Foto’s en verhalen van het boerenleven gezocht

De redactie van het Deevers Archief toont bijzonder graag afbeeldingen van het boerenwerk en het boerenleven van vrogger in de gemiente Deever.
Bezoekers van de webstee van het Deevers Archief die in het bezit zijn van foto’s van het boerenwerk en het boerenleven -ploegen, maaien, zaaien, hooien, melken, dorsen, melkbussen borstelen, koestal schoonmaken, hond voor de melkkar, de eerste tractor, opoe met het oorijzer, in huis genomen foto’s, enzovoort, enzovoort- worden vriendelijk verzocht deze te scannen of te laten scannen en deze met enige uitleg naar het Deevers Archief te sturen.
De redactie is u bij voorbaat zeer erkentelijk en zal deze foto’s zeker tonen in het Deevers Archief.

Abracadabra-1275

Posted in Boer'nwaark, Boerderijen, Landbouw | Leave a comment

Aan de Jongedame Jantina Hendrika Pot in Coevorden

In de tweede helft van de dertiger jaren van de vorige eeuw (1937 ?) stuurden de jongedames Anna Zantinge, Hendrika Hessels en Grietje Timmerman bijgaand afgebeelde zeer fraaie ansichtkaart -een topstuk- van de Kruusstroate in Deever aan de Jongedame Jantina Pot, per adres Den Heer R. Lotterman, Sallandschestraat, Coevorden.
De redactie van het Deevers Archief heeft het vermoeden dat het gaat om vier Wittelter jongedames uit de gereformeerde geloofsgemeente, die waarschijnlijk vriendinnen van elkaar waren en die ter kerke gingen in de olde griffemeerde kaarke an de Kruusstroate in Deever, die is te zien in het midden van de afgebeelde ansichtkaart.
Anna Zantinge is geboren op 13 mei 1919 en is overleden op 22 december 2001. Zij was getrouwd met Hendrik Jan Klaassen (geboren op 15 februari 1918, overleden op 27 december 1995). Hun boerderij stond (staat nog steeds) op de hoek van de Wittelterweg en de Wapserveenseweg.
Jantina Hendrika Pot is geboren op 14 januari 1919 in Wittelte en is overleden op 21 april 2014 in Hoogeveen. Zij was getrouwd met Willem Lanning.
De redactie heeft van de andere jongedames helaas nog geen gegevens kunnen vinden in de openbare bronnen. Wie helpt de redactie aan de juiste gegevens ?
Maar wat deed de jongedame Jantina Hendrika Pot in Coevorden, zo ver van Wittelte en haar Wittelter vriendinnen ? Had ze een werkkring gevonden bij de heer R. Lotterman ? Had de heer R. Lotterman een boerderij ?

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Gereformeerde kerk, Kruisstraat, Topstukken, Wittelte | Leave a comment

D’r zit weer een dikke schoerkerd aachter de schure

Bijgaand artikeltje is door Lammert Joustra uit Zuidwolde geschreven en gepubliceerd in het blad Opraekelen, jaargang 12, nummer 2, juni 2005. Opraekelen is het papieren blad van de heemkundige vereniging uut Deever. De redactie van het Deevers Archief heeft toestemming gekregen van Lammert Joustra om zijn artikeltje in het Deevers Archief op te nemen. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk. De redactie van het Deevers Archief heeft destijds de inleiding bij het artikeltje geschreven.

Wie denkt het Deevers volledig te beheersen, maar willekeurig een paar bladzijden in het ‘Woordenboek der Drentse dialecten’ leest, komt er zeer snel achter dat op elke bladzijde van dit onmisbare standaardwerk wel enkele woorden staan die hij of zij niet meer gebruikt of die bij hem of haar niet bekend zijn. Dat kan ook het geval zijn met het prachtige woord ‘schoere’ of ‘schoerkerd’. Het gebruik van dit woord is al lang uit de tijd geraakt. Wie heeft meer voorbeelden ? Is het Deevers gedoemd te verdwijnen ?

We waren met een paar jongens en meisjes van zo’n jaar of vijftien op visite bij mijn opa Harm Mulder aan de Hoofdstraat in Diever. Op een gegeven moment riep hij: ‘Verdikkemee, d’r zit weer een dikke schoerkerd aachter de schure.’ We waren nogal onder de indruk van dit alarmerende bericht. We vroegen hem wat dat zou kunnen zijn. ‘Jonges, goa moar ies ee’m hen kiek’n.’, zei hij. We gingen eens poolshoogte nemen, maar we konden niets bijzonders ontdekken achter de schuur en ook niet achter de woning. We vroegen weer aan mijn opa wat dat toch wel mocht wezen, zo’n schoerkerd. We vermoedden dat het een dier moest zijn of iets vreemds dat zich daar verborgen hield. Mijn opa Harm zei toen lachend: ‘Ach jonges, da’s gien biest of zo, moar een dikke onweersbeuie.’

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Harm Mulder woonde an de Heufdstroate in Deever in het huis aan de rechterkant van bijgaande kleurenfoto. De redactie heeft deze foto op maandag 3 september 2018 gemaakt.
Zie ook het bericht Gebroeders Harm en Jaap Mulder weten er alles van.

Posted in Deeverse dialect, Dorpsfiguren | Leave a comment

Ansicht van de boerdereeje van de familie Fledderus

De redactie van het Deevers Archief heeft de eerste foto van panden op ’t Kastiel in Deever gemaakt in april 1996 en heeft daarbij helaas niet de precieze datum genoteerd. De redactie van het Deevers Archief heeft de tweede foto zo’n 22 jaren later op vrijdag 3 mei 2018 gemaakt.
Aan de boerderij waar vroeger Klaas Fledderus (geboren op 17 januari 1908, overleden op 26 juni 1988) en zijn echtgenote Fransien (Sientie) Fledderus (geboren op 23 april 1903, overleden op 1 februari 1994) en kinderen woonden en waar in april 1996 de familie Otten woonde en waar op 3 mei 2018 de Stichting Zorgboerderij Fledderus was gevestigd en in de omgeving van deze boerderij is door de jaren heen (vooral de laatste jaren) heel wat veranderd.
Klaas Fledderus was lid van de coöperatieve zuivelfabriek Diever. Hij had na de hernummering in het boekjaar 1949/1950 het lidnummer 12. Dit nummer stond ook op zijn melkbussen.
Let bij de tweede foto vooral op de reet’n doake van de boerdereeje met vijf grote dakramen en de zonnepanelen op het pannendak.
De redactie herinnert zich uit zijn jeugd dat in het vervallen keuterijtje aan de rechterkant van de boerderij van de familie Fledderus de gezusters Jannoa (Janna) van Ankör’m (Ankorven) (geboren op 20 januari 1903, overleden op 10 juni 1990) en Roefie (Roelofje) van Ankör’m (Ankorven) (geboren op 24 januari 1909, overleden op 23 juni 1996) woonden. Zij liggen beiden hopelijk nog begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever. Hun vader was Geert van Ankör’m (Ankorven) (geboren op 10 februari 1877, overleden op 14 september 1956) en hun moeder was Lammigje Oost (geboren op 30 juli 1879 en overleden op 28 juni 1973).
Geert van Ankör’m (Ankorven) was lid van de coöperatieve zuivelfabriek Diever. Hij had na de hernummering in het boekjaar 1949/1950 het lidnummer 13. Dit nummer stond ook op zijn melkbussen (melkbus ?)
Op de foto, die de redactie op 3 mei 2018 heeft gemaakt, is te zien dat het vervallen keuterijtje is vervangen door een (soort van gelijkend op het oude) pand van een wonderbaarlijk oogstrelende architectonische schoonheid, maar gelukkig wel met heel veel zonnepanelen op de doake an de südkaante.

Posted in Boerderijen, Kastiel, Keuterijen | Leave a comment

Was het een brinkgezicht in Deever ?

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassjus scannen en vervolgens die papperrassjus in de oud-papier-bak gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, maar ook volledige jaargangen van tijdschriften, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht. De redactie wil zo één bericht natuurlijk niet onthouden aan de bezoeker van het Deevers Archief.
In het tijdschrift Oeze Volk (Moandblad in de Dreinse toal), jaargang 44, nummer 9, september 2000) is op de bladzijden 159, 160 en 161 het artikel ‘Een kunstschilder komp weerum’ van Martha Hadderingh-Veenstra te lezen. De redactie heeft van de drie bladzijden één afbeelding gemaakt. Het artikel is in een soort van een dialect van het noordoosten van Drenthe geschreven.

In het digitale telefoonboek zijn in Deever nog mensen met de achternaam Oosterkamp te vinden. Deze mensen zijn ongetwijfeld familie van de in het artikel ‘Een kunstschilder komp weerum’ genoemde schilder Dirk Oosterkamp.
Dirk Oosterkamp schonk zijn schilderij ‘Brinkgezicht in Deever‘ aan het kerkbestuur van Diever. Dit zal waarschijnlijk het bestuur van de hervormde kerkgemeente van Deever zijn geweest.
In Deever möt dus aarg’ns dit schildereeje van de Dwingeler schilder Dörk Oosterkamp hang’n.
Een grote vraag is natuurlijk waar dit schilderij op dit ogenblik aan de muur hangt ?
Of worden de kunstschatten van de hervormde kerkgemeente van Deever ergens in een depot bewaard ?
Of heeft het kerkbestuur van de hervormde kerkgemeente van Deever het schilderij ‘Brinkgezicht van Deever‘ op zijn beurt geschonken aan bijvoorbeeld het Drentsch Museum in Assen ?
Wellicht weet een zekere en paar keer in het artikel genoemde Jans Tabak meer van deze schenking ?
Een andere voor de hand liggende vraag is welke boerderij aan de brink van Deever het betreft ?
De redactie piekert zich al dagen suf over de vraag welke boerderij an de brink van Deever of in de buurte van de brink van Deever zou kunnen lijken op de boerderij op de afbeelding.
Of is abusievelijk een afbeelding van een ander schilderij dan het schilderij ‘Brinkgezicht in Deever‘ bij het artikel geplaatst ?
De redactie zal een poging doen een antwoord te vinden op de hiervoor gestelde vragen.
Wie kan de redactie voorzien van verhelderende gegevens over deze schenking ?

Posted in Kunst, Schilderijen | Leave a comment

De huisjes van de Stichting Sint Anthony Gasthuis

Op bijgaande afbeelding van een zwart-wit foto (afdruk van een 6 cm bij 6 cm negatief), die in april 1976 door een fotograaf van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is gemaakt, is in een min of meer oorspronkelijke staat de voorgevel van de huisjes van de toen nog bestaande liefdadigheidsinstelling Stichting Sint Anthony Gasthuis van de familie Verwer naast het kerkgebouw van de rooms-katholieke geloofsgemeente op Zorgvlied an de aandere kaante van de bos te zien.
De voordeur in het midden van het rijtje van vijf woningen bood via een tot de achtergevel doorlopende gang toegang tot twee woningen. Alleen die twee woningen hadden un dakkapelle an de kaante van de Dorpsstroate.
De huisjes in hun oorspronkelijke staat waren Deevers aarfgood, ech wè.
De redactie heeft enige berichten over de Stichting Sint Anthony Gasthuis in het Deevers Archief opgenomen; de bezoeker gelieve voor het openen van deze berichten te klikken op de categorie Sint Anthony Stichting onder aan dit bericht.

Posted in De aandere kaante van de bos, Erfgoed, Sint Anthony Stichting, Zorgvlied | Leave a comment

Oldste ansichtkoate van de uutkiektoor’n

Een afgedankte stalen boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (N.A.M.) heeft van 1950 tot 1976 dienst gedaan als uitkijktoren voor de brandwacht en in de zomer ook als uitkijktoren voor toeristen. De uitkijktoren is in 1950 in gebruik genomen en is in 1976 gesloopt.
De uutkiektoor’n stön an de Bosweg in Deever teeg’nover paviljoen VierhovenAs de toor’n dichte was, dan klöm’m wee’j gewoon langs ut gèès en over ut prikkeldroad noar boo’m hen ’t ièste budes.
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart moet in het voorjaar van 1950 kort na de plaatsing van de uitkijktoren zijn gemaakt.
Ansichtkaarten met daarop de hier getoonde afbeelding behoorden gedurende zeker vijftien jaren zeker tot de best verkopende ansichtkoat’n uut de gemiente Deever. Deze ansichtkaart is wellicht ook de meest verkochte zwart-wit ansichtkoate uut de gemiente Deever.
Bij de redactie van het Deevers Archief zijn op dit ogenblik de volgende uitgaven bekend.
In mei 1950 werd een oplage van deze kaart uitgegeven door Roelof (Roef) van Goor, Kantoorboekhandel, an de Kruustroate in Deever (zie de afgebeelde ansichtkaart, die is voorzien van een witte rand).
In juli 1957 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door Lubbert (Lub) Wanningen, Luxe en huishoudelijke artikelen an de Heufdstroate bee’j de brink in Deever.
In augustus 1958 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door de firma A. Kuiper (Aubert Kuper), Bakker en Kruidenier, Diever, Telefoon 221 en Dieverbrug, Telefoon 259.
In maart 1961 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Levensmiddelenbedrijf A. Kuiper (Aubert Kuper), an de Peperstroate in Deever.
In januari 1963 werd een oplage van deze kaart (met witte rand) uitgegeven door Van Goor’s boekhandel, an de Kruusstroate in Deever.
In december 1964 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Pension, Lunchroom, Cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, Telefoon 05219-1335.
In november 1965 werd een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Hotel Brinkzicht, Diever, Telefoon 05219-1213.
In november 1965 werd ook een oplage van deze kaart (met kartelrand) uitgegeven door Lunchroom, Cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, Telefoon 05219-1335.
Ongetwijfeld zullen in de jaren 1951-1956 ook oplagen van deze kaart zijn uitgegeven door neringdoenden in Deever. De redactie verneemt graag van de bezoekers van het Deevers Archief of in die jaren ook oplagen zijn uitgegeven.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Uitkijktorens | Leave a comment

Uitkijktoren aan de Bosweg bij Diever wordt gesloopt

In de Leeuwarder Courant verscheen op 17 april 1976 het bericht dat de uitkijktoren aan de Bosweg in Diever zou worden afgebroken.

Uitkijktoren bij Diever wordt gesloopt
Diever. De uitkijktoren aan de Bosweg in Diever wordt afgebroken. De toren, beheerd door de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer, bood de toeristen jarenlang een schitterend uitzicht over het dorp en de bossen.
Bij de woning van Staatsbosbeheer is een nieuwe uitkijktoren gebouwd.
Leden van de personeelsvereniging van de gemeente Diever hebben de taak op zich genomen de toren te slopen. De sloopwerkzaamheden worden in vrije tijd uitgevoerd; de opbrengst van het werk zal worden gestort in de kas van de vereniging.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De stalen uitkijktoren stond op een heuvel tegenover Paviljoen Berkenheuvel aan de andere kant van de Bosweg. De beklimmer van de toren kon inderdaad bij helder weer zelfs de toren van Steenwijk zien.
Op het bovenste platform stond een houten hokje met een telefoon voor de dienstdoende brandwacht.
Buiten het toeristenseizoen was de toren afgesloten, maar was voor de Deeverse jeugd met enige moeite via het beklimmen van de paar meter hoge afrastering van gaas en het passeren van wat lastig prikkeldraad wel binnen te komen.       

De nieuwe brandtoren werd gebouwd achter de woning Staatbosbeheer in de Oude Willem. Deze toren bestaat nog steeds.
Met de opbrengst van het werk zal de opbrengst van het oude staal en ijzer zijn bedoeld.

 

Posted in Berkenheuvel, Bosweg, Diever, Paviljoen Berkenheuvel, Uitkijktorens | Leave a comment

Opening van ‘de Buitelbam’ aan de Binnenes

De kleine en schuchtere Hans (Hansie) Bakker viel in 1955 de eer te beurt de ‘sleutel’ voor het feestelijk openen van de kleuterschool met de merkwaardige naam ‘de Buitelbam’ aan de Binnenes in Deever te mogen overhandigen aan de voor deze gelegenheid vrolijk zwart geklede burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) van de gemiente Deever.
Hansie staat bij zijn vader en moeder. Vader Bakker had een toen ter tijd belangrijke, aanzienlijke en goed betaalde functie, hij was namelijk de gemiente-assitect (de gemeente-architect) van de gemiente Deever. Het protocolletje liet het blijkbaar toe dat gemiente-assitect Bakker op sandalen en nota bene met sokken aan op deze belangrijke openingsceremonie verscheen. Gemiente-assitect Bakker woonde met zijn gezin -nota bene- in de arbeidershuurwoning met het adres Veentjesweg 1 in Deever.
Heeft burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) nu wel of niet zijn ambtsketting (of is het ambtsketen) om ? Zou toch wel moeten.
En wie waren die twee vrolijke hoogwaardigheidsbekleders, notabelen of aanzienlijken achter de burgemeester ?
Zeker van net zo groot belang is dat op deze foto op de achtergrond het ‘sportterrein’ aan de Tusschendarp is te zien. Boven het kalende hoofd van de burgemeester is het toegangshek te zien, rechts naast het toegangshek bij de beukenheg is de fietsenstalling (dat waren hekken waar je de fiets tegen aan kon zetten) te zien. Aan de linkerkant is nog net een stuk van het nog steeds bestaande huis te zien, waar veearts Wijnand van der Eijk en zijn vrouw en kinderen woonden, zij waren de eerste bewoners van dat huis. Zijn Nelleke en Andy van der Eijk ook naar deze kleuterschool geweest ?

Posted in Binnenes, Kleuterschool 'de Buitelbam', Scholen, Tusschendarp | Leave a comment

Boortoren wordt uitkijktoren

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 18 januari 1950 het navolgende korte bericht over het de bouw van een uitkijktoren aan de Bosweg bij Deever, tegenover Paviljoen Vierhoven.

In het bos van Berkenheuvel te Diever is een door het Staatbosbeheer overgenomen boortoren gebouwd, welke van trappen en bordessen zal worden voorzien, en dan als uitkijktoren dienst zal doen.
Het stalen gevaarte steekt een heel eind boven het bos uit en geeft een prachtig overzicht over de omgeving.
De toren zal na gereedkomen worden beheerd door de V.V.V. Diever.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De hergebruikte boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij stond aan de Bosweg tegenover Paviljoen Vierhoven op een heuvel aan de kant van het Openluchtspel.  
Met V.V.V.  wordt bedoeld de plaatselijke Vereniging voor Vreemdelingen Verkeer.

Posted in Berkenheuvel, Bosweg, Paviljoen Berkenheuvel, Uitkijktorens | Leave a comment

Tien jaar straf geëist tegen Pier Obe Posthumus

In het Nieuwsblad van het Noorden van 21 januari 1949 verscheen het navolgende bericht over de strafzaak bij het Bijzonder Gerechtshof tegen de N.S.B.’er Pier Obe Posthumus, ex-burgemeester van de gemiente Deever.

Tien jaar voor ex-burgemeester van Diever
Gisteren heeft de advocaat-fiscaal bij het Bijzonder Gerechtshof te Assen, een gevangenisstraf van 10 jaar met aftrek geëist tegen de ex-burgemeester van Diever, de 62-jarige Pier Obe Posthumus uit Haren (Gr.).
In april 1944 werd hij burgemeester van Diever, waar hij -en dat werd hem ernstig aangerekend- zich heeft bezig gehouden met de opsporing, de arrestaties en het verhoor van verschillende personen, in samenwerking met de later zo berucht geworden ‘Bloedploeg’, welke hij naar Diever liet komen.
In de korte tijd van zijn burgemeestersperiode (waarin hij een grote slaafsheid voor der Duitsers aan de dag legde) heeft hij zich niet bepaald gelukkig getoond bij dat edele ambt, naar de A.F. (advocaat-fiscaal) in zijn requisitoir opmerkte. Met de landwacht en de Duitsers verrichtte hij zoveel mogelijk daden, die wijzen op een egoístische en kleinzielige mentaliteit.
De advocaat-fiscaal achtte de gepleegde feiten wel ernstig, maar in ’t algemeen getuigen zij van de houding van een bijloper, hij is zeker geen voorman geweest. Als bijkomende straf eiste hij ontzetting uit de kiesrechten en uit het recht ambten te bekleden.
Mr. S. Boersma bepleitte de uiterste clementie, daarbij de leggende op het feit, dat de verdachte onder invloed van Balsma heeft gestaan en op diens leeftijd en ziekte.
Posthumus betuigde aan het slot zijn spijt over de houding. ‘Innerlijk ben ik van de dwalingen mijns weegs genezen.’

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Pier Obe Posthumus (geboren op 22 maart 1887 in Groningen, overleden op 13 augustus 1956 te Groningen) werd in april 1944 waarnemend burgemeester van de gemiente Deever, nadat burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) op dringend advies van het Deeverse verzet moest ondergedoken. De Duitsers ontsloegen Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) op 8 mei 1944 als burgemeester van de gemiente Deever.

 

Posted in N.S.B.'ers, Pier Obe Posthumus, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Afzender K. Dijkstra- 9R3K3B

Soldaat K. Dijkstra stuurde op 17 september 1906 de hier afgebeelde ansichtkaart naar de heer H. Stuut in de Pluimerstraat in de stad Groningen. Soldaat K. Dijkstra was gelegerd in het soldatenkamp op de Oeren tussen Kalteren en Soerte. De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk hebben de weg langs het vroegere soldatenkamp de naam de Kamp gegegeven, maar moet natuurlijk de naam de Kaamp op de Oeren krijgen.
Soldaat K. Dijkstra gaf aan dat hij behoorde tot 9R3K3B (derde bataljon van de derde compagnie van het negende regiment infanterie van de Landweer), maar dat is niet juist. Hij had moeten aangeven 9R3B3K (derde compagnie van het derde bataljon van het negende regiment infanterie van de Landweer).
Het is toch wel jammer dat soldaat K. Dijkstra het linker deel van de kaart wel heeft benut voor het plakken van de postzegel van 1 cent en niet heeft benut voor het delen van enige ongetwijfeld nu historisch waardevolle kampervaringen met de geadresseerde. Bijzonder fraai is wel het scherpe poststempel van het postkantoor in de stad Groningen.
Op de ansichtkaart is de 1899 opgerichte stoomzuivelfabriek aan het Katteneinde in Deever te zien.

Posted in de Kaamp op de Oeren, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Rooms Katholiek Vacantie Centrum op Zorgvliet

Het Olde-Willem-Groot- en Klein Wateren-Zorgvlied filiaal van de heemkundige vereniging uut Deever an de aandere kaante van de bos heeft in de beschrijving van de historische wandeling op Zorgvlied en op Wateren de volgende tekst (voor wat deze waard is) over het op de ansichtkaart afgebeelde pand opgenomen.

Dit huis stond aanvankelijk in Oldeterp. Een tegenover het huis wonende freule vond het een lelijk huis en wilde dat het afgebroken zou worden. Dat geschiedde rond 1900. Timmerman Dalstra kocht het huis en bouwde het in Zorgvlied weer op. Daarna was het een timmerwinkel en een boerderij, annex kruidenierswinkel. Ook was het enige tijd een vakantiecentrum voor Rooms Katholieken.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het was rond 1900 toch wel een komen en gaan van huizen op Zorgvlied.
Het zo genoemde Amsterdamse huis aan de Dorpsstraat kwam volgens zeggen uit Amsterdam.
Het hier afgebeelde lomp ogende pand aan de Dorpsstraat kwam volgens zeggen uit Oldeterp.
Villa Laanzicht aan de Dorpsstraat werd afgebroken en weer opgebouwd an de Deeverbrogge.
Diverse boerderijtje zouden in Friesland zijn afgebroken en weer zijn opgebouwd op Zorgvlied.

Als verzamelaar van ansichtkaarten uut de gemiente Deever moet je bij een nieuwe aanwinst soms wel een beetje geluk hebben. De redactie kocht deze kaart van het Rooms Katholieke Vacantie Centrum aan de Dorpsstraat op Zorgvliet (of is het de Zorg Vliedt ?) voor een grijpstuiver op een ansichtkaartenverzamelaarsbeurs bij Rotterdam.
De redactie laat de bezoekers van het Deevers Archief graag meegenieten van al het moois uut de gemiente Diever.

Posted in Ansichtkaarten, Dorpsstraat, Zorgvlied | Leave a comment

Oproeping van de beheerder van cafébedrijf Balsma

In de Provinciale en Asser Courant van 15 augustus 1945 verscheen het volgende bericht.
Ondergetekende Lambertus Schoemaker, Hoofdstraat 21, Diever, maakt bekend, dat hij door den Militairen Commissaris van het District Meppel is benoemd tot beheerder over het Cafébedrijf van K.M. Balsma te Diever en diens verdere privé-vermogen, met ingang van 21 juli 1945.
Hij roept allen op, die zaken of bescheiden van K.M. Balsma onder zich hebben vóór 26 augustus 1945 hiervan aangifte bij ondergetekende te doen. Nalatigheid wordt gestraft overeenkomstig het bepaalde in artikel 153 van het Besluit Herstel Rechtsverkeer.
De beheerder L. Schoemaker.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Met K.M. Balsma wordt de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma bedoeld.
Met het cafébedrijf wordt bedoeld café Brinkzicht an de Brink in Deever.
L. Schoemaker is postkantoorhouder Lambertus Schoemaker van het postkantoor an de Heufdstroate in Deever. 

Posted in Klaas Marcus Balsma, N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De vijand diensten bewezen in de oorlogstijd

In de Heerenveensche Courant verscheen op 8 april 1947 het volgende bericht over het Drents Bijzonder Gerechtshof inzake het proces tegen de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma uut Deever

Drents Bijzonder Gerechtshof.
3 april.
Doodstraf geëist.
De vijand diensten bewezen in de oorlogstijd.

Klaas Marcus Balsma, 54 jaar, caféhouder te Diever, gedetineerd, heeft als landwachter de gehele omgeving van Diever onveilig gemaakt. Bij de landwachters was hij sectie-commandant en deed steeds actief mede aan vele huiszoekingen, aan arrestaties en vooral het opsporen van onderduikers.
Het dikke dossier van hetgeen deze man ten laste wordt gelegd, bevat een aantal bewijsstukken van verdachtes wandaden.
Getuige H. Dijkstra, wachtmeester, die in de bezettingstijd bij de A.K.D. te Meppel gedetacheerd was, zeide dat de verdachte als gids dienst deed, om met zijn kameraden (?) in Diever jacht op onderduikers te maken.
Getuige weduwe Kiers deelt mee, hoe de verdachte aanwezig was bij de arrestatie van haar man en vier onderduikers. Haar man kwam helaas nimmer terug.
Verdachte was zeer ijverig en actief bij de arrestatie van Zwanenburg te Beilen, die door de Moffen gefusilleerd is geworden.
De beide getuigen Jacob Hessels en Jan Hilberts uit Diever, verklaren dat ze de gevolgen van verdachte’s handelen aan den lijve hebben gevoeld.
De advocaat-fiscal meent, dat deze verdachte met zijn volle verstand heeft gehandeld en eist voor deze verdachte, ‘de duivel van Diever’ meermalen genoemd, de doodstraf.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het Deevers Archief is inmiddels al heel wat gepubliceerd over de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma, de houder van café Brinkzicht aan de Brink van Diever, zie de navolgende afbeelding.
De A.K.D. is de Arbeidscontroledienst.
De N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma maakte in Diever en omstreken met name jacht op mannen die de Arbeitseinsatz ontliepen.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers | Leave a comment

De olde ULO-skoele an de Tusschendarp in Deever

De redactie van het Deevers Archief heeft deze zwart-foto van de olde ULO-skoele an de Tusschendarp in Deever op 11 november 1999, kort voor de millennium-wisseling, in het nauwelijks meer gebruikte 6 cm x 6 cm formaat, gemaakt.
Leerlingen van deze school, waar uitgebreid lager onderwijs werd gegeven, worden uitgenodigd verhalen en foto’s over de tijd dat zij les kregen in het hier zichtbare gebouw in te sturen. De redactie zal deze verhalen zeker in het Deevers Archief publiceren. Links achter de olde ULO-skoele is nog net een stukje van de olde legere skoele an de Tusschendarp te zien.

Posted in Diever, Scholen, Tusschendarp, U.L.O.-school | Leave a comment

Excelsior in de consistoriekamer op 22 mei 1954

De redactie van het Dievers Archief publiceerde in nummer 07/1 van Opraekelen, het blad van de in Diever gevestigde heemkundige vereniging, het volgende bijschrift bij een foto van muziekvereniging Excelsior. De foto is bij deze tekst opgenomen.  Deze foto komt uit de verzameling van Arent Ekkelboom, die ook op de foto staat.

Oude in binnenruimten in de gemeente Diever gemaakte groepsfoto’s zijn zeldzaam. Deze foto van muziekvereniging Excelsior, opgericht op 22 mei 1924, is vermoedelijk op 22 mei 1954 ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van de vereniging gemaakt in de oude consistoriekamer van de Nederlands Hervormde Kerk in Diever.
Arent Ekkelboom heeft het vermoeden dat niet alle leden van de vereniging op deze foto staan, want in zijn tijd waren en man of twintig lid. Zo ontbreken op deze foto onder meer smid Frederik (Freerk) Offerein en schoenmaker Jan Mulder (Jan Pikkie).
Achteraan zijn van links naar recht te zien:
Anne Vierhoven (met tuba, geboren op 22-10-1918, overleden op 10-11-1963);
Ido Hunze (gegevens niet bekend),
Reinder van Leeuwen (gegevens niet bekend, wonende te Vledder, hij wordt verzocht te reageren op deze foto);
Hendrik Broekman (met trompet, geboren op 26-7-1930, wonende te Steenwijk);
Arent Ekkelboom (met piston, geboren op 27-10-1938, wonende te Joure);
Frederik (Freek) Bremer (met trompet, geboren op 18-11-1922, overleden op 28-12-1992)
Frederik (Freek) Klok (met bugel, geboren op 8-7-1937, overleden op 20-5-1987)
Hendrik Jan Rolden (met klarinet, geboren op 10-3-1921, overleden op ….);
Hilbert Bijker (met tuba, geboren op 16-9-1900, overleden op 20-1-1983).
De rij zittende muzikanten bestaat van links naar rechts uit:
Hendrik Oost (met klarinet, geboren op 21-3-1915, overleden op 12-2-2000);
Dirk van Leeuwen (met tuba of bariton in handen, maar blies eerst cornet, geboren op 4-1-1896, overleden op 17-9-1985);
Hendrik Nijzingh (met de ringbas, geboren op 18-7-1901, overleden op 12-5-1969);
Menno (Minne Pieter) de Raaf (met trombone, geboren op 19-3-1923, overleden op 18-4-1992);
Willem Krol (met piston, geboren op 20-10-1920).
Zittend voorzaan zijn van links naar rechts te zien:
Mans Nijzingh (met klarinet, geboren op 17-2-1940, wonende te Dwingelo);
Anne Nijzingh (met kleine trommel, geboren op 16-8-1932, wonende te Diever);
Jan Thalen (gegevens niet bekend, wonende te Assen, hij wordt verzocht te reageren op deze foto).

Posted in Cultuur, Diever, Kerk aan de brink, Opraekelen, Verenigingen | Leave a comment

Doctor in de regten Lodewijk Guillaume Verwer

In de Leeuwarder Courant van 2 oktober 1868 verscheen het volgende korte bericht over de promotie van mr. Lodewijk Guillaume Verwer van Makkum tot doctor in de regten aan de hooge school te Leijden, tegenwoordig Rijks Universiteit Leiden. Wat de titel van zijn dissertatie was, dat moet de redactie van het Deevers Archief nog uitzoeken.
Niet lang daarna kocht mr. dr. Lodewijk Guillaume Verwer het landgoed Zorgvlied in de gemiente Deever.
Ongetwijfeld heeft hij zijn over Nederland verspreide in Leiden opgebouwde netwerk gebruikt voor de voorspoedige ontwikkeling van zijn ondernemingen in Friesland en Drenthe.

Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Zorgvlied | Leave a comment

Diever – Plaatselijk distributie-kantoor leeggehaald

In de verzetskrant De Waarheid verscheen op 24 december 1943 tussen korte berichten over liquidaties van Nederlandse S.S.’ers, S.D.’ers, N.S.K.K.-mannen en andere foute Nederlanders in diverse dorpen en steden het navolgende korte bericht van slechts drie woorden.

DIEVER – Plaatselijk distributie-kantoor leeggehaald.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het plaatselijke verzet overviel in de nacht van 9 op 10 november 1943 het gemeentehuis aan de Brink in Deever. Uit het gemeentehuis, waar ook het ‘distributie-kantoor’ was gevestigd, werden onder meer distributie-bonkaarten en een deel van het persoonsregister weggehaald.

Posted in Brink, Diever, Gemeentehuis, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

De herstapeling van de stenen van het hunnebed

De weledelzeergeleerde heer professor doctor in de oudheidkunde Albert Egges van Giffes gaf in 1953/1954 leiding aan het creatieve populair wetenschappelijke herstapelen van de stenen van het al duizenden jaren geleden in elkaar gezakte hunnebed op de Stienakkers an de Grönnegerweg bee’j Deever.
Bijgaand afgebeelde ansichtkaart is de eerste kaart die na de zo genoemde ‘restauratie’ is uitgegeven. Op de afbeelding is het resultaat van het goedbedoelde knutselwerk te zien.
Winkelier Jan Brugging (de Wiba) an de Heufdstroate in Deever gaf deze nu zeer zeldzaam geworden ansichtkaart in juli 1955 uit.
De redactie van het Deevers Archief prijst zich gelukkig wél een exemplaar van deze kaart in zijn verzameling te hebben en deze aan de trouwe bezoekers van de webstee te kunnen tonen.

Abracadabra-1274

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Diever, Grönnegerweg, Hunnebed D52, Rijksmonumenten | Leave a comment

Oude dokterswoning an de Heufdstroate

Eerste ansichtkaart
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart van de oude dokterswoning an de Heufdstroate in Deever is voor de Tweede Wereldoorlog gemaakt. Links naast de dokterswoning is de woning van Martinus Strating (geboren op 15 januari 1982, overleden op 5 augustus 1965) en Jacoba Timmerman (geboren op 27 februari 1882, overleden op 20 november 1982) te zien. Meester Strating was onderwijzer aan de Gereformeerde School. Beiden liggen begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever.
Tweede ansichtkaart
De zwart-wit foto voor deze ansichtkaart van de Heufdstroate in de buurt van de dokterswoning en de burgemeesterswoning is gemaakt in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Dirk Ludolf Broekema was toen de plaatselijke huisarts. Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) was toen de burgemeester van de gemiente Deever.

Posted in Ansichtkaarten, Burgemeesterwoning, Diever, Dokterswoning, Hoofdstraat | Leave a comment

Plaatje 88 uit Bussink’s album Mijn land – Drenthe

Het boekwerk ‘Bussink’s Album – Mijn land – deel VIII – Drenthe’ is geschreven door G.J. Nijland. Het album is in 1934 uitgegeven door Bussink’s Koekfabriek uit Deventer. Het album was verluchtigd met 100 plaatjes en 2 platen. Bijgaande kleine afbeeldingen tonen de voorkant en de achterkant van plaatje nummer 88. De redactie van het Deevers Archief toont dit verworven prachtige plaatje graag aan de trouwe bezoekers van zijn webstee,
Op de voorkant van het plaatje is de Kleine Peperstroate en het kerkgebouw aan de brink van Deever te zien. En zoals het meestal met getekende onderwerpen uut de gemiente Deever ging, is voor dit plaatje ook een ansichtkaart als voorbeeld gebruikt. Deze ansichtkaart uit 1933 is hier ook afgebeeld. De overtekenaar van de ansichtkaart heeft op zijn tekening de op de ansichtkaart zichtbare mensen en de twee zichtbare houten palen van de electriciteitsvoorziening niet overgetekend. Wel heeft de overtekenaar zijn tekening ingekleurd, bepaald niet slecht gedaan. Of de aan de rechterkant zichtbare schuur van de N.S.B,’er Klaas Marcus Balsma inderdaad met rode pannen was gedekt, dat is bij de redactie niet bekend, maar valt wel te betwijfelen, want de overtekenaar van de ansichtkaart is waarschijnlijk niet in Deever geweest

Abracadabra-1271Abracadabra-1272
Abracadabra-1273

Posted in Ansichtkaarten, Diever, Kerk aan de brink, Klaas Marcus Balsma, N.S.B.'ers, Peperstraat, Tekeningen | Leave a comment

Fotoboekje ‘Diever in oude ansichten’

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op woensdag 14 oktober 1981 het volgende berichtje over het verschijnen van het fotoboekje ‘Diever in oude ansichten’.

Boekje van A. Andreae aangeboden
Diever in oude ansichten
Diever. In het gemeentehuis in Diever werd dinsdagmiddag het boekje ‘Diever in oude ansichten’ door de samensteller A. Andreae officieel aangeboden aan burgemeester H.G. Overweg.
Bij de overhandiging merkte burgemeester Overweg op dat er nog steeds ruimte is voor een gedegener studie over de rijke historie van het aloude Diever. Oud-schoolhoofd Andreae antwoordde hierop: ‘Ik hoop dat u me niet kwalijk neemt dat ik niets beloof’.
Het boekje (uitgave Europese Bibliotheek Zaltbommel) ligt al een maand in de winkel, dus de plechtigheid was rijkelijk laat, maar zoals Andreae opmerkte: ‘Beter laat dan nooit’. Hij vertelde dat zijn eerstvolgende activiteiten op het terrein van de historie indien mogelijk een uitgave met oude Drentse volksverhalen zou zijn. ‘Welke uitgever gaat dat echter accepteren’, vroeg hij zich af.
Burgemeester Overweg zegde toe dat het boekje een goed plaatsje in de ‘Drenthe-bibliotheek’ van de gemeente zou krijgen. De bibliotheek waar meer dan duizend werken die iets met Drenthe te maken hebben in verzameld zijn.

Het onderschrift bij de afbeelding luidt als volgt:
Burgemeester Overweg (rechts) neemt het boekje in ontvangst en feliciteerde samensteller A. Andreae met het fraaie produkt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Tegenwoordig is van elke al dan niet gepensioneerde al dan niet nog levende burgemeester wel een bladzijde met gegevens in de online encyclopedie Wikipedia te vinden. Zo ook van burgemeester Hermen Gerrit Overweg.
De samensteller van het fotoboekje A. Andreae is Albertus Andreae (die al van jongs af aan in de Deeverse volksmond Bart Eulie werd genoemd, omdat zijn vader pietereulieboer was). Albertus Andreae was op dinsdag 13 oktober 1981 al gepensioneerd hoofdmeester van de openbare lagere school an de Tusschendarp in Deever.
Albertus Andreae is geboren op 18 maart 1908 an ’t Meul’nende in Deever en is overleden op 27 maart 1988 in Deever.
De openbare lagere school an de Tusschendarp in Deever heeft vanaf de pensionering van hoofdmeester Albertus Andreae tot aan de afbraak van deze school de naam ‘meester Andreaschool’ gehad.
Het fotoboekje Diever in oude ansichten is nog steeds te bestellen.
De maker van de zwart-wit foto is de bekende dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm Hessels. 

Posted in Publicaties | Leave a comment

Zoals je ziet ben ik nog te Diever

Ansichtkaarten zijn een belangrijke bron van gegevens voor het schrijven over vrogger in de gemiente Deever.
De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is op zondag 23 juli 1939 in Deever in het postkantoor an de Heufdstroate gestempeld, wellicht door postkantoorhouder Lambert Schoemaker.
Een ansichtkaart van dit type wordt een vierluik genoemd; op de kaart worden vier kleine fotootjes getoond, in dit geval gebouwen in het dorp Deever. De vier kleine fotootjes staan elk apart ook afgebeeld op een gewone ansichtkaart.
Aan de linkerkant van de ansichtkaart is het café Centrum van Berend Slagter an de Kruusstroate te zien; dit nu wit geschilderde gebouw bestaat in enigszins verbouwde vorm nog steeds.
Boven in het midden van de ansichtkaart is het café Brinkzicht van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te ziet, dit gebouw bestaat in enigszins verbouwde vorm nog steeds.
Onder in het midden van de ansichtkaart is de oude kerk van de gereformeerde geloofsgemeente an de Kruusstroate te zien, dit gebouw -met uitzondering van het torentje- bestaat niet meer, op deze plek staat nu een andere kerk van de gereformeerde geloofsgemeente, die Kruiskerk is genoemd, maar gelukkig wel met het oude torentje. Het oude torentje moet toch èch wè as Deevers aarfgood worden beschouwd.
Aan de rechterkant van de ansichtkaart is de kaarke an de brink van Deever te zien. De kaarkhof (ook wel kaarketuun genoemd) was volkomen terecht afgezet met glint’n. De kaarkhof of kaarketuun behoort duidelijk niet tot de niet-origineel Saksische brink van Deever. De al in 1939 sterk vervallen kerk aan de brink is in 1956/1957 grondig gerestaureerd.
Het is jammer dat het fotootje aan de linkerkant van de ansichtkaart iets wordt overlapt door het fotootje boven in het midden van de ansichtkaart; dat was helemaal niet nodig.
De ansichtkaart is op vrijdag 21 juli 1939 door Joop geschreven aan mejuffrouw Mathilde L. Groenewoud, Wilhelminastraat 39, Den Haag. Afzender Joop schreef de volgende tekst op de achterkant van de ansichtkaart:
Zooals je ziet ben ik nog te Diever. Zondag als ’t goed weer is, ga ik met Cor een tocht maken en ga dan in Meppel slapen en Maandag naar huis, trein Roosendaal, verder fietsen. Ik kom misschien nog wel eens naar den Haag, maar er ligt zooveel werk thuis, dat ik er nu tegenop zie. Wees hartelijk gegroet van Cor en Joop en tot een volgende keer.

Posted in Ansichtkaarten, Café Balsma, Café Centrum, Diever, Erfgoed, Gereformeerde kerk, Kerk aan de brink | Leave a comment

De laatste foto’s van de Keet op de Heezebaarg

De eigenaren van ‘de Keet van Ezinge’ (de directiekeet van professor doctor Albert Egges van Giffen van de oudheidkundige opgraving van de terp van Ezinge in de provincie Groningen) op de Heezebaarg waren zo bijzonder vriendelijk de redactie van het Deevers Archief op de hoogte te stellen van hun beslissing dit zomerhuisje vanwege zijn slechte staat af te breken. De eigenaren waren een kleindochter en een kleinschoonzoon van de professor. Zo kon het gebeuren dat in de avond vóór de afbraak van de Keet op de Heezebaarg in de tweede helft van oktober 1997 de redactie van het Deevers Archief en de eigenaren van de Keet bij wijze van afscheid van het knusse huisje nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van de Keet hebben gezeten en daar een kopje thee hebben gedronken en een meelkoekje hebben gegeten.
De redactie van het Deevers Archief heeft de hier afgebeelde kleurenfoto’s op de dag vóór de afbraak tegen het vallen van de avond met flitslicht gemaakt. Deze behoren tot de allerlaatste ooit gemaakte foto’s van dit huisje.
Op de tweede afbeelding is duidelijk te zien dat professor doctor Albert Van Giffen zijn directiekeet bij de opgraving van de terp van Ezinge op de Heezebaarg heeft uitgebreid met een stuk met een plat dak, bedoeld voor een halletje en een keukentje.
Au’w in ’t veurjoar op de platte doake van de anbau klum’m, allennig as de pufesser ur niet was, dan könn’n wee’j mooi de nöst’n van de sproas onder de dakpann’n leeg hèl’n.
De redactie verwijst voor meer gegevens naar het bericht de sloop van de keet op de Heezebaarg.

  

Posted in Albert Egges van Giffen, Heezebaarg | Leave a comment

Veiling van vier villa’s van Verwer

In het Nieuwsblad van Friesland verscheen op 6 augustus 1915 de navolgende advertentie over de veiling van vier huizen, twee boerenwoningen met landbouwgrond  en een perceel boschgrond op Zorgvlied.

Veiling huizen en land Zorgvlied
Notaris Bon te Dwingelo zal op woensdag 6 october bij palmslag, telkens des middags 12 uur, te Zorgvlied, gemeente Diever, in de herberg van den heer Meijerink, ten verzoeke van de Noordelijke Hypotheekbank, gevestigd te Zwolle, en van de familie Verwer, publiek verkoopen:
a. Een 4-tal huizen, bevattende 6 à 7 kamers en keuken, met tuinen, staande en gelegen te Zorgvlied, gemeente Diever, in boschrijke, rustige omgeving, alle zeer geschikt voor buitenverblijf.
Aanvaarding dadelijk na den verkoop. De huizen zijn solide gebouwd en goed onderhouden.
b. Twee boerenwoningen, elk met circa 5 hectare land.
c. Een perceel boschgrond, groot circa 12 hectare.
Op het verkochte kan ongeveer 60% der koopsom als eerste hypotheek gevestigd blijven. Inmiddels uit de hand te koop.
Een en ander gelegen op ongeveer 15 minuten afstand van de halte Boijl der stoomtram Steenwijk-Oosterwolde.
Dagelijks te zien op aanvrage bij den tuinbaas Boetje te Zorgvlied.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De vier huizen moeten Villa Nova, Villa Aurora, Villa Cornelia en Villa Laanzicht zijn geweest. De drie eerst genoemde villa’s bestaan nog steeds op Zorgvlied. Volgens de vastgoed-deskundigen van de in Diever gevestigde heemkundige vereniging zou Villa Laanzicht nog bestaan en an de Deeverbrogge staan.
De vraag is of de vier villa’s van de erven van de in 1910 gestorven mr. Lodewijk Guillaume Verwer waren. Op basis van de advertentie zou kunnen worden geconcludeerd dat de toen al niet meer op Zorgvlied gevestigde Noordelijke Hypotheekbank eigenaar of mede-eigenaar was van Villa Aurora.

Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Noordelijke Hypotheekbank, Villa Aurora, Villa Cornelia, Villa Laanzicht, Villa Nova, Zorgvlied | Leave a comment

Ansichtkaart van de gemeentecamping Deever

Deze in november 1965 uitgegeven zwart-wit ansichtkaart, met daarop een afbeelding van de gemeentecamping Deever, was te koop bij lunchroom annex cafetaria Wanningen, Brink 2, Diever, telefoon 05219-1335.
Lubbert (Lub) Wanningen was in die jaren in de zomer ook de uitbater van een kiosk aan de Bosweg bij het zwembad Dieverzand.
Lubbert (Lub) Wanningen en zijn echtgenote liggen begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Gemeentelijke camping, Neringdoenden | Leave a comment

De eerste kroeg an de aandere kaante van de bos

In de Nederlandsche Staatscourant Nummer 261 van zaterdag 3 november 1888 verscheen het volgende bericht over de verlening van een vergunning voor het uitoefenen van een kleinhandel in sterke drank, zeg maar voor het uitbaten van de eerste kroeg met een vergunning op Zorgvlied.

Plaatselijke besturen
Burgemeester en wethouders van Diever brengen naar aanleiding van artikel 8, alinea 2, der wet van 28 juni 1881 (Staatsblad nummer 97), zooals dat is luidende na de wijziging bij de wet van 16 april 1885 (Staatsblad nummer 78), ter kennis:
1°. dat zij, ingevolge machtiging van Gedeputeerde Staten van Drenthe, bij resolutie van 24 augustus 1888, nummer 13, aan Johannes Steenbergen, koffie- en bierhuishouder en winkelier te Wateren, vergunning hebben verleend tot het uitoefenen van den kleinhandel in sterken drank in het door hem bewoonde huis nummer 8a te Zorgvlied;
2°. dat heeren Gedeputeerde Staten hebben overwogen:
a. dat in Wateren en Zorgvlied, welke te zamen eene afzonderlijke buurtschap uitmaken en respectievelijk 1½ en 2 uur zijn verwijderd van de kom van het dorp Diever, op geen enkele plaats sterke drank in het klein wordt verkocht;
b. dat vooral Zorgvlied door verschillende omstandigheden druk wordt bezocht en het belang en het gemak der bezoekers het wenschelijk maken daar een lokaal aanwezig te doe zijn, waarin het tappersbedrijf wordt uitgeoefend.
Diever, 31 October 1888.
Burgemeester en Wethouders, voornoemd,
L.W. van Os, Burgemeester.
K. H. Smidt, Wethouder,

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de gemeente Deever waren vanwege de jaarmarkten ook veel illegale kroegen, kroegen zonder vergunning, kroegen die sterke drank onder de tafel verkochten, zo genoemde stille kroegen,
Het verkrijgen van een vergunning voor het tappen van sterke drank was in die jaren toch wel een heel bureaucratisch en betuttelend gedoe, tot en met het publiceren van de verlening van de vergunning in de Nederlandsche Staatscourant.
Burgemeester Leonard Willem van Os – waarvan de volksmond zei dat hij ‘er niet in speejde’ – zal bij de verlening van de sterke-drank-vergunning aan Johannes Steenbergen vast en zeker niet in zijn objectieve overwegingen hebben meegenomen dat hij zelf woonde op een jong en groeiend dorp, dat in het bericht van het plaatselijke bestuur toen nog Wateren werd genoemd, dat blijkbaar pas later de naam Zorgvlied kreeg.
De redactie is met het publiceren van dit berichtje wel twee uitdagingen rijker geworden, want waar stond het pand van Johannes Steenbergen met adres Zorgvlied 8a en waar woonde burgemeester Leonard Willem van Os op Zorgvlied ?

Abracadabra-1270

Posted in Burgemeesterwoning, De aandere kaante van de bos, Gemeentebestuur, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie, bin ’t ee’m kwiet

In een gesprek dat de redactie van het Deevers Archief op 9 september 2005 had met wijlen boer in ruste Jans Bult uit Oldendeever, heeft de redactie de volgende reactie vastgelegd. Deze reactie biedt meer inzicht in de voor vele Deeversen bekende plek met de naam ‘t Bultie. Jans Bult reageerde echter toen als volgt.

Toen an de Brink ’t olde gemientehuus is offebreuk’n, hef ’t gemientehuus tiedelijk in ‘n noodgebouw ezeet’n. Het noodgemientehuus stön op een plek die ’t Bultie wödde enuumd. Vanof de boerdereje van Jan de Ruuter in Oldendeever leup ’r een zaandpad hen. Het pad zölf wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Ai’j over dat pad leup’m, dan leup ie over ’t Bultie.
We haad’n an dat pad nog een klein akkertie van twee-en-daartig are en dat wödde ok altied ’t Bultie enuumd. Dat akkertie laag woar now, vanof de Kloosterstroate bekeek’n, de eerste dree huuz’n an de Veentiesweg stoat.
Noast oens akkertie laag an de Deeverse kaante een akker van Derk Vording (Dörk Vodding). Die akker wödde ok ’t Bultie enuumd. Een stuk van de Kloosterstroate was dus vrogger ’t Bultie.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief

In het Deevers Archief is al heel wat aandacht besteed aan ’t Bultie, beter gezegd de discussie over de ligging van ’t Bultie, Voorgaande in het Deevers weergegeven reactie van wijlen boer Jans Bult uit Oldendeever geeft een duidelijke en positieve bijdrage aan deze discussie.
Deze reactie werd ook gepubliceerd in Opraekelen 05/4 (december 2005). Opraekelen is het blad van de heemkundige vereniging uut Deever. 

In het noodgebouw aan de Kloosterstroate, dat op deze uit 1964 daterende kleurenfoto is te zien, werd toen nog les gegeven aan leerlingen van de U.L.O.-school. Het noodgebouw stond dus niet op ’t Bultie, maar een flink eind naast ’t Bultie.
Boven het gammele houten gebouw (met gevaarlijke asbesthoudende dakplaten ?) is nog net een stukje van de spits van de gemeentelijke toren An de brink van Deever te zien.
Aan de linkerkant is niet helemaal scherp het voorhuis van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn, en Jantje Wesseling te zien.

De heer Wobke Vermaat reageerde op 13 oktober 2016 als volgt.
In 1963 zat ik in het witte noodgebouw op de U.L.O. We hadden daar ook schaakles.
Ik ben opgegroeid (familie Vermaat) in één van de dubbele woningen in de Kloosterstraat.
(redactie: De vader van Wobke Vermaat was leraar aan deze U.L.O.-school; de familie Vermaat woonde op nummer 18 in de Kloosterstraat, de door hem bedoelde dubbele woning is in 2014 afgebroken.

Abracadabra-417

Posted in Bultie, Deevers, Diever, Kloosterstraat, Opraekelen, U.L.O.-school | Leave a comment

Greinsstien langs de Voart tussen Wittelte en Uffelte

De redactie van het Deevers Archief heeft de navolgende kleurenfoto op zaterdag 16 augustus 1997 gemaakt.
Op de foto is de greinsstien langs het fietspad van de provinciale weg langs de Drentsche Hoofdvaart tussen Wittelte en Uffelte op de grens van de gemiente Deever en de gemiente Oavelte te zien. Komende van de kant van Uffelte was op de greinsstien de naam Diever en het wapen van de gemiente Deever te zien. Rechts op de achtergrond ligt in de weg de Stienbaarger bochte. De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk, onder aanvoering van burgemeester Jan Cornelis Meiboom, moeten wel een vergunning voor het plaatsen van deze gemeentelijke grenssteen in de berm van de provinciale weg hebben losgepeuterd bij de provincie Drenthe.
Om de sokkel van de greinsstien zijn nota bene 10 betontegels van 30 cm bij 30 cm aangebracht, waarschijnlijk om te voorkomen dan de greinsstien door lang gras minder goed zichtbaar zou kunnen worden.
Op 1 januari 1998, ’s nachts om 0.00 uur, als een soort van kreupele start van de gemeente Westenveld, moesten de nijvere gemeentearbeiders (van de gemiente Diever ?) in opdracht van de verse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk, vooruit voor één keer dan, meedoen met de oeroude traditie van het oldejoars sleep’m.
De nijvere mannen moesten alle blikstienders mooie greinsstien’n van de gemiente Deever hen ut gemientehuus an de brink van Deever sleep’m om daarna in gestrekte draf en met gezwinde spoed te kunnen worden gedeporteerd naar een puinbreker.
Welke wakkere en zonder twijfel echte Deeverse heeft zich geen oor aan laten naaien en heeft zich ontfermd over deze gloepens mooie greinsstien ?? Driewerf hulde voor deze held: hulde, hulde, hulde !! Zo’n greinsstien is toch èch wè Deevers aarfgood. Zo’n greinsstien steet èch wè good op un Deevers aarf.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de redactie een foto van andere greinsstienen op hun oorspronkelijke plek bezorgen ?

Posted in Erfgoed, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Coöperatieve Zuivelfabriek Ons Belang in Wapse

De coöperatieve landbouwvereniging voor boterbereiding en aanschaffing van veevoeder en kunstmeststoffen ‘Ons Belang’ in Wapse, gemiente Deever werd in 1897 opgericht. In november 1966 fuseerde de zuivelfabriek van Wapse met de zuivelfabriek van Deever. Op 1 mei 1970 werden beide fabrieken gesloten.
Deze ansichtkaart is in maart 1968 uitgegeven door een combinatie van twee wakkere neringdoenden in Wapse, te weten Zelfbediening Hennie Koning en Café Louwes.
In maart 1968 was de zuivelfabriek van Wapse nog in bedrijf, gelet op de melkbussen bij de fabriek.
Tussen het woonhuis aan de linkerkant en het fabrieksgebouw is nog net een stukje van de kaasmakerij te zien, waar in de laatste jaren -in elk geval in 1966- grote en zware Cheddar kazen werden gemaakt in de vorm van een cilinder met een diameter van ongeveer 30 cm en een hoogte van ongeveer 30 cm. De gerede kazen werden afgevoerd naar het kaaspakhuis van de N.C.Z. aachter ut spoor in Móppel.
Deze afbeelding van zuivelfabriek ‘Ons Belang’ komt ook voor op een zo genoemd vierluik met Wapser afbeeldingen.

Posted in Ansichtkaarten, Wapse, Zuivelfabriek Wapse | Leave a comment

Woar is de greinsstien bee’j ut Schultehuus eblee’m ?

De redactie van ut Deevers Archief hef de kleur’nfoto, woarop ai könt seen un greinsstien van de gemiente Deever bee’j ut Schultehuus an de brink van Deever, emeuk’n op 13 november 1998.
De redactie hef de kleur’nfoto woarop ai könt seen de hiele veurgevel van ut Schultehuus, toevallug ok emeuk’n op 13 november, moar in ut joar 2014. Op dizze foto is de greinsstien van de gemiente Deever jammer genog neet meer te seen.
Sul ut wat te maek’n hem’m mit de edwöng’n fusie van de freeje gemiente Diever mit de noabergemient’n Dwingel, Vledder en Oavelte op 1 janneworie 1998 ? Op die dag möss’n gemientearbeiders mit gezwinde hoast alle greinsstien’n van de gemiente Deever bee’j de greinse mit de noabergemienten weghael’n en aachter ut gemientehuus van de gemiente Deever vursèmel’n un lèter hen um puinbreker offevoert te wödd’n. Is dizze greinsstien toe veilig estelt deur un echte Deeverse en lèter toe de kust veilig was bee’j ut Schultehuus neer ezet ?
De grote vroag’n bint now: wie drukte de greinsstien aachterover en woar is dizze greinsstien eblee’m ?
Wie ut wet, die möt ut de redactie meld’n !

Posted in Schultehuis, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Begreu’m wödd’n in de kaarketuun van Deever

In de Drentse Almanak (dus niet de Nieuwe Drentse Volksalmanak) voor het jaar 1988 (de eerste jaargang) schreef de Hoogevener Lammert Huizing het sympathieke artikel ‘Oude gebruiken rond de groeve in Drenthe’. De redactie van het Deevers Archief citeert uit dit artikel het volgende korte stukje tekst.

In de dertiger jaren van de vorige eeuw werd het verboden om nog langer in de kerken te begraven of op de meestal te kleine karcktunen: de ruimte rondom het godsgebouw. Toen werden elders in de kerspels de eerste nieuwe begraafplaatsen aangelegd. Toen verdween ook geleidelijk de oude traditie van de lijkpredikatie in de kerk.
Pas in deze eeuw kwam het gebruik in vernieuwde vorm terug: de rouwdienst in een kerk of uitvaartruimte. Men hoefde nu geen kou meer te lijden, zoals vroeger toen de begrafenistoespraken nog bij het graf werden gehouden. Als men dan met de hoed af en in de wind aan het graf stond te luisteren, moest men rekening houden met het gezegde: ‘Van een groeve koo’j miestal tot een groeve’.
De plaats waar de dominee vroeger stond als de kist voor de laatste maal op de deel onder het balkenslop werd geopend, was aan het hoofdeinde van de kist. Hij ging in de stoet ook dicht achter de doodwagen lopen, om onheilsmachten af te weren. Dat gebeurde niet bewust. Maar men zag een dominee als drager van een hogere macht, als vertegenwoordiger van een andere, eeuwige wereeld. Een vaag besef van onheil en angst voor onbekende gevaren en machten, die rondwaren bij de dood, konden door Woord en Gebed worden afgeweerd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Dat de kaarketuun of de kaarkhof, dat is de ruumte um de kaarke an de brink van Deever, an de suudkaante van de kaarke veule groter is dan an de noordkaante, dat komp umdat vrogger alle mein’s, riek en aarm, allennig an de suudkaante van de kaarke begreu’m woll’n wödd’n, dat was een olde misschien wel bijna heidn’se gewoonte.
An de suudkaante van de kaarke was dus veule meer kaarketuun of kaarkhof neudig. De suudkaante van de kaarketuun lig an de kaante van de Heufdstroate, de noordkaante van de kaarketuun lig an de kaante van de Peperstroate.
De lèste skelett’n in de kaarketuun an de suudkaante van de kaarke bint bee’j de grote resterasie van de kaarke in 1956/1957 eruumd.
De redactie hef de eerste kleurenfoto emeuk’n op 19 september 2018 en de dree aandere kleurenfoto’s op 30 november 2018.
In de somer wödt de suudkaante van de kaarketuun gewoon in beslag eneu’m deur de uutbater van ut cafetaria an de brink, dan is de suudkaante van de kaarketuun ut grote patat- en eiswalhalla van Deever.
Hept de Hoge Hièr’n Van De Veurkaante Van Ut Grote Geliek de uutbater doar un vurgunning veur egee’m ? Of döt die uutbater moar gewoon woar hee sin an hef ?
De Abe-Brouwer-promenade mit die kienderkoppies en mit die rère rooie tiek’ns tuss’n de kienderkoppies heude vrogger ok bee’j de kaarketuun en neet bee’j de Heufdstroate en de brink.


Posted in Abe Brouwer, Brink, Kerk aan de brink | Leave a comment

Bouw café met concertzaal van Klaas Marcus Balsma

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 27 januari 1927 het volgende bericht over de uitslag van de publieke aanbesteding van de bouw van een café met concertzaal voor rekening van Klaas Marcus Balsma. 

Diever, 26 januari.
Voor rekening van den heer K.M. Balsma te Jubbega had heden alhier de publieke aanbesteding plaats van een café met concertzaal enzovoort aan de Brink te Diever.
I. Timmerwerk, enzovoort, hoogste inschrijver J. Coenraads te Noordwolde, f. 12479, laagste Mos en Zoer te Dwingelo, f. 11475.
II. Schilderwerk. Hoogste inschrijver G. Koster, alhier, f. 1290,-, laagste B. ter Wal, alhier, f. 1175.
III. Betonwerken. Hoogste inschrijver G.F. Bijl, Meppel, f. 879.30, laagste D. Faber te Assen, f. 348.
IV. Grondwerk. Hoogste inschrijver M. Punt, alhier f. 400, laagste L. Klok te Dieverbrug, f. 335.

Posted in An de Deeverbrogge, Brink, Café Balsma, Café Brinkzicht, Diever, Klaas Marcus Balsma | Leave a comment

Ansichtkaart van de Nederlands Hervormde Kapel

De redactie van het Deevers Archief is nog niet in de gelegenheid geweest bij deze ansichtkaart van de Nederlandse Hervormde Kapel op Zorgvliet (Zorgvlied) een passende tekst te bedenken.
Gelukkig is op deze foto wel de olde kaarkhof direct achter de kapel te zien. Dit olde kaarhof heut èch wè bee’j ut Deeverse aarfgood.

Posted in Ansichtkaarten, Nederlands Hervormde Kapel, Zorgvlied | Leave a comment

Daar wordt gedanst en nog wel op zondagmiddag

In het Vaderland – Staat- en Letterkundig Nieuwsblad van 5 februari 1920 verscheen het navolgende bericht over het V.C.S.B.-kamp aan de Bosweg tussen Deever en de Olde Willem. De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond organiseerde in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw in de zomer studentenkampen op een terrein in de buurt van het Mastenveldje aan de Bosweg. Op de ansichtkaart is de groote tent in ’t Studentenkamp te zien.

Kerknieuws – V.C.S.B.
In het laatste nummer van de Berichten uit den Vrijzinnig Christelijken Studentenwereld staat een geestig stukje van professor  Heering, getiteld “O.V.C.S.B., let op uw saek”.
We schrijven over:
“Zooals bekend is hebben hare conferenties wel eens het praedicaat moeten dragen van ‘Jolig Christendom’. Hare jongenskampen waren ook te uitbundig en te sportief. En zelfs drong eens het verwijt tot me door: ‘Wat zijn dat voor Christenen in Diever. Daar wordt gedanst en nog wel op Zondagmiddag.’
Na dit verwijt heb ik ’t toen voor beter gehouden, dat de V.C.S.B. voortaan niet voetbalde , niet sprong en niet danste. Doch tot mijn schrik heb ik gemerkt, dat de wind van kritiek ook uit een tegenovergestelden hoek waait. Er rijzen klachten dat de V.C.S.B. te weinig levenslustig is, te weinig pret maakt.
Ds. Van Wijngaarden heeft een student ontmoet, die kennismakende met de V.C.S.B. , teruggedeinsd was voor de droogstoppels die er waren. Ds. Van Wijngaarden achtte wel is waar deze aanklacht overdreven, maar vond er toch aanleiding in, om in de Nieuwe Stemmen uit de Vrije Gemeente (December 1919) een ernstige waarschuwing te laten hooren, een waarschuwing zóó belangrijk, dat de N.R.C. van 9 januari, ochtenblad, haar overnam. De waarschuwing luidt: De V.C.S.B. hebbe niet te vergeten: ‘Ook bij de sportlievenden, danslustigen is het godsdienstig gevoel niet afwezig.’
Wanneer men nu aan deze bezwaren wil tegemoet komen en tegelijk de eerstgenoemde klachten niet verontachtzamen wil, dan wordt het geval moeilijk, uiterst moeilijk.
Professor Heering’s welgemeenden raad aan de V.C.S.B. is : Kunnen de danslustige en de ernstige lieden elkaar en de zoo hartelijk belangstellende buitenwereld niet tevreden stellen door het volgende in acht te nemen.
’s Zomers danse men een stemmige Quadrille des Lanciers, ’s winters na een ernstige lezing of sectie een vrolijk (maar kalm) walsje ! Zoo betracht gij binnen de grenzen van uw vereniging den rijkdom des levens en houdt allen te vriend, die met hun opbouwende critiek het werk van uwen Bond zoo krachtdadig steunen !

 

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, Diever, Gemeente Diever, V.C.S.B.-kamp | Leave a comment

N.S.B.’ers na de bevrijding gevangen in café Balsma

In de gemiente Deever hielden de leden van de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) zich in de eerste dagen na de Tweede Wereldoorlog met name bezig met het opsporen en vastzetten van N.S.B.’ers en pro-Duitse Nederlanders uit de omgeving van Deever.
Ze werden vastgezet in café Brinkzicht an de Brink in Deever, dit café was eigendom van de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma, die zelf eerst ook in zijn eigen café werd vastgezet, nadat hij in Appelscha was opgepakt.
Voor het luchten van deze mensen was een omheind stuk grond buiten het café beschikbaar.
Na verhoor en na opmaak van een eerste proces verbaal door de leiding van de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) mochten sommigen naar huis, anderen kwamen terecht in kamp Westerbork.
Het is een goede zaak dat betrokkenen over het gebeurde in de Tweede Wereldoorlog willen getuigen.
In de webstee easy.dans.knaw.nl van Data Archiving and Networked Services zijn getuigen-verhalen van N.S.B.’ers die hebben vastgezeten in kamp Westerbork te vinden. Zo ook interview 16 waarin een in de Tweede Wereldoorlog pro-Duits gezinde vrouw uut Oldendeever vertelt over haar ervaringen in en na de Tweede Wereldoorlog.

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.A.D.-kamp, N.S.B., Oldendiever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Plaatsnaambord Wapse – Gemiente Deever

De redactie van het Deevers Archief toont bijgaande foto van het fraaie plaatsnaambord ‘Wapse – Gemeente Diever’ graag aan de trouwe bezoekers van zijn webstee.
Het plaatsnaambord stond langs de Ten Darperweg tussen Kalteren en Wapse, toen de gemiente Deever gelukkig nog een zelfstandige gemeente was. Op 1 januari 1998 werden de zelfstandige gemient’n Oavelte, Vledder, Dwingel en Deever gedwongen te fuseren. De afgebeelde foto moet een aantal jaren vóór die fusie zijn genomen.
De nijvere werkertjes voor de Voorkant Van Het Grote Gelijk hebben ongetwijfeld de opdracht van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk gekregen op 1 januari 1998 om 0.00 uur alle oude plaatsnaamborden in de fusiegemeente uit de grond te rukken en met gezwinde spoed naar de schroothoop te brengen.
De redactie vraagt zich af of her en der soms door een echte Deeverse een plaatsnaambord van de schroothoop is gered en voor het nageslacht is bewaard ?
De redactie wil graag weten waar het hier afgebeelde plaatsnaambord stond ? Wie van de oplettende bezoekers zou willen reageren ?

De redactie van het Deevers Archief ontving op 21 juni 2016 de volgende reactie van mevrouw Carla:
Het plaatsnaambord ‘Wapse Gemeente Diever’ stond tussen de woningen met huisnummer 12 en huisnummer 14 aan de Ten Darperweg, de weg van Diever naar Wapse, ter hoogte van het hectometerpaaltje 14.6. Nu staat op dezelfde plek het plaatsnaambord met de tekst ‘Wapse Gemeente Westerveld’. Zie de volgende afbeelding. Die weg kan ik nog steeds dromen, dat mag met deze reactie blijken.

Abracadabra-1269

Posted in Gemeente Diever, Ten Darperweg, Wapse | Leave a comment

Franse veteraan beschrijft zijn avonturen in Drenthe

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 3 januari 2000 het volgende bericht over de memoires van de Franse parachutist Maurice Domingo.

Franse Veteraan beschrijft zijn avonturen in Drenthe
Diever. Vlak voor de bevrijding in 1945 werd N.S.B.-burgemeester Posthumus van Diever gearresteerd en naderhand uitgeleverd aan de geallieerden. Een deel van de Dieverder bevolking denkt nog altijd dat Posthumus door eigen ingezetenen werd gegrepen en vastgezet, anderen houden tot op de dag van vandaag vol dat de burgemeester door Franse parachutisten in de kraag werd gevat. Dit volksmysterie, voor zover de officiële kronieken al ruimte lieten voor raadsels op dit terrein, kan nu definitief als opgelost worden beschouwd.
Tot ieders verrassing arriveerde er onlangs bij het postagentschap in de Golf-supermarkt van Diever een dik pak papier, dat de avontuurlijke memoires bleek te bevatten van de gewezen Franse parachutist Maurice Domingo. De 76-jarige luchtveteraan beschrijft hoe hij samen met 17 andere Franse para’s op 6 april 1945 boven Drenthe werd gedropt. Eén van de opdrachten van de eenheid was, burgemeester Posthumus van Diever te arresteren. En aldus geschiedde.
De nietsvermoedende burgemeester werd overrompeld toen hij net aan de koffie zat. De para’s ontmoetten geen enkele weerstand, toen ze de hevig ontstelde Posthumus mee naar buiten namen en hem achter de Ossenkoel aan een boom vastsnoerden. Hierbij verzuimden zij niet, de N.S.B.’er een flink pak slaag te geven. Maurice Domingo vertelt, hoe hij tijdens de overval het zilveren koffielepeltje van de burgemeester achterover drukte. Dit heeft hij tot op de dag van vandaag in zijn bezit.
De weg die de memoires aflegden, is curieus te noemen. Als adres wist de geestelijk vader niets anders te verzinnen dan ‘La Postière Diever, Hollande’. En ziedaar: het kwam in de bus ! Maurice Domingo vertrouwde blijkbaar op de oude banden, die hij met het Dieverse postwezen heeft. Tijdens hun missie in Drenthe werden de Franse parachutisten namelijk geholpen door een plaatselijke postbeambte, die er voor zorgde dat ze adequaat konden verplaatsen.
De memoires bleken geheel in het Frans te zijn geschreven en daarom zijn ze eerst maar eens vertaald. De para’s werden in afwachting en ter voorbereiding van de geallieerde opmars achter de Duitse linies gedropt. Eén van hun opdrachten was ook, de met explosieven geladen schepen die lagen afgemeerd in de Drentse Hoofdvaart, te saboteren. Toen daarbij één der schuiten in de lucht vloog, raakte Maurice Domingo  gewond. Dat betekende meteen het einde van zijn optreden in Drenthe. Hij werd overgebracht naar de oprukkende 1e Canadese Divisie en verbleef daarna voor zijn herstel een poos in Schotland.
Uit de memoires, die 60 losse pagina’s beslaan, wordt duidelijk dat de gewezen parachutist kan terugzien op een turbulent verlopen jongelingstijd, waarin hij zich ontpopte als een echte mannetjesputter. Hij werd 19 mei 1921 geboren in Narbonne. In 1938 werd hij bokskampioen van het departement Languedoc. In 1940 werd hij fabrieksarbeider. Hij hield niet van de Duitsers en viel in handen van de Gestapo, die hem doorzond naar Spanje. Domingo wist echter te ontsnappen en kwam na allerlei wederwaardigheden terecht bij de Franse para’s, die buiten hun bezette vaderland opereerden. De missie in Drenthe was de derde waaraan hij meedeed.
Maurice Domingo, die later een aantal keren terug is geweest in Drenthe, vertelt dat er in de dagen vlak voor de bevrijding rond Diever een aantal Duitse soldaten is gesneuveld. De Historische Vereniging van Diever, die de memoires nu in beheer heeft, wil graag weten hoe hun naam luidde en waar ze zijn begraven.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft dit enigszins rammelende bericht in het Deevers Archief opgenomen voor wat het waard is.
De redactie verwijst naar het bericht Ik heb bij deze actie een zilveren theelepel gestolen, het bericht Operatie Amherst: de parachutisten van stick 49, het bericht Geesje van der Werf-Schoemaker is overleden en het bericht Gees de postbeambte kijkt me triomfantelijk aan.
La Postière Diever Hollande was Geesje Schoemaker, de dochter van de postkantoorhouder van het postkantoor an de Heufdstroate van Deever.

Posted in Franse parachutisten, Gees Schoemaker, N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Vergadering burgemeester en wethouders in 1953

De redactie van het Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde, steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels, documenten en foto’s over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het papieren blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever te publiceren, dan maar postuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in de webstee van het Deevers Archief.
Tussen zijn verzameling foto’s zat ook bijgaande zwart-wit foto, die Anne Mulder heeft gemaakt in 1953. Het betreft een foto van een vergadering van de burgemeester en de wethouders van de gemiente Deever. Op welke datum hij deze foto heeft gemaakt, dat heeft de fotografist bij deze foto niet vastgelegd.

De burgemeester en de wethouders van de gemiente Deever vergaderden in ut olde gemientehuus an de brink van Deever. Zie de bijgaand afgebeelde ansichtkaart uit de vijftiger jaren van de vorige eeuw.
De redactie van het Deevers Archief is niet bekend met de precieze datum van deze vergadering van de burgemeester en de wethouders. Deze datum zou te vinden moeten zijn in het archief van de gemiente Deever.
Op de foto zijn van links naar rechts te zien:
– V.V.D.-burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), geboren op 9 april 1910 in Oldemarkt, overleden op 11 februari 1982 in Bilthoven;
– gemeentesecretaris Jan Boesjes, zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht;
– A.R.-wethouder Jannes Hessels, geboren op 27 november 1906 in Oldendeever, overleden op 22 juli 1977.
– P.v.d.A.-wethouder Hilbert Gerrits, geboren op 10 december 1905 op Kalter’n, overleden op 4 februari 1964.
De redactie heeft zich dagen lang het hoofd suf geprakkiseerd over het waarom van de aanwezigheid van die (glazen ?) kom op de tafel tussen de papperasjes van de drie Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk en vlak bij de druk schrijvende notulist Jan Boesjes. Zaten in die kom lekkere knabbelkoekjes of Belgische gevulde chocolaatjes ? En is Jannes Hessels onder het besturen door bezig met het roken van een bolknak ? Zo te zien bungelt in zijn mond een sigaar.
Dat de vergadering in het jaar 1953 is gehouden, dat mag blijken uit het aanplakbiljet, dat Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) achter de vier mannen aan de muur (of deur ?) had opgehangen. Achter en onder de petten van de twee wethouders is op het aanplakbiljet nog net het woord Openluchtspel en de tekst Eind goed, al goed te ontwaren. In de zomer was burgemeester Jan Cornelis Meyboom vaak meer bezig met het reclame maken voor het steeds maar meer bezochte openluchtspel en het bevorderen van de verkoop van toegangskaarten, dan met het burgemeesteren van de gemiente Deever.
De nazaten van Jan Cornelis Meiboom en Nelly Veldman onderhouden tegenwoordige een bladzijde met tekst in de webstee Wikipedia. Op die bladzijde behoeft de tekst ‘In april 1944 dook hij onder na de opdracht te hebben gekregen om arbeidskrachten aan te wijzen om te helpen bij het nieuwe Duits militaire vliegveld in Havelte’ enige aanpassing.
Deze tekst zou kunnen luiden: ‘In april 1944 kreeg hij de opdracht arbeidskrachten aan te wijzen om te helpen bij het aanleggen van het Duitse militaire vliegveld in Havelte. Voor het bevorderen van vrijwillige aanmelding wilde hij een voorbeeld geven en ging zelf eerst een dag werken bij de aanleg van het Duitse militaire vliegveld in Havelte. Voor het Deeverse verzet was dit een daad teveel. Het verzet raadde hem aan uit Deever te verdwijnen. See hept hum wegeknooid. De familie Meiboom verbleef de rest van de oorlog bij familie elders in den lande.’
In 1953 werd voor het eerst en blijkbaar voor het laatst het toneelstuk Eind goed, als goed van Sjakie uut Spier in het openluchttheater an de Shakespearebrink (voorheen Bolderbrink) in het Grünedal an de Hezenesch bee’j Deever opgevoerd. De redactie verwijst voor de lijst van uitgevoerde openluchtspelen naar de webstee van het openluchttheater.
In het Deevers Archief is geen afbeelding van het grote aanplakbiljet aanwezig, dat zal ongetwijfeld wel aanwezig zijn in het archief van de toneelvereniging Deever, dat gelukkig is ondergebracht in het Drentsch Archief in Assen. Wel kan de redactie van het Deevers Archief de voorkant van het programmaboekje van het openluchtspel uit dat jaar tonen. Zie de bijgevoegde afbeelding. De tekening op de voorkant van het programmaboekje komt overeen met de tekening op het aanplakbiljet.


Posted in Gemeentebestuur, Gemeentehuis, Openluchtspel | Leave a comment

Deeverse oorlogsgrafstenen staan bijna in Duitsland

In het ontzagwekkende Museum Collectie Brands – ga vooral daar eens kijken- in Nieuw-Dordrecht, in het zuidoosten van Drenthe, op nog geen vijf kilometer van de Duutse greinse, zijn de grafsteen van het oorlogsgraf van vader Nicolaas Houwer en de grafsteen van het oorlogsgraf van zoon Klaas Houwer gelukkig wel bewaard gebleven. Zie de twee bijgevoegde kleurenfoto’s.
De twee grafstenen, die èch wè tot ut Deeverse aarfgood beheurt, ook al staan ze in Nieuw-Dordrecht, zijn bewaard gebleven dank zij de onstuitbare verzamelwoede van topverzamelaar Jan Brands. Hij verzamelde weliswaar voorwerpen, maar het ging hem daarbij vooral om het verhaal bij de voorwerpen. Bij deze twee Deeverse oorlogsgrafstenen is wis en zeker een verhaal te vertellen. Zie onder meer de berichten Frits Habener is de moordenaar van 10 april 1945 en Plotseling en wreed stond de dood voor de broers.
Deze twee kleurenfoto’s zijn op 5 februari 2019 gemaakt door Henk Meijer, fotograaf van het Museum Collectie Brands. De redactie van het Deevers Archief is hem bijzonder erkentelijk voor zijn moeite deze foto’s te willen maken en voor zijn toestemming deze foto’s in het Deevers Archief te mogen tonen.
De twee oorlogsgrafstenen stonden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever bij de graven van de andere oorlogsslachtoffers,  maar zijn bij of na de overdracht van de grafrechten van de familie van beide mannen aan de Oorlogsgravenstichting op 1 januari 1964 (en niet op 13 april 1965, twintig jaar na de begrafenis van beide mannen ?) zeer erg helaas door die stichting vervangen door die kille, steriele en anoniemachtige standaardgrafsteen van die stichting.
De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk van de gemiente Deever, onder aanvoering van burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) hebben in 1964 blijkbaar geen enkele moeite gedaan deze oorlogsgrafstenen voor de gemiente Deever te behouden.
De grote vraag is natuurlijk hoe kwam de niet te stoppen superverzamelaar Jan Brands achter het feit dat de Oorlogsgravenstichting op 1 januari 1964 of daarna de twee voor haar overbodig geworden Deeverse oorlogsgrafstenen kwijt moest ?
De medewerkers van Museum Collectie Brands hebben wel moeite gedaan de letters, cijfers en tekens op de oorlogsgrafstenen die meer dan zestig jaren in weer en wind hebben gestaan, weer goed leesbaar te maken. Daarvoor driewerf hulde: hulde, hulde, hulde. Daarvoor dank aan de conservator mevrouw Hilde van den Berg.
Nu kunnen we lezen dat op de oorlogsgrafsteen van vader Nicolaas Houwer staat:
Onschuldig werd hij uit het leven weggerukt door de wreede vijand 2 dagen voor de bevrijding.
Nu kunnen we lezen dat op de oorlogsgrafsteen van zoon Koop Houwer staat:
Zijn jong leven eindigde 2 dagen voor de bevrijding door vijands wreede moordenaars hand.
De redactie verwijst voor de volledigheid naar de met dit bericht verband houdende berichten Het oorloggraf van Nicolaas en Klaas Houwer en Nicolaas en Klaas Houwer zijn niet geruimd.

Bij de navolgende afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uit 1965 is het volgende te berichten.
In de Tweede Wereldoorlog woonden in dit huis aan het begin van de Bosweg (nu Bosweg 4) in Deever het echtpaar Nicolaas Houwer en Willempje Been en hun kinderen Koop, Albert, Margje en Christina (Stina). Ze hadden wat land op de Noordesch waarop een en ander werd verbouwd en ze hielden een paar varkens. Nicolaas Houwer werkte bij de Concordia an de Deeverbrogge.
Op 10 april 1945 waren Willempje Houwer-Been, Margje Houwer en Christina (Stina) Houwer getuige van wat op die dag op en om het marktterrein gebeurde. Op de afbeelding is het huis te zien, nadat Gerard Krol dit huis had laten ombouwen tot pension.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Erfgoed, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Tjeerd Bottema is de ontwerper van de Sluis-haan

Rechts van de ingang van korenmolen de Vlijt in Oldendeever hangt al zeker meer dan vijftig misschien wel zestig of zeventig jaren een geëmailleerd reclamebordje met de bekende hanekop van Pieter Sluis, ooit fabrikant van onder meer veevoeders, mengvoeders, diervoeders, vogelvoeders, pluimveevoeders, kippevoer en zangzaad.
Het bordje is helemaal verweerd en was oorspronkelijk kanariegeel van kleur, dat is nog een beetje te zien bij de letters E, N en G van het woord MENGVOEDERS.
Het email is bij de vier schroeven (of zijn het spijkers ?) op de hoeken verdwenen en de schroeven (of zijn het spijkers ?) zijn helemaal weggeroest.
De tanden van de tijd zullen het bordje verder aanvreten en op een dag zal de zwaartekracht het bordje van de muur trekken, maar daar zal dan waarschijnlijk geen haan naar kraaien.
Zo te zien zal het bordje voor de verzamelaar weinig waarde hebben.
Het bordje moet daar zijn opgehangen in de beste jaren van Pieter Sluis, toen het merk Sluis nog een begrip in heel Nederland was. Heeft mulder Jan Albert (Ab) Jansen het bordje opgehangen, voordat hij naar het land Verenigde Staten van Amerika (U.S.A) verhuisde, misschien wel vóór de Tweede Wereldoorlog of heeft zijn opvolger Arend Uiterwijk Winkel dit na 1953 gedaan ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het reclamebordje van dichtbij op 3 oktober 2012 gemaakt.
De De redactie van het Deevers Archief heeft de andere kleurenfoto op vrijdag 30 november 2018 gemaakt.

Op 14 februari 2018 schreef Evert de Jong de volgende reactie, waarvoor de redactie hem bijzonder erkentelijk is:
Vermeld mag worden dat de Sluis-haan voor reclamedoeleinden is ontworpen door tekenaar, schilder, etser en illustrator Tjeerd Bottema. Dat moet ver voor de Tweede Wereldoorlog zijn geweest.
Rond 1905 had Tjeerd Bottema het beroemde affiche voor verzekeringsmaatschappij RVS gemaakt: vrouw met paraplu, man met wandelstok en hondje.
In die periode moet hij hoogstwaarschijnlijk ook het beroemde embleem voor P. Sluis hebben gemaakt.
Ik heb ruim 40 jaar geleden een boek geschreven over het leven van Tjeerd Bottema (ISBN 9062720013), getiteld ‘Mijn leven’. Daarin staat een fraaie Friestalige affiche van P. Sluis Ochtendvoer afgedrukt. De datum waarop deze prent werd gemaakt staat er helaas niet bij.
Bottema zegt in het boek onder meer over zijn studententijd aan de Rijksacademie voor Schilderkunst in Amsterdam: ‘Het ging me daar goed. Ik kreeg veel opdrachten voor illustraties en voor reclamewerk’.
Later maakte hij furore als illustrator van voornamelijk kinderboeken en als etser.
In het voorjaar van 1978 is Tjeerd Bottema in Katwijk overleden.
Ik hoop u hiermee naar genoegen te hebben geïnformeerd.

Posted in Diever, Kunst, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

In de kantine van Ellert en Brammert

Op ansichtkaarten uut de gemiente Deever zijn helaas weinig interieurs van gebouwen afgebeeld. Het hier afgebeelde interieur is het prachtige kneuterige jaren-zestig-van-de-vorige-eeuw-interieur van de recreatiezaal van recreatiecentrum Ellert en Brammert, gelegen tussen de Deeverbrogge en de Gowe.
In de volksmond werd ‘de recreatiezaal’ gewoon ‘de kantine’ genoemd. Je kon in ‘de kantine’ onder het drinken van een kopje koffie of een glaasje Martini (zie de reclame) en het roken van een sigaretje of sigaartje (zie de asbak op de tafeltjes) de krant De Telegraaf (zie de standaard met kranten) lezen.
Bijgaande afbeelding staat op een ansichtkaart die in januari 1968 is uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207. De kaart is gedrukt bij JosPé in Arnhem. In december 1969 verscheen een tweede druk van deze ansichtkaart.
Vele Deeversen zullen zich vast en zeker herinneren dat de kantine van Ellert en Brammert in de zomer in de vakantietijd enige keren het vertrek- en aankomstpunt was van een zo genoemde wandeloriënteringstocht, die werd georganiseerd door de Motor- en Bromfietsclub ‘Deever en Omstreken’. Zie het bijgaande bericht dat verscheen in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 5 juli 1968. De vast en zeker ervaren Deeverse oriënteerders H. Boelens, A. Noorman en J. Winters behoorden tot de prijswinnaars.
Wanneer is de Motor- en Bromfietsclub ‘Deever en Omstreken’ opgeheven ? Is het archief van deze vereniging geschonken aan het Drentsch Archief in Assen ?

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie, Verenigingen | Leave a comment

See vurbouwt ut husie van Jan en Tinus Andree

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto op woensdag 19 september 2018 op ut Kastiel in Deever in het toevallige voorbijgaan gemaakt. Speciaal voor Jan en Tinus.
Ut husie woar vrogger de familie Albert Andreae (deze achternaam werd in de volksmond altijd als Andree uitgesproken) en Jantje (Jantie) Oost met hun kinderen, waaronder de tweeling Jan en Tinus, woonde, is vanwege een volledige verbouwing flink, zeg maar helemaal, gestript. Het is door de rode en blauwe dekzeilen niet goed te zien, maar de reet’n doake zal ook zijn gesloopt. In het huisje zullen vroeger beddestees hebben gezeten. Duidelijk is te zien dat het huisje oorspronkelijk is gebouwd met éénsteens muurtjes. Zo te zien wordt aan de achterkant een stuk aangebouwd, het beton voor de fundering en de vloer is al gestort. Dat is een mooiere oplossing dan het lompe en onbestaanbare huis, dat nog net aan de rechterkant van de foto is te zien, waarvoor het latere keuterijtje van Albert Andreae (Andree) en Jantje Oost wel werd weggesloopt.

Posted in Kastiel, Keuterijen, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Jacob Oost is veertig jaar veemarktmeester

Op 2 mei 1952 werd in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het artikel ‘Jacob Oost 40 jaar marktmeester’, ter gelegenheid van het feit dat Jacob Oost van ’t Kastiel in Deever toen veertig jaar lang de functie van marktmeester van de Deeverse veemarkten had vervuld.

Diever
Jacob Oost 40 jaar marktmeester
Morgen, 3 mei zal het 40 jaar geleden zijn dat Jacob Oost Bzn van de Burgemeester van Oslaan, marktmeester voor de jaarmarkten in Diever werd. Eigenlijk is hij al 50 jaar bij het marktwezen in Diever betrokken, want gedurende 10 jaar daarvóór was hij één van de 5 personen, die op diverse plaatsen rondom het dorp post vatten voor het tellen van het vee, dat marktwaarts ging.
Bij de invoering van de marktgeldheffing op 1 mei 1912 is Oost marktmeester geworden. Hij is steeds bij de koeien betrokken geweest. Veel weet hij over het verleden te vertellen. Over de zogenaamde voormarkten aan de vooravonden van de markten op de erven bij de cafés, waar dan al grote aantallen paarden verzameld waren en waar het al druk toeging en vele dieren van eigenaar verwisselden.
Was het marktgeld voor een koe steeds 10 cent in de afgelopen 40 jaar, in de aanvoer van het vee zat meer muziek. Op de Meimarkt in 1912 waren 229 stuks hoornvee aangevoerd. Het aantal aangevoerde paarden bedroeg toen 570. De grote aanvoer is er vroeger wel eens oorzaak van geweest, dat Oost het niet geheel alleen af kon. Dit is de laatste jaren evenwel niet meer voorgekomen, want de jaarmarkten zijn in betekenis afgenomen als gevolg van de opkomst van de weekmarkten in grote plaatsen in de omtrek door het zich steeds meer uitbreidende snelverkeer.
Wij wensen Oost, die met z’n 78 jaar de leeftijd der zeer sterken al dicht nadert, toe, dat hij even kwiek en nauwgezet als tot nu toe de functie van marktmeester nog diverse jaren zal vervullen.

Het bijschrift bij de foto luidt als volgt.
We fotografeerden Oost, terwijl hij druk bezig was voorjaarswerkzaamheden op het land te verrichten. Men zou het hem daarbij niet aanzien, dat hij reeds zo’n respectabele leeftijd heeft bereikt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Jacob Oost is geboren op 30 oktober 1873 in Deever en is overleden op 28 mei 1967 in Deever. Hij was een zoon van Barteld Oost en Jantje Prikken. Barteld Oost was de laatste schaapsherder van Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft al enige keren aandacht besteed aan Jacob Oost. Zie bijvoorbeeld het bericht Echtpaar in Deever viert 60-jarig huwelijksfeest en het bericht Keuterijtje op ’t Kastiel in Deever in 1958.
Het mag duidelijk zijn dat het bijschrift bij de foto uit de duim gezogen is; het is wel zo dat Jacob Oost aan de rechterkant van de boer op de ploeg (?) zit, maar uiteraard zelf niet meer achter de ploeg (?) liep. Wie is de man aan de linkerkant ? Iemand van ut Kastiel ? Wellicht ploegde de boer voor Jacob Oost een tippe laand ? Maar waar, op welke esch ?
Jacob Oost en zijn vrouw Elsje Davids woonden in een keuterijtje op ut Kastiel (je woont op ut Kastiel en niet an ut Kastiel). Het keuterijtje had toen huisnummer 2. Deze weg werd in de volksmond altijd ut Kastiel genoemd, ook nadat de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk bij het afscheid van burgemeester Hendrik Gerard van Os in 1939 deze straat bewust, maar wel erg abusievelijk Burgemeester van Oslaan ging noemen. En dat hebben de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk veel te lang volgehouden.

Op de plek van dit oude keuterijtje is anno 2018 een uiterst merkwaardig nieuw pand gebouwd.
De Deeverse correspondent Anne Mulder berichtte in de Olde Möppeler van 11 juli 1952, zie de bijgevoegde afbeelding, dat de aanvoer op de jaarveemarkt van 9 juli 1952 slechts 53 paarden, 17 koeien, 13 schapen en 4 geiten bedroeg. De jaarveemarkt was in 1952 op sterven na dood.

Posted in Alle Deeversen, Boer'nwaark, Jaarmarkten, Kastiel | Leave a comment

Nicolaas en Klaas Houwer zijn niet geruimd

De redactie van het Deevers Archief publiceerde in het Deevers Archief het bericht De oorlogsgraven van Koop en Nicolaas Houwer. Naar aanleiding van de in dat bericht gestelde vragen ontving de redactie op 30 januari 2019 de navolgende reactie van de dienstdoende ambtenaar van de gemeente Westenveld, gevestigd in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.  De redactie is de dienstdoende ambtenaar van de gemeente Westenveld zeer bijzonder erkentelijk voor zijn snelle reactie. Desalniettemin nochthans evenwel zijn niet alle gestelde vragen beantwoord en roepen de onduidelijkheden in de reactie ook weer enige vragen op.

Op de openbare begraafplaats in Diever zijn meerdere graven van oorlogsslachtoffers die tijdens de tweede wereldoorlog zijn omgekomen.
Oorlogsgraven zijn te onderscheiden in:
– militaire rijksgraven: dit zijn graven van Nederlandse en geallieerde militairen.
– civiele rijksgraven: dit zijn graven van Nederlandse burgers (meestal verzetsstrijders);
– stichtingsgraven: dit zijn graven die eigendom zijn van de oorlogsgravenstichting;
– particuliere graven: dit zijn graven van Nederlandse burgers (meestal represaille slachtoffers) die eigendom zijn nabestaanden/rechthebbenden.
Op de openbare begraafplaats in Diever bevinden zich:
– 7 militaire graven in vak E, rij 5, nummers 26 tot en met 32;
– 5 stichtingsgraven in vak I, rij 3, nummers 7, 9, 11, 13 en 14;
– 6 particuliere graven in I, rij 3, nummers. 2, 3, 5, 12, 15 en 17;
– geen civiele rijksgraven.
Na de oorlog waren op de openbare begraafplaats in Diever alleen militaire rijksgraven en particuliere graven.
Het onderhoud aan de particuliere graven neemt in de loop van de jaren vaak af, omdat nabestaanden overlijden of vanwege minder belangstelling of aandacht. Nabestaanden/rechthebbenden van een oorlogsslachtoffer kunnen de rechten van een particulier graf overdragen aan de oorlogsgravenstichting. Van oorlogsgraven op de begraafplaats in Diever zijn de rechten van 6 particuliere graven door de jaren heen overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Deze graven zijn daarmee stichtingsgraven geworden.
De grafrechten van de door u genoemde oorlogsslachtoffers, de heren vader Nicolaas Houwer en zoon Klaas Houwer, zijn op 1 januari 1964 overgedragen aan de oorlogsgravenstichting en is vanaf die datum verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van beide oorlogsgraven. Uit archiefstukken blijkt dat beide genoemde oorlogsslachtoffers op 10 april 1945 zijn begraven in de aangegeven graven en van ruimen of van herbegraven van hun stoffelijke resten is geen sprake. Vader Nicolaas en zoon Klaas Houwer liggen begraven in hun oorspronkelijke graf.
De oorlogsgravenstichting kan monumenten op stichtingsgraven vervangen en meestal wordt dit gedaan als de kwaliteit van het oorspronkelijke monument matig tot slecht is. De oorlogsgravenstichting vervangt monumenten door een standaard (landelijk) herdenkingsmonument. Het mag duidelijk zijn dat beide monumenten pas zijn vervangen, nadat de grafrechten op 1 januari 1964 zijn overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Voor het vervangen van grafstenen op de begraafplaats in Diever is geen vergunning, mits wordt voldaan  aan de voorwaarden, zoals gesteld in de gemeentelijke verordening voor het beheer van begraafplaatsen.
Op uw vraag hoe de oorspronkelijke monumenten in het bezit zijn gekomen bij Museum Collectie Brands in Nieuw Dordrecht moet ik het antwoord schuldig blijven. Maar kan het zijn dat de oorlogsgravenstichting de grafstenen heeft geschonken aan Jan Brands ? Dit zou u kunnen navragen bij de oorlogsgravenstichting of bij het Museum Collectie Brands).
De laatste jaren kiest de oorlogsgravenstichting steeds meer voor het overbrengen van de stoffelijke resten van oorlogsslachtoffers naar het ereveld in Loenen. De oorlogsgravenstichting kiest hiervoor, opdat oorlogsslachtoffers niet worden vergeten en omdat het onderhoud aan de graven op het ereveld in Loenen gegarandeerd is. De verwachting is dat de komende decennia veel meer oorlogsslachtoffers worden overgebracht naar het ereveld in Loenen.
Zoals u (vast) heeft opgemerkt, is hiervoor aangegeven, dat op de begraafplaats in Diever 5 stichtingsgraven zijn en dat 6 particuliere graven zijn overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Vanaf de begraafplaats in Diever zijn op 1 mei 2013 de stoffelijke resten van oorlogsslachtoffer de heer Jan Booiman (vak I, rij 5, nummer 13) overgebracht naar het ereveld in Loenen. De heer Jan Booiman is op 4 april 1924 geboren in Diever en is op 29 juli 1943 gefusilleerd in Rostock (Duitsland). De oorlogsgravenstichting heeft dit besluit in overleg met de voormalige rechthebbenden genomen.
Het onderhoud aan de 6 particuliere graven wordt jaarlijks uitgevoerd door vrijwilligers uit Diever, waardoor nu nog het onderhoud is gegarandeerd en waardoor de nabestaanden/rechthebbenden nu nog geen behoefte hebben deze graven over te dragen aan de oorlogsgravenstichting.

Posted in Erfgoed, Grönnegerweg, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Het oorlogsgraf van Nicolaas en Koop Houwer

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassjus scannen en vervolgens die papperrassjus in de oud-papier-bak gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, maar ook volledige jaargangen van tijdschriften, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht. De redactie wil zo één bericht natuurlijk niet onthouden aan de bezoeker van het Deevers Archief.
In het tijdschrift Waardeel, nummer 1, jaargang 2001, van de Drentsche Historische Vereniging is het artikel ‘Gestolde herinneringen. De oorlogsverzameling van Jan Brands’ te vinden. De redactie weet niet wie de auteur van dit artikel is.

Waar het de redactie bij het genoemde artikel met name om gaat is de foto met bijschrift op de eerste bladzijde van het artikel, in dit geval bladzijde 33, zie het bijgaand afgebeelde citaatje uit het hiervoor genoemde tijdschrift.
De foto toont de grafsteen van de Deeverse oorlogsslachtoffer vader Nicolaas Houwer en de grafsteen van de Deeverse oorlogsslachtoffer zoon Koop Houwer. Die stonden in 2001 niet meer op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever. Die stonden in 2001 wel tegen een muur van de boerderij van superverzamelaar Jans Brands in Nieuw-Dordrecht.
De twee grafstenen staan nu in het Museum Collectie Brands in Nieuw-Dordrecht.
Vooral het bijschrift bij de foto in het tijdschrift Waardeel is belangwekkend en zorgwekkend. Deze luidt als volgt:
Twee grafstenen. Vader en zoon Houwer werden twee dagen voor de bevrijding door de Duitsers in Zuidwest-Drenthe vermoord. Toen hun graven na jaren werden geruimd, plaatste Jans Brands de grafstenen achter zijn huis.
Nu staan op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever tussen de graven van andere oorlogsslachtoffers twee witte grafstenen. Zie de bijgevoegde twee kleurenfoto’s. Toen hun graven na jaren werden geruimd ?? De volgende vragen liggen voor de hand.
Waar lagen vader Nicolaas Houwer en zoon Klaas Houwer oorspronkelijk begraven ?
Zijn de twee grafstenen na het ruimen van de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer aan familieleden overgedragen ?
Waarom werden de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer geruimd ?
Wanneer werden de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer geruimd ?
Waar zijn de stoffelijke resten van de twee oorlogsslachtoffers gebleven ?
Zijn de stoffelijke resten van de twee oorlogsslachtoffers herbegraven bij de twee witte grafstenen ?
Of zit de bezoeker van de kaarkhof naar twee witte grafstenen op twee lege graven te kijken ?
En als vader en zoon Houwer bij de witte grafstenen zijn herbegraven, waarom konden dan de twee oorspronkelijke grafstenen niet worden hergebruikt ?
Zijn de twee witte grafstenen voor rekening van de Nederlandse staat (de Nederlandse belastingbetaler) geplaatst ?
Zijn voor deze twee graven casu quo grafstenen grafrechten verschuldigd ?
Kortom het is tijd deze vragen te stellen aan de ambtenaar van de gemeente Westenveld die is belast met de exploitatie van de begraafplaatsen in de gemeente Westenveld, in het bijzonder de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever, kantoor houdende in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.

Posted in Erfgoed, Grönnegerweg, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Sukersakkie van bondspension ‘de Zandkamp’

Bondspension café restaurant ‘de Zandkamp’ had net zoals andere pensions, cafés, restaurants, hotels en cafetaria’s in de gemiente Deever een ‘eigen’ sukersakkie.  Dit rozerode sukersakkie – aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar min of meer (meer meer dan minder) nagetekend van de mooie hier afgebeelde kleuren-ansichtkaart uit 1976 van café pension restaurant annex bar ‘De Zandkamp’.
Op de achterkant van deze ansichtkaart staat de volgende tekst:
Café pension restaurant annex bar ‘De Zandkamp’, eigenaar Familie Kamphuis, Diever, Hezenes 26, telefoon 05219-1793. Landelijk gelegen bij het openluchttheater.
Sinds enige tijd wordt gewerkt aan het opknappen van het gebouw an de Shakespearebrink (eerder Bolderbrink) in ut Grünedal an de Heezenesch bee’j Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van het nu witgekalkte gebouw op woensdag 19 september 2018 gemaakt.

 

Posted in Heezenesch, Sukersakkies | Leave a comment

Pentekening van hunnebed D52 van Arie Goedhart

Op 11 januari 2019 is bij de Stichting Het Drentse Boek in Beilen het prachtige boek ‘Hunebedden inspireren’ van de kunstenaar Arie Goedhart verschenen. Het boek kost € 27,95 in de boekhandel. In het boek is van elk hunnebed in Drenthe en Groningen een fraaie pentekening van zijn hand te vinden. Zo ook zijn pentekening van hunnebed D52. In bijgaande afbeelding is die pentekening van hunnebed D52 op de Stienakkers an de Grönnegerweg bee’j Deever te zien. Aachter de dikke stien’n löp de Grönnegerweg.
Reeds in december 2018 kreeg de redactie van het Deevers Archief toestemming van de heer Arie Goedhart de pentekening van hunnebed D52 met bronvermelding in het Deevers Archief te tonen. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
Het is mogelijk bij de heer Arie Goedhart een exemplaar van een beperkt aantal afdrukken van deze pentekening te bestellen, met inbegrip van een dubbele passe partout van aluminium van 50 cm breedte en 30 cm hoogte en ontspiegeld glas voor € 95,-, met uitzondering van de verzendkosten.
Als de bezoeker van het Deevers Archief meer wil weten over het werk van de Hoogeveense kunstenaar Arie Goedhart, dan verwijst de redactie naar zijn eigen website.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van hunnebed D52 op donderdag 4 april 2013 gemaakt.

Posted in Hunnebed D52, Kunst, Steenakkers, Tekeningen | Leave a comment

Grenspaal XLVII ten noorden van de Verwersweg

In de knik van de grens tussen de gemiente Ooststellingwaarf in de provincie Friesland en de gemiente Deever in de provincie Drenthe iets ten noorden van de Verwersweg op Zorgvlied staat de wit-zwart-geschilderde goed onderhouden gietijzeren grenspaal met nummer XLVII (nummer 47); zie de twee bijgaande kleurenfoto’s. De redactie van het Deevers Archief heeft de twee foto’s van deze grenspaal in de middag van woensdag 19 september 2018 gemaakt. De redactie stond daarvoor in een weiland in Friesland. De redactie schat in dat slechts 1 ‰ van alle inwoners van de gemiente Deever deze grenspaal ooit heeft gezien.
De redactie is vastbesloten van alle 40 grenspalen op de grens tussen de gemiente Ooststellinwaarf in de provincie Friesland en de gemiente Deever in de provincie Drenthe een zelf gemaakte foto in het Deevers Archief op te nemen.

Posted in Erfgoed, Grenspalen, Zorgvlied | Leave a comment

Groevegoeroe is zeker nog wat aan het trainen

In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) verscheen op 7 november 2018 het volgende korte berichtje over een lezing over rouwgebruiken in südwest Drenthe op 8 november 2018 in het buurthuis De Wiekslag op Wapservene.

Lezing over rouwgebruiken
Op initiatief van de Historische Vereniging Havelte en omstreken vindt er donderdag om 20.00 uur in De Wiekslag in Wapserveen een lezing plaats over ‘Rouwgebruiken in onze streek’.
Jans Tabak uit Diever laat bezoekers onder meer aan de hand van meegebrachte attributen ervaren hoe de bewoners uit onze dorpen en streken omgingen met rouw.
De leden van de Historische Vereniging Havelte e.o. hebben vrij toegang, niet-leden betalen € 3,- per persoon.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van vrijdag 20 oktober 2017 verscheen op bladzijde 13 het ronkende en snorkende poeha-bericht ‘Uitvaartmuseum gaat er eindelijk komen’ over de opening van een groevemuseumpie in ut liekwaeg’nschuurtie bee’j de gratislangparkerenbrink (voorheen het marktterrein) an de Bosweg in Deever. De redactie verwijst daarvoor naar het bericht ‘Kleinste museumpje ter wereld nog steeds niet open .
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van het liekwaeg’nschuurtie bee’j de gratislangparkerenbrink (voorheen het marktterrein) an de Bosweg op maandag 3 september 2018 gemaakt. Toen was in het liekwaeg’nschuurtie nog steeds niet het kleinste museumpje ter wereld gevestigd.
Tot directeur-conservator van het groevemuseumpje is na een zorgvuldige selectieprocedure benoemd de Deeverse tophistoricus en groevegoeroe Jans Tabak uut de Aachterstroate in Deever.
Het kan natuurlijk zo zijn dat de directeur-conservator zich nog niet helemaal zeker voelt in zijn aanstaande belangrijke functie en daarom het jaar 2018 heeft gebruikt om eerst nog wat te trainen en te schnabbelen in de buurthuizen in de dorpen in de omgeving van Deever, bijvoorbeeld in het buurthuis De Wiekslag op Wapservene.
Het zou toch ech wè een dingetje zijn als hij in de toeristenzomer van 2019 in staat zou zijn het enige museumpje in de gemiente Deever (de redactie vient ut Oermuseum in ut Schultehuus an de brink in Deever gien museum, moar un gedoegie in ut vurkeerde gebouw) te openen.

 

Posted in Bosweg, Erfgoed, Museums | Leave a comment

Stoomzuivelfabriek aan het Katteneinde – 1908

Op 29 februari 1899 werd op initiatief van den heer H. Krol, landbouwer en veehouder in Deever een bijeenkomst gehouden voor de oprichting van de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij ‘Diever’. Aanwezig waren 50 belanghebbenden, die besloten tot oprichting over te gaan.
Op 29 maart 1899 werd voor notaris Johannes Beckering van Loenen (geboren 12 maart 1842, overleden 8 april 1900) te Dwingel de akte gepasseerd, waarbij 46 leden tot de vereniging toetraden.
Het eerste bestuur bestond uit de heren L.W. van Os, voorzitter, C. Offerein, K.W. Fledderus, Hessel Harm Hessels (geboren op 16 juli 1851, overleden op 29 juli 1935) en R. Seinen.
De eerste raad van commissarissen bestond uit de heren H. Krol, B. de Ruiter, H. Kok, W. Bakker en R. Hummelen.
De eerste directeur was de heer J.H. Bentum, die 19 mei 1899 als zodanig in functie trad.
Het eerste personeel bestond uit de heren Jan Jonkers, Arend Klaster en Roelof van Nijen.
Onder architectuur van de heer Ten Bosch, opzichter van de Rijkswaterstaat an de Deeverbrogge, werd op 1 april 1899 de bouw der fabriek aanbesteed. De bouw werd opgedragen aan timmerman Johannes Noorman te Deever voor f. 2736. Binnen 3 maanden was het gebouw gereed en de inventaris, welke werd geleverd door de firma Boeke en Huidekoper te Groningen, opgesteld. Het was toen nog een handkrachtbedrijf.
Op 25 juli 1899 werd de fabriek in werking gesteld. De eerste morgen werd 2194 kg melk verwerkt, het eerste boekjaar (25 juli 1899 – 30 april 1900) 450.000 liter. Het gemiddelde vetgehalte bedroeg toen 3,10 %.
De vereniging dreef vanaf het begin wel handel in koeken en rijstmeel, maar pas later en wel in 1908 werd de korenmalerij ingericht. Het bedrijf ging toen meteen over op stoomkracht en eveneens uitgebreid, omdat de boeren van Wittelte toetraden.
Op de foto is links naast de fabriek de schoorsteen te zien, de foto zal derhalve gemaakt zijn in 1908, direct na de overgang op stoomkracht. Bij het hek zullen de eerste personeelsleden staan, waaronder  Jan Jonkers, Arend Klaster en Roelof van Nijen. Links achter de fabriek is de beltmolen van Jan Rabinge te zien. Deze windkorenmolen werd in 1915 geveild en daarna afgebroken.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Molens, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Bee’j Kloas Benn’n in de Aachterstroate

De redactie van het Deevers Archief heeft in het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ het navolgende bericht (nummer 19) met de titel ‘Diever – Bij Klaas Bennen in de Achterstraat – ± 1910’ met bijhorende foto uit de verzameling van Jans Roelof Tabak gepubliceerd. Dit bericht gaat over het verleden van de boerderij van Klaas Bennen an de Aachterstroate in Deever. Deze boerderij had in 1910 als adres Diever 52 en heeft nu als adres Achterstraat 10.

Diever – Bij Klaas Bennen in de Achterstraat – ± 1910
Roelof Egberts Bennen kocht op 27 januari 1888 op een openbare verkoping in het café van Roelof Seinen aan de Hoofdstraat de hier afgebeelde boerderij, adres Diever 52, voor 1192 gulden van Jan Willems Smidt.
Deze boerderij werd omstreeks 1910 bewoond door het echtpaar Klaas Bennen en Hendrikje Bolding en hun kinderen Roelof, Grietje, Aaltje en Geert. Rechts staat Hendrikje Bolding met naast haar de dienstmeid Grietje Brugging.
In de boerderij was tot 17 april 1907 een groot café gevestigd. De tapvergunning gold voor de twee kamers aan de straatkant. De tapkast bevond zich in de grote woonkeuken, waarvan de twee ramen zichtbaar zijn achter de twee vrouwen. De rechter deur was de toegang tot het café.
Marktgangers konden hun paarden op de met heideplaggen bedekte deele stallen.
Mit de Deevermaarkt speelde in het café een accordeonist, zodat ook kon worden gedanst.
Klaas Bennen verkocht in 1907 het verlof aan Zwaantje Offerein, de weduwe van Jan van Zomeren, adres Wapse 6.
Tot in de Tweede Wereldoorlog hield de Boerenleenbank kantoor in deze boerderij. De mensen moesten in de opkaemer aan de achterkant van de boerderij wachten tot ze door de kassier konden worden geholpen in de mooie kaemer. Deze kamer bevond zich achter de twee ramen in de voorgevel en het linker raam en de linker deur in de zijgevel. Daar stonden ook twee brandkasten. Als roggetoeslag werd uitbetaald, dan stonden buiten ook mensen te wachten. In de dertiger jaren keerde de overheid deze toeslag uit voor het laten kleuren van rogge, die dan alleen als veevoer kon worden gebruikt. Het bestuur van de bank vergaderde een keer per maand in de mooie kaemer. De bank betaalde de laatste jaren vijfenzeventig gulden huur per jaar. In 1943 verhuisde de Boerenleenbank naar een nieuw eigen gebouw aan de Hoofdstraat.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Roelof Egberts Bennen is geboren in Deever op 29 augustus 1821 en is overleden in Deever op 18 februari 1895; hij is een zoon van landbouwer Egbert Bennen en Hendrikje Wolters; hij was getrouwd met Aaltje Klasen Mulder
Roelof Seinen is geboren in Deever op 28 januari 1838 en is overleden in Deever op 21 september 1925; hij is een zoon van Jan Seinen en Hillegonda Kornelis Offerein.
Jan Willems Smidt is geboren in Deever op 31 januari 1841 en is overleden in Deever op 8 december 1895; hij is een zoon van Sime Smidt en Aaltje Piers Hessels.
Klaas Bennen is geboren in Deever op 10 december 1864 en is overleden an de Deeverbrogge op 18 oktober 1947 en is een zoon van Roelof Egberts Bennen en Aaltje Klasen Mulder; hij was getrouwd met Hendrikje Bolding.
Hendrikje Bolding is geboren in Deever op 24 mei 1876 en is overleden an de Deeverbrogge op 3 januari 1951.
Roelof Bennen is geboren in Deever op 13 november 1901; hij is een zoon van landbouwer Klaas Bennen, en Hendrikje Bolding,
Grietje Bennen is geboren in Deever op 19 augustus 1903; zij is een dochter van landbouwer Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
Aaltje Bennen is geboren in Deever op 21 januari 1906; zij is een dochter van landbouwer Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
Geert Bennen is geboren in Deever op 7 juli 1911; hij is een zoon van Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
De redactie van het Deevers Archief is niet bekend met de gegevens van Grietje Brugging. Kwam zij uit Wapse ?
Zwaantje Offerein is geboren in Deever op 23 juni 1856 en is overleden in Deever op 17 mei 1924; zij is een dochter van smid Fredrik (Frièrik) Jacobs Offerein en Geertje Abels Wanningen; zij is gehuwd geweest met Hendrik van der Veen en Jan van Zomeren.
De redactie heeft de vier kleurenfoto’s van de boerderij an de Aachterstroate in Deever op vrijdag 3 mei 2018 gemaakt.
Het bovenlicht van de twee toegangsdeuren tot het woongedeelte van de boerderij is opgepimpt met een witgeschilderde levensboom. Zijn deze versieringen gemaakt van gietijzer of van plastic ? Wanneer zijn deze twee levensbomen gemonteerd ? In 1910 hing gewoon een gordijntje achter het glas van de twee bovenlichten. In 1910 zaten in het houten deel van de voorgevel nog geen ramen. In 1910 was de voordeur van de mooie kaemer nog niet opgepimt met een deurklopper. In 1910 zat er in de toegangsdeur naar het voormalige café nog geen brievenbus.  

Posted in Achterstraat, Alle Deeversen, Boerderijen, Boerenleenbank, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Foto uut 1918 van hunnebed D52 in de Stienakkers

De weledelgestrenge hooggeleerde en hoogdoorgeleerde professor doctor in de oudheidkunde Albert Egges van Giffen schreef in 1925 in de atlas bij zijn lijvige opus magnum ‘De Hunebedden in Nederland’:
Het hunebed verkeert in geheel vervallen staat, zoodat zelfs enkele hoofdbijzonderheden nauwelijks herkenbaar zijn; het geheel is dan ook zonder meer niet reconstrueerbaar.
In gewoon begrijpelijk Nederlands schreef hij: het hunnebed bij Deever is een grote onherstelbare in elkaar gevallen hoop stenen.
Van Giffen telde in 1918 in totaal 22 stenen, maar moest bij meer dan de helft van de stenen vraagtekens over de aard en de plaats zetten.
Kortom aan hunnebed D52 an de Grönnegerweg bee’j Deever had nooit mogen worden geknutseld.
Wat de grote hordes beterweters, natuurknutselaars, oerknutselaars, stenenknutselaars, stenenknuffelaars, histerielogen en spitterties wel al lang hadden moeten doen is alle, maar dan ook echt alle begroeiing rond het hunnebed radicaal en voor altijd te blijven verwijderen.
Als voorbeeld mag de foto van hunnebed D52 uit 1918 van professor dr. Albert Egges van Giffen dienen. Het hunnebed D52 lag in 1918 toch maar mooi ontzettend prachtig te wezen ín de Stienakkers an de Grönnegerweg. Mooier kö’j ’t neet krieg’n.

Posted in Albert Egges van Giffen, Erfgoed, Grönnegerweg, Hunnebed D52 | Leave a comment

Twee stervende fageus sylvatica atropunicera

Twee rode beuken (fagus sylvatica atropunicera) an de brink van Deever, die in de tuin vóór het huis met adres Brink 5 staan, zijn vergiftigd, zijn bezig een langzame dood te sterven, en zullen binnen afzienbare tijd moeten worden gekapt.
Zie ook het artikel Wie is de moordenaar van twee beuken an de brink elders in het Deevers Archief.
Deze twee rode beuken zijn in de meer dan honderd jaren van hun bestaan Deevers erfgoed geworden. Ech wè. Een rode beuk kan wel een leeftijd van vierhonderd jaren bereiken.
Het is natuurlijk volstrekt onbestaanbaar en dus volstrekt ondenkbaar dat deze twee oude prachtige en beeldbepalende rode beuken door iemand uit de nabijheid van deze bomen zijn vergiftigd. Ech neet.
Nee, de vergiftelaar zal zeker elders moeten worden gezocht, bijvoorbeeld onder beukenhaters of beukenvernielers van ergens buiten, misschien wel heel ver buiten de gemiente Deever, die er niet tegen kunnen dat aan de niet-origineel Saksische brink van het dorp Deever twee mooie oude prachtige en beeldbepalende rode beuken staan te pronken. Ech wè.
Op de bijgevoegde afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart, die is verstuurd op 31 augustus 1958, zijn achter het witte hekje langs het voetpad de bedoelde twee rode beuken te zien. Deze twee beuken waren zestig jaar geleden al uitgegroeid tot flinke bomen.
De zwart-wit ansichtkaart is uitgegeven door Lubbert Wanningen, neringdoende in luxe- en huishoudelijke artikelen, die later een cafetaria uitbaatte. Zijn winkel en later zijn cafetaria waren gevestigd in het pand an de Brink waar nu cafetaria ’t Keernpunt is gevestigd.
De redactie prijst zich bijzonder ongelukkig dat hij voor het onverbiddelijke maar noodzakelijke vastleggen van vrogger in de gemiente Deever bijgaande kleurenfoto treurig genoeg toch nog op vrijdag 30 november 2018 toevallig in het voorbijgaan heeft kunnen maken.
De redactie van het Deevers Archief kan het niet nalaten te melden dat hij vindt dat de voorgevel van het huis met adres Brink 5 in augustus 1958 veel mooier en brinkwaardiger was dan in november 2018.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Erfgoed, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Dorpskrachten onderhouden Onderduikershol

De leerlingen van groep 7 van de paar nog overgebleven basisscholen binnen de grenzen van de gemiente Deever legden in 2013 (net zoals in andere jaren) een krans bij het Onderduikershol op Berkenheuvel.
Vanwege deze aanstaande kranslegging en vanwege het begin van het nieuwe toeristenseizoen hebben enige Deeverse dorpskrachten de uit palen en planken bestaande afrastering langs het toegangspad naar het Onderduikershol en bij het Onderduikershol op 10 april 2013 helemaal vernieuwd.
Da’s mooi waark.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 11 april 2013 gemaakt.
Het toegangshekje dat moet voorkomen dat -niet meer in het gebied aanwezige- runderen het pad kunnen betreden, wan nog niet aanwezig, maar is inmiddels wellicht wel geplaatst.

Posted in Berkenheuvel, Dorpskrachten, Onderduikershol, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Gevraagd net en eenvoudig kosthuis te Den Haag

In nota bene Volk en Vaderland, het weekblad van de Nationaal Socialistische Beweging (N.S.B.), verscheen in de Tweede Wereldoorlog op 11 december 1942 de volgende kleine advertentie:
Gevraagd net, eenvoudig kosthuis te Den Haag, J. Bos, Wapse 48, Diever (Dr.).
Het zou best eens zo kunnen kan zijn dat het ging om mevrouw Jantje Bos, geboren te Wapse op 14 januari 1912, dochter van boer Barteld Bos en Jentje de Vries.
Wapse 48 zal het adres van de boerderij van Barteld Bos (geboren op 23 juli 1885, overleden op 31 december 1971) en Jentje de Vries (geboren op 1 juli 1887, overleden op 15 mei 1965) op ’t Noave zijn geweest.
Of mevrouw Jantje Bos ook daadwerkelijk een kosthuis in Den Haag heeft gevonden, dat is bij de redactie niet bekend.
Maar waarom wilde mevrouw Jantje Bos vanuit het rustige Wapse naar het drukke Den Haag verhuizen ?
Had ze een werkkring in Den Haag gevonden ?
Als ze wel naar Den Haag is vertrokken, is ze dan na de Tweede Wereldoorlog teruggekeerd naar Wapse of naar elders in Drenthe of is ze in het Westen getrouwd en daar blijven wonen ?

Posted in Tweede Wereldoorlog, Wapse | Leave a comment

Sukersakkie van café-restaurant Johan Blok

In de vijftiger jaren en ook nog wel in de zestiger jaren van de vorige eeuw lag het café restaurant Johan Blok an de Deeverbrogge an de deurgoande drokke Riekseweg langs de voart. De autosnelweg A28 van Meppel via Hoogeveen en Beilen naar Assen bestond in die tijd nog niet. Het was toen een druk beklant café-restaurant.
Het café-restaurant had net zoals zoveel andere cafés en restaurants ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- is hier afgebeeld. Het betreft de donkere afbeelding met witte tekst en een wit afgebeelde brug. Met de tegenwoordige bewerkingsprogramma’s voor digitaal opgeslagen foto’s is het erg eenvoudig de minstens zo mooie inverse van de donkere afbeelding te maken, zie de tweede afbeelding.
De maker van de tekening op het sukersakkie zal zijn tekening ongetwijfeld niet zelf -zittend an de voart– hebben gemaakt, maar zal deze hebben nagetekend van een foto.
De grote vraag is natuurlijk in welk jaar dit sukersakkie is uitgebracht.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel-restaurant-café Blok, Sukersakkies, Tekeningen | Leave a comment

Zorgvlied – Kerk van de Sint Andreas parochie – 1968

De redactie van het Deevers Archief wil graag alle in zijn verzameling aanwezige en ooit uitgegeven ansichtkaarten van de aandere kaante van de bos tonen aan zijn trouwe bezoekers.
De foto voor de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is gemaakt in het najaar van 1968. De kaart is uitgegeven in maart 1969 en werd blijkbaar goed verkocht, want deze kaart werd in elk geval heruitgegeven in juni 1972 en in juli 1973, de heruitgave vond plaats in de nadagen van de zwart-wit ansichtkaart.
Levensmiddelenbedrijf A. v.d. Heide, Zorgvlied, telefoon 7242 is de uitgever van deze kaart.
De redactie zal nog enig populair-wetenschappelijk onderzoek naar de geschiedenis van deze neringdoende. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan bruikbare gegevens aanleveren ?
Op de kaart is onder meer het kerkgebouw van de rooms-katholieke Sint Andreas parochie te zien. De fotograaf heeft zijn best gedaan om tussen de bomen door ook de spits van de toren geheel zichtbaar op de foto te krijgen.

Posted in Ansichtkaarten, De aandere kaante van de bos, Rooms Katholieke Kerk, Zorgvlied | Leave a comment

Professor doctor Albert Egges van Giffen

Een gemakkelijk leesbaar verhaal over de archeoloog professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee www.dodenakkers.nl.
De laatste paragraaf van het artikel beschrijft de plechtigheid voorafgaand aan de begrafenis van professor doctor Albert Egges van Giffen op de kaarkhof an de Grönnigerweg in Deever.
Een ander aanvullend verhaal over professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee In en om Assen.
Ook is in de webstee Wikipedia een en ander te vinden over professor doctor Albert Eggen van Giffen.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever | Leave a comment

Groet’n uut de Kaamp bee’j Deever

In de webstee www.legerplaats.nl is un ansichtkoate van de soldoat’nkaamp op de Oeren tuss’n Kalter’n en Soerte te fien’n.
Ut is ’n hiele mooie zwat-wit koate uut 1907, misschien wè de mooiste die de redactie van ut Deevers Archief ooit hef eseen, want d’r bint wè hiel aarg veule legertent’n te seen.

Posted in Ansichtkaarten, de Kaamp op de Oeren | Leave a comment

Stön ur een pothokke bee’j Oarend van der Helm ?

Oarend (Arend) van der Helm (hij is geboren op 13 augustus 1880 in Oldendeever, hij is overleden op 22 februari 1949 in Möppel) en Lummegie (Lummigje) Hofman (zij is geboren op 23 augustus 1886 in Dwingel, zij is overleden op 12 mei 1950 in Möppel) trouwden op 20 maart 1909. Arend van der Helm was toen 28 jaar oud. Hij was een zoon van Jan van der Helm en Albertje Winters. Lummigje Hofman was wat jonger. Ze was 22 jaar toen ze trouwde. Zij was een dochter van Arend Hofman en Margje Kerssies. Zij gingen na hun huwelijk eerst wonen op een huurplaatsje an de Wittelterbrogge.
Later bewoonden zij vóór de Tweede Wereldoorlog un eig’n boerdereegie an de Wittelterweg in Oldendeever. Zie de afgebeelde zwart-wit foto van het huisje met bijbehorende rietgedekte schuur.
In 1994 stond alleen nog de schuur, toen bedekt met dakpannen, een beetje overeind. Zie de kleurenfoto.
De redactie van het Deevers Archief weet niet precies wanneer het huisje is afgebroken. Het moet volgens zijn benadering in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw zijn geweest. Toen verhuisden de leden van de familie Oostra, de laatste bewoners van het huisje, naar een nieuwe woning aan de Binnenes in Deever.
De redactie heeft gelukkig op 26 augustus 2004 de bijgaande -vanuit geschiedkundig oogpunt erg belangrijke- vier laatste kleurenfoto’s van de toen al jaren ingevallen schuur tussen de mais gemaakt. De puinhoop is een paar jaar later opgeruimd.
In een webstee op het internet zijn op een luchtfoto an de Oldendeeverse kaante van het pièrdespul van Hein Peters nog behoorlijk goed de sporen van het keuterijtje en de schuur en het weggetje naar het keuterijtje in het land te zien.
De redactie vraag zich wel af: Stön ur een pothokke bee’j ut huus van Oarend van der Helm en Lummegie Hofman ? De redactie heeft het vermoeden van niet, maar deze vraag kan vast en zeker stellig worden beantwoord door de Hoge Heren Pothokkologische Deskundigen Van De Heemkundige Vereniging Uut Deever.
De zwart-wit foto en de kleurenfoto uit 1994 zijn voor publicatie in het Deevers Archief ter beschikking gesteld door mevrouw Klazien van der Helm. De redactie is haar voor het beschikbaar stellen van deze twee foto’s bijzonder erkentelijk.

 

Posted in Alle Deeversen, Boerderijen, Keuterijen, Oldendiever, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

De Nederlandsche Volksdienst en de Winterdienst

In het Drentsch dagblad, het officiële door de Duitse bezetter gecontroleerde orgaan voor de provincie Drenthe van 4 augustus 1942 (eerste jaargang, nummer 56), verscheen het navolgende bericht van een bijeenkomst in café Balsma an de Brink in Deever.

Diever. In café Balsma was een vergadering belegd om te komen tot een vrijwillige organisatie van den Nederlandschen Volksdienst en Winterhulp Nederland. De leiding van deze avond berustte bij het wijkhoofd den heer Muggen te Dieverbrug. De spreker de heer Zuurveen gaf een uiteenzetting van den N.V.D. en de W.H.N.
Het doel van deze vergadering is volkomen geslaagd aangezien een voldoend aantal personen aanwezig was om een vrijwillige organisatie tot stand te brengen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) werd in juli 1941 op initiatief en met hulp van de Duitse bezetter opgericht naar het voorbeeld van de National Sozialistische Volkswohlfahrt in Duitsland. De oprichters wilden al het sociale werk in Nederland bundelen in de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.). Het ging de bezetter om de nazificering van het maatschappelijk werk in Nederland. Door zich in te zetten voor de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.), steunde men in feite de vijand. De Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) was per gemeente georganiseerd. Uit de zuinig geformuleerde laatste alinea van het bericht mag blijken dat de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) niet zo’n succes zou worden in de gemeente Deever.
De Stichting Winterhulp Nederland (W.H.N.) was de nationaalsocialistische organisatie die tijdens de Tweede Wereldoorlog alle maatschappelijke hulpverlening, zoals verleend door de overheid, particuliere en kerkelijke organisaties in Nederland moest overnemen.
Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog werd de woning van het wijkhoofd Muggen an de Deeverbrogge in brand gestoken.

Abracadabra-1245

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De Venus van Leggel werd gevonden in Deever

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant verscheen op 4 juni 1847 het navolgende bericht over de vondst van een vrouwenbeeldje uit de Romeinse tijd.

Te Leggeloo, in Drenthe, werd onlangs door een arbeider van den landman Tissing te Diever, bij gelegenheid van het graven naar veldsteenen, in het veen, ter diepte van ruim 11/2 Nederlandsche el, een romp van een Romeinsch vrouwenbeeldje opgegraven, zijnde van kalksteen en op de helft van levensgrootte bewerkt. Het stelt eene liggende Venus of nimf voor, naakt tot op het midden, waar de vouwen van het nedergedaalde sluijergewaad gezien worden, terwijl de haren achterwaarts over de schouders vallen, tot omstreeks op de helft van de rug, en één der lokken ook den linker boezem bedekt. Zij schijnt zich oorspronkelijk op den regter arm gestut te hebben; de houding is bevallig en de bewerking vrij goed. Dit, vooral wegens de localiteit, waar het ontdekt is, belangrijke overblijfsel, lag te Diever tusschen een hoop opgegraven veldsteenen, bij de schuur van voormelden Tissing, om eerlang met de steenen verkocht en stuk geslagen te worden, waar het echter nog tijdig genoeg door den heer Janssen, conservator bij ’s Rijks museum voor oudheden te Leijden, ontdekt en voor de Leijdsche verzameling verworven werd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden bevindt zich daadwerkelijk de Romeinse Venus van Leggel. Uit de informatie in de webstee van dit museum is de exacte vindplaats in het veen niet direct af te leiden. Ook is niet bekend waar de genoemde Tissing in de gemiente Deever woonde.
Veldstenen werden in die tijd in de streek gewoon opgegraven en verkocht om bijvoorbeeld toegepast te worden als bekleding en bescherming van de Friese zeedijken. Maar waarom veldstenen opgraven uit het veen ? Het kan best zo zijn geweest dat boeren, die hun land geschikt maakten voor landbouw, de veldstenen die ze tegen kwamen en in de weg lagen in een nabij hun akkers liggend veentje dumpten.
Bijgaande foto is afkomstig van de webstee van het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden.

 

Posted in Diever, Oudheden | Leave a comment

In de oorlog voetballen op het Mastenveldje

Op 24 juli 1940 verscheen het volgende bericht in het Nieuwsblad van Friesland over een voetbalwedstrijd op het Mastenveldje aan de Bosweg

Voetbal. Wedstrijd te Diever. Diever. Op het Mastenveldje werd een voetbalmatch gespeeld tusschen jongens uit ons dorp en de in de werkkampen A en B te Dieverveld gehuisveste stadswerkloozen, welke door de stedelingen met 6-1 werd gewonnen.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Blijkbaar zijn de Rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de Olde Willem ook na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in gebruik gebleven voor het huisvesten van werklozen uit de grote steden in het Westen van Nederland.
In het begin van 1941 werden de twee werkkampen als isoleerkamp en doorgangskamp voor joodse Nederlanders in gebruik genomen.
Op het weiland met de naam Mastenveldje (bestond deze veldnaam als in 1832 ?) naast het veentje met de naam Mastenveldje werd in die tijd en daarvoor ook al gevoetbald.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, de Oude Willem, Tweede Wereldoorlog, Voetbal, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Grote Bosch en Heidebrand te Zorgvlied en Wateren

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s courant van 5 augustus 1905 verschenen de volgende berichten over een grote bos- en heidebrand te Zorgvlied en Wateren.

Grote Bosch en Heidebrand te Zorgvlied en Wateren
ZORGVLIED, 2 augustus.
Hedenmorgen omstreeks 10 uur zag men in westelijke richting een zware rookwolk opstijgen. Aanvankelijk dacht men aan een gewoon heidebrandje, doch weldra zag men over een groote oppervlakte een vuurgloed, die zich ernstig liet aanzien.
Door den wind meer en meer voortgedreven, bereikten de vlammen weldra de dennenbosschen, deels toebehoorende aan de Maatschappij van Weldadigheid, deels aan Mr. L.G. Verwer alhier, zoodat men vreesde dat ook huizen en op het veld staande granen door het felle vuur aangetast zouden worden. Dit zou ongetwijfeld zijn gebeurd, wanneer niet krachtige hulp was toegesneld. Een paar afdeelingen soldaten, onder leiding van officieren, kwamen uit het kamp te Diever met schoppen en bijlen te hulp en aan hen is het blusschingswerk hoofdzakelijk te danken. Op verschillende punten werden loopgraven aangebracht en op sommige plaatsen werden gangen door de bosschen gehakt. Ook werden door de Maatschappij van Weldadigheid met een met vijf ossen bespannen groote ploeg groote geulen geploegd om het vuur binnen zekeren kring te houden.
Vele boeren en arbeiders brachten hun have en goed zoo goed mogelijk in veiligheid. Een akker aardappelen verschroeide en ook een partijtje nog op ’t veld staande rogge werd aangetast. Eene woning, welke vuur vatte, wist men nog te behouden. Een militair bekwam ernstige brandwonden aan het been. Hij werd voorloopig alhier verbonden en is daarna per rijtuig naar het kamp teruggevoerd.
Het is nu 10 uur ’s avonds. Ik word weer opgeroepen. Men zegt, dat het vuur opnieuw is uitgebroken.
(Tot op zeer verren afstand is deze brand te zien geweest. Midden over dag kon men op het vrije veld bij Heerenveen en zelfs tusschen Grouw en Wartena ver in het Oosten en Zuidoosten dikke rookwolken zien opstijgen. Redactie)

Later bericht
ZORGVLIED, 3 augustus
Nog altijd is het gevaar voor ons dorp niet geheel geweken. Den geheelen nacht en ook hedenmiddag woedde het vuur nog door, hoewel men ijverig met het blusschingswerk door gaat, terwijl het terrein voortdurend bewaakt wordt door militairen en birgers.
De militairen, die gisteren zoo vlug en vaardig loopgraven maakten, waardoor Wateren voor verder vuur bevrijd bleef, waren onder bevel van Kapitein Thomson.
In sommige huizen blijft nog de inboedel etc. gepakt. Voor Zorgvlied is heden de wind gunstiger geworden. Over een uitgetrektheid bosch en heideveld van minstens een half uur lengte en breedte heeft het vuur zich brandende en smeulende nu reeds verbreid. Veel schoons gaat verloren. Men hoopt echter door waken en werken ons dorp vrij te houden.
Naar men mededeelt is de brand ontstaan door onvoorzichtigheid van twee personen, die in het waren te plaggensteken en de slechte gewoonte volgden om in het open veld hunne koffie te koken. Door den Rijksveldwachter Dijkermans moeten ze reeds in verhoor zijn genomen en, naar we vernemen, hebben ze erkend, dat op boven omschreven wijze de brand was ontstaan.
Uit Frederiksoord schrijft men ons, dat ongeveer 40 H.A. is afgebrand en dat voor de Maatschappij van Weldadigheid de schade geschat wordt op f. 4000.

Wat een soldaat ons van den boschbrand vertelde.
LEEUWARDEN, 3 Augustus.
Uit het kamp tusschen Wapse en Diever zijn heden morgen alhier gearriveerd met een extra trein van Steenwijk een 700 man soldaten, na een verblijf van 10 dagen aldaar. Opgewacht dooreen breede schare nieuwsgierigen, ging het met de muziek voorop in optocht naar de kazerne, waar een welverdiende rust werd gevonden. Vierdehalf uur toch hadden de manschappen van morgen moeten marcheeren om aan hot station Steenwijk te komen, terwijl de meesten ook gisteren een zwaren werkdag hadden gehad, ’t Was de verjaardag van H.M. de Koningin-Moeder, die met het houden van volksspelen gevierd zou worden, doch om middag kwam de tijding van een geweldigen heide- en boschbrand onder Zorgvlied en Wateren en kapitein Thomson verzocht zijn bataillon hulp te verleenen, waaraan eenparig bereidwillig gevolg werd gegeven. Een der manschappen deelde ons dienaangaande het volgende mede.
Om halftien moet onder Frederiksoord de brand zijn ontstaan tengevolge van een koffievuurtje van een paar arbeiders, werkzaam in het veld. Aangewakkerd door den stevigen wind, verbreidde zich het vuur met een verbazende snelheid. Aller gemoederen in wijden omtrek vervuld van angst en zorg. De gevolgen waren niet te overzien en het volk stond machteloos. Zo werd der soldaten hulp ingeroepen en trok het gehele bataillon van Thomson, onder diens leiding derwaarts. Gewapend met schoppen, kwamen na een geforceerden marsch van ongeveer vijf kwartier ter plaatse bij de vlammenzee, die pas een groot dennenbosch, geschat op wel 40 hectare, had aangetast, dat met zijn hooge, droge heide onder de stammen, dan ook totaal is verloren gegaan. Het was niet meer te behouden en voor den wind lagen weer andere uitgestrekte bosschen en er stonden huizen die bedreigd werden, evenals Zorgvlied met zijn omgeving, eigen aan de familie Verwer.
Al een paar uur gaans had de brand zich uitgestrekt en groote schade aangericht. Fluks begonnen we met man en macht in goede orde een geul te graven, een paar honderd meter vóór de snel naderende vlammen, die zich ook zijwaarts voortplantte. Bij ’t graven der geul, werd naar de zijde van den te bekampen vijand de heide in brand gestoken, zoodat de vlammen tegen elkander ingingen en het vuur geen voedsel meer vond, om vóór den wind verder te gaan.
Wel ging het zijwaarts af, en wat daar in de verte gedaan werd door burgers, weet ik niet, doch ons gelukte het na een inspannenden arbeid van eenige uren den voortgang van den brand te stuiten. Een uitgestrekt bosch voor ons en wat daarachter lag werd door ons behouden. Naar mijne berekening hebben we met ons bataillon van klein 400 man van ’s middags goed twee uur tot ’s avonds bijna zeven, een geul gegraven van pl.m. 20 minuten gaans.
Toen was het gevaar zoo goed als geweken en hebben manschappen van het andere bataillon nog dienst gedaan. Ook heb ik een ploeg met vier ossen aan het reddingswerk zien deelnemen.
Heden in de kazerne werd ons medegedeeld, dat een gift, van f 100 was ingekomen, waarvan ik 29 cnt als mijn rechtmatig deel heb ontvangen. Dat is betrekkelijk weinig, doch om geld was het niet begonnen alleen de attentie mag worden gewaardeerd. Een der soldaten heeft zijn voeten gebrand en zou in het kamp zijn achtergebleven.
Van het kamp zelf hoorden we dat het veel grooter is en beter drinkwater heeft, dan dat te Mildam en dat het direct weer in orde wordt gemaakt voor de ontvangst van een 1500 manschappen in September.

Posted in de Kaamp op de Oeren, Lodewijk Guillaume Verwer, Maatschappij van Weldadigheid, Wapse, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Eup’mlochtspul mit de titel Keuning van de Vlakte

In 1954 wödde in ut theater in de eup’m locht in de bos bee’j de Shakespearebrink (vrogger de Bolderbrink) in ut Grünedal ut eup’mlochtspul mit de titel ‘Keuning van de Vlakte’ van Sjakie uut Spier opuvoerd.
De redactie van ut Deevers Archief hef hiel lange eseugt noar de betiekenis van ‘King Lear’.Want wat was ut geval. Lear is gien Engelse veurnème, mor is un Duutse veurnème van un jonge, ut betiekent ‘van de Vlakte’, dus ‘King Lear’ betiekent ‘Keuning van de Vlakte’.
Mor hoe meuk’n se in die tied reclame veur ut nog neet so bekende eup’mlochtspul ? De tonielvurening uut Deever swömde toe nog ee’m neet in ut geld en haar dus nog gien geld veur düre reclame. Ur was in die tied gelokkug nog gien internet.
Woar se wel wat reclame mit meak’n, dat was mit kleine plakplèties. In 1954 was dat un blauw platplètie, kiek mor noar ut plètie in dit bericht. Ie könn’n an de aachterkaante van ut plètie likk’n, net as bee’j un postzegel, en dan ut plètie an un lantièrnpoal of op un deure of op een roete plakk’n. Ut plakplètie was ien van de eerste oprispings van de beruchte Deeverse Shakespearitis.
Let op: An de toeter van de keerl op ut pièrd op ut plètie hangt un vlaggie mit ut woap’m van de gemiente Deever.
Let op: Ut huus mit adres Heufdstroate 4 was de gratis gemientewoning veur de burgemeister. Ie könn’n doar anbell’n en dan gaaf Jan Cornelis Meiboom (die altied ome Kees wödde enuumt) of sien frau Nell Veldmann (die altied tante Nel wödde enuumt) uutleg an de deure.
In 1954 kwaa’m hoast alle speulers en hoast alle mitwaarkers gelokkug nog uut de gemiente Deever. Dat kö’j sien op de lieste in ut tweede plètie in dit bericht. Disse lieste steet in ut standaardwaark ‘Openluchtspel Diever – Medewerkers 1946-1970′ van de Tonielvurening Deever. Dit standaardwaark kö’j vien’n in ut Drentsch Archief in Assen.
De redactie van ut Deevers Archief wet nog neet of Frans Amesz, E. Waldus en W. Schaasma ok uut Deever kwaa’m. Wie kan de redactie wat verder help’m ?
De redactie wet agin neet van alle meins’n op de lieste wie is overleed’n of wie nog leeft. Wie kan de redactie doar wat verder in help’m ?

Albertus Andreae, hoofd openbare lagere school Deever, geboren op 18-03-1908, overleden op 27-03-1988.
Frans Amesz;
R. Siems;
Minne Pieter de Raaf, dameskapper, geboren op 19-03-1924, overleden op 18-04-1992;
Pieter Zijlstra, hoofd van de ULO-skoele in Deever;
Pieter Boelens; geboren op …. , overleden op 06-04-2009 in Meppel;
J.G. Bakker;
Otte Franke van Elselo, commies, geboren op 03-04-1908 in Hindeloopen, overleden op 11-09-1987 in Bergum;
A.H. van den Bosch;
Marry Bijker;
Sietske Hatzmann;
E. Waldus;
Jan Oostenbrink, geboren op 5-2-1913 an de Deeverbrogge, overleden op 11-9-1979 in Deever, timmerman;
Hendrik Broer, hoofd van de Wittelter skoele;
R. Bijker;
Jan Jurjen de Boer, gemeentearbeider, geboren op 30 oktober 1907, overleden op 24 oktober 1992;
Albert Davids;
Wouter A… Meyboom, geboren op …., overleden op 30 oktober 2015 in Dedemsvaart;
A.T. Andreae;
A.G. Pril;
A.D.M. van der Eijk-Gouda, vrouw van de veearts, geboren op ….,  overleden op ….
Engel A. Broer-van Delden;
Jantien (Jantina) Figeland, geboren op 13-09-1928 in Meppel, overleden op 20-12-2016 in Lochem;
Catharina Kannegieter;
Willie Zoer;
Jansje Zoer;
Hennie Nijzingh;
Alie Smit;
Elsebé Meyboom;
Bertha Kamp;
Nicolaas Houwer;
Wolter Folkerts;
Hendrikus Noorman;
Hendrik Jan Warries;
Hilbert Houwer;
Albert Wanningen, geboren op 07-03-1937, overleden op 01-12-1964, boer
Frederik (Freek) Klok;
Johannes van Nijen;
Chr. J. Klok;
L. Houwer;
W. Grit.

Posted in Alle Deeversen, Deeverse dialect, Openluchtspel, Shakespearitis | Leave a comment

Slijtpaden over de kaarkhof bij de brink van Deever

Op de hier afgebeelde foto uit 1916 is fraai te zien hoe over de kaarhof bij de brink van Deever drie slijtpaden lopen. In die tijd lagen op de kaarkhof bij de brink nog stoffelijke resten van begraven mensen. Pas bij de grote restauratie van het kerkgebouw aan de brink in 1956-1957 zijn deze stoffelijke resten geruimd. Onder de slijtpaden lagen dus in 1916 nog mensen begraven.
Op foto’s uit latere jaren is te zien dat om de kaarhof bij de brink een hek staat en dat over de kaarkhof geen slijtpaden meer lopen. Blijkbaar was dat hek in 1916 nog niet geplaatst.
Vanaf de brink loopt een slijtpad naar de hoofdingang van het kerkgebouw. Het brede slijtpad loopt van de Hoofdstraat over de kaarhof naar het boerencafé aan de brink. De mensen sneden zo een aardig stukje af. Het smallere slijtpad loopt vanaf de huizen bij het Schultehuis aan de brink over de kaarkhof naar de Peperstroate.
De hier afgebeelde foto van het kerkgebouw bij de brink van Deever is in 1916 gemaakt door de fotograaf Cornelis Johannes Steenbergh voor het weekblad ‘Buiten’. Het originele glasplaatnegatief is aanwezig in de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, In de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft de foto objectnummer ST 1067.

Abracadabra-1252

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Reactie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van 2016-05-10:

Bijna alle foto’s en een groot deel van de tekeningen in de beeldbank zijn in de loop van de tijd gemaakt door medewerkers van de Rijksdienst en zijn diverse voorgangers. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is daarom de rechthebbende van deze afbeeldingen.
Er is ook ander materiaal in de beeldcollectie opgenomen. De Rijksdienst heeft zijn best gedaan de eventuele rechthebbenden van dit materiaal op te sporen en toestemming te vragen voor de openbaarmaking. Vindt u desondanks dat de digitale beschikbaarheid van bepaalde afbeeldingen inbreuk maakt op enig recht dat u toekomt of uw (privacy)belangen schaadt, dan kunt u dit onderbouwd aan ons doorgeven. Wij nemen dan op korte termijn contact met u op. Bij een gegronde klacht verwijderen we vanzelfsprekend het materiaal van de website.
Alle beschikbare bestanden zijn vrij te downloaden en mogen onder de voorwaarden van de Creative Commons Naamsvermelding – Gelijk Delen 4.0 licentie gebruikt worden. Dit betekent dat iedereen de foto’s mag kopiëren, verspreiden en delen onder voorwaarde dat de bron staat vermeld en elk afgeleid werk onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

Posted in Brink, Diever, Erfgoed, Kerk aan de brink, Kerkhof, Rijksmonumenten | Leave a comment

Museum Dieverza an de brink in Deever

In de gemeente Deever houdt ogenschijnlijk geen enkel particulier museum het lang uit. Voorbeelden van dit komen en gaan zijn het Glasmuseum an de Heufdstroate in Deever en het Radiomuseum an de Aachterstroate in Deever, Zo ook het particuliere museum Dieverza an de brink in Deever. Blijkbaar is het erg moeilijk om zelfs in een toeristisch gebied, zoals de gemeente Diever, dergelijke museums uit te baten. Van Ron en Eefke Zegers, de bedenkers van het museum Dieverza, is de volgende tekst over hun museum geciteerd.

Na jaren van verzamelen hebben we in 1990 onze eerste winkel geopend. Dat was verzamelwinkel ‘de Bumper’ op de ringdijk in Ridderkerk. In 1998 wilde we graag een museum beginnen voor onze enorme verzameling. De droom was een oude boerderij. We zijn daarvoor verhuisd naar de Brink in Diever in Drenthe. In een oude boerderij uit 1863 zijn we ons museum met winkel, café, snuffelschuur, theetuin en speeltuin begonnen. We veranderden onze naam in ‘Museum Dieverza’.
Het was een prachtig avontuur, maar het zoeken naar antiek en brocante op markten in België en Frankrijk bleef ons meer trekken dan de horeca …… Na een groot gedeelte van onze collectie van ons museum te hebben verkocht aan het Nobel Museum op Ameland, zijn we eind 2002 verhuisd naar ons huidige adres in Schoondijke in Zeeuws-Vlaanderen in Zeeland. Daar zijn we een brocante-winkel begonnen. Ons pand in Schoondijke is het voormalig ‘winkelcentrum’ of zoals ze het hier noemen ‘de centrale winkel’. Het pand heeft een oppervlakte van 400 m² en staat bomvol. We hebben de naam Dieverza veranderd in Diverza, want dat is tevens een leuke afkorting van diverse verzamelingen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De achterkant van deze ansichtkaart uit 1999 (dat is al weer zeventien jaar geleden) vermeldt het volgende:
Museum Dieverza:
– een museum met diverse oude winkeltjes;
– een gezellig oud dorpscafeetje;
– een museum met antiek, curiosa en verzamelingen;
– een nostalgisch snoepwinkeltje;
Brink 2, 7981 BZ Diever, Telefoon 0521-591194.
De bezoekers wordt tevens gewezen op een eerder verschenen bericht over deze boerderij in het Deevers Archief.

Abracadabra-1251

Posted in Boerderijen, Brink, Diever, Museums, Neringdoenden, Toeristenindustrie | Leave a comment

Ansichtkoate van heujwaark an de Westerdrift

Op bijgaande afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uut ’t begun van de sestugger joar’n van de veurige eeuw is heujwaark an de Westerdrift in de buurte van de boerdereeje van Oaldert Jubbinga te seen.
Op de voorgrond is een hooischudder te zien. Deze werd getrokken door één werkpaard tussen twee berries op twee hoge wielen. Dit lichte werktuig werd ingezet om het nog niet volledig droge hooi op te schudden en te keren. De aandrijving gebeurt door de cardanas via kamwielen. Deze doet een krukas draaien die de zes viertandige vorken op en neer doet bewegen, waardoor het liggende hooi wordt opgeschud en gekeerd. De vorken zijn licht verend, opdat ze niet breken als deze ergens blijven haken. Dit werktuig bleef gebruikt worden nog lang nadat de trekker gemeengoed was geworden. Deze verrichte immers vrij snel het lichte werk en ging daardoor bijna niet stuk.
Wie herkent de twee vrouwen op de afbeelding ?

Posted in Ansichtkaarten, Boer'nwaark, Old gerak, Westerdrift | Leave a comment

Bewilliging statuten Noordelijke Hypotheekbank

Op 24 mei 1887 verscheen in het Algemeen Handelsblad het bericht dat de koninklijke goedkeuring was verleend aan de statuten van de N.V. Noordelijke Hypotheekbank van mr. Lodewijk Guillaume Verwer. Deze hypotheekbank was gevestigd in het pand met de naam Aurora aan de Dorpsstraat in Zorgvlied.

De koninklijke bewilliging is verleend aan de statuten van:
Noordelijke Hypotheekbank, te Zorgvlied, gemeente Diever, met een kapitaal van 1 millioen gulden, in 1000 aandeelen van f. 1000. Aanvankelijk wordt 20 procent van dit kapitaal gestort.
Het bestuur der bank wordt gevoerd door twee te Zorgvlied gevestigde directeuren, onder toezicht van een college van vijf tot twaalf commissarissen, die drie hunner en een of twee plaatsvervangers aanwijzen tot het houden van het dagelijksch toezicht op het bestuur en het verrichten van de handelingen, welke aan die commissie van toezicht zijn opgedragen. Jaarlijks treden, naar de volgorde van een vast te stellen rooster, twee commissarissen af; zij zijn herkiesbaar.
Bij de oprichting worden benoemd tot directeuren de heeren: L.W. van Os, burgemeester te Diever; E. Venhuizen, directeur van de Eerste Hollandsche Levensverzekeringsbank te Amsterdam; tot commissarissen: mr. D.J. R. Brants, lid der rechtbank te Heerenveen;  mr. J.F.H. Bekhuis, lid der Provinciale Staten van Friesland, te Leeuwarden; mr. B.H.M. Driessen, wethouder te Amsterdam; L.M. de Laat de Kanter, burgemeester te Leiden; mr. H.W. de Blocq van Scheltinga, lid der Provinciale Staten van Friesland, burgemeester van Schoterland, te Oranjewoud;  mr. W. Terpstra, president van het gerechtshof te Leeuwarden; mr. L.G. Verwer, te Zorgvlied, en dr. R. Wartena, te Noordwolde.
Ieder der directeuren moet houder zijn van minstens 25 en iedere commissaris van minstens 10 aandeelen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Burgemeester Leonard Willem van Os moest derhalve bij de start van de onderneming het voor die tijd bepaald niet misselijke en ook nog eens risicodragende kapitaal van f. 25.000,- in de kas van de bank storten.
Was de burgemeester een vermogend man ?
Of was hij net zoals Lodewijk Guillaume Verwer getrouwd met een vermogende vrouw ?
De redactie zal op zoek gaan naar mogelijke antwoorden.
Waren de leden van het College van commissarissen vrindjes van Lodewijk Guillaume Verwer uit zijn Leidse studententijd ?Waren ze met z’n allen lid van Minerva, de oudste studentensociëteit van Nederland ?
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van het voormalige hoofdkantoor van de Noordelijke Hypotheekbank in Villa Aurora op Zorgvlied (an de aandere kaante van de bos) op woensdag 19 september 2018 gemaakt.  

De heer Jan Lefeber stuurde op 31 december 2018 de volgende reactie; de redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
De vragen ‘Waren de leden van het College van Commissarissen vrindjes van Lodewijk Guillaume Verwer uit zijn Leidse studententijd, waren ze met z’n allen lid van Minerva, de oudste studentensociëteit van Nederland ?’ kunnen ontkennend worden beantwoord.
Er bestaat een overzicht van studenten aan de Leidse universiteit.
Lodewijk Guillaume Verwer werd ingeschreven op 29 september 1863 op 17 jarige leeftijd, afkomstig van Makkum.
Mr. D.J.J. Brants studeerde ook in Leiden, maar werd al zeven jaar eerder ingeschreven. Enkele andere commissarissen zijn niet terug te vinden in het overzicht en hebben dus niet in Leiden gestudeerd.

Verder werd elders de vraag gesteld op welk proefschrift Lodewijk Guillaume Verwer gepromoveerd zou zijn. Verwer heeft geen proefschrift geschreven. Hij promoveerde op ‘stellingen’, zoals dat toen genoemd werd. Ook de Leeuwarder Courant vermeldt dat. Een proefschrift van hem is dus niet te vinden.
In de universiteitsbibliotheek van Leiden bevindt zich wel de publicatie ‘Een woord naar aanleiding van het jongste schrijven van mr. J. P. Graaf van Zuijlen van Nijevelt’, een boekwerkje van 23 pagina’s verschenen in 1875 bij Bokma in Leeuwarden.


 

Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Noordelijke Hypotheekbank, Villa Aurora, Zorgvlied | Leave a comment

Anne Mulder over Albert Egges van Giffen

De Deeverse wijlen Anne Mulder vertelde in een interview in 1991 in Assen enige persoonlijke herinneringen aan professor doctor Albert Egges van Giffen aan de redactie van het Deevers Archief. Deze heeft de herinneringen van wijlen Anne Mulder op papier uitgewerkt en in maart 2000 gepubliceerd in nummer 00/1 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever.

Mijn ambtelijke contacten met Van Giffen
In de negentwintig jaren die ik heb gewerkt op de secretarie van het gemeentehuis in Diever, heb ik met de professor op prettige wijze over verschillende zaken contact gehad.

Van Giffen, de bosbewoner
Hij had een tweede woning op de Heezeberg. Daar vertoefde hij regelmatig. Dat was de plaats waar hij het liefst verbleef. Op de Heezeberg was het bosonderhoud een geliefde bezigheid van hem. Hij had altijd een tang bij zich om takken af te kunnen knippen. Na zijn dood heeft zijn oudste zoon Jan daar gewoond.

Van Giffen, zijn contacten met het dorp
Voor zover mij bekend hebben Van Giffen en zijn vrouw nooit deelgenomen aan het gemeenschaps- en verenigingsleven in Diever. Op één uitzondering na. Hij was lid van de commissie van aanbeveling van een geldinzamelingsactie voor de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk van Diever. Die actie heeft succes gehad, want de restauratiecommissie heeft de kerk in 1959 schuldenvrij overgedragen aan de kerkvoogdij.

Van Giffen, de altijd gedrevene
Hendrik Jan ter Mast fungeerde als toezichthouder op zijn bosgebied op de Heezeberg. Op een gegeven moment vertelde de professor aan Hendrik Jan over zijn grootse plannen voor de komende jaren inzake de beplanting en het onderhoud van het areaal bos. Hendrik Jan reageerde daarop met: “Mor dan moei’t oasemhael’n neet vergeet’n meneer”, waarop de professor antwoordde met: “Ik zal erom denken Ter Mast”.

Van Giffen, de grappenmaker
Het kwam wel eens voor dat hij bij het hunnebed mensen aantrof die uit het westen van het land kwamen. Hij maakte met zijn kleine gestalte en een pet op zijn hoofd dan niet bepaald een professorale indruk. Hij vertelde dan die mensen wel eens de gekste verhalen over de hunnebedden en de wijze waarop ze waren ontstaan. En met die verhalen togen ze dan huiswaarts.

Van Giffen, de onverbiddelijke
Mijn broer Egbert had een tijdlang het alleenrecht van jagen op zijn grondgebied. Totdat de Dieverse jagers, waaronder mijn broer, eens op de rand van dat gebied de jacht uitoefenden. De oude Hendrik Jubbega uit Oldendiever was op een gegeven moment moe en ging even zitten. Op dat moment was ook professor Van Giffen ter plaatse en constateerde dat Hendrik Jubbega op het uiterste puntje van zijn bosgebied was gaan zitten. Meteen ontnam de professor Egbert definitief het alleenrecht op de jacht in zijn bosgebied. Maar daarmee was de professor niet van mijn broer af, want wie ligt naast hem en zijn vrouw begraven op de algemene begraafplaats in Diever ? Jawel, de jager Egbert Mulder ! Nu zijn en blijven ze nog buren ook.

Van Giffen, de opmerker
Bij een wandeling door het dorp ontdekte professor Van Giffen een pol huislook op het dak van onze boerderij, Achterstraat 10. Hij vroeg aan mijn moeder, die buiten stond, of hij een stuk huislook mocht hebben. “Eiglijk neet”, zei mijn moeder, “want ‘k vun oe vrogger in de skoele moar een kreng, want ie kneep’m mee’j altied in de wange”. Ze zaten immers bij elkaar in de klas toen de professor als jongen in Diever woonde. Zij werd geboren op 9 januari 1884 en hij op 14 maart 1884.
De professor wenste zich niet te herinneren wat mijn moeder zei. Het had ook niets met hunnebedden, grafheuvels en urnenvelden te maken. Desondanks heeft hij wel een stukje huislook meegekregen. Ik weet niet hoe die pol huislook op ons dak is gekomen. Misschien is die pol meegebracht door mijn vader, want die was rietdekker van beroep.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Professor doctor Albert Egges van Giffen was namens de Drentsche Praehistorische Vereniging lid van het bestuur van de Stichting ‘Oud-Drenthe’ te Assen, de stichting die in het voorjaar van 1935 meende in de eerste plaats zijn gehele aandacht te moeten concentreren op het behoud en herstel van het zo genoemde Schultehuis an de Brink in Deever.
In het zo genoemde Schultehuis is nu gevestigd het zo genoemde Oermuseum, dat wel bijzonder schatplichtig is aan de niet in Deever geboren en ook niet in Deever getogen professor doctor Albert Egges van Giffen.
Lezers die Deeverse herinneringen hebben aan professor doctor Albert Egges van Giffen worden verzocht deze op papier te zetten en voor publicatie in het Deevers Archief in te sturen.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde zwart-wit foto van het boerderijtje an de Aachterstroate in Deever, waar vroeger de familie Mulder woonde, op 10 februari 2000 gemaakt, da’s ook al weer meer dan zestien jaar geleden.

Abracadabra-1248

Posted in Achterstraat, Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Hunnebed D52, Kerk aan de brink, Opraekelen | Leave a comment

Terras voor buitenzitten en paardenboxen beschikbaar

De redactie van het Deevers Archief toont graag zijn aanwinsten in de verzameling aan zijn trouwe bezoekers. De redactie was al heel lang zoek naar een exemplaar van de hier afgebeelde zeldzaam geworden ansichtkaart (een zo genoemd vijfluik), dat is onlangs gelukt.
De eigenaar, zijnde de familie Dijkstra, van ’t Ruterhuus (’t Aarm’mhuus) an de Grönnigerweg bee’j Deever heeft deze kaart in maart 1969 uitgegeven, Dat is alweer bijna een halve eeuw geleden. De familie Dijkstra had voordat ze aan ’t Ruterhuus begonnen een peerdespul in Oldendeever.
Op de achterkant van de ansichtkaart staat vermeld: Hotel Restaurant Manege ’t Ruterhuus, Diever (Dr.), telefoon 05219-1680. Gelegenheid voor buiten zitten en paardenboxen beschikbaar.
Op de hier afgebeelde ansichtkaart is geen gelegenheid voor buiten zitten te zien, echter deze gelegenheid is wel te zien op een andere in het Deevers Archief afgebeelde kleuren-ansichtkaart (even naar beneden scrollen). Op de hier afgebeelde ansichtkaart is wel een afbeelding van enige paardenboxen te zien.
De familie Dijkstra maakte voor ’t Ruterhuus veel reclame in de landelijke en regionale kranten, zie als voorbeeld de hier afgebeelde advertentie uit de Leeuwarder Courant van 26 februari 1969.

Abracadabra-1259Abracadabra-1260

 

Posted in Ansichtkaarten, Armenwerkhuis, Grönnegerweg, Neringdoenden, Toeristenindustrie | Leave a comment

De bronzen vuurpot uit de Vledder Aa

In de krant ‘de Grondwet’ verscheen op 3 augustus 1937 het volgende korte bericht over de vondst van een bronzen vuurpot in de Vledder Aa.

Diever. Bij de graafwerken voor het maken van een nieuwe brug over de Vledder Aa kwam op een diepte van ongeveer 1 meter beneden den bodem van het stroompje een bronzen vuurpot te voorschijn.
Het voorwerp kon geheel gaaf geborgen worden, alleen het hengsel werd beschadigd.
Naar we vernemen is de vuurpot afgestaan aan dr. van Giffen, de bekende archeoloog.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie is bezig met pogingen te achterhalen waar deze vuurpot, een zo genoemde Spaanse legerpot, is gebleven.

Op 21 oktober 2015 verstuurde de redactie het volgende e-mail bericht naar het Drentsch Museum in Assen:
Geachte heer/mevrouw,
In de krant ‘de Grondwet’ verscheen op 3 augustus 1937 het bijgevoegde korte bericht over de vondst van een bronzen vuurpot in de Vledder Aa bij Diever.
Is het Drentsch Museum in het bezit van deze vuurpot ? Zo nee, weet u waar deze vuurpot is gebleven ? Wanneer werden in Drenthe bronzen vuurpotten gebruikt ?

Al direct op 22 oktober 2015 ontving de redactie het volgende antwoord van de conservator archeologie drs. Vincent van Vilsteren van het Drentsch Museum in Assen
Geachte heer,
Hartelijk dank voor uw bericht over de bronzen pot uit de Vledder Aa.
Mij is de vondst van deze pot niet bekend. En ik heb toch al verschillende malen over bronzen potten in Drenthe gepubliceerd. Ik ben daarom heel blij met deze nieuwe pot. Nog blijer zou ik zijn als ik wist waar die gebleven is. Hij is in ieder geval niet in de collectie van het Drents Museum terecht gekomen.
Ik zal eens proberen iets te achterhalen via de dagboekjes van professor doctor Albert Egges van Giffen, maar mijn hoop is niet groot. Mocht U nog meer informatie tegenkomen, dan houd ik mij aanbevolen.

Als U meer wilt weten over dergelijke bronzen potten, dan verwijs ik naar twee van mijn artikelen gepubliceerd in de Nieuwe Drentse Volksalmanak van respectievelijk 1998 en 2000.

In de Nieuwe Drentse Volksalmanak 115 van 1998 verscheen op de bladzijden 142 tot en met 170 het artikel Voor hutspot en de duivel – over de betekenis der zoogenaamde Spaansche legerpotten.
In de Nieuwe Drentse Volksalmanak 117 van 2000 verscheen op de bladzijden 169 tot en met 187 het artikel Die potten in deze ruwe veenen’; aanvullende vondsten van zgn. Spaansche legerpotten.

Abracadabra-1403

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Erfgoed, Vledder Aa, Wapse | Leave a comment

Arbeider vindt volkomen ongeschonden urn

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 7 april 1905 het volgende bericht over de vondst van een volkomen ongeschonden urn in de buurt van het hunebed.

Diever, 6 april. In de nabijheid van het hunnebed bij ons dorp vond een arbeider op ongeveer 1 meter diepte een urn, die volkomen ongeschonden is gebleven.
De hoogte is 18 cm, de halswijdte bedraagt 49 cm, de buikwijdte 66 cm. De inhoud bestaat uit asch en gedeeltelijk verbrande beenderen. Op ongeveer anderhalven meter afstand vond men op dezelfde diepte overblijfsels van een vuur. Het is te hopen, dat de urn voor het Drentsch museum worde aangekocht.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De vraag is wat die arbeider bewoog om in de Stienakkers een gat met een oppervlakte van een paar vierkante meters en zeker 1 meter diepte te graven. Was hij een amateur-archeoloog of deed hij werkzaamheden in opdracht van een archeoloog ? Zeker is wel dat de kleine Albert Egges van Giffen in die tijd in Deever woonde, zijn vader was dominee van de hervormde kerkgemeente van Deever en woonde in de pastorie aan de Brink. Stond hij bij het gat naar de opgraving te kijken ? Is de urn inderdaad in het Drentsch Museum in Assen terecht gekomen ?
Op de ansichtkaart is het hunebed te zien, dat door professor doctor Albert Egges van Giffen in de vijftiger jaren van de vorige eeuw met veel ‘deskundige fantasie’ is ‘gerestaureerd’.

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Brink, Hunnebed D52, Kerk aan de brink | Leave a comment

Plotseling en wreed stond de dood voor de broers

Ter godvruchtige nagedachtenis van de broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens werd bijgaand doodsprentje gemaakt. Een doodsprentje is een klein prentje dat binnen de Rooms Katholieke Kerk wordt uitgegeven als herinnering aan een overlijden. Een doodsprentje wordt tijdens de uitvaart aan de aanwezigen uitgedeeld. Het hier afgebeelde doodsprentje -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- zal derhalve op 14 april 1945 in de Kerk op de Brink van Deever zijn uitgedeeld tijdens de uitvaartdienst van de tien mannen die op 10 april 1945 op het Marktterrein in Deever werden vermoord.  

De Duitsers gijzelden op 10 april 1945 de uit Noord-Brabant geëvacueerde broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens, samen met Nicolaas Houwer, Kornelis Kerssies, Harman Bennen, Roelof Hunneman, Hendrik Akkerman, Klaas Daleman, Jan Houwer, Koop Houwer en Koop Westerhof.
De Duitse gijzelaars dwongen de gegijzelden op het Marktterrein in Deever tegen de wal van de kaarhof te gaan staan. Zie de afgebeelde foto, die op 15 februari 2001 is gemaakt. Op deze plek staat heden ten dage een rododendronbosje.
Na enige uren arriveerde een auto uit Steenwijk. De Duitse officier die uit de auto stapte was de woedende en schreeuwende S.D.-commandant Fritz Habener, Hij greep plotseling een mitrailleur en vermoordde de mannen die tegen de wal van de kaarkhof stonden. Koop Westerhof overleefde als door een wonder deze wrede moordaanslag.

De tekst van het doodsprentje luidt als volgt:
Jezus, Maria, Joseph.
Ter godvruchtige nagedachtenis van Antonius Maria Gerardus Janssens, geboren 26 mei 1926 te Tilburg en van Jozef Cornelis Maria Janssens, geboren 10 october 1930 te Berkel, gevallen voor het vuurpeloton 10 april 1945.
Plotseling en wreed stond de dood voor deze beide jonge menschen, die nog aan ’t begin, aan de lente stonden van hun leven.
Maar toch roept onze Moeder de Heilige Kerk, ook bij deze wreede sterfgevallen ons toe om niet te blijven treuren, maar om te denken aan de opstanding en ’t eeuwig leven, dat deze jongens tegemoet gaan.
Beste ouders, broers en zusjes weent niet over ons. Eens zullen we allen weer in blijdschap vereenigd zijn.
Mijn Jezus, barmhartigheid !

Een doodsprentje werd vaak van een passende bijbeltekst voorzien. En niet te vergeten voorzien van een aanwijzing voor een aflaat. Een aflaat is de vermindering van tijdelijke straffen die de overledene in het vagevuur moet ondergaan. Deze straffen kunnen worden verminderd door het uitspreken van gebedjes voor de overledene, zoals bijvoorbeeld op dit doodsprentje het gebed ‘Mijn Jezus, barmhartigheid’. Dit leverde voor de gestorvenen per gebed 100 dagen aflaat op.
De term ‘Cum approbatione ecclesia’ betekent in het Nederlands ‘Met goedkeuring van de kerk’.
Het prentje van de religieuze scène is getekend door Augustin Müller-Warth (1864-1943). Het is bij de redactie niet bekend of ook een kleuren-versie van dit doodsprentje is uitgegeven.

Abracadabra-1255Abracadabra-1256Abracadabra-1258Abracadabra-1257

Posted in 10 april 1945, Bidprentjes, Diever, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Begroeiing verwijderd bij het hunnebed

In 2011 werd een vuurtje gestookt bij het hunnebed D52 op de Steenakkers an de Grönnigerweg bee’j Deever, waardoor een groot stuk van een deksteen afbrak. In 2008 zijn drie stenen van het hunnebed blauw geverfd. Vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever hebben op maandag 16 februari 2012 en de dagen daarna een groot deel van de begroeiing rond het hunnebed weggehaald.
De zo onstane zichtbaarheid van het hunnebed zou moeten bijdragen aan het voorkomen van vernielingen aan het hunnebed en vervuiling rond het hunnebed. Het kappen, hakken, zagen en snoeien van bomen, struiken en bosschages is in overleg gegaan met Staatsbosbeheer, de beheerder van het terrein rond het hunnebed.
RTV-Drenthe heeft tijdens de werkzaamheden bij het hunnebed filmopnamen voor de televisie gemaakt, waarbij de verslaggever de in hunnebedden en bosschages gespecialiseerde deskundige van de heemkundige vereniging van Deever ruim aan het woord liet.
Het uitgezonden filmpje is ook te zien op het internet.
In het filmpje heeft de hiervoor genoemde deskundige het ook over een foto van jaren terug, waarop het hunebed zonder begroeiing is te zien. Wellicht doelde hij op de foto van hunnebed D52 uit 1918, toen Albert Egges van Giffen bezig was met het inventariseren van de hunnebedden.
Overigens was het in 1952, een paar jaar voor de mislukte restauratie van het hunnebed, ook vrij kaal rond het hunnebed, zoals te zien is op deze prachtige zwart-wit ansichtkaart van het hunnebed met op de achtergond in schoven gezette rogge. Het ware beter geweest dat de weledelgestrenge heer professor doctor Albert Egges van Giffen het hunnebed van Diever met rust had gelaten.
Voor de volledigheid en ter illustratie van deze tekst wordt hier ook een op 26 juli 2012 gemaakte foto getoond.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Hunnebed D52, Steenakkers | Leave a comment

De sloop van ‘de Keet’ op de Heezebaarg in 1997

De archeoloog professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kerkhof van Deever) en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s) hadden een vakantiehuisje op de Heezebaarg aan de rand van de Heezenesch. Het huisje heette eerst ‘de Keet’, later ‘de Heezeberg’.
De Keet is inderdaad de directiekeet die bij de grote archeologische afgraving van de wierde van Ezinge stond, Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezenesch).
In 1997 was met name de houten onderkant van ‘de Keet’ in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenoot, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uut Dwingel (eerder gevestigd in Leggel).
De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van het Deevers Archief en de eigenaren bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van ‘de Keet’ op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen heeft de kleurenfoto’s van het interieur van ‘de Keet’ een paar dagen vóór de afbraak van ‘de Keet’ gemaakt, Zij heeft ook de kleurenfoto van de afbraak gemaakt.
Let bij de foto’s van het interieur vooral op de originele elementen, zoals de gaslampen en de koperen pomp.

Abracadabra-1561Abracadabra-1555Abracadabra-1556Abracadabra-1557Abracadabra-1558Abracadabra-1560

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Heezebaarg, Heezenesch, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie

De heer Jaap Koning stuurde op 1 februari 2014 de volgende in het Deevers gestelde vraag in:
Woar was ok a weer ‘t Bultie ? Bin ’t eem hielemoale kwiet !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Jaap Koning is een zoon van Lambertus Koning (Battus Keuning) (geboren 15 maart 1918, overleden 7 december 1987) en Deeltje …………. (gegevens moeten nog worden uitgezocht).
Wijlen sier- en hoefsmid, schrijver, geitenfokker, doe-het-echt-zelver en dorpscriticaster Klaas Kleine noemde Lambertus Koning (Battus Keuning) de lochtkeerl (doe ’t locht ies an, ’t wödt a donker), omdat Lambertus Koning (Battus Keuning) ook opnemer van de electriciteitmeters was. De familie Koning woonde an de Veentjesweg in Deever. De heer Jaap Koning heeft ook een eigen webstee, te weten www.jaapkoning.nl.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de prangende vraag van de heer Jaap Koning, geboren en getogen Deeverse, voorzien van het juiste antwoord ? 
Woar was ok a weer ’t Bultie ? Woar was ok a weer ’t olde Bultie ?
Misschien zou Rikus Kloeze, de veldnamenexpert en voorvechter van de lokale politieke partij Dorpsbelangen, daar uitsluitsel over kunnen geven ? Want in november 2012 (zie ook het bericht van 9-11-2012 in de webstee van de Olde Möppeler) smeedde hij vrolijk lachend en eigenhandig het Zwatte Pattie om tot Bultie, het nieuwe Bultie. Deever had eindelijk zijn nieuwe Bultie. Rikus had een jarenlange strijd tegen de ambtelijke windmolens beloond zien worden.
Maar daarmee is nog niet de cultuurhistorische vraag beantwoord over de ligging van ‘t Bultie. Daarvoor moeten we zoeken op de kaart met de Deeverse veldnamen en dan blijkt er een akker met de naam Scholten’s Bultie te zijn geweest, tussen wat nu de Vlasstraat is en wat nu de Veentjesweg is, dus eigenlijk zou de Kloosterstraat –het is nooit bewezen dat in Deever een klooster heeft gestaan- tussen de Vlasstraat en de Veentjesweg de naam Scholten’s Bultie moeten hebben. Dus het Zwatte Pattie, nu bij vergissing Bultie genoemd, het zij Rikus Kloeze, Nico Pook en Zwanie Zantinge vergeven, was de verbinding tussen de Hoofdstraat en het zandpad over Scholten’s Bultie naar Oldendeever. Het laat zich raden dat dit voor de Afgescheidenen uit Oldendeever en Wittelte in de tijd van de onverharde wegen op zondag hun kaarkepad naar hun Offescheid’n kaarke aan hun Kruisstraat moet zijn geweest.

Posted in Bultie, Diever, Kloosterstraat, Kruisstraat, Veentjesweg, Veldnamen | Leave a comment

Politieke aspiraties van J. F. de Ruijter de Wildt

Op 18 januari 1868 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant het volgende bericht over de kandidatuur voor het lidmaatschap van de Tweede Kamer van Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt.

Voor het lidmaatschap van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, wenschen wij de aandacht onzer medekiezers in Drenthe te vestigen op den heer J.F. de Ruijter de Wildt, wonende op het landgoed “Zorgvlied” in de gemeente Diever; een begaafd man met veel talenten, die gedurende een twintigtal jaren in verschillende residentiën en vooral in de binnenlanden van Java, in de gelegenheid was, de Indische toestanden en belangen van nabij te leeren kennen en beoordeelen, en wiens braafheid en vaderlandsliefde boven onzen lof is verheven.
Eenige kiezers in Drenthe

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie moet nog uitzoeken of Jacobus Franciscus de Wildt inderdaad volksvertegenwoordiger is geweest. 
Wellicht was Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt in zijn koloniale periode assistent-resident of misschien wel resident op Java. Een assistent-resident was in Nederlands-Indië de hoogste Nederlandse ambtenaar in een afdeling (assistent-residentie) van het plaatselijk bestuur, dat viel onder het Binnenlands Bestuur. Enige afdelingen samen vormden een residentie, met aan het hoofd een resident. Boven de resident stond de gouverneur-generaal, die Nederlands-Indië regeerde.

Posted in de Ruijter de Wildt, Zorgvlied | Leave a comment