See hept de stee van de stienoo’m evun’n

De redactie ontving van de heer Hans Salverda op 19 september 2021 het volgende persbericht over de uitgave van het boek ‘Groot Wateren: een oase van weldaad’.

Groot Wateren: een oase van weldaad
Deze week komt een nieuw boek uit met als titel ‘Groot Wateren : een oase van weldaad’. Samen met Ebbing Kiestra heb ik een bodemkundig onderzoek gedaan bij Wateren bij de Huenderweg. Het doel was om de keiliemkoele te zoeken, die gebruikt is voor het opgraven van de keileem, waarmee zo’n 200 jaar geleden stenen zijn gebakken, ten tijde dat de Maatschappij van Weldadigheid eigenaar was van de kolonie Wateren.
Het is ons gelukt om deze liemkoele bij toeval te localiseren. En na het uitbreiden van het onderzoeksgebied hebben we hoogst waarschijnlijk ook de plek gevonden waar de steenoven heeft gestaan.
Uitgebreid met veel extra plaatselijk historisch onderzoek is volgens mij een leuk boek tot stand gekomen. In het boek wordt aandacht besteed aan de grote vloeiweide, de tillegruppe, de natuurontwikkeling omstreeks de laatste eeuwwisseling en de ruilverkaveling in de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Veel oude en recente foto’s sieren het boek. In het boek staan in de diverse hoofdstukken veel unieke wetenswaardigheden. In het boek wordt ook aandacht besteed aan de families Ekkels en Benthem, die zich na 1850 vestigden in ‘nieuw Wateren’ op gronden die tot dan toe tot de marke van Diever behoorden. Veel aandacht wordt besteed aan de opbouw van de bodem. Als laatste noem ik nog het ‘mysterieuze plateau’ op Kolonie Landarbeid, waaraan in het boek ook aandacht wordt besteed.
Het boek verschijnt aan het einde van deze week en kost € 7,50. De prijs van het boek is laag, omdat de plaatselijke recreatiebedrijven als sponsor zijn opgetreden.

Tekst op de achterkant van het boek ‘Groot Wateren : een oase van weldaad’ (zie afbeelding)
In het westen van de provincie Drenthe ligt een bijzonder gebied. Dit gebied, dat grenst aan de gemeenten Oost- en Weststellingwerf in Friesland, kent een fascinerende geschiedenis. Een geschiedenis die je niet meteen verwacht wanneer je hier als toerist je vakantie viert op een van de fraaie campings of vakantieparken. Van oudsher is dit nog altijd wat onbekende deel van Drenthe dunbevolkt. Het bestond vooral uit heide, veen en zandverstuivingen. In het verre verleden settelden de eerste bewoners zich bij de samenkomst van de beken Tillegröppe en Vledder Ao. Bekend is dat er in 1832, vlakbij deze plek, een aantal boerderijen stonden rond het zeer oude kruispunt Huenderweg – Appelschaseweg. Vanuit Groot Wateren, zo werd deze
buurtschap genoemd, en het nabij gelegen Klein Wateren zijn later Wateren en Zorgvlied ontstaan. Voor de ontwikkeling van deze dorpen is met name de Maatschappij van Weldadigheid van groot belang geweest, maar ook de inzet van de bekende Lodewijk Guillaume Verwer was groot. Zo stichtte Verwer een zuivelfabriek in het aangrenzende Elsloo-Zuid en begon een hypotheekbank en sigarenfabriek in Zorgvlied. Daarnaast steunde de bekende filantroop P.W. Janssen de Maatschappij van Weldadigheid en bouwde een aantal boerderijen. Zijn ontginningsmaatschappij zou in 1924 overgenomen worden door ’De Drie Provinciën’.
Aanleiding voor het schrijven van dit boek is in de eerste plaats het onderzoek dat in 2020 en 2021 plaatsvond naar een steenbakkerij. Daarbij werd door de bodemkundigen Ebbing Kiestra en Hans Salverda eerst gezocht naar keileemlagen waar mogelijk leem voorkwam dat gebruikt werd voor het bakken van stenen. Aan de hand van het onderzochte gebied werd uiteindelijk begin 2021 de plek gevonden waar de steenbakkerij, die in gebruik is geweest door de Maatschappij van Weldadigheid, heeft gestaan. Onderzocht is ook welke gebouwen in de omgeving ervan gebouwd zouden kunnen zijn met de hier gebakken stenen. Van het bodemonderzoek werd door Kiestra en Salverda een rapport samengesteld, dat in het tweede deel van het boek opgenomen is.
In de tweede plaats wordt in het boek ingegaan op het gebruik van een paar vloeiweiden die eertijds naast de beide beken lagen. Bij vloeiweiden gaat het om een oud bevloeiingssysteem waarbij water uit een naastgelegen beek op grasland wordt gelaten en dat door middel van een uitlaat weer terug kan stromen in diezelfde beek.
In het boek is er ook aandacht voor andere interessante kenmerken en onderwerpen van het gebied rond Wateren. Door een en ander aanschouwelijk te maken is er bovendien een wandelkaart met uitleg in opgenomen, en er kan gebruik gemaakt worden van een exclusieve excursie door het beschreven gebied met als gids auteur Hans Salverda.
Foto: de kruising Huenderweg – Appelschaseweg in 2021 Prijs boek: € 7,50.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Hans Salverda bijzonder erkentelijk voor dit bericht. Zo te lezen is het boek zonder tussenkomst van de historische vereniging uut Deever (an de aandere kaante van de bos) tot stand gekomen. De heer Hans Salverda gaf aan dat hij het boek in eigen beheer zal uitgeven. Het boek is te bestellen via zijn e-mail adres: hanssalverda@hetnet.nl. Hij was zo vriendelijk een afbeelding van de voor- en de achterkant van het boek en een afbeelding van de voor- en de achterkant van de aan het boek toegevoegde bladwijzer ter beschikking te stellen voor opname bij dit bericht. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk. De redactie zal te gelegener tijd aandacht besteden aan de inhoud van het boek.

Posted in Publicatie, Woater’n | Leave a comment

In de bouw op de Noorderesch bee Deever

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever het programmaboekje van ut eup’mlochtspel uut 1951. In dit bericht toont de redactie uit dat programmaboekje de bladzijde met toeristische gegevens in de gemiente Deever.

Diever – Toeristische gegevens

Bezienswaardigheden.
Landgoed Berkenheuvel, een aaneengesloten bos-, duin- en heidecomplex, met de omliggende terreinen ongeveer 4000 ha groot: natuurbos, zandduinen, heide en vennen.
Hunebed aan de Groningerweg.
Historisch gebouw ‘Schultehuis’, gebouwd in 1604, gerestaureerd 1938/1941.
De Peperstraat met schoon gezicht op kerk en toren en
‘t Kasteel met zware eikenbeplanting.

Verkeersmiddelen.
Diever is gelegen op een kruispunt van autobuslijnen. Er is een uurdienst naar Assen en Groningen en verder een prima verbinding per bus met Hoogeveen, Meppel en Steenwijk. Het busverkeer wordt verzorgd door de N.V. D.A.B.O. te Meppel.

Toerisme.
De wandelweg van de A.N.W.B. doorkruist de bossen van Berkenheuvel.
Mooie rijwielpaden van de rijwielpadvereniging lopen langs en door Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Heden ten dage is het aantal bezienswaardigheden in de gemiente Deever ten opzichte van 1951 sterk afgenomen. Zo is het historisch gebouw Schultehuis aan de brink van Deever verworden tot een soort van zomerse bezigheidstherapiegelegenheid voor een paar toeristen. De Peperstraat is al lang geen toeristische bezienswaardigheid meer. Enige prachtige oude erfgoedpanden aan de Peperstraat, zie de vele illustraties in de vele berichten in ut Deevers Archief, zijn in de vijftiger en zestiger van de vorige eeuw rücksichtlos en doelbewust om zeep geholpen door burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen. En op de zware eikenbeplanting op ut Kastiel valt heden ten dage ook wel het nodige af te dingen.
Wat de autobuslijnen betreft is in de gemiente Deever sinds 1951 nauwelijks iets veranderd. D.A.B.O. is de afkorting van Drentse Auto Bus Onderneming. De tweede zin van de paragraaf verkeersmiddelen moet luiden: Er is een uurdienst naar Assen en Meppel en verder een prima verbinding per bus met Hoogeveen en Steenwijk.
De Algemene Nederlandsche Wielrijders Bond (A.N.W.B) was blijkbaar in 1951 ook al een bondje dat zich overal tegen aan bemoeide, zelfs met wandelwegen op Berkenheuvel. Maar het wielrijdersclubje bemoeide zich gek genoeg in 1951 niet met de mooie rijwielpaden in de gemiente Deever. Dat deed de Drentse Rijwielpadvereniging.
Het is de redactie in dit bericht natuurlijk te doen om de afbeelding op de hier afgebeelde bladzijde uit het programmaboekje van ut eup’mlochtspel uut 1951. Op deze helaas niet scherpe afbeelding is een bouwakker met geoogste rogge op de Noorderesch bee Deever te zien. De redactie zou bijzonder graag in het bezit willen komen van een afdruk van het originele negatief of een goede scan van de originele foto.

Posted in Boer'nwaark, Eup’mlogtspel | Leave a comment

De boerdereeje van Knelis Kassies an de kleine brink

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 47 een foto uit omstreeks 1926 van enige panden aan de kleine brink in Deever opgenomen. In de tekst bij de foto is enige aandacht besteed aan de zichtbare panden en hun bewoners in die tijd.

47 – Diever – Kleine Brink – 1926
In de boerderij (Diever 15) links woonden Roelof Hendrik Wesseling en Annigje Smidt met hun pleegkinderen Klaas Hummelen Smidt en Harm Smidt.
Rechts is alleen het nieuwe deel van de smederij (Diever 46) van Frederik Ofrein te zien. Dit deel is gebouwd op de plaats van de oude noodstal voor de paarden. Uit het oorspronkelijke kadastrale register van 1 oktober 1832 blijkt dat daar toen ook al een smid Ofrein (Jacob) was gevestigd. Ook in het pand dat in 1832 stond op de plaats van de boerderij naast de smederij woonde toen een smid Ofrein (Jan Cornelis).
Frederik Ofrein werd wellicht vanwege zijn grote lengte Grote Frièrik genoemd. Frederik Ofrein was getrouwd met Anna Barelds (Anna van Grote Frièrik). Zij was de dochter van Jan Barelds, die tot zijn dood in 1927 boer en caféhouder aan de Brink was.
Grote Frièrik had voor die tijd een flinke smederij. Hij stookte in zijn beste tijd soms wel drie vuren en had dan ook vaak drie knechten aan het werk. Dat zijn werk goed stond aangeschreven mag blijken uit het feit dat zelfs uit Wateren en Zorgvlied boeren naar deze smederij kwamen om hun paarden te laten beslaan.
In de boerderij met de monumentale voorgevel (Diever 45) woonden Kornelis (Knelis) Kerssies, zijn vrouw Geertje Mulder en hun kinderen Harm en Pietje. In 1912 huurde Kornelis Kerssies deze boerderij van Roelof Bult, om die vervolgens in 1915 van hem te kopen.
In het huisje (Diever 44) achter de boerderij van Kornelis Kerssies woonden postbode Roelof Vos (Bode Vossie) en zijn vrouw
Jansje ter Heide. Naast de boerderij van Roelof Wesseling is een pand zichtbaar dat bestond uit twee woningen. Rechts (Diever
43a) woonde Ofrein Jan Moes. In het linker deel (Diever 43b) woonden Janna Bosscha-Hessels en Annigje van der Bij.
Met de electrificatie van Diever in het begin van de twintiger jaren kwam een einde aan het gebruik van petroleumlantaarns voor de openbare verlichting.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft nog enig uitzoekwerk inzake de in de tekst genoemde namen te doen.
De redactie heeft de bijgevoegde kleurenfoto gemaakt op donderdag 22 april 2021. 


Posted in Boerdereeje, Kleine Brink | Leave a comment

Ut café van Barteld Smit an de Deeverbrogge

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 42 een foto uit 1924 van het café van Barteld Smit an de Deeverbrogge opgenomen. In de tekst bij de foto is enige aandacht besteed aan het verleden van het oude café-logement an de Deeverbrogge, bedrijvigheid an de löswal en enige inwoners van de Deeverbrogge.

42 – Dieverbrug- Café Barteld Smit – ± 1924
In het pand achter de keurig geknipte leilinden was van 1 mei 1886 tot 19 april 1906 het café van Hendrik Benthem Szn. gevestigd. De schuur werd gebruikt als opslagplaats, wagenschuur en paardenstal. Zijn zoon Sjoert zette daarna het bedrijf voort. Na het overlijden van Sjoert Benthem op 20 maart 1915 heeft zijn vrouw Griet Merk het café-logement tot 1 mei 1921 voortgezet.
Toen werd het café overgenomen door Barteld Smit. Met ingang van 15 mei 1921 mocht hij sterke drank verkopen in de gelagkamer, in de wachtkamer van de stoomtram en in de keuken.
Het pand werd in januari 1929 gekocht door Johan Blok uit Wapserveen. De drankvergunning van Barteld Smit werd met ingang van 1 februari 1929 op naam van Johan Blok gesteld.
In 1932 liet hij het oude pand na een grote brand afbreken, waarna in 1933 het nieuw gebouwde voor die tijd moderne hotel Blok in gebruik werd genomen.
Links naast de witte schuur is nog net het kruidenierswinkeltje van Olde Aolida te zien.
Bij het café ligt een vrachtschip voor de wal. Schepen werden in die tijd veelal nog door windkracht voortbewogen. In het jaar 1918 waren de turfschippers Lieuwe de Harder en zijn zoon Lieuwe nog inwoners van de gemeente Diever (adres: aan boord). Dit was ook het geval met de turfschippers Johannes Hoogeveen, Thomas Hoogeveen en Jan Hoogeveen (adres: aan boord).
Achter het zeilschip bevindt zich het houten dagverblijf van de brugwachter. Rechts naast dit gebouwtje is de bergplaats op het rangeerterrein van de stoomtram van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij te zien. Aan de rechterkant is de in 1880 gebouwde ijzeren draaibrug te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de tekst bij afbeelding 43 in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel … staat abusievelijk als trammaatschappij de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij genoemd. Dit moet natuurlijk de Nederlandse Tram Maatschappij zijn. De tramlijn Meppel – Hoogersmilde is in 1933 opgeheven.
De redactie zal te gelegener tijd en zeker niet met turbo spoed en ook niet in turbo draf enige foto’s van de huidige situatie ter plekke van café Barteld Smit aan dit bericht toevoegen.


Posted in An de Deeverbrogge, Café Barteld Smit, Diever, ie bint 't wel ..., Verdwenen object | Leave a comment

Sunnepaneel’n bee un boerdereeje in Oll’ndeever

In het gemeenteblad van de gemeente Westenveld, nr. 293162, 30 augustus 2021 verscheen de aankondiging van de aanvraag voor een bouwvergunning voor het plaatsen van vijftig zonnepanelen in veldopstelling in een weiland bij de woonboerderij met adres Holtenweg 2 in Oll’ndeever. Deze boerderij is een rijksmonument.
De vijftig zonnepanelen zullen ongetwijfeld worden geplaatst in het weiland in de buurt van de boerderij, zie de bijgevoegde luchtfoto.
De redactie zal te gelegener tijd aan dit bericht een luchtfoto, waarop de vijftig zonnepanelen in veldopstelling zijn te zien, toevoegen.

Posted in Duurzame energie, Oll'ndeever, Zonnepanelen | Leave a comment

Un olde boerdereeje in de Saandhook

De redactie is een groot liefhebber van het tonen van foto’s van boerderijen, al dan wel of niet meer in gebruik als boerderij, in de gemiente Deever. In de beeldbank van het Drentsch Archief in Assen is in de collectie Monumentenzorg de hier afgebeelde zwart-wit foto (registratienummer MZ10701010101) van de boerdereeje mit siedbaander met adres Achterstraat 8 in Deever aanwezig. De Aachterstroate werd vroeger de Saandhook genoemd. De maker van deze foto is niet bekend. De foto is gemaakt op 18 juni 1969. De foto is niet auteursrechtelijk beschermd en mag vrij worden gebruikt, mits de bron wordt vermeld. Bij de boerderij staat een wagen met melkbussen. Blijkbaar was de boerderij toen nog in gebruik als boerderij.
De latere eigenaar van de boerderij heeft de voor- en de zijgevel van de boerderij flink opgepimpt. Zie de afbeeldingen 2 en 3. De redactie van ut Deevers Archief heeft de twee afgebeelde kleurenfoto’s gemaakt op 11 december 2019. Let op het bovenste met hout betimmerde deel van de voorgevel, de blien’n bij de ramen in de voorgevel, de levensboom in het licht boven de deuren in de zijgevel, de schoorsteenkappen, de leilinden aan de verkeerde kant van de boerderij.
De redactie verwijst ook naar een kleurenfoto in het bericht De mooie kaèmer in de boerdereeje van Jans Tabak.
De houten betimmering van het bovenste deel van de voorgevel was vroeger ook aanwezig. Zie de afbeelding in het bericht Bee Kloas Benn’n in de Aachterstroate.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Posted in Aachterstroate, Boerdereeje | Leave a comment

Nog un waarkstuk van kettingsaèger Henri Koeling

De redactie van ut Deevers Archief heeft op donderdag 13 november 2014 een kleurenfoto (zie afbeelding 1) van een houten kunstwerk in het voorbijgaan gemaakt bij de woning van kettingzaagvirtuoos Henri Koeling (die zichzelf woodcarver noemt) in de Peperstroate in Deever. De foto toont een houten kunstwerk, wellicht is het een zitbankje geflankeerd door twee vogelsculpturen. Het kunstwerk oogt pas gemaakt, fris en fruitig. Kettingzaagvirtuoos Harrie Koeling is ongetwijfeld de maker van dit werkstuk. Maar wanneer heeft kettingzaagvirtuoos Henri Koeling dit kunstwerk gemaakt ? Bij gebrek aan opslagruimte heeft kettingzaagvirtuoos Harry Koeling het werkstuk voor zijn huis uitgestald. Stond het daar om verkocht te worden aan een voorbijganger ?
De redactie zag het werkstuk weer bee ut Aar’mhuus an de Grönnegerweg bee Deever. De redactie heeft op donderdag 22 april 2021 twee hier getoonde kleurenfoto’s (zie afbeeldingen 2 en 3) van het al wat verweerde houten kunstwerk in het voorbijgaan gemaakt.
En wat moet het kunstwerk voorstellen ? Zijn het de fabeldieren de vos en de raaf ? Maar de vogel lijkt meer op een fazant.

Afbeelding 1
De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op 13 november 2014 in de Peperstroate in Deever.

Afbeelding 2
De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op donderdag 22 april 2019 bee ut Aar’mhuus.


Afbeelding 3
De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op donderdag 22 april 2019 bee ut Aar’mhuus.


Afbeelding 4
Deze foto is gemaakt in november 2010 (bron: www.google.com/maps).

Posted in Aar'mwaarkhuus, Kuunst | Leave a comment

Ut neeje huus an ut ende van de Brinkstroate

De redactie van ut Deevers Archief is van mening dat in ut Deevers Archief meer aandacht moet worden besteed aan het vastleggen van hedendaagse veranderingen in de gemiente Deever. De veranderingen van gisteren en vandaag zijn morgen en overmorgen geschiedenis. Een zo’n verandering is de bouw van een hypermodern woonhuis op de plaats van het zomerschuurtje en de oude al lang niet meer onderhouden boerenboomgaard van twee generaties Kruid an de Brinkstroate in Deever.
De redactie herinnert zich uit zijn jeugd in de vijftiger en het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw, dat in ut noajoar de gejatte appels en peren uit deze boerenboomgaard best te eten waren.

Afbeelding 1
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, gezien vanaf de Brinkstraat. Johan Bijlsma heeft deze kleurenfoto gemaakt op 14 mei 2010.

Afbeelding 2
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, in augustus 2010, gezien vanaf de Veentjesweg (bron www.google.com/maps).

Afbeelding 3
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, in augustus 2010, gezien vanaf de Brinkstraat (bron www.google.com/maps).

Afbeelding 4
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, gezien vanaf de Brinkstraat. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze zwart-wit foto gemaakt op 4 november 2013.

Afbeelding 5
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, gezien vanaf de Brinkstraat. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 6 november 2019.
Afbeelding 6
Het zomerschuurtje met adres Brinkstraat 27, bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, gezien vanaf de Brinkstraat. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 6 november 2019.

Afbeelding 7
Het nieuwe huis (met adres Brinkstraat 27 ?), bij de woonboerderij met adres Brinkstraat 25 in Deever, gezien vanaf het einde van de Brinkstraat. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.

Posted in Brinkstroate | Leave a comment

De neeje hutte van Haarm Albes in Wapse

In ut Deeverse Blattie van 9 juli 1998 is in de rubriek ‘Wat weer u nog van vroeger ?’ bijgaande afbeelding van een oude ansichtkaart met een foto van een plaggenhut in Wapse opgenomen. De Historische Vereniging Gemeente Diever wilde via een oproep in de vermelde rubriek graag weten waar de foto voor deze ansichtkaart is genomen. De hier afgebeelde ansichtkaart is in 1916 verstuurd, maar de redactie van ut Deevers Archief heeft het vermoeden dat de foto meer dan tien jaar eerder is gemaakt.
De redactie las in ut Deeverse Blattie van 1 oktober 1998 in de rubriek ‘Wat weer u nog van vroeger ?’ tot zijn grote verrassing de volgende reactie van mevrouw A.C. Blom uit Harderwijk :
De plaggenhut is gebouwd door Harm Alberts (geboren op 2 januari 1856 te Assen en overleden op 26 november 1934 te Diever). Later heeft Harm Alberts om de plaggenhut een 1/2 steens boerderijtje gebouwd, samen met zijn zoons Lammert en Albert. In het boerderijtje woont nu de familie Meesters, Hoge Haar 2 te Wapse.
De hier afgebeelde ansichtkaart is een topstuk, die in geen enkele verzameling van verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever mag ontbreken. Die paar meer dan honderd en tien jaar oude overgebleven exemplaren van deze ansichtkaart zijn Deevers fotografies aarfgood. Ech wè.

Posted in Aarfgood, Hutte, Topstuk, Wapse | Leave a comment

De weier in ut laand van Jan Thijs Seinen

Bijgaande sepiakleurige afbeelding is te vinden in het tijdschrift ‘Het Noorden in woord en beeld’ van 19 februari 1937, jaargang 12, 1936-1937, nummer 49. Op de afbeelding is te zien op de voorgrond de plas met de naam de Weiert an de Heufdstroate in Deever in het land van boer Jan Thijs Seinen, op de plaats waar nu ongeveer de vijver is te vinden bij het bejaardenhuis met de merkwaardige naam Jan Thijs Seinen Hof.

Weier is de olde Deeverse naam voor een vijver of een sloot of een gracht. In dit geval was het én een vijver én een sloot. Het olde Deeverse woord weier kan ook geschreven worden als weiert, maar wordt volledig ten onrechte vaak geschreven als wijert of nog erger als wyert.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 59 van het in 2008 uitgegeven papieren boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente. 1930 – 1980, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.
De redactie citeert de tekst bij de afbeelding op bladzijde 59 van het vermelde papieren boekwerkje:
De Wijert in de jaren dertig van de vorige eeuw. Op deze plas werd in de wintermaanden geschaatst. Op de achtergrond liggen de boerderij van Frederik Offerein, het huis van Teunis Mulder en de boerderij van Harm Moes aan de Burgemeester van Oslaan, later het Kasteel.

De redactie van ut Deevers Archief weet nog niet wie in de boerderij aan de rechterkant van de afbeelding woonden. De boerderij van Harm (Haarm) Moes is deels te zien rechts achter het huis van Teunis Mulder (die in de Deeverse volksmond altijd Teunis Kuper werd genoemd; in Deever hadden alle mensen met de achternaam Mulder een bijnaam).
Op 19 februari 1937 heette ut Kastiel nog gewoon ut Kastiel. Pas in 1939 bij de pensionering van de niet van het bestuurderspluche weg te branden burgemeester Hendrik Gerard van Os werd de verzameling wegen met de oeroude naam ut Kastiel volkomen onterecht gewijzigd in Burgemeester Van Oslaan (who the hell was Van Os, what the hell did Van Os ?).
De bevolking van Deever heeft vele tientallen jaren opgescheept gezeten met de ambtelijke straatnaam Burgemeester Van Oslaan en dat terwijl de Deeverse volksmond de verzameling wegen al die vele tientallen jaren gewoon ut Kastiel bleef noemen. De redactie moet nog uitzoeken wanneer de straatnaam Burgemeester van Oslaan gelukkig is gewijzigd in ut Kastiel.
De redactie vindt het toch wel een zorgelijk dingetje dat vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever in het boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente. 1930 – 1980 zulke geschiedkundig rammelende teksten opnemen bij afbeeldingen zonder bronvermelding.

De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op woensdag 11 december 2019. De weier bevond zich ongeveer in de staart van de visvormige vijver bij het bejaardenhuis an de Heufdstroate in Deever.

Posted in de Weier, Deevers | Leave a comment

Bee de Skeeve köj ok tweedehaans trekkers koop’m

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 10 december 1965 stond de korte hier afgebeelde advertentie van handelaar in nieuwe en gebruikte trekkers Roelof Hendrik Schieving (die in de Deeverse volksmond ‘de Skeeve’ werd genoemd).
De familie Schieving, bestaande uit Roelof Hendrik Schieving, Jantje Flokstra en hun vijf zonen Roelof (Roelie), Hilbert (Hippie), Hendrik (Henkie), Alle (Allie) en Rinus (Rinussie), woonde in die tijd in het huis met adres Veentjesweg 1 in Deever, op de hoek van de Veentjesweg en de Kloosterstraat.
De redactie van ut Deevers Archief herinnert zich dat af te leveren nieuwe trekkers gewoon op het grasveld bij het huis stonden. De redactie herinnert zich niet welk merk trekker Roelof Hendrik Schieving het eerst vertegenwoordigde.
De familie vertrok in de zestiger jaren (welk jaar ?) van de vorige eeuw uut de gemiente Deever hen de Dwingeler kaante van de voat an de Gowe, waar nu Schieving Mechanisatie is gevestigd.
De redactie is op zoek naar foto’s van trekkers bij het huis met adres Veentjesweg 1. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief stelt de redactie een goede scan van deze foto’s voor opname in ut Deevers Archief beschikbaar ?

De redactie ontving op 9 september de volgende zeer gewaardeerde reactie van de heer Henk Nijboer:
Roelof Hendrik Schieving was verkoper bij de firma Semler op de Smilde en verkocht trekkers van het merk Porsche Diesel. Toen de heer Schieving voor zichzelf begon an de Gowe, verkocht hij trekkers van het merk Massey Ferguson.
Ik woonde in de Kloosterstraat, tegenover het huis waar de familie Schieving woonde, maar ik kan mij niet herinneren dat bij Schieving op het gazon tractors stonden.

Posted in Bedrief, Veentiesweg | Leave a comment

Twee fotoos van ut gemaèl bee de Deeverse sluus

De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief bijgaande afbeelding van twee oude foto’s van werkzaamheden bij het gemaal bee de Deeverse sluus in de Dreinse Heufdvoat niet onthouden.
Volgens gegevens van het Drents Archief is de joodse fotograaf Jozeph Meijer de maker van de twee afgebeelde foto’s. Hij is geboren op 3 maart 1871 in de stad Grönning (Groningen) en is overleden op 8 januari 1924 in Möppel (Meppel). Volgens gegevens van het Drents Archief zijn de twee foto’s gemaakt op 1 april 1925, dat is bijna honderd jaar geleden.
Arbeiders van aannemer J. Bolt uit Zuidbroek zijn bezig met het stempelen van de oevervoorziening van het stroomkanaal in het kader van het bouwen van een bemalingsinrichting bee de Deeverse sluus.
De op 8 januari 1924 overleden fotograaf Jozeph Meijer kan niet de maker van de twee hier afgebeelde foto’s zijn, want het bouwen van een bemalingsinrichting bee de Deeverse sluus is pas begin augustus 1924 gegund aan aannemer J. Bolt. Zie afbeelding 3. De redactie zou graag willen weten wie dan wel de maker van de twee foto’s is.
Aan de onderkant van afbeelding 1 is heel mooi de schaduw van de fotograaf en zijn fototoestel op een driepoot te zien. De fotograaf gebruikte glasplaatnegatieven voor het maken van de foto’s. Dat is met name bij afbeelding 1 te zien aan de blauwachtige gloed aan de linker en de rechter onderkant.
Bij afbeelding 1 is achter de directiekeet de Deeverse sluus te zien en de woning van de sluiswachter. De woning van de sluiswachter is afgebroken (wanneer ?). Rechts achter de mannen bij de directiekeet is de woning van de opzichter van de Rijkswaterstaat te zien. De woning van de opzichter van de Rijkswaterstaat bestaat nog steeds.
Let bij afbeelding 2 ook op de hond die aan de linker bovenkant is te zien. De personen op afbeelding 2 zijn niet bekend. Wellicht is de dikke man met bolhoed (en sigaar ?) de opzichter van de Rijkswaterstaat.
De redactie zal te gelegener tijd en zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf enige foto’s van de huidige situatie ter plekke toevoegen aan dit bericht,

Afbeelding 1
Deze foto (nummer DA9051059) is aanwezig in de collectie Rijkswaterstaat van het Drents Archief in Assen.

