Category Archives: An de Deeverbrogge

Ut neeje Deeverseschut an de Deeversebrogge

In de Nederlandsche Staatscourant van 4 januari 1878 verscheen de volgende wet tot onteigening van eigendommen in de gemiente Dwingel voor de bouw van een nieuwe Dieversluis in de Drentse Hoofdvaart.

Staatsblad nummer 221.

Wet van den 9den December 1877, tot onteigening van eigendommen in de gemeente Dwingelo, ten behoeve van den bouw eener nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart.

Wij Willem III, bij de gratie Gods, koning der Nederlanden, prins van Oranje-Nassau, groot-hertog van Luxemburg, enzovoort, enzovoort, enzovoort.
Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut ! doen te weten:
Alzoo wij in overweging genomen hebben, dat het maken van eene nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart, ter vervanging van de bestaande Dieversluis, in het algemeen belang noodig is;
Gelet op de wet van 28 augustus 1851 (Staatsblad nummer 125);
Zoo is het, dat wij, den Raad van State gehoord en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk wij goedvinden en verstaan bij deze:
Eenig artikel.
Wij verklaren, dat het algemeen nut de onteigening vordert, ten name van den Staat, van eigendommen in de gemeente Dwingelo, benoodigd voor het maken eener afsnijding in de Drentsche Hoofdvaart, ten einde eene nieuwe sluis op die vaart ter vervanging van de bestaande Dieversluis te bouwen.
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, collegien en ambtenaren, wiens zulks aangaat, aan de naauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s Gravenhage, den 9den december 1877.
Willem.
De minister van waterstaat, handel en nijverheid, Tak van Poortvliet.
Uitgegeven den vier en twintigsten december 1877.
De minister van justitie, H.J. Smidt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Willem is koning Willem III.
In de tekst van de wet is Dwingel gelukkig in het Nederlands geschreven zoals het hoort: Dwingelo. En niet zoals het niet hoort: Dwingeloo.
Het oude Deeverseschut lag dichter an de Deeversebrogge dan het nieuw te bouwen Deeverseschut. Het nieuwe Deeverseschut is in 1879-1880 gebouwd. Op de afbeeldingen van een detail van topografische kaarten is de situatie an de Deeversebrogge voor en na de bouw van het nieuwe Deeverseschut te zien, alsmede de situatie in 2020.
De redactie heeft eveneens uitgezocht van wie in 1877 een stuk grond werd onteigend in het belang van het algemeen, maar kon zo gauw het betreffende documentje niet vinden. De redactie moet dat documentje nog toevoegen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Situatie an de Deeversebrogge met de oude schutsluis vlak bij de brug in 1878.

Afbeelding 3
Situatie an de Deeversebrogge met de nieuwe schutsluis in 1880

Afbeelding 4
Situatie an de Deeversebrogge met de schutsluis en de jachthaven (blijkbaar geen passantenhaven) in 2020.

Posted in Algemeen, An de Deeverbrogge, Deeversesluus | Leave a comment

Emigrant Klaassen kwaamp mit de busse

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) verscheen op vrijdag 25 september 1953 het volgende korte bericht over het bezoek van emigrant Klaassen aan zijn familie an de Deeverbrogge.

Emigrant na 30 jaar terug
Ruim 30 jaar geleden vertrok een zoon van de heer Klaassen naar Amerika. De laatste jaren hoorde men niets meer van hem, zodat verondersteld werd, dat hij overleden was.
Zaterdag stapte hij echter gezond en wel uit de bus. Het praten in het Nederlands had hij geheel verleerd, maar dat werd al spoedig beter.
Hij moet vreemd hebben staan kijken. In Meppel: waar is de tram naar Dieverbrug ? Te Dieverbrug: waar is Hotel Benthem ? Er kan veel veranderen in dertig jaar tijds.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is op zoek naar gegevens van emigrant Klaassen. Hij is vermoedelijk een zoon van brandstoffenhandelaar Klaassen. Emigrant Klaassen vertrok omstreeks 1923. Hij zal toen in de twintig zijn geweest, dus zal hij omstreeks 1900 zijn geboren. Maar naar welk land emigreerde hij ?
Dat zijn wel heel weinig gegevens. Maar wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie toch helpen met het oplossen van deze puzzel ?
Op 15 februari 1933 reed de laatste tram van de Nederlandse Tramweg Maatschappij (N.T.M.) over het traject Meppel-Hijkersmilde (of reed de laatste tram van Hijkersmilde naar Meppel ?) langs de Drentse Hoofdvaart, waarna de tramlijn werd opgeheven en de rails al snel daarna werden verwijderd.
In de nacht van 30 op 31 maart 1932 brandde het hotel-restaurant-café-pension van Johan Blok -vroeger hotel-logement Sjoerd Benthem- helemaal af. Al aan het einde van 1932 werd het nieuwe hotel-restaurant-café-pension Blok in gebruik genomen.

Posted in An de Deeverbrogge, Emigrant | Leave a comment

Braand in café-hotel Blok an de Deeverbrogge

In het Nieuwblad van het Noorden verscheen op 31 maart 1932 het navolgende bericht over de brand in het café-hotel van Johan Blok an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932.

Hotel Blok te Dieverbrug afgebrand – De schade geschat op f. 8000.
Het bekende café Blok te Dieverbrug, gelegen aan de Rijksstraatweg Assen – Meppel en den straatweg Diever – Dwingelo is hedennacht geheel afgebrand. De bewoners moesten in nachtgewaad het perceel verlaten. Van de inboedel is niets gered. Alleen een luxe- en een vrachtauto werden aan de vlammen onttrokken. Ook de inventaris van het in hetzelfde gebouw ondergebrachte tramstation ging verloren.
De oorzaak is onbekend. Verzekering dekt de schade. De brandweer van Diever en die van Dwingelo waren aanwezig.
Nader vernemen wij nog:
Op het ogenblik dat de brand uitbrak kwam de eigenaar van het hotel, de heer Blok, juist thuis. Hij snelde het brandende gebouw in en slaagde er in zijn vrouw en drie kinderen te redden. Bij zijn verdere pogingen om nog enkele voorwerpen in veiligheid te brengen, werd Blok door den rook bedwelmd en raakte hij bewusteloos. Men wist hem echter spoedig uit het huis te halen, waarna hij weer bij kennis kwam. Gasten bevonden zich niet in het hotel.
De brandweren uit Diever en Dwingelo waren spoedig ter plaatse, doch konden weinig tegen de vuurzee uitrichten.
Het gebouw dateerde uit de 18e eeuw en werd in den ouden tijd als posthuis gebruikt.
In het hotel was tevens gevestigd het plaatselijk kantoor van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij dat verwoest is.
Ook enig geld is verloren.
Het blusschen was om 5 uur hedenmorgen afgeloopen.
De schade bedraagt ongeveer f. 8000 en wordt door verzekering gedekt.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok | Leave a comment

De hiele inventaris van De Toekomst wödde vurkocht

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 29 augustus 1966 de hier afgebeelde advertentie over de publieke verkoping van machines en gereedschappen van meubelfabriek De Toekomst an de Deeverbrogge.

Diever (Dr.), 1966, 1677e veiling
Belangrijke publieke verkoping van machines en gereedschappen voor de houtverwerkingsindustrie
ten verzoeke van mr. H.C. v.d. Woerdt, Meppel, als bewindvoerder, te houden op donderdag 29 september 1966, aanvang ’s middags half twee in hotel Brinkzicht, Brink 13 te Diever, ten overstaan van notaris D. Botje te Dwingeloo en betreffende de bedrijfsinventaris der meubelfabriek De Toekomst n.v., Dieverbrug.
Omschrijving:
vandiktebank Danckaert 600 mm, freesbanken RSK 950x950x45 mm en Dankaert 800x700x30 mm, cirkelzaagbank Dankaert 1050×725 mm, pennenbank Dankaert, vlakbank Böttcher & Gessner 400 mm, langgatboormachine Emmrich Nache en halfautomatische dito Vulcan, miniseermachine Ducuroir, rollenschuurmachine Pacera, horizontale en verticale bandschuurmachines, almede, tweewalsenschuurmachine Staalstruycken 1100 mm.
Voorts: centrale stofafzuiginstallatie, drie- en tweespillige lijnpersen, spuitcabine, ruimteverwarmingsinstallatie Thorny met automatische oliebrander, luchtcompressorunits Atlas-Copco NT-7 en Broomwade type N3, pneumatische stoffeerpers, circelzagenslijpmachine Stegmaier type KBS, beitelslijpmachine Haffner type HMS, Senco en Bea-luchttackers, elektrische en pneumatische handgereedschappen, Desoutter, Atlas-Copco, v.d. Heem, Lesto, enzovoort,
Voorts: intern transportmaterieel, meubelmakerswerkbanken, bovenfrees Scheer type HMS, handgereedschappen, kantoorinventaris, kantoormachines, Remington, Continental, enzovoort, enzovoort.
Bezichtiging: op dinsdag 27 en woensdag 28 september 1966 van 9-17 uur en op de verkoopdag donderdag 29 september van 9-13.15 uur aan de fabriek, no. 18 te Dieverbrug.
Catalogus wordt op aanvraag toegezonden door Corn. de Vlaming & L. Backer, makelaars in machines en fabrieksgebouwen, beëdigde taxateurs, te Amsterdam, Amstel 177, telefoon 020-52209 en 232257.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Met de beëindiging van meubelfabriek De Toekomst an de Deeverbrogge en de verkoop van de daarbij behorende bedrijfsinventaris verdween een bepaald niet onbelangrijke maakindustrie (de enige) en een bepaald wel belangrijk stuk werkgelegenheid uut de gemiente Deever. Het bedrijf lag al enige tijd stil en had ingaande 1 april 1966 voor een periode van achttien maanden uitstel van betaling gekregen. Achttien personeelsleden verloren hun baan. Deze konden al snel elders aan de slag.

Posted in An de Deeverbrogge, Meubelfabriek 'de Toekomst' | Leave a comment

Braand in de kappe van de postkarre

SOp 13 september 1851 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant een uiterst merkwaardig bericht over een brand in een postkar in de buurt van de Deeverbrogge.

Den 8 dezer is de postkar van Meppel op Assen korten tijd na het verlaten van de Dieverbrug in brand geraakt; de kap was nedergeslagen, en hierin schijnt eene vonk van een sigaar, welke door een op de postkar zittenden passagier gerookt werd, te zijn geraakt en waarschijnlijk door den togt te zijn aangewakkerd, de pakketten van Havelte en Dieverbrug had de postillon gemakshalve in de kap gelegd en deze zijn gedeeltelijk verbrand, benevens de hoed van den passagier, enzovoort. Het is te wenschen, dat dergelijke ongelukken zoveel mogelijk worden voorgekomen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De heemkunduge vurening uut Deever heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeleukt met een zo genoemd jubileumboek, waarin ongetwijfeld onderwerpen aan de orde zijn gekomen, zoals scheepvaart, kalkovens, recreatie-centrum Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid an de löswal, de törfschippers, de bedrijven an de Deeverbrogge, de tramlijn, het tramemplacement, de buslijnen, de bushaltes, de Deeverse sluus, de Deeverbrogge, de transportondernemingen, het boerenleven, logementen, cafés, hotel Blok, bouwmaterialenhandel Concordia, meubelfabriek De Toekomst, het postkantoor, de postkar, de postillon, het postpakket, de steenfabriek van Bolt, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden. 
De redactie publiceerde de eerste versie van dit bericht op 23 oktober 2013, teneinde het de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever, die met het zogenaamde jubileumboek bezig zijn geweest, wat gemakkelijker te maken bij het zoeken naar gegevens over het posthuis van kastelein Wind, later het logement van De Vroome, an de Deeverbrogge.
Het bericht geeft een indruk hoe in 1851 post werd vervoerd langs de Drentsche Hoofdvaart. Aardig is te weten dat de postkar ook passagiers vervoerde. Of het logement, annex bier- en koffiehuis an de Deeverbrogge, toen ook nog posthuis was, dat is bij de redactie niet bekend. En of het logement toen al eigendom was van Roelof de Vroome is ook niet bekend bij de redactie.
Dit is een mooie uitzoekklus voor de dorpskrachten van de heemkunduge vurening uut Deever. 

Posted in An de Deeverbrogge | Leave a comment

Ut café van Barteld Smit an de Deeverbrogge

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 42 een foto uit 1924 van het café van Barteld Smit an de Deeverbrogge opgenomen. In de tekst bij de foto is enige aandacht besteed aan het verleden van het oude café-logement an de Deeverbrogge, bedrijvigheid an de löswal en enige inwoners van de Deeverbrogge.

42 – Dieverbrug- Café Barteld Smit – ± 1924
In het pand achter de keurig geknipte leilinden was van 1 mei 1886 tot 19 april 1906 het café van Hendrik Benthem Szn. gevestigd. De schuur werd gebruikt als opslagplaats, wagenschuur en paardenstal. Zijn zoon Sjoert zette daarna het bedrijf voort. Na het overlijden van Sjoert Benthem op 20 maart 1915 heeft zijn vrouw Griet Merk het café-logement tot 1 mei 1921 voortgezet.
Toen werd het café overgenomen door Barteld Smit. Met ingang van 15 mei 1921 mocht hij sterke drank verkopen in de gelagkamer, in de wachtkamer van de stoomtram en in de keuken.
Het pand werd in januari 1929 gekocht door Johan Blok uit Wapserveen. De drankvergunning van Barteld Smit werd met ingang van 1 februari 1929 op naam van Johan Blok gesteld.
In 1932 liet hij het oude pand na een grote brand afbreken, waarna in 1933 het nieuw gebouwde voor die tijd moderne hotel Blok in gebruik werd genomen.
Links naast de witte schuur is nog net het kruidenierswinkeltje van Olde Aolida te zien.
Bij het café ligt een vrachtschip voor de wal. Schepen werden in die tijd veelal nog door windkracht voortbewogen. In het jaar 1918 waren de turfschippers Lieuwe de Harder en zijn zoon Lieuwe nog inwoners van de gemeente Diever (adres: aan boord). Dit was ook het geval met de turfschippers Johannes Hoogeveen, Thomas Hoogeveen en Jan Hoogeveen (adres: aan boord).
Achter het zeilschip bevindt zich het houten dagverblijf van de brugwachter. Rechts naast dit gebouwtje is de bergplaats op het rangeerterrein van de stoomtram van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij te zien. Aan de rechterkant is de in 1880 gebouwde ijzeren draaibrug te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de tekst bij afbeelding 43 in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel … staat abusievelijk als trammaatschappij de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij genoemd. Dit moet natuurlijk de Nederlandse Tram Maatschappij zijn. De tramlijn Meppel – Hoogersmilde is in 1933 opgeheven.
De redactie zal te gelegener tijd en zeker niet met turbo spoed en ook niet in turbo draf enige foto’s van de huidige situatie ter plekke van café Barteld Smit aan dit bericht toevoegen.


Posted in An de Deeverbrogge, Café Barteld Smit, Diever, ie bint 't wel ..., Verdwenen object | Leave a comment

Villa Laanzicht steet now an de Deeverbrogge

De gemiente Deever verleende op 26 november 1915, nu bijna honderd jaar geleden, aan de ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen), woonachtig te Nijensleek in de gemeente Vledder een vergunning voor een het bouwen van een burgerwoonhuis met als adres Dieverbrug 41.
Het burgerwoonhuis bestond al. Het burgerwoonhuis was Villa Laanzicht op Zorgvlied.
Deze villa moest worden afgebroken, vervolgens in onderdelen worden vervoerd naar de Deeverbrogge en daar weer worden opgebouwd. Dat moet in een tijd zonder gemotoriseerde vrachtwagens een niet gemakkelijke logistieke klus zijn geweest.
De ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer had voor het afbreken van het huis Villa Laanzicht met schuur op Zorgvlied en het weer opbouwen van dit woonhuis met schuur met bijkomende werkzaamheden naast zijn wolspinnerij an de Deeverbrogge een bestek met bijbehorende voorwaarden van algemene aard en voorschriften voor de uitvoering bij de aanvraag voor de bouwvergunning gevoegd.
Het werk werd opgedragen aan de timmerman Albert Koeling uut Dwingel.
De redactie heeft de kleurenfoto van het burgerwoonhuis naast ‘de Concordia’ an de Deeverbrogge op 4 april 2013 gemaakt.
De redactie weet nog steeds niet zeker of het op de foto zichtbare burgerwoonhuis daadwerkelijk Villa Laanzicht is. In het Deevers Archief is geen scherpe foto van Villa Laanzicht op Zorgvlied aanwezig. Wie kan de redactie helpen aan een scherpe foto: wellicht de op Zorgvlied wonende vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever ?

Abracadabra-1439

Abracadabra-1441

Abracadabra-1443

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Jan Frederik Hilkemeijer, Villa Laanzicht | Leave a comment

Un oarig duur stooltie van vief loag’n fineerholt

De redactie van ut Deevers Archief zag in de webstee www.wonderwoodstore.nl enige afbeeldingen van een mooie stoel, zie de bijgaande afbeelding, die gemaakt is van zo genoemd plywood. De architect en meubelmaker Heinrich (Hein) Wilhelm Christian Stolle heeft deze stoel in de periode 1945-1950 ontworpen.
De gerenomeerde meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge is de maker van het prototype van deze stoel (BN-1) van zo genoemd plywood. Plywood bestaat uit aan elkaar gelijmde lagen fineer van beukenhout, die later in verschillende mallen in vormen wordt gebracht. Tegenwoordig noemt men dat materiaal multiplex.
Dit prototype van de stoel is in de hiervoor genoemde webstee gretig als zo genoemd vintage meubelstuk te koop voor heel veel geld. Maar er zijn verzamelaars die voor dit soort oude meubelstukken zonder blikken of blozen bereid zijn heel veel geld neer te tellen. Zelfs wel € 2500,00 !
Het is duidelijk dat de stoel niet koppelbaar is, maar een andere grote vraag is of deze stoel ook stabelbaar is ? En de stoel moet zeker ook als Deevers industrieel aarfgood worden beschouwd.
In het onvolprezen boekwerkje An de Brogge – Geschiedenis van Dieverbrug in woord en beeld van de Historische Vereniging Gemeente Diever is meubelfabriek ‘de Toekomst’ te summier beschreven en is helaas geen gewag gemaakt van dit soort van meubel-design-top-stukken. Toch wel een beetje een gevalletje van jammer.
Een exemplaar van deze stoel staat in het Museum van de stad Rotterdam.

Posted in Aarfgood, An de Deeverbrogge, Meubelfabriek 'de Toekomst' | Leave a comment

Hevige brand in logement ‘de Dieverbrug’ – 1864

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 14 december 1864 verscheen het navolgende bericht over de brand in het logement ‘de Dieverbrug’ in de nacht van 11 op 12 december 1864 an de Deeverbrogge.

Meppel, 12 december. Naar wij vernemen, heeft heden nacht een hevige brand gewoed aan de Dieverbrug, ten gevolge waarvan het bekende logement ‘de Dieverbrug’ met bijna alles wat zich daarin bevond, de prooi der vlammen is geworden.
De vlammen namen in korten tijd zoo zeer toe, dat te drie ure reeds alles verbrand was; terwijl te één uur, toen de postkar er passeerde, nog niets was bespeurd.
Alles was, naar men ons mededeelt, tegen brandschade verzekerd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Wie denkt dat het oude cafe-logement Dieverbrug an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932 voor het eerst door brand werd verwoest heeft het mis. Het pand dat in 1932 afbrandde was het pand dat in 1865 werd gebouwd als opvolger van het in de nacht van 11 op 12 december 1864 verbrandde logement ‘de Dieverbrug’.
In 1864 was het café-logement Dieverbrug nog de pleisterplaats van de dilligence, de postkar en de snikke.
De redactie vermoedt dat 
in het onvolprezen boekwerkje ‘An de Brogge’, dat de heemkunduge vurening uut Deever heeft uitgegeven ter feestelijke opleuking van haar 20-jarige bestaan, geen aandacht is besteed aan grote branden an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Dorpskracht | Leave a comment

Sukersakkie van meubelfabriek ‘de Toekomst’

Meer dan twintig jaar stond N.V. Meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge.
In het najaar van 1966 ging de fabriek failliet, verloren 18 medewerkers hun baan en werd de inventaris geveild.
Bekende producten van deze fabriek waren de stapelbare en koppelbare meubelen, die onder het merk STAKO (STApelbaar en KOppelbaar) op de markt werd gebracht.
Het bedrijf had ook zijn eigen sukersakkie -zie bijgaande afbeelding- met daarop natuurlijk reclame voor stapel-koppel meubelen en het oude telefoonnummer 05219-415 (later 05219-1415).

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrief, Sukersakkie | Leave a comment

Sukersakkies mit ’t woap’m van Deever

De redactie van ut Deevers Archief zou van zijn zeer gewaardeerde trouwe bezoekers graag willen weten in welk jaar of in welke jaren de klanten van hotel Blok of hotel café restaurant Blok an de Deeverbrogge de suker voor hun kopje koffie of kopje thee in een zakje bedrukt mit woap’m van de gemiente Deever kregen.
Sommige klanten namen het sakkie mee naar huis voor vergroting van hun verzameling sukersakkies of om weg te geven aan een sukersakkies verzamelend familielid of buurjongen.
De trouwe bezoeker wordt voor gegevens over het wapen van de gemiente Deever verwezen naar een bericht elders in ut Deevers Archief.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Sukersakkie, Woap'm van Deever | Leave a comment

De stoomboot bee Sjoert Benthem an de Brogge

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ zijn als afbeeldingen 26, 27 en 28 respectievelijk een ansichtkaart van de aankomst van de stoomboot an de Deeverbrogge (afbeelding 1), een ansichtkaart van de stoomboot bij de aanlegplaats aan de Deeverbrogge (afbeelding 2) en een ansichtkaart van het vertrek van de stoomboot bij de Deeverse Sluus (afbeelding 3) opgenomen. De drie ansichtkaarten zijn niet omstreeks 1914 verstuurd, maar in de periode 1907-1909. In de tekst bij de drie afgebeelde ansichtkaarten is enige aandacht besteed aan de stoombootdienst van de Drentsche Stoombootmaatschappij door de Drentse Hoofdvaart. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen, zie afbeelding 4.

26, 27 en 28 – Dieverbrug – Aankomst, aanlegplaats en vertrek van de stoomboot – 1914
De Drentsche Stoomboot Maatschappij uit Meppel onderhield in die tijd eene schroefstoombootdienst tusschen Assen en Zwolle door de Drentsche Hoofdvaart, het Meppelerdiep en het Zwartewater, vice versa.
Dagelijks, behalve op zondag, vertrok ’s morgens om zeven uur één boot vanuit de ligplaats in de Kolk te Assen en één vanuit de ligplaats bij het Roodetorenplein in Zwolle. De boten hadden een capaciteit van ten minste tachtig zitplaatsen. Deze kwamen ’s middags om vijf uur op hun plaats van bestemming aan.
De gelegenheden tot het opnemen en aflaten van reizigers en goederen waren Assen, Veenhoop, Dieverbrug, Havelte, Meppel, Zwartsluis en Hasselt, alsmede diverse andere sluizen en bruggen in de vaarroute, zoals het Haarschut, de Geeuwenbrug en de Wittelterbrug.
Aan de Dieverbrug werd aangelegd bij café Sjoert Benthem. De Asser boot kwam daar om ongeveer elf uur ’s morgens aan, de Zwolse boot arriveerde om ongeveer één uur ’s middags.

Aantekening van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie weet niet of de stoomboot die de Brogge passeert en de stoomboot die is aangelegd bij café-logement Sjoert Benthem ook de stoomboot met de naam Assen II, die te zien is bij het uitvaren van de Deeverse sluus, is. De redactie heeft het vermoeden dat dit niet het geval is.
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die ook nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen op papier is, kan de hier getoonde afbeelding 1 ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 20 en als donderslag bij heldere hemel ook nog een keer op bladzijde 238 van de in 2014 verschenen onvolprezen papieren bestseller ‘An de Brogge, Geschiedenis van Dieverbrug in woord en beeld’, dat is samengesteld door een groep Broggers (Bruggers, Deeverbroggers, Dieverbruggers, Dieverbruggenaren, Dieverbruggenoten) en is uitgegeven door de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dat papieren boekwerk zijn of dat papieren boekwerk bij iemand in kunnen zien. De redactie vraag zich al jaren af waarom de afbeeldingen 2 en 3 niet zijn opgenomen in de onvolprezen papieren bestseller ‘An de Brogge, Geschiedenis van Dieverbrug in woord en beeld’.
De redactie zal te gelegener tijd en zeker niet met turbospoed en ook niet in turbodraf enige kleurenfoto’s van de huidige situatie an de Brogge en an de Deeverse Sluus aan dit bericht toevoegen.

Afbeelding 1
De hier afgebeelde ansichtkaart is op 3 september 1909 verzonden.


Afbeelding 2
De hier afgebeelde ansichtkaart van de aanlegplaats en het kantoor van de Drentse Stoomboot Maatschappij an de Brogge is op 2 januari 1907 door caféhouder Sjoert Bentem en zijn echtgenote Grietje Merk verstuurd.


Afbeelding 3
De hier afgebeelde ansichtkaart is in 1907 verzonden. Aan de rechterkant staat de woning van de opzichter van de Rijkswaterstaat. Bij de sluis staat de woning van de sluiswachter. In die tijd was de sluiswachter ook nog een beetje boer, gelet op de stalraampjes in de zijgevel van het huis.

Afbeelding 4

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Deeversesluus, Scheepvaart, Vervoer | Leave a comment

Hotel Blok an de Deeverbrogge in 1933

An de Deeverbrogge – zelfs heel dicht an de Deeverbrogge – brandde het hotel-restaurant-café-pension van Johan Blok in de nacht van 30 op 31 maart 1932 helemaal af.  Al aan het einde van 1932 werd het nieuwe hotel-restaurant-café-pension in gebruik genomen.
Gelukkig zette Johan Blok in navolging van Sjoert Benthem de traditie van het uitgeven van mooie ansichtkaarten voort. In dit geval gaat het om een prachtige fotokaart uit 1933 met daarop te zien het nieuwe hotel-restaurant-café-pension Dieverbrug van Johan Blok.
De redactie van ut Deevers Archief wil een afbeelding van deze fotokaart zeer zeker niet onthouden aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief. Wat heb je aan het alleen voor jezelf bewaren van dit soort prachtige afbeeldingen in dure zuurvrije plastic hoesjes in dure opbergmappen ergens op een zolder.
De afbeelding is helaas niet opgenomen in het onvolprezen soort van geschiedenisboekje met de niet mis te verstane titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 1914 ter opvrolijking en meerdere eer en glorie van haar 20-jarig bestaan in een beperkte oplage uitgaf (op = op). Jammer, toch wel een gemiste kans.
Johan Blok bleef – gelet op de reclame aan de gevel, net zoals Sjoert Benthem – Hengeloosche Bieren verkopen, dat moet lekker bier zijn geweest, daar was vast niks mis mee.
En wat te denken van het modern aandoende ter bescherming van het zonlicht overkapte soort van terras met rieten stoelen ? Johan Blok liep ver voor op de terrasindustrie in de gemiente Deever.
In het nieuwe hotel-restaurant-café-pension was tot de opheffing van de tramlijn Meppel-Hijkersmilde in 1933 nog het tramstation Dieverbrug van de Noord-Nederlandsche Tramweg Maatschappij gevestigd. De foto voor deze ansichtkaart moet kort na de opening van het nieuwe gebouw zijn gemaakt.
Zo te zien staat bij de deur de haltechef van het tramstation. Wie dat is en wie de kinderen zijn, dat is bij de redactie niet bekend. Het is jammer dat het nummerbord van de auto niet herkenbaar is.
En wat voor ding is helemaal aan de rechterkant van de afbeelding te zien ?

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Hotel Blok, Stoomtram | Leave a comment

Ut olde posthuus an de Deeverbrogge is ofebraand

In de krant Het Vaderland (Staat- en letterkundig nieuwsblad) verscheen op 31 maart 1932 het volgende berichtje over de brand in hotel Dieverbrug, het oude voormalige posthuis, café en logement an de Deeverbrogge.

Dorpshotel te Dieverbrug afgebrand.
Hedennacht omstreeks half één is door tot nu toe onopgehelderde oorzaak brand ontstaan in het bekende dorpshotel te Diever, gelegen aan de kruising van den Rijksweg Assen-Meppel, en den straatweg Diever-Dwingeloo.
Op het oogenblik dat de brand uitbrak, kwam de eigenaar van het hotel, de heer Blok, juist thuis. Hij snelde het brandende gebouw binnen en slaagde erin zijn vrouw en drie kinderen te redden. Bij zijn verdere pogingen om nog enkele voorwerpen in veiligheid te brengen, werd de heer Blok door den rook bedwelmd en raakte hij bewusteloos. Men wist hem echter spoedig uit het huis te halen, waarna hij weer bij kennis kwam. Gasten bevonden zich niet in het hotel.
De brandweren uit Diever en Dwingelo waren spoedig ter plaatse, doch konden weinig tegen de vuurzee uitrichten. Het gebouw, dat uit de achttiende eeuw dateert, en in den ouden tijd als posthuis werd gebruikt, is tot den grond toe afgebrand.
In het hotel was tevens gevestigd het plaatselijk kantoor van de Nederlandse Tramweg Maatschappij, dat door het vuur geheel is verwoest. Ook eenig geld ging verloren. Het blusschingswerk was om 5 uur hedenmorgen afgeloopen. De schade bedraagt ongeveer f. 8000,- en wordt door de verzekering gedekt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Met de heer Blok wordt de heer Johan Blok bedoeld.
In 1933 is de tramlijn van de Noord-Nederlandse Tramweg Maatschappij tussen Meppel en Hoogersmilde langs de Drentse Hoofdvaart opgeheven.

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok | Leave a comment

Ut boer’ncafé van Henduk Boer an de sluus

In het personeelsblad ’De Binnenspiegel’ van maart 1965 van de N.V. Drentse Autobusonderneming (de D.A.B.O.) verscheen een artikel over de verbouwing van het boerencafé van Hendrik Boer an de Deeverbrogge tot een steunpunt van de D.A.B.O.. De D.A.B.O. werd in 1933 opgericht en fuseerde in 1963 met de N.V. Eerste Drentse Stoomtramweg Maatschappij (de E.D.S.) tot de N.V. Drentse Vervoer Maatschappij (D.V.M.). De bijgaande afbeelding van dit boerencafé an de Riekseweg an de Deeverbrogge is een afbeelding van een niet zo scherpe scan van deze afbeelding in het hiervoor vermelde artikel.

Het boerencafé van Hendrik Boer en Grietje Gort stond vlak bee de löswal en de Deeverse Sluus an de Deeverbrogge. Hendrik Boer is geboren op 4 juli 1863 in Bovensmilde, hij is overleden op 7 augustus 1928 an de Deeverbrogge. Grietje Gort is geboren op 1 september 1877 in Zevenhuisen in de gemeente Leek in de provincie Groningen, zij is overleden op 4 december 1935 an de Deeverbrogge.
Het boerencafé van Hendrik Boer en Grietje Gort was in die tijd één van de vele café’s an de Deeverbrogge. In de tijd ver vóór de Tweede Wereldoorlog, toen de Drentse Hoofdvaart nog een druk bevaren transportroute was, moet dit gunstig gelegen café veel door schippers bezocht zijn geweest.
Op de hier afgebeelde foto uit 1935 is te zien, dat ook chauffeurs van fraaie automobielen, veelal handelsreizigers, het café bezochten. Let ook op het naambord ‘Café Boer’ boven het raam in de zijgevel.
Uit het ‘Register der Localiteiten waar Vergunning voor den Verkoop van Sterken Drank in het Klein in de Gemeente Diever’ is het volgende gebleken. Burgemeester en Wethouders verleenden op 30 juli 1924 met ingang van 14 september 1924 een vergunning voor de 40 m² grote noordoostelijke voorkamer (de kamer rechts naast de voordeur) aan Hendrik Boer, adres Dieverbrug 181 (oud), later adres Dieverbrug 236 (nieuw). De vergunning verviel op 1 mei 1929 ten gevolge van het overlijden van vergunninghouder Hendrik Boer, op die datum ging tevens de drankvergunning van Grietje Gort, de weduwe van Hendrik Boer, in. Op 1 mei 1935 verviel de drankvergunning van Grietje Gort, vanwege het niet betalen van het vergunningsrecht.
Na het overlijden van Grietje Gort in december 1935 moet het pand zijn verkocht aan de N.V. Drentse Autobusonderneming (D.A.B.O.). De redactie heeft de precieze verkoopdatum van het pand nog niet in de openbare bronnen kunnen vinden.
Bij de redactie van ut Deevers Archief is de hier afgebeelde foto tot nu de enig bekende foto van café Boer. De grote vraag is: wie heeft andere foto’s van dit café in zijn bezit ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie aan andere afbeeldingen helpen ? Een andere grote vraag is: waar zijn de nazaten van Hendrik Boer en Grietje Gort gebleven ? Hadden Hendrik Boer en Grietje Gort wel kinderen ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de situatie ter plekke van ut olde boer’ncafé van Hendrik Boer en Grietje Gort gemaakt op 2 januari 2017. Het had in de nacht van 1 op 2 januari 2017 een beetje gesneeuwd.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die ook een verstokte liefhebber van afbeeldingen op papier is, kan de hier afgebeelde foto van ut olde boer’ncafé van Hendrik Boer en Grietje Gort an de Deeverse sluus ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 21 van het in 2008 verschenen papieren boekwerkje ‘Diever, zoals het was in de voormalige gemeente, 1930-1980’, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkundige vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dat papieren boekwerkje zijn of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Verdwenen object | Leave a comment

Ut café-losement van Sjoert Benthem an de Brogge

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 21 een ansichtkaart uit 1911 opgenomen. In de tekst bij de afbeelding is enige aandacht besteed aan het verleden van het café-logement van Sjoert Benthem en Griet Merk an de Deeverbrogge. De betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is eveneens in dit bericht weergegeven.

21 – Dieverbrug – Café-Logement van Sjoert Benthem – 1911
In het archief van de gemeente Diever is het Register der localiteiten waar vergunning voor den verkoop van Sterken Drank in het klein in de Gemeente Diever is verleend bewaard gebleven. Uit dit document blijkt dat Burgemeester en Wethouders met ingang van 1 mei 1886 vergunning verleenden aan Hendrik Benthem Szn. voor de voorkamer, de achterkamer en de keuken van zijn café-logement, adres Dieverbrug 179. De vergunning verviel op 19 april 1906.
Zijn zoon Sjoert Benthem zette het café-logement voort. Burgemeester en Wethouders verleenden hem daartoe met ingang van 1 mei 1906 een vergunning voor de verkoop van sterke drank.
Sjoert Benthem had niet alleen als café- en logementhouder voordeel van de gunstige ligging van de Deeverbrogge. Ook op het gebied van vervoer kon geld worden verdiend, want op 14 november 1906 verscheen in de Drentsche en Asser Courant het volgende bericht:
Ondergetekenden Johannes Warries en Sjoert Benthem, schippers te Dieverbrug, zijn voornemens vanaf 18 november en voorts elke woensdag bij open water in werking te brengen een trekschuitdienst langs de Drentsche Hoofdvaart van Dieverbrug naar Assen vice versa, ingericht voor 30 personen. Vertrek van Dieverbrug ’s morgens 4½ uur; van Assen circa 1½ uur. Voor iedere persoon, enkele reis, zal verschuldigd zijn 20 cent. De kantoren zijn gevestigd te Dieverbrug bij J. Hogenkamp en H. Benthem en te Assen bij F. Westrup.
Caféhouder Sjoert Benthem overleed op 20 maart 1915. Zijn vergunning werd op 30 april 1915 door Burgemeester en Wethouders, krachtens toestemming verleend bij Koninklijk Besluit van 22 april 1915 en op grond van artikel 26 van de Drankwet overgeschreven op naam van Griet Merk, de weduwe van Sjoert Benthem. Op 1 mei 1921 werd de vergunning ingetrokken wegens niet betaling van het vergunningrecht.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de hiervoor weergegeven tekst uit het fotoboekje Diever, ie bint ’t wel… is abusievelijk als datum van publicatie van de advertentie in de Provinciale Drentsche en Asser Courant 14 november 1906 vermeld. Dit moet zijn 16 november 1903.
Voor de volledigheid is in dit bericht ook de betreffende advertentie uit de Provinciale Drentsche en Asser Courant weergegeven.

Op de hier afgebeelde en door Sjoert Benthem in 1906 uitgegeven ansichtkaart staat nota bene hôtel S. Benthem. Dat klinkt toch wel wat voornamer dan café-logement S. Benthem.
Burgemeester en wethouders gaven in 1886 een vergunning voor de verkoop van sterke drank aan Hendrik Benthem Szn. Deze vergunning gold voor de voorkamer, de achterkamer en de keuken van zijn café-logement. Zijn zoon Sjoert nam het bedrijf in 1906 over. Hij overleed in 1915. Zijn vrouw Griet Merk heeft het café tot 1 mei 1921 voortgezet. Toen werd de vergunning ingetrokken wegens het niet betalen van het vergunningsrecht. De foto moet op een warme zonnige dag zijn genomen, want de luiken van het huis aan de rechterkant zijn gesloten.
Sjoert Benthem staat voor de deur van zijn café-logement. Zo’n beetje iedereen die an de Deeverbrogge woonde, moet wel op de foto staan. Rechts tussen de bomen door is nog net de voorgevel van het huis van veearts Nanne Brandenburg te zien. Veearts Nanne Brandenburg staat op de ansichtkaart in het midden tegen een boom geleund.
Het huis van veearts Nanne Brandenburg is evenals het café-logement van Sjoert Benthem afgebroken.
Of in het boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vurening uut Deever in 2014 ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan heeft uitgegeven, aandacht besteed aan de trekschuitdienst van Johannes Warries en Sjoert Benthem, dat heeft de redactie nog niet na kunnen gaan.
Sjoert Benthem en Griet Merk zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnerweg bee Deever.

De redactie heeft de tweede zwart-wit foto van het Chineze restaurant op 15 mei 2002 gemaakt; zie afbeelding 5. Deze foto is ongeveer op dezelfde plaats genomen als waar de fotograaf in 1906 heeft gestaan. Het lijkt alsof de boom aan de rechterkant daar ook in 1906 stond.
De redactie was ten behoeve van de zeer gewaardeerde leden van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever de samensteller van de zo nodig zo genoemde ‘historische kalender’ voor het jaar 2003. Op de hier afgebeelde bladzijde voor de maand december is de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart ook opgenomen.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is een afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 316.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Afbeelding 4

Afbeelding 5
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze zwart-wit foto van het Chinese restaurant an de Brogge gemaakt op 15 mei 2002.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Diever, ie bint 't wel ..., Historische kalender, Topstuk, Trekschuit, Verdwenen object | Leave a comment

De ieser’n baarge van snikkevaeder Beijer

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 24 juli 1852 verscheen het volgende bericht over de nieuwe ijzeren barge van snikkevaeder Beijer.

Met verneemt, dat waarschijnlijk door den snikkevaarder Beijer de door hem bestelde ijzeren barge in het veer tusschen Assen en Meppel in de vaart zal gebragt worden, alsmede dat de snikkevaarders voorhands van hun voornemen, om ook een nacht-barge-dienst in werking te brengen, hebben afgezien, om de te bezwarende voorwaarden, welke, naar hunne meening, door het Provinciaal bestuur, in het belang van de werken der Hoofdvaart, voor de vergunning, om des nachts te varen, zijn gesteld.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Hoe krijgt de schrijver van dit artikeltje het voor elkaar een artikeltje van één lange zin te maken !
Dat het bestuur van de provincie Drente het varen in de nacht van de snikke tegen hield, dat is wellicht te verklaren vanwege de noodzaak  dan ’s nachts bruggen en sluizen te moeten bemannen.
Een barge was een bepaald type ijzeren trekschuit met een recht vallend voorsteven, een rond klipperachtig achtersteven. en een houten ruime kajuit over de gehele lengte, welke van enkele ramen was voorzien. De barge was in gebruik tussen ongeveer 1850 en 1920. De barge werd evenals de snikke getrokken door een paard.
De redactie heeft in het verleden wel gesproken met olde Deeversen en olde Deeverbroggers, die in hun jonge jaren nog snikkejaeger waren geweest.
Uiteraard deed snikkevaarder Beijer ook Dieverbrug aan.
In het boek An de Brogge, die de heemkundige vereniging uut Deever ter gelegenheid van haar twintigjarige bestaan heeft uitgegeven, is ook enige aandacht besteed aan de snikkevaeder, de snikkejaeger, de snikke en de barge. Daarvoor hulde, hulde, hulde. 

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Dreinse Heufdvoat, Scheepvaart | Leave a comment

In de grote saele van Blok an de Deeverbrogge

Op deze kleurenfoto uit het einde van de zestiger jaren van de vorige eeuw is het interieur van het restaurant van hotel-restaurant-café-pension Blok an de Deeverbrogge te zien, met name het duur en chique ogende linker deel van de ruimte. In die tijd stonden nog geen vaasjes met plastic bloemen op de tafels. Wel stond op elke tafel het bekende flesje van het nog steeds bestaande merk Maggi met veel zouthoudend soeparoma.
Zijn de stoelen van het merk Stako (stapelbare en koppelbare stoelen) en an de Deeverbrogge gemaakt in meubelfabriek De Toekomst ?
De ruimte was niet altijd ingericht, zoals hier is te zien, want soms, in elk geval enige keren aan het einde van de vijftiger en het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw, was deze ingericht als een soort van bioscoop, rijen stoelen achter elkaar, zonder tafeltjes daartussen. Voor de kinderen van de laegere skoele an de Tusschendarp in Deever werd dan op een woendagmiddag een kinderfilm gedraaid.
Het is de redactie van ut Deevers Archief niet bekend of daar ook kinderen van andere scholen uut de gemiente Deever bij aanwezig waren of dat deze op een andere middag naar de film gingen kijken. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan hier duidelijkheid over verschaffen ?
Het was in die tijd voor kinderen in elk geval wel een ware gebeurtenis naar een echte film te kunnen kijken.
In deze heden ten dage totaal anders uitziende ruimte vond in november 2014 de uitreiking plaats van het eerste exemplaar van het onvolprezen boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever ter gelegenheid van haar twintigjarige bestaan uitgaf. Een afdruk van deze geschiedkundig zeer waardevolle kleurenfoto had zeker niet misstaan in het hiervoor genoemde boek. Jammer, weer een opgelegd kansje gemist.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Bedrief, Boek An de Brogge, Hotel Blok | Leave a comment

Gedèènkplaete veur de bouwers van de noodbrogge

Bee de Deeverbrogge is op 2 augustus 2020 een gedenkteken voor de mannen, die een noodbrug in de nacht van 11 op 12 april 1945 bouwden, naast de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge. Vrijwilligers van de heemkundige vurening uut Deever hebben dit gedenkteken geplaatst. Onder meer de Olde Möppeler (Meppeler Courant) besteedde in het bericht Historische Vereniging Gemeente Diever plaatst informatiepanelen aandacht aan deze toch wel zeer te waarderen actie.
Op de in de tijd van de coronapandemie gemaakte foto bij het bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) is duidelijk waar te nemen dat de heren vrijwilligers van de heemkundige vurening uut Deever de coronaregel van anderhalve meter afstand houden tot elkaar zeer in acht nemen. Daarvoor hulde.
De redactie van ut Deevers Archief zag her en der in Nederland al wel steeds vaker objecten van weervast staal, zoals plantenbakken, tafelpoten, buitenhaarden, erfafscheidingen, tuinwanden, borderwanden, boomkorven, zandbakken en kunstobjecten. En nu blijkt de als lessenaar gebogen plaat, waarop het nieuwe informatiepaneel bee de Deeverbrogge is aangebracht, ook van weervast staal te zijn gemaakt. Weervast staal is een soort staal dat te herkennen is aan de bruine roestkleur. De zeer dichte roesthuid schermt het dieper liggende materiaal af van zuurstof, waardoor het roesten sterk wordt vertraagd. Weervast staal is een metaal dat bestaat uit koper, fosfor, silicium, nikkel, chroom en ijzer. Dit staal gaat bij blootstelling aan weersinvloeden vroeg of laat roesten. Die roestlaag zal de nu nog een beetje donkere plaat mettertijd een opvallend oranjebruine kleur geven.
De redactie van ut Deevers Archief weet nog niet van welk materiaal de nieuwe gedenkplaat op de lessenaar is gemaakt.

De tekst op de gedenkplaat bee de Deeverbrogge luidt als volgt.
In de nacht van 11 op 12 april 1945 werd door burgers van Dwingeloo en Diever hier een noodbrug gebouwd, ter vervanging van de opgeblazen Dieverbrug.
Dit gebeurde om de gevechtswagens van het Canadese leger de mogelijkheid te bieden de Drentsche Hoofdvaart over te steken om het getroffen Diever te bevrijden.
In de nacht van 7 op 8 april waren bij Diever Franse parachutisten geland met als doel de Duitse zaak achter het front te ontregelen en bruggen en kruispunten te bezetten om de opmars van de geallieerde legereenheden te bespoedigen. Op 10 april verschenen Duitse troepen in Diever, die wilden afrekenen met de para’s. Ze namen 11 willekeurige mensen in gijzeling en toen de aanval op de para’s volledig mislukte en waarbij de Duitsers verliezen leden, werden de 11 gegijzelden zonder pardon geëxecuteerd. Slechts één van hen wist te overleven door zich urenlang dood te houden.
Het gerucht ging dat de Duitsers weer terug zouden komen om hun werk af te maken. Een delegatie Dievernaren verzocht de Canadese commandant om naar Diever te trekken, maar deze zei dat dit onmogelijk was zonder een deugdelijke noodbrug. Het kon nog enige dagen duren voordat de genie arriveerde met materiaal om een brug te bouwen. Burgers van Dwingeloo en Diever besloten om de klus dan maar zelf te klaren en bouwden die nacht een noodbrug.
In de vroege ochtend van 12 april trokken de eerste gevechtswagens over deze noodbrug, waardoor het westen van Drenthe en grote delen van Friesland eerder konden worden bevrijd dan gepland.

Afbeelding 1 – De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op 27 november 2020

Afbeelding 2 – De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op 27 november 2020

Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Oorlogsmonument, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Wat overbleef van ut huus van Oar’nd Mogg’n

In de geparametriseerde Duitsgezinde krant het ‘Drentsch dagblad: officieel orgaan voor de provincie Drenthe’ verscheen op 4 augustus 1942 het navolgende berichtje.

Diever.
In café Balsma was een vergadering belegd om te komen tot een vrijwillige organisatie van den Nederlandsche Volksdienst en Winterhulp Nederland.
De leiding van dezen avond berustte bij het wijkhoofd den heer Muggen te Dieverbrug.
De spreker de heer Zuurveen gaf een uiteenzetting van den Nederlandsche Volksdienst en Winterhulp Nederland.
Het doel van deze vergadering is volkomen geslaagd, aangezien een voldoend aantal personen aanwezig was om een vrijwillige organisatie tot stand te brengen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De vergadering werd gehouden in het café Brinkzicht van de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma an de brink van Diever. Tussen de regels door van het gecensureerde bericht is te lezen dat in Diever de belangstelling voor beide genoemde organisaties te verwaarlozen was.
Voor wat het waard is vermeld de publiek toegankelijke webstee nl.wikipedia.org over de Nederlandsche Volksdienst het volgende.

De Nederlandsche Volksdienst werd in juli 1941 opgericht naar voorbeeld van de National Sozialistische Volkswohlfahrt in nazi-Duitsland. De oprichters van de Nederlandsche Volksdienst wilden al het sociale werk in Nederland bundelen in de Nederlandsche Volksdienst. De Nederlandsche Volksdienst werd opgericht op initiatief en met hulp van de Duitse bezetter. Het ging de bezetters om de nazificering van het maatschappelijk werk in Nederland. Door zich in te zetten voor de Nederlandsche Volksdienst steunde men in feite de vijand.

Voor wat het waard is vermeld de publiek toegankelijke webstee nl.wikipedia.org over de organisatie Winterhulp Nederland het volgende.
Winterhulp was de gemeenzame benaming van de Stichting Winterhulp Nederland, de nationaal-socialistische organisatie die tijdens de Tweede Wereldoorlog alle maatschappelijke hulpverlening, zoals verleend door de overheid, particuliere en kerkelijke organisaties in Nederland moest overnemen.

De publiek toegankelijke webstee www.alledrenten.nl bevat de volgende gegevens over het wijkhoofd an de Deeverbrogge:
Beilen, huwelijksakte, 1 mei 1931, aktenr. 18
Bruidegom: Arend Muggen, geboren te Diever; oud: 28 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Albert Muggen, beroep: landbouwer, en Klaasje van Wester, beroep: zonder.
Bruid: Henderika Ovinge, geboren te Beilen; oud: 27 jaren; beroep: zonder, dochter van Hendrik Ovinge, beroep: landbouwer, en Jantje Lutken, beroep: zonder.
Diever, geboorteakte, 17 september 1902, aktenr. 47
Kind: Arend Muggen, geboren te Diever op 16-09-1902, zoon van Albert Muggen, beroep: landbouwer; oud: 29 jaren, en Klaasje van Wester, beroep: zonder.

Klaasje van Wester was een dochter van Hendrik van Wester en Geertje Huisman, die in Wittelte an ‘t Olde Voartie woonden. Klaasje van Wester was een zuster van boer en wethouder Roelof van Wester uit Oldendiever.
Een plaatselijk wijkhoofd was een vaste medewerker van de nationaal-socialistische liefdadigheidsorganisatie Stichting Winterhulp Nederland. Winterhulp had tot politieke doel hulpbehoevenden in de winter materieel te ondersteunen.

Op de foto, die de redactie van ut Deevers Archief heeft gemaakt op 8 februari 2008, is de situatie te zien, zoals deze al sinds jaar en dag is te zien op de plek waar de woning van Arend Muggen tot in de Tweede Wereldoorlog stond. Het huis is in de Tweede Wereldoorlog afgebrand. De geruchten gingen dat een belangrijk lid van het Drentse verzet het huis in de brand heeft gestoken. Maar dat is niet meer na te gaan. In de volksmond was het commentaar: See hept hum in de braand esteuk’n.

De redactie heeft nog niet na kunnen gaan of in het boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever heeft samengesteld ter gelegenheid van haar twintigjarig bestaan, enige aandacht is besteed aan ‘de Brogge in oorlogstijd’.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Café Balsma, N.S.B., N.S.B.'er, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen object | Leave a comment

De situatie an de Deeverbrogge bij tegenlicht

Deze afbeelding van de Deeverbrogge en van hotel-café-restaurant-pension Blok staat op een ansichtkaart die in augustus 1955 is uitgegeven door Hotel Blok, telefoon 05219-456.
Diverse Deeverse verzamelaars zijn in het bezit van een exemplaar van deze ansichtkaart.
Van deze ansichtkaart is ook een herdruk bekend uit juni 1959.
Deze kaart is dus veel verstuurd. Blijkbaar hadden toen lang onderweg zijnde handelsreizigers en vrachtvervoerders tijdens een eet- en drinkpauze in café-restaurant Blok even de tijd een kaartje met een berichtje naar huis te sturen. Hotel-café-restaurant Blok stond in 1955 aan de drukst bereden route tussen Meppel en Assen; de autosnelweg A28 tussen Meppel en Assen bestond toen nog niet.
Op de bij tegenlicht gemaakte kleurenfoto, die de redactie van ut Deevers Archief op 21 november 2014 om ongeveer twee uur in de middag heeft gemaakt, is een enigszins ander beeld te zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Dreinse Heufdvoat, Hotel Blok | Leave a comment

Sukersakkie van Hotel Blok – TT Assen – 29 juni 1957

De klanten van het hotel-café-restaurant van Johan Blok an de Deeverbrogg kregen in 1957 bij hun kopje koffie of kopje thee ter gelegenheid van de motorracewedstrijden op het oude TT-circuit bij Assen op 29 juni 1957 een tijdlang -zolang de voorraad strekte- suiker in een zakje met rode opdruk: 29 juni 1957, TT, Hotel Blok, Dieverbug (Dr), aan de weg Assen-Meppel, telefoon 05219-456.
In die tijd -de autosnelweg A28 bestond nog niet- gingen veel inwoners uut de gemiente Deever in de namiddag na afloop van de TT hen de Gowe, hen de Deeverbrogge, hen de Oll’ndeeversebrogge of hen de Wittelerbrogge om -stinkende en schadelijke uitlaatgassen trotserend- naar de zeer vele voorbij komende motoren te kijken.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Sukersakkie | Leave a comment

Krieg now toch de groet’n uut Deeverbrogge

De zwart-wit ansichtkaart met vier beelden die fraai de sfeer uitstralen van het interieur van de in die jaren zeer gerenomeerde accomodatie Blok an de Deeverbrogge is in juni 1959 uitgegeven en werd verkocht in hotel Blok.
Op de afbeelding in het midden van de ansichtkaart is een aanzicht van hotel Blok te zien. Let daarbij vooral aan de linkerkant op de autobus van de D.A.B.O., die de lijndienst tussen Möppel, Deever, Dwingel en Ass’n onderhield en aan de rechterkant op de auto’s van de handelsreizigers.
Bij de redactie van ut Deevers Archief is van de afbeelding in het midden van de ansichtkaart helaas geen aparte ansichtkaart bekend. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief heeft die aparte ansichtkaart wel ?
Bij de redactie zijn nog geen oudere uitgaven van de hier afgebeelde ansichtkaart bekend. Wie van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief kan en wil de redactie attenderen op een oudere uitgave ?
De redactie heeft de kleurenfoto van het Chinees-Indische specialiteiten restaurant Hui Mao an de Deeverbrogge gemaakt op dinsdag 31 juli 2018.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Hotel Blok | Leave a comment

Gill’nd redt de saandtrein langs de Deeverbrogge

In het Nieuwsblad van het Noorden van 3 maart 1916 verscheen het volgende bericht over de aanleg van de stoomtramlijn van de N.V. Nederlandsche Tramweg Maatschappij tussen het treinstation van Meppel en de Hijkersmilde langs de Drentse Hoofdvaart. 

Diever, 2 maart. De aanleg van den stoomtramweg Meppel-Smilde gaat verbazend snel vooruit. Gillend beweegt zich de zandtrein langs Dieverbrug tot aanvoer van zand uit de Havelterberg. Later denkt men het benoodigde zand tot aanvulling van den weg op de Smilde te vinden. Gaat alles naar wensch, dan is per 1 mei, naar men ons verzekert, de verbinding Meppel-Smilde tot stand gekomen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het artikel geeft aan dat de aannemer van de aanleg van de tramlijn het zand voor de aardebaan van de tramlijn uit de Havelterberg haalde en dat zand via het reeds aangelegde deel van de lijn tot ver voorbij de Deeverbrogge naar het werk vervoerde. Een op het oog nogal kostbaar lijkende operatie, want de boermarke van Diever had de aannemer ongetwijfeld voor weinig geld wel een geschikt zandduin in de buurt van de Drentse Hoofdvaart willen verkopen.

Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht, Stoomtram | Leave a comment

Gedèènktiek’n veur de bouwers van de noodbrogge

In de krant Ons Noorden : Dagblad voor de Noorderlijke Provinciën verscheen op 21 mei 1945 een artikel over de bouw van de noodbrug over de Drentse Hoofdvaart an de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945. 

Drentse burgers bouwden een noodbrug en bevorderden Frieslands bevrijding
In de dagen rond 10 april, zo lezen we in de ‘De Vrije Pers’, toen het noorden des lands in angstige spanning op de bevrijdende Canadese legers wachten, ging er in de huizen van de gelukkigen, die nog op de een of andere elektrische stroom konden bemachtigen, geen uur voorbij of de radio werd ingeschakeld. De hoop op een spoedige verlossing van de onderdrukkers nam toe in de harten van de Drenten en Groningers, naarmate de tankspitsen ten oosten van de Drentse Hoofdvaart vorderen. Doch de Friezen werd het bang te moede, want wie beter dan zij wisten welk een barrière hen nog van de oprukkende geallieerden scheidde.
Op een goede dag meldde Herrijzend Nederland evenwel plotseling dat de Canadese spitsen tot in Diever doorgedrongen waren. Diever, over het kanaal dus ! En zie, dit bruggenhoofd is het geweest van waaruit Frieslands victorie begon. Dit bruggenhoofd danken zij aan een Drentse opzichter van de Rijkswarerstaat, die met een aantal burgers onder het bereik der Duitse kanonnen een noodbrug over het kanaal sloeg, waarover het materiaal naar het westen stroomde.
Canadezen en Polen rukten in Drente op: Coevorden werd bevrijd, de spoorbaan Hoogeveen – Meppel gepasseerd, in de loop van woensdag den 11de april werd Dwingeloo bereikt en even later stonden Canadezen aan de Drentse Hoofdvaart. Waarschijnlijk heeft het niet in de bedoeling gelegen om de operaties onmiddelijk aan de westzijde ervan voort te zetten, doch er zijn factoren geweest (onder andere een noodkreet van de bevolking van Diever, waar de terugtrekkende Duitsers een vreselijke terreur uitoefenden, die den commandant de wenselijkheid van een noodbrug bij Dieverbrug deden inzien.
Mer een opzichter van de Rijkswaterstaat te Dwingeloo werd overleg gepleegd en deze bood aan, met een aantal vrijwilligers een brug over het kanaal te slaan. Ondanks het feit, dat zowel Wittelte, de Haarsluis (ten zuiden van Geeuwenbrug) en Diever nog in Duitse handen was en het geenszins denkbeeldig was, dat deze tegen het vallen van de avond het vuur zouden openen, meldden zich tal van vrijwilligers aan. Uit deze groep werden zestien bekwame vaklui gekozen, die ’s avonds om negen uur met de bouw begonnen, terwijl de Canadezen de wegen naar Dieverbrug onder controle hielden.
De opdracht van den Canadesen commandant luidde: maak  mij een brug geschikt voor maximaal 9-tons wagens en zorg, dat die morgenvroeg half zeven klaar is. De hele nacht zwoegden en ploeterden de vrijwilligers, daarbij gebruik makend van een bok met marteriaal afkomstig van de op last van de Duitsers afgebroken Wittelterbrug, welk materiaal men speciaal met het oog op de bouw van een noodbrug in de buurt had weten vast te houden. De mannen smaakten tenslotte het genoegen debrug tien minuten voor de vastgestelde tijd gereed te hebben en onmiddellijk starten de geallieerde colonnes naar het westen.
Het schijnt dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het ‘bruggenhoofd Dieverbrug’ het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft ‘meegenomen’. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog de zelfde dag werd Wolvega bereikt.
Is het teveel gezegd, dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (Pingjum onder andere) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van de Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft in verschillende berichten aandacht besteed aan het ontbreken van een gedenkplaat of een plaquette voor de Deeverse en Dwingeler bouwers van de noodbrogge over de Drentse Hoofdvaart an de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945. De noodbrug is gebouwd geweest naast de Deeverbrogge, die de Duitse bezetter tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog heeft opgeblazen. Op de hier afgebeelde helaas niet zo scherpe foto is de opgeblazen Deeverbrogge te zien; deze foto is vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog gemaakt door de an de Deeverbrogge wonende Wopke Veenstra.
Zie bijvoorbeeld het bericht Bouwers van de noodbrogge kriegt un gedenkplaete
en het bericht De seu’m lange staarke ieser’n balk’n van Oere Chris of het bericht Un ienvoldig gedèènktiek’n bee de Deeverbrogge.
De bedoeling van het bestuur van de Historische Vereniging Gemeente Diever was deze gedenkplaat, eigenlijk meer een vandalenbestendig informatiebord, met enig ceremonieel te plaatsen op 12 april 2010, vijfenzeventig jaar na de bevrijding van de gemiente Deever, te plaatsen, maar vanwege de corona-pandemie bleek dat helaas op die datum niet tot de mogelijkheden te behoren.
In de webstee van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 3 augustus 1920 het bericht Historische Vereniging Gemeente Diever plaatst informatiepanelen
waarin ook verslag wordt gedaan van het plaatsen van een bord met gegevens over de bouw van de noodbrogge ter plaatse van de vernielde Deeverbrogge.
Het is er dus na 75 jaren en bijna 4 maanden na 12 april 1945 dan toch nog van gekomen. Niet op initiatief van de Hoge Heertjes En Dametjes Van Het Dagelijks Bestuur Van De Gemeente Westenveld En Hun Ambtelijke Medewerkers In Hun Luxe Onderkomen Aan de Gemeentehuislaan In Deever, maar wel op het zeer te waarderen intiatief van de Historische Vereniging Gemeente Diever.
De redactie zal te gelegener tijd bij een volgende fotoexpeditie door de gemiente Deever, dus zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf enige foto’s van dit gegevensbord maken, en toevoegen aan dit bericht.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Kalkovens staan op instorten

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 21 januari 1983 het navolgende artikel ‘Voor 1 februari omheining Kalkovens in Dieverbrug’ naar aanleiding van gedoe over de bouwvallige restanten van de kalkovens an de Deeverbrogge.

Burgemeester en Wethouders van Diever hebben eigenaar H.J. Schoenmaker uit Haren gesommeerd vóór 1 februari de kalkovens in Dieverbrug af te schermen voor het publiek. Het gevaar is niet ondenkbeeldig dat stukken van de schoorsteenpijp naar beneden vallen. Twee jaar geleden is dat al eens gebeurd, overigens zonder dat zich ongelukken voordeden. Ook toen hebben Burgemeester en Wethouders gevraagd te zorgen voor een deugdelijke afrastering rond de uit het begin van deze eeuw stammende kalkovens. Hieraan heeft Schoenmaker niet voldaan.

Omdat het gevaar voor instorten nog groter is geworden, wil het college op grond van de bouwverordening nu kracht achter het verzoek zetten. ‘De tand des tijds heeft haar nimmer aflatende invloed steeds sterker doen gelden.’ staat in een brief aan Schoenmaker. Hij krijgt een maand de tijd in beroep te gaan. Anders zal de gemeente op zijn kosten voor een deugdelijke omheining zorgen. De gemeente heeft overigens al diverse pogingen ondernomen de kalkovens te behouden. ‘Ons is gebleken dat de helft van de kalkovens in ons land de laatste jaren verloren is gegaan.’ zegt burgemeester H.G. Overweg. ‘Het is goed om er dan een paar te bewaren. Deze ovens zijn daarvoor uitermate geschikt, omdat uit de plaats een relatie blijkt met de omgeving. De schelpen werden altijd aangevoerd via de Drentsche Hoofdvaart.
Als bestuurslid wist Overweg de Stichting Oud-Drenthe voor de ovens te interesseren. Onderhandelingen met de eigenaar liepen echter op niets uit. ‘Schoenmaker vroeg zo’n hoge prijs dat de stichting daar niet op in kon gaan. Er zijn altijd mensen die denken dat in een dergelijk bezit geld zit. Het is echter eigenlijk een negatief bezit, want je hebt er geen donder aan. Voor het behoud van de ovens was het voor de stichting echter wel interessant.
De suggestie van Schoenmaker de gemeengte de oven te laten opknappen leverde geen gehoor op. ‘Wanneer je geen eigenaar bent moet je niet gaan prutsen aan dit soort dingen.’ zegt Overweg. ‘Ook in het belang van de toeristen willen we wel graag iets doen. De kalkovens zijn een monumentje van industrie en techniek.’
Ondersteuning krijgt het gemeentebestuur van G.J.P. Bloemen uit Doesburg. Tijdens zijn vakantie maakte hij kennis met de ovens. In een brief aan de gemeenteraad pleit Bloemen voor het behoud ervan. De gemeenteraad van Diever vergadert donderdagavond.

Posted in Aarfgood, An de Deeverbrogge, Bedrief, Boek An de Brogge, Cultuurhistorie, de Kalkoo’ms, Dreinse Heufdvoat, Economie | Leave a comment

Pakschuitendienst tusschen Assen, Deever en Meppel

In de krant Het nieuws van den dag (kleine courant) verscheen op 20 april 1877 het navolgende bericht over de oprichting der naamlooze vennooschap ‘Drentsche Stoombootmaatschappij’ te Assen.

De Koninklijke bewilliging is verleend op de akte van oprichting der naamlooze vennootschap ‘Drentsche Stoombootmaatschappij’ te Assen. Vooreerst zal de werkkring der Maatschappij zich bepalen tot het voortzetten der volgende bestaande diensten: de stoombootdienst tusschen Assen en Zwolle, de bargedienst tusschen Assen en Groningen, de bargedienst tusschen Assen en Veenhuizen en de pakschuitendienst tusschen Assen, Diever en Meppel.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 haar twintigjarige bestaan opgeluisterd met een zo genoemd jubileumboekje met de titel ‘An de Brogge’, waarin aandacht is besteed aan de geschiedenis van de Deeverbrogge.
De redactie van ut Deevers Archief heeft helaas nog niet de tijd gevonden het te verifiëren, maar in het boekje zijn ongetwijfeld onderwerpen aan de orde gekomen, zoals de bewoners, de boerderijen, de Bolderhoek, de pothokken, de snikke, de barge, de stoombootdiensten van de Drentse Stoombootmaatschappij, de postkar, de pakschuiten, de scheepvaart, de turfschippers, de transportbedrijven, het steenfabriekje, de kalkovens, Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, het busstation, de bedrijvigheid aan de loswal, de bedrijven an de Deeverbrogge, de stoomtram, de tramlijn, het tramemplacement, het tolhek, het tolhuis, veeartsen, hotel Blok, logementen, café-logement Sjoert Benthem, Concordia, het hulppostkantoor, meubelfabriek ‘de Toekomst’, het melkfabriekje, de wolspinnerij, de schutsluus, de brogge, de Tweede Wereldoorlog, de winning van turf, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen, dansavonden, enzovoort, enzovoort.  

Het is interessant te lezen dat ook vóór 1877 een pakschuitendienst werd onderhouden tussen Assen, Deever en Meppel. Waren dat door paarden getrokken pakschuiten ? Een mooie klus voor de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever om dit uit te zoeken.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Scheepvaart, Stoombootdienst | Leave a comment

Wee goat mit de snikke hen de maarkt in Möppel

In het Nieuwsblad van het Noorden van 9 december 1896 verscheen het navolgende bericht over ervaringen met het vervoer per snikke van de Deeverbrogge hen Möppel.

Gemengd Nieuws.
Uit Drenthe’s Zuidwesthoek schrijft men aan de ‘Telegraaf’:
Drente is door natuur en menschen beide al zeer stiefmoederlijk bedeeld. De dorre heidevelden worden door een armoedige bevolking bewoond, die tracht van den schralen zandgrond nog te halen wat er van te halen is. En de noodige middelen om de producten van het land te vervoeren en het vee ter markt te brengen, zijn slechts in geringe mate aanwezig en vaak nog zeer primitief. In deze streken moet men zich nog behelpen met het vervoer per trekschuit, een vaartuig dat de bewoners van meer bevoorrechte oorden alleen nog uit de Camera Obscura kennen.
’t Is waar, er bestaat een dagelijksche stoombootdienst der Duitsche Stoomvaartmaatschappij. Hare booten, die geregeld vice-versa voorbij Smilde, Dieverbrug, Uffelte en Havelte tusschen Meppel en Assen varen, maken het mogelijk aan de bewoners deze streken iederen dag naar Assen of Meppel te komen en hunne goederen daarheen te zenden.
Maar wat voor het personenvervoer nogal lastig is, deze booten gaan zeer langzaam (moeten langzaam varen om de wallen der Drentsche Hoofdvaart niet te beschadigen) en, dit geldt ook voor het goederenvervoer, zijn erg duur. Onze boeren maken er dan ook zoo weinig mogelijk gebruik van. Wie op een niet-marktdag te Meppel moet wezen, en ieder onzer moet er zo nu en dan zijn, gaat per as (op een hortenden boerenwagen) of te voet.
Als het markt te Meppel is (Donderdag) echter gaan we met de trekschuit. We staan vroeg op, vroeg althans naar steedsche opvatting en hebben als we te Uffelte of Havelte wonen, keus uit vier trekschuiten, twee Dieversche en twee Uffelter ‘snikken’ (trekschuiten). Haasten we ons een goed plaatsje uit te zoeken, want als gewoonlijk zijn de ‘snikken’ meer dan vol, zoowel aan personen als goederen.
Wat ’n drukte in het vroege morgenuur. Boeren op klompen (de boer draagt altijd klompen, ’s zomers en ’s winters, op zon- en werkdagen), die varkens of geiten voortdrijven, boerinnen met oorijzers en witte muts, die manden met boter of eieren torsen, allen eenigszins gehaast om in de ‘snikke’ te komen. Als allen er op zijn, gaat het vooruit, natuurlijk bedaard, doodbedaard, zooals het ’n trekschuit past.
Laten we nu eens ’n kijkje in de schuit nemen. Op vier banken zitten de passagiers opeeengepakt. Geen wonder bij zo’n volte, dat het er na een half uur al benauwd wordt en dat veelen te Meppel met ‘heufdzeerte’ (hoofdpijn) aankomen. Men gaat er niet licht toe over een raampje open te zetten, want de plattelandbewoner vreest niets zoozeer als tocht. De meest verpestende atmosfeer is hem liever dan het gevaar van op den tocht te zitten. Opgeschoven ramen ziet men zelfs op snikheete zomerdagen slechts bij uitzondering.
Zo’n reisje per trekschuit is, vooral als men het reeds eenige malen meegemaakt heeft, verre van gezellig. Luister slechts waar die passagiers over redeneeren, die beide bejaarden in den hoek. De een beweert dat goede mest toch het ware is op het land, waarop zijn buurman bevestigend knikt.
Deze bewering is niet juist nieuw voor hem; vóór een halve eeuw was hij reeds van de waarheid ervan overtuigd. Een oud moedertje weidt lang en breed uit over de goedkoopte van de varkens, welke mededeeling voor hare toehoorders ook al geen nieuws bevat. Maar wie ter wereld zou in een trekschuit ook met wat nieuws voor den dag komen ? Toch heb ik eens een nieuwe stelling hooren te berde brengen, door een man met bakkebaardjes en laarzen. Hij was dus geen boer. Een boer heeft baard noch knevel en draagt geene laarzen. De man beweerde met kracht van woorden en gebaren (hij sloeg bij iederen zin met flinken slag op knie van zijn buurman), dat het liggen gaan van koren niet zooals de heerschende mening wil, het gevolg is van ‘geilheid’ (overmaat aan vruchtbaarheid), maar juist van gebrek aan voedsel. In de ‘snikke’ is men het altijd met elkaar eens, maar met iemand, die wat nieuws zegt, nooit. Een opgewekt debat volgde dan ook. Gelukkig, want dit verkortte den drie uren langen, anders eindeloos vervelende tocht.
Godsdienst-quaesties of politieke dito worden nooit besproken.  Eens hoorde ik ’n ouden boer beweren, dat die van Houten toch een flinke kerel was en dat de nieuwe kieswet … Maar de man praatte voor doove oren. Niemand interesseerde dit onderwerp. Er is maar ééne enkele zaak, die den boer belang inboezemt, dat is het boerenbedrijf. Al wat daar buiten ligt, is voor hem terra incognita en daar bemoeit hij zich niet mee.
Eindelijk zijn wij te Meppel, want zelfs een trekschuit komt ten slotte op de plaats harer bestemming.
Meppel is onze stad. Meppel is de plaats waar we onze producten en onze ‘diers’ (dieren) aan den man brengen. Meppel is ook de stad, waar we onze inkoopen doen. Veele huishoudelijke benodigdheden, kleederen, eetwaren (vleesch bijvoorbeeld) zijn op onze landbouwdorpen niet te krijgen of erg duur en slecht.
We zijn dan erg ingenomen met onze ‘snikken’, die ons den tocht naar Meppel mogelijk maken en zeer goedkoop zijn. Toch zouden we het oogenblik zegenen, dat we hier een tram kregen. Er is al eens over gepraat. En we hopen dus !

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De schrijver van bovenstaand artikel probeert op enigszins negatieve manier de sfeer in de snikke te beschrijven tijdens het vervoer van mensen, dieren en goederen van de Deeverbrogge hen Möppel.
Desalniettemin nochthans evenwel had publicatie van dit verhaal in hoofdstuk 6 ‘Transport’ van het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan, niet misstaan.

In het artikel is sprake van Duitsche Stoomvaartmaatschappij, dit moet zijn Drentsche Stoomboot Maatschappij.
Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1906 ligt voor de löswal an de Deeverbrogge de snikke van waarschijnlijk Sjoert Benthem.

Abracadabra-451

Abracadabra-449

Abracadabra-450

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Dreinse Heufdvoat, Snikke, Vervoer | Leave a comment

De Kalkoom’s tuss’n de Deeverbrogge en de Gowe

De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassies scannen en vervolgens die papperrassies in de container voor het oude papier gooien), bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geachte afbeelding. In dit geval betreft het de foto op het voorblad van het niet meer bestaande maandblad Oeze Volk, nummer 7, jaargang 17, juli 1973. Wim Hiddingh uit Gasselte is de maker van de zwart-wit foto voor deze afbeelding.

In 2016 is na ruim zestig jaren helaas een einde gekomen aan het mooie Drentstalige maandblad Oeze Volk. Het Drentstalige tijdschrift Zinnig is met ingang van 1 januari 2017 de opvolger van Oeze Volk. Het Huus van de Toal is de uitgever van het tijdschrift Zinnig.

De redactie heeft toestemming van de redactie van het tijdschrift Zinnig dit mooie voorblad in ut Deevers Archief te tonen. De redactie van ut Deevers Archief is de redactie van Zinnig bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.

An de Deeverbrogge in de buurt van de Drentse Hoofdvaart langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe zijn de restanten van een kalkovencomplex aanwezig. Dit industriële complex is in 1925 gesticht als schelpkalkbranderij en omvatte in dat jaar twee schelpkalkovens en een leschhuis.
Later is het complex uitgebreid met een elektrisch aangedreven transporteur, een derde oven en een schelpenbreker.
De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter helaas jammer genoeg afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De grondstof schelpen en de brandstof turf werd aangevoerd in schepen. Het product schelpkalk werd afgevoerd in schepen, maar ook in vrachtwagens en tot 1933 ook in goederenwagons van de Nederlandse Tramweg Maatschappij (N.T.M.).

Posted in An de Deeverbrogge, de Kalkoo’ms | Leave a comment

De bouwers van de noodbrogge en de Canadezen

De Amerikaanse Begraafplaats in Margraten in Limburg, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en een monument ter nagedachtenis van de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog.
De begraafplaats ligt tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer aan de provinciale weg N278 in Zuid-Limburg.
In een soort van museumkapel zijn drie grote landkaarten te zien, deze zijn in steen uitgebeiteld, met beschrijvingen van de verrichtingen van het 1e Amerikaanse leger in de regio gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Op één van de kaarten is met een grote rode pijl naar het noorden van Nederland de opmars van the Canadian First Army, het Canadese Eerste Leger aangegeven. Zie de bijgevoegde kleurenfoto.
De naam Canadian First Army is samen met de andere geallieerde legers ook onder de kaarten vermeld. Zie de bijgevoegde kleurenfoto. Eenheden van het Canadese Eerste Leger speelde een belangrijke rol bij de bevrijding van Noord-Nederland van de Duitse bezetter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.
De bouw van een noodbrug over de Drentse Hoofdvaart ter plaatse van de opgeblazen Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 maakte de bevrijding van Deever mogelijk en versnelde en vergemakkelijkte de opmars van de Canadezen naar Friesland, Drenthe en Groningen.
Het mag toch wel een beetje onverschillig worden genoemd dat an de Deeverbrogge in de buurt van de Deeverbrogge nog steeds geen teken van waardering voor de bouwers van de noodbrug en voor het Canadese Eerste Leger is te vinden. Dit teken had mooi alsnog na zeventig jaren op 12 april 2015 onthuld geweest kunnen zijn geworden. Bijvoorbeeld door een nazaat van aannemer Albert Schipper uut Leggel. Daar is het helaas niet van gekomen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft beide kleurenfoto’s op 16 augustus 2015 op de Amerikaanse Begraafplaats in Margraten gemaakt. De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste versie van dit bericht op 20 augustus 2015 in ut Deevers Archief gepubliceerd.

Abracadabra-439 Abracadabra-440

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Canadezen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Hotel Johan Blok – 1949

Op deze ansichtkaart, die is uitgegeven in 1949, is een druk bezocht hotel-restaurant-café-pension Blok te zien.
De weg langs de vaart was een belangrijke noord-zuid route door Drente, totdat de route langs Meppel, Hoogeveen, Beilen en Assen werd omgebouwd tot de A28 autosnelweg.
Het restaurant was met name een pleisterplaats voor gemotoriseerde vertegenwoordigers van stofzuigerfabrieken, radiofabrieken, uitgevers van encyclopedieën, verzekeringsmaatschappijen en al het andere wat via vertegenwoordigers aan de man werd gebracht.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de merken van de auto’s aan de redactie van ut Deevers Archief doorgeven ?

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Hotel Blok, Rieksstroatweg | Leave a comment

Stoomtram van de N.T.M. an de Deeverbrogge

Bijgaande afbeelding van een zwart-wit foto met begeleidende tekst is opgenomen in het in 1999 uitgegeven fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’. Het betreft -voorzover bekend bij de redactie van ut Deevers Archief- de enige bewaard gebleven foto van de stoomtram van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij bij de halte an de Deeverbrogge in de lijn Meppel – Hijkersmilde langs de Drentse Hoofdvaart.

57 – Dieverbrug – Stoomtram bij café-logement Johan Blok – 1930
De maker van deze unieke foto is de zeventienjarige student Laurent Jacobus Biezeveld, de zoon van de directeur van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij. Voor deze afbeelding is een nieuwe afdruk van het originele gave
negatief op glasplaat gebruikt.
Dieverbrug was altijd een belangrijke halte in de tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart. Locomotief 6502 staat voor het café-logement van Johan Blok. In het café bevonden zich de wachtkamer en het  agentschap van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij.
Uit de pijp van de met kolen gestookte stoomlocomotief komt rook, de veiligheidklep op de regulateur blaast stoom af en ook uit de demper van de vacuümrem ontsnapt stoom. De personeelswagen is aan de locomotief gekoppeld.
De drie mannen bij de locomotief zijn van links naar rechts van Benthem, de stationchef van de Hijkersmilde, controleur van Blanken en tramconducteur Koopmans. In het machinehuis zit machinist Jan Postuma.
In een heel aardig reisverslag uit 1926 is het volgende te lezen:
Ik was in Dieverbrug. U zult vrees ik het wijze voorhoofd rimpelen en trachten de geest te scherpen om zich te herinneren waar een plaats met zo’n naam dan wel in ons land mag liggen. Het ligt afgelegen, tenzij u een plaatsje, dat een uur stoomtramhobbelen buiten het Drentsche stadje Meppel ligt, tot de gemakkelijk te bereiken plaatsen rekent. Een paar maal per dag brengt het trammetje een enkele reiziger, wat postzaken en een pakje. Door het kanaal varen de schepen af en aan. Dat is zo de communicatie met de buitenwereld, waaronder in de eerste plaats zijn te verstaan Meppel en het nog verderaf liggende Assen…………
In 1930 was alles al aan het veranderen. De stoomtram kreeg steeds meer concurrentie van de vrachtwagen. Op 15 februari 1933 reed de laatste tram, waarna de rails werd verwijderd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In ut Deevers wordt het Nederlandse woord tram niet op zijn Hooghaarlemmerdijks als trèm, maar gewoon als tram uitgesproken, vandaar dat in de titel van dit bericht het woord stoomtram gewoon als stoomtram is geschreven.
Voor de hier getoonde zwart-wit foto heeft de beheerder van het foto-archief van de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen speciaal voor opname in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’ een nieuwe afdruk van het originele negatief op glasplaat laten maken. De redactie is de beheerder daarvoor bijzonder erkentelijk.
In de tekst staat abusievelijk vermeld dat N.T.M. de afkorting is voor Noord-Nederlandse Tram Maatschappij, dit moet zijn Nederlandsche Tramweg Maatschappij.
Het bedrijf Hohenzollern in Düsseldorf-Grafenberg leverde de hier afgebeelde locomotief in 1881 als rangeerlocomotief aan de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) met kenteken SS 401. In 1890 werd het kenteken van deze locomotief gewijzigd in SS 602. Bij de samenvoeging van het materieelpark van de Hollandse Spoorwegmaatschappij (H.S.M.) en de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) in 1921 kreeg de hier afgebeelde locomotief het kenteken NS 6502. De Nederlandse Spoorwegen hebben de NS 6502 in 1930 uit dienst genomen. De N.T.M. was 
in dat jaar de huurder geworden van deze locomotief.
De zeventienjarige Laurent Jacobus Biezeveld is de maker van deze scherpe foto. Hij is geboren op 9 oktober 1913 in Nijehaske. Hij is overleden op 20 juli 1969 in Haren in de provincie Groningen. De foto is derhalve gemaakt tussen oktober 1931 en oktober 1932. En niet in het jaar van 1930, zoals abusievelijk staat vermeld in de tekst bij de foto in het boekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ .
Dan staat locomotief NS 6502 bij het café-logement van Johan Blok. Het oude café-logement brandde in de nacht van 30 op 31 maart 1932 af. Derhalve heeft Laurent Jacobus Biezeveld de foto gemaakt tussen 9 oktober 1931 en 30 maart 1932. Echter gelet op de bladeren aan de bomen, zal hij de foto uiterlijk een aantal weken na 9 oktober 1931 hebben gemaakt.
Locomotief NS 6502 oogde als een primitieve locomotief met een open stoomleiding van de regulateur naar de cilinders en een veiligheidsklep op de regulateur. De NS 6502 woog maar 18 ton en was niet zo’n sterke locomotief. Dat was bij de N.T.M. soms wel te merken. De NS 6502 kon een zware goederentrein best op gang brengen, maar als deze dan lang aan één stuk moest doorrijden, dan kon hij geen stoom houden. Toch voldeed de NS 6502 wel bij de N.T.M., met name in de personendienst.
Op bijgaande afbeelding staat de van Meppel komende locomotief NS 6502 met goederenwagons bij de halte an de Deeverbrogge. De halte an de Deeverbrogge was een belangrijke halte voor Deever en voor Dwingel, die beiden op een afstand van ruim twee kilometer van de halte waren gelegen.
Na het opheffen van de tramlijn in 1933 werd de halte an de Deeverbrogge een belangrijke overstapplaats, toen de Drentse Autobus Onderneming (D.A.B.O.) de personendienst overnam. De bussen uit Meppel en Assen ontmoetten elkaar hier, waarna de één doorreed naar Deever en de andere naar Dwingel. Bij terugkomst ontmoetten ze elkaar weer en vervolgde de bus uit Meppel zijn reis naar Assen en vervolgde de bus uit Assen zijn reis naar Meppel.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de huidige situatie ter plekke van de situatie op de zwart-wit foto gemaakt op 31 juli 2018.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Stoomtram, Topstuk, Vervoer | Leave a comment

Ansichtkoate mit de groet’n van de Deeverbrogge

Café- en logementhouder Sjoert Benthem is de uitgever en verkoper van deze in 1910 verstuurde fraaie ansichtkaart met vijf kleine afbeeldingen van objecten/onderwerpen an de Deeverbrogge. De kaart is gedrukt bij Riezebos in Ede.
Van elk van de vijf objecten/onderwerpen heeft Sjoert Benthem gelukkig ook een ‘gewone’ ansichtkaart uitgegeven en verkocht.
De redactie van ut Deevers Archief toont van drie van deze ansichtkaarten al een afbeelding en zal bij gelegenheid van de andere twee ansichtkaarten ook een afbeelding tonen.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van de Opzichterswoning an de Deeversluus.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart met de stoomboot Assen-Zwolle.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van Hôtel S. Benthem.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café Sjoert Benthem, Café-Logement Sjoert Benthem, Deeversesluus | Leave a comment

Un grote saandvlakte in Ellert en Brammert

Deze zwart-wit ansichtkaart van een zandvlakte in recreatiecentrum Ellert en Brammert is in 1968 uitgegeven.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Bosgesichte, Ellert en Brammert | Leave a comment

Frömmes op de fietse op de Riekseweg

Niet veel verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever zijn in het bezit van een exemplaar van deze fraaie zwart-wit ansichtkaart. Let vooral op de auto bij het Hotel Dieverbrug van Johan Blok. Het merk van de auto is helaas niet te onderscheiden.
Werden dit soort ansichtkaarten in oplagen van 100 of 200 of 500 exemplaren gedrukt ? Jij kunt dus maar beter wel een echt exemplaar van deze kaart in jouw verzameling hebben.
Deze ansichtkaart uit juli 1954 is gedrukt door Jos-Pé in Arnhem en werd verkocht door de Firma Kuiper, Levensmiddelenbedrijf Diever, die toen ter tijd ook een vestinkje had an de Deeverbrogge an de Riekseweg bee’j ’t schut.
Wie zou de Riekseweg overstekende vrouw op de fiets toch kunnen zijn ?
Wie het weet, die mag het natuurlijk melden aan de redactie van ut Deevers Archief.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Hotel Blok | Leave a comment

Bouwers van de noodbrogge kriegt un gedenkplaete

De redactie van ut Deevers Archief besteedde op 5 augustus 2013, alweer in een tamelijk ver en grijs verleden, in zijn eerste versie van het bericht Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons aandacht aan het veel te lang ontbreken van een gedenkteken voor de mannen die in de nacht van 11 op 12 april 1945 an de Deeverbrogge een noodbrogge over de Voat bouwden, de noodbrogge waarover in de vroege morgen van 12 april 1945 met succes zwaar materieel van het Eerste Canadese Leger, de Royal Canadian Dragoons, kon passeren, waarna in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog en de Canadezen via de de Kop van Overijssel snel konden oprukken naar en in Friesland.

De redactie citeert het volgende stukje tekst uit zijn eigen hiervoor genoemde bericht:
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien.

De redactie was bijzonder verbaasd in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 14 februari 2020 het bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ te lezen. In dit bericht wordt verslag gedaan van het tijdverdrijf van het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever in het kader van het herdenken van het feit dat het op 12 april 2020 het vijfenzeventig jaar zal zijn geleden dat in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog.

De redactie citeert uit het hier afgebeelde bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ het volgende stukje tekst:
Op initiatief van de Historische Vereniging wordt er dit jaar ook een gedenkplaat geplaatst bij de Dieverbrug. In de nacht van 11 op 12 april 1945 werd door burgers van Dwingelo en Diever hier een noodbrug gebouwd, ter vervanging van de opgeblazen Dieverbrug. Dit gebeurde om de gevechtswagens van het Canadeze leger de mogelijkheid te bieden de Drentse Hoofdvaart over te steken om het getroffen Diever te bevrijden. ‘We willen de inspanningen die burgers uit Dwingelo en Diever hebben geleverd om een noodbrug te bouwen blijven herinneren.’, zo vult redactielid Henk ter Walle aan.

De redactie denkt dat hij in zijn hiervoor genoemde bericht uit 2017 het eerste stille voorzetje en het eerste stille aanzetje voor het plaatsen van een gedenkplaat an de Deeverbrogge heeft gegeven. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit. De redactie is bijzonder verrast dat het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever nu, maar wel met veel herrie, veel bombarie en veel poeha-publiciteit, opvolging geeft aan het voorzetje en aanzetje van de redactie en eindelijk uitvoering gaan geven aan het plaatsen van de door de redactie bedoelde gedenkplaat bee, op, an, onder, boo’m, veur of aachter de Deeverbrogge. En dan doaluk mit ut hiele stellegie mit de snötkoker veuran bee de gedèènkplaete bee de brogge stoan veur de foto in de kraante. Dat kan ook weer een mooi sappig persmomentje opleveren voor de politiek gesneefde ex-wethouder en nog steeds voorzitter van de induttende heemkundige vereniging uut Deever.

De redactie van ut Deevers Archief wil de wakkere bezoeker van ut Deevers Archief graag aanraden vooral ook het bericht De zeven lange sterke ijzeren balken van Oere Chris te lezen. In dat bericht beschrijft wijlen Albert Schipper uut Leggel in zijn eigen streektaal op bijzonder nuchtere wijze de bouw van de noodbrogge an de Deeverbrogge. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit en bij leven geen erkenning.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons

In de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden is een plaquette ingemetseld. De tekst op de plaquette herinnert aan 15 april 1945, de dag waarop de Royal Canadian Dragoons (het eerste Canadeze leger) Leeuwarden bevrijdde van de Duitse bezetter.
De tekst op de plaquette luidt:
Het jaartal 1883. Het wapen van de Royal Canadian Dragoons. Het jaartal 1983.
De Engelse tekst: This plaque commemorates the liberation of Leeuwarden on 15 april 1945 by the Royal Canadian Dragoons. It was placed here during the centennial of the Regiment.
De versnelde bevrijding van Friesland was mogelijk geworden, omdat mannen uit de omgeving van de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadeze leger een sterke noodbrug bouwden ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentse Hoofdvaart.
Van wijlen de schrijver Reinder Smit uut Dwingel is het volgende korte citaat:
Het schijnt, dat de Canadeze bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadeze verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadeze bevrijders. Zo ook de plaquette in de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden, zoals te zien op bijgaande foto.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De eerste versie van dit bericht is gepubliceerd op 5 augustus 2013.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Dorpskracht, Gemiente Deever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De seu’m lange staarke ieser’n balk’n van Oere Chris

De redactie van ut Deevers Archief heeft het navolgende door hem gehouden interview met Albert Schipper ook in het papieren blad Opraekelen 07/1, nummer 1 van het jaar 2007, gepubliceerd. Opraekelen is nog steeds het papieren blad van de heemkundige vereniging uut Deever. Albert Schipper was ten tijde van het interview 93 jaar. Hij werd  geboren op 7 augustus 1913. Hij overleed op 25 mei 2008 in Hoogeveen. Zie zijn overlijdensbericht aan het einde van dit bericht.

Noodbrug draagt zware tanks dankzij de ijzeren balken van Oere Chris
Albert Schipper vertelt over de bouw van de noodbrug an de Deeverbrogge

Aannemer Albert Schipper uit Leggelo (was een van de drie Dwingeler timmermannen die in de nacht van 11 op 12 april 1945 an de Deeverbrogge meebouwde aan de noodbrug over de Drentsche Hoofdvaart. Het was dank zij Albert Schipper, die zeven lange ijzeren balken wist te liggen op de Molenstad, dat ze de noodbrug uiteindelijk voldoende sterk konden maken voor de opmars van de derde Canadeze Infanterie Divisie, via Diever en Steenwijk naar Leeuwarden. Hij stemde in met het publiceren van zijn verhaal in het streekdialect: “Ik viene ’t wè good d’ai ’t in oense toal opskrieft.” Hij en zijn twee overleden collega-timmermannen hebben zich er altijd over verwonderd, waarom Diever nooit een blijk van waardering heeft gegeven voor hun daad. ”As wee ’t neet edoane haad’n, wie wet wat d’r dan in Deever gebeurd was.”

Die dag in ’t begun van de oorlog, dat mien vae overleed
Ik ware 27 joar, toe mien vae overleed, ’t was in ’t begun van de oorlog. Doar he’k ’t wel ontzettend moeilijk mit ehad. Het was op ’n zoaterdag. Wee waarkt’n op zoaterdag. ’s Mörns kwaamp mien vae hiel vrog bee mee. Hee zee teeg’n mee: ”As ie now ies ee’m hen Zuudwolde goat.” Wee möss’n doar nog ’n klein keweigie kloar maek’n, ’t was wat schilderwaark. Dat kön tot an die dag nog neet offewaarkt wödd’n. Mien vae zee: ”As ie dat now is ee’m kloar maekt. Kan weed’n, d’ai mit de middag d’r mit kloar bint. Ik zee: “Now ja, ik kan ’t allicht probeer’n.” Ik gung op de fietse hen Zuudwolde. ’s Mörns um zes ure.
Toe ’k weer kwaam van Zuóudwolde, mös ik eerst nog ee’m bee de olde van der Laan langes. Die zaat woar Klaas van der Laan ok ezeet’n hef en doar woar die jonge vent now ok zit. Ik mösse bee de olde van der Laan wat betoniezer mitneem’n. We möss’n nog een betonplaete stött’n op ’t kaarkhof. Die plaete was veur ’t graf van Hendrik Jonkers van de Gowenbrogge, van ’t café, die was overleed’n. Mien vae haar mee ezegd: “Dan goa ik wè ee’m hen de Concordia. Dan könt die nog wat grind en zaand en portlaand hen ’t kaarkhof breng’n. Dan kö’w noamedag ee’m die betonplaete stött’n.” Now dat was good. Afijn, ik kwaam wer uut Zuudwolde. Ik gung bee van der Laan an. In name ‘t betoniezer mit. En wie komp doar an mit paerd en wagen? Willem Fledderus van Jan Fledderus, die kwaamp van Leggele en die wol hen Lhee, hen zien vae. Hee zee: ”Ho, paerd.”, en toen: ”Albert !” Ik zee: ”Wat hei ?” Hee zee: ”Hei al hen huus ewest ?” Ik zee: ”Nee, ik bin d’r net weer van Zuudwolde, wat is d’r dan?” Toe zee hee: “Ie mag ’t wel maek’n d’ai hen huus koompt, want oen vae is dood!” Hee zee ’t ok moar zo teeg’n mee. Ik zee: ”Loop now toch gauw hen! Wat hei veur proaties? Wat hei? Bee’j neet good?” Hee zee: ”Nee, nee, hee is harstikke doad.” Ik bin so bee de olde van der Laan weg efietst, hen huus, doar kwaam ik an, ’t was zo, mien vae was dood.
Hee was bee de Corcordia, bee Jan Kannegieter um materioal te bestell’n. Bee Jan Kannegieet haar’n zee ‘t ’r over ehad. Over de oorlog. Jan Kannegieter was ok zo teeg’n de Duutsers. Moar mien vae, oh God, die was so fel teeg’n de Duutsers. Ik zee seins teeg’n hum: ”Man, ’t komp wè weer terechte. Komp allemoale wè weer good. Ie moot geduld hebb’n. Kan weed’n dat alles wel weer good komp.” Moar dat kön volgens hum neet so weed’n.
Wie komp doar bee Jan Kannegieter binn’n? Het was ’n boer van ’t Strovledder. Veur die boer haare we vlak veur de oorlog een neje boerdereeje ezet. Hee was N.S.B.’er. En woar krie’t in de oorlog over? Over de oorlog! En so ok mit die boer. Mien vae kwaamp oarig an ’t bekvechten mit hum. ”Donder ie toch dood”, haar mien vae teeg’n hum ezegd. Jan Kannegieter heft mee laeter dat allemoale wè verteld. Mien vae leup mit de gekke kop bee Concordia weg. Bee de Deeverbrogge gung hee over de leuning hang’n. Doar kwaamp die boer van ‘t Strovledder ok an. Hee vreug: ”Wat hei Schipper?” Mien vae haa’r teeg’n hum ezeegd: ”Ie moot deur goan, want aans bin ik in stoat um oe in de voart te drokk’n!”. ”Now”, haar die boer ezegd, ”mee in de voart drokken kö’j now neet, doar bin ie veul te minnig veur. Wat ai hebt dat weer ik neet, moar dat kreeg ie now neet kloar. Ik daachte da’k oe moar mitneme, d’ai hen huus kwaa’m, d’ai bee Greetie kwaa’m.” Dat hef hee ok edoane. He hef mien vae hen huus ebraacht. Dat moot ik hum noagee’m, dat hee dat veur mien vae edoane hef.
Mie mow haar ezegd: ”De dokter möt koo’m.” ”Now”, zee die boer, ”dan zal ’k wè ee’m bee de dokter angoan en teeg ’m zegg’n dat hee möt koo’m. De dokter hef er ewest. Hee zee teeg ’m mie mow: ”Ik zal ’m een spuitie gee’m, dan is hee over een half uurtie wel weer de man.” Hee hef hum een spuitie gee’m. Toe haar mien vae teeg’n mien mow ezegd: ”Maek ’t eet’n moar kloar, dan koon’k d’r dommiet wè of.” Eempies laeter gung mien mow hen kiek’n, moar toe was hee al dood. Mien moeder hef ok neet bee hum ewest. Hee was nog moar 57 joar.

Ik mösse as annemer alles nog leer’n
In de oorlog hare wee prakties gien waark. Moar d’r gung wel ies wat kapot, wat emeuk’n mös wödd’n. Neebouw was d’r hielemoale neet. Ok drekt noa de oorlog neet. Pas in de viefteger joar’n wödde ‘t wat beter. As d’r wat te reek’n was of so sowat, dan zee mien vae: ”Tieken ie moar. Waark ie de tiekenings en de details moar uut.” Ik haar een paer joar tiekenles ehad bee ’n architect in Assen. Mien vae zee: ”Ik reek’n wè, ie könt nog reek’n genog doon, mien jonge. Ut zal oe de strötte nog wè goan uuthang’n. Ik bin ’t amit ok wè zat, moar ie muut wat um oen waark te holl’n. En so sowat meer. Ik zee teeg’n hum: ”Ik weere neet hoe ai rekent en so.” Hee zee: ”Dat komp wè jonge, ie muut oe neet so naer maek’n. Mien vae was d’r al neet meer, toe kwaamp d’r iene bee mee, die wol ’n nee aachterhuus, ’t olde aachterhuus was in mekaer eweit mit ’n storm. Hee vreug mee: ”Kö’j ’n nee aachterhuus veur mee zett’n. Ik zee: “Oh, joawè, dat kan ‘k wè.” Ik mösse toe uutreek’n wat ‘t kostte, moar ik wösse neet hoe a’k mös reek’n. Dat hef me toe geld ekost. Mien mow mös beespring’n, want ik kunt neet betaelen. Teeg’n de man hek ’t ok ezegd: “Ie hebt een goedkoop aachterhuus.” Ik haare beter de papier’n en rekens van mien vae noa mött’n kiek’n.

De Canadezen kwaa’m uut de bos de Drift deur
Ik was zölf op de fietse hen de Brink egoane, umdat wee eheurd haad’n dat de Canadezen in Dwingel kwaa’m. Ik zee: ” Now, ik wil ies ee’m hen kiek’n wat er is.” Toe ’k op de Brink ware, stön’n doar Johannes Noorman en Albert Noorman ok. Doar bin’k toe bee goan stoan. We stön’n posie op de Brink, toe kwaa’m de tanks binn’n ried’n. De Canadezen kwaa’m uut de bos, de Drift deur. Zee bint van Rune koo’m, de bos deur. Zee wödd’n opevöng’n bee Wesseling.

De Deeverbrogge möt gauw weer kloar, aans bee’w te laete
Wee stönn’n doar mit sien dree’n te proat’n, Johannes Noorman, Albert Noorman en ikke. Wee haad’n ’t over de Canadezen en so sowat. Zo ieniens kwaamp Koers, de opzichter van de Riekswaeterstoat, bee oens. Koers woonde an de Deeverbrogge. Die zee teeg’n oens: ”Jonges, ik bin oe alle dree neudig. Ik kan oe alle dree wè gebruuk’n. Wee moot de Deeverbrogge weer kloar hemm’n.” We vreug’n hum: ”Hoe weer ie dan, dat dat möt gebeur’n. Hee zee: ”Ik heb Bart Schoemaker bee mee ehad.” Bart haar ezegd: ”De Duutsers koomt weer hen Deever.” Die haar’n doar ja zo huus ehöll’n. Bart Schoemaker haar ’t mit Koers d’r over ehad. Bart haar ezegd: ”D’r möt wat gebeur’n. We muut zeen dai’w de Canadezen over de brogge kreegt. Zee muut oens help’m, aans binne wee ’t te laete. Koers haa’r overlegd mit de Canadeze commandant. Die haa’r ja ezegd. Wee zeed’n: ”Hoe murre wee dat dan doon ?” Hee zee: ”Ik heb al ’t materioal al, doar he’k wè veur ezörgd. En ik heb ’m praeme weg estopt in ’t Voartie. En holt lig ’r zat op de löswal. Dan zie’w wè, dai’w ’t spullegien an de brogge weer bee mekaer kreegt.” So gebeurde ’t dan.

Op weg hen de Deeverbrogge
Teeg’n de oam’d gunge wee hen de brogge. We gung’n bee Wesseling weg mit twee tanks. En mit ’n dikke zestig man. Alleman wol mit op die dikke tanks. Wee waar’n de Stroombrogge nog neet over, toe waar’n wee de helfte van de mann’n al kwiet. Woar now de holtzaegereeje van Ten Oever is, doar binne wee estopt. Albert Santing woonde d’r toen, ’t was een boerdereeje, hee is laeter hen de Voshaere egoane. Toe zee de Canadeze commandant: ”Hier stopp’m, d’r kan van de Gowenbrogge ok onroad koo’m. Wee moot van dizze kaante eerst de zaeke verkenn’n.” No ja, dat gebeurde, moar d’r kwaamp niks. Dus wee könn’n deur goan. Bee Santing was weer ’n diel van de mann’n vöt. Op ’t laeste kwaa’m wee mit acht man bee de brogge an. Het waar’n jonge kerels, net so as ikke. Wee hebt mit sien achten ewaarkt. De Noormannen en ikke, wee waar’n mit sien dree’n de tummerlui. Wee deud’n ’t tummerwaark. Wie die aandere mann’n waar’n, dat wee ’k neet meer. Van de Deeverse kaante waar’n d’r gien helpers, d’r hef gien meinse uut Deever bee ewest. Ie gaa’m d’r gien acht op, ie waar’n drok an ’t waark, ’t mös ee’m gebeur’n. De Canadeze soldoat’n hebt ok mit ehölp’n. Iene Canadeze soldoat zee drekt al onder ’t waark dat ’t niks wödde. Dat verstönne wee dan neet, moar dat heurd’n wee wè van Koers. Moar wee hebt stiekem deur edoane. We waar’n gewaer ewödd’n dat die mann’n bee ’t kaarkhof in Deever waar’n dood eskeut’n, dat Hendrik Zoer neer escheut’n was en dat Jan Keuning esneuvelt was. We daacht’n toe teminn’n: “Now möt ee’m gebeur’n.” In huus waar’n zee d’r neet zo drok op, da’k hen de brogge egoane ware. Mien vrouw hef wel ’n benauwde naacht ehaad, dèènk erumme.

Wee hebt de noodbrogge ’s naachts ebouwd
Wee haad’n d’r gien locht bee, wee hebt in ’t donker ewaarkt, moar ’t was wel helder weer. ’t Was een heldere naacht, we könn’n alles beste zeen. ’s Naachts was ’r gien volk bee te kiek’n, niks gien volk. De mein’s die an de brogge woond’n, die leut’n heur ok neet zeen. Gien meinse leut heur zeen. Misschien dat d’r laeter wel goent’n ewest bint .Doar geef ie gien acht op. Die he’k neet ezeene. Wee waar’n mit de brogge bezig.

An materioal was er an de Deeverbrogge gien gebrek
Materioal laag er zat op de löswal. Spiekers en so sowat, alles laag er zat op de löswal. Bult’n holt stön d’r. Bee de brogge stön een klein holten gebougie. Doar zaat’n spiekers in, hiele grote spiekers en haemers en gereedschap. Er was zat. We könn’n pakk’n wai ’w woll’n. De Deeverbrogge was ien van de eerste brogg’n over de voart, die op en daele gung. Zee haad’n de brogge opebloas’n. Hee was zo daele ezakt. De brogge was gedieltelijk in mekeaere zakt. Die laag mit deale, doar so. Die lag dwars an Blok zien kaante. We möss’n eerst wat opruu’m bee de brogge. Doar hew eerst ies mit an ewest, zodat de praeme onder de brogge deur kon. Dat kreeg’n we dan ok kloar. We hebt holt eheul’n en hen de brogge esleept. Ja, hoe mörre wee dat doon. We wöss’n neet hoe zwoar zo’n tank was. An dizze kaante van de brogge, over ’t remmingwaark, hei ’w de holt’n balkens en so so wat elegd. Dat hei ’w edoane. Doar is de noodbrogge toe ekoo’m. An dizze kaante van de brogge mösse wee balk’n legg’n over ‘t remmingwaark. Tot de brogge kloar was. Now toe möst ’t moar ies ee’m gebeur’n mit de lichte tank. Die möst ’t eerst ies probeer’n. Hee was nog moar good en wel halfweg de brogge, doar kraekte de zaeke hen. Dat kleine lichte tankie, die zakte halfweg deur de noodbrogge, die stön mit de snoete in ’t waeter. Van ’t iene remmingwaark hen ’t aandere remmingwaark, dat was ’n hiele ofstaand. De lichte tank was veul te zwoar. Die tank is neet in ’t water evöll’n. Hee stön op de kop in de brogge, moar de zwoare tank trök’’m er mit de kettens so weer uut. Die trök ‘m zo de wal op. Nee dat kön neet, nee de brogge was lange neet staark genog. Opzichter Koers stön er toe ok bee. We begreep’m toe ok wel dat de brogge lang neet staark genog was. D’r mös aans wat gebeur’n. D’r mös veele meer holt koo’m. We weer an ’t holt sleep’m. En ondertied, so opiens zee ik: ”Blikstiender, jonges. Ik weere zeum lange iezern balkens te liggen!” Zee vreug’n an mee: ”Zeum iezern balkens ? Woar dan ? Ik zee: “Bee Oere Chris op de Meulestad!” Dat vertelde ik an Koers, de opzichter. Ik zee teeg’n hum: “Ik weere iezern balkens ligg’n, moar dan muu’w hen de Meulestad.” Hee hef mit de Canadeze commandant eproat en so so wat. Die zee: “Loa alles moar ligg’n, goa moar hen iezern balkens haelen.” Het waar’n zeum lange iezern balkens.

Die zeum iezern balkens van Oere Chris hebt de noodbrogge ered
Veur de oorlog was Chris d’r ok al, ok nog in de oorlog. Ik heb Chris good ekend. Oere Chris hef joaren oere ekart, joar’n lang. D’r wödde vaeke Oere Chris ezegd. We zeer’n ok wel ies Chris Kraak. Ik weere zien echte achterneame al neet eens meer. Ik zitte al de hiele tied te prakkezeer’n hoe hee hedde. Hee heul allemoale oere mit van die kiepkarr’n bee de Stroom weg. Over de Stroom laag’n dan lange iezern balkens. Hee kochte bee de boer’n in ’t laand de oere op. Hee haa’r doar als ies epolst of epunt. Hee wös dan: hier zit oere, doar zit oere. Dan gunk hee de boere’n en zee: ”Ie hebt oere onder oen laand zitt’n, woi’t mee verkoop’m?” De boeren woll’n dat vaeke wè. Dan könn’n zee weer paer cent’n beur’n. ’t Was ’n slechte tied. Dan wödde de oere verkocht. Hee haar oeregraevers an ’t waark. Dat waar’n vaaste waarklui. Die gung’n van ’t iene stuk laand hen ’t aandere. De oere wödde verkard hen ’t schip an de Deeverbrogge. Ik weere neet woar de oere hen gunk. Ik daachte dat de oere hen ’t Westen gung. Die mann’n haad’n die iezern balkens over de Stroom ligg’n, veur ’t gleis (redactie: smalspoor). Doar wödde mit de oerekarr’n over hen ereed’n. Dat waar’n kiepkarr’n. Het gleis gung tot halfweg de Deeverbrogge en de Gowenbrogge. An de stille kaante van de voart. Doar net teeg’nover Klaas Fledderus, doar die zaat, moar dan an de aandere kaante van de voart. Doar wödde al die oere hen ekard. En doar laag’n de scheep’m. Doar wödde de oere ’t schip in ekiept. Er kwaam ok wel oere uut Lheebroek. Dat gung allemoale hen de voart. Die zeum lange iezern balkens laag’n toe allemoale bee Oere Chris bee huus, halfweg de Meulestad. Zee laag’n buut’n. Bee Harm Koers en Jannegie Wiechers, net an de aandere kaante van de weg. Die iezern balkens laag’n in de baarm van de weg. Toevallig da’k er toe pas iens langes ekoo’m ware, da’k daachte wat een mooie iezern balkens. Die naacht an de Deeverbrogge scheut mee dat toevallig in ’t zin. Oere was zwoar, gleis was zwoar, kiepkarr’n waar’n zwoar. Die zeum iezern balkens möss’n hiel wat gewichte kön’n till’n as zee over de remmingswaark’n bee de brogge laag’n.

Mit de lichte en de zwoare tank hen de Meulestad
We möss’n van de Canadeze commandant mit de beide tanks die zeum iezern balkens haelen, van die lange iezern balkens. Wee hebt veere op de zwoare tank elegd en dreee an de lichte tank vaast emeuk’n. Dat was ok nog zo mooi. Toe wee die iezeren balkens opheul’n. An dizze kaante van Roelof Koops, doar mösse we over ’n tankval hen. Die tankval laag doar deur de stroate hen, doar mös’n wee toe over een holt’n brogge hen. Het daegelijkse verkeer gung ’r ok over, boerenwaegens en alles gung ’r over hen. Hen gung ’t wel mit de tanks, moar toe wee weer kwaa’m gebeurde ’t. De lichte tank was ’r net good en wel over, toe mit de zwoare tank de holt’n brogge over de tankval in mekaer zakte Dat kwaamp deur die zwoare iezern balkens. Wee zeed’n: ”Now moe wee hier ok nog mit de brogge an.” Moar die grote zwoare tank, die klum soo dwars deur de tankval hen, mit iezern balkens en alles teeg’n de wal op. Die tankval waarkte neet, die was niks eweerd, die hebt de Duutsers veur niks loat’n egrae’m.

De verstaarking van de noodbrogge mit iezern balkens
Mit weer hen de Deeverbrogge. ‘t Holt wödde wat op eruumpt en toe de iezern balkens over de remmingwaark’n en doar weer holt overhen. Van de wal hen ‘t remmingwaark dat kön wel, dat gung wel mit holten balkens. Van ’t iene remmingwaark hen ’t aandere, dat gung neet mit holten balkens, die overspanning was veul te groot. Die praeme mös aachter dat remmingwaark langes. Doar haare wee nog wel moeilijk mit. Aans könne wee d’r neet met de iezern balkens an ’t waark. Wee möss’n eerst al best wat grind in de praeme sleep’m, want hee mös zakken’n, want hee mös onder de brogge deur. Die praeme hei wee tussen de remmingwaark’n  elegt. Toe hei wee al ’t grind d’r weer uut eschöpt, want de praem mös weer hen boo’m koo’m. En toe die iezeren balkens d’r over. Die iezern balkens möss’n vlak ligg’n, die kö’j neet rond legg’n. En toe hei wee d’r weer grind in esleept, want de balkens möss’n zakk’n um op de plekke te koo’m. Dwars over de iezern balkens kwaam een holten dek. Zo hei’w de noodbrogge emeuk’n. Eerst gung’n de lichte tank de brogge op en toe die an de aandere kaaant kwaam gung ’r een hoera op. Toe mös die grote tank ok, die was helder weg zwoarder. Doar stönne wee dan te kiek’n Moar die gung ’r ok wel over, heur. Die lange iezern balkens höll’n ’t wel, D’r laag’n d’r zeum onder.

We möss’n ok nog veur’n ’n bepoalde tied kloar weed’n
Bart Schoemaeker kwaamp allenig op de fietse uut Deever. Twee moal hef hee bee oens ewest. an de brogge. Bart was toe kantoorhouder in Deever. Hee wös dat de Duutsers in Wapse waar’n. Hee zee: ” Ie muut gauw anmaek’n, want zee bint in Wapse.” D’r bint die naacht wel goent’n over schut van Deever hen Dwingel evlucht. De Duutsers haad’n ezegd, dat zee weer kwaa’m. Zee zöll’n grote opruuming holl’n. We möss’n ok nog veur’n ’n bepoalde tied kloar weed’n. Bart Schoemaeker haar doar bericht van ekreeg’n, dat zee in Wapse waar’n. Bart kwam toe ondertied nog weer bee oens. Hee zee: ”Jonges ie muut anmaek’n, want aans bee ’w te laete. Dan pakt zee alles op. Wie wet wat zee dan uuthaelt.” Ik miene dat de Duutsers um zes uure al weer in Deever woll’n weed’n. We waar’n gelokkeg wel op tied kloar mit de noodbrogge. In ’t laeste toe wee bijna kloar waar’n, gung’n ’r meer militairen over de brogge. Toen gunk ’r een militair in de richting van Möppel, Assen en Deever. Die soldoat die bee de Concordia stön, skeut een keer per ongeluk. Ie möss’n iens zeen hoe rap wee van de brogge of waar’n en plat op de grond laag’n. Dat hebt de Duutsers ok eheurd. Toe bin ’t de Duutsers weerum egoane hen Stienwiek. Zee hebt eheurd dat ’r escheut’n wödde. Dat möt de Duutsers ok eheurd hebb’m. Ze möt edaacht hebb’m dat de Canadezen al in Deever waar’n, moar zee waar’n nog moar an de Deeverbrogge. De Duutsers bint neet verder egoane dan Wapse.

De Canadeze commandant hef oens wel bedaankt
Die hef oens mit eneu’m hen Dwingel, toe de noodbrogge kloar was en so sowat. Die hef oens mit eneu’m hen Wesseling We hebt doar lekker eten heur. Zee haad’n de spull’n allemoal bee heur. Doar kön Wesseling van kook’n. Een veuroadwaegen kwaamp laeter aachter heur an. Die was ok mit ekoo’m. Die stön doar bee Wesseling op de Brink. Doar hei’w lekker eet’n ehad, potverdorie. Hei jong, hei jong, dat hare wee ’n schoft neet ehad (redactie: Albert Schipper geniet zichtbaar en lacht, terwijl zijn ogen bij deze herinnering glimmen).

De Canadezen bint hen Stienwiek egoane
Wee waar’n ’s mörns um zesse uur mit de brogge kloar. De Canadezen bint over Deever en Wapse hen Frederiksoord en verder egoane. We waar’n d’r neet bee, ik weere neet wat d’r die mör’n allemoale over de noodbrogge egoane is. Toe waar’n wee bee Wesseling an ’t eet’n. Zee bint deur egoane hen Deever en van Deever hen Stienwiek. Aans was Deever d’r neet best ofekoo’m. Vaaste neet.

Wie hef mien fietse eliend ?
Ik bin toe de Canadezen d’r an kwaa’m op mien fietse hen Dwingel egoane. Mien fietse haar ’k bee Wesseling teeg’n de mure anezet. Toe ’k de aandere mörn terogge ware in Dwingel was mien fietse weg. Die hef iene eliend en nooit weer terogge ebraacht. Ik heb een aandere fietse weer moot’n koop’m.

Ik heb mien verhael over de noodbrogge in de kaarke verteld
Ik heb laeter nooit ies wat van de Canadezen eheurd. Misschien Koers wel, dat weer ’k neet. We zeed’n onder mekaer: ”Wee hebt ’r nooit weer wat van eheurd, da’w de brogge weer kloar emeuk’n haar’n Van Deever hei’w niks eheurd, in Dwingel is ’r nooit meer over eproat. We hebt ’r laeter nooit weer wat van eheurd Koers hef ok gien contact meer ehad mit die Canadezen. Ik heb ok nooit gien contact meer ehad mit Koers, hee is toe ok nog al gauw noar de oorlog ’n keer weg egoane. Koers was een paer joar older dan ikke. Ik hebt d’r laeter mit de Noormannen nog wel ies over ehad. Die zee’n ok: Gek hè, Deever zeg niks, Dwingel zeg ok niks, d’r wödt nooit over eproat. As wee dit neet edoane haar’n, dan was ’t in Deever neet best ofeloop’m. D’r wödt nooit over prakkezeerd, as wee ’t neet edoane haad’n, wat d’r dan in Deever gebeurd was. Wee hebt d’r nooit weer wat van eheurd. Wee hebt d’r nog wè ’n paer moal over ehad onder mekaer (redactie: Albert Schipper doelt op de drie timmermannen Johannes Noorman, Albert Noorman en hij zelf) Een joar of veere, viefe eleed’n he’k ’t nog ies mit Johannes Noorman over de noodbrogge ehad. Hee begun d’r zölf over. Hee zee: ”Ie könt oe wel dood waark’n veur de meins’n, zee waardeert ’t toch nooit.” Ik zee: ”Wat hei dan te dood waark’n.” Hee zee toe: “Mit de oorlog ok, hei’w doar die noodbrogge emeak’n. Wat heur ie d’r van ! Gien meinse hei’w d’r ooit ies weer over eheurd!” Dan zegt Albert Schipper: “Verleed’n joar he’k hier (redactie: in Dwingelo) in de kaarke een lezing höll’n over de noodbrogge. Ik heb ’t neet meer op papier stoan, mien papiertie is vöt. Moar ie könt ja so oen koptillefoon op zett’n en dan mien verhael opskrie’m.”

Noot van de interviewer
Het moet hem een goed gevoel hebben gegeven, dat hij vorig jaar eindelijk werd uitgenodigd zijn verhaal over de bouw van de noodbrug in aanwezigheid van publiek te vertellen. En prachtig en aandoenlijk is dan hoe Albert Schipper, 93 jaar oud, maar levenswijs en bijzonder helder van geest, de interviewer zacht pratend wijst op het betrekkelijke van herinneringen uit een alweer lang verleden oorlogstijd: D’r is altied nog el ies wat ai vergeet, dat zö’j wel ontdekt hem’m. Zo now en dan schöt mee weer wat te bin’n. Ondertied komp mee weer van alles in ’t zin.” En hij lacht zachtjes. Er schoot hem heel wat te binnen. Maar geschiedenis is niet meer dan wat een geheugen in een paar uur prijs kan geven.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de navolgende afbeelding van een luchtfoto is te zien de oude opgeknapte Dieverbrug, zoals deze er in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw bij lag. De noodbrug lag aan de kant van de Geeuwenbrug over de remmingwerken. 
Op de navolgende kleurenafbeelding is het schild van de Royal Canadion Dragoons te zien
In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 28 mei 2008 stond het navolgende overlijdensbericht van Albert Schipper.


Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Operatie Amherst, Opraekelen, Overlijdensbericht, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Sukersakkies van een kantine van Ellert en Brammert

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in januari van het jaar 1968 uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207.
In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw lag het bondsvacantiecentrum later recreatiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge bij het huis met de naam de Wildschut aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de voart tussen Meppel en Assen. Het was in de zomer een druk bezocht vacantiecentrum.
In de zoveelste versie van de recreatiezaal in het hoofdgebouw– zeg maar de kantine – van het vacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge kon men natuurlijk ook koffie en thee drinken. In de kampwinkel naast de kantine van het vacantiecentrum waren – gelet op het reclamebord – ook zakjes Smtih’s Chips te verkrijgen.
De kantine had net zoals zoveel andere kantines, lunchrooms, hotels, restaurants en cafés ‘eigen’ sukersakkies. Twee van die sukersakkies zijn aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief en zijn hier voor de trouwe bezoeker van het Deevers Archief afgebeeld.
De maker van de tekening op de sukersakkies heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar deze min of meer overgetekend van de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart (?). De lange mast met de televisieantenne heeft de overtekenaar op zijn tekening weggelaten. Wellicht bestaat van het sukersakkie ook een blauwe of een gele of een andere uitvoering. Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.
Wie heeft andere sukersakkies van Ellert en Brammert en is bereid daarvan een goede scan naar de redactie te sturen voor publicatie in het Deevers Archief ?
Zie ook een ander bericht in het Deevers Archief.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Ellert en Brammert, Recreatie, Sukersakkie, Tiekening, Toeristenindustrie | Leave a comment

Sukersakkies van een kantine van Ellert en Brammert

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in februari van het jaar 1959 uitgegeven door vacantiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug, telefoon 05219-207.
In de vijftiger jaren van de vorige eeuw lag het bondsvacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge bij het huis met de naam de Wildschut aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de voart tussen Meppel en Assen. Het was in de zomer een druk bezocht vacantiecentrum.
In de zoveelste versie van de recreatiezaal – zeg maar de kantine – van het bondsvacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge kon men natuurlijk ook koffie en thee drinken.
De kantine had net zoals zoveel andere kantines, lunchrooms, hotels, restaurants en cafés ‘eigen’ sukersakkies. Twee van die sukersakkies zijn aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief en zijn hier voor de trouwe bezoeker van het Deevers Archief afgebeeld.
De maker van de tekening op de sukersakkies heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar deze min of meer overgetekend van de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart. Wellicht bestaat van het sukersakkie ook een blauwe of een gele of een andere uitvoering. Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.
Wie heeft andere sukersakkies van Ellert en Brammert en is bereid daarvan een goede scan naar de redactie te sturen voor publicatie in het Deevers Archief ?
Zie ook een andere bericht in het Deevers Archief

abracadabra-569abracadabra-570
abracadabra-568

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Ellert en Brammert, Sukersakkie, Tiekening, Toeristenindustrie | Leave a comment

Waterverfschilderij ‘Bee de löswal an de Brogge’

In het onvolprezen boekje An de Brogge met zwart-wit afbeeldingen (het boekje bevat dus erg helaas geen afbeeldingen in kleur), dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarige bestaan, hebben de samenstellers op bladzijde 216 ook bijgaande door ondernemer Sjoert Benthem in 1905 uitgegeven ansichtkaart opgenomen.
Echter in het boekje is van de ansichtkaart helaas het rechter gedeelte naast de snikke niet opgenomen en dat gedeelte laat juist zo mooi en beeldend de olde dreejbrogge met op de achtergrond een zeilend vrachtschip zien.
Op de ansichtkaart is aan de linkerkant een opslagloods (van hout ?) te zien, met direct rechts daarvan het kruidenierswinkeltje van Olde Oalida.
Het witgekalkte oude gebouw achter de leilinden is het café-logement van Sjoert Benthem en Griet Merk. De grafstenen van beide personen zijn nog steeds te vinden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
In de vaart ligt voor de löswal een bezeild vrachtschip en een snikke (de snikke van Sjoert Benthem en Hendrik Warries ?).
De schilderskring Diever houdt de laatste jaren elk jaar een door haar zo genoemde zomerexpositie in het kerkgebouw aan de brink van Deever, waarbij werkstukken van de leden worden getoond.
Op de door de redactie van ut Deevers Archief op vrijdag 7 augustus 2015 in genoemde kerkgebouw gemaakte kleurenfoto is het fraaie waterverfschilderij ‘Aan de Dieverbrug’ (an de Deeverbrogge) van Ernest Mols te zien.
Het mag de bezoeker van ut Deevers Archief duidelijk zijn dat de zwart-wit-ansichtkaart uit 1905 als kleur-inspirerend voorbeeld voor het fraaie waterverfschilderij van kunstenaar Ernest Mols heeft gediend. De kunstenaar haalt zijn inspiratie graag uit oude ansichtkaarten.
Gelukkig heeft de schilder niet de afbeelding op bladzijde 216 van het boekje An de Brogge als voorbeeld gebruikt.
De redactie van ut Deevers Archief kon het schilderij door de spiegeling van het glas in de omlijsting van het schilderij helaas in het kerkgebouw niet goed fotograferen.
Op 9 april 2020 kreeg de redactie toestemming van de heer Ernest Mols een afbeelding van zijn waterverfschilderij aan dit bericht toe voegen. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Hij was zo vriendelijk een goede afbeelding van dit schilderij voor publicatie in ut Deevers Archief ter beschikking te stellen. Zie de bijgaande afbeelding.
Bezoekers van ut Deevers Archief kunnen met hem in contact treden via zijn telefoonnummer 0521-592005 of via de webstee van Kunstrondje Diever of via de Schilderskring Diever. Hij is bezig met de ontwikkeling van een eigen webstee.

Abracadabra-437

Abracadabra-438

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Kuunst, Scheepvaart, Skildereeje, Topstuk | Leave a comment

Sukersakkie van hotel Blok an de Deeverbrogge

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw lag hotel-café-restaurant Johan Blok an de Deeverbrogge aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de Drentse Hoofdvaart. De autosnelweg A28 van Meppel via Hoogeveen en Beilen naar Assen bestond nog niet. Het was toen een druk beklant hotel-restaurant-café.
Het hotel-restaurant-café had net zoals zoveel andere hotels, restaurants en cafés, enzovoort ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies – aanwezig in de verzameling van ut Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar min of meer (meer min dan meer) overgetekend van een mooie zwart-wit ansichtkaart, die Johan Blok in juni 1956 heeft uitgegeven.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Hotel Blok, Sukersakkie | Leave a comment

Vukaansiecentrum Ellert en Brammert an de Brogge

Deze ansichtkaart werd in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw verkocht in vakantiecentrum Ellert en Brammert. Het kantoor van het vakantiecentrum is op de achtergrond van de ansichkaart te zien. Het gebouw aan de rechterkant is de kantine.
De ingang naar het vakantiecentrum was bij het huis met de naam ‘de Wildschut’ aan de rijksweg langs de Drentse Hoofdvaart tussen de Deeverbrogge en de Gowe.
Heel veel ansichtkaarten uut de gemiente Deever hebben het vakantiecentrum Ellert en Brammert als onderwerp. Deze zeker meer dan tachtig verschillende ansichtkaarten zijn niet zo zeldzaam, maar de grote kunst is wel van al die ansichtkaarten een mooi en gaaf gelopen en en een mooi en gaaf ongelopen exemplaar van de oudste uitgave in de verzameling te krijgen. Ech wè.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie | Leave a comment

Ansichtkoate van ut speulturrein in Ellert en Brammert

Van recreatiecentrum Ellert en Brammert is een groot aantal ansichtkaarten bekend. De redactie van ut Deevers Archief houdt een catalogus van alle bekende ansichtkoat’n uut de gemiente Deever bij. De redactie heeft in deze catalogus ook meer dan zeventig ansichtkaarten van het recreatiecentrum Ellert en Brammert geregistreerd.
Dit goedkope betaalbare recreatiecentrum lag an de Riekseweg tussen de Deeverbrogge en de Gowe met de ingang bij het huis met de naam de Wildschut. Na de sloop van de bebouwing is op het terrein het dure vakantiepark Landgoed ’t Wildryck gebouwd.
Van het klassiek ingerichte speelterrein in het recreatiecentrum Ellert en Brammert is ook een aantal ansichtkaarten bekend, onder meer de hier afgebeelde. Wellicht is het de mooiste en de oudste zwart-wit ansichtkaart van dit recreatiecentrum.
Jij kan deze zeldzame kaart toch maar beter wel in een mooi opbergmapje van zuurvrij plastic in een mooie viergats ordner in jouw eigen vursaemeling van ansichtkoat’n uut de gemiente Deever hebben; ech wè !
Op de afbeelding zijn te zien een paar tolters (schommels), wat zitplanken, een verhard volleybalveldje, een lange loopplank, een wupwap (wipwap), een draaidingetje en saand, veul saand, heel veul saand. Wat willen kinderen nou nog meer !?
Deze ansichtkaart is in 1956 uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Bedrief, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie, Verdwenen object | Leave a comment

Deeverbrogge – Uit de diligence en op de boerenkar

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 24 juli 1852 verscheen het volgende grappige korte bericht over twee diligences die in de buurt van de Deeverbrogge met de assen tegen elkaar reden.

In den nacht van woensdag op donderdag jongstleden zijn de diligence van Burgers, die van Meppel kwam, en die van Visscher en Kiesbrink, die van Assen kwam, tusschen deze plaats en Dieverbrug met de assen tegen elkander gereden, zoodat de eerstgenoemde is beschadigd, en de reiziger, welke zich daarin bevond en welke toevallig de heer Visscher was, de reis in een boerenwagen moest vervolgen; de andere diligence heeft geen letsel bekomen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 zijn 20-jarige bestaan ‘opgeluisterd’ met de uitgave van het jubileumboek ‘An de Brogge’.
In het boek zijn volgens zeggen de resultaten van een zoektocht naar de rijke historie van de Deeverbrogge gepubliceerd.
In het boek zijn volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– kampeer- en bungalowterrein Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialen Concordia,
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Zowaar een zeer indrukwekkende en hopelijk niet-eindige lijst van onderwerpen.
De Deeverbrogge lag vanouds op het kruispunt van twee belangrijke routes. In het boek aandacht besteden aan de scheepvaart en de tramlijn is natuurlijk prima, maar ook aan het rijdende verkeer over de weg had gepaste aandacht mogen worden besteed.
In het midden van de negentiende eeuw was de diligence, een door paarden getrokken reiswagen of postwagen, een veel gebruikt vervoermiddel. Blijkbaar waren in die tijd twee concessiehouders actief op de route langs de Drentsche Hoofdvaart van Meppel naar Assen. En als een diligence het begaf, dan wachtte je als eigenaar van een diligence (Visscher) niet op de diligence van de concurrent, maar dan vervolgde je de reis op een boerenwagen.
De redactie van het Deevers Archief gaf destijds de samenstellers van het genoemde jubileumboek in overweging het hiervoor vermelde krantebericht als annekkedote op te nemen in het boek. Of dit grappige berichtje daadwerkelijk in het boek is opgenomen, dat is bij de redactie niet bekend.

Posted in An de Deeverbrogge, Openbaar vervoer | Leave a comment

De nieuwe gevangenis an de Deeverbrogge in 1852

In de Grunniger Kraante van 19 november 1852 verscheen het navolgende zeer korte berichtje over het nieuwe huis van bewaring an de Deeverbrogge.

Tot leden van het collegie van toezigt over het nieuw gesticht huis van bewaring te Dieverbrug, zijn  door den heer commissaris des Konings in  deze provincie benoemd: de heeren S. van Roijen, burgemeester van Diever en Vledder; mr. G. W. van der Feltz jr., burgemeester van Dwingelo, en mr. W.O. Servatius, advokaat en notaris ter laatstgenoemde plaats, terwijl tot cipier is aangesteld Jan Stoker, gewezen geregtsdienaar te Assen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeleukt met een jubileumboek, waarin volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde zijn gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– recreatiecentrum Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialenhandel Concordia;
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en  filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Voorwaar een hele kloeke uitdagende lijst, waar de dorpskrachten van de Deeverbrogge hun (kunst)tanden in stuk zullen hebben gebeten.

Het arrestantenlokaal stond bij het posthuis van kastelein Wind, later het logement van De Vroome, an de Deeverbrogge.
Mr. Stephanus van Roijen (geboren op 3 september 1798 in Vledder, overleden op 28 februari 1883 in Middelstum) was van 1848 tot 1872 burgemeester in de gemiente Deever. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Gustaaf Willem van der Feltz (geboren op 21 juni 1817 in Groningen, overleden op 4 juli 1863 in Dwingel) was van 1852 tot 1855 burgemeester van de gemiente Dwingel. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Wicher Onko Servatius (geboren op 26 juli 1822 in Zuidlaren, overleden op 2 februari 1892 in Assen) was in de periode 1851-1883 advocaat en notaris in Dwingel.
De cipier Jan Stoker werd geboren op 4 juli 1797 in Assen en overleed op 6 november 1854 an de Deevebrogge.
De redactie weet niet of de twee hier vermelde berichten zijn verwerkt in het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever.


Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht | Leave a comment

Ut hulp-postkantoor an de Deeverbrogge

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 8 maart 1864 het volgende korte bericht over het hulppostkantoor an de Deeverbrogge.

Diever, 6 maart.  Volgens opgave van den brievengaarder van het hulp-postkantoor te Dieverbrug, zijn in het verloopen jaar de navolgende particuliere brieven ontvangen, als: 6408 van Meppel, 4245 van Assen, 605 van Groningen, 139 van Havelte, 968 van Smilde en 336 uit de bus, total 12701 en verzonden: naar Meppel 5695, Assen 4686, Havelte 157 en Smilde 1124, totaal 11662, zoodat het getal verzonden en ontvangen brieven bedraagt 24363.
Wanneer men nu aanneemt, dat van iedere brief 5 cent port wordt betaald, dan hebben deze brieven eene waarde opgebragt van f. 1218,15.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het is wellicht van enig belang te weten dat an de Deeverbrogge ooit een hulppostkantoor heeft gestaan.
Of het kantoor in 1864 op de plek stond waar het hulppostkantoor in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw stond (met hulppostkantoorhouder Jan Doorten), dat is bij de redactie van ut Deevers Archief nog niet bekend.
In het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever zullen ongetwijfeld beelden en woorden zijn besteed aan de postale, telefonische en telegrafische activiteiten an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Postkantoor | Leave a comment

Hotel Blok an de Deeverbrogge verbraand

In het krant De Sumatra Post (!) verscheen op 29 april 1932 een foto van het verbrande hotel-restaurant-café van Johan Blok an de Deeverbrugge. Bij de foto stond het volgende onderschrift.

Het uit de achttiende eeuw daterende dorpshotel te Dieverbrug (Drente), waarin tevens het plaatselijke kantoor van de Nederlandsche Tramwegmaatschappij gevestigd was, is door een fellen brand geteisterd. Het gebouw, dat vroeger als posthuis werd gebruikt, brandde tot den grond toe af. De schade bedraagt ongeveer achtduizend gulden.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Verdwenen object | Leave a comment

Symbionische Zuil op de rotonde an de Deeverbrogge

In de krant Aanpakken verscheen op 7 juni 1995 het volgende hierna afgebeelde korte bericht over het project ‘Kunstrotondes Drenthe’.

Kunstobject op plein Zorgvlied
Zorgvlied. Op het Dorpsplein in Zorgvlied komt in het najaar een kunstobject te staan. Dat gebeurt in het kader van het project ‘Kunstrotondes Drenthe’, waar de gemeente Diever aan deelneemt. Op een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vier meter en een hoogte van een halve meter wordt vier keer per jaar een ander beeld geplaatst. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montage kruis. Het project loop vijf jaar. Na die tijd krijgt één van de beelden een permanent plekje in Zorgvlied.
Over de beelden en de kunstenaars die ze gaan maken is nog weinig bekend. Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘horizon Drenthe’. Horizon omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft horizon de kunstenaar de mogelijkheid om haar of zijn blik op Drenthe in eigen stijl via een kunstwerk gestalte te geven.
De kunstwerken moeten eigenlijk bij rotondes staan, maar die heeft de gemeente Diever niet binnen haar grenzen. Burgemeester en wethouders zijn van mening dat het objekt het beste op het plein in Zorgvlied geplaatst kan worden. Andere lokaties aan de Kruisstraat en de Achterstraat in Diever vielen wegens ruimtegebrek af.
In Zorgvlied is die ruimte wel en er vertoeven de meeste toeristen in deze gemeente. In 1989 is in het hart van Zorgvlied een fraai multi-functioneel dorpsplein met zitbanken aangelegd. Op het plein worden diverse activiteiten georganiseerd. Plaatselijk Belang Zorgvlied, Wateren, Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar het benodigde geld ontbrak. De deelnemende gemeenten aan het kunstrotondeproject betalen elk f. 10.000. Ook de gemeente Vledder doet aan het project mee.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 19 januari 1996 verscheen het hierna afgebeelde bericht ‘Kunstrotonde Drenthe’ krijgt vorm. De redactie heeft dit bericht niet overgetikt.
De redactie verwijst voor de volledigheid ook naar het bericht De Symbionische Zuil past beter in het Ekingerzand.
In het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ was het de bedoeling in de deelnemende gemeenten een kunstwerk op een rotonde te plaatsen. In enige deelnemende gemeenten was echter geen rotonde te bekennen, zodat in dat geval voor het kunstwerk een andere tijdelijke standplaats dan een rotonde werd aangewezen. In de deelnemende gemiente Deever was in 1996 nog net geen rotonde an de Deeverbrogge gebouwd en werd de koloniebrink op Zorgvlied als tijdelijke standplaats van het door de gemiente Deever gekozen kunstwerk aangewezen.
Het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ heeft vijf jaren geduurd en om de drie maanden moet op de sokkel op de koloniebrink op Zorgvlied een ander kunstwerk hebben gestaan. De redactie heeft dit destijds niet zelf kunnen vaststellen, en is daarom op zoek naar een foto van elk van die op de koloniebrink geplaatste kunstwerken.

De tijd is ondertussen voor de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten In De Gemeente Westenveld zo zoetjes aan wel aangebroken om het roesterige kunstwerk met de ronkende naam ‘Symbionische Zuil’ van de koloniebrink op Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotondebrink an de Deeverbrogge, de eerste en gelukkig enige rotonde in de gemiente Deever.
Immers de rotondebrink an de Deeverbrogge is niet zo lang ná de beëindiging van het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ en al vóór de milenniumwisseling aangelegd, dus het roesterige kunstwerk met de naam ‘Symbionische Zuil’ had al twintig jaren op de rotondebrink an de Deeverbrogge kunnen staan en in die periode hadden vele honderdduizenden passeerders het kunstwerk gezien kunnen hebben.
Teneinde De Hoge Heren En De Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten Van De Gemeente Westelveld in enige mate te faciliteren en een beetje gemakkelijk te maken bij de gedachtenvorming heeft de redactie een zo genoemde ‘two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink an de Deeverbrogge met daarop het grote brok roesterige ijzer met de naam ‘Symbionische Zuil’ gemaakt. Zie de afbeeldingen van de rotondebrink van vóór en ná de virtuele plaatsing van het roesterige stuk buispaal met de naam ‘Symbionische Zuil’ op de rotondebrink.        
De reactie heeft de kleurenfoto van de rotondebrink met de richtingaanwijzers an de Deeverbrogge gemaakt op 25 april 2018.
De redactie heeft de zo genoemde ‘two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink met het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ gemaakt op 11 december 2019. De paal voor het bevestigen van de richtingaanwijzers kan zonder probleem in het centrum van de holle buis van het kunstwerk worden herplaatst, dat doet geen afbreuk aan de symbionische waarde en de hyperbionische beleving van het kunstwerk.
De redactie heeft de kleurenfoto van het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ op de koloniebrink van Zorgvlied gemaakt op 21 november 2014.


Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvlied | Leave a comment

Kunstwerk op de rotonde an de Deeverbrogge

De redactie van het Deevers Archief vond bij het digitaliseren (papier scannen en daarna weggooien) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever in één van de dossiertjes inzake kunstwerken in de gemiente Deever bijgaand berichtje uit de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 2 juni 1995.

In kader project Kunstrotondes Drenthe
Kunstwerk voor Zorgvlied
Zorgvlied – Het kunstwerk dat de gemeente Diever in het kader van het project Kunstrotondes Drenthe gaat plaatsen, komt op het dorpsplein in Zorgvlied. In de vergadering van de gemeenteraad van 24 november werd daar positief over beslist, ofschoon de raad aardig verdeeld was. De gemeente Diever heeft geen rotonde binnen de grenzen, maar het college vindt wel dat er plaats is voor een kunstwerk.
Voordat voor Zorgvlied gekozen werd, passeerde een aantal mogelijkheden de revue, zoals de Kruisstraat en de Achterstraat. Het dorpsplein in Zorgvlied werd echter vrij vlot als meest voor de hand liggende locatie gezien. Daar is de ruimte, want de plaats die door de gemeente wordt aangewezen wordt voorzien van een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vierhonderd centimeter en een hoogte van vijftig centimeter. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montagekruis. In Diever is in genoemde straten geen ruimte voor een dergelijk omvangrijk gevaarte.
Het college wijst er op dat in Zorgvlied de meeste toeristen van de gemeente verblijven. ‘In 1989 is in het hart van Zorgvlied een multifunctioneel dorpsplein aangelegd. Op dit plein worden diverse activiteiten georganiseerd, terwijl zitbanken voor de nodige rustpunten zorgen. Plaatselijk Belang Zorgvlied/Wateren/Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar in verband met de investering is de aankoop op de lange baan geschoven’, aldus B en W.
Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘Horizon Drenthe’. ‘Horizon’, omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft ‘horizon’ de kunstenaar de mogelijkheid om zijn of haar blik op Drenthe in een eigen stijl middels een kunstwerk gestalte te geven.
Met Plaatselijk belang wordt op korte termijn overlegd omtrent de locatie op het dorpsplein.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het gooi maar in pet gehalte van dit bericht is tamelijk hoog: horizon Drenthe, een achter de horizon verdwijnend lint van zeer herkenbare sokkels, kunstzinnige horizon.
Al langere tijd is in de gemiente Deever een rotonde aanwezig, namelijk de rotonde an de Deeverbrogge, maar de Hoge Heren Van Het Grote Kunstgelijk Van De Gemeente Westenveld zijn helaas nog steeds niet in staat geweest het kunstig gemaakte stalen voorwerp op de koloniebrink van Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotonde an de Deeverbrogge. Die tijd is nu toch echt wel aangebroken. Maar wellicht is die verhuizing aan de aandacht van de hoofdbeleidsmedewerker voor de schone kunsten van de voorkant van gelijk ontsnapt.
Het is in verleden al een keer voorgekomen dat een groot object van Zorgvlied hen de Deeverbrogge is verhuist, namelijk Villa Laanzicht.

Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvlied | Leave a comment

Tuunvursiering op un heede an de Deeverbrogge

De redactie van het Deevers Archief heeft de hier getoonde kleurenfoto op 26 april 2018 gemaakt bij de winkel met de naam Diverse Pluimage die is gevestigd in un boerdereeje an de Deeverbrogge.
Op de heede langs het fietspad is veelkleurige tuindecoratie te zien. Disse tuunvursiering die in un heede of in de grond kan worden gestoken, trekt bij elke voorbijgang toch steeds weer een beetje de aandacht.
De redactie vond het wel een aardige gedachte deze gekleurde dingen (de redactie is niet bekend met de juiste naam van deze gekleurde dingen) een tijdje te tonen als kopafbeelding van het Deevers Archief.
De redactie heeft deze kopafbeelding gepubliceerd op 4 oktober 2019.
Voor personen die het Deevers echt willen gaan beheersen, zoals kiender van Deeversen die het Deevers neet meer van heur Deevers proat’nde vae en mow hept eleerd, of Drenthenierders (import) die druk en ernstig bezig zijn met een indeeveringscursus Deevers voor Drenthenierders, volgt hier de vertaling van de titel van dit bericht: Tuindecoratie op een heg an de Deeverbrogge. Het gaat in deze titel natuurlijk om het schitterende maar helaas in onbruik geraakte Deeverse woord heede. Het woord tuunvursiering is natuurlijk een vurdeeverdisoasie van het woord tuindecoratie.

Posted in An de Deeverbrogge, Deevers, Kopafbeelding | Leave a comment

IJsvermaak an de Deeverbrogge

Op 28 december 1917 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden het navolgende bericht.

Diever, 25 december – Te Dieverbrug heeft het ijsvermaak Zondagavond een schandelijk verloop gehad. ’s Avonds ontstond in de herberg van de weduwe Benthem ruzie, zoodat de politie genoodzaakt was reeds vroeg deze plaats van samenkomst te sluiten, waarop een paar glasruiten werden verbrijzeld. Later in den avond werd er buiten gevochten, waarbij een in de nabijheid wonend jongmensch een schot in ’t hoofd ontving, dat hem waarschijnlijk een oog zal kosten. Op raad van dr. Houwert heeft de gewonde zich direct naar Groningen begeven om zich daar onder behandeling te stellen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Aardig is te lezen dat in december 1917 an de Deeverbrogge wel op de Drentsche Hoofdvaart kon worden geschaatst, blijkbaar waren de winters in die tijd veel strenger. Met de herberg van de weduwe Benthem wordt het café van Grietje Merk, de weduwe van Sjoert Benthem an de Deeverbrogge bedoeld. Café-logementhouder Sjoert Benthem overleed op 50-jarige leeftijd op 20 maart 1915 an de Deeverbrogge. Zijn vrouw Grietje Merk zette het café tot aan haar overlijden op 30 november 1932 voort, daarbij geholpen door haar dochter Jantje.
Ook in die tijd kon het binnen en buiten uitgaansgelegenheden ruig toegaan.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement Sjoert Benthem | Leave a comment

Un holt’n dekschiptjalkie bee de Deeverse sluus

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 11 een zwart-wit ansichtkaart van de Deeverse sluus opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1906 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer aandacht besteed aan de totstandkoming van de nieuwe Deeverse schutsluis in 1878-1879. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

11 – Dieverbrug – Dieverder schutsluis – 1906
In 1878 was voor het eerst geld gereserveerd op de begroting van het Departement van Waterstaat, Handel en Nijverheid voor de bouw van een stenen sluis ter vervanging van de houten Dieverschutsluis op de Drentsche Hoofdvaart. De nieuwe schutsluis
kwam ongeveer tweehonderd meter ten zuidwesten van de oude sluis te liggen en kwam daardoor in zijn geheel in de gemeente Dwingeloo te liggen.
Na aankoop van de benodigde gronden in het voorjaar van 1878 vond op 27 december 1878 de aanbesteding plaats. Alle inschrijvers zaten echter ver boven de raming, zodat op 31 januari 1879 een herbesteding plaats vond. Het werk werd toen voor 91700 gulden gegund aan Peter Rijnders, aannemer te Valkenswaard.
Het werk bestond uit het maken van een stenen schutsluis, het maken van een afsnijding in de bocht beneden de houten sluis, het gedeeltelijk dempen, verbreden en verdiepen van het bestaande kanaal voor een stroomkanaal en een loswal, het bouwen van een stenen duiker, het bouwen van een ijzeren brug over het stroomkanaal, het bouwen van een sluiswachterswoning, het
opruimen van de houten schutsluis en het maken van een beschoeiing langs de loswal.
Voor het opruimen van de oude sluis en het afdammen van het te verlaten gedeelte moest de vaart een korte periode worden afgesloten. Op 6 oktober 1879 kon de Commissaris des Konings aan de Minister van Verkeer, Handel en Nijverheid melden dat op 4 oktober voor het eerst door de nieuwe sluis was geschut.
Op de foto boomt een schipper zijn houten dekschiptjalkje uit de stenen sluis in de richting van de Dieverbrug. De woning van de schippersfamilie bevindt zich onder het niet verhoogde achterdek.
Recht achter het schip is links de sluiswachterswoning en rechts de woning van de opzichter van de Rijkswaterstaat te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de dag dat de foto in 1906 werd gemaakt, waaide het -aan het wateroppervlak te zien- blijkbaar te weinig om te zeilen van het schip te kunnen hijsen.
De in de tekst genoemde Commissaris van koning Willem III was de heer Van Kuijk.

Het dekschiptjalkje of de dektjalk is geen echt scheepstype, maar een tjalk zonder roef
De redactie heeft de kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt. Het was die ochtend omstreeks 9.00 uur bij de opkomende zon nagenoeg windstil. De op de kleurenfoto zichtbare wit geverfde ruime erker was in 1906 nog niet aan de opzichterswoning gebouwd.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart met de titel ‘Gezicht op de Sluis’ ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 40 van het in september 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

abracadabra-547
abracadabra-548

Posted in An de Deeverbrogge, Deeversesluus, Scheepvaart, Verkeer en vervoer | Leave a comment

Boerenprotest tegen opheffen tramlijn

In de krant Het Vaderland (Staat- en Letterkundig Nieuwsblad) van maandag 6 juli 1931 verscheen het volgende bericht over protesten tegen een mogelijke opheffing van de tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart van Meppel naar Hijkersmilde.

De tramlijn Meppel – Smilde
De besturen van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Handelsvereeniging te Dwingelo, de coöperatieve Zuivelfabriek en Graanmalerij Eemster en Leggelo te Eemster, gemeente Dwingelo, de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Diever, te Diever, de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Ons Belang te Wapse, gemeente Diever, en de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Graanmalerij Nooit Gedacht te Hoogersmilde, pleiten in een adres aan den minister van Waterstaat voor het behoud van de tramlijn Meppel-Smilde. De opheffing van deze tramlijn zou volgens hen een groote ramp betekenen voor den geheelen Zuidwesthoek van Drente, als zijnde het eenige middel voor geregeld snelvervoer, niet alleen voor personen, maar ook voor goederen, die de streek voor haar ontwikkeling noodig heeft en dient af te voeren.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het bestuur en de directie van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Diever aan het Katteneinde in Deever en het bestuur en directie van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Ons Belang te Wapse laten met het behoudende adres aan de minister van Waterstaat zien veel te weinig oog te hebben voor de toen al duidelijke zichtbare ontwikkeling van het vervoer van goederen in vrachtauto’s, waarmee de stoomtram tussen Meppel en de Smilde in toenemende mate moest wedijveren, wat uiteindelijk leidde tot het opheffen van de tramlijn in 1933-1934.
De twee boerenondernemingen zullen bevreesd zijn geweest voor verstoring van onder meer de aanvoer van veevoer en kunstmest vanuit Meppel of de Smilde, de afvoer van zuivelproducten van de twee fabrieken naar de afnemers. Of waen ze bevreesd voor hogere kosten van het transport van goederen per vrachtauto ? Of zagen de twee boerenondernemingen op tegen het investeren van geld in eigen vrachtauto’s ? Maar hoe was het vervoer van de goederen naar en van de twee fabrieken naar de tramhalte an de Deeverbrogge geregeld ? Met paard en wagen ?
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeluisterd met het onvolprezen jubileumboek ‘An de Brogge’, waarin onderwerpen aan de orde komen, zoals scheepvaart, kalkovens, kampeercentrum Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid aan de löswal, hotel Blok, bouwmaterialenhandel Concordia, het postkantoor, de steenfabriek, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden. Ook is enige aandacht besteed aan de tramlijn Meppel-Hijkersmilde.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht, Gemiente Deever, Stoomtram, Süvelfubriek Deever, Süvelfubriek Wapse | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Restanten van de kalkovens

An de Deeverbrogge zijn langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe restanten aanwezig van een kalkovencomplex, gesticht in 1925 als schelpkalkbranderij en in dat jaar omvattende twee schelpkalkovens en een leschhuis. Leter is het complex uitgebreid met een elektrische transporteur, een derde oven en een schelpenbreker. De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De restanten liggen in de buurt van Drentse Hoofdvaart, die van belang was voor de aanvoer van de grondstof schelpen, de brandstof turf en de afvoer van het product schelpkalk.
Het zijn de restanten van twee flesvormige kalkovens van het sedert 1860 door de Alkmaarse koopman W.F. Stoel verbeterde schachtoven-type. De te halver hoogte taps toelopende schacht van de ovens is opgetrokken uit in kruisverband gemetselde zachtrode baksteen en heeft enkele lichtgetoogde lucht-, laad- en los- en kijkgaten; de slanke cilindrische schoorsteen is opgetrokken uit helderrode strengperssteen, heeft klimijzers en ijzeren banden; de top wordt benadrukt door een even uitgemetselde rand. Tussen beide ovens in staat nog het geraamte van een ijzeren transporteur.
De restanten van het kalkovencomplex zijn van cultuurhistorisch en industrieel-archeologisch belang monument vanwege de geschiedenis van de Nederlandse schelpkalkbranderij in het algemeen en die van de provincie Drente in het bijzonder, de betekenis van het complex voor de 20ste-eeuwse economie van Drente en de gemiente Deever in het bijzonder en de herinnering aan deze in de 20ste eeuw aldaar bloeiende bedrijfstak, het feit dat (restanten van) schelpkalkbranderijen in Drente, maar ook in Nederland inmiddels zeer zeldzaam zijn geworden, vanwege het hiervoor vermelde type met een relatief kleine middellijn en een grote hoogte en vanwege de historisch belangrijke ligging aan een waterweg en een provinciale weg.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie hoopt niet dat de flinke groep dorpskrachten van de Deeverbrogge (Deevebroggers, Deevebroggenaren, Broggers, Broggenaren of hoe noemen zij zichzelf eigenlijk ?), die de samenstellers van het boek ‘An de Brogge’ zijn, de cultuurhistorisch waardevolle kalkovens zijn vergeten te beschrijven in hun boek, dat in 2014 ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van de heemkundige vereniging uut Deever is verschenen.
Hopelijk zijn de dorpskrachten niet vergeten in hun boek enige ‘annekkedotes’ op te nemen van de arbeiders van de kalkovens. De redactie heeft de hier afgebeelde kleurenfoto van de twee kalkovens en de restanten van de transporteur bij een donkerazuurblauwe hemel op 1 april 2005 (geen grap) gemaakt.  

Posted in Aarfgood, An de Deeverbrogge, Bedrief, Boek An de Brogge, Cultuurhistorie, de Kalkoo’ms | Leave a comment

Het steenfabriekje van Willem Bolt in de Holthe

In de Provinciale en Asser Courant van 13 september 1856 verscheen de navolgende advertentie van Willem Nicolaus Bolt, eigenaar van een steenfabriekje aan de Deeverbrogge.

Ondergetekende beveelt zich beleefdelijk aan tot het leveren van metselsteenen aan zijne fabriek in de nabijheid van Dieverbrug voorhanden. Diever, augustus 1856.
W.N. Bolt.

In de Provinciale en Asser Courant van 4 juli 1857 verscheen de navolgende advertentie van Willem Nicolaus Bolt, eigenaar van een steenfabriekje aan de Deeverbrogge.

Ondergetekende beveelt zich beleefdelijk aan tot het leveren van oude graauwe mondsteenen, klinkers en andere metselsteenen, aan zijne fabriek in de nabijheid van Dieverbrug voorhanden.
W.N. Bolt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeluisterd met een jubileumboek, waarin volgens zeggen onderwerpen aan de orde zijn komen, zoals scheepvaart, kalkovens, Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid aan de loswal, de tramlijn, hotel Blok, Concordia, het postkantoor, de steenfabriek, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden.
De redactie publiceert dit bericht, teneinde de dorpskrachten, die met het jubileumboek bezig zijn geweest, te complimenteren met het zoeken naar gegevens over de steenfabriek an de Deeverbrogge.
Volgens de lokale deskundige heemkundigen zou deze steenfabriek, beter gezegd dit steenfabriekje, nabij de huidige zuiveringsinstallatie hebben gestaan.
Willem Nicolaus Bolt werd in 1826 in Rottevalle in Friesland geboren. Hij trouwde op 35-jarige leeftijd op 2 maart 1861 met Hennetta Zuanna Slomp uit Havelte. In de Holthe was hij landbouwer en koopman. Maar in welke boerderij woonde hij ? Kinderen van het echtpaar werden in de Holthe geboren.
Het lijkt er meer op dat zijn steenfabriekje meer in de richting van de Holthe en waarschijnlijk ook dichter in de buurt van de vaart moet hebben gestaan.
Als grondstof voor zijn steenfabriekje moest hij natuurlijk zand gebruiken, want waar in de gemeente Diever is goede klei te vinden ? Het is bekend dat Willem Bolt zandduinen kocht van de marke van Diever om daar kalkhoudend zand uit af te graven. Zijn fabriekje zal dus witte kalkzandsteen hebben geproduceerd. Het zou best wel eens zo kunnen zijn geweest dat de plaggenhutten achter in de Bolderhoek zijn herbouwd met kalkzandsteen van het lokale steenfabriekje.
Maar wat zijn oude graauwe mondsteenen en waarom adverteerde Willem Bolt met oude en geen nieuwe ? Grauwe mondsteen blijkt rode baksteen te zijn. Maar werd die rode baksteen in de Holthe gebakken of werd die van elders per schip aangevoerd ?
Willem Bolt verkocht ook klinkers, maar die waren gemaakt van klei. Voerde de koopman Willem Bolt deze klinkers ook per schip aan van elders ?
Het was een mooie taak en uitdaging voor de Dieverbrug-deskundigen van de plaatselijke heemkundige vereniging om één en ander goed en grondig uit te zoeken en in het jubileumboek met een heemkundig verantwoord verhaal te komen, maar daar is het helaas niet van gekomen..


Posted in An de Deeverbrogge, Bedrief, Dorpskracht, Steenfabriekje | Leave a comment

Stoomspinnerij an de Deeverbrogge

In het Nieuwblad van Friesland verscheen op 23 november 1901 het navolgende bericht van de correspondent uit Frederiksoord.

Frederiksoord, 21 bovember – Onze ondernemende plaatsgenoot, de heer J.F. Hilkemereijer, breidt zijne zaken voortdurend uit. Naast de stoomkoffiebranderij alhier is een machinale brei-inrichting, waar tegenwoordig een veertigtal meisjes werken.
De stoomzuivelfabriek van Diever is in den loop van dit jaar veranderd in een stoomspinnerij, die zoveel produceert, dat alles lang niet verwerkt kan worden aan de brei-inrichting.
Daarom wil de heer Hilkemeijer nu, naast de bestaande, een vijftal brei-machines plaatsen, welke door stoom gedreven worden. Deze machines van de nieuwste constructie, zijn al besteld en komen in ’t begin van het volgende jaar in werking.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Na de oprichting in 1899 van de coöperatieve zuivelfabriek aan het Katteneinde in Deever kwam de particuliere stoomzuivelfabriek van J.F. Hilkemeijer an de Deeverbrogge (en niet in Deever, zoals het artikel vermeldt) uiteraard zonder melk te zitten, vandaar dat hij dit fabriekje in 1901 ombouwde tot een stoomspinnerij.
De stoomzuivelfabriek, later stoomspinnerij stond an de Deeverbrogge aan de weg van de Deeverbrogge hen Deever. In het gebouw is later en nog steeds de Concordia gevestigd.
De vraag is of in de dubbele woning aan de weg van Deever hen de Deeverbrogge de an de Deeverbrogge geproduceerde wol eerst werd geverfd, alvorens naar Nijensleek te worden afgevoerd ? Wie heeft daar meer gegevens over ?

Posted in An de Deeverbrogge, Stoomspinnereeje | Leave a comment

Vervanging van de Deeversesluus

In het Algemeen Handelsblad van 14 april 1878 verscheen het navolgende bericht over het koninklijk besluit inzake het vervangen van de Deeversesluus.

Besluiten en benoemingen
Bij koninklijk besluit van 7 dezer is bepaald dat ten behoeve van het maken eener afsnijding in de Drentsche Hoofdvaart, ten einde eene nieuwe sluis op die vaart ter vervanging van de bestaande Dieversluis te bouwen, ten algemeenen nutte, in het publiek belang en ten name van den Staat, ter uitvoering der wet van 9 December 1877, onteigend zullen worden eenige eigendommen, aangeduid in het plan en de kaarten, die op de secretarie der gemeente Dwingelo ter openbare inzage hebben gelegen.

In de krant De Tijd van 14 april 1878 verscheen het volgende korte bericht.

Aanwijzing van de te onteigenen percelen
De Staats-Courant bevat de aanwijzing der perceelen, welke onteigend moeten worden ten behoove van het maken van eene nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart, ter vervanging van de bestaande Dieversluis.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Deeversesluus was in 1878 aan vervanging toe. Steeds 
meer en grotere  vrachtschepen voeren door de vaart. De Deeversesluus lag in de gemeente Dwingel, vandaar dat de betreffende documenten op de secretarie van het gemeentehuis in Dwingel ter openbare inzage lagen. Of in Deever en Dwingel vóór het koninklijk besluit ook allerlei inspraakprocedures zijn doorlopen, dat is bij de redactie niet bekend. De sluus die in de gemiente Dwingel lag, had merkwaardigerwijs niet de naam Dwingelersluus, maar de naam Deeversesluus.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 31 juli 2018 gemaakt. De redactie weet niet of de sluisdeuren van de Deeversesluus aan de kant van het benedenpand uit 1879 dateren, waarschijnlijk niet, maar de versleten deuren zien er wel steeds ecologischer en schilderachtiger uit. Hopeliijk worden deze versleten houten deuren nog lang niet vervangen en hopelijk groeien steeds meer planten op en aan deze deuren, da’s ech wè ecologischer en schilderachtiger.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Deeversesluus, Economie, Scheepvaart | Leave a comment

An de Deeverbrogge – An de Sluus – ±1929

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende tekst over het verleden van de Deeverse sluus gepubliceerd bij afbeelding 53 van een zwart-wit ansichtkaart uit ± 1929.

53 – Dieverbrug – Bij de Dieversluis – ± 1929
Door de drukke scheepvaart was het waterpeil in de Drentsche Hoofdvaart lange tijd moeilijk te handhaven. Daar kwam op maandag 10 november 1925 met het in bedrijf stellen van de nieuwe electrische gemalen bij de Paradijs-, Havelter-, Uffelter, Diever-, Haar- en Veenesluis drastisch verandering in.
Een krantebericht meldt daarover het volgende:
Het heeft zeer veel moeite gekost het zoo ver te krijgen. Ongeveer een jaar is nodig geweest om deze veelomvattende bouwwerken met toeleidingskanalen, stortebedden, grondwerken, enzovoort te voltooien……….
De gemalen zijn er en de opening ervan, mag een voor Drenthe zeer gewichtige gebeurtenis genoemd worden. Al is er op den openingsdag geen feest gevierd, ons inziens was daartoe voor de betrokken streek, ja voor een groot deel van Drenthe alle reden geweest……….
Zijn wij juist ingelicht, dan hebben de nieuwe gemalen een capaciteit van 100 m3 per minuut, dus van 6000 m3 per uur, voorwaar een niet geringe hoeveelheid. Vooral als men weet dat de oude gemalen dateerdend van 1863 het slechts tot 30 m3 per minuut konden brengen. De pompen, zogenaamde verticale schroefpompen, zijn geleverd door de Machinefabriek van Gebr. Stork te Hengelo. De electrische apparaten werden geleverd door Heemaf te Hengelo. Beide fabrieken zijn specialist op dit gebied……….
De ellende, gepaard gaande met den lagen waterstand, is nu geleden. Een beperking tot een diepte van 90 cm zal niet meer voorkomen. Overlading van groote schepen in lichters, wat tot nu toe te Meppel geschiedde, zal niet meer voorkomen……….
Wij zullen eindigen met den wensch, dat deze werken een vooruitgang zullen zijn voor de scheepvaart en tevens voor de landbouwende bevolking van Drenthe……….

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft de bijgevoegde kleurenfoto op 21 november 2014 gemaakt.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Deeversesluus, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Ansichtkaart – Groet uit Dieverbrug – 1914

Dank zij het ondernemerschap van Sjoert Benthem, marktschipper, schipper, schuitenvoerder, tolgaarder, logementhouder en kroegbaas an de Deeverbrogge, zijn door hem in de tijd dat hij kroegbaas en logementhouder an de Deeverbrogge was een hele mooie serie ansichtkaarten van met name café-logement Dieverbrug en de omgeving daarvan uitgegeven.

Op deze ansichtkaart uit ongeveer 1914 is aan de linkerkant café-logement Dieverbrug te zien. In de vaart voor het logement ligt een snikke (die van Sjoert Benthem ?). Bij het logement staan twee vrouwen (Grietje Benthem-Merk en haar dochter Jantje Benthem ?). De brug is nog een draaibrug. In het rechts zichtbare huis woonde veearts Boerhave. In het rechts zichtbare huis heeft later een … Benthem gewoond. Roelof Stoker (Harrio) heeft hier ook gewoond. En ook zuster Broer heeft in het huis gewoond. Het huis is afgebroken, nadat zuster Broer met haar zoon Ludolf Wolter hen de Brinkstroate in Deever was verhuisd (in het jaar … ?).

Sjoert Benthem werd op 18 november 1864 geboren an de Deeverbrogge  (zoon van schipper Hendrik Benthem en Meika Roelfsema). Sjoert Benthem, toen van beroep marktschipper, trouwde op 5 mei 1886 op 21-jarige leeftijd met Grietje Merk, geboren te Zuidlaren; oud: 21 jaren; beroep: dienstmeid (dochter van Willem Richard Merk, beroep: rijksveldwachter, en Jantje Noorda, beroep: zonder). Sjoert Benthem overleed op 50-jarige leeftijd op 20 maart 1915 an de Deeverbrogge. Sjoert Benthem en Grietje Merk zijn begraven op de kaarhhof an de Grönnegerweg bee Deever.

De titel An de Deeverbrogge zou geen slechte titel zijn geweest voor het boekje dat een groepje Deeverbrogse dorpskrachten heeft samengesteld ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van de heemkunduge vurening uut Deever. Het boekje kreeg echter de titel An de brogge – Geschiedenis van Dieverbrug in woord en beeld.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van het café-logement Dieverbrug ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 38 van het in september 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Dorpskracht, Scheepvaart | Leave a comment

Aanlegplaats en Kantoor der D.S.M. te Dieverbrug

De redactie van ut Deevers Archief laat de zeer gewaardeerde trouwe bezoeker van de webstee van ut Deevers Archief graag meegenieten van aanwinsten in zijn verzameling ansichtkaarten. Slechts enkele verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever zullen bijgaande ansichtkaart in hun albumpje hebben.
Het gaat in dit geval niet zozeer om de fraaie sfeervolle opname van de aanlegplaats van de stoomboot bij en het kantoor van de Drentsche Stoomboot Maatschappij in het café-logement van Sjoert Benthem, waarbij Sjoert Benthem, met wit overhemd, links naast de stoomboot zit, dan wel om de twee afzenders van deze kaart.
Neef en nicht, Sjoert Benthem en echtgenoote, verstuurden deze eigen ansichtkaart op 2 januari 1907 aan den heer Johan Jacob Pieter Merk, Agent van Politie, Korte Lijdsche Dwarsstraat 25 in Amsterdam.
Johan Jacob Pieter Merk was een neef van Griet Merk, de vrouw van Sjoert Benthem. Sjoert Benthem moet deze kaart geschreven hebben en wel in een redelijk handschrift, met inkt en kroontjespen, in de schrijfstijl uit die tijd.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Café Sjoert Benthem, Dreinse Heufdvoat, Drentsche Stoomboot Maatschappij, Löswal | Leave a comment

De weg hen Deever an de Deeverbrogge in 1906

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassjus scannen en vervolgens die papperrassjus bij het oude papier doen), bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht. 
In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 13 december 1978 is op bladzijde 5 het bericht ‘Dieverbrug’ van wijlen de alles-van-vrogger-in-Dwingel-weter en Lheeënaar Reinder Smit te lezen. De redactie wil dit belangwekkende bericht natuurlijk niet onthouden aan de bezoeker van het Deevers Archief.

Dieverbrug
Gezicht op Dieverbrug kort na 1900. We staan hier onze rug naar Dwingelo en kijken uit op de weg naar Diever. Links het witgeschilderde café-logement van Sjoerd Bentum, dat als pleisterplaats diende voor de reizigers die met de snikke (trekschuit) reisden. De snikke voer tussen Meppel en Assen; voorts waren er nog de veerschepen, de marktschuiten en de pakschuiten, die een regelmatige dienst onderhielden tussen verschillende plaatsen. Nemen we daarbij nog de turfschepen en de vrachtschepen, dan zal duidelijk zijn, dat er sprake was van een druk scheepvaartverkeer op de Drentsche Hoofdvaart.
Later kwam de snellere tram, die een groot deel van het personenvervoer voor z’n rekening nam. De snikke was door deze vooruitgang gedoemd te verdwijnen.
Omstreeks de eeuwwisseling werden te Dieverbrug regelmatig maandmarkten gehouden, waar voornamelijk biggen werden verhandeld.
Midden op de voorgrond zien we de ijzeren draaibrug. Rechts achter (in de gemeente Diever) de woning van de destijds zo bekende veearts Boerhave. Midden achter ligt tussen het geboomte de weg naar Diever verscholen. Geheel rechts is nog juist een hoge, vierkante, rechtop geplaatste houten balk te zien, waarvan een zelfde exemplaar zich aan de Dwingeler zijde van de Drentsche Hoofdvaart bevond: de functie van deze palen is ons niet duidelijk.
Tegenover het café-logement van Bentum stond aan de Dwingeler zijde het café van Warries. Van de ‘oude’ Sjoerd Bentum en de ‘oude’ Warries’ is volgens overlevering bekend, dat beiden verzot waren op een borrel en dat ze ‘de kunst’ verstonden zich voor slechts één stuiver te bedrinken. Zo kon het gebeuren dat op een goede dag Warries de brug overstak om bij Bentum een borrel te komen drinken. Warries betaalde zijn ‘consumptie’ met een stuiver, en keerde weer huiswaarts. Niet lang na zijn thuiskomst verscheen Bentum in de gelagkamer van Warries en bestelde een borrel, die met dezelfde stuiver werd betaald. Zo reisde de stuiver menigmaal per dag over de brug heen en weer. De geldbuidel bleef op die manier gesloten, maar de fles met jenever minderde wel van inhoud.
Wanneer de vorst inzette verschenen vele jonge lieden aan de kant van de Drentsche Hoofdvaart om te proberen of het ijs al wilde houden. Menigmaal moest een overmoedige waaghals de eerste schreden op het nog dunne ijs bekopen met een nat pak. Wie echter zonder kleerscheuren als eerste de overkant bereikte werd bij Warries ‘op de balk geschreven’: zijn naam werd dan met krijt op één der balken in de gelagkamer geschreven.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de webstee het Geheugen van Drenthe zijn gegevens te vinden over wijlen de alles-van-vrogger-in-Dwingel-weter en Lheeënaar Reinder Smit.
De bij zijn bericht afgebeelde zwart-wit ansichtkaart – een topstuk – uit 1906 van de Deeverbrogge en de weg hen Deever is niet erg scherp, vandaar dat de redactie hier een scherpere afbeelding van deze ansichtkaart toont. De zwart-wit ansichtkaart is gedrukt bij H. ten Brink in Meppel en was te koop in het café-logement van Sjoert Benthem.
De zichtbare ijzeren draaibrug is in 1880 gebouwd, zie het hier afgebeelde bericht van de openbare aanbesteding van deze brug op dinsdag 6 april 1880
De redactie neemt het wijlen de alles-van-vrogger-in-Dwingel-weter en Lheeënaar Reinder Smit uiteraard niet kwalijk dat hij niet alles wist van de Deeverse kaante van de voart en het abusievelijk heeft over Sjoerd Bentum, dit moet zijn Sjoert Benthem. De achternaam Benthem (Bentheim ?) wordt in het Dwingels en Deevers uitgesproken als Bentum. De geïnteresseerde bezoeker van het Deevers Archief kan het graf van Sjoert Benthem en zijn vrouw Griet Merk nog steeds (hoe lang nog ?) vinden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever.
In het krantbericht van Reinder Smit is het aan de rechterkant van de afgebeelde zwart-wit ansichtkaart niet goed te zien, maar aan de rechterkant van de aparte afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is een deel van de met stoomkracht aangedreven wolspinnerij met schoorsteen van Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen) te zien. Uit de schoorsteen komt een beetje rook. De ijzeren draaibrug, het café-logement van Sjoert Benthem en de woning van veearts Boerhave bestaan niet meer. Het pand van het café-logement brandde af, het pand waar de familie Boerhave
 woonde is afgebroken om verbetering van de kruising van de weg langs de voat en de weg van Deever hen Dwingel mogelijk te maken. De ijzeren draaibrug is vervangen door een basculebrug (wanneer ?).

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Verdwenen object | Leave a comment

Die mooie ieser’n Deeverse dreejbrogge over de voat

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 18 een zwart-wit ansichtkaart van de ijzeren Deeverse draaibrug over de Drentse Hoofdvaart opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1909 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is enige aandacht besteed aan de nieuwbouw van deze ijzeren geschiedenis van het soldatenkamp. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

18 – Dieverbrug – Draaibrug – 1909
Op 6 april 1880 om 12 uur ’s middags werd het bouwen van een ijzeren draaibrug over de Drentsche Hoofdvaart ter vervanging der Oude Dieverbrug, gemeente Diever in het gebouw van het Provinciaal Bestuur te Assen aanbesteed. Het werk werd voor 5077 gulden gegund aan aannemer Roelof Hunse Jr. uit Assen.
Het werk bestond uit het maken, onderhouden en afbreken van een hulpbrug, het slopen van de oude draaibrug, het bouwen van twee landhoofden, het maken van een draaipijler, het bouwen van een draaibrug, het plaatsen van een remmingwerk, het maken van een loopbrugje, grond-, straat-, teer- en voegwerk en het bouwen van een dagverblijf.
De draaibrug was 13,60 m lang en 3,60 m breed. De doorvaartwijdte tussen het landhoofd en het remmingwerk was 6,00 m. De gesmede afgedraaide ijzeren draaispil woog 110 kg, vier geslagen en getrokken ijzeren liggers wogen 3130 kg en de gegoten ijzeren broekbalk woog 1600 kg. De ballastbak onder de brug was gevuld met 1100 kg ruwijzer. Het onderdek van de brug was gemaakt van eikehout. Het bovendek bestond uit Dantzichs grenehout.
Op de brug zijn de gegoten ijzeren spanstijlen, de koppelstangen en de smeedijzeren leuningen te zien. De brug werd met de hand bewogen met behulp van een Engelse schroefsleutel met verstaalde bek.
De aannemer moest zorgen voor een veilig verkeer over en een onbelemmerde doorgang door de hulpbrug. Aan beide zijden van de hulpbrug moest van zonsondergang tot zonsopgang een helder lichtgevende lantaarn branden.
Hij kreeg een boete van drie gulden voor elk uur tussen zonsondergang en zonsopgang dat een lantaarn niet helder lichtgevend was!
Achter de brug is het café-logement van Sjoert Benthem en Grietje Merk te zien. Links naast de witte schuur is de woning van de brugwachter te zien. Aan de rechterkant is het dagverblijf van de brugwachter te zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Diever, ie bint 't wel ..., Dreinse Heufdvoat | Leave a comment

Ansichtkaart van een gezicht op de Deeverbrogge

De uit Wanneperveen afkomstige caféhouder Hendrik Benthem Szn. overleed op 17 februari 1906. Zijn zoon Sjoert nam toen het café-logement van zijn vader over.
Tussen de houten schuur, die gebruikt werd als opslagplaats, wagenschuur en paardestal, en het witte logement bevond zich een kruidenierswinkeltje. Daar konden de schippers inkopen doen.
De Drentsche Hoofdvaart werd in die jaren nog druk bevaren. Dieverbrug was door zijn centrale ligging een belangrijke laad- en losplaats. Vrachtschepen werden in die jaren nog gezeild, let daarbij op het zeilende schip in de vaart op de achtergrond.
Sjoert Benthem was ook schipper. Hij en Johannes (Hans) Warries voeren met de trekschuit wekelijks op woensdag van Dieverbrug naar Assen en weer terug.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De zwart-wit ansichtkaart van de löswal met café-logement Dieverbrug is in 1906 verstuurd. De ansichtkaart is uitgegeven door Sjoert Benthem.
De plaatselijke dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever die gewerkt hebben aan het in 2014 verschenen boek ‘An de Brogge in woord en beeld’ mogen Sjoert Benthem wel erg dankbaar zijn dat hij in die tijd het lef had zoveel mooie ansichtkaarten uit te geven. Van deze kaarten kan nu iedereen grateloos mooie sier maken.
Al die mooie Sjoert-Benthem-ansichtkaarten horen thuis in dat mooie album van de fanatieke verzamelaar van ansichtkaarten uit de gemiente Deever. Je moet er echt niet aan denken dat eentje aan de verzameling zou ontbreken. 

De redactie heeft de zwart-wit foto van het Chinese restaurant Hui Moa an de Deeverbrogge op 15 mei 2002 gemaakt. Die foto is een kwart eeuw geleden gemaakt en heeft ondertussen ook al historische waarde.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Dorpskracht, Dreinse Heufdvoat, Historische kalender, Scheepvaart | Leave a comment

An de Deeverbrogge zagen huizen vaak geheel wit

In het Nieuwsblad vaan Friesland (Hepkema’s Courant) verscheen op 23 oktober 1928 het navolgende bericht over overlast van wegwaaiend kalk op het emplacement van de Nederlandse Tramweg Maatschappij.

Dieverbrug, 20 october. Het emplacement van de Nederlandse Tramweg Maatschappij ondergaat een groote verbetering. Bij het laden en lossen van kalk en dergelijke licht-wegwaaiende stoffen hadden de omwonenden grooten hinder. Doordat hier veel kalk gelost wordt, zagen sommige huizen vaak geheel wit. Thans wordt voor het lossen een groote loods gebouwd, zoodat genoemde ongeriefelijkheid weldra tot het verleden zal behoren.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het is een mooie taak voor de Deeverse dorpskrachten, leden van de plaatselijke heemkundige vereniging, die bezig zijn geweest met de samenstelling van het boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge uit te zoeken waar het emplacement, dat wil zeggen het laad- en losterrein, bij de tramhalte an de Deeverbrogge precies was gelegen en waar de genoemde loods heeft gestaan. Konden de tramwagons de loods in worden gereden ? Kalk werd ook gebruikt om jonge ontginningen van woeste grond vruchtbaar te maken en werd in grote hoeveelheden aangevoerd. In die jaren had men nog nooit gehoord van wat tegenwoordig een omgevingsvergunning heet.

Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht, Stoomtram | Leave a comment

Dienstregeling Nederlandsche Tramweg Maatschappij

In het Nieuwsblad van Friesland verscheen op 5 juni 1925 het volgende bericht over de per 5 juni 1925 ingaande dienstregeling van de stoomtrams op de tramlijn Meppel – Hijkersmilde vice versa langs de Drentsche Hoofdvaart.
De Nederlandsche Tramweg Maatschappij exploiteerde deze tramlijn.
In de gemiente Deever stopte de stoomtram op drie plaatsen, te weten an de Wittelterbrogge, an de Deeverbrogge en an de Gowe. De halte Geeuwenbrug komt echter niet voor in de hier getoonde dienstregeling.
Een ritje met de stoomtram van de Deeverbrogge hen Möppel of van Möppel hen de Deeverbrogge duurde ongeveer anderhalf uur, voorwaar in 1925 geen slechte prestatie voor een stoomtram.

Posted in An de Deeverbrogge, de Gowe, Stoomtram, Witteler brogge | Leave a comment

Bouw café met concertzaal van Klaas Marcus Balsma

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 27 januari 1927 het volgende bericht over de uitslag van de publieke aanbesteding van de bouw van een café met concertzaal voor rekening van Klaas Marcus Balsma. 

Diever, 26 januari.
Voor rekening van den heer K.M. Balsma te Jubbega had heden alhier de publieke aanbesteding plaats van een café met concertzaal enzovoort aan de Brink te Diever.
I. Timmerwerk, enzovoort, hoogste inschrijver J. Coenraads te Noordwolde, f. 12479, laagste Mos en Zoer te Dwingelo, f. 11475.
II. Schilderwerk. Hoogste inschrijver G. Koster, alhier, f. 1290,-, laagste B. ter Wal, alhier, f. 1175.
III. Betonwerken. Hoogste inschrijver G.F. Bijl, Meppel, f. 879.30, laagste D. Faber te Assen, f. 348.
IV. Grondwerk. Hoogste inschrijver M. Punt, alhier f. 400, laagste L. Klok te Dieverbrug, f. 335.

Posted in An de Deeverbrogge, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Deever, Klaas Marcus Balsma | Leave a comment

Sukersakkie van café-restaurant Johan Blok

In de vijftiger jaren en ook nog wel in de zestiger jaren van de vorige eeuw lag het café restaurant Johan Blok an de Deeverbrogge an de deurgoande drokke Riekseweg langs de voart. De autosnelweg A28 van Meppel via Hoogeveen en Beilen naar Assen bestond in die tijd nog niet. Het was toen een druk beklant café-restaurant.
Het café-restaurant had net zoals zoveel andere cafés en restaurants ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- is hier afgebeeld. Het betreft de donkere afbeelding met witte tekst en een wit afgebeelde brug. Met de tegenwoordige bewerkingsprogramma’s voor digitaal opgeslagen foto’s is het erg eenvoudig de minstens zo mooie inverse van de donkere afbeelding te maken, zie de tweede afbeelding.
De maker van de tekening op het sukersakkie zal zijn tekening ongetwijfeld niet zelf -zittend an de voart– hebben gemaakt, maar zal deze hebben nagetekend van een foto.
De grote vraag is natuurlijk in welk jaar dit sukersakkie is uitgebracht.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Sukersakkie, Tiekening | Leave a comment

STAKO-meubelen: STApelbaar en KOppelbaar

Meer dan twintig jaar (vanaf 1942 ?) was N.V. Meubelfabriek ‘de Toekomst’ gevestigd an de Deeverbrogge,
In het najaar van 1966 ging de fabriek failliet, verloren 18 medewerkers hun baan en werd de inventaris geveild.
Een bekend product van deze fabriek was de stapelbare en koppelbare stoel, die onder het merk STAKO (STApelbaar en KOppelbaar) op de markt werd gebracht.
In de krant Het Vrije Volk (democratisch-socialistisch dagblad) verscheen op 10 augustus 1963 bijgaande personeelsadvertentie.
Het kan voorkomen dat STAKO-stoelen heden ten dage nog via internet te koop worden aangeboden of worden geveild. Wees er dan snel bij. Het zijn degelijke stoelen. De op de foto’s zichtbare stoelen waren zo te zien wel STApelbaar, maar niet KOppelbaar.
De stoelen moeten een flink aantal jaren vóór 1963 zijn gemaakt, want het abonnee-nummer van de telefoon is in de personeelsadvertentie 1415 en op het metalen merkplaatje op de stoel 15.
De redactie van het Deevers Archief is op zoek naar foto’s van meubelfabriek ‘de Toekomst’, in het bijzonder foto’s van het interieur van de fabriek.

De heer Willem Jan Kruyt stuurde op 3, 6, 7 en 11 december 2018 enige reacties die zijn samengevoegd tot de volgende reactie;
De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor.
Mijn vader Jan Kruyt heeft bij de meubelfabriek ‘de Toekomst’ van Brilman gewerkt van 1942 tot ongeveer juni 1949. Als jonge jongen nam mijn vader mij wel eens mee naar de fabriek.
Het kan zijn dat mijn vader destijds heeft gereageerd op een soortgelijke als hier afgebeelde advertentie voor de functie van bedrijfsleider bij ‘de Toekomst’ in Dieverbrug. Na de Toekomst-periode is mijn vader vertegenwoordiger geworden voor meubelfabriek Kuiper in Almelo
De heer en mevrouw Brilman waren joodse mensen. Zij hadden één zoon Jan, die is verongelukt in de fabriek. Dat gebeurde na de Toekomst-periode van mijn vader. Ik ben op de hoogte van de details van het ongeluk van Jan Brilman. Het is zo gegaan. In de fabriek zat bovenin een drijfwerk van wielen met leren riemen die de machines aandreven. Zo’n riem kon je ook verplaatsen naar een ander wiel. Wat deed Jan ? Hij gebruikte een lange lat om zo’n riem te verplaatsen naar een ander wiel. Die lat raakte een spaak van zo’n wiel en is met kracht teruggestoten in het lichaam van Jan. Ik dacht in zijn lies. Hij was zeer zwaar gewond en is aan de gevolgen van het ongeluk overleden. Dit verhaal heeft mijn vader mij zo verteld. Wij waren heel erg onder de indruk, toen we dat bij ons thuis hoorden.
Zelf was ik 2 jaar oud toen we in de mooie provincie Drenthe kwamen wonen. Het was in 1942, dus tijdens de Tweede Wereldoorlog. We woonden in Leggeloo in het huis wat nu als adres Leggeloo 37 heeft. Mijn ouders vertelden mij dat bij de bevrijding in 1945 Canadese tanks al schietend Duitse soldaten achtervolgden. Ik was toen een jochie van 5 jaar. Ik werd snel naar binnen gehaald.
De familie Brilman woonde in het mooie statige huis in Dieverbrug, waar vroeger de burgemeester van Dwingeloo heeft gewoond. Dat huis stond naast het huis waar Jan Oostenbrink woonde. Die had een café, waar mijn vader mij wel eens op die indertijd lekkere priklimonade trakteerde. Jan Oostenbrink was ook kolenboer. Hij bracht bij ons regelmatig een nieuwe voorraad kolen. Het kan zijn dat de familie Brilman voor onze tijd in het het huis met adres Leggeloo 37 woonde en toen mijn vader in de meubelfabriek ging werken, zij in Dieverbrug is gaan wonen. .
Mijn vader was vóór de oorlog gemobiliseerd als soldaat en heeft aan het begin van de oorlog dicht bij Den Haag daadwerkelijk aan de strijd deelgenomen. Op het vliegveld Iepenburg hebben ze een behoorlijk aantal Duitse vliegtuigen neer kunnen halen met de luchtartillerie. Ik denk dat in 1942 de grond te heet onder zijn voeten werd en dat wij daarom zijn verhuisd naar Leggeloo.
In de Tweede Wereldoorlog was de gewoonte van de Duitsers om in veel fabrieken in Nederland een Duitse officier neer te zetten. Dat waren wat oudere officieren, die niet meer in staat waren om te vechten. Dat was ook het geval bij ‘de Toekomst”, daar zat ook een oudere Duitse officier. De fabriek kon in de Tweede Wereldoorlog ‘normaal’ doorgaan met de productie. Op een keer moesten ze bij ‘de Toekomst’ echter houten paaltjes zagen voor de bouw van Duitse (zand)bunkers. Mijn vader had wel door, dat die bunkers totaal geen strategische betekenis hadden. Het was een moeilijke situatie natuurlijk.

Mijn vader was gespecialiseerd in het buigen van hout met stoom. Hij had in Amsterdam een fabriek waar houten speelgoed en ook kleine meubelen, zoals naaidozen, werden gemaakt.
Ik heb nog een foto van mijn vader, een foto van mijn vader met Bram Haasjes en een foto van een jonge jongen met de achternaam Pieper.
De bij dit bericht gevoegde zwart-wit foto van mijn vader is genomen bij een houten bijgebouw van de fabriek. Dat bijgebouw stond vanaf de weg gezien aan de rechterkant van de fabriek.  

Bram Haasjes werkte ook bij Brilman. Hij woonde aan de Juliana Bernhardweg in Leggeloo. Hij slachtte in de Tweede Wereldoorlog ook ons varken illegaal, hij kon ook riet dekken. Zijn dochter Ginie zat bij mij in de klas op de lagere school in Leggeloo.
Op de hoek van de Dwingelderdijk en de Juliana Bernhardweg woonde een zekere Scholten, die werkte ook bij ‘de Toekomst’; hij was een vriendelijke man.
Aan de Molenstad in Leggeloo woonde een zekere Bel, die werkte ook bij Brilman. We hebben nog regelmatig contact met zijn kleindochter Jannie Bel, die woont in de nieuwbouwwijk bij de voormalige melkfabriek van Dwingeloo, waar nu meubelzaak Wiechers is gevestigd.

Mijn vader had in de fabriek, waar hij zelf het buigwerk deed met het hout, hulp van een jongen van ongeveer 14 jaar oud. Die jongen had als achternaam Pieper, hij woonde in een boerderijtje aan het Keizerspattie. Als ik het goed heb woont hij nu in Dieverbrug aan de de Drentsche Hoofdvaart. Hij zal nu ongeveer 80 jaar oud zijn.
Ook Geert Schute uit Diever heeft voor Brilman gewerkt.

Zelf komen ik en mijn vrouw Coby regelmatig met vakantie in ‘Landgoed ‘t Wildryck’ bij Dieverbrug. Ik zelf heb ongeveer zeven jaar in Leggeloo gewoond en ben nogal gehecht aan de omgeving daar.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 25 juli 1949 verschenen twee berichten over het overlijden van Jan Harmen IJsbrand Brilman, zoon van Jan Herman Brilman en Elisabeth Haringman. Zie de bijgevoegde berichten
De familie Brilman-Haringman woonde eerst enige tijd op het adres Leggeloo 49a, nu Leggeloo 37.
De Joodse Elisabeth Haringman (geboren op 16 juni 1899 te Amsterdam, dochter van Marcus Haringman en
Sara Pool) huwde op 9 maart 1938 te Amsterdam met de niet-joodse handelsagent Jan Herman Brilman (geboren op 28 januari 1900 te Deventer, zoon van Jan Harmen Brilman en Fennechien Koops).
De niet-joodse Jan Harmen Brilman en zijn joodse echtgenote Elisabeth Haringman hebben de Tweede Wereldoorlog overleefd.

Abracadabra-1415

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1416

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1418

 

 

 

 

 

Abracadabra-1417

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrief, Meubelfabriek 'de Toekomst' | Leave a comment

An de Riekseweg an de Deeverbrogge

Niet veel verzamelaars van ansichtkaarten uit de gemeente Diever zijn in het bezit van een exemplaar van deze stemmige zwart-wit ansichtkaart, let vooral op de auto op de Rijksstraatweg (Riekseweg). Het merk van de auto is niet te onderscheiden. Werden dit soort ansichtkaarten in oplagen van 100 of 200 of 500 exemplaren gedrukt ? Je kan dus beter maar beter wel een fysiek exemplaar van deze in je verzameling hebben. Deze ansichtkaart uit 1958 is gedrukt door Jos-Pé in Arnhem en werd verkocht door Kuiper’s Bakkerij en Levensmiddelenbedrijf, die was gevestigd in Deever an de Peperstroate en an de Deeverbrogge an de Riekseweg, links noast de auto, bee’j ut schut.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Boek An de Brogge, Rieksstroatweg | Leave a comment

Dorpsboerenleider benoemd leden dorpsboerenraad

In het Agrarisch Nieuwsblad (waarin opgenomen het orgaan Landbouw en Maatschappij) verscheen in de Tweede Wereldoorlog op 6 maart 1942 het navolgende merkwaardige bericht over de dorpsboerenraad.

Dorpsboerenraad.
Door den dorpsboerenleider, den heer J.B. Oostra te Wapse, werden tot leden van den dorpsboerenraad benoemd de heeren K. Snoeken en W. de Vries te Wapse, A. Muggen te Dieverbrug, E. Jongstra te Wateren en H. van Wester te Oldendiever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op bladzijde 482 van het boek ‘Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog. Deel 6. Eerste helft. Juli 1942 – Mei 1943’ is in het hoofdstuk de ‘foute sector’ een en ander over te lezen over dorpsboerenleiders, dorpsboerenraden, buurtboerenraden.

Posted in An de Deeverbrogge, Deever, Oll'ndeever, Tweede Wereldoorlog, Wapse, Woater’n | Leave a comment

Lonen omlaag met respectievelijk 10, 7,5 en 5 %

De redactie van het Deevers Archief houdt er een merkwaardige hobby op na en dat is onder meer het verzamelen van jaarverslagen en andere documenten van de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij ‘Diever’, die was gevestigd aan het Katteneinde (Moleneinde) in Deever. Elk jaarverslag bevat een schat aan gegevens over de melkveehoudende boerenstand in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte.
De redactie vond het ‘Jaarverslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932’ bij toeval in een achtergelaten doos in het kaaspakhuis in het toen nog bestaande oude pand van de zuivelfabriek aan het Katteneinde (Moleneinde) in Deever.

De jaren 1931 en 1932 waren jaren in de grote vooroorlogse crisis. In het ‘Verslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932’ zijn slechts twee zinnetjes in het verslag van de bestuursvergaderingen besteedt aan de beloning van zijn arbeiders:
Verder werd besloten tot loonsverlaging van het personeel over te gaan en wel met percentages van respectievelijk 10, 7½ en 5. Voor de hierna geldende salarissen zie men de tusschen haakjes geplaatste bedragen bij de loonlijst personeel.
Het bestuur was in het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932 als volgt samengesteld:
– Jan Seinen, Diever, voorzitter;
– Gerard Meijering, Diever, secretaris;
– Dirk Moes, Diever, vice-voorzitter;
– Hendrik Lefferts Barelds, Wittelte, vice-secretaris;
– Jan Berends van der Berg, Wittelte, lid.
De raad van commissarissen was in het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932 als volgt samengesteld:
– Jans Bult, Oldendiever, voorzitter;
– Roelof van Wester, Oldendiever, secretaris;
– Hendrik Jonkers, Dieverbrug;
– Klaas Geerts, Oldendiever;
– Bertus Wemmenhove, Dieverbrug.

De genoemde loonlijst is te zien op de hier afgebeelde bladzijde 4 van het genoemde jaarverslag.
De Heer Directeur J.H. Benthem en de Heer Assistent J. Andree (die zichzelf altijd maar Andreae wilde
noemen)
bleven -ook in die zware crisis- gespaard van deze groffe gedwongen loonsverlaging. Zij hadden bovendien het grote voorrecht van ‘vrij wonen’. Ook de eerste kaasmaker had ‘vrij wonen’.
Op de hier afgebeelde bladzijde 5 van het genoemde jaarverslag is te lezen hoe ook de melkrijders het er van langs kregen. Merkwaardig genoeg namen de melkrijders het voorstel aan voortaan op de zondag gratis te rijden.

Het schrille contrast met de groffe gedwongen loonsverlaging van de fabrieksarbeiders van de toch wel mededogenloze boerenonderneming ‘Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij Diever’ is te lezen in het hier afgebeelde kort-door-de-bocht bericht, dat verscheen op 29 juni 1932 in het Nieuwsblad van het Noorden:
Diever, 28 juni. Van gemeentewege vond dezer dagen de uitkeering plaats van gelden ingevolge de Crisis-Zuivelwet. Bijna 400 veehouders ontvingen kleinere en grootere bedragen, tot een totaal van f. 4369,50. Het gaf een heele drukte.

Om voorlopig in ‘de ergste nood’ van de melkveehouders te voorzien, kon in 1932 elke melkveehouder krachtens de Crisis-Zuivelwet steun ontvangen. Per melkgevende koe, die aanwezig was op 15 juni 1932, kon elke melkveehoudende boer, die zich voor steun aanmeldde f, 2,25 ontvangen. In de gemeente Diever ging het om 376 boeren, die tezamen 1959 koeien hadden, dus het steunbedrag was f. 4407,75. De boerenorganisaties moeten ook in die jaren al krachtige lobbyisten in het Haagsche hebben gehad.
Van hoeveel koeien in 1932 de melk naar de ‘Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij Diever’ werd gebracht, is niet bekend, dus is het ook niet bekend hoeveel steun naar de boeren in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte is gegaan.
Na de gedwongen groffe loonsverlaging van de arbeiders van de melkfabriek een maand eerder gaf het met die 203 boeren in Deever, an de Deeverbrogge, in Oldendeever, op Kalter’n en in Wittelte wel een hiele drokte daar bij het gemeentehuis an de Brink in Deever (een gemeentehuis hoort aan de Brink staan). Bestuursleden, commissarissen en leden van de coöperatie, allemaal in de rij staan voor een beetje steun. Hand ophouden. Niet klagen, maar dragen. Geld van de arbeider en geld van de belastingbetaler. Alle beetjes helpen om de crisis door te komen.
De redactie kan belangstellenden een pdf-bestand van het belangwekkende ‘Jaarverslag over het boekjaar 4 mei 1931 – 30 april 1932′ toesturen. Stuur een berichtje.

Abracadabra-1224Abracadabra-1225Abracadabra-1223

Posted in An de Deeverbrogge, Deever, Kalteren, Landbouw, Oll'ndeever, Süvelfubriek Deever, Wittelte | Leave a comment

Café-restaurant Blok an de Deeverbrogge giet dichte

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassjus scannen en vervolgens in de oud-papier-container gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht. De redactie wil zo één bericht natuurlijk niet onthouden aan de bezoeker van het Deevers Archief.
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 10 juli 1981 verscheen op bladzijde 6 het volgende berichtje met foto over de blijvende sluiting van café-restaurant Blok an de Deeverbrogge.

Cafe-restaurant Blok in Dieverbrug gaat dicht
Dieverbrug. De deuren van het vanouds bekende café-restaurant Blok in Dieverbrug gaan voorgoed dicht. Het bedrijf heeft met grote financiële problemen te kampen en daarom is bij de rechtbank in Assen een faillissementsaanvraag ingediend.
Op last van de belastingdienst in Meppel werd woensdag een verkoop bij executie gehouden van de restaurantinventaris bestaande uit onder meer stoelen, tafels, potten en pannen, diepvrieskasten, afwasmachines, enzovoort.
Het ging in totaal om zo’n tweehonderd onderdelen, waarvoor flink werd geboden.
Restaurant Blok, dat ruim negentig jaar heeft bestaan, had een bekende naam en veel gebruikers van de weg Assen-Meppel wipten er even binnen.
De weg langs de Drentsche Hoofdvaart wordt na het voltooid zijn van de Rijksweg 37 Meppel-Hoogeveen-Assen zeer weinig door beroepsvervoerders meer gebruikt. Daardoor is mede het doek gevallen voor dit bedrijf.
De negen personeelsleden is al ontslag aangezegd. Drie van hen zijn er al in geslaagd een nieuwe baan te vinden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Café-restaurant-hotel Blok heeft niet ruim negentig jaar bestaan, maar ongeveer vijftig jaar.
Zie voor veel meer gegevens over de onderneming van de familie Blok an de Deeverbrogge de vele berichten in het Deevers Archief.
De redactie weet niet of dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels uut Deever de maker is van de foto bij het bericht.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok | Leave a comment

De winkel van Aubert Kuper an de Deeverse sluus

In een tijdschrift -de redactie van het Deevers Archief moet de naam van dit tijdschrift nog uitzoeken- verscheen op 10 september 1955 in de rubriek ‘Revue der bedrijven’ een foto van het verbouwde inwendige van de kruidenierswinkel van Aubert Kuper an de Riekseweg bee’j de Deeverse sluus. Op de afbeelding van de bladzijde met de genoemde rubriek is het inwendige van de winkel links onder als afbeelding 6 te zien.
De redactie kon vanwege de kwaliteit van de afbeelding van de rubriek ‘Revue der bedrijven’ geen grote scherpe uitsnede van het inwendige van de winkel van Albert Kuiper maken. Vandaar de slechte kwaliteit van de eerste afbeelding in dit bericht. De redactie biedt de bezoeker van het Deevers Archief zijn excuses aan voor al dit ongemak. Ook als is de afbeelding slecht van kwaliteit, toch is een redelijk beeld van de winkelindeling te krijgen. De redactie kon niet onderscheiden wie achter de toonbank staat. Is het de echtgenote van Albert (Appie) Krol ?
Wel is op de winkelruit de naam Grosco te onderscheiden. Grosco was de naam van een winkelformule uit de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw. Grosco was de afkorting van Grossiers Combinatie, een aantal zelfstandige groothandels opereerde samen onder de de naam Grosco. Als huismerk gebruikte men Duiker. Men kon Duikertjes sparen, dat was het spaarzegelsysteem van Grosco. Grosco maakte later deel uit van IFA.
In de rubriek ‘Revue der bedrijven’ stond bij afbeelding 6 de volgende tekst:
De firma Kuiper te Diever opende te Dieverbrug een tweede zaak, die zich in een grote populariteit van de talrijke klantenkring mag verheugen. Deze foto laat zien, hoe met een practische winkelindeling in een betrekkelijk kleine zaak, toch top-omzetten zijn te bereiken.
De firma Kuiper was de firma van de gebroeders Hendrik en Albert (Appie) Krol. De andere zaak van de firma Kuiper stond an de Peperstroate in Deever.
De grote vraag is natuurlijk: wie heeft een mooie afdruk van de originele foto van het mooie inwendige van deze winkel bewaard ?
En wie kan de redactie aan een goede scan van foto’s van de buitenkant van de winkel helpen ?
En wie kan een en ander op papier zetten over het boschopp’m heal’n in deze winkel ?
Kochten de schippersvrouwen van schepen die in de Deeverse sluus werden geschut ook hun boodschappen in deze winkel ?

 

Posted in An de Deeverbrogge, Neringdoende | Leave a comment

De bouw van de noodbrogge an de Deeverbrogge

Om het voor het Canadese leger mogelijk te maken over de Deeverbrogge op te trekken naar Deever bouwden Deeverse en Dwingeler vrijwilligers in de nacht van 11 op 12 april 1945 op de landhoofden van de vernielde Deeverbrogge een noodbrug. Op het internet is in de webstee ‘vortmes.nl‘ hierover de volgende informatie over te vinden.

Noodbrug
“Wat de ene mens voor de ander kan betekenen”. Het zijn woorden die vele mensen zullen aanspreken. Zo zal een heel dorp en met name Diever in dankbaarheid terugdenken aan de heer R. Koers, toen (in april 1945) opzichter van Rijkswaterstaat en wonend te Dwingelo.
De heer Koers bouwde met een aantal vrijwilligers in de nacht van 11 op 12 april een complete noodbrug over de Drentse Hoofdvaart waardoor de Canadese troepen Diever en zelfs Steenwijk, Wolvega en de rest van Friesland konden bevrijden.
In het nummer van vrijdag 12 april 1946 van de vrije Pers onafhankelijk weekblad van het Noordererf staat het zo: “Het schijnt dat de Canadese bevelhebber na deze voorspoedige vorming van het “bruggehoofd Dieverbrug” ‘t krijgsplan heeft gewijzigd en meteen Friesland en de kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen die op enkele plaatsen na bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers”.

Moord
De directe aanleiding tot het slaan van het bruggehoofd was een zinloze moordpartij door de Duitsers in Diever. Zonder vorm van proces werden kort voor de bevrijding negen mensen die op straat liepen, doodgeschoten. De reden was dat de NSB-burgemeester door enkele inwoners aan een boom was gebonden en dat hadden de Duitsers gezien.
“De volgende dag zouden ze terugkomen om nog meer mensen te vermoorden. Ik ben toen direkt naar de Canadezen gestapt en heb ze voorgesteld een noodbrug te bouwen, zodat ze nog op tijd Diever konden bevrijden.” vertelt de heer Koers.
De Dieverbrug was er niet meer. Die hadden de Duitsers, zoals trouwens vrijwel alle bruggen over de Drentse Hoofdvaart, afgebroken. Toen al speelde de heer Koer(t)s een slim spelletje.
“Ze wilden de bruggen in de berm langs de rijksweg gooien. Ik heb ze toen voorgesteld om bokschuiten te gebruiken en ze dan aan de stille kant te leggen, onder het mom van als de vijand nu eens over die rijksweg komt. Zodoende hadden we het materiaal voor het bruggehoofd direct bij de hand toen het nodig was”.
En het was nodig. De Canadese commandant gaf de heer Koer(t)s opdracht om de volgende morgen half zeven de brug klaar te hebben.
“Dat is een nacht keihard werken geworden onder hoogspanning. Voor alle zekerheid zorgden de Canadezen voor bewaking. We zijn ons nog een keer rot geschrokken toen midden in de nacht een van die soldaten over de brug wilde lopen en er prompt doorzakte. Zijn geweer ging daarbij af. Hij kwam ons direct narennen dat het een vergissing was, want wij waren al bezig om er vandoor te gaan”.
Om half zeven was de noodbrug klaar, berekend op een gewicht van ongeveer acht tot negen ton. Maar de Canadezen hadden materiaal bij zich dat zeker veertien ton woog. Toch hield de […ontbreekt een regel….] vrijwilligers.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het valt toch wel te betwijfelen of het verhaal van opzichter Koers een juiste weergave van het gebeurde in het dorp Deever en van de gebeurtenissen bij de bouw van de noodbrug aan de Deeverbrogge is.de redacte
De redactie zal voor de noodzakelijke nuancering ook gegevens uit andere bronnen in ut Deevers Archief publiceren. 

Posted in An de Deeverbrogge, Canadezen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Webstee www.drentschehoofdvaart.nl

In de regionale krant de Westervelder van 4 februari 2009 verscheen het volgende berichtje ‘Vaart ook op internet’. Bij het berichtje staat ook een foto van een zekere Henk Daleman bij de Paradijssluis in Meppel, het begin of het einde van de Drentsche Hoofdvaart.

Hij woont al tientallen jaren niet meer in Zuidwest-Drenthe. Vanwege studie en werk verliet Henk Daleman al op jonge leeftijd de ouderlijke boerderij in Dieverbrug om via verschillende tussenstations in Noord-Holland in het Gelderse Lent te belanden. Door familie en kennissen bleef hij op de hoogte van en betrokken bij de omgeving waar zijn ‘roots’ liggen.
De betrokkenheid bij het gebied waar Henk Daleman opgroeide, bracht hem enkele jaren geleden op het idee om daar iets mee te doen. Hij ontwikkelde de website www.drentschehoofdvaart.nl, een digitaal platform voor de toervaartrecreatie.
De site kan als startpunt dienen voor de voorbereiding van een vaartocht over een van de meest interessante watererfgoederen van de provincie Drenthe, de Drentsche Hoofdvaart.
Ruim een jaar later ging de website van Daleman de lucht in en sindsdien hebben al vijfduizend internetbezoekers de site bezocht. ‘Het is een informatieve website waar informatie gegeven wordt over culturele en folkloristische evenementen, musea, markten en cultuurhistorische bezienswaardigheden in de stadjes, dorpen en buurtschappen die aan of nabij de Drentsche Hoofdvaart liggen’, vertelt Daleman.
Als kleine jongen trok de Vaart hem als bijzonder aan. ‘We woonden op de boerderij in Dieverbrug, vlak bij de Drentsche Hoofdvaart. ’s Zomers gingen we vaak met schippers mee richting Havelte. Daar stapten we dan van boord om te proberen met een andere schipper terug te varen richting Dieverbrug.

Aantekeningen van de redactie ut Deevers Archief
Bij de redactie van ut Deevers Archief is niet bekend dat de ouders van Henk Daleman (Henkie Doaleman) een boerderij an de Deeverbrogge vlak bij de vaart hadden. De zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief worden verzocht hier duidelijkheid over te verschaffen.
De grote vragen zijn: Waar stond deze boerderij ? Was het een eigen boerderij ? Huurden ze deze boerderij ?
Wel is het zo dat de grootouders van Henk Daleman (Henkie Doaleman) in een boerderij naast drogisterij ‘de Gaper’ an de Heufddstroate in Deever woonden. Ook is bekend dat de ouders van Henk Daleman (Henkie Doaleman) al vanaf het begin van de jaren vijftig van de vorige eeuw an de Veentiesweg in Deever woonden.

Reactie van Henk Daleman (Henkie Doaleman) van 21 december 2012
Een persoonlijke reactie.
Ik, Henk Daleman, was niet woonachtig in Dieverbrug.
Kennelijk heeft de toenmalige journalist mijn verstrekte gegevens niet correct genoteerd.
Ik ben geboren in de boerderij van mijn grootouders Hendrik Daleman en Aaltje Daleman-Noorman, aan de Hoofdstraat nr. 18 te Diever.
In het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw ben ik met mijn ouders Hendrik Daleman en Aaltje Daleman-Schieving verhuisd naar de Veentjesweg in Diever. Mijn ouders hebben nooit in een boerderij te Dieverbrug gewoond.

Posted in An de Deeverbrogge, Dreinse Heufdvoat, Webstee | Leave a comment

Hengelossche bieren an de Deeverbrogge

Deze foto moet in het begin van de twintigste eeuw, in 1903, 1904 of 1905 zijn gemaakt. De man met de baard is een bekend figuur. Hij is ook op oude door hem uitgegeven ansichtkaarten van zijn café-logement an de Deeverbrogge te zien. Hij en zijn vrouw liggen begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
De mensen om hem heen moeten zijn vrouw en kinderen zijn. Het sjofel geklede jongetje op klompen, dat op enige afstand van de -wellicht speciaal voor de foto geschoeide en netjes geklede- familie, het wiel van de kiddewagen vasthoudt, hoorde uiteraard niet bij de familie. En waarom staat de vrouw van de kroegbaas achter de kidde ? Vond ze haar jurk niet mooi genoeg voor de foto ?
Was de fotograaf bezig met het maken van foto’s voor een nieuwe serie ansichtkaarten voor de caféhouder en daarom zo aardig was een gratis fotootje voor zijn klant en familie te maken ? Wellicht prepareerde de fotograaf de glasplaten met lichtgevoelige emulsie in het donker in één van de schuren en ontwikkelde hij de glasplaat daar ook direct na de opname. Hij deed het wel vakkundig, want aan de randen van de foto zijn geen rafelingen te zien. Zou het jongetje op klompen ook een afdruk van het glasplaatnegatief hebben gekregen ?
Op de kiddewagen staat aan de zijkant Hengelossche bieren. Dit moet een verschrijving zijn geweest, het ging om Hengelosche bieren, want op 1 juni 1879 werd de Hengelosche Stoom Beiersch Bierbrouwerij opgericht, in 1918 werd de naam gewijzigd in Hengelosche bierbrouwerij. Uit deze schrijffout kan wel de conclusie worden getrokken dat de caféhouder deze kiddewagen niet van de bierbrouwer had gekregen.
Was de caféhouder ook de distributeur van Hengelossche bieren in de dorpen in de buurt van de Deeverbrogge ? Het Hengelossche bier kon gemakkelijk via de Drentssche Hoofdvaart worden aangevoerd. Zit de oudste zoon van de kroegbaas met zijn zweepje in de aanslag klaar op de bok van deze solide ogende niet overdekte kiddewagen zonder veren om de kidde aan te sporen, om vervolgens bier naar kroegbazen in de omgeving te brengen ? Of is alles voor de foto in scène gezet ?
Het is wel een bijzondere kiddewagen, want deze is voorzien van een houten deksel, waarop enige kisten staan. Vanwege de bok voor de voerman moet de wagen veel gebruikt zijn voor het afleggen van grotere afstanden.
Stonden de schuren aan de loswal van de Deeverbrogge ? Tussen de benen van het trekpaardje bij de achtermuur naast de baander van de stenen schuur is een merkwaardig aanbouwsel te zien.
Wat opvalt is dat de ondergrond niet verhard is, dan zou de foto dus toch niet bee’j de löswal zijn genomen ? Maar waar dan wel ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Sjoert Benthem werd op 18 november 1864 geboren an de Deeverbrogge (Deever) als zoon van schipper Hendrik Benthem en Meika Roelfsema.
Sjoert Benthem, toen van beroep marktschipper, trouwde op 5 mei 1886 op 21-jarige leeftijd met Grietje Merk, geboren te Zuidlaren; oud: 21 jaren; beroep: dienstmeid (dochter van Willem Richard Merk, beroep: rijksveldwachter, en Jantje Noorda, beroep: zonder). Sjoert Benthem overleed op 50-jarige leeftijd op 20 maart 1915 an de Deeverbrogge.
De jongen op de bok van de bierkar is Hendrik Benthem, hij werd op 27 mei 1887 geboren te Dieverbrug.
Het meisje is Jantje Benthem, de jongste dochter van Sjoert Benthem en Grietje Merk. Jantje Benthem werd geboren op 3 juni 1897 an de Deeverbrogge.
Naast het meisje staat Richard Benthem de tweede zoon van Sjoert Benthem en Grietje Merk. Hij werd op 9 maart 1892 an de Deeverbrogge geboren.
Achter het paard staat Grietje Merk, geboren op 31 oktober 1864 te Zuidlaren, overleden op 30 november 1932 an de Deeverbrogge. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
De jongen aan de rechterkant is Jan Benthem, hij is de jongste zoon van Sjoert Benthem en Grietje Merk, hij is geboren op 12 mei 1894 an de Deeverbrogge. Jan Benthem trouwde op 3 augustus 1923 in Avereest met Hillechina Helena de Roode. Toen hij trouwde was hij chef van het tramstationschef  van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij an de Deeverbrogge.
In geboorte- en trouwakten van zijn kinderen geeft Sjoert Benthem achtereenvolgens als beroep op: marktschipper (1887), schipper (1889), schuitenvoerder (1891), schipper (1891), schipper (1892), tolgaarder (1894), schipper (1897), logementhouder (1910) en logementhouder (1914).
Het meisje Jantje Benthem zal op de foto zes, zeven of acht jaar oud zijn, zodat de foto in 1903, 1904 of 1905 moet zijn gemaakt. Jantje Benthem trouwde op 25 november 1914 op 17-jarige leeftijd met de 27-jarige dienstknecht Klaas Oldenkamp uut Deever. Jantje Benthem heeft het café tot aan de dood van haar moeder in 1932 voortgezet.
De op 3 maart 1889 an de Deeverbrogge geboren dochter Meika Benthem staat niet op de foto. Was zij toen al het huis uit, had zij toen al ergens een dienstbetrekking ? 

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement Sjoert Benthem | Leave a comment

In 1968 waar’n wee in ‘de Streuper’ op vukaansie

Van de heer Jan Oude Geerdink ontvingen wij bijgaande reactie op de berichten in het Deevers Archief, die betrekking hebben op het niet meer bestaande vacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge.

Wij zijn twee jaar achter elkaar bij Ellert en Brammert geweest in 1967 en 1968. Ik ben geboren in 1957 en was dus een klein jochie, die veel minder te vertellen had dan de jeugd van tegenwoordig, haha.
Van het eerste jaar herinner ik mij alleen dat we een huisje hadden onder aan de bult in het park. In 1968 zijn we in het huisje op de bult geweest, omdat mijn vader dat huisje helemaal geweldig vond. Dat huisje had de naam ‘de Streuper’. Ik sta op de foto bij het naambord aan de muur.
Ik heb uit die tijd alleen nog wat foto’s waarop ik vol in beeld sta en waarbij je niets van de omgeving ziet.
Ik kan mij nog herinneren dat in 1968 veel werd georganiseerd, zoals spelletjes, speurtochten, een volleybal toernooi. Ook was er een wedstrijd wie met natuurlijke materialen een mooie kaart van Drenthe op de grond kon maken. Ons gezin werd derde, haha. Mijn vader en moeder zijn al overleden. Helaas zijn geen andere foto’s uit die tijd bewaard gebleven. Je was al dolgelukkig dat je met vakantie ging. Een fototoestel was zeker in die tijd nog bijzonder.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Jan Oude Geerding bijzonder erkentelijk voor zijn reactie en hoopt dat deze reactie voor mensen, die ooit in Ellert en Brammert op vakantie zijn geweest, een mooie aanleiding is ook te reageren.
Op bijgaande foto uit 1968 staat de 11-jarige Jan Oude Geerding bij het naambord van de bungalow met de naam ‘de Streuper’
Elk stenen kampeerhuisje, ook wel bungalow genoemd, had een eigen naam in het Deeverse dialect. Op heel veel ansichtkaarten komen namen voor, zoals de Baander, de Blekbèr, de Brummel, de Dankbèr, de Deel, de Dobbe, de Eveltas, ’t Hemeretien, de Hilde, de Karnmeule, ’t Knienegat, de Nes, de Schoapvoalt, de Sikke, ’t Spinwieffien, de Streuper, de Zödde. 

Aan deze opsomming ontbreken nog heel veel namen, omdat zeker meer dan veertig huisjes op Ellert en Brammert stonden. Wie kan deze lijst verder aanvullen ? Wie heeft foto’s of ansichtkaarten van deze huisjes ? Wie heeft een ansichtkaart van ‘de Streuper’.
De redactie vraagt aan bezoekers van deze webstee, die het Deeverse dialect nog machtig zijn, de Nederlandse vertaling van de hiervoor genoemde namen van de bungalows door te geven.

Abracadabra-1210

Posted in An de Deeverbrogge, Ellert en Brammert, Recreatie, Toeristenindustrie | Leave a comment

Heden nacht is de molen alhier weer bestolen

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 30 december 1854 verscheen het navolgende bericht over een grote diefstal van rogge uit de korenmolen van Wapse.

Wapse, 28 december, Heden nacht is de molen alhier weer bestolen. De dieven (er zijn zeker meer dan één geweest) hebben al de in de molen aanwezige rogge er uitgehaald, zoveel zij konden medegenomen, en de overige buiten den molen op den grond geworpen, terwijl ze de ledige zakken, insgelijks mede genomen hebben. Tot nu toe heeft men de daders niet ontdekt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In 1854 zal Jan Klaassen Haveman (zie vijfde generatie Haveman in het navolgende artikel) de mulder van de Wapser korenmolen zijn geweest. De redactie van het Deevers Archief publiceerde het navolgende artikel in Opraekelen 02/2. Opraekelen is het nog steeds bestaande blad van de lokale heemkundige vereniging.

De molenaarstak van de familie Haveman in Wapse
Het navolgende artikel is een reactie op het artikel ‘Toen en nu – De korenmolen van Veldhuizen’ in Opraekelen 01/4. In dat artikel is toegezegd dat enig onderzoek zou worden gedaan naar de molenaarstak van de familie Haveman in Wapse. Het onderstaande is een samenvatting van genealogisch onderzoek dat uitgevoerd is door Bert Haveman uit Hoogezand en Egbert Sinkgraven uit Dieverbrug.

Eerste generatie Haveman
Tot nu toe kan Jan Klaesen Haveman de ‘oervader’ van de Wapser molenaarsfamilie Haveman worden genoemd. Zijn geboortedatum is niet bekend, maar hij moet omstreeks 1670 zijn geboren. Hij was getrouwd met Lummechien Pieters. Een zoon van het echtpaar was Klaas Jans (zie tweede generatie Haveman).
Tweede generatie Haveman
Klaas Jans Haveman werd geboren op 17 februari 1697. Hij trouwde met Claesjen Jans. Een van hun kinderen was Jan Klaas (zie derde generatie Haveman).
Derde generatie Haveman
Jan Klaas Haveman zal in 1732 geboren zijn, want hij werd op 3 november 1732 gedoopt. Hij stierf op 24 mei 1811. Hij was getrouwd met Jantjen Hendriks Gerrits. Een zoon van het echtpaar was Klaas Jans (zie vierde generatie Haveman).
Vierde generatie Haveman
Klaas Jans Haveman moet in 1767 zijn geboren. De geboortedatum is niet bekend, maar uit de kerkelijke boeken is wel bekend dat hij op 3 mei 1767 werd gedoopt. Hij is in 1831 overleden. Klaas Jan was landbouwer en mulder te Wapse. Uit de archieven is niet te achterhalen of zijn voorvaders ook mulder zijn geweest. Hij trouwde met Aaltien Alberts Fokken, die rond 1750 werd geboren en in 1812 overleed. Zij was een dochter van Albert Fokken Veenhuis. De kinderen uit dit huwelijk waren Annigje (geboren rond 1794) en Jan Klaassen (zie vijfde generatie Haveman).
Vijfde generatie Haveman
Jan Klaassen Haveman werd geboren op 7 januari 1799 te Wapse. Hij was landbouwer en mulder te Wapse. Hij was in 1832 eigenaar van de windkoornmolen te Wapse. Hij trouwde op 9 juni 1822 op 23-jarige leeftijd met Geesje Mighiels, geboren op 11 september 1800, dochter van Michiel Roelofs en Klaasje Jans. Hun kinderen waren Klaas Jans (geboren rond 1823), Mighiel Jans (Michiel) (zie zesde generatie Haveman), Hendrik Jans (geboren rond 1834), Geesje (geboren rond 1836), Annigje (geboren rond 1838) en Berend (geboren rond 1840).
Zesde generatie Haveman
Landbouwer en korenmolenaar Migchiel Jans (Michiel) Haveman werd geboren op 9 juli 1826 te Wapse. Hij trouwde op 30 april 1853 te Diever met Stijna Roelofs van Noord, geboren op 9 maart 1827 te Lhee, dochter van Roelof Gelmerts van Noord, landbouwer te Lhee, en Klaasje Jans Wesseling. Uit dit huwelijk werd Roelof Machiel (zie zevende generatie Haveman) geboren.
Zevende generatie Haveman
Roelof Machiel Haveman was landbouwer en de laatste mulder van de Wapser molen. Hij werd geboren op 18 februari 1858 en overleed op 9 oktober 1941. Hij trouwde vóór 1900 met Jantje de Ruiter (overleden vóór 1900). Uit dit huwelijk werd zoon Michiel Jans in 1894 geboren, die op 2 juli 1952 overleed en niet getrouwd is geweest. Roelof Machiel Haveman hertrouwde op 41-jarige leeftijd op 21 januari 1900 te Diever met Aaltje Muggen, geboren op 21 augustus 1871 te Dwingelo, overleden op 22 april 1935, dochter van Lucas Muggen en Jantje Duker. De kinderen uit het tweede huwelijk waren: Stina (geboren op 28 november 1900, overleden op 11 augustus 1993), Lucas (geboren op 17 december 1902, overleden op 5 juni 1991) (zie achtste generatie Haveman), Lutina, geboren in 1905, overleden op 15 januari 1991) en Jantinus(geboren in 1907, overleden op 18 september 1988) (zie achtste generatie Haveman). Stina trouwde met Hendrik van der Berg (geboren in 1895, overleden op 12 juli 1967). Lutina trouwde met Klaas Snoeken (geboren op 29 september 1902, overleden op 28 november 1974).
Achtste generatie Haveman
Lucas Haveman trouwde met Roelofje Barelds (geboren op 13 november 1902, overleden op 19 mei 1948). Uit dit huwelijk werden geboren: Aaltje (geboren op 3 juni 1935) en Alida (geboren op 13 februari 1934). Jantinus trouwde met Trijntje Snoeken (geboren op 1 augustus 1907, overleden op 10 september 1972). Kinderen van hen waren Aaltje (geboren op 17 oktober 1936) en Jacob (geboren op 9 maart 1940, overleden op 31 maart 1992) (zie negende generatie Haveman).
Negende generatie Haveman
Jacob Haveman trouwde met Stijna van Zomeren (geboren op 16 januari 1940). Uit dit huwelijk werden twee kinderen geboren: Jantinus Albertus (geboren op 13 september 1962) en Albertus Jantinus (geboren op 4 mei 1964). Beiden zijn getrouwd, maar hebben geen mannelijke nakomelingen.

Bronnen:
Informatie van Bert Haveman, Hoogezand;
Informatie van mevrouw Aaltje Wink-Haveman, Wapse;
Informatie van Egbert Sinkgraven, Dieverbrug.

Posted in An de Deeverbrogge, Meule, Meule in Veldhuus’n, Opraekelen, Wapse | Leave a comment

Van wie was de Opel Olympia Record – UD-10-18 ?

De redactie van het Deevers Archief toont graag zijn topstukken aan zijn trouwe bezoekers. Tot zijn topstukken behoort ook bijgaande foto die gebruikt is op een zwart-wit ansichtkaart, die in 1955 is uitgegeven. Bij de redactie van het Deevers Archief zijn slechts drie exemplaren van deze ansichtkaart bekend.
De ansichtkaart is in de zomer van 1956 verstuurd. Op de achterkant van de ansichtkaart is het volgende te lezen. Vacantiecentrum Ellert en Brammert. Dieverbrug, telefoon 05219-207, Correspondentieadres van october tot april: Burgemeester Praamsmalaan 4, Bolsward, telefoon 05157-229 of 372.

Op de foto is het zomerhuisje met de naam De Dankber te zien. Het huisje stond op het terrein van vacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge. Het is waarschijnlijk een achtpersoons huisje, want voor het huisje zitten drie kinderen en drie volwassen vrouwen. Maar waar zijn de mannen ?
Bij het huisje staat de trots van de vacantievierende familie: een Opel Olympia Record. Wie kon zich in de tweede helft van de bijna autoloze vijftiger jaren van de vorige eeuw zo’n auto veroorloven ? De redactie is op zoek naar de toenmalige eigenaren van deze auto, met kenteken UD-10-18, of kinderen van de eigenaren.
Boven de nummerplaat zijn drie schildjes te onderscheiden. De eigenaren waren zeker lid van de A.N.W.B. (Koninklijke Nederlandsche Toeristen Bond) en de W.W. (Wegen Wacht). Wellicht en hopelijk is de auto als old-timer bewaard gebleven.
Op de zichtbare witgeschilderde zijmuur van het huisje staat de naam: De Dankber. Op het vacantiecentrum Ellert en Brammert had elk zomerhuisje een naam, zo ook dit huisje. Dankber is een niet meer gebruikt woord uit het dialect van Zuidwest-Drenthe en betekent jeneverbes.
Veel vacantievierders bewaren geweldige herinneringen aan dit prachtige vacantiecentrum. Gezinnen keerden vaak jaren lang elk jaar voor een paar weken terug naar Ellert en Brammert en vaak ook nog in hetzelfde huisje. Over het terrein liepen zandpaden. Bij regenachtig weer konden spelletjes worden gedaan in de kantine. Voor de boodschappen was een gezellige kampwinkel aanwezig. En dan was er die altijd mooie natuur.

Abracadabra-1639

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Ellert en Brammert, Topstuk | Leave a comment