Ruinerwold. Hij is overleden op 10 januari 1967 in Ruinerwold. Hij is een zoon van Jan van Gijssel en Geertje Ridderman. Albert van Gijssel ligt begraven op de kaarkhof van Runerwold.
Aaltje Hagewoud is op 6 juni 1904 geboren in Hoogeveen. Zij is op 8 maart 1992 overleden in Dwingelo. Zij is een dochter van Theunis Hagewoud en Hilligje Schipper. Aaltje Hagewoud ligt begraven op de kaarkhof van Runerwold. 
Karel Kragt is geboren op 27 juni 1916 in Vledderveen. Hij is overleden op 30 januari 1990.
Geertje van Gijssel is geboren op 30 december 1924. Zij is op 9 augustus 2008 overleden in Deever.
Boven de voordeur van het Armenwerkhuis is te lezen: Armenwerkhuis der Gereformeerde Gemeente van Diever, opgerigt in het jaar 1861′. In die jaren werd naast de term ‘Nederlands Hervormde Gemeente’ ook nog de term ‘Christelijk Gereformeerde Gemeente’ of ‘Gereformeerde Gemeente’ gebruikt.
Jan Havermans maakte bestek en tekeningen voor het Armenwerkhuis aan de Groningerweg, ver buiten het dorp Deever. Het Armenwerkhuis werd in 1861 gebouwd in opdracht van de diaconie van de Nederlands Hervormde Kerk. Voor de bouw van het Armenwerkhuis schreef hij met 750 gulden te hoog in. Aannemer werd Harm Roelfs Kuiper uut Deever voor het inschrijfbedrag van 725 gulden.

Abracadabra-1232

Posted in Armenwerkhuis, Boerderijen, Grönnegerweg, Kerk op de brink, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Monument Molen in Diever Holland

De redactie van het Deevers Archief laat bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan haar trouwe bezoekers zien. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen, hoe liever het de redactie is.

Onlangs vond de redactie op de website Kunst Wereldwijd Netwerk een prachtige tekening van korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever. Deze tekening heeft als titel: Monument Molen in Diever Holland.
De welbekende beeldend kunstenaar en schrijver Willem van Spronsen heeft deze tekening gemaakt. Hij is lid van de Gooise Kunstkring.
Willem van Spronsen heeft in het verleden in Deever gewoond en is daar nog voorzitter van de PvdA-fractie in de gemeenteraad geweest. Ook zijn kinderen zijn in Deever geboren. Hij komt regelmatig in Deever, omdat hij daar een atelier heeft.
De redactie toont deze tekening met toestemming van Willem van Spronsen. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor. Daarbij stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de website Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de website Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.
De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemeente Diever mag maken.

Abracadabra-1633

Posted in Diever, Kerk op de brink, Kunst, Molen 'de Vlijt', Tekeningen | Leave a comment

Mijn dorp Diever Holland – My village Diever Holland

De redactie van het Deevers Archief laat bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan haar trouwe bezoekers zien. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen, hoe liever het de redactie is.

Onlangs vond de redactie op de website Kunst Wereldwijd Netwerk een prachtige tekening van de Oude Kerk op de brink van Deever. Deze tekening heeft als titel: Mijn dorp Diever Holland – My village Diever Holland.
De welbekende beeldend kunstenaar en schrijver Willem van Spronsen heeft deze tekening gemaakt. Hij is lid van de Gooise Kunstkring.
Willem van Spronsen heeft in het verleden in Deever gewoond en is daar nog voorzitter van de PvdA-fractie in de gemeenteraad geweest. Ook zijn kinderen zijn in Deever geboren. Hij komt regelmatig in Deever, omdat hij daar een atelier heeft.
De redactie toont deze tekening met toestemming van Willem van Spronsen. De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor. Daarbij stelde hij wel enige voorwaarden:
a) de afbeelding alleen tonen als de website Deevers Archief niet voor commerciële doeleinden wordt gebruikt;
b) de afbeelding mag niet worden ingekort;
c) de afbeelding alleen tonen in de website Deevers Archief;
d) alleen met schriftelijke toestemming van de maker mogen derden voor andere doelen van deze foto’s gebruik maken.
De redactie hoopt dat de kunstenaar Willem van Spronsen nog veel tekeningen en schilderijen (al dan niet in opdracht) van objecten in de gemeente Diever mag maken.

Abracadabra-1632

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Kunst, Tekeningen | Leave a comment

Voor wie in de gemeente Diever de klokken luiden

Uit de nalatenschap van de heer Hendrik Onstee, die schoolmeester in Wapse en Zorgvlied was, is het volgende artikel afkomstig. Uit zijn nagelaten aantekeningen kon helaas niet worden opgemaakt welke bronnen hij voor dit artikel heeft geraadpleegd. De redactie heeft het vermoeden dat het een document uit het kerkelijke of het gemeentelijke archief betreft.
Het artikel werd de redactie ter beschikking gesteld door wijlen Hendrik Onstee uit Vledder, de zoon van Hendrik Onstee. 
Het artikel sluit mooi aan bij wat Jan Hessels in nummer 99/3 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever, in het artikel ‘Naoberhulp bij geboorte, ziekte en overlijden’ schrijft over het luiden van de klokken.

Bij overlijdensaangiften
Dit ging tot 1943 als volgt. De aangevers van een overlijden gingen eerst naar het gemeentehuis voor het doen van de aangifte en daarna gingen ze naar de kerk voor het ver luiden. Dan was een veel gestelde vraag op het dorp: ‘Wie zul ‘r verlut weed’n ?’.
Bij het overlijden van een man werd met de grote klok driemaal geklept, dat wil zeggen er werd drie keer geslagen met de klepel. Daarna werd met beide klokken enige tijd geluid.
Bij het overlijden van een vrouw of een kind werd met de kleine klok drie keer geklept. Daarna werd met beide klokken enige tijd geluid.
Heel vroeger kende men nog een derde wijze van verluiden. Die werd toegepast bij het overlijden van een kraamvrouw. Er werd dan drie keer geklept met de kleine klok en daarna enige tijd met beide klokken. Dit kleppen en luiden werd daarna nog twee keer herhaald.
Het drie keer kleppen en luiden bij al deze gevallen was bedoeld om het geloof in de heilige Drie-eenheid (God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest) aan te geven.
Sedert 1946 wordt bij overlijdensaangiften, zowel bij mannen als bij vrouwen en kinderen, gedurende korte tijd geluid met de klok. Vanaf die tijd werd niet meer geklept.

Bij begrafenissen, ongeacht de geloofsrichting van de overledenen
Eerder werd met beide klokken en nu wordt alleen met de grote klok geluid, voor zover het sterfhuis in het dorp Diever was gelegen, vanaf het moment dat de lijkstoet zich in beweging zet tot aan het ogenblik waarop de stoet weer bij het sterfhuis was teruggekeerd van het kerkhof.
Voor het geval het sterfhuis buiten het dorp Diever was gelegen, begon men te luiden vanaf het moment dat de lijkstoet de grens van het dorp Diever was genaderd tot aan het ogenblik waarop de lijkstoet de grens van het dorp Diever weer had bereikt.
Zodra op de dag van de begrafenis het graf gereed was, werd hiervan vroeger den volke kond gedaan door gedurende enige tijd met de grote klok te kleppen.

Bij openbare verkopingen en boelgoeden
Bij dit soort gebeurtenissen op doordeweekse dagen werd tot 1943 ongeveer dertig maal geklept met de grote klok.

Bij brand
Vroeger werd zowel overdag als ’s nachts verluid, dat wil zeggen dat het luiden en kleppen werd afgewisseld om het volk op de noodzaak tot het verlenen van hulp bij brand te wijzen.

Bij het zoekraken van kinderen
Als er een kind zoek was, dan werd vroeger enige tijd geklept met de grote klok.

Bij het sneeuw ruimen
Als er sneeuw moest worden geruimd, dan werd vroeger enige tijd geklept met de grote klok.

Bij boerwerken
Als men moest gaan boerwerken (redactie: boerwerken is werkzaamheden verrichten voor de boerschap), dan werd vroeger enige tijd geklept met de grote klok.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2016-02-15
De redactie heeft het artikel van Hendrik Onstee ook gepubliceerd in nummer 00/2 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uit Deever. Toen de redactie besloot het artikel van Hendrik Onstee in Opraekelen te publiceren, was hij niet bekend met de inhoud van het in 1999 verschenen boekje ‘Het mirakel’ van Klaas Kleine. In dat boekje heeft Klaas Kleine het luiden van de klokken ook beschreven. Klaas Kleine baseerde zich daarbij op het artikel in de Meppeler Courant van 5 september 1955, getiteld ‘Diever – In en om de oude dingspilkerk’. De schrijver van dat artikel is vermoedelijk Jan Poortman.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van de kerk op de Brink van Deever op 8 februari 2006 ’s avonds om 18.52 uur onder winterse omstandigheden gemaakt. Gelukkig was het die avond niet nodig enige tijd met de grote klok te kleppen; het had niet zo veel gesneeuwd.

Abracadabra-1608

Posted in Afbeeldingen, Brink, Kerk op de brink, Klaas Kleine, Opraekelen | Leave a comment

Maar de boer, hij ploegde voort …. op de Westeresch

De redacteur van het Deevers Archief rekent de hier zichtbare foto, die gebruikt is voor één van de eerste kleuren-ansichtkaarten van de gemeente Diever, tot de mooiste beelden van agrarisch Deever. Het beeld markeert de veranderende tijd van paarden en ploegen naar gemechaniseerde landbouw met tractoren.
Tot op de dag van vandaag weet de redacteur niet wie aan het ploegen is. Wie herkent deze boer ?
Rechts naast het hoofd van het paard is een keet te zien. Deze keet was bij korfbalvereniging Odival in gebruik als kleedgebouwtje.
De kaart is in 1972 uitgegeven door het bedrijf Van der Meulen uit Sneek. Wellicht is de foto een aantal jaren eerder gemaakt. Na 1972 is deze ansichtkaart nog een paar keer heruitgegeven.

Abracadabra-1598

Posted in Ansichtkaarten, Boer'nwaark, Gemeentehuis, Kerk op de brink, Molen 'de Vlijt' | Leave a comment

De kerk op de Brink van Deever – 1935-1936

Met de naamgeving van het kerkgebouw op de Brink van Deever is iets merkwaardigs aan de hand. In de webstee van Wikipedia is te lezen dat de Sint Pancratiuskerk een Nederlands hervormde kerk is. Dit is een contradictio in terminis, een tegenstrijdigheid in de gebruikte woorden.
Tot 1598 was het kerkgebouw in gebruik bij de rooms-katholieke geloofsgemeente, het gebouw was gewijd aan de heilige Pancratius. In de periode van de beeldenstorm is het kerkgebouw gestript van alles wat met heiligen had te maken. Het kerkgebouw was daarom niet meer gewijd aan de heilige Pancratius. Toen was het afgelopen met die naam, Vanaf 1598 was het niet meer dan een veel te groot en veel te duur kerkgebouw op de brink, nu het kerkgebouw op de brink dat in gebruik is bij de kleine hervormde geloofsgemeente.
De zwart-wit-foto is gemaakt in 1936, toen het kerkgebouw gelukkig nog niet tot Sint Pancratiuskerk was gebombardeerd. De vrienden van het kerkgebouw op de Brink van Deever gebruiken de naam Oude Kerk, een veel beter passende naam.
Let op het hekwerk om de hof van de kerk. In die jaren werden op de kerkhof al geen doden meer begraven, stonden op de kerkhof geen grafstenen meer, maar de hof bij de kerk was nog niet geruimd, dat gebeurde pas bij de Grote Restauratie van het kerkgebouw in de vijftiger jaren van de vorige eeuw.

Abracadabra-1601

Posted in Brink, Diever, Kerk op de brink, Toren op de brink | Leave a comment

Het reglement van het Armenwerkhuis

Het gesticht Armen-Werkhuis van de Nederlands Hervormde Kerk aan de Groningerweg werd in het jaar 1861 opgericht. Voor de gang van zaken in het gesticht Armen-Werkhuis onderhield de kerkeraad een reglement dat om de zoveel tijd werd aangepast aan nieuwe inzichten. De laatste ‘verpleegde’ was de in Diever welbekende Jans (Jansie) Grit (geboren 8 maart 1897, overleden 26 november 1969). Hij kwam, nadat de Nederlands Hervormde Kerk het gesticht Armen-Werkhuis in 1967 had verkocht, en na nog enige tijd op het Kasteel in Diever te zijn ondergebracht, terecht in het bejaardenhuis Dickninge in De Wijk.

Het navolgende is ook als bladvulling opgenomen in nummer 01/4 van Opraekelen, het papieren blad van de lokale heemkundige vereniging. Het hierna volgende reglement is de versie van 25 mei 1932. Het is niet bekend of het daarna nog is aangepast. Het origineel van het reglement bevindt zich in het Drents Archief in Assen. 

Algemene artikelen
Artikel 1:
Het doel van ons Armen-Werkhuis is de opname van behoeftigen onzer Kerkelijke Gemeente, die wanneer zij daartoe in staat zijn de nodige werkzaamheden verrichten.
Artikel 2:
De Kerkeraad der Nederlands Hervormde Gemeente te Diever vormt het bestuur.
Artikel 3:
Bij de vergaderingen neemt de Predikant de betrekking van President en van Secretaris waar.
Artikel 4:
Op de diakenen rust de verplichting om alles aan te wenden wat ten waren nutte der verpleegden kan strekken.
Artikel 5:
Zij zullen eens in de maand en wel bij voorkeur op den Maandag voor vollen maan hunne gewone vergaderingen houden en wel zoveel mogelijk in het Armen-Werkhuis. Buitengewone vergaderingen zullen gehouden worden wanneer de omstandigheden het eischen.
Artikel 6:
Bij de gewone en buitengewone vergaderingen zullen alle noodelooze onkosten ten bezware der Diaconie Kas worden vermeden.
Artikel 7:
De diakenen benevens de ouderlingen zijn verplicht met den Predikant de vergaderingen zoo mogelijk bij te wonen.
Artikel 8:
Het doel van de vergaderingen is om toe te zien op het gedrag der verpleegden, om dwalenden te vermanen, verkeerd gezinden ernstig te waarschuwen en hen, die goed oppassen een maandelijkse gift te schenken. Voorts toe te zien op de orde in het huis en op de netheid van de meubelen en van de kleederen der verpleegden, terwijl aan de diakenen het recht wordt toegekend om te allen tijde inzage te eischen in kasten en kisten.
Artikel 9:
Op de maandelijksche vergaderingen zullen de rekeningen der winkeliers worden nagezien en vergeleken met de Rekening en verantwoording van armvader en armmoeder.
Artikel 10:
Indien daartoe aanleiding bestaat zal voor of na de vergadering de boerderij worden bezichtigd.

