Het schoolverzuim in de gemiente Deever in 1889

In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) verscheen op 11 september 1889 het volgende korte bericht over het enorme schoolverzuim in de bouw.

Diever.
Met ’t oog op ’t aanhangig wetsontwerp op ’t lager onderwijs is ’t zeker niet overbodig eens eene opgaaf van schoolverzuim te doen, om te doen zien, dat leerplicht inderdaad niet overtollig zou wezen.
De drie hoogste leerjaren verzuimden in de maanden Mei, Juni, Juli en Augustus, respectievelijk 12, 18.9, 29.9 en 26.9 procent. Hierbij is het verzuim wegens ziekte en slecht weer niet gerekend, zoodat bijna uitsluitend veldarbeid als oorzaak kan aangenomen worden.
Vooral tijdens de roggeoogst en in ’t aardappelrooien is ’t verzuim enorm. Onze gemeente steekt in dezen volstrekt niet ongunstig bij de buurtgemeenten af, zoodat men gerust mag aannemen, dat het elders erg, zo niet erger is.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In 1889 was de gemiente Deever nog een echte landbouwgemeente, een echte boerengemeenschap. De toeristenindustrie bestond toen nog gelukkig helemaal niet in de gemiente Deever.

Een aanhangig wetsontwerp is een voorstel voor een nieuwe wet, in dit geval de wet op het lager onderwijs.
De eerste leerplichtwet trad echter pas op 1 januari 1901 in werking.
Het mag duidelijk zijn dat kinderen van ‘dikke boeren’, die knechten en meiden in dienst hadden, minder of misschien wel helemaal niet de lagere school verzuimden en dat kinderen van keuterboertjes en arbeiderskinderen veel meer de lagere  school verzuimden om mee kunnen te helpen bij het werk op het land.   

This entry was posted in Onderwijs. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *