Category Archives: Bultie

Ut Bultie lig an ’t ende van ’t Zwatte Pattie

De redactie van het Deevers Archief ontving van Jaap (Jacob, Japie) Koning, broer van Henk, Jacoba (Coba) en Jan  Koning, geboren en getogen in Deever en opgegroeid aan de Veentjesweg, naar aanleiding van een eerdere reactie van hem de navolgende reactie. De eerdere reactie is te vinden in de webstee van het Deevers Archief, via zoeken op de woorden ‘jaap’ en ‘koning’. Die reactie heeft als titel ‘Woar was ok a weer ’t Bultie’. Zijn eigen conclusie is nu: ‘Het Bultie was op het eind van het Zwarte Pattie’.

Inmiddels heb ik er nog eens rustig over nagedacht en hier en daar mijn oor te luisteren gelegd. Volgens mij is het zo dat het Bultie was op het eind van het Zwarte Pattie, dat liep van de Kruisstraat naar de Vlasstraat. Daar waar in de vijftiger jaren ooit het houten postkantoortje stond als tijdelijke vervanging voor het postkantoor van Bart Schoenmaker in de Hoofdstraat. Waarom dat gebied daar het Bultie heette, dat is mij een raadsel, misschien weet iemand het.
En verder nog: Lambertus (Bertus) Koning was getrouwd met Deeltje van der Helm, dochter van Meine van der Helm en Jacoba Pit uit Wapse (wij noemden toen die streek trouwens Kalteren). Deeltje (mijn moeder dus) is momenteel 93 jaar en woont/verblijft in het verpleeghuis Dickninge, onderdeel van de Schiphorst in Meppel. Tot zover. Als het anders is, dan lees ik het graag !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaats waar in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw een houten noodgebouwtje stond werd in de volksmond het Bultie genoemd, mee eens. Het ‘Groene Kruis gebouw’ op de hoek van de Vlasstraat en de Kloosterstraat staat echter ook op ’t Bultie. Vandaar dat het onzin is dat het Zwatte Pattie nu de naam Bultie heeft gekregen.
Het noodgebouwtje diende vanaf de sloop van het oude gemeentehuis tot aan de bouw van het nieuwe gemeentehuis (1955/1956) als tijdelijk onderkomen voor het gemeentelijke apparaat.
Daarna werd in het gebouwtje ook les gegeven aan leerlingen uit de eerste klas van de U.L.O-school, totdat het nieuwe gebouw van deze school op de Westeres in 1965 in gebruik werd genomen.
De naam het Bultie vindt zijn oorsprong in de behoefte van boeren om hun akkers een herkenbare naam te geven, dat is een behoefte die boeren (nog steeds) in de hele wereld hebben. De bouwakkers in de buurt van het Bultie hadden in de tijd van het ontstaan van het kadaster de naam Scholten’s Bultie (de kleine Bult van Scholten). Bijvoorbeeld dorpsfiguur Geert Dekker had een moestuin op ’t Bultie.
De volksmond sprak over ’t Bultie en niet over de Bult. Het is voorstelbaar dat vóór 1940, toen de nes in die buurt nog niet bebouwd was, je lopende over het zandpad vanaf de Hoofdstraat in de richting van Oldendeever, tegen een lichte glooiing aankeek, dat plaatselijke licht hogere deel van de nes kreeg natuurlijk de naam Bultie, dat kon niet missen.
Als het anders is of moet worden, dan verneemt de redactie van het Deevers Archief
dat graag.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande foto op donderdag 13 november 2014 gemaakt. Het naambordje staat aan het begin van het Zwatte Pattie an de kaante van de Vlasstroate..

Posted in Bultie, Cultuurhistorie, Diever, Gemeentehuis, Veldnamen | Leave a comment

Windhoos teistert Diever op 11 september 1932

In het Nieuwsblad van het Noorden van 14 september 1932 verscheen het navolgende artikeltje ‘Een windhoos teistert Diever. Belangrijke schade aan woningen’.
Tijdens het slechte weer der laatste dagen is te Diever een windhoos gepasseerd, welke heel wat schade heeft aangericht.
In Oldendiever ging de hoos rakelings langs de korenmolen van den heer Jansen, vernielde een gedeelte van de stelling alsmede een gedeelte van het dak van de woning.
De woning van J. Kruid werd vervolgens geheel vernield. Alleen het woonvertrek bleef eenigszins in tact.
Toen moesten de woningen aan den weg naar Dieverbrug het ontgelden. De huizen en schuren van Moes, Figeland, Bolding, Andree en Bennen liepen allen min of meer schade op. De een verloor een schoorsteen, andere hadden groote gaten in het dak.

In de krant ‘Onze Toekomst’ van 5 oktober 1932 verscheen het navolgende bericht over de windhoos in Deever:
Te Diever is door een windhoos, welke vele boomen ontwortelde, de boerderij van den landbouwer J.K. ingewaaid. Het gezin, waaronder een tweeling van slechts eenige dagen, bevond zich in de woning. Doordat de muren van het voorhuis gedeeltelijk bleven staan bekwamen deze geen letsel.

Op de Illustratiepagina van het Nieuwsblad van het Noorden van 13 september 1932 werd een foto van de vernielde boerderij geplaatst. Zie de eerste bijgevoegde zwart-wit afbeelding. In het Nieuwsblad van Friesland (Hepkema’s Courant) van 14 september 1932 werd eveneens een zwart-wit afbeelding van de vernielde boerderij gepubliceerd. Zie de tweede bijgevoegde zwart-wit afbeelding.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De boerderij van Jacobus Kruid (Kobus Kruut) stond aan het zandpad met de naam ’t Bultie, dat Deever met Oldendeever verbond. De huidige Kloosterstraat ligt ongeveer op de plaats van het zandpad met de naam ’t Bultie. De boerderij stond ongeveer op de hoek van de huidige Kloosterstraat en de huidige Veentjesweg aan de kant van de Brinkstraat. Op die plek wordt nu iets meer in de richting van de Brinkstraat een nieuwe woning gebouwd.
De redactie heeft de kleurenfoto van de woning in aanbouw op 11 april 2013 gemaakt.

Abracadabra-446

 

 

 

Abracadabra-447

 

Abracadabra-448

Posted in Brinkstraat, Bultie, Diever, Kloosterstraat, Veentjesweg, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Geert Dekker, Aebel Wiekstroa en Hillechien Dekker

Arend Mulder schreef  op bladzijde 92 van zijn boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ (uitgegeven in januari 1975) het volgende over ‘De woning van Geert Dekker’.

Onbegrijpelijk, dat geen enkele daartoe bevoegde instantie heeft belet, dat dit knusse boederijtje na overlijden van de eigenaar en bewoner Geert Dekker, met de grond gelijk is gemaakt. Nam het niet ook en klein een aparte plaats in, betreffende zijn bewoners als folkloristen van Diever ?
Alleen al door het feit dat het steeds bewoond is geweest door twee opeenvolgende oude dorpsfiguren, te weten Abel Wijkstra (in de volksmond Aebel Allen of ‘de Smorre’ genoemd). en z’n oomzegger Geert Dekker, zonder welke figuren Diever bijna niet denkbaar was, is dit haast niet te geloven. Samen met Hillegien (zuster van Geert) die immer wat ziekelijk was en niet veel verder dan in en om huis kwam, woonde het drietal daar eenvoudig en tevreden.
Geert Dekker had verschillende bijbaantjes. Hij was namelijk 40 jaar lang klokkeluider, koster en orgelpomper der Nederlands Hervormde Kerk. Bij deze feestelijke herdenking werd hij koninklijk onderscheiden. Landlopers, zwervers en dergelijke lieden warden door hem onderdak verschaft in een hok onder de toren en van eten en drinken bediend, in opdracht van de burgemeester.
Vanaf de oprichting van de lijkwagenvereniging in 1912 tot 1938, dus 26 jaar lang, reed hij de lijkwagen. Zelf reed hij naar Assen en Groningen om de overledenen van het betreffende ziekenhuis te halen. Op deze reizen, in alle weer en wind gemaakt, vergezelde hem dikwijls zijn oom Abel (zelf al ruim 80 jaar). Toen deze in 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever overleed en enkele jaren later ook zijn zuster Hillegien, bleef Geert alleen achter.
Veel ook zag men hem werken in de tuintjes van diverse burgers en niet minder in zijn eigen tuin ‘op ’t Bultien’.
Hij bezat als koster de sleutel der kerk en heeft menig toerist, zowel voor als na de restauratie der kerk, het gebouw laten zien. Elke zondagmorgen luidde hij om 9 uur de klok en bij de aanvang van de dienst. Nooit verzuimde hij een dienst, wat wel een bewijs was van zijn sterk gestel. Maar de sterkste boom moet eens vallen. Zo ook Geert Dekker. Op 6 maart 1953 overleed hij  naar een kortstondig ziekbed in een verpleegtehuis te Oosterwolde op de leeftijd van 87 jaar.
Hij schonk bij testament zijn huisje en grond aan de afdeling van het Groene Kruis en de Kerkvoogdij der Nederlands Hervormde Gemeente te Diever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. ……. Geert Dekker …….. Tallozen heeft hij uitgeluid, Weinigen hebben hem uitgeleid.