De Armvader en de Armmoeder
Artikel 1:
Er wordt voor onbepaalden tijd een vader en een moeder benoemd op een door de Kerkeraad vast te stellen traktement, terwijl ze tevens vrije woning hebben en kostelooze geneeskundige behandeling. Ook brand en licht zijn vrij. Zij zullen kunnen bedanken of door de diakenen kunnen worden bedankt worden na daarvan voor 1 Januari kennis te hebben gegeven.
Artikel 2:
Zij aanvaarden hunne betrekking gewoonlijk 1 Mei. Zij moeten lidmaten der Nederlands Hervormde Gemeente zijn. Bij voorkeur zonder kinderen of zonder kinderen ten hunnen laste. De vader en de moeder moeten zooveel in hun vermogen is de christelijke opvoeding der jeugd bevorderen en trachten door woord en voorbeeld een christelijke zin bij allen aan te kweeken.
Artikel 3:
Zij zijn verplicht den Kerkeraad op eene behoorlijke wijze bij hunne vergaderingen ten dienste te staan zonder het recht te hebben daarbij tegenwoordig te zijn.
Artikel 4:
De vader is gehouden nauwkeurig boek te houden van hetgeen er wekelijks in het Armen-Werkhuis gebruikt wordt, bepaaldelijk ook wat de veldvruchten, boter en eieren en verder de opbrengst der boerderij betreft.
Artikel 5:
Zij zullen zooveel mogelijk zorgen, dat zoowel des zomers als des winters de bedeelden steeds doelmatig worden bezig gehouden met veldarbeid, huis- of handwerk, terwijl de moeder er voor heeft te zorgen dat de meisjes het breien en naaien leeren.
Artikel 6:
De vader heeft het recht om wegens vergrijp tegen huisorde of wegens luiheid, onzindelijkheid of onwil, na gepleegd overleg met den boekhouder-diaken, de volgende straffen toe te passen.
I huisarrest voor eenigen tijd.
II opsluiting in de prevoost op water en brood voor ten hoogste drie dagen.
De vader zal in een daartoe aan te leggen strafregister den naam van den gestrafte, de overtreding en de toegepaste straf opteekenen.
Artikel 7:
Willen vader en moeder zich gelijktijdig uit huis begeven, dan moeten zij den boekhouder-diaken hiervan vooraf in kennis stellen en zijne toestemming vragen.
Artikel 8:
De vader en de moeder zullen dezelfde spijs gebruiken als de verpleegden. Ofschoon vader en moeder in eigen vertrek eten zal de vader verplicht zijn voor en na den morgen-, middag- en avondmaaltijd te bidden en te danken. Voorts rust de verplichting op hem om elken morgen-, middag- en avondmaaltijd een gedeelte uit de Heilige Schrift en bij afwisseling een Psalm of Evangelisch gezang voor te lezen of voor te laten lezen, opdat de dag beginne met God en met hem geëindigd worde.
Artikel 9:
De vader en de moeder zullen geen aanverwanten mogen ontvangen op kosten van het huis.

De verpleegden
Artikel 1:
Ieder, die onderstand uit de Diaconiekas begeert, kan verplicht worden zich in het huis te begeven. Bij onwilligheid daartoe kunnen de diakenen zich van diens onderhoud ontslagen achten.
Artikel 2:
De verpleegden zijn verplicht zich stipt aan de orders en regels van het huis te houden, zich toe te leggen op orde en ijver in hun werk, op zindelijkheid van het lichaam en van de kleeding, waaronder ook begrepen is dat niemand des morgens aan het ontbijt of des middags aan de tafel mag verschijnen zonder zich vooraf behoorlijk te hebben gewaschen of gereinigd, terwijl verder de wekelijksche verschooning geregeld behoort te geschieden. De kleederen moeten worden hersteld of aan de moeder ter hand gesteld.
Artikel 3:
Zij zullen aan den kerkeraad een gepaste eerbied betoonen en jegens vader en moeder de noodige bescheidenheid en onderdanigheid in acht nemen en bewijzen.
Artikel 4:
De vader of de moeder zal verplicht zijn elken zondag ter kerke te komen met de verpleegden, die niet door ziekte of zwakheid verhinderd zijn, de schoolkinderen bij den onderwijzer of ter catechisatie bij den Predikant te zenden.
Artikel 5:
Het zal den verpleegden vrij staan hunne bloed- en aanverwanten en vrienden op gepasten tijd, mits zonder kosten voor het gesticht, bij zich te ontvangen. Zij moeten ’s avonds om negen uur het gesticht verlaten hebben.
Artikel 6:
Des winters wordt het huis om negen uur, des zomers om tien uur gesloten, terwijl vader en moeder voor het naar bed gaan hebben nagezien of alles in orde is.

Slotbepalingen
Artikel 1:
Er zal op bepaalde tijden en viermaal daags worden gespijzigd.
Artikel 2:
Aan den vader is opgedragen het besturen en regelen van de boerderij en het landwerk in overleg met de Diakenen. Verder heeft hij volgens order van den boekhouder-diaken het vee te verzorgen naar zijn beste weten en het te verkoopen vee aan de markt te brengen en verder te handelen volgens opdracht van den boekhouder-diaken en voorts zijn vader en moeder in alles onderdanigheid verschuldigd.
Artikel 3:
Alles wat in dit Reglement niet is opgenomen, maar wat bij voorkomenden gelegenheid nadere regeling behoeft zal door den boekhouder-diaken met vader en moeder nader geregeld worden.