Afbeelding 2
Deze foto (nummer DA9051057) is aanwezig in de collectie Rijkswaterstaat van het Drents Archief in Assen.

Afbeelding 3
Bericht in de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 2 augustus 1924.

Posted in Deeversesluus | Leave a comment

Deever hedde Dieveren in de tied van Paus Pius

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand knipsel -nota bene twee bladzijden – uit het tijdschrift Het Noorden in Woord en Beeld, jaargang 10, 1934-1935, nummer 23, 24 augustus 1934 met beelden uit Deever en omgeving. Dit is wat betreft de redactie toch wel echt een topknipsel in de verzameling. Zo’n knipsel gooi je na het scannen zeer zeker niet in de container voor het oude papier. 

Het bijschrift bij de bovenste afbeelding op de linker bladzijde luidt als volgt:
‘Dit dorp, dat in de Bulle van Paus Pius onder den naam van Dieveren uytgedrukt staat, wordt ook van een Schout bedient, en heeft den naam gegeeven aan ’t gerecht van Dieveren.’, zoo staat het in de oude geschriften. Bij zoo’n waardige uitspraak past het aloude Schultehuis aan de Brink, waarvan de familie Ketel de stichtster is, en dat vermoedelijk door ‘Monumentenzorg’ wordt aangekocht, daar het door een restauratie in zijn typeerende bouw nog versterkt zal kunnen worden en zoo een mooi stukje oudheid bewaard zal kunnen blijven  

Het bijschrift bij de onderste afbeelding op de linker bladzijde luidt als volgt:
Een mooi dorpshoekje achter de kerk van Diever, knus en gezellig bij de trouwe kerk.

Het bijschrift bij de bovenste kleine afbeelding op de rechter bladzijde luidt als volgt:
Reeds heel vroeg bezat Diever een Parochiekerk. Het kerkgebouw prijkt rustig en forsch aan de mooie Brink achter het oude geboomte, zooals we hier zien.

Het bijschrift bij de kleine afbeelding onder de bovenste kleine afbeelding op de rechter bladzijde luidt als volgt:
De Hoofdstraat te Diever kunnen we ‘gemengd’ noemen, want de oudere huizen met de lindeboomen ervoor hebben moderne buren verkregen…. ja, de tijd staat niet stil en eens zullen de ouderen ook wel iets nieuws hebben gebracht in de toenmalige omgeving.

Het bijschrift bij de afbeelding aan de rechter bovenkant van de rechter bladzijde luidt als volgt:
Het geheel van kerk en toren te Diever is zwaar van bouw en mooi-Drentsch in de omgeving, maar ook details, zoals dit torenpoortje zijn vol stemming, opgewekt door muren, een eenvoudige deur en een afgesleten zerken stoepje, en een verdiepende beschouwing waard.

Het bijschrift bij de linker afbeelding aan de onderkant van de rechter bladzijde luidt als volgt:
Een heerlijke, frissche wandeling en een prachtig vergezicht ! Daarvan genieten we op dit kronkelend pad langs de boschrand van het landgoed ‘De Berkenheuvel’ te Diever.

Het bijschrift bij de rechter afbeelding aan de onderkant van de rechter bladzijde luidt als volgt:
In de bosschen van ‘De Berkenheuvel’ bij Diever kan men door de mooie lanen naar hartelust dwalen !

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De grote vraag is natuurlijk welke paus Pius wordt bedoeld ? Is het Pius I, Pius II, Pius III, Pius IV, Pius V, Pius VI, Pius VII, Pius VIII, Pius IX, Pius X of Pius XI ? Pius I was paus van 140 tot ongeveer 155/161. De redactie houdt het vooralsnog op Pius II. Die was paus van 18 oktober 1405 tot 14 augustus 1464. In die tijd beleden alle Deeversen nog het rooms katholieke geloof.
De redactie zal van de afgebeelde foto’s een groter formaat aan het bericht toevoegen.
De redactie zal ter plekke van de afgebeelde foto’s een foto van de actuele situatie toevoegen.

Posted in Deever, Topstuk | Leave a comment

Cent’n griep’m veur ut olde gemientehuus van Deever

De redactie van ut Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels, documenten en foto’s over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren. Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten en foto’s in het papieren blad Opraekelen van de heemkunduge vurening uut Deever te publiceren, dan maar postuum – en uiteraard met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in ut Deevers Archief.

Ook bijgaand zeldzaam mooie foto is afkomstig uit de verzameling van Anne Mulder. Anne Mulder was in zijn tijd in Deever werkzaam op de secretarie van de gemiente Deever. Hij was ook ambtenaar van de burgerlijke stand, hij voltrok huwelijken.
In de jaren vóór de restauratie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw bij de brink, dus vóór 1956 bestond in Deever nog de oude traditie van het cent’n griep’m bij trouwerijen.
De bruidegom gooide bij het binnengaan van het gemeentehuis en na de voltrekking van het huwelijk bij het verlaten van het gemeentehuis muntstukken van een cent naar de verzamelde jongere jeugd.
De foto is vóór 1956 gemaakt bij het oude gemeentehuis aan de brink van Deever. De foto moet zijn gemaakt vroeg in het voorjaar of laat in het najaar, gelet op de kale bomen op de omheinde hof van de kaarke en gelet op de vele kinderen met muts en winterkleding. Anne Mulder heeft de redactie van ut Deevers Archief niet verteld of hij de maker van deze foto is of iemand anders.
Op deze foto, die is gemaakt vóór de grote restauratie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw aan de brink in de vijftiger jaren van de vorige eeuw, is het toen nog aanwezige hek om de hof van de kaarke goed te zien.
Het brinkje van Deever is ontstaan, nadat ter plekke een kerk was gebouwd en dikke boeren en de schulte en de pastoor in de buurt van het kerkgebouw gingen wonen. Daarom kan de brink van Deever niet het waardevolle keurmerk ‘Origineel Saksische brink’ krijgen. Ech neet.
De grote vraag is natuurlijk: wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief herkent zichzelf of herkent andere cent’n griep’mde kiender op dit topstuk. De redactie zou het heel graag willen weten.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die tevens nog een verstokte liefhebber van afbeeldingen op papier is, die kan de hier afgebeelde foto van ut cent’n griep’m bee ut olde gemientehuus ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 63 van het in 2008 uitgegeven papieren boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente, 1930-1980, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dat papieren boekwerkje zijn of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Alle Deeversen, Brink, Kaarke an de brink, Kaarkhof Grönnegerweg, Topstuk, Traditie | Leave a comment

Villa Laanzicht steet now an de Deeverbrogge

De gemiente Deever verleende op 26 november 1915, nu bijna honderd jaar geleden, aan de ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer (geboren op 13 december 1858 te Nijensleek, overleden op 23 juni 1935 te Groningen), woonachtig te Nijensleek in de gemeente Vledder een vergunning voor een het bouwen van een burgerwoonhuis met als adres Dieverbrug 41.
Het burgerwoonhuis bestond al. Het burgerwoonhuis was Villa Laanzicht op Zorgvlied.
Deze villa moest worden afgebroken, vervolgens in onderdelen worden vervoerd naar de Deeverbrogge en daar weer worden opgebouwd. Dat moet in een tijd zonder gemotoriseerde vrachtwagens een niet gemakkelijke logistieke klus zijn geweest.
De ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer had voor het afbreken van het huis Villa Laanzicht met schuur op Zorgvlied en het weer opbouwen van dit woonhuis met schuur met bijkomende werkzaamheden naast zijn wolspinnerij an de Deeverbrogge een bestek met bijbehorende voorwaarden van algemene aard en voorschriften voor de uitvoering bij de aanvraag voor de bouwvergunning gevoegd.
Het werk werd opgedragen aan de timmerman Albert Koeling uut Dwingel.
De redactie heeft de kleurenfoto van het burgerwoonhuis naast ‘de Concordia’ an de Deeverbrogge op 4 april 2013 gemaakt.
De redactie weet nog steeds niet zeker of het op de foto zichtbare burgerwoonhuis daadwerkelijk Villa Laanzicht is. In het Deevers Archief is geen scherpe foto van Villa Laanzicht op Zorgvlied aanwezig. Wie kan de redactie helpen aan een scherpe foto: wellicht de op Zorgvlied wonende vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever ?

Abracadabra-1439

Abracadabra-1441

Abracadabra-1443

Posted in An de Deeverbrogge, Ansichtkoate, Jan Frederik Hilkemeijer, Villa Laanzicht | Leave a comment

Waarkkaamp’m Diever A en Diever B in Montfort

De redactie van ut Deevers Archief publiceerde in nummer 01/01 (jaargang 8, nummer 1, maart 2001) van Opraekelen, het papieren blad van de heemkunduge vurening uut Deever het volgende korte berichtje over de verhuizing van de gebouwen van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B van de Olde Willem naar Montfort in Limburg.

De Rijksgebouwendienst bracht eind 1946 de kampen Diever A en Diever B over naar de Bosweg (toevallig ook de Bosweg) in Montfort. Daar zijn ze in de loop der jaren gebruikt als werkkamp in het kader van de wederopbouw van de Roerstreek, als douaneschool en na 1951 als huisvesting voor Ambonezen. In 1966 zijn de kampen gesloopt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het bericht in het papieren blad Opraekelen van de heemkunduge vurening uut Deever behoeft enige aanpassingen.
De Rijksgebouwendienst bracht eind 1946 de rijkswerkkampen Diever A en Diever B over van de Bosweg (de Woaterse weg) in de Olde Willem naar de Bosweg (toevallig ook de Bosweg) in Montfort in Limburg.
Daar zijn ze in de loop der jaren gebruikt als werkkamp van de D.U.W. (Dienst Uitvoering Werken) in het kader van de wederopbouw van de Roerstreek, als vakantiekamp voor kinderen die in de oorlog lichamelijk getroffen waren, als douaneschool en na 1951 als huisvesting voor Ambonezen.
In de tijd van het gebruik van het D.U.W.-kamp was het kamp ook in gebruik als vakantiekamp; het adres van het kamp was Kamp Vierde Prinsenkind, Montfort, Limburg.
In 1966 zijn de twee rijkswerkkampen -na 30 jaar gebruikt te zijn- gesloopt.
Bijgaande afbeelding van twee ansichtkaarten tonen de gebouwen van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B in Montfort. Beide ansichtkaarten zijn aanwezig in de verzameling van de Heemkundevereniging Roerstreek in Sint Odiliënberg.

Posted in Bosweg, de Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

De toor’n van de gemiente boo’m de boom’m

De redactie van ut Deevers Archief zou van bijgaande mooie kleurenfoto van de boerderijen an de Aachterstroate (an de Saandhook) en de gemeentelijke toren an de brink van Deever graag het volgende willen weten.
Wie is de maker van deze kleurenfoto ? De redactie wil bijzonder graag de naam van de maker bij de kleurenfoto vermelden of de mooie kleurenfoto uit ut Deevers Archief verwijderen als de maker van de mooie kleurenfoto het tonen van deze mooie kleurenfoto in ut Deevers Archief niet op prijs stelt. Ook zou de redactie graag de datum van opname van deze mooie kleurenfoto willen weten. De vraag is ook hoe de mooie kleurenfoto is gemaakt. Stond de maker van deze foto op een hoge hoogwerker ? Of hing zijn camera aan een drone ?
De redactie van ut Deevers Archief vervangt zo nu en dan voor de broodnodige variatie de kopafbeelding van ut Deevers Archief. Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet deze afbeelding naar de redactie te sturen. Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (300 dpi).
Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken. Als jij de hier afgebeelde reeds getoonde kopafbeelding graag nog een keer als kopafbeelding van ut Deevers Archief wilt zien, aarzel dan niet dit luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken.


Posted in Aachterstroate, Kopafbeelding, Toor'n an de brink | Leave a comment

Sigt op de Veentiesweg vanuut Oll’ndeever

Bijgaande afbeelding is een afdruk van een kleurendia. U.L.O.-meester Henk van den Bosch heeft die kleurendia gemaakt in het zeventiger jaren van de vorige eeuw bij zijn huis. Hij woonde in een burgerwoning an ut ende van ut Swatte Pattie tuss’n de Veentieweg en Oll’ndeever. Bij zijn woning had hij over de weilanden vrij uitzicht op de Veentiesweg tuss’n de Kloosterstroate en de Tusschendarp. De huizen aan dat deel van de Veentjesweg zijn op deze afbeelding te zien.
Deze afbeelding is gebruikt als kopafbeelding van ut Deevers Archief van 30 juni 2014 tot en met 26 oktober 2014.
De redactie van ut Deevers Archief vervangt zo nu en dan voor de broodnodige variatie de kopafbeelding van ut Deevers Archief. Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet deze afbeelding naar de redactie te sturen.
Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (300 dpi).
Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken.
Als jij de hier afgebeelde reeds getoonde kopafbeelding graag nog een keer als kopafbeelding van ut Deevers Archief wilt zien, aarzel dan niet dit luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken.

Posted in Kopafbeelding, Veentiesweg | Leave a comment

Ik heb in 1954 en 1955 in barak Klondike gezeten

Jacob Voorthijsen stuurde op 1 juli 2019 de volgende korte maar stevige reactie over zijn tijd in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe naar de redactie van het Deevers Archief. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze reactie.

Ik ben Jaap en ik heb in 1954 en 1955 in barak Klondike gezeten.
Ik weet mij te herinneren dat we op stro lagen te slapen, weliswaar zat het stro in een omhulsel.
Ik kan mij de naam van de groepsleider niet precies herinneren, maar hij was een pedofiel !!!!
Maar voor de rest heb ik wel een mooie tijd gehad.
Ik heb nog twee fotootjes van die tijd.
Ik ontvang graag een reactie.

Fritz Hendriks stuurde op 1 september 2021 de volgende korte reactie. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze reactie.

Beste Jaap, ik ben een beetje laat met mijn reactie, want ik heb een rommelige tijd achter de rug. Ik heb ook in de periode 1954 -1955 in Klondike gezeten. Voor mij was het een slechte tijd. Ik weet er niet veel meer van. Ik ben geboren in 1942. Ik heb een zeer slechte jeugd gehad. Maar als jij nog foto’s hebt van het kamp, dan wil ik van die foto’s graag een kopie ontvangen via de e-mail.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In ut Deevers Archief wordt van personen, die reageren op berichten, geen e-mail adres getoond.

De redactie zou de twee fotootjes van Jacob Voorthijsen graag in ut Deevers Archief willen tonen.
De redactie verwijst de heer Jacob Voorthijsen en de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief graag naar het bericht Groepsverblijven Perú en Klondike an de Gowe en het bericht Ik zat in Klondike, dat was de laatste barak in de rij.

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Die vurroeste poal möt hen ut Ekingersaand

Bij de klok van oudejaarsvereniging Tied Zat (bestaat tied eigenlijk wel ?) in de publieke ruimte tegenover Villa Nova op Zorgvlied staat de zo genoemde Symbiotische Zuil, ontworpen door Martijn Troost, als een bijdrage aan de ‘horizon van Drenthe’. Bij zo’n roestig stuk staal heb je wel wat uitleg en troost nodig !

Arie Vonk geeft bij het zien van dit stuk bewerkt staal in Kunstronde Drenthe (2000) de volgende uitleg:
Kijkend naar de horizon, tekenen zich onregelmatigheden af op de horizontale as. Verticale elementen bepalen het horizon-beeld. De bijdrage die Martijn Troost levert aan de ‘horizon van Drenthe’ bestaat uit een verticale, opengewerkte, holle gietijzeren pilaar. Deze holle pilaar is als een boorbuis, die uit de bodem opsteekt. Het bovenste deel symboliseert de aarde, de grond, en het beïnvloedt de perceptie van de horizon. Het onderste deel symboliseert het grondwater, dat onzichtbaar maar met kracht en helderheid de vitaliteit van de Drentse bodem beïnvloedt. Zo is er nu een zichtbare, symbiotische relatie tussen de grond, het water en de pilaar-buis.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Onze eerste reactie bij de volstrekt persoonlijke uitleg van Arie Vonk: Que ????  In de buurt van de stalen buispaal is geen horizon te bekennen, hoe kan de perceptie (belevenis) van de horizon dan worden beïnvloedt ?
Deze holle paal is als een pilaar die uit de bodem opsteekt ? Nee hoor, zoals gebruikelijk in de gemeente Diever, staan kunstige objecten of gedenktekens of herinneringstekens altijd op een sokkel (meestal een grote veldkei) en ook hier staat het object op een soort van fundering met daarom heen een soort van cirkel van steentjes, hoe cliché kun je bezig zijn.
Prachtig zou het zijn geweest als de stalen buispaal wat langer was geweest en scheef zou staan en inderdaad een paar meter in het zand was gegraven. Dat zou alsnog kunnen. Dat zou een mooie klus kunnen zijn voor de dorpskrachten van het plaatselijke filiaal van de heemkunduge vurening uut Deever (an de aandere kaante van de bos) of de dorpskrachten van Tied Zat.

Symbiotisch betekent ‘levend in symbiose’.
Symbiose betekent volgens de niet altijd geloofwaardige Wikipedia: Het langdurig samenleven van twee organismen van verschillende soorten waarbij de samenleving voor ten minste één van de twee organismen gunstig of zelfs noodzakelijk is. Vaak echter wordt de term symbiose alleen gebruikt in de betekenis van wederzijds voordelige naast elkaar bestaan. De beide partners heten symbionten. De grootste partner wordt ook wel gastheer genoemd. Binnen het domein van de psychologie is een symbiotische relatie een relatie die gebaseerd is op afhankelijkheid.

Dode dingen, zoals grond, water en een stalen paal met rare gaten, kunnen dus niet in symbiose leven.
Echter als we in ‘symbiotische relatie’ het woord symbiotisch vervangen door ‘levend in symbiose’, dan staat er ‘levend in symbiose relatie’. Als we ‘relatie’ vervangen door ‘verhouding’ , dan staat er: ‘levend in symbiose verhouding’.
Als we symbiose vervangen door een deel van de hiervoor weergegeven betekenis dan staat er ‘levend in langdurig samenleven van twee organismen van verschillende soorten verhouding’. Kortom ‘symbiotische relatie’ lijkt mooi bedacht, maar klopt niet, het is roestige interessantdoenerigheid van de onderste plank.

Kan de Zorgvliedse oudejaarsvereniging Tied Zat (bestaat tied eigenlijk wel ?) dit verminkte stuk staal niet tijdelijk maar definitief ontvoeren naar het Ekingerzand en het daar half in de ontboste en nu helaas weer kale duinen begraven voor een langdurig multibiotisch experiment met de oerelementen zand, wind, water en mogelijk ook vuur ? Uit ijzer zijt gij geboren, tot roest zult gij wederkeren.

Reactie van Helena de Boer van 26 januari 2017
Goedemorgen, ik woon sinds 28 december 2016 op Zorgvlied.
Ik vind het jammer hier te lezen dat voor dit kunstwerk zo weinig waardering is.
Mijns inziens – ik ben ook beeldend kunstenaar – is het juist wel een passend werk.
Het verbindt de aspecten van dit dorp heel mooi en geeft aan dat je ijzer met handen kunt bewerken als de wil er is.
Die ijzeren wil kenmerkt eigenlijk de hele historie van het dorp, als ik het goed begrijp.
De wil om te groeien en tot aanzien te komen. Ijzer te smeden tot iets moois en natuurlijks.
De bossen en de bomen zijn immers de horizon. Dus dat vind je ook terug in het kunstwerk.
U doet het werk hier te kort.
Met vriendelijke groeten,
Helena de Boer

Posted in Dorpskracht, Kuunst, Zorgvlied | Leave a comment

Op de toor’n hei sigt op ut Brinkie en de Heufdstroate

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie foto’s van Deever op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit foto (zie afbeelding 1) niet ten zeerste bewonderen op bladzijde 17 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Want de op die bladzijde 17 afgebeelde zwart-wit foto (zie afbeelding 2) is niet gelijk aan de zwart-wit foto die in dit bericht is afgebeeld.
De hier afgebeelde zwart-wit foto (afbeelding 1) is een topstuk en behoort tot ut fotografiese aarfgood van de gemiente Deever.
Bij de foto op bladzijde 17 van het fotoboekje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten staat de volgende tekst:
Diever, omgeving Kleine Brink. De foto is in de veertiger jaren genomen vanuit een van de galmgaten in de toren van de Nederlands Hervormde Kerk. Rechts loopt de Kleine Peperstraat en links de Hoofdstraat.
Aan de linkerkant van afbeelding 1 is de voorgevel van de boerderij met de koe in het bovenlicht van de voordeur te zien. In het dak van deze boerderij is na de Tweede Wereldoorlog een dakkapel gebouwd (zie afbeelding 2).
In de oorlog werd de elektrische stroom nog via bovengrondse leidingen getransporteerd.
In het pand naast de boerderij mit de koe boo’m de veurdeure was in de Tweede Wereldoorlog in het rechter deel van het voorhuis de manufacturenwinkel van Paulus Wiersma gevestigd. Hij verkocht in november 1955 zijn manufacturenwinkel aan Hendrik de Vries van de Wittewieke op de Hiekersmilde. Hendrik de Vries liet het hele voorhuis van het pand in 1956 verbouwen tot winkel. De foto op bladzijde 17 van het fotoboekje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten is niet in de veertiger jaren van de vorige eeuw gemaakt, maar pas ná 1956. Het dateren van oude foto’s is voor de vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever toch wel vaak een dingetje.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie melden in welk jaar precies de foto op afbeelding 2 is gemaakt en wie de maker van deze foto is ? En wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie voorzien van een goede scherpe scan van de afgebeelde foto op bladzijde 17 van het fotoboekje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten ?

Afbeelding 1
Deze foto is in de Tweede Wereldoorlog gemaakt vanaf de gemeentelijke toren aan de Brink van Deever.

Afbeelding 2
De afgebeelde foto is ná 1956 gemaakt vanaf de gemeentelijke toren aan de Brink van Deever.

Posted in Kleine Brink, Topstuk | Leave a comment

De legere skoele an de Tusschendarp in Deever

In Deever was de lagere school de afgelopen tweehonderd jaren achtereenvolgend gevestigd in de kerk bij de brink aan de noordkant van de toren, in de kerk bij de brink aan de zuidkant van de toren, in een verbouwde boerderij aan de brink, in een schoolgebouw an de Heufdstroate, in een schoolgebouw an de Tusschendarp, in een schoolgebouw op de Westeresch.
De bouw van de lagere school an de Tusschendarp in Deever is in 1942 begonnen. Op de hier afgebeelde zwart-wit foto van de lagere school an de Tusschendarp op een ansichtkaart uit 1950 zijn van links naar rechts het lokaal van de eerste, de tweede, de derde en de vierde klas te zien. De Tusschendarp bevindt zich aan de linkerkant van het lokaal van de eerste klas.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 20 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

De redactie van ut Deevers Archief is op zoek naar afbeeldingen van de lagere school an de Tusschendarp. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een goed scan van oude foto’s van dit gebouw ?

Posted in Ansichtkoate, Legere skoele in Deever | Leave a comment

Ut olde pothokke an de brink van Deever

Het eenvoudige maar onvolprezen geschrift ‘Pothokken in de voormalige gemeente Diever’ is in 1999 uitgegeven door de Historische Vereniging Gemeente Diever. Om te komen tot dit waardevolle geschrift is door vrijwilligers van deze vereniging ontzettend veel werk verzet. Daarvoor driewerf hulde: hulde, hulde, hulde.
In dat geschrift zijn enige gegevens – zie afbeelding 2 – te vinden van de pothokke mit de agin neet te begriep’m code 01-001-02, dat in 1902 is ebaud bee de boerdereeje van de femilie Seinen vlak an de brink van Deever. Dit pothokke stiet now nog steeds an de brink.
De redactie van ut Deevers Archief is van mening dat de pothokke anno 2021 in een mindere staat van onderhoud verkeert. De redactie hoopt dat één van de vele toekomstige eigenaren de pothokke grondig laat opknappen, teneinde het voor toekomstige generaties duurzaam te behouden. Per slot van rekening zijn de pothokk’n in de gemiente Deever echt aarfgood.
Teneinde de grauwe illustraties in afbeelding 2 enigszins op te fleuren is aan dit bericht een kleurenfoto van de pothokke toegevoegd. Zie afbeelding 1. Deze kleurenfoto is gemaakt op 24 mei 2021. De redactie weet niet wie de maker is van deze kleurenfoto, maar wil wel heel graag de naam van de maker in dit bericht noemen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Aarfgood, Pothokke | Leave a comment

De mooie kaèmer in de boerdereeje van Jans Tabak

De redactie heeft van dochter Saskia van wijlen dorpsfiguur Jans Roelof Tabak toestemming bijgaande kleurenfoto’s op te nemen in ut Deevers Archief. De redactie is dochter Saskia bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.
De drie kleurenfoto’s zijn gemaakt op 21 december 2020 ter gelegenheid van de verkoop van het door dorpsfiguur Jans Roelof Tabak bewoonde gedeelte van de boerderij an de Achterstroate (an de Saandhook) in Deever. De mooie niet vaak bewoonde kleurrijke voorkamer in de kenmerkende Jans Tabak stijl achter de voorgevel van de boerderij is om verkooptechnische en verkoopstimulerende redenen van de makelaar helemaal opgeruimd en opgepoetst en geordend.

Posted in Dorpsfiguur, Jans Roelof Tabak | Leave a comment

Rogge döss’n bee Kobus Kruut in Oll’ndeever

Twee grote vragen bij deze afbeelding zijn natuurlijk: is de foto voor deze afbeelding in de gemiente Deever gemaakt en zo ja, waar in de gemiente Deever is de hier afgebeelde foto gemaakt ?
De enige molen in Deever is molen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever. En zo te zien heeft de op de afbeelding zichtbare molen de vorm van molen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever. Maar de molen heeft geen stelling. Dat zou wat betreft molen ‘de Vlijt’ kunnen kloppen, want die stelling is in december 1942 bezweken en weggehaald. De afgebeelde foto zou dan ná december 1942 moeten zijn gemaakt. De afgebeelde foto is wel diep in het najaar gemaakt, want de twee kinderen zijn al warm aangekleed en hebben een muts op.
Maar bij welke boerderij staat de döskaaste ? De enige boerderij die dat kan zijn, gelet op de oriëntatie van de boerderij ten opzichte van de molen, is de boerderij van Jacobus Kruid (die in de Deeverse volksmond altijd Kobus Kruut werd genoemd). En dan niet de boerderij an de Brinkstroate, maar de boerderij an de saandweg tuss’n ut Bultie en Oll’ndeever. Maar deze laatste is in september 1932 door een windhoos vernield en niet weer opgebouwd. De afgebeelde foto zou dan vóór september 1932 moeten zijn gemaakt.
Dit is wat de redactie van ut Deevers Archief betreft een echte puzzelafbeelding !
Dit is eindelijk eens echt een echte puzzel voor de serieuze geschiedkundologen van de heemkunduge vurening uut Deever in het post-Jans-Tabak-tijdperk !
Wie is de eigenaar van de afgebeelde foto ?
Weet die eigenaar in welk jaar de afgebeelde foto is gemaakt ?
Of is de afbeelding een scan van een afbeelding in een tijdschrift en zo ja welk tijdschrift ?
Is de afgebeelde foto wel in de gemiente Deever gemaakt ?
Is de molen op de afgebeelde foto wel molen ‘de Vlijt’ ?
Als molen ‘de Vlijt’ wel op de afgebeelde foto staat en de afgebeelde foto is vóór september 1932 is gemaakt, waarom heeft de molen dan geen stelling ?
Is op de afgebeelde foto de dorsmachine van de Oll’ndeeverse dorsvereniging te zien, of is het de dorsmachine van een loonbedrijf ?
De redactie ontvangt bijzonder graag reacties van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief.

Posted in Boer'nwaark, Oll'ndeever | Leave a comment

Ut beeltie bee ut gemientehuus an de brink

Voor het raam van de vroegere burgemeesterskamer van het vijfde en laatste gemeentehuis van de gemiente Deever staat het beeldje met de naam Het leven: geboorte, huwelijk en dood.
Anno Ferdinand Smith (geboren op 7 april 1915 in Groningen, overleden op 14 januari 1990 te Groningen) heeft het beeldje van keramiek in 1959 gemaakt.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste kleurenfoto (afbeelding 1) gemaakt op woensdag 3 oktober 2012. Het was die dag grauw, grijs en grienend, geen goede gelegenheid voor het maken van een goede foto.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de tweede kleurenfoto (afbeelding 2) gemaakt op donderdag 22 april 2021. Het was die dag redelijk zonnig, een goede gelegenheid voor het maken van een betere foto.
Een oudere foto van het beeldje is te vinden in de webstee wikipedia.org op de pagina met de lijst van beelden in de gemeente Westenveld.
In de webstee wikipedia.org is ook een pagina met gegevens van Anno Ferdinand Smith aanwezig.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Beeld, Deever, Gemientehuus, Kuunst | Leave a comment

Vurkoop van grünlaand en bouwlaand in 1928

In het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s Courant van 9 maart 1928 verscheen het volgende bericht over de verkoop van onroerende goederen van de erven Roelof Hessels Wesseling te Diever. Roelof Hessels Wesseling overleed op 28 januari 1928 op 59-jarige leeftijd te Diever. Hij was gehuwd met Annigje Smidt.

Diever. 8 Maart. Door notaris Bolk te Dwingelo verkoop van na te noemen onroerende goederen, ten verzoeke van de erven van wijlen R.H. Wesseling te Diever.
Koopers:
Huis en erf voor f. 4010, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
Groenland:
‘Kalterbroek’ voor f. 1810, J.H. Wesseling te Diever;
‘Kalterbroek’ voor f. 1750, J.H. Wesseling te Diever;
‘Kalterbroek’ voor f. 2060, J.H. Wesseling te Diever;
‘Íemenkamp’ voor f. 5000, K.H. Smidt te Diever;
‘Lunsert’ voor f. 1810, K.H. Smidt te Diever;
‘Wapserland’ voor f. 1000, J. Veenhuis te Wapse;
‘Helle’ voor f. 1560, N. Brandenburg te Dieverbrug;
‘De drie vorrels’ voor f. 660, N. Brandenburg te Dieverbrug;
‘Holtema’ voor f. 1010, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
‘Het Spijk voor f. 1260, N. Brandenburg te Dieverbrug.
Bouwland:
‘Noordesch’ voor f. 300, H. Wesseling Gzn. te Wittelte;
‘Giere’ voor f. 340, J.R. Drost te Diever;
‘Steenakker’ voor f. 350, W. Smit te Geeuwenbrug;
‘Straatakker’ voor f. 410, D. van Leeuwen te Dieverbrug;
‘Molenakker’ voor f. 420, A. Davids te Diever;
‘Westeresch’ voor f. 500, J. Wesseling te Diever;
‘Disselvoet’ voor f. 440, J.R. Drost te Diever;
‘Westeresch’ voor f. 430, W. Nijboer te Oldendiever;
‘Junkertje’ voor f. 310, J. Drost te Diever.
3 perceelen dennen en heide voor f. 3720, H. Singstra;
2 perceelen dennen en heide voor f, 470, H. Smit te Berkenheuvel;
1 perceel heide voor f. 990, H. Smidt te Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In februari 2013 gaf de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever eindelijk de zeer gedetailleerde echter slechts eenvoudig opgemaakte publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’ uit in een helaas beperkte oplage.
Dit is de belangrijkste publicatie die ooit via deze -thans meer dan vijfentwintig jaar bestaande- heemkunduge 
vurening tot stand is gekomen. Alle andere publicaties van deze vereniging vallen daarbij ongeveer in het niet.
In het kadasterloze tijdperk vóór 1832 kende men in de gemiente Deever elk stuk groenland en elke akker bij naam. Het is van grote waarde dat dit aspect van het boerenleven in de gemiente Deever nu is vastgelegd.

De redactie vraagt zich wel af of alle in het krantebericht genoemde veldnamen voorkomen in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Zo zal het stuk bouwland dat in 1928 met de naam ‘Straatakker’ werd aangeduid niet in de genoemde publicatie voorkomen, in 1832 lagen in de gemeente immers alleen maar zandwegen.
Maar zijn de veldnamen ‘De drie vorrels’ en ‘Junkertje’ wel opgenomen in de genoemde publicatie ? Het kan natuurlijk zo zijn dat na 1832 namen van stukken land verloren zijn gegaan, dat stukken land een andere naam kregen of dat stukken land na ontginning een eigen naam kregen. Het is vanuit oogpunt van cultuurhistorie van groot belang ook de veranderingen in de veldnamen ná de momentopname van 1832 ook vast te leggen.
Voor de ‘veraldedieverdeerdiseerderaars’ onder ons: wat is de betekenis van ‘giere’ en ‘vorrel’ ?
Probeer het uit te vinden aan de stamtoafel !
R.H. Wesseling is boer Roelof Hessel Wesseling, geboren op 11 juli 1868 en overleden op 27 januari 1928 in Deever.
H. Wesseling Gzn. is boer Hendrik Wesseling, geboren op 31 oktober 1869 in Oll’ndeever, overleden op 6 april 1942 in Deever.
H. Hessels Gzn. is boer Hendrik Hessels, geboren op 31 oktober 1869 in
Oll’ndeever en overleden op 6 april 1942.
J.H. Wesseling is boer Jan Hessel Wesseling, geboren op 18 december 1874 in Deever en overleden op 23 oktober 1949 in Deever.
K.H. Smidt is boer Klaas Hummelen Smidt, geboren op 30 september 1897 in Deever.
J. Veenhuis is boer Jan Veenhuis, geboren op 13 juli 1869, overleden op 30 juli 1954 in Wapse.
N. Brandenburg is veearts Nanne Brandenburg, geboren op 11 november 1887 in Oldeholtwolde, overleden op 24 mei 1968 an de Deeverbrogge.
J.R. Drost is kleermaker Jan Roelof Drost, geboren op 23 september 1889, overleden op 9 september 1979 in Havelte.
W. Smit is Willem Smit, geboren op 18 oktober 1868 in Deever.
D. van Leeuwen is Dirk van Leeuwen.
A. Davids is Albert Davids, geboren op 26 oktober 1881 in Deever, overleden op 20 mei 1955 in Deever.
W. Nijboer is Willem Nijboer, geboren op 17 september 1878 in Beilen, overleden op 24 april 1947 in Meppel.
J. Drost is kleermaker Jan Drost, geboren op 23 oktober 1891, overleden op 29 november 1975 in 
Havelte.
H. Smit is bosbaas Harm Smit, geboren op 10 december 1867, overleden op 11 oktober 1944.
H. Smidt is boer Harm Smidt, geboren op 3 december 1899, overleden op 10 december 1981.

De Deever-kenners onder ons worden verzocht te reageren op deze gegevens en ontbrekende gegevens aan te vullen.

Posted in Cultuurhistorie, Veldnaeme | Leave a comment

Stelling van korenmolen ‘de Vlijt’ bezwijkt

In het Duits-gezinde Drentsch dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe) verscheen in de Tweede Wereldoorlog op 24 december 1942 het volgende korte bericht over molen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever.

Diever. Toen de molenaar Jansen zijn molen, een z.g. kruien, op den wind wilde zetten, bezweek plotseling de stelling. Alles liep zonder ongelukken goed af. De molen echter heeft een vreemd aanzicht gekregen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Met ‘kruien’ wordt waarschijnlijk bedoeld een zogenaamde bovenkruier. Het is jammer dat bij het berichtje geen foto stond. In de Tweede Wereldoorlog zijn in de gemiente Deever heel weinig foto’s gemaakt.
Wel is de redactie in de gelukkige omstandigheid van de stellingloze korenmolen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever een afbeelding van een op 13 september 1948 verzonden zwart-wit ansichtkaart met witte rand te kunnen tonen. De molen heeft zonder stelling inderdaad een vreemd en kaal aanzicht.
Let vooral ook op ut pothokke bij de boerderij van molenaar Jan Albert (Ab) Jansen. Deze boerderij en ut pothokke zijn afgebroken (wanneer ?).

Het meisje op de boomstam is Tinie van Goor, een dochter van Roef van Goor uut de Kruusstroate in Deever.
Tinie van Goor zal wellicht met haar vader of moeder op bezoek zijn geweest bij tante Roelofje van Goor, die getrouwd was met Jacobus Kruid (Kobus Kruut) en een zuster van Roef van Goor was. De familie Kruid woonde dicht bij molen ‘de Vlijt’ in de boerderij op de hoek van de Veentjesweg en de Brinkstraat. De redactie acht het daarom aannemelijk dat Roef van Goor deze ansichtkaart verkocht in zijn boekhandel an de Kruusstroate in Deever.


Posted in Aarfgood, Ansichtkoate, Meule 'de Vlijt', Oll'ndeever, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen object | Leave a comment

Wièr un aarfgoodpaand esloopt an de Peperstroate

In de jaren na de Tweede Wereldoorlog heeft burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd respectvol ome Kees werd genoemd) cum suis (met de zijnen) nogal bewust wat fraaie erfgoedpanden in Deever laten slopen. Zijn sloophamer was het rücksichtlos onbewoonbaar verklaren van deze erfgoedpanden. Dit erfgoed is voor altijd verdwenen.
Een van de fraaie panden die nooit gesloopt had mogen worden, maar op de lijst van rijksmonumenten had moeten staan, is de keuterboerderij an de Peperstroate, op de plek waar zogenaamd nodig het bankgebouw van de Boerenleenbank moest komen te staan (wie een hond wil slaan, die kan altijd wel een stok vinden).
Wie kan de redactie van ut Deevers Archief gegevens verschaffen over de bewoners van dit pand ?
U.L.O.-schoolmeester Henk van de Bos is de maker van de hier afgebeelde fraaie kleurendia.
Henk van de Bos moet de foto in de zestiger jaren van de vorige eeuw hebben gemaakt.

Posted in Aarfgood, Brink, Keutereeje, Peperstroate, Verdwenen object | Leave a comment

De aachterkaante van ut neeje roadhuus

De gemeente Westenveld – ontstaan in 1998 – is de eerste elf jaar van zijn bestaan gevestigd geweest in Havelte. Het gemeentehuis van de voormalige gemeente Havelte -een monumentale saksische boerderij- was hiervoor elf jaar uitgebreid met noodgebouwen. Begin 2009 opende de gemeente Westenveld de deuren op de definitieve plek: het nieuw gebouwde raadhuis aan de zo te noemen Gemeentehuislaan in Deever.
Op foto’s van het nieuw gebouwde raadhuis aan de zo te noemen Gemeentehuislaan in Deever is meestal de mooie, glimmende en glanzende voorkant met de ingang van het gebouw te zien.
De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief echter een door hem op 3 oktober 2012 gemaakte foto, waarop de architectonisch zeer geslaagde grauwe achterkant van het raadhuis aan de zo te noemen Gemeentehuislaan in Deever is te zien, niet onthouden. Bewonder vooral de architectonisch fraai vormgegeven loods bovenop het gebouw.
De achterkant van het gebouw mag vooral niet door groenblijvende bomen en bosschages en struweel aan het oog worden onttrokken, want enige sociale controle van de vet belastingbetalende burgers van de gemeente Westenveld op het reilen en zeilen van de werkers van de Voorkant Van Het Onweerlegbare Gelijk In De Gemeente Westenveld achter de vele ramen van de luxueuze en ruime kantoortuinen en kantoorparken moet mogelijk blijven.

Posted in Deever, Gemeente Westenveld, Gemientehuus | Leave a comment

Veur oldejoasvurening Tied Zat besteet tied neet

De redactie van ut Deevers Archief begreep maar steeds niet waarom de oudejaarsvereniging Tied Zat op Zorgvliet, an de aandere kaante van de bos, de naam Tied Zat heeft.
Maar het waarom daarvan is de redactie duidelijk geworden tijdens een foto-rondje op Zorgvliet.
De klok van Tied Zad aan de rand van de QoloniebrinQ van Zorgvliet heeft immers geen wijzers: tied besteet ja neet, dan hei ja tied zat. Zie de afgebeelde kleurenfoto, die de redactie op 2 november 2017 heeft gemaakt.
De vraag is wel of Tied Zat de zo genoemde precariobelasting betaalt aan de Hoge En Lage Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gulzige Belasting Gelijk In De Gemeente Westenveld voor het hebben van deze tijdloze klok op de openbare QoloniebrinQ van Zorgvliet of dat de Hoge En Lage Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gulzige Belasting Gelijk In De Gemeente Westenveld hiervoor een mededoogzaam ontheffinkje hebben verleend ?

Posted in De aandere kaante van de bos, Zorgvlied | Leave a comment

Mit trillings suuk’n noar gas onder Wapse

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand geschiedkundig niet onbelangrijke berichtje in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 2 mei 1997 over onderzoek naar aardgasvelden met behulp van mini-mini-mini-mini-aardbevingen.

Seismisch onderzoek in Diever
Diever.
In het kader van opsporingsactiviteiten naar mogelijke aardgasvelden zal door de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) een seismisch- en vibro-seismisch onderzoek worden verricht in de gemeenten Diever, Ooststellingwerf, Weststellingwerf, Opsterland en Heerenveen. De werkzaamheden zijn inmiddels begonnen en zullen ongeveer 1 tot 2 maanden in beslag nemen.
Bij dit onderzoek worden door middel van trillingen ondergrondse bodemlagen in kaart gebracht.
Daar waar seismisch onderzoek wordt gedaan, worden de trillingen opgewekt door middel van lichte ondergrondse springladingen.
Daar waar vibro-seismisch onderzoek wordt gedaan, worden door trillingen opgewekt met behulp van op trucks geïnstalleerde vibratoren. Vibro-seismiek wordt ’s avonds en ’s nachts uitgevoerd.
In het betrokken gebied worden bewoners per brief nader geïnformeerd over het aanstaande onderzoek. In die gevallen waar de sticker ‘… geen ongeadresseerd drukwerk…’ is aangebracht, wordt deze brief mogelijk niet bezorgd.
Eigenaren/gebruikers van gronden waar het onderzoek moet plaats vinden, worden vooraf bezocht voor het verkrijgen van toestemming.
Dit onderzoek wordt in opdracht van de NAM uitgevoerd door het in dit werk gespecialiseerde bedrijf Compagnie Générale de Geophysique (CGG).

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Bij seismisch onderzoek worden een soort van mini-mini-mini-mini-aardbevinkjes opgewekt. Het in 1997 uitgevoerde onderzoek naar aardgasveldjes in de gemeente Diever heeft blijkbaar voldoende gegevens opgeleverd om na een geslaagde proefboring in 2015 aan de Noordenveldweg in Wapse door het Canadese bedrijf Vermilion Energy met succes het daar aanwezige aardgasveldje leeg te laten lopen.
De NAM vindt het winnen van aardgas uit kleine veldjes nog steeds erg belangrijk. De NAM geeft wel aan dat het winnen van aardgas aardbevingen kan veroorzaken. Daar weten ze om Slochteren in de provincie Groningen heel veel over mee te praten.
Hoe dichter woningen of bedrijven in de buurt van het epicentrum van de gasboring in Wapse staan, hoe groter in de komende jaren de kans op enige vorm van schade aan deze woningen of bedrijven is, als gevolg van mini-mini-aardbevinkjes – wat 
voor kracht zouden die hebben op de logaritmische schaal van Richter ? – die zouden kunnen optreden, als gevolg van plotselinge en onvoorspelbare bodemverschuivinkjes en bodembeweginkjes, als gevolg van de voorspelde ongelijkmatige bodemdalinkjes. Wellicht was het toch verstandig geweest voor het leeg laten lopen van de gasballonnetjes een nul-metinkje van woningen en bedrijven te hebben gedaan (fotootjes, waterpassinkjes en zo). Dit wordt in bebouwd gebied ook gedaan bij heiwerken, die mini-mini-aardbevinkjes veroorzaken, die schade aan bebouwing kunnen toebrengen.

Posted in Aardgaswinning, Vermilion Energy, Wapse | Leave a comment

Wie was toch ok awièr Geert Koster ?

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever in één van de dossiers inzake Deever in de Tweede Wereldoorlog bijgaande berichtjes over het overlijden van Geert Koster.

In het Weekblad voor de Gemeente Diever (Roef van Goor’s Blattie) verscheen op 4 april 1996 de rouwadvertentie (zie afbeelding 1) van de op 26 maart 1996 in zijn woning an de Vlasstroate in Deever overleden Geert Koster.

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 27 maart 1996 het volgende bericht (zie afbeelding 2) over het overlijden van Geert Koster.

Oud-verzetsman Geert Koster overleden
Diever –
Op 96-jarige leeftijd is gisteren Geert Koster in Diever overleden. Geert Koster was een zeer bekend figuur in de Dieverse gemeenschap.
Koster (‘Ome Joop’) heeft in de Tweede Wereldoorlog veel verzetswerk verricht en was in 1943 zeer nauw betrokken bij de totstandkoming van het onderduikershol in de bossen nabij Diever.
Het bestaan van het hol raakte aan het eind van de oorlog steeds meer bekend. Toen een N.S.B.’er zich liet ontvallen van het hol op de hoogte te zijn, besloten de onderduikers naar elders te verdwijnen. Kort daarop werd de omgeving door de S.S. uitgekamd, maar het hol werd niet gevonden.
Toen na enige tijd de rust was weergekeerd, besloten de verzetsstrijders om opnieuw in het hol te gaan wonen. Op deze morgen pleegde de S.D. een overval. Het hol was verraden. Er werden acht mensen gevangen genomen. Onderduikers, maar ook hulpverleners, die voor voedsel, medische hulp en dergelijke zorgden.
Van deze mensen keerde er na de oorlog slechts één terug.
Onder de gevangenen bevond zich ook de zoon van Geert Koster, Graddus Koster. Later is in Diever nog een straat naar hem vernoemd, die door Geert Koster is onthuld.
Geert Koster is de stimulator geweest om het hol in 1994 te renoveren en wel in de oorspronkelijke opzet. Hij stond op het standpunt dat het hol voor het nageslacht moest blijven bestaan.
Zaterdag zal Geert Koster worden begraven op de begraafplaats in Diever.

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 27 maart 1996 het volgende bericht (zie afbeelding 3) over het overlijden van Geert Koster.  

Verzetsman Geert Koster overleden
Diever – In zijn woonplaats Diever is oud-verzetsman Geert Koster gisteren op 26-jarige leeftijd overleden.
Geert ‘Ome Joop’ Koster heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog veel verzetswerk verricht en was in 1943 nauw betrokken bij de aanleg van het onderduikershol in de bossen van Diever.
Het bestaan van het hol werd in de nadagen van de oorlog door een verrader doorgegeven aan de Duitse bezetter.
Acht mensen, zowel onderduikers als verzetsmensen, werden gevangen genomen. Onder hen ook Graddus Koster, de zoon van Geert Koster.
Later is in Diever een straat naar Graddus vernoemd.
Na de oorlog keerde slechts één persoon uit deze groep terug naar Diever.
Geert Koster was één van de stuwende krachten achter de renovatie van het onderduikershol in 1994. Hij vond dat dit monument voor het nageslacht bewaard moest blijven.
Geert Koster wordt zaterdag begraven op de begraafplaats in Diever.

In het blad Aanpakken verscheen op 27 maart 1996 het volgende bericht over het overlijden van Geert Koster.

Oud-verzetsman Koster in Diever overleden
Diever – Op 96-jarige leeftijd is gisteren (dinsdag) Geert Koster in Diever overleden. Koster was een zeer bekend figuur in de Dieverse gemeenschap.
Als ‘Ome Joop’ heeft hij in de laatste wereldoorlog veel verzetswerk verricht. In 1943 was Koster zeer nauw betrokken bij de totstandkoming van het onderduikershol in de bossen nabij Diever.
Bij het hol namen de Duitsers acht mensen gevangen. Van hen keerde er na de oorlog slechts één terug.
Onder de gevangenen bevond zich ook Graddus Koster, de zoon van Geert Koster. Later is in Diever nog een straat naar hem vernoemd, die door Geert Koster is onthuld.
Koster was de stimulator om het hol in 1994 geheel te renoveren.
Zaterdag wordt Koster begraven op de begraafplaats in Diever.

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 28 maart 1996 het volgende bericht over het overlijden van Geert Koster.

Oud-verzetsman Geert Koster dinsdag in Diever overleden
Diever – Oud-verzetsman Geert Koster is dinsdag in zijn woonplaats Diever overleden. Koster was behalve een bekend lokaal oud-verzetsstrijder ook de oudste inwoner van Diever. Koster werd 96 jaar.
Hij kwam de afgelopen jaren veel in de belangstelling, omdat hij de motor is geweest achter de renovatie van het onderduikershol van Diever.
Een zoon van Geert Koster zat ook in het hol toen het aan het eind van de oorlog door de Duitsers werd leeggehaald.
In totaal werden hierbij acht mensen gevangen genomen en weggevoerd. Samen met zes andere onderduikers liet Gradus Koster het leven.
Slechts één verzetsstrijder keerde na de oorlog terug.
Vernoemd
Diever heeft later een straat in de gemeente naar Gradus Koster vernoemd.
Geert Koster heeft het naambordje destijds onthuld.
Onder de titel De Wigwam is het verhaal over het onderduikershol ook in boekvorm verschenen.
Geert Koster wordt zaterdag op de begraafplaats van Diever begraven.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft het koffiedikbruine vermoeden dat alle vier de berichtjes door één en hetzelfde plaatselijke kranten-correspondentje zijn geproduceerd. En wel aan de lopende band. Hier en daar is een zinnetje veranderd, is een zinnetje weggelaten, is een zinnetje toegevoegd. Weer vier berichtjes klaar. En weer rinkelt de kassa !
Maar werd de zoon van Geert Koster nu Graddus of Gradus genoemd ?  Da’s wel een klein slordigheidje of verschrijvinkje van het plaatselijke kranten-correspondentje. De redactie denkt dat hij Gradus werd genoemd.
Volgens het in één van de berichtjes genoemde boekje ‘De Wigmam. Het onderduikershol in Diever’ gaat het om Geert Gerhardus Koster, geboren op 24 mei 1925, overleden op 24 maart 1945 te Paigerhorst (zie bladzijde 50).
De Kosterstraat is te vinden op de Westeresch van Deever. Eigenlijk is het meer een Kosterpaadje met van die betuttelende paaltjes aan het begin van het paadje. Meer kon er bij de Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Straatnamen Gelijk In De Gemeente Westenveld blijkbaar niet af.
Nog opmerkelijker is dat de tekst onder de padnaam na de dood van Geert Koster niet respectvol is aangepast.
Bijvoorbeeld, wat te denken van de meest voor de hand liggende tekst:
Geert Koster – 1900 – 1996. Geert Gerhardus Koster – 1925 – 1945. Deeverse verzetsmannen, strijders voor de vrijheid.
Maar dat kost de Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Straatnamen Gelijk In De Gemeente Westenveld wel enige goede wil en
moeite. En twee nieuw bordjes, aan weerskanten van het paadje staat een bordje. Of zijn de bestaande bordjes duurzaam weer te gebruiken ? Maar dat zullen de Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Straatnamen Gelijk In De Gemeente Westenveld wel te veel vinden. Of moet het volk zelf maar een sponsor voor de bordjes zoeken ?
Een kleinzoon of achterkleinzoon van Geert Koster zou de twee nieuwe bordjes kunnen onthullen. Zo’n onthullinkje is wel weer een sappig persmomentje voor de Wethouder Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk In De Gemeente Westenveld, die Tweede-Wereldoorlog-zaken in zijn of haar zware portefeuille heeft. Denk aan die herverkiezing, elk persmomentje is toch maar weer een persmomentje. Zo’n onthullinkje betekent ook gerinkel in de kassa van het plaatselijke kranten-correspondentje.
In geen van de vier berichtjes is beschreven wat Geert Koster zo allemaal in zijn werkzame leven heeft gedaan.

Afbeelding 1
Bericht van overlijden van Geert Koster in ut Deeverse Blattie van 4 april 1996

Afbeelding 2
Bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 27 maart 1996.

Afbeelding 3
Bericht in het Nieuwsblad van het Noorden van 27 maart 1996..

Afbeelding 4
Bericht in het blad Aanpakken van 27 maart 1996.

Afbeelding 5
Bericht in de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 28 maart 1996.

Posted in Alle Deeversen, Deever, Onderduikershol, Overlijdensbericht, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

Roggemiet’n op de Heezeresch bee Deever

Deze zwart-wit foto is in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw gemaakt door de Deeverse dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm (Haarm) Hessels. Harm (Haarm) Hessels stond daarbij op de Grönnegerweg in de buurt van de kaarkhof.
De redactie van ut Deevers Archief heeft het vermoeden dat links op de achtergrond de rechtse groep van de twee groepen van drie miet’n van de gebroeders Jan en Harm (Haarm) Hessels was. De gebroeders Hessels hadden bouwland in de buurt van de Heezebaarg.
In de gemiente Deever werd tot in de zestiger jaren van de vorige eeuw in de bouw de rogge an de miete gezet, waarna een loonbedrijf uit Lhee of uit Ruinen de rogge dorste met een door een trekker aangedreven döskaaste.
De Grönnegerweg was toen tot aan het gesticht Armenwerkhuis gelukkig nog een saandweg, was dat nog maar zo. Naast de saandweg lag gescheiden door betonnen paaltjes het schelpenpad voor de fietsers en de wandelaars.

Posted in Boer'nwaark, Grönnegerweg, Harm Hessels, Heezeresch | Leave a comment

Sicht op ut bedrief van Henneman Rolden

Op de plek waar nu op de hoek van de Heufsstroate en de Tusschendarp in Deever een zelfbedieningszaak staat, stond het bedrijf van Hendrik Jan Rolden: repareren van auto’s, fietsenzaak, repareren van fietsen, elektrotechnisch installatiewerk, winkel met elektrische huishoudelijke artikelen, Shell-benzinepompen en garages voor het stallen van auto’s. De zwart-wit foto dateert uit het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw. Let op de hoge mast met de antenne voor het ontvangen van de televisiesignalen, die vanaf de televisietoren op de Smilde werden uitgezonden. Let vooral ook op de emaille reclameborden aan de muren van het pand.
Duidelijk is te zien dat het pand een boerderij is geweest, met het voorhuis dwars voor de boerderij gebouwd. Aan de rechterkant zijn de etalageruiten van de winkel te zien.
Toen vóór de Tweede Wereldoorlog het pand nog als boerderij in gebruik was, was in het voorhuis in de voorkamer aan de rechterkant café Wesseling gevestigd.
In het bijna autoloze tijdperk in de vijftiger jaren van de vorige eeuw was het hek voor de mooie kamer aan de kant van de Hoofdstraat een mooie hangplek voor jeugdigen om merk en nummerbord van de spaarzaam voorbijrijdende auto’s te noteren.
Op de door de redactie van ut Deevers Archief gemaakte kleurenfoto is ter plekke van het bedrijf van Hendrik Jan Rolden de situatie op 4 november 2017 te zien. In het zichtbare pand is een zelfbedieningswinkel gevestigd. De vorm van de zelfbedieningswinkel lijkt enigszins op de voormalige boerderij met dwars gebouwd voorhuis.

Abracadabra-509

Posted in Bedrief, Boerdereeje, Café Wesseling, Neringdoende | Leave a comment

Anne Mulder over Geert Dekker en Abel Wijkstra

De redactie van ut Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever woonde, daarna in Gasselte woonde, na zijn pensionering in Assen woonde, en is overleden bij zijn dochter in Voorburg – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het papieren blad Opraekelen van de heemkunduge vurening uut Deever te publiceren, dan maar postuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in ut Deevers Archief.
Het navolgende artikel is de Nederlandse vertaling van het in ut Deevers geschreven artikel van Anne Mulder, dat wèl in het papieren blad Opraekelen is gepubliceerd, om precies te zijn in Opraekelen nr. 00/2 (juni 2000).
Dit in ut Deevers geschreven artikel ‘Geert Dekker en Abel Wijkstra’ is in geredigeerde vorm ook als bericht opgenomen in ut Deevers Archief.

Anne Mulder over Geert Dekker en Abel Wijkstra
Aan de Hoofdstraat in Deever woonden jarenlang Geert Dekker met zijn zuster Hilligje en hun oom Abel Wijkstra. Abel Wijkstra werd in de Deeverse volksmond altijd Abel Allen of de Smorre (= ondeugend persoon) genoemd. Hilligje was haast altijd ziek, maar zij is wel behoorlijk oud geworden, 87 jaar.

Het was een huisje waar je altijd terecht kon. Enige dorpsbewoners, waaronder de gemeentelijke veldwachter Johannes Ekkelboom, kwamen daar geregeld om de dorpsnieuwtjes uit te wisselen. Het was daar altijd erg gezellig. Als kind ging ik wel eens met mijn vader mee. Ik kreeg dan van Geert lekkere appels.

Geert was in dienst van de lijkwagenvereniging. Hij is zesentwintig jaren koetsier van de lijkwagen geweest. Hij had daar een prachtig paard voor. Het paard was glimmend zwart en mak en heel geschikt en stijlvol voor de lijkwagen. Geert en Abel pasten goed op het paard. Als er niet veel sterfgevallen waren, dan placht Abel te zeggen: ‘Een slechte tijd. Er gaat geen mens dood.’

Gemeente-ambtenaar Jan Boesjes, die in de kost was bij buurman Jannes Mos, de wagenmaker, was eens een paar dagen ziek. Hij kreeg later bezoek van Abel. En die zei: ‘Wij hadden gedacht dat wij jou wel in de lijkwagen hadden gekregen.’ Hij was altijd uit op klandizie.

De voorzitter van de lijkwagenvereniging was de dominee van de hervormde kerk. Reikhalzend keken de leden van de kerkeraad elk jaar uit naar de jaarvergadering, want dan konden zij zich weer verlustigen aan de smeuïge verhalen van Geert.

Niet te overtreffen
Geert verkocht groente- en bloemzaden voor een firma. De bonensoort met de naam ‘non plus ultra’ (niet te overtreffen) prees hij altijd aan met de naam ‘plus nultra’. ‘Nou ja, die moeilijke woorden ook.’ Maar het zaad werd wel besteld.

Een wonderlijke kronkel
Geert was orgelpomper, klokkeluider en koster in de hervormde kerk. Dat heeft hij meer dan veertig jaren gedaan. Hij had ook een wonderlijke kronkel in zijn  hoofd. Als weer eens een nieuwe dominee kwam, dan vertelde de vertrekkende predikant aan zijn opvolger het volgende: ‘Als je geen blijvende onenigheid met orgelpomper Geert Dekker wilt hebben, dan moet je tegen kerstmis naar hem toe gaan en hem vragen of hij ook op tweede kerstdag tijdens het kerstfeest van de zondagschool wil orgelpompen. Geert zegt dan: ‘Ja’’. De nieuwe dominee  knoopte dat goed in zijn oren en volgde de raad op.

Ere-medaille in brons
Geert Dekker werd in 1955 op koninginnedag voor zijn verdiensten koninklijk onderscheiden met de eremedaille in brons, verbonden aan Orde van Nassau.

Roggepachten
Geert haalde ook de roggepachten op.

Geert en de landlopers
Geert was door de gemeente belast met het verschaffen van onderdak aan landlopers. Dat onderdak was een ruimte aan de noordkant van de kerk. Een laadloper kreeg dan van Geert koffie en een half brood. De gemeente betaalde daar de kosten van.

Geert en Abel en het boerwerken
Geert en Abel gingen ook wel zo genoemd uit boerwerken. Als je een stuk grond voor de verbouw van zeg maar aardappels had, dan kwamen Geert en Abel met hun paard om de grond te bewerken. Maar als je graag wilde, dat zij op een bepaalde dag kwamen, dan moest je tegen hun zeggen dat het op die dag niet schikte. Dan zeiden Geert en Abel prompt dat het hun juist op die dag wel schikte. Zij waren altijd tegen de draad in. ‘Nou ja,’, zei men dan grif, ‘dat moet dan maar. Wij hangen van jullie af.’
Geert verzorgde ook een paar tuintjes van particulieren.

Geert in het ziekenhuis
Toen Geert in het ziekenhuis belandde, kreeg hij zoveel fruit dat hij dat niet allemaal alleen kon opeten. Hij heeft toen geprobeerd het fruit wat over was bij opbod te verkopen aan de andere patiënten. Dat zal wel niet zijn gelukt. Het was een zuinigerd ! Hij is is op 6 maart 1963 overleden op 87-jarige leeftijd.

Abel en het broodmeel
Roelof (Roef) Wesseling ging met meel naar de bakker om daar broden van te laten bakken. Toen kwam hij Abel tegen. Die zei: ‘Ik kan je een reis besparen. Ik moet toch die kant op. Geef mij dat meel maar mee.’ En tegen de bakker zei Abel: ‘Dit is het broodmeel van Roelof Wesseling. Je moet er voor zorgen dat alle broden propvol met krenten zitten, want ze krijgen zondag grote visite.’ Roelof Wesseling schrok zich dood toen hij de broden ophaalde. Thuis gekomen schrok zijn vrouw Annigje ook, maar die zei: ‘Ja jongen, dan moet je zoiets ook niet meegeven aan Abel. Je weet hoe hij is.’

Abel heeft het weer
Bij hun boerderijtje waren stratenmakers bezig met de straat. Er was ook een leerling bij. Abel merkte dat die jongen ban voor hem was. Daar was munt uit te slaan en hij stelde zich in verbinding met postbode Roelof Vos (bode Vossie), die daar vlakbij woonde.  Abel zei tegen bode Vossie: ‘Als je vanmiddag van de bestelling thuis komt, dan moet je komen en mij het touw aan mijn been binden, de baanderdeur open doen en dan moet je mij naar buiten leiden en dan ga ik al rollend en brullend naar de jongen toe. Als de stratenmakers dan vragen: ‘Wat is er aan de hand’, dan schreeuw je: ‘Hij heeft het weer ! Hij heeft het weer !’ Aldus gebeurde. Die jonge is spoorslags vertrokken en zij hebben hem daar nooit weer gezien.

Abel en de meisjes
Abel had het altijd te doen met de vrouwen. Als hij ergens was, dan zegde hij als er meisjes in de buurt waren het volgende versje op:
Wie slaap’rig is, wie gaap’rig is, wat doet die bij de bruid.
Kan er nog geen klein zoentje af, dan is de vriendschap uit.
Dan vroeg hij aan de meisjes: ‘Mag ik er nu ook één ?’ Maar die waren daar niet van gediend. Abel werd daarom ook vaak Abeltje Smok (un smok = een kus) genoemd.

Abel op de sokken
In een kamer van de tegenwoordige boerderij van Hendrik Krol aan de Hoofdstraat gaf een mevrouw Heida naailes aan een paar jongedames. Abel liep daar geregeld langs naar hun land op Kalteren. De jongedames maakten altijd grimassen tegen Abel als hij voorbij kwam. Totdat hij een keer naar het huis liep, het raam open schoof en alle kleren die bij het raam lagen onder de arm nam en deed alsof hij daarmee naar Kalteren ging. Nu was Diever in last ! Hoe kregen zij dat naaigoed terug ? Uit nood deden zij de deur open en toen kwam Abel met het naaigoed naar binnen. Hij ging met dat goed achter de vluchtende meisjes aan tot buiten de boerderij. Op het laatst gaf hij hen hun goed terug en ging naar Kalteren. ‘Ik zat achter hen aan op de sokken, zei Abel later.

Abel als adviseur van Shell
Bij buurman Lambert Rolden moest een Shell benzinepomp worden geplaatst. Een beambte had daar de leiding bij. Abel was er ook bij met zijn ongevraagde aanwijzingen. Die beambte was daar natuurlijk niet van gediend en zei op een gegeven moment: ‘Ouwe man, ik heb eerbied voor je ouderdom, maar niet voor je verrotte praatjes.’ En Abel droop af. Abel is 93 jaar geworden. Abel was een mooi figuur, wellicht een van de mooiste figuren die Deever ooit heeft gekend.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Abel Wijkstra werd Oude Abel, Abel Allen, Allen Abel, de Smorre of Abeltje Smok genoemd.
Abel Wijkstra is geboren op 26 maart 1837 in Deever, als zoon van Alle Abels Wijkstra en Jacobje Jans Kremer. Hij is overleden op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Deever. Abel Wijkstra is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
In het in het Deevers geschreven artikel Anne Mulder over Geert Dekker en Aèbel Wiekstra is een afbeelding van een fraaie zwart-wit foto van Abel Wijkstra bij het boerderijtje van Geert Dekker an de Heufdstroate opgenomen.
De redactie heeft het vermoeden dat die foto van Abel Wijkstra is gemaakt omstreeks 1925.

Afbeelding 1
Deze fraaie zwart-wit foto is gemaakt bij het niet meer bestaande boerderijtje van Geert Dekker an de Heufdstroate. De foto laat zien dat Abel Wijkstra even niet bezig is met touw draaien, maar een pijpje aan het roken is. Het instrument in de rechterhand van Abel Wijkstra is een soort spintol waarmee het garen wordt getwijnd. Het getwijnde garen wordt op de haspel gewonden. De redactie heeft het vermoeden dat deze foto van Abel Wijkstra is gemaakt omstreeks 1925.

Posted in Alle Deeversen, Deevers, Dorpsfiguur, Geert Dekker, Verdwenen object | Leave a comment

Un oarig duur stooltie van vief loag’n fineerholt

De redactie van ut Deevers Archief zag in de webstee www.wonderwoodstore.nl enige afbeeldingen van een mooie stoel, zie de bijgaande afbeelding, die gemaakt is van zo genoemd plywood. De architect en meubelmaker Heinrich (Hein) Wilhelm Christian Stolle heeft deze stoel in de periode 1945-1950 ontworpen.
De gerenomeerde meubelfabriek ‘de Toekomst’ an de Deeverbrogge is de maker van het prototype van deze stoel (BN-1) van zo genoemd plywood. Plywood bestaat uit aan elkaar gelijmde lagen fineerhout, die later in verschillende mallen in vormen wordt gebracht.
Dit prototype van de stoel is in de hiervoor genoemde webstee gretig als zo genoemd vintage meubelstuk te koop voor heel veel geld. Maar er zijn verzamelaars die voor dit soort oude meubelstukken zonder blikken of blozen bereid zijn heel veel geld neer te tellen. Zelfs wel € 2500 ! Een grote vraag is of deze stoel ooit in productie is genomen ? Het is duidelijk dat de stoel niet koppelbaar is, maar een andere grote vraag is of deze stoel ook stabelbaar is ? En de stoel moet zeker ook als Deevers industrieel aarfgood worden beschouwd.
In het onvolprezen boekwerkje An de Brogge – Geschiedenis van Dieverbrug in woord en beeld van de Historische Vereniging Gemeente Diever is meubelfabriek ‘de Toekomst’ te summier beschreven en is helaas geen gewag gemaakt van dit soort van meubel-design-top-stukken. Toch wel een beetje een gevalletje van jammer.

Posted in Aarfgood, An de Deeverbrogge, Meubelfabriek 'de Toekomst' | Leave a comment

Anne Mulder over Geert Dekker en Aèbel Wiekstra

De redactie van ut Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het papieren blad Opraekelen van de heemkunduge vurening uut Deever te publiceren, dan maar posthuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in ut Deevers Archief. Bijgaande artikel van Anne Mulder is wèl in het papieren blad Opraekelen gepubliceerd, om precies te zijn in Opraekelen nr. 00/2 (juni 2000).
Anne Mulder haalt in zijn artikel wat eigen herinneringen op aan Geert Dekker en Abel Wijkstra, twee bekende dorpsfiguren in Deever. Anne Mulder was bereid zijn verhaal in ut Deevers te schrijven. De redactie is hem daar postuum zeer erkentelijk voor. Wel heeft de redactie de tekst van het artikel waar nodig wat aangepast. De redactie verneemt van zijn zeer gewaardeerde bezoekers graag aanvullingen op dit verhaal.

An de Heufdstroate in Deever woond’n joar’nlang Geert Dekker mit sien zuster Hillegie en heur ome Abel Wijkstra. Abel Wijkstra wödde in de Deeverse volksmond altied Aèbel Allen of de Smorre (= ondeugend persoon) enuumd. Hillegie was hoast altied seek, mor see is wè oar’g old ewödd’n, 87 jaor.

Ut was doar un hüsie van holan (= een huis waar je altijd terecht kon). Un paèr dörpsbewoners, so ok de gemiente-veldwaachter Johannes Ekkelboom, kwaam’m doar geregeld um de dörpsneegies uut te wissel’n. Altied aarg gezellig. As kiend gung ik wel ies mit mien vaè mit. Ik krege dan van Geert lekkere appels.

Geert was in deenst van de liekwaèg’nvurening. Hee is zess’ntwintig joar koetsier van de liekwaèg’n ewest. Hee haar doar un prachtig peerd veur. Ut was glimm’nd zwat, mak en hiel geschikt en stijlvol veur de liekwaèg’n. Geert en Aèbel past’n d’r good op. As ur neet veule staarfgevall’n waar’n, dan placht Aèbel te segg’n: ‘Un slechte tied. D’r geet gien meinse dood.’

Gemiente-ambtenoar Jan Boesjes, die in de kost was bee buurman Jannes Mos, de waègenmaèker, was ies un paèr daèg’n seek. Hee kreeg laèter besuuk van Aèbel. En die see: ‘Wee haad’n edaacht da’w oe wè in de koetse (= lijkwagen) kreeg’n haad’n.’ Hee was dus altied uut op klandizie.

De veurzitter van de liekwaèg’nvurening was de domeneer van de hervormde kaarke. Riekhals’nd keek’n de leed’n van de kaarkeroad elk joar uut noar de joarvurgaèdering, want dan könn’n see heur wièr vurlustugg’n an de smeuïge verhaèl’n van Geert.

Niet te overtreffen
Geert vurkochte greunte- en bloemsoad’n veur un firma. De bonesoort mit de naème ‘non plus ultra’ (niet te overtreffen) prees hee altied an mit de naème ‘plus nultra’. ‘Noo ja die meulukke woord’n ok.’ Mor ut soad wödde wè besteld.

Un wondelukke kronkel
Geert was orgelpomper, klokkelüder en koster in de hervormde kaarke. Dat hef hee meer dan vièrtig joar edoane. Hee haar ok un wondelukke kronkel in sien heufd.
As ur wièr ies un neeje domeneer kwaamp, dan vurtelde de vertrekkende predikant an sien opvolger ut voll’nde: ‘Als je geen blijvende onenigheid met orgelpomper Geert Dekker wilt hebben, dan moet je tegen kerstmis naar hem toe gaan en hem vragen of hij ook op tweede kerstdag tijdens het kerstfeest van de zondagschool wil orgelpompen. Geert zegt dan: ‘Ja’.’ De neeje domeneer knöpte dat good in sien oren en voldeed doaran.

Ere-medallie in brons
Geert Dekker wödde in 1955 op Keuninginnedag veur sien vurdienst’n keuninkluk underscheid’n mit de eremedallie in brons, verbun’n an de Orde van Nassau.

Roggepacht’n
Geert heul ook de roggepacht’n op.

Geert en de laandlopers
Geert was deur de gemiente belast mit ut verschaff’n van onderdak an laandlopers. Dat onderdak was un ruumte an de noordkaante van de kaarke. Un laandloper kreeg dan van Geert koffie en un halve stoete. De gemiente beteul doar de kost’n van.

Geert en Aebel en ut boerwaark’n
Geert en Aèbel gung’n ok wè sogenaèmd uut boerwaark’n. Ai’j un stuk grond veur de vurbouw van seg mor ièpels haar’n, dan kwaam’n Geert en Aèbel mit heur pièrd um de grond te bewaark’n. Mor ai’j graèg woll’n, dat see op un bepoalde dag kwaa’m, dan mus ie tegen heur segg’n dat ut op die dag neet schikte. Dan seed’n Geert en Aèbel prompt dat ut heur juust op die dag wel schikte. See waar’n altied teeg’n de droad in. ‘Now ja’, see men dan grif, ‘dat möt dan mor. Wee hangt van oe of.’
Geert vurzörgde ok un paèr tuunties van parteculieren.

Geert in ut seek’nhuus
Toen Geert in ut seek’nhuus belaandde kreeg hee soveule fruit dat hee dat neet allemoale allent kun opeet’n. Hee hef toen probeerd ut fruit wat over was bee opbod te vurkoop’m an de aandere pesjent’n. Dat zal wel neet elokt weed’n. Ut was un sünigerd ! Hee is op 6 maert 1963 overlee’n op 87-joarige leeftied.

Aèbel en ut stoetemèèl
Roelof (Roef) Wesseling gung mit mèèl hen de bakker um d’r stoet’n van te loat’n bakk’n. Toen kwaamp hee Aèbel teeg’n. Die see: ‘Ik kan oe un reize beschoon’n (= besparen). Ik moe toch die kaante uut. Geef mee dat mèèl mor mit.’ En teeg’n de bakker see Aèbel: ‘Dit is ut stoetemèèl van Roef Wesseling. Ie meut ur veur sörg’n dat alle stoet’n stiefvol krent’n zit, want see kriegt sundag grote vesite.’ Roef Wesseling skruk hum dood toen hee de stoet’n opheul. Thuus ekoo’m skruk sien vrouw Annegie ok, moar see see: Ja jong, dan moei zöks neet an Aèbel mitgee’m. Ie weet hoe hee is.

Aèbel hef’t weer
Bee heur boerdereegie waar’n stroatemaèkers an de gaank mit de stroate. D’r was ok un lièrling bee. Aèbel maarkte dat die jonge bange veur hum was. Doar was munt uut te sloan en hee stelde hum in verbiending mit postbode Roef Vos (bode Vossie), die doar vlakbee woonde.  Aèbel see bode Vossie: ‘Ai’j ’t noamedag van de bestelling thuus koompt, dan moei koo’m en mee un touw an ’t bien bien’n, de baanderdeure lös doon en dan moei mee hen buut’n leid’n en dan goa ik al rül’nd en brull’nd op die jonge of. As de stroatemaèkers dan vroagt: ‘Wat is ur an de haand’, dan skrow ie: ‘Hee hef’t weer ! Hee hef’t weer !’
Aldus gebeurde. Die jonge is spoorslags vertrökk’n en see hept hum doar nooit wièr esiene.

Aèbel en de maegies
Aebel haar ut altied te doon mit de vrouw’n. As hee aarg’ns was, dan see hee as ur maègies in de buute waar’n ut voll’nde vassie op:
Wie slaap’rig is, wie gaap’rig is, wat doet die bij de bruid.
Kan er nog geen klein zoentje af, dan is de vriendschap uit.
Dan vreug hee an de maègies: Mag ik ur now ok iene ? Mor die waar’n doar neet van edeend. Aèbel wödde doarumme ok vaèke Aèbeltie Smok (un smok = een kus) enuumd.

Aebel op de hoozevöttels
In un kaèmer van de teeg’nwoordige boerdereeje van Hendrik Krol an de Heufdstroate gaaf iene mevrouw Heida neeiles an un paèr jongedames. Aebel leup doar geregeld langes hen heur laand op Kalter’n. De jongedames meuk’n altied grimass’n teeg”n Aèbel as hee veurbee kwaamp …… Totdat hee un keer hen ut huus leup, ‘t raèm oop’mscheuf en alle klièr’n die bee ‘t raèm laag’n under de naarm naamp en deu asof hee ur mit hen Kalter’n gung. Now was Deever in last ! Hoe kreeg’n see dat neeigood terogge ? Van nood deed’n see de deure lös en doar kwaamp Aèbel mit ut neeigood binn’n. Hee gung mit dat good aachter de vluchtende maègies an tot buut’n de boerdereeje. In ut lèest gaaf hee heur good of en gung hen Kalter’n. ‘Ik sate aachter heur an op de hoozevöttels (= sokken)’, see Aèbel laèter.

Aèbel as adviseur van Shell
Bee buurman Lambert Rolden mus un Shell besienepompe eplaest wödd’n. Un beambte haar doar de leiding bee. Aèbel was d’r ok bee mit sien ongevroagde anwiezings. Die beambte was doar netuurluk neet van edeend en see op un gegee’m moment: ‘Ouwe man, ik heb eerbied voor je ouderdom, maar niet voor je verrotte praatjes.’ En Aèbel dreup of. Aèbel is 93 joar ewödd’n.
Aèbel was un mooi feguur, ammit ien van de mooiste feguren die Deever ooit hef ekend.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Abel Wijkstra werd Olde Aébel, Aèbel Allen, Allen Aèbel, de Smorre of Aèbeltie Smok genoemd.
Abel Wijkstra is geboren op 26 maart 1837 in Deever, als zoon van Alle Abels Wijkstra en Jacobje Jans Kremer. Hij is overleden op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Deever. Abel Wijkstra is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 9 augustus 1929 verscheen het volgende korte bericht (zie afbeelding 2) over Abel Wijkstra: De ruim 91-jarige A. Wijkstra alhier, beter bekend onder den naam Olde Aébel, zagen we gisteren nog bezig op het land te ‘rogge wellen’. Abel werkte er nog geducht op los en menige jonge landbouwer zou hem dit karweitje niet kunnen verbeteren.
Rogge wellen is van de gemaaide rogge met de welhaak garven maken en deze in de lengterichting van het korenveld leggen.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van mooie afbeeldingen van foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 36 van Opraekelen nr. 00/2 (juni 2000). Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen als afbeelding 26 van het in 1981 uitgegeven papieren boekwerkje Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door de gepensioneerde schoolmeester Albertus Andree (Andrea ?, Andreae ?) (die in de Deeverse volksmond altijd Bart Eulie werd genoemd) uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Bij afbeelding 26 in het boekwerkje ‘Diever in oude ansichten’ staat de volgende tekst (citaat): De ouderen onder u zullen zich zeker deze man herinneren. Het is Abel Wijkstra, die jarenlang heeft gewoond in het huis van de klokkeluider, op de plaats waar nu het nieuwe huis van Geertje Vos staat. Hij woonde daar samen met zijn oomzegger en oomzegster Geert en Hillegie. Onze karakteristieke figuur werd Aèbel Allen genoemd (of omgekeerd Allen Aèbel). Hij stond bekend als een gezellige prater, maar de kinderen (en vooral de meisjes) waren vaak bang voor hem, omdat hij probeerde hen een kusje te geven. Als zijn oomzegger Geert de lijkwagen reed, dan zat Aèbel vaak naast hem op de bok of liep naast de koets.

Afbeelding 1
De foto is gemaakt bij het niet meer bestaande boerderijtje van Geert Dekker an de Heufdstroate. De foto laat zien dat Abel Wijkstra bezig is met touw draaien. Het instrument in de rechterhand van Abel Wijkstra is een soort spintol waarmee het garen wordt getwijnd. Het getwijnde garen wordt op de haspel gewonden. De redactie heeft het vermoeden dat deze foto van Abel Wijkstra is gemaakt omstreeks 1925.

Afbeelding 2
Berichtje in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 9 augustus 1929

Posted in Alle Deeversen, Deevers, Dorpsfiguur, Geert Dekker, Verdwenen object | Leave a comment

Ut kuunstwaark ‘Grauw is goud en goud is grauw’

.De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (papier scannen en vervolgens in de papier-container gooien) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand geschiedkundig niet onbelangrijke berichtje uit het juni-juli nummer van het jaar 1996 van het tijdschrift Metaal en Techniek van de Metaalunie, over een smeedmanifestatie op de brink in Deever.

Kunstwerk gemaakt ter ere van Shakespeare
Smeedmanifestatie trok duizenden bezoekers
‘Fair is foul and foul is fair’. Deze veelbetekenende tekst uit MacBeth van William Shakespeare is verwerkt in het kunstwerk dat gemaakt is tijdens de Smeedmanifestatie op 24 en 25 mei in het Drentse Diever. Zo’n veertig smeden van het Nederlandse Gilde van Kunstsmeden (NGK) hebben samen met een aantal buitenlandse gasten uit België, Luxemburg en Duitsland daarvoor samengewerkt. Het unieke resultaat daarvan werd aan het eind van de tweedaagse manifestatie aangeboden aan burgemeester Cox van Diever.
Aanleiding voor het houden van de manifestatie was het 50-jarig jubileum van de Shakespeare-vereniging en de uitvoering van één van Shakespeare’s toneelstukken in het plaatselijke openluchttheater.
Naar een idee van Klaas Kleine, NGK-bestuurslid en smid in Diever, is een boog met gesmede ornamenteningevuld, waaraan een rijk versierde kroon hangt (omgekeerd opgehangen). De boog symboliseert de vergankelijkheid van roem, een element dat zo typerend is voor de toneelstukken van Shakespeare.
Aan de manifestatie is door de regionale media veel aandacht besteed. Meer dan tweeduizend bezoekers hebben gedurende de twee dagen de verrichtingen van de deelnemers gadegeslagen. Ook de goede onderlinge sfeer in de gemoedelijke omgeving heeft er toe bijgedragen dat de deelnemers met veel genoegen op deze manifestatie terugkijken.
Op 7 augustus aanstaande zal de burgemeester van Stratford upon Avon, de geboorte- en woonplaats van Shakespeare, naar Diever komen om de première van het jubileumtoneelstuk ‘A winters tale’, bij te wonen en om tevens het NGK-kunstwerk te onthullen, dat een permanente plaats krijgt bij het openluchttheater van Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 2 november 2017 gemaakt; let op de nog steeds bloeiende planten.
Het kunstig gemaakte object met de naam ‘Grauw is goud en goud is grauw’ staat net buiten de steeds meer verpretparkiseerde ondeeverse toneelspeelplaatsen an de Heezeresch bee Deever.
Op het groene bordje bij het kunstig gemaakte object staat: ‘Fair is foul and foul is fair’ (MacBeth). Aangeboden door het Nederlands Gilde van Kunstsmeden op 7 augustus 1996 in verband met 50 jaar Shakespaere in Deever.
Aan de lange lijst van kundes en beroepen van alleskunner Klaas Kleine kan een kunde worden toegevoegd, namelijk bestuurder van het Nederlands Gilde van Kunstsmeden.
Alleskunner wijlen Klaas Kleine (dertien ambachten en geen ongelukken, van nature kritisch en een beetje cynisch) was dus onder meer hoefsmid, siersmid, kunstsmid, edelsmid, romanticus, historicus, bouwkundige, huizenbouwer, restaurateur, timmerman, metselaar, landgeitenfokker, landgeitenhouder, landgeitenkaasmaker, vioolbouwer, toneelspeler, schrijver, dichter, vertaler, docent Dreins, bestuurder, onderzoeksjournalist, klokkenluider, koster, ouderling, kerkvoogd (als nog een kunde of een beroep aan deze lijst moet worden toegevoegd, aarzel dan niet die kunde of dat beroep aan de redactie door te geven).

Posted in Brink, Deever, Eup’mlogtspel, Heezeresch, Klaas Kleine, Kuunst | Leave a comment

In de vurboude pothokke trekt see now koos’n

Het eenvoudige maar onvolprezen geschrift ‘Pothokken in de voormalige gemeente Diever’ is in 1999 uitgegeven door de Historische Vereniging Gemeente Diever. Om te komen tot dit geschrift is door vrijwilligers van de vereniging ontzettend veel werk verzet. Daarvoor driewerf hulde: hulde, hulde, hulde.
In dat geschrift zijn enige gegevens – zie afbeelding 1 – te vinden van de pothokke mit de neet te begriep’m code 01-030-1, dat stön bee de femilie Hessels nog net an de Kruusstroate in Deever. De pothokke stiet now nog steeds an de Kruusstroate.
In de pothokke van de familie Hessels stonden een grote buitenpot en twee binnenpotten. De niet geëmailleerde binnenpot werd gebruikt voor het koken van varkensvoer. ’s Maandags werd de was opgekookt in een geëmailleerde binnenpot. De geëmailleerde pot werd ook gebruikt voor het koken van water dat werd gebruikt bij het slachten van een varken in het najaar. Met het kokend hete water konden de haren van het varken beter worden verwijderd. De geëmailleerde pot werd na het slachten ook gebruikt voor het koken van bloedworst en kortgoed, zoals de kop, de lever en het hart.
In de pothokke stond ook een kachel. In de winter werd het eten in de huiskamer van de boerderij gekookt. In de zomer moest de huiskamer zo koel mogelijk blijven, daarom werd in de zomer het eten in de pothokke gekookt. In de pothokke stond later ook de wasmachine.
In 2019/2020 ten tijde van de grote onderbestratings-epedemie (Deever op Drift) in de straten van het binnendorp van Deever is de pothokke vernieuwd en grondig verbouwd tot een werkruimte voor een tandarts. Het is nu de best geconserveerde en meest moderne pothokke in de gemiente Deever. In de verbouwde pothokke trekken ze nu kiezen.
Het is eigenlijk wel een beetje een voorstelbare zaak dat de Historische Vereniging Gemeente Diever, meer dan twintig jaren na 1999, de staat van de pothokk’n in de gemiente Deever opnieuw in ogenschouw neemt en op basis daarvan een nieuw versie van het geschrift ‘Pothokken in de voormalige gemeente Diever’ uit te brengen. Dan kan ook die abracadabra-codering van de pothokken worden aangepast, dus niet abracadabra-code 01-030-1, maar gewoon post-code 7981 AR

Afbeelding 1

Afbeelding 2
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 3 september 2018

Afbeelding 3
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 6 november 2019.
Aan de straatkant is te zien dat wordt gewerkt aan de vernieuwing van het dak van de pothokke. De golfplaten (golfplaten van asbest ?), die ooit dakpannen hebben vervangen, zijn op hun beurt vervangen door dakpannen. Onder de dakpannen is een dampdoorlatende waterwerende kunststof folie aangebracht.
De argeloze voorbijganger zou kunnen denken dat het werk aan de pothokke af is na het bouwen van het schoorsteentje op de pothokke, het aanbrengen van boeiborden, het aanbrengen van dakgoten en het afwerken van het dak.


Afbeelding 4
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 6 november 2019.

Afbeelding 5
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 6 november 2019.
Echter een blik aan de achterkant van de pothokke levert een heel ander beeld op. Achter en tegen de halfsteensmuurtjes van oude handvormsteen, die wel gauw een keer opnieuw mogen worden gevoegd, is een aannemer erg druk bezig met het bouwen van een houten ongetwijfeld flink geïsoleerde binnenwandconstructie. Het dakbeschot is ook volledig vernieuwd. De redactie van ut Deevers Archief denkt niet dat Harm (Haarm) en Jan Hessels zich zo’n ingrijpende verbouwing ooit hadden kunnen indenken.

Afbeelding 6
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2019.
Het schoorsteentje en de dakgoten moeten nog worden aangebracht.

Afbeelding 7
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2019.
Het schoorsteentje en de dakgoten moeten nog worden aangebracht. De buitengevel moet nog worden gevoegd.

Afbeelding 8
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2019.
De binnenkant van de achtergevel moet nog worden afgewerkt. De halfsteens buitengevel moet nog worden gemetseld.

Afbeelding 9
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 21 november 2019.
De binnenkant van de pothokke met de halfsteens muurtjes is bijzonder goed en toekomstbestendig geïsoleerd.

Afbeelding 10
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 29 november 2019.
Het schoorsteentje en de dakgoten moeten nog worden aangebracht. De buitengevel moet nog worden gevoegd.


Afbeelding 11
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 11 december 2019.
De aannemer is bezig met het metselen van het schoorsteentje.

Afbeelding 12
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 27 november 2020.
De pothokke is klaar. De halfsteens muurtjes zijn opnieuw gevoegd. De dakgoten en de regenafvoeren zijn aangebracht.

Afbeelding 13
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 27 november 2020.
De achtergevel is met dezelfde soort steen opgemetseld.
De redactie heeft het altijd jammer gevonden dat in dit pothokke bij de bouw vòòr 1900 geen stalramen van het Deeverse model zijn toegepast. Of werden stalraampjes van dat model alleen in keuterboerderijtjes toegepast ?

Afbeelding 14
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.
Achter de grote stalramen staan grote glazen potten.

Afbeelding 15
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.
Bij nadere beschouwing is te zien dat de tandarts in die glazen pot achter het linker stalraam kleine uitdeeltubetje tandpasta bewaard. Die heeft hij ongetwijfeld gekregen van de vertegenwoordiger van de tandpastafabriek.

Afbeelding 16
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.
Bij nadere beschouwing is te zien dat de tandarts in de linker glazen pot achter het rechter stalraam ook kleine uitdeeltubetje tandpasta bewaard. Die heeft hij ongetwijfeld gekregen van de vertegenwoordiger van een andere tandpastafabriek.

Posted in Kruusstroate, Pothokke | Leave a comment

De melkventer mit de melkkarre in de Heufdstroate

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 29 oktober 1954 verscheen het volgende korte bericht over de benoeming van een nieuwe melkventer van de Coöperatieve Zuivelfabriek Diever aan het Moleneinde in Deever. 

Nieuwe melkventer.
Diever. – Tot melkventer aan de coöperatieve zuivelfabriek is benoemd de heer H. Brouwer, zulks in de plaats van de heer D. van Leeuwen te Dieverbrug, die voor deze betrekking heeft bedankt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Gelukkig is van melkventer Dirk van Leeuwen tijdens zijn werk als melkventer wel een prachtige foto gemaakt en bewaard gebleven. De redactie vindt het wel jammer dat op deze foto niet de hele melkkar én het trekpaard zijn te zien. Dan zou de foto een topstuk zijn geweest. De hier afgebeelde foto is nu min of meer te beschouwen als een topstukje.
De foto is in de Heufdstroate van Deever in de buurt van het huis van de dokter gemaakt. Op de achtergrond is rijpende rogge op een bouwakker op de Westeresch te zien. De bouwakker reikte tot an de Heufdstroate. De redactie zou van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief wel graag willen weten wie de vrouw en het kind op de foto zijn. Wie reageert ?
De foto is gemaakt ná de Tweede Wereldoorlog en is gelet op de datum van het bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) in elk geval vóór 29 oktober 1954 gemaakt. Of is deze foto als een soort van afscheidsfoto gemaakt tijdens de laèste rit van Dirk van Leeuwen mit de melkkarre ? Dirk van Leeuwen is geboren op 4 januari 1896 in Dwingel en is overleden op 17 september 1985. Hij trouwde op 3 mei 1919 met Aaltje Oosterkamp in Deever.

En wie was H. Brouwer, de opvolger van Dirk van Leeuwen ?

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van mooie afbeeldingen op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 10 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Heufdstroate, Süvelfubriek Deever, Westeresch | Leave a comment

Ut woap’m van Deever op un emaille speltie

In de zestiger jaren van de vorige eeuw waren ten tijde van de grote speldjesrage, dus ver vóór de samenvoeging van de gemiente Deever, de gemiente Dwingel, de gemiente Vledder en de gemiente Oavelt, bij neringdoenden/winkelhouders in de gemiente Deever, ook geëmailleerde speldjes met op het schild een afbeelding van het naoorlogse woap’m van de gemiente Deever te koop. De redactie van ut Deevers Archief toont aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief graag bijgaande afbeelding van het schild van zo’n speldje dat te koop was in de Wiba-winkel van Jan Brugging en Griet Oost an de Heufdstroate in Deever. Jij kunt als verzamelaar van brocante toeristische prullaria uut de gemiente Deever dit soort van souvenirs toch maar beter wel in jouw hopelijk steeds fraaier wordende verzameling hebben.

Posted in Deever, Woap'm van Deever | Leave a comment

De keuk’n van de student’nkaamp an de Bosweg

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 8 juni 1918 verscheen nota bene op de voorpagina het volgende korte bericht over de bouw van de studentenkaamp bee ut Mast’nveltie an de Bosweg

Diever. Het studentenkamp bij ons dorp begint vaste vormen aan te nemen: voor twee gebouwen zijn reeds de fondamenten gereed gekomen. Het eene dient tot keuken, het andere tot bergplaats. De noodige steen is grotendeels aanwezig. Het houtwerk wordt in gereedheid gebracht in Lochem en per tram aangevoerd. Er komen logeergasten in Juli, Augustus en September, die een onderkomen in tenten zullen vinden. Het kamp ligt ongeveer een kwartier buiten ons dorp, aan den straatweg naar Wateren en Zorgvlied.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het bestuur van de Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond  (V.C.S.B.) had het terrein voor de kaamp in erfpacht van mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom, de eigenaar van het landgoed Berkenheuvel.
Het is wel uiterst merkwaardig te noemen dat het houtwerk van de genoemde gebouwen als een soort van bouwpakket in Lochem werd gemaakt. Bij de werkplaats werd het houtwerk op wagens geladen en vervoerd naar het treinstation in Lochem. Daar werd het houtwerk afgeladen en op een treinwagon geladen. Vervolgens werd het houtwerk van Lochem met de trein vervoerd naar Meppel. Vervolgens werd het houtwerk van de treinwagon geladen en naar het eindpunt van de tram gebracht. Vervolgens werd het houtwerk op een goederenwagon geladen. Vervolgens werd het houtwerk met de tram van het eindpunt van de tram in Meppel naar het rangeerspoortje bij de tramhalte an de Deeverbrogge vervoerd. Vervolgens werd het houtwerk van de goederenwagon gehaald en op boerenwagens geladen. Vervolgens werden de met houtwerk geladen boerenwagens door paarden van de Deeverbrogge naar de studentenkamp aan de Bosweg getrokken om daar afgeladen te worden. Wat een gesjouw. Als de Hoge Heren Van Het Bestuur Van De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond eerst even slim een rekensommetje op de achterkant van hun sigarendoos hadden gemaakt, dan hadden ze het houtwerk zeker in Deever laten maken door plaatselijke aanneemmannen en timmermannen, dan waren ze zeker een stuk goedkoper uit geweest. Dan was goed geweest voor de plaatselijke werkgelegenheid.
Uit de begintijd van de kaamp van de Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.) bij het Mastenveldje aan de Bosweg in Deever zijn enige kostelijke ansichtkaarten in nostalgisch aandoende sepiakleuren bewaard gebleven. Jij kunt 
deze voortreffelijke kaarten maar beter wel in jouw Deever-vusaemeling hebben, anders hoor jij niet bij de club. Echt neet.
De redactie toont als voorbeeld een nostalgisch aandoende sepiakleurige ansichtkaart uit 1920 van de keuken, die in 1918 is gebouwd. Da’s al meer dan een een eeuw geleden !
De door de studenten verzamelde zwerfstenen, die op de voorgrond van de afbeelding zijn waar te nemen, zijn heden ten dage nog steeds terug te vinden in het voormalige studentenkampterrein. De redactie zal te gelegener tijd, dus niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf, een kleurenfoto van deze stenen bij dit bericht plaatsen.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen als afbeelding 64 van het in 1981 uitgegeven papieren boekwerkje Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door de gepensioneerde schoolmeester Albertus Andree (Andrea ?, Andreae ?) (Bart Eulie) uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien. Bij afbeelding 64 in het boekwerkje ‘Diever in oude ansichten’ staat de volgende tekst (citaat): Aan de bosweg naar Wateren bevond zich lang geleden een kamp. Het was van de Vrijzinnig Christelijke Studentenbond. het zogenaamde V.C.S.B.-kamp of kortweg studentenkamp. Er stonden indertijd twee vaste gebouwen, maar verder huisde men in tenten. Gedurende de hele zomer was het druk bezet. Dagelijks zagen we de studenten op de fiets naar Dieverbrug gaan, om daar te gaan zwemmen in de Drentse Hoofdvaart. Alles is nu opgeruimd, alleen de dikke zwerfstenen, die u nog op de foto aantreft, liggen er heden ten dage nog.

Posted in Bosweg, Student’nkaamp, V.C.S.B.-kaamp | Leave a comment

Ut stoefmaèl hung as un dichte wolke um Deever

In het supplement ‘de Landbouwgids’ van de courant ‘de Grondwet’ (Rosendaalsche en Nieuwe Zevenbergsche courant voor godsdienst, koning en vaderland) verscheen op 28 juni 1892 bijgaand korte maar wel bijzondere bericht uit de veraf gelegen kleine gemiente Deever in Drente.

Diever, 6 juni. Zelden heeft de rogge zoo heerlijk gebloeid als dit jaar. De groei was buitengewoon snel, de bloei inderdaad prachtig. Het stuifmeel hing als eene dichte wolk rondom ons dorp. Soms was dit zoo erg, alsof wij in eenen dichten nevel gehuld waren. Het vochtige weder der laatste dagen heeft ook de groenlanden uitstekend doen ontwikkelen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In 1892 waren in Deever nog geen uitbreidingsplannen, in Deever was nog geen enkele nieuwbouw, de Brinkstroate, de Kloosterstroate, de Vlasstroate, de Tusschendarp, de Binnenesch en de Veentiesweg bestonden gelukkig nog niet. De essen met de akkers rogge reikten tot in het dorp, tot direct achter de boerderijen. Het is heel goed voorstelbaar dat Deever in die zomer van 1892 helemaal was omringd door akkers met rogge.
De korrels van het stuifmeel (de pollen) van rogge zijn betrekkelijk groot en blijven bij het verwaaien liggen in de buurt waar zij groeien, maar toch zal het voor mensen met hooikoorts een beroerde periode zijn geweest.
Bijgaand afgebeelde zwart-wit foto toont een goed voorbeeld van hoe dicht de akkers met rogge bij de bebouwing lagen.
Boer Roelof (Roof) Fransen (die in de volksmond ‘de Fraanse’ werd genoemd) uut de Heufdstroate heeft bij het ‘gaarv’n bien’n’ enige hulp van een stadse struise schone, die op vakantie was op zijn boerderij. Weet Wil (Willie) Fransen nog de naam van dit meisje ? Op de hier zichtbare Tusschendarpakkers bevindt zich nu de bebouwing aan de straten de Tusschendarp, de Vlasstroate en de Binnenesch. Rechts achter het meisje is de toen nog nieuwe Lagere School aan de Tusschendarp te zien. De oude Lagere School an de Heufdstroate en het huis van de schoolschoonmaker naast de oude school zijn niet zien. Links achter het meisje bevindt zich de boerderij waarin het bedrijf van garagehouder Lambert Rolden was gevestigd. De boerderij van Roelof (Roof) Fransen en Klaassien Mulder an de Heufdstroate is aan de linkerkant van Roelof (Roof) Fransen te zien. De afgebeelde foto moet vlak na de Tweede Wereldoorlog zijn gemaakt.
Roelof (Roof) Fransen is geboren op 8 oktober 1904 in Nijeveen en is overleden op 22 september 1977 in Deever. Klaassien Mulder is geboren op 28 januari 1911 in Deever en is overleden op 22 december 1969 in Deever. Beiden zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Wie giet ee’m hen de stien um ’t noa te kiek’n ?


Posted in Binnenes, Boer'nwaark, Esch, Legere skoele in Deever, Opraekelen, Tusschendarp, Veldnaeme, Vlasstroate | Leave a comment

Un onbekende olde foto uut de gemiente Deever

De redactie van ut Deevers Archief is al dagen flabbergasted -om maar eens een heden ten dage in Nederland veel gebruikt Engels modewoord te gebruiken- van bijgaande afbeelding.
Van horen zeggen is de hier afgebeelde zwart-wit foto in de twintiger jaren van de vorige eeuw gemaakt. De foto moet dus zo’n honderd jaar geleden zijn gemaakt.
Van horen zeggen is de foto in de gemiente Deever gemaakt, maar de redactie heeft helaas nog niet uit kunnen vogelen welk pand hier op de foto is gezet. Bestaat het pand nog wel ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie gegevens verschaffen over het hier zichtbare huis ?

De redactie ontving op 14 augustus 2021 de volgende reactie van de heer Henk Nijboer uit Beilen:
Dit is de burgemeesterswoning. Die is, nadat de familie Meyboom er was ingetrokken, door de gemeente Diever voorzien van een nieuwe bovenverdieping . Deze foto is van vóór 1939.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie verwijst tevens naar het bericht Hartelijk dank – Kees, Nell, Elsje en Wouter.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van de voormalige gemeentelijke ambtswoning van de burgemeester van de gemiente Deever gemaakt op 21 november 2014.

Posted in Deever | Leave a comment

Hen un neeje hutte op Kalter’n

In de Leeuwarder Courant van 9 augustus 1892 verscheen het navolgende korte bericht over de mensonterende woonomstandigheden van een Wapser familie aan het einde van de negentiende eeuw.

Uit Diever schrijft men aan de Asser Courant:
Wanneer men van Wapse naar Vledder gaat, ziet men aan den weg eenige woningen staan, welke die naam eigenlijk niet verdienen. Vooral die van zekeren Bauke Grit ziet er treurig uit. Een gat in den grond, waarboven een dak van heideplaggen; een oude blikken emmer den dienst voor schoorsteen doende; twee gaten, waarin geen spoor van glas, zijn de vensters; eene grootere opening, door een zak afgesloten, is de deur.
Ziedaar een tamelijk getrouw beeld.
Het scheen Grit daar niet langer te bevallen en de woning achterlaten ging toch niet. Daarom werd op Kalteren eene geschikte plaats uitgezocht, de woning in zijn geheel met den inboedel op een boerenwagen geladen en ’s avonds gaf een rookkolommetje uit den blikken emmer te kennen, dat men met de overbrenging kant en klaar was.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het zal anders zijn gegaan dan de schrijver van dit korte bericht ons wil doen geloven.
Het bouwen van een nieuwe plaggenhut voor de familie Grit op Kalteren zal ongetwijfeld niet overdag zijn uitgevoerd, maar ’s nachts. Het feodale gewoonterecht wilde dat de nachtelijke bouwer van een hut, daarbij natuurlijk geholpen door familie en kameraden, eigenaar werd van het stukje woeste grond -veelal een stukje heidegrond, want dan waren de heideplaggen vlakbij te steken- waarop de plaggenhut was gebouwd, mits bij het opkomen van de zon, rook uit de schoorsteen kwam, ook al was de schoorsteen van blik.
De woningwet van 1901, ingesteld door het kabinet Pierson, verplichtte een gemeente wel tot het vaststellen van normen, waaraan woningen moesten voldoen bij ingebruikname of ingebruikgave van woonruimte, maar het duurde nog tot na de Tweede Wereldoorlog voordat alle bewoonde maar onbewoonbare hutten uit de gemiente 
Deever waren verdwenen. Bauke Grit is geboren op 18 juni 1842 in Oll’ndeever als zoon van arbeider Jan Grit en IJdechien Jans. Hij trouwde op 2 maart 1876 met Lutgardina Koerts. Bauke Grit is overleden op 10 december 1913.


Posted in Hutte, Kalteren, Wapse, Woningbouw | Leave a comment

Niks bau’n tuss’n de Heufdstroate en de Peperstroate

In de Friese-koerier (onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden) verscheen op 5 april 1956 het navolgende korte alarmerende bericht.

Bouwverbod in Diever
Diever
De gemeenteraad van Diever heeft besloten over te gaan tot de aankoop van een strook bouwterrein van de heer J.T. Seinen c.s. te Diever voor f. 11.458,–. Deze grond is bestemd voor de bouw van winkels en dergelijke.
Over het algemeen was de raad van mening, dat de gemeente deze grond moest kopen, maar over de bestemming van de grond liepen de meningen uiteen. Omdat men echter geen beslissing hoefde te nemen over de bestemming van het terrein werd er slechts gestemd over de aankoop van dit stuk grond. Zeven leden stemden voor het voorstel; twee waren er tegen.
Voort werd in deze vergadering een verordening inzake bebouwingsvoorschriften voor de kom van Diever vastgesteld. Nu het voorstel in dezen is aanvaard bestaat er een bouwverbod voor het blok tussen de Hoofdstraat en de Peperstraat, waar in de toekomst een soort brink zal komen. Op een vijftal percelen zal de herbouw van een boerderij evenwel mogelijk blijven.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Gelukkig is op het stuk grond van Jan Thijs Seinen met de zijnen nooit een soort van een door de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk Van De Gemiente Deever beoogd megalomanistisch winkelcentrum gebouwd, maar werden later op het stuk grond (in de Weiert) de eerste bejaardenhuisjes van de gemiente Deever gebouwd. Veel hulde aan de gemeenteraad, die niet in de lompe plannetjes van burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), de Grote Aanvoerder Van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In De Gemiente Deever, met de zijnen wenste te trappen.
Het is zeer te betreuren dat de gemeenteraad een bouwverbod voor het blok tussen de Heufdstroate en de Peperstroate in Deever wél aanvaardde. Burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), de Grote Aanvoerder Van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In De Gemiente Deever,
 met de zijnen wilde de bebouwing tussen de Heufdstroate en de Peperstroate -zie bijgaande zwart-wit foto- slopen en op de vrijgekomen grond een grasveld wellicht met bomen aanleggen en die dan brink gaan noemen. Alsof je een willekeurig grasveld zo maar brink kunt gaan noemen ! Alsof de volstrekt niet-angelsaksische brink van Deever niet goed en erfgoed genoeg was en uitgebreid moest worden tot een slecht soort van Dwingeler brink ? Gelukkig is het zover nooit gekomen. Dan zou ook de smederij van de gebroeders Kloeze (nu rijksmonument) tegen de vlakte zijn gegaan. Bijgaande zwart-wit foto is gemaakt in de Tweede Wereldoorlog. De fotograaf stond boven in de gemeentelijke toren aan de brink.
Het boerderijtje rechts op de voorgrond is het boerderijtje van Hendrik Gruppen an de Heufdstroate in Deever. Dit boerderijtje is op 21 juni 1946 na een blikseminslag afgebrand en helaas niet weer opgebouwd. De plek van het boerderijtje is nu een stuk grasveld aan de zo genoemde Kerkstraat bij de kerk aan de brink van Deever. De redactie verwijst graag naar het betreffende bericht in het Deevers Archief.
Wat burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), de Grote Aanvoerder Van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In De Gemiente Deever, met de zijnen bij de uitvoering van de sloopplannetjes met name in de weg kwam te staan, was de verrassende plaatsing van de boerderij van Trompetter op de Monumentenlijst; zie het betreffende bericht in het Deevers Archief. Blijkbaar liet de communicatie tussen burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), de Grote Aanvoerder Van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In De Gemiente Deever, met de zijnen en de rijksoverheid ten zeerste te wensen over..  

Abracadabra-1284

Abracadabra-1285

Posted in Gemiente Deever, Heufdstroate, Jan Cornelis Meiboom, Logtfoto, Peperstroate, Topstuk | Leave a comment

In de bouw in ut Grünedal an de Bosweg in 1964

In de nadagen van het aan schoven zetten van het koren (in dit geval gaat het zo te zien om haver) brachten neringdoenden in Deever nog een prachtige zwart-wit ansichtkaart uit.
De foto voor deze ansichtkaart is gemaakt op de bouwakker met de naam Grünedal an de Bosweg in Deever.
In het wit geschilderde huisje aan de zandweg (was de weg nu nog maar een zandweg) naar het openluchttheater woonden Jitse Betten (geboren op 25-03-1914, overleden op 14-11-1969, hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnerweg in Deever) en Eltje (Eltie) Oost (geboortedatum en precieze overlijdensdatum zijn niet bekend bij de redactie).
Rechts achter het wit geschilderde huisje is pension ‘de Zandkamp’ van de familie Kamphuis te zien.
Van deze door het bedrijf JosPé in Arnhem uitgegeven ansichtkaart zijn meerdere uitgaven bekend.
Roelof (Roef) van Goor (Van Goor’s Kantoorboekhandel an de Kruusstroate in Deever) verkocht deze kaart in november 1964 voor het eerst.
Hendrik Koopman (Drogisterij ‘de Gaper’ an de Heufdstroate in Deever) verkocht in november 1966 ook een oplage van deze kaart.
Roelof (Roef) van Goor (Van Goor’s Kantoorboekhandel an de Kruusstroate in Deever) verkocht in oktober 1967 nog een keer een oplage van deze kaart.
Wellicht zijn er nog andere uitgaven geweest.
Welke zeer gewaardeerde trouwe bezoeker van ut Deevers Archief kan ontbrekende of aanvullende gegevens doorgeven ?
Welke zeer gewaardeerde trouwe bezoeker van ut Deevers Archief is bereid een scan van foto’s van boeren in de bouw, van het boerenleven in de gemiente Deever voor publicatie in ut Deevers Archief ter beschikking te stellen ?

abracadabra-330

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkoate, Boer'nwaark, Grünedal, Veldnaeme | Leave a comment

Soldoat’nbivak in de kaamp op de Oeren bee Kalter’n

Middenstanders, veelal winkeliers, vroeger werden ze neringdoenden genoemd, tegenwoordig noemen ze zichzelf ondernemer, uit de omgeving van de soldoatenkaamp op de Oeren bee Kalter’n beseften dat ze kansen hadden aardig geld te verdienen aan de verkoop van ansichtkaarten aan de in de zomer in het oefenkamp gelegerde grote groep soldaten.
Bijgaand afgebeelde ansichtkoate behoort tot een verzameling van een redelijk groot aantal verschillende in 1905, 1906, 1907 en 1908 uitgegeven ansichtkaarten van het militaire oefenkamp op de Oeren bee Kalter’n.
Het is de bedoeling van de redactie van ut Deevers Archief steeds meer van deze ansichtkaarten in ut Deevers Archief te tonen. En uiteraard zo mogelijk alle in die jaren uitgegeven ansichtkaarten. De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deeveers Archief, die in het bezit is van afbeeldingen van de soldoat’nkaamp op de Oeren bee Kalter’n wordt verzocht een goede scan van die afbeeldingen ter beschikking te stellen voor opname in ut Deevers Archief. De redactie is deze zeer gewaardeerde bezoeker daarvoor al bij voorbaat bijzonder erkentelijk.
De hier afgebeeld ansichtkaart is ongelopen, dat wil zeggen niet per post verstuurd geweest. Op de achterkant zijn de uitgever en het jaar van uitgave helaas niet vermeld. De redactie heeft wel het sterke vermoeden dat deze kaart in 1906 is uitgegeven.

Posted in Ansichtkoate, de Kaamp op de Oeren | Leave a comment

Agin neet betaèl’n mit ut Spoeltie

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 6 april 1998 verscheen het volgende bericht over de introductie van het door de leden van de handelsvereniging Deever – winkelikers/neringdoenden, die zichzelf ondernemer noemen – geaccepteerde betaalmiddel met de naam Spoel. 

Betalen met het Spoeltje
De ondernemersbeurs wordt donderdagavond 9 april om 19.00 uur officieel door de burgemeester van Westenveld Anne Meijer geopend. Vanaf dat moment heeft Diever een eigen betaalmiddel en wel het Spoeltje.
Vooruitlopend op de Euro is dit een geldig betaalmiddel in Diever met een waarde van zegge en schrijve vijf gulden.
Dinsdag gaat de burgemeester met de heren E. Brugging, J. Kuiper en A. Wemmenhove, allen ondernemers uit Diever, naar de Rijksmunt in Utrecht. Meijer zal daar het eerste Spoeltje slaan.
Het Spoeltje is ontworpen door de Nederlandse Munt. De achterzijde van het muntstuk toont het wapen van de voormalige gemeente Diever. De voorzijde is voorzien van het beeld bij de Nederlands hervormde kerk, wat voorstelt Titania de elfenkoning en Spoel de Wever uit het stuk de ‘Middernachtsdroom’. Vandaar de naam Spoeltje.
…..

In de Drentsche en Asser Courant van 4 april 1998 verscheen het volgende bericht over de introductie van het door de leden van de handelsvereniging Deever – die zichzelf ondernemer noemen – geproduceerde en geaccepteerde betaalmiddel met de naam Spoel.

Het Spoeltje wettig betaalmiddel in Diever
De ondernemers in Diever zijn sneller dan de Europese politici. Vooruitlopend op de Euro introduceert de handelsvereniging Diever donderdag het vijfguldenstuk het Spoeltje. De komende vijf jaar is het muntstuk een wettig betaalmiddel in Diever
De munt is in het reguliere betalingsverkeer van cupro-nikkel, maar voor de verzamelaars is de munt ook in zilveren en gouden uitvoering te verkrijgen. Het Spoeltje is ontworpen door de Nederlandse Munt.
Burgemeester A. Meijer van Westerveld reisde gisteren naar Utrecht om de eerste Dieverder Spoel te slaan bij de Rijksmunt.
De achterzijde van de munt laat het wapen van de voormalige gemeente Diever zien. Op de voorkant staat het beeld dat bij de nederlands hervormde kerk van Diever staat. Dit beeld stelt Titania de elfenkoningin en Spoel de Wever voor uit de Midzomernachtsdroom van Shakespeare. Het nieuwe muntstuk van Diever wordt donderdag gepresenteerd bij de start van de ondernemersbeurs Diever.
…..

