Category Archives: Boek An de Brogge

Hotel Pension Blok an de Deeverbrogge – 1933

An de Deeverbrogge – zelfs heel dicht an de Deeverbrogge – brandde het hotel-restaurant-café-pension van Johan Blok in de nacht van 30 op 31 maart 1932 helemaal af.  Al aan het einde van 1932 werd het nieuwe hotel-restaurant-café-pension in gebruik genomen.
Gelukkig zette Johan Blok in navolging van Sjoert Benthem de traditie van het uitgeven van mooie ansichtkaarten voort. In dit geval gaat het om een prachtige fotokaart uit 1933 met daarop te zien het nieuwe hotel-restaurant-café-pension Dieverbrug van Johan Blok.
De redactie van het Deevers Archief wil een afbeelding van deze fotokaart niet onthouden aan de trouwe bezoekers van de webstee van het Deevers Archief. Wat heb je aan het alleen voor jezelf bewaren van dit soort prachtige afbeeldingen in dure zuurvrije plastic hoesjes in dure opbergmappen ergens op een zolder.
De afbeelding is helaas niet opgenomen in het onvolprezen soort van geschiedenisboekje met de niet mis te verstane titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 1914 ter opvrolijking van haar 20-jarig bestaan in een beperkte oplage uitgaf (op = op). Jammer, toch wel een gemiste kans.
Johan Blok bleef – gelet op de reclame aan de gevel, net zoals Sjoert Benthem – Hengeloosche Bieren verkopen, dat moet lekker bier zijn geweest, daar was niks mis mee.
En wat te denken van het modern aandoende ter bescherming van het zonlicht overkapte soort van terras met rieten stoelen ?
In het nieuwe hotel-restaurant-café-pension was tot de opheffing van de tramlijn Meppel-Hijkersmilde in 1933 nog het tramstation Dieverbrug van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij gevestigd. De foto voor deze ansichtkaart moet kort na de opening van het nieuwe gebouw zijn gemaakt.
Zo te zien staat bij de deur de haltechef van het tramstation. Wie dat is en wie de kinderen zijn, dat is bij de redactie niet bekend. Het is jammer dat het nummerbord van de auto niet herkenbaar is.
En wat voor ding is helemaal aan de rechterkant van de afbeelding te zien ?

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Hotel-restaurant-café Blok, Stoomtram | Leave a comment

Dieverbrug – Café Logement Sjoert Benthem – 1911

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de navolgende mini-essay (nummer 21) over het verleden van het café-logement van Sjoert Benthem en Griet Merk met bijbehorende afbeelding van een in 1911 verzonden ansichtkaart gepubliceerd.

In het archief van de gemeente Diever is het Register der localiteiten waar vergunning voor den verkoop van Sterken Drank in het klein in de Gemeente Diever is verleend bewaard gebleven. Uit dit document blijkt dat Burgemeester en Wethouders met ingang van 1 mei 1886 vergunning verleenden aan Hendrik Benthem Szn. voor de voorkamer, de achterkamer en de keuken van zijn café-logement, adres Dieverbrug. De vergunning verviel op 19 april 1906.
Zijn zoon Sjoert Benthem zette het café-logement voort. Burgemeester en Wethouders verleenden hem daartoe met ingang van 1 mei 1906 een vergunning voor de verkoop van sterke drank.
Sjoert Benthem had niet alleen als café- en logementhouder voordeel van de gunstige ligging van de Deeverbrogge. Ook op het gebied van vervoer kon geld worden verdiend, want op 14 november 1906 verscheen in de Drentsche en Asser Courant het volgende bericht:
Ondergetekenden Johannes Warries en Sjoert Benthem, schippers te Dieverbrug, zijn voornemens vanaf 18 november en voorts elke woensdag bij open water in werking te brengen een trekschuitdienst langs de Drentsche Hoofdvaart van Dieverbrug naar Assen vice versa, ingericht voor 30 personen. Vertrek van Dieverbrug ’s morgens 4½ uur; van Assen circa 1½ uur. Voor iedere persoon, enkele reis, zal verschuldigd zijn 20 cent. De kantoren zijn gevestigd te Dieverbrug bij J. Hogenkamp en H. Benthem en te Assen bij F. Westrup.
Caféhouder Sjoert Benthem overleed op 20 maart 1915. Zijn vergunning werd op 30 april 1915 door Burgemeester en Wethouders, krachtens toestemming verleend bij Koninklijk Besluit van 22 april 1915 en op grond van artikel 26 van de Drankwet overgeschreven op naam van Griet Merk, de weduwe van Sjoert Benthem. Op 1 mei 1921 werd de vergunning ingetrokken wegens niet betaling van het vergunningrecht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de hiervoor weergegeven tekst uit het fotoboekje Diever, ie bint ’t wel… is abusievelijk als datum van publicatie van de advertentie in de Provinciale Drentsche en Asser Courant 14 november 1906 vermeld. Dit moet zijn 16 november 1903.
Voor de volledigheid is hier ook de betreffende advertentie uit de Provinciale Drentsche en Asser Courant weergegeven.

Op de hier afgebeelde en door Sjoert Benthem in 1906 uitgegeven ansichtkaart staat nota bene hôtel S. Benthem, dat klinkt voornamer dan logement S. Benthem. Sjoert Benthem staat voor de deur van zijn café-logement. Zo’n beetje iedereen die an de Deeverbrogge woonde moet wel op de foto staan. Rechts tussen de bomen door is nog de voorgevel van het huis van veearts Nanne Brandenburg te zien. Veearts Nanne Brandenburg staat op de ansichtkaart in het midden tegen een boom geleund.
Het huis van veearts Nanne Brandenburg is evenals het café-logement van Sjoert Benthem afgebroken.
Of in het boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan heeft uitgegeven, aandacht besteed aan de trekschuitdienst van Johannes Warries en Sjoert Benthem, dat heeft de redactie nog niet na kunnen gaan.

De redactie heeft de tweede foto op 15 mei 2002 gemaakt. Deze is ongeveer op dezelfde plaats genomen als waar de fotograaf in 1906 heeft gestaan. Het lijkt alsof de boom aan de rechterkant daar ook in 1906 stond.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Diever, ie bint 't wel ..., Historische kalenders, Hotel Sjoert Benthem, Scheepvaart, Topstukken, Trekschuiten, Vervoer | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Café Barteld Smit – ± 1924

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de navolgende mini-essay (nummer 42) over het verleden van het oude café-logement an de Deeverbrogge met bijbehorende afbeelding van een in 1924 verzonden ansichtkaart gepubliceerd.

In het pand achter de keurig geknipte leilinden was van 1 mei 1886 tot 19 april 1906 het café van Hendrik Benthem Szn. gevestigd. De schuur werd gebruikt als opslagplaats, wagenschuur en paardenstal.
Zijn zoon Sjoert zette daarna het bedrijf voort. Na het overlijden van Sjoert Benthem op 20 maart 1915 heeft zijn vrouw Griet Merk het café-logement tot 1 mei 1921 voortgezet.
Toen werd het café overgenomen door Barteld Smit. Met ingang van 15 mei 1921 mocht hij sterke drank verkopen in de gelagkamer, in de wachtkamer van de stoomtram en in de keuken.
Het pand werd in januari 1929 gekocht door Johan Blok uit Wapserveen. De drankvergunning van Barteld Smit werd met ingang van 1 februari 1929 op naam van Johan Blok gesteld.
In 1932 liet hij het oude pand na een grote brand afbreken, waarna in 1933 het nieuw gebouwde voor die tijd moderne hotel Blok in gebruik werd genomen.
Links naast de witte schuur is nog net het kruidenierswinkeltje van Olde Aolida te zien.
Bij het café ligt een vrachtschip voor de wal. Schepen werden in die tijd veelal nog door windkracht voortbewogen.
In het jaar 1918 waren de turfschippers Lieuwe de Harder en zijn zoon Lieuwe nog inwoners van de gemeente Diever (adres: aan boord). Dit was ook het geval met de turfschippers Johannes Hoogeveen, Thomas Hoogeveen en Jan Hoogeveen (adres: aan boord).
Achter het zeilschip bevindt zich het houten dagverblijf van de brugwachter. Rechts naast dit gebouwtje is de bergplaats op het rangeerterrein van de stoomtram van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij te zien. Aan de rechterkant is de in 1880 gebouwde ijzeren draaibrug te zien.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de hiervoor weergegeven mini-essay uit het fotoboekje Diever, ie bint ’t wel … staat abusievelijk als trammaatschappij de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij genoemd. Dit moet zijn de Nederlandse Tram Maatschappij. De tramlijn Meppel – Hoogersmilde is in 1933 opgeheven. 

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Café Barteld Smit, Diever, ie bint 't wel ..., Loswal, Turfschippers, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Barge van snikkevaeder Beijer

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 24 juli 1852 verscheen het volgende bericht over de nieuwe ijzeren barge van snikkevaeder Beijer.

Met verneemt, dat waarschijnlijk door den snikkevaarder Beijer de door hem bestelde ijzeren barge in het veer tusschen Assen en Meppel in de vaart zal gebragt worden, alsmede dat de snikkevaarders voorhands van hun voornemen, om ook een nacht-barge-dienst in werking te brengen, hebben afgezien, om de te bezwarende voorwaarden, welke, naar hunne meening, door het Provinciaal bestuur, in het belang van de werken der Hoofdvaart, voor de vergunning, om des nachts te varen, zijn gesteld.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Hoe krijgt de schrijver van dit artikeltje het voor elkaar er een artikeltje van één zin van te maken !
Dat het bestuur van de provincie Drenthe het varen in de nacht van de snikke tegen hield, dat is wellicht te verklaren vanwege de noodzaak  dan ’s nachts bruggen en sluizen te moeten bemannen.
Een barge was een bepaald type ijzeren trekschuit met een recht vallend voorsteven, een rond klipperachtig achtersteven. en een houten ruime kajuit over de gehele lengte, welke van enkele ramen was voorzien. De barge was in gebruik tussen ongeveer 1850 en 1920. De barge werd evenals de snikke getrokken door een paard.
De redactie Archief heeft in het verleden wel gesproken met olde Deeversen en Deeverbroggers, die in hun jonge jaren nog snikkejaeger waren geweest.
Uiteraard deed snikkevaarder Beijer ook Dieverbrug aan.
In het boek An de Brogge, die de heemkundige vereniging uut Deever ter gelegenheid van haar twintigjarige bestaan heeft uitgegeven, is ook enige aandacht besteed aan de snikkevaeders, de snikkejaegers, de snikke en de barge. Daarvoor hulde, hulde, hulde. 

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Economie, Loswal, Scheepvaart, Vervoer | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Interieur van restaurant Blok

Op deze kleurenfoto uit het einde van de zestiger jaren van de vorige eeuw is het interieur van het restaurant van hotel-restaurant-café-pension Blok an de Deeverbrogge te zien, met name het duur en chique ogende linker deel van de ruimte. In die tijd stonden op de tafels nog geen plastic bloemen. Wel stond op elke tafel het bekende flesje van het merk Maggi met veel zouthoudend soeparoma.
Zijn de stoelen van het merk Stako (stapelbare en koppelbare stoelen) en an de Deeverbrogge gemaakt in meubelfabriek De Toekomst ?
De ruimte was niet altijd ingericht, zoals hier is te zien, want soms, in elk geval enige keren aan het einde van de vijftiger en het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw, was deze ingericht als een soort van bioscoop, rijen stoelen achter elkaar, zonder tafeltjes daartussen.
Voor de kinderen van de openbare lagere school aan de Tusschendarp in Deever werd dan op een woendagmiddag een kinderfilm gedraaid.
Het is de redactie van het Deevers Archief niet bekend of daar ook kinderen van andere scholen uut de gemiente Deever bij aanwezig waren of dat deze op een andere middag naar de film gingen kijken. Wie kan hier duidelijkheid over verschaffen ?
Het was in die tijd voor kinderen in elk geval wel een ware gebeurtenis naar een echte film te kunnen kijken.
In deze heden ten dage anders uitziende ruimte vond in november 2014 de uitreiking plaats van het eerste exemplaar van het boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever uitgaf ter gelegenheid van haar twintigjarige bestaan.
Een afdruk van deze historisch zeer waardevolle kleurenfoto had zeker niet misstaan in het hiervoor genoemde boek. Jammer, weer een kans gemist.

Posted in Afbeeldingen, An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Bedrijven, Boek An de Brogge, Hotel-restaurant-café Blok | Leave a comment

An de Deeverbrogge: Resten woning Arend Muggen

In de geparametriseerde Duitsgezinde krant het ‘Drentsch dagblad: officieel orgaan voor de provincie Drenthe’ verscheen op 4 augustus 1942 het navolgende berichtje.

Diever.
In café Balsma was een vergadering belegd om te komen tot een vrijwillige organisatie van den Nederlandsche Volksdienst en Winterhulp Nederland.
De leiding van dezen avond berustte bij het wijkhoofd den heer Muggen te Dieverbrug.
De spreker de heer Zuurveen gaf een uiteenzetting van den Nederlandsche Volksdienst en Winterhulp Nederland.
Het doel van deze vergadering is volkomen geslaagd, aangezien een voldoend aantal personen aanwezig was om een vrijwillige organisatie tot stand te brengen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

De vergadering werd gehouden in het café Brinkzicht van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma aan de brink van Diever.
Tussen de regels door van het gecensureerde bericht is te lezen dat in Diever de belangstelling voor beide genoemde organisaties te verwaarlozen was.

Voor wat het waard is vermeld de publiek toegankelijke webstee nl.wikipedia.org over de Nederlandsche Volksdienst het volgende.
De Nederlandsche Volksdienst werd in juli 1941 opgericht naar voorbeeld van de National Sozialistische Volkswohlfahrt in nazi-Duitsland. De oprichters van de Nederlandsche Volksdienst wilden al het sociale werk in Nederland bundelen in de Nederlandsche Volksdienst. De Nederlandsche Volksdienst werd opgericht op initiatief en met hulp van de Duitse bezetter. Het ging de bezetters om de nazificering van het maatschappelijk werk in Nederland. Door zich in te zetten voor de Nederlandsche Volksdienst steunde men in feite de vijand.

Voor wat het waard is vermeld de publiek toegankelijke webstee nl.wikipedia.org over de organisatie Winterhulp Nederland het volgende.
Winterhulp was de gemeenzame benaming van de Stichting Winterhulp Nederland, de nationaal-socialistische organisatie die tijdens de Tweede Wereldoorlog alle maatschappelijke hulpverlening, zoals verleend door de overheid, particuliere en kerkelijke organisaties in Nederland moest overnemen.

De publiek toegankelijke webstee www.alledrenten.nl levert de volgende informatie op over het wijkhoofd Muggen te Dieverbrug:
Beilen, huwelijksakte, 1 mei 1931, aktenr. 18
Bruidegom: Arend Muggen, geboren te Diever; oud: 28 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Albert Muggen, beroep: landbouwer, en Klaasje van Wester, beroep: zonder.
Bruid: Henderika Ovinge, geboren te Beilen; oud: 27 jaren; beroep: zonder, dochter van Hendrik Ovinge, beroep: landbouwer, en Jantje Lutken, beroep: zonder.
Diever, geboorteakte, 17 september 1902, aktenr. 47
Kind: Arend Muggen, geboren te Diever op 16-09-1902, zoon van Albert Muggen, beroep: landbouwer; oud: 29 jaren, en Klaasje van Wester, beroep: zonder.

Klaasje van Wester was een dochter van Hendrik van Wester en Geertje Huisman, die in Wittelte an ’t Olde Voartie woonden. Klaasjes van Wester was een zuster van boer en wethouder Roelof van Wester uit Oldendiever.

Een plaatselijk wijkhoofd was een vaste medewerker van de nationaal-socialistische liefdadigheidsorganisatie Stichting Winterhulp Nederland. Winterhulp had tot politieke doel hulpbehoevenden in de winter materieel te ondersteunen.

Op de foto, die gemaakt is op 8 februari 2008, is de situatie te zien, zoals deze al sinds jaar en dag is te zien op de plek waar de woning van Arend Muggen tot in de Tweede Wereldoorlog stond. Het is niet meer na te gaan of het waar is  dat de woning in de Tweede Wereldoorlog in brand is gestoken door een lid van het Drentsche verzet. In de volksmond was het commentaar: Zee’j hept hum in de braand esteuk’n.

De redactie heeft nog niet na kunnen gaan of in het boek met de titel An de Brogge, dat de heemkundige vereniging uut Deever heeft samengesteld ter gelegenheid van haar twintigjarig bestaan, enige aandacht is besteed aan ‘de Brogge in oorlogstijd’.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Café Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Burgers bouwden noodbrug

In de courant ‘Ons Noorden: dagblad voor de Noordelijke provinciën’ verscheen op 21 mei 1945 het navolgende artikel ‘Drentsche burgers bouwden noodbrug en bevorderden Frieslands bevrijding’.

In de dagen rond 10 april (1945), zo lezen we in „De Vrije Pers”, toen het noorden des lands in angstige spanning op de bevrijdende Canadese legers wachtte, ging er in de huizen van de gelukkigen, die nog op de een of andere manier electrische stroom konden bemachtigen, geen uur voorbij, of de radio werd ingeschakeld. De hoop op een spoedige verlossing van de onderdrukkers nam toe in de harten van de Drenten en Groningers, naarmate de tankspitsen ten oosten van de Drentsche Hoofdvaart vorderden. Doch de Friezen werd het bang te moede, want wie beter dan zij wisten welk een barrière hen nog van de oprukkende geallieerden scheidde.
Op een goede dag meldde Herrijzend Nederland evenwel plotseling, dat de Canadese spitsen tot in Diever doorgedrongen waren. Diever, over het kanaal dus! En zie, dit bruggenhoofd is het geweest, van waaruit Frieslands victorie begon. Dit bruggenhoofd danken zij aan een Drents opzichter van de Rijkswaterstaat, die met een aantal burgers onder het bereik der Duitse kanonnen een noodbrug over het kanaal sloeg, waarover het materiaal naar het westen stroomde.
Canadezen en Polen rukten in Drenthe op; Coevorden werd bevrijd, de spoorbaan Hoogeveen-Meppel gepasseerd, in de loop van woensdag de 11e april werd Dwingelo bereikt en even later stonden Canadezen aan de Drentsche Hoofdvaart. Waarschijnlijk heeft het niet in de bedoeling gelegen om de operaties onmiddellijk aan de westzijde ervan voort te zetten, doch er zijn factoren geweest (o.a. een noodkreet van de bevolking van Diever, waar de terugtrekkende Duitsers een vreselijke terreur uitoefenden) die den commandant de wenselijkheid van een noodbrug bij Dieverbrug deden inzien.
Met een opzichter van de Rijkswaterstaat te Dwingelo werd overleg gepleegd en deze bood aan, met een aantal vrijwilligers een brug over het kanaal te slaan. Ondanks het feit, dat zowel Wittelte, de Haarsluis (ten zuiden van Geeuwenbrug) en Diever nog in Duitse handen en het geenszins denkbeeldig was, dat deze tegen het vallen van de avond het vuur zouden openen, meldden zich tal van vrijwilligers aan. Uit deze groep werden zestien bekwame vaklui gekozen, die ’s avonds om negen uur met de bouw begonnen, terwijl de Canadezen de wegen naar Dieverbrug onder controle hielden.
De opdracht van den Canadesen commandant luidde: maak mij een brug, geschikt voor maximaal 9-tons wagens en zorg, dat die morgenvroeg half zeven klaar is. De hele nacht zwoegden en ploeterden de vrijwilligers, daarbij gebruik makend van een bok met materiaal, afkomstig van de op last van de Duitsers afgebroken Wittelterbrug, welk materiaal men speciaal met het oog op de bouw van een noodbrug in de buurt had weten vast te houden. De mannen smaakten tenslotte het genoegen, de brug tien minuten voor de vastgestelde tijd gereed te hebben en onmiddellijk startten de geallieerde colonnes naar het westen.
Het schijnt, dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het ‘bruggenhoofd Dieverbrug’ het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijsel heeft ‘meegenomen’. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog de zelfde dag werd Wolvega bereikt.
Is het teveel gezegd, dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (Pingjum onder andere) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van de Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers?

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Bezoekers van deze webstee worden tevens verwezen naar andere berichten in het Deevers Archief over de situatie an de Deeverbrogge aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Dorpskrachten, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Noodbrugbouwers en The Canadian First Army

De Amerikaanse Begraafplaats in Margraten in Limburg, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en een monument ter nagedachtenis van de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog.
De begraafplaats ligt tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer aan de provinciale weg N278 in Zuid-Limburg.
In een soort van museumkapel zijn drie grote landkaarten te zien, deze zijn in steen uitgebeiteld, met beschrijvingen van de verrichtingen van het 1e Amerikaanse leger in de regio gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Op één van de kaarten is met een grote rode pijl naar het noorden van Nederland de opmars van the Canadian First Army, het Canadese Eerste Leger aangegeven. Zie de bijgevoegde kleurenfoto.
De naam Canadian First Army is samen met de andere geallieerde legers ook onder de kaarten vermeld. Zie de bijgevoegde kleurenfoto. Dit Canadese Eerste Leger speelde een belangrijke rol bij de bevrijding van Noord-Nederland van de Duitse bezetter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.
De aanleg van een noodbrug over de Drentsche Hoofdvaart ter plaatse van de opgeblazen Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 maakte de bevrijding van Deever mogelijk en versnelde en vergemakkelijkte de opmars van de Canadezen naar Friesland, Drenthe en Groningen.
Het mag toch wel een beetje onverschillig worden genoemd dat an de Deeverbrogge in de buurt van de Deeverbrogge nog steeds geen teken van respect voor de bouwers van de noodbrug en voor het Canadese Eerste Leger is te vinden. Dit teken had mooi alsnog na zeventig jaar op 12 april 2015 onthuld geweest kunnen zijn geworden. Daar is het helaas niet van gekomen.
De redactie van het Deevers Archief heeft beide kleurenfoto’s op 16 augustus 2015 op de Amerikaanse Begraafplaats in Margraten gemaakt.

Abracadabra-439 Abracadabra-440

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Canadeze bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Waterverfschilderij ‘An de Deeverbrogge’

In het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’ met zwart-wit afbeeldingen (het boekje bevat dus helaas geen afbeeldingen in kleur), dat de heemkundige vereniging uit Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarige bestaan, hebben de samenstellers op bladzijde 216 ook bijgaande door ondernemer Sjoert Benthem in 1905 uitgegeven ansichtkaart opgenomen.
Echter in het boekje is van de ansichtkaart helaas het rechter gedeelte naast de snikke niet opgenomen en dat gedeelte laat juist zo mooi en beeldend de olde dreejbrogge met op de achtergrond een zeilend vrachtschip zien.
Op de ansichtkaart is aan de linkerkant een opslagloods (van hout ?) te zien, met direct rechts daarvan het kruidenierswinkeltje van ‘Olde Oalida’.
Het witgekalkte oude gebouw achter de leilinden is het café-logement van Sjoert Benthem en Griet Merk.
In de vaart ligt voor de löswal een bezeild vrachtschip en een snikke (de snikke van Sjoert Benthem en Hendrik Warries ?).
De schilderskring Diever houdt de laatste jaren elk jaar een door haar zo genoemde zomerexpositie in de kerk op de brink van Deever, waarbij werkstukken van de leden worden getoond.
Op de door de redactie van het Deevers Archief op vrijdag 7 augustus 2015 in genoemde kerk gemaakte kleurenfoto is het waterverfschilderij ‘Aan de Dieverbrug’ (An de Deeverbrogge) van Ernest Mols te zien.
Het mag de bezoeker van het Deevers Archief duidelijk zijn dat de zwart-wit-ansichtkaart uit 1905 als kleur-inspirerend voorbeeld voor het waterverfschilderij heeft gediend.
Gelukkig heeft de schilder niet de afbeelding op bladzijde 216 van het boekje ‘An de Brogge’ als voorbeeld gebruikt.
De redactie van het Deevers Archief kon het schilderij door de spiegeling van het glas van de omlijsting van het schilderij helaas niet goed fotograferen.

Abracadabra-437

Abracadabra-438

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Dorpskrachten, Kunst, Scheepvaart, Schilderijen, Toevallige waarnemingen, Topstukken, Vervoer | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Hotel Johan Blok – 1949

Op deze foto, die gemaakt is in 1949, is een druk bezocht hotel-restaurant-café-pension Blok te zien.
De weg langs de vaart was een belangrijke noord-zuid route door Drenthe, totdat de route langs Meppel, Hoogeveen, Beilen en Assen werd omgebouwd tot de A28 autosnelweg.
Het restaurant was met name een pleisterplaats voor gemotoriseerde vertegenwoordigers van stofzuigerfabrieken, radiofabrieken, uitgevers van encyclopedieën, verzekeringsmaatschappijen en al het andere wat via vertegenwoordigers aan de man werd gebracht.
Wie kan de merken van de auto’s aan de redactie van het Deevers Archief doorgeven ?

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Hotel-restaurant-café Blok, Rijksstraatweg | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Kalkovens staan op instorten

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 21 januari 1983 het navolgende artikel ‘Voor 1 februari omheining Kalkovens in Dieverbrug’ naar aanleiding van gedoe over de bouwvallige restanten van de kalkovens an de Deeverbrogge.

Burgemeester en Wethouders van Diever hebben eigenaar H.J. Schoenmaker uit Haren gesommeerd vóór 1 februari de kalkovens in Dieverbrug af te schermen voor het publiek. Het gevaar is niet ondenkbeeldig dat stukken van de schoorsteenpijp naar beneden vallen. Twee jaar geleden is dat al eens gebeurd, overigens zonder dat zich ongelukken voordeden. Ook toen hebben Burgemeester en Wethouders gevraagd te zorgen voor een deugdelijke afrastering rond de uit het begin van deze eeuw stammende kalkovens. Hieraan heeft Schoenmaker niet voldaan.

Omdat het gevaar voor instorten nog groter is geworden, wil het college op grond van de bouwverordening nu kracht achter het verzoek zetten. ‘De tand des tijds heeft haar nimmer aflatende invloed steeds sterker doen gelden.’ staat in een brief aan Schoenmaker. Hij krijgt een maand de tijd in beroep te gaan. Anders zal de gemeente op zijn kosten voor een deugdelijke omheining zorgen. De gemeente heeft overigens al diverse pogingen ondernomen de kalkovens te behouden. ‘Ons is gebleken dat de helft van de kalkovens in ons land de laatste jaren verloren is gegaan.’ zegt burgemeester H.G. Overweg. ‘Het is goed om er dan een paar te bewaren. Deze ovens zijn daarvoor uitermate geschikt, omdat uit de plaats een relatie blijkt met de omgeving. De schelpen werden altijd aangevoerd via de Drentsche Hoofdvaart.
Als bestuurslid wist Overweg de Stichting Oud-Drenthe voor de ovens te interesseren. Onderhandelingen met de eigenaar liepen echter op niets uit. ‘Schoenmaker vroeg zo’n hoge prijs dat de stichting daar niet op in kon gaan. Er zijn altijd mensen die denken dat in een dergelijk bezit geld zit. Het is echter eigenlijk een negatief bezit, want je hebt er geen donder aan. Voor het behoud van de ovens was het voor de stichting echter wel interessant.
De suggestie van Schoenmaker de gemeengte de oven te laten opknappen leverde geen gehoor op. ‘Wanneer je geen eigenaar bent moet je niet gaan prutsen aan dit soort dingen.’ zegt Overweg. ‘Ook in het belang van de toeristen willen we wel graag iets doen. De kalkovens zijn een monumentje van industrie en techniek.’
Ondersteuning krijgt het gemeentebestuur van G.J.P. Bloemen uit Doesburg. Tijdens zijn vakantie maakte hij kennis met de ovens. In een brief aan de gemeenteraad pleit Bloemen voor het behoud ervan. De gemeenteraad van Diever vergadert donderdagavond.

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Boek An de Brogge, Cultureel erfgoed, Cultuurhistorie, de Kalkovens, Drentsche Hoofdvaart, Economie, Erfgoed | Leave a comment

Pakschuitendienst tusschen Assen, Deever en Meppel

In de krant Het nieuws van den dag (kleine courant) verscheen op 20 april 1877 het navolgende bericht over de oprichting der naamlooze vennooschap ‘Drentsche Stoombootmaatschappij’ te Assen.

De Koninklijke bewilliging is verleend op de akte van oprichting der naamlooze vennootschap ‘Drentsche Stoombootmaatschappij’ te Assen. Vooreerst zal de werkkring der Maatschappij zich bepalen tot het voortzetten der volgende bestaande diensten: de stoombootdienst tusschen Assen en Zwolle, de bargedienst tusschen Assen en Groningen, de bargedienst tusschen Assen en Veenhuizen en de pakschuitendienst tusschen Assen, Deever en Meppel.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 haar twintigjarige bestaan opgeluisterd met een zo genoemd jubileumboekje, waarin aandacht is besteed aan de geschiedenis van de Deeverbrogge.
In het boekje zijn ongetwijfeld onderwerpen aan de orde gekomen, zoals de bewoners, de boerderijen, de pothokken, de snikke, de barge, de stoombootdiensten van de Drentse Stoombootmaatschappij, de postkar, de scheepvaart, de turfschippers, de kalkovens, Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid aan de loswal, de bedrijven an de Deeverbrogge, de stoomtram, de tramlijn, het tramemplacement, hotel Blok, logementen, café-logement Sjoert Benthem, Concordia, het postkantoor, de steenfabriek, meubelfabriek ‘de Toekomst’, de schutsluus, de brogge, de Tweede Wereldoorlog, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen, dansavonden, enzovoort, enzovoort.  

Het is interessant te lezen dat ook vóór 1877 een pakschuitendienst werd onderhouden tussen Assen, Meppel en Deever. Waren dat door paarden getrokken pakschuiten ? Een mooie klus voor de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever om dit uit te zoeken.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Scheepvaart, Stoombootdienst | Leave a comment

We gaan met de snikke als het markt te Meppel is

In het Nieuwsblad van het Noorden van 9 december 1896 verscheen het navolgende bericht over ervaringen bij het vervoer per snikke van Dieverbrug naar Meppel.

Gemengd Nieuws.
Uit Drenthe’s Zuidwesthoek schrijft men aan de ‘Telegraaf’:
Drente is door natuur en menschen beide al zeer stiefmoederlijk bedeeld. De dorre heidevelden worden door een armoedige bevolking bewoond, die tracht van den schralen zandgrond nog te halen wat er van te halen is. En de noodige middelen om de producten van het land te vervoeren en het vee ter markt te brengen, zijn slechts in geringe mate aanwezig en vaak nog zeer primitief. In deze streken moet men zich nog behelpen met het vervoer per trekschuit, een vaartuig dat de bewoners van meer bevoorrechte oorden alleen nog uit de Camera Obscura kennen.
’t Is waar, er bestaat een dagelijksche stoombootdienst der Duitsche Stoomvaartmaatschappij. Hare booten, die geregeld vice-versa voorbij Smilde, Dieverbrug, Uffelte en Havelte tusschen Meppel en Assen varen, maken het mogelijk aan de bewoners deze streken iederen dag naar Assen of Meppel te komen en hunne goederen daarheen te zenden.
Maar wat voor het personenvervoer nogal lastig is, deze booten gaan zeer langzaam (moeten langzaam varen om de wallen der Drentsche Hoofdvaart niet te beschadigen) en, dit geldt ook voor het goederenvervoer, zijn erg duur. Onze boeren maken er dan ook zoo weinig mogelijk gebruik van. Wie op een niet-marktdag te Meppel moet wezen, en ieder onzer moet er zo nu en dan zijn, gaat per as (op een hortenden boerenwagen) of te voet.
Als het markt te Meppel is (Donderdag) echter gaan we met de trekschuit. We staan vroeg op, vroeg althans naar steedsche opvatting en hebben als we te Uffelte of Havelte wonen, keus uit vier trekschuiten, twee Dieversche en twee Uffelter ‘snikken’ (trekschuiten). Haasten we ons een goed plaatsje uit te zoeken, want als gewoonlijk zijn de ‘snikken’ meer dan vol, zoowel aan personen als goederen.
Wat ’n drukte in het vroege morgenuur. Boeren op klompen (de boer draagt altijd klompen, ’s zomers en ’s winters, op zon- en werkdagen), die varkens of geiten voortdrijven, boerinnen met oorijzers en witte muts, die manden met boter of eieren torsen, allen eenigszins gehaast om in de ‘snikke’ te komen. Als allen er op zijn, gaat het vooruit, natuurlijk bedaard, doodbedaard, zooals het ’n trekschuit past.
Laten we nu eens ’n kijkje in de schuit nemen. Op vier banken zitten de passagiers opeeengepakt. Geen wonder bij zo’n volte, dat het er na een half uur al benauwd wordt en dat veelen te Meppel met ‘heufdzeerte’ (hoofdpijn) aankomen. Men gaat er niet licht toe over een raampje open te zetten, want de plattelandbewoner vreest niets zoozeer als tocht. De meest verpestende atmosfeer is hem liever dan het gevaar van op den tocht te zitten. Opgeschoven ramen ziet men zelfs op snikheete zomerdagen slechts bij uitzondering.
Zo’n reisje per trekschuit is, vooral als men het reeds eenige malen meegemaakt heeft, verre van gezellig. Luister slechts waar die passagiers over redeneeren, die beide bejaarden in den hoek. De een beweert dat goede mest toch het ware is op het land, waarop zijn buurman bevestigend knikt.
Deze bewering is niet juist nieuw voor hem; vóór een halve eeuw was hij reeds van de waarheid ervan overtuigd. Een oud moedertje weidt lang en breed uit over de goedkoopte van de varkens, welke mededeeling voor hare toehoorders ook al geen nieuws bevat. Maar wie ter wereld zou in een trekschuit ook met wat nieuws voor den dag komen ? Toch heb ik eens een nieuwe stelling hooren te berde brengen, door een man met bakkebaardjes en laarzen. Hij was dus geen boer. Een boer heeft baard noch knevel en draagt geene laarzen. De man beweerde met kracht van woorden en gebaren (hij sloeg bij iederen zin met flinken slag op knie van zijn buurman), dat het liggen gaan van koren niet zooals de heerschende mening wil, het gevolg is van ‘geilheid’ (overmaat aan vruchtbaarheid), maar juist van gebrek aan voedsel. In de ‘snikke’ is men het altijd met elkaar eens, maar met iemand, die wat nieuws zegt, nooit. Een opgewekt debat volgde dan ook. Gelukkig, want dit verkortte den drie uren langen, anders eindeloos vervelende tocht.
Godsdienst-quaesties of politieke dito worden nooit besproken.  Eens hoorde ik ’n ouden boer beweren, dat die van Houten toch een flinke kerel was en dat de nieuwe kieswet … Maar de man praatte voor doove oren. Niemand interesseerde dit onderwerp. Er is maar ééne enkele zaak, die den boer belang inboezemt, dat is het boerenbedrijf. Al wat daar buiten ligt, is voor hem terra incognita en daar bemoeit hij zich niet mee.
Eindelijk zijn wij te Meppel, want zelfs een trekschuit komt ten slotte op de plaats harer bestemming.
Meppel is onze stad. Meppel is de plaats waar we onze producten en onze ‘diers’ (dieren) aan den man brengen. Meppel is ook de stad, waar we onze inkoopen doen. Veele huishoudelijke benodigdheden, kleederen, eetwaren (vleesch bijvoorbeeld) zijn op onze landbouwdorpen niet te krijgen of erg duur en slecht.
We zijn dan erg ingenomen met onze ‘snikken’, die ons den tocht naar Meppel mogelijk maken en zeer goedkoop zijn. Toch zouden we het oogenblik zegenen, dat we hier een tram kregen. Er is al eens over gepraat. En we hopen dus !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De schrijver van bovenstaand artikel probeert op enigszins negatieve manier de sfeer in de snikke te beschrijven tijdens het vervoer van mensen, dieren en goederen van de Deeverbrogge naar Meppel, Desalniettemin had publicatie van dit verhaal in hoofdstuk 6 Transport van het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’, dat de heemkundige vereniging uut Deever heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan, niet misstaan.
In het artikel is sprake van Duitsche Stoomvaartmaatschappij, dit moet zijn Drentsche Stoomboot Maatschappij.
Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1906 ligt voor de löswal an de Deeverbrogge de snikke van waarschijnlijk Sjoert Benthem.

Abracadabra-449

Abracadabra-450

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-451

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Drentsche Hoofdvaart, Snikke, Vervoer, Verzet | Leave a comment

Aanlegplaats en Kantoor der D.S.M. te Dieverbrug

De redactie van het Deevers Archief laat de trouwe bezoekers van de webstee Dieversarchief.nl graag meegenieten van zijn aanwinsten in de verzameling ansichtkaarten. Slechts enkele verzamelaars van ansichtkaaren uit de gemeente Diever zullen bijgaande ansichtkaart in hun album hebben.
Het gaat in dit geval niet zozeer om de fraaie sfeervolle opname van de aanlegplaats van de stoomboot bij en het kantoor van de Drentsche Stoomboot Maatschappij in het café-logement van Sjoert Benthem, waarbij Sjoert Benthem, met wit overhemd, links naast de stoomboot zit, dan wel om de twee afzenders van deze kaart.
Neef en nicht, Sjoert Benthem en echtgenoote, verstuurden deze eigen ansichtkaart op 2 januari 1907 aan den heer Johan Jacob Pieter Merk, Agent van Politie, Korte Lijdsche Dwarsstraat 25 in Amsterdam. Johan Jacob Pieter Merk was een broer van Griet Merk, de vrouw van Sjoert Benthem. Sjoert Benthem moet deze kaart geschreven hebben en wel in een redelijk handschrift, met inkt en kroontjespen, in de schrijfstijl uit die tijd.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café Sjoert Benthem, Drentsche Hoofdvaart, Drentsche Stoomboot Maatschappij, Loswal | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Hulppostkantoor

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 8 maart 1864 het volgende korte bericht over het hulppostkantoor an de Deeverbrogge.

Diever, 6 maart.  Volgens opgave van den brievengaarder van het hulp-postkantoor te Dieverbrug, zijn in het verloopen jaar de navolgende particuliere brieven ontvangen, als: 6408 van Meppel, 4245 van Assen, 605 van Groningen, 139 van Havelte, 968 van Smilde en 336 uit de bus, total 12701 en verzonden: naar Meppel 5695, Assen 4686, Havelte 157 en Smilde 1124, totaal 11662, zoodat het getal verzonden en ontvangen brieven bedraagt 24363.
Wanneer men nu aanneemt, dat van iedere brief 5 cent port wordt betaald, dan hebben deze brieven eene waarde opgebragt van f. 1218,15.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het is wellicht van enig belang te weten dat an de Deeverbrogge ooit een hulppostkantoor heeft gestaan.
Of het kantoor in 1864 op de plek stond waar het hulppostkantoor (hulppostkantoorhouder Jan Doorten) in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw stond, dat is bij de redactie van het Deevers Archief nog niet bekend.
In het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever zullen ongetwijfeld beelden en woorden zijn besteed aan de postale, telefonische en telegrafische activiteiten an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Postkantoren | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Restanten van de kalkovens

An de Deeverbrogge zijn langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe restanten aanwezig van een kalkovencomplex, gesticht in 1925 als schelpkalkbranderij en in dat jaar omvattende twee schelpkalkovens en een leschhuis. Leter is het complex uitgebreid met een transporteur, een derde oven en een schelpenbreker. De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De restanten liggen in de buurt van Drentsche Hoofdvaart, die van belang was voor de aanvoer van de grondstof schelpen, de brandstof turf en de afvoer van het product schelpkalk.
Het zijn de restanten van twee flesvormige kalkovens van het sedert 1860 door de Alkmaarse koopman W.F. Stoel verbeterde schachtoven-type. De te halver hoogte taps toelopende schacht van de ovens is opgetrokken uit in kruisverband gemetselde zachtrode baksteen en heeft enkele lichtgetoogde lucht-, laad- en los- en kijkgaten; de slanke cilindrische schoorsteen is opgetrokken uit helderrode strengperssteen, heeft klimijzers en ijzeren banden; de top wordt benadrukt door een even uitgemetselde rand. Tussen beide ovens in staat nog het geraamte van een ijzeren transporteur.
De restanten van het kalkovencomplex zijn van cultuurhistorisch en industrieel-archeologisch belang monument vanwege de geschiedenis van de Nederlandse schelpkalkbranderij in het algemeen en die van de provincie Drenthe in het bijzonder, de betekenis van het complex voor de 20ste-eeuwse economie van Drenthe en de gemeente Diever in het bijzonder en de herinnering aan deze in de 20ste eeuw aldaar bloeiende bedrijfstak, het feit dat (restanten van) schelpkalkbranderijen in Drenthe, maar ook in Nederland inmiddels zeer zeldzaam zijn geworden, vanwege het hiervoor vermelde type met een relatief kleine middellijn en een grote hoogte en vanwege de historisch belangrijke ligging aan een waterweg en een provinciale weg.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie hoopt niet dat de flinke groep dorpskrachten (Deevebroggers, Deevebroggenaren, Broggers, Broggenaren of hoe noemen zij zichzelf eigenlijk ?), die de samenstellers van het boek ‘An de Brogge’ zijn, de cultuurhistorisch waardevolle kalkovens zijn vergeten te beschrijven in hun boek, dat in 2014 ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van de heemkundige vereniging uut Deever is verschenen.
Hopelijk zijn de dorpskrachten niet vergeten in hun boek enige ‘annekkedotes’ op te nemen van de arbeiders van de kalkovens.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 1 april 2005 (geen grap) gemaakt.  

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Boek An de Brogge, Cultureel erfgoed, Cultuurhistorie, de Kalkovens, Economie | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Proef met nagloeiende verf

De provincie Drenthe is een proef gestart met glow-in-the-dark-markeringen op het wegdek. Deze markering is aangebracht op één van de twee fietspaden tussen de Deeverbrogge en Deever langs de provinciale weg N855.

De provincie Drenthe onderzoekt of de toepassing van dit materiaal voordelen heeft boven het gebruik van de gebruikelijke markeringsstrepen. Aanleiding voor de proef is de vraag vanuit de omgeving om de zichtbaarheid van de fietspaden te verbeteren. Langs dit weggedeelte staan geen lichtmasten, omdat de provincie er naar streeft de openbare verlichting in het buitengebieden te beperken.
Omdat de fietspaden aan weerzijden van de N855 tussen Dieverbrug en Diever vanaf één richting worden bereden, hebben de paden geen middenlijn. Daardoor zijn de fietspaden in het donker niet altijd goed te zien en kunnen fietsers in de berm belanden.
De proef die nu wordt uitgevoerd, vindt plaats op een gedeelte van 650 meter van beide fietspaden tussen Dieverbrug en Diever. In de richting Diever is een reguliere strepenmarkering aangebracht. In de richting Dieverbrug zijn ronde plaatjes aangebracht die overdag licht absorberen. In het donker geven ze licht af. Het fietspad zou daardoor beter zichtbaar moeten zijn.
Via een enquête onder gebruikers van de fietspaden wil de provincie onderzoeken welk type markering het meeste effect heeft. De enquête wordt in het begin van 2015 uitgevoerd.

Bron: Provincie Drenthe, 7 november 2014

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Glow-in-the-dark-verf is nagloeiende verf, die als het donker is nog geruime tijd oplicht. Dit heeft als voordeel dat men gemakkelijk een weg kan volgen. Deze vorm van markering wordt voornamelijk toegepast in parkeergarages. Het toepassen van nagloeiende verf is in Duitsland in parkeergarages voor vluchtroutes al verplicht.
De vraag is of de genoemde plaatjes tussen pakweg een half uur na zonsondergang en pakweg een half uur voor zonsopkomst wel voldoende gelijkmatig blijven gloeien of dat ze bijna letterlijk als een nachtkaars uitgaan. En wat als het najaar of winter is, de zon de hele dag niet schijnt en het heel vroeg donker en heel laat licht is ?
Door blijven gloeien zou wel moeten, want de alcoholnuttigende jeugd op de brommer en op de fiets moet bij het zwalken over de weg bij nacht en ontij en regen en wind wel de mogelijkheid worden geboden tijdig bij te sturen. En wie heeft er tegenwoordig nog licht op zijn fiets ?
Maar zijn die ronde plaatjes nu aan beide kanten of in het midden van het fietspad aangebracht ?
In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw waren in de betonweg tussen de Deeverbrogge en Deever in het midden van de weg twee rijstroken lichtweerkaatsende ‘katteogen’ aangebracht. Die vier ‘katteogen’ (voor beide richtingen twee) zaten nooit lang in het rubberen omhulsel, omdat de ‘padjongen’ deze mooie ‘hebbedingetjes’ met hun ‘kloezie’ uit het rubber peuterden. Als de proef met de nagloeiende verf mislukt, dan zou het aanbrengen van ‘katteogen’ een keuzemogelijkheid kunnen zijn.
De redactie beseft dat in het Deevers Archief tot nu weinig aandacht is besteed aan verkeer en vervoer in de gemeente Diever. De redactie biedt haar bezoekers excuses aan voor dit ongemak. In het vervolg zal over dit onderwerp regelmatig een berichtje worden geplaatst.
Hopelijk hebben de Deeverbrogse dorpskrachten niet vergeten dit voor het knoopunt Deeverbrogge zo belangrijke onderwerp, wellicht belangrijkste onderwerp in het boek ‘An de Brogge’ uitgewerkt: snikke, baarge, stoomboot, diligence, tram, tramhalte, tramemplacement, jaegpad, löswal, zeilende vrachtschepen, gemotoriseerde vrachtschepen, turfschepen, turfschippers, snikkejaegers, logementen, hotels, restaurants, café’s, kanaal, bruggen, noodbrug, brugwachter, sluus, sluuswachter, autobus, auto
bushalte, overstapplaats, autobusgarage, DABO, DVM, benzinestation, rijksweg, provinciale weg, straatwegen, knooppunt van wegen, auto’s, vrachtwagens, vertegenwoordigers, het jaarlijkse TT-gebeuren an de Brogge (moters kiek’n), en zo verder.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Diever, Verkeer en vervoer | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Vervanging van de Dieversluis

In het Algemeen Handelsblad van 14 april 1878 verscheen het navolgende bericht over het koninklijk besluit inzake het vervangen van de Deeversluis.

Besluiten en benoemingen
Bij koninklijk besluit van 7 dezer is bepaald dat ten behoeve van het maken eener afsnijding in de Drentsche Hoofdvaart, ten einde eene nieuwe sluis op die vaart ter vervanging van de bestaande Dieversluis te bouwen, ten algemeenen nutte, in het publiek belang en ten name van den Staat, ter uitvoering der wet van 9 December 1877, onteigend zullen worden eenige eigendommen, aangeduid in het plan en de kaarten, die op de secretarie der gemeente Dwingelo ter openbare inzage hebben gelegen.

In de krant De Tijd van 14 april 1878 verscheen het volgende korte bericht.

Aanwijzing van de te onteigenen percelen
De Staats-Courant bevat de aanwijzing der perceelen, welke onteigend moeten worden ten behoove van het maken van eene nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart, ter vervanging van de bestaande Dieversluis.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Deeversluis was in 1878 aan vervanging toe, er voeren meer schepen en grotere schepen door de vaart. De Deeversluis lag in de gemeente Dwingel, vandaar dat de betreffende documenten op de secretarie van het gemeentehuis in Dwingel ter openbare inzage lagen. Of in Deever en Dwingel vóór het koninklijk besluit ook allerlei inspraakprocedures zijn doorlopen, dat is bij de redactie niet bekend.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Dieversluis, Economie, Scheepvaart | Leave a comment

An de Deeverbrogge – An de Sluus – 1929

De redactie van het Deevers Archief publiceerde het navolgende artikeltje met afbeelding in zijn fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’. Dit boekje werd in 1999 uitgegeven.

Door de drukke scheepvaart was het waterpeil in de Drentsche Hoofdvaart lange tijd moeilijk te handhaven. Daar kwam op maandag 10 november 1925 met het in bedrijf stellen van de nieuwe electrische gemalen bij de Paradijs-, Havelter-, Uffelter-, Diever-, Haar- en Veenesluis drastisch verandering in.
Een krantebericht meldt daarover het volgende: Het heeft zeer veel moeite gekost het zoo ver te krijgen. Ongeveer een jaar is nodig geweest om deze veelomvattende bouwwerken met toeleidingskanalen, stortebedden, grondwerken, enzovoort te voltooien………. De gemalen zijn er en de opening ervan, mag een voor Drenthe zeer gewichtige gebeurtenis genoemd worden. Al is er op den openingsdag geen feest gevierd, ons inziens was daartoe voor de betrokken streek, ja voor een groot deel van Drenthe alle reden geweest………. Zijn wij juist ingelicht, dan hebben de nieuwe gemalen een capaciteit van 100 m3 per minuut, dus van 6000 m3 per uur, voorwaar een niet geringe hoeveelheid. Vooral als men weet dat de oude gemalen dateerdend van 1863 het slechts tot 30 m3 per minuut konden brengen. De pompen, zogenaamde verticale schroefpompen, zijn geleverd door de Machinefabriek van Gebr. Stork te Hengelo. De electrische apparaten werden geleverd door Heemaf te Hengelo. Beide fabrieken zijn specialist op dit gebied……….
De ellende, gepaard gaande met den lagen waterstand, is nu geleden. Een beperking tot een diepte van 90 cm zal niet meer voorkomen. Overlading van groote schepen in lichters, wat tot nu toe te Meppel geschiedde, zal niet meer voorkomen……….
Wij zullen eindigen met den wensch, dat deze werken een vooruitgang zullen zijn voor de scheepvaart en tevens voor de landbouwende bevolking van Drenthe……….

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft de kleurenfoto op 21 november 2014 gemaakt.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Diever, ie bint 't wel ..., Dieversluis | Leave a comment

An de Deeverbrogge – An de sluus in 1915

Links is gedeeltelijk de Dieversluis te zien. Deze stenen schutsluis werd gebouwd in 1879 in een ten zuidoosten van de Drentsche Hoofdvaart gelegen afsnijding van die vaart. Daardoor kwamen de Dieversluis en Woning van den Opzichter van de Rijkswaterstaat van de toenmalige Dienstkring Dieverbrug geheel binnen de grenzen van de gemeente Dwingelo te liggen.
De voor die tijd bijzonder mooie dienstwoning werd in 1903 gebouwd. De hier zichtbare pereboom direct links naast het huis leeft nog steeds. In deze woning hebben de opzichters Dalebout, De Ruiter, Koers, Zoer en Van Tellingen gewoond. In de Tweede Wereldoorlog is het huis bij de sluis ook nog een tijdje bewoond door dominee de Vries.
Opzichter Jantinus van Tellingen en zijn vrouw Heiltje Klinkhamer mochten hier na zijn pensionering in november 1978 blijven wonen.
Omstreeks 1915 konden de opzichters en de wegwerkers van de Rijkswaterstaat de beschikking krijgen over een motorrijwiel. Opzichter Jan Pieter de Ruiter voelde daar wel voor, want het drukke gebruik van een gewone fiets viel hem zwaar. Temeer, omdat hij nu mooi zijn eigen motorrijwiel als dienstvoertuig kon gebruiken. Het gebruik maken van de paar keer per dag passerende nieuwe stoomtram langs de vaart werd door hem niet als een goede transportmogelijkheid gezien.
Volgens artikel 7 van het Motorregistreerbesluit, behorende bij de Motor- en Rijwielwet uit 1905, moest ook de provincie Drenthe de houders van nummerbewijzen registreren. Uit het bewaard gebleven register in het Rijksarchief te Assen blijkt dat Jan Pieter de Ruiter reeds op 20 april 1912 houder werd van nummerbewijs D-256. Dit bewijs behoorde bij zijn motorrijwiel. Hij was daarmee de tweehonderd zesenvijftigste geregistreerde bezitter van een motorvoertuig in Drenthe en tevens de eerste in de omgeving van de Deeverbrogge.
Let op dat ook deze kaart werd uitgegeven door café- en logementhouder Sjoert Benthem an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Diever, ie bint 't wel ..., Dieversluis | Leave a comment

An de Deeverbrogge – IJzeren draaibrug – 1909

Op 6 april 1880 om 12 uur ’s middags werd het bouwen van een ijzeren draaibrug over de Drentsche Hoofdvaart ter vervanging der Oude Dieverbrug, gemeente Diever in het gebouw van het Provinciaal Bestuur te Assen aanbesteed. Het werk werd voor 5077 gulden gegund aan aannemer Roelof Hunse Jr. uit Assen.
Het werk bestond uit het maken, onderhouden en afbreken van een hulpbrug, het slopen van de oude draaibrug, het bouwen van twee landhoofden, het maken van een draaipijler, het bouwen van een draaibrug, het plaatsen van een remmingwerk, het maken van een loopbrugje, grond-, straat-, teer- en voegwerk en het bouwen van een dagverblijf.
De draaibrug was 13,60 m lang en 3,60 m breed. De doorvaartwijdte tussen het landhoofd en het remmingwerk was 6,00 m. De gesmede afgedraaide ijzeren draaispil woog 110 kg, vier geslagen en getrokken ijzeren liggers wogen 3130 kg en de gegoten ijzeren broekbalk woog 1600 kg. De ballastbak onder de brug was gevuld met 1100 kg ruwijzer. Het onderdek van de brug was gemaakt van eikehout. Het bovendek bestond uit Dantzichs grenehout.
Op de brug zijn de gegoten ijzeren spanstijlen, de koppelstangen en de smeedijzeren leuningen te zien. De brug werd met de hand bewogen met behulp van een Engelse schroefsleutel met verstaalde bek.
De aannemer moest zorgen voor een veilig verkeer over en een onbelemmerde doorgang door de hulpbrug. Aan beide zijden van de hulpbrug moest van zonsondergang tot zonsopgang een helder lichtgevende lantaarn branden.
Hij kreeg een boete van drie gulden voor elk uur tussen zonsondergang en zonsopgang dat een lantaarn niet helder lichtgevend was!
Achter de brug is het café-logement van Sjoert Benthem en Grietje Merk te zien. Links naast de witte schuur is de woning van de brugwachter te zien. Aan de rechterkant is het dagverblijf van de brugwachter te zien.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Diever, ie bint 't wel ..., Drentsche Hoofdvaart | Leave a comment

Ansichtkaart van een gezicht op de Deeverbrogge

De uit Wanneperveen afkomstige caféhouder Hendrik Benthem Szn. overleed op 17 februari 1906. Zijn zoon Sjoert nam toen het café-logement van zijn vader over.
Tussen de houten schuur, die gebruikt werd als opslagplaats, wagenschuur en paardestal, en het witte logement bevond zich een kruidenierswinkeltje. Daar konden de schippers inkopen doen.
De Drentsche Hoofdvaart werd in die jaren nog druk bevaren. Dieverbrug was door zijn centrale ligging een belangrijke laad- en losplaats. Vrachtschepen werden in die jaren nog gezeild, let daarbij op het zeilende schip in de vaart op de achtergrond.
Sjoert Benthem was ook schipper. Hij en Johannes (Hans) Warries voeren met de trekschuit wekelijks op woensdag van Dieverbrug naar Assen en weer terug.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De zwart-wit ansichtkaart van de löswal met café-logement Dieverbrug is in 1906 verstuurd. De ansichtkaart is uitgegeven door Sjoert Benthem.
De plaatselijke dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever die gewerkt hebben aan het in 2014 verschenen boek ‘An de Brogge in woord en beeld’ mogen Sjoert Benthem wel erg dankbaar zijn dat hij in die tijd het lef had zoveel mooie ansichtkaarten uit te geven. Van deze kaarten kan nu iedereen grateloos mooie sier maken.
Al die mooie Sjoert-Benthem-ansichtkaarten horen thuis in dat mooie album van de fanatieke verzamelaar van ansichtkaarten uit de gemiente Deever. Je moet er echt niet aan denken dat eentje aan de verzameling zou ontbreken. 

De redactie heeft de zwart-wit foto van het Chinese restaurant Hui Moa an de Deeverbrogge op 15 mei 2002 gemaakt. Die foto is een kwart eeuw geleden gemaakt en heeft ondertussen ook al historische waarde.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, Dorpskrachten, Drentsche Hoofdvaart, Historische kalenders, Scheepvaart | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Ansichtkaart Rijksstraatweg

Niet veel verzamelaars van ansichtkaarten uit de gemeente Diever zijn in het bezit van een exemplaar van deze stemmige zwart-wit ansichtkaart, let vooral op de auto op de Rijksweg (Riekseweg). Het merk van de auto is niet te onderscheiden. Werden dit soort ansichtkaarten in oplagen van 100 of 200 of 500 exemplaren gedrukt ? Je kan dus beter maar beter wel een fysiek exemplaar van deze in je verzameling hebben. Deze ansichtkaart uit 1958 is gedrukt door Jos-Pé in Arnhem en werd verkocht door Kuiper’s Bakkerij en Levensmiddelenbedrijf, die was gevestigd in Diever aan de Peperstraat en an de Deeverbrogge an de Riekseweg bij de schutsluis.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkaarten, Boek An de Brogge, Rijksstraatweg | Leave a comment