Aldus gelezen en goedgekeurd op de kerkeraadsvergadering van 27 januari 1921.
Getekend door Jans Noorman, R.H. Wesseling, F. de Jonge en J.B. van Dalfsen.

Aldus gelezen en goedgekeurd op de kerkeraadsvergadering van 25 mei 1932.
Getekend door E. Winters, W. Mulder Azn, Joh. de Jong, E. Was, voorzitter, enzovoort

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2015-11-22
R.H. Wesseling was Roelof Hessels Wesseling (geboren op 11-07-1868 in Deever, overleden op 27-01-1928 in Deever). Hij had een boerderij aan het kleine Brinkie in Deever.
J.B. van Dalfsen was de predikant Jochem Berend Martinus van Dalfsen. Hij werd op 11 juli 1978 geboren in Aalsmeer en s op 6 mei 1957 overleden in Zutphen. Hij was van 1905 tot 1931 dominee van de hervormde gelooofsgemeente van Deever.

Posted in Armenwerkhuis, Brink, Diever, Kasteel, Kerk op de brink, Opraekelen | Leave a comment

Peperstraat – Hervormde Kerk – Diever – 1935 ?

Op deze historisch waardevolle zwart-wit foto is een prachtige vooroorlogse (1935 ?) Peperstroate te zien.
Let vooral op de zijkanten van de straat: het is een bestrating met een regengoot van vele keien en keitjes, die afkomstig moeten zijn geweest uit de bouwakkers op de essen rond Deever.
Het oude boerderijtje (wanneer is dit pand afgebroken ?) achter de Hervormde Kerk, toen zonder uitbouw voor de consistoriekamer (?), was eigendom van bakker Albert Kuiper (Aubert Kuper), die zijn bakkerij en woning aan de andere kant van de straat had (foto uit de verzameling van het archief van de Gemeente Diever).
In die tijd werd de elektrische energie nog getransporteerd via draden die opgehangen waren aan houten palen.
Op de kleurenfoto is ongeveer tachtig jaar later de toestand ter plekke op een regenachtige 3 oktober 2012 te zien.

Posted in Diever, Kerk op de brink, Peperstraat | Leave a comment

Gesloopte panden aan de brink van Deever

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2015-11-03

Deze vooroorlogse zwart-wit foto uit 1935 biedt een fraai winters beeld van de brink van Deever.
Links is de oude pastorie van de Nederlands Hervormde Kerk (de pastorie hoort op de brink te staan) te zien met daarnaast het oude gemeentehuis (het gemeentehuis hoort op de brink te staan), dat eerder de lagere school en nog eerder een boerderij was.
Rechts is het oude boerencafé van Jan Barelds te zien. Dit café is in de dertiger jaren van de vorige eeuw gesloopt. Op die plaats liet boschbaas Harm Smit voor zijn dochter Gezina Catharina en zijn schoonzoon Klaas Marcus Balsma het nieuwe café Brinkzicht bouwen.
De pastorie en het oude gemeentehuis moesten in 1956 plaats maken voor een nieuw gemeentehuis (foto uit het archief van de gemiente Deever).

 

Posted in Brink, Café Brinkzicht, Diever, Gemeentehuis, Gesloopte panden, Kerk op de brink | Leave a comment

Opening expositie Schilderskring Deever in 1980

In de Meppeler Courant van 16 juli 1980 verscheen het navolgende berichtje over een expositie van de Schilderskring Deever in het kerkgebouw op de Brink van Deever. 

Espositie schilderskring
Diever. Maandag werd in de Hervormde kerk de expositie van de Schilderskring Deever, door de heer Glazenburg, hervormd predikant te Diever geopend.
Voorzitter F.H.A. Michon, sprak woorden van dank, omdat men dit gebouw voor dit doel aan hen had toevertrouwd. Door deze expositie kon de schilderskring haar werk gestalte naar buiten geven. Als blijk van waardering bood hij dominee Glazenburg een schilderij van de Hervormde kerk aan, die op zijn beurt dit schilderij symbolisch overdroeg aan de voorzitter van de kerkvoogdij de heer Cornelis Offerein, die niet aanwezig was.
Routine
Volgens dominee Glazenburg behoorde het niet tot zijn routine-handelingen om een schilderijententoonstelling te openen. De kerk wil echter een monument zijn dat door toeristen gezien kan en mag worden.
In het verleden zijn godsdienst en kunst steeds nauw bij elkaar betrokken geweest en hebben steeds bevruchtend op elkaar gewerkt. Amateur betekent liefhebber, beminnaar. Zoo hebben deze mensen liefde opgevat voor kleuren, lijnen en vormen. Door schilderijen te exposeren geeft men iets van zichzelf prijs aan de ander.
Geraakt
‘Als u gaat schilderen in uw gebouw, dan weet u zich geraakt door de vleugels van de schoonheid; dit zal een band geven van medemenselijkheid. Deze banden, deze expositie’, aldus dominee Glazenburg, ‘zal uw dorps- en streekgenoten goede en schone momenten bezorgen’, waarop hij de expositie voor geopende verklaarde !
Op deze expositie worden een groot aantal werken van deze kring geëxposeerd. Ze is dagelijks geopend vanaf 15 juli tot en met 1 augustus van 10-12 en van 13-17 uur. Zondags is men niet geopend en de toegang is vrij.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2015-11-02
De redactie betreurt het dat oude exemplaren van de Meppeler Courant niet digitaal via het internet zijn te raadplegen. Gelukkig hoefde de redactie voor dit artikel niet naar het archief van de Meppeler Courant, maar kwam dit artikel tegen bij het digitaliseren van zijn eigen archief.
Bij het artikel in de Meppeler Courant was bijgaande zwart-wit foto afgedrukt. In 1980 verscheen de Meppeler Courant helaas nog niet in kleur. De heer F.A.H. Michon overhandigde het schilderij van de toren en het kerkgebouw op de Brink van Deever aan dominee Glazenburg, voorganger van de Nederlands hervormde gemeente van Deever.
Uit deze foto is bijgaande uitsnede gemaakt van de toren en het kerkgebouw op de Brink
De redactie heeft even gezocht in het digitale Deevers Archief en vond daar bijgaande kleuren-ansichtkaart van de toren en het kerkgebouw op de Brink.
De redactie trekt de conclusie dat de amateur-schilder de kleuren-ansichtkaart uit het begin van de zeventiger jaren van de vorige eeuw als inspirerend en leidend voorbeeld gebruikte voor zijn schilderij.
Het overschilderen van Deeverse ansichtkaarten is in het verleden wel meer gebeurd en zal in de toekomst ook nog wel eens gebeuren. Hopelijk wordt dit niet een gewoonte, maar zullen de schilders van de Schilderskring Deever meer van zichzelf prijs geven.
Maar waar is het schilderij gebleven, waar hangt het schilderij !?

Abracadabra-1437

Abracadabra-1438

Abracadabra-1436

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Kerk op de brink, Kunstige objecten, Schilderijen | Leave a comment

Gemeentehuis met pastorie Hervormde Kerk in 1941

De redactie van het Deevers Archief laat de bezoekers van de webstee van het Dievers Archief graag meegenieten van mooie beelden uit het verleden van de gemiente Deever.
De hier afgebeelde foto is aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, zo rond 1940 of 1941, gemaakt voor een ansichtkaart. Op de foto is de nog niet vernielde brink van Deever met een slijtpad over de brink naar het gemeentehuis te zien.
Het gemeentehuis stond gewoon aan de brink. Ook de pastorie van de hervormde geloofsgemeente stond gewoon aan de brink. In 1956 moesten deze twee karakteristieke panden helaas verdwijnen om ruimte te bieden aan een lelijk nieuw gemeentehuis.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis, Kerk op de brink, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment