Straatbeeld van de Aachterstroate in 1906

Elke ansichtkaart die Uitgeverij Nauta uit Velsen in de beginjaren van de ansichtkaart -zo rond 1906- uitgaf van straatbeelden in de gemiente Deever, is – wat de redactie van het Deevers Archief betreft – een absoluut topstuk. Op bijgaande afbeelding is de ansichtkaart van Uitgeverij Nauta met het nummer 3974 te zien.
Op de afbeelding is de bebouwing an de Aachterstroate in Deever te zien. De fotograaf stond met de rug naar Ut Kleine Brinkie (één van de vele (echte en nep) brinken in de gemiente Deever).

Het eerste huis aan de linkerkant werd bewoond door de weduwe Meek.
In het tweede huis aan de linkerkant woonde de familie Jan Monsieur en Rika Wanningen. Jan Monsieur is geboren op 13 oktober 1879 in Deever en is overleden op 15 februari 1960 in Deever. Rika Wanningen is geboren op 26 april 1883 en is overleden op 3 april 1936 in Deever. Jan Monsieur was arbeider. Hij was tot 1 november 1924 ook lantaarnopsteker.
In de boerderij naast de woning van de familie Jan Monsieur staat de boerderij van de familie Jan Seinen en Hilligje Hessels.
Jan Seinen is geboren op 15 juli 1876 in Wapse en is overleden op 13 december 1950 in Deever. Hilligje Hessels is geboren op 27 augustus 1878 in Oldendeever en is op 1 maart 1948 overleden in Deever.
In de boerderij op de achtergrond (deze boerderij staan aan de doolhofbrink) woonde de familie Klaas Hummelen Smidt en Jentje Dekker. Klaas Hummelen Smidt is geboren op 22 mei 1824 in Deever en is overleden op 28 maart 1895 in Deever. Jentje Dekker is geboren op 6 februari 1834 in Dwingel en is overleden op 13 mei 1900 in Deever. Hun kinderen waren Sime (geboren op 29 maart 1864), Geert (geboren op 8 september 1865), Annigje (geboren op 4 januari 1867), Geesje (geboren op 8 juli 1869) en Hilligje (geboren op 8 mei 1871). Wellicht is de boerderij na het overlijden van Klaas Hummelen Smidt en Jentje Dekker voortgezet door de oudste zoon Sime.
Aan de rechter is het voorhuis van de familie Hilbert Folkerts en Egbertje Winter te zien. Hilbert Folkerts is geboren op 14 mei 1870 en is overleden op 2 juli 1953. Egbertje Winter is geboren op 29 september 1887 en is overleden op 22 april 1952. Hilbert Folkerts was timmerman.
De redactie van het Deevers Archief heeft de eerste kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt en heeft de tweede kleurenfoto op 4 november 2017 gemaakt. De redactie stond bij het maken van de foto’s niet helemaal op dezelfde plek als de maker van de foto voor de ansichtkaart uit 1906. De redactie zal bij een nieuwe fotoronde deur de gemiente Deever een foto vanuit een betere positie maken. De redactie biedt zijn excuses aan voor al dit ongemak.


Posted in Achterstraat, Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Fotografisch Erfgoed, Topstukken | Leave a comment

Tjeerd Bottema is de ontwerper van de Sluis-haan

Rechts van de ingang van korenmolen de Vlijt in Oldendeever hangt al zeker meer dan vijftig misschien wel zestig of zeventig jaren een geëmailleerd reclamebordje met de bekende hanekop van Pieter Sluis, ooit fabrikant van onder meer veevoeders, mengvoeders, diervoeders, vogelvoeders, pluimveevoeders, kippevoer en zangzaad.
Het bordje is helemaal verweerd en was oorspronkelijk kanariegeel van kleur, dat is nog een beetje te zien bij de letters E, N en G van het woord MENGVOEDERS.
Het email is bij de vier schroeven (of zijn het spijkers ?) op de hoeken verdwenen en de schroeven (of zijn het spijkers ?) zijn helemaal weggeroest.
De tanden van de tijd zullen het bordje verder aanvreten en op een dag zal de zwaartekracht het bordje van de muur trekken, maar daar zal waarschijnlijk geen haan naar kraaien.
Zo te zien zal het bordje voor de verzamelaar weinig waarde hebben.
Het bordje moet daar zijn opgehangen in de beste jaren van Pieter Sluis, toen het merk Sluis nog een begrip in heel Nederland was. Heeft mulder Jan Albert (Ab) Jansen het bordje opgehangen, voordat hij naar het land Verenigde Staten van Amerika (U.S.A) verhuisde, misschien wel vóór de Tweede Wereldoorlog of heeft zijn opvolger Arend Uiterwijk Winkel dit na 1953 gedaan ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het reclamebordje op 3 oktober 2012 gemaakt.

Op 14 februari 2018 schreef Evert de Jong de volgende reactie, waarvoor de redactie hem bijzonder erkentelijk is:
Vermeld mag worden dat de Sluis-haan voor reclamedoeleinden is ontworpen door tekenaar, schilder, etser en illustrator Tjeerd Bottema. Dat moet ver voor de Tweede Wereldoorlog zijn geweest.
Rond 1905 had Tjeerd Bottema het beroemde affiche voor verzekeringsmaatschappij RVS gemaakt: vrouw met paraplu, man met wandelstok en hondje.
In die periode moet hij hoogstwaarschijnlijk ook het beroemde embleem voor P. Sluis hebben gemaakt.
Ik heb ruim 40 jaar geleden een boek geschreven over het leven van Tjeerd Bottema (ISBN 9062720013), getiteld ‘Mijn leven’. Daarin staat een fraaie Friestalige affiche van P. Sluis Ochtendvoer afgedrukt. De datum waarop deze prent werd gemaakt staat er helaas niet bij. Bottema zegt in het boek onder meer over zijn studententijd aan de Rijksacademie voor Schilderkunst in Amsterdam: ‘Het ging me daar goed. Ik kreeg veel opdrachten voor illustraties en voor reclamewerk’. Later maakte hij furore als illustrator van voornamelijk kinderboeken en als etser. In het voorjaar van 1978 is Tjeerd Bottema in Katwijk overleden. Ik hoop u hiermee naar genoegen te hebben geïnformeerd.

Posted in Diever, Kunst, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Openbare Lagere School op Woater’n in 1948 (?)

Vijfenzestig leerlingen en twee onderwijzers (moest deze school het doen met twee onderwijzers ?) van de openbare lagere school op Woater’n (an de aandere kaante van de bos) zijn in de periode 1946-1948 op het schoolplein bij de school op de foto gezet.
Deze mooie scherpe foto moet laat in het najaar, in de winter of vroeg in het voorjaar zijn gemaakt. Maar de grote vraag en de grote puzzel is in welk jaar deze foto is gemaakt ?

Op de bovenste rij zijn links naar rechts te zien:
01 – Piet Jongsma
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
02 – Albert (Appie) Groen
Gegevens moeten nog worden uitgezocht. 
03 – Egbert Marinus Urff
Gegevens moeten nog worden uitgezocht. 
04 – Sieger de Vries
Gegevens moeten nog worden uitgezocht. 
05 – Evert Hof
Gegevens moeten nog worden uitgezocht. 
06 – Hendrik (Henk) Goettsch
Gegevens moeten nog worden uitgezocht. 
07 – Edy (Eddie) Jongstra
Hij is geboren in 1934. Hij was een goede amateur-wielrenner.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
08 – Rinke Betten
Hij is een zoon van Andries Betten en Tjitske Pijpstra.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

09 – Martinus Hummel
Hij is een zoon van het zeer kinderrijke echtpaar Molle Hummel en Geesje Kloesen.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
10 – Ko Stuiver
Zijn vader werkte op de zuivelfabriek van Elsloo.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
11 – Harm Hummel
Hij is een zoon van het zeer kinderrijke echtpaar Molle Hummel en Geesje Kloesen.

Op de tweede rij (van boven af gezien) staan van links naar rechts:
12 – Hinderkien (Hennie) van Loenen
Zij is geboren op 17 maart 1932. Zij is op 76-jarige leeftijd overleden op 27 juli 2008.
Zij was getrouwd met Reint Veenstra.
Aanvullende gegevens moeten nog worden uitgezocht.

13 – Rennie Mailly
Haar vader werkte op de zuivelfabriek in Elsloo.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

14 – Eefje Jongsma
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
15 – Onherkenbare leerling in de achtergrond
Wie zou het toch kunnen zijn ?
Is het een onderwijzer ?
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

16 – Juffrouw Naleke Bos-Evers (?)
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

17 – Sietske Krans
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
18 – Jan Krans
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
19 – Hendrikje (Hennie) Hof (?)
Gegevens moeten nog worden uitgezocht..

20 – Annie van Opzeeland
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
21 – Brechtje de Boer
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
22 – Sijke de Vries
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
23 – Lientje Kievit
Haar vader was tractorchauffeur.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

24 – Klazina Groen
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
25 – Roelie Mulder
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
26 – Janna Hunneman
Zij was een zuster van Wijnand Hunneman en Hillie Hunneman.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

27 – Aaltje de Vries
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
28 – Hillie Mulder
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
29 – Margje Tjassing
Zij is een dochter van Franke Tjassing en Tinie Boerhof.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

30 – Alberdina Wieldraaier
Haar vader was boer.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
31 – Hendrica Adriana van Loenen (of Berendina ?)
Hedrica Adriana is geboren op 11 januari 1936, Berendina is geboren op 6 mei 1937.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

32 – Geertje Dijkstra
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
33 – Meester Hendrik (Henk) Onstee (met hoed)
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

Op de tweede rij (van onder af gezien) staan van links naar rechts:
34 – Grietje Mailly
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
35 – Willie Jongsma
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
36 – Geertje Hofman
Zij is overleden op ……. Zij was getrouwd met Mans Nijsingh uut Deever.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
37 – Hillie Terpstra
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
38 – Aaltje Sikkema
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
39 – Sietske Visser
Zij is een dochter van winkelier Hidde Visser en Trijntje Dijkstra.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

40 – Geesje Hummel
Zij is een dochter van het zeer kinderrijke echtpaar Molle Hummel en Geesje Kloesen.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
41 – Baukje Donker
Zij is geboren op ..-..-1938. Zij is overleden op ..-..-2014.
Zij is een dochter van Jan Donker en Ida Schipper.

42 – Lena Meijerink
Zij is geboren op 15 mei 1937.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

43 – Margje Goettsch
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
44 – Annie Benthem
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
45 – Leentje Oostra
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
46 – Jacoba (Cobie) Hummel
Zij is een dochter van het zeer kinderrijke echtpaar Molle Hummel en Geesje Kloesen.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
47 – Geesje Vrieling
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
48 – Akke Wieldraaier
Haar vader was boer.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
49 – Hennie Tjassing
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
50 – Marietje Mulder
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

Op de onderste rij liggen op de knieën van links naar rechts:
51 – Hendrik (Henk) Meijerink
Hij is geboren op 2 april 1940. Hij is overleden op 24 september 1972.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

52 – Jelke de Boer
Hij woonde in de boerderij waar eerder Fokke Dieuwko Lindeboom woonde.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

53 – Georgius (Jurrie) Hendrikus Meijerink
Hij is geboren op 19 oktober 1938.
Hij is vernoemd naar zijn grootvader Georgius (Jurrie) Hendrikus Bos.
Hij woont op Zorgvlied.

Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
54 – Dirk Landman
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
55 – Piet Meijerink
Hij is geboren op 5 december 1939.
56 – Jacob Oostra
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
57 – Albert (Appie) Ekkels
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
58 – Molle Hummel
Hij is een zoon van het zeer kinderrijke echtpaar Molle Hummel en Geesje Kloesen.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
59 – Cornelis Goettsch
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
60 – Egbert Vrieling
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
61 – ….. Landman
Wat is zijn voornaam  ?
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

62 – Menno Wieringa
Hij woonde aan de weg naar Appelscha.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

63 – Dries Wieldraaier
Zijn vader was boer.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

64 – Klaasje Hunneman
Zij is geen zuster van Janna Hunneman.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

65 – Tjitske Wieldraaier
Haar vader was boer.
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

66 – Roelof Krans
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.
67 – Foeke Dijkstra
Gegevens moeten nog worden uitgezocht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De bezoeker van het Dievers Archief kan de redactie bijzonder behulpzaam zijn met het controleren en het aanvullen van de gegevens van de leerlingen en de onderwijzers van de Openbare Lagere School op Woater’n, die te zien zijn op bijgaande schoolfoto, die omstreeks 1948 is gemaakt.
Als Edy (Eddie) Jongstra (geboren in 1934) op de foto 12 jaar is, dan zal de foto omstreeks 1946 zijn gemaakt. Als Edy Jongstra op de foto 14 jaar (gingen de kinderen toen nog tot hun veertiende naar de lagere school ?) is, dan zal de foto omstreeks 1948 zijn gemaakt.
Heel veel gegevens van de leerlingen en de onderwijzers ontbreken helaas nog.
De redactie zoekt daarom alle gegevens van de genoemde leerlingen en heeft bijvoorbeeld de volgende vragen:
– waren dit alle leerlingen van het betreffende schooljaar;
– staat de juiste naam bij de juiste leerling;
– geboortedatum van de leerling;
– of de leerling nog in leven is;
– voornamen en roepnaam van de leerling;
– naam van de ouders van de leerling;
– waar woonde de leerling;
– waar woont de leerling nu;
– mogelijk andere interessante gegevens.

Posted in Alle Deeversen, De aandere kaante van de bos, Lagere School Wateren, Schoolfoto's | Leave a comment

Wapse – In ’t Bakkersveentie – Zomer 1926

In het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is de volgende mini-essay (nummer 48) over het verleden van Wapse met bijbehorende afbeelding van een foto uit de zomer van 1926 uit de collectie van echte Wapsenaar Hennie Nijzingh gepubliceerd.

Voor de Tweede Wereldoorlog werden voor gebruik als brandstof in diverse veentjes in de gemeente Diever törf en zödden gestoken. Dat was ook zo het geval in het Bakkersveentie. Dit veentje lag in de Aarlanden op de plaats waar zich nu het gelijknamige dierenparkje in de Haarsmastraat bevindt. Het veentje werd Bakkersveentie genoemd, omdat dit het eigendom was van bakker Marinus Dijkstra.
Het is blijkbaar schoft in het veen. De turfstekers rusten even uit, want de drie vrouwen hebben zo te zien net een pul met verse koffie gebracht. Dit was voor de fotograaf een prachtig moment voor het maken van deze sfeervolle opname.
Aan de linkerkant zit Lambert Dijkstra, een zoon van de op 30 september 1920 overleden bakker Marinus Dijkstra en Geertje Wouwenaar. Lambert Dijkstra heeft na de dood van zijn vader nog een tijdje de bakkerij voortgezet.
Zijn zwager Hendrik Trompetter zit naast hem. Naast Hendrik Trompetter zit zijn vrouw Trijntje Dijkstra, de zuster van Lambert Dijkstra. Toen Lambert op Kalteren woonde, heeft Trijntje het winkeltje van haar ouders voortgezet. Achter haar staat Janna Trompetter, de zuster van Hendrik Trompetter. Zij was getrouwd met boer en timmerman Hendrik Houwer uit Diever. Naast Trijntje Dijkstra zit Margje Houwer, dochter van timmerman Hendrik Houwer en Janna Trompetter. Margje Houwer was getrouwd met Johannes Nijzingh. Ze heeft haar pasgeboren en zo te zien goed ingepakte, naar haar grootmoeder vernoemde, dochter Janna op schoot. Rechts staat Jan van der Weij (Jan Kanon). Hij was geen familie van de genoemde mensen.
Ook op andere plaatsen in de gemeente werd turf gewonnen. Jan en Harm Hessels staken turf uit een veentje aan de Geeuwenbrug. Wittelter boeren wonnen turf uit het Holleveen en de Zandlotten. Ook langs de Vledder Aa werd turf gestoken. Rensje Donker herinnerde zich dat ze vaak turven moest keren in een veentje bij Wateren. Ook bij het Adderveen en in de Hertenkamp werd lange tijd turf gestoken.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie beschikt nog niet over een actuele foto van het dierenparkje aan de Haarsmastraat, maar op het internet is het dierenparkje aan de Haarsmastraat in Wapse wel te vinden. Let op de afbeelding van het dierenparkje vooral op het erg zeldzame zitbankje.
Marinus Dijkstra is geboren op 24 augustus 1854 in Doldersum en is overleden op 30 september 1920 in Wapse.
Geertje Wouwenaar is geboren op 9 maart 1859 op Berkenheuvel en is overleden op 3 mei 1945 in Wapse.
Marinus Dijkstra trouwde op 25 december 1883 met Geertje Wouwenaar.
Lambert Dijkstra is geboren op 28 augustus 1898 in Wapse en is overleden op 10 december 1975 in Wapse. Lambert Dijkstra was getrouwd met Jantina van Zomeren.
Hendrik Trompetter is geboren op 24 maart 1892 in Wapse en is overleden op 16 december 1985 in Wapse. Hendrik Trompetter was getrouwd met Trijntje Dijkstra.
Trijntje Dijkstra is geboren op 1 juni 1891 in Wapse en is overleden op 27 oktober 1957 in Wapse.
Janna Trompetter is geboren op 3 september 1881 in Wapse en is overleden op 8 november 1973 in Deever.
Hendrik Houwer is geboren op 19 mei 1880 in Deever en is overleden op 20 februari 1970 in Deever.
Margje Houwer is geboren op 21 augustus 1905 in Deever. Ze trouwde op 15 mei 1926 op twintigjarige leeftijd met Johannes Nijzingh. Zij is in 1987 op 77-jarige leeftijd overleden.
Johannes Nijzingh is geboren op 19 mei 1904 in Deever en is overleden op …… in …..
De gegevens van het poppie Janna Nijzingh ontbreken nog. Ze moet al kort na het huwelijk van Johannes Nijzingh en Margje Houwer zijn geboren. Het zou kunnen zijn dat Janna Nijzingh nog leeft.
De gegevens van Jan van der Weij ontbreken nog.
De bezoekers van het Deevers Archief worden vriendelijk verzocht ontbrekende, aanvullende of verbeterende gegevens van de personen op de foto bij de redactie te melden, in het bijzonder van Janna Nijzingh.

 

Posted in Alle Deeversen, Diever, ie bint 't wel ..., Topstukken, Wapse | Leave a comment

In de winkel van Jan Breimer en Lammigje Kloeze

De redactie van het Deevers Archief ontving naar aanleiding van zijn oproep in het bericht Breimer Zelfbediening op speldje van Tiktak thee de volgende reactie van Tibbe Breimer, de oudste zoon van Jan Breimer  en Lammigje Kloeze:
Ik kom puur toevallig op dit bericht. Ik lees het verzoek. Ik zal in mijn eigen archief moeten zoeken naar foto’s. Ik ben uiteraard gaarne bereid nadere informatie te geven en naar foto’s te zoeken. Waarschijnlijk beschikt mijn zuster Marianne over de meeste oude foto’s van de winkel.

Van Tibbe Breimer is de navolgende tekst over de winkel van zijn ouders an de Peperstroate in Deever.
Foto’s van de winkel
Ik ben ondertussen bij mijn zuster Marianne geweest. Ze heeft enige foto’s van de winkel gedigitaliseerd, die ik hierbij stuur. Op twee foto’s is mijn moeder in de winkel te zien, die twee foto’s zijn gemaakt in 1951.
Ik heb geen foto’s van de achterkant van de winkel.
De winkel
Mijn ouders hadden in het begin van de vijftiger jaren een kruidenierswinkel op de hoek van de Peperstroate en de Kruussstroate. Zij kochten deze winkel in 1951 van de familie Albert Fledderus.
Zij hebben de winkel later omgebouwd tot een zelfbedieningswinkel.
Aanvankelijk was aan de achterkant van de winkel een behoorlijk grote moestuin met een pruimenboom en nog een stukje met keien geplaveid (voor de waterput). De tuin is ook nog benut geweest voor de noodwinkel van Rinse Kamp. Of dat voor of na de aanbouw van het magazijn was, dat weet ik niet meer.
Later is dit terrein gedeeltelijk bebouwd met het magazijn en nog weer later door een nieuwe uitbreiding van de winkel. Toen kwam de ingang aan de Kruisstraat. Deze verbouwing vond plaats, nadat mijn ouders de winkel hadden verkocht.
Mijn ouders verkochten de winkel in 1970 aan Henk ten Hoor, de latere textielbaron (al is hij dat nu niet meer).
Mijn ouders zijn in 1970 verhuisd naar Assen. Mijn vader ging toen werken bij de grossier Firma Van Dijken. Ze zijn daarna nog een keer binnen Assen verhuisd. Daarna zijn ze verhuisd naar Vries en in 1989 zijn ze verhuisd naar Beilen, de geboorteplaats van mijn vader.
De winkel is al vrij kort na 1970 door Henk ten Hoor doorverkocht, als ik het mij goed herinner aan de grossier Firma Van Dijken, die na een fusie opereerde onder de naam Flevozoom.
De familie van mijn moeder Lammigje Kloeze
Mijn moeder is de oudste dochter van Jan Kloeze en Trijntje Gerding.
Jan Kloeze was een broer van Albert en Hendrik Kloeze. Opa Jan had een smederij in Wittelte, die is later overgenomen door oom Harm, de jongste broer van mijn moeder (er was nog een jongere broer, die is op jeugdige leeftijd).
Albert en Hendrik Kloeze namen de smederij van mijn overgrootvader in Diever over. De zonen van Hendrik Kloeze, Albert en Rikus (mijn achterneven) leven nog en wonen in Diever. Albert nam ooit de smederij in Diever over en maakte er een garage van. Deze werd later verplaatst van de Hoofdstraat naar het Moleneinde, tegenover de voormalige zuivelfabriek.
Mijn oom Harm Kloeze is overleden en dit jaar is ook zijn vrouw Jannie overleden. Hun tweede dochter Geke, mijn nicht dus, woont samen met haar man Rien Hage in het huis in Wittelte. Het huis is wel grondig verbouwd, maar de smederij is intact gelaten. Deze smederij was dit jaar en ook al eerder te bezichtigen tijdens de open monumentendag. Van de smederij aan de Hoofdstraat in Diever is niets of nauwelijks iets meer te zien.
De geschiedenis van onze winkel in Diever
We kunnen proberen de geschiedenis van onze winkel in Diever te reconstrueren. Dat zal niet zo eenvoudig zijn. Mijn ouders, de belangrijkste bron, leven niet meer. Mijn eigen geheugen en dat van mijn zus zijn naast foto’s en nog vindbare archiefstukken relevante bronnen. Mijn zuster Marianne is een tijdlang werkzaam geweest in de winkel. Ik heb zelf in de vakanties ook meegeholpen. Mogelijk kunnen ook nog in leven zijnde Dievenaren uit die tijd worden geraadpleegd.
Landverhuizers
Mijn ouders hebben de winkel in 1951 gekocht van de familie Albert Fledderus, zoals ik al aangaf. Ik weet daar weinig van. Mij staat bij dat de familie Fledderus is geëmigreerd naar Canada.
Emigreren was, met name onder Gereformeerden, in die tijd nogal in zwang. Ik geef een voorbeeld. Van de 10 kinderen van mijn opa Tibbe en mijn oma Marchien zijn twee jongens en twee meisjes geëmigreerd. Drie zijn naar Canada gegaan en één is naar Nieuw Zeeland gegaan.
Of de familie Fledderus echt naar Canada is geëmigreerd durf ik niet te zeggen. Dat zou mogelijk uit een andere bron kunnen worden bevestigd.
Andere levensmiddelenwinkels in de gemeente Diever
Ik kan mij uit mijn jeugd nog herinneren, dat in de voormalige gemeente Diever in de vijftiger jaren van de vorige eeuw meerdere levensmiddelenzaken waren.
In Diever: de coöperatie (tevens bakkerij) en de winkel van Bram Moesker (Vivo) in de Hoofdstaat en Albert Kuiper (met een vestiging in Dieverbrug, tevens bakkerij) in de Peperstraat.
In Geeuwenbrug: annex aan café Jonkers.
In Zorgvlied: Hunse (tevens bakkerij).
In Wapse: een winkel naast de school.
In Wittelte: Klaas Echten (tevens bakkerij).
De meeste levensmiddelenwinkels bestonden in 1970 niet meer. De winkel van Klaas Echten in Wittelte bestond nog wel. Gerard Krol (eigenaar van de winkel van Albert Kuiper) ging zich specialiseren als bakker. Of dit voor of na 1970 gebeurde weet ik niet meer. In 1970 was ik student in Groningen en volgde ik de ontwikkelingen in Diever op afstand.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie is Tibbe en Marianne Breimer bijzonder erkentelijk voor hun bijdrage aan de geschiedschrijving van de gemiente Deever.
De toezegging van Tibbe Breimer leverde mooie oude foto’s van de dorpswinkel op, die de redactie in het Deevers Archief met veel plezier gaat plaatsen, te beginnen met bijgaande prachtige zwart-wit interieurfoto van Lammigje Kloeze achter de toonbank in de kruidenierswinkel op de hoek van de Peperstroate en de Kruusstroate. De andere foto’s zullen in andere berichten worden gepubliceeerd in het Deevers Archief.
Deze foto is gemaakt in 1951 en is aanwezig in de fotoboeken van de familie Breimer, die worden bewaard door Marianne Breimer, zuster van Tibbe Breimer.

Jan Breimer (geboren op 24 juni 1922 in Beilen, overleden op 10 december 2012 in Assen) en Lammigje Kloeze (geboren op 12 februari 1927 in Wittelte, overleden op 30 juni 2011 in Assen).
De redactie kent helaas geen foto’s die in de interieurs van winkels in de gemiente Deever zijn gemaakt. En dat is toch wel erg te betreuren. Elke goed gemaakte foto in het interieur van een oude niet meer bestaande winkel in de gemiente Deever behoort wat de redactie betreft direct tot het fotografische erfgoed van de gemiente Deever. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief zou foto’s van het interieur van winkels kunnen en willen insturen ?

Op de zwart-wit foto (echt een topstuk) is een stralende en zelfverzekerde Lammigje Kloeze achter haar toonbank te zien. Op de toonbank staan een machine voor het snijden van vlees en kaas (?) en twee weegschalen. Een schaal voor het wegen van kleinere en lichtere hoeveelheden en een schaal voor het wegen van grotere en zwaardere hoeveelheden ? De redactie heeft het vermoeden dat de weegschalen van het merk Berkel zijn.
Aan de rechter weegschaal hangt een blaadje met de weekaanbiedingen: Patent tarwebloem 59 cent, G
roene erwten 35 cent en Theekransjes 45 cent. Het echtpaar Breimer zal vast en zeker elke week ook reclame hebben gemaakt in Van Goor’s Blattie.
Op de toonbank staan doosjes Aspirin van Bayer, Royco, de echte krachtige erwtensoep en Friesche tafelkoeken in een blik met de Friesche vlag. En -let op- aan de rechterkant op de toonbank staat -echt wel- een tonnetje met Hollandsche nieuwe haring.
De redactie kan in de schappen achter Lammigje Kloeze helaas maar een aantal producten van bekende merken onderscheiden: Honig’s vermicelli, Honig’s macaroni, Nescafé en Maggi-blokjes……. Maar misschien kan Tibbe of Marianne Breimer met het vergrootglas op de originele foto wel meer namen van producten onderscheiden.
De familie Albert Fledderus emigreerde inderdaad naar Canada.
Op bijgaande afbeelding van een fraaie zwart-wit ansichtkaart uit de verzameling van het Deevers Archief, die in 1948 is uitgegeven (door Albert Fledderus ?), is in het midden achter de leilinden de kruidenierswinkel van Albert Fledderus en Reintje Timmerman  te zien. Zo moet de situatie ook nog ongeveer zijn geweest in 1951, toen Jan Breimer en Lammigje Kloeze eigenaren van de winkel waren geworden, de winkel is pas later verbouwd tot een zelfbedieningswinkel.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Kruisstraat, Landverhuizers, Neringdoenden, Peperstraat, Topstukken | Leave a comment

Diever, London, Paris, New York, Mexico, Caïro, …

De redactie van het Deevers Archief komt bij het ofstruun’n van het internet regelmatig bijgaande afbeelding tegen. Is het een plakaat ? Is het een poster ? Is het een kunstwerk ? Is het een reclamestunt ? Is het uitsnede van een veel grotere afbeelding ? Toch maar voor alle zekerheid bijgaande afbeelding in het Deevers Archief bewaard.

Wat zou toch het verband kunnen zijn tussen het betrekkelijk kleine dorp Deever en de wel erg grote wereldsteden London (Londen), Paris (Parijs), New York (Nieuw Amsterdam), Caïro, Mexico City (Mexico-Stad) en Hong Kong.
De redactie heeft lang moeten piekeren en peinzen – hij kon soms van al dat gepieker en gepeins slecht in slaap komen – om uiteindelijk tot de voor hem enige gevolgtrekking te komen dat geld verdienen aan het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare (Sjakie uut Spier) de verbindende schakel is tussen de kleine muis en de grote olifanten.
Want overal op de wereld zijn handige uitbaters er achter gekomen dat met het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare goed geld is te verdienen.
In London (Londen) staat al lang een Shakespeare’s Globe Theatre, bestaat de Shakespeare Tour al lang, staat al lang een Shakespeare Hotel, wordt al lang het verblijf van Shakespeare in London (Londen) uitgebaat, enzovoort, enzovoort.
In Paris (Parijs) is in het Quartier Latin (Latijnse Wijk) natuurlijk de wereldberoemde boekhandel Shakespeare and Company gevestigd en in 2015 opende het Shakespeare and Company Café haar deuren en dan is er ook het theater de Verdure du Jardin Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
New York (Nieuw Amsterdam) heeft The Shakespeare Exchange, heeft het gratis Shakespeare in the Park (doar begunt see in Deever neet an, dan löp de gemiente te veule geld mis), heeft het Theatre For A New Audience, is er een restaurant The Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
In Caïro in Egypte -je zou het niet verwachten- is een café restaurant Shakespeare and Co., en is Shakespeare de speciale gast op het Caïro International Film Festival, enzovoort, enzovoort.
In Mexico City bestaat het Foro Shakespeare, enzovoort, enzovoort
In Hong Kong bestaat het bedrijf Shakespeare4All Company Limited, het bedrijf The Law Society of Hong Kong besteed aandacht aan Shakespeare, enzovoort, enzovoort.
Ook neringdoenden en ondernemers in de toeristenindustrie in de betrekkelijk kleine gemiente Deever willen geld verdienen aan het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare. En de schatkist van de voorkant van het gelijk moet wel de hele zomer van al het binnenstromende vermakelijkheidsbelastinggeld blijven rinkelen, want het uitbaten van het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare is een profijtelijke zaak en moet een veel profijtelijker zaak worden en mag onder geen beding worden veronachtzaamd.
Het uitbaten van het onregistreerbare handelsmerk Shakespeare is in het door de voorkant van het gelijk bedachte peperdure Brinkenplan 2018 een waar speerpunt van het gemeentelijke verdienmodel geworden. Dat is in vergelijking met de commerciële Shakespeare activiteiten in de erg grote wereldsteden wel rijkelijk laat te noemen.
Het zal de redactie van het Deevers Archief dan ook niet verbazen als de weg vanaf de Eendenvijverbrink langs de Kerkhofbrink door het Grünedal tot aan de Shakespearebrink voor het Openluchtspel (de open ruimte voor het Openluchtspel was vroeger een Bolderbrink, de plek waar de echte Deeversen bolderden) zal worden gewijzigd in Shakespeare Avenue. Maar dan heb je ook wel wat. Echt wel. Na het koekeloeren naar als die opdringerige Shakespeare-informatieborden lekker even uitrusten op het Bert-Haanstra-Zitbankje aan de Shakespeare Avenue. En aan de aanstaande Shakespeare Avenue is ruimte voor meer gesponsorde zitbankjes, bijvoorbeeld het Jantina-Figeland-Zitbankje en het Kappertie-de-Boer-Zitbankje, twee Deeverse toneelspelers, die hebben meegeplaveid aan de weg naar het succes van het Openluchtspel.
De grote vraag is natuurlijk: wie is de bedenker van bijgaande afbeelding ? Wie het weet, die mag het bij de redactie melden.

Posted in Diever, Kunstig gemaakte objecten, Shakespeare, Shakespeare-gedoe | Leave a comment

Eerst perk A op de kaarhof van Deever ruimen

Voordat je als kind of kleinkind of achterkleinkind of achterachterkleinkind het in de gaten zou kunnen hebben, zouden de overijverige werkertjes van de voorkant van het gelijk – die hun bureautje in het raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever hebben staan – op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever kunnen beginnen met het opruimen van de stoffelijke resten van een ouder of een grootouder of een overgrootouder of een overovergrootouder in één van de perken A tot en met Z.
Als vanwege het voorgewende of geveinsde ruimtegebrek op de kaarkhof van Deever dan zo nodig een perk zou moeten worden geruimd, dan is dat voor de erfgenamen van de stoffelijke resten en de grafsteen ethisch en juridisch gezien alleen te verantwoorden als de overijverige werkertjes beginnen bij de grafen in het zo genoemde perk A.
De Engelsen zeggen dat zo: first in, first out. Wie het eerst is begraven, die wordt ook het eerst geruimd. Dus de conclusie is dat de stoffelijke resten in perk A in volgorde van overlijden en zonder aanziens des persoons het eerst moeten worden geruimd.
En dan kan het wel zo zijn dat de overijverige bestuurdertjes van de zo genoemde Historische Vereniging Gemeente Diever -niet gehinderd door enige kennis- wel voortdurend en heel hard schreeuwen en brullen en lobbyen dat perk A van historisch belang is en dan kan het wel zo zijn dat de ijverige werkertjes van de genoemde vereniging als een soort van tijdverdrijf zo nu en dan in perk A hier en daar de gevallen bladeren opharken, hier en daar een grafsteentje rechtzetten, hier en daar de korstmosjes van een grafsteen wegkrabben of hier en daar de rode grafsteentor bestuderen, maar dat heeft nul en generlei waarde, dat doet niets af aan het ethische, objectieve en juridisch te volgen principe dat de oudste stoffelijke resten in het oudste perk A het eerst worden geruimd, en niet subjectief eerst perk D waar veel arbeiders liggen en dat perk K en dan perk B waar veel dikke boeren en notabelen liggen.
In het geval van Jan Lefferts ten Brink en Grietje Veenhuis, die begraven zijn in perk A, zal het overijverige werkertje van de voorkant van het gelijk inderdaad -als een soort van beginnend notarisklerkje- overijverig en gratis overuren makend op zoek moeten gaan naar alle erfgenamen van de stoffelijke resten van Jan Lefferts ten Brink en Grietje Veenhuis en de grafsteen en hen via een officieel document de wettelijke en objectieve mogelijkheden voor het omgaan met de stoffelijke resten en de grafsteen en de geldelijke gevolgen van een keuze mee te delen.
Jan Lefferts ten Brink is geboren op 1 juni 1850 in Deever en is op 30 april 1887 overleden in Wittelte. Hij is een zoon van Leffert ten Brink en Grietje Hessels. Jan Leffert ten Brink was boer in Wittelte.
Geertje Veenhuis is geboren op 18 maart 1858 in Wapse en is op 29 mei 1915 overleden in Wittelte. Zij is een dochter van Fokke Jans Veenhuis en Annechien Niklaas Krijthe.
Op de grafsteen staat de eerste regel van psalm 103, vers 8.
Dit vers heeft betrekking op de vergankelijkheid van het leven, het sterven en de rouw.
De tekst van psalm 103, vers 8 luidt als volgt:
Gelijk het gras is ons kortstondig leven,
Gelijk een bloem, die op het veld verheven,
Wel sierlijk pronkt, maar krachteloos is en teer,
Wanneer de wind zich over ’t land laat horen,
Dan knakt haar steel, haar schoonheid gaat verloren,
Men kent en vindt haar standplaats zelfs niet meer.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 3 oktober 2017 gemaakt.
De redactie is bezig alle grafstenen in alle perken van de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever te fotograferen.

Posted in Diever, Kerkhof | Leave a comment

De zeer grote brand in Deever op 27-8-1759

In de Leeuwarder Courant van 5 september 1759 verscheen het navolgende bericht over de zeer grote brand in Deever op 27 augustus 1759, dat de lokale correspondent op 28 augustus 1759 instuurde.

Dieveren in het Landschap Drenthe den 2 Augusty. Gisteren namiddag om 1 uuren had men hier een vreeslyk Onweer, bestaande in Donder en Bliksem; de Donder sloeg in het huis van een Smit aan de Zuidkant van de Kerk, verbryselde de Posten van de Deur, en stak het Huis in Brand, waar door de Vlam, door de sterke Wind, tot andere Huizen en vervolgens tot de Kerk en Tooren oversloeg, zoodanig dat dezelven, in 4 à 5 uuren tyds, benevens 48 Huizen en Schuuren, meerendeels vol Hooy en Koorn, in de asche wierden gelegt. Onder de Huizen bevinden zig die van den Predikant en van den Schout.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De zuidkant van het kerkgebouw aan 
de brink van Deever is de kant van de Heufdstroate. Het kerkgebouw en veel huizen en boerderijen aan de brink, langs de Heufdstroate en de Peperstroate zijn toen verwoest. Dit kan haast niet anders hebben betekent, dan dat de toenmalige kerkelijke archieven zijn vernietigd. Ook het huis van de schout, dat wil zeggen het schultehuis, verbrandde. 

Posted in Brink, Diever, Hoofdstraat | Leave a comment

Ut Rabobankbankje an de Peperstroate in Deever

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 10 februari 2017 bijgaand kort berichtje over de onthulling van een door de Rabobank gesponsord zitbankje tegenover de Rabobank an de Peperstroate in Deever.

Het dorp Diever is weer een bank rijker
Directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe onthulde woensdag in het centrum van Diever het nieuwe straatmeubilair. De zitbank bij de Peperstraat is aan Dorpsbelang Diever geschonken na een oproep van één van de klanten van de bank om zogenaamde random readers in te leveren en te recyclen. De apparaatjes waarmee geldzaken konden worden geregeld, waren overbodig geworden na de invoering van de raboscanner.
Als tegenprestatie voor het inleveren van de reader bij de Rabobank, zijn er een aantal banken beschikbaar gesteld in het werkgebied van Rabobank Zuidwest-Drenthe.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de bovenste foto staat het bestuur van de politieke vereniging Dorpsbelangen Deever. Van links naar rechts zijn te zien voorzitter Rikus Kloeze, bestuurslid Jannie Brouwer, secretaris Adrie Gaasbeek, bestuurslid Henk Heijnen en bestuurslid Thijs Zuidema. Aan de rechterkant is directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe te zien.
Het gezelschap staat op een winterse dag bij het te onthullen zitbankje op de hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstraat in Deever.
Een grote vraag is natuurlijk welke naam het dertien-in-een-dozijn zitbankje heeft gekregen: Rabobank, Rabobankje, Rabobankbank of Rabobankbankje. De redactie houdt het op Rabobankbankje.
Een andere grote vraag is of Dorpsbelangen Deever van de voorkant van het gelijk vergunning voor het plaatsen van het Rabobankbankje heeft gekregen of dat de voorkant van het gelijk het Rabobankbankje gedoogd of dat hier sprake is van het illegaal plaatsen van een particulier object in de publieke ruimte.
De redactie heeft de kleurenfoto van de zo genoemde Kerkstraat op donderdag 4 november 2017 gemaakt. Het Rabobankbankje van Dorpsbelangen Deever wordt zo te zien nog steeds bij de helaas nog steeds scheef staande verkeersbordpaal gedoogd. Het zitbankje wordt wel erg dicht bij de straat gedoogd.
De vraag is of het Rabobankbankje mag blijven staan ? Want op bijgaande afbeelding van een detail van de door de voorkant van het gelijk min of meer bij benadering schier voorlopig definitief vastgestelde ontwerp- en bouwtekening van het zo genoemde brinkenplan Diever van 12 december 2017 is geen Rabobankbankje ingetekend, maar is op tien meter afstand op de andere hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstaat wel een nieuw zitbankje ingetekend. Heeft de voorzitter van Dorpsbelangen Deever, die -let wel- lid is van het zo genoemde projectteam dat een beetje met de voorkant van het gelijk mag meebabbelen en meekeuvelen over het brinkenplan Deever, tijdens die meebabbel-meekeuvel-bijeenkomsten zitten slapen ?
De grote vraag is natuurlijk ook of het nieuw geplande zitbankje met schaars publieksgeld zal worden bekostigd of dat de luxe brood- en banketbakker uit de Peperstraat indringend zal worden aangemoedigd de aankoopkosten (plusminus 400 euro) en de beheerkosten tijdens de levensduur van het zitbankje (plusminus 400 euro) tegenover zijn nering te betalen in ruil voor een aan de rugleuning te bevestigen metalen eeuwige roemplaatje met inscriptie ?

Posted in Alle Deeversen, Diever, Gemeente Westenveld, Peperstraat | Leave a comment

Hier werd landverhuizer Harm Kerssies geboren

De redactie van het Deevers Archief ontving op 29 januari 2018 bijgaande reactie van Richard Kerssies. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.

Ik ben onlangs via het internet in contact gekomen met mijn heel verre achterneef Brian Kerssies. Hij is geboren in Canada, maar is verhuisd naar de Verenigde Staten van Amerika (U.S.A.).
Hij stuurde mij bijgaande afbeelding van een foto die bij hem aan de muur hangt. Ik kan hem wel vragen van de foto een nette scan te maken.
Volgens mijn heel verre achterneef is zijn grootvader Harm Kerssies in dat huis geboren. Zijn vader, die ook Harm Kerssies heet, vertelde hem dat het huis op het Kasteel in Deever stond.
Volgens mijn vader gaat het om het huis waarin Schokkenkamp een tandartsenpraktijk heeft of heeft gehad. En dat huis staat niet op het Kasteel, maar aan de Dwarsdrift in Deever, te weten het huis met adres Dwarsdrift 20.
Mijn heel verre achterneef komt deze zomer op familiebezoek in Nederland en zou graag de juiste plek van het huis op de foto willen bezoeken.
Wie weet waar het huis op de foto heeft gestaan ?
Wie heeft wellicht andere foto’s van dit huis ?

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de verzameling van het Deevers Archief is bijgaand afgebeelde toch wel fraaie zwart-wit ansichtkaart aanwezig. Het exemplaar in de verzameling van het Deevers Archief is in maart 1970 uitgegeven door Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie voor het gemak maar weggelaten. De redactie biedt daarvoor zijn excuses aan.
Op de zwart-wit ansichtkaart zijn drie boerderijtjes (keuterijtjes) aan de Dwarsdrift in Deever te zien. In de vijftiger/zestiger jaren van de vorige eeuw woonde in het voorste boerderijtje de familie (Jeene ?) Haanstra, woonde in het middelste boerderijtje de familie Wolter Oost en woonde in het achterste boerderijtje de familie Roelof (Roef) van Nijen. Groepen personen konden toen in de zomer kamperen in de boerderij van de familie Haanstra.
Het mag duidelijk zijn dat het voorste boerderijtje hetzelfde merkwaardig gebouwde boerderijtje is als het boerderijtje dat op de foto van Brian Kerssies is te zien, en stond op de plek waar nu het huis met adres Dwarsdrift 20 staat.
Waarschijnlijk is het rechter voorhuisje onderdeel van het oorspronkelijke boerderijtje en is het linker voorhuisje er vóór de Tweede Wereldoorlog vanwege ruimtegebrek bij aangebouwd ? Gingen daar de bejaarde ouwelui wonen ? Let wel, de eerste bejaardenhuisjes werden in de gemiente Deever pas in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw in de Weiert in Deever gebouwd ! 

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Boerderijen, Diever, Dwarsdrift, Emigranten, Keuterijen, Landverhuizers | Leave a comment

Kogels uut de kogelvangers op de Nul

De redactie van het Deevers Archief ontving op 3 februari 2018 van Richard Kerssies bijgaande afbeelding met bijbehorende uitleg over kogels die hij en zijn vader hebben gevonden in het zand van één van de vier kogelvangers op de Nul.

Ik ben geboren in 1971 en heb als kind met mijn vader Jan Kerssies veel lopen struun’n in de bos in de buurt van de kogelvangers, maar nooit wat gevonden.
Totdat we op een keer op ooghoogte bij een plek keken waar een konijn was begonnen met het graven van een hol. In het gele zand vonden we bruine strepen die ongeveer 30 tot 40 centimeters de kogelvanger in liepen. Als we een streep volgden, dan vonden we aan het einde van deze streep een kogel.
Ik denk dat de buitenmantel van de kogel uit zwaar gecorrodeerd koper bestond; de mantel was omhuld met verbrand of geoxideerd zand. In de kern zat een nog gave loden kogel. Volgens mij hebben we op die manier zo’n tien kogels gevonden.
Ik zal proberen de plek waar we de kogels hebben gevonden terug te vinden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie is Richard Kerssies bijzonder erkentelijk voor deze bijdrage aan het beschrijven van het verleden van de kogelvangers aan de Doldersummerweg ter hoogte van de Nul.
De tien (acht ?) kogels van Richard Kerssies zijn zonder enige twijfel te beschouwen als Deevers militair erfgoed en de redactie plaatst deze zonder enig politiek en ambtelijk gedoe en gedraai en gedraal op de erfgoedlijst van het Deevers Archief.
Richard Kerssies en zijn vader kunnen worden beschouwd
als de eerste twee Deeverse beoefenaren van de militaire archeologie.
Dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever hebben in het begin van 2017 wat geknutseld aan één van de vier kogelvangers om deze weer wat zichtbaar en herkenbaar te maken.
Het ligt voor de hand dat vervolgens de dienstdoende wethouders Erik Van Schelven en Homme Geertsma van de voorkant van het gelijk er als de kippen bij waren om aan de Doldersummerweg een door de heemkundige vereniging uut Deever en de vereniging tot behoud van natuurmonumenten uut ‘s Graveland betaald informatiebord te onthullen.

Posted in Archeologie, de Kaamp op de Oeren, Kogelvangers, Wapse | Leave a comment

Joden met de achternaam Zaligman in Deever

Heiman Wolf Zaligman werd geboren op 20 december 1827 in Dwingel en stierf op 4 maart 1904 op de Smilde. Hij trouwde op 30 april 1855 in Dwingelo met Sara Israël van Zuiden. Zij werd geboren op 9 april 1825 in Hoogeveen. Heiman Wolf Zaligman was koopman. Het echtpaar moet direct na hun huwelijk in Deever zijn gaan wonen, want hun kinderen Siptje, Mietje, Mina, Israël, Wolf, Henderika en Simon zijn in Deever geboren. Het gezin verhuisde op 27 april 1868 naar de Smilde.
Siptje Zaligman werd geboren op 22 mei 1856 in Deever en overleed op 15 juni 1856 in Deever.
Mietje Zaligman werd geboren op 1 augustus 1857 in Deever. Zij overleed op 7 december 1927 in Amsterdam.
Mina Zaligman werd geboren op 12 december 1859 in Deever en overleed op 30 januari 1942 in Amsterdam. Zij trouwde op 17 mei 1900 met Levie Pam in Amsterdam. Leva Pam werd geboren op 26 mei 1869 in Amsterdam en stierf op 73-jarige leeftijd op 21 januari 1943 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
Hun dochter Bloeme Pam werd geboren op 11 oktober 1901 in Amsterdam en stierf op 9 augustus 1942 in het concentratiekamp  Auschwitz in Polen.
Hun dochter Sara Pam werd geboren op 23 juni 1904 in Amsterdam en stierf op 26 augustus 1943 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
Israël Zaligman werd geboren op 16 november 1861 in Deever en overleed op 16 augustus 1932 in Assen. Hij was koopman. Hij trouwde op 17 mei 1889 op de Smilde met Eva van Zuiden. Eva van Zuiden werd geboren op 22 oktober 1860 in Hoogeveen en stierf op 1 oktober 1942 op 81-jarige leeftijd in Katowice in Polen.
Hun dochter Rebecca Zaligman werd geboren op 12 mei 1893 in Hijkersmilde en stierf op 26 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen
Hun dochter Saartje Zaligman werd geboren op 18 april 1890 in Hijkersmilde en stierf op 4 juni 1943 in het concentratiekamp Sobibor in Polen.
Wolf Zaligman werd geboren op 6 januari 1864 in Deever en overleed op 16 juni 1881 in Ommen.
Henderika Zaligman werd geboren op 5 mei 1866 in Deever en overleed op 3 april 1867 in Deever.
Simon Zaligman werd geboren op 2 februari 1868 in Deever en overleed op 26 augustus 1880 op de Smilde.

Philippus (Flip) Zaligman werd geboren op 21 september 1893 in Dwingel, hij stierf op 28 februari 1944 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen. Philippus Zaligman was manufacturier. Hij trouwde op 31 maart 1920 in Coevorden met Heintje (Hennie) Levie Wilda. Zij werd geboren op 10 mei 1894 in Coevorden en stierf op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.
De echtelieden moeten kort na hun huwelijk in 1920 aan de Hoofdstraat in Deever zijn gaan wonen, want hun kinderen Martha Hendrika, Levie Salomon, en Hendrika Henriëtte zijn in Diever geboren. Op 7 januari 1936 verhuisde het gezin naar Meppel, keerde na enige tijd terug naar Deever, waarna het gezin officieel op 26 april 1940 -vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog- naar het adres Noordeinde 7 in Meppel verhuisde. Op 20 februari 1940 was hun winkel en huis aan de Hoofdstraat helemaal uitgebrand.
Martha Hendrika werd geboren op 8 december 1920 in Deever. Zij overleefde de Tweede Wereldoorlog. Zij overleed op 19 mei 1977 in Haarlem.
Levie (Loek) Salomon werd geboren op 29 dcecember 1921 in Deever en stierf op 28 februari 1943 in het concentratiekamp Schöppenitz. Hij was manufacturier.
Hendrika (Rikie) Henriëtte werd geboren op 26 oktober 1925 in Deever en stierf op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen.

Posted in Diever, Joodse inwoners | Leave a comment

Winkelbehuizinge van de gebroeders Zaligman

Op 29 november 1913 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden inzake de veiling van een flink huis de volgende advertentie.

Winkelbehuizinge-Diever
Notaris Bon te Dwingelo zal op Maandag 8 december a.s. des voormiddags elf uur, in het logement van Roelof Seinen, te Diever, voor de gebroeders B. en A. Zaligman, publiek bij inzate veilen: Een flink Huis, waarin vroeger een druk beklante zaak in manufacturen werd uitgeoefend en ook thans nog voor de uitoefening van alle affaires zeer geschikt, erf en tuin aan de Hoofdstraat te Diever, ter grootte van 11 are en 20 centiare.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De koopmannen (manufacturiers) Benjemin Zaligman (geboren op 28 december 1873 in Dwingel, gestorven op 8 oktober 1942 in het concentratiekamp Auschwitz in Polen) en Anton Zaligman (geboren op 1 december 1875 in Dwingel, overleden op 19 oktober 1942 in Assen) waren zonen van de koopman (manufacturier) Jacob Zaligman en Roosje Heijmans uut Dwingel.

Posted in Alle Deeversen, Diever, Joodse inwoners | Leave a comment

Het beeld op het grasveld van de huisartsenpraktijk

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande foto tijdens een van zijn periodieke fotografeerrondes deur de gemiente Deever op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
De apotheekhoudende huisartsenpraktijk Deever is gevestigd in een gebouw aan de Gemeentehuislaan in de buurt van het Raadhuis van de gemeente Westenveld op de Westeresch van Deever.
Op het grasveld voor het raam waarboven de twee woorden ‘medisch centrum’ zijn te lezen, staat een beeld van een zittende man. Het is de redactie niet duidelijk of het beeld een uitbeelding is van een zieke man of een gezonde man. Het ligt wel een beetje voor de hand te veronderstellen dat het een zieke man moet voorstellen, want gezonde mannen zullen niet zo gauw naar apotheekhoudende huisartsen gaan.
Het beeld moet tamelijk recent op het grasveld zijn gezet, want op de foto die is te vinden op de openingsbladzijde van de webstee van de apotheekhoudende huisartsenpraktijk Diever is het beeld niet te zien.
De grote vragen zijn natuurlijk of het een echt beeld of een nep beeld is, of het beeld van metaal of plastic is gemaakt, of het beeld is gemaakt in opdracht van de twee apotheekhoudende huisartsen of dat het beeld is gekocht bij een postorderbedrijf voor kopieën van echte beelden. De echte vraag is natuurlijk of het om kunst of om kitsch gaat ? Wellicht kan één van de twee in de praktijk spreekuurhoudende en apotheekhoudende huisartsen op deze vragen antwoord geven.

Posted in Beelden, Kunstig gemaakte objecten | Leave a comment

Alle Deeversen

In de webstee www.alledrenten.nl die een onderdeel is van het Drentsch Archief, zijn gegevensbronnen voor onderzoek naar mensen uut de gemiente Deever te raadplegen.
Als u zoekt voor 1600 is de volgende bron te raadplegen:
– oorkonden 1040 – 1600.
Als u zoekt in de periode 1600 – 1811 zijn de volgende bronnen te raadplegen:
– kerkregisters 1600 – 1811;
– 30e/40e penning 1682 – 1797;
– haardstedengeld 1672 – 1804;
– bezaaide landen 1612;
Als u zoekt na 1811 zijn de volgende bronnen te raadplegen:
– burgerlijke stand van 1811 – 1952;
– notariële akten 1810 – 1915;
– successiememories 1806 – 1928.

Posted in Alle Deeversen | Leave a comment

D.A.B.O. rust bussen uit met een houtgasgenerator

In de Tweede Wereldoorlog verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden van 28 mei 1941 het navolgende verslag van de algemene vergadering van aandeelhouders van de N.V. Drentsche Autobus Onderneming (D.A.B.O.). De gemeente Diever was ook aandeelhouder van deze vervoersmaatschappij, daarom zal de toen nog in functie zijnde burgemeester Jan Cornelis Meiboom van deze gemeente ook wel aanwezig zijn geweest, hij mocht gratis met de bussen van de D.A.B.O. reizen. 

De Abracadabra-1460D.A.B.O. 
Jaarvergadering te Meppel
In de alhier gehouden algemeene vergadering van aandeelhouders der N.V. Drentsche Autobus Onderneming (D.A.B.O.), onder presidium van den heer G. Wijsman, burgemeester der gemeente Meppel, werd door den directeur, den heer L. Lamberts Jzn. het jaarverslag uitgebracht, waaraan wij ontleenen, dat na de overwonnen moeilijkheden door een buitengewone sneeuwperiode, tengevolge van de oorlogsdagen het bedrijf moest worden stilgelegd, waarna weder een beperkte dienstregeling kon worden ingevoerd.
Door de steeds kleiner wordende toewijzing van benzine en gasolie moesten gasgeneratoren worden aangeschaft.
Het passagiersvervoer nam toe van 365.000 personen in 1939 tot 399.577 in 1940, dus met rond 40.000.
Het aandeelenkapitaal, dat geplaatst is, steeg tot f. 55.000. Op de leeningen werd f. 5000 afgelost. Voor den bouw van het station Eursinge werd een hypotheek opgenomen van f. 11.500.
Het bruto-overschot van de bedrijfsrekening bedroeg f. 56.539,24. Na diverse afschrijvingen, waarvan o.m. f. 26.188,12 op het wagenpark, blijft er een nettowinst over van f. 23.285,11, waarvan f. 7.334,77 voor winstbelasting moet worden gereserveerd. In het pensioenfonds voor het personeel werd f. 2.000 gestort.
In 1940 kwam de consessie voor een dienst Steenwijk-Frederiksoord-Vledder-Diever in bezit, maar eerst na voldoende gasgeneratoren zal deze dienst in exploitatie genomen kunnen worden.
De dagelijksche diensten Hoogeveen-Ommen vice versa, die over Wijster en de marktdiensten zijn geheel stopgezet evenals de exploitatie van het toerwagenbedrijf. Wel worden nog geregeld arbeiders naar de werkverruimingskampen in Drenthe vervoerd.
Gedurende de oorlogsdagen was personeel en materiaal gerequireerd voor evacuatie der bevolking. Een chauffeur werd gewond. De chauffeur R. Lubbers sneuvelde.
De nieuwe bedrijfsgebouwen te Meppel werden 27 juli 1940 in gebruik genomen, het autobusstation te Eursinge werd in November jongst leden voor het publiek opengesteld.
Dank werd gebracht aan den heer D. Baron Mackaay, den voormaligen president-commissaris, die in September naar Zutphen vertrok, voor alles wat hij in het belang der Vennootschap heeft gedaan.
Besloten werd 5 procent dividend uit te keeren en het resterend bedrag van de winst toe te voegen aan de reserves, die daarmede stijgen tot f. 26.287.70.
Tot commissaris werd herbenoemd de heer E.B. van Veen, burgemeester der gemeente Nijeveen, terwijl in de vacature ontstaan door het vertrek van den heer mr. J. de Blieck, tot commissaris werd benoemd de heer J. ter Haar Jzn., wethouder der gemeente De Wijk.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De hier afgebeelde foto van een Opel Hainje autobus uit 1939 uitgerust met een houtgas-generator is gemaakt op 7 april 1941 bij het treinstation in Assen. Achter op de houtgasgenerator staat D.A.B.O.
De drukke lijn Meppel-Dieverbrug-Diever-Dwingelo-Assen vice versa zal vanaf 1941 vanwege de schaarste aan benzine en gasolie zonder twijfel met autobussen met houtgasgenerator zijn gereden.
De redactie verwijst voor gegevens over de N.V. Drentsche Autobus Onderneming (D.A.B.O.) gemakshalve naar de betreffende pagina in de webstee Wikipedia. Voor wat deze gegevens waard zijn.
De gemeente Diever ontving in het betreffende boekjaar een dividend van 5 procent van de waarde van haar aandeel in de naamloze vennootschap, die streekvervoer per autobus in voornamelijk het westelijk deel van Drenthe exploiteerde.

Abracadabra-1461

Posted in Gemeente Diever, Openbaar vervoer, Topstukken, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Het rookkotje van de voorkant van het gelijk

De redactie van het Deevers Archief vindt het historisch gezien nogal logisch, echt wel, dat alle veranderingen in de gemiente Deever op de gevoelige plaat worden vastgelegd. Dat zouden veel meer Deeversen moeten doen. De redactie heeft de hier afgebeelde historisch ooit waardevolle kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
Op de foto is te zien de luxe rookfaciliteit van de nijvere werkers van de voorkant van het gelijk, die hun bureau hebben staan in het ruime en comfortabele kantoortuinen- en kantoorparkencomplex in het bedrijfspandachtige raadhuis, dat achter de luxe rookfaciliteit is te zien. Of werken de nijvere werkers van de voorkant van het gelijk tegenwoordig thuis ?
De wel in het raadhuis aanwezige nijvere werkers kunnen hun luxe rookfaciliteit gemakkelijk via de dienst-ingang/uitgang over een verhard paadje bereiken. De faciliteit bestaat uit een overdekt rookkotje met rookbankje en twee andere rookbankjes in de open lucht. De overkapping van het rookkotje is heel uitgekookt op het zuidwesten georiënteerd, opdat de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk bij regen en wind beschut en beschermd hun sigaretje, sigaartje of pijpje kunnen roken of hun pluk tabak kunnen pruimen. Bij mooi en zonnig en weinig-winderig weer kunnen de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk op de twee rookbankjes in de open lucht zitten. Het is jammer dat de nijvere werkers hun peuken niet netjes in een prullebakje kunnen gooien.
Een grote vraag is wat het doel is van het verharde minibrinkje voor de twee openluchtrookbankjes ?
Een andere grote vraag is of het rookkotje en de drie rookbankjes met schaars publieksgeld zijn betaald of dat het rookkotje en de drie rookbankjes door een belanghebbende sponsor zijn betaald ?
Een andere grote vraag is of de Deeverse jeugd dit rookkotje van de voorkant van het gelijk ook als hangplek mag gebruiken, als de rokende nijvere werkers van de voorkant van het gelijk niet aanwezig zijn in hun kantoortuinen en kantoorparken in het bedrijfspandachtige raadhuis ? Zo ja, dan heeft het dorp Deever drie hangplekken voor de jeugd: dit rookkotje, de overdekte picnic-bank bij de eendevijverbrink en het onverwoestbare stalen maar niet duurzame gedrocht op de langparkeerbrink bij het Westeresch-filiaaltje (de voormalige U.L.O.-skoele) van het in het nabije Meppel gevestigde prestigieuze Stad- en Eschcollege.
En de grootste vraag is waarom dit luxe rookkotje nog niet is afgebroken, want de voorkant van het gelijk geeft met dit tot roken uitnodigende kotje wel een slecht voorbeeld aan de nieuwe hopelijk niet-rokers-generatie.

Posted in Diever, Gemeente Westenveld | Leave a comment

Aanbesteding roomboterfabriek op 1 april 1899

In maart 1899 was het zo ver dat het bestuur van de Coöperatieve Vereeniging te Deever de bouw van de roomboterfabriek publiekelijk kon gaan aanbesteden. Op 26 maart 1899 verscheen in de Leeuwarder Courant de volgende advertentie.

Aanbesteding. Roomboterfabriek.
Het bestuur van de Coöperatieve Vereeniging te Diever zal op Zterdag 1 april 1899, ’s namiddags 2 uur, ten huize van den Logementshouder R. Seinen te Diever, aanbesteden het bouwen van een roomboterfabriek te Diever, met bijlevering van materialen.
Bestek en teekening liggen van af heden ter inzage bij genoemden Seinen.
Aanwijzing zal plaats hebben op den dag der aanbesteding, ’s morgens 11 uur.
Diever, 25 maart 1899.
Het bestuur

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Een coöperatie is een groep -in dit geval een vereniging- van producenten -in dit geval melkproducerende boeren- die samenwerken om marktaandeel en economische macht te veroveren en te vergroten.
De bouw van deze melkfabriek aan het Katteneinde in Deever was een reactie van de boeren in Deever, De
everbrogge, Oldendeever, Kalteren, ’t Noord, Wittelte en ’t Moer op de particuliere melkfabriek an de Deeverbrogge van de Nijensleekse ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen). Blijkbaar bood deze ondernemer (veel) te weinig voor de melk van de boeren uit de omgeving.
De aanbesteding vond plaats in de gelagkamer van het café-logement van Roelof Seinen an de Heufdstroate in Deever.
De redactie zal trachten een passende foto bij dit bericht te plaatsen.

Posted in Diever, Landbouw, Zuivelfabriek | Leave a comment

De aardkundige monumenten in de gemeente Diever

In het periodiek Da’s Mooi van 10 november 2015 verscheen het navolgende bijzonder belangwekkende korte bericht over aardkundige waarden en aardkundige monumenten in de provincie Drenthe.

2000 Pingoruïnes
Drenthe heeft meer dan 2.000 pingoruïnes, uniek in de wereld. Pingoruïnes zijn restanten van ijsheuvels uit de laatste ijstijd. Ze zijn vaak als een rond meer, ven of kuil herkenbaar.
Zo ook het Mekelermeer in de boswachterij Gees, dat zo’n 10.000 jaar geleden ontstond. Het is één van de grootste pingoruïnes in het Drentsche landschap en sinds kort het zesde Aardkundig Monument in Drenthe.
www.drenthe.nl/aardkundige waarden
www.provincie.drenthe,nl/onderwerpen/natuur-milieu/bodem/aardkundige-waarden

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Op de webstee van de gemeente Westenveld (waar in hemelsnaam ligt toch die toeristische gemeente Westenveld ?) is van alles te vinden over oude spullen: rijksmonumenten, provinciale monumenten, vrijwillig aangemelde monumenten (zogenaamde gemeentelijke monumenten), archeologische rijksmonumenten (zijn er ook provinciale en gemeentelijke archeologische monumenten ?), cultuurhistorische waardenkaart, cultuurhistorisch erfgoed, immaterieel erfgoed, gemeentelijke erfgoedverordening, enzovoort, enzovoort, enzovoort. Het is zo gek niet te bedenken of de nijvere voorkant van het gelijk heeft er wel wat voor dichtgeregeld.
Of is alles toch niet helemaal dichtgeregeld ? Want wat te denken van de aardkundige monumenten ? Zij die aan de aandacht van de nijvere voorkant van het gelijk ontsnapt ? Aardkundige rijksmonumenten, provinciale aardkundige monumenten, gemeentelijke aardkundige monumenten ?
Hier liggen grote kansen om objecten te promoveren tot ten minste gemeentelijk aardkundig monument: de pingoruïnes onder de vele vennen in de bos, de in een zogenaamd oorspronkelijk geologische staat gebrachte bovenloop van de Vledder Aa, de vele stuifzandheuvels op Berkenheuvel, de dikke zwerfsteen voor het oude gemeentehuis op de Brink, enzovoort, enzovoort. Bedenk een georoute of een geopad of een geopark. Zet gratis dorpskrachten aan het werk ! Doe wat ! Welke dorpskracht wordt de eerste onbezoldigde geogids ? 

Abracadabra-1446

Posted in Aardkundige monumenten, Berkenheuvel | Leave a comment

Een ezel stoot zich geen tweede keer aan dezelfde ….

De redactie van het Deevers Archief publiceerde in het bericht Uutlegböd veur ’n olde boer’nhof op Kalter’n
bijgaande afbeelding 1. De redactie heeft de foto voor deze afbeelding op 2 januari 2017 gemaakt.
De redactie heeft het vermoeden dat de hoofdbeleidsmedewerker (hoofdbeleidsregisseur ?) voor verkeersveiligheid van de voorkant van het gelijk, zeg maar het rechterbeen van de hoogedelgestrenge heer Homme Geertsma, de wethouder van de openbare ruimte en het milieu (wegen, groen, water, overige ruimte, verkeersveiligheid, milieubeleid, duurzaamheid, reiniging en riolering) van de gemeente Westenveld, de inhoud van het genoemde bericht van de redactie zeer grondig tot zich heeft genomen, maar er niet al te veel mee heeft gedaan.
De redactie heeft het vermoeden dat de hoofdbeleidsmedewerker (hoofdbeleidsregisseur ?) voor verkeersveiligheid van de voorkant van het gelijk na 2 januari 2017 met gezwinde spoed een ingenieursburootje heeft ingehuurd voor het bedenken van een totaal andere barrière op de kruising van het naamloze voet- en fietspad met de Kalterseweg.
Blijkbaar heeft de hoogedelgestrenge heer Homme Geertsma ingestemd met de bouw van een stalen superbarrière, zie de afbeeldingen 2 en 3. De redactie heeft de foto voor deze afbeeldingen gemaakt op donderdag 4 november 2017.
De grote vraag is natuurlijk uit welke post de onverwachte en ongewenste forse kosten voor deze stalen superbarrière zijn betaald ?
Voetgangers, fietsers en bromfietsers worden nu wel op de juiste wijze gedwongen (gij zult de voorkant van het gelijk gehoorzamen) tussen de twee delen van de superbarrière door te laveren.
Blijkbaar zijn een paar zwerfsteentjes verplaatst naar de andere kant van de barrière.
Over de duurzaamheid van de stalen superbarrière hebben de hoofdbeleidsmedewerker (hoofdbeleidsregisseur ?) voor verkeersveiligheid en de hoogedelgestrenge heer Homme Geertsma niet erg nagedacht, want het gebezigde materiaal staal scoort op de duurzaamheidsladder een stuk lager dan het echt duurzaam geproduceerd tropische loofhout (?) van de vorige barrière.
De vraag is of de stalen superbarrière voldoet aan de eisen die voortvloeien uit het door de voorkant van het gelijk onderschreven VN-verdrag inzake de rechten van mensen met een beperking ?
Blijkbaar kan de stalen superbarrière worden geopend, zie het hangslot dat op afbeelding 3 is te zien. Waarom vond de voorkant van het gelijk dat noodzakelijk ? Om bij brand in het op de afbeeldingen zichtbare deel van de nieuwbouwwijk Kaltersebroeken de poort te kunnen openen en zo de aanrijdtijd van een brandweerauto uut Dwingel of uut Vledder met 3 seconden te verminderen ?
En waarom zijn in de bestrating nog steeds die die twee zo genoemde haaietanden opgenomen ? Denkt de hoofdbeleidsmedewerker voor verkeersveiligheid van de voorkant van het gelijk dat iedereen maar naar de grond zit te koekeloeren ? Naderen de gebruikers van het pad een voorrangsweg ? Zo ja, dan zou ook voorrangsbord B06 geplaatst moeten worden ? Zo nee, dan gelieve nog steeds de haaietanden te verwijderen.  Of handhaaft de hoofdbeleidsmedewerker (hoofdbeleidsregisseur ?) voor verkeersveiligheid deze haaietanden om zijn eigen aansprakelijkheidshachje af te dekken ?
De hoofdbeleidsmedewerker (hoofdbeleidsregisseur ?) voor verkeersveiligheid van de voorkant van het gelijk en de hoogedelgestrenge heer Homme Geertsma, de wethouder van de openbare ruimte en het milieu van de gemeente Westenveld, zijn gelukkig geen intelligente ezels, want volgens het gezegde stoot een intelligente ezel zich geen twee keer aan dezelfde steen. Echter beide genoemde ambtsdragers stoten zich wel degelijk twee keer aan dezelfde houten barrière, want een eindje verderop bij de kruising van een ander naamloos fiets- en voetpad met de Kalterseweg, zie afbeelding 4, zijn de door de redactie in het bericht Uutlegböd veur ’n olde boer’nhof op Kalter’n gesignaleerde verkeersveiligheidproblemen nog steeds niet opgelost. Waarom is daar nog geen zwaar overgedimensioneerde stalen superbarrière geplaatst ? Geldgebrek ?
De redactie heeft de foto voor afbeelding 4 op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
En waarom is het nodig – zie afbeelding 4 – aan de ene kant van de Kalterseweg in het pad wel zo’n zware lompe stalen superbarríère neer te zetten en aan de andere kant van de Kalterseweg niet ?
En in de gemiente Deever zijn wel een paar kruisingen aan te wijzen waar de verkeersveiligheid meer in het geding is dan bij de kruising van de Kalterseweg met de fiets- en voetpaden naar de Kaltersebroeken.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Afbeelding 4

Posted in Gemeente Westenveld, Kalteren, Verkeer en vervoer | Leave a comment

De verzetsstrijders Geert en Geert Gerhardus Koster

De doodlopende Kosterstraat is te vinden op de Westeresch van Deever.
Zie bijgaande twee kleurenfoto’s, die de redactie van het Deevers Archief op donderdag 4 november 2017 heeft gemaakt tijdens zijn jaarlijkse inspectieronde door de gemiente Deever.
Eigenlijk is de Kosterstraat meer een karig en goedkoop doorgaand Kosterpaadje, maar wel met van die betuttelpaaltjes aan het begin van het paadje. Stel je toch eens voor dat vanaf de Brinkstraat auto’s de smalle Kosterstraat in zouden worden gereden, of omgekeerd.
Het straatnaambordje aan de kant van de Dingspilstraat zag er op 4 november 2017 verloederd, versmeerd en verweerd uit. De tekst onder de naam van de straat was zelfs niet meer te lezen. Dit bordje staat in schril contrast met de keurig opgepoetste bordjes aan het begin van de Gemeentehuislaan.
De Kosterstraat is vernoemd naar de Deeverse verzetsstrijder Geert Gerhardus Koster (geboren op 24 mei 1925 in Deever, overleden op 24 maart 1945 te Paigerhorst). Verzetsstrijder Geert Gerhardus Koster is de zoon van de Deeverse verzetsleider Geert Koster (geboren op …. 1900 in ….., overleden op 26 maart 1996).
Geert Koster onthulde het straatnaambord op 9 mei 1988; zie het bijgevoegde artikel, dat op 9 mei 1988 is gepubliceerd in de Olde Möppeler (Meppeler Courant).
Erg opmerkelijk is dat de voorkant van het gelijk in 1988 de straat alleen naar Geert Gerhardus Koster heeft vernoemd en niet naar vader en zoon Koster, maar de oude vader Geert Koster wel het bord liet onthullen.
Nog erger opmerkelijker is dat de voorkant van het gelijk de tekst onder de naam van de straat na het overlijden van Geert Koster niet direct respectvol heeft aangepast door ook vader Geert Koster te vernoemen.
Bijvoorbeeld, wat te denken van de volgende voor de hand liggende tekst:
Geert Koster, 1900-1996; Geert Gerhardus Koster, 1925-1945; Vader en zoon, verzetsstrijders.
De redactie van het Deevers Archief heeft zijn burgerlijke vrijheid en verantwoordelijkheid genomen en bedacht voor de betreffende harde werkertjes van de voorkant van het gelijk alvast van het straatnaambordje gratis bijgaand voorlopig concept van het voorlopige overleg- en herkauwontwerp. Want het conceptje moet vast nog wel in allerlei vergader- en overleggroepen worden gegooid. Want niets is zo moeilijk als het bedenken en ontwerpen van een straatnaambord.
Maar het zal de hoofdbeleidsmedewerker voor Tweede-Wereldoorlogzaken van de voorkant van het gelijk – gevestigd in het ruime en comfortabele kantoortuinen- en kantoorparkencomplex aan de Gemeentehuislaan in Deever – toch wel enige goede wil en moeite gaan kosten om meer dan twintig jaren na het overlijden van verzetsleider Geert Koster aan zijn verantwoordelijke wethouders voor te stellen het onderschrift op het straatnaambord alsnog te wijzigen, opdat ook verzetsleider Geert Koster op gepaste wijze wordt geëerd. Een dorp dat zijn oorlogsverleden vergeet, heeft geen recht op een toekomst.
Maar het echte doorslaggevende en financiële aapje komt nu uit de mouw.
Want de hoofdbeleidsmedewerker voor Tweede-Wereldoorlogzaken van de voorkant van het gelijk en de hoofdbeleidsmedewerker voor straatnaambordjes van de voorkant van het gelijk kunnen met een gerust hart de wijziging aan hun respectievelijke wethouder voorstellen, want de redactie van het Deevers Archief tornt niet aan de naam Kosterstraat, dus de voorkant van het gelijk hoeft niet het hoofd te bieden aan administratieve kosten ten gevolge van een straatnaamwijziging.
Wellicht zullen de verantwoordelijke wethouders van de voorkant van het gelijk over de voorgestelde wijziging van het onderschrift van het straatnaambord willen overleggen met de voorzitter van de heemkundige vereniging uut Deever.
Duurzame eerlijke-handel straatnaamborden met hun bevestigingsmaterialen zijn tegenwoordig gemakkelijk bij diverse bedrijven via internet te bestellen (vandaag besteld, morgen in het raadhuis). De redactie raamt de maak- en verzendkosten voor dit bord met bevestigingsmateriaal op ongeveer 100 euro, dus voor het vervangen van het bord aan beide kanten van het paadje bedragen de materiaalkosten ongeveer 200 euro.
De voorkant van het gelijk zou deze onvoorziene en zeer zeker ongewenste kosten kunnen betalen uit de begrotingspost zitbanken in de openbare ruimte, want op deze post kan winst worden gemaakt, omdat voor een nieuwe zitbank in de openbare ruimte tegenwoordig gemakkelijk een sponsor is te vinden.
En de om werk verlegen zittende dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever zijn vast wel bereid de twee aanwezige straatnaamborden te verwijderen en de twee nieuwe straatnaamborden aan de paal te schroeven en zijn vast wel bereid het aanwezige verkeersbord RVV L08 te reinigen van de carbidrookaanslag.
En de dochter, een kleinkind of een achterkleinkind van verzetsleider Geert Koster zou de twee vernieuwde straatnaambordjes kunnen onthullen.
Zo’n heronthullinkje is wel weer een sappig persmomentje voor de betreffende wethouder van de voorkant van gelijk. Denk aan die herverkiezing; elk persmomentje en elk fotootje in een krant of een flodderblaadje is toch maar mooi weer meegenomen. Zo’n heronthullinkje betekent ook gerinkel in de kassa van de plaatselijke krantencorrespondent.


Posted in Alle Deeversen, Diever, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

Boelgoed op Groot Wateren op 27 maart 1928

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant van 20 maart 1923 verscheen het volgende bericht over een belangrijk boelgoed ten huize van boer Pieter Jongsma op Groot Wateren an de aandere kaante van de bos.

Belangrijk boelgoed Groot Wateren (gemeente Diever)
Notaris Bolk te Dwingelo zal op Dinsdag 27 maart 1928 des voormiddags 9½ uur, ten huize van den heer P. Jongsma te Groot Wateren gemeente Diever, publiek à contant verkoopen:
levende have als: 2 paarden (6- en 8-jarig, zwart, merries, mak en bereden), 8 beste melk- en halve koeien, 3 hokkelingen, 2 volle motten, 80 kippen;
voorts boerenmelk- en deelgereedschappen, waaronder boerenwagen, 2-paards Cormick maaimachine met dunne vingerbalk (zoo goed als nieuw), machineslijpsteen, dorschmachine met molen en ketting, korenwinde met zeef, hakselmachine, 2 ploegen, ijzeren dubbele spoorstokken, halsjuk met stroppen, dubbele lijsten, koperen waschketel en hetgeen meer te voorschijn zal worden gebracht.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Pieter Jongsma werd geboren op 20 mei 1868 te Jubbega Schurega. Hij trouwde op 12 mei 1893 met Fokje Wijnstra. Hij is op 8 mei 1942 op 73-jarige leeftijd overleden in Noordwolde.
De door Pieter Jongsma te koop aangeboden landbouwgereedschappen geven wel enig inzicht in de mate van mechanisatie in de landbouw op Groot Wateren in 1923.
Met name de uit de Verenigde Staten van Amerika geïmporteerde Mc Cormick 2-paards maaimachine laat zien dat zelfs een gewone boer niet meer enkel met de zeis hoefde te maaien.
Is de in de advertentie genoemde dorsmachine met molen en ketting een rosmolen ?

Abracadabra-1442

Posted in Boer'nwaark, Landbouw, Wateren | Leave a comment

Villa Laanzicht is verplaatst hen de Deeverbrogge

De gemiente Deever verleende op 26 november 1915, nu bijna honderd jaar geleden, aan de ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen), woonachtig te Nijensleek in de gemeente Vledder een vergunning voor een het bouwen van een burgerwoonhuis met als adres Dieverbrug 41.
Het burgerwoonhuis bestond al. Het burgerwoonhuis was Villa Laanzicht op Zorgvlied.
Deze villa moest worden afgebroken, vervolgens in onderdelen worden vervoerd naar de Deeverbrogge en daar weer worden opgebouwd. Dat moet in een tijd zonder gemotoriseerde vrachtwagens een niet gemakkelijke logistieke klus zijn geweest.
De ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer had voor het afbreken van het huis Villa Laanzicht met schuur op Zorgvlied en het weer opbouwen van dit woonhuis met schuur met bijkomende werkzaamheden naast zijn wolspinnerij an de Deeverbrogge een bestek met bijbehorende voorwaarden van algemene aard en voorschriften voor de uitvoering bij de aanvraag voor de bouwvergunning gevoegd.
Het werk werd opgedragen aan de timmerman Albert Koeling uut Dwingel.
De redactie heeft de kleurenfoto van het burgerwoonhuis naast ‘de Concordia’ an de Deeverbrogge op 4 april 2013 gemaakt.
De redactie weet nog steeds niet zeker of het op de foto zichtbare burgerwoonhuis daadwerkelijk Villa Laanzicht is. In het Deevers Archief is geen scherpe foto van Villa Laanzicht op Zorgvlied aanwezig. Wie kan de redactie helpen aan een scherpe foto: wellicht de op Zorgvlied wonende vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever ?

Abracadabra-1439

Abracadabra-1441

Abracadabra-1443

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, De aandere kaante van de bos, Jan Frederik Hilkemeijer, Stoomspinnerij, Villa Laanzicht | Leave a comment

De zeven lange sterke ijzeren balken van Oere Chris

De redactie van het Deevers Archief heeft het navolgende door haar gehouden interview met Albert Schipper ook in Opraekelen 07/1 gepubliceerd. Opraekelen is het blad van de heemkundige vereniging uit Diever. Albert Schipper was ten tijde van het interview 93 jaar. Hij werd  geboren op 7 augustus 1913. Hij overleed op ……. in Dwingelo. Meer informatie over het bouwbedrijf Schipper is te vinden in de webstee van dit bedrijf.

Noodbrug draagt zware tanks dankzij de ijzeren balken van Oere Chris
Albert Schipper vertelt over de bouw van de noodbrug an de Deeverbrogge

Aannemer Albert Schipper uit Leggelo (was een van de drie Dwingeler timmermannen die in de nacht van 11 op 12 april 1945 an de Deeverbrogge meebouwde aan de noodbrug over de Drentsche Hoofdvaart. Het was dank zij Albert Schipper, die zeven lange ijzeren balken wist te liggen op de Molenstad, dat ze de noodbrug uiteindelijk voldoende sterk konden maken voor de opmars van de derde Canadeze Infanterie Divisie, via Diever en Steenwijk naar Leeuwarden. Hij stemde in met het publiceren van zijn verhaal in het streekdialect: “Ik viene ’t wè good d’ai ’t in oense toal opskrieft.” Hij en zijn twee overleden collega-timmermannen hebben zich er altijd over verwonderd, waarom Diever nooit een blijk van waardering heeft gegeven voor hun daad. ”As wee ’t neet edoane haad’n, wie wet wat d’r dan in Deever gebeurd was.”

Die dag in ’t begun van de oorlog, dat mien vae overleed
Ik ware 27 joar, toe mien vae overleed, ’t was in ’t begun van de oorlog. Doar he’k ’t wel ontzettend moeilijk mit ehad. Het was op ’n zoaterdag. Wee waarkt’n op zoaterdag. ’s Mörns kwaamp mien vae hiel vrog bee mee. Hee zee teeg’n mee: ”As ie now ies ee’m hen Zuudwolde goat.” Wee möss’n doar nog ’n klein keweigie kloar maek’n, ’t was wat schilderwaark. Dat kön tot an die dag nog neet offewaarkt wödd’n. Mien vae zee: ”As ie dat now is ee’m kloar maekt. Kan weed’n, d’ai mit de middag d’r mit kloar bint. Ik zee: “Now ja, ik kan ’t allicht probeer’n.” Ik gung op de fietse hen Zuudwolde. ’s Mörns um zes ure.
Toe ’k weer kwaam van Zuudwolde, mös ik eerst nog ee’m bee de olde van der Laan langes. Die zaat woar Klaas van der Laan ok ezeet’n hef en doar woar die jonge vent now ok zit. Ik mösse bee de olde van der Laan wat betoniezer mitneem’n. We möss’n nog een betonplaete stött’n op ’t kaarkhof. Die plaete was veur ’t graf van Hendrik Jonkers van de Gowenbrogge, van ’t café, die was overleed’n. Mien vae haar mee ezegd: “Dan goa ik wè ee’m hen de Concordia. Dan könt die nog wat grind en zaand en portlaand hen ’t kaarkhof breng’n. Dan kö’w noamedag ee’m die betonplaete stött’n.” Now dat was good. Afijn, ik kwaam wer uut Zuudwolde. Ik gung bee van der Laan an. In name ‘t betoniezer mit. En wie komp doar an mit paerd en wagen? Willem Fledderus van Jan Fledderus, die kwaamp van Leggele en die wol hen Lhee, hen zien vae. Hee zee: ”Ho, paerd.”, en toen: ”Albert !” Ik zee: ”Wat hei ?” Hee zee: ”Hei al hen huus ewest ?” Ik zee: ”Nee, ik bin d’r net weer van Zuudwolde, wat is d’r dan?” Toe zee hee: “Ie mag ’t wel maek’n d’ai hen huus koompt, want oen vae is dood!” Hee zee ’t ok moar zo teeg’n mee. Ik zee: ”Loop now toch gauw hen! Wat hei veur proaties? Wat hei? Bee’j neet good?” Hee zee: ”Nee, nee, hee is harstikke doad.” Ik bin so bee de olde van der Laan weg efietst, hen huus, doar kwaam ik an, ’t was zo, mien vae was dood.
Hee was bee de Corcordia, bee Jan Kannegieter um materioal te bestell’n. Bee Jan Kannegieet haar’n zee ‘t ’r over ehad. Over de oorlog. Jan Kannegieter was ok zo teeg’n de Duutsers. Moar mien vae, oh God, die was so fel teeg’n de Duutsers. Ik zee seins teeg’n hum: ”Man, ’t komp wè weer terechte. Komp allemoale wè weer good. Ie moot geduld hebb’n. Kan weed’n dat alles wel weer good komp.” Moar dat kön volgens hum neet so weed’n.
Wie komp doar bee Jan Kannegieter binn’n? Het was ’n boer van ’t Strovledder. Veur die boer haare we vlak veur de oorlog een neje boerdereeje ezet. Hee was N.S.B.’er. En woar krie’t in de oorlog over? Over de oorlog! En so ok mit die boer. Mien vae kwaamp oarig an ’t bekvechten mit hum. ”Donder ie toch dood”, haar mien vae teeg’n hum ezegd. Jan Kannegieter heft mee laeter dat allemoale wè verteld. Mien vae leup mit de gekke kop bee Concordia weg. Bee de Deeverbrogge gung hee over de leuning hang’n. Doar kwaamp die boer van ‘t Strovledder ok an. Hee vreug: ”Wat hei Schipper?” Mien vae haa’r teeg’n hum ezeegd: ”Ie moot deur goan, want aans bin ik in stoat um oe in de voart te drokk’n!”. ”Now”, haar die boer ezegd, ”mee in de voart drokken kö’j now neet, doar bin ie veul te minnig veur. Wat ai hebt dat weer ik neet, moar dat kreeg ie now neet kloar. Ik daachte da’k oe moar mitneme, d’ai hen huus kwaa’m, d’ai bee Greetie kwaa’m.” Dat hef hee ok edoane. He hef mien vae hen huus ebraacht. Dat moot ik hum noagee’m, dat hee dat veur mien vae edoane hef.
Mie mow haar ezegd: ”De dokter möt koo’m.” ”Now”, zee die boer, ”dan zal ’k wè ee’m bee de dokter angoan en teeg ’m zegg’n dat hee möt koo’m. De dokter hef er ewest. Hee zee teeg ’m mie mow: ”Ik zal ’m een spuitie gee’m, dan is hee over een half uurtie wel weer de man.” Hee hef hum een spuitie gee’m. Toe haar mien vae teeg’n mien mow ezegd: ”Maek ’t eet’n moar kloar, dan koon’k d’r dommiet wè of.” Eempies laeter gung mien mow hen kiek’n, moar toe was hee al dood. Mien moeder hef ok neet bee hum ewest. Hee was nog moar 57 joar.

Ik mösse as annemer alles nog leer’n
In de oorlog hare wee prakties gien waark. Moar d’r gung wel ies wat kapot, wat emeuk’n mös wödd’n. Neebouw was d’r hielemoale neet. Ok drekt noa de oorlog neet. Pas in de viefteger joar’n wödde ‘t wat beter. As d’r wat te reek’n was of so sowat, dan zee mien vae: ”Tieken ie moar. Waark ie de tiekenings en de details moar uut.” Ik haar een paer joar tiekenles ehad bee ’n architect in Assen. Mien vae zee: ”Ik reek’n wè, ie könt nog reek’n genog doon, mien jonge. Ut zal oe de strötte nog wè goan uuthang’n. Ik bin ’t amit ok wè zat, moar ie muut wat um oen waark te holl’n. En so sowat meer. Ik zee teeg’n hum: ”Ik weere neet hoe ai rekent en so.” Hee zee: ”Dat komp wè jonge, ie muut oe neet so naer maek’n. Mien vae was d’r al neet meer, toe kwaamp d’r iene bee mee, die wol ’n nee aachterhuus, ’t olde aachterhuus was in mekaer eweit mit ’n storm. Hee vreug mee: ”Kö’j ’n nee aachterhuus veur mee zett’n. Ik zee: “Oh, joawè, dat kan ‘k wè.” Ik mösse toe uutreek’n wat ‘t kostte, moar ik wösse neet hoe a’k mös reek’n. Dat hef me toe geld ekost. Mien mow mös beespring’n, want ik kunt neet betaelen. Teeg’n de man hek ’t ok ezegd: “Ie hebt een goedkoop aachterhuus.” Ik haare beter de papier’n en rekens van mien vae noa mött’n kiek’n.

De Canadezen kwaa’m uut de bos de Drift deur
Ik was zölf op de fietse hen de Brink egoane, umdat wee eheurd haad’n dat de Canadezen in Dwingel kwaa’m. Ik zee: ” Now, ik wil ies ee’m hen kiek’n wat er is.” Toe ’k op de Brink ware, stön’n doar Johannes Noorman en Albert Noorman ok. Doar bin’k toe bee goan stoan. We stön’n posie op de Brink, toe kwaa’m de tanks binn’n ried’n. De Canadezen kwaa’m uut de bos, de Drift deur. Zee bint van Rune koo’m, de bos deur. Zee wödd’n opevöng’n bee Wesseling.

De Deeverbrogge möt gauw weer kloar, aans bee’w te laete
Wee stönn’n doar mit sien dree’n te proat’n, Johannes Noorman, Albert Noorman en ikke. Wee haad’n ’t over de Canadezen en so sowat. Zo ieniens kwaamp Koers, de opzichter van de Riekswaeterstoat, bee oens. Koers woonde an de Deeverbrogge. Die zee teeg’n oens: ”Jonges, ik bin oe alle dree neudig. Ik kan oe alle dree wè gebruuk’n. Wee moot de Deeverbrogge weer kloar hemm’n.” We vreug’n hum: ”Hoe weer ie dan, dat dat möt gebeur’n. Hee zee: ”Ik heb Bart Schoemaker bee mee ehad.” Bart haar ezegd: ”De Duutsers koomt weer hen Deever.” Die haar’n doar ja zo huus ehöll’n. Bart Schoemaker haar ’t mit Koers d’r over ehad. Bart haar ezegd: ”D’r möt wat gebeur’n. We muut zeen dai’w de Canadezen over de brogge kreegt. Zee muut oens help’m, aans binne wee ’t te laete. Koers haa’r overlegd mit de Canadeze commandant. Die haa’r ja ezegd. Wee zeed’n: ”Hoe murre wee dat dan doon ?” Hee zee: ”Ik heb al ’t materioal al, doar he’k wè veur ezörgd. En ik heb ’m praeme weg estopt in ’t Voartie. En holt lig ’r zat op de löswal. Dan zie’w wè, dai’w ’t spullegien an de brogge weer bee mekaer kreegt.” So gebeurde ’t dan.

Op weg hen de Deeverbrogge
Teeg’n de oam’d gunge wee hen de brogge. We gung’n bee Wesseling weg mit twee tanks. En mit ’n dikke zestig man. Alleman wol mit op die dikke tanks. Wee waar’n de Stroombrogge nog neet over, toe waar’n wee de helfte van de mann’n al kwiet. Woar now de holtzaegereeje van Ten Oever is, doar binne wee estopt. Albert Santing woonde d’r toen, ’t was een boerdereeje, hee is laeter hen de Voshaere egoane. Toe zee de Canadeze commandant: ”Hier stopp’m, d’r kan van de Gowenbrogge ok onroad koo’m. Wee moot van dizze kaante eerst de zaeke verkenn’n.” No ja, dat gebeurde, moar d’r kwaamp niks. Dus wee könn’n deur goan. Bee Santing was weer ’n diel van de mann’n vöt. Op ’t laeste kwaa’m wee mit acht man bee de brogge an. Het waar’n jonge kerels, net so as ikke. Wee hebt mit sien achten ewaarkt. De Noormannen en ikke, wee waar’n mit sien dree’n de tummerlui. Wee deud’n ’t tummerwaark. Wie die aandere mann’n waar’n, dat wee ’k neet meer. Van de Deeverse kaante waar’n d’r gien helpers, d’r hef gien meinse uut Deever bee ewest. Ie gaa’m d’r gien acht op, ie waar’n drok an ’t waark, ’t mös ee’m gebeur’n. De Canadeze soldoat’n hebt ok mit ehölp’n. Iene Canadeze soldoat zee drekt al onder ’t waark dat ’t niks wödde. Dat verstönne wee dan neet, moar dat heurd’n wee wè van Koers. Moar wee hebt stiekem deur edoane. We waar’n gewaer ewödd’n dat die mann’n bee ’t kaarkhof in Deever waar’n dood eskeut’n, dat Hendrik Zoer neer escheut’n was en dat Jan Keuning esneuvelt was. We daacht’n toe teminn’n: “Now möt ee’m gebeur’n.” In huus waar’n zee d’r neet zo drok op, da’k hen de brogge egoane ware. Mien vrouw hef wel ’n benauwde naacht ehaad, dèènk erumme.

Wee hebt de noodbrogge ’s naachts ebouwd
Wee haad’n d’r gien locht bee, wee hebt in ’t donker ewaarkt, moar ’t was wel helder weer. ’t Was een heldere naacht, we könn’n alles beste zeen. ’s Naachts was ’r gien volk bee te kiek’n, niks gien volk. De mein’s die an de brogge woond’n, die leut’n heur ok neet zeen. Gien meinse leut heur zeen. Misschien dat d’r laeter wel goent’n ewest bint .Doar geef ie gien acht op. Die he’k neet ezeene. Wee waar’n mit de brogge bezig.

An materioal was er an de Deeverbrogge gien gebrek
Materioal laag er zat op de löswal. Spiekers en so sowat, alles laag er zat op de löswal. Bult’n holt stön d’r. Bee de brogge stön een klein holten gebougie. Doar zaat’n spiekers in, hiele grote spiekers en haemers en gereedschap. Er was zat. We könn’n pakk’n wai ’w woll’n. De Deeverbrogge was ien van de eerste brogg’n over de voart, die op en daele gung. Zee haad’n de brogge opebloas’n. Hee was zo daele ezakt. De brogge was gedieltelijk in mekeaere zakt. Die laag mit deale, doar so. Die lag dwars an Blok zien kaante. We möss’n eerst wat opruu’m bee de brogge. Doar hew eerst ies mit an ewest, zodat de praeme onder de brogge deur kon. Dat kreeg’n we dan ok kloar. We hebt holt eheul’n en hen de brogge esleept. Ja, hoe mörre wee dat doon. We wöss’n neet hoe zwoar zo’n tank was. An dizze kaante van de brogge, over ’t remmingwaark, hei ’w de holt’n balkens en so so wat elegd. Dat hei ’w edoane. Doar is de noodbrogge toe ekoo’m. An dizze kaante van de brogge mösse wee balk’n legg’n over ‘t remmingwaark. Tot de brogge kloar was. Now toe möst ’t moar ies ee’m gebeur’n mit de lichte tank. Die möst ’t eerst ies probeer’n. Hee was nog moar good en wel halfweg de brogge, doar kraekte de zaeke hen. Dat kleine lichte tankie, die zakte halfweg deur de noodbrogge, die stön mit de snoete in ’t waeter. Van ’t iene remmingwaark hen ’t aandere remmingwaark, dat was ’n hiele ofstaand. De lichte tank was veul te zwoar. Die tank is neet in ’t water evöll’n. Hee stön op de kop in de brogge, moar de zwoare tank trök’’m er mit de kettens so weer uut. Die trök ‘m zo de wal op. Nee dat kön neet, nee de brogge was lange neet staark genog. Opzichter Koers stön er toe ok bee. We begreep’m toe ok wel dat de brogge lang neet staark genog was. D’r mös aans wat gebeur’n. D’r mös veele meer holt koo’m. We weer an ’t holt sleep’m. En ondertied, so opiens zee ik: ”Blikstiender, jonges. Ik weere zeum lange iezern balkens te liggen!” Zee vreug’n an mee: ”Zeum iezern balkens ? Woar dan ? Ik zee: “Bee Oere Chris op de Meulestad!” Dat vertelde ik an Koers, de opzichter. Ik zee teeg’n hum: “Ik weere iezern balkens ligg’n, moar dan muu’w hen de Meulestad.” Hee hef mit de Canadeze commandant eproat en so so wat. Die zee: “Loa alles moar ligg’n, goa moar hen iezern balkens haelen.” Het waar’n zeum lange iezern balkens.

Die zeum iezern balkens van Oere Chris hebt de noodbrogge ered
Veur de oorlog was Chris d’r ok al, ok nog in de oorlog. Ik heb Chris good ekend. Oere Chris hef joaren oere ekart, joar’n lang. D’r wödde vaeke Oere Chris ezegd. We zeer’n ok wel ies Chris Kraak. Ik weere zien echte achterneame al neet eens meer. Ik zitte al de hiele tied te prakkezeer’n hoe hee hedde. Hee heul allemoale oere mit van die kiepkarr’n bee de Stroom weg. Over de Stroom laag’n dan lange iezern balkens. Hee kochte bee de boer’n in ’t laand de oere op. Hee haa’r doar als ies epolst of epunt. Hee wös dan: hier zit oere, doar zit oere. Dan gunk hee de boere’n en zee: ”Ie hebt oere onder oen laand zitt’n, woi’t mee verkoop’m?” De boeren woll’n dat vaeke wè. Dan könn’n zee weer paer cent’n beur’n. ’t Was ’n slechte tied. Dan wödde de oere verkocht. Hee haar oeregraevers an ’t waark. Dat waar’n vaaste waarklui. Die gung’n van ’t iene stuk laand hen ’t aandere. De oere wödde verkard hen ’t schip an de Deeverbrogge. Ik weere neet woar de oere hen gunk. Ik daachte dat de oere hen ’t Westen gung. Die mann’n haad’n die iezern balkens over de Stroom ligg’n, veur ’t gleis (redactie: smalspoor). Doar wödde mit de oerekarr’n over hen ereed’n. Dat waar’n kiepkarr’n. Het gleis gung tot halfweg de Deeverbrogge en de Gowenbrogge. An de stille kaante van de voart. Doar net teeg’nover Klaas Fledderus, doar die zaat, moar dan an de aandere kaante van de voart. Doar wödde al die oere hen ekard. En doar laag’n de scheep’m. Doar wödde de oere ’t schip in ekiept. Er kwaam ok wel oere uut Lheebroek. Dat gung allemoale hen de voart. Die zeum lange iezern balkens laag’n toe allemoale bee Oere Chris bee huus, halfweg de Meulestad. Zee laag’n buut’n. Bee Harm Koers en Jannegie Wiechers, net an de aandere kaante van de weg. Die iezern balkens laag’n in de baarm van de weg. Toevallig da’k er toe pas iens langes ekoo’m ware, da’k daachte wat een mooie iezern balkens. Die naacht an de Deeverbrogge scheut mee dat toevallig in ’t zin. Oere was zwoar, gleis was zwoar, kiepkarr’n waar’n zwoar. Die zeum iezern balkens möss’n hiel wat gewichte kön’n till’n as zee over de remmingswaark’n bee de brogge laag’n.

Mit de lichte en de zwoare tank hen de Meulestad
We möss’n van de Canadeze commandant mit de beide tanks die zeum iezern balkens haelen, van die lange iezern balkens. Wee hebt veere op de zwoare tank elegd en dreee an de lichte tank vaast emeuk’n. Dat was ok nog zo mooi. Toe wee die iezeren balkens opheul’n. An dizze kaante van Roelof Koops, doar mösse we over ’n tankval hen. Die tankval laag doar deur de stroate hen, doar mös’n wee toe over een holt’n brogge hen. Het daegelijkse verkeer gung ’r ok over, boerenwaegens en alles gung ’r over hen. Hen gung ’t wel mit de tanks, moar toe wee weer kwaa’m gebeurde ’t. De lichte tank was ’r net good en wel over, toe mit de zwoare tank de holt’n brogge over de tankval in mekaer zakte Dat kwaamp deur die zwoare iezern balkens. Wee zeed’n: ”Now moe wee hier ok nog mit de brogge an.” Moar die grote zwoare tank, die klum soo dwars deur de tankval hen, mit iezern balkens en alles teeg’n de wal op. Die tankval waarkte neet, die was niks eweerd, die hebt de Duutsers veur niks loat’n egrae’m.

De verstaarking van de noodbrogge mit iezern balkens
Mit weer hen de Deeverbrogge. ‘t Holt wödde wat op eruumpt en toe de iezern balkens over de remmingwaark’n en doar weer holt overhen. Van de wal hen ‘t remmingwaark dat kön wel, dat gung wel mit holten balkens. Van ’t iene remmingwaark hen ’t aandere, dat gung neet mit holten balkens, die overspanning was veul te groot. Die praeme mös aachter dat remmingwaark langes. Doar haare wee nog wel moeilijk mit. Aans könne wee d’r neet met de iezern balkens an ’t waark. Wee möss’n eerst al best wat grind in de praeme sleep’m, want hee mös zakken’n, want hee mös onder de brogge deur. Die praeme hei wee tussen de remmingwaark’n  elegt. Toe hei wee al ’t grind d’r weer uut eschöpt, want de praem mös weer hen boo’m koo’m. En toe die iezeren balkens d’r over. Die iezern balkens möss’n vlak ligg’n, die kö’j neet rond legg’n. En toe hei wee d’r weer grind in esleept, want de balkens möss’n zakk’n um op de plekke te koo’m. Dwars over de iezern balkens kwaam een holten dek. Zo hei’w de noodbrogge emeuk’n. Eerst gung’n de lichte tank de brogge op en toe die an de aandere kaaant kwaam gung ’r een hoera op. Toe mös die grote tank ok, die was helder weg zwoarder. Doar stönne wee dan te kiek’n Moar die gung ’r ok wel over, heur. Die lange iezern balkens höll’n ’t wel, D’r laag’n d’r zeum onder.

We möss’n ok nog veur’n ’n bepoalde tied kloar weed’n
Bart Schoemaeker kwaamp allenig op de fietse uut Deever. Twee moal hef hee bee oens ewest. an de brogge. Bart was toe kantoorhouder in Deever. Hee wös dat de Duutsers in Wapse waar’n. Hee zee: ” Ie muut gauw anmaek’n, want zee bint in Wapse.” D’r bint die naacht wel goent’n over schut van Deever hen Dwingel evlucht. De Duutsers haad’n ezegd, dat zee weer kwaa’m. Zee zöll’n grote opruuming holl’n. We möss’n ok nog veur’n ’n bepoalde tied kloar weed’n. Bart Schoemaeker haar doar bericht van ekreeg’n, dat zee in Wapse waar’n. Bart kwam toe ondertied nog weer bee oens. Hee zee: ”Jonges ie muut anmaek’n, want aans bee ’w te laete. Dan pakt zee alles op. Wie wet wat zee dan uuthaelt.” Ik miene dat de Duutsers um zes uure al weer in Deever woll’n weed’n. We waar’n gelokkeg wel op tied kloar mit de noodbrogge. In ’t laeste toe wee bijna kloar waar’n, gung’n ’r meer militairen over de brogge. Toen gunk ’r een militair in de richting van Möppel, Assen en Deever. Die soldoat die bee de Concordia stön, skeut een keer per ongeluk. Ie möss’n iens zeen hoe rap wee van de brogge of waar’n en plat op de grond laag’n. Dat hebt de Duutsers ok eheurd. Toe bin ’t de Duutsers weerum egoane hen Stienwiek. Zee hebt eheurd dat ’r escheut’n wödde. Dat möt de Duutsers ok eheurd hebb’m. Ze möt edaacht hebb’m dat de Canadezen al in Deever waar’n, moar zee waar’n nog moar an de Deeverbrogge. De Duutsers bint neet verder egoane dan Wapse.

De Canadeze commandant hef oens wel bedaankt
Die hef oens mit eneu’m hen Dwingel, toe de noodbrogge kloar was en so sowat. Die hef oens mit eneu’m hen Wesseling We hebt doar lekker eten heur. Zee haad’n de spull’n allemoal bee heur. Doar kön Wesseling van kook’n. Een veuroadwaegen kwaamp laeter aachter heur an. Die was ok mit ekoo’m. Die stön doar bee Wesseling op de Brink. Doar hei’w lekker eet’n ehad, potverdorie. Hei jong, hei jong, dat hare wee ’n schoft neet ehad (redactie: Albert Schipper geniet zichtbaar en lacht, terwijl zijn ogen bij deze herinnering glimmen).



De oude opgeknapte Dieverbrug, zoals deze er in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw bij lag. De noodbrug lag aan de kant van de Geeuwenbrug over de remmingwerken. 

De Canadezen bint hen Stienwiek egoane
Wee waar’n ’s mörns um zesse uur mit de brogge kloar. De Canadezen bint over Deever en Wapse hen Frederiksoord en verder egoane. We waar’n d’r neet bee, ik weere neet wat d’r die mör’n allemoale over de noodbrogge egoane is. Toe waar’n wee bee Wesseling an ’t eet’n. Zee bint deur egoane hen Deever en van Deever hen Stienwiek. Aans was Deever d’r neet best ofekoo’m. Vaaste neet.

Wie hef mien fietse eliend ?
Ik bin toe de Canadezen d’r an kwaa’m op mien fietse hen Dwingel egoane. Mien fietse haar ’k bee Wesseling teeg’n de mure anezet. Toe ’k de aandere mörn terogge ware in Dwingel was mien fietse weg. Die hef iene eliend en nooit weer terogge ebraacht. Ik heb een aandere fietse weer moot’n koop’m.

Ik heb mien verhael over de noodbrogge in de kaarke verteld
Ik heb laeter nooit ies wat van de Canadezen eheurd. Misschien Koers wel, dat weer ’k neet. We zeed’n onder mekaer: ”Wee hebt ’r nooit weer wat van eheurd, da’w de brogge weer kloar emeuk’n haar’n Van Deever hei’w niks eheurd, in Dwingel is ’r nooit meer over eproat. We hebt ’r laeter nooit weer wat van eheurd Koers hef ok gien contact meer ehad mit die Canadezen. Ik heb ok nooit gien contact meer ehad mit Koers, hee is toe ok nog al gauw noar de oorlog ’n keer weg egoane. Koers was een paer joar older dan ikke. Ik hebt d’r laeter mit de Noormannen nog wel ies over ehad. Die zee’n ok: Gek hè, Deever zeg niks, Dwingel zeg ok niks, d’r wödt nooit over eproat. As wee dit neet edoane haar’n, dan was ’t in Deever neet best ofeloop’m. D’r wödt nooit over prakkezeerd, as wee ’t neet edoane haad’n, wat d’r dan in Deever gebeurd was. Wee hebt d’r nooit weer wat van eheurd. Wee hebt d’r nog wè ’n paer moal over ehad onder mekaer (redactie: Albert Schipper doelt op de drie timmermannen Johannes Noorman, Albert Noorman en hij zelf) Een joar of veere, viefe eleed’n he’k ’t nog ies mit Johannes Noorman over de noodbrogge ehad. Hee begun d’r zölf over. Hee zee: ”Ie könt oe wel dood waark’n veur de meins’n, zee waardeert ’t toch nooit.” Ik zee: ”Wat hei dan te dood waark’n.” Hee zee toe: “Mit de oorlog ok, hei’w doar die noodbrogge emeak’n. Wat heur ie d’r van ! Gien meinse hei’w d’r ooit ies weer over eheurd!” Dan zegt Albert Schipper: “Verleed’n joar he’k hier (redactie: in Dwingelo) in de kaarke een lezing höll’n over de noodbrogge. Ik heb ’t neet meer op papier stoan, mien papiertie is vöt. Moar ie könt ja so oen koptillefoon op zett’n en dan mien verhael opskrie’m.”

Noot van de interviewer
Het moet hem een goed gevoel hebben gegeven, dat hij vorig jaar eindelijk werd uitgenodigd zijn verhaal over de bouw van de noodbrug in aanwezigheid van publiek te vertellen. En prachtig en aandoenlijk is dan hoe Albert Schipper, 93 jaar oud, maar levenswijs en bijzonder helder van geest, de interviewer zacht pratend wijst op het betrekkelijke van herinneringen uit een alweer lang verleden oorlogstijd: D’r is altied nog el ies wat ai vergeet, dat zö’j wel ontdekt hem’m. Zo now en dan schöt mee weer wat te bin’n. Ondertied komp mee weer van alles in ’t zin.” En hij lacht zachtjes. Er schoot hem heel wat te binnen. Maar geschiedenis is niet meer dan wat een geheugen in een paar uur prijs kan geven.

Posted in An de Deeverbrogge, Boer'nwaark, Brink, Canadeze bevrijders, Deeverse dialect, Opraekelen, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Achterkant ansichtkaart, verzonden in 1914

Het kan soms zeer leerzaam zijn de achterkant van helemaal beschreven ‘gelopen’ ansichtkaarten te bestuderen.
Op de voorkant van deze kaart staat een ingekleurde foto van de Openbare Lagere School, die op de plaats stond waar nu NOG het Dingspilhuus staat. Een paar grote verzamelaars in Deever hebben deze ansichtkaart in hun verzameling en die kaarten zijn tussen 1914 en 1916 verstuurd.
Een van de verzendsters van deze kaart moet speciaal naar Deever zijn geweest om deze ansichtkaart, die tevens briefkaart was, bij een Deeverse winkelier te kopen, want de twee verzendsters woonden in Wittelte en de plaatselijke Wittelter bakker en kruidenier Berend Wolters verkocht geen ansichtkaarten.
De kaart is gestuurd naar mejuffrouw Froukje Bosscha, Rusthof, Zeist. Het herenhuis Rusthof in Zeist was een herstellingsoord voor dames. Had Froukje Bosscha tuberculose ?

De tekst in het linker gedeelte dat beschreven mocht worden, luidt als volgt.
Vriendin Froukje, Wij hebben uw kaartje ontvangen en gezien dat ge daar zijt, nu in de hoop dat ge daar beter moogt worden, gij moet maar goede moed houden en als gij weer in Groningen zijt, moet ge maar eens overkomen, dan is de drukte wat aan de kant, wij zijn nu aan het hooien. Akkerman met de draaimolen staat aan de brug, daar hebben wij zondagavond naar toe geweest. Daaaaag. A. en G. Odie.

A. Odie is Aaltje Odie (geboren op 28 maart 1891, overleden op 24 december 1959 in Deever), zij trouwde met Jacob Krol (geboren op 1 augustus 1889, overleden op 4 november 1948 in Deever). Ze woonden naast de Gereformeerde School an de Heufdstroate in DeeverOaltie Odie was de muss’nsteefster van Deever. Beiden zijn begraven op de kaarkhof van Deever. G. Odie is Grietje Odie (geboren op 2 mei 1892 te Uffelte, overleden op ……). Zij trouwde op 23 april 1919 in Deever met de rijkswegwerker Harm Jonker (geboren op 5 juli 1890, overleden op ……).
Vader Jan Odie was boer op het Moer, hun moeder was Grietje Hoekman. De kaart werd blijkbaar verstuurd in de hooiing, waaraan de beide jonge vrouwen mee moesten helpen.
Aardig is te lezen dat Akkerman met de draaimolen aan de brug staat. De vraag is: was dit an de Wittelterbrogge of an de Deeverbrogge ? Waarschijnlijk an de Deeverbrogge. Het moet heel wat geweest zij als je in die tijd als jonge meid op een zondagavond naar de kermis kon, dat was een mooie gelegenheid om jongens te ontmoeten. Wellicht kwam Aaltje (Oaltie) daar Jacob (Joapie) tegen of kwam Grietje daar Harm (Haarm) tegen.
Nazaten van kermisexploitant Hendrik Akkerman staan nog steeds met de zweefmolen op de Paaskermis van Deever, die vroeger an de Deeverbrogge stond. Hendrik Akkerman werd op 10 april 1945 bij de wal van de kerkhof van Deever vermoord door de Duitsers.

Posted in Ansichtkaarten, Openbare Lagere School Diever, Scholen, Wittelte | Leave a comment

Rijks Evacuatie Kamp Diever B

Op 10 augustus 1944 verscheen in het Duits gezinde Drentsch Dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe) de volgende advertentie.

Gevraagd zoo spoedig mogelijk 2 nette Kampmeisjes en een Kampknecht. Aanmelding Rijks Evacuatie Kamp Diever B, Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De rijkswerkkampen Diever A en Diever B aan de Bosweg in de Olde Willem hebben in de Tweede Wereldoorlog een tijd lang dienst gedaan als opvangkamp voor mensen -voornamelijk vrouwen en kinderen- die uit ’s Gravenhage en Scheveningen werden geëvacueerd, vanwege de aanleg van de kustverdedigingwerken van de Duitse bezetter.
Het is bij de redactie van het Deevers Archief nog niet bekend wanneer deze rijkswerkkampen evacuatiekamp zijn geworden en hoe lang evacuees in de twee rijkswerkkampen hebben gezeten. De redactie zet het historisch onderzoek voort.

Posted in Bosweg, de Oude Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Gesloopte panden aan de brink van Deever

Op deze afbeelding van een vooroorlogse zwart-wit foto uit 1935 laat een fraai winters beeld van de brink van Deever zien.
Links is de oude pastorie van de Nederlands Hervormde Kerk (de pastorie hoort aan de brink te staan) te zien met daarnaast het oude gemeentehuis (het gemeentehuis hoort aan de brink te staan), dat eerder de lagere school en nog eerder een boerderij was.
Rechts is het oude boerencafé van Jan Barelds te zien. Dit café is in de dertiger jaren van de vorige eeuw gesloopt. Op die plaats liet Harm Smit – boschbaas op Berkenheuvel – voor zijn dochter Gezina Catharina en zijn schoonzoon Klaas Marcus Balsma het nieuwe café Brinkzicht bouwen.
De pastorie en het oude gemeentehuis moesten in 1956 helaas het veld ruimen voor de bouw van een nieuw gemeentehuis van de gemiente Deever.
Dit gemeentehuis en café Brinkzicht zijn te zien op de afgebeelde kleurenfoto.
De afgebeelde zwart-wit foto is aanwezig in het archief van de gemiente Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde kleurenfoto gemaakt op 4 november 2017.

Posted in Brink, Café Brinkzicht, Diever, Gemeentehuis, Pastorie aan de Brink, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Stelling van korenmolen ‘de Vlijt’ bezwijkt

In het Duits-gezinde Drentsch dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe) verscheen in de Tweede Wereldoorlog op 24 december 1942 het volgende korte bericht over molen ‘de Vlijt’ in Oldendeever.

Diever. Toen de molenaar Jansen zijn molen, een z.g. kruien, op den wind wilde zetten, bezweek plotseling de stelling. Alles liep zonder ongelukken goed af. De molen echter heeft een vreemd aanzicht gekregen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Met ‘kruien’ wordt waarschijnlijk bedoeld een zogenaamde bovenkruier. Het is jammer dat bij het berichtje geen foto stond. In de Tweede Wereldoorlog werden weinig foto’s gemaakt.
Wel is de redactie in de gelukkige omstandigheid van de stellingloze korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever een afbeelding van een op 13 september 1948 verzonden zwart-wit ansichtkaart met witte rand te kunnen tonen. De molen heeft zonder stelling inderdaad een vreemd en kaal aanzicht.
Let vooral ook op het pothokke bij de boerderij van molenaar Jan Albert (Ab) Jansen.
Het meisje op de boomstam is Tinie van Goor, een dochter van Roef van Goor uut de Kruusstroate in Deever.
Tinie van Goor zal wellicht met haar vader of moeder op bezoek zijn geweest bij tante Roelofje van Goor, die getrouwd was met Jacobus (Kobus) Kruid en een zuster van Roef van Goor was. De familie Kruid woonde dicht bij molen ‘de Vlijt’ in de boerderij op de hoek van de Veentjesweg en de Brinkstraat. De redactie acht het daarom aannemelijk dat Roef van Goor deze ansichtkaart verkocht in zijn boekhandel an de Kruusstroate in Deever.


Posted in Ansichtkaarten, Erfgoed, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Korenmolen ‘de Vlijt’ – vóór 1942

De hier afgebeelde zwart-wit foto uit het archief van de voormalige gemiente Deever behoort tot de buitencategorie foto’s uut de gemiente Deever. Een topstuk.
Op deze foto is de stelling van molen ‘de Vlijt’ nog aanwezig. De foto moet derhalve vóór 24 december 1942 zijn gemaakt, op die dag stortte de stelling in.
De foto toont op prachtige wijze hoe het onverharde en met gras begroeide loop- en menpad tussen het zandpad met de naam ’t Bultie (tegenwoordig de Kloosterstroate) en de Brinkstroate er in of vóór de Tweede Wereldoorlog bijlag.
Na de oorlog werd ter plekke de Veentjesweg aangelegd. Deze straat werd eerst aangelegd tot aan de Tusschendarp, daarna tot aan de Kastanjelaan.
Elektriciteit werd in die jaren nog via bovengrondse draden getransporteerd.
Rechts is de hof van het echtpaar Jacobus Kruid en Roelofje van Goor te zien. Er moet klein vee in de hof gelopen hebben, want langs de vele vreenpoal’n is flink wat prikkeldraad gespannen.
Het land aan de linkerkant was bouwland.
De molen en het molenaarshuis staan in Oldendeever aan de rand van de Westeresch.
In die tijd was Jan Albert (Ab) Jansen nog de molenaar.
Via het internet zijn in de webstee korenmolendevlijt.nl wetenswaardige gegevens over korenmolen ‘de Vlijt’ te vinden.
Wie heeft gegevens over de molenaar Jan Albert (Ab) Jansen ?
Wie van de trouwe bezoekers durft foto’s van korenmolen ‘de Vlijt’ in het Deevers Archief te publiceren ?
De redactie heeft de kleurenfoto op 4 november 2017 gemaakt.


Posted in Molen 'de Vlijt', Molens, Oldendiever, Topstukken, Veentjesweg | Leave a comment

Braand in ut gemientehuus van Deever

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 30 juli 1864 verscheen het navolgende bericht over de brand van 27 juli 1864 in het gemeentehuis van Deever.

Heden nacht, omstreeks één uur is alhier brand ontstaan in het gemeentehuis, toebehorende en bewoond door J. Seinen, met dat ongelukkig gevolg, dat in een uur tijds drie huizen, bewoond door vier huisgezinnen, benevens 2 paarden, 50 schapen, één oud varken en 8 of 9 biggen, alsmede het grootste gedeelte der inboedels, een prooi der vlammen zijn geworden.
Huizen en inboedels waren tegen brandschade verwaarborgd, behalve de inboedel van Van der Kamp, die alleen het huis maar had verzekerd.
Naar men verneemt zijn de gemeentelijke archieven meest behouden gebleven, doch die der Kerkvoogdij zijn mede eene prooi der vlammen geworden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In die tijd was het gemeentehuis in Deever gevestigd in één van de twee voorkamers van het café-logement van Jan Seinen aan de Hoofdstraat.

Posted in Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Oerdegelijke en onverwoestbare STAKO-leunstoelen

Zo nu en dan is het mogelijk tweede-hands of derde-hands of vierde-hands oerdegelijke en onverwoestbare STAKO-stoelen via een webstee op het internet te kopen. In dit geval gaat  het om vier retro-design stoelen met een leuning. Zie de bovenste twee afbeeldingen.
N.V. Meubelfabriek ‘De Toekomst’ an de Deeverbrogge was de maker van deze STApelbare en KOppelbare leunstoelen.
Achter op een STAKO-stoel zit een metalen plaatje met daarop de tekst Meubelfabriek de Toekomst, STAKO, Dieverbrug, Tel. 15. Later had het maakbedrijf telefoonnummer 415 en nog weer later telefoon 1415.
De redactie van het Deevers Archief beschouwt nog bestaande STAKO-stoelen als zeldzaam Deevers industrieel erfgoed. Goed onderhouden exemplaren zijn museumwaardig en zouden zeker niet misstaan in het Drentsch Museum in Assen.
Zie ook het bericht Sukersakkie van Meubelfabriek De Toekomst.
Zie ook het bericht STAKO-meubelen: STApelbaar en KOppelbaar.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Erfgoed, Meubelfabriek 'de Toekomst', STAKO-meubelen | Leave a comment

Het gedenkteken voor de Canadese bevrijders

In de nacht van 11 op 12 april 1944 bouwden mannen uit de omgeving met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadese leger een noodbrug ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentsche Hoofdvaart.

Van wijlen de schrijver Reinder Smit uit Dwingelo is het volgende citaat: Het schijnt, dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadese verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.

In de gemiente Deever herinnert alleen het esdoornblad (maple leaf, het nationale symbool van Canada) in het na de Tweede Wereldoorlog door burgemeester Jan Cornelis Meiboom cum suis bij elkaar gefantaseerde wapen van de niet meer bestaande gemiente Deever aan de Canadese bevrijders, een wel erg magere herinnering.
De gemiente Deever heeft dit wapen bij het opgaan van de gemiente Deever in de gemeente Westenveld (officieel of officieus ?) in eigendom overgedragen aan de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever. Daarmee bestaat geen officiële band meer tussen het lokale bestuur en de Canadese bevrijders.

In de gemiente Deever staat een gedenksteen bij het onderduikershol, is een omgekomen Canadese vliegtuigbemanning op het kerkhof van Diever begraven, zijn de tien op 10 april 1945 vermoorde mensen op het kerkhof van Diever begraven, staat een herinneringsteken in de Olde Willem op de plek waar een Canadese bommenwerper is neergestort, staat een herinneringsteken bij de als kamp voor de doorvoer van joden gebruikte rijkswerkkampen Diever A en Diever B, en staat een herinneringsteken op het marktterrein voor de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen mensen in de gemiente DeeverDeever toont veel respect voor de tragische gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog.

Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld en de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever en die van Dwingelo toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadese bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen van dien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadese bevrijders.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Commies der Belastingen Wopke Veenstra maakte deze unieke foto op 12 april 1945. Op de foto is an de Deeverbrogge an de Deeverse kaante een Canadese gevechtswagen te zien. Deze pantserwagen van het type Brengun carrier had een kaliber 0.303 Brengun als bewapening. Dit wapen is op de foto goed te zien. De man met geweer links op de voorgrond is brandstoffenhandelaar Jan Oostenbrink, wonende an de Deeverbrogge an de Dwingeler kaante. Het meisje met pop is Alone (Lonnie) Veenstra, dochter van Wopke Veenstra en Lia van Delden. Het huis met de gesloten luiken op de achtergrond is vanwege een latere reconstructie van het kruispunt an de Deeverbrogge afgebroken. Juffrouw Rigtje van der Land van de Openbare Lagere School in Deever (wie heeft haar nou niet als juffrouw gehad ?) en haar ouders (haar vader overleed in 1944 en haar moeder in 1950) woonden in de oorlog in het huis (adres Rijksweg 34), dat rechts naast het huis met de gesloten luiken is te zien. Zij en haar moeder hebben niets gemerkt van de bouw van de noodbrug bij de opgeblazen Deeverbrogge. Dit gebeurde immers ’s nachts. Het bleek dat ze bevrijd waren, toen ze ’s morgens ontwaakten. De eerste Canadese tank, die over de noodbrug kwam, hebben ze in het geheel niet gezien. (foto uit de verzameling van mevrouw Lonnie Zoer-Veenstra uut Dwingel)

Posted in An de Deeverbrogge, Canadeze bevrijders, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Peperstraat – Hervormde Kerk – Diever – 1935 ?

Op deze historisch waardevolle zwart-wit foto is een prachtige vooroorlogse (1935 ?) Peperstroate te zien.
Let vooral op de zijkanten van de straat: het is een bestrating met een regengoot van vele keien en keitjes, die afkomstig moeten zijn geweest uit de bouwakkers op de essen rond Deever.
Het oude boerderijtje (wanneer is dit pand afgebroken ?) achter de Hervormde Kerk, toen zonder uitbouw voor de consistoriekamer (?), was eigendom van bakker Albert Kuiper (Aubert Kuper), die zijn bakkerij en woning aan de andere kant van de straat had (foto uit de verzameling van het archief van de gemiente Diever).
In die tijd werd de elektrische energie nog getransporteerd via draden die opgehangen waren aan houten palen.
Op de kleurenfoto is ongeveer tachtig jaar later de toestand ter plekke op een regenachtige. De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 3 oktober 2012 gemaakt.

Posted in Diever, Kerk op de brink, Peperstraat | Leave a comment

De Oele in de gevel van de Openbare Lagere School

Als je aan mensen, die nu in Deever wonen, de vraag zou stellen waar de Oele van de openbare lagere school an de Tusschendarp in Deever is gebleven, dan zal bijna iedereen deze vragen met nee beantwoorden, laat staan dat ze op de hoogte zijn van het bestaan van de Oele.

De Oele is een zandstenen beeldhouwwerkje dat hoog in de voorgevel van de Openbare Lagere School aan de Tusschendarp in Deever was ingemetseld. Dit is te zien op de bijgevoegde foto van de vervuilde voorgevel van deze school. De redactie heeft deze kleurenfoto in mei 2000 gemaakt, kort voor de afbraak van deze school.
De Oele is bij de afbraak van de school gelukkig niet gestolen, ook niet met het bouw- en sloopafval afgevoerd naar een puinbrekerij, ook niet verkocht aan een handelaar en ook niet voor veel geld aan een liefhebber verpatst, maar dankzij de inspanning van de heemkundige vereniging uut Deever behouden gebleven voor Deever.
Is het een object met cultuurhistorische waarde ?
Is het een object met nostalgische waarde ?
Is het een object met opvoedkundige waarde ?
Is het een erfgoedobject ?
Het in een periode van meer dan een halve eeuw door weer en wind en zure regen en fijn stof aangetaste zandstenen beeldhouwwerkje is na een grondige schoonmaakbeurt in de herfstvakantie van het jaar 2000 door wijlen Bram Moesker binnen in de Openbare Lagere School ‘de Singelier’ ingemetseld.
Als je aan Deeversen, oud-leerlingen van deze school of mensen die jarenlang dagelijks langs de Oele aan de voorgevel van de school aan de Tusschendarp kwamen en vaak naar de Oele kunnen hebben gekeken, zou vragen of ze weten dat de Oele op het opengeslagen boek van de wijsheid zit, dan zal bijna iedereen die vraag met nee beantwoorden. Kijken, maar niet zien.

Posted in Beelden, Diever, Kunstig gemaakte objecten, Openbare Lagere School Diever, Tusschendarp, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Gesloopt erfgoedpand an de Peperstroate in Deever

In de jaren na de Tweede Wereldoorlog heeft burgemeester Jan Cornelis Meiboom cum suis (met de zijnen) nogal bewust wat fraai erfgoed in Diever laten slopen. Dit erfgoed is voor altijd verdwenen.
Een van de fraaie panden die nooit gesloopt had mogen worden, maar op de lijst van rijksmonumenten had moeten staan, is de keuterboerderij an de Peperstroate, op de plek waar zogenaamd nodig het bankgebouw van de Boerenleenbank moest komen te staan (wie een hond wil slaan, die kan altijd wel een stok vinden).
Wie kan de redactie van het Deevers Archief gegevens verschaffen over de bewoners van dit pand ?
U.L.O.-schoolmeester Henk van de Bos is de maker van deze prachtige foto.
Henk van de Bos moet de foto in de zestiger jaren van de vorige eeuw hebben gemaakt.

Posted in Brink, Erfgoed, Keuterijen, Peperstraat, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Miet’n op de Hezenesch bee’j Deever – omstreeks 1960

Tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw werd de rogge an de miete gezet, waarna een loonbedrijf de rogge dorste met een döskaaste.
De Groningerweg was toen tot aan het gesticht Armenwerkhuis nog een zandweg, was dat nog maar zo.
Naast de zandweg lag gescheiden door betonnen paaltjes het schelpenpad voor de fietsers en de wandelaars.
Deze zwart-wit foto is in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw gemaakt door de Deeverse dorpsfotograaf Harm Hessels.

Posted in Boer'nwaark, Diever, Grönnegerweg, Heezenesch | Leave a comment

Een Kap op de Kerk en een Spits op den Tooren

In de Amsterdamse Courant van 1 maart 1760 verscheen het navolgende bericht over de aanbesteding van bouwwerkzaamheden aan het kerkgebouw aan de brink van Deever.

De Carspellieden van Diever zyn voornemens op Dinsdag 25 Maart 1760, ten huize van Andries Hummel te Diever, te besteden het maaken van een Kap op de Kerk en Spits op den Tooren, nevens de leverantie der materiaalen daar toe nodig; zullende het Bestek 14 dagen te vooren by het Gerigte aldaar te zien zijn.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Werd met Carspellieden van Deever het bestuur van het wereldse kerspel Deever bedoeld of het bestuur van het kerkelijke kerspel Deever of werden beide besturen bedoeld ? Deze vraag kan gesteld worden, omdat wellicht het kerkgebouw eigendom was van het kerkelijke kerspel en de toren eigendom was van het wereldse kerspel.
Waarom moest op het kerkgebouw een kap en op de toren een spits worden gemaakt ? Was het houtwerk van het dak en de spits verrot of vermolmd of was er brand geweest ?
Met ten huize van Andries Hummel zal in de herberg van Andries Hummel (is Hummelen) zijn bedoeld. Andries Klazen Hummelen werd op 22 december 1726 in Deever geboren als zoon van Hermannus Hummelen. Hij trouwde op 15 april 1759 met Maria Timens Winst. De herberg moet gevestigd zijn geweest in een boerderij aan de Brink.

Op de afbeelding uit omstreeks 1950 is de (weer) in verval geraakte kerk en toren op de brink van Deever te zien en is\de braandkoele, omgeven door rhodondendrons, nog aanwezig op de brink. Het bestuur van de gemiente Deever greep de bouw van het nieuwe gemeentehuis en de restauratie van de kerk in de jaren 1956/1957 aan om de brink anders in te richten, beter gezegd grondig te vernielen.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Gemeentehuis, Kerspel Diever | Leave a comment

Stalraam model Deever – Boerderij aan de brink

Enig onderzoek in de digitale fotoarchieven van het Deevers Archief heeft als resultaat bijgaande foto opgeleverd.
Op deze -op 29 juli 2002- door de redactie van het Deevers Archief gemaakte foto zijn -speciaal voor de foto uitgestald- twee melkbussen met deksel en een melkemmer op het half vergane houten melkrikke bij de boerderij van Hendrik Mulder en Jantje Wesseling aan de brink in Deever te zien. Achter het melkgerak is een stalraam van het model Deever te zien.
Aan de nummers en met plakcijfers gewijzigde nummers is de oorspronkelijke nummering van de melkbussen, de naoorlogse hernummering, de hernummering na de fusie van de melkfabrieken van Deever en Wapse en de fusie van de melkfabriek Deever/Wapse met de DOMO af te lezen.

abracadabra-488

 

Posted in Boer'nwaark, Boerderijen, Brink, Stalraam van het model Diever | Leave a comment

Rijkswerkkampen Diever A en Diever B in Montfort

De redactie van het Deevers Archief publiceerde in nummer 01/01 (jaargang 8, nummer 1, maart 2001) van Opraekelen, het papieren blad van de heemkundige vereniging uut Deever het volgende korte berichtje over de verhuizing van de gebouwen van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B van de Olde Willem naar Montfort in Limburg.

De Rijksgebouwendienst bracht eind 1946 de kampen Diever A en Diever B over naar de Bosweg (toevallig ook de Bosweg) in Montfort. Daar zijn ze in de loop der jaren gebruikt als werkkamp in het kader van de wederopbouw van de Roerstreek, als douaneschool en na 1951 als huisvesting voor Ambonezen. In 1966 zijn de kampen gesloopt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het bericht in het papieren blad Opraekelen van de heemkundige behoeft enige aanpassingen.
De Rijksgebouwendienst bracht eind 1946 de rijkswerkkampen Diever A en Diever B over van de Bosweg (de Woaterse weg) in de Olde Willem naar de Bosweg (toevallig ook de Bosweg) in Montfort in Limburg.
Daar zijn ze in de loop der jaren gebruikt als werkkamp van de D.U.W. (Dienst Uitvoering Werken) in het kader van de wederopbouw van de Roerstreek, als vakantiekamp voor kinderen die in de oorlog lichamelijk getroffen waren, als douaneschool en na 1951 als huisvesting voor Ambonezen.
In de tijd van het gebruik van het D.U.W.-kamp was het kamp ook in gebruik als vakantiekamp; het adres van het kamp was Kamp Vierde Prinsenkind, Montfort, Limburg.
In 1966 zijn de twee rijkswerkkampen -na 30 jaar gebruikt te zijn- gesloopt.
Bijgaande afbeelding van twee ansichtkaarten tonen de gebouwen van de rijkswerkkampen Diever A en Diever in Montfort. Beide ansichtkaarten zijn aanwezig in de verzameling van de Heemkundevereniging Roerstreek in Sint Odiliënberg.

Posted in Bosweg, De Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Boerenwaark bee’j de Kaamp in Wapse

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande foto van boer’nwaark in de namiddag van 3 oktober 2012 gemaakt vanaf de Ten Darperweg tussen de Kaamp en Soerte.
Het rooien en afvoeren van aardappels gebeurt tegenwoordig volledig gemechaniseerd.

Posted in Boer'nwaark, Ten Darperweg, Wapse | Leave a comment

Diepploegen in het Olde Willemsveld

In het Nieuwsblad van Friesland (Hepkema’s Courant) verscheen op 20 november 1912 het volgende korte bericht.

Zorgvlied, 18 november – De ontginning van woeste gronden neemt in deze omgeving sterk toe. Thans is in werking bij de Ontginning Maatschappij ‘De Drie Provinciën’ de zogenaamde trector, een dubbele ploeg, welke in één keer 1,20 m. omwerpt. In Amerika is deze ploeg al eenigen tijd in gebruik, doch in Nederland is dit de eerste.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De private ontginningsmaatschappij ‘De Drie Provinciën’ was actief in de Olde Willem. Het valt te betwijfelen of daar voor het eerst de door een stoomtractor getrokken dubbele ploeg werd ingezet, omdat in die tijd overal in Nederland woeste gronden werden ontgonnen.
In de Olde Willem (het Olde Willemsveld) werd op grote schaal gediepploegd, geëgaliseerd en ontwaterd. Door het diepploegen werden de aanwezige bodemlagen vernietigd en met elkaar vermengd, wat tot een snellere waterafvoer leidde.
Nu wordt of is in de Olde Willem het in een eeuw ontstane cultuurlandschap omgevormd naar een ander door mensenhand geschapen cultuurlandschap die eufemistisch natuur wordt genoemd. De vernielde bodemlagen laten zich echter niet ontegaliseren en ontdiepploegen.
De oude toen 96-jarige Gerard Goettsch uut Woater’n, ontginner van het eerste uur, kreeg de tranen in zijn ogen, toen hij begreep wat de hedendaagse natuurregenten over de Olde Willem hadden besloten: ‘Zee’j maekt alles kapot !’

Vraag aan de bezoekers van het Dievers Archief: wie heeft een foto van het diepploegen in het Olde Willemsveld ?

Posted in de Oude Willem, Ontginning | Leave a comment

Sukersakkie van meubelfabriek ‘de Toekomst’

Meer dan twintig jaar stond N.V. Meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge,
In het najaar van 1966 ging de fabriek failliet, verloren 18 medewerkers hun baan en werd de inventaris geveild.
Bekende producten van deze fabriek waren de stapelbare en koppelbare meubelen, die onder het merk STAKO (STApelbaar en KOppelbaar) op de markt werd gebracht.
Het bedrijf had ook zijn eigen sukersakkie -zie bijgaande afbeelding- met daarop natuurlijk reclame voor stapel-koppel meubelen en het oude telefoonnummer 05219-415 (later 05219-1415).

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Sukersakkies | Leave a comment

Dwingel opent nieuw Groene Kruis gebouw

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papier scannen en vervolgens in de oud-papier-container gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever zo nu en dan een  onbelangrijk, maar wel grappig berichtje. De redactie wil een dergelijk berichtje natuurlijk niet onthouden aan zijn trouwe bezoekers.
In de Olde Möppeler van 21 juni 1957 verscheen het navolgende grappige berichtje over de opening van het nieuwe Groene Kruis gebouw in Dwingel (an de aandere kaante van de voart). De redactie van de Olde Möppeler vergiste zich  blijkbaar bij het plaatsen van de juiste foto bij het bericht. De foto van het nieuwe gemeentehuis van de gemiente Deever had in dezelfde krant bij het artikel ‘Opening van nieuw gemeentehuis stimulans voor verdere activiteit’ moeten zijn geplaatst. 

Dwingeloo opent nieuw Groene Kruis gebouw
Het Groene Kruis in Dwingeloo is zo ver gevorderd met zijn wijkgebouw, dat het woensdag a.s. kan worden geopend.
De openingsplechtigheid wordt ’s middags om twee verricht door de heer R. Mantingh uit Groningen, geneeskundig inspecteur voor de volksgezondheid, in hotel Wesseling.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het mag duidelijk zijn dat op de foto niet is te zien het nieuwe Groene Kruis gebouw in Dwingel, maar wel het in in dezelfde maand in 1957 in gebruik genomen gemeentehuis van de gemiente Deever.
Blijkbaar is de aannemer van de bouw van het gemeentehuis nog bezig met de laatste hand te leggen aan het gebouw, want er staat een ladder tegen het gebouw. Zo te zien is een schilder bezig met het schilderen van de linker dakkapel in het dak boven de secretarie. Waarom ontsierde de architect het gebouw met lelijke dakkapellen aan de kant van de brinQ ? Daarmee ging direct het soort van boersige karakter van het gebouw verloren.
Het is zeer te betreuren dat voor de bouw van het gemeentehuis van de gemiente Deever een flink stuk van de niet-origineel Saksische brinQ moest verdwijnen en dat tijdens de bouw van het gemeentehuis de oude brinQ en de kaarkhof bij het kerkgebouw aan de brinQ grondig zijn vernield.


Posted in Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

STAKO-meubelen: STApelbaar en KOppelbaar

Meer dan twintig jaar stond N.V. Meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge,
In het najaar van 1966 ging de fabriek failliet, verloren 18 medewerkers hun baan en werd de inventaris geveild.
Een bekend product van deze fabriek was de stapelbare en koppelbare stoel, die onder het merk STAKO (STApelbaar en KOppelbaar) op de markt werd gebracht.
In de krant Het Vrije Volk (democratisch-socialistisch dagblad) verscheen op 10 augustus 1963 bijgaande personeelsadvertentie.
Het kan voorkomen dat STAKO-stoelen heden ten dage nog via internet worden geveild. Wees er dan snel bij. Het zijn degelijke stoelen. De op de foto’s zichtbare stoelen waren zo te zien wel STApelbaar, maar niet KOppelbaar.
De stoelen moeten een flink aantal jaren vóór 1963 zijn gemaakt, want het abonnee-nummer van de telefoon is in de personeelsadvertentie 1415 en op het metalen merkplaatje op de stoel 15.

Abracadabra-1415

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1416

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1418

 

 

 

 

 

Abracadabra-1417

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven | Leave a comment

If you steal, then you are marked

Op de voormalige kaarkhof bij het kerkgebouw aan de niet-origineel-Saksische brinQ van Deever -die in 2018 of 2019 zal worden opgekalefaterd tot een QualiteitsbrinQ van de eerste en ergste orde- staat een uiterst kostbaar in Uffelte gemaakt bronzen beeld van Adrianus (Arie) Teeuwisse uit 1970. Het bijna vijftig jaar oude bronzen beeld geeft een voorstelling van de smokkende elfenkoningin Titania en Spoel de Wever in de tweede scene van het derde bedrijf uit het openluchtspel Midzomernachtsdroom van William Shakespeare. Zal de voorkant van het gelijk dit uiterst kostbare bronzen beeld in 2019 na de Geldverslindende Grote Opkalefatering van de brinQ nog op de voormalige kaarkhof laten staan ? Hopelijk niet.
De aandacht wordt niet alleen getrokken naar het toch wel kunstig vorm gegeven stuk brons, maar naar beneden ook naar de hoge stenen sokkel, die helaas geen kleinformaat hunnebedsteen is, naar het gedicht Midzomernachtdroom van de Beiler dichter Roel Reyntjes, en vooral naar het ronkende en luidruchtige bordje onder aan de sokkel.
Op dat bordje staat ‘Beveiligd met SDNA’ en ‘Onze eigendommen zijn gemarkeerd’ en de in slecht Engels geschreven zin ‘You steal, you are marked’.
De grote vragen zijn natuurlijk wat voor spul SDNA (synthetisch DNA?) is, wat voor beveiliging SDNA biedt, hoe het SDNA-systeem werkt, wat per object de jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten zijn en wie opdraait voor de kosten ?
Wat heb je aan een duur SDNA-systeem als dieven en inbrekers -zelfs op klaarlichte dag- het uiterst kostbare bronzen topstuk op een vrachtwagen kunnen laden (er hangt geen camera, er gaat geen sirene af), rechtstreeks naar een smelterij kunnen rijden en daar het uiterst kostbare bronzen beeld kunnen laten omsmelten ? Brons bevat wel ten minste zeventig procent erg duur koper. Of is het gewoon een nepbordje wat dieven en inbrekers zou moeten afschrikken ? Maar wat als de dief of de inbreker geen Engels kent ?
De nog grotere vraag is of in de openbare ruimte zo maar een object mag worden beveiligd met een SDNA-systeem ? Of is voor toepassen van een dergelijk systeem een vergunning van het bevoegd gezag nodig ?
En is het beeld ‘Het leven’, dat voor het gemeentehuis van de gemeente Deever staat, ook beveiligd met een duur SDNA-systeem ? Of heeft de voorkant van het gelijk dat beeld al lang afgeschreven ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.

Posted in Beelden, Brink, Diever, Kunst, Kunstig gemaakte objecten, Shakespeare | Leave a comment

Kaart van het landgoed Berkenheuvel – 1936

Van het landgoed Berkenheuvel bestaat een kaart, met daarop aangegeven de situatie in 1936. Mr. Albertus Christiaan van Daalen exploiteerde zijn landgoed voor de verkoop van hout. Om dit hout uit de bossen te kunnen vervoeren, liet hij heel veel zandwegen aanleggen. En hij gaf aan al die wegen zelf een naam, zoals Melloweg, Wouwenaarsweg, Van Tienhovenweg, Gerardinaweg, Jodenzand.
Die namen zijn terug te vinden op deze kaart, die namen zijn veelal niet meer ter plekke terug te vinden op die aandoenlijke kleine witte bordjes met zwarte letters aan de bomen. Zelfs veel wegen zijn onder het bewind van Natuurmonumenten niet meer terug te vinden. De Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten is in dit geval bepaald geen Vereniging tot Behoud van Cultuurmonumenten.
Op de kaart is ook aangegeven waar ooit een brandpaal heeft gestaan, te weten aan de Middenlaan, tegenover de Kelderweg. De stampbetonnen fundering van deze brandpaal is heden ten dage nog ter plekke aanwezig. Op de kaart is ook de Uitkijktoren aan de Torenweg terug te vinden.
Vanuit historisch oogpunt is het nog aardiger dat naast een overgebleven zeldzaam exemplaar van de kaart van het landgoed Berkenheuvel ook de originele drukplaat van deze kaart nog bestaat, zoals te zien is op bijgaande foto, die de redactie van het Deevers Archief op 26 april 2000 heeft gemaakt.
Als de voorraad kaarten (kosten 10 cent per exemplaar, Van Daalen lette vooral ook op de kleintjes) op was, dan stuurde mr. Albertus Cristiaan Van Daalen die plaat gewoon naar een drukker (wellicht Roelof van Goor in Deever ?) voor het maken van een nieuwe voorraad. Zou deze drukplaat nu nog kunnen worden gebruikt ?

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Berkenheuvel, Diever | Leave a comment

Fokke Lindeboom uut Woater’n komt om in Oekraïne

In Volk en Vaderland: weekblad der Nationaal-Socialistische Beweging in Nederland verscheen op 16 juli 1943 het volgende berichtje over het overlijden van N.S.B.’er en Oostlandboer Fokke Dieuwko Lindeboom uut Woater’n. 

In den strijd voor Leider, Volk en Vaderland, tegen het Bolsjewisme, is gevallen de Oostlandboer
Fokke D. Lindeboom
Stbno. 52165,
Landwirtschaftsführer,
oud 45 jaar.
Zijn nagedachtenis leeft in onze rijen voort.
Namens de Groep Diever
K.M. Balsma,
Groepsleider.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie probeert zoveel als mogelijk is aandacht te besteden aan al het gebeurde in de gemiente Deever in de Tweede Wereldoorlog.
De redactie wist van horen zeggen van zijn moeder dat de op Woater’n wonende boer Fokke Lindeboom een N.S.B.’er was en dood was gekomen in Oost-Europa. Het bijgaande overlijdensbericht getuigt daarvan.
Het overlijdensregister van de gemiente Deever vermeldt in aktenummer 19 van nota bene 3 juli 1952 het volgende:
Overleden: Fokke Dieuwko Lindeboom; geboren op 14 mei 1898 te Smallingerland, overleden op 7 juni 1943 te Oost-Europa,  zoon van Sipke Lindeboom en Trijntje Pool. Gehuwd geweest met: Engeltje Jager (in leven; echtgenote).
Tijdens de Tweede Wereldoorlog emigreerden Nederlandse boeren, waaronder een aantal boeren uit Drenthe, waaronder Fokke Dieuwko Lindeboom uut Woater’n, naar door de Duitsers bezette landen, zoals Estland, Letland, Litouwen en met name Oekraïne. Het waren voor een deel N.S.B.’ers en voor een deel boeren die zich hadden laten overhalen door de Nederlandse Heidemaatschappij. Is Fokke Dieuwko Lindeboom gerecruteerd door de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma ?
Fokke Dieuwko Lindeboom is overleden op 8 juni 1943 in Sitkowski in Oekraïne en is in die plaats ook begraven. De redactie kon nergens in de Oekraïne de plaats Sitkowski vinden.
De redactie weet niet wat de oorzaak van zijn dood is geweest. De Oostlandboeren werden vaak het slachtoffer van de strijdende partijen. Hebben partizanen Fokke Dieuwko Lindeboom om het leven gebracht ? De redactie weet ook niet of zijn vrouw Engeltje Jager met hem naar Oekraïne is vertrokken en waar zij na het einde van de Tweede Wereldoorlog is gebleven. Engeltje Annes Jager is op 25 februari 1987 in Drachten overleden, zij was toen 88 jaar oud.
Denk nu niet dat N.S.B.-groepsleider Klaas Marcus Balsma, uitbater van café Brinkzicht an de Brink in Deever, zelf dit gehele bericht heeft bedacht. Nee. hij maakte gebruik van een soort van door de N.S.B. voorgekauwd overlijdensbericht waarbij de zin ‘In den strijd voor Leider, Volk en Vaderland tegen het Bolsjewisme, is gevallen …..’ en de zin ‘Zijn nagedachtenis leeft in onze rijen voort.’ vaste teksten waren. Wat zou het N.S.B.-stamboeknummer van Klaas Marcus Balsma zijn geweest ?

Fokke Dieuwko Lindeboom had als N.S.B.-stamboeknummer 52165. Hij was een landbouwleider in Oekraïne, wellicht gaf hij leiding aan een groepje geëmigreerde boeren.

Op 26 november 2017 reageerde de in Londen wonende Theo Veenstra als volgt:
De website genealogieonline.nl geeft aan dat Fokke Lindeboom in de Oekraïne is vermoord.
Ik doe via het internet genealogisch onderzoek naar mijn voorouders. Een van mijn overgrootmoeders is Geertje Lindeboom (1849-1922), die was gehuwd met Jurjen Veenstra (1841-1916).
Interessant is te weten dat Fokke Lindeboom’s broer Eize Jan en zuster Janna met hun partners en kinderen in het begin van de twintigste eeuw naar de U.S.A. zijn geëmigreerd en dat Eize Jan Lindeboom’s zoon George Sam (oorspronkelijk Gjalt Sipke), dus een volle neef van Fokke Lindeboom, in de Tweede Wereldoorlog als vrijwilliger in het Amerikaanse leger in de Stille Oceaan tegen de Japanners heeft gevochten.

Op 30 december 2017 reageerde de heer J. Stitselaar als volgt:
Fokke Dieuwko Lindeboom is volgens het Standesamt Berlin op 7 juni 1943 te Shitomir (UKR) overleden.
Volgens opgave is de doodsoorzaak ‘von partizanen ermordet’. Bijgaand de Duitse overlijdensakte van Fokke Dieuwko Lindeboom. De plaatsnaam Shitomir is volgens de Duitse spelling.

Posted in Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog, Wateren | Leave a comment

Veiling van eene boerenplaats van Pieter de Vroome

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 4 november 1906 de volgende advertentie over de veiling van een boerenplaats -vroeger gediend hebbende als logement- van Pieter de Vroome an de Deeverbrogge.

Notaris Stuart te Dwingelo zal op zaterdag 10 november aanstaande des voormiddags elf uur, in het logement Seinen te Diever, voor Pieter de Vroome, publiek bij inzate veilen:
Eene boerenplaats bestaande uit:
Eene flinke Behuizinge, vroeger gediend hebbende tot Logement en thans nog van zeer ruime Stallingen voorzien, staande aan den Rijksstraatweg in de nabijheid van Dieverbrug, tegenover de opslagplaats en ten gevolge daarvan gunstig gelegen voor de uitoefening van een Bier- en Koffiehuis, benevens daarbij staande Arbeiderswoning, uitmuntend Wei- en Hooiland, Bouwland, Veld- en Zandgronden, samen ter grootte van 12 hectaren, 21 aren en 16 centiaren.

Aantekeningen van het redactie van het Deevers Archief
In de advertentie wordt Dwingelo gelukkig nog geschreven, zoals het moet worden geschreven. De meeste van de zelfstandige naamwoorden in de advertentie worden nog -op zijn Duits- met hoofdletters geschreven.
De boerenplaats, het voormalige logement an de Deeverbrogge, bij de loswal aan de Drentsche Hoofdvaart, was in het bezit van de ongehuwde Pieter de Vroome. Hij werd op 28 juni 1846 an de Deeverbrogge geboren als zoon van Roelof de Vroome en Ebeldina Pieter ten Wolde. Hij overleed op 30 november 1910 an de Deeverbrogge. Sjoert Benthem moet het voormalige logement hebben gekocht.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement | Leave a comment

Diever – Hoofdstraat – Gezicht op Diever – ± 1912

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende mini-essay (nummer 22) over de Deeverse schilderijen van de in Noordwolde geleefd hebbende, maar in Deever geboren kunstschilder Hans Kuiper met een zwart-wit afbeelding van het schilderij ‘Gezicht op Diever’ uit ± 1912 gepubliceerd.

De in de Hoofdstraat (adres Diever 129) van Diever geboren fotograaf en schilder Hans Kuiper maakte van onderwerpen uit Diever ook een aantal schilderijen. In de catalogus van zijn kleinzoon Hermannus Deuling is het hier afgebeelde doek ‘Gezicht op Diever’ onder nummer 518 te vinden.
Links is de Hoofdstraat in de buurt van de dokterswoning te zien. Rechts achter de bomen is de toren van de Nederlands Hervormde Kerk zichtbaar. Het olieverfschilderij is omstreeks 1912 gemaakt.
Het eveneens omstreeks 1912 gemaakte schilderij ‘Laantje in Diever’ is in de genoemde catalogus onder nummer 520 geregistreerd.
Hans Kuiper was op Zorgvlied bevriend met mr. Lodewijk Guillaume Verwer en dr. Julius Johannes Verwer. Hij heeft tussen 1900 en 1910 in opdracht van de gebroeders Verwer een aantal doeken geschilderd. De genoemde catalogus vermeldt ‘Brug in ’t Bosch te Zorgvlied’ (nummer 104), Lodewijk Guillaume Verwer (nummer 109), ‘Landweg in Zorgvlied’ (nummer 110) en Familie Leemkoel (nummer 120).
Het schilderij ‘Landweg in Zorgvlied’ heeft lange tijd in Vancouver in Canada gehangen, maar is in ruil voor twee flessen jenever terug in Nederland. Het mooie schilderij ‘Familie Leemkoel’ hangt in de directiekamer van het Sint Joseph Ziekenhuis in Harlingen.
De nazaten van Hans Kuiper hebben een aantal van de genoemde schilderijen gekocht van de familie Verwer.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het schilderij ‘Gezicht op Diever’ was in 1998, toen de tekst voor het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is geschreven, in het bezit van Hermannus Deuling, een kleinzoon van Hans Kuiper.
De in het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ opgenomen afbeelding is bijgaande zwart-wit afbeelding, die de redactie in 1998 heeft gemaakt.
De redactie is bezig uit te zoeken wie de actuele eigenaar van dit schilderij is en waar het schilderij zich bevindt, teneinde mogelijk zelf een kleurenfoto van het schilderij te kunnen maken en deze eigengemaakte afbeelding te tonen in het Deevers Archief, want de trouwe bezoekers van het Deevers Archief hebben daar wel recht op.
Tot zolang is van het schilderij bijgaande kleurenfoto uit de fotoverzameling van mevrouw Margje Dekker-van der Meulen uit Alkmaar te zien. De waarde heer Fred Jansen -secretaris van de Historische Vereniging Gemeente Diever- stuurde deze kleurenfoto op 23 december 2017 naar de redactie. Daarvoor hartelijk dank.
Op de kleurenfoto is duidelijk te zien dat het schilderij met name vanwege de ernstig gecraqueleerde verf hard toe is aan een grondige restauratie.
In de tekst staat dat het standpunt van de schilder in de buurt van de dokterswoning lag, maar het zal bij nadere beschouwing meer in de buurt van de voormalige burgemeesterswoning hebben gelegen.
De vraag is eigenlijk niet of Hans Kuiper het schilderij ter plekke heeft geschilderd, nee de vraag is meer of zijn eigen foto van de situatie op het schilderij en of het betreffende glasplaatnegatief door hem is bewaard en bewaard is gebleven. De redactie heeft het vermoeden dat dit niet het geval is.

Posted in Diever, Diever, ie bint 't wel ..., Hans Kuiper, Hoofdstraat, Kunst, Schilderijen, Topstukken, Toren op de brink | Leave a comment

Schilderij en foto van ‘Brug in ’t bos’ op Zorgvlied

De an de Heufdstroate in het centrum van Deever geboren schilder en fotograaf Hans Kuiper werkte tussen 1900 en 1910 ook in opdracht van de broers Lodewijk Guillaume en Julius Johannes Verwer op Zorgvlied, bijvoorbeeld in het geval van het hier afgebeelde schilderij ‘Brug in ’t bos’. Dit schilderij zou bij wijze van speculatie kunnen zijn gesitueerd in het parkachtig aangelegde bos achter ‘het Kasteel’ van de familie Lodewijk Guillaume Verwer op Zorgvlied (an de aandere kaante van de bos). Het schilderij is vermoedelijk in 1910 gemaakt. Het schilderij ‘Brug in ’t bos’ is onder nummer 104 geregistreerd in de catalogus van Hermannus Deuling, een kleinzoon van Hans Kuiper.
De redactie van het Deevers Archief is bezig uit te zoeken wie de actuele eigenaar van dit schilderij is en waar het schilderij zich bevindt, teneinde mogelijk zelf een kleurenfoto van het schilderij te kunnen maken en deze eigengemaakte afbeelding te tonen in het Deevers Archief, want de trouwe bezoekers van het Deevers Archief hebben daar wel recht op.
Tot zolang is van het schilderij bijgaande kleurenfoto uit de fotoverzameling van mevrouw Margje Dekker-van der Meulen uit Alkmaar te zien. De waarde heer Fred Jansen -secretaris van de Historische Vereniging Gemeente Diever- stuurde deze kleurenfoto op 23 december 2017 naar de redactie. Daarvoor hartelijk dank.
Op de kleurenfoto is duidelijk te zien dat het schilderij met name vanwege de ernstig gecraqueleerde verf hard toe is aan een grondige restauratie.
De redactie toont bij de afbeelding van het schilderij een zwart-wit afbeelding van de ‘Brug in ’t bos’. Deze foto is onderdeel van een zo genoemd vierluik (een ansichtkaart met vier kleine foto’s). De betreffende ansichtkaart is afgebeeld in het bericht De groeten uit Zorgvlied op 2 maart 1904. De redactie heeft het vermoeden dat Hans Kuiper deze foto spiegelbeeldig heeft nageschilderd.
Wel kunnen enige zaken met een schier aan grote zekerheid grenzende waarschijnlijkheid als bewezen worden geacht, te weten 1) de vier kleine foto’s op de ansichtkaart zijn al omstreeks 1904 gemaakt door Hans Kuiper; 2) de ansichtkaart is geproduceerd en uitgegeven door Hans Kuiper; 3) de schilder Hans Kuiper schilderde in dit geval zijn door hem zelf gemaakte zwart-wit foto ongeveer na in zijn atelier in Noordwolde; 4) de schilder moet daarbij zelf de kleuren hebben gekozen, tenzij hij zich de kleuren en de lichtval en de schaduwen in het bos uit een soort van fotografisch geheugen kon herinneren.
De redactie heeft het vermoeden dat de ansichtkaart in 1904 verkocht is geweest in de kruidenierswinkel van Wolffs an de Dorpsstroate op Zorgvlied (hedde de Dorpsstroate in 1904 al de Dorpsstroate ?). De redactie heeft daarmee wel even een uitdaging uit te zoeken wie Wolffs was.

Reactie van de heer Paul Gols van 2 januari 2018
De informatie over Wolfs komt op de website niet goed over.
Adrianus Wolfs is geboren op 1 november 1861 in Steenwijkerwold. Hij kwam op 21 november 1900 in Zorgvlied aan uit Vledder. Hij was winkelier en zijn adres was toen Wateren 36. Hij vertrok in juni 1906 naar Weststellingwerf.

Posted in Alle Deeversen, De aandere kaante van de bos, Hans Kuiper, Kunst, Lodewijk Guillaume Verwer, Schilderijen, Zorgvlied | Leave a comment

Raadsbesluit van 4 mei 1938 inzake straatnamen

In de krant Nieuwsblad van Friesland van 6 mei 1938 verscheen het verslag van de vergadering van de raad van de gemeente Diever gehouden op 4 mei 1938. In deze vergadering werd formeel de reeds lang in gebruik zijnde naam van een aantal straten vastgesteld.

De tekst in het rood omkaderde deel van het bericht ‘Raad Diever – 4 mei’ luidt als volgt:
Op voorstel van Burgemeester en Wethouders werden de volgende vaak al lang in gebruik zijnde straatnamen officieel vastgesteld:
Hoofdstraat van de Openbare Lagere School tot Kalteren;
Kruisstraat van Jacob Hessels tot Pieter Seinen;
Achterstraat van Hendrik Wesseling Gzn. tot Pieter Seinen;
Peperstraat van Roelof Hunneman tot Albert Fledderus;
Kerkstraat van Weduwe Albert Krol tot Hendrik Gruppen;
Brinkstraat van Brink tot Weduwe Hendrikus Albertus Jansen;
Moleneinde van Openbare Lagere School tot Jan Andree;
Brink: het plein voor gemeentehuis en pastorie.
Op voorstel van de heer Hendrik Nijzingh werd de weg over Kasteel en Dwarsdrift genaamd Burgemeester van Oslaan en op voorstel van den heer Roelof van Wester de straat van de zuivelfabriek tot Jans Bult, Kastanjelaan.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Nieuwe straatnamen waren wel de Burgemeester van Oslaan en de Kastanjelaan.
De oude namen ’t Kasteel en Dwarsdrift moesten helaas wijken voor een straatnaam ter meerdere eer en glorie van de scheidende burgemeester van Os.
Gelukkig zijn de oude namen ’t Kasteel en Dwarsdrift later weer in ere hersteld en heeft een daar in de buurt liggende cultuurhistorisch onbelangrijke straat de naam Van Osstraat gekregen.

Abracadabra-1411 

Posted in Achterstraat, Brink, Brinkstraat, Hoofdstraat, Kastanjelaan, Kasteel, Kerkstraat, Kruisstraat, Moleneinde, Peperstraat | Leave a comment

Zorgvlied – Ansichtkaart – Huize Villa Nova

Villa Nova is regelmatig op zwart-wit ansichtkaarten afgebeeld.
Deze ansichtkaart is de tweede helft van de vijftiger jaren van de vorige eeuw uitgegeven.
Was in die jaren in Villa Nova een boerderij gevestigd ?
Zo nee, van wie zijn dan toch die melkbussen ?

Posted in Ansichtkaarten, Boerderijen, Villa Nova, Zorgvlied | Leave a comment

Boermarke en veldnamen – Deever – 1938

Op 18 maart 1938 verscheen in Nieuwsblad van het Noorden het volgende bericht.

Diever – Ten overstaan van notaris Heering vond de publieke verkoop plaats van de volgende onroerende goederen ten verzoeke van de erven L. Jonkers te Dieverbrug,
1. Huis, schuur en erf te Dieverbrug , A. Geerts, Diever, f. 1612.50,
2. Bouwterrein naast perceel 1, R. Warnders, Dieverbrug, f. 290,
3. Huis, erf en bouwland te Diever, F. Ofrein, Diever, f. 1510,
4. Bouwland Hilgensteen, F. Ofrein voornoemd, f. 1380,
5. Bouwland Hilgensteen, W. Jonkers, Dieverbrug, f. 770,
6. Bouwland Hilgensteen, dezelfde, f. 850,
7. Bouwland Zuurlandsche esch, L. Klok, Dieverbrug, f. 200,
8. Bouwland Heezenesch, H. Kloosterman, Diever, f. 95,
9. Aandeel boermarke Diever, W. Jonkers voornoemd, f. 10.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
L. Jonkers is Lambertus Jonkers (geboren op 01-12-1858, overleden op 13-02-1938).
R. Warnders is Roelof Warnders (geboren op 01-09-1893, overleden op 01-03-1972), de turfschipper.
F. Ofrein is Frederik Ofrein (geboren op 07-04-1895, overleden op 18-05-1975.
W. Jonkers is Willem Jonkers (geboren op 13-06-1905, overleden op 04-06-1993).
L. Klok is Leffert Klok (geboren op 16-07-1893, overleden op 09-06-1974).
H. Kloosterman is Harm Kloosterman (geboren op 16-01-1893, overleden op 28-03-1963).
Het bijzondere aan deze verkoop van onroerende goederen is dat de erven L. Jonkers een aandeel in de reeds verdeelde maar nog bestaande boermarke van Deever verkopen, weliswaar voor een bedrag van f. 10, maar toch. De vraag is of dit document nog in het bezit is van de nazaten van W. Jonkers ? Wie kan hier duidelijkheid in verschaffen ?
Het artikel maakt ook melding van de verkoop van drie stukken bouwland die alle drie de veldnaam Hilgensteen hebben. Met het verdwijnen van de kleine landbouw in de zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw, maar ook door het ruilverkavelen is ook het gebruik van oude veldnamen in de gemeente Diever verdwenen.
Wie in het Deever van de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw in de buurt van boeren is opgegroeid, zal zich bepaalde stukken landbouwgrond met een veldnaam herinneren, bijvoorbeeld Kwabbik, Buunst en Scholten’s Bultie.
Gelukkig is een gedreven, maar ondergewaardeerde vrijwilliger van de lokale heemkundige vereniging bezig geweest met het samenstellen van een eenvoudig drukwerkje (het mocht geen geld kosten), waarin op kaarten en op papier bijna alle ooit gebruikte veldnamen in de gemeente Deever zijn aangegeven. Hulde daarvoor ! Deze prestatie is groter dan het met veel gratis geld en een leger vrijwilligers samenstellen van een culturele atlas van de gemeente Westenveld.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Boermarke van Diever, Cultuur, Cultuurhistorie, Diever, Veldnamen | Leave a comment

Ik heb ongeveer een jaar in Klondike vertoefd

De redactie van het Deevers Archief ontving op 20 januari 2014 het volgende bericht van de heer B.J. Blom.

Ik ben in de jaren 1956-1957 in kamp Geeuwenbrug geweest. Toen was de naam van de commandant meneer Frens, die is naderhand naar Appelscha gegaan. Er was ook een sportleider. Er was een toneelzaal. En we deden ook bosspelen.
Ik persoonlijk heb er de mooiste tijd van mijn leven gehad. Ik heb ongeveer een jaar in Klondike vertoefd.
Ik kan mij ook nog de namen Eddie Langerijs, Dirk Vonk en Jan Pommerel voor de geest halen.
In elk groepsverblijf zaten 21 jongens, die zeker niet een slechte inborst hadden, maar het was het gevolg van de oorlog.
Ik hoop dat U deze reactie de moeite waard vindt. En heel misschien zeggen deze drie letters V.B.S. u wel iets, die moesten wij in ons kleding naaien.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Wie kan dit korte verhaal van de heer B.J. Blom aanvullen ?
Waar zijn Eddie Langerijs, Dirk Vonk en Jan Pommerel gebleven ?
En waar zijn al die andere jongens, die in de barak Klondike verbleven, gebleven ?
Het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ aan de Geeuwenbrug (an de Gowe) was een kamp voor sociale jeugdzorg van de afdeling Vorming Buiten Schoolverband (V.B.S.) van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen.
Met ‘het gevolg van de oorlog’ zal de heer Blom bedoelen dat de zware oorlogsjaren hem als jongen diep hebben geschokt.

Posted in Geeuwenbrug, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Brand in de kap van de postkar van Meppel op Assen

Op 13 september 1851 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant een uiterst merkwaardig bericht over een brand in een postkar in de buurt van de Deeverbrogge.

Den 8 dezer is de postkar van Meppel op Assen korten tijd na het verlaten van de Dieverbrug in brand geraakt; de kap was nedergeslagen, en hierin schijnt eene vonk van een sigaar, welke door een op de postkar zittenden passagier gerookt werd, te zijn geraakt en waarschijnlijk door den togt te zijn aangewakkerd, de pakketten van Havelte en Dieverbrug had de postillon gemakshalve in de kap gelegd en deze zijn gedeeltelijk verbrand, benevens de hoed van den passagier, enzovoort. Het is te wenschen, dat dergelijke ongelukken zoveel mogelijk worden voorgekomen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeleukt met een zo genoemd jubileumboek, waarin ongetwijfeld onderwerpen aan de orde zijn gekomen, zoals scheepvaart, kalkovens, recreatie-centrum Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid an de löswal, de törfschippers, de bedrijven an de Deeverbrogge, de tramlijn, het tramemplacement, hotel Blok, bouwmaterialenhandel Concordia, het postkantoor, de postkar, de postillon, het postpakket, de steenfabriek van Bolt, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden. 
De redactie publiceerde dit bericht, teneinde het de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever, die met het zogenaamde jubileumboek bezig zijn geweest, wat gemakkelijker te maken bij het zoeken naar gegevens over het posthuis van kastelein Wind, later het logement van De Vroome, an de Deeverbrogge.
Het bericht geeft een indruk hoe in 1851 post werd vervoerd langs de Drentsche Hoofdvaart. Aardig is te weten dat de postkar ook passagiers vervoerde. Of het logement, annex bier- en koffiehuis an de Deeverbrogge, toen ook nog posthuis was, dat is bij de redactie niet bekend. En of het logement toen al eigendom was van Roelof de Vroome is ook niet bekend bij de redactie.
Dit is een mooie uitzoekklus voor de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever. 

Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskrachten | Leave a comment

’t Is mor hoe ai ’t in Deever bekiekt

In dit bericht is afgebeeld een zwart-wit ansichtkaart, die in 1958 is uitgegeven door boekhandel Roelof (Roef) van Goor in Deever. De redactie van het Deevers Archief brengt de kleine wakkere Roelof (Roef) van Goor daarvoor alsnog posthuum hulde: hulde, hulde, hulde.
Op die ansichtkaart is het in 1957 geopende lelijke megalomane gemientehuus van de gemiente Deever an de brinQ van Deever te zien. Wie heeft ooit de bliend’n dicht voor de ramen gezien ? Ook is een stukje van de brinQ van na de grote vernieling in 1956/1957 te zien.
Het gebouw is onder neo-drenthiaans-boerse-postbellum-architectuur gebouwd en moest het oude wel volmaakt bij de brinQ passende gemientehuus snel doen vergeten.
De redactie heeft de kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.
Bij de kleurenfoto valt op dat aan het ontwerp van de architect Jans Boelens een beetje is gesleuteld. In het dak boven de voormalige gemeente-secretarie is een dakkapel flink vergroot en zijn dakramen aangebracht. Wellicht wordt de ruimte nu gebruikt als een soort van kantoor. Werd die zolder in de gemeentehuis-tijd gebruikt als opslagplaats ? De zij-ingang naar de secretarie is vervangen door een raam. Zijn al deze veranderingen een inbreuk op het auteursrecht van de architect ?
En waar is de op de zwart-wit ansichtkaart zichtbare gemeentelijke zonnewijzer -nota bene geplaatst op een zwerfsteentje- gebleven ? Ligt de zonnewijzer soms nog ergens op een van de vele en te grote zolderverdiepingen van het megalomane gebouw ? En is het zwerfsteentje verplaatst naar de hoek van de Kerkstraat en de Peperstraat ?
De geruchten gaan dat de niet-echt-Saksische brinQ van Deever in 2018 op de schop gaat, mits de politieke anti-Deever lobby (Deever möt niet seur’n, Deever hef sien roadhuus) daar natuurlijk geen stokje voor steekt.
De brinQ krijgt dan een echte Qualiteitsimpuls; trottoirs worden gesloopt, de braandkoele wordt weer gegraven, de hiele dikke stien wordt verwijderd, de bestrating van zwerfkeitjes met de Abe-Brouwer-figuren wordt verwijderd, er komen glint’n om de hof van de kaarke, de hof van de kaarke wordt volgeplant met iepen, de onterecht gesloopte erfgoedboerderijen worden herbouwd, de brinQ wordt helemaal autovrij, de toeristenindustrie verdwijnt van de brinQ, het Schultehuis wordt weer Schultehuis, het zo genoemde Oermuseum wordt verplaatst naar het bedrijventerrein an de Deeverbrogge, en zo voort, en zo voort.
De brinQ zal worden opgestoten, opgeklopt of neergekalefaterd in de vaart der hedendaagse bevolkers van Deever. ’t Is mor hoe ai ’t in Deever bekiekt. De hedendaagse bevolkers van Deever mochten zelfs bij wijze van soort van proef een paar keer een beetje hun eigen mening mompelen over brinQ 8.2 in het bijzijn van de ijverige werkertjes van de voorkant van het gelijk uit de kantoorparkjes en uit de kantoortuintjes achter de wel erg vele ramen van het Roadhuus an de Gemientehuuslaene in Deever.

Posted in Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis | Leave a comment

Verkoop van groenland en bouwland in 1928

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant van 9 maart 1928 verscheen het navolgende bericht over de verkoop van onroerende goederen van de erven Roelof Hessels Wesseling te Diever. Roelof Hessels Wesseling overleed op 28 januari 1928 op 59-jarige leeftijd te Diever. Hij was gehuwd met Annigje Smidt.

Diever. 8 Maart. Door notaris Bolk te Dwingelo verkoop van na te noemen onroerende goederen, ten verzoeke van de erven van wijlen R.H. Wesseling te Diever.
Koopers:
Huis en erf voor f. 4010, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
Groenland:
‘Kalterbroek’ voor f. 1810, J.H. Wesseling te Diever;
‘Kalterbroek’ voor f. 1750, J.H. Wesseling te Diever;
‘Kalterbroek’ voor f. 2060, J.H. Wesseling te Diever;
‘Íemenkamp’ voor f. 5000, K.H. Smidt te Diever;
‘Lunsert’ voor f. 1810, K.H. Smidt te Diever;
‘Wapserland’ voor f. 1000, J. Veenhuis te Wapse;
‘Helle’ voor f. 1560, N. Brandenburg te Dieverbrug;
‘De drie vorrels’ voor f. 660, N. Brandenburg te Dieverbrug;
‘Holtema’ voor f. 1010, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
‘Het Spijk voor f. 1260, N. Brandenburg te Dieverbrug.
Bouwland:
‘Noordesch’ voor f. 300, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
‘Giere’ voor f. 340, J.R. Drost te Diever;
‘Steenakker’ voor f. 350, W. Smit te Geeuwenbrug;
‘Straatakker’ voor f. 410, D. van Leeuwen te Dieverbrug;
‘Molenakker’ voor f. 420, A. Davids te Diever;
‘Westeresch’ voor f. 500, J. Wesseling te Diever;
‘Disselvoet’ voor f. 440, J.R. Drost te Diever;
‘Westeresch’ voor f. 430, W. Nijboer te Oldendiever;
‘Junkertje’ voor f. 310, J. Drost te Diever.
3 perceelen dennen en heide voor f. 3720, H. Singstra;
2 perceelen dennen en heide voor f, 470, H. Smit te Berkenheuvel;
1 perceel heide voor f. 990, H. Smidt te Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In februari 2013 gaf de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever eindelijk de zeer gedetailleerde echter slechts eenvoudig opgemaakte publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’ uit in een helaas beperkte oplage.
Dit is de belangrijkste publicatie die ooit via deze -thans meer dan twintig jaar bestaande- heemkundige vereniging tot stand is gekomen. Alle andere publicaties van deze vereniging vallen daarbij ongeveer in het niet.
In het kadasterloze tijdperk vóór 1832 kende men in de gemiente Deever elk stuk groenland en elke akker bij naam. Het is van grote waarde dat dit aspect van het boerenleven in de gemiente Deever nu is vastgelegd.

De redactie vraagt zich wel af of alle in het krantebericht genoemde veldnamen voorkomen in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Zo zal het stuk bouwland dat in 1928 met de naam ‘Straatakker’ werd aangeduid niet in de genoemde publicatie voorkomen, in 1832 lagen in de gemeente immers alleen maar zandwegen.
Maar zijn de veldnamen ‘De drie vorrels’ en ‘Junkertje’ wel opgenomen in de genoemde publicatie ? Het kan natuurlijk zo zijn dat na 1832 namen van stukken land verloren zijn gegaan, dat stukken land een andere naam kregen of dat stukken land na ontginning een eigen naam kregen. Het is vanuit oogpunt van cultuurhistorie van groot belang ook de veranderingen in de veldnamen ná de momentopname van 1832 ook vast te leggen.
Voor de ‘veraldedieverdeerdiseerderaars’ onder ons: wat is de betekenis van ‘giere’ en ‘vorrel’ ?
Probeer het uit te vinden aan de stamtoafel.
R.H. Wesseling is Roelof Hessel Wesseling, geboren op 11 juli 1868 en overleden op 27 januari 1928 in Deever.
H. Hessels Gzn. is Hendrik Wessels, geboren op 31 oktober 1869 te Oldendeever en overleden op 6 april 1942.
J.H. Wesseling is Jan Hessel Wesseling, geboren op 18 december 1874 in Deever en overleden op 23 oktober 1949 in Deever.
K.H. Smidt is Klaas Hummelen Smidt, geboren op 30 september 1897 in Deever.
J. Veenhuis is Jan Veenhuis, geboren op 13 juli 1869, overleden op 30 juli 1954 te Wapse.
N. Brandenburg is veearts Nanne Brandenburg, geboren op 11 november 1887 te Oldeholtwolde, overleden op 24 mei 1968 an de Deeverbrogge.
J.R. Drost is kleermaker Jan Roelof Drost, geboren op 23 september 1889, overleden op 9 september 1979 te Havelte.
W. Smit is Willem Smit, geboren op 18 oktober 1868 in Deever.
D. van Leeuwen is Dirk van Leeuwen.
A. Davids is Albert Davids, geboren op 26 oktober 1881 in Deever, overleden op 20 mei 1955 in Deever.
W. Nijboer is Willem Nijboer, geboren op 17 september 1878 te Beilen, overleden op 24 april 1947 te Meppel.
J. Drost is kleermaker Jan Drost, geboren op 23 oktober 1891, overleden op 29 november 1975 te Havelte.
H. Smit is bosbaas Harm Smit, geboren op 10 december 1867, overleden op 11 oktober 1944.
H. Smidt is Harm Smidt, geboren op 3 december 1899, overleden op 10 december 1981.

De Deever-kenners onder ons worden verzocht te reageren op deze gegevens en ontbrekende gegevens aan te vullen.

Abracadabra-1420

Posted in Cultuurhistorie, Veldnamen | Leave a comment

Brand in café-hotel Blok an de Deeverbrogge – 1932

In het Nieuwblad van het Noorden verscheen op 31 maart 1932 het navolgende bericht over de brand in het café-hotel van Johan Blok an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932.

Hotel Blok te Dieverbrug afgebrand – De schade geschat op f. 8000.
Het bekende café Blok te Dieverbrug, gelegen aan de Rijksstraatweg Assen – Meppel en den straatweg Diever – Dwingelo is hedennacht geheel afgebrand. De bewoners moesten in nachtgewaad het perceel verlaten. Van de inboedel is niets gered. Alleen een luxe- en een vrachtauto werden aan de vlammen onttrokken. Ook de inventaris van het in hetzelfde gebouw ondergebrachte tramstation ging verloren.
De oorzaak is onbekend. Verzekering dekt de schade. De brandweer van Diever en die van Dwingelo waren aanwezig.
Nader vernemen wij nog:
Op het ogenblik dat de brand uitbrak kwam de eigenaar van het hotel, de heer Blok, juist thuis. Hij snelde het brandende gebouw in en slaagde er in zijn vrouw en drie kinderen te redden. Bij zijn verdere pogingen om nog enkele voorwerpen in veiligheid te brengen, werd Blok door den rook bedwelmd en raakte hij bewusteloos. Men wist hem echter spoedig uit het huis te halen, waarna hij weer bij kennis kwam. Gasten bevonden zich niet in het hotel.
De brandweren uit Diever en Dwingelo waren spoedig ter plaatse, doch konden weinig tegen de vuurzee uitrichten.
Het gebouw dateerde uit de 18e eeuw en werd in den ouden tijd als posthuis gebruikt.
In het hotel was tevens gevestigd het plaatselijk kantoor van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij dat verwoest is.
Ook enig geld is verloren.
Het blusschen was om 5 uur hedenmorgen afgeloopen.
De schade bedraagt ongeveer f. 8000 en wordt door verzekering gedekt.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Café-Logement Sjoert Benthem | Leave a comment

Regenwaterput in Oldendeever

De bewoners van een boerderij in Oldendeever besproeien nog steeds hun moestuin en hun bloementuin met regenwater dat wordt verzameld in een betonnen put naast hun boerderij. Een ouderwetse maar duurzame manier om leidingwater te besparen, dat zouden meer mensen in de streek moeten doen. Is deze put bij de bouw van de boerderij in 1926 aangebracht ?
Het gedeelte van de put boven de grond is op een prachtige manier aan het verweren.
De bovenkant van de put is niet voorzien van een metalen ring met deksel, zodat de gebruiker van de nog net zichtbare gieter achter de put elke keer het betonnen deksel bij het openen en sluiten van de put moet verschuiven door aan de ijzeren ring te trekken. In de buurt van de regenwaterput is ook geen putemmertje te zien, of staat die niet zichtbaar achter de put ?

Posted in Boerderijen, Oldendiever | Reacties uitgeschakeld voor Regenwaterput in Oldendeever

Jan Booiman komt in de oorlog om in Warnemünde

Op 21 augustus 1943 verscheen in het Drentsch dagblad de volgende advertentie over het overlijden van Jan Booiman in een werkkamp in Warnemünde in het Noorden van Duitsland.

Heden ontvingen wij de droeve tijding, dat door een noodlottig ongeval om het leven is gekomen, onze mede-arbeider Jan Booiman op den bloeiende leeftijd van ruim 19 jaar. Directie en personeel van de Meubelfabriek ‘de Toekomst’. Dieverbrug, Augustus 1943.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de Tweede Wereldoorlog kwamen drie mannelijke inwoners van de gemiente Deever om in werkkampen:
Jan Booiman (19 jaar) op 29 juli 1943 in Warnemünde;
Gerrit Kuiper (16 jaar) op 21 november 1942 in de Oude Willem;
Abraham Oostra (36 jaar) op 26 september 1944 in Osnabrück.
Hun naam staat gegraveerd op een plaat die zit vastgeschroefd aan het oorlogsmonument in de vorm van een zwerfsteen, die aan het begin van de Bosweg in Deever staat.
De advertentie leert ons ook dat Jan Booiman voor zijn gedwongen vertrek naar Duitsland als arbeider werkzaam was bij meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge en dat deze meubelfabriek al in of vóór de Tweede Wereldoorlog an de Deeverbrogge was gevestigd.

Posted in An de Deeverbrogge, Bosweg, Meubelfabriek 'de Toekomst', Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Deever is geen echte Saksische nederzetting

De heer Anne Post, de eigenaar van de webstee www.dorpshistorie.nl, heeft een bijzonder originele kijk op het ontstaan van het dorp Deever. Hij gaf de redactie van het Deevers Archief toestemming bijgaande – door de redactie enigszins geredigeerde – tekst en bijgaande afbeelding van de plattegrond van het dorp Deever in 1832 te publiceren. De redactie van het Deevers Archief is de heer Anne Post daarvoor bijzonder erkentelijk.

Diever is op de kaart van 1832 een vrij groot dorp.
In het bebouwingsbeeld is echter geen deel te ontdekken dat wijst op een oorspronkelijk Saksische nederzetting. Dat komt omdat het Saksische Diever gezocht moet worden in Oldendiever.
Diever zelf is ontstaan als gevolg van het aanleggen van een landgoed op basis van verordeningen van Karel de Grote (zie de webstee www.dorpshistorie.nl: deel 4 voor de ligging). Het is niet met zekerheid te zeggen wanneer deze aanleg heeft plaatsgevonden.
In 2004/2005 is ten noordwesten van Diever in het gebied van een nieuw aan te leggen woonwijk het verplichte archeologische onderzoek uitgevoerd. De plattegrond van een zeer groot gebouw is blootgelegd. Het onderzoek doet vermoeden dat dit gebouw, waarschijnlijk een grote hoeve, omstreeks 1150 moet zijn gebouwd.
Uit oorkonden is bekend dat er een leengoed Calthoren of Calthorne is geweest, in bezit van de bisschop van Utrecht, omstreeks 1200 in leen bij Hugo Sturm. Het leengoed zelf zal vermoedelijk zijn aangelegd na het jaar 1040, omdat dit landgoed niet wordt vermeld in de oorkonde van dat jaar, waarin de Duitse keizer zijn landgoederen in Drenthe schenkt aan de bisschop van Utrecht, vooruitlopend op de overdracht in 1047 van het wereldlijke bestuur over Drenthe aan diezelfde bisschop.
Maar ook het feit dat Diever zeker drie houten kerken heeft gehad vóór de bouw van de huidige. Elk landgoed moest een kapel hebben en evenals bij andere landgoederen in Drenthe, zoals bij Gieten, Gasselte en Een, heeft men ook hier een (houten) kerk gebouwd, ongeveer halverwege de Saksische nederzetting (Olden)Diever, zodat deze gekerstende Saksen hier ter kerke konden gaan. Rondom deze kerk heeft het huidige Diever zich ontwikkeld tot een centrum van handel en nijverheid.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Anne Post concludeert in zijn webstee dat Deever geen echte Saksische nederzetting is. Dan is de open ruimte bij het kerkgebouw ook geen echte Saksische brink, deze lijkt dus eigenlijk meer een soort van geforceerd ontstane NepBrinQ, waaraan de notabelen en de machtigen van de boerengemeenschap zich vestigden.  
Dan duidt het bebouwingsbeeld rond de Kleine Brink aanzienlijk meer op een echte Saksische brink, dat wil zeggen een willekeurige ongeordende organische samenklontering van boerderijen rond een open ruimte.
Gelukkig is op de plattegrond uit 1832 echt wel in de verste verte geen beeld te herkennen van wat de ronkende en zichzelf op de borst kloppende deskundologen, historologen, histerielogen, brinkologen en ietsologen de marktbrink van Deever durven te noemen.

Posted in Archeologie, Diever | Leave a comment

De dooie oop’mbare lägere skoele van Woater’n

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papier scannen en vervolgens in de oud-papier-container gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever zo nu en dan een  geschiedkundig niet onbelangrijke berichtje. De redactie wil een dergelijk berichtje natuurlijk niet onthouden aan zijn trouwe bezoekers.
In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) verscheen op 7 juli 1995 het volgende wel erg treurige berichtje ‘Requiem bassisschool Groot en Klein Wateren’ over de sluiting van de openbare lagere school op Woater’n in het krimpgebied an de aandere kaante van de bos. 
Een requiem is een herdenking van een dode, in dit geval een dode openbare lagere school, vandaar dat de redactie een rouwkader om het berichtje heeft geplaatst.

Requiem basisschool Groot en Klein Wateren
Wateren. Het wordt stil rond de openbare basisschool Groot en Klein Wateren in Wateren (gemeente Diever). De leerlingen maakten woensdag hun laatste schooldag mee en vertrokken gisteren naar speelstad Oranje, terwijl het personeel de laatste werkzaamheden verricht, voordat de deuren sluiten. Na de zomervakantie worden deze niet heropend, de laatste lessen zijn gegeven. Groot en Klein Wateren gaat definitief dicht. Het wachten is voor het gebouw op een nieuwe bestemming: een bezoekerscentrum voor het nationaal park het Drents-Friese Woud, een museum of een atelier.
Niemand in Zorgvlied en Wateren is blij met de sluiting, dat bleek het afgelopen jaar al overduidelijk, toen het onderwerp ter sprake kwam in de gemeenteraad. Ouders en personeel leverden een ongelijk gevecht, een strijd die niet te winnen was. De school had gewoon te weinig leerlingen om zelfstandig verder te leven, een fusie was onvermijdelijk.
De sluiting van de school kwam een jaar later dan de gemeente eigenlijk van plan was. 1 Juli 1994 was de fatale datum, maar de opstelling van de personeelsgeleding van Wateren verhinderde dat; de fusie met de Meester Andreaeschool kon pas dit jaar plaats vinden. Het veranderde weinig aan de situatie, het was slechts uitstel van executie.
De sluiting doet pijn. In het dorpsblad van Zorgvlied, ’t Signaaltje, wordt daar duidelijk uiting aan gegeven onder de kop ‘Het wordt stil in Zorgvlied’. Het personeel van de school heeft er ook geen behoefte aan om de trieste werkelijkheid verder uit te dragen in een afscheidsverhaal, zo laat directeur Th. Hofstee weten. Het liefst laten ze het geruisloos voorbijgaan.
Met de sluiting van de school in Wateren is weer een dorpsschool verdwenen. De tijden dat de jeugd van De Stapel (de Wijk), Lhee (Dwingelo) en andere kleinere kernen onderwijs in het eigen dorp genoten is voorbij. Er zijn echter nog steeds volhouders, zoals de Ten Darperschoele in Wapse. Het leerlingenaantal daar is nog steeds voldoende. Voor Zorgvlied en Wateren wordt een hoofdstuk gesloten, de leerlingen verspreiden zich over de hele regio: van Diever tot Boijl en Elsloo. Het zal nooit meer zo zijn als vroeger.

Het wel erg pathetische onderschrift van de foto luidt als volgt: Vanaf vandaag ‘verboden toegang’ voor leerlingen. De openbare basisschool Groot en Klein Wateren heeft niet langer een onderwijsfunctie. 

Posted in De aandere kaante van de bos, Lagere School Wateren, Wateren | Leave a comment

De eerste 90 joodse Amsterdammers in kamp Diever A

In het kader van de systematische intimidatie, discriminatie, isolatie, deportatie en vernietiging van de joden besloot de Duitse bezetter in december 1941 joodse Amsterdammers naar de Drentse rijkswerkkampen in Diever, Geesbrug, Gijsselte, Kremboong, Mantinge, Orvelte, Stuifzand en Vledder te sturen.
Het eerste resultaat was dat 905 van de 1402 geplaatste mannen op zaterdag 10 januari 1942 vanaf het Centraal Station in Amsterdam per trein vertrokken naar Drenthe.
Op een met potlood beschreven velletje papier, dat bewaard is gebleven en aanwezig is in collectie 216 van het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD), is te lezen dat de mannen voor de rijkswerkkampen Diever A en Diever B om 9.45 uur vanaf het vijfde perron moesten vertrekken.
Een copie van de lijst met de eerste negentig in Diever A geplaatste joodse mannen uit Amsterdam is compleet met hun adres en geboortedatum bewaard gebleven en aanwezig in collectie 216 van het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD).
Op deze lijst komen de volgende personen voor:
M. Aandagt; N. Achttienribben; A. Aldewereld; L. Appelboom; W.D. Augurkiesman; B. Ausson;
M. Bacharach; B. Barend; J. Baan; S. Bierman; I. Blitz; N. Bonewit; J. Bueno de Mesquita; H. Buijs;
J. Canes; D. Cavaljo; A. Cohen; I. Cohen; A. Couvern;
E. Degen; S. Degen; L.A. Drukker;
J. van Esse;
A. Fraenkel; L. Frenkel; M.E. Friezer;
S. Gobes; I. Gobets; J. Gobets; S.M. Goldstein; A. Groothuis;
D. Halmans; W. Harpman; M. Hartog; A.B. de Hes; B. van Hes; M. Hoed;
E. Jacobs; J. Jacobs; Ph. E. Jacobs; G. Jacobsohn;
A. Kats; J. Knegje; E. Korthoef;
A. de Leeuw; S. Lelie; B. de Levie; M. Lisser;
J.H. de Mesquita; E. Mok; S. Monnikendam;
J. Naarden; J. Neuman; A. Nunes Vas;
L. Pesaro; D. Polak; L. Polak; M. van Praag;
E. Querido;
J. Reens; J. de Roos; J. Roos; A. van Rooijen;
A. Salamons; D. Salomon; J. Sacksioni; D. Santen; N. Schuijer; L. Sluijter; S. Spoelman; E. van Sijs;
M. Tailleur; J. Tertans; A. Troeder; B. Troostwijk;
M. Veffer; D. Vierra; M. Vierra; C. Vos; H. de Vries;
B. Waas; G. Walvis; I. Walvisch; A. Winnik; J. Winnik; S. Wolder;
J. Zak; I. Zilverberg; J. Zwaab.
Voor rijkswerkkamp Diever A fungeerde als zogenaamde contactcommissie de heren J. Roos (registratienummer 174043, geboren op 20 maart 1893, laatste adres Tilanusstraat 83 II in Amsterdam) en S. Lelie (registratienummer 66086, geboren op 2 september 1880, laatste adres Tweede Jan van der Heijdenstraat 22 II in Amsterdam).

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie wil zo veel als mogelijk is aandacht besteden aan de geschiedenis van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B an de Woaterseweg in de Olde Willem.
De trouwe bezoeker van het Deevers Archief kan de reeds verschenen berichten over deze twee kampen in het Deevers Archief vinden door in de rechter kolom of onder aan dit bericht de categorie ‘Werkkampen Diever A en B’ aan te klikken.

Posted in De Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Diever raakt zijn barakken kwijt

In de Heerenveensche koerier (onafhankelijk dagblad voor Midden-Zuid-Oost-Friesland en Noord-Overijssel) verscheen op 10 oktober 1946 het navolgende bericht over de afbraak van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B an de Bosweg in de Olde Willem.

Diever raakt zijn barakken kwijt
Diever, 7 october. Binnenkort zullen de barakken van werkkamp Diever A ook worden afgebroken en evenals die van kamp B naar het zuiden des lands worden overgebracht. Daarmede wordt een belangrijke periode in de geschiedenis der gemeente Diever afgesloten.
Oorspronkelijk zijn deze kampen gebouwd voor werklozen uit de grote steden en uit Oost-Drente. Daarna zijn ze bewoond geweest door joden, O.T.-arbeiders, N.S.B.’ers en a-socialen. Ook hebben er nog evacué’s huisvesting gevonden.
Stellig zal het terrein de eerste tijd een ledige plaats geven, want om en bij de kampen was steeds veel beweging.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De betekenis van de afkorting O.T. is Organization Todt.
De betekenis van de beruchte afkorting N.S.B. is Nationaal-Socialistische Beweging.
De redactie wil zo veel als mogelijk is aandacht besteden aan de rijkswerkkampen Diever A en Diever B.
De trouwe bezoeker van het Deevers Archief kan de reeds verschenen berichten over deze twee kampen in het Deevers Archief vinden door in de rechter kolom of onder aan dit bericht de categorie ‘Werkkampen Diever A en B’ aan te klikken.
In de rijkswerkkampen Diever A en Diever B zijn ook kinderen van geïnterneerde N.S.B.’ers en S.S.’ers opgevangen geweest.

Posted in Bosweg, De Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Zicht op het bedrijf van Hendrik Jan Rolden

Op de plek waar nu op de hoek van de Hoofdstraat en de Tusschendarp in Deever een zelfbedieningszaak staat, stond het bedrijf van Hendrik Jan Rolden: repareren van auto’s, fietsenzaak, repareren van fietsen, elektrotechnisch installatiewerk, winkel met elektrische huishoudelijke artikelen, Shell-benzinepompen en garages voor het stallen van auto’s. De foto dateert uit het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw. Let op de hoge mast met de antenne voor het ontvangen van de televisiesignalen, die vanaf de televisietoren op de Smilde werden uitgezonden. Let vooral ook op de emaille reclameborden aan de muren van het pand.
Duidelijk is te zien dat het pand daarvóór diende als boerderij, met het voorhuis dwars voor de boerderij gebouwd. Aan de rechterkant zijn de etalageruiten van de winkel te zien.
Toen vóór de Tweede Wereldoorlog het pand nog als boerderij in gebruik was, was in het voorhuis in de voorkamer aan de rechterkant café Wesseling gevestigd.
In het bijna autoloze tijdperk in de vijftiger jaren van de vorige eeuw was het hek voor de mooie kamer aan de kant van de Hoofdstraat een mooie hangplek voor jeugdigen om merk en nummerbord van de spaarzaam voorbijrijdende auto’s te noteren.
Op de door de redactie van het Deevers Archief gemaakte kleurenfoto is ter plekke van het bedrijf van Hendrik Jan Rolden de situatie op 4 november 2017 te zien. In het zichtbare pand is een zelfbedieningswinkel gevestigd.

Abracadabra-509

Posted in Bedrijven, Boerderijen, Café Wesseling, Hoofdstraat, Neringdoenden | Leave a comment

De situatie van Wittelte in 1868

In de Gemeente Atlas van Nederland van J. Kuyper, 1865-1870 is ook een kaart van de gemiente Deever opgenomen. Een detail van die kaart geeft de situatie van Wittelte in 1868 weer.

In 1868 werd De Baarg van Wittelte Wittesheuvel genoemd, in die tijd stond in de Stienbaarger bochte van de Rijksweg langs de Drentsche Hoofdvaart nog een Tol, was de Wittelter Schutsluis nog niet afgebroken, was de school zo te zien in een boerderij of woning gevestigd, bestond de boermarke van Wittelte nog en heette de Dwingeler Stroom in die tijd de Oude Smilder Vaart.
Dit geeft aanleiding tot onder meer de volgende vragen: wanneer is de Wittelter skoele gebouwd, wanneer is de boermarke van Wittelte verdeeld, wanneer is de tol aan de Rijksweg opgeheven en wanneer is de Wittelter Schutsluis gesloopt ?

Posted in Boermarke, de Baarg van Wittelte, Wittelte, Wittelter skoele, Wittelterbrug, Wittelterschut | Leave a comment

De Deeverse Hans Kuiper maakte foto’s en schilderijen

In het Weststellingwerver nieuwsblad Aanpakken (dit nieuwsblad houdt helaas per 1 januari 2018 op te bestaan) verscheen op 16 augustus 1997 (??) het artikel ‘Hans Kuiper maakte historische foto’s’ over de in Deever geboren huisschilder, fotograaf, kunstschilder, decorateur, glazenier en caféhouder Hans Kuiper. De vier bladzijden van het artikel zijn in dit bericht nagenoeg onleesbaar afgebeeld. De redactie van het Deevers Archief heeft enige op Deever en Zorgvlied betrekking hebbende stukken tekst uit genoemd artikel hierna weergegeven.

Verder is onder meer over Hans Kuiper bekend dat hij het plafond van de Rooms Katholieke huiskapel van de familie Lodewijk Guillaume Verwer in villa Castra Vetera in Zorgvlied heeft geschilderd gelijk Michelangelo de gewelven van de Sixtijnse Kapel beschilderde.

Hans Kuiper was de jongste van zeven kinderen. Zijn vader was huisschilder in Diever. Zoals toen te doen gebruikelijk trad Hans in de voetsporen van zijn vader. Hij werd huis- en decoratieschilder. Over zijn jeugd is minder bekend. Kuiper was erg ondernemend en nam aktief deel aan het verenigingsleven. Diever was te klein voor hem. Hij verbreedde zijn horizon met bezoeken aan verschillende plaatsen in Nederland.

Op 23 oktober 1890 trad hij in het gemeentehuis in Diever in het huwelijk met Margje Johanna Eits uit Noordwolde. Het huwelijk werd daar in de Nederlands Hervormde Kerk bevestigd. Uit het huwelijk werden vier dochters en een zoon geboren.

Tot de door Kuiper geportretteerden behoren de bekende familie Verwer uit Zorgvlied, de familie Fa. Becker & Co., Grossier en Groothandel Textiel in Amsterdam, B. Broekman van de Algemene Nederlandse Militie Verzekeringsmaatschappij te Heerenveen, vijf of meer portretschilderijen van familieleden E.D. de Jong, directie en/of voorheen directie Douwe Egberts, gezinsgroep schilderij familie Leemkoel uit Zorgvlied, Harlingen en Sneek plus circa vijf portretschilderijen. Ook Dreesman uit Bussum, oprichter/directeur van het Vroom & Dreesman-concern werd door de Noordwoldiger vereeuwigd.

De ongeschoolde schilder vergaarde veel kennis en kreeg waardevolle adviezen van bevriende en reeds bekende kunstschilders, zoals A.J. Sap (van Drenthe) van de bekende Schillergroep, vader en zoon Van Kregten (zoon Fedor was de bekendste) en Jan Manken. Zijn fotografische benadering van schilderen veranderde al vrij snel in de vereiste en juiste manier.

De Noordwoldiger schilderde ook het plafond van de Rooms Katholieke huiskapel van de familie Verwer in villa Castra Vetera in Zorgvlied. Verwer, grootgrondbezitter en eigenaar van Groot- en Klein Wateren en Zorgvlied had in zijn villa, ook wel ‘het Kasteel’, een eigen huiskapel. Later werd in Zorgvlied het nu nog bestaande Rooms Katholieke kerkje gebouwd. Daarin bevinden zich achter het altaar twee gebrandschilderde ramen met de portretten van Lodewijk Guillaume Verwer en zijn gemalin Eliza van Wensen. De door Kuiper gemaakte ontwerpfoto’s zijn bewaard gebleven. Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kan worden aangenomen dat voornoemde glas-in-lood-portretten van het echtpaar Verwer zijn vervaardigd door Hans Kuiper. Hij was derhalve dus ook werkzaam als glazenier.

Van Hans Kuiper verschenen vele schilderijen (naar schatting zo’n 500) plus diverse (series) prentbriefkaarten, later ansichtkaarten genoemd. De eerste waren in zwart-wit, later werden de kaarten ingekleurd. De prentbriefkaarten werden veelal geleverd op bestelling van opdrachtgevers, winkeliers en verschenen meestal in een oplaag van 500 en in series van 24 verschillende onderwerpen. De door hem gekozen locaties lagen in Noordwolde en omliggende plaatsen, zoals Zorgvlied, Wateren, Boijl, Frederiksoord, Diever en Nijensleek. Verder maakte Kuiper (tover)lantaarnplaatjes, de voorloper van de latere dia’s.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie besteedt in een groeiende aantal berichten aandacht aan de an de Heufdstroate in Deever geboren Hans Kuiper.
Deze berichten zijn te selecteren door in de kolom aan de rechterkant de categorie Hans Kuiper aan te klikken of onder aan het bericht de categorie Hans Kuiper aan te klikken.
Als een trouwe bezoeker behoefte heeft een mooie digitale kopie van de vier bladzijden van het artikel, dan wordt hij of zij verzocht dit te melden bij de redactie. 

Posted in Alle Deeversen, Hans Kuiper | Leave a comment

Veertigjarig jubileum van de zuivelfabriek Diever

De Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Graanmaalderij Diever aan het Moleneinde in Deever bestond op woensdag 29 maart 1939 veertig jaar. De raad van commissarissen (in latere jaren commissie van toezicht genoemd), het bestuur en mijnheer de directeur van deze onderneming van boeren uut Deever, Oldendeever, Kalter’n, Wittelte en de Deeverbrogge zijn ter gelegenheid daarvan tussen de maartse buien door buiten bij de fabriek op de foto gezet. De jubilerende boeren hebben zo te zien hun mooiste en duurste zondagse pak aan. Let ook op de dikke (zilveren ?) horlogeketting van Bertus Wemmenhove van de Deeverbrogge. Het zichtbare deel van de zijgevel van ‘de febriek’ bestaat nog steeds. Het lijkt bijna vanzelfsprekend dat de zeer vele keuterboeren, die wel hun melk leverden aan ‘de febriek’, niet vertegenwoordigd waren in het bestuur en in de raad van commissarissen. 

In de wekelijks verschijnende krant ‘de Westervelder’ is een aantal jaren de rubriek ‘Ontbrekende namen op school- en verenigingsfoto’s’ opgenomen geweest. In ‘de Westervelder’ van 8 augustus 2007 werd in de genoemde rubriek bijgaande foto opgenomen. Bij deze foto stond de volgende tekst:
Deze week een foto van de commissarissen, bestuur en de directeur van de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmalerij te Diever. De Historische Vereniging wil graag in het bezit komen van de namen van de personen op de foto en verder uit welk jaar dateert de foto…………
De heemkundige vereniging uut Deever nam met de twee verzoeken de lezers van deze rubriek niet serieus, want de namen van alle personen op de foto en de datum waarop de foto is gemaakt waren al vóór 1999 op zijn minst bekend bij de secretaris van deze vereniging. Nog betreurenswaardiger is dat de oplossing van het ‘wekelijkse raadseltje’ niet één week of twee weken of drie weken later in ‘de Westervelder’ werd gepubliceerd en dat door goedwillende lezers verstrekte gegevens bij wijze van spreken verdwenen in de vele en dikke plakboeken en ordners van de heemkundige vereniging.
Op de foto zijn staande van links naar rechts te zien:
commissaris Tjeerd Ofrein van ’t Noord (melkbusnummer 133), commissaris Bertus Wemmenhove van de Deeverbrogge (melkbusnummer 119), voorzitter van de raad van commissarissen Jans Bult uut Oldendeever (melkbusnummer 192), secretaris van de raad van commissarissen Roelof (Roef) van Wester uut Oldendeever (melkbusnummer 204), commissaris Hendrik Jonkers van de Oldendeeversebrogge (melkbusnummer 114).
Op de foto zijn zittend van links naar rechts te zien:
bestuurslid Jan Berends van de Berg uut Wittelte (melkbusnummer 177), secretaris van het bestuur Jacob (Jaap) Hessels uut Deever (melbusnummer 59), bestuursvoorzitter Jan Seinen uut Deever (melkbusnummer 42), mijnheer de directeur Jan Andree (die dolgraag de achternaam Andreae zou willen hebben) (de enige met gleufhoed), bestuurslid Dirk (Dörk) Moes uut Deever (melkbusnummer 65), bestuurslid Jan Boerhof uut Wittelte (de enige met pet) (melkbusnummer 186).
De heren hebben allemaal hun glimmend gepoetste zondagse zwarte schoenen aan. Of heeft Tjeerd Ofrein zijn zondagse klompen aan ?
De redactie van het Deevers Archief verzoekt de lezers van dit bericht eventuele foute verwijzingen naar melkbusnummers door te geven.
De redactie heeft de kleurenfoto van een deel van de zijgevel van ‘de febriek’ op 21 januari 2016 gemaakt, voor wat deze waard is.

Posted in Diever, Kalteren, Moleneinde, Oldendiever, Wittelte, Zuivelfabriek | Leave a comment

Bee’j de Hoarweg an de Bosweg in Deever

De zwart-wit ansichtkaart met een bosgezicht en een oude eik aan de Bosweg aan het begin van de Haarweg was gedurende twaalf jaren wel een erg succesvolle ansichtkaart.
Kantoorboekhandel Roelof van Goor an de Kruusstroate in Deever gaf de kaart voor het eerst uit in juni 1955. Kantoorboekhandel Roelof van Goor an de Kruusstroate in Deever gaf de kaart opnieuw uit in november 1964.
Levensmiddelenbedrijf Albert Kuiper an de Peperstroate in Deever gaf de kaart uit in februari 1962, november 1965 en januari 1967.
Pension Lunchroom Cafétaria Lubbert Wanningen an de Brink van Deever gaf de kaart uit in december 1964.
Je zal als verzamelaar van ansichtkoart’n uut de gemiente Deever van deze ansichtkaart maar een exemplaar van alle jaren van uitgave in de nooit volledige verzameling hebben !
De redactie moest bijgaande vijf kleurenfoto’s helaas op 4 november 2017 met tranen in de ogen maken. Er was geen ontkomen aan. De vereniging tot behoud (exploitatie ?) van natuurmonumenten was in die periode druk bezig met het niet-duurzaam slopen van heel veel oude natuur op het erfgoedmonument Berkenheuvel. De slopers hebben zo te zien op de grootste kleurenfoto de in 2017 zeker meer dan honderd jaar oude markante eik – een natuurmonument dat al op de ansichtkaart uit 1955 is te zien – bij het stapelen van het gesloopte winstgevende dennehout zonder ontzag en zonder eerbied de genadeklap gegeven.
Nu is het natuurlijk wel zo dat eikehout duurder is dan dennehout en bij verkoop betrekkelijk meer geld in de kas van de vereniging tot behoud (exploitatie ?) van natuurmonumenten doet vloeien. Waar de economie heerst moet de natuur wijken. Alles van waarde is weerloos.
De redactie schat de waarde van deze houtoogst toch wel op zeker zo ongeveer een halve ton. De komende jaren zullen de voortdurende geldbedelbrieven van de zichzelf armlastig beschouwende vereniging tot behoud (exploitatie ?) van natuurmonumenten regelrecht in de oud-papier-container verdwijnen.
De grote vraag is natuurlijk of het gesloopte hout met een keurmerk van een door de Timber Procurement Assessment Commitee geaccrediteerd keuringsbedrijf als duurzaam geproduceerd hout op de markt mag worden gebracht ? Wordt voor elke gesloopte den een nieuwe geplant ?
De grote vraag is of de vereniging tot behoud (exploitatie ?) van natuurmonumenten precariobelasting aan de gemeente Westenveld betaald of gaat betalen voor het gebruiken, het verrinnewièr’n en het veropp’m van de berm naast de Bosweg ? En wat is geregeld voor het afwikkelen van schade aan de met publieksgeld onderhouden Bosweg door zwaar beladen vrachtwagens met het dure dennehout ?


Posted in Ansichtkaarten, Berkenheuvel, Bosweg, Economie | Leave a comment

Het huisje van klompenmaker Johannes Leijer

De redactie van het Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm – zo mogelijk – te publiceren in Opraekelen, het papieren blad (papier is erg geduldig) van de ingedutte heemkundige vereniging uut Deever.
Het lukte d
e redactie het navolgende tekst van de hand van Anne Mulder gepubliceerd te krijgen in nummer 01/1 (maart 2001) van Opraekelen. Anne Mulder schreef deze tekst in de loop van het jaar 2000 na het zien van de hier afgebeelde zwart-wit foto.

Omstreeks 1932 werd het hoekhuis aan de Peperstraat bewoond door Frederik Haveman. Hij was niet gehuwd. Hij was eertijds bediende bij de coöperatieve verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ in Diever. Op latere leeftijd heeft hij in Wapse zijn intrek genomen in het gezin van Hendrik Koning, die gehuwd was met zijn zuster Aaltje Haveman.
Na het overlijden van Frederik Haveman -zijn overlijdensdatum is te lezen op een eenvoudige grafzerk in het gesloten gedeelte van de begraafplaats- zijn Hendrik Koning en Aaltje Haveman verhuisd naar het hoekhuis aan de Peperstraat.
Ik vind zeker het vermelden waard dat pal naast het hoekhuis een klein huisje heeft gestaan, dat bewoond werd door de ongehuwde klompenmaker Johannes Leijer. Hierover zijn mij geen bijzondere gegevens bekend. Wel herinner ik mij nog dat bij hem een paar klompen tussen de tachtig centen en één gulden kostte.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft de zwart-wit foto op 20 mei 1998 gemaakt; duizendpoot Klaas Kleine woonde toen nog op de hoek van de Grote en Kleine Peperstroate.
De coöperatieve verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ was gevestigd in het pand Heufdstroate 42, waarin onder meer ook de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer (V.V.V.) en rijwielbedrijf Jan Warnders gevestigd zijn geweest.
Frederik (Frièrik) Haveman is geboren op 8 mei 1876 in Deever en is overleden op 25 maart 1939 in Wapse.
Johannes Leijer is geboren op 11 januari 1866 in het Koekangerveld en is overleden op 3 mei 1942 op 76-jarige leeftijd in Deever. De redactie weet niet of Johannes Leijer is begraven in Deever. Johannes Leijer trouwde op 9 april 1892 met Klaasje Lamberts. Zij is overleden op 24 december 1909 in Zwolle.
Johannes Leijer was volgens verschillende akten in de burgerlijke stand op jongere leeftijd huisschilder van beroep. Volgens Anne Mulder (hij had een geheugen als een pot) was Johannes Leijer in de Peperstroate klompenmaker; er waren meer klompenmakers in de familie Leijer.


Posted in Alle Deeversen, Ambachten, Klaas Kleine, Neringdoenden, Peperstraat | Leave a comment

Stien van 13 tunne efun’n in ’t Oldendeeverseveld

De redactie van het Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand krantenknipseltje, dat de redactie de trouwe bezoekers van het Deevers Archief niet wil onthouden.

De tekst van het onderschrift bij de foto luidt als volgt.
Bij grondwerk voor de ruilverkaveling in het Oldendieverseveld in Diever is een kei van 13 ton gevonden.
Bulldozermachinist J. van Beers haalde het gevaarte naar boven.
De kei, 3,5 meter lang, 2,5 meter breed en 1,5 meter hoog, krijgt vermoedelijk een plaatsje op de brink voor het gemeentehuis van Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie betreurt het wel dat hij op de achterkant van het knipseltje niet heeft genoteerd in welke krant het berichtje heeft gestaan en op welke datum (ergens in de zeventiger jaren van de vorige eeuw ?) het berichtje is gepubliceerd. Maar wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief kan deze gegevens melden bij de redactie ?
De stien van daartien tunne is een stien van de buten-categerie. Echt wel. Zelfs de stenensjouwers en bouwvakkers van de stammen uit de nieuwe steentijd zouden deze hiele dikke stien veel te zwaar hebben gevonden voor het bouwen van hun hunnebedden. Echt wel.
De dikke stien is inderdaad naar de brinQ van Deever gesleept (en het was niet eens oudejaarsavond). De redactie verwijst de trouwe bezoeker van het Deevers Archief voor nog een foto van de Oldendeeverse Stien op de brinQ van Deever naar het berichtje Een hiele dikke stien veur’t gemientehuus van Deever.
De grote vraag is natuurlijk staat deze dikke stien op de lijst van gemeentelijke aardkundige monumenten ?|
De nog grotere vraag is natuurlijk wat de namen van de drie kinderen bee’j de hiele dikke stien zijn. Deze kinderen zullen inmiddels in de vijftig zijn. Wie van de trouwe bezoekers van het Deevers Archief herkent de drie kinderen ? De redactie verneemt het graag.
Een scherpere versie van de foto staat op bladzijde 124 van het onvolprezen boekje ‘Oldendiever in de twintigste eeuw’ (elk dorp, elke kluft en elk gehucht in de gemiente Deever heeft het onvervreembare recht op een eigen soort van geschiedkundig boekje, dus bewoners van de Gowe, Kalter’n,
 ’t Moer, ’t Noave, ’t Noord, Olde Willem, Veenhuus’n, Veldhuus’n, Soerte, Wapse, Woater’n en Zorgvlied aan de slag).
Is de Deeverse dorpsfotograaf wijlen Harm Hessels de maker van deze foto ?
De redactie heeft de kleurenfoto van de Oldendeeverse Stien op de BadQualityBrinQ van Deever op 11 november 2017 gemaakt.

Posted in Aardkundige monumenten, Archeologie, Brink, Diever, Oldendiever | Leave a comment

Sukersakkies mit ’t woap’m van Deever

De redactie van het Deevers Archief zou van zijn trouwe bezoekers graag willen weten in welk jaar of in welke jaren de klanten van hotel Blok of hotel café restaurant Blok an de Deeverbrogge de suker voor hun kopje koffie of kopje thee in een zakje bedrukt mit woap’m van de gemiente Deever kregen.
Sommige klanten namen het sakkie mee naar huis voor vergroting van hun verzameling sukersakkies of om weg te geven aan een sukersakkies verzamelend familielid of buurjongen.
De trouwe bezoeker wordt voor gegevens over het wapen van de gemiente Deever verwezen naar een bericht elders in het Deevers Archief.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Sukersakkies, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Het huisje van professor Van Giffen op de Heezebaarg

De kunstenaar Harm Kamerlingh Onnes maakte in 1946 een waterverfschilderijtje van 26 x 19 cm waarop zijn te zien een deel van de bos van het landgoed Heezebaarg en het dak van het zomerhuisje met de naam de Keet van professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s en de nootjes) op de Heezebaarg bee’j Deever. Hij gaf het kunstwerkje de naam ‘Het huisje van professor van Giffen te Deever’. Wellicht was de bekende familie Kamerlingh Onnes bevriend met de bekende familie Van Giffen en bracht Harm Kamerlingh Onnes in 1946 een schilderweekeinde door op de Heezebaarg.
Het dak van het zomerhuisje was inderdaad gedekt met rode dakpannen. In 1946 zullen de dakpannen nog rood zijn geweest, de dakpannen waren zeker niet rood meer op de dag voordat het zomerhuisje met de naam de Keet werd afgebroken.
Het geel geaquarelleerde land op de voorgrond moet het land met de naam Bunst of Buunst zijn. De redactie weet niet of dit land in 1946 als bouwland of als groenland in gebruik was. De redactie weet ook niet wie toen de eigenaar was.
Klaas Fledderus van ’t Kastiel was aan het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw de eigenaar van dit land.
De afgebeelde kleurenfoto van het zomerhuisje de Keet met de rode dakpannen is aanwezig in de verzameling van mevrouw Tineke Zweers-van Giffen, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen.

Posted in Albert Egges van Giffen, Diever, Heezebaarg, Heezenesch, Kunst, Schilderijen | Leave a comment

Ansichtkaart en foto van ‘de Keet’ op de Heezebaarg

De oudheidkundige professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever) staat op deze ansichtkaart in de voordeur van zijn geliefde buitenhuisje genaamd de Keet op zijn landgoed de Heezebaarg aan de rand van de Heezenesch bij Diever.
Professor doctor Albert Egges van Giffen stuurde deze fotokaart -gemaakt van een eigen foto- op 16 september 1956 naar de familie Zijp-Laan, Oostwoud 56 in Noord-Holland. De kaart is ondertekend door professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (klik hier voor meer gegevens over Albert van Giffen). De tekst op de kaart luidt: Diever, de ‘Heezeberg’, ons buitenhuisje. Veel dank voor uw kaart van de reis. Met vele groeten.
De Keet is inderdaad de keet die bij de grote oudheidkundige afgraving van de terp van Ezinge stond (meer gegevens over de afgraving van de terp van Ezinge). Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezenesch).

In 1997 was met name de houten onderkant van de Keet in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenote, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter stenen vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uut Dwingel (eerder gevestigd in Leggel).

De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van het Deevers Archief en de eigenaren van de Keet bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van de Keet op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De redactie van het Deevers Archief heeft de hier afgebeelde kleurenfoto op de dag vóór de afbraak tegen het vallen van de avond met flitslicht gemaakt. Het zal de allerlaatste ooit gemaakte foto van dit huisje zijn geweest.

Reactie van J. Smit van 5 december 2017
Ik ben in de zestiger jaren van de vorige eeuw enkele keren met mijn vader Wolter Smit, die de exclusieve jachtrechten op de gronden rond de Heezenes had verkregen van de familie Van Giffen, in aanwezigheid van Jan van Giffen (de zoon van professor doctor Albert Egges van Giffen) in het verblijf geweest. Het was inderdaad een eenvoudig zomerhuisje op een prachtige locatie in een fraaie omgeving !

Abracadabra-1253
Abracadabra-844Abracadabra-1254

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Heezenesch, Topstukken | Leave a comment

Beeldje ‘Het leven: geboorte, huwelijk en dood’

Voor het raam van de vroegere burgemeesterskamer van het vijfde en laatste gemeentehuis van de gemiente Deever staat het beeldje met de naam Het leven: geboorte, huwelijk en dood.
Anno Ferdinand Smith (geboren op 7 april 1915 in Groningen, overleden op 14 januari 1990 te Groningen) heeft het beeldje van keramiek in 1959 gemaakt.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 3 oktober 2012. Het was die dag grauw, grijs en grienend, geen goede gelegenheid voor het maken van een mooie foto.
Een oudere foto van het beeldje is te vinden in de webstee wikipedia.org op de pagina met de lijst van beelden in de gemeente Westenveld.
In de webstee wikipedia.org is ook een pagina met gegevens van Anno Ferdinand Smith aanwezig.

Posted in Beelden, Diever, Gemeentehuis, Kunst | Leave a comment

Gemeentehuis met pastorie Hervormde Kerk in 1941

De redactie van het Deevers Archief laat de trouwe bezoekers van de webstee van het Deevers Archief graag meegenieten van mooie beelden uit het verleden van de gemiente Deever.
De hier afgebeelde foto is aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, zo rond 1940 of 1941, gemaakt voor een ansichtkaart. Op de foto is de nog niet vernielde brink van Deever met een slijtpad over de brink naar het gemeentehuis te zien.
Het gemeentehuis stond gewoon aan de brink. Ook de pastorie van de hervormde geloofsgemeente stond gewoon aan de brink. In 1956 moesten deze twee karakteristieke panden helaas verdwijnen om ruimte te bieden aan een lelijk nieuw gemeentehuis.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Diever, Gemeente Diever, Gemeentehuis, Kerk op de brink, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Het wapen van de gemiente Deever

De volgende verklaring bij het wapen van de gemiente Deever is overgenomen uit de gegevens in de webstee ngw.nl van Heraldry of the World.

I : 3 september 1946 ” In hermelijn een paal, gedwarsbalkt van keel en zilver van 16 stukken, links boven vergezeld van een kraaghalskruikje van hunebedaardewerk en rechts onder van een eschdoornblad, beide van keel. Het schild gedekt met een gouden kroon van 3 bladeren en 2 paarlen.”

Bij het ontwerp had de gemeente een aantal mogelijke motieven aangedragen:
Allereerst de aanwezigheid van hunebedden in de gemeente. Niet alleen de hunebedden, maar ook het daarin gevonden aardewerk zijn uniek in Drenthe. Verder een herinnering aan de kerk van Deever, een van de oudste van Drenthe, het wapen van de familie Ketel, die in de 16e-18e eeuw diverse schouten heeft geleverd. Tevens was een mogelijkheid de afwijkende lengtemaat in Deever te tonen. In geheel Drenthe bestond de roede uit 14 voeten, behalve in Deever waar de roede 16 voet lang was. Tenslotte wilde de gemeente nog een herinnering aan de bevrijding door de Canadezen. Hoewel dat laatste niet specifiek voor Deever is, werd er toch veel belang aan gehecht. In de nadagen van de oorlog werden er in en rond Deever felle gevechten geleverd tussen de Duitsers en Fransen/Canadezen. De Duitsers dreigden in Deever de orde goed te gaan herstellen en executeerden 11 willekeurige burgers. Om een verder bloedbad te voorkomen grepen de Canadezen in en bevrijdden Deever.
In het wapen wordt de afwijkende roede gesymboliseerd door de paal, het kraaghalsflesje geeft het unieke aardewerk aan, de Canadese Maple Leaf spreekt voor zich, terwijl het hermelijn, als kleine kruisjes, de oude kerk symboliseert.
De gemeente diende drie voorstellen in, allereerst het huidige wapen, met als uitzondering dat de paal golvend gedwarsbalkt was. De Hoge Raad van Adel ging er echter vanuit dat een lengtemaat recht is en niet golvend. Het tweede voorstel was identiek, alleen de Maple Leaf was weggelaten. Het derde ontwerp tenslotte toonde het kraaghalsflesje in de rechterbovenhoek van het wapen Ketel, in zilver een dwarsbalk van azuur.
Literatuur:  Bontekoe, 1947, Oorsprong/verklaring

Abracadabra-1300

Posted in Archeologie, Canadeze bevrijders, Diever, Gemeente Diever, Hunnebed, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Woap’m van Deever in Oldendeever

Het direct na de Tweede Wereldoorlog door de voorkant van het gelijk bij elkaar gefantaseerde en op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven grensstenen.
Zo staat een minder goed onderhouden exemplaar op zijn originele betonnen sokkeltje pal tegen de muur tussen de ramen van de in 1926 gebouwde boerderij van de familie Michels in Oldendeever; zie de bijgaande foto die de redactie van het Deevers Archief op 3 oktober 2012 heeft gemaakt. Hulde aan de familie Michels, die deze grenssteen gelukkig heeft gered uit de slopershanden van de gezagsgetrouwe medewerkers van de voorkant van het gelijk.
Het grappige is dat de eigenaren de naam Deever hebben uitgebreid tot Oldendeever. En terecht, want de gemiente Deever had eigenlijk de gemiente Oldendeever moeten hebben geheten.
Dit stuk versierd beton heeft, tot vóór de dag waarop de gemienten Deever, Dwingel, Vledder en Oavelt gedwongen opgingen in de gemeente Westenveld, langs de Doldersummerweg op de grens van de gemiente Deever en de gemiente Vledder gestaan.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de voorgevel van de boerderij Oldendeever 10 mit pothokke op 4 november 2017 gemaakt. Het dak van het pothokke is in 2016 vernieuwd. Hulde aan de eigenaren die dit letterlijke en figuurlijke erfgoed goed weten te onderhouden. Echt wel.

Posted in Diever, Erfgoed, Gemeente Diever, Oldendiever, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Op zoek naar ‘Sorry, Mister Shakespeare …!’

In het Deevers Archief heeft de redactie al een keer aandacht besteed aan de schrijvende straatmaker of straatmakende schrijver Abe Brouwer.
In de webstee Wikipedia zijn gegevens over Abe Brouwer te vinden. Voor wat deze gegevens waard zijn.
Abe Brouwer deed in zijn Deeverse tied (hij woonde eerst aan de Veentjesweg en daarna aan de Kloosterstraat) ook mee aan de opvoering van toneelstukken van William Shakespeare in het Openluchtspel aan het Groenendal in Deever.
Naar aanleiding van zijn ervaringen met het straatmaken in Deever en het toneelspelen in het Openluchtspel zal hij het werk ‘Sorry, Mister Shakespeare …!’ met als subtitel ‘Di(e)vertimento van een stienelegger’ hebben geschreven.
Abe Brouwer schreef dit werk in 1970.
De redactie van het Deevers Archief is nu op zoek naar een exemplaar van dit werk.
Wie heeft een exemplaar ? Wie zet de redactie op het goede spoor ?

Posted in Abe Brouwer, Openluchtspel | Leave a comment

Rogge döss’n bee’j Garriet Jan Wesseling

Deze afbeelding is met begeleidende tekst eveneens gepubliceerd in het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, Ie bin ‘t wel …’. De man met de pet links op de döskaaste is instopper Frederik (Frièrik) Houwer (geboren op 26-3-1900, overleden op 27-5-1989). De baandensnieder die naast Frederik (Frièrik) Houwer bezig is kon helaas niet worden herkend (Is het Gerrit Jan Wesseling ? Wie herkent deze man ?). De schoter, de man die de gaarven rogge naar de baandensnieder gooide, bevindt zich op de rogge in de boerderij. Links boven op het stro staat Willem Punt (geboren op 26-12-1896, overleden op 2-8-1985). De man die onder hem staat is Jan Oostra. In het midden staat smid Hendrik Kloeze (geboren op 13-7-1909, overleden op 30-7-1967) uut de Heufdstroate. Hij en zijn broer Albert (geboren op 24-4-1901, overleden op 22-4-1961) waren de eigenaren van deze döskaaste. De helaas niet herkende jongen (redactie: Is het Wijnand Hunneman ? Wie herkent deze man ?) bij de motor is waarschijnlijk de machinist. Deze motor liep op pieterölie en werd gekoeld met water in een bak om de motor. De motor staat op een oud autochassis. De döskaaste en zijn aandrijving werden verplaatst met behulp van een paar sterke paarden. Bij de motor hoorde registratiebewijs D-2138, dat op 30 augustus 1921 in Assen werd afgegeven aan Albert Kloeze.
De döskaaste staat in de baander en op de deele van de boerderij van Gerrit (Garriet) Jan Wesseling (geboren op 8-6-1900, overleden op 22-10-1983) in de Achterstraat. Hendrik Wesseling (geboren op 31-10-1869, overleden op 6-4-1942), die weduwe was van Kea (Kee) Janssen (geboren op 24-09-1865, overleden op 22-10-1934), liet deze boerderij voor zijn zoon Gerrit Jan en zijn vrouw Hendrikje Oostra (geboren op 6-5-1897, overleden op 13-9-1974) bouwen. Hendrik Wesseling was tot zijn pensionering hoofdmeester van de Wittelter school. Om de boerderij hier te kunnen bouwen moest de oude boerderij, die door Hendrik Wesseling was verhuurd aan Hendrikus Oostra en Aaltje Oostenbrink, worden afgebroken.
Het dorsen van rogge aan huis was één grote ellende, want het hele huis kwam onder het stof te zitten. Het kostte een paar dagen om alles weer schoon te krijgen. Alle deuren van het achterhuis werden opengezet, zodat de wind zoveel mogelijk stof weg kon blazen. Als de rogge kraekdröge was, dan ging het dorsen gemakkelijk en was er minder stof.

Posted in Achterstraat, Boer'nwaark, Boerderijen, Brink, Diever, ie bint 't wel ..., Topstukken | Leave a comment