Lammert Huizing schreef In de Meppeler Courant van 14 november 2011 in zijn wekelijkse artikelenreeks ‘Eertieds in dizze streek’ een artikel met de titel ‘Deever, niet denkbaor zunder Geert Dekker. Het is geschreven in een soort van net niet echt Hoogeveens dialect. Dit artikel is ook te vinden in de webstee van de heemkundige vereniging van Diever. Dit artikel is een bewerking van het hiervoor weergegeven artikel van Arend Mulder.

Oldere inwoners van Diever hebt nog weet van twei dorpsfiguren, zunder wie Diever niet denkbaor was. Dat waren Aobel Wiekstra, die Aebel Allen (zien va was Alle Wiekstrao) weur enuumd of ‘de smorre’ en zien oomzegger Geert Dekker. Zij woonden in een boerderijgien op ’t Bultien. Het is al meer as veertig jaor eleden dat Geert Dekker in een verpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp.
Aobel Wiekstra mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide kerels weuren verzorgd deur Hillechien, een zuster van Geert. Hillechien was niet stark, vake ziek en kwaamp niet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkenluder, koster en orgelpomper in de staotige Pancratiuskarke op de Brink. Doe hij dit veertig jaor edaone had, kreeg hij een keuninklieke medallie.
Een hok under de toren was het underdak veur laandlopers, zwarvers, dronken volk en kleine krimmenelen. As ’t er iene op esleuten was veur ien of meer nachten, dan mus Geert in opdracht van de borgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eten en drinken.
Geert was ok de man van de liekwagen. Doe in 1912 de liekwagenverieneging weur op ericht, weur hij mitiene an esteld as vaste voorman. Daorveur weur een boerenwagen gebruukt, waorop de kiste weur eplaotst op een legge uutgedorst roggenstro. Aoverledenen haalde Geert niet allennig uut het starfhuus in dorp en naoste umgeving, maor ok uut Assen en Grunning, as daor iene uut het darp was aoverleden. Dizze reizen, vake dagreizen, weuren bij tienden emaakt in weer en wiend.
Oom Abel, die de 80 al passeerd was, gunk vake mit hum mit. Oom Aobel aoverleed in 1930, 93 jaor old. E paar jaor later kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allent achter.
Tot 1938 bleef hij de voorman op de liekwagen, wat hij doe 26 jaor lang edaon had. Tot wied in de viefteger jaoren had hij as koster de sleutel van de Hervormde karke. Zowel veur as nao de resteraosie hef hij honderden toeristen rond eleid in de olde karke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wordt. Elke zundagmorgen um negen ure en an het begun van de dienst bengelde hij de klokke. Het is bekend dat hij nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien starke gestel.
Nao een kort ziekbedde aoverleed Geert Dekker in 1963 op 87-jaorige leeftied.’Tallozen hef hij uut elod – weinigen hebt hun uut eleid’, schreef in 1975 de plaatselijke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerderijgie mit grond was deur Geert Dekker bij testament vermaakt an de ofdieling van het Grune Kruus en an de karkvoogdij van de hervormde gemiente. Zij verkochten het huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um het te slopen. Een ofbraok die achterof deur hiel wat meinsen weur betreurd.

De redactie van het Dievers Archief heeft de tekst van het artikel van Lammert Huizing voor de echte liefhebbers van het Deevers vertaald in het Deevers.

Oldere inwoners van Deever hept nog weet van twei dörpsfiguur’n, zunder wie Deever neet denkboar was. Dat waar’n Aebel Wiekstroa, die Aebel Allen (zien vä was Alle Wiekstroa) of de Smorre wödde enuumd, en zien oomzegger Geert Dekker.
Zee woond’n in ’n boerdereegie op ’t Bultie. Het is al mièr as veertug joar elee’n dat Geert Dekker in un vurpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp. Aebel Wiekstroa mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide keerels wödd’n vurzorgd deur Hillechien, un zuster van Geert. Hillechien was niet staark, vaeke zeek en kwaamp neet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkeluder, koster en orgelpomper in de stoatige Pancratiuskaarke op de Brink. Doe hee dit veertig jaor edoane haar, kreeg hee een keuninklukke medallie.
Een hok under de toor’n was het underdak veur laandlopers, zwaarvers, dronk’n volk en kleine krimmeneel’n. As er iene op esleut’n was veur iene of meer naacht’n, dan mus Geert in opdracht van de börgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eet’n en drink’n.
Geert was ok de man van de liekwaeg’n. Doe in 1912 de liekwaegenverieneging wödde op ericht, wödde hee mitien an esteld as vaaste veurman. Daorveur wödde ’n boer’nwaegen gebruukt, woarop de kiste wödde ezet op een legge uutedöste roggestro. Overlee’n haelde Geert neet allennig uut ‘t staarfhuus in dörp en noaste umgeving, mor ok uut Assen en Grunning, as doar iene uut ’t dörp was overleed’n. Dizze reizen, vaeke dagreizen, wödd’n bee tied’n emaek in weer en wiend.
Ome Aebel, die de 80 al pesseerd was, gunk vaeke mit hum mit. Ome Aebel overleed in 1930, 93 joar old. Een paer joar laeter kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allennig aachter.
Tot 1938 bleef hee de veurman op de liekwaeg’n, wat hee doe 26 joar laank edoane haar. Tot wied in de viefteger joar’n haar hee as koster de sleutel van de Hervormde kaarke. Zowel veur as noa de resteroasie hef hee honderd’n toerist’n rond eleid in de olde kaarke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wödde. Elke zundagmörn um neeg’n ure en an ’t begun van de dienst bengelde hee de klokke. Het is bekend dat hee nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien staarke gestel.
Noa een köt ziekbedde oaverleed Geert Dekker in 1963 op 87-joarige leeftied. ‘Tallozen hef hee uut elut – weinigen hept hum uut eleid’, schreef in 1975 de plaeselukke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerdereegie mit grond was deur Geert Dekker bee testement vermaekt an de ofdieling van ’t Gruune Kruus en an de kaarkvoogdij van de hervormde gemiente. Zee verkocht’n ’t huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um ‘t te sloop’m. Een ofbroak die aachterof deur hiel wat meins’n wödde betreurd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het mag ook voor de minder oplettende bezoeker van het Deevers Archief duidelijk zijn dat de genoemde Lammert Huizing zich in zijn artikel in de Meppeler Courant (wekelijkse artikelenreeks Eertieds in dizze streek) volledig heeft bediend van de tekst van Arend Mulder en het hier en daar wat heeft aangedikt en omgevormd en opgeleukt.
Voor meer gegevens over de journalist Lammert Huizing wordt verwezen naar de webstee van Wikipedia.
Abel Wijkstra werd geboren op 26 maart 1837 te Deever. Hij was een zoon van Alles Abels Wijkstra, landbouwer en Jacobje Jans Kremer. Abel Wijkstra werd ook wel Abel Allen genoemd. Abel Wijkstra overleed op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever.
Geert Dekker werd geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij was een zoon van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra. Geert Dekker overleed op 5 maart 1963 in Möppel. Marchje Wijkstra was een zuster van Abel Wijkstra.
Hilligje Dekker werd geboren te Dwingel op 7 april 1869, Zij was een dochter van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra.
Blijkbaar was Lammert Huizing niet op de hoogte van de woonplaats van Arend Mulder, want de ‘plaatselijke kroniekschrijver’ Arend Mulder woonde in 1975 in Norg.
Geert Dekker stierf in 1963 en liet het huisje na aan de plaatselijke afdeling van het Groene Kruis en de kerkvoogdij van de  Nederlands Hervormde Gemeente te Deever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. Juist in die jaren probeerden burgemeester Jan Cornelis Meiboom en de zijnen rücksichtslos al het oude te slopen wat in het oude centrum van Deever te slopen viel, denk aan bebouwing bij de kleine Brink, een groot deel van de Peperstraat en panden aan de Hoofdstraat, het niet herbouwen van verbrande panden. En dat is ze aardig gelukt, daarmee verdween de ziel uit het oude Deever.
De instantie die hem in eerste instantie tegen had kunnen houden was natuurlijk de gemeenteraad van de gemiente Deever (wie zaten toen in de gemeenteraad ?), maar wellicht kon of wilde die geen weerstand bieden aan de ambitieuze burgervader. Bij burgemeester Jan Cornelis Meiboom stonden woorden en termen, zoals cultuurhistorisch erfgoed, pand voor een streekmusuem, woonboerderijtjes, waardevol voor de toeristen-industrie, beschermd dorpsgezicht, koesteren en restaureren niet in zijn neo-liberale woordenboek.

Posted in Alle Deeversen, Boerderijen, Brink, Bultie, Deevers, Deeverse dialect, Diever, Erfgoed, Hoofdstraat, Kerk aan de brink, Keuterijen | Leave a comment

Ik wil even reageren op het verhaal over ’t Bultie

De redactie ontving op 15 februari 2015 van Henk Nijboer uit Beilen de volgende korte reactie op de vraag van Jacob Koning over de juiste ligging van ’t Bultie.

Ik wil even reageren op het verhaal over ‘t Bultie. Wij woonden vroeger in de Kloosterstraat op de hoek met de Veentjesweg. Voor ons was het Bultie het zandpad tussen de boerderij van Jan de Ruiter en de Veentjesweg, dus het verlengde van de Kloosterstraat.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De reactie van Henk Nijboer geeft aan dat ’t Bultie een grotere oppervlakte moet hebben beslaan dan alleen de plek waar ooit een houten keet als nood-gemeentehuis heeft gefungeerd. De redactie is benieuwd wie deze aanname verder kan onderbouwen. 

Posted in Bultie, Kloosterstraat, Veldnamen | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie, bin ’t ee’m kwiet

In een gesprek dat de redactie van het Deevers Archief op 9 september 2005 had met wijlen boer in ruste Jans Bult uit Oldendeever, heeft de redactie de volgende reactie vastgelegd. Deze reactie biedt meer inzicht in de voor vele Deeversen bekende plek met de naam ‘t Bultie. Jans Bult reageerde echter toen als volgt.

Toen an de Brink ’t olde gemientehuus is offebreuk’n, hef ’t gemientehuus tiedelijk in ‘n noodgebouw ezeet’n. Het noodgemientehuus stön op een plek die ’t Bultie wödde enuumd. Vanof de boerdereje van Jan de Ruuter in Oldendeever leup ’r een zaandpad hen. Het pad zölf wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Ai’j over dat pad leup’m, dan leup ie over ’t Bultie.
We haad’n an dat pad nog een klein akkertie van twee-en-daartig are en dat wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Dat akkertie laag woar now, vanof de Kloosterstroate bekeek’n, de eerste dree huuz’n an de Veentiesweg stoat.
Noast oens akkertie laag an de Deeverse kaante een akker van Derk Vording (Dörk Vodding). Die akker wödde ok ’t Bultie enuumd. Een stuk van de Kloosterstroate was dus vrogger ’t Bultie.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief, versie van 2015-08-05
In het Deevers Archief is al heel wat aandacht besteed aan ’t Bultie, beter gezegd de discussie over de ligging van ’t Bultie, Bijgaande in het Deevers weergegeven reactie van wijlen boer in ruste Jans Bult uit Oldendeever geeft een duidelijke en positieve bijdrage aan deze discussie.
Deze reactie werd ook gepubliceerd in Opraekelen 05/4 (december 2005). Opraekelen is het blad van de heemkundige vereniging uit Diever.
In het noodgebouw aan de Kloosterstraat, dat op deze uit 1964 daterende kleurenfoto is te zien, werd toen nog les gegeven aan leerlingen van de U.L.O.-school. Het noodgebouw stond dus niet op ’t Bultie, maar een flink eind naast ’t Bultie.
Boven het gammele houten gebouw (met gevaarlijke asbesthoudende dakplaten ?) is nog net een stukje van de spits van de toren op de Brink van Deever te zien.
Aan de linkerkant is niet helemaal scherp het voorhuis van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn, en Jantje Wesseling te zien.

