Category Archives: Keuterijen

Echtpaar in Deever viert 60-jarig huwelijksfeest

In de papieren uitgave met de merkwaardige titel Opraekelen van januari 2017 (jaargang 23, 2017, nummer 1) van de heemkundige vereniging uut Deever is op bladzijde 1 bijgaande foto als bladvulling opgenomen. Wie leest tegenwoordig nog dit papieren clubblad van de hiervoor genoemde vereniging ?
De hier afgebeelde foto is op 24 januari 1962 gepubliceerd in de Friesche Koerier (onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden).
Bij de foto in de Friesche Koerier is ook een artikeltje geplaatst. Ter wille van de onvolledigheid of misschien vanwege ruimtegebrek of gemakzucht is in het hiervoor genoemde papieren blad Opraekelen helaas niet dit volledige artikeltje gepubliceerd. De redactie van het Deevers Archief wil met de publicatie van dit artikeltje uiteraard -zoals het hoort- wel volledigheid betrachten.

Echtpaar in Diever viert 60-jarig huwelijksfeest
Jacob (88) en Elsje (84) Oost nog steeds op dezelfde boerderij
Diever. Op 25 januari zal het voor het echtpaar Oost-Davids uit Diever de 60ste keer zijn, dat zij hun huwelijksdag beleven. En weer zal dat gebeuren in de boerderij aan de Burgemeester van Oslaan, waar het al die jaren al gevierd is.
Jacob Oost is 88 en zijn Elsje is 84. Het gaat nog best samen. Naar de boerderij hebben zij geen omkijken meer, het land is verhuurd en de koeien zijn verdwenen.
Hun drie kinderen en hun 15 kleinkinderen zullen allemaal tegenwoordig zijn op hun trouwdag.
De muren van de gezellige woonkamer zijn bedekt met grote plakkaten. Jacob Oost als militair aan het einde van de vorige eeuw. Gewapend met een sabel kijkt hij het leven tegemoet. Het leven met zijn vrouw, dat hem, zo zegt hij tevreden, genoeg heeft gebracht.
Feestelijke oorkondes, die zij van hun kinderen kregen toen zij 25, 30, 35 en 40 jaar getrouwd waren. Foto’s van hun kinderen, die trouwden, foto’s van hun kleinkinderen, die trouwden. Foto’s van drie kleinkinderen, die ook Jacob heten. Allemaal dingen waar ze aan gehecht zijn.
De ouderwetse olielamp hangt naast de kachel. In plaats van het oliereservoir hangt er nu echter een gloeipeertje in. Het oliereservoir staat klaar achter de bedsteedeur, want zo zegt Jacob met een schorre stem (hij heeft het in zijn keel en mag eigenlijk niet op praten, maar het is zo moeilijk om je mond te houden), het gebeurt wel eens, dat de electriciteit uitvalt en dan hoeven wij maar een lucifer af te strijken en we hebben weer licht.
Geen van de drie kinderen van het echtpaar is het boerenbedrijf ingegaan, maar dat vinden zij niet jammer. Ze hebben het goed en dat is het belangrijkste.
Jacob is nooit naar school geweest. Elsje wel. Dat was voor Jacob een beetje vernederend en zijn diensttijd heeft hij een avondcursus gevolgd, die hem leerde lezen en schrijven.
Jaren heeft Jacob, toen zijn boerderijtje niet genoeg opleverde, in Friesland gewerkt; hij kent Friesland dan ook goed.
Ze hebben het leuk samen op hun eigen boerderijtje, ze kunnen nog wandelen, voor zich zelf zorgen en met elkaar praten. Want al zijn ze zestig jaar getrouwd, uitgepraat zijn ze nog niet. ‘Hij kan zo kletsen’, zegt Elsje tegen ons. En Jacob is mans genoeg om dat te verdedigen, en zo is een nieuw gesprek tussen hen geboren.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief.
Tevens wordt voor de verdere volledigheid verwezen naar het bericht Keuterijtje op ’t Kastiel in Deever in 1958.

Posted in Alle Deeversen, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Geert Dekker, Aebel Wiekstroa en Hillechien Dekker

Arend Mulder schreef  op bladzijde 92 van zijn boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ (uitgegeven in januari 1975) het volgende over ‘De woning van Geert Dekker’.

