Ik liz op ‘e knibbels en arbeidzje yn stien

In de Friese Koerier van woensdag 6 februari 1957 verscheen het navolgende bericht van de verhuizing van de bekende Friese straatmaker en schrijver Abe Brouwer naar Diever.

Abe Brouwer naar het Shakespearedorp Diever
Leeuwarden – Abe Brouwer uit Sneek, auteur van dertig toneelstukken, een jongensboek, een dichtbundel en een aantal romans, wordt gemeentestraatmaker in Diever, zo meldden we gisteren. Dat klinkt in eerste aanleg als een grap. Maar het is bittere ernst. Het is jammer voor Friesland, voor de Friese litteratuur en voor Brouwer zelf, zou men zo zeggen. Er is echter één, die het niet eens zo heel erg jammer vindt en dat is Brouwer zelf. Deze benoeming van Brouwer tot gemeentestraatmaker is minder merkwaardig dan men in eerste instantie zou denken, ook al is Brouwers jongensboek ‘Siderius, de granaet’ nog zo veel gelezen.
En ook al schreef hij de romans ‘Marijke’, ‘De Nijboer fan Lyclama State’ (in het Nederlands verschenen onder de titel ‘Harten en hectares’) en ‘Syn griete Kammeraedt’, en ook al is Brouwer de auteur van de Friese verzetsroman ‘Tusken dea en libben’, de in het Nederlands verschenen roman ‘De Zandduivel’, waarvan onder de titel ‘de Sandduvel’ een toneelstuk verscheen. En dan nog de zeer bekend geworden roman ‘De gouden swipe’, die ook in het Nederlands, Noors, Engels en Duits verschenen.
Het is allemaal niet zo merkwaardig als men weet, dat deze schrijver van komaf eigenlijk straatmaker is. Abe Brouwer komt uit een hele familie van straatmakers. De Brouwers hebben sedert tientallen jaren ettelijke kilometers weg in Friesland geplaveid, want Brouwers grootvader en vader waren straatmaker en hij heeft vijf broers, die dit vak uitoefenen. Zelf was hij straatmaker van zijn elfde jaar tot kort voor de oorlog en naast zijn werk in de vrije natuur schreef hij boeken.
Hij had succes, en na de oorlog had hij zoveel te schrijven, dat hij aan straatmaken eigenlijk niet meer dacht. ‘Maar toch bevredigde het mij nooit, dat ik hier rondliep als schrijver’, zegt Abe Brouwer, ‘en naarmate ik mij nu meer in bochten moest wringen, omdat de schrijver slecht wordt betaald, dacht ik vaker aan mijn vak. Vroeger beschouwde ik mijn beroep en de schrijverij als een ideale combinatie. Ik ben een man van de natuur en niet een man om altijd in huis te zitten. Toen ik de kans kreeg in Diever heb ik die gegrepen, omdat ik daar geestelijke uitwijkmogelijkheden heb. Ik kan er schrijven en ook op het punt van regisseren heb ik daar mogelijkheden. Diever is het Shakespearedorp, ik ga er met plezier heen. Ik ben geen man, die in hokjes past. Deze verandering is voor mij een terugkeer naar de natuur.’
Zo raakt Friesland dus Abe Brouwer kwijt, de schrijver die soms een omstreden figuur was en bij wiens vertrek men kan zeggen dat het Shakespearedorp Diever bij deze benoeming wellicht verder heeft nagedacht dan aan z’n straten. Brouwer keert terug naar de natuur en naar zijn oude werk. Niet voor niets noemde hij zijn enige dichtbundel ‘Klinkerts’ en niet voor niets schreef hij hierin: ‘Ik liz op ‘e knibbels, en arbeidzje yn stien, dat haw ik al myn libbensdagen hast al dien’.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief 
De webstee Wikipedia vermeldt de volgende informatie
Abe Brouwer (geboren op de Bergumerheide bij Noordbergum op 18 september 1901 – overleden in Franeker op 18 maart 1985) was een Fries schrijver en dichter. Brouwer publiceerde romans, toneelstukken en gedichten in het Fries. Deze werden vertaald naar het Nederlands en diverse andere talen. Zijn bekendste werk is ‘De gouden swipe’ uit 1941, die verfilmd is door Steven de Jong..
Na zijn school werkte hij als straatmaker in Friesland. Daardoor kreeg hij meer interesse in de Fries taal. Daarna werkte hij in een gesticht voor zwakzinnigen in Eindhoven. Zijn schrijverscarrière begon met het sturen van een gedicht naar het lokale Friese advertentieblad De Hepkema. Het ging hem bij het schrijven meer om het verhaal van de mensen dan de literaire beschrijvingen ervan. Als toneelschrijver schreef Brouwer vaak over het boerenleven. Samen met J.P. Wiersma was hij actief in het Nij Frysk Toaniel. Vooral vanwege zijn sterk in elkaar gezette karakters waren Brouwers stukken populair. Ook werden zijn toneelstukken opgevoerd in het openluchttheater van Diever.
In de periode 1958-1965 schreef hij aan de Veentjesweg (nummer 3) in Diever (dus buiten Friesland) de trilogie Springtij.

Zijn bekendste roman ‘De gouden swipe’ is nog steeds in de boekhandel verkrijgbaar.
Oude exemplaren van zijn boeken zijn bij handelaren in oude boeken te koop.
De vertaling van ‘Ik liz op ‘e knibbels, en arbeidzje yn stien, dat haw ik al myn libbensdagen hast al dien.’ in het Deevers is als volgt: ”k ligge op de kneej’n en waarke mit stien’n, dat he ‘k al mien leemsdaeg’n hoast altied edoane.’.

Abracadabra-321

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-396

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-322

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-394

 

Abracadabra-323

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-395

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-393

 

 

 

 

 

 

This entry was posted in Abe Brouwer, Ambacht, Diever, Schrijver. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *