Greinsstien langs de Voart tussen Wittelte en Uffelte

De redactie van het Deevers Archief heeft de navolgende kleurenfoto op zaterdag 16 augustus 1997 gemaakt.
Op de foto is de greinsstien langs het fietspad van de provinciale weg langs de Drentsche Hoofdvaart tussen Wittelte en Uffelte op de grens van de gemiente Deever en de gemiente Oavelte te zien. Komende van de kant van Uffelte was op de greinsstien de naam Diever en het wapen van de gemiente Deever te zien. Rechts op de achtergrond ligt in de weg de Stienbaarger bochte. De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk, onder aanvoering van burgemeester Jan Cornelis Meiboom, moeten wel een vergunning voor het plaatsen van deze gemeentelijke grenssteen in de berm van de provinciale weg hebben losgepeuterd bij de provincie Drenthe.
Om de sokkel van de greinsstien zijn nota bene 10 betontegels van 30 cm bij 30 cm aangebracht, waarschijnlijk om te voorkomen dan de greinsstien door lang gras minder goed zichtbaar zou kunnen worden.
Op 1 januari 1998, ’s nachts om 0.00 uur, als een soort van kreupele start van de gemeente Westenveld, moesten de nijvere gemeentearbeiders (van de gemiente Diever ?) in opdracht van de verse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk, vooruit voor één keer dan, meedoen met de oeroude traditie van het oldejoars sleep’m.
De nijvere mannen moesten alle blikstienders mooie greinsstien’n van de gemiente Deever hen ut gemientehuus an de brink van Deever sleep’m om daarna in gestrekte draf en met gezwinde spoed te kunnen worden gedeporteerd naar een puinbreker.
Welke wakkere en zonder twijfel echte Deeverse heeft zich geen oor aan laten naaien en heeft zich ontfermd over deze gloepens mooie greinsstien ?? Driewerf hulde voor deze held: hulde, hulde, hulde !! Zo’n greinsstien is toch èch wè Deevers aarfgood. Zo’n greinsstien steet èch wè good op un Deevers aarf.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de redactie een foto van andere greinsstienen op hun oorspronkelijke plek bezorgen ?

Posted in Erfgoed, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Coöperatieve Zuivelfabriek Ons Belang in Wapse

De coöperatieve landbouwvereniging voor boterbereiding en aanschaffing van veevoeder en kunstmeststoffen ‘Ons Belang’ in Wapse, gemiente Deever werd in 1897 opgericht. In november 1966 fuseerde de zuivelfabriek van Wapse met de zuivelfabriek van Deever. Op 1 mei 1970 werden beide fabrieken gesloten.
Deze ansichtkaart is in maart 1968 uitgegeven door een combinatie van twee wakkere neringdoenden in Wapse, te weten Zelfbediening Hennie Koning en Café Louwes.
In maart 1968 was de zuivelfabriek van Wapse nog in bedrijf, gelet op de melkbussen bij de fabriek.
Tussen het woonhuis aan de linkerkant en het fabrieksgebouw is nog net een stukje van de kaasmakerij te zien, waar in de laatste jaren -in elk geval in 1966- grote en zware Cheddar kazen werden gemaakt in de vorm van een cilinder met een diameter van ongeveer 30 cm en een hoogte van ongeveer 30 cm. De gerede kazen werden afgevoerd naar het kaaspakhuis van de N.C.Z. aachter ut spoor in Móppel.
Deze afbeelding van zuivelfabriek ‘Ons Belang’ komt ook voor op een zo genoemd vierluik met Wapser afbeeldingen.

Posted in Ansichtkaarten, Wapse, Zuivelfabriek Wapse | Leave a comment

Woar is de greinsstien bee’j ut Schultehuus eblee’m ?

De redactie van ut Deevers Archief hef de kleur’nfoto, woarop ai könt seen un greinsstien van de gemiente Deever bee’j ut Schultehuus an de brink van Deever, emeuk’n op 13 november 1998.
De redactie hef de kleur’nfoto woarop ai könt seen de hiele veurgevel van ut Schultehuus, toevallug ok emeuk’n op 13 november, moar in ut joar 2014. Op dizze foto is de greinsstien van de gemiente Deever jammer genog neet meer te seen.
Sul ut wat te maek’n hem’m mit de edwöng’n fusie van de freeje gemiente Diever mit de noabergemient’n Dwingel, Vledder en Oavelte op 1 janneworie 1998 ? Op die dag möss’n gemientearbeiders mit gezwinde hoast alle greinsstien’n van de gemiente Deever bee’j de greinse mit de noabergemienten weghael’n en aachter ut gemientehuus van de gemiente Deever vursèmel’n un lèter hen um puinbreker offevoert te wödd’n. Is dizze greinsstien toe veilig estelt deur un echte Deeverse en lèter toe de kust veilig was bee’j ut Schultehuus neer ezet ?
De grote vroag’n bint now: wie drukte de greinsstien aachterover en woar is dizze greinsstien eblee’m ?
Wie ut wet, die möt ut de redactie meld’n !

Posted in Schultehuis, Wapen van de Gemeente Diever | Leave a comment

Begreu’m wödd’n in de kaarketuun van Deever

In de Drentse Almanak (dus niet de Nieuwe Drentse Volksalmanak) voor het jaar 1988 (de eerste jaargang) schreef de Hoogevener Lammert Huizing het sympathieke artikel ‘Oude gebruiken rond de groeve in Drenthe’. De redactie van het Deevers Archief citeert uit dit artikel het volgende korte stukje tekst.

In de dertiger jaren van de vorige eeuw werd het verboden om nog langer in de kerken te begraven of op de meestal te kleine karcktunen: de ruimte rondom het godsgebouw. Toen werden elders in de kerspels de eerste nieuwe begraafplaatsen aangelegd. Toen verdween ook geleidelijk de oude traditie van de lijkpredikatie in de kerk.
Pas in deze eeuw kwam het gebruik in vernieuwde vorm terug: de rouwdienst in een kerk of uitvaartruimte. Men hoefde nu geen kou meer te lijden, zoals vroeger toen de begrafenistoespraken nog bij het graf werden gehouden. Als men dan met de hoed af en in de wind aan het graf stond te luisteren, moest men rekening houden met het gezegde: ‘Van een groeve koo’j miestal tot een groeve’.
De plaats waar de dominee vroeger stond als de kist voor de laatste maal op de deel onder het balkenslop werd geopend, was aan het hoofdeinde van de kist. Hij ging in de stoet ook dicht achter de doodwagen lopen, om onheilsmachten af te weren. Dat gebeurde niet bewust. Maar men zag een dominee als drager van een hogere macht, als vertegenwoordiger van een andere, eeuwige wereeld. Een vaag besef van onheil en angst voor onbekende gevaren en machten, die rondwaren bij de dood, konden door Woord en Gebed worden afgeweerd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Dat de kaarketuun of de kaarkhof, dat is de ruumte um de kaarke an de brink van Deever, an de suudkaante van de kaarke veule groter is dan an de noordkaante, dat komp umdat vrogger alle mein’s, riek en aarm, allennig an de suudkaante van de kaarke begreu’m woll’n wödd’n, dat was een olde misschien wel bijna heidn’se gewoonte.
An de suudkaante van de kaarke was dus veule meer kaarketuun of kaarkhof neudig. De suudkaante van de kaarketuun lig an de kaante van de Heufdstroate, de noordkaante van de kaarketuun lig an de kaante van de Peperstroate.
De lèste skelett’n in de kaarketuun an de suudkaante van de kaarke bint bee’j de grote resterasie van de kaarke in 1956/1957 eruumd.
De redactie hef de eerste kleurenfoto emeuk’n op 19 september 2018 en de dree aandere kleurenfoto’s op 30 november 2018.
In de somer wödt de suudkaante van de kaarketuun gewoon in beslag eneu’m deur de uutbater van ut cafetaria an de brink, dan is de suudkaante van de kaarketuun ut grote patat- en eiswalhalla van Deever.
Hept de Hoge Hièr’n Van De Veurkaante Van Ut Grote Geliek de uutbater doar un vurgunning veur egee’m ? Of döt die uutbater moar gewoon woar hee sin an hef ?
De Abe-Brouwer-promenade mit die kienderkoppies en mit die rère rooie tiek’ns tuss’n de kienderkoppies heude vrogger ok bee’j de kaarketuun en neet bee’j de Heufdstroate en de brink.


Posted in Abe Brouwer, Brink, Kerk aan de brink | Leave a comment

N.S.B.’ers na de bevrijding gevangen in café Balsma

In de gemiente Deever hielden de leden van de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) zich in de eerste dagen na de Tweede Wereldoorlog met name bezig met het opsporen en vastzetten van N.S.B.’ers en pro-Duitse Nederlanders uit de omgeving van Deever.
Ze werden vastgezet in café Brinkzicht an de Brink in Deever, dit café was eigendom van de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma, die zelf eerst ook in zijn eigen café werd vastgezet, nadat hij in Appelscha was opgepakt.
Voor het luchten van deze mensen was een omheind stuk grond buiten het café beschikbaar.
Na verhoor en na opmaak van een eerste proces verbaal door de leiding van de Binnenlandse Strijdkrachten (B.S.) mochten sommigen naar huis, anderen kwamen terecht in kamp Westerbork.
Het is een goede zaak dat betrokkenen over het gebeurde in de Tweede Wereldoorlog willen getuigen.
In de webstee easy.dans.knaw.nl van Data Archiving and Networked Services zijn getuigen-verhalen van N.S.B.’ers die hebben vastgezeten in kamp Westerbork te vinden. Zo ook interview 16 waarin een in de Tweede Wereldoorlog pro-Duits gezinde vrouw uut Oldendeever vertelt over haar ervaringen in en na de Tweede Wereldoorlog.

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.A.D.-kamp, N.S.B., Oldendiever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Plaatsnaambord Wapse – Gemiente Deever

De redactie van het Deevers Archief toont bijgaande foto van het fraaie plaatsnaambord ‘Wapse – Gemeente Diever’ graag aan de trouwe bezoekers van zijn webstee.
Het plaatsnaambord stond langs de Ten Darperweg tussen Kalteren en Wapse, toen de gemiente Deever gelukkig nog een zelfstandige gemeente was. Op 1 januari 1998 werden de zelfstandige gemient’n Oavelte, Vledder, Dwingel en Deever gedwongen te fuseren. De afgebeelde foto moet een aantal jaren vóór die fusie zijn genomen.
De nijvere werkertjes voor de Voorkant Van Het Grote Gelijk hebben ongetwijfeld de opdracht van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk gekregen op 1 januari 1998 om 0.00 uur alle oude plaatsnaamborden in de fusiegemeente uit de grond te rukken en met gezwinde spoed naar de schroothoop te brengen.
De redactie vraagt zich af of her en der soms door een echte Deeverse een plaatsnaambord van de schroothoop is gered en voor het nageslacht is bewaard ?
De redactie wil graag weten waar het hier afgebeelde plaatsnaambord stond ? Wie van de oplettende bezoekers zou willen reageren ?

De redactie van het Deevers Archief ontving op 21 juni 2016 de volgende reactie van mevrouw Carla:
Het plaatsnaambord ‘Wapse Gemeente Diever’ stond tussen de woningen met huisnummer 12 en huisnummer 14 aan de Ten Darperweg, de weg van Diever naar Wapse, ter hoogte van het hectometerpaaltje 14.6. Nu staat op dezelfde plek het plaatsnaambord met de tekst ‘Wapse Gemeente Westerveld’. Zie de volgende afbeelding. Die weg kan ik nog steeds dromen, dat mag met deze reactie blijken.

Abracadabra-1269

Posted in Gemeente Diever, Ten Darperweg, Wapse | Leave a comment

Franse veteraan beschrijft zijn avonturen in Drenthe

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 3 januari 2000 het volgende bericht over de memoires van de Franse parachutist Maurice Domingo.

Franse Veteraan beschrijft zijn avonturen in Drenthe
Diever. Vlak voor de bevrijding in 1945 werd N.S.B.-burgemeester Posthumus van Diever gearresteerd en naderhand uitgeleverd aan de geallieerden. Een deel van de Dieverder bevolking denkt nog altijd dat Posthumus door eigen ingezetenen werd gegrepen en vastgezet, anderen houden tot op de dag van vandaag vol dat de burgemeester door Franse parachutisten in de kraag werd gevat. Dit volksmysterie, voor zover de officiële kronieken al ruimte lieten voor raadsels op dit terrein, kan nu definitief als opgelost worden beschouwd.
Tot ieders verrassing arriveerde er onlangs bij het postagentschap in de Golf-supermarkt van Diever een dik pak papier, dat de avontuurlijke memoires bleek te bevatten van de gewezen Franse parachutist Maurice Domingo. De 76-jarige luchtveteraan beschrijft hoe hij samen met 17 andere Franse para’s op 6 april 1945 boven Drenthe werd gedropt. Eén van de opdrachten van de eenheid was, burgemeester Posthumus van Diever te arresteren. En aldus geschiedde.
De nietsvermoedende burgemeester werd overrompeld toen hij net aan de koffie zat. De para’s ontmoetten geen enkele weerstand, toen ze de hevig ontstelde Posthumus mee naar buiten namen en hem achter de Ossenkoel aan een boom vastsnoerden. Hierbij verzuimden zij niet, de N.S.B.’er een flink pak slaag te geven. Maurice Domingo vertelt, hoe hij tijdens de overval het zilveren koffielepeltje van de burgemeester achterover drukte. Dit heeft hij tot op de dag van vandaag in zijn bezit.
De weg die de memoires aflegden, is curieus te noemen. Als adres wist de geestelijk vader niets anders te verzinnen dan ‘La Postière Diever, Hollande’. En ziedaar: het kwam in de bus ! Maurice Domingo vertrouwde blijkbaar op de oude banden, die hij met het Dieverse postwezen heeft. Tijdens hun missie in Drenthe werden de Franse parachutisten namelijk geholpen door een plaatselijke postbeambte, die er voor zorgde dat ze adequaat konden verplaatsen.
De memoires bleken geheel in het Frans te zijn geschreven en daarom zijn ze eerst maar eens vertaald. De para’s werden in afwachting en ter voorbereiding van de geallieerde opmars achter de Duitse linies gedropt. Eén van hun opdrachten was ook, de met explosieven geladen schepen die lagen afgemeerd in de Drentse Hoofdvaart, te saboteren. Toen daarbij één der schuiten in de lucht vloog, raakte Maurice Domingo  gewond. Dat betekende meteen het einde van zijn optreden in Drenthe. Hij werd overgebracht naar de oprukkende 1e Canadese Divisie en verbleef daarna voor zijn herstel een poos in Schotland.
Uit de memoires, die 60 losse pagina’s beslaan, wordt duidelijk dat de gewezen parachutist kan terugzien op een turbulent verlopen jongelingstijd, waarin hij zich ontpopte als een echte mannetjesputter. Hij werd 19 mei 1921 geboren in Narbonne. In 1938 werd hij bokskampioen van het departement Languedoc. In 1940 werd hij fabrieksarbeider. Hij hield niet van de Duitsers en viel in handen van de Gestapo, die hem doorzond naar Spanje. Domingo wist echter te ontsnappen en kwam na allerlei wederwaardigheden terecht bij de Franse para’s, die buiten hun bezette vaderland opereerden. De missie in Drenthe was de derde waaraan hij meedeed.
Maurice Domingo, die later een aantal keren terug is geweest in Drenthe, vertelt dat er in de dagen vlak voor de bevrijding rond Diever een aantal Duitse soldaten is gesneuveld. De Historische Vereniging van Diever, die de memoires nu in beheer heeft, wil graag weten hoe hun naam luidde en waar ze zijn begraven.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie heeft dit enigszins rammelende bericht in het Deevers Archief opgenomen voor wat het waard is.
De redactie verwijst naar het bericht Ik heb bij deze actie een zilveren theelepel gestolen, het bericht Operatie Amherst: de parachutisten van stick 49, het bericht Geesje van der Werf-Schoemaker is overleden en het bericht Gees de postbeambte kijkt me triomfantelijk aan.
La Postière Diever Hollande was Geesje Schoemaker, de dochter van de postkantoorhouder van het postkantoor an de Heufdstroate van Deever.

Posted in Franse parachutisten, Gees Schoemaker, N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Vergadering burgemeester en wethouders in 1953

De redactie van het Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde, steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels, documenten en foto’s over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het papieren blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever te publiceren, dan maar postuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in de webstee van het Deevers Archief.
Tussen zijn verzameling foto’s zat ook bijgaande zwart-wit foto, die Anne Mulder heeft gemaakt in 1953. Het betreft een foto van een vergadering van de burgemeester en de wethouders van de gemiente Deever. Op welke datum hij deze foto heeft gemaakt, dat heeft de fotografist bij deze foto niet vastgelegd.

De burgemeester en de wethouders van de gemiente Deever vergaderden in ut olde gemientehuus an de brink van Deever. Zie de bijgaand afgebeelde ansichtkaart uit de vijftiger jaren van de vorige eeuw.
De redactie van het Deevers Archief is niet bekend met de precieze datum van deze vergadering van de burgemeester en de wethouders. Deze datum zou te vinden moeten zijn in het archief van de gemiente Deever.
Op de foto zijn van links naar rechts te zien:
– V.V.D.-burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), geboren op 9 april 1910 in Oldemarkt, overleden op 11 februari 1982 in Bilthoven;
– gemeentesecretaris Jan Boesjes, zijn gegevens moeten nog worden uitgezocht;
– A.R.-wethouder Jannes Hessels, geboren op 27 november 1906 in Oldendeever, overleden op 22 juli 1977.
– P.v.d.A.-wethouder Hilbert Gerrits, geboren op 10 december 1905 op Kalter’n, overleden op 4 februari 1964.
De redactie heeft zich dagen lang het hoofd suf geprakkiseerd over het waarom van de aanwezigheid van die (glazen ?) kom op de tafel tussen de papperasjes van de drie Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk en vlak bij de druk schrijvende notulist Jan Boesjes. Zaten in die kom lekkere knabbelkoekjes of Belgische gevulde chocolaatjes ? En is Jannes Hessels onder het besturen door bezig met het roken van een bolknak ? Zo te zien bungelt in zijn mond een sigaar.
Dat de vergadering in het jaar 1953 is gehouden, dat mag blijken uit het aanplakbiljet, dat Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) achter de vier mannen aan de muur (of deur ?) had opgehangen. Achter en onder de petten van de twee wethouders is op het aanplakbiljet nog net het woord Openluchtspel en de tekst Eind goed, al goed te ontwaren. In de zomer was burgemeester Jan Cornelis Meyboom vaak meer bezig met het reclame maken voor het steeds maar meer bezochte openluchtspel en het bevorderen van de verkoop van toegangskaarten, dan met het burgemeesteren van de gemiente Deever.
De nazaten van Jan Cornelis Meiboom en Nelly Veldman onderhouden tegenwoordige een bladzijde met tekst in de webstee Wikipedia. Op die bladzijde behoeft de tekst ‘In april 1944 dook hij onder na de opdracht te hebben gekregen om arbeidskrachten aan te wijzen om te helpen bij het nieuwe Duits militaire vliegveld in Havelte’ enige aanpassing.
Deze tekst zou kunnen luiden: ‘In april 1944 kreeg hij de opdracht arbeidskrachten aan te wijzen om te helpen bij het aanleggen van het Duitse militaire vliegveld in Havelte. Voor het bevorderen van vrijwillige aanmelding wilde hij een voorbeeld geven en ging zelf eerst een dag werken bij de aanleg van het Duitse militaire vliegveld in Havelte. Voor het Deeverse verzet was dit een daad teveel. Het verzet raadde hem aan uit Deever te verdwijnen. See hept hum wegeknooid. De familie Meiboom verbleef de rest van de oorlog bij familie elders in den lande.’
In 1953 werd voor het eerst en blijkbaar voor het laatst het toneelstuk Eind goed, als goed van Sjakie uut Spier in het openluchttheater an de Shakespearebrink (voorheen Bolderbrink) in het Grünedal an de Hezenesch bee’j Deever opgevoerd. De redactie verwijst voor de lijst van uitgevoerde openluchtspelen naar de webstee van het openluchttheater.
In het Deevers Archief is geen afbeelding van het grote aanplakbiljet aanwezig, dat zal ongetwijfeld wel aanwezig zijn in het archief van de toneelvereniging Deever, dat gelukkig is ondergebracht in het Drentsch Archief in Assen. Wel kan de redactie van het Deevers Archief de voorkant van het programmaboekje van het openluchtspel uit dat jaar tonen. Zie de bijgevoegde afbeelding. De tekening op de voorkant van het programmaboekje komt overeen met de tekening op het aanplakbiljet.


Posted in Gemeentebestuur, Gemeentehuis, Openluchtspel | Leave a comment

Deeverse oorlogsgrafstenen staan bijna in Duitsland

In het ontzagwekkende Museum Collectie Brands – ga vooral daar eens kijken- in Nieuw-Dordrecht, in het zuidoosten van Drenthe, op nog geen vijf kilometer van de Duutse greinse, zijn de grafsteen van het oorlogsgraf van vader Nicolaas Houwer en de grafsteen van het oorlogsgraf van zoon Klaas Houwer gelukkig wel bewaard gebleven. Zie de twee bijgevoegde kleurenfoto’s.
De twee grafstenen, die èch wè tot ut Deeverse aarfgood beheurt, ook al staan ze in Nieuw-Dordrecht, zijn bewaard gebleven dank zij de onstuitbare verzamelwoede van topverzamelaar Jan Brands. Hij verzamelde weliswaar voorwerpen, maar het ging hem daarbij vooral om het verhaal bij de voorwerpen. Bij deze twee Deeverse oorlogsgrafstenen is wis en zeker een verhaal te vertellen. Zie onder meer de berichten Frits Habener is de moordenaar van 10 april 1945 en Plotseling en wreed stond de dood voor de broers.
Deze twee kleurenfoto’s zijn op 5 februari 2019 gemaakt door Henk Meijer, fotograaf van het Museum Collectie Brands. De redactie van het Deevers Archief is hem bijzonder erkentelijk voor zijn moeite deze foto’s te willen maken en voor zijn toestemming deze foto’s in het Deevers Archief te mogen tonen.
De twee oorlogsgrafstenen stonden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever bij de graven van de andere oorlogsslachtoffers,  maar zijn bij of na de overdracht van de grafrechten van de familie van beide mannen aan de Oorlogsgravenstichting op 1 januari 1964 (en niet op 13 april 1965, twintig jaar na de begrafenis van beide mannen ?) zeer erg helaas door die stichting vervangen door die kille, steriele en anoniemachtige standaardgrafsteen van die stichting.
De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk van de gemiente Deever, onder aanvoering van burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) hebben in 1964 blijkbaar geen enkele moeite gedaan deze oorlogsgrafstenen voor de gemiente Deever te behouden.
De grote vraag is natuurlijk hoe kwam de niet te stoppen superverzamelaar Jan Brands achter het feit dat de Oorlogsgravenstichting op 1 januari 1964 of daarna de twee voor haar overbodig geworden Deeverse oorlogsgrafstenen kwijt moest ?
De medewerkers van Museum Collectie Brands hebben wel moeite gedaan de letters, cijfers en tekens op de oorlogsgrafstenen die meer dan zestig jaren in weer en wind hebben gestaan, weer goed leesbaar te maken. Daarvoor driewerf hulde: hulde, hulde, hulde. Daarvoor dank aan de conservator mevrouw Hilde van den Berg.
Nu kunnen we lezen dat op de oorlogsgrafsteen van vader Nicolaas Houwer staat:
Onschuldig werd hij uit het leven weggerukt door de wreede vijand 2 dagen voor de bevrijding.
Nu kunnen we lezen dat op de oorlogsgrafsteen van zoon Koop Houwer staat:
Zijn jong leven eindigde 2 dagen voor de bevrijding door vijands wreede moordenaars hand.
De redactie verwijst voor de volledigheid naar de met dit bericht verband houdende berichten Het oorloggraf van Nicolaas en Klaas Houwer en Nicolaas en Klaas Houwer zijn niet geruimd.

Bij de navolgende afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uit 1965 is het volgende te berichten.
In de Tweede Wereldoorlog woonden in dit huis aan het begin van de Bosweg (nu Bosweg 4) in Deever het echtpaar Nicolaas Houwer en Willempje Been en hun kinderen Koop, Albert, Margje en Christina (Stina). Ze hadden wat land op de Noordesch waarop een en ander werd verbouwd en ze hielden een paar varkens. Nicolaas Houwer werkte bij de Concordia an de Deeverbrogge.
Op 10 april 1945 waren Willempje Houwer-Been, Margje Houwer en Christina (Stina) Houwer getuige van wat op die dag op en om het marktterrein gebeurde. Op de afbeelding is het huis te zien, nadat Gerard Krol dit huis had laten ombouwen tot pension.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Erfgoed, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Tjeerd Bottema is de ontwerper van de Sluis-haan

Rechts van de ingang van korenmolen de Vlijt in Oldendeever hangt al zeker meer dan vijftig misschien wel zestig of zeventig jaren een geëmailleerd reclamebordje met de bekende hanekop van Pieter Sluis, ooit fabrikant van onder meer veevoeders, mengvoeders, diervoeders, vogelvoeders, pluimveevoeders, kippevoer en zangzaad.
Het bordje is helemaal verweerd en was oorspronkelijk kanariegeel van kleur, dat is nog een beetje te zien bij de letters E, N en G van het woord MENGVOEDERS.
Het email is bij de vier schroeven (of zijn het spijkers ?) op de hoeken verdwenen en de schroeven (of zijn het spijkers ?) zijn helemaal weggeroest.
De tanden van de tijd zullen het bordje verder aanvreten en op een dag zal de zwaartekracht het bordje van de muur trekken, maar daar zal dan waarschijnlijk geen haan naar kraaien.
Zo te zien zal het bordje voor de verzamelaar weinig waarde hebben.
Het bordje moet daar zijn opgehangen in de beste jaren van Pieter Sluis, toen het merk Sluis nog een begrip in heel Nederland was. Heeft mulder Jan Albert (Ab) Jansen het bordje opgehangen, voordat hij naar het land Verenigde Staten van Amerika (U.S.A) verhuisde, misschien wel vóór de Tweede Wereldoorlog of heeft zijn opvolger Arend Uiterwijk Winkel dit na 1953 gedaan ?
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het reclamebordje van dichtbij op 3 oktober 2012 gemaakt.
De De redactie van het Deevers Archief heeft de andere kleurenfoto op vrijdag 30 november 2018 gemaakt.

Op 14 februari 2018 schreef Evert de Jong de volgende reactie, waarvoor de redactie hem bijzonder erkentelijk is:
Vermeld mag worden dat de Sluis-haan voor reclamedoeleinden is ontworpen door tekenaar, schilder, etser en illustrator Tjeerd Bottema. Dat moet ver voor de Tweede Wereldoorlog zijn geweest.
Rond 1905 had Tjeerd Bottema het beroemde affiche voor verzekeringsmaatschappij RVS gemaakt: vrouw met paraplu, man met wandelstok en hondje.
In die periode moet hij hoogstwaarschijnlijk ook het beroemde embleem voor P. Sluis hebben gemaakt.
Ik heb ruim 40 jaar geleden een boek geschreven over het leven van Tjeerd Bottema (ISBN 9062720013), getiteld ‘Mijn leven’. Daarin staat een fraaie Friestalige affiche van P. Sluis Ochtendvoer afgedrukt. De datum waarop deze prent werd gemaakt staat er helaas niet bij.
Bottema zegt in het boek onder meer over zijn studententijd aan de Rijksacademie voor Schilderkunst in Amsterdam: ‘Het ging me daar goed. Ik kreeg veel opdrachten voor illustraties en voor reclamewerk’.
Later maakte hij furore als illustrator van voornamelijk kinderboeken en als etser.
In het voorjaar van 1978 is Tjeerd Bottema in Katwijk overleden.
Ik hoop u hiermee naar genoegen te hebben geïnformeerd.

Posted in Diever, Kunst, Molen 'de Vlijt', Oldendiever, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

In de kantine van Ellert en Brammert

Op ansichtkaarten uut de gemiente Deever zijn helaas weinig interieurs van gebouwen afgebeeld. Het hier afgebeelde interieur is het prachtige kneuterige jaren-zestig-van-de-vorige-eeuw-interieur van de recreatiezaal van recreatiecentrum Ellert en Brammert, gelegen tussen de Deeverbrogge en de Gowe.
In de volksmond werd ‘de recreatiezaal’ gewoon ‘de kantine’ genoemd. Je kon in ‘de kantine’ onder het drinken van een kopje koffie of een glaasje Martini (zie de reclame) en het roken van een sigaretje of sigaartje (zie de asbak op de tafeltjes) de krant De Telegraaf (zie de standaard met kranten) lezen.
Bijgaande afbeelding staat op een ansichtkaart die in januari 1968 is uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207. De kaart is gedrukt bij JosPé in Arnhem. In december 1969 verscheen een tweede druk van deze ansichtkaart.
Vele Deeversen zullen zich vast en zeker herinneren dat de kantine van Ellert en Brammert in de zomer in de vakantietijd enige keren het vertrek- en aankomstpunt was van een zo genoemde wandeloriënteringstocht, die werd georganiseerd door de Motor- en Bromfietsclub ‘Deever en Omstreken’. Zie het bijgaande bericht dat verscheen in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van 5 juli 1968. De vast en zeker ervaren Deeverse oriënteerders H. Boelens, A. Noorman en J. Winters behoorden tot de prijswinnaars.
Wanneer is de Motor- en Bromfietsclub ‘Deever en Omstreken’ opgeheven ? Is het archief van deze vereniging geschonken aan het Drentsch Archief in Assen ?

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie, Verenigingen | Leave a comment

See vurbouwt ut husie van Jan en Tinus Andree

De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto op woensdag 19 september 2018 op ut Kastiel in Deever in het toevallige voorbijgaan gemaakt. Speciaal voor Jan en Tinus.
Ut husie woar vrogger de familie Albert Andreae (deze achternaam werd in de volksmond altijd als Andree uitgesproken) en Jantje (Jantie) Oost met hun kinderen, waaronder de tweeling Jan en Tinus, woonde, is vanwege een volledige verbouwing flink, zeg maar helemaal, gestript. Het is door de rode en blauwe dekzeilen niet goed te zien, maar de reet’n doake zal ook zijn gesloopt. In het huisje zullen vroeger beddestees hebben gezeten. Duidelijk is te zien dat het huisje oorspronkelijk is gebouwd met éénsteens muurtjes. Zo te zien wordt aan de achterkant een stuk aangebouwd, het beton voor de fundering en de vloer is al gestort. Dat is een mooiere oplossing dan het lompe en onbestaanbare huis, dat nog net aan de rechterkant van de foto is te zien, waarvoor het latere keuterijtje van Albert Andreae (Andree) en Jantje Oost wel werd weggesloopt.

Posted in Kastiel, Keuterijen, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Jacob Oost is veertig jaar veemarktmeester

Op 2 mei 1952 werd in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het artikel ‘Jacob Oost 40 jaar marktmeester’, ter gelegenheid van het feit dat Jacob Oost van ’t Kastiel in Deever toen veertig jaar lang de functie van marktmeester van de Deeverse veemarkten had vervuld.

Diever
Jacob Oost 40 jaar marktmeester
Morgen, 3 mei zal het 40 jaar geleden zijn dat Jacob Oost Bzn van de Burgemeester van Oslaan, marktmeester voor de jaarmarkten in Diever werd. Eigenlijk is hij al 50 jaar bij het marktwezen in Diever betrokken, want gedurende 10 jaar daarvóór was hij één van de 5 personen, die op diverse plaatsen rondom het dorp post vatten voor het tellen van het vee, dat marktwaarts ging.
Bij de invoering van de marktgeldheffing op 1 mei 1912 is Oost marktmeester geworden. Hij is steeds bij de koeien betrokken geweest. Veel weet hij over het verleden te vertellen. Over de zogenaamde voormarkten aan de vooravonden van de markten op de erven bij de cafés, waar dan al grote aantallen paarden verzameld waren en waar het al druk toeging en vele dieren van eigenaar verwisselden.
Was het marktgeld voor een koe steeds 10 cent in de afgelopen 40 jaar, in de aanvoer van het vee zat meer muziek. Op de Meimarkt in 1912 waren 229 stuks hoornvee aangevoerd. Het aantal aangevoerde paarden bedroeg toen 570. De grote aanvoer is er vroeger wel eens oorzaak van geweest, dat Oost het niet geheel alleen af kon. Dit is de laatste jaren evenwel niet meer voorgekomen, want de jaarmarkten zijn in betekenis afgenomen als gevolg van de opkomst van de weekmarkten in grote plaatsen in de omtrek door het zich steeds meer uitbreidende snelverkeer.
Wij wensen Oost, die met z’n 78 jaar de leeftijd der zeer sterken al dicht nadert, toe, dat hij even kwiek en nauwgezet als tot nu toe de functie van marktmeester nog diverse jaren zal vervullen.

Het bijschrift bij de foto luidt als volgt.
We fotografeerden Oost, terwijl hij druk bezig was voorjaarswerkzaamheden op het land te verrichten. Men zou het hem daarbij niet aanzien, dat hij reeds zo’n respectabele leeftijd heeft bereikt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Jacob Oost is geboren op 30 oktober 1873 in Deever en is overleden op 28 mei 1967 in Deever. Hij was een zoon van Barteld Oost en Jantje Prikken. Barteld Oost was de laatste schaapsherder van Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft al enige keren aandacht besteed aan Jacob Oost. Zie bijvoorbeeld het bericht Echtpaar in Deever viert 60-jarig huwelijksfeest en het bericht Keuterijtje op ’t Kastiel in Deever in 1958.
Het mag duidelijk zijn dat het bijschrift bij de foto uit de duim gezogen is; het is wel zo dat Jacob Oost aan de rechterkant van de boer op de ploeg (?) zit, maar uiteraard zelf niet meer achter de ploeg (?) liep. Wie is de man aan de linkerkant ? Iemand van ut Kastiel ? Wellicht ploegde de boer voor Jacob Oost een tippe laand ? Maar waar, op welke esch ?
Jacob Oost en zijn vrouw Elsje Davids woonden in een keuterijtje op ut Kastiel (je woont op ut Kastiel en niet an ut Kastiel). Het keuterijtje had toen huisnummer 2. Deze weg werd in de volksmond altijd ut Kastiel genoemd, ook nadat de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk bij het afscheid van burgemeester Hendrik Gerard van Os in 1939 deze straat bewust, maar wel erg abusievelijk Burgemeester van Oslaan ging noemen. En dat hebben de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk veel te lang volgehouden.

Op de plek van dit oude keuterijtje is anno 2018 een uiterst merkwaardig nieuw pand gebouwd.
De Deeverse correspondent Anne Mulder berichtte in de Olde Möppeler van 11 juli 1952, zie de bijgevoegde afbeelding, dat de aanvoer op de jaarveemarkt van 9 juli 1952 slechts 53 paarden, 17 koeien, 13 schapen en 4 geiten bedroeg. De jaarveemarkt was in 1952 op sterven na dood.

Posted in Alle Deeversen, Boer'nwaark, Jaarmarkten, Kastiel | Leave a comment

Nicolaas en Klaas Houwer zijn niet geruimd

De redactie van het Deevers Archief publiceerde in het Deevers Archief het bericht De oorlogsgraven van Koop en Nicolaas Houwer. Naar aanleiding van de in dat bericht gestelde vragen ontving de redactie op 30 januari 2019 de navolgende reactie van de dienstdoende ambtenaar van de gemeente Westenveld, gevestigd in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.  De redactie is de dienstdoende ambtenaar van de gemeente Westenveld zeer bijzonder erkentelijk voor zijn snelle reactie. Desalniettemin nochthans evenwel zijn niet alle gestelde vragen beantwoord en roepen de onduidelijkheden in de reactie ook weer enige vragen op.

Op de openbare begraafplaats in Diever zijn meerdere graven van oorlogsslachtoffers die tijdens de tweede wereldoorlog zijn omgekomen.
Oorlogsgraven zijn te onderscheiden in:
– militaire rijksgraven: dit zijn graven van Nederlandse en geallieerde militairen.
– civiele rijksgraven: dit zijn graven van Nederlandse burgers (meestal verzetsstrijders);
– stichtingsgraven: dit zijn graven die eigendom zijn van de oorlogsgravenstichting;
– particuliere graven: dit zijn graven van Nederlandse burgers (meestal represaille slachtoffers) die eigendom zijn nabestaanden/rechthebbenden.
Op de openbare begraafplaats in Diever bevinden zich:
– 7 militaire graven in vak E, rij 5, nummers 26 tot en met 32;
– 5 stichtingsgraven in vak I, rij 3, nummers 7, 9, 11, 13 en 14;
– 6 particuliere graven in I, rij 3, nummers. 2, 3, 5, 12, 15 en 17;
– geen civiele rijksgraven.
Na de oorlog waren op de openbare begraafplaats in Diever alleen militaire rijksgraven en particuliere graven.
Het onderhoud aan de particuliere graven neemt in de loop van de jaren vaak af, omdat nabestaanden overlijden of vanwege minder belangstelling of aandacht. Nabestaanden/rechthebbenden van een oorlogsslachtoffer kunnen de rechten van een particulier graf overdragen aan de oorlogsgravenstichting. Van oorlogsgraven op de begraafplaats in Diever zijn de rechten van 6 particuliere graven door de jaren heen overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Deze graven zijn daarmee stichtingsgraven geworden.
De grafrechten van de door u genoemde oorlogsslachtoffers, de heren vader Nicolaas Houwer en zoon Klaas Houwer, zijn op 1 januari 1964 overgedragen aan de oorlogsgravenstichting en is vanaf die datum verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van beide oorlogsgraven. Uit archiefstukken blijkt dat beide genoemde oorlogsslachtoffers op 10 april 1945 zijn begraven in de aangegeven graven en van ruimen of van herbegraven van hun stoffelijke resten is geen sprake. Vader Nicolaas en zoon Klaas Houwer liggen begraven in hun oorspronkelijke graf.
De oorlogsgravenstichting kan monumenten op stichtingsgraven vervangen en meestal wordt dit gedaan als de kwaliteit van het oorspronkelijke monument matig tot slecht is. De oorlogsgravenstichting vervangt monumenten door een standaard (landelijk) herdenkingsmonument. Het mag duidelijk zijn dat beide monumenten pas zijn vervangen, nadat de grafrechten op 1 januari 1964 zijn overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Voor het vervangen van grafstenen op de begraafplaats in Diever is geen vergunning, mits wordt voldaan  aan de voorwaarden, zoals gesteld in de gemeentelijke verordening voor het beheer van begraafplaatsen.
Op uw vraag hoe de oorspronkelijke monumenten in het bezit zijn gekomen bij Museum Collectie Brands in Nieuw Dordrecht moet ik het antwoord schuldig blijven. Maar kan het zijn dat de oorlogsgravenstichting de grafstenen heeft geschonken aan Jan Brands ? Dit zou u kunnen navragen bij de oorlogsgravenstichting of bij het Museum Collectie Brands).
De laatste jaren kiest de oorlogsgravenstichting steeds meer voor het overbrengen van de stoffelijke resten van oorlogsslachtoffers naar het ereveld in Loenen. De oorlogsgravenstichting kiest hiervoor, opdat oorlogsslachtoffers niet worden vergeten en omdat het onderhoud aan de graven op het ereveld in Loenen gegarandeerd is. De verwachting is dat de komende decennia veel meer oorlogsslachtoffers worden overgebracht naar het ereveld in Loenen.
Zoals u (vast) heeft opgemerkt, is hiervoor aangegeven, dat op de begraafplaats in Diever 5 stichtingsgraven zijn en dat 6 particuliere graven zijn overgedragen aan de oorlogsgravenstichting. Vanaf de begraafplaats in Diever zijn op 1 mei 2013 de stoffelijke resten van oorlogsslachtoffer de heer Jan Booiman (vak I, rij 5, nummer 13) overgebracht naar het ereveld in Loenen. De heer Jan Booiman is op 4 april 1924 geboren in Diever en is op 29 juli 1943 gefusilleerd in Rostock (Duitsland). De oorlogsgravenstichting heeft dit besluit in overleg met de voormalige rechthebbenden genomen.
Het onderhoud aan de 6 particuliere graven wordt jaarlijks uitgevoerd door vrijwilligers uit Diever, waardoor nu nog het onderhoud is gegarandeerd en waardoor de nabestaanden/rechthebbenden nu nog geen behoefte hebben deze graven over te dragen aan de oorlogsgravenstichting.

Posted in Erfgoed, Grönnegerweg, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Het oorlogsgraf van Nicolaas en Koop Houwer

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassjus scannen en vervolgens die papperrassjus in de oud-papier-bak gooien) bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, maar ook volledige jaargangen van tijdschriften, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht. De redactie wil zo één bericht natuurlijk niet onthouden aan de bezoeker van het Deevers Archief.
In het tijdschrift Waardeel, nummer 1, jaargang 2001, van de Drentsche Historische Vereniging is het artikel ‘Gestolde herinneringen. De oorlogsverzameling van Jan Brands’ te vinden. De redactie weet niet wie de auteur van dit artikel is.

Waar het de redactie bij het genoemde artikel met name om gaat is de foto met bijschrift op de eerste bladzijde van het artikel, in dit geval bladzijde 33, zie het bijgaand afgebeelde citaatje uit het hiervoor genoemde tijdschrift.
De foto toont de grafsteen van de Deeverse oorlogsslachtoffer vader Nicolaas Houwer en de grafsteen van de Deeverse oorlogsslachtoffer zoon Koop Houwer. Die stonden in 2001 niet meer op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever. Die stonden in 2001 wel tegen een muur van de boerderij van superverzamelaar Jans Brands in Nieuw-Dordrecht.
De twee grafstenen staan nu in het Museum Collectie Brands in Nieuw-Dordrecht.
Vooral het bijschrift bij de foto in het tijdschrift Waardeel is belangwekkend en zorgwekkend. Deze luidt als volgt:
Twee grafstenen. Vader en zoon Houwer werden twee dagen voor de bevrijding door de Duitsers in Zuidwest-Drenthe vermoord. Toen hun graven na jaren werden geruimd, plaatste Jans Brands de grafstenen achter zijn huis.
Nu staan op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever tussen de graven van andere oorlogsslachtoffers twee witte grafstenen. Zie de bijgevoegde twee kleurenfoto’s. Toen hun graven na jaren werden geruimd ?? De volgende vragen liggen voor de hand.
Waar lagen vader Nicolaas Houwer en zoon Klaas Houwer oorspronkelijk begraven ?
Zijn de twee grafstenen na het ruimen van de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer aan familieleden overgedragen ?
Waarom werden de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer geruimd ?
Wanneer werden de stoffelijke resten van vader Nicolaas Houwer en zoon Koop Houwer geruimd ?
Waar zijn de stoffelijke resten van de twee oorlogsslachtoffers gebleven ?
Zijn de stoffelijke resten van de twee oorlogsslachtoffers herbegraven bij de twee witte grafstenen ?
Of zit de bezoeker van de kaarkhof naar twee witte grafstenen op twee lege graven te kijken ?
En als vader en zoon Houwer bij de witte grafstenen zijn herbegraven, waarom konden dan de twee oorspronkelijke grafstenen niet worden hergebruikt ?
Zijn de twee witte grafstenen voor rekening van de Nederlandse staat (de Nederlandse belastingbetaler) geplaatst ?
Zijn voor deze twee graven casu quo grafstenen grafrechten verschuldigd ?
Kortom het is tijd deze vragen te stellen aan de ambtenaar van de gemeente Westenveld die is belast met de exploitatie van de begraafplaatsen in de gemeente Westenveld, in het bijzonder de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever, kantoor houdende in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.

Posted in Erfgoed, Grönnegerweg, Kerkhof, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Sukersakkie van bondspension ‘de Zandkamp’

Bondspension café restaurant ‘de Zandkamp’ had net zoals andere pensions, cafés, restaurants, hotels en cafetaria’s in de gemiente Deever een ‘eigen’ sukersakkie.  Dit rozerode sukersakkie – aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar min of meer (meer meer dan minder) nagetekend van de mooie hier afgebeelde kleuren-ansichtkaart uit 1976 van café pension restaurant annex bar ‘De Zandkamp’.
Op de achterkant van deze ansichtkaart staat de volgende tekst:
Café pension restaurant annex bar ‘De Zandkamp’, eigenaar Familie Kamphuis, Diever, Hezenes 26, telefoon 05219-1793. Landelijk gelegen bij het openluchttheater.
Sinds enige tijd wordt gewerkt aan het opknappen van het gebouw an de Shakespearebrink (eerder Bolderbrink) in ut Grünedal an de Heezenesch bee’j Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van het nu witgekalkte gebouw op woensdag 19 september 2018 gemaakt.

 

Posted in Heezenesch, Sukersakkies | Leave a comment

Pentekening van hunnebed D52 van Arie Goedhart

Op 11 januari 2019 is bij de Stichting Het Drentse Boek in Beilen het prachtige boek ‘Hunebedden inspireren’ van de kunstenaar Arie Goedhart verschenen. Het boek kost € 27,95 in de boekhandel. In het boek is van elk hunnebed in Drenthe en Groningen een fraaie pentekening van zijn hand te vinden. Zo ook zijn pentekening van hunnebed D52. In bijgaande afbeelding is die pentekening van hunnebed D52 op de Stienakkers an de Grönnegerweg bee’j Deever te zien. Aachter de dikke stien’n löp de Grönnegerweg.
Reeds in december 2018 kreeg de redactie van het Deevers Archief toestemming van de heer Arie Goedhart de pentekening van hunnebed D52 met bronvermelding in het Deevers Archief te tonen. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
Het is mogelijk bij de heer Arie Goedhart een exemplaar van een beperkt aantal afdrukken van deze pentekening te bestellen, met inbegrip van een dubbele passe partout van aluminium van 50 cm breedte en 30 cm hoogte en ontspiegeld glas voor € 95,-, met uitzondering van de verzendkosten.
Als de bezoeker van het Deevers Archief meer wil weten over het werk van de Hoogeveense kunstenaar Arie Goedhart, dan verwijst de redactie naar zijn eigen website.
De redactie van het Deevers Archief heeft de kleurenfoto van hunnebed D52 op donderdag 4 april 2013 gemaakt.

Posted in Hunnebed D52, Kunst, Steenakkers, Tekeningen | Leave a comment

Grenspaal XLVII ten noorden van de Verwersweg

In de knik van de grens tussen de gemiente Ooststellingwaarf in de provincie Friesland en de gemiente Deever in de provincie Drenthe iets ten noorden van de Verwersweg op Zorgvlied staat de wit-zwart-geschilderde goed onderhouden gietijzeren grenspaal met nummer XLVII (nummer 47); zie de twee bijgaande kleurenfoto’s. De redactie van het Deevers Archief heeft de twee foto’s van deze grenspaal in de middag van woensdag 19 september 2018 gemaakt. De redactie stond daarvoor in een weiland in Friesland. De redactie schat in dat slechts 1 ‰ van alle inwoners van de gemiente Deever deze grenspaal ooit heeft gezien.
De redactie is vastbesloten van alle 40 grenspalen op de grens tussen de gemiente Ooststellinwaarf in de provincie Friesland en de gemiente Deever in de provincie Drenthe een zelf gemaakte foto in het Deevers Archief op te nemen.

Posted in Erfgoed, Grenspalen, Zorgvlied | Leave a comment

Groevegoeroe is zeker nog wat aan het trainen

In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) verscheen op 7 november 2018 het volgende korte berichtje over een lezing over rouwgebruiken in südwest Drenthe op 8 november 2018 in het buurthuis De Wiekslag op Wapservene.

Lezing over rouwgebruiken
Op initiatief van de Historische Vereniging Havelte en omstreken vindt er donderdag om 20.00 uur in De Wiekslag in Wapserveen een lezing plaats over ‘Rouwgebruiken in onze streek’.
Jans Tabak uit Diever laat bezoekers onder meer aan de hand van meegebrachte attributen ervaren hoe de bewoners uit onze dorpen en streken omgingen met rouw.
De leden van de Historische Vereniging Havelte e.o. hebben vrij toegang, niet-leden betalen € 3,- per persoon.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) van vrijdag 20 oktober 2017 verscheen op bladzijde 13 het ronkende en snorkende poeha-bericht ‘Uitvaartmuseum gaat er eindelijk komen’ over de opening van een groevemuseumpie in ut liekwaeg’nschuurtie bee’j de gratislangparkerenbrink (voorheen het marktterrein) an de Bosweg in Deever. De redactie verwijst daarvoor naar het bericht ‘Kleinste museumpje ter wereld nog steeds niet open .
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van het liekwaeg’nschuurtie bee’j de gratislangparkerenbrink (voorheen het marktterrein) an de Bosweg op maandag 3 september 2018 gemaakt. Toen was in het liekwaeg’nschuurtie nog steeds niet het kleinste museumpje ter wereld gevestigd.
Tot directeur-conservator van het groevemuseumpje is na een zorgvuldige selectieprocedure benoemd de Deeverse tophistoricus en groevegoeroe Jans Tabak uut de Aachterstroate in Deever.
Het kan natuurlijk zo zijn dat de directeur-conservator zich nog niet helemaal zeker voelt in zijn aanstaande belangrijke functie en daarom het jaar 2018 heeft gebruikt om eerst nog wat te trainen en te schnabbelen in de buurthuizen in de dorpen in de omgeving van Deever, bijvoorbeeld in het buurthuis De Wiekslag op Wapservene.
Het zou toch ech wè een dingetje zijn als hij in de toeristenzomer van 2019 in staat zou zijn het enige museumpje in de gemiente Deever (de redactie vient ut Oermuseum in ut Schultehuus an de brink in Deever gien museum, moar un gedoegie in ut vurkeerde gebouw) te openen.

 

Posted in Bosweg, Erfgoed, Museums | Leave a comment

Stoomzuivelfabriek aan het Katteneinde – 1908

Op 29 februari 1899 werd op initiatief van den heer H. Krol, landbouwer en veehouder in Deever een bijeenkomst gehouden voor de oprichting van de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij ‘Diever’. Aanwezig waren 50 belanghebbenden, die besloten tot oprichting over te gaan.
Op 29 maart 1899 werd voor notaris Johannes Beckering van Loenen (geboren 12 maart 1842, overleden 8 april 1900) te Dwingel de akte gepasseerd, waarbij 46 leden tot de vereniging toetraden.
Het eerste bestuur bestond uit de heren L.W. van Os, voorzitter, C. Offerein, K.W. Fledderus, Hessel Harm Hessels (geboren op 16 juli 1851, overleden op 29 juli 1935) en R. Seinen.
De eerste raad van commissarissen bestond uit de heren H. Krol, B. de Ruiter, H. Kok, W. Bakker en R. Hummelen.
De eerste directeur was de heer J.H. Bentum, die 19 mei 1899 als zodanig in functie trad.
Het eerste personeel bestond uit de heren Jan Jonkers, Arend Klaster en Roelof van Nijen.
Onder architectuur van de heer Ten Bosch, opzichter van de Rijkswaterstaat an de Deeverbrogge, werd op 1 april 1899 de bouw der fabriek aanbesteed. De bouw werd opgedragen aan timmerman Johannes Noorman te Deever voor f. 2736. Binnen 3 maanden was het gebouw gereed en de inventaris, welke werd geleverd door de firma Boeke en Huidekoper te Groningen, opgesteld. Het was toen nog een handkrachtbedrijf.
Op 25 juli 1899 werd de fabriek in werking gesteld. De eerste morgen werd 2194 kg melk verwerkt, het eerste boekjaar (25 juli 1899 – 30 april 1900) 450.000 liter. Het gemiddelde vetgehalte bedroeg toen 3,10 %.
De vereniging dreef vanaf het begin wel handel in koeken en rijstmeel, maar pas later en wel in 1908 werd de korenmalerij ingericht. Het bedrijf ging toen meteen over op stoomkracht en eveneens uitgebreid, omdat de boeren van Wittelte toetraden.
Op de foto is links naast de fabriek de schoorsteen te zien, de foto zal derhalve gemaakt zijn in 1908, direct na de overgang op stoomkracht. Bij het hek zullen de eerste personeelsleden staan, waaronder  Jan Jonkers, Arend Klaster en Roelof van Nijen. Links achter de fabriek is de beltmolen van Jan Rabinge te zien. Deze windkorenmolen werd in 1915 geveild en daarna afgebroken.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Molen aan het Moleneinde, Moleneinde, Molens, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Bee’j Kloas Benn’n in de Aachterstroate

De redactie van het Deevers Archief heeft in het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ het navolgende bericht (nummer 19) met de titel ‘Diever – Bij Klaas Bennen in de Achterstraat – ± 1910’ met bijhorende foto uit de verzameling van Jans Roelof Tabak gepubliceerd. Dit bericht gaat over het verleden van de boerderij van Klaas Bennen an de Aachterstroate in Deever. Deze boerderij had in 1910 als adres Diever 52 en heeft nu als adres Achterstraat 10.

Diever – Bij Klaas Bennen in de Achterstraat – ± 1910
Roelof Egberts Bennen kocht op 27 januari 1888 op een openbare verkoping in het café van Roelof Seinen aan de Hoofdstraat de hier afgebeelde boerderij, adres Diever 52, voor 1192 gulden van Jan Willems Smidt.
Deze boerderij werd omstreeks 1910 bewoond door het echtpaar Klaas Bennen en Hendrikje Bolding en hun kinderen Roelof, Grietje, Aaltje en Geert. Rechts staat Hendrikje Bolding met naast haar de dienstmeid Grietje Brugging.
In de boerderij was tot 17 april 1907 een groot café gevestigd. De tapvergunning gold voor de twee kamers aan de straatkant. De tapkast bevond zich in de grote woonkeuken, waarvan de twee ramen zichtbaar zijn achter de twee vrouwen. De rechter deur was de toegang tot het café.
Marktgangers konden hun paarden op de met heideplaggen bedekte deele stallen.
Mit de Deevermaarkt speelde in het café een accordeonist, zodat ook kon worden gedanst.
Klaas Bennen verkocht in 1907 het verlof aan Zwaantje Offerein, de weduwe van Jan van Zomeren, adres Wapse 6.
Tot in de Tweede Wereldoorlog hield de Boerenleenbank kantoor in deze boerderij. De mensen moesten in de opkaemer aan de achterkant van de boerderij wachten tot ze door de kassier konden worden geholpen in de mooie kaemer. Deze kamer bevond zich achter de twee ramen in de voorgevel en het linker raam en de linker deur in de zijgevel. Daar stonden ook twee brandkasten. Als roggetoeslag werd uitbetaald, dan stonden buiten ook mensen te wachten. In de dertiger jaren keerde de overheid deze toeslag uit voor het laten kleuren van rogge, die dan alleen als veevoer kon worden gebruikt. Het bestuur van de bank vergaderde een keer per maand in de mooie kaemer. De bank betaalde de laatste jaren vijfenzeventig gulden huur per jaar. In 1943 verhuisde de Boerenleenbank naar een nieuw eigen gebouw aan de Hoofdstraat.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Roelof Egberts Bennen is geboren in Deever op 29 augustus 1821 en is overleden in Deever op 18 februari 1895; hij is een zoon van landbouwer Egbert Bennen en Hendrikje Wolters; hij was getrouwd met Aaltje Klasen Mulder
Roelof Seinen is geboren in Deever op 28 januari 1838 en is overleden in Deever op 21 september 1925; hij is een zoon van Jan Seinen en Hillegonda Kornelis Offerein.
Jan Willems Smidt is geboren in Deever op 31 januari 1841 en is overleden in Deever op 8 december 1895; hij is een zoon van Sime Smidt en Aaltje Piers Hessels.
Klaas Bennen is geboren in Deever op 10 december 1864 en is overleden an de Deeverbrogge op 18 oktober 1947 en is een zoon van Roelof Egberts Bennen en Aaltje Klasen Mulder; hij was getrouwd met Hendrikje Bolding.
Hendrikje Bolding is geboren in Deever op 24 mei 1876 en is overleden an de Deeverbrogge op 3 januari 1951.
Roelof Bennen is geboren in Deever op 13 november 1901; hij is een zoon van landbouwer Klaas Bennen, en Hendrikje Bolding,
Grietje Bennen is geboren in Deever op 19 augustus 1903; zij is een dochter van landbouwer Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
Aaltje Bennen is geboren in Deever op 21 januari 1906; zij is een dochter van landbouwer Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
Geert Bennen is geboren in Deever op 7 juli 1911; hij is een zoon van Klaas Bennen en Hendrikje Bolding.
De redactie van het Deevers Archief is niet bekend met de gegevens van Grietje Brugging. Kwam zij uit Wapse ?
Zwaantje Offerein is geboren in Deever op 23 juni 1856 en is overleden in Deever op 17 mei 1924; zij is een dochter van smid Fredrik (Frièrik) Jacobs Offerein en Geertje Abels Wanningen; zij is gehuwd geweest met Hendrik van der Veen en Jan van Zomeren.
De redactie heeft de vier kleurenfoto’s van de boerderij an de Aachterstroate in Deever op vrijdag 3 mei 2018 gemaakt.
Het bovenlicht van de twee toegangsdeuren tot het woongedeelte van de boerderij is opgepimpt met een witgeschilderde levensboom. Zijn deze versieringen gemaakt van gietijzer of van plastic ? Wanneer zijn deze twee levensbomen gemonteerd ? In 1910 hing gewoon een gordijntje achter het glas van de twee bovenlichten. In 1910 zaten in het houten deel van de voorgevel nog geen ramen. In 1910 was de voordeur van de mooie kaemer nog niet opgepimt met een deurklopper. In 1910 zat er in de toegangsdeur naar het voormalige café nog geen brievenbus.  

Posted in Achterstraat, Alle Deeversen, Boerderijen, Boerenleenbank, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Foto uut 1918 van hunnebed D52 in de Stienakkers

De weledelgestrenge hooggeleerde en hoogdoorgeleerde professor doctor in de oudheidkunde Albert Egges van Giffen schreef in 1925 in de atlas bij zijn lijvige opus magnum ‘De Hunebedden in Nederland’:
Het hunebed verkeert in geheel vervallen staat, zoodat zelfs enkele hoofdbijzonderheden nauwelijks herkenbaar zijn; het geheel is dan ook zonder meer niet reconstrueerbaar.
In gewoon begrijpelijk Nederlands schreef hij: het hunnebed bij Deever is een grote onherstelbare in elkaar gevallen hoop stenen.
Van Giffen telde in 1918 in totaal 22 stenen, maar moest bij meer dan de helft van de stenen vraagtekens over de aard en de plaats zetten.
Kortom aan hunnebed D52 an de Grönnegerweg bee’j Deever had nooit mogen worden geknutseld.
Wat de grote hordes beterweters, natuurknutselaars, oerknutselaars, stenenknutselaars, stenenknuffelaars, histerielogen en spitterties wel al lang hadden moeten doen is alle, maar dan ook echt alle begroeiing rond het hunnebed radicaal en voor altijd te blijven verwijderen.
Als voorbeeld mag de foto van hunnebed D52 uit 1918 van professor dr. Albert Egges van Giffen dienen. Het hunnebed D52 lag in 1918 toch maar mooi ontzettend prachtig te wezen ín de Stienakkers an de Grönnegerweg. Mooier kö’j ’t neet krieg’n.

Posted in Albert Egges van Giffen, Erfgoed, Grönnegerweg, Hunnebed D52 | Leave a comment

Twee stervende fageus sylvatica atropunicera

Twee rode beuken (fagus sylvatica atropunicera) an de brink van Deever, die in de tuin vóór het huis met adres Brink 5 staan, zijn vergiftigd, zijn bezig een langzame dood te sterven, en zullen binnen afzienbare tijd moeten worden gekapt.
Zie ook het artikel Wie is de moordenaar van twee beuken an de brink elders in het Deevers Archief.
Deze twee rode beuken zijn in de meer dan honderd jaren van hun bestaan Deevers erfgoed geworden. Ech wè. Een rode beuk kan wel een leeftijd van vierhonderd jaren bereiken.
Het is natuurlijk volstrekt onbestaanbaar en dus volstrekt ondenkbaar dat deze twee oude prachtige en beeldbepalende rode beuken door iemand uit de nabijheid van deze bomen zijn vergiftigd. Ech neet.
Nee, de vergiftelaar zal zeker elders moeten worden gezocht, bijvoorbeeld onder beukenhaters of beukenvernielers van ergens buiten, misschien wel heel ver buiten de gemiente Deever, die er niet tegen kunnen dat aan de niet-origineel Saksische brink van het dorp Deever twee mooie oude prachtige en beeldbepalende rode beuken staan te pronken. Ech wè.
Op de bijgevoegde afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart, die is verstuurd op 31 augustus 1958, zijn achter het witte hekje langs het voetpad de bedoelde twee rode beuken te zien. Deze twee beuken waren zestig jaar geleden al uitgegroeid tot flinke bomen.
De zwart-wit ansichtkaart is uitgegeven door Lubbert Wanningen, neringdoende in luxe- en huishoudelijke artikelen, die later een cafetaria uitbaatte. Zijn winkel en later zijn cafetaria waren gevestigd in het pand an de Brink waar nu cafetaria ’t Keernpunt is gevestigd.
De redactie prijst zich bijzonder ongelukkig dat hij voor het onverbiddelijke maar noodzakelijke vastleggen van vrogger in de gemiente Deever bijgaande kleurenfoto treurig genoeg toch nog op vrijdag 30 november 2018 toevallig in het voorbijgaan heeft kunnen maken.
De redactie van het Deevers Archief kan het niet nalaten te melden dat hij vindt dat de voorgevel van het huis met adres Brink 5 in augustus 1958 veel mooier en brinkwaardiger was dan in november 2018.

Posted in Ansichtkaarten, Brink, Erfgoed, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Dorpskrachten onderhouden Onderduikershol

De leerlingen van groep 7 van de paar nog overgebleven basisscholen binnen de grenzen van de gemiente Deever legden in 2013 (net zoals in andere jaren) een krans bij het Onderduikershol op Berkenheuvel.
Vanwege deze aanstaande kranslegging en vanwege het begin van het nieuwe toeristenseizoen hebben enige Deeverse dorpskrachten de uit palen en planken bestaande afrastering langs het toegangspad naar het Onderduikershol en bij het Onderduikershol op 10 april 2013 helemaal vernieuwd.
Da’s mooi waark.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto op 11 april 2013 gemaakt.
Het toegangshekje dat moet voorkomen dat -niet meer in het gebied aanwezige- runderen het pad kunnen betreden, wan nog niet aanwezig, maar is inmiddels wellicht wel geplaatst.

Posted in Berkenheuvel, Dorpskrachten, Onderduikershol, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Gevraagd net en eenvoudig kosthuis te Den Haag

In nota bene Volk en Vaderland, het weekblad van de Nationaal Socialistische Beweging (N.S.B.), verscheen in de Tweede Wereldoorlog op 11 december 1942 de volgende kleine advertentie:
Gevraagd net, eenvoudig kosthuis te Den Haag, J. Bos, Wapse 48, Diever (Dr.).
Het zou best eens zo kunnen kan zijn dat het ging om mevrouw Jantje Bos, geboren te Wapse op 14 januari 1912, dochter van boer Barteld Bos en Jentje de Vries.
Wapse 48 zal het adres van de boerderij van Barteld Bos (geboren op 23 juli 1885, overleden op 31 december 1971) en Jentje de Vries (geboren op 1 juli 1887, overleden op 15 mei 1965) op ’t Noave zijn geweest.
Of mevrouw Jantje Bos ook daadwerkelijk een kosthuis in Den Haag heeft gevonden, dat is bij de redactie niet bekend.
Maar waarom wilde mevrouw Jantje Bos vanuit het rustige Wapse naar het drukke Den Haag verhuizen ?
Had ze een werkkring in Den Haag gevonden ?
Als ze wel naar Den Haag is vertrokken, is ze dan na de Tweede Wereldoorlog teruggekeerd naar Wapse of naar elders in Drenthe of is ze in het Westen getrouwd en daar blijven wonen ?

Posted in Tweede Wereldoorlog, Wapse | Leave a comment

Sukersakkie van café-restaurant Johan Blok

In de vijftiger jaren en ook nog wel in de zestiger jaren van de vorige eeuw lag het café restaurant Johan Blok an de Deeverbrogge an de deurgoande drokke Riekseweg langs de voart. De autosnelweg A28 van Meppel via Hoogeveen en Beilen naar Assen bestond in die tijd nog niet. Het was toen een druk beklant café-restaurant.
Het café-restaurant had net zoals zoveel andere cafés en restaurants ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- is hier afgebeeld. Het betreft de donkere afbeelding met witte tekst en een wit afgebeelde brug. Met de tegenwoordige bewerkingsprogramma’s voor digitaal opgeslagen foto’s is het erg eenvoudig de minstens zo mooie inverse van de donkere afbeelding te maken, zie de tweede afbeelding.
De maker van de tekening op het sukersakkie zal zijn tekening ongetwijfeld niet zelf -zittend an de voart– hebben gemaakt, maar zal deze hebben nagetekend van een foto.
De grote vraag is natuurlijk in welk jaar dit sukersakkie is uitgebracht.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel-restaurant-café Blok, Sukersakkies, Tekeningen | Leave a comment

Zorgvlied – Kerk van de Sint Andreas parochie – 1968

De redactie van het Deevers Archief wil graag alle in zijn verzameling aanwezige en ooit uitgegeven ansichtkaarten van de aandere kaante van de bos tonen aan zijn trouwe bezoekers.
De foto voor de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is gemaakt in het najaar van 1968. De kaart is uitgegeven in maart 1969 en werd blijkbaar goed verkocht, want deze kaart werd in elk geval heruitgegeven in juni 1972 en in juli 1973, de heruitgave vond plaats in de nadagen van de zwart-wit ansichtkaart.
Levensmiddelenbedrijf A. v.d. Heide, Zorgvlied, telefoon 7242 is de uitgever van deze kaart.
De redactie zal nog enig populair-wetenschappelijk onderzoek naar de geschiedenis van deze neringdoende. Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan bruikbare gegevens aanleveren ?
Op de kaart is onder meer het kerkgebouw van de rooms-katholieke Sint Andreas parochie te zien. De fotograaf heeft zijn best gedaan om tussen de bomen door ook de spits van de toren geheel zichtbaar op de foto te krijgen.

Posted in Ansichtkaarten, De aandere kaante van de bos, Rooms Katholieke Kerk, Zorgvlied | Leave a comment

Professor doctor Albert Egges van Giffen

Een gemakkelijk leesbaar verhaal over de archeoloog professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee www.dodenakkers.nl.
De laatste paragraaf van het artikel beschrijft de plechtigheid voorafgaand aan de begrafenis van professor doctor Albert Egges van Giffen op de kaarkhof an de Grönnigerweg in Deever.
Een ander aanvullend verhaal over professor doctor Albert Egges van Giffen is via het internet te vinden in de webstee In en om Assen.
Ook is in de webstee Wikipedia een en ander te vinden over professor doctor Albert Eggen van Giffen.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever | Leave a comment

Groet’n uut de Kaamp bee’j Deever

In de webstee www.legerplaats.nl is un ansichtkoate van de soldoat’nkaamp op de Oeren tuss’n Kalter’n en Soerte te fien’n.
Ut is ’n hiele mooie zwat-wit koate uut 1907, misschien wè de mooiste die de redactie van ut Deevers Archief ooit hef eseen, want d’r bint wè hiel aarg veule legertent’n te seen.

Posted in Ansichtkaarten, de Kaamp op de Oeren | Leave a comment

Stön ur een pothokke bee’j Oarend van der Helm ?

Oarend (Arend) van der Helm (hij is geboren op 13 augustus 1880 in Oldendeever, hij is overleden op 22 februari 1949 in Möppel) en Lummegie (Lummigje) Hofman (zij is geboren op 23 augustus 1886 in Dwingel, zij is overleden op 12 mei 1950 in Möppel) trouwden op 20 maart 1909. Arend van der Helm was toen 28 jaar oud. Hij was een zoon van Jan van der Helm en Albertje Winters. Lummigje Hofman was wat jonger. Ze was 22 jaar toen ze trouwde. Zij was een dochter van Arend Hofman en Margje Kerssies. Zij gingen na hun huwelijk eerst wonen op een huurplaatsje an de Wittelterbrogge.
Later bewoonden zij vóór de Tweede Wereldoorlog un eig’n boerdereegie an de Wittelterweg in Oldendeever. Zie de afgebeelde zwart-wit foto van het huisje met bijbehorende rietgedekte schuur.
In 1994 stond alleen nog de schuur, toen bedekt met dakpannen, een beetje overeind. Zie de kleurenfoto.
De redactie van het Deevers Archief weet niet precies wanneer het huisje is afgebroken. Het moet volgens zijn benadering in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw zijn geweest. Toen verhuisden de leden van de familie Oostra, de laatste bewoners van het huisje, naar een nieuwe woning aan de Binnenes in Deever.
De redactie heeft gelukkig op 26 augustus 2004 de bijgaande -vanuit geschiedkundig oogpunt erg belangrijke- vier laatste kleurenfoto’s van de toen al jaren ingevallen schuur tussen de mais gemaakt. De puinhoop is een paar jaar later opgeruimd.
In een webstee op het internet zijn op een luchtfoto an de Oldendeeverse kaante van het pièrdespul van Hein Peters nog behoorlijk goed de sporen van het keuterijtje en de schuur en het weggetje naar het keuterijtje in het land te zien.
De redactie vraag zich wel af: Stön ur een pothokke bee’j ut huus van Oarend van der Helm en Lummegie Hofman ? De redactie heeft het vermoeden van niet, maar deze vraag kan vast en zeker stellig worden beantwoord door de Hoge Heren Pothokkologische Deskundigen Van De Heemkundige Vereniging Uut Deever.
De zwart-wit foto en de kleurenfoto uit 1994 zijn voor publicatie in het Deevers Archief ter beschikking gesteld door mevrouw Klazien van der Helm. De redactie is haar voor het beschikbaar stellen van deze twee foto’s bijzonder erkentelijk.

 

Posted in Alle Deeversen, Boerderijen, Keuterijen, Oldendiever, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

De Nederlandsche Volksdienst en de Winterdienst

In het Drentsch dagblad, het officiële door de Duitse bezetter gecontroleerde orgaan voor de provincie Drenthe van 4 augustus 1942 (eerste jaargang, nummer 56), verscheen het navolgende bericht van een bijeenkomst in café Balsma an de Brink in Deever.

Diever. In café Balsma was een vergadering belegd om te komen tot een vrijwillige organisatie van den Nederlandschen Volksdienst en Winterhulp Nederland. De leiding van deze avond berustte bij het wijkhoofd den heer Muggen te Dieverbrug. De spreker de heer Zuurveen gaf een uiteenzetting van den N.V.D. en de W.H.N.
Het doel van deze vergadering is volkomen geslaagd aangezien een voldoend aantal personen aanwezig was om een vrijwillige organisatie tot stand te brengen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) werd in juli 1941 op initiatief en met hulp van de Duitse bezetter opgericht naar het voorbeeld van de National Sozialistische Volkswohlfahrt in Duitsland. De oprichters wilden al het sociale werk in Nederland bundelen in de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.). Het ging de bezetter om de nazificering van het maatschappelijk werk in Nederland. Door zich in te zetten voor de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.), steunde men in feite de vijand. De Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) was per gemeente georganiseerd. Uit de zuinig geformuleerde laatste alinea van het bericht mag blijken dat de Nederlandsche Volksdienst (N.V.D.) niet zo’n succes zou worden in de gemeente Deever.
De Stichting Winterhulp Nederland (W.H.N.) was de nationaalsocialistische organisatie die tijdens de Tweede Wereldoorlog alle maatschappelijke hulpverlening, zoals verleend door de overheid, particuliere en kerkelijke organisaties in Nederland moest overnemen.
Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog werd de woning van het wijkhoofd Muggen an de Deeverbrogge in brand gestoken.

Abracadabra-1245

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., N.S.B.'ers, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De Venus van Leggel werd gevonden in Deever

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant verscheen op 4 juni 1847 het navolgende bericht over de vondst van een vrouwenbeeldje uit de Romeinse tijd.

Te Leggeloo, in Drenthe, werd onlangs door een arbeider van den landman Tissing te Diever, bij gelegenheid van het graven naar veldsteenen, in het veen, ter diepte van ruim 11/2 Nederlandsche el, een romp van een Romeinsch vrouwenbeeldje opgegraven, zijnde van kalksteen en op de helft van levensgrootte bewerkt. Het stelt eene liggende Venus of nimf voor, naakt tot op het midden, waar de vouwen van het nedergedaalde sluijergewaad gezien worden, terwijl de haren achterwaarts over de schouders vallen, tot omstreeks op de helft van de rug, en één der lokken ook den linker boezem bedekt. Zij schijnt zich oorspronkelijk op den regter arm gestut te hebben; de houding is bevallig en de bewerking vrij goed. Dit, vooral wegens de localiteit, waar het ontdekt is, belangrijke overblijfsel, lag te Diever tusschen een hoop opgegraven veldsteenen, bij de schuur van voormelden Tissing, om eerlang met de steenen verkocht en stuk geslagen te worden, waar het echter nog tijdig genoeg door den heer Janssen, conservator bij ’s Rijks museum voor oudheden te Leijden, ontdekt en voor de Leijdsche verzameling verworven werd.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden bevindt zich daadwerkelijk de Romeinse Venus van Leggel. Uit de informatie in de webstee van dit museum is de exacte vindplaats in het veen niet direct af te leiden. Ook is niet bekend waar de genoemde Tissing in de gemiente Deever woonde.
Veldstenen werden in die tijd in de streek gewoon opgegraven en verkocht om bijvoorbeeld toegepast te worden als bekleding en bescherming van de Friese zeedijken. Maar waarom veldstenen opgraven uit het veen ? Het kan best zo zijn geweest dat boeren, die hun land geschikt maakten voor landbouw, de veldstenen die ze tegen kwamen en in de weg lagen in een nabij hun akkers liggend veentje dumpten.
Bijgaande foto is afkomstig van de webstee van het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden.

 

Posted in Diever, Oudheden | Leave a comment

In de oorlog voetballen op het Mastenveldje

Op 24 juli 1940 verscheen het volgende bericht in het Nieuwsblad van Friesland over een voetbalwedstrijd op het Mastenveldje aan de Bosweg

Voetbal. Wedstrijd te Diever. Diever. Op het Mastenveldje werd een voetbalmatch gespeeld tusschen jongens uit ons dorp en de in de werkkampen A en B te Dieverveld gehuisveste stadswerkloozen, welke door de stedelingen met 6-1 werd gewonnen.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
Blijkbaar zijn de Rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de Olde Willem ook na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in gebruik gebleven voor het huisvesten van werklozen uit de grote steden in het Westen van Nederland.
In het begin van 1941 werden de twee werkkampen als isoleerkamp en doorgangskamp voor joodse Nederlanders in gebruik genomen.
Op het weiland met de naam Mastenveldje (bestond deze veldnaam als in 1832 ?) naast het veentje met de naam Mastenveldje werd in die tijd en daarvoor ook al gevoetbald.

Posted in Ansichtkaarten, Bosweg, de Oude Willem, Tweede Wereldoorlog, Voetbal, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Grote Bosch en Heidebrand te Zorgvlied en Wateren

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s courant van 5 augustus 1905 verschenen de volgende berichten over een grote bos- en heidebrand te Zorgvlied en Wateren.

Grote Bosch en Heidebrand te Zorgvlied en Wateren
ZORGVLIED, 2 augustus.
Hedenmorgen omstreeks 10 uur zag men in westelijke richting een zware rookwolk opstijgen. Aanvankelijk dacht men aan een gewoon heidebrandje, doch weldra zag men over een groote oppervlakte een vuurgloed, die zich ernstig liet aanzien.
Door den wind meer en meer voortgedreven, bereikten de vlammen weldra de dennenbosschen, deels toebehoorende aan de Maatschappij van Weldadigheid, deels aan Mr. L.G. Verwer alhier, zoodat men vreesde dat ook huizen en op het veld staande granen door het felle vuur aangetast zouden worden. Dit zou ongetwijfeld zijn gebeurd, wanneer niet krachtige hulp was toegesneld. Een paar afdeelingen soldaten, onder leiding van officieren, kwamen uit het kamp te Diever met schoppen en bijlen te hulp en aan hen is het blusschingswerk hoofdzakelijk te danken. Op verschillende punten werden loopgraven aangebracht en op sommige plaatsen werden gangen door de bosschen gehakt. Ook werden door de Maatschappij van Weldadigheid met een met vijf ossen bespannen groote ploeg groote geulen geploegd om het vuur binnen zekeren kring te houden.
Vele boeren en arbeiders brachten hun have en goed zoo goed mogelijk in veiligheid. Een akker aardappelen verschroeide en ook een partijtje nog op ’t veld staande rogge werd aangetast. Eene woning, welke vuur vatte, wist men nog te behouden. Een militair bekwam ernstige brandwonden aan het been. Hij werd voorloopig alhier verbonden en is daarna per rijtuig naar het kamp teruggevoerd.
Het is nu 10 uur ’s avonds. Ik word weer opgeroepen. Men zegt, dat het vuur opnieuw is uitgebroken.
(Tot op zeer verren afstand is deze brand te zien geweest. Midden over dag kon men op het vrije veld bij Heerenveen en zelfs tusschen Grouw en Wartena ver in het Oosten en Zuidoosten dikke rookwolken zien opstijgen. Redactie)

Later bericht
ZORGVLIED, 3 augustus
Nog altijd is het gevaar voor ons dorp niet geheel geweken. Den geheelen nacht en ook hedenmiddag woedde het vuur nog door, hoewel men ijverig met het blusschingswerk door gaat, terwijl het terrein voortdurend bewaakt wordt door militairen en birgers.
De militairen, die gisteren zoo vlug en vaardig loopgraven maakten, waardoor Wateren voor verder vuur bevrijd bleef, waren onder bevel van Kapitein Thomson.
In sommige huizen blijft nog de inboedel etc. gepakt. Voor Zorgvlied is heden de wind gunstiger geworden. Over een uitgetrektheid bosch en heideveld van minstens een half uur lengte en breedte heeft het vuur zich brandende en smeulende nu reeds verbreid. Veel schoons gaat verloren. Men hoopt echter door waken en werken ons dorp vrij te houden.
Naar men mededeelt is de brand ontstaan door onvoorzichtigheid van twee personen, die in het waren te plaggensteken en de slechte gewoonte volgden om in het open veld hunne koffie te koken. Door den Rijksveldwachter Dijkermans moeten ze reeds in verhoor zijn genomen en, naar we vernemen, hebben ze erkend, dat op boven omschreven wijze de brand was ontstaan.
Uit Frederiksoord schrijft men ons, dat ongeveer 40 H.A. is afgebrand en dat voor de Maatschappij van Weldadigheid de schade geschat wordt op f. 4000.

Wat een soldaat ons van den boschbrand vertelde.
LEEUWARDEN, 3 Augustus.
Uit het kamp tusschen Wapse en Diever zijn heden morgen alhier gearriveerd met een extra trein van Steenwijk een 700 man soldaten, na een verblijf van 10 dagen aldaar. Opgewacht dooreen breede schare nieuwsgierigen, ging het met de muziek voorop in optocht naar de kazerne, waar een welverdiende rust werd gevonden. Vierdehalf uur toch hadden de manschappen van morgen moeten marcheeren om aan hot station Steenwijk te komen, terwijl de meesten ook gisteren een zwaren werkdag hadden gehad, ’t Was de verjaardag van H.M. de Koningin-Moeder, die met het houden van volksspelen gevierd zou worden, doch om middag kwam de tijding van een geweldigen heide- en boschbrand onder Zorgvlied en Wateren en kapitein Thomson verzocht zijn bataillon hulp te verleenen, waaraan eenparig bereidwillig gevolg werd gegeven. Een der manschappen deelde ons dienaangaande het volgende mede.
Om halftien moet onder Frederiksoord de brand zijn ontstaan tengevolge van een koffievuurtje van een paar arbeiders, werkzaam in het veld. Aangewakkerd door den stevigen wind, verbreidde zich het vuur met een verbazende snelheid. Aller gemoederen in wijden omtrek vervuld van angst en zorg. De gevolgen waren niet te overzien en het volk stond machteloos. Zo werd der soldaten hulp ingeroepen en trok het gehele bataillon van Thomson, onder diens leiding derwaarts. Gewapend met schoppen, kwamen na een geforceerden marsch van ongeveer vijf kwartier ter plaatse bij de vlammenzee, die pas een groot dennenbosch, geschat op wel 40 hectare, had aangetast, dat met zijn hooge, droge heide onder de stammen, dan ook totaal is verloren gegaan. Het was niet meer te behouden en voor den wind lagen weer andere uitgestrekte bosschen en er stonden huizen die bedreigd werden, evenals Zorgvlied met zijn omgeving, eigen aan de familie Verwer.
Al een paar uur gaans had de brand zich uitgestrekt en groote schade aangericht. Fluks begonnen we met man en macht in goede orde een geul te graven, een paar honderd meter vóór de snel naderende vlammen, die zich ook zijwaarts voortplantte. Bij ’t graven der geul, werd naar de zijde van den te bekampen vijand de heide in brand gestoken, zoodat de vlammen tegen elkander ingingen en het vuur geen voedsel meer vond, om vóór den wind verder te gaan.
Wel ging het zijwaarts af, en wat daar in de verte gedaan werd door burgers, weet ik niet, doch ons gelukte het na een inspannenden arbeid van eenige uren den voortgang van den brand te stuiten. Een uitgestrekt bosch voor ons en wat daarachter lag werd door ons behouden. Naar mijne berekening hebben we met ons bataillon van klein 400 man van ’s middags goed twee uur tot ’s avonds bijna zeven, een geul gegraven van pl.m. 20 minuten gaans.
Toen was het gevaar zoo goed als geweken en hebben manschappen van het andere bataillon nog dienst gedaan. Ook heb ik een ploeg met vier ossen aan het reddingswerk zien deelnemen.
Heden in de kazerne werd ons medegedeeld, dat een gift, van f 100 was ingekomen, waarvan ik 29 cnt als mijn rechtmatig deel heb ontvangen. Dat is betrekkelijk weinig, doch om geld was het niet begonnen alleen de attentie mag worden gewaardeerd. Een der soldaten heeft zijn voeten gebrand en zou in het kamp zijn achtergebleven.
Van het kamp zelf hoorden we dat het veel grooter is en beter drinkwater heeft, dan dat te Mildam en dat het direct weer in orde wordt gemaakt voor de ontvangst van een 1500 manschappen in September.

Posted in de Kaamp op de Oeren, Lodewijk Guillaume Verwer, Maatschappij van Weldadigheid, Wapse, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Eup’mlochtspul mit de titel Keuning van de Vlakte

In 1954 wödde in ut theater in de eup’m locht in de bos bee’j de Shakespearebrink (vrogger de Bolderbrink) in ut Grünedal ut eup’mlochtspul mit de titel ‘Keuning van de Vlakte’ van Sjakie uut Spier opuvoerd.
De redactie van ut Deevers Archief hef hiel lange eseugt noar de betiekenis van ‘King Lear’.Want wat was ut geval. Lear is gien Engelse veurnème, mor is un Duutse veurnème van un jonge, ut betiekent ‘van de Vlakte’, dus ‘King Lear’ betiekent ‘Keuning van de Vlakte’.
Mor hoe meuk’n se in die tied reclame veur ut nog neet so bekende eup’mlochtspul ? De tonielvurening uut Deever swömde toe nog ee’m neet in ut geld en haar dus nog gien geld veur düre reclame. Ur was in die tied gelokkug nog gien internet.
Woar se wel wat reclame mit meak’n, dat was mit kleine plakplèties. In 1954 was dat un blauw platplètie, kiek mor noar ut plètie in dit bericht. Ie könn’n an de aachterkaante van ut plètie likk’n, net as bee’j un postzegel, en dan ut plètie an un lantièrnpoal of op un deure of op een roete plakk’n. Ut plakplètie was ien van de eerste oprispings van de beruchte Deeverse Shakespearitis.
Let op: An de toeter van de keerl op ut pièrd op ut plètie hangt un vlaggie mit ut woap’m van de gemiente Deever.
Let op: Ut huus mit adres Heufdstroate 4 was de gratis gemientewoning veur de burgemeister. Ie könn’n doar anbell’n en dan gaaf Jan Cornelis Meiboom (die altied ome Kees wödde enuumt) of sien frau Nell Veldmann (die altied tante Nel wödde enuumt) uutleg an de deure.
In 1954 kwaa’m hoast alle speulers en hoast alle mitwaarkers gelokkug nog uut de gemiente Deever. Dat kö’j sien op de lieste in ut tweede plètie in dit bericht. Disse lieste steet in ut standaardwaark ‘Openluchtspel Diever – Medewerkers 1946-1970′ van de Tonielvurening Deever. Dit standaardwaark kö’j vien’n in ut Drentsch Archief in Assen.
De redactie van ut Deevers Archief wet nog neet of Frans Amesz, E. Waldus en W. Schaasma ok uut Deever kwaa’m. Wie kan de redactie wat verder help’m ?
De redactie wet agin neet van alle meins’n op de lieste wie is overleed’n of wie nog leeft. Wie kan de redactie doar wat verder in help’m ?

Albertus Andreae, hoofd openbare lagere school Deever, geboren op 18-03-1908, overleden op 27-03-1988.
Frans Amesz;
R. Siems;
Minne Pieter de Raaf, dameskapper, geboren op 19-03-1924, overleden op 18-04-1992;
Pieter Zijlstra, hoofd van de ULO-skoele in Deever;
Pieter Boelens; geboren op …. , overleden op 06-04-2009 in Meppel;
J.G. Bakker;
Otte Franke van Elselo, commies, geboren op 03-04-1908 in Hindeloopen, overleden op 11-09-1987 in Bergum;
A.H. van den Bosch;
Marry Bijker;
Sietske Hatzmann;
E. Waldus;
Jan Oostenbrink, geboren op 5-2-1913 an de Deeverbrogge, overleden op 11-9-1979 in Deever, timmerman;
Hendrik Broer, hoofd van de Wittelter skoele;
R. Bijker;
Jan Jurjen de Boer, gemeentearbeider, geboren op 30 oktober 1907, overleden op 24 oktober 1992;
Albert Davids;
Wouter A… Meyboom, geboren op …., overleden op 30 oktober 2015 in Dedemsvaart;
A.T. Andreae;
A.G. Pril;
A.D.M. van der Eijk-Gouda, vrouw van de veearts, geboren op ….,  overleden op ….
Engel A. Broer-van Delden;
Jantien (Jantina) Figeland, geboren op 13-09-1928 in Meppel, overleden op 20-12-2016 in Lochem;
Catharina Kannegieter;
Willie Zoer;
Jansje Zoer;
Hennie Nijzingh;
Alie Smit;
Elsebé Meyboom;
Bertha Kamp;
Nicolaas Houwer;
Wolter Folkerts;
Hendrikus Noorman;
Hendrik Jan Warries;
Hilbert Houwer;
Albert Wanningen, geboren op 07-03-1937, overleden op 01-12-1964, boer
Frederik (Freek) Klok;
Johannes van Nijen;
Chr. J. Klok;
L. Houwer;
W. Grit.

Posted in Alle Deeversen, Deeverse dialect, Openluchtspel, Shakespearitis | Leave a comment

Slijtpaden over de kaarkhof bij de brink van Deever

Op de hier afgebeelde foto uit 1916 is fraai te zien hoe over de kaarhof bij de brink van Deever drie slijtpaden lopen. In die tijd lagen op de kaarkhof bij de brink nog stoffelijke resten van begraven mensen. Pas bij de grote restauratie van het kerkgebouw aan de brink in 1956-1957 zijn deze stoffelijke resten geruimd. Onder de slijtpaden lagen dus in 1916 nog mensen begraven.
Op foto’s uit latere jaren is te zien dat om de kaarhof bij de brink een hek staat en dat over de kaarkhof geen slijtpaden meer lopen. Blijkbaar was dat hek in 1916 nog niet geplaatst.
Vanaf de brink loopt een slijtpad naar de hoofdingang van het kerkgebouw. Het brede slijtpad loopt van de Hoofdstraat over de kaarhof naar het boerencafé aan de brink. De mensen sneden zo een aardig stukje af. Het smallere slijtpad loopt vanaf de huizen bij het Schultehuis aan de brink over de kaarkhof naar de Peperstroate.
De hier afgebeelde foto van het kerkgebouw bij de brink van Deever is in 1916 gemaakt door de fotograaf Cornelis Johannes Steenbergh voor het weekblad ‘Buiten’. Het originele glasplaatnegatief is aanwezig in de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, In de collectie Monumentenfotografie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft de foto objectnummer ST 1067.

Abracadabra-1252

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Reactie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van 2016-05-10:

Bijna alle foto’s en een groot deel van de tekeningen in de beeldbank zijn in de loop van de tijd gemaakt door medewerkers van de Rijksdienst en zijn diverse voorgangers. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is daarom de rechthebbende van deze afbeeldingen.
Er is ook ander materiaal in de beeldcollectie opgenomen. De Rijksdienst heeft zijn best gedaan de eventuele rechthebbenden van dit materiaal op te sporen en toestemming te vragen voor de openbaarmaking. Vindt u desondanks dat de digitale beschikbaarheid van bepaalde afbeeldingen inbreuk maakt op enig recht dat u toekomt of uw (privacy)belangen schaadt, dan kunt u dit onderbouwd aan ons doorgeven. Wij nemen dan op korte termijn contact met u op. Bij een gegronde klacht verwijderen we vanzelfsprekend het materiaal van de website.
Alle beschikbare bestanden zijn vrij te downloaden en mogen onder de voorwaarden van de Creative Commons Naamsvermelding – Gelijk Delen 4.0 licentie gebruikt worden. Dit betekent dat iedereen de foto’s mag kopiëren, verspreiden en delen onder voorwaarde dat de bron staat vermeld en elk afgeleid werk onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

Posted in Brink, Diever, Erfgoed, Kerk aan de brink, Kerkhof, Rijksmonumenten | Leave a comment

Museum Dieverza an de brink in Deever

In de gemeente Deever houdt ogenschijnlijk geen enkel particulier museum het lang uit. Voorbeelden van dit komen en gaan zijn het Glasmuseum an de Heufdstroate in Deever en het Radiomuseum an de Aachterstroate in Deever, Zo ook het particuliere museum Dieverza an de brink in Deever. Blijkbaar is het erg moeilijk om zelfs in een toeristisch gebied, zoals de gemeente Diever, dergelijke museums uit te baten. Van Ron en Eefke Zegers, de bedenkers van het museum Dieverza, is de volgende tekst over hun museum geciteerd.

Na jaren van verzamelen hebben we in 1990 onze eerste winkel geopend. Dat was verzamelwinkel ‘de Bumper’ op de ringdijk in Ridderkerk. In 1998 wilde we graag een museum beginnen voor onze enorme verzameling. De droom was een oude boerderij. We zijn daarvoor verhuisd naar de Brink in Diever in Drenthe. In een oude boerderij uit 1863 zijn we ons museum met winkel, café, snuffelschuur, theetuin en speeltuin begonnen. We veranderden onze naam in ‘Museum Dieverza’.
Het was een prachtig avontuur, maar het zoeken naar antiek en brocante op markten in België en Frankrijk bleef ons meer trekken dan de horeca …… Na een groot gedeelte van onze collectie van ons museum te hebben verkocht aan het Nobel Museum op Ameland, zijn we eind 2002 verhuisd naar ons huidige adres in Schoondijke in Zeeuws-Vlaanderen in Zeeland. Daar zijn we een brocante-winkel begonnen. Ons pand in Schoondijke is het voormalig ‘winkelcentrum’ of zoals ze het hier noemen ‘de centrale winkel’. Het pand heeft een oppervlakte van 400 m² en staat bomvol. We hebben de naam Dieverza veranderd in Diverza, want dat is tevens een leuke afkorting van diverse verzamelingen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De achterkant van deze ansichtkaart uit 1999 (dat is al weer zeventien jaar geleden) vermeldt het volgende:
Museum Dieverza:
– een museum met diverse oude winkeltjes;
– een gezellig oud dorpscafeetje;
– een museum met antiek, curiosa en verzamelingen;
– een nostalgisch snoepwinkeltje;
Brink 2, 7981 BZ Diever, Telefoon 0521-591194.
De bezoekers wordt tevens gewezen op een eerder verschenen bericht over deze boerderij in het Deevers Archief.

Abracadabra-1251

Posted in Boerderijen, Brink, Diever, Museums, Neringdoenden, Toeristenindustrie | Leave a comment

Ansichtkoate van heujwaark an de Westerdrift

Op bijgaande afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uut ’t begun van de sestugger joar’n van de veurige eeuw is heujwaark an de Westerdrift in de buurte van de boerdereeje van Oaldert Jubbinga te seen.
Op de voorgrond is een hooischudder te zien. Deze werd getrokken door één werkpaard tussen twee berries op twee hoge wielen. Dit lichte werktuig werd ingezet om het nog niet volledig droge hooi op te schudden en te keren. De aandrijving gebeurt door de cardanas via kamwielen. Deze doet een krukas draaien die de zes viertandige vorken op en neer doet bewegen, waardoor het liggende hooi wordt opgeschud en gekeerd. De vorken zijn licht verend, opdat ze niet breken als deze ergens blijven haken. Dit werktuig bleef gebruikt worden nog lang nadat de trekker gemeengoed was geworden. Deze verrichte immers vrij snel het lichte werk en ging daardoor bijna niet stuk.
Wie herkent de twee vrouwen op de afbeelding ?

Posted in Ansichtkaarten, Boer'nwaark, Old gerak, Westerdrift | Leave a comment

Bewilliging statuten Noordelijke Hypotheekbank

Op 24 mei 1887 verscheen in het Algemeen Handelsblad het bericht dat de koninklijke goedkeuring was verleend aan de statuten van de N.V. Noordelijke Hypotheekbank van mr. Lodewijk Guillaume Verwer. Deze hypotheekbank was gevestigd in het pand met de naam Aurora aan de Dorpsstraat in Zorgvlied.

De koninklijke bewilliging is verleend aan de statuten van:
Noordelijke Hypotheekbank, te Zorgvlied, gemeente Diever, met een kapitaal van 1 millioen gulden, in 1000 aandeelen van f. 1000. Aanvankelijk wordt 20 procent van dit kapitaal gestort.
Het bestuur der bank wordt gevoerd door twee te Zorgvlied gevestigde directeuren, onder toezicht van een college van vijf tot twaalf commissarissen, die drie hunner en een of twee plaatsvervangers aanwijzen tot het houden van het dagelijksch toezicht op het bestuur en het verrichten van de handelingen, welke aan die commissie van toezicht zijn opgedragen. Jaarlijks treden, naar de volgorde van een vast te stellen rooster, twee commissarissen af; zij zijn herkiesbaar.
Bij de oprichting worden benoemd tot directeuren de heeren: L.W. van Os, burgemeester te Diever; E. Venhuizen, directeur van de Eerste Hollandsche Levensverzekeringsbank te Amsterdam; tot commissarissen: mr. D.J. R. Brants, lid der rechtbank te Heerenveen;  mr. J.F.H. Bekhuis, lid der Provinciale Staten van Friesland, te Leeuwarden; mr. B.H.M. Driessen, wethouder te Amsterdam; L.M. de Laat de Kanter, burgemeester te Leiden; mr. H.W. de Blocq van Scheltinga, lid der Provinciale Staten van Friesland, burgemeester van Schoterland, te Oranjewoud;  mr. W. Terpstra, president van het gerechtshof te Leeuwarden; mr. L.G. Verwer, te Zorgvlied, en dr. R. Wartena, te Noordwolde.
Ieder der directeuren moet houder zijn van minstens 25 en iedere commissaris van minstens 10 aandeelen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Burgemeester Leonard Willem van Os moest derhalve bij de start van de onderneming het voor die tijd bepaald niet misselijke en ook nog eens risicodragende kapitaal van f. 25.000,- in de kas van de bank storten.
Was de burgemeester een vermogend man ?
Of was hij net zoals Lodewijk Guillaume Verwer getrouwd met een vermogende vrouw ?
De redactie zal op zoek gaan naar mogelijke antwoorden.
Waren de leden van het College van commissarissen vrindjes van Lodewijk Guillaume Verwer uit zijn Leidse studententijd ?Waren ze met z’n allen lid van Minerva, de oudste studentensociëteit van Nederland ?
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van het voormalige hoofdkantoor van de Noordelijke Hypotheekbank in Villa Aurora op Zorgvlied (an de aandere kaante van de bos) op woensdag 19 september 2018 gemaakt.  

De heer Jan Lefeber stuurde op 31 december 2018 de volgende reactie; de redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
De vragen ‘Waren de leden van het College van Commissarissen vrindjes van Lodewijk Guillaume Verwer uit zijn Leidse studententijd, waren ze met z’n allen lid van Minerva, de oudste studentensociëteit van Nederland ?’ kunnen ontkennend worden beantwoord.
Er bestaat een overzicht van studenten aan de Leidse universiteit.
Lodewijk Guillaume Verwer werd ingeschreven op 29 september 1863 op 17 jarige leeftijd, afkomstig van Makkum.
Mr. D.J.J. Brants studeerde ook in Leiden, maar werd al zeven jaar eerder ingeschreven. Enkele andere commissarissen zijn niet terug te vinden in het overzicht en hebben dus niet in Leiden gestudeerd.

Verder werd elders de vraag gesteld op welk proefschrift Lodewijk Guillaume Verwer gepromoveerd zou zijn. Verwer heeft geen proefschrift geschreven. Hij promoveerde op ‘stellingen’, zoals dat toen genoemd werd. Ook de Leeuwarder Courant vermeldt dat. Een proefschrift van hem is dus niet te vinden.
In de universiteitsbibliotheek van Leiden bevindt zich wel de publicatie ‘Een woord naar aanleiding van het jongste schrijven van mr. J. P. Graaf van Zuijlen van Nijevelt’, een boekwerkje van 23 pagina’s verschenen in 1875 bij Bokma in Leeuwarden.


 

Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Noordelijke Hypotheekbank, Villa Aurora, Zorgvlied | Leave a comment

Anne Mulder over Albert Egges van Giffen

De Deeverse wijlen Anne Mulder vertelde in een interview in 1991 in Assen enige persoonlijke herinneringen aan professor doctor Albert Egges van Giffen aan de redactie van het Deevers Archief. Deze heeft de herinneringen van wijlen Anne Mulder op papier uitgewerkt en in maart 2000 gepubliceerd in nummer 00/1 van Opraekelen, het blad van de heemkundige vereniging uut Deever.

Mijn ambtelijke contacten met Van Giffen
In de negentwintig jaren die ik heb gewerkt op de secretarie van het gemeentehuis in Diever, heb ik met de professor op prettige wijze over verschillende zaken contact gehad.

Van Giffen, de bosbewoner
Hij had een tweede woning op de Heezeberg. Daar vertoefde hij regelmatig. Dat was de plaats waar hij het liefst verbleef. Op de Heezeberg was het bosonderhoud een geliefde bezigheid van hem. Hij had altijd een tang bij zich om takken af te kunnen knippen. Na zijn dood heeft zijn oudste zoon Jan daar gewoond.

Van Giffen, zijn contacten met het dorp
Voor zover mij bekend hebben Van Giffen en zijn vrouw nooit deelgenomen aan het gemeenschaps- en verenigingsleven in Diever. Op één uitzondering na. Hij was lid van de commissie van aanbeveling van een geldinzamelingsactie voor de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk van Diever. Die actie heeft succes gehad, want de restauratiecommissie heeft de kerk in 1959 schuldenvrij overgedragen aan de kerkvoogdij.

Van Giffen, de altijd gedrevene
Hendrik Jan ter Mast fungeerde als toezichthouder op zijn bosgebied op de Heezeberg. Op een gegeven moment vertelde de professor aan Hendrik Jan over zijn grootse plannen voor de komende jaren inzake de beplanting en het onderhoud van het areaal bos. Hendrik Jan reageerde daarop met: “Mor dan moei’t oasemhael’n neet vergeet’n meneer”, waarop de professor antwoordde met: “Ik zal erom denken Ter Mast”.

Van Giffen, de grappenmaker
Het kwam wel eens voor dat hij bij het hunnebed mensen aantrof die uit het westen van het land kwamen. Hij maakte met zijn kleine gestalte en een pet op zijn hoofd dan niet bepaald een professorale indruk. Hij vertelde dan die mensen wel eens de gekste verhalen over de hunnebedden en de wijze waarop ze waren ontstaan. En met die verhalen togen ze dan huiswaarts.

Van Giffen, de onverbiddelijke
Mijn broer Egbert had een tijdlang het alleenrecht van jagen op zijn grondgebied. Totdat de Dieverse jagers, waaronder mijn broer, eens op de rand van dat gebied de jacht uitoefenden. De oude Hendrik Jubbega uit Oldendiever was op een gegeven moment moe en ging even zitten. Op dat moment was ook professor Van Giffen ter plaatse en constateerde dat Hendrik Jubbega op het uiterste puntje van zijn bosgebied was gaan zitten. Meteen ontnam de professor Egbert definitief het alleenrecht op de jacht in zijn bosgebied. Maar daarmee was de professor niet van mijn broer af, want wie ligt naast hem en zijn vrouw begraven op de algemene begraafplaats in Diever ? Jawel, de jager Egbert Mulder ! Nu zijn en blijven ze nog buren ook.

Van Giffen, de opmerker
Bij een wandeling door het dorp ontdekte professor Van Giffen een pol huislook op het dak van onze boerderij, Achterstraat 10. Hij vroeg aan mijn moeder, die buiten stond, of hij een stuk huislook mocht hebben. “Eiglijk neet”, zei mijn moeder, “want ‘k vun oe vrogger in de skoele moar een kreng, want ie kneep’m mee’j altied in de wange”. Ze zaten immers bij elkaar in de klas toen de professor als jongen in Diever woonde. Zij werd geboren op 9 januari 1884 en hij op 14 maart 1884.
De professor wenste zich niet te herinneren wat mijn moeder zei. Het had ook niets met hunnebedden, grafheuvels en urnenvelden te maken. Desondanks heeft hij wel een stukje huislook meegekregen. Ik weet niet hoe die pol huislook op ons dak is gekomen. Misschien is die pol meegebracht door mijn vader, want die was rietdekker van beroep.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Professor doctor Albert Egges van Giffen was namens de Drentsche Praehistorische Vereniging lid van het bestuur van de Stichting ‘Oud-Drenthe’ te Assen, de stichting die in het voorjaar van 1935 meende in de eerste plaats zijn gehele aandacht te moeten concentreren op het behoud en herstel van het zo genoemde Schultehuis an de Brink in Deever.
In het zo genoemde Schultehuis is nu gevestigd het zo genoemde Oermuseum, dat wel bijzonder schatplichtig is aan de niet in Deever geboren en ook niet in Deever getogen professor doctor Albert Egges van Giffen.
Lezers die Deeverse herinneringen hebben aan professor doctor Albert Egges van Giffen worden verzocht deze op papier te zetten en voor publicatie in het Deevers Archief in te sturen.
De redactie van het Deevers Archief heeft de afgebeelde zwart-wit foto van het boerderijtje an de Aachterstroate in Deever, waar vroeger de familie Mulder woonde, op 10 februari 2000 gemaakt, da’s ook al weer meer dan zestien jaar geleden.

Abracadabra-1248

Posted in Achterstraat, Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Heezebaarg, Hunnebed D52, Kerk aan de brink, Opraekelen | Leave a comment

Terras voor buitenzitten en paardenboxen beschikbaar

De redactie van het Deevers Archief toont graag zijn aanwinsten in de verzameling aan zijn trouwe bezoekers. De redactie was al heel lang zoek naar een exemplaar van de hier afgebeelde zeldzaam geworden ansichtkaart (een zo genoemd vijfluik), dat is onlangs gelukt.
De eigenaar, zijnde de familie Dijkstra, van ’t Ruterhuus (’t Aarm’mhuus) an de Grönnigerweg bee’j Deever heeft deze kaart in maart 1969 uitgegeven, Dat is alweer bijna een halve eeuw geleden. De familie Dijkstra had voordat ze aan ’t Ruterhuus begonnen een peerdespul in Oldendeever.
Op de achterkant van de ansichtkaart staat vermeld: Hotel Restaurant Manege ’t Ruterhuus, Diever (Dr.), telefoon 05219-1680. Gelegenheid voor buiten zitten en paardenboxen beschikbaar.
Op de hier afgebeelde ansichtkaart is geen gelegenheid voor buiten zitten te zien, echter deze gelegenheid is wel te zien op een andere in het Deevers Archief afgebeelde kleuren-ansichtkaart (even naar beneden scrollen). Op de hier afgebeelde ansichtkaart is wel een afbeelding van enige paardenboxen te zien.
De familie Dijkstra maakte voor ’t Ruterhuus veel reclame in de landelijke en regionale kranten, zie als voorbeeld de hier afgebeelde advertentie uit de Leeuwarder Courant van 26 februari 1969.

Abracadabra-1259Abracadabra-1260

 

Posted in Ansichtkaarten, Armenwerkhuis, Grönnegerweg, Neringdoenden, Toeristenindustrie | Leave a comment

De bronzen vuurpot uit de Vledder Aa

In de krant ‘de Grondwet’ verscheen op 3 augustus 1937 het volgende korte bericht over de vondst van een bronzen vuurpot in de Vledder Aa.

Diever. Bij de graafwerken voor het maken van een nieuwe brug over de Vledder Aa kwam op een diepte van ongeveer 1 meter beneden den bodem van het stroompje een bronzen vuurpot te voorschijn.
Het voorwerp kon geheel gaaf geborgen worden, alleen het hengsel werd beschadigd.
Naar we vernemen is de vuurpot afgestaan aan dr. van Giffen, de bekende archeoloog.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie is bezig met pogingen te achterhalen waar deze vuurpot, een zo genoemde Spaanse legerpot, is gebleven.

Op 21 oktober 2015 verstuurde de redactie het volgende e-mail bericht naar het Drentsch Museum in Assen:
Geachte heer/mevrouw,
In de krant ‘de Grondwet’ verscheen op 3 augustus 1937 het bijgevoegde korte bericht over de vondst van een bronzen vuurpot in de Vledder Aa bij Diever.
Is het Drentsch Museum in het bezit van deze vuurpot ? Zo nee, weet u waar deze vuurpot is gebleven ? Wanneer werden in Drenthe bronzen vuurpotten gebruikt ?

Al direct op 22 oktober 2015 ontving de redactie het volgende antwoord van de conservator archeologie drs. Vincent van Vilsteren van het Drentsch Museum in Assen
Geachte heer,
Hartelijk dank voor uw bericht over de bronzen pot uit de Vledder Aa.
Mij is de vondst van deze pot niet bekend. En ik heb toch al verschillende malen over bronzen potten in Drenthe gepubliceerd. Ik ben daarom heel blij met deze nieuwe pot. Nog blijer zou ik zijn als ik wist waar die gebleven is. Hij is in ieder geval niet in de collectie van het Drents Museum terecht gekomen.
Ik zal eens proberen iets te achterhalen via de dagboekjes van professor doctor Albert Egges van Giffen, maar mijn hoop is niet groot. Mocht U nog meer informatie tegenkomen, dan houd ik mij aanbevolen.

Als U meer wilt weten over dergelijke bronzen potten, dan verwijs ik naar twee van mijn artikelen gepubliceerd in de Nieuwe Drentse Volksalmanak van respectievelijk 1998 en 2000.

In de Nieuwe Drentse Volksalmanak 115 van 1998 verscheen op de bladzijden 142 tot en met 170 het artikel Voor hutspot en de duivel – over de betekenis der zoogenaamde Spaansche legerpotten.
In de Nieuwe Drentse Volksalmanak 117 van 2000 verscheen op de bladzijden 169 tot en met 187 het artikel Die potten in deze ruwe veenen’; aanvullende vondsten van zgn. Spaansche legerpotten.

Abracadabra-1403

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Erfgoed, Vledder Aa, Wapse | Leave a comment

Arbeider vindt volkomen ongeschonden urn

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 7 april 1905 het volgende bericht over de vondst van een volkomen ongeschonden urn in de buurt van het hunebed.

Diever, 6 april. In de nabijheid van het hunnebed bij ons dorp vond een arbeider op ongeveer 1 meter diepte een urn, die volkomen ongeschonden is gebleven.
De hoogte is 18 cm, de halswijdte bedraagt 49 cm, de buikwijdte 66 cm. De inhoud bestaat uit asch en gedeeltelijk verbrande beenderen. Op ongeveer anderhalven meter afstand vond men op dezelfde diepte overblijfsels van een vuur. Het is te hopen, dat de urn voor het Drentsch museum worde aangekocht.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De vraag is wat die arbeider bewoog om in de Stienakkers een gat met een oppervlakte van een paar vierkante meters en zeker 1 meter diepte te graven. Was hij een amateur-archeoloog of deed hij werkzaamheden in opdracht van een archeoloog ? Zeker is wel dat de kleine Albert Egges van Giffen in die tijd in Deever woonde, zijn vader was dominee van de hervormde kerkgemeente van Deever en woonde in de pastorie aan de Brink. Stond hij bij het gat naar de opgraving te kijken ? Is de urn inderdaad in het Drentsch Museum in Assen terecht gekomen ?
Op de ansichtkaart is het hunebed te zien, dat door professor doctor Albert Egges van Giffen in de vijftiger jaren van de vorige eeuw met veel ‘deskundige fantasie’ is ‘gerestaureerd’.

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkaarten, Archeologie, Brink, Hunnebed D52, Kerk aan de brink | Leave a comment

Plotseling en wreed stond de dood voor de broers

Ter godvruchtige nagedachtenis van de broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens werd bijgaand doodsprentje gemaakt. Een doodsprentje is een klein prentje dat binnen de Rooms Katholieke Kerk wordt uitgegeven als herinnering aan een overlijden. Een doodsprentje wordt tijdens de uitvaart aan de aanwezigen uitgedeeld. Het hier afgebeelde doodsprentje -aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief- zal derhalve op 14 april 1945 in de Kerk op de Brink van Deever zijn uitgedeeld tijdens de uitvaartdienst van de tien mannen die op 10 april 1945 op het Marktterrein in Deever werden vermoord.  

De Duitsers gijzelden op 10 april 1945 de uit Noord-Brabant geëvacueerde broers Antonius Maria Gerardus Janssens en Jozeph Cornelis Maria Janssens, samen met Nicolaas Houwer, Kornelis Kerssies, Harman Bennen, Roelof Hunneman, Hendrik Akkerman, Klaas Daleman, Jan Houwer, Koop Houwer en Koop Westerhof.
De Duitse gijzelaars dwongen de gegijzelden op het Marktterrein in Deever tegen de wal van de kaarhof te gaan staan. Zie de afgebeelde foto, die op 15 februari 2001 is gemaakt. Op deze plek staat heden ten dage een rododendronbosje.
Na enige uren arriveerde een auto uit Steenwijk. De Duitse officier die uit de auto stapte was de woedende en schreeuwende S.D.-commandant Fritz Habener, Hij greep plotseling een mitrailleur en vermoordde de mannen die tegen de wal van de kaarkhof stonden. Koop Westerhof overleefde als door een wonder deze wrede moordaanslag.

De tekst van het doodsprentje luidt als volgt:
Jezus, Maria, Joseph.
Ter godvruchtige nagedachtenis van Antonius Maria Gerardus Janssens, geboren 26 mei 1926 te Tilburg en van Jozef Cornelis Maria Janssens, geboren 10 october 1930 te Berkel, gevallen voor het vuurpeloton 10 april 1945.
Plotseling en wreed stond de dood voor deze beide jonge menschen, die nog aan ’t begin, aan de lente stonden van hun leven.
Maar toch roept onze Moeder de Heilige Kerk, ook bij deze wreede sterfgevallen ons toe om niet te blijven treuren, maar om te denken aan de opstanding en ’t eeuwig leven, dat deze jongens tegemoet gaan.
Beste ouders, broers en zusjes weent niet over ons. Eens zullen we allen weer in blijdschap vereenigd zijn.
Mijn Jezus, barmhartigheid !

Een doodsprentje werd vaak van een passende bijbeltekst voorzien. En niet te vergeten voorzien van een aanwijzing voor een aflaat. Een aflaat is de vermindering van tijdelijke straffen die de overledene in het vagevuur moet ondergaan. Deze straffen kunnen worden verminderd door het uitspreken van gebedjes voor de overledene, zoals bijvoorbeeld op dit doodsprentje het gebed ‘Mijn Jezus, barmhartigheid’. Dit leverde voor de gestorvenen per gebed 100 dagen aflaat op.
De term ‘Cum approbatione ecclesia’ betekent in het Nederlands ‘Met goedkeuring van de kerk’.
Het prentje van de religieuze scène is getekend door Augustin Müller-Warth (1864-1943). Het is bij de redactie niet bekend of ook een kleuren-versie van dit doodsprentje is uitgegeven.

Abracadabra-1255Abracadabra-1256Abracadabra-1258Abracadabra-1257

Posted in 10 april 1945, Bidprentjes, Diever, Oorlogsgraven, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Begroeiing verwijderd bij het hunnebed

In 2011 werd een vuurtje gestookt bij het hunnebed D52 op de Steenakkers an de Grönnigerweg bee’j Deever, waardoor een groot stuk van een deksteen afbrak. In 2008 zijn drie stenen van het hunnebed blauw geverfd. Vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever hebben op maandag 16 februari 2012 en de dagen daarna een groot deel van de begroeiing rond het hunnebed weggehaald.
De zo onstane zichtbaarheid van het hunnebed zou moeten bijdragen aan het voorkomen van vernielingen aan het hunnebed en vervuiling rond het hunnebed. Het kappen, hakken, zagen en snoeien van bomen, struiken en bosschages is in overleg gegaan met Staatsbosbeheer, de beheerder van het terrein rond het hunnebed.
RTV-Drenthe heeft tijdens de werkzaamheden bij het hunnebed filmopnamen voor de televisie gemaakt, waarbij de verslaggever de in hunnebedden en bosschages gespecialiseerde deskundige van de heemkundige vereniging van Deever ruim aan het woord liet.
Het uitgezonden filmpje is ook te zien op het internet.
In het filmpje heeft de hiervoor genoemde deskundige het ook over een foto van jaren terug, waarop het hunebed zonder begroeiing is te zien. Wellicht doelde hij op de foto van hunnebed D52 uit 1918, toen Albert Egges van Giffen bezig was met het inventariseren van de hunnebedden.
Overigens was het in 1952, een paar jaar voor de mislukte restauratie van het hunnebed, ook vrij kaal rond het hunnebed, zoals te zien is op deze prachtige zwart-wit ansichtkaart van het hunnebed met op de achtergond in schoven gezette rogge. Het ware beter geweest dat de weledelgestrenge heer professor doctor Albert Egges van Giffen het hunnebed van Diever met rust had gelaten.
Voor de volledigheid en ter illustratie van deze tekst wordt hier ook een op 26 juli 2012 gemaakte foto getoond.

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Diever, Hunnebed D52, Steenakkers | Leave a comment

De sloop van ‘de Keet’ op de Heezebaarg in 1997

De archeloog professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kerkhof van Deever) en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s) hadden een vakantiehuisje op de Heezeberg aan de rand van de Heezenesch. Het huisje heette eerst ‘de Keet’, later ‘de Heezeberg’.
De Keet is inderdaad de directiekeet die bij de grote archeologische afgraving van de wierde van Ezinge stond, Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezenesch).
In 1997 was met name de houten onderkant van ‘de Keet’ in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van proefessor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenoot, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uit Dwingelo (eerder gevestigd in Leggelo).
De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van het Deevers Archief en de eigenaren bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van ‘de Keet’ op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen heeft de kleurenfoto’s van het interieur van ‘de Keet’ een paar dagen vóór de afbraak van ‘de Keet’ gemaakt, Zij heeft ook de kleurenfoto van de afbraak gemaakt.
Let bij de foto’s van het interieur vooral op de originele elementen, zoals de gaslampen en de koperen pomp.

Abracadabra-1561Abracadabra-1555Abracadabra-1556Abracadabra-1557Abracadabra-1558Abracadabra-1560

Posted in Albert Egges van Giffen, Archeologie, Heezebaarg, Heezenesch, Verdwenen bouwwerken | Leave a comment

Woar was ok a weer ’t Bultie

De heer Jaap Koning stuurde op 1 februari 2014 de volgende in het Deevers gestelde vraag in:
Woar was ok a weer ‘t Bultie ? Bin ’t eem hielemoale kwiet !

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heer Jaap Koning is een zoon van Lambertus Koning (Battus Keuning) (geboren 15 maart 1918, overleden 7 december 1987) en Deeltje …………. (gegevens moeten nog worden uitgezocht).
Wijlen sier- en hoefsmid, schrijver, geitenfokker, doe-het-echt-zelver en dorpscriticaster Klaas Kleine noemde Lambertus Koning (Battus Keuning) de lochtkeerl (doe ’t locht ies an, ’t wödt a donker), omdat Lambertus Koning (Battus Keuning) ook opnemer van de electriciteitmeters was. De familie Koning woonde an de Veentjesweg in Deever. De heer Jaap Koning heeft ook een eigen webstee, te weten www.jaapkoning.nl.
Wie van de bezoekers van het Deevers Archief kan de prangende vraag van de heer Jaap Koning, geboren en getogen Deeverse, voorzien van het juiste antwoord ? 
Woar was ok a weer ’t Bultie ? Woar was ok a weer ’t olde Bultie ?
Misschien zou Rikus Kloeze, de veldnamenexpert en voorvechter van de lokale politieke partij Dorpsbelangen, daar uitsluitsel over kunnen geven ? Want in november 2012 (zie ook het bericht van 9-11-2012 in de webstee van de Olde Möppeler) smeedde hij vrolijk lachend en eigenhandig het Zwatte Pattie om tot Bultie, het nieuwe Bultie. Deever had eindelijk zijn nieuwe Bultie. Rikus had een jarenlange strijd tegen de ambtelijke windmolens beloond zien worden.
Maar daarmee is nog niet de cultuurhistorische vraag beantwoord over de ligging van ‘t Bultie. Daarvoor moeten we zoeken op de kaart met de Deeverse veldnamen en dan blijkt er een akker met de naam Scholten’s Bultie te zijn geweest, tussen wat nu de Vlasstraat is en wat nu de Veentjesweg is, dus eigenlijk zou de Kloosterstraat –het is nooit bewezen dat in Deever een klooster heeft gestaan- tussen de Vlasstraat en de Veentjesweg de naam Scholten’s Bultie moeten hebben. Dus het Zwatte Pattie, nu bij vergissing Bultie genoemd, het zij Rikus Kloeze, Nico Pook en Zwanie Zantinge vergeven, was de verbinding tussen de Hoofdstraat en het zandpad over Scholten’s Bultie naar Oldendeever. Het laat zich raden dat dit voor de Afgescheidenen uit Oldendeever en Wittelte in de tijd van de onverharde wegen op zondag hun kaarkepad naar hun Offescheid’n kaarke aan hun Kruisstraat moet zijn geweest.

Posted in Bultie, Diever, Kloosterstraat, Kruisstraat, Veentjesweg, Veldnamen | Leave a comment

Politieke aspiraties van J. F. de Ruijter de Wildt

Op 18 januari 1868 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant het volgende bericht over de kandidatuur voor het lidmaatschap van de Tweede Kamer van Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt.

Voor het lidmaatschap van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, wenschen wij de aandacht onzer medekiezers in Drenthe te vestigen op den heer J.F. de Ruijter de Wildt, wonende op het landgoed “Zorgvlied” in de gemeente Diever; een begaafd man met veel talenten, die gedurende een twintigtal jaren in verschillende residentiën en vooral in de binnenlanden van Java, in de gelegenheid was, de Indische toestanden en belangen van nabij te leeren kennen en beoordeelen, en wiens braafheid en vaderlandsliefde boven onzen lof is verheven.
Eenige kiezers in Drenthe

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie moet nog uitzoeken of Jacobus Franciscus de Wildt inderdaad volksvertegenwoordiger is geweest. 
Wellicht was Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt in zijn koloniale periode assistent-resident of misschien wel resident op Java. Een assistent-resident was in Nederlands-Indië de hoogste Nederlandse ambtenaar in een afdeling (assistent-residentie) van het plaatselijk bestuur, dat viel onder het Binnenlands Bestuur. Enige afdelingen samen vormden een residentie, met aan het hoofd een resident. Boven de resident stond de gouverneur-generaal, die Nederlands-Indië regeerde.

Posted in de Ruijter de Wildt, Zorgvlied | Leave a comment

Drentse burgers bouwden een noodbrug

In de krant ‘Ons Noorden: dagblad voor de Noordelijke provinciën’ verscheen op 22 mei 1945 het navolgende artikel over de bouw van de noodbrug over de Drentsche Hoofdvaart bij Dieverbrug tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog. 

Drentse burgers bouwden een noodbrug en bevorderden Frieslands bevrijding
In de dagen rond 10 april, zo lezen we in „De Vrije Pers”, toen het noorden des lands in angstige spanning op de bevrijdende Canadese legers wachtte, ging er in de huizen van de gelukkigen, die nog op de een of andere manier electrische stroom konden bemachtigen, geen uur voorbij, of de radio werd ingeschakeld. De hoop op een spoedige verlossing van de onderdrukkers nam toe in de harten van de Drenten en Groningers, naarmate de tankspitsen ten oosten van de Drentsche Hoofdvaart vorderden. Doch de Friezen werd het bang te moede, want wie beter dan zij wisten welk een barrière hen nog van de oprukkende geallieerden scheidde.
Op een goede dag meldde Herrijzend Nederland evenwel plotseling, dat de Canadese spitsen tot in Diever doorgedrongen waren. Diever, over het kanaal dus! En zie, dit bruggenhoofd is het geweest, van waaruit Frieslands victorie begon. Dit bruggenhoofd danken zij aan een Drents opzichter van de Rijkswaterstaat, die met een aantal burgers onder het bereik der Duitse kanonnen een noodbrug over het kanaal sloeg, waarover het materiaal naar het westen stroomde.
Canadezen en Polen rukten in Drente op; Coevorden werd bevrijd, de spoorbaan Hoogeveen – Meppel gepasseerd, in de loop van woensdag de 11e April werd Dwingelo bereikt en even later stonden Canadezen aan de Drentse Hoofdvaart. Waarschijnlijk heeft het niet in de bedoeling gelegen om de operaties onmiddellijk aan de westzijde ervan voort te zetten, doch er zijn factoren geweest (o.a. een noodkreet van de bevolking van Diever, waar de terugtrekkende Duitsers een vreselijke terreur uitoefenden), die den commandant de wenselijkheid van een noodbrug bij Dieverbrug deden inzien.
Met een opzichter van de Rijkswaterstaat te Dwingelo werd overleg gepleegd en deze bood aan, met een aantal vrijwilligers een brug over het kanaal te slaan. Ondanks het feit, dat zowel Wittelte, de Haarsluis (ten zuiden van Geeuwenbrug) en Diever nog in Duitse handen waren en het geenszins denkbeeldig was, dat deze tegen het vallen van de avond het vuur zouden openen, meldden zich tal van vrijwilligers aan. Uit deze groep werden zestien bekwame vaklui gekozen, die ’s avonds om negen uur met de bouw begonnen, terwijl de Canadezen de wegen naar Dieverbrug onder controle hielden.
De opdracht van den Canadezen commandant luidde: maak mij een brug, geschikt voor maximaal 9-tons wagens en zorg, dat die morgenvroeg half zeven klaar is. De hele nacht zwoegden en ploeterden de vrijwilligers, daarbij gebruik makend van een bok met materiaal, afkomstig van de op last van de Duitsers afgebroken Wittelterbrug, welk materiaal men speciaal met het oog op de bouw van een noodbrug in de buurt had weten vast te houden. De mannen smaakten tenslotte het genoegen, de brug tien minuten voor de vastgestelde tijd gereed te hebben en onmiddellijk startten de geallieerde colonnes naar het westen.
Het schijnt, dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het „bruggenhoofd Dieverbrug” het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijsel heeft „meegenomen”. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de eerste Canadese verkenners voor Steenwijk en nog de zelfde dag werd Wolvega bereikt.
Is het teveel gezegd, dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (Pingjum onder andere) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de mannen van de Rijkswaterstaat en hun Drentse vrijwilligers ?

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De bezoeker van het Deevers Archief wordt ook verwezen naar andere artikelen, die betrekking hebben op de bouw van de noodbrug, in het Deevers Archief.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadeze bevrijders, Canadian First Army, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Het huisje waar mijn grootouders hebben gewoond

De in Amsterdam wonende, maar in Deever geboren en getogen Jaap Koning stuurde op 22 mei 2016 de volgende reactie naar het Deevers Archief. Het betreft een reactie op het bericht De olde kouwe van Oaltie Keuning-Hoaveman. De redactie is Jaap Koning zeer erkentelijk voor deze reactie. 

Volgens mij wordt het woord ‘kouwe’ hier gebruikt in de denigrerende betekenis van ‘kooi’. Een aanduiding voor een in elkaar getimmerd schuurtje, waarvan het dak lekt en waar de wind doorheen blaast door de kieren tussen de planken.
Het was het huisje waar mijn grootouders hebben gewoond. Ik kwam er als kind vaak.
Het dak lekte niet en de wind kwam niet binnen, maar verder was het behoorlijk primitief. De vloer bestond nog uit leem en stromend water of een pomp was er niet. De laatste jaren woonde mijn grootmoeder daar alleen en ik haalde als jongetje een paar keer per week een grote emmer water bij de buren en zette die dan in een halletje neer, zodat opoe Koning altijd water in huis had.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het woord ‘kouwe’ heeft -voor zover de redactie zich dat kan herinneren- in het Deeverse dialect drie betekenissen, te weten: kooi, huis en snee.
Alleskunner Klaas Kleine (dertien ambachten en geen ongelukken) -van nature wel kritisch en een beetje cynisch- heeft het woord ‘kouwe’ hier vast en zeker in de betekenis van ‘huis’ gebruikt. 

Posted in Diever, Klaas Kleine, Peperstraat | Leave a comment

Greinspoaltie LXXV op de greinse bee’j de Tilgröppe

Paaltje LXXV (dat wil zeggen paaltje 75) op de grens tussen Friesland en Drenthe staat langs de Tilgröppe daar waar de grens vanuit het noordoosten gezien een knik van vijfenveertig graden maakt. Dus het paaltje staat aan de Drentse kant van de Tilgruppe. Ook dit roestgevoelige gietijzeren paaltje bevindt zich in een uitstekende staat van onderhoud. Het paaltje is alleen te voet of op een bergfiets bereikbaar.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze foto gemaakt op 21 november 2014.

Posted in de Oude Willem, Grenspalen, Tilgröppe | Leave a comment

Publieke verkoop van Villa Cornelia op Zorgvlied

Op 15 april 1892 verscheen in de krant het Nieuws van den dag de volgende advertentie over de publieke verkoop van Villa Cornelia op Zorgvlied.

Publieke Verkoop “Villa Cornelia”, (naaste station Peperga).
Op donderdag 20 april eerst komende des middags te 12 uur, zal ten huize van Rudolphus, te Zorgvlied, gemeente Diever, publiek bij inzate worden geveild, ten verzoeke van den weledelgeboren heer Du Crocq, te Amsterdam:
De ‘Villa Cornelia”, staande te Zorgvlied, gemeente Diever, nieuwgebouwd en zeer doelmatig ingericht woonhuis; beneden: 3 geplafonneerde kamers met gang, keuken en kelder; boven: twee logeerkamers, meidenkamer en zolder. Flinke bak voor regenwater en een pomp met welwater.
Het terrein is ongeveer 50 aren groot, met opgaand hout, vijver en vruchtbaren moestuin.
Aanvaarding dadelijk na den palmslag, begin mei eerst komende.
Inlichtingen te bekomen bij mr. L.G. Verwer, te Zorgvlied, gemeente Diever, en ten kantore van mr. J. Beckeringh van Loenen, notaris te Dwingelo.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Toch wel een enigszins belangwekkende advertentie. Naast Villa Nova en Villa Aurora liet mr. Lodewijk Guillaume Verwer blijkbaar ook Villa Cornelia bouwen.
De architect van de villa zal de heer H.G. du Crocq uit Amsterdam zijn geweest, die was ook de architect van Villa Nova en Villa Aurora en zal als bouwmeester van het werk zijn opgetreden.
Waarom verzocht de heer du Crocq om de verkoop van de villa ? Was hij gevolmachtigde van mr. Lodewijk Guillaume Verwer en was hij ook de eigenaar of mede-eigenaar van Villa Cornelia ? En wanneer is Villa Cornelia gebouwd ? En waar stond of staat Villa Cornelia ? En wat was de reden van de verkoop van het pas gebouwde huis ? Was Rudolphus in die tijd de plaatselijke kroegbaas, zo ja waar stond dan zijn kroeg ?
Het zou best een zo kunnen zijn dat Villa Cornelia is gekocht door de eigenaren van het sigarenfabriekje op Zorgvlied, want in 1895 werd deze villa bewoond door Langemeier en de Vries, twee van de drie eigenaren.
Als dit soort vragen zouden mooi uitgezocht kunnen worden door de plaatselijke dorpskrachten, die lid zijn van de dependance Zorgvlied-Wateren-Oude-Willem van de heemkundige vereniging uit Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft de bijgevoegde kleurenfoto op 21 november 2014 gemaakt.

Reactie van de heer G.J. van Opzeeland van 1 september 2017
De getoonde woning is later aan de Rooms Katholiek kerk geschonken en is bewoond geweest door de familie Theo van Opzeeland.

Posted in Dorpskrachten, Lodewijk Guillaume Verwer, Villa Cornelia, Zorgvlied | Leave a comment

Verbouw van tabak, hop en cichorei op Wateren

In de krant Het Nieuws van den dag verscheen op 12 oktober 1895 het navolgende bericht over landbouwactiviteiten van de Friese ondernemer mr. Lodewijk Guillaume Verwer op Wateren en Zorgvlied.

Te Wateren, in Drenthe, heeft de tabaksbouw dit jaar gunstige uitkomsten opgeleverd, uitgezonderd op een stukje van ongeveer 1/4 hectare te Zorgvlied, dat in het voorjaar met gaskalk was bestrooid.
De pluk is geëindigd, en met den napluk zijn enige jongens bezig. De bladeren zijn van uitmuntende hoedanigheid, waarom zij aan de sigarenfabriek te Zorgvlied worden gebruikt voor dekbladeren (onderdek). Aan deze fabriek werken ruim twintig jongens die voor het maken van 100 sigaren 13 à 14 cents ontvangen.
De fabriek wordt thans gedreven door de heeren Langemeier, De Vries en Van der Zee, de twee eersten wonen op “Villa Cornelia”, te Zorgvlied, de laatste te Leeuwarden.
De hopbouw heeft te Wateren nog niet veel te beteekenen. De grond is daarvoor echter, bij voldoende bemesting, niet ongeschikt, zoodat de Heer Verwer wil trachten nog twee of drie gezinnen uit Limburg of uit Noord-Brabant te doen overkomen, uitsluitend voor den hopbouw.
De proeven met den verbouw van cichorei kunnen aldaar als mislukt beschouwd worden. De grond is licht en eischt eene te zware bemesting, om met eenig voordeel cichoreiwortels te kunnen telen.

Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Tabak, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Burgemeester is de directeur van de hypotheekbank

In het Algemeen Handelsblad van 10 juni 1887 verscheen de volgende advertentie van de Noordelijke Hypotheekbank, gevestigd te Zorgvlied, gemeente Diever.

Noordelijke Hypotheekbank, gevestigd te Zorgvlied, gemeente Diever.
Commissarissen:
mr. W. Terpstra, Ridder der Orde van den Nederlandschen Leeuw, President van het Gerechtshof te Leeuwarden, President-Commissaris.
L.M. de Laat de Kanter, Ridder der Orde van den Nederlandschen Leeuw, Burgemeester te Leiden, Vice-President.
Mr. D.J.R. Brants, Lid der Rechtbank te Heereveen.
J.F.H. Bekhuis, Lid der Provinciale Staten van Friesland, te Leeuwarden.
Mr. B.H.M. Driessen, Ridder der Orde van den Nederlandschen Leeuw en van de Leopoldsorde, Wethouder te Amsterdam.
Mr. H.W. de Blocq Scheltinga, Burgemeester van Schoterland, te Oranjewoud.
Dr. R. Wartena, te Noordwolde.
Mr. L.G. Verwer, Advocaat te Zorgvlied.
Directeuren:
L.W. van Os, Burgemeester van Diever.
E. Venhuizen.
De bank leent gelden uit op onroerende goederen onder verband van eerste hypotheek, hoogstens tot een bedrag van 50 procent der waarde van de gebouwde en 65 procent der waarde van de ongebouwde eigendommen.
Zij geeft 4 procents pandbrieven uit, welke, voor zooverre de voorraad strekt à part verkrijgbaar zijn ten kantore van de Twentsche Bankvereeniging te Amsterdam, en verder, door tusschenkomst van alle Kassiers en Commissionairs in effecten, ten kantore der Bank.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In het pand met de naam Aurora (Latijn = dageraad) aan de Dorpsstraat op Zorgvlied was in de tijd van mr. Lodewijk Guillaume Verwer het hoofdkantoor van zijn Noordelijke Hypotheekbank gevestigd.
Leonard Willem van Os (geboren op 6 juli 1844 te Sneek, overleden op 28 mei 1900 te Diever, zoon van Pieter van Os en Johanna Nicolasina Romswinckel, gehuwd geweest met Leentje Mulder) kon blijkbaar binnen de wettelijke en ambtelijke ruimte van het burgemeesterschap zonder problemen de ongetwijfeld niet slecht betaalde bijbaan of hoofdbaan van mede-directeur van de Noordelijke Hypotheekbank aanvaarden en uitoefenen. Hij woonde in die tijd ook op Zorgvlied
Directeur Egge Venhuizen woonde in Zorgvlied in het pand met de naam Aurora.
In de webstee van het Streekarchief van Voorne Putten en Rozenburg is een verwijzing naar een notariële actie met als datum 5 augustus 1887 te vinden, waarbij het  volgende is vermeld:
Gerrit Machiel Louter, koffiehuishouder te Geervliet, bekent aan Leonard Willem van Os, burgemeester van Diever, en Egge Venhuizen, beiden wonend te Zorgvlied gemeente Diever, vormend de directie van de Noordelijke Hypotheekbank, een schuld van f 2250. Hij verleent hypotheek op een huis annex herberg, waarin tevens de metselaarsaffaire wordt uitgeoefend, met erf en tuin te Geervliet, kad. B 861.
Bijgevoegde foto van het netjes opgeknapte, maar levensloos ogende pand met de naam Aurora is gemaakt op 11 april 2013.

Posted in Gemeente Diever, Lodewijk Guillaume Verwer, Noordelijke Hypotheekbank, Zorgvlied | Leave a comment

De ingang tot het weiland ‘de Helprichskaampe’

De redactie van het Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het papieren blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever te publiceren, dan maar postuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in de webstee van het Deevers Archief.
Tussen de documenten zat ook een kleurenfoto, die Anne Mulder omstreeks 1970 heeft gemaakt. Het betreft een foto van het toegangsweggetje naar het weiland met de naam de Helprichskaampe an de Hoarweg in de bos van Deever. Deze tijdloos lijkende foto is het zeker waard uitgegeven te worden als ansichtkaart.
De redactie vermoedt dat de veldnaam de Helprichskaampe niet is vermeld in het voor Deever onvolprezen en uiterst belangrijke cultuurhistorische standaardwerk ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2013 in een te beperkte oplage heeft uitgegeven. In dit standaardwerk zijn de veldnamen van alle percelen in de gemiente Deever op de kadastrale atlas van 1832 verzameld en in kaart gebracht.
Het zou best eens zo kunnen zijn dat het perceel land met de naam de Helprichskaampe na 1832 via vererving of verkoop is ontstaan uit een opdeling van een groter perceel land met een veldnaam, die wél in het genoemde standaardwerk is vermeld en dat het nieuwe perceel pas (ver) na 1832 de naam de Helprichskaampe (het stuk land van Helprich …..) heeft gekregen. De redactie heeft de veldnaam de Helprichskaampe toegevoegd aan de Deeverse erfgoedlijst.
De redactie nodigt bij deze de Heren Veldnamenexperts Van De Heemkundige Vereniging Uut Deever uit te reageren op dit bericht.

Posted in Erfgoed, Veldnamen | Leave a comment

Schilderij met de titel ‘Binnenhuis Diever (Drenthe)’

De Rijswijkse kunstschilder Adrianus (Arie) Johannes Zwart (geboren op 30 augustus 1903 in Rijswijk, overleden op 27 augustus 1981 in Laren) maakte een schilderij met de titel Binnenhuis Diever (Drenthe). Zie de bijgaande afbeelding.
Het schilderij is met olieverf op een doek aangebracht en is voorzien van een handtekening van de schilder. Het schilderij is in december 2018 via een veiling van eigenaar verwisseld.
De grote vraag is natuurlijk of Arie Zwart dit schilderij daadwerkelijk binnen de grenzen van de gemiente Deever in een binnenhuis heeft geschilderd. Feit is wel dat de schilder en zijn gezin in de Tweede Wereldoorlog in een woonbootje in Meppel woonden. Het zou best wel eens zo kunnen zijn dat Arie Zwart de gemiente Deever in die tijd wel een keer heeft bezocht.
De redactie van het Deevers Archief is echter van mening dat Arie Zwart het schilderij wel de titel Binnenhuis Diever (Drenthe) heeft gegeven, maar dat dit schilderij niet in een binnenhuis in de gemiente Deever is geschilderd, ondanks het feit dat de dorpen en gehuchten en boerderijen in de gemiente Deever vóór en in de Tweede Wereldoorlog nog zeer pittoresk (mooi om te zien en met de uitstraling dat het leven er rustig en prettig is) waren en dat kunstenaars daardoor werden aangetrokken.
Arie Zwart was een zeer productief schilder en heeft veel schilderijen van binnenhuizen gemaakt, erg sterk gelijkend op het schilderij met de titel Binnenhuis Diever (Drenthe), maar met titels, zoals Binnenhuis Wierden en Oud Brabants binnenhuis te Lage Mierde.
Maar wellicht is Arie Zwart wél in de gemiente Deever geweest en vond hij wél een schilderswaardig binnenhuis. Dat binnenhuis was dan zo te zien niet de steriele kille voorkamer of steriele kille opkamer in de boerderij van een dikke naast de klompen lopende boer, die bijvoorbeeld an de brink van Deever woonde. Het zou eerder het binnenhuis van een keuterboerderijtje op ’t Kastiel of op Kalter’n kunnen zijn geweest, want in keuterboerderijtjes werd in het voorhuis wél echt geleefd.
Het vroege werk van Arie Zwart is vrij donker van toon, pas omstreeks 1940 gaat hij over op een lichter palet. Het schilderij met de titel Binnenhuis Diever (Drenthe) is daarom met schier aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid ná 1940 gemaakt. Het binnenhuis is impressionistisch, romantisch en nostalgisch geschilderd, zo zagen binnenhuizen in de gemiente Deever er na 1940 zeker niet meer uit. Kortom Arie Zwart heeft bij het schilderen op zijn woonbootje in Meppel ten zeerste zijn overschilderfantasie gebruikt.

Posted in Kunst, Schilderijen | Leave a comment

Jacobus Franciscus de Ruiter de Wildt ligt in Boijl

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief- versie van 2016-06-01

Op de hof van de kerk van Boijl (Buil) in de buurt van Zorgvlied ligt landbouwondernemer Jacobus Franciscus de Ruiter de Wildt (geboren te Nieuwer Amstel, 20 december 1800, overleden te Diever (op Woater’n), den 25 november 1870) en stichter van Zorgvlied al meer dan honderd en veertig jaar in de buurt van de kerk en de apart staande houten klokkestoel onder een grote deksteen begraven.
De muurtjes die de deksteen dragen zijn nog niet zo heel lang geleden opnieuw opgemetseld (door wie en voor wiens rekening ?). Op de hof van de kerk in Boijl (Buil) worden nog steeds mensen begraven. Zo hoort het ook. Dat kom je niet veel meer tegen. De redactie heeft beide foto’s op 11 april 2013 gemaakt.

Posted in de Ruijter de Wildt, Zorgvlied | Leave a comment

Greinspoaltie LXXIV bee’j de Tilgröppe

Paaltje LXXIV (dat wil zeggen paaltje 74) op de grens tussen Friesland en Drenthe staat bij de Tilgröppe daar waar de grens vanuit het noordwesten gezien een knik van vijfenveertig graden maakt. Paaltje 74 staat op korte afstand van paaltje 75. De twee paaltjes markeren het schuine stukje tussen de haaks op elkaar staande noordwestelijk en noordoostelijke grens. Tussen paaltje 74 en paaltje 75 ligt de Tilgröppe. Ook dit roestgevoelige gietijzeren paaltje bevindt zich in een uitstekende staat van onderhoud. Het paaltje is alleen te voet via een weiland bereikbaar.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2014.

Posted in de Oude Willem, Grenspalen, Tilgröppe | Leave a comment

Bakkerij en kruidenierswinkel van Alle Brouwer

Op deze zonnige zomerdag in 1930 ligt de brood-, koek- en banketbakkerij en kruidenierswinkel van Alle Brouwer aan de Dorpsstraat in Zorgvlied er rustig en gezellig bij. Het is een echte dorpswinkel geweest. Op de geëmailleerde reclameborden staan wervende teksten voor Ster tabak (pruimtabak, de boerenbevolking van Wateren en Zorgvlied pruimde) en Douwe Egberts koffie. Een houten fietsrek met reclame voor koffie, thee en tabak van Van Nelle staat bij de ingang. Links naast het pand van de familie Brouwer woonde de familie Schwering. Rechts staat het oude café met het karakteristieke overstekende dak van Jan van Opzeeland.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie stelde in 2003 ten behoeve van de leden van de plaatselijke heemkundige vereniging de zo genoemde ‘historische kalender’ (hoe kan een kalender historisch zijn ?) voor het jaar 2004 samen.
Deze foto stond afgebeeld op het kalenderblad voor de maand juni 2004.
De redactie herinnert zich het samenstellen van deze kalender als een bijzonder leerzame wandeling op de wegen der vrijheid.

Posted in Bedrijven, Dorpsstraat, Neringdoenden, Topstukken, Zorgvlied | Leave a comment

Grenspaal LV bij de Appelschaseweg-Canada

De redactie van het Deevers Archief heeft in een apart bericht een lijst van veertig grenspalen op de grens van de gemiente Deever die tevens grens is tussen de provincie Drenthe en de provincie Friesland opgenomen.
Grenspaal LV (grenspaal 55) staat ten westen van de Appelschaseweg-Canada.
De redactie heeft de hier afgebeelde foto gemaakt op woensdag 19 september 2018.
De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk van de gemeente Ooststellingwerf hebben helaas pal naast het fraaie goed onderhouden gietijzeren grenspaaltje een vreselijk storend en schreeuwerig propagandabord neergezet. Het bord staat nog net niet in de gemiente Deever. Maar moet wel worden geëlimineerd.
Gelukkig is de tekst op het bord niet in het Fries weergegeven, dat zou zijn een belediging van de bewoners in de gemeente Ooststellingwerf die ut Stellingwaarfs spreken. Ut Stellingwaarfs (het Stellingwerfs) is geen Nederlands dialect maar een Nedersaksisch dialect dat alleen nog door ouderen wordt gesproken in met name de kleine kernen van de gemeenten Oost- en Weststellingwerf.
De redactie wil van elk van de veertig grenspalen XL (40) tot en met LXXIX (79) een afbeelding in het Deevers Archief opnemen.
De redactie nodigt bezoekers van het Deevers Archief graag uit te reageren met een afbeelding en een juiste beschrijving van de positie van de grenspalen, waarvan de gegevens nog niet in de hiervoor genoemde lijst zijn opgenomen.

Posted in de Olde Willem, Grenspalen, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Greinspoaltie XLIX an de Monden op Zorgvlied

Paaltje XLIX (je mag blijkbaar ook IL en XXXXVIIII schrijven) (dat wil zeggen paal 49) op de grens tussen Friesland en Drenthe staat bij het paaltje waaraan het straatnaambordje ‘De Monden’ is bevestigd.
Het gegalvaniseerde paaltje staat op kosten van de gemeente Westenveld in het gebied van de gemiente Deever op ongeveer 10 cm van de grens. Daar komt de gemeente Ooststellingwerf mooi mee weg. Ook dit roestgevoelige gietijzeren paaltje bevindt zich in een uitstekende staat van onderhoud. Het paaltje is helaas ook bereikbaar met de auto.
De redactie van het Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2014.

Posted in Grenspalen, Zorgvlied | Leave a comment

Aan den Jongeheer Dirk de Wit Dz. in Bovenkarspel

Naast zwart-wit ansichtkaarten met dorpsbeelden waren in 1917 op Zorgvlied ook kaarten, zoals de hier afgebeelde verkrijgbaar. Een uitgever kon dit soort kaarten in grotere goedkopere hoeveelheden drukken, dan ansichtkaarten. Als hij in een stad, dorp of gehucht een klant voor 100 of 200 of wat voor ander aantal exemplaren dan ook had gevonden, dan kon hij in de witte rechthoek de naam van de plaats stempelen, in dit geval Zorgvlied in Drenthe (an de aandere kaante van de bos).

De kaart is gestuurd aan den Jongeheer Dirk de Wit dz., p/a den D. de Wit, Bovenkarspel, Noord-Holland.

De tekst op de achterkant van de kaart luidt als volgt.
Wateren, 15 juni 1917,
Beste Vriend,
Hiermede bericht ik je dat ik verleden week goed en gezond ben gearriveert (redactie: gearriveerd).
En het eerste waar men hier over klaagde was over de droogte en ook dat er geen gras wilde groeien.
Meer nieuws was hier ook niet.
Schrijft u ook eens hoe het bij jullie er bij staat.
Ontvangt allen de hartelijke groeten van uw vriend.
Hein

Op 15 juni 1917 zat Zorgvlied in het midden van een unieke hittegolf, namelijk eentje van 10 dagen achter elkaar, en dat nog wel in deze periode van het jaar! Van 10 tot en met 19 juni 1917 had De Bilt 10 zomerse dagen op rij, en van 16 tot en met 18 juni 1917 zouden de vereiste 3 tropische dagen ook komen. En dat dus juist in de tweede helft van juni, wanneer het gemiddeld genomen 2 van de 3 jaren wisselvallig is.

Het gedicht op de prentkant van de kaart luidt als volgt.
Zij heeft zelf haar op de post gedaan,
Uit angst dat iemand ’t zou vergeten.
Want al, wat in die brief moog’ staan,
Zou zij voor niemand willen weten.
Zij beschreef haar liefde en ook haar groeten,
Met de wensch hem spoedig te ontmoeten.

Uit de tekst is op te maken dat vriend Hein zeker geen toerist was.
De grote vraag is dan natuurlijk wat deed toch die vriend Hein in Zorgvlied ?

Posted in Ansichtkaarten, De aandere kaante van de bos, Zorgvlied | Leave a comment

Greinspoaltie XLVI staat op een nieuwe plaats

In de Meppeler Courant van 30 juli 2012 én vervolgens in het Dagblad van het Noorden van 1 augustus 2012 verscheen hetzelfde volgende mini-bericht.

ZORGVLIED – Grenspaal op nieuwe plaats
De gerestaureeerde grenspaal is herplaatst op de oude landweer bij de Willingehoek van camping Groot Bartje in Zorgvlied. De grenspaal is onder het puin vandaan gehaald. Henk Schurer doopte op de historische grens tussen Elsloo en Zorgvlied de paal met water uit de Linde. De vinder van de paal, Hans Salverda, werd als voogd van de paal benoemd. Met het vinden van de paal wordt de historische grens tussen Friesland en Drenthe zo langzamerhand weer zichtbaar.

In het Dagblad van het Noorden van 1 augustus 2012 verscheen het nagenoeg zelfde volgende mini-bericht.
ZORGVLIED – Historische grenspaal tussen Drenthe en Friesland
De gerestaureerde paal die de historische grens markeert tussen Friesland en Drenthe, is op de oude landweer bij de Willingehoek in Zorgvlied herplaatst. Op de historische grens tussen Elsloo en Zorgvlied werd de paal gedoopt met water uit de Linde. Vinder Hans Salverda werd als voogd van de paal benoemd. Door de herplaatsing van de paal wordt de historische grens tussen Friesland en Drenthe langzaam weer zichtbaar.

Aantekeningen van de redactie van het Dievers Archief
De schrijver van de veel op elkaar lijkende mini-berichten gebruikt de term ‘historische grens’, echter om de ligging van deze grens is in het verleden nooit enige strijd geweest, in feite gaat het om een grenspaal op de kunstmatige scheidingslijn tussen twee bestuurlijke eenheden, te weten de provincie Friesland en de provincie Drenthe.
Grenspalen worden in elk geval geplaatst op het punt waar de grens een knik maakt, zo ook de grenspalen tussen de provincies Friesland en Drenthe in de gemiente Deever. Van oudsher moet bij de ene grenspaal de volgende grenspaal te zien zijn.
Het artikel geeft niet aan om welke grenspaal het gaat, maar het is waarschijnlijk dat het hier om grenspaal XLVI (grenspaal 46) gaat.

Posted in de Oude Willem, Grenspalen, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Kaarke van Deever in 830 ebouwd op un hunnebed ?

In het Dagblad van het Noorden verscheen op 1 maart 2004 in de rubriek Drentsigheden het volgende geschrijfsel, beschrijfsel en verschrijfsel van wijlen Lammert Huizing over onder meer het ontstaan van de naam van het dorp Deever.

Diever afkomstig van De Ever ?
Tot het jaar 830 stond er in Diever een heidense tempel. Daaromheen was een steenkring met een gemiddelde straal van negen meter naar de kern. Op die plaats is later de Pancratiuskerk gebouwd, de huidige Nederlands Hervomde Kerk, die wel eens de kathedraal van Drenthe wordt genoemd. Diever was de hoofdplaats van het vroegere Westenveld. Dat was toen Drenthe nog in drieën was verdeeld, namelijk Noordenveld, Zuidenveld en Westenveld. Nog vóór het jaar 1000 is het Westenveld gesplitst in twee rechtsgebieden, het Beiler en het Dieverder dingspil.
Er zijn naamkundigen die beweren dat de naam Diever te maken heeft met ‘beduven’, wat ‘bedekt met water’ betekent. Maar Diever is nooit een waterrijk gebied geweest. In de Middeleeuwen sprak men van Devere, waarin sommigen een Keltische naam zien, een afleiding van ‘diavara’, wat ‘de goddelijke’ betekent. Maar de geleerden zeggen dat er in Drenthe geen Kelten hebben gewoond.
Of moeten we denken aan een heel simpele verklaring, namelijk aan een samenvoeging van ‘de’ en ‘ever’. De Ever, wat in de loop der eeuwen tot Diever is vervormd.
Het is leuk om je met speculaties over de vroegste geschiedenis van Diever bezig te houden. Het enige concrete punt in het vorenstaande is het jaartal 830. Maar je vindt dit in geen enkel geschiedenisboek. Bij opgravingen onder de vloer van de hervormde kerk zijn wel sporen ontdekt van een ‘heidense tempel’.
Het jaartal 830 is afkomstig van de bekende en omstreden historicus en publicist Wigholt Vleer, die jarenlang in Norg heeft gewoond. Met de wichelroede stelde hij de exacte plaats van de ‘tempel’ vast en ontdekte hij ook de steenkrans daaromheen. Langs paranormale weg kreeg hij daarbij het jaartal 830 door.
Wigholt Vleer schreef in 1992 een boek over tweehonderd heilige plaatsen in Nederland en Vlaardingen. Die heilige plaatsen beschreef hij aan de hand van leylijnen die hij ontdekte via de wichelroede. Leylijnen zijn energiebanen in de bodem. Leycentra zijn plaatsen van samengebalde energie, waarop de hunebedden, heidense tempels en de oude kerken zijn gebouwd.
Zowel de leylijnen als het lopen met een wichelroede behoren tot de taboes van de wetenschap. Ook Tjerk Vermaning had als praktijkarcheoloog daarmee te maken toen hij zijn visioenen wereldkundig maakte over nederzettingen uit de oude Steentijd.
Prana, tijdschrift voor spiritualiteit en wetenschappelijke randgebieden, zorgde voor een themanummer over taboes in de wetenschap. Het gaat over mensen bij wie iets doorklinkt van genialiteit in hun werk, die het aandurven een lawine van kritiek te trotseren, mensen die misschien een beetje gek zijn. Het eeuwenoude wichelroede lopen wordt besproken en ook de stelling van een gereformeerd theoloog dat bepaalde elementen in het christendom al dateren van ver vóór de christelijke jaartelling, dus uit het heidendom.
Wetenschappers kiezen vrijwel altijd partij en weinig onderzoekers hebben in de gaten dat meer benaderingen tegelijk mogelijk zijn. Dat geldt voor het lopen met de wichelroede en veel andere taboe-onderwerpen. Daarom is het goed dat dwarsliggers als Wigholt Vleer en anderen de samenleving wakker houden en de wetenschap prikkelen tot aandacht voor zaken die eingelijk niet kunnen bestaan.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het door wichelroedeloperfantast Wigholt Vleer bedachte jaar van 830 na Christus, als jaar waarin de eerste rooms katholieke kerk in Deever is gesticht, komt desalniettemin nochthans evenwel als ernstig en bijzonder geloofwaardig over.
Dat de fanatieke verspreiders van het rooms katholieke geloof daarbij de tactiek van de verschroeide aarde, casu quo het vernielen van oude heiligdommen, ook in Drenthe toepasten, wekt bij de redactie geenszins enige verbazing, dat mag gevoeglijk worden aangenomen, het zou merkwaardig zijn als dat niet zou zijn gebeurd, dat deden de fanatieke verspreiders van het rooms katholieke geloof in de hele wereld.
Zo staat zelfs in Colan, in de kustwoestijn in het noorden van Perú, de Sint Lucas kerk, de eerste en oudste rooms-katholieke kerk van Noord-, Midden- en Zuid-Amerika, die is 1535 is gebouwd, op een grondig vernield heiligdom van een plaatselijke indianenstam.

De sporen die onder de vloer van de eerste rooms katholieke kerk van Deever zijn gevonden, zijn wellicht en bijzonder hopelijk afkomstig van een zeer groot hunnebed. Dat zou dan in de nummering van professor doctor in de oudheidkunde Albert Egges van Giffen het hunnebed D52-b zijn geweest.
De redactie is van mening dat de foutieve naam van de gemeente Westerveld nu al gewijzigd kan worden in gemeente Westenveld. Daarmee wordt de naam duurzaam en toekomstbestendig, want dan kan na samenvoeging van de gemeente Westenveld met de gemeente Meppel de naam gemeente Westenveld gehandhaafd blijven.
In de nabije toekomt is in Drenthe slechts ten hoogste plaats voor vijf gemeenten: Noordenveld (hoofdplaats Assen), Middenveld (hoofdplaats Beilen), Westenveld (een gedwongen samenvoeging van de gemeenten Meppel en Westerveld, met als hoofdplaats Meppel), Oostenveld (hoofdplaats Emmen) en Zuidenveld (hoofdplaats Hoogeveen). Deever, wen er alvast maar aan dat het luxe Raadhuis aan de Gemeentehuislaan slechts een tijdelijk raadhuis is. Echt wel.
In het bericht van Lammert Huizing is een afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart van een deel van de Heufdstroate van Deever opgenomen. 
De redactie heeft een scan van een in 1909 verstuurd origineel exemplaar van deze fraaie ansichtkaart aan dit bericht toegevoegd. Aan de rechterkant is het boerderijtje van kuiper Hendrik Moes te zien, daarnaast staat de woning van de gezusters Oostenbrink (de Pluumpies). Aan de linkerkant is een stukje van het huis van Jan en Mine ter Heide te zien.
De redactie heeft de bijgevoegde kleurenfoto op zaterdag 16 juni 2018 gemaakt.


 

Posted in Ansichtkaarten, Archeologie, Brink, Hoofdstraat, Kerk aan de brink, Topstukken | Leave a comment

Grenspoaltie XLV an de südkaante van de Verwersweg

In 1886 werden de gemeenten op de grens van Friesland en Drenthe gevraagd het tracé en de markering van de grens te controleren. In 1894 zijn 147 gietijzeren palen geplaatst. De zwart-witte paaltjes staan ongeveer 60 cm boven het maaiveld en een even groot deel van de paal zit onder de grond. De palen stonden gemiddeld 500 meter uit elkaar en staan op oude kaarten als GP met een getal aangegeven.
Op deze op 9 april 2013 door de redactie van het Deevers Archief gemaakte foto is grenspaal XLV (grenspaal 45) aan de zuidzijde van Verwersweg op Zorgvlied te zien.

Posted in Grenspalen, Zorgvlied | Leave a comment

STAKO-meubelen: STApelbaar en KOppelbaar

Meer dan twintig jaar (vanaf 1942 ?) was N.V. Meubelfabriek ‘de Toekomst’ gevestigd an de Deeverbrogge,
In het najaar van 1966 ging de fabriek failliet, verloren 18 medewerkers hun baan en werd de inventaris geveild.
Een bekend product van deze fabriek was de stapelbare en koppelbare stoel, die onder het merk STAKO (STApelbaar en KOppelbaar) op de markt werd gebracht.
In de krant Het Vrije Volk (democratisch-socialistisch dagblad) verscheen op 10 augustus 1963 bijgaande personeelsadvertentie.
Het kan voorkomen dat STAKO-stoelen heden ten dage nog via internet te koop worden aangeboden of worden geveild. Wees er dan snel bij. Het zijn degelijke stoelen. De op de foto’s zichtbare stoelen waren zo te zien wel STApelbaar, maar niet KOppelbaar.
De stoelen moeten een flink aantal jaren vóór 1963 zijn gemaakt, want het abonnee-nummer van de telefoon is in de personeelsadvertentie 1415 en op het metalen merkplaatje op de stoel 15.
De redactie van het Deevers Archief is op zoek naar foto’s van meubelfabriek ‘de Toekomst’, in het bijzonder foto’s van het interieur van de fabriek.

De heer Willem Jan Kruyt stuurde op 3, 6, 7 en 11 december 2018 enige reacties die zijn samengevoegd tot de volgende reactie;
De redactie is hem daar bijzonder erkentelijk voor.
Mijn vader Jan Kruyt heeft bij de meubelfabriek ‘de Toekomst’ van Brilman gewerkt van 1942 tot ongeveer juni 1949. Als jonge jongen nam mijn vader mij wel eens mee naar de fabriek.
Het kan zijn dat mijn vader destijds heeft gereageerd op een soortgelijke als hier afgebeelde advertentie voor de functie van bedrijfsleider bij ‘de Toekomst’ in Dieverbrug. Na de Toekomst-periode is mijn vader vertegenwoordiger geworden voor meubelfabriek Kuiper in Almelo
De heer en mevrouw Brilman waren joodse mensen. Zij hadden één zoon Jan, die is verongelukt in de fabriek. Dat gebeurde na de Toekomst-periode van mijn vader. Ik ben op de hoogte van de details van het ongeluk van Jan Brilman. Het is zo gegaan. In de fabriek zat bovenin een drijfwerk van wielen met leren riemen die de machines aandreven. Zo’n riem kon je ook verplaatsen naar een ander wiel. Wat deed Jan ? Hij gebruikte een lange lat om zo’n riem te verplaatsen naar een ander wiel. Die lat raakte een spaak van zo’n wiel en is met kracht teruggestoten in het lichaam van Jan. Ik dacht in zijn lies. Hij was zeer zwaar gewond en is aan de gevolgen van het ongeluk overleden. Dit verhaal heeft mijn vader mij zo verteld. Wij waren heel erg onder de indruk, toen we dat bij ons thuis hoorden.
Zelf was ik 2 jaar oud toen we in de mooie provincie Drenthe kwamen wonen. Het was in 1942, dus tijdens de Tweede Wereldoorlog. We woonden in Leggeloo in het huis wat nu als adres Leggeloo 37 heeft. Mijn ouders vertelden mij dat bij de bevrijding in 1945 Canadese tanks al schietend Duitse soldaten achtervolgden. Ik was toen een jochie van 5 jaar. Ik werd snel naar binnen gehaald.
De familie Brilman woonde in het mooie statige huis in Dieverbrug, waar vroeger de burgemeester van Dwingeloo heeft gewoond. Dat huis stond naast het huis waar Jan Oostenbrink woonde. Die had een café, waar mijn vader mij wel eens op die indertijd lekkere priklimonade trakteerde. Jan Oostenbrink was ook kolenboer. Hij bracht bij ons regelmatig een nieuwe voorraad kolen. Het kan zijn dat de familie Brilman voor onze tijd in het het huis met adres Leggeloo 37 woonde en toen mijn vader in de meubelfabriek ging werken, zij in Dieverbrug is gaan wonen. .
Mijn vader was vóór de oorlog gemobiliseerd als soldaat en heeft aan het begin van de oorlog dicht bij Den Haag daadwerkelijk aan de strijd deelgenomen. Op het vliegveld Iepenburg hebben ze een behoorlijk aantal Duitse vliegtuigen neer kunnen halen met de luchtartillerie. Ik denk dat in 1942 de grond te heet onder zijn voeten werd en dat wij daarom zijn verhuisd naar Leggeloo.
In de Tweede Wereldoorlog was de gewoonte van de Duitsers om in veel fabrieken in Nederland een Duitse officier neer te zetten. Dat waren wat oudere officieren, die niet meer in staat waren om te vechten. Dat was ook het geval bij ‘de Toekomst”, daar zat ook een oudere Duitse officier. De fabriek kon in de Tweede Wereldoorlog ‘normaal’ doorgaan met de productie. Op een keer moesten ze bij ‘de Toekomst’ echter houten paaltjes zagen voor de bouw van Duitse (zand)bunkers. Mijn vader had wel door, dat die bunkers totaal geen strategische betekenis hadden. Het was een moeilijke situatie natuurlijk.

Mijn vader was gespecialiseerd in het buigen van hout met stoom. Hij had in Amsterdam een fabriek waar houten speelgoed en ook kleine meubelen, zoals naaidozen, werden gemaakt.
Ik heb nog een foto van mijn vader, een foto van mijn vader met Bram Haasjes en een foto van een jonge jongen met de achternaam Pieper.
De bij dit bericht gevoegde zwart-wit foto van mijn vader is genomen bij een houten bijgebouw van de fabriek. Dat bijgebouw stond vanaf de weg gezien aan de rechterkant van de fabriek.  

Bram Haasjes werkte ook bij Brilman. Hij woonde aan de Juliana Bernhardweg in Leggeloo. Hij slachtte in de Tweede Wereldoorlog ook ons varken illegaal, hij kon ook riet dekken. Zijn dochter Ginie zat bij mij in de klas op de lagere school in Leggeloo.
Op de hoek van de Dwingelderdijk en de Juliana Bernhardweg woonde een zekere Scholten, die werkte ook bij ‘de Toekomst’; hij was een vriendelijke man.
Aan de Molenstad in Leggeloo woonde een zekere Bel, die werkte ook bij Brilman. We hebben nog regelmatig contact met zijn kleindochter Jannie Bel, die woont in de nieuwbouwwijk bij de voormalige melkfabriek van Dwingeloo, waar nu meubelzaak Wiechers is gevestigd.

Mijn vader had in de fabriek, waar hij zelf het buigwerk deed met het hout, hulp van een jongen van ongeveer 14 jaar oud. Die jongen had als achternaam Pieper, hij woonde in een boerderijtje aan het Keizerspattie. Als ik het goed heb woont hij nu in Dieverbrug aan de de Drentsche Hoofdvaart. Hij zal nu ongeveer 80 jaar oud zijn.
Ook Geert Schute uit Diever heeft voor Brilman gewerkt.

Zelf komen ik en mijn vrouw Coby regelmatig met vakantie in ‘Landgoed ‘t Wildryck’ bij Dieverbrug. Ik zelf heb ongeveer zeven jaar in Leggeloo gewoond en ben nogal gehecht aan de omgeving daar.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 25 juli 1949 verschenen twee berichten over het overlijden van Jan Harmen IJsbrand Brilman, zoon van Jan Herman Brilman en Elisabeth Haringman. Zie de bijgevoegde berichten
De familie Brilman-Haringman woonde eerst enige tijd op het adres Leggeloo 49a, nu Leggeloo 37.
De Joodse Elisabeth Haringman (geboren op 16 juni 1899 te Amsterdam, dochter van Marcus Haringman en
Sara Pool) huwde op 9 maart 1938 te Amsterdam met de niet-joodse handelsagent Jan Herman Brilman (geboren op 28 januari 1900 te Deventer, zoon van Jan Harmen Brilman en Fennechien Koops).
De niet-joodse Jan Harmen Brilman en zijn joodse echtgenote Elisabeth Haringman hebben de Tweede Wereldoorlog overleefd.

Abracadabra-1415

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1416

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Abracadabra-1418

 

 

 

 

 

Abracadabra-1417

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Bedrijven, Meubelfabriek 'de Toekomst' | Leave a comment

Greinspoaltie XLIV an de südkaante van de Verwersweg

In 1886 werden de gemeenten op de grens van Friesland en Drenthe gevraagd het tracé en de markering van de grens te controleren. In 1894 zijn 147 gietijzeren grenspalen geplaatst. Veertig van deze grenspalen staan op de grens van de gemiente Diever en de gemiente Ooststellingwaarf.
De zwart-wit geverfde grenspaaltjes staan ongeveer 60 cm boven het maaiveld en een even groot deel van de paal zit onder de grond. De palen stonden gemiddeld 500 meter uit elkaar en staan op oude kaarten als GP (grenspaal) met een getal aangegeven.
Grenspaal XLIV (grenspaal 44) staat bij een sloot (een grensslootje) een paar honderd meter ten zuiden van de Verwersweg op Zorgvlied te zien. Het gietijzeren en roestgevoelige paaltje zit in april 2013 keurig in de verf, het lijkt alsof het paaltje in 2012 of 2013 een verfbeurtje heeft gehad. In september 2018 vertoonde de bovenkant van het paaltje al weer enige roeststrepen.
Het is wel zaak het Deeverse aarfgood goed te onderhouden !
Op de twee kleurenfoto’s is op de achtergrond de Verwersweg te zien. De grens loopt aan de linkerkant van de sloot.
Het kan zijn dat ‘grenzen’ van invloed zijn op de inrichting van het cultuurlandschap, zeg maar het aanharken van de uithoeken van de gemiente Deever.
De redactie van het Deevers Archief heeft de eerste foto gemaakt op 9 april 2013, in het vroege voorjaar, met water in de sloot, met bomen zonder bladeren.
De redactie van het Deevers Archief heeft de tweede foto gemaakt op woensdag 19 september 2018, in de late zomer, zonder water in de sloot, met bomen met bladeren.

Posted in Erfgoed, Grenspalen, Zorgvlied | Leave a comment

40 poalties langs de greinse mit Friesland

Het is vanuit historisch oogpunt van belang te weten waar de grens tussen de gemeente Diever en Friesland ligt. Gelukkig hoeft de redactie van het Deevers Archief niet zelf overal langs de nogal uit rechte stukken bestaande grens te banjeren om de grenspalen op te zoeken en op de foto te zetten, enig banjeren door de gegevens in webstees via het internet biedt al wat uitkomst.

In de webstee Varenius.nl op het internet is een en ander te lezen over de grensafbakening van Friesland met Drenthe en Overijssel in de 19de en 20ste eeuw.

De webstee frdrenthe.blogspot.nl biedt bijzonder interessante gegevens over de grenspalen tussen Drenthe en Friesland, waaronder veel grenspalen tussen de gemeente Diever en Friesland, na het aanklikken van de koppeling en het openen van het scherm wel even een flink eind naar beneden ‘scrollen’ (wie weet het juiste Nederlandse werkwoord ?).
In de webstee Panoramio.com zijn ook afbeeldingen en plaatsen te bekijken van grenspalen op de grens van de gemeente Diever en Friesland.

De grens tussen de gemeente Diever en de provincie Friesland is gemarkeerd door de volgende grenspalen:
Grenspaal 40:
De eerste paal staat waar de grens de Reeweg kruist.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 41:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 42:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 43:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 44:
Deze paal staats iets ten zuidwesten van grenspaal 45.
Zie het bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 45:
Deze staat aan de zuidzijde van de Verwersdijk op Zorgvlied.
Zie het bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 46:
Deze paal staat aan de noordzijde van de Verwersweg op Zorgvlied.
Grenspaal 47:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 48:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 49:
Deze paal staat aan de Monden op Zorgvlied, daar waar de grens de weg kruist.
Zie het bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 50:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 51:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 52:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 53:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 54:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 55:
Deze paal staat aan de westzijde van de Appelschaseweg-Canada.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 56:
Deze paal staat aan de oostzijde van de Appelschaseweg-Canada.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 57:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 58:
Deze paal staat aan het aan het Aekingerpad nabij fietsknooppunt 82 te Elsloo.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 59:
Deze paal staat bij de Grenspoel
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 60:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 61:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 62:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 63:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 64:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 65:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 66:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 67:
Deze paal staat bij fietsknooppunt 61 op Wateren, in de Olde Willem.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 68:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 69:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 70:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 71:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 72:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 73:
Deze paal staat waar de grens de Oude Willemsweg kruist.
Zie het aparte bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 74:
Deze paal staat aan bij de Tilgröppe, aan de noordwestkant ervan.
Zie het aparte bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 75:
Deze paal staat aan bij de Tilgröppe, aan de noordoostkant ervan.
Zie het aparte bericht met foto elders in het Deevers Archief.
Grenspaal 76:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 77:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 78:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.
Grenspaal 79:
De gegevens van deze paal moeten nog worden uitgezocht.
Een foto van deze paal is nog niet opgenomen in het Deevers Archief.

In de webstee lc.nl van de Leeuwarder Courant verscheen op 22 september 2011 het volgende bericht:
Grenspaaltjes Friesland-Drenthe gerestaureerd
ZORGVLIED – Met de herplaatsing van grenspaal nummer 49 op de Friese-Drentse grens bij Zorgvlied is een restauratieproject van de provincie Fryslân voltooid. Van de 148 gietijzeren palen die de grens sinds 1894 afbakenden, waren er nog 51 over. Deze zijn allemaal opgeknapt. Beide provinciewapens zijn op de paaltjes te zien.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie nodigt bezoekers van het Deevers Archief graag uit te reageren met een afbeelding en een juiste beschrijving van de positie van de grenspalen, waarvan de gegevens nog niet zijn opgenomen.

Posted in de Oude Willem, Erfgoed, Grenspalen, Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

De Baarg in de 20-er jaren van de vorige eeuw

Burgemeester Hendrik Gerard Van Os fotografeerde de in verval geraakte maar nog aardig op hoogte zijnde Baarg van Wittelte in de twintiger jaren van de vorige eeuw. Volgens oude Wittelters stonden op de Baarg hulseboss’n.
De uitgestorven familie Bij de Berg moet in Wittelte eeuwen lang bee’j de Baarg (in de buurt van de Baarg) hebben gewoond. Het zou aardig zijn te weten of deze familie, naast de boerderij aan de Wapserveenseweg, waar ze het laatst woonde, eerder ook een andere boerderij dichter in de buurt van de Baarg heeft bewoond.

Abracadabra-237

Posted in Canon van de gemeente Diever, de Baarg van Wittelte, Erfgoed, Opraekelen, Topstukken, Wittelte | Leave a comment

Café van Jan Barelds aan de Brink – Zomer 1906

In het in 1999 uitgegeven fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de navolgende mini-essay (nummer 12) (zie de tweede afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje) over een deel van het het verleden van café Brinkzicht aan de brink van Deever met bijbehorende afbeelding van een ansichtkaart uit 1906 gepubliceerd.

Uit het ‘Register der Localiteiten waar vergunning voor den verkoop van Sterken drank in het klein in de Gemeente Diever is verleend’ blijkt dat Burgemeester en Wethouders op 18 maart 1893 aan Harm Pieter Hummelen een vergunning ‘voor den verkoop bij hoeveelheden van minder dan tien liter voor gebruik ter plaatse of elders’ verleenden.
Het boerencafé aan de brink had als adres Diever 6. Het verlof gold voor de beide voorkamers. Op 19 april 1906 werd de vergunning ingetrokken, omdat Harm Pieter Hummelen verhuisde naar de Peperstraat.
Het café werd voortgezet door Jan Barelds. Burgemeester en Wethouders verleenden hem daartoe met ingang van 6 mei 1906 een vergunning voor de grote voorkamer aan de westkant, dat wil zeggen voor de kamer aan de kant van de Hoofdstraat.
Op 6 juni 1922 werd in de vergunning een wijziging aangebracht, zodat deze ook gold voor de ten noorden aan de voorkamer grenzende kamer.
De vergunning verviel op 5 januari 1927 door het overlijden van Jan Barelds en de daaraanvolgende afbraak van de localiteit.
Links is de schaapskooi van Hendrik Roelofs Hessels te zien. Dit deel van de Hoofdstraat was vroeger een drift, waarlangs de schapen door het Dieverder Zand naar de heidevelden Aachter ’t zaand werden gedreven.
De beeldbepalende kastanjeboom bij het café is helaas in 1997 gekapt.
Diever was in die tijd nog een belangrijke marktplaats. Bij veehandel horen drank en café’s. Andere localiteiten met een sterkedrank-vergunning waren in 1906 de boerencafé’s van Klaas Bennen (Diever 52), Albert Egberts Mulder (Diever 75), Jan Blok (Diever 76), Cornelis Offerein (Diever 112), Reinder Hummelen (Diever 114), Roelof Seinen (Diever 121), Teunis Wesseling (Diever 144), Albert Trompetter (Diever 148) en Willem Huiskes (Diever 150). Uiteraard waren er ook niet geregistreerde stille kroegjes.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het feit dat in het dorp Deever zoveel localiteiten met een sterkedrank-vergunning waren, had alles te maken met de drukbezochte vee- en jaarmarkten. 

Het boerencafé van Klaas Bennen was gevestigd in de nog steeds bestaande boerderij, nu met adres Achterstraat 10 in Deever.
Het boerencafé van Albert Egberts Mulder was gevestigd in een niet meer bestaande boerderij, op die plek staat nu ’t Nieuwscafé, Kruisstraat 5 in Deever.
De redactie moet nog uitzoeken waar het café van Jan Blok was gevestigd (wie het weet mag het zeggen).
De redactie moet nog uitzoeken waar het café van Cornelis Offerein was gevestigd (op ’t Kastiel in Deever ?) (wie het weet mag het zeggen).
De redactie moet nog uitzoeken waar het café van Reinder Hummelen was gevestigd (wie het weet mag het zeggen)..
Het boerencafé van Roelof Seinen was gevestigd in een boerderij, waar nu de boerderij met adres Hoofdstraat 57 in Deever staat. In dit pand was in de tijd van Roelof Seinen ook het gemeentehuis ondergebracht.
Het boerencafé van Teunis Wesseling was gevestigd in de boerderij op de plek waar nu supermarkt Co-op Diever met adres Hoofdstraat 82 is gevestigd.
Het boerencafé van Albert Trompetter was gevestigd in de nog steeds bestaande boerderij, nu met adres Hoofdstraat 53 in Deever
Het café van Willem Huiskes was gevestigd in een niet meer bestaand pand tussen de huidige pand met adres Hoofdstraat 49 en het huidige pand met adres Hoofdstraat 51.
De zwart-wit ansichtkaart, in 1906 uitgegeven, is op 21 juni 1908 verstuurd.
De redactie heeft de kleurenfoto op vrijdag 30 november 2018 gemaakt.


Posted in Alle Deeversen, Ansichtkaarten, Brink, Café Barelds, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Kopafbeelding 27 van het Deevers Archief

De redactie van het Deevers Archief vervangt zo nu en dan, soms wat eerder, soms wat later, voor de broodnodige verandering de kopafbeelding van het Deevers Archief.
De redactie heeft de hier afgebeelde zwart-wit foto van de huizen aan de brink van Deever in januari 1999 gemaakt. Op de foto zijn de twee toen nog niet vergiftigde rode beuken voor het huis met het adres Brink 5 te zien. De linker beuk staat een beetje verscholen achter de lantaarnpaal.
Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van deze webstee, aarzel dan niet deze afbeelding naar de redactie te sturen.
Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (200 dpi).
Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind of niet geschikt acht als kopafbeelding van het Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken.
De smalle afbeelding is als kopafbeelding gepubliceerd op 5 december 2018.

Posted in Brink, Kopafbeeldingen, Schultehuis | Leave a comment

Een stereofoto van de olde Peperstroate uut 1950

De afgebeelde zwart-wit foto is een stereofoto die gemaakt is met een stereocamera. Een dergelijk fototoestel maakt tegelijk twee foto’s vanaf een iets verschillend standpunt. De twee foto’s zijn met een stereoscoop te bekijken. Het linkeroog ziet het linker beeld en het rechteroog ziet het rechter beeld, de hersenen vertalen de twee afzonderlijke beelden naar één beeld met diepte. Met platte afbeeldingen wordt de illusie van een driedimensionaal beeld verkregen.
De redactie heeft de zwart-wit-afbeelding gemaakt door middel van het scannen van het enige uiterst museumwaardige glasplaat-negatief (Gevaert Superchrom) van deze stereofoto van de olde Peperstroate. Het glasplaat-negatief is niet meer in topconditie, maar is wel een topstuk. Echt wel. De stereofoto is op 21 augustus 1950 gemaakt door zo genoemde pensiongasten van het huis met de naam Iemenhof an de Brinkstroate in Deever. Veel mensen in Deever verhuurden in die jaren in de zomer een deel van hun huis als pension.
De pensiongasten waren twee stellen man en vrouw, waarvan de man van het ene stel de stereofoto van zijn vrouw en het andere stel in de olde Peperstroate heeft gemaakt.
Ter vergelijking is bij de stereofoto een zwart-wit ansichtkaart van hetzelfde straatbeeld te zien.
Het monumentwaardige keuterboerderijtje aan de linker kant van de stereofoto en de ansichtkaart en het monumentwaardige keuterboerderijtje aan de rechter kant van de stereofoto en de ansichtkaart zijn het slachtoffer geworden van de grote naoorlogse sloopwoede van de in die tijd regerende Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk.
De redactie van het Deevers Archief heeft de foto op vrijdag 30 november 2018 gemaakt.
Aan de linkerkant is nu een openbare parkeerplaats en een stuk grasveld waar het RABO-bank-bankje staat; aan de rechterkant staat nog steeds (voor hoe lang nog ?) een filiaal van de RABO-bank.



Posted in Ansichtkaarten, Peperstraat, Topstukken | Leave a comment

Een stereofoto van de Iemenhof an de Brinkstroate

De zwart-wit foto is een stereofoto die gemaakt is met een stereocamera. Een dergelijk fototoestel maakt tegelijk twee foto’s vanaf een iets verschillend standpunt. De twee foto’s zijn met een stereoscoop te bekijken. Het linkeroog ziet het linker beeld en het rechteroog ziet het rechter beeld, de hersenen vertalen de twee afzonderlijke beelden naar één beeld met diepte. Met platte afbeeldingen wordt de illusie van een driedimensionaal beeld verkregen.
De redactie heeft de zwart-wit-afbeelding gemaakt door middel van het scannen van het enige uiterst museumwaardige glasplaat-negatief (Gevaert Superchrom) van deze stereofoto. Het glasplaat-negatief is een topstuk. De stereofoto is op 21 augustus 1950 gemaakt door zogenaamde pensiongasten van het huis met de naam Iemenhof an de Brinkstroate in Deever. Veel mensen in Deever verhuurden in die jaren in de zomer een deel van hun huis als pension.
Het woonhuis met de naam Iemenhof staat ook op het lijstje van gemeentelijke monumenten in de gemeente Westenveld dat ijverig en nauwgezet wordt bijgehouden door de culturele spindoctor en monumentenballoteur Bernard Stickfort  (wat zijn zijn academische titels ?) van de veelal niet Deeverse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk.
Het woonhuis met de naam Iemenhof is omstreeks 1935 gebouwd. De woning is in een zakelijk expressionistische stijl (interbellum architectuur) gebouwd. Gooi al die lulkoektermen maar gauw in mijn pet.
Wellicht lukt het de culturele spindoctor en monumentenballoteur Bernard Stickfort nog eens dit gemeentelijke monumentje te laten promoveren tot rijksmonument. Dat is de monumentenballoteur van de gemeente Heerenveen wel gelukt met het in zakelijk expressionistische stijl gebouwde woonhuis aan de Schoterlandseweg in Mildam.
Het huis met de naam Iemenhof werd in de vijftiger jaren van de vorige eeuw in elk geval bewoond door Harmanna Cornelia Coster. Was zij toen al weduwe ? Zij trouwde op 7 mei 1942 met Hendrik G. Koster. Wie was de opdrachtgever voor de bouw van dit huis ? Wie waren de eerste bewoners van dit huis. Wie was de architect van het huis ? Welke aannemer heeft het huis gebouwd ?
Niet naast, maar op het graf van Harmanna Cornelia Coster op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee’j Deever hebben de veelal niet Deeverse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk hun beruchte paarse bordje geplaatst. Dit graf zal worden geruimd, want de grafrechten zijn verlopen, daardoor lopen de veelal niet Deeverse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk geld mis, en dat heeft een negatief effect op een beoogde positieve gemeentelijke exploitatie van dit kaarkhof.
De redactie van het Deevers Archief heeft de twee kleurenfoto’s op woensdag 19 september 2018 gemaakt.
Het in de vijftiger jaren van de vorige eeuw geplante eikje stond ongeveer op de plek waar nu een volstrekt overbodig betuttelpaaltje van de veelal niet Deeverse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk staat.
De zwart-wit ansichtkaart van het gezicht op het huis met de naam Iemenhof is in juli 1955 uitgegeven. De redactie weet niet welke Deeverse neringdoende deze ansichtkaart heeft verkocht. De maker van de foto voor de ansichtkaart stond ergens op de Vlasstraat tussen de Kloosterstraat en de Brinkstraat. Zie ook het bericht Pentekening van de boerderij van Hendrik Mulder Jzn.


Posted in Ansichtkaarten, Brinkstraat, Gemeentelijke monumenten, Topstukken | Leave a comment

Wie is de moordenaar van twee beuken an de brink ?

Op twee particuliere rode beuken an de brink van Deever vóór het huis met adres Brink 5 hangt een aankondiging over het zoeken van de moordenaars van deze twee onvervangbare bomen.

Gezocht
Tussen januari 2017 en nu zijn deze schitterende, ongeveer 100 jaar oude bomen, slachtoffer geworden van vernieling.
Er zijn gaten in de stammen van onze bomen geboord waar (meerdere keren ?) vergif is ingespoten.
Meerdere experts hebben onafhankelijk van elkaar geconstateerd dat beide bomen deze aanval niet zullen overleven; ze zijn al aan het doodgaan. Vanwege het gevaar voor de omgeving worden ze binnenkort gekapt.
Er is aangifte gedaan bij de politie maar bij gebrek aan een verdachte kan er op dit moment niet gebeuren. Heeft u iets gezien of gehoord ? Iemand die geklaagd heeft over overlast door onze bomen ? Meld het alstublieft aan ons of anoniem bij de politie !
Wij betreuren dit verlies ten zeerste, niet alleen voor het aanzicht van de brink, maar ook voor de leefomgeving van mossen, insecten, vogels en eekhoorns die hier leven.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Binnen afzienbare tijd zullen deze twee rode beuken (fagus sylvatica atropunicera), die door de meer dan honderd jaren van hun bestaan heen steeds meer tot het Deeverse erfgoed zijn gaan behoren, door toedoen van een sluipmoordenaar zullen zijn verdwenen.
De redactie prijst zich bijzonder ongelukkig dat hij voor het onverbiddelijke maar noodzakelijke vastleggen van ‘vrogger in de gemiente Deever’ de vier bijgaande kleurenfoto’s treurig genoeg toch nog op vrijdag 30 november 2018 toevallig in het voorbijgaan heeft kunnen maken.
Op de bijgevoegde afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart van de niet-origineel Saksische brink van Deever uit omstreeks 1950 zijn de twee rode beuken al flinke beeldbepalende bomen geworden.





Posted in Ansichtkaarten, Brink, Erfgoed, Toevallige waarnemingen | Leave a comment

Korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever

De redactie van het Deevers Archief is een groot liefhebber van korenmolen ‘de Vlijt’ aan de rand van de Westeresch in Oldendeever. Dat dit ouderwetse werktuig tot in lengte van jaren toch maar in een goede staat van onderhoud en werkend mag blijven.
De redactie kon het niet laten en heeft daarom bijgaande kleurenfoto op woensdag 19 september 2018 in het voorbijgaan gemaakt.
De bebouwing aan de linkerkant van de foto rukt wel steeds meer op in de richting van de molen.

Posted in Erfgoed, Molen 'de Vlijt', Oldendiever | Leave a comment

Einde van de molen aan het Moleneinde

Op 6 maart 1915 verscheen de volgende advertentie in het Nieuwsblad van Friesland over de veiling van den ondergrond van een windkorenmolen met aangelegen grond, den molen op afbraak en een dorschmachine. Het ging om de molen aan het Katteneinde, later Moleneinde genoemd, in Deever.

Molen  – Diever (Dr.)
Notaris Bon te Dwingelo zal op maandag 15 maart 1915, des voormiddags ten 11 ure, ten huize van T. Wesseling te Diever, ten verzoeke van Jan Rabbinge aldaar, publiek bij inzate veilen:
1. den ondergrond van een windkorenmolen met aangelegen grond groot 7 aren 90 centiaren, zeer gunstig bij het dorp gelegen aan den straatweg Diever-Dieverbrug; zeer geschikt voor huisplaats;
2. den molen op afbraak in twee percelen a. het houtwerk met zwaar eikenhouten achtkant en 2 maalsteenen; b. de steenen en verder metselwerk en het riet; de bliksemafleider wordt afzonderlijk verkocht;
3. een zoo goed als nieuwe dorschmachine door den molen gedreven wordende.
Vreemde bieders gelieven zich te voorzien van een verklaring van gegoedheid afgegeven door hun notaris.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Als onderdeel van de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek, ‘de fabriek’, aan het Katteneinde in Diever werd in 1908 een korenmalerij ingericht.
Jan Rabbinge, de molenaar van de windkorenmolen naast ‘de fabriek’ zal uiteindelijk in de concurrentiestrijd met de korenmalerij van ‘de fabriek’ het onderspit hebben gedolven. Zo gebeurde het dat hij zijn beltmolen in 1915 door notaris Bon uit Dwingelo liet veilen in het boerencafé van Teunis Wesseling aan de Hoofdstraat in Diever. Roelof Willem Fledderus werd de koper van de molen op afbraak. Wellicht dat het vrijgekomen eikenhout in de streek is hergebruikt bij de bouw of de verbouwing van een boerderij.
Jan Rabbinge werd op 11 juli 1872 geboren in Bloemberg (Zuidwolde) als zoon van landbouwer Jan Rabbinge en Lummigje ten Kate. Hij overleed op 2 januari 1954 in Zuidwolde. Jan Rabbinge trouwde op 15 juni 1900 in Ruinerwold met Hilligje Nijsingh. Zij werd geboren op 23 april 1874 aan het Oosteinde in Ruinerwold en overleed op 21 juni 1911 in Deever. Zij was een dochter van Jan Hendriks Nijsingh en Vrougje Karsten.
Jan Rabbinge hertrouwde op 15 maart 1913 in Deever met 
Janna Smid. Zij werd op 22 oktober 1883 geboren aan de Anserweg in Ruinen en overleed op 3 maart 1951 in Zuidwolde. Zij was een dochter van Arend Smid en Marchien Willems.
De boerderij met het boerencafé van Teunis Wesseling stond op de hoek van de Hoofdstraat en de Tusschendarp, op de plek waar nu een zelfbedieningswinkel is gevestigd.

Posted in Diever, Molen aan het Moleneinde, Molens | Leave a comment

De avond dat Kennedy werd vermoord

De redactie van het Deevers Archief ontving op 9 juni 2016 bijgaande wel erg korte reactie van de heer Paul Bosman over zijn tijd in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik ben Paul Bosman.
De avond dat we hoorden dat Kennedy was vermoord, staat mij nog heel helder voor de geest.
Onze groepsleider was Ben Derksen uit Wijchen.
Later was Klein Hofmeester onze groepsleider.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het is verheugend dat steeds meer oud-Eikenhorsters een reactie -hoe kort dan ook- naar het Deevers Archief sturen.
De redactie is Paul Bosman erkentelijk voor deze reactie.

De moord op president John Fitzgerald Kennedy, de vijfendertigste president van de Verenigde Staten van Amerika, vond op 22 november 1963 plaats in Dallas in de Noord-Amerikaanse deelstaat Texas om 12.30 uur lokale tijd.
In Texas is het 7 uur vroeger dan in Nederland. In Nederland was het op dat tijdstip 19.30 uur.
Wie van de oud-Eikenhorsters kan zich Paul Bosman herinneren ?
Wie zaten bij hem in de groep ?
Wie wil het Eikenhorst-verhaal verder uitbreiden ?

Posted in Algemeen, Geeuwenbrug, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Botterfabriek van Deever bestaat 40-jaar op 29-3-1939

In het Nieuwsblad van Friesland verscheen op 24 maart 1939 het volgende artikel over het 40-jarig bestaan van de zuivelfabriek van Diever op woensdag 29 maart 1939.

Diever, 23 maart. Op 29 maart aanstaande zal het 40 jaar geleden zijn, dat werd opgericht de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij “Diever” te Diever. Oorspronkelijk was de naam Coöperatieve Vereniging voor boterbereiding en aanschaffing van veevoeder in den uitgebreidsten zin, doch  deze werd in 1919 gewijzigd. Dit jubileum zal met grooten luister gevierd worden. Een revue is door de Directeur vervaardigd en zal eenige avonden ten gehoore gebracht worden. Op 29 februari 1899 werd op initiatief van den heer H. Krol, landbouwer en veehouder alhier, destijds een bijeenkomst gehouden van met de oprichting symphatiseerenden. Aanwezig waren 50 belanghebbenden, die besloten tot oprichting over te gaan. Op 29 maart werd voor notaris Beckering van Loenen te Dwingelo de akte gepasseerd, waarbij 46 leden tot de vereeniging toetraden. Het eerste bestuur bestond uit de heeren L.W. van Os, voorzitter, C. Offerein, K.W. Fledderus, H.H. Hessels, R. Seinen, de eerste raad van commissarissen uit de heeren H. Krol, B. de Ruiter, H. Kok, W. Bakker, R. Hummelen. Eerste directeur was de heer J.H. Bentum, die 19 mei 1899 als zoodanig in functie trad, en eerste personeel de heeren J. Jonkers, A. Klaster en R. van Nijen. Onder architectuur van den heer Ten Bosch, opzichter der rijkswaterstaat te Dieverbrug, werd op 1 april 1899 de bouw der fabriek aanbesteed. De bouw werd opgedragen aan den timmerman Johannes Noorman te Diever voor -let wel- f. 2736. Binnen 3 maanden was het gebouw gereed en de inventaris, welke werd geleverd door de fa. Boeke en Huidekoper te Groningen, opgesteld. Het was toen nog een handkrachtbedrijf. Op 25 juli 1899 werd de fabriek in werking gesteld. Den eersten morgen werd 2194 kg melk verwerkt, het eerste boekjaar (25 juli 1899 – 30 april 1900) 450.000 liter. Het gemiddelde vetgehalte bedroeg toen 3,10 %. De vereeniging dreef vanaf den beginne wel handel in koeken en rijstmeel, doch pas later en wel in 1908 werd de korenmalerij ingericht. Het bedrijf werd toen meteen in stoomkracht aangezet, en eveneens uitgebreid, aangezien de boeren van Wittelte toetraden. In 1909, dus na 10-jarig bestaan, bedroeg de melkaanvoer 1.000.000 kg. Aan veevoeder werd omgezet 450.000 kg met een totale waarde van f. 41.857. Verschillende verbouwingen heeft de fabriek naderhand ondergaan. In 1914 werd een tweede stoomketel aangeschaft en het ketelhuis uitgebreid. In 1928 vond een bijna geheele vernieuwing der fabriek plaats en werd tevens een kaasmakerij aan de inrichting verbonden.
In 1935 werden ketelhuis en malerij verbouwd en in 1938 de kunstmestafdeeling uitgebreid. De kunstmesthandel was tot 1919 in handen van de Dorpsvereeniging, doch ging in dat jaar over aan de zuivelfabriek.
De melk-aanvoer is, mede door de ontginning, veeverbetering, enz. in verhouding zeer toegenomen. Over het laatst afgesloten boekjaar werd verwerkt 4.100.000 kg melk. De omzet aan veevoederartikelen en kunstmeststoffen bedroeg 2.600.000 kg, met een totale waarde van f. 156.000. De afdeeling veevoeder en kunstmest is sedert augustus 1930 in exploitatie als filiaal van de Coöperatieve Landbouwersbank te Meppel. Het laatst afgesloten boekjaar was het vetgehalte 3.415 % .
Van de eerste bestuursleden en commissarissen is alleen nog in leven de heer B. de Ruiter, thans woonachtig te Dwingelo. Van de 46 leden die de vereeniging oprichtten, leven er nog 8, namelijk J. Noorman, C. Andree, J. Bennen, en Roelofje Wever te Diever, J. Bult en J. de Ruiter Sr. te Oldendiever, K. Bennen te Dieverbrug en W. Boverhof in Amerika.
Als voorzitter hebben gefungeerd, de heeren L.W. van Os (1899-1900), R. Seinen (1900-1919), P. Barelds (1919-1924), H.H. Hessels (1924-1931) en J. Seinen (sedert 1931).
Momenteel zijn bestuurslid: J. Seinen, Jac. Hessels, D. Moes te Diever, J.B. van de Berg en J. Boerhof te Wittelte. De Raad van Commissarissen wordt gevormd door de heeren: J. Bult en R. van Wester te Oldendiever, H. Jonkers en B. Wemmenhove te Dieverbrug en T. Ofrein te Wittelte. De heer J. Bult is sedert de oprichting en sedert 1900 lid van de Raad van Commissarissen.
Als directeur fungeerde vanaf de oprichting tot 1 september 1931 de heer J.H. Bentum, thans woonachtig te Dieverbrug. De heer Bentum heeft den geheelen groei der vereeniging dus meegemaakt, hetgeen hem als een groote verdienste mag worden aangerekend. Vanaf 1 september 1931 treedt als directeur op de heer J. Andree.
De vereeniging, begonnen met 46, telt thans 217 leden. Het personeel liep op tot 15 man.
De jubileerende vereeniging zal zich de volgende week zeker in groote belangstelling der leden mogen verheugen. Op 29 en 30 maart zal voor de leden een revue worden vertoond met 30 medewerkenden. Voor de afnemers en voor de jeugd zullen bovendien nog een tweetal avonden ten beste worden gegeven.
Op den dag van het jubileum namelijk woensdag 29 maart, des namiddags te 2 uur, zal in het café Slagter een openbare bestuursvergadering worden gehouden. Ook daar zal het zeker niet aan belangstelling ontbreken.

Posted in Diever, Zuivelfabriek Diever | Leave a comment

Ansichtkaart van de Grenspoel bij Zorgvlied – 1961

De Grenspoel in het Aekingerzand bij Zorgvlied ligt in de gemiente Appelscha in de provincie Friesland, maar ook in de gemiente Deever in de provincie Drenthe, de gemeentelijke en provinciale grens loopt dwars door deze veenplas heen, vandaar de naam Grenspoel.

Posted in Ansichtkaarten, Gemeente Diever, Grenspoel, Zorgvlied | Leave a comment

Ken ie se nog … die uut Deever

De gepensioneerde hoofdonderwijzer van de Deeverse openbare lagere school Albertus Andreae (die in de volksmond altijd Bart Eulie werd genoemd) is de maker van het fotoboekje ‘Kent u ze nog … die van Diever’.
De uitgeverij Europese Bibliotheek in Zaltbommel heeft het fotoboekje in 1987, nu al meer dan 30 jaar geleden, op de markt gebracht. Het fotoboekje ‘Kent u ze nog … die van Diever’ is nog steeds nieuw verkrijgbaar. Het boekje kan ook geleend worden in de bibliotheek op de Westeresch van Deever.

De redactie toont uit het fotoboekje in bijgaande tweede afbeelding de bladzijde met tekst 3 en de bladzijde met de bij tekst 3 behorende foto 3 uit het fotoboekje. De gepensioneerde hoofdonderwijzer van de Deeverse openbare lagere school Albertus Andreae (die in de volksmond altijd Bart Eulie werd genoemd) schreef bij foto 3 de volgende tekst.
Een mooie historische foto ziet u hier. Op de voorgrond herkent u zeker de mooie ijzeren afrastering voor de boerderij waar thans Hendrik Mulder Jzn. woont. Toen woonde daar zijn vader Jan Mulder Wzn., maar daarover straks meer.
Het eerste gebouw herkennen velen wel: de hervormde pastorie. Daarachter is nog juist een raam te zien van het oude gemeentehuis. En nu de drie heren: links burgemeester H.G. van Os, die zijn functie hier in Diever heeft vervuld tot ongeveer 1939. Hij is hier in gezelschap van de toenmalige wethouders: de heren Roelof van Wester en Jan Seinen. Samen is hier dus het voltallige bestuurscollege van de gemeente.
Maken zij een ochtendwandeling ? Nee, ze zijn op weg naar het huis van Jan Mulder Wzn., die de functie had van gemeenteontvanger. Het bezoek van het college had dus te maken met de financiële zaken van de gemeente.
De burgemeester had een hekel aan lang vergaderen. Er is ons verteld dat hij de raadsagenda steeds van te voren doornam met de secretaris (toen nog ambtenaar ter secretarie geheten) en aangezien hij zijn wethouders goed kende, vermoedde hij reeds tevoren de al dan niet gerechtigde op- en aanmerkingen. Zo kon het dus gebeuren dat een raadsvergadering om kwart voor twaalf begon en eindigde om twaalf uur.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Naast de derde foto in het fotoboekje ”Kent u ze nog … die van Diever’ , zie de afgebeelde bladzijde, is op dezelfde dag ook bijgaand afgebeelde foto gemaakt. Het ligt voor de hand aan te nemen dat de eerste foto, waarop de drie mannen van wat verder weg zijn te zien, iets eerder is gemaakt dan foto 3 uit het fotoboekje.
De redactie is wel bijzonder benieuwd naar de naam van de maker van deze twee foto’s.
De foto’s zullen bij benadering tussen 1935 en 1939 zijn gemaakt.
Op de eerste foto zijn van links naar rechts te zien: burgemeester Hendrik Gerard van Os (met hoed), boer Roelof van Wester (met donkere pet) en boer Jan Seinen (met lichte pet).
Het gebouw aan de linkerkant is de pastorie van de Nederlands hervormde kerkgemeente aan de brink (een pastorie hoort aan de brink te staan. Daarnaast is het oude gemeentehuis (een gemeentehuis hoort aan de brink te staan) van de gemeente Deever te zien. Op de achtergrond is het (nog bestaande) café Brinkzicht van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te zien.
Boer Jan Mulder is geboren op 6 augustus 1874 in Deever als zoon van Willem Mulder en Anna Catrina Seinen.
Boer en wethouder Jan Seinen is geboren op 25 juli 1876 in Wapse en is overleden op 13 december 1950 in Deever (Wapse ?).
Boer en wethouder Roelof van Wester is geboren op 13 januari 1873 in Wittelte en is op 5 juli 1943 overleden in Oldendeever.
De redactie moet de gegevens van boer Hendrik Mulder Jzn. nog uitzoeken.
De redactie moet de gegevens van burgemeester Hendrik Gerard van Os nog uitzoeken. 

Posted in Alle Deeversen, Brink, Café Brinkzicht, Gemeentebestuur, Gemeentehuis, Pastorie aan de Brink | Leave a comment