Onbegrijpelijk, dat geen enkele daartoe bevoegde instantie heeft belet, dat dit knusse boederijtje na overlijden van de eigenaar en bewoner Geert Dekker, met de grond gelijk is gemaakt. Nam het niet ook en klein een aparte plaats in, betreffende zijn bewoners als folkloristen van Diever ?
Alleen al door het feit dat het steeds bewoond is geweest door twee opeenvolgende oude dorpsfiguren, te weten Abel Wijkstra (in de volksmond Aebel Allen of ‘de Smorre’ genoemd). en z’n oomzegger Geert Dekker, zonder welke figuren Diever bijna niet denkbaar was, is dit haast niet te geloven. Samen met Hillegien (zuster van Geert) die immer wat ziekelijk was en niet veel verder dan in en om huis kwam, woonde het drietal daar eenvoudig en tevreden.
Geert Dekker had verschillende bijbaantjes. Hij was namelijk 40 jaar lang klokkeluider, koster en orgelpomper der Nederlands Hervormde Kerk. Bij deze feestelijke herdenking werd hij koninklijk onderscheiden. Landlopers, zwervers en dergelijke lieden warden door hem onderdak verschaft in een hok onder de toren en van eten en drinken bediend, in opdracht van de burgemeester.
Vanaf de oprichting van de lijkwagenvereniging in 1912 tot 1938, dus 26 jaar lang, reed hij de lijkwagen. Zelf reed hij naar Assen en Groningen om de overledenen van het betreffende ziekenhuis te halen. Op deze reizen, in alle weer en wind gemaakt, vergezelde hem dikwijls zijn oom Abel (zelf al ruim 80 jaar). Toen deze in 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever overleed en enkele jaren later ook zijn zuster Hillegien, bleef Geert alleen achter.
Veel ook zag men hem werken in de tuintjes van diverse burgers en niet minder in zijn eigen tuin ‘op ’t Bultien’.
Hij bezat als koster de sleutel der kerk en heeft menig toerist, zowel voor als na de restauratie der kerk, het gebouw laten zien. Elke zondagmorgen luidde hij om 9 uur de klok en bij de aanvang van de dienst. Nooit verzuimde hij een dienst, wat wel een bewijs was van zijn sterk gestel. Maar de sterkste boom moet eens vallen. Zo ook Geert Dekker. Op 6 maart 1953 overleed hij  naar een kortstondig ziekbed in een verpleegtehuis te Oosterwolde op de leeftijd van 87 jaar.
Hij schonk bij testament zijn huisje en grond aan de afdeling van het Groene Kruis en de Kerkvoogdij der Nederlands Hervormde Gemeente te Diever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. ……. Geert Dekker …….. Tallozen heeft hij uitgeluid, Weinigen hebben hem uitgeleid.

Lammert Huizing schreef In de Meppeler Courant van 14 november 2011 in zijn wekelijkse artikelenreeks ‘Eertieds in dizze streek’ een artikel met de titel ‘Deever, niet denkbaor zunder Geert Dekker. Het is geschreven in een soort van net niet echt Hoogeveens dialect. Dit artikel is ook te vinden in de webstee van de heemkundige vereniging van Diever. Dit artikel is een bewerking van het hiervoor weergegeven artikel van Arend Mulder.

Oldere inwoners van Diever hebt nog weet van twei dorpsfiguren, zunder wie Diever niet denkbaor was. Dat waren Aobel Wiekstra, die Aebel Allen (zien va was Alle Wiekstrao) weur enuumd of ‘de smorre’ en zien oomzegger Geert Dekker. Zij woonden in een boerderijgien op ’t Bultien. Het is al meer as veertig jaor eleden dat Geert Dekker in een verpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp.
Aobel Wiekstra mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide kerels weuren verzorgd deur Hillechien, een zuster van Geert. Hillechien was niet stark, vake ziek en kwaamp niet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkenluder, koster en orgelpomper in de staotige Pancratiuskarke op de Brink. Doe hij dit veertig jaor edaone had, kreeg hij een keuninklieke medallie.
Een hok under de toren was het underdak veur laandlopers, zwarvers, dronken volk en kleine krimmenelen. As ’t er iene op esleuten was veur ien of meer nachten, dan mus Geert in opdracht van de borgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eten en drinken.
Geert was ok de man van de liekwagen. Doe in 1912 de liekwagenverieneging weur op ericht, weur hij mitiene an esteld as vaste voorman. Daorveur weur een boerenwagen gebruukt, waorop de kiste weur eplaotst op een legge uutgedorst roggenstro. Aoverledenen haalde Geert niet allennig uut het starfhuus in dorp en naoste umgeving, maor ok uut Assen en Grunning, as daor iene uut het darp was aoverleden. Dizze reizen, vake dagreizen, weuren bij tienden emaakt in weer en wiend.
Oom Abel, die de 80 al passeerd was, gunk vake mit hum mit. Oom Aobel aoverleed in 1930, 93 jaor old. E paar jaor later kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allent achter.
Tot 1938 bleef hij de voorman op de liekwagen, wat hij doe 26 jaor lang edaon had. Tot wied in de viefteger jaoren had hij as koster de sleutel van de Hervormde karke. Zowel veur as nao de resteraosie hef hij honderden toeristen rond eleid in de olde karke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wordt. Elke zundagmorgen um negen ure en an het begun van de dienst bengelde hij de klokke. Het is bekend dat hij nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien starke gestel.
Nao een kort ziekbedde aoverleed Geert Dekker in 1963 op 87-jaorige leeftied.’Tallozen hef hij uut elod – weinigen hebt hun uut eleid’, schreef in 1975 de plaatselijke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerderijgie mit grond was deur Geert Dekker bij testament vermaakt an de ofdieling van het Grune Kruus en an de karkvoogdij van de hervormde gemiente. Zij verkochten het huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um het te slopen. Een ofbraok die achterof deur hiel wat meinsen weur betreurd.

