Monthly Archives: juli 2021

Stalraèm model Deever in de olde skoapskooi

In de tot woonhuisje omgebouwde voormalige schaapskooi van wijlen emeritus domeneer Theo Rutgers an de brink van Deever zijn ook enige kleine stalraampjes van het model Deever te bespeuren. Deze zijn op afbeelding 1 in de zijmuur van het achterhuis, rechts van de zijvoordeur te zien. Deze zijn op afbeelding 2 ook in de zijmuur aan de kant van de boerderij van Cornelis Seinen te zien. De grote vraag is natuurlijk of deze stalraampjes ook al in de voormalige schaapskooi aanwezig waren of dat emeritus domeneer Theo Rutgers deze bij de verbouwing van de schaapskooi tot woonhuis in de zijmuur heeft doen plaatsen ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto voor afbeelding 1 gemaakt op 3 oktober 2012.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto voor afbeelding 2 gemaakt op 11 december 2019, ten tijde van de grote lokale bestratingsepidemie met de eufemistische naam Deever op Drift.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Stalraèm model Deever | Leave a comment

De bebossing van Baark’nheuvel is hoast kloar

In de avondeditie van de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 5 september 1925 verscheen ter gelegenheid van de voleinding van de ontwikkeling van het landgoed Berkenheuvel het volgende bericht.

Berkenheuvel – Resultaat van den strijd tegen het zand
Ruim een halve eeuw geleden reeds is de eerste eigenaar van het te Diever, in Drente, gelegen landgoed Berkenheuvel, dat toen grootendeels uit binnenduinen en zandverstuivingen bestond, begonnen met pogingen om die vast te leggen en te bebosschen. Sedert is deze bezitting eenige malen aan andere kopers overgegaan, maar de laatste 35 jaar behoort zij in eigendom toe aan mr. A.C. van Daalen te Bennekom.
In deze perioden is de strijd tegen het zand voortgezet, en 25 jaren lang heeft nu de boschbaas H. Smit, een Noor van geboorte, in deze afgelegenheid zijn kennis en zijn krachten gewijd aan de cultuur van Berkenheuvel, dat sedert tot 1350 hectaren, meest met dennen, eiken, Amerikaansche eiken, beuken en berken begroeid terrein is uitgebreid.
Met ontzaggelijk veel moeite en overleg zijn de zandverstuivingen thans vastgelegd, is de bebosssching vrijwel voltooid, vindt men er hier en daar een stuk grasland, en zelfs een complex bouwland temidden van de bosschen en heuvels, waaroverheen op sommige plekken, en langs de vroegere schapendriften, de gezaaide en gepote boomen zich vrij hebben voortgeplant, nu de schapen er niet meer zijn, om alle jonge spruitjes weg te grazen van de heidevelden. Een mooi en romantisch landgoed is er ontstaan over deze groote uitgestrektheid, waar ’s zomers dan ook geregeld de jeugd uit de steden komt kampeeren.
De eigenaar exploiteert zijn bezitting echter voor den verkoop van het hout. Om dit te vervoeren, zijn er een menigte zandwegen aangelegd. En dat de ontginning van deze woeste gronden loonend is geworden, blijkt wel, als men weet, dat daar in één gunstig jaar alleen voor f. 60.000 aan boomstammen verkocht is.
Mr. Van Daalen heeft nu de voleinding van het werk en de omstandigheid dat de boschbaas Smit daar juist een kwart eeuw dezen arbeid geleid heeft, willen vieren door het oprichten van een rustiek gedenkteeken op een der bekoorlijkste plekken van Berkenheuvel. Voor de onthulling hiervan waren heden eenige gasten uitgenodigd, onder wie de commissaris der Koningin in Drenthe, leden van Gedeputeerde Staten, de directeur van het Staatsboschbedrijf, bestuursleden van de Maatschappij van Weldadigheid, Natuurmonumenten, den A.N.W.B. en plaatselijke autoriteiten behoorden.
In zijn feestrede beklaagde de heer Van Daalen zich over zijns inziens te hoogen aanslag in de belastingen voor zijn bosschbedrijf en over gebrek aan medewerking van sommige besturen bij de exploitatie hiervan.
Er zou een ommegang worden gemaakt ten deele op wagens, tot aan den nieuwen uitkijktoren, die een uitzicht geeft over deze bekoorlijkste en winstgevende landstreek, waar vroeger niet veel anders was dan een barre zandzee en het dorre heideveld.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Boschbaas Harm Smit is op 11 december 1867 in Noordwolde in de gemeente Weststellingwerf geboren als zoon van Wolter Smit en Gezina Catharina Vogelzang. Hij was dus geen Noor, maar Noordwoldiger van geboorte. Harm Smit is op 11 oktober 1944 in Deever overleden. Harm Smit, die toen nog boerenknecht was, trouwde op 15 mei 1891 in Dwingel met Jacoba Monis, beroep: dienstmeid. Jacoba Monis is geboren op 6 oktober 1863 in Uffelte als dochter van een onbekende vader en Grietje Monis. Jacoba Monis overleed op 15 februari 1956 in Deever.
Hun dochter Gezina Catharina Smit, geboren op 7 april 1895 op Kalter’n, trouwde op 25 april 1919 met de uit Eernewoude afkomstige landbouwer Klaas Marcus Balsma, die in de Tweede Wereldoorlog een beruchte N.S.B.’er was in de gemiente Deever.
De redactie heeft de hier afgebeelde kleurenfoto gemaakt op woensdag 17 mei 2023.

Abracadabra-371

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Deever, Klaas Marcus Balsma, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

De toor’n en de kaarke in de kaarkhof an de brink

De redactie van ut Deevers Archief laat graag zijn bezoekers meegenieten van mooie afbeeldingen uut de gemiente Deever.
In het archief van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in Den Haag bevindt zich een prachtige zwart-wit foto van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren in de schitterende kaarhof an de brink van Deever. Deze hier afgebeelde foto is gemaakt in 1938. De naam van de fotograaf is niet bekend. Deze foto is een topstuk en is fotografisch aarfgood van de gemiente Deever.
Het uurwerk in de gemeentelijke toren in de schitterende kaarkhof an de brink van Deever zat voor de grote restauratie in 1956-1957 boven de galmgaten. Aan de stand van de zon te zien moet de foto om zesentwintig minuten over tien uur in de ochtend zijn gemaakt. Dit is af te leiden uit de schaduw in de linker benedenhoek van de foto.
Was de fotograaf speciaal naar Deever gekomen voor deze foto en heeft hij naast deze foto nog een hele serie foto’s gemaakt ? Dat is wel te hopen. Wellicht was hij al daags tevoren aangekomen en had hij overnacht in hotel Brinkzicht an de brink van Deever.
In die tijd was de hof van de kerk voorzien van een afrastering van betonnen palen en gaas. Om te voorkomen dat de vertrekkende of terugkerende schaapskudde op de hof zou gaan grazen ? Of om te voorkomen dat het mit de Deevermaarkt een rotzooitje zou worden op de hof ? De grafstenen op de kerkhof zijn misschien al lang vóór 1938 verdwenen. De graven zijn pas bij de grote restauratie van de kerk in 1956-1957 geruimd. Wie in die jaren in Deever woonde, zal zich wellicht de berg botten bij het graafwerk rond de kerk nog herinneren. Zijn de nieuwe boompjes met de juiste kennis van de ligging van de graven geplant of kan het zijn dat onder de stammen van de thans aanwezige bomen nog resten van menselijke botten zijn te vinden ?
Aan de rechterkant is wit wasgoed in de hof van de kerk te zien. De met gras begroeide hof kon immers mooi worden gebruikt als bleek (de was lag op de blieke). Wie bleekte daar de was ? Was het de vrouw die in de boerderij op de hoek van de Peperstroate en de Kaarkstroate woonde of was het de vrouw van Hendrik Gruppen (geboren op 10-07-1868, overleden op 15-8-1955), die in de boerderij op de hoek van de Heufdstroate en de Kaarkstroate woonde ?
Heette de verbindingsweg tussen de Heufdstroatre en de Peperpstroate toen ook al Kaarkstroate of is die saaie naam later bedacht ? De naam van deze straat zou met enige goede wil nog steeds kunnen worden veranderd in Aquamanileweg of Orgelpomperstraat of Jans Tabaklaan. Deze straat bestond in 1938 uit een klinkerverharding met aan weerskanten zo’n mooie echte strook van veldkeien en veldkeitjes. Is de verharding van deze straat ten prooi gevallen aan de naoorlogse slooplust van De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk In De Gemiente Deever, dat Deever in de naoorlogse vaart der volkeren wilde opstoten ?
Aan de rechterkant van de foto is een pand te zien. Of zijn het twee panden ? Bij vergroting van de foto is boven het rechter zonnescherm een niet te ontletteren naam te zien. Was in het pand een winkel gevestigd ? Van wie was het pand of de pandenl ? Van bakker Albert Kuiper (Aubut Kuper) ? Wat is na 1938 met dit pand of met deze panden gebeurd ?
Aan de rechterkant is een houten paal van het bovengrondse elektriciteitsnet te zien. Bij vergroting van de foto zijn aan de paal de porceleinen isolatiepotjes te zien en ook de stroomdraden. Was de spanning op de draden toen al 220 Volt ?
Aan de linker kant van de foto is te zien dat een hoekje van de hof in gebruik was als een soort plantentuintje. Was dit het tuintje van dorpsfiguur Geert Dekker, koster en orgelpomper van de kerk en menner van de lijkwagen ? Geert Dekker woonde immers an de Heufdstroate tegenover de Kaarkstroate ? Het zou best kunnen, want Geert Dekker had zijn moestuin op ut Bultie. 
Aan de linkerkant van de foto is op de achtergrond de boerderij van Jan Seinen te zien. Deze boerderij bestaat nog steeds, zij het dat aan één kant de muren beetje bij beetje steeds schever zakken.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op 22 april 2021.

Posted in Aarfgood, Brink, Kaarke an de brink, Toor'n an de brink, Topstuk | Leave a comment

Wat is ut geboortejoar van ut dörp Zorgvliet ?

In de met de heemkunduge vurening uut Deever verbonden heemkundige werkgroep in het dorp Zorgvliet an de aandere kaante van de bos wordt naarstig gezocht, gegist en gegokt naar het geboortejaar van het dorp Zorgvliet, dat is ontstaan in het gebied dat vroeger Woater’n heette.
Zo wordt getracht vast te stellen wanneer Zorgvliet, de naam van het landhuis van Johannes Fransiscus de Ruijter de Wildt, ook voor het eerst is gebruikt als naam voor de daarbij gelegen zich ontwikkelende bebouwing.
De redactie van ut Deevers Archief adviseert niet langer te zoeken. Het advies is het jaar waarin begonnen is met de bouw van het landhuis Zorgvliet te beschouwen als geboortejaar van het dorp met de naam Zorgvliet.
Een plaatselijke heemkundige kan die datum wel in oude kranten vinden. Zonder de land- en bosbouwactiviteiten van de bouwer van het landhuis Zorgvliet was het dorp Zorgvliet zeker niet ontstaan, zoals dit dorp in de loop van de jaren is ontstaan en had het dorp Zorgvliet zeker niet de naam Zorgvliet gekregen als de bouwer van het landhuis Zorgvliet dat landhuis bijvoorbeeld de naam Oase van Weldadigheid zou hebben gegeven. Hoe eenvoudig kan het toch zijn……..

Posted in De aandere kaante van de Deeverse bos, de Ruiter de Wildt, Woater’n, Zorgvliet | Leave a comment

Groot en Klein Woater’n ekocht mit Indies gold

In de Java-bode (nieuws-, handels- en advertentieblad voor Nederlands Indië) van 11 oktober 1871 verscheen een anonieme reactie op het korte, eenvoudige, zakelijke en feitelijke berichtje over de verkoop van het landgoed Groot en Klein Wateren, dat werd gepubliceerd in nummer 27 van de Mail-Courant van 2 september 1871.

Het landgoed Groot en Klein Wateren, in de gemeenten Vledder en Diever, is, naar wij vernemen, voor negenennegentig duizend vierhonderd acht gulden verkocht aan den heer Enger, uit Oost-Indië, wonende te Arnhem.
Mail-Courant van 2 september 1871, nummer 27.