Reactie van de heer Wobke Vermaat, versie van 2016-10-13
In 1963 zat ik in het witte noodgebouw op de ULO. We hadden daar ook schaakles.
Ik ben opgegroeid (familie Vermaat) in één van de dubbele woningen in de Kloosterstraat.
(redactie: Wobke Vermaat’s vader was leraar aan deze ULO-school; de familie Vermaat woonde op nummer 18 in de Kloosterstraat, de bedoelde dubbele woning is in 2014 afgebroken.

Abracadabra-417

Posted in Bultie, Deevers, Diever, Kloosterstraat, Opraekelen, U.L.O.-school | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie

De heer Jaap Koning stuurde op 1 februari 2014 de volgende in het Deevers gestelde vraag in:
Woar was ok a weer ‘t Bultie ? Bin ’t eem hielemoale kwiet !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Jaap Koning is een zoon van Lambertus Koning (Battus Keuning) (geboren 15 maart 1918, overleden 7 december 1987) en Deeltje …………. (gegevens moeten nog worden uitgezocht).
Wijlen sier- en hoefsmid, schrijver, geitenfokker, doe-het-echt-zelver en dorpscriticaster Klaas Kleine noemde Lambertus Koning (Battus Keuning) de lochtkeerl (doe ’t locht ies an, ’t wödt a donker), omdat Lambertus Koning (Battus Keuning) ook opnemer van de electriciteitmeters was. De familie Koning woonde an de Veentjesweg in Deever. De heer Jaap Koning heeft ook een eigen webstee, te weten www.jaapkoning.nl.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de prangende vraag van de heer Jaap Koning, geboren en getogen Deeverse, voorzien van het juiste antwoord ? 
Woar was ok a weer ’t Bultie ? Woar was ok a weer ’t olde Bultie ?
Misschien zou Rikus Kloeze, de veldnamenexpert en voorvechter van de lokale politieke partij Dorpsbelangen, daar uitsluitsel over kunnen geven ? Want in november 2012 (zie ook het bericht van 9-11-2012 in de webstee van de Olde Möppeler) smeedde hij vrolijk lachend en eigenhandig het Zwatte Pattie om tot Bultie, het nieuwe Bultie. Deever had eindelijk zijn nieuwe Bultie. Rikus had een jarenlange strijd tegen de ambtelijke windmolens beloond zien worden.
Maar daarmee is nog niet de cultuurhistorische vraag beantwoord over de ligging van ‘t Bultie. Daarvoor moeten we zoeken op de kaart met de Deeverse veldnamen en dan blijkt er een akker met de naam Scholten’s Bultie te zijn geweest, tussen wat nu de Vlasstraat is en wat nu de Veentjesweg is, dus eigenlijk zou de Kloosterstraat –het is nooit bewezen dat in Deever een klooster heeft gestaan- tussen de Vlasstraat en de Veentjesweg de naam Scholten’s Bultie moeten hebben. Dus het Zwatte Pattie, nu bij vergissing Bultie genoemd, het zij Rikus Kloeze, Nico Pook en Zwanie Zantinge vergeven, was de verbinding tussen de Hoofdstraat en het zandpad over Scholten’s Bultie naar Oldendeever. Het laat zich raden dat dit voor de Afgescheidenen uit Oldendeever en Wittelte in de tijd van de onverharde wegen op zondag hun kaarkepad naar hun Offescheid’n kaarke aan hun Kruisstraat moet zijn geweest.

Posted in Bultie, Diever, Kloosterstraat, Kruisstraat, Veentjesweg, Veldnamen | Leave a comment