De redactie van het Dievers Archief heeft de tekst van het artikel van Lammert Huizing voor de echte liefhebbers van het Deevers vertaald in het Deevers.

Oldere inwoners van Deever hept nog weet van twei dörpsfiguur’n, zunder wie Deever neet denkboar was. Dat waar’n Aebel Wiekstroa, die Aebel Allen (zien vä was Alle Wiekstroa) of de Smorre wödde enuumd, en zien oomzegger Geert Dekker.
Zee woond’n in ’n boerdereegie op ’t Bultie. Het is al mièr as veertug joar elee’n dat Geert Dekker in un vurpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp. Aebel Wiekstroa mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide keerels wödd’n vurzorgd deur Hillechien, un zuster van Geert. Hillechien was niet staark, vaeke zeek en kwaamp neet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkeluder, koster en orgelpomper in de stoatige Pancratiuskaarke op de Brink. Doe hee dit veertig jaor edoane haar, kreeg hee een keuninklukke medallie.
Een hok under de toor’n was het underdak veur laandlopers, zwaarvers, dronk’n volk en kleine krimmeneel’n. As er iene op esleut’n was veur iene of meer naacht’n, dan mus Geert in opdracht van de börgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eet’n en drink’n.
Geert was ok de man van de liekwaeg’n. Doe in 1912 de liekwaegenverieneging wödde op ericht, wödde hee mitien an esteld as vaaste veurman. Daorveur wödde ’n boer’nwaegen gebruukt, woarop de kiste wödde ezet op een legge uutedöste roggestro. Overlee’n haelde Geert neet allennig uut ‘t staarfhuus in dörp en noaste umgeving, mor ok uut Assen en Grunning, as doar iene uut ’t dörp was overleed’n. Dizze reizen, vaeke dagreizen, wödd’n bee tied’n emaek in weer en wiend.
Ome Aebel, die de 80 al pesseerd was, gunk vaeke mit hum mit. Ome Aebel overleed in 1930, 93 joar old. Een paer joar laeter kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allennig aachter.
Tot 1938 bleef hee de veurman op de liekwaeg’n, wat hee doe 26 joar laank edoane haar. Tot wied in de viefteger joar’n haar hee as koster de sleutel van de Hervormde kaarke. Zowel veur as noa de resteroasie hef hee honderd’n toerist’n rond eleid in de olde kaarke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wödde. Elke zundagmörn um neeg’n ure en an ’t begun van de dienst bengelde hee de klokke. Het is bekend dat hee nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien staarke gestel.
Noa een köt ziekbedde oaverleed Geert Dekker in 1963 op 87-joarige leeftied. ‘Tallozen hef hee uut elut – weinigen hept hum uut eleid’, schreef in 1975 de plaeselukke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerdereegie mit grond was deur Geert Dekker bee testement vermaekt an de ofdieling van ’t Gruune Kruus en an de kaarkvoogdij van de hervormde gemiente. Zee verkocht’n ’t huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um ‘t te sloop’m. Een ofbroak die aachterof deur hiel wat meins’n wödde betreurd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het mag ook voor de minder oplettende bezoeker van het Deevers Archief duidelijk zijn dat de genoemde Lammert Huizing zich in zijn artikel in de Meppeler Courant (wekelijkse artikelenreeks Eertieds in dizze streek) volledig heeft bediend van de tekst van Arend Mulder en het hier en daar wat heeft aangedikt en omgevormd en opgeleukt.
Voor meer gegevens over de journalist Lammert Huizing wordt verwezen naar de webstee van Wikipedia.
Abel Wijkstra werd geboren op 26 maart 1837 te Deever. Hij was een zoon van Alles Abels Wijkstra, landbouwer en Jacobje Jans Kremer. Abel Wijkstra werd ook wel Abel Allen genoemd. Abel Wijkstra overleed op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever.
Geert Dekker werd geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij was een zoon van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra. Geert Dekker overleed op 5 maart 1963 in Möppel. Marchje Wijkstra was een zuster van Abel Wijkstra.
Hilligje Dekker werd geboren te Dwingel op 7 april 1869, Zij was een dochter van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra.
Blijkbaar was Lammert Huizing niet op de hoogte van de woonplaats van Arend Mulder, want de ‘plaatselijke kroniekschrijver’ Arend Mulder woonde in 1975 in Norg.
Geert Dekker stierf in 1963 en liet het huisje na aan de plaatselijke afdeling van het Groene Kruis en de kerkvoogdij van de  Nederlands Hervormde Gemeente te Deever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. Juist in die jaren probeerden burgemeester Jan Cornelis Meiboom en de zijnen rücksichtslos al het oude te slopen wat in het oude centrum van Deever te slopen viel, denk aan bebouwing bij de kleine Brink, een groot deel van de Peperstraat en panden aan de Hoofdstraat, het niet herbouwen van verbrande panden. En dat is ze aardig gelukt, daarmee verdween de ziel uit het oude Deever.
De instantie die hem in eerste instantie tegen had kunnen houden was natuurlijk de gemeenteraad van de gemiente Deever (wie zaten toen in de gemeenteraad ?), maar wellicht kon of wilde die geen weerstand bieden aan de ambitieuze burgervader. Bij burgemeester Jan Cornelis Meiboom stonden woorden en termen, zoals cultuurhistorisch erfgoed, pand voor een streekmusuem, woonboerderijtjes, waardevol voor de toeristen-industrie, beschermd dorpsgezicht, koesteren en restaureren niet in zijn neo-liberale woordenboek.

Posted in Alle Deeversen, Boerderijen, Brink, Bultie, Deevers, Deeverse dialect, Diever, Erfgoed, Hoofdstraat, Kerk op de brink, Keuterijen | Leave a comment

Keuterijtje op ’t Kastiel in Deever in 1958

De beeldbank van het Drentsch Archief in Assen bevat in de collectie Monumentenzorg drie foto’s van het keuterijtje van Jacob Oost en Elsje Davids op ’t Kastiel in Deever.
Het zijn de ouders van Jantje Andreae-Oost, de laatste bewoonster van dit keuterijtje mit un siedbaandertie en sönder un pothokke.
De drie foto’s zijn op 28 augustus 1958 gemaakt. De naam van de maker van de drie foto’s is niet bekend.
Het keuterijtje had toen huisnummer 2; zie het bordje boven de voordeur op de eerste foto. Deze straat werd in de volksmond altijd ’t Kastiel (je woonde op ’t Kastiel en niet aan ’t Kastiel) genoemd, ook nadat de voorkant van het gelijk na het afscheid van burgemeester Hendrik Gerard van Os in 1939 deze straat wel erg abusievelijk Burgemeester van Oslaan ging noemen. En dat heeft de voorkant van het gelijk veel te lang volgehouden.
Op de plek van dit oude keuterijtje staat nu een uiterst merkwaardig nieuw pand. Zie de bijgevoegde kleurenfoto van dit pand, die de redactie van het Deevers Archief op 2 januari 2017 heeft gemaakt. Zie ook het bericht De woning van de familie Andreae is verdwenen.

Posted in Alle Deeversen, Diever, Gesloopte panden, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Zaandweg van ’t Kastiel hen de Heezenesch – 1969

De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart van ’t Kastiel in Deever werd in de zomer van 1969 gemaakt. De ansichtkaart werd verkocht door de firma Roelof van Goor, boek- en kantoorboekhandel aan de Kruisstraat in Diever. Op de foto is het nog steeds bestaande openbare zandpad tussen de huidige adressen ’t Kastiel 15 en ’t Kastiel 17 te zien. Dit was in die jaren vanaf het ’t Kastiel de toegangsweg tot de Heezenesch. Bij de uitvoering van de’ruilverkaveling in de eerste helft van de zeventiger jaren van de vorige eeuw, die de doelmatigheid van die paar nog overgebleven boeren moest vergroten, is een asfaltweg vanaf ’t Kastiel over de Heezenesch tot aan de weg met de naam Hezenes aangelegd, waardoor de Heezenesch lelijk werd doorsneden en het oorspronkelijke karakter grondig werd vernield. Deze volstrekt overbodige asfaltweg kreeg ook nog eens ten onrechte de naam Steenakkers.

Posted in Ansichtkaarten, Heezenesch, Kasteel, Keuterijen, Neringdoenden, Zandwegen | Leave a comment

Boerderijtje van Hendrik Nijboer brandt in 1939 af

In het Nieuwblad van Friesland (Hepkema’s courant) verscheen op 1 mei 1939 het navolgende bericht over de brand in het boerderijtje van Hendrik Nijboer an de Wittelterweg in Oldendeever..

Brand te Oldendiever.
Diever, 28 april. Hedenmiddag ongeveer half vijf ontstond brand in het boerderijtje van Hendrik Nijboer te Oldendiever. Het vuur greep zoo snel om zich heen, dat de bewoners zich overhaast in veiligheid moesten stellen.
Het op stal aanwezige vee wist men naar buiten te krijgen, doch overigens werd alles een prooi der vlammen.
De brand is vermoedelijk in of nabij den schoorsteen ontstaan.
Huis en inboedel waren verzekerd.
Even bestond er nog gevaar voor het in brand geraken van de arbeiderswoning van Cornelis Hunneman, doch doordat het flink regende, bleef dit huis gespaard.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de plek van het boerderijtje an de Wittelterweg in Oldendeever werd een grotere boerderij gebouwd. In deze boerderij is nu een leliekweker gevestigd. De arbeiderswoning (het was een hut) van Cornelis Hunneman bestaat al lang niet meer.

Reactie van Henk Nijboer, versie van 2015-03-30
Mooi stukkie, daar ben ik hartstikke blij mee.
Volgens mijn familie is de brand ontdekt door Hendrik Mulder uut 
Deever, die op zijn land aan het werk was bee’j de Liendert. Mijn vader vertelde altijd dat als een wagen met hooi op de deel stond, dan stond het paard op de Wittelterweg. Zo dicht stond het boerderijtje op de weg. Zou van dit boerderijtje nog ergens of bij iemand een foto bewaard zijn gebleven ? Wie het weet, die mag dit natuurlijk melden.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Boerderijen, Keuterijen, Oldendiever | Leave a comment

Een en ander behoort tot de historie van Deever ??

In het blaadje ‘Avondzon’ van de sectie Diever van de Stichting Welzijn Ouderen verscheen in april 1977 in nummer 4 van jaargang 5 het artikeltje ‘Diever’s mooiste’.

Diever’s mooiste
Wanneer we familie of vrienden van elders op visite krijgen, dan gaan we, als het goed is, reeds van te voren overleggen, op welke wijze we ze eens de mooiste punten van ons woongebied zullen laten zien. Alleen als er iets niet helemaal pluis is, zoals achter het ijzeren gordijn, waar dingen zijn die het daglicht niet kunnen verdragen, hebben we daar moeite mee.
Zulks is niet het geval met ons geliefd Diever. Mocht daar al eens iets zijn, dat minder fraai is, dan verbergen we dat niet, maar tonen dat openlijk, aan ieder die ons met een bezoek wil vereren.
Dan stellen we ons voor, de excursie te beginnen, daar waar we het gewoonlijk doen, bij, of tegenover de eendenvijver.
De daar ontstane ruimte, keurig en smaakvol van bestrating voorzien, met nog wat gelegenheid om te rusten, voor de wat ouderen, stellen we onze bezoekers voor, als een erfenis van onze vorige burgemeester. Voorwaar een nalatenschap, die de investering is waard gebleken.
Maar dan komt de grote schrik: Er is een bezoeker bij, die wat vrij rondkijkt en maling heeft aan onze explicatie. Hij ontdekt daar de wanstaltige overblijfselen, waar de familie Keizer eens woonde, en wilde daar ook wel eens van weten of dat soms Diever’s mooiste was.
U begrijpt, dat wij daardoor lelijk in verlegenheid kwamen. Heel wat woorden hadden we nodig om uit de doeken te doen, waarom een dergelijke puinhoop op oudejaarsnacht door de jeugd niet was opgeruimd.
Zo goed en zo kwaad als ons dat mogelijk was, hebben we geprobeerd, uiteen te zetten, dat onze vroegere burgervader, breed geschouderd als hij was, zich daar steeds als een hinderpaal heeft vóór gezet, maar dat we nu, met veel minder breed geschouderde, hoopten, spoedig van dit monsterlijke dorpsbeeld te worden verlost.
Het is een van buiten komende bezoeker niet goed duidelijk te maken, waarom met het fatsoeneren van deze plek, in ons mooie dorp, alsmaar wordt gewacht, terwijl het een ergernis voor de wandelaar is.
De handige bezoeker veronderstelde, dat onze burgemeester mogelijk nooit deze kant uitkomt, iets dat wijzelf voor onmogelijk hielden.
Het ware te wensen, dat nog vóór het komende seizoen, dit obstakel verwijderd gaat worden, anders kunnen we reclame ‘Ga liever naar Diever’ voorlopig wel in de ijskast bergen.
Mocht een en ander naar onze wens, vóór het verschijnen van ‘Avondzon’ zijn uitgevoerd, dan kan deze bijdragen toch nog als bladvulling dienen.
Een en ander behoort tot de historie van Diever.
Een wandelaar

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Een en ander behoort tot de historie van Deever ? De redactie denkt van niet en denkt volledig het tegendeel.
De redactie denkt dat het stukje tekst gewoon uit de dikke duim of de dikke pijp gezogen is.
Excursies beginnen natuurlijk niet bij de eendenvijver (een voormalige braandkoele) an de Kruusstroate (wie wil er nu naar eenden koekeloeren ?), maar op de brink van Deever, die ooit vol stond met erfgoed.
Wie zou toch die schrijver met de uiterst merkwaardige schuilnaam ‘Een wandelaar’ kunnen zijn ? Zou het een zwalkend rechts conservatief liberaal lid van de zogenaamde ‘dikke boerenstand’ uut Deever kunnen zijn geweest; een agrarisch toptalent, die zich in 1977 dood ergerde aan het bouwvallige arbeiderskeuterijtje van Albert Keizer naast transportbedrijf De Graaf an de Kruusstroate in Deever ?
Schreef hij dit stukje tekst om een slijmerig wit voetje bij burgemeester Hermen Overweg te halen ?
Het is bepaald geen positief stukje tekst ter bevordering van het welzijn van de Deeverse ouden van dagen, die vast en zeker de familie Albert Keizer goed hebben gekend.
De schrijver ‘Een wandelaar’ vindt dat de Deeverse jeugd het bouwvallige keuterijtje in de oudejaarsnacht had moeten opruimen. Dit getuigd van een totale minachting van de Deeverse jeugd en de Deeverse oudejaarstraditie. De jeugd sleepte vroeger op oudejaarsavond alles wat los en vast zat naar de brink van Deever, maar vernielde niet. Wellicht dat de jeugd elders, bijvoorbeeld op Neejevene of op Koldervene, om een paar volstrekt willekeurige plaatsen te noemen, dit vroeger wel deed, maar de redactie denkt toch van niet.
De schrijver ‘Een wandelaar’ geeft de schuld van de voortdurende aanwezigheid van het bouwvallige arbeiderskeuterijtje naast transportbedrijf De Graaf an de Kruustroate aan 
de breedgeschouderde (??) burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), echter ome Kees en de zijnen hadden bewezen ware kampioenen in het afbreken van Deevers erfgoed te zijn. Aan ome Kees kan het niet hebben gelegen.
Tijdens het bewind van burgemeester Hermen Overweg werd het arbeiderskeuterijtje van Albert Keizer alsnog afgebroken en werd een eindje verder richting ’s Kasteel (Kasteel 2) als schrale troost een soort van nieuw keuterijtje nagebouwd. En weer was een fraai Deevers erfgoedpand verdwenen.
De twee kleurenfoto’s van het huisje van de familie Albert Keizer zijn gemaakt door wijlen Henk van de Bos.
Op de tweede foto zijn te zien Albert Keizer (geboren op 14 augustus 1883, overleden op 30 december 1979, hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg) en Koendert Tissingh (geboren op 11 maart 1906, overleden op 20 mei 1983 in Deever, hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg).

Posted in Diever, Erfgoed, Keuterijen, Kruisstraat, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

De woning van de familie Andreae wordt afgebroken

De prachtige zwart-wit ansichtkaart van ’t Kastiel – toen helaas nog Burgemeester van Oslaan genoemd – is in 1951 uitgegeven door boekhandel Roelof van Goor an de Kruustroate in Deever. Aan de linkerkant is de oude woning van het echtpaar Albert Andreae en Jantje (Jantie) Oost te zien. De foto is genomen in de richting van de Kruusstroate.
Blijkbaar hebben volgende bewoners het boerderijtje (keuterijtje) – zie de kleurenfoto – verbouwd tot een andere boerderijvormige woning, wellicht om in de woning meer ruimte te hebben. Bij de verbouwing moest ook de schoorsteen verdwijnen.
Maar aan al het oude en mooie komt een einde. Binnenkort gaat de woning met adres Kasteel 10 tegen de vlakte. Het is daarom tijd dat dorpskrachten van de plaatselijke heemkundige vereniging zich met gezwinde spoed en in groten getale en gewapend met foto- en filmcamera naar het genoemde adres begeven om de binnen- en de buitenkant grondig en uitgebreid te bestuderen, te fotograferen, te filmen en te documenteren. Voor het te laat is.
De redactie heeft de kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt.

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Diever, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Promise of the dawn – Belofte van het ochtendgloren

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

De redactie heeft de vier kleurenfoto’s op 2 januari 2017 gemaakt.
De huidige eigenares is van plan binnen afzienbare tijd het vervallen en totaal onbewoonbaar geworden pand op ’t Kastiel in Deever met als adres Kasteel 14 te laten afbreken en ter plekke een nieuwe woning te laten bouwen.
De redactie herinnert zich uit zijn jeugd dat in het boerderijtje (keuterijtje) de zusters Janna van Ankorven (geboren op 20 januari 1903, overleden op 10 juni 1990) en Roelofje van Ankorven (geboren op 24 januari 1909, overleden op 23 juni 1996) woonden. Zij liggen beiden begraven op de kaarkhof aan de Grönnigerweg.
De laatste bewoonster van dit pand heeft in haar laatste levensjaren in een staat van zware zelfverwaarlozing in dit totaal onbewoonbaar geworden huis gewoond.
Bij een rondgang in het huis zag de redactie in een van de ‘vensterbanken’ in de ‘woonkamer’ allerlei spullen liggen. De redactie heeft de conclusie getrokken dat de laatste en vorig jaar overleden bewoonster ooit wel van pepermuntjes en snoepjes heeft gehouden. King pepermunt. Fortuin pepermunt. Werther’s Echte. Wie is die vrouw op het kleine fotootje (haar moeder ?).
Hield de laatste bewoonsters ooit ook van Oosterse muziek ? In die ‘vensterbank’ lag ook een muziekcassette in een doosje. De redactie heeft de cassette uit het doosje gehaald om deze te kunnen fotograferen. De titel van deze casssette is Promise of the dawn (Belofte van het ochtendgloren). Op deze muziekcassette uit 1980 staan liedjes uit de spirituele praktijk van Hazrat Inayat Khan. Was de laatste bewoonster van dit pand een soefist ? Had ze een mystieke en muzikale aanleg ? Trok ze zich daarom niets van het wereldse aan ?

Abracadabra-574Abracadabra-577Abracadabra-575 Abracadabra-576

Posted in Boerderijen, Diever, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Maria Houwer bee’j heur huusie op ’t Kastiel

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

De redactie van het Deevers Archief toont speciaal voor Monique Mulder, dochter van Teunis Mulder (geboren op 4 februari 1949), kleindochter van Jan Mulder (geboren op 18 april 1910 in Deever, overleden in juni 1976 in Apeldoorn) en achterkleindochter van Teunis Mulder (geboren op 26 maart 1883 in Dwingelo, overleden op 24 november 1969 in Deever), haar overgrootmoeder Maria Houwer, die met de schort voor (mit de schölk veur) te zien is op bijgaande fraaie zwart-wit ansichtkaart. Roelof van Goor an de Kruusstroate in Deever had de tegenwoordigheid van geest deze ansichtkaart in augustus 1962 uit te geven. Het pand in zijn huidige staat is te zien op bijgaande kleurenfoto.
Maria Houwer, de echtgenote van Teunis Mulder, staat bij haar huis op ’t Kastiel in Deever. Haar huis moet een boederijtje (keuterijtje) zijn geweest, want naast haar huis staat het pothokke. Het huis wordt nu bewoond door Teunis Rozeboom, zoon van Ludina Mulder en Hendrik Rozeboom en een kleinzoon van Teunis Mulder en Maria Houwer.
Teunis Mulder werd in de volksmond Teunis Kuper genoemd (wat is de reden voor deze bijnaam ?) (alle Mulders in Deever hadden een bijnaam). Teunis Mulder is geboren op 26 maart 1883 in Dwingelo. Hij trouwde op 22 januari 1910 in Deever met Maria Houwer. Zij is geboren op 5 oktober 1885 in Deever en is overleden op 24 november 1969 in Deever. Was het op de foto zichtbare boerderijtje de stee van de ouders van Maria Houwer ?
In hun trouwakte staat dat Teunis Mulder uurwerkmaker was, ook zijn vader Jan Mulder was uurwerkmaker. Bij de aangifte van de geboorte van zoon Hendrik (geboren op 9 juni 1912) geeft Teunis Mulder op dat hij uurwerkmaker is. Bij de aangifte van de geboorte van zoon Jan (geboren op 18 april 1910) geeft Teunis Mulder op dat hij arbeider is. De geboorteakte van dochter Ludina is merkwaardigerwijs niet te vinden in de webstee www.alledrenten.nl.
De redactie heeft de kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt.

Wie van de trouwe bezoekers is bereid voorgaande aantekeningen van de redactie verder aan te vullen ?

abracadabra-554Abracadabra-571

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Twee boerderijtjes op de Baarg op ’t Kasteel

Op de Baarg op ’t Kastiel in Deever is links het keuterboerderijtje van de weduwe Evertje Davids-Vierhoven en rechts het keuterboerderijtje van de weduwe Elsje (Elle) Smit-Oost te zien in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw.
Tussen de twee boerderijtjes staat een grote vlierboom; van de bessen van deze boom werd in het najaar lekkere jam gemaakt.
Evertje Vierhoven werd op 29 juli 1896 in Deever geboren als dochter van Albert Vierhoven en Trijntje Andree (Andrea of Andreae ?). Zij trouwde op 27 juni 1925 met Albert Davids, beroep arbeider, zoon van Hendrik Davids en Magrieta Sidonia Wibier. Albert Davids werd op 26 oktober 1881 geboren in Deever en overleed op 20 juni 1955 in Deever. Evertje Vierhoven overleed op 21 april 1972 in Deever.
In de webstee nieuwenhuis-genealogie is een mooie foto uit 1950 te zien van Albert Davids, Evertje Vierhoven en hun dochter Trijntje, de foto is genomen aan de voorkant van het boerderijtje.
Elsje (Elle) Oost werd op 20 maart 1893 in Deever geboren als dochter van Helprig Oost en Hilligje Prikken. Zij trouwde op 31 augustus 1912 met Hilbert Smit, beroep arbeider, zoon van Jan Smit en Margje Hilberts de Wit. Hilbert Smit werd op 18 september 1888 geboren in het Leggelerveld (gemiente Dwingel), hij overleed op 5 juli 1931 in Deever, hij was toen landbouwer.

Aanvulling van mevrouw Sina Raadgever-Smit uit Amsterdam
In de zestiger jaren van de vorige eeuw woonde Elsje Smit-Oost, mijn opoe, niet meer op de Baarg. Het moet ongeveer 1955 zijn geweest dat wij, Helprig Smit en Wietske Smit-van Leeuwen, Sina, Elly, Hilbert en Jochem, daar gingen wonen. Er werd het een en ander verbouwd om het huis geschikt te maken voor ons gezin. Mijn moeder was de eerste die van de vlierbessen jam maakte, want voorheen deed niemand dat, de bessen zouden wel eens giftig kunnen zijn !

Posted in Boerderijen, Diever, Kasteel, Keuterijen | Leave a comment

Gesloopt pand an de Peperstroate

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2015-10-28

In de jaren na de Tweede Wereldoorlog heeft burgemeester Jan Cornelis Meiboom cum suis (met de zijnen) nogal bewust wat fraai erfgoed in Diever laten slopen. Dit erfgoed is voor altijd verdwenen.
Een van de fraaie panden die nooit gesloopt had mogen worden, maar op de lijst van rijksmonumenten had moeten staan, is de keuterboerderij an de Peperstroate, op de plek waar zogenaamd nodig het bankgebouw van de Boerenleenbank moest komen te staan (wie een hond wil slaan, die kan altijd wel een stok vinden).
Wie kan de redactie van Dievers Archief gegevens verschaffen over de bewoners van dit pand ?
U.L.O.-schoolmeester Henk van de Bos is de maker van deze prachtige foto.

 

Posted in Brink, Erfgoed, Gesloopte panden, Keuterijen, Peperstraat | Leave a comment