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de introductie van het plaatselijke betaalmiddel met de naam Spoel (zie de afbeelding van de munt) altijd als een speelse en niet serieuze actie, maar ook als een lepe uitmelkactie van het handelsmerk Shakespeare van de Deeverse winkelhouders/neringdoenden -leden van de handelsvereniging Deever, die zichzelf ondernemer noemen – beschouwd. De redactie beschouwt het als een redelijk zware aanval van shakespearitis.
Wie in Deever betaalde de rekening van de Rijksmunt in Utrech ? Het zullen de kopers van de munten zijn geweest.
De redactie trekt uit niet eens zo nauwkeurig koekeloeren naar de kop (kop of munt) van het cupro-nikkelen (legering van koper, nikkel, ijzer en mangaan) muntstuk de conclusie dat een afbeelding van elfenkoningin Titania en wever Spoel of een afbeelding van het beeld in de kerketuin bij de brink van Deever in geen velden of wegen is te bekennen.
Of stonden de elfenkoningin Titania en de wever Spoel als kop op de dure zilveren en gouden uitvoering van de munt voor verzamelaars ?
De redactie ziet op de kop (kop of munt) van de cupro-nikkelen munt wel de figuren Prospero en Ariel uit de romantische komedie De Storm van William Shakespeare staan.
Maar waarom maakt het ijverige plaatselijke correspondentje van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) en waarom maakte de verslaggeefster van de Drentsche en Asser Courant dan hiervan geen gewag in hun berichtje ? Zaten zij te snurken ? Of zijn ze door de winkeliers/neringdoenden – leden van de handelsvereniging in Deever – niet goed voorgelicht?
De Deeverse bevolking deed natuurlijk niks met deze munt, het werd een regelrechte flop. Wie was bereid moeite te doen deze munten bij de RABO-bank te kopen en vervolgens met die munten pruimtabak of havermoutse pap te gaan kopen ? En wisselgeld krijgen in de vorm van rijksdaalders, guldens, kwartjes, dubbeltjes, stuivers en centen. En dan weer bij de RABO-bank een nieuwe voorraad Spoeltjes kopen. En ook de neringdoende gingen naar de RABO-bank om de ontvangen Spoeltjes 
in te wisselen tegen harde guldens.
Nee, de Spoel, die naam staat wel op de munt (kop of munt) van het muntstuk, ook de cupro-nikkelen versie van deze munt, zal hooguit een verzamelobject zijn geworden. Wie weet hoeveel guldens de Deeverse winkelhouders/neringdoenden – die zichzelf ondernemer noemen – en de RABO-bank hebben verdiend aan de verkoop van de cupro-nikkelen, zilveren en gouden uitvoering van de Spoel ?
Het was ook boeren
slim in de cupro-nikkelen versie van de Spoel een gat te slaan en daar een kettinkje met een sleutelhanger aan vast te maken, en die vervolgens voor acht of tien gulden te verkopen aan openluchtspel-prullaria-verzamelaars, zeg maar shakespearitis-lijders, zoals de redactie van ut Deevers archief.
In het berichtje in de Drentsche en Asser Courant is sprake van een wettig betaalmiddel. Dat is natuurlijk onjuist. Een wettig betaalmiddel is een door de overheid aangewezen geldsoort, die als betaalmiddel moet worden geaccepteerd. En aan die eis voldeed de S
poel niet.
Desalniettemin nochthans evenwel waren in Deever neringdoenden te vinden die het Spoeltje als betaalmiddel accepteerden. Bijvoorbeeld bij de eigenaren van garage Kloeze aan het Moleneinde 35 in Deever kon jij jouw auto wassen (laten wassen ?) voor een Spoeltje ! Zie de bijgevoegde afbeelding van de advertentie, die staat op bladzijde 5 van ut Deeverse Blattie van 16 april 1998.   

 

Posted in Deever, Neringdoende, Shakespearitis | Leave a comment

Stalraèm model Deever in de olde skoapskooi

In de tot woonhuisje omgebouwde voormalige schaapskooi van wijlen emeritus domeneer Theo Rutgers an de brink van Deever zijn ook enige kleine stalraampjes van het model Deever te bespeuren. Deze zijn op afbeelding 1 in de zijmuur van het achterhuis, rechts van de zijvoordeur te zien. Deze zijn op afbeelding 2 ook in de zijmuur aan de kant van de boerderij van Cornelis Seinen te zien. De grote vraag is natuurlijk of deze stalraampjes ook al in de voormalige schaapskooi aanwezig waren of dat emeritus domeneer Theo Rutgers deze bij de verbouwing van de schaapskooi tot woonhuis in de zijmuur heeft doen plaatsen ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto voor afbeelding 1 gemaakt op 3 oktober 2012.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto voor afbeelding 2 gemaakt op 11 december 2019, ten tijde van de grote lokale bestratingsepidemie met de eufemistische naam Deever op Drift.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Stalraèm model Deever | Leave a comment

De bebossing van Baark’nheuvel is hoast kloar

In de avondeditie van de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 5 september 1925 verscheen ter gelegenheid van de voleinding van de ontwikkeling van het landgoed Berkenheuvel het volgende bericht.

Berkenheuvel – Resultaat van den strijd tegen het zand
Ruim een halve eeuw geleden reeds is de eerste eigenaar van het te Diever, in Drente, gelegen landgoed Berkenheuvel, dat toen grootendeels uit binnenduinen en zandverstuivingen bestond, begonnen met pogingen om die vast te leggen en te bebosschen. Sedert is deze bezitting eenige malen aan andere kopers overgegaan, maar de laatste 35 jaar behoort zij in eigendom toe aan mr. A.C. van Daalen te Bennekom.
In deze perioden is de strijd tegen het zand voortgezet, en 25 jaren lang heeft nu de boschbaas H. Smit, een Noor van geboorte, in deze afgelegenheid zijn kennis en zijn krachten gewijd aan de cultuur van Berkenheuvel, dat sedert tot 1350 hectaren, meest met dennen, eiken, Amerikaansche eiken, beuken en berken begroeid terrein is uitgebreid.
Met ontzaggelijk veel moeite en overleg zijn de zandverstuivingen thans vastgelegd, is de bebosssching vrijwel voltooid, vindt men er hier en daar een stuk grasland, en zelfs een complex bouwland temidden van de bosschen en heuvels, waaroverheen op sommige plekken, en langs de vroegere schapendriften, de gezaaide en gepote boomen zich vrij hebben voortgeplant, nu de schapen er niet meer zijn, om alle jonge spruitjes weg te grazen van de heidevelden. Een mooi en romantisch landgoed is er ontstaan over deze groote uitgestrektheid, waar ’s zomers dan ook geregeld de jeugd uit de steden komt kampeeren.
De eigenaar exploiteert zijn bezitting echter voor den verkoop van het hout. Om dit te vervoeren, zijn er een menigte zandwegen aangelegd. En dat de ontginning van deze woeste gronden loonend is geworden, blijkt wel, als men weet, dat daar in één gunstig jaar alleen voor f. 60.000 aan boomstammen verkocht is.
Mr. Van Daalen heeft nu de voleinding van het werk en de omstandigheid dat de boschbaas Smit daar juist een kwart eeuw dezen arbeid geleid heeft, willen vieren door het oprichten van een rustiek gedenkteeken op een der bekoorlijkste plekken van Berkenheuvel. Voor de onthulling hiervan waren heden eenige gasten uitgenodigd, onder wie de commissaris der Koningin in Drenthe, leden van Gedeputeerde Staten, de directeur van het Staatsboschbedrijf, bestuursleden van de Maatschappij van Weldadigheid, Natuurmonumenten, den A.N.W.B. en plaatselijke autoriteiten behoorden.
In zijn feestrede beklaagde de heer Van Daalen zich over zijns inziens te hoogen aanslag in de belastingen voor zijn bosschbedrijf en over gebrek aan medewerking van sommige besturen bij de exploitatie hiervan.
Er zou een ommegang worden gemaakt ten deele op wagens, tot aan den nieuwen uitkijktoren, die een uitzicht geeft over deze bekoorlijkste en winstgevende landstreek, waar vroeger niet veel anders was dan een barre zandzee en het dorre heideveld.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Boschbaas Harm Smit is op 11 december 1867 in Noordwolde in de gemeente Weststellingwerf geboren als zoon van Wolter Smit en Gezina Catharina Vogelzang. Hij was dus geen Noor, maar Noordwoldiger van geboorte. Harm Smit is op 11 oktober 1944 in Deever overleden. Harm Smit, die toen nog boerenknecht was, trouwde op 15 mei 1891 in Dwingel met Jacoba Monis, beroep: dienstmeid. Jacoba Monis is geboren op 6 oktober 1863 in Uffelte als dochter van een onbekende vader en Grietje Monis. Jacoba Monis overleed op 15 februari 1956 in Deever.
Hun dochter Gezina Catharina Smit, geboren op 7 april 1895 op Kalter’n, trouwde op 25 april 1919 met de uit Eernewoude afkomstige landbouwer Klaas Marcus Balsma, die in de Tweede Wereldoorlog een beruchte N.S.B.’er was in de gemiente Deever.

Abracadabra-371

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Deever, Klaas Marcus Balsma, Landgoed Berkenheuvel, Monument Berkenheuvel | Leave a comment

De toor’n en de kaarke in de kaarkhof an de brink

De redactie van ut Deevers Archief laat graag zijn bezoekers meegenieten van mooie afbeeldingen uut de gemiente Deever.
In het archief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in Den Haag bevindt zich een prachtige zwart-wit foto van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren in de schitterende kaarhof an de brink van Deever. Deze hier afgebeelde foto is gemaakt in 1938. De naam van de fotograaf is niet bekend. Deze foto is een topstuk en is fotografisch aarfgood van de gemiente Deever.
Het uurwerk in de gemeentelijke toren in de schitterende kaarkhof an de brink van Deever zat voor de grote restauratie in 1956-1957 boven de galmgaten. Aan de stand van de zon te zien moet de foto om zesentwintig minuten over tien uur in de ochtend zijn gemaakt. Dit is af te leiden uit de schaduw in de linker benedenhoek van de foto.
Was de fotograaf speciaal naar Deever gekomen voor deze foto en heeft hij naast deze foto nog een hele serie foto’s gemaakt ? Dat is wel te hopen. Wellicht was hij al daags tevoren aangekomen en had hij overnacht in hotel Brinkzicht an de brink van Deever.
In die tijd was de hof van de kerk voorzien van een afrastering van betonnen palen en gaas. Om te voorkomen dat de vertrekkende of terugkerende schaapskudde op de hof zou gaan grazen ? Of om te voorkomen dat het mit de Deevermaarkt een rotzooitje zou worden op de hof ? De grafstenen op de kerkhof zijn misschien al lang vóór 1938 verdwenen. De graven zijn pas bij de grote restauratie van de kerk in 1956-1957 geruimd. Wie in die jaren in Deever woonde, zal zich wellicht de berg botten bij het graafwerk rond de kerk nog herinneren. Zijn de nieuwe boompjes met de juiste kennis van de ligging van de graven geplant of kan het zijn dat onder de stammen van de thans aanwezige bomen nog resten van menselijke botten zijn te vinden ?
Aan de rechterkant is wit wasgoed in de hof van de kerk te zien. De met gras begroeide hof kon immers mooi worden gebruikt als bleek (de was lag op de blieke). Wie bleekte daar de was ? Was het de vrouw die in de boerderij op de hoek van de Peperstroate en de Kaarkstroate woonde of was het de vrouw van Hendrik Gruppen (geboren op 10-07-1868, overleden op 15-8-1955), die in de boerderij op de hoek van de Heufdstroate en de Kaarkstroate woonde ?
Heette de verbindingsweg tussen de Heufdstroatre en de Peperpstroate toen ook al Kaarkstroate of is die saaie naam later bedacht ? De naam van deze straat zou met enige goede wil nog steeds kunnen worden veranderd in Aquamanileweg of Orgelpomperstraat of Jans Tabaklaan. Deze straat bestond in 1938 uit een klinkerverharding met aan weerskanten zo’n mooie echte strook van veldkeien en veldkeitjes. Is de verharding van deze straat ten prooi gevallen aan de naoorlogse slooplust van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk In De Gemiente Deever, dat Deever in de naoorlogse vaart der volkeren wilde opstoten ?
Aan de rechterkant van de foto is een pand te zien. Of zijn het twee panden ? Bij vergroting van de foto is boven het rechter zonnescherm een niet te ontletteren naam te zien. Was in het pand een winkel gevestigd ? Van wie was het pand of de pandenl ? Van bakker Albert Kuiper (Aubut Kuper) ? Wat is na 1938 met dit pand of met deze panden gebeurd ?
Aan de rechterkant is een houten paal van het bovengrondse elektriciteitsnet te zien. Bij vergroting van de foto zijn aan de paal de porceleinen isolatiepotjes te zien en ook de stroomdraden. Was de spanning op de draden toen al 220 Volt ?
Aan de linker kant van de foto is te zien dat een hoekje van de hof in gebruik was als een soort plantentuintje. Was dit het tuintje van dorpsfiguur Geert Dekker, koster en orgelpomper van de kerk en menner van de lijkwagen ? Geert Dekker woonde immers an de Heufdstroate tegenover de Kaarkstroate ? Het zou best kunnen, want Geert Dekker had zijn moestuin op ut Bultie. 
Aan de linkerkant van de foto is op de achtergrond de boerderij van Jan Seinen te zien. Deze boerderij bestaat nog steeds, zij het dat aan één kant de muren beetje bij beetje steeds schever zakken.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.

Posted in Aarfgood, Brink, Kaarke an de brink, Toor'n an de brink, Topstuk | Leave a comment

Wat is ut geboortejoar van ut dörp Zorgvliet ?

In de met de heemkunduge vurening uut Deever verbonden heemkundige werkgroep in het dorp Zorgvliet an de aandere kaante van de bos wordt naarstig gezocht, gegist en gegokt naar het geboortejaar van het dorp Zorgvliet, dat is ontstaan in het gebied dat vroeger Woater’n heette.
Zo wordt getracht vast te stellen wanneer Zorgvliet, de naam van het landhuis van Johannes Fransiscus de Ruijter de Wildt, ook voor het eerst is gebruikt als naam voor de daarbij gelegen zich ontwikkelende bebouwing.
De redactie van ut Deevers Archief adviseert niet langer te zoeken. Het advies is het jaar waarin begonnen is met de bouw van het landhuis Zorgvliet te beschouwen als geboortejaar van het dorp met de naam Zorgvliet.
Een plaatselijke heemkundige kan die datum wel in oude kranten vinden. Zonder de land- en bosbouwactiviteiten van de bouwer van het landhuis Zorgvliet was het dorp Zorgvliet zeker niet ontstaan, zoals dit dorp in de loop van de jaren is ontstaan en had het dorp Zorgvliet zeker niet de naam Zorgvliet gekregen als de bouwer van het landhuis Zorgvliet dat landhuis bijvoorbeeld de naam Oase van Weldadigheid zou hebben gegeven. Hoe eenvoudig kan het toch zijn……..

Posted in De aandere kaante van de bos, de Ruiter de Wildt, Woater’n, Zorgvlied | Leave a comment

Groot en Klein Woater’n ekocht mit Indies gold

In de Java-bode (nieuws-, handels- en advertentieblad voor Nederlands Indië) van 11 oktober 1871 verscheen een anonieme reactie op het korte, eenvoudige, zakelijke en feitelijke berichtje over de verkoop van het landgoed Groot en Klein Wateren, dat werd gepubliceerd in nummer 27 van de Mail-Courant van 2 september 1871.

Het landgoed Groot en Klein Wateren, in de gemeenten Vledder en Diever, is, naar wij vernemen, voor negenennegentig duizend vierhonderd acht gulden verkocht aan den heer Enger, uit Oost-Indië, wonende te Arnhem.
Mail-Courant van 2 september 1871, nummer 27.

De Indische Goudmijn
Waarom niet f 99.408, in cijfers ? Waarom, door het voluit schrijven van die som, den lezer genoodigd, nee gedwongen, des te langer met zijne gedachten bij hare rondheid te vertoeven ?
De vraag behelst het antwoord. Even duidelijk alsof hij zich in uwe onmiddellijke nabijheid bevond, ziet gij op vierduizend mijlen afstand hem achter de lessenaar zitten, den provincialen correspondent, inboorling der gemeenten Vledder en Diever, die voor den vasten prijs van f. 2,50 het stuk provinciale nieuwtjes aan de dagbladen der groote steden zendt. Van zijne vroegste jeugd kent en benijdt hij de heerlijkheden van Groot en Klein Wateren. Zijn vader is er tuinbaas geweest. Met de zonen van den toenmaligen eigenaar heeft hij er gevischt, gejaagd, gerost, gereden, slootje gesprongen. Waar die ‘jongeheeren’ zich thans bevinden, weet hij niet.
Van den eenen eigenaar is het goed in den loop des tijds op den anderen overgegaan, tot het nu laatstelijk op nieuw te koop werd aangeboden. Hem zelven is het intusschen niet meedegelopen in de wereld. Ten einde hem te doen rijzen op de maatschappelijke ladder, hebben zijne ouders hem bij den burgemeester in de leer gedaan; doch bij die eerste sport is het gebleven, en nog op dit oogenblik heeft hij het niet verder gebracht dan tot klerk ter gemeente-secretarie. Zoetjes aan verstrijkt de tijd, dat hij aan trouwen zou kunnen denken. De langgewenschte traktementsverhooging blijft uit, en er valt te Vledder en Diever te zelden iets bijzonders voor, om de betrekking van korrespondent winstgevend te maken.
Wie is die Enger, van wien men verhaalt, dat hij voor bijna eene ton gouds Groot en Klein Wateren gekocht heeft ? Hij weet alleen, dat de man te Arnhem woont en uit Oost-Indië komt. Oost-Indië ? Waarom is ook hij daar indertijd niet heen gegaan ? Misschien was hij zelf dan op dit oogenblik insgelijks een rijk man en had hij een bod op Groot en Klein  Wateren kunnen doen. Waarom hij niet even goed als Enger ? Niemands heeft ooit gehoord of beweerd, dat Enger een genie of een prins was. Wie weet of Enger’s vader niet achter de varkens heeft geloopen, of Enger de zoon niet als koloniaal zijne loopbaan begonnen is ? Met dat al is die zoon thans een man van fortuin. Hij komt uit Oost-Indië en woont te Arnhem; dus bezit hij alvast eene villa en heeft de gelegenheid slechts afgewacht, ook nog een landgoed te koopen. Negen-en negentigduizend-vier-honderd-acht-gulden – ’t is geen kleinigheid !
De aldus redenerende Vledder -en Dieveraar is een type. Hij vertegenwoordigt het slechts langzaam uitstervend geslacht der Nederlanders, die onder den algemeenen naam van ‘Oost-Indië’ zich een land van belofte denken, waar men rijker vandaan komt, naarmate men voorheen in het moederland minder heeft willen deugen. Wat zoo iemand hier te lande heeft uitgevoerd, in welk gedeelte van den Archipel hij werkzaam is geweest, waarmee hij zich heeft bezig gehouden, welk soort van kundigheden hij heeft moeten aanleren; of hij fortuin heeft gemaakt als landbouwer, als industrieel, als toko-houder, als lid eener weeskamer, als pakhuismeester, als schout, op eerlijke of oneerlijke wijze – daarvan zijn zij te eenemaal onkundig en gaan alleen bij voorkeur van de onderstelling uit, dat vooral twee factoren den aankoop van Groot en Klein Wateren mogelijk hebben gemaakt: een ruim geweten en de partikuliere nijverheid.
Werd er met de partikuliere nijverheid in Oost-Indië geen geld verdiend, zij zouden het onbetamelijk achten, geen geweten te hebben. Nu het omgekeerde het geval is, – getuige zoo menigeen, die uit Oost-Indië kwam en te Arnhem woont, – laten zij de gewetensvraag rusten en zijn voorstanders van de particulieren nijverheid. Die of eene dergelijke hypothese is noodig, zal men het tegenstrijdig verschijnsel kunnen verklaren, dat zulk een overgroot aantal Nederlanders tezelfder tijd Indië als eene goudmijn beschouwen en alles aanwenden wat in hun vermogen is om het te doen ophouden, dat te zijn. Naar Oost-Indië gaan en bij terugkomst in Nederland eene buitenplaats kunnen kopen, daarin lost zich voor hun de koloniale kwestie op; en daar zij nooit vernomen hebben, dat Indische officieren of Indische ambtenaren, – met uitzondering welligt van een Gouverneur-Generaal of wat, – in die oplossing geslaagd zijn, leidt de logica hunner hebzucht daaruit de gevolgtrekking af, dat hoe luider een uitbreiding der particuliere nijverheid geroepen wordt, er des te meer landgoederen zullen gekocht worden. Zonderling mengsel van afgunst en brooddronkenheid ! Als wilden zij zeggen: daar hebt gij weer zoo ’n Indische fortuinzoeker, zoo’n parvenu, zoo’n koning geworden karvoerder ! vervaardigen zij met de eene hand een ellenlang woord van de koopprijs zijner buitenplaats, en helpen met de andere, op hoop dat nog meer karvoerders koning zullen worden., de stutten van Indie’s welvaart omver halen.
Het is niet gemakkelijk, de aandoeningen te beschrijven, waarmede de in Indië gevestigde Nederlanders, die het ekonomisch samenstel deze gewesten doorgrondt, dat drijven gadeslaat. Er zijn te allen tijde Europesche Staten geweest, die hunne overzeesche bezittingen verspeeld hebben; en uit dat oogpunt beschouwd kan het geene verwondering baren, Nederland thans een voorbeeld te zien volgen, dat ruim drie honderd jaren geleden door Portugal begon gegeven te worden. Doch aan den anderen kant is er in de verdwazing van landgenooten iets, dat men zich onwillekeurig aantrekt, alsof men er persoonlijk in gemoeid was. Het opkomend gevoel van geringschatting wordt halfweg gestuit door een overblijfsel van sympathie, en men weet zelf niet te bepalen, wat wijzer is: onverschillig toe te zien bij de moedwillige vernietiging van een gebouw, aan welke voltooiing eeuwen lang gearbeid werd, dan wel, door te waarschuwen voor het dreigend gevaar, een gedeelte der schande te aanvaarden, welke uit elk gemeenschap met Zwarte Benden voortvloeit. Zoo dobbert men voort tusschen twee klippen, en is blijde als de naïviteit van den klerk eener dorps-sekretarie een vrolijk ogenblik verschaft.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft het rietsuikerbruine vermoeden dat de anonieme schrijver van het artikel ‘De Indische Goudmijn’ de heer Gerardus Frederik Enger zelf is.
De sagrijnig en arrogant kijkende koloniale suikerlord Gerardus Frederik Enger was in Nederlands-Indië overgegaan van de indigo-cultuur naar de suiker-cultuur en was op Java eigenaar van de suikerfabrieken Tjibongan en Tegal Waroe, die hij financierde met het geld dat hij had verdiend in de indigo-cultuur.
Hij zal het landgoed Groot en Klein Wateren an de aandere kaante van de bos wellicht vanwege beleggingsdoeleinden hebben gekocht. Of lag het in zijn bedoeling op de schrale Waterense zandgronden suikerbieten te gaan telen (immers suikerriet wil niet groeien in het koude Wateren) ? Een Drentsche goudmijn ?
De grote vraag is wat de anonieme schrijver bewoog op zo’n arrogante, kleinerende, neerbuigende en minachtende manier te keer te gaan tegen die korte, eenvoudige, zakelijke en feitelijke zin van de plaatselijke krantencorrespondent ? Frustraties ? Tropenkolder ? Superioriteitscomplex ? Spijt van de aankoop ?
Vooral het gebruik van de denigrerende en discriminerende woorden ‘inboorling der gemeenten Vledder en Diever’ doet alle deuren dicht.


Posted in De aandere kaante van de bos, Landgoed Groot en Klein Wateren, Woater’n, Zorgvlied | Leave a comment

De laèste melkritt’n hen de botterfubriek

Op een mooie winterdag in 1970 brachten de melkrijders van de coöperatieve zuivelfabriek aan het Moleneinde in Deever voor de laatste keer de bussen met melk van de bij de coöperatie aangesloten boeren naar de fubriek, veelal de botterfubriek genoemd.

Posted in Melkbusse, Süvelfubriek Deever | Leave a comment

Groot en Klein Woater’n veur f. 99.408,- vurkocht

In de krant De Locomotief verscheen op 10 oktober 1871 het volgende korte berichtje over de verkoop van het landgoed Groot en Klein Wateren.

Het landgoed Groot en Klein Wateren, in de gemeenten Vledder en Diever, is, naar wij vernemen, voor negenennegentig duizend vierhonderd acht gulden verkocht aan den heer Enger, uit Oost-Indië, wonende te Arnhem.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Na het overlijden op 25 november 1870 van landbouwondernemer en ex-koloniaal Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt (geboren op 20 december 1800) verkochten de weduwe mevrouw de hoogwelgeboren Henriëtte Ottoline Clara Elisabeth de Ruijter de Wildt – Jonkvrouw van Holmberg de Beckfelt en haar zonen het landgoed Groot en Klein Wateren an de aandere kaante van de bos in 1871 voor f. 99.408,- . Dat is naar de hedendaagse waarde omgerekend het niet al te hoge, maar toch zeker niet te versmaden bedragje van ten minste € 1.045.000,-
Wellicht was de koper ex-koloniaal Gerardus Frederik Enger een goede bekende uit Nederlands-Indië van de overleden ex-koloniaal Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt.

Posted in De aandere kaante van de bos, de Ruiter de Wildt, Landgoed Groot en Klein Wateren, Zorgvlied | Leave a comment

Stalraèm model Deever in un boerdereeje an de brink

Enig onderzoek in de digitale fotoarchieven van ut Deevers Archief heeft als resultaat bijgaande foto opgeleverd.
Op deze op 29 juli 2002 door de redactie van ut Deevers Archief gemaakte foto zijn -speciaal voor de foto uitgestald- twee melkbussen met deksel en een melkemmer op het half vergane houten melkrikke bij de boerderij van Hendrik Mulder en Jantje Wesseling aan de brink in Deever te zien. Achter het melkgerak is een stalraam van het model Deever te zien.
Aan de nummers en met plakcijfers gewijzigde nummers is de oorspronkelijke nummering van de melkbussen, de naoorlogse hernummering, de hernummering na de fusie van de melkfabrieken van Deever en Wapse en de fusie van de melkfabriek Deever/Wapse met de DOMO af te lezen.

abracadabra-488

Posted in Boerdereeje, Brink, Melkbusse, Stalraèm model Deever | Leave a comment

Stalraèm model Deever in de Schulteboerdereeje

In de Schulteboerdereeje aachter ut Schultehuus aan de verloederde brinQ van Deever, waar nu atelier en cadeauwinkel Hare Majesteit is gevestigd, trof de redactie van ut Deevers Archief gelukkig ook een stalraam van het model Deever aan.
De redactie heeft de kleurenfoto op 3 oktober 2012 gemaakt.

Posted in Boerdereeje, Brink, Stalraèm model Deever | Leave a comment

Kiender van de skoele op Woater’n in 1977 (?)

De redactie van ut Deevers Archief ontving van mevrouw Marjan van der Helm, geboren en getogen op Zorgvlied, een scan van een foto van de leerlingen van de school op Wateren. De redactie is haar daarvoor bijzonder erkentelijk.
Ze schrijft: Verder voeg ik bij een schoolfoto uit ongeveer 1977/1978. Mijn origineel is erg verkleurd, maar op de zwart-wit scan waren de kinderen nog redelijk te herkennen. Het is ook de enige schoolfoto die ik kon vinden. Mevrouw Marjan van der Helm wist gelukkig de naam van de meeste kinderen te noemen. Nog gelukkiger was het dat mevrouw Janneke Hielkema, geboren en getogen op Zorgvlied, de naam van de andere kinderen wist te noemen. Hartelijk dank daarvoor. Nu ontbreken alleen nog de voornaam van juf Fransen en meester Hofstee.
De redactie van ut Deevers Archief verzoekt de personen, die zichzelf op de foto herkennen, hun herinneringen aan de tijd op de school op Woater’n op papier te zetten en deze voor opname bij deze schoolfoto ter beschikking te stellen.

Op de bovenste rij staan van links naar rechts:
– Jurrie Haveman,
– Niels de Jong,
– Kees Eibergen,
– Juffrouw ….. Fransen,
– Jolijn Eibergen,
– Els Karbet,
– Meester ….. Hofstee
Op de tweede rij zijn van links naar rechts te zien:
– Cor Hofstee,
– René Hof,
– Erik Eibergen,
– Bart Eibergen,
– Alex Karbet,
– Willian Betten,
– Bianca Simon,
– Hanneke Groen,
– Jannie Klaver,
– Margot van der Heide.
Op de derde rij zijn van links naar rechts te zien:
– Gineke Barelds,
– Ina Klaver,
– Janneke Hielkema,
– Astrid Urff,
– Anneke Hofstee,
– André Smit (zoon van Johannes Smit),
– André Smit (zoon van Jan Smit),
– Johan Krans,
– Petra van der Rotten,
– Marjan van der Helm.
Op de onderste rij zijn van links naar rechts te zien:
– Adri Barelds,
– Franke Urff,
– Bert Jansen,
– Alco Teunissen,
– Roel Teunissen.

De redactie stelt de volgende vragen aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief:
– wie kan de redactie een scherpe scan van de kleurenfoto uit 1977/1978 (?) doen toekomen ?
– in welk jaar (datum) is deze schoolfoto gemaakt ?
– wie kan de ontbrekende voornamen van de twee onderwijzers noemen ?

Posted in Woaterse skoele | Leave a comment

Sloaptent’n in de Student’nkaamp bee ut Mast’nveltie

De hier afgebeelde anischtkaart is in 1943 verstuurd vanuit de Student’nkaamp bee ut Mast’nveltie an de Bosweg ee’m wat wieder dan de Witte Baarg’n. De vakantievierende studenten sliepen in grote tenten. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie van ut Deevers Archief voor het gemak hier weggelaten.
De afzender van deze ansichtkaart, de student Frans de Vries, vierde vakantie in de Studentenkamp. Dat was het vakantiekamp van de Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.). Dat kon blijkbaar ook nog gewoon in 1943 tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 8 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Mast'nveltie, Student’nkaamp, V.C.S.B.-kaamp | Leave a comment

De boerdereeje mit adres Wittelterweg 3 is ofebraand

Op zondagmiddag 30 mei 2021 om ongeveer 16.35 uur ontstond brand in de woonboerderij met adres Wittelterweg 3 in Oll’ndeever. Door nog onbekende oorzaak is de woning in vlammen opgegaan. De brand is overgeslagen van de schuur achter de woonboerderij naar de woonboerderij. De brandweer kampte tijdelijk met een tekort aan bluswater en moest de bluswerkzaamheden staken, totdat voldoende water beschikbaar was. De woonboerderij en de schuur zijn volledig uitgebrand en zijn als verloren te beschouwen.
De redactie van ut Deevers Archief verwijst gemakshalve ook naar het RTV-Drente bericht Weinig over van afgebrande boerderij in Diever. De redactie was tijdens de brand niet ter plekke en daarom niet in de gelegenheid enige foto’s van de brand te maken. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie wel een digitale kopie van enige foto’s van deze brand ter beschikking stellen ?
De redactie toont hier vier kleurenfoto’s (afbeeldingen 1 tot en met 4)  van de woonboerderij en de schuur, welke zijn overgenomen van www.google.com/maps. Deze foto’s zijn in oktober 2010 gemaakt en hebben daarom nu – na de brand – al geschiedkundige waarde.
Inmiddels hebben de eigenaren van het pand Wittelterweg 3 op 30 juni 2021 bij de gemeente Westenveld een vergunning aangevraagd voor het plaatsen van een tijdelijke wooneenheid voor nota bene 2 jaar in verband met de afgebrande woning. Zie afbeelding 5.
En pas op 19 juli 2021 behaagde het de Hoge En Lage Dametjes En Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Almachtige Ambtelijke Vergunningen Gelijk, nota bene in strijd met de wet- en regelgeving voor de ruimtelijke ordening, een vergunning af te geven voor het plaatsen van een tijdelijke woning voor een periode van nota bene ten hoogste 2 jaren. Zie afbeelding 6.
De redactie verwijst ook naar het bericht In Oll’ndeever stiet nog een Deeverse greinsstien. De redactie is wel bijzonder benieuwd of de grenssteen – die eigendom is geweest van de gemiente Deever – de fatale brand en het bluswater heeft overleefd. De redactie biedt zich bij deze ten zeerste aan te helpen met de restauratie van deze grenssteen. Het beton van de steen schuren en opnieuw verven ? Dit echte stukje Deevers aarfgoed moet duurzaam bewaard blijven voor toekomstige generaties.

Afbeelding 1
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 2
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 3
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 4
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 5
Aankonding zaaknummer 233367 in het gemeenteblad van de gemeente Westenveld van 16 juli 2021.

Afbeelding 6
Aankonding zaaknummer 234122 in het gemeenteblad van de gemeente Westenveld van 19 juli 2021.

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever, Verdwenen object | Leave a comment

The Shakespearebrunch in The Shakespeare

Een brunch is een laat ontbijt en tegelijkertijd ook een vroege middagmaaltijd.  Het Engelse woord brunch is samengesteld uit breakfast en lunch. De zeer geachte bezoekers van The Shakespearevillage of Deever konden op zondag 19 september om 11.30 uur terecht in het specialiteitenrestaurant The Shakespeare voor The Shakespearebrunch (een lopend buffet ?)
Zo’n brunch kan zijn samengesteld uit bacon, white pudding, sausages, tippers, fried egg, scrambles eggs, white beans in tomato sauce, toast with butter, marmelade, honeu, muffins, scones, bubble and squeak, fried tomato, bakes mushrooms, ketchup, brown sauce. Kortom een lekkere volle vette bek. En dat mocht in 1999 al het niet geringe bedrag van f. 39,50 (net geen f. 40,-) per persoon kosten.
Het specialiteitenrestaurant The Shakespeare an de Aachterstroate in Deever bestaat al enige jaren niet meer. Het lekker lucratief uitbaten van een specialiteitenrestaurant met de naam The Shakespeare is in een zomertoeristendorp, zoals Deever is bepaald geen eenvoudige opgave.
De redactie van ut Deevers Archief moet nog uitzoeken wanneer de eigenaren het restaurant hebben geopend (1997 ?) en wanneer zij het restaurant hebben gesloten. 

Afbeelding 1
Advertentie in ut Deeverse Blattie van 9 september 1999 en 16 september 1999

Posted in Restaurant The Shakespeare, Shakespearitis | Leave a comment

Hevige brand in logement ‘de Dieverbrug’ – 1864

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 14 december 1864 verscheen het navolgende bericht over de brand in het logement ‘de Dieverbrug’ in de nacht van 11 op 12 december 1864 an de Deeverbrogge.

Meppel, 12 december. Naar wij vernemen, heeft heden nacht een hevige brand gewoed aan de Dieverbrug, ten gevolge waarvan het bekende logement ‘de Dieverbrug’ met bijna alles wat zich daarin bevond, de prooi der vlammen is geworden.
De vlammen namen in korten tijd zoo zeer toe, dat te drie ure reeds alles verbrand was; terwijl te één uur, toen de postkar er passeerde, nog niets was bespeurd.
Alles was, naar men ons mededeelt, tegen brandschade verzekerd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Wie denkt dat het oude cafe-logement Dieverbrug an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932 voor het eerst door brand werd verwoest heeft het mis. Het pand dat in 1932 afbrandde was het pand dat in 1865 werd gebouwd als opvolger van het in de nacht van 11 op 12 december 1864 verbrandde logement ‘de Dieverbrug’.
In 1864 was het café-logement Dieverbrug nog de pleisterplaats van de dilligence, de postkar en de snikke.
De redactie vermoedt dat 
in het onvolprezen boekwerkje ‘An de Brogge’, dat de heemkunduge vurening uut Deever heeft uitgegeven ter feestelijke opleuking van haar 20-jarige bestaan, geen aandacht is besteed aan grote branden an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Dorpskracht | Leave a comment

Betonn’n beeld op de Baarg in Wittelte

Op de Baarg in Wittelte staat een primitief betonnen beeld van een figuur met een zwaard in de hand.
Jacob Snoeken, een plaatselijke boer in ruste en kunstenaar en tevens de eigenaar van het rijksmonument de Baarg heeft het beeld in 1987 gemaakt. Het beeld zou Witto, een historisch niet verifieerbare figuur uit het verleden van Wittelte moeten voorstellen.
Om het beeld staat een laag houten hekje. Moet dat voorkomen dat de in het weiland rondlopend vee het beeld en de Baarg kunnen verroppen ?
Bij het beeld staat een vlaggemast. Deze mast lijkt een afgedankte lantaarnpaal van het zogenaamde verjongde type te zijn (een op de kop getikt exemplaar van de gemeente Westenveld ?).
Na wat riskant springwerk over weideafzettingen van onder stroom staand schrikdraad kon de redactie van ut Deevers Archief bijgaande kleurenfoto op 3 oktober 1912 maken.
De redactie van ut Deevers Archief heeft in de webstee wikipedia.org geen pagina met gegevens over de kunstenaar Jacob Snoeken kunnen vinden.

Posted in Beeld, de Witteler Baarg, Kitsch, Wittelte | Leave a comment

Op de boortoor’n an de Bosweg hai’j un mooi uutsicht

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 18 januari 1950 het navolgende korte bericht over het de bouw van een uitkijktoren aan de Bosweg.

In het bos van Berkenheuvel te Diever is een door het Staatbosbeheer overgenomen boortoren gebouwd, welke van trappen en bordessen zal worden voorzien, en dan als uitkijktoren dienst zal doen. Het stalen gevaarte steekt een heel eind boven het bos uit en geeft een prachtig overzicht over de omgeving. De toren zal na gereedkomen worden beheerd door de V.V.V. Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De hier afgebeelde ansichtkaart is in augustus 1950 uitgeven door Van Leer’s Fotodrukindustrie N.V. in Amsterdam.

De uitkijktoren – een afgedankte tweedehands boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (N.A.M.) – stond an de Bosweg bee Deever tegenover paviljoen Vierhoven op een heuvel aan de kant van het openluchttheater.
Boven op de boortoren had de beklimmer naar alle kanten een heel mooi uitzicht op de omgeving. Bee helder wièr was söls de kaarktoor’n van Stienwiek te zien.

De V.V.V. Diever is de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer in Deever.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 19 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje ‘Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten’, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Ansichtkoate, Bosweg, Deever, Uutkiektoor’n | Leave a comment

Ur bint ok wolv’m buut’n ut risicogebied

De redactie van ut Deevers Archief is van mening dat in ut Deevers Archief aandacht moeten worden besteed aan de hopelijk niet blijvende en hopelijk zeer korte aanwezigheid van de volstrekt niet-inheemse diersoort wolf (canis lupis). Wat heden ten dage in de gemiente Deever gebeurt, dat is morgen al geschiedenis. 

In het Provinciaal blad van Drente (Provinciaal blad 2021, nummer 1063) verscheen op 11 februari 2021 het provinciale besluit ‘Wijziging risicogebied wolvenschade’, zie afbeelding 2. In dit besluit is een kaartje opgenomen, zie afbeelding 1. Daarin zijn de gewijzigde grenzen van het gebied rood gemarkeerd.
Binnen dit gebied kunnen geregistreerde schapen- en geitenhouders subsidie voor wolvenwerende afrasteringen aanvragen. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste € 20.000,-  In de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022 is het belachelijke bedrag van ten hoogste € 200.000,- beschikbaar voor deze regeling. Wie het eerst de subsidieruif induikt, het eerst maalt.
Buiten dit gebied kunnen geregistreerde schapen- en geitenhouders wellicht niets anders doen, dan zelf vaste of beweegbare wolvenwerende afrasteringen uit eigen zak te betalen, teneinde het doodbijten van schapen en geiten door hopelijk niet blijvende en hopelijk zeer kort aanwezige niet-inheemse wolven te voorkomen. Of zijn andere slimme oplossingen te bedenken ?
Wolven houden zich uiteraard niet aan ‘met de kop in het zand en de hand op de knip vastgestelde wolvenschadegrenzen’ van de provincie Drente. De gemiente Deever ligt buiten het door gedeputeerde staten van Drente gewijzigde risicogebied. En dat terwijl binnen de grens van de gemiente Deever een zeer groot gratis toegankelijk bosgebied met de typisch Amerikaans aandoende naam ‘Nationaal Park Drents Friese Woud’ aanwezig is. In dat gebied passen gemakkelijk enige roedels wolven. Het is ten zeerste aan te bevelen dat de gedeputeerde staten van Drente de grens van de provincie Drente zeer snel als grens van het gebied waarbinnen roedels wolven binnen enkele jaren op grote schaal schapen en geiten gaan doodbijten. Hoe eenvoudig kan het besturen van een provincie zijn. Bijten wolven ook mensen dood ?

Posted in Wolf | Leave a comment

Mi Jesu, misericordia

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag bidprentjes van rooms katholieken die zijn geboren in de gemiente Deever en zijn overleden in de gemiente Deever of zijn geboren in de gemiente Deever, maar niet zijn overleden in de gemiente Deever of niet zijn geboren in de gemiente Deever, maar wel zijn overleden in de gemiente Deever. Dit bericht toont de voorkant en de achterkant van het bidprentje van Iemkje A. Postma, echtgenote van IJnte B. Kingma. Zij is niet geboren in de gemiente Deever, maar zij is wel overleden in de gemiente Deever. Zij is overleden op Zorgvlied  en is begraven op de rooms katholieke kaarkhof op Zorgvlied. 

Gedenk in uwe Godvruchtige gebeden de Ziel van Zaliger Iemkje A. Postma,
echtgenoote van IJnte B. Kingma,
geboren te Haskerdijken 22 maart 1858,
na voorzien te zijn van de H.H. Sacramenten der Stervenden, overleden te Zorgvlied (Dr.) 7 februari 1922,
en den 11den daaraanvolgende op het R.K. Kerkhof aldaar begraven.

Benauwdheden en pijnen overvielen mij, doch ik heb den Naam des Heeren aangeroepen… Keer weder, mijnen ziel, tot uwe rust, want de Heer heeft u welgedaan.
Psalm CXIV 3.4.7.

Ik heb een goede strijd gestreden, mijn loopbaan voltrokken, het Geloof behouden,
thans is mij de kroon der gerechtigheid toegekend
2 Timotheüs. IV : 7.8.

Nu zijt gij wel bedroefd; maar eenmaal zal ik U wederzien; dan zal uw hart blijde zijn, en niemand zal U van uwe vreugde berooven.
Johannes XVI : 22.

Mijn dierbare echtgenoot, bid voor mij.
Mijne kinderen, vergeet mijne zuchten niet : denk aan hetgeen ik geleden en aan de zorgen die ik voor U gehad heb.
Mijn Jezus barmhartigheid (100 dagen Aflaat).
Zoet hart van Maria, wees mijn heil (300 dagen Aflaat)
R.I.P.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Iemkjen Ages Postma is geboren op 22 maart 1858 in Haskerdijken (Haskerland). Zij is overleden op 7 februari 1922 op Zorgvlied. IJnte Broers Kingma is geboren op 17 april 1842 in Poppingawier (Rauwerderhem). Hij is overleden op 24 mei 1925 op Zorgvlied. IJnte Broers Kingma was boer op Zorgvlied.
IJnte Broers Kingma en Iemkjen Ages Postma trouwden op 8 februari 1879 in Leeuwarderadeel.
Beiden zijn begraven op het rooms-katholieke kerkhofje op Zorgvlied.
Op de voorkant van het bidprentje staat ‘Mi Jesu, misericordia’, wat in het Nederlands betekent ‘Mijn Heer, heb medelijden met mij.’
De afkorting R.I.P. op de achterkant van het bidprentje betekent ‘Requiescat in pace’, dat is Latijn voor ‘Rust in vrede’. 

Posted in Bidplaetie, Zorgvlied | Leave a comment

Duustere doad’n van de duvel van Deever

In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog verschenen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) regelmatig verslagen van rechtzaken tegen Nederlanders die fout waren geweest in de Tweede Wereldoorlog. Deze rechtzaken dienden in Drente bij het Bijzonder Gerechtshof in Assen, veelal het Tribunaal van Assen genoemd. In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 april 1947 verscheen het navolgende verslag van de rechtzaak tegen de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma uut Deever.

Bijzonder Gerechtshof Assen
Duistere daden van Diever’s duivel
Doodstraf geëischt tegen Klaas Balsma

“Het is slechts een bloemlezing van uw wandaden, die we vanmiddag zullen behandelen”, aldus verwelkomde de president den 54-jarigen caféhouder Klaas Marcus Balsma uit Diever. Balsma was een fel aanhanger van ‘Landbouw en Maatschappij’ [1] en werd in 1941 lid van de N.S.B. Bij de oprichting in 1944 werd hij lid van de Landwacht en wel als sectie-commandant van de Hulplandwacht.
Op aanvrage van ex-burgemeester Posthumus [2], werd te Diever in September 1944 een afdeeling Beroepslandwacht gestationneerd in het Schultehuis, de sadistische groep Sanner. Met Sanner onderhield Balsma nauwe betrekkingen. In October 1944 zag hij Sanner bezig met het uithooren van een persoon, die zich Dijkstra noemde. Verdachte stapte binnen en zei: “Zoo Groenewoud, ben je daar ook !” Hiermee was de ware identiteit van ‘Dijkstra’ bekend, het was de ambtenaar ter secretarie Groenewoud.
Verdachte: “Ik was verrast en liet me het ontvallen.”
Groenewoud werd weggevoerd en is nooit teruggekeerd [3].
President: “Dat heeft hij te danken aan die verrassing van U.”
Balsma als welkome gids
Begin 1944 kwam bij Balsma een ambtenaar bij den ‘Arbeits Kontroll Dienst’ te Meppel, H. Zijlstra genaamd. Zijlstra vertelde dat zijn werk was het arresteeren van onderduikers voor den ‘Arbeitseinsatz’ [4]. Wanneer hij niet genoeg arrestaties verrichte, zou hij, Zijlstra, worden ontslagen. Balsma zegde alle medewerking toe. Op een Zondagavond ontmoetten zij elkaar op de Dieverbrug en Balsma verstrekte Zijlstra een aantal adressen van onderduikers. Daarna ging Balsma mee om als gids te dienen. Verschillende adresssen werden afgewerkt. Geen resultaten werden geboekt ten huize van de weduwe Pot, de weduwe Timmerman, den heer Kerssies, den heer Vos en een zekeren Hessels. Bij de familie Boelens werd de zoon Pieter opgehaald [5], de heer Madhuizen te Wapse werd gearresteerd, toen zijn zoons niet thuis bleken tezijn [6], bij de familie Hessels te Oldendiever werden twee onderduikers gevonden. Eén à twee maanden later gaf Balsma aan Zijlstra het adres van Berend Strik en een lijst met namen. Berend Strik zou gedwongen worden om Zijlstra de andere adressen te wijzen.
President: “Dit lijstje is nu in mijn handen, verdachte. Jammer, dat jullie zoo slordig waren!”
Nog een derde keer hielp Balsma den A.K.D.-man Zijlstra [7] door een aantal adressen te wijzen.
Ook voor Sanner was Balsma dikwijls een welkome gids.
Razzia te Dwingeloo
Balsma ging met de Beroepslandwacht mee naar de gemeente Dwingeloo voor een razzia. Te Lheebroek werden de landbouwer Jan Kiers en zijn vier onderduikers gearresteerd en voorts nog drie andere onderduikers. De heer Kiers is nimmer teruggekeerd.
Bij een andere gelegenheid werd een huiszoeking gedaan bij de familie Zwanenburg aan de Beilervaart [8]. Er werd niets gevonden. Toen kwamen Balsma en zijn collega Hinten op het idee om in de beerput te kijken. Daarin vonden zij een doosje met bonkaarten en foto’s van Geallieerde piloten. De heer Zwanenburg en zijn dochter Wietske werden gevangen genomen. Zwanenburg werd naderhand gefusilleerd [9].
De ondergedoken landbouwer Jacob Hessels te Diever werd door Balsma ontdekt en gearresteerd.
Cornelis de Boer, die had verondersteld dat de Duitschers van de aardappels V-1 brandstof maakten, werd door den Landwachter Van der Veen uit Meppel en door Balsma ernstig mishandeld.
De gearresteerde ambtenaar ter secretarie Pook moest in het Schultehuis diepe kniebuigingen maken tot hij er bij neerviel. Daarna werden hem de teennagels met een karabijn afgeslagen. Toen men met deze mishandelingen wilde ophouden, zei Balsma: “Ga maar door, hij weet het wel.”
Tijdens de rechtzitting hoorde Balsma alles uiterlijk kalm aan. Hij wist zich niet anders te verdedigen dan door onbeteekende aanmerkingen te maken op getuige-verklaringen.
President: “Als U nu terugziet, hoe denkt U er dan over ?”
Balsma: “Het is niet goed geweest.”
President: “Als Duitschland gewonnen had, was U nu burgemeester.”
Advocaat-fiscaal: “Dan was U minstens Beauftragte [10] in Engeland.”
Doodstraf geëischt
In zijn requisitoir wees de advocaat-fiscaal er op, dat verdachte klaarblijkelijk zijn wandaden in koelen bloede en bij het volle verstand heeft bedreven. Diever werd in dezen man zwaar getroffen. Spreker vergeleek verdachte met den beruchten Jan Smit uit Beilen, die ter dood is veroordeeld. “Deze verdachte is nog veel erger,”, aldus spreker, “men zou hem de ‘Duivel van Diever’ kunnen noemen. Deze man mag mijns inziens niet in de maatschappij terugkomen en daar bij levenslang gratie steeds mogelijk is, eisch ik den doodstraf.”
De verdediger Mr. L.G. Brouwer uit Beilen, vond het zeer merkwaardig, dat er tot 1944 vrijwel geen klachten over Balsma zijn en dat hij zich juist na de eerste ontmoeting met Zijlstra ontpopte als een verschrikkelijke handlanger van den vijand. Spreker achtte het mogelijk, dat Balsma onder den invloed van Zijlstra is gekomen. Voorts lag hij aan de leiband van de Beroepslandwacht. Spreker achtte den doodstraf een veel te zware straf.
Uitspraak op 17 April aanstaande [11].

Opmerkingen bij het artikel in de Olde Möppeler (Meppeler Courant)
[1] In de grote crisis in de dertiger jaren van de vorige eeuw richtten ontevreden boeren Landbouw en Maatschappij op, een protestbeweging, die ook  in de gemeente Diever steun kreeg. Een aanzienlijk deel van het kader en de aanhang van deze beweging stapte later over naar de N.S.B.
[2] De N.S.B.’er Pier Obe Posthumus.
[3] Cornelis Marinus Groenewoud was ambtenaar bij de gemeente Diever. Hij dook op 24 april 1944 onder. In november 1944 arresteerden landwachters van de groep Sanner hem op zijn onderduikadres in Nijeveen. Hij overleed op 21 februari 1945 in het concentratiekamp Neuengamme.
[4] Arbeitseinsatz is het Duitse woord voor tewerkstelling van arbeiders.
[5] Zie het interview met Pieter Boelens in het hierna volgende artikel.
[6] Luitzen Madhuizen werd gearresteerd, omdat zijn zonen Gerard en Hendrik Jan waren ondergedoken, om te ontkomen aan de Arbeitseinsatz.
[7] A.K.D. is de afkorting van Arbeits Kontroll Dienst.
[8] De razzia van de landwachters Balsma en Hinten vond plaats in de nacht van 18 op 19 oktober 1944.
[9] Naderhand bleek nog dezelfde dag te zijn. Lammert Zwanenburg, geboren op 22 juni 1894, werd na ernstig te zijn mishandeld, in de avond van 19 oktober 1944 doodgeschoten in kamp Westerbork.
[10] Beauftragte is het Duitse woord voor gevolmachtigde.
[11] De beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma kreeg van het oorlogstribunaal in Assen niet de doodstraf, maar een gevangenisstraf. Hij heeft vastgezeten in de strafgevangenis in Veenhuizen. Hij moest werken in de keuken van de gevangenis. Hij kwam aan het einde van de vijftiger jaren van de vorige eeuw vrij.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van artikelen op papier is, kan het hiervoor weergegeven artikel ook ten zeerste lezen op de bladzijden 8, 9, 10 en 11 van Opraekelen 05/1, het in maart 2005 uitgegeven papieren blad van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren blad of dat papieren blad bij iemand in kunnen zien.

Afbeelding 1
Wolter Smit, de niet onbemiddelde bosbaas van Berkenheuvel, in dienst van Mr. Albertus Christiaan van Daalen, kocht in 1928 het oude boerencafé Brinkzicht an de brink in Deever, liet het afbreken en liet ter plekke het nieuwe café Brinkzicht bouwen voor zijn dochter Gesina (Siene), die getrouwd was met de in de Tweede Wereldoorlog in Deever en omstreken zo berucht geworden N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma. De foto voor deze ansichtkaart is in 1930 gemaakt, kort na de bouw van het nieuwe café Brinkzicht an de brink in Deever. Het zou best eens zo kunnen zijn dat één van de twee vrouwen, die bij het café in de schaduw van de kastanjeboom staan, Gezina (Siene) Smit is.

Afbeelding 2
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze foto van de in 2019 en 2020 verprutste brink in Deever, met het in 1928 gebouwde café Brinkzicht op de achtergrond, gemaakt op vrijdag 28 november 2020.

Afbeelding 3
Artikel in de de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 april 1947.

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Hier wödde laandvurhuuser Haarm Kassies geboor’n

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 29 januari 2018 bijgaande reactie van Richard Kerssies. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.

Ik ben onlangs via het internet in contact gekomen met mijn heel verre achterneef Brian Kerssies. Hij is geboren in Canada, maar is verhuisd naar de Verenigde Staten van Amerika (U.S.A.).
Hij stuurde mij bijgaande afbeelding van een foto die bij hem aan de muur hangt. Ik kan hem wel vragen van de foto een nette scan te maken.
Volgens mijn heel verre achterneef is zijn grootvader Harm Kerssies (Haarm Kassies) in dat huis geboren. Zijn vader, die ook Harm Kerssies heet, vertelde hem dat het huis op het Kasteel in Deever stond.
Volgens mijn vader gaat het om het huis waarin Schokkenkamp een tandartsenpraktijk heeft of heeft gehad. En dat huis staat niet op het Kasteel, maar aan de Dwarsdrift in Deever, te weten het huis met adres Dwarsdrift 20.
Mijn heel verre achterneef komt deze zomer op familiebezoek in Nederland en zou graag de juiste plek van het huis op de foto willen bezoeken.
Wie weet waar het huis op de foto heeft gestaan ?
Wie heeft wellicht andere foto’s van dit huis ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de verzameling van ut Deevers Archief is bijgaand afgebeelde toch wel fraaie zwart-wit ansichtkaart aanwezig. Het exemplaar in de verzameling van ut Deevers Archief is in maart 1970 uitgegeven door Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie voor het gemak maar weggelaten. De redactie biedt daarvoor zijn excuses aan.
Op de zwart-wit ansichtkaart zijn drie boerderijtjes (keuterijtjes) aan de Dwarsdrift in Deever te zien. In de vijftiger/zestiger jaren van de vorige eeuw woonde in het voorste boerderijtje de familie (Jeene ?) Haanstra, woonde in het middelste boerderijtje de familie Wolter Oost en woonde in het achterste boerderijtje de familie Roelof (Roef) van Nijen. Groepen personen konden toen in de zomer kamperen in de boerderij van de familie Haanstra.
Het mag duidelijk zijn dat het voorste boerderijtje hetzelfde merkwaardig gebouwde boerderijtje is als het boerderijtje dat op de foto van Brian Kerssies is te zien, en stond op de plek waar nu het huis met adres Dwarsdrift 20 staat.
Waarschijnlijk is het rechter voorhuisje onderdeel van het oorspronkelijke boerderijtje en is het linker voorhuisje er vóór de Tweede Wereldoorlog vanwege ruimtegebrek bij aangebouwd ? Gingen daar de bejaarde ouwelui wonen ? Let wel, de eerste bejaardenhuisjes werden in de gemiente Deever pas in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw in de Weiert in Deever gebouwd !

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 7 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door een keur van vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien..

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkoate, Dwarsdrift, Emigrant, Keutereeje, Landverhuizer | Leave a comment

Un olde reeg’nwaeterputte in Oll’ndeever

De bewoners van een boerderij in Oll’ndeever besproeien nog steeds hun moestuin en hun bloementuin met regenwater dat wordt verzameld in een betonnen put naast hun boerderij. Een ouderwetse maar duurzame manier om leidingwater te besparen, dat zouden meer mensen in de streek moeten doen. Is deze put al bij de bouw van de boerderij in 1926 aangebracht ?
Het gedeelte van de regenput boven de grond is op een prachtige manier aan het verweren.
De bovenkant van de put is niet voorzien van een door kinderen gemakkelijk te openen metalen deksel, zodat de gebruiker van de nog net zichtbare gieter achter de put elke keer het zware betonnen deksel bij het openen en sluiten van de put moet verschuiven door bijvoorbeeld aan de ijzeren ring te trekken. In de buurt van de regenwaterput is ook geen putemmertje te zien, of staat die niet zichtbaar achter de put ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op 3 oktober 2012.

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever | Reacties uitgeschakeld voor Un olde reeg’nwaeterputte in Oll’ndeever

Ut woap’m van Deever in Oll’ndeever

Het direct na de Tweede Wereldoorlog door de voorkant van het gelijk bij elkaar gefantaseerde en op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven grensstenen.
Zo staat een minder goed onderhouden exemplaar op zijn originele betonnen sokkeltje pal tegen de muur tussen de ramen van de in 1926 gebouwde boerderij van de familie Michels-Hessels in Oll’ndeever; zie de bijgaande foto die de redactie van ut Deevers Archief op 3 oktober 2012 heeft gemaakt. Hulde aan de familie Michels-Hessels, die deze grenssteen gelukkig heeft gered uit de slopershanden van de gezagsgetrouwe medewerkers van de voorkant van het gelijk.
Het grappige is dat de eigenaren de naam Deever op de steen hebben uitgebreid tot Oll’ndeever. En terecht, want de gemiente Deever had eigenlijk de gemiente Oll’ndeever moeten hebben geheten.
Dit stuk versierd beton heeft, tot vóór de dag waarop de gemienten Deever, Dwingel, Vledder en Oavelt gedwongen opgingen in de gemeente Westenveld, langs de Doldersummerweg op de grens van de gemiente Deever en de gemiente Vledder gestaan.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de voorgevel van de boerderij Oll’ndeever 10 mit ut pothokke op 4 november 2017 gemaakt. Het dak van ut pothokke is in 2016 vernieuwd. Hulde aan de eigenaren die dit letterlijke en figuurlijke erfgoed goed weten te onderhouden. Ech wè.

Posted in Aarfgood, Gemiente Deever, Oll'ndeever, Woap'm van Deever | Leave a comment

Un kap op de kaarke en un spitse op de toor’n

In de Amsterdamse Courant van 1 maart 1760 verscheen het navolgende bericht over de aanbesteding van bouwwerkzaamheden aan het kerkgebouw en de gemeentelijke aan de brink van Deever.

De Carspellieden van Diever zyn voornemens op Dinsdag 25 Maart 1760, ten huize van Andries Hummel te Diever, te besteden het maaken van een Kap op de Kerk en Spits op den Tooren, nevens de leverantie der materiaalen daar toe nodig; zullende het Bestek 14 dagen te vooren by het Gerigte aldaar te zien zijn.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Werd met Carspellieden van Deever het bestuur van het wereldse kerspel Deever bedoeld of het bestuur van het kerkelijke kerspel Deever of werden beide besturen bedoeld ? Deze vraag kan gesteld worden, omdat wellicht het kerkgebouw eigendom van het kerkelijke kerspel was en de toren eigendom van het wereldse kerspel was.
Waarom moest op het kerkgebouw een kap en op de toren een spits worden gemaakt ? Was het houtwerk van het dak en de spits verrot of vermolmd of was er brand geweest ?
Met ten huize van Andries Hummel zal in de herberg van Andries Hummel (is Hummelen) zijn bedoeld. Andries Klazen Hummelen werd op 22 december 1726 in Deever geboren als zoon van Hermannus Hummelen. Hij trouwde op 15 april 1759 met Maria Timens Winst. De herberg moet gevestigd zijn geweest in een boerderij aan de Brink.

Op de afbeelding uit omstreeks 1950 is de (weer) in verval geraakte kerk en toren aan de brink van Deever te zien en is\de braandkoele, omgeven door rhodondendrons, nog aanwezig op de brink. Het bestuur van de gemiente Deever greep de bouw van het nieuwe gemeentehuis en de restauratie van de kerk in de jaren 1956/1957 aan om de brink anders in te richten, beter gezegd grondig te vernielen.

Posted in Ansichtkoate, Brink, Kaarke an de brink, Toor'n an de brink | Leave a comment

Kees Verhoef sög nog steeds Kees van Duin

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaand artikel samengesteld op basis van een telefonisch interview met de heer Kees Verhoef, die in de periode 1950-1952 een jaar in kamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe verbleef.

Ik ben geboren in 1939 in Putten in Gelderland geboren. Mijn moeder is met mij van mijn vader weggelopen. In de oorlog heb ik in de Lombokstraat in Amsterdam gezeten bij mijn opa. Daarna ging ik in de oorlog naar een inrichting in Utrecht.

De man die bij mijn moeder was, dat was mijn stiefvader. Die had niet veel met mij. Die sloeg en schopte mij. Als dat gebeurde, dan kon ik niet thuis zijn, dan klom ik lang de regenpijp het dak op en ging ik achter de schoorsteen zitten. Daar kon hij mij niet pakken. De buren hebben op een gegeven moment de politie ingeschakeld. Daarna hebben mensen van de gemeente mij weggehaald. Zo ben ik in kamp ‘de Eikenhorst’ terecht gekomen.

Ik ben twee keer ondervoed geweest. We kenden thuis geen vettigheid. Thuis was het armoede. In het kamp was het eten goed. We kregen prima te eten. Er was goed brood met beleg. We aten in de barak met de keuken en de eetzaal.

Ik kan mij de naam van de commandant van het kamp niet meer herinneren. De commandant had een eigen woning. Die man zag je nooit. Die zat heel ver weg. Die kreeg z’n centen zeker voor niks. De naam van de adjudant was meneer Groen. We wisten zijn voornaam niet. Zo ging dat. Gelijk links van de ingang stond de barak van de leiding. We mochten het terrein niet af. We mochten niet in café Jonkers komen. We gingen niet naar het zwembad in Diever. Ik herinner mij het kanaal nog wel.

In het begin kregen we geen school in het kamp. Mijn taak was werken in het magazijn. Ben Nielen uit Wormerveer was de magazijnmeester. Hij was ook onze sportleraar. In het magazijn had ik wat verantwoordelijkheid. Dat gaf ook enige macht. We droegen militaire kistjes, van die hoge schoenen. Die werden steeds maar gerepareerd, totdat ze uit elkaar vielen. Ik zei dan dat zo’n versleten paar schoenen nog wel een tijdje meeging, maar daar besliste de magazijnmeester dan anders over.

We hadden ook corvee. Daar was een corveelijst voor. We moesten werken in de keuken en in de kantine. We moesten de afwas doen van de jongens uit alle barakken. Voor mij was structuur en discipline in mijn leven positief. In de afwasbarak moesten we alles met de hand afwassen. Met de corveelijst was alles goed geregeld. Er was structuur. Je wist waar je aan toe was. Dat was thuis heel anders. Ik heb in het kamp geleerd voor me zelf te zorgen. Het was goed dat je wat moest doen. Aan mijn tijd in kamp ‘de Eikenhorst’ heb ik veel gehad.

De jongens uit de barak Perú gingen met elkaar om en gingen weinig met de jongens van de andere barakken om. Daar heb ik geleerd wat kameraadschap en discipline is. De jongens onder elkaar vochten wel, maar als je onder kwam te liggen, dan had je verloren, dan was het afgelopen. Maar die Henk Staal hield zich daar niet aan en bleef de jongen die onder lag hard in zijn gezicht stompen. Dat was heel gemeen. In de barak sliepen we op een stromatras. Zo nu en dan werd het stro vervangen door nieuw stro.

Elke ochtend werd de Nederlandse vlag gehesen, net zoals tijdens de militaire dienst. We liepen in de gelid naar de vlag, dan werd de vlag gehesen. We moesten ook regelmatig flink wat kilometers door de bossen lopen. Dat was zwaar.

We hadden eens een hut gegraven in de zandvlakte. Dat mocht van de leiding. We gingen kijken waar de kippen van de commandant waren. We roofden de eieren van zijn kippen. We kregen leverpastei uit een blikje op ons brood. In zo’n leeg blikje kookten we de geroofde eieren van de commandant.

Kees van Duin was mijn kameraad, die kwam uit Scheveningen, vlak bij de haven. Ik kwam uit Groede, vlak bij de haven van Breskens. We praatten over loggers en botters en vissersschepen. Ik ben hem kwijt geraakt. Ik heb naar hem gezocht op Facebook, maar ik heb hem nog steeds niet gevonden.

Ik heb een hele mooie tijd gehad in het kamp. Ik heb een goed gevoel over het kamp ‘de Eikenhorst’. Ik ben daar een jaar geweest. Het is een mooie tijd geweest. De leiding was niet streng. Ze schreven wel alles over je op. Na een jaar ben ik overgeplaatst naar een kamp in Maarsbergen, daar moest ik een vak leren. Ik heb daarna nog in een kamp in Veenendaal gezeten, daar mocht je roken. In een metaalfabriek in Veenendaal heb ik als leerling gaten in scharnieren geponst. Later ben ik gaan varen op de binnenvaart.

Alles wat ik had van het kamp ‘de Eikenhorst’ is verdwenen. Ik had ook grammofoonplaten met uitvoeringen van heldentenoren gekregen van meneer Pols. Mijn stiefvader heeft alles weggegeven. Het enige wat ik nog heb, dat is deze foto. Ik kon niks van vroeger van ‘de Eikenhorst’ terugvinden. Ik zit sinds zes jaar op de computer en heb via Google in de website www.dieversarchief.nl verhalen over ‘de Eikenhorst’ gevonden. Dat was een hele gewaarwording.

Op de foto zie ik Kees van Duin staan. Hij is de jongen met het streepjesshirt. Ik zie aan de kopjes van de jongens dat ze gelukkig waren. Jantje Scholten staat ook op de foto. Hij was een klein mannetje en werd daarmee altijd geplaagd. Ik sta op de foto aan de rechterkant, met mijn handen bij elkaar. Meneer Pols, onze leider, staat achteraan op de foto. Zijn voornaam ken ik niet. Je zei meneer tegen hem, dat was alles. Alles was netjes geregeld. De foto is bij de barak van de groep Perú genomen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De jongens die omstreeks 1951-1953 in de barak met de naam Perú verbleven worden dringend verzocht te reageren op dit artikel van Kees Verhoef en vooral op de groepsfoto. In het bijzonder is de redactie op zoek naar Kees van Duin. Is Kees van Duin nog in leven ?

Abracadabra-1410

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Twee hüsies op de Baarg op ut Kastiel in Deever

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in november 1964 uitgegeven door JosPé en was te koop bij Van Goor’s Kantoorboekhandel in de Kruusstroate in Deever.

Op de Baarg op ’t Kastiel in Deever is links het keuterboerderijtje van de weduwe Evertje Davids-Vierhoven en rechts het keuterboerderijtje waar tot in 1962 de familie Helprig Smit woonde. De weduwe Elsje (Elle, Olde Elle) Smit-Oost woonde toen al in een van de eerst gebouwde bejaardenwoningen in de Weiert an de Heufdstroate.
De redactie van ut Deevers Archief heeft nog niet uitgezocht wie in 1964 in het huisje woonde.
Tussen de twee boerderijtjes staat een grote vlierboom, waar altijd veel vlierbessen aan zaten. Wietske van Leeuwen, de echtgenote van Helprig Smit, is de uitvindster van de vlierbessenjam, lekkerder jam was in Deever niet te vinden.
Evertje Vierhoven werd op 29 juli 1896 in Deever geboren als dochter van Albert Vierhoven en Trijntje Andree (Andrea of Andreae ?). Zij trouwde op 27 juni 1925 met Albert Davids, beroep arbeider, zoon van Hendrik Davids en Magrieta Sidonia Wibier. Albert Davids werd op 26 oktober 1881 geboren in Deever en overleed op 20 juni 1955 in Deever. Evertje Vierhoven overleed op 21 april 1972 in Deever. Het echtpaar ligt begraven op de kaarkhof an ut begun van de Grönnegerweg bee Deever. In de webstee nieuwenhuis-genealogie is een mooie foto uit 1950 te zien van Albert Davids, Evertje Vierhoven en hun dochter Trijntje, de foto is genomen aan de voorkant van het boerderijtje.
Elsje (Elle, Olde Elle) Oost werd op 20 maart 1893 in Deever geboren als dochter van Helprig Oost en Hilligje Prikken. Zij trouwde op 31 augustus 1912 met Hilbert Smit, beroep arbeider, zoon van Jan Smit en Margje Hilberts de Wit. Zij overleed op 4 oktober 1985. Hilbert Smit werd op 18 september 1888 geboren in het Leggelerveld (gemiente Dwingel), hij overleed op jonge leeftijd op 5 juli 1931 in Deever, hij was toen landbouwer. Het echtpaar ligt begraven op de kaarkhof an ut begun van de Grönnegerweg bee Deever.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde foto van de twee hüsies op de Baarg op ut Kastiel in Deever ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 37 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.


De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van de huidige situatie op de Baarg op ut Kastiel gemaakt op donderdag 11 november 2017.

Posted in Alle Deeversen, Ansichtkoate, ut Kastiel | Leave a comment

Un neeje kok-beheerder in ut waarkkaamp Deever B

In december 1941 besloot de Duitse bezetter joodse Amsterdammers naar de Drentsche rijkswerkkampen in Diever, Geesbrug, Gijsselte, Kremboong, Mantinge, Orvelte, Stuifzand en Vledder te sturen.
Het eerste resultaat was dat 905 mannen op zaterdag 10 januari 1942 naar Drenthe vertrokken, waarna ook mannen uit andere delen van het land gedwongen werden te gaan.
In de nacht van 2 op 3 oktober 1942 werden de rijkswerkkampen Diever A en Diever B door de Duitse bezetter ontruimd. De joodse mannen kwamen in het kamp Westerbork terecht. Vandaar werden ze gedeporteerd naar de Duitse vernietigingskampen.

Op 2 oktober 1942 verscheen in het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s courant het volgende bericht.
De heer A. Posthumus alhier is benoemd tot kok-beheerder van het werkverschaffingskamp B te Diever.

Op 7 oktober 1942 verscheen in het Drentsch dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe) het volgende bericht.
De chef kok kampbeheerder van de werkkampen A en B te Diever, de heer A. Polder, is in gelijke betrekking overgeplaatst naar Vledder.

De vraag rijst wie na het vertrek van de heer A. Polder de kok-beheerder van rijkswerkkamp Diever A is geworden.

De vraag rijst of deze benoemingen verband hebben gehouden met het gedwongen vertrek van de joodse mannen uit de rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de nacht van 2 op 3 oktober 1942. Wellicht heeft de Heidemaatschappij al kort na de nacht van 2 op 3 oktober 1942 de rijkswerkkampen Diever A en Diever B weer als werkverschaffingskamp in gebruik genomen.

Op 26 oktober 1942 werd vanuit Oldemarkt in de gemeente Steenwijkerwold in Overijssel een aangetekende brief verzonden naar de heer A.A. Posthumus, kok-beheerder van rijkswerkkamp Diever B. De grote vragen zijn natuurlijk wie de afzender was van deze aangetekende brief en wat de inhoud van die brief was. De envelop van deze aangetekende brief is bewaard gebleven, zie de bijgaande afbeelding.

Posted in de Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Jantina en Abe hept in Romeo en Julia espeult

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantina Figeland speelde de hoofdrol van Julia in het drama met een treurige afloop The Most Excellent and Lamentable Tragedy of Romeo and Juliet, geschreven door William Shakespeare, dat in 1958 in een vertaling van Leendert Alexander Johannes Burgersdijk werd opgevoerd in het openluchttheater an de Heezeresch bee Deever.

Abe Brouwer speelde in die tragedie de rol van broeder Lorenzo, een Franciscaner monnik.
In scene 1 van acte IV is Julia bij broeder Lorenzo in zijn cel in het klooster in Verona en zegt het volgende tegen hem:
Zeg vader niet, dat gij dit hebt gehoord,
Of zeg mij ook, hoe ik ’t verhoeden kan.
En als uw wijsheid mij geen redding weet,
Erkan dan slechts wat ik besloot als wijs
En ‘k help terstond mijzelve met dit staal.
God voegde Romeo’s hart en ’t mijne saam,
Gij onze handen; en eer deze hand,
Die gij aan Romeo hebt gezegeld,
Zich aan een ander echtverbond laat zeeg’len
Of mijn trouw hart verraad pleegt, van hem afvalt
Zich naar een ander keert, doodt dit die beide.
Dus geef uit uw veeljarige ondervinding,
Mij snelle raad; of anders zij dit staal
Scheidsrechter tussen ’t dreigend lot en mij;
’t Beslecht wat uw wijsheid en ervaring
Niet tot een uitkomst brengen kan.
Spreek bondig snel, ik wens nu snel de dood,
Brengt wat gij spreekt, geen redding in mijn nood.

In het boek ‘The complete works of William Shakespeare’ van William James Craig, heruitgegeven in 1980 in Londen, is op de bladzijden 850 en 851 de navolgende hopelijk oorspronkelijke Engelse tekst van de hiervoor weergegeven tekst van Julia te lezen.
Tell me not, friar, that thou hear’st of this,
Unless thou tell me how I may prevent it:
If, in thy wisdom, thou canst give no help,
Do thou but call my resolution wise,
And with this knife I’ll help it presently.
God joint’d my heart and Romeo’s, thou our hands;
And ere this hand, by thee to Romeo seal’d,
Shall be the label to another deed,
Or my true heart with treacherous revolt,
Turn to another, This shall slay them both.
Therefore, out of thy long-experience’d time,
Give me some present councel; or behold,
Twixt my extremes and me this bloody knife
Shall play the umpire, arbitrating that
Which the commission of thy years and art
Could to no issue of true honour bring.
But not so long to speak; I long to die,
If what thou speak’st speak not or remedy.

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantina Figeland moest zich in de rol van Julia behelpen met de archaïsche vertaling van Leendert Alexander Johannes Burgersdijk. Je zal zo’n vastgeroeste ellenlange tekst maar moeten uitspreken ! Tegenwoordig maakt elke zichzelf belangrijk en onmisbaar vindende regisseur van een semi-semi-semi-professioneel of een semi-semi-professioneel of een semi-professioneel of een professioneel Shakespeare-gezelschap zijn eigen vrije vertaling van een te spelen Shakespeare-toneelstuk.

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantien Figeland, die zichzelf Jantina noemde, excelleerde vanaf het begin van het openluchtspel in 1946 gedurende 13 seizoenen in het openluchtspel. Jantien (Jantina) Figeland, is geboren op 13 september 1928 in Meppel en is overleden op 20 december 2016 in Lochem.

De Friese schrijver, dichter, toneelspeler en stratenmaker Abe Brouwer is geboren op 18 september 1901 op de Bergumerheide bij Noordbergum in Friesland en is overleden op 18 maart 1985 in Franeker. Abe Brouwer begon op maandag 4 maart 1957 op 56-jarige leeftijd, toen het wat slechter ging met zijn schrijverscarrière, as stroatemaeker van de gemiente Deever.

Bijgaande prachtige en unieke zwart-wit foto van scéne 1 van acte IV van de tragedie Romeo en Julia met Jantina Figeland en Abe Brouwer is onlangs opgedoken.

Posted in Abe Brouwer, Alle Deeversen, Eup’mlogtspel, Shakespearitis | Leave a comment

Shakespeare ‘stencil wand’ an de brinq van Deever

De Amsterdamse urban artist (stedelijke kunstenaar) Hugo Kaagman, die zichzelf de ‘stencil koning’ noemt, is de maker van een ‘stencil wand’ gevuld met Delftsblauwe afbeeldingen die verband houden met het ernstig aan shakespearitis lijdende dorp Deever, de toneelstukkenschrijver William Shakespeare en de toneelstukken van William Shakespeare, die zijn gespeeld in het openluchttheater an de Heezeresch bee Deever. Zie de bijgevoegde afbeelding.
De sjabloonsnijder Hugo Kaagman heeft de ‘stencil wand’ in juni 2017 gemaakt in opdracht van de ‘Foundation Diever Village of Shakespeare’ (Stichting Deever Dorp van Shakespeare).
Deze foundation (stichting) is in Deever in het leven geroepen voor het bevorderen van het financieel uitbaten in de gemiente Deever van de naam Shakespeare door middel van allerlei activiteiten, met als doel het trekken van veel meer toeristen naar de gemiente Deever, het trekken van veel meer bezoekers naar de toneelspeelplaatsen an de Heezeresch, het bereiken van veel meer boekingen in de gemiente Deever voor overnachtingen het hele jaar door, het bereiken van veel meer omzet voor de neringdoenden, het bereiken van veel meer omzet in de toeristenindustrie en derhalve het sterk vergroten van de daadwerkelijke opbrengst van de gemeentelijke toeristenbelasting (resultaatsverwachting ten minste € 3.000.000).
En dat met de wetenschap dat de Deeverse toeristenbelasting geen doelbelasting is, maar in de schatkist met algemene middelen van de gemeente Westenveld terecht komt, waaruit bijvoorbeeld ook de dorpshuizen van Vledder, Dwingel en Oavelt zouden kunnen worden gesubsidieerd.
De ‘stencil wand’ heeft in de zomer van 2017 niet op maar naast de niet-Saksische BadQualityBrinQ van Deever gestaan, op de plek waar vroeger het erfgoedboerderijtje (die in de volksmond ‘de Reddingsboei’ werd genoemd) van Albert Kuiper stond.
De ‘stencil wand’ heeft met name dienst gedaan als decor van een door Hugo Kaagman zo genoemde selfie spot (sölfie stee), dat wil zeggen dat de ‘stencil wand’ als achtergrond kon worden gebruikt bij het maken van foto’s, waarbij de makers met de telefoon in de hand of op een stok (tillefoontie op mien stokkie) zichzelf of zichzelf met anderen op de foto zetten. De verwachting was dat The Netherlands zou worden overspoeld met Shakespeare-selfies. To selfie, or not to selfie. That’s no question.
Wie denkt dat de ‘Foundation Diever Village of Shakespeare’ het reclamebordje zo maar naast de niet-Saksische BadQualityBrinQ van Deever kon plaatsen, die vergist zich.
Nee, het openbare besluitenlijstje (blijkbaar bestaat een geheime besluitenlijstje ook) van het college van burgemeester en wethouders van 13 juni 2017 vermeldt bij de portefeuille Openbare Ruimte van de toenmalige hoogedelgestrenge heer wethouder Homme Geertsma de volgende twee wel erg zware wik-en-weeg-beslissingen, te weten 1) instemmen met het plaatsen van de Selfie Wall door de Stichting Diever Village of Shakespeare en 2) ontheffing verlenen aan de Stichting Diever Village of Shakespeare voor het aanvragen van een omgevingsvergunning.
Maar het besluitenlijstje van de toenmalige hoogedelgestrenge heer wethouder Homme Geertsma vermeldt niet tot wanneer de ontheffing geldig is. Toch wel een minpuntje voor de hoofdbeleidsmedewerker (zeg maar een soort van pseudo-wethouder) voor de openbare ruimte van de gemeente Westenveld, die besluit welke besluiten op het openbare besluitenlijstje komen te staan.
Het is wel een slimme zet van Hugo Kaagman het wapen van de gemiente Deever op de ‘stencil wand’ te plakken en gelukkig niet het wapen van de gemeente Westenveld, want het Shakespeare-gedoe is niet van de gemeenten Vledder, Dwingel of Oavelt, maar enkel van de gemiente Deever.
De vraag is natuurlijk waar de Stichting Deever Dorp van Shakespeare het reclamebordje heeft gelaten ?
Wie het weet die mag het natuurlijk melden bij de redactie ! Want de redactie van ut Deevers Archief wil nog wel graag een foto van de huidige staat van dit kunstwerk maken.
De redactie heeft de kleurenfoto van de plek waar de ‘stencil-wand’ heeft gestaan op 25 november 2017 gemaakt.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een andere foto van de ‘stencil wand’.

Posted in Deever, Kuunst, Shakespearitis, William Shakespeare | Leave a comment

Ansichtkoate en foto van ‘de Keet’ op de Heezebaarg

De oudheidkundige professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever) staat op deze ansichtkaart in de voordeur van zijn geliefde buitenhuisje genaamd de Keet op zijn landgoed de Heezebaarg aan de rand van de Heezeresch bee Deever.
Professor doctor Albert Egges van Giffen stuurde deze fotokaart -gemaakt van een eigen foto- op 16 september 1956 naar de familie Zijp-Laan, Oostwoud 56 in Noord-Holland. De kaart is ondertekend door professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s) (klik hier voor meer gegevens over Albert van Giffen). De tekst op de kaart luidt: Diever, de ‘Heezeberg’, ons buitenhuisje. Veel dank voor uw kaart van de reis. Met vele groeten.
De Keet is inderdaad de keet die bij de grote oudheidkundige afgraving van de terp van Ezinge stond (klik hier voor meer gegevens over de afgraving van de terp van Ezinge). Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezeresch).
In 1997 was met name de houten onderkant van de Keet in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenote, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter stenen vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uut Dwingel (eerder gevestigd in Leggel).

De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van ut Deevers Archief en de eigenaren van de Keet bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van de Keet op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de hier afgebeelde kleurenfoto op de dag vóór de afbraak tegen het vallen van de avond met flitslicht gemaakt. Het zal één van de allerlaatste ooit gemaakte foto’s van dit huisje zijn geweest.

Reactie van J. Smit van 5 december 2017
Ik ben in de zestiger jaren van de vorige eeuw enkele keren met mijn vader Wolter Smit, die de exclusieve jachtrechten op de gronden rond de Heezeresch had verkregen van de familie Van Giffen, in aanwezigheid van Jan van Giffen (de zoon van professor doctor Albert Egges van Giffen) in het verblijf geweest. Het was inderdaad een eenvoudig zomerhuisje op een prachtige locatie in een fraaie omgeving !

Abracadabra-1253
Abracadabra-844Abracadabra-1254

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansichtkoate, Deever, Heezebaarg, Heezeresch, Oudheidkunde, Topstuk | Leave a comment

De sloop van de hüsies van de Sint Anthony Stichting

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 juni 1981 verscheen het volgende korte bericht over het slopen van de gasthuisjes van de Sint Anthony Stichting naast de Rooms Katholieke Kerk op Zorgvlied.

Slopershamer in gasthuisjes
Zorgvlied. De vier gasthuisjes in Zorgvlied naast de rooms katholieke kerk worden afgebroken. Op dezelfde plaats zullen door de Stichting Woningbouw Zuidwest-Drenthe nieuwe woningen worden gebouwd. De gasthuisjes hebben jaren op de monumentenlijst gestaan, maar zijn onlangs afgevoerd.
De huisjes zijn altijd eigendom geweest van de Stichting van Weldadigheid ‘Het Sint Anthony Gasthuis’. Men is jaren bezig geweest om te proberen ze te laten restaureren. Het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk had echter geen geld voor de restauratie. Door de slechte toestand van de woningen was men genoodzaakt om ze toen dicht te spijkeren.
Wanneer met de nieuwbouw wordt begonnen is nog niet bekend, want financieel is de zaak nog niet helemaal rond.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie verwijst de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief tevens naar het bericht Anthony Gasthuis – Gratis wonen en een gulden toe, naar het bericht Op de kneien veur Lodewijk en Johanna en naar het bericht Zorgvlied, een bakermat voor Neerlands zeehelden ?.
De eerste afbeelding is een afbeelding van een foto, die gemaakt is door de welbekende Deeverse dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm (Haarm) Hessels, en die de situatie van de gasthuisjes tijdens de sloop toont.
De tweede afbeelding is een afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart en toont de situatie van de gasthuisjes vóór de sloop.

Abracadabra-1409
Abracadabra-1408

Posted in Ansichtkoate, Lodewijk Guillaume Verwer, Sint Anthonij Gasthuis, Verdwenen object, Zorgvlied | Leave a comment