De Indische Goudmijn
Waarom niet f 99.408, in cijfers ? Waarom, door het voluit schrijven van die som, den lezer genoodigd, nee gedwongen, des te langer met zijne gedachten bij hare rondheid te vertoeven ?
De vraag behelst het antwoord. Even duidelijk alsof hij zich in uwe onmiddellijke nabijheid bevond, ziet gij op vierduizend mijlen afstand hem achter de lessenaar zitten, den provincialen correspondent, inboorling der gemeenten Vledder en Diever, die voor den vasten prijs van f. 2,50 het stuk provinciale nieuwtjes aan de dagbladen der groote steden zendt. Van zijne vroegste jeugd kent en benijdt hij de heerlijkheden van Groot en Klein Wateren. Zijn vader is er tuinbaas geweest. Met de zonen van den toenmaligen eigenaar heeft hij er gevischt, gejaagd, gerost, gereden, slootje gesprongen. Waar die ‘jongeheeren’ zich thans bevinden, weet hij niet.
Van den eenen eigenaar is het goed in den loop des tijds op den anderen overgegaan, tot het nu laatstelijk op nieuw te koop werd aangeboden. Hem zelven is het intusschen niet meedegelopen in de wereld. Ten einde hem te doen rijzen op de maatschappelijke ladder, hebben zijne ouders hem bij den burgemeester in de leer gedaan; doch bij die eerste sport is het gebleven, en nog op dit oogenblik heeft hij het niet verder gebracht dan tot klerk ter gemeente-secretarie. Zoetjes aan verstrijkt de tijd, dat hij aan trouwen zou kunnen denken. De langgewenschte traktementsverhooging blijft uit, en er valt te Vledder en Diever te zelden iets bijzonders voor, om de betrekking van korrespondent winstgevend te maken.
Wie is die Enger, van wien men verhaalt, dat hij voor bijna eene ton gouds Groot en Klein Wateren gekocht heeft ? Hij weet alleen, dat de man te Arnhem woont en uit Oost-Indië komt. Oost-Indië ? Waarom is ook hij daar indertijd niet heen gegaan ? Misschien was hij zelf dan op dit oogenblik insgelijks een rijk man en had hij een bod op Groot en Klein  Wateren kunnen doen. Waarom hij niet even goed als Enger ? Niemands heeft ooit gehoord of beweerd, dat Enger een genie of een prins was. Wie weet of Enger’s vader niet achter de varkens heeft geloopen, of Enger de zoon niet als koloniaal zijne loopbaan begonnen is ? Met dat al is die zoon thans een man van fortuin. Hij komt uit Oost-Indië en woont te Arnhem; dus bezit hij alvast eene villa en heeft de gelegenheid slechts afgewacht, ook nog een landgoed te koopen. Negen-en negentigduizend-vier-honderd-acht-gulden – ’t is geen kleinigheid !
De aldus redenerende Vledder -en Dieveraar is een type. Hij vertegenwoordigt het slechts langzaam uitstervend geslacht der Nederlanders, die onder den algemeenen naam van ‘Oost-Indië’ zich een land van belofte denken, waar men rijker vandaan komt, naarmate men voorheen in het moederland minder heeft willen deugen. Wat zoo iemand hier te lande heeft uitgevoerd, in welk gedeelte van den Archipel hij werkzaam is geweest, waarmee hij zich heeft bezig gehouden, welk soort van kundigheden hij heeft moeten aanleren; of hij fortuin heeft gemaakt als landbouwer, als industrieel, als toko-houder, als lid eener weeskamer, als pakhuismeester, als schout, op eerlijke of oneerlijke wijze – daarvan zijn zij te eenemaal onkundig en gaan alleen bij voorkeur van de onderstelling uit, dat vooral twee factoren den aankoop van Groot en Klein Wateren mogelijk hebben gemaakt: een ruim geweten en de partikuliere nijverheid.
Werd er met de partikuliere nijverheid in Oost-Indië geen geld verdiend, zij zouden het onbetamelijk achten, geen geweten te hebben. Nu het omgekeerde het geval is, – getuige zoo menigeen, die uit Oost-Indië kwam en te Arnhem woont, – laten zij de gewetensvraag rusten en zijn voorstanders van de particulieren nijverheid. Die of eene dergelijke hypothese is noodig, zal men het tegenstrijdig verschijnsel kunnen verklaren, dat zulk een overgroot aantal Nederlanders tezelfder tijd Indië als eene goudmijn beschouwen en alles aanwenden wat in hun vermogen is om het te doen ophouden, dat te zijn. Naar Oost-Indië gaan en bij terugkomst in Nederland eene buitenplaats kunnen kopen, daarin lost zich voor hun de koloniale kwestie op; en daar zij nooit vernomen hebben, dat Indische officieren of Indische ambtenaren, – met uitzondering welligt van een Gouverneur-Generaal of wat, – in die oplossing geslaagd zijn, leidt de logica hunner hebzucht daaruit de gevolgtrekking af, dat hoe luider een uitbreiding der particuliere nijverheid geroepen wordt, er des te meer landgoederen zullen gekocht worden. Zonderling mengsel van afgunst en brooddronkenheid ! Als wilden zij zeggen: daar hebt gij weer zoo ’n Indische fortuinzoeker, zoo’n parvenu, zoo’n koning geworden karvoerder ! vervaardigen zij met de eene hand een ellenlang woord van de koopprijs zijner buitenplaats, en helpen met de andere, op hoop dat nog meer karvoerders koning zullen worden., de stutten van Indie’s welvaart omver halen.
Het is niet gemakkelijk, de aandoeningen te beschrijven, waarmede de in Indië gevestigde Nederlanders, die het ekonomisch samenstel deze gewesten doorgrondt, dat drijven gadeslaat. Er zijn te allen tijde Europesche Staten geweest, die hunne overzeesche bezittingen verspeeld hebben; en uit dat oogpunt beschouwd kan het geene verwondering baren, Nederland thans een voorbeeld te zien volgen, dat ruim drie honderd jaren geleden door Portugal begon gegeven te worden. Doch aan den anderen kant is er in de verdwazing van landgenooten iets, dat men zich onwillekeurig aantrekt, alsof men er persoonlijk in gemoeid was. Het opkomend gevoel van geringschatting wordt halfweg gestuit door een overblijfsel van sympathie, en men weet zelf niet te bepalen, wat wijzer is: onverschillig toe te zien bij de moedwillige vernietiging van een gebouw, aan welke voltooiing eeuwen lang gearbeid werd, dan wel, door te waarschuwen voor het dreigend gevaar, een gedeelte der schande te aanvaarden, welke uit elk gemeenschap met Zwarte Benden voortvloeit. Zoo dobbert men voort tusschen twee klippen, en is blijde als de naïviteit van den klerk eener dorps-sekretarie een vrolijk ogenblik verschaft.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft het rietsuikerbruine vermoeden dat de anonieme schrijver van het artikel ‘De Indische Goudmijn’ de heer Gerardus Frederik Enger zelf is.
De sagrijnig en arrogant kijkende koloniale suikerlord Gerardus Frederik Enger was in Nederlands-Indië overgegaan van de indigo-cultuur naar de suiker-cultuur en was op Java eigenaar van de suikerfabrieken Tjibongan en Tegal Waroe, die hij financierde met het geld dat hij had verdiend in de indigo-cultuur.
Hij zal het landgoed Groot en Klein Wateren an de aandere kaante van de bos wellicht vanwege beleggingsdoeleinden hebben gekocht. Of lag het in zijn bedoeling op de schrale Waterense zandgronden suikerbieten te gaan telen (immers suikerriet wil niet groeien in het koude Wateren) ? Een Drentsche goudmijn ?
De grote vraag is wat de anonieme schrijver bewoog op zo’n arrogante, kleinerende, neerbuigende en minachtende manier te keer te gaan tegen die korte, eenvoudige, zakelijke en feitelijke zin van de plaatselijke krantencorrespondent ? Frustraties ? Tropenkolder ? Superioriteitscomplex ? Spijt van de aankoop ?
Vooral het gebruik van de denigrerende en discriminerende woorden ‘inboorling der gemeenten Vledder en Diever’ doet alle deuren dicht.


Posted in De aandere kaante van de Deeverse bos, Landgoed Groot en Klein Wateren, Woater’n, Zorgvliet | Leave a comment

Dreeloek in de roadsaèl van de gemiente Deever

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 24 april 1992 is een kort artikeltje gepubliceerd over de onthulling van een verzameling van drie abstracte kunstwerken met de naam ‘Three phases of the thought’ (‘Drie fasen van de gedachte’) in de gerenoveerde raadzaal van de gemiente Deever.

Drieluik in raadzaal Diever gepresenteerd
Met de onthulling van het drieluik van mevrouw Van Spronsen is er een definitieve punt gezet achter de renovatie van de raadzaal van de gemeente Diever. De onthulling van het drieluik werd verricht door de drie kinderen van de familie Van Spronsen Elisa, Myrthe en Florantijn.
Nadat in 1989 de raadzaal van Diever was gerenoveerd heeft de gemeenteraad besloten om in verband met de verdere aankleding van de raadzaal een wandversiering aan te brengen. Inwoners van Diever werden uitgenodigd iets te vervaardigen en het ontwerp aan het gemeentebestuur te zenden.
Een zestal inwoners uit Diever heeft daaraan meegedaan, waarna de selectiecommissie bestaande uit de heer J. Lok, mevrouw A. Seinen-Brunsting en mevrouw Haarsma, uiteindelijk mevrouw C. van Spronsen de opdracht gunden. Dat gebeurde, omdat de door haar toegepaste kleurstellingen en figuratie zeer goed passen in het totaalbeeld van de raadzaal.
Het kunstwerk heeft van de kunstenares de titel gekregen ‘Three phases of the thought’ (drie fasen van de gedachte).
Het eerste doek is de verbeelding van een ontluikende gedachte of idee.
Het middelste doek laat een volgende stadium van die eerste gedachte zien.
En het derde doek, dat rechts hangt, gaat over de uiteindelijke gestalte van de gedachte.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is mevrouw Cecile van Spronsen, de kunstenares van de drie genoemde schilderijen, bijzonder erkentelijk voor het beschikbaar stellen van de hier afgebeelde kleurenfoto van deze schilderijen en het mogen publiceren van deze foto in ut Deevers Archief.
De grote vraag is – nu heden ten dage de oude raadzaal in het voormalige gemeentehuis aan de brink van Deever (een gemeentehuis in Deever hoort aan de brink te staan) geen raadzaal meer is – waar deze drie met publieksgeld aangeschafte schilderijen zijn gebleven ?
Hangen de drie kunstwerken nog in de oude raadzaal in het voormalige gemeentehuis aan de brink van Deever of hangen deze drie doeken in de nieuwe raadzaal van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan of zijn deze tijdelijk of permanent uitgeleend of zijn deze weggegeven of zijn deze bij de verhuizing van het oude gemeentehuis naar het nieuw raadhuis in een afvalcontainer gegooid of zijn deze netjes opgeslagen in het kunstdepot van de gemeente Westenveld of …… ?
Is de gemeente Westenveld nog steeds eigenaar van de drie doeken of heeft de gemeente Westenveld de drie kunstwerken verkocht of ……. ?
Wie het weet, die mag het de redactie melden; in het bijzonder wordt de hoofdbeleidsmedewerker voor de schone kunsten van de gemeente Westenveld uitgenodigd de verblijfplaats en de status van deze drie schilderijen te melden.

Posted in Brink, Deever, Gemeente Westenveld, Gemiente Deever, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Groot en Klein Woater’n veur f. 99.408,- vurkocht

In de krant De Locomotief verscheen op 10 oktober 1871 het volgende korte berichtje over de verkoop van het landgoed Groot en Klein Wateren.

Het landgoed Groot en Klein Wateren, in de gemeenten Vledder en Diever, is, naar wij vernemen, voor negenennegentig duizend vierhonderd acht gulden verkocht aan den heer Enger, uit Oost-Indië, wonende te Arnhem.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Na het overlijden op 25 november 1870 van landbouwondernemer en ex-koloniaal Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt (geboren op 20 december 1800) verkochten de weduwe mevrouw de hoogwelgeboren Henriëtte Ottoline Clara Elisabeth de Ruijter de Wildt – Jonkvrouw van Holmberg de Beckfelt en haar zonen het landgoed Groot en Klein Wateren an de aandere kaante van de bos in 1871 voor f. 99.408,- . Dat is naar de hedendaagse waarde omgerekend het niet al te hoge, maar toch zeker niet te versmaden bedragje van ten minste € 1.045.000,-
Wellicht was de koper ex-koloniaal Gerardus Frederik Enger een goede bekende uit Nederlands-Indië van de overleden ex-koloniaal Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt.

Posted in De aandere kaante van de Deeverse bos, de Ruiter de Wildt, Landgoed Groot en Klein Wateren, Zorgvliet | Leave a comment

De melbuss’n van Henduk Mulder op ut olde rikke

Enig zoeken leverde de redactie van ut Deevers Archief als resultaat bijgaande al tamelijk oude foto op.
Op deze op 29 juli 2002 door de redactie gemaakte zwart-wit foto zijn twee -speciaal voor de foto uitgestalde- melkbussen met deksel en een melkemmer op het half vergane houten melkrikke bij de boerderij van Hendrik Mulder en Jantje Wesseling an de brink in Deever te zien. Achter het melkgerak is een stalraam van het model Deever te zien.
Aan de nummers en met plakcijfers gewijzigde nummers is de oorspronkelijke nummering van de melkbussen, de naoorlogse hernummering, de hernummering na de fusie van de melkfabrieken van Deever en Wapse en de fusie van de melkfabriek Deever/Wapse met de DOMO af te lezen.
Boer Hendrik Mulder en boerin Jantje (Jantie) Wesseling zijn bij de onvermijdelijke overgang van de melkbus naar de melkkoeltank gestopt met boerk’n.
Hendrik Mulder is overleden op 31 oktober 2006. Zie het bijgevoegde overlijdensbericht.

abracadabra-488

Posted in Boerdereeje, Brink, Melkbusse, Overlijdensbericht, Stalraèm model Deever | Leave a comment

Stalraèm model Deever in de Schulteboerdereeje

In de Schulteboerdereeje aachter ut Schultehuus aan de verloederde brinQ van Deever, waar nu atelier en cadeauwinkel Hare Majesteit is gevestigd, trof de redactie van ut Deevers Archief gelukkig ook een stalraam van het model Deever aan.
De redactie heeft de kleurenfoto op 3 oktober 2012 gemaakt.

Posted in Boerdereeje, Brink, Stalraèm model Deever | Leave a comment

Kiender van de skoele op Woater’n in 1977 (?)

De redactie van ut Deevers Archief ontving van mevrouw Marjan van der Helm, geboren en getogen op Zorgvlied, een scan van een foto van de leerlingen van de school op Wateren. De redactie is haar daarvoor bijzonder erkentelijk.
Ze schrijft: Verder voeg ik bij een schoolfoto uit ongeveer 1977/1978. Mijn origineel is erg verkleurd, maar op de zwart-wit scan waren de kinderen nog redelijk te herkennen. Het is ook de enige schoolfoto die ik kon vinden. Mevrouw Marjan van der Helm wist gelukkig de naam van de meeste kinderen te noemen. Nog gelukkiger was het dat mevrouw Janneke Hielkema, geboren en getogen op Zorgvlied, de naam van de andere kinderen wist te noemen. Hartelijk dank daarvoor. Nu ontbreken alleen nog de voornaam van juf Fransen en meester Hofstee.
De redactie van ut Deevers Archief verzoekt de personen, die zichzelf op de foto herkennen, hun herinneringen aan de tijd op de school op Woater’n op papier te zetten en deze voor opname bij deze schoolfoto ter beschikking te stellen.

Op de bovenste rij staan van links naar rechts:
– Jurrie Haveman,
– Niels de Jong,
– Kees Eibergen,
– Juffrouw ….. Fransen,
– Jolijn Eibergen,
– Els Karbet,
– Meester ….. Hofstee
Op de tweede rij zijn van links naar rechts te zien:
– Cor Hofstee,
– René Hof,
– Erik Eibergen,
– Bart Eibergen,
– Alex Karbet,
– Willian Betten,
– Bianca Simon,
– Hanneke Groen,
– Jannie Klaver,
– Margot van der Heide.
Op de derde rij zijn van links naar rechts te zien:
– Gineke Barelds,
– Ina Klaver,
– Janneke Hielkema,
– Astrid Urff,
– Anneke Hofstee,
– André Smit (zoon van Johannes Smit),
– André Smit (zoon van Jan Smit),
– Johan Krans,
– Petra van der Rotten,
– Marjan van der Helm.
Op de onderste rij zijn van links naar rechts te zien:
– Adri Barelds,
– Franke Urff,
– Bert Jansen,
– Alco Teunissen,
– Roel Teunissen.

De redactie stelt de volgende vragen aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief:
– wie kan de redactie een scherpe scan van de kleurenfoto uit 1977/1978 (?) doen toekomen ?
– in welk jaar (datum) is deze schoolfoto gemaakt ?
– wie kan de ontbrekende voornamen van de twee onderwijzers noemen ?

Posted in Woaterse skoele | Leave a comment

Sloaptent’n in de student’nkaamp bee ut Mast’nveltie

De hier afgebeelde ansichtkaart is in 1943, let wel, nota bene in de Tweede Wereldoorlog, verstuurd vanuit de Student’nkaamp bee ut Mast’nveltie an de Bosweg, ee’m wat wieder dan de Witte Baarg’n. De diep in oorlogstijd vakantievierende studenten sliepen in grote tenten. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie van ut Deevers Archief voor het gemak hier weggelaten. De redactie van ut Deevers Archief biedt de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief hiervoor zijn excuses aan.
De afzender van deze ansichtkaart, de student Frans de Vries, vierde vakantie in de Studentenkamp. Dat was het vakantiekamp van de Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.). Dat kon blijkbaar ook nog gewoon in 1943 tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 8 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de Historische Vereniging Voormalige Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje van iemand in kunnen zien.

Posted in Bosweg, Mast'nveltie, Student’nkaamp | Leave a comment

De boerdereeje mit adres Wittelerweg 3 is ofebraand

Op zondagmiddag 30 mei 2021 om ongeveer 16.35 uur ontstond brand in de woonboerderij met adres Wittelterweg 3 in Oll’ndeever. Door nog onbekende oorzaak is de woning in vlammen opgegaan. De brand is overgeslagen van de schuur achter de woonboerderij naar de woonboerderij. De brandweer kampte tijdelijk met een tekort aan bluswater en moest de bluswerkzaamheden staken, totdat voldoende water beschikbaar was. De woonboerderij en de schuur zijn volledig uitgebrand en zijn als verloren te beschouwen.
De redactie van ut Deevers Archief verwijst gemakshalve ook naar het RTV-Drente bericht Weinig over van afgebrande boerderij in Diever. De redactie was tijdens de brand niet ter plekke en daarom niet in de gelegenheid enige foto’s van de brand te maken. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie wel een digitale kopie van enige foto’s van deze brand ter beschikking stellen ?
De redactie toont hier vier kleurenfoto’s (afbeeldingen 1 tot en met 4)  van de woonboerderij en de schuur, welke zijn overgenomen van www.google.com/maps. Deze foto’s zijn in oktober 2010 gemaakt en hebben daarom nu – na de brand – al geschiedkundige waarde.
Inmiddels hebben de eigenaren van het pand Wittelterweg 3 op 30 juni 2021 bij de gemeente Westenveld een vergunning aangevraagd voor het plaatsen van een tijdelijke wooneenheid voor nota bene 2 jaar in verband met de afgebrande woning. Zie afbeelding 5.
En pas op 19 juli 2021 behaagde het de Hoge En Lage Dametjes En Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Almachtige Ambtelijke Vergunningen Gelijk, nota bene in strijd met de wet- en regelgeving voor de ruimtelijke ordening, een vergunning af te geven voor het plaatsen van een tijdelijke woning voor een periode van nota bene ten hoogste 2 jaren. Zie afbeelding 6.
De redactie verwijst ook naar het bericht In Oll’ndeever stiet nog een Deeverse greinsstien. De redactie is wel bijzonder benieuwd of de grenssteen – die eigendom is geweest van de gemiente Deever – de fatale brand en het bluswater heeft overleefd. De redactie biedt zich bij deze ten zeerste aan te helpen met de restauratie van deze grenssteen. Het beton van de steen schuren en opnieuw verven ? Dit echte stukje Deevers aarfgoed moet duurzaam bewaard blijven voor toekomstige generaties.

Afbeelding 1
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 2
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 3
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 4
Deze foto van het pand Wittelterweg 3 is in oktober 2010 gemaakt (bron: www.google.com/maps)

Afbeelding 5
Aankonding zaaknummer 233367 in het gemeenteblad van de gemeente Westenveld van 16 juli 2021.

Afbeelding 6
Aankonding zaaknummer 234122 in het gemeenteblad van de gemeente Westenveld van 19 juli 2021.

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever, Verdwenen object | Leave a comment

The Shakespearebrunch in The Shakespeare

Een brunch is een laat ontbijt en tegelijkertijd ook een vroege middagmaaltijd.  Het Engelse woord brunch is samengesteld uit breakfast en lunch. De zeer geachte bezoekers van The Shakespearevillage of Deever konden op zondag 19 september om 11.30 uur terecht in het specialiteitenrestaurant The Shakespeare voor The Shakespearebrunch (een lopend buffet ?)
Zo’n brunch kan zijn samengesteld uit bacon, white pudding, sausages, tippers, fried egg, scrambles eggs, white beans in tomato sauce, toast with butter, marmelade, honeu, muffins, scones, bubble and squeak, fried tomato, bakes mushrooms, ketchup, brown sauce. Kortom een lekkere volle vette bek. En dat mocht in 1999 al het niet geringe bedrag van f. 39,50 (net geen f. 40,-) per persoon kosten.
Het specialiteitenrestaurant The Shakespeare an de Aachterstroate in Deever bestaat al enige jaren niet meer. Het lekker lucratief uitbaten van een specialiteitenrestaurant met de naam The Shakespeare is in een zomertoeristendorp, zoals Deever is bepaald geen eenvoudige opgave.
De redactie van ut Deevers Archief moet nog uitzoeken wanneer de eigenaren het restaurant hebben geopend (1997 ?) en wanneer zij het restaurant hebben gesloten. 

Afbeelding 1
Advertentie in ut Deeverse Blattie van 9 september 1999 en 16 september 1999

Posted in Restaurant The Shakespeare, Shakespearitis | Leave a comment

Hevige brand in logement ‘de Dieverbrug’ – 1864

In de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant van 14 december 1864 verscheen het navolgende bericht over de brand in het logement ‘de Dieverbrug’ in de nacht van 11 op 12 december 1864 an de Deeverbrogge.

Meppel, 12 december. Naar wij vernemen, heeft heden nacht een hevige brand gewoed aan de Dieverbrug, ten gevolge waarvan het bekende logement ‘de Dieverbrug’ met bijna alles wat zich daarin bevond, de prooi der vlammen is geworden.
De vlammen namen in korten tijd zoo zeer toe, dat te drie ure reeds alles verbrand was; terwijl te één uur, toen de postkar er passeerde, nog niets was bespeurd.
Alles was, naar men ons mededeelt, tegen brandschade verzekerd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Wie denkt dat het oude cafe-logement Dieverbrug an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932 voor het eerst door brand werd verwoest heeft het mis. Het pand dat in 1932 afbrandde was het pand dat in 1865 werd gebouwd als opvolger van het in de nacht van 11 op 12 december 1864 verbrandde logement ‘de Dieverbrug’.
In 1864 was het café-logement Dieverbrug nog de pleisterplaats van de dilligence, de postkar en de snikke.
De redactie vermoedt dat 
in het onvolprezen boekwerkje ‘An de Brogge’, dat de heemkunduge vurening uut Deever heeft uitgegeven ter feestelijke opleuking van haar 20-jarige bestaan, geen aandacht is besteed aan grote branden an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Dorpskracht | Leave a comment

Betonn’n beeld op de Baarg in Wittelte

Op de Baarg in Wittelte staat een primitief betonnen beeld van een figuur met een zwaard in de hand.
Wijlen Jacob (Japie) Snoeken was een plaatselijke boer in ruste en kunstenaar en was tevens de eigenaar van het rijksmonument de Baarg. Hij heeft zijn droombeeld in 1987 gemaakt. Het beeld zou Witto, een historisch niet verifieerbare figuur uit het verleden van Wittelte moeten voorstellen.
Om het beeld staat een laag houten hekje. Moet dat voorkomen dat de in het weiland rondlopend vee het beeld en de Baarg kunnen verroppen ?
Bij het beeld staat een vlaggemast. Deze mast lijkt een afgedankte lantaarnpaal van het zogenaamde verjongde type te zijn (een op de kop getikt exemplaar van de gemeente Westenveld ?).
Na wat riskant springwerk over weideafzettingen van onder stroom staand schrikdraad kon de redactie van ut Deevers Archief bijgaande kleurenfoto op 3 oktober 1912 maken.
De redactie van ut Deevers Archief heeft in de webstee wikipedia.org geen pagina met gegevens over de kunstenaar Jacob Snoeken kunnen vinden.

Posted in Beeld, de Witteler Baarg, Kitsch in de gemiente Deever, Wittelte | Leave a comment

Op de boortoor’n an de Bosweg hai’j un mooi uutsicht

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 18 januari 1950 het navolgende korte bericht over het de bouw van een uitkijktoren aan de Bosweg.

In het bos van Berkenheuvel te Diever is een door het Staatbosbeheer overgenomen boortoren gebouwd, welke van trappen en bordessen zal worden voorzien, en dan als uitkijktoren dienst zal doen. Het stalen gevaarte steekt een heel eind boven het bos uit en geeft een prachtig overzicht over de omgeving. De toren zal na gereedkomen worden beheerd door de V.V.V. Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De hier afgebeelde ansichtkaart is in augustus 1950 uitgeven door Van Leer’s Fotodrukindustrie N.V. in Amsterdam.

De uitkijktoren – een afgedankte tweedehands boortoren van de Nederlandse Aardolie Maatschappij (N.A.M.) – stond an de Bosweg bee Deever tegenover paviljoen Vierhoven op een heuvel aan de kant van het openluchttheater.
Boven op de boortoren had de beklimmer naar alle kanten een heel mooi uitzicht op de omgeving. Bee helder wièr was söls de kaarktoor’n van Stienwiek te zien. De uitkijktoren was tevens brandtoren. 

De V.V.V. Diever is de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer in Deever.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 19 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje ‘Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten’, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste te bewonderen op bladzijde 121 van het onvolprezen papieren magnum opus Fragmenten uit het verleden van de vroegere gemeente Diever, dat de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uit Deever, in 2021 heeft uitgegeven. Maar van welk frabbig verzamelaartje van ansichtkaartjes uut de gemiente Deever mocht de redactie van dat onvolprezen papieren Magnum Opus zijn exemplaar scannen ?

Posted in Ansigtkoate, Braandtoor’n, Uutkiektoor’n, Verdwenen object | Leave a comment

Ur bint ok roedelties wolv’m buut’n ut risicogebied

De redactie van ut Deevers Archief is van mening dat in ut Deevers Archief veel aandacht moeten worden besteed aan de hopelijk niet blijvende en hopelijk zeer korte aanwezigheid van de volstrekt niet-inheemse diersoort wolf (canis lupis). Wat heden ten dage in de gemiente Deever gebeurt, dat is morgen al geschiedenis.

In het Provinciaal blad van Drente (Provinciaal blad 2021, nummer 1063) verscheen op 11 februari 2021 het provinciale besluit ‘Wijziging risicogebied wolvenschade’, zie afbeelding 2. In dit besluit is een kaartje opgenomen, zie afbeelding 1. Daarin zijn de gewijzigde grenzen van het gebied rood gemarkeerd.
Binnen dit gebied kunnen geregistreerde schapen- en geitenhouders subsidie voor wolvenwerende afrasteringen aanvragen. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste € 20.000,-  In de periode 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022 is het belachelijke bedrag van ten hoogste € 200.000,- beschikbaar voor deze regeling. Wie het eerst de subsidieruif induikt, het eerst maalt.
Buiten dit gebied kunnen geregistreerde schapen- en geitenhouders wellicht niets anders doen, dan zelf vaste of beweegbare wolvenwerende afrasteringen uit eigen zak te betalen, teneinde het doodbijten van schapen en geiten door hopelijk niet blijvende en hopelijk zeer kort aanwezige niet-inheemse wolven te voorkomen. Of zijn andere slimme oplossingen te bedenken ?
Wolven houden zich uiteraard niet aan ‘met de kop in het zand en de hand op de knip vastgestelde wolvenschadegrenzen’ van de provincie Drente. De gemiente Deever ligt buiten het door gedeputeerde staten van Drente gewijzigde risicogebied. En dat terwijl binnen de grens van de gemiente Deever een zeer groot gratis toegankelijk drukbezocht recreatiebosgebied met de typisch Amerikaans aandoende naam ‘National Park Drents Friese Woud’ aanwezig is. In dat gebied passen mogelijkerwijs enige roedeltjes wolven. Het is ten zeerste aan te bevelen dat de gedeputeerde staten van Drente de grens van de provincie Drente zeer snel als grens van het gebied waarbinnen roedeltjes wolven binnen enkele jaren op grote schaal schapen, geiten, koeien, pinken, kalveren, paarden en pony’s gaan doodbijten. Hoe eenvoudig kan het besturen van een provincie zijn. Bijten wolven ook mensen, met name kinderen, dood ?

De redactie ontving op 18 maart 2023 de volgende zeer gewaardeerde reactie van de heer Mark Kemna
Jammer dat de teksten van deze website doordrenkt zijn van hatelijke teksten over de wolf, die bovendien helemaal geen realistisch beeld geven van de werkelijkheid. De wolf is helemaal geen ‘niet-inheems, exotisch dier’, en de kans dat het Wold ‘makkelijk meerdere roedels wolven herbergt’ is afhankelijk van in hoeverre schapenhouders hun verantwoordelijkheid nemen en hun dieren beschermen. Los van deze inhoudelijke discussie is de toon van de teksten vervelend te noemen. Ik zou de redactie aanbevelen wat kritischer te zijn in het plaatsen van teksten. Dank u wel.

De redactie reageert op 18 maart 2023 als volgt op de zeer gewaardeerde reactie van de heer Mark Kemna.
De redactie is geen wolvenhater, maar is ten zeerste bezorgt over het welzijn van de wolf en is van mening dat de aanwezigheid van de wolf in de Deeverse bos niet duurzaam is. Blijkbaar leeft in de Deeverse bos veel te weinig en ook niet zo gemakkelijk te vangen wild, zoals dassen, bevers, vossen, eekhoorns, fazanten,patrijzen, Schotse hooglanders, wilde zwijnen, edelherten, reeën, hazen, konijnen en vogels voor de wolf en volgt hij de weg van de minste weerstand, waardoor een roedeltje uitheemse probleemwolven voor zijn vleesbehoefte op grote schaal overbodig veel en gemakkelijk te vangen schapen, koeien, geiten, kalveren, pinken, paarden en pony’s buiten de Deeverse bos aanvalt en vermoordt. Dat is dus niet natuurlijk, niet duurzaam en maatschappelijk niet aanvaardbaar. Dus we moeten het de wolf niet aan willen doen in een gebiedje van een paar vierkante kilometer steeds drukker bevolkt recreatiebos te laten lijden en probleemwolf te worden. De Deeverse bos van slechts 61 km² is bijvoorbeeld geen Denale National Park met een oppervlakte van 19.186 km².
Wat de redactie volledig in het verkeerde keelgat is geschoten dat is de volgende van haat doordrenkte tekst van de heer Mark Kemna: ‘en de kans dat het Wold ‘makkelijk meerdere roedels wolven herbergt’ is afhankelijk van in hoeverre schapenhouders hun verantwoordelijkheid nemen en hun dieren beschermen.’ Dus de schapenhouders hebben de schuld. Dat is geen realistisch beeld van de werkelijkheid.
De redactie weet wel meer dan zeker dat de hardwerkende schapenhouders en koeienhouders volstrekt niet om de aanwezigheid van moordlustige probleemwolven buiten de Deeverse bos hebben gevraagd. De heer Mark Kemna wil blijkbaar schaamteloos zijn stokwolfje berijden op kosten van de schapenhouders, enzovoort. De beschermde status van de moordlustige probleemwolf moet zo snel mogelijk worden opgeheven.

Posted in Wolf | Leave a comment

Mi Jesu, misericordia

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag bidprentjes van rooms katholieken die zijn geboren in de gemiente Deever en zijn overleden in de gemiente Deever of zijn geboren in de gemiente Deever, maar niet zijn overleden in de gemiente Deever of niet zijn geboren in de gemiente Deever, maar wel zijn overleden in de gemiente Deever. Dit bericht toont de voorkant en de achterkant van het bidprentje van Iemkje A. Postma, echtgenote van IJnte B. Kingma. Zij is niet geboren in de gemiente Deever, maar zij is wel overleden in de gemiente Deever. Zij is overleden op Zorgvlied  en is begraven op de rooms katholieke kaarkhof op Zorgvlied. 

Gedenk in uwe Godvruchtige gebeden de Ziel van Zaliger Iemkje A. Postma,
echtgenoote van IJnte B. Kingma,
geboren te Haskerdijken 22 maart 1858,
na voorzien te zijn van de H.H. Sacramenten der Stervenden, overleden te Zorgvlied (Dr.) 7 februari 1922,
en den 11den daaraanvolgende op het R.K. Kerkhof aldaar begraven.

Benauwdheden en pijnen overvielen mij, doch ik heb den Naam des Heeren aangeroepen… Keer weder, mijnen ziel, tot uwe rust, want de Heer heeft u welgedaan.
Psalm CXIV 3.4.7.

Ik heb een goede strijd gestreden, mijn loopbaan voltrokken, het Geloof behouden,
thans is mij de kroon der gerechtigheid toegekend
2 Timotheüs. IV : 7.8.

Nu zijt gij wel bedroefd; maar eenmaal zal ik U wederzien; dan zal uw hart blijde zijn, en niemand zal U van uwe vreugde berooven.
Johannes XVI : 22.

Mijn dierbare echtgenoot, bid voor mij.
Mijne kinderen, vergeet mijne zuchten niet : denk aan hetgeen ik geleden en aan de zorgen die ik voor U gehad heb.
Mijn Jezus barmhartigheid (100 dagen Aflaat).
Zoet hart van Maria, wees mijn heil (300 dagen Aflaat)
R.I.P.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Iemkjen Ages Postma is geboren op 22 maart 1858 in Haskerdijken (Haskerland). Zij is overleden op 7 februari 1922 op Zorgvlied. IJnte Broers Kingma is geboren op 17 april 1842 in Poppingawier (Rauwerderhem). Hij is overleden op 24 mei 1925 op Zorgvlied. IJnte Broers Kingma was boer op Zorgvlied.
IJnte Broers Kingma en Iemkjen Ages Postma trouwden op 8 februari 1879 in Leeuwarderadeel.
Beiden zijn begraven op het rooms-katholieke kerkhofje op Zorgvlied.
Op de voorkant van het bidprentje staat ‘Mi Jesu, misericordia’, wat in het Nederlands betekent ‘Mijn Heer, heb medelijden met mij.’
De afkorting R.I.P. op de achterkant van het bidprentje betekent ‘Requiescat in pace’, dat is Latijn voor ‘Rust in vrede’. 

Posted in Bidplètie, Zorgvliet | Leave a comment

Duustere doad’n van de duvel van Deever

In de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog verschenen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) regelmatig verslagen van rechtzaken tegen Nederlanders die fout waren geweest in de Tweede Wereldoorlog. Deze rechtzaken dienden in Drente bij het Bijzonder Gerechtshof in Assen, veelal het Tribunaal van Assen genoemd. In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 april 1947 verscheen het navolgende verslag van de rechtzaak tegen de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma uut Deever.

Bijzonder Gerechtshof Assen
Duistere daden van Diever’s duivel
Doodstraf geëischt tegen Klaas Balsma

“Het is slechts een bloemlezing van uw wandaden, die we vanmiddag zullen behandelen”, aldus verwelkomde de president den 54-jarigen caféhouder Klaas Marcus Balsma uit Diever. Balsma was een fel aanhanger van ‘Landbouw en Maatschappij’ [1] en werd in 1941 lid van de N.S.B. Bij de oprichting in 1944 werd hij lid van de Landwacht en wel als sectie-commandant van de Hulplandwacht.
Op aanvrage van ex-burgemeester Posthumus [2], werd te Diever in September 1944 een afdeeling Beroepslandwacht gestationneerd in het Schultehuis, de sadistische groep Sanner. Met Sanner onderhield Balsma nauwe betrekkingen. In October 1944 zag hij Sanner bezig met het uithooren van een persoon, die zich Dijkstra noemde. Verdachte stapte binnen en zei: “Zoo Groenewoud, ben je daar ook !” Hiermee was de ware identiteit van ‘Dijkstra’ bekend, het was de ambtenaar ter secretarie Groenewoud.
Verdachte: “Ik was verrast en liet me het ontvallen.”
Groenewoud werd weggevoerd en is nooit teruggekeerd [3].
President: “Dat heeft hij te danken aan die verrassing van U.”
Balsma als welkome gids
Begin 1944 kwam bij Balsma een ambtenaar bij den ‘Arbeits Kontroll Dienst’ te Meppel, H. Zijlstra genaamd. Zijlstra vertelde dat zijn werk was het arresteeren van onderduikers voor den ‘Arbeitseinsatz’ [4]. Wanneer hij niet genoeg arrestaties verrichte, zou hij, Zijlstra, worden ontslagen. Balsma zegde alle medewerking toe. Op een Zondagavond ontmoetten zij elkaar op de Dieverbrug en Balsma verstrekte Zijlstra een aantal adressen van onderduikers. Daarna ging Balsma mee om als gids te dienen. Verschillende adresssen werden afgewerkt. Geen resultaten werden geboekt ten huize van de weduwe Pot, de weduwe Timmerman, den heer Kerssies, den heer Vos en een zekeren Hessels. Bij de familie Boelens werd de zoon Pieter opgehaald [5], de heer Madhuizen te Wapse werd gearresteerd, toen zijn zoons niet thuis bleken tezijn [6], bij de familie Hessels te Oldendiever werden twee onderduikers gevonden. Eén à twee maanden later gaf Balsma aan Zijlstra het adres van Berend Strik en een lijst met namen. Berend Strik zou gedwongen worden om Zijlstra de andere adressen te wijzen.
President: “Dit lijstje is nu in mijn handen, verdachte. Jammer, dat jullie zoo slordig waren!”
Nog een derde keer hielp Balsma den A.K.D.-man Zijlstra [7] door een aantal adressen te wijzen.
Ook voor Sanner was Balsma dikwijls een welkome gids.
Razzia te Dwingeloo
Balsma ging met de Beroepslandwacht mee naar de gemeente Dwingeloo voor een razzia. Te Lheebroek werden de landbouwer Jan Kiers en zijn vier onderduikers gearresteerd en voorts nog drie andere onderduikers. De heer Kiers is nimmer teruggekeerd.
Bij een andere gelegenheid werd een huiszoeking gedaan bij de familie Zwanenburg aan de Beilervaart [8]. Er werd niets gevonden. Toen kwamen Balsma en zijn collega Hinten op het idee om in de beerput te kijken. Daarin vonden zij een doosje met bonkaarten en foto’s van Geallieerde piloten. De heer Zwanenburg en zijn dochter Wietske werden gevangen genomen. Zwanenburg werd naderhand gefusilleerd [9].
De ondergedoken landbouwer Jacob Hessels te Diever werd door Balsma ontdekt en gearresteerd.
Cornelis de Boer, die had verondersteld dat de Duitschers van de aardappels V-1 brandstof maakten, werd door den Landwachter Van der Veen uit Meppel en door Balsma ernstig mishandeld.
De gearresteerde ambtenaar ter secretarie Pook moest in het Schultehuis diepe kniebuigingen maken tot hij er bij neerviel. Daarna werden hem de teennagels met een karabijn afgeslagen. Toen men met deze mishandelingen wilde ophouden, zei Balsma: “Ga maar door, hij weet het wel.”
Tijdens de rechtzitting hoorde Balsma alles uiterlijk kalm aan. Hij wist zich niet anders te verdedigen dan door onbeteekende aanmerkingen te maken op getuige-verklaringen.
President: “Als U nu terugziet, hoe denkt U er dan over ?”
Balsma: “Het is niet goed geweest.”
President: “Als Duitschland gewonnen had, was U nu burgemeester.”
Advocaat-fiscaal: “Dan was U minstens Beauftragte [10] in Engeland.”
Doodstraf geëischt
In zijn requisitoir wees de advocaat-fiscaal er op, dat verdachte klaarblijkelijk zijn wandaden in koelen bloede en bij het volle verstand heeft bedreven. Diever werd in dezen man zwaar getroffen. Spreker vergeleek verdachte met den beruchten Jan Smit uit Beilen, die ter dood is veroordeeld. “Deze verdachte is nog veel erger,”, aldus spreker, “men zou hem de ‘Duivel van Diever’ kunnen noemen. Deze man mag mijns inziens niet in de maatschappij terugkomen en daar bij levenslang gratie steeds mogelijk is, eisch ik den doodstraf.”
De verdediger Mr. L.G. Brouwer uit Beilen, vond het zeer merkwaardig, dat er tot 1944 vrijwel geen klachten over Balsma zijn en dat hij zich juist na de eerste ontmoeting met Zijlstra ontpopte als een verschrikkelijke handlanger van den vijand. Spreker achtte het mogelijk, dat Balsma onder den invloed van Zijlstra is gekomen. Voorts lag hij aan de leiband van de Beroepslandwacht. Spreker achtte den doodstraf een veel te zware straf.
Uitspraak op 17 April aanstaande [11].

Opmerkingen bij het artikel in de Olde Möppeler (Meppeler Courant)
[1] In de grote crisis in de dertiger jaren van de vorige eeuw richtten ontevreden boeren Landbouw en Maatschappij op, een protestbeweging, die ook  in de gemeente Diever steun kreeg. Een aanzienlijk deel van het kader en de aanhang van deze beweging stapte later over naar de N.S.B.
[2] De N.S.B.’er Pier Obe Posthumus.
[3] Cornelis Marinus Groenewoud was ambtenaar bij de gemeente Diever. Hij dook op 24 april 1944 onder. In november 1944 arresteerden landwachters van de groep Sanner hem op zijn onderduikadres in Nijeveen. Hij overleed op 21 februari 1945 in het concentratiekamp Neuengamme.
[4] Arbeitseinsatz is het Duitse woord voor tewerkstelling van arbeiders.
[5] Zie het interview met Pieter Boelens in het hierna volgende artikel.
[6] Luitzen Madhuizen werd gearresteerd, omdat zijn zonen Gerard en Hendrik Jan waren ondergedoken, om te ontkomen aan de Arbeitseinsatz.
[7] A.K.D. is de afkorting van Arbeits Kontroll Dienst.
[8] De razzia van de landwachters Balsma en Hinten vond plaats in de nacht van 18 op 19 oktober 1944.
[9] Naderhand bleek nog dezelfde dag te zijn. Lammert Zwanenburg, geboren op 22 juni 1894, werd na ernstig te zijn mishandeld, in de avond van 19 oktober 1944 doodgeschoten in kamp Westerbork.
[10] Beauftragte is het Duitse woord voor gevolmachtigde.
[11] De beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma kreeg van het oorlogstribunaal in Assen niet de doodstraf, maar een gevangenisstraf. Hij heeft vastgezeten in de strafgevangenis in Veenhuizen. Hij moest werken in de keuken van de gevangenis. Hij kwam aan het einde van de vijftiger jaren van de vorige eeuw vrij.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van artikelen op papier is, kan het hiervoor weergegeven artikel ook ten zeerste lezen op de bladzijden 8, 9, 10 en 11 van Opraekelen 05/1, het in maart 2005 uitgegeven papieren blad van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren blad of dat papieren blad bij iemand in kunnen zien.

Afbeelding 1
Wolter Smit, de niet onbemiddelde bosbaas van Berkenheuvel, in dienst van Mr. Albertus Christiaan van Daalen, kocht in 1928 het oude boerencafé Brinkzicht an de brink in Deever, liet het afbreken en liet ter plekke het nieuwe café Brinkzicht bouwen voor zijn dochter Gesina (Siene), die getrouwd was met de in de Tweede Wereldoorlog in Deever en omstreken zo berucht geworden N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma. De foto voor deze ansichtkaart is in 1930 gemaakt, kort na de bouw van het nieuwe café Brinkzicht an de brink in Deever. Het zou best eens zo kunnen zijn dat één van de twee vrouwen, die bij het café in de schaduw van de kastanjeboom staan, Gezina (Siene) Smit is.

Afbeelding 2
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze foto van de in 2019 en 2020 verprutste brink in Deever, met het in 1928 gebouwde café Brinkzicht op de achtergrond, gemaakt op vrijdag 28 november 2020.

Afbeelding 3
Artikel in de de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 april 1947.

Posted in Café Balsma, Café Brinkzicht, Klaas Marcus Balsma, N.S.B., Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Hier wödde laandvurhuuser Haarm Kassies geboor’n

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 29 januari 2018 bijgaande reactie van Richard Kerssies. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.

Ik ben onlangs via het internet in contact gekomen met mijn heel verre achterneef Brian Kerssies. Hij is geboren in Canada, maar is verhuisd naar de Verenigde Staten van Amerika (U.S.A.).
Hij stuurde mij bijgaande afbeelding van een foto die bij hem aan de muur hangt. Ik kan hem wel vragen van de foto een nette scan te maken.
Volgens mijn heel verre achterneef is zijn grootvader Harm Kerssies (Haarm Kassies) in dat huis geboren. Zijn vader, die ook Harm Kerssies heet, vertelde hem dat het huis op het Kasteel in Deever stond.
Volgens mijn vader gaat het om het huis waarin Schokkenkamp een tandartsenpraktijk heeft of heeft gehad. En dat huis staat niet op het Kasteel, maar aan de Dwarsdrift in Deever, te weten het huis met adres Dwarsdrift 20.
Mijn heel verre achterneef komt deze zomer op familiebezoek in Nederland en zou graag de juiste plek van het huis op de foto willen bezoeken.
Wie weet waar het huis op de foto heeft gestaan ?
Wie heeft wellicht andere foto’s van dit huis ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de verzameling van ut Deevers Archief is bijgaand afgebeelde toch wel fraaie zwart-wit ansichtkaart aanwezig. Het exemplaar in de verzameling van ut Deevers Archief is in maart 1970 uitgegeven door Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever. De ansichtkaart heeft een gekartelde rand, maar die heeft de redactie voor het gemak maar weggelaten. De redactie biedt daarvoor zijn excuses aan.
Op de zwart-wit ansichtkaart zijn drie boerderijtjes (keuterijtjes) aan de Dwarsdrift in Deever te zien. In de vijftiger/zestiger jaren van de vorige eeuw woonde in het voorste boerderijtje de familie (Jeene ?) Haanstra, woonde in het middelste boerderijtje de familie Wolter Oost en woonde in het achterste boerderijtje de familie Roelof (Roef) van Nijen. Groepen personen konden toen in de zomer kamperen in de boerderij van de familie Haanstra.
Het mag duidelijk zijn dat het voorste boerderijtje hetzelfde merkwaardig gebouwde boerderijtje is als het boerderijtje dat op de foto van Brian Kerssies is te zien, en stond op de plek waar nu het huis met adres Dwarsdrift 20 staat.
Waarschijnlijk is het rechter voorhuisje onderdeel van het oorspronkelijke boerderijtje en is het linker voorhuisje er vóór de Tweede Wereldoorlog vanwege ruimtegebrek bij aangebouwd ? Gingen daar de bejaarde ouwelui wonen ? Let wel, de eerste bejaardenhuisjes werden in de gemiente Deever pas in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw in de Weiert in Deever gebouwd !

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 7 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door een keur van vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien..

Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, Dwarsdrift, Emigrant, Keutereegie, Landverhuizer | Leave a comment

Un olde reeg’nwaeterputte in Oll’ndeever

De bewoners van een boerderij in Oll’ndeever besproeien nog steeds hun moestuin en hun bloementuin met regenwater dat wordt verzameld in een betonnen put naast hun boerderij. Een ouderwetse maar duurzame manier om leidingwater te besparen, dat zouden meer mensen in de streek moeten doen. Is deze put al bij de bouw van de boerderij in 1926 aangebracht ?
Het gedeelte van de regenput boven de grond is op een prachtige manier aan het verweren.
De bovenkant van de put is niet voorzien van een door kinderen gemakkelijk te openen metalen deksel, zodat de gebruiker van de nog net zichtbare gieter achter de put elke keer het zware betonnen deksel bij het openen en sluiten van de put moet verschuiven door bijvoorbeeld aan de ijzeren ring te trekken. In de buurt van de regenwaterput is ook geen putemmertje te zien, of staat die niet zichtbaar achter de put ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op 3 oktober 2012.

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever | Reacties uitgeschakeld voor Un olde reeg’nwaeterputte in Oll’ndeever

Ut woap’m van Deever in Oll’ndeever

Het direct na de Tweede Wereldoorlog door de voorkant van het gelijk bij elkaar gefantaseerde en op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven grensstenen.
Zo staat een minder goed onderhouden exemplaar op zijn originele betonnen sokkeltje pal tegen de muur tussen de ramen van de in 1926 gebouwde boerderij van de familie Michels-Hessels in Oll’ndeever; zie de bijgaande foto die de redactie van ut Deevers Archief op 3 oktober 2012 heeft gemaakt. Hulde aan de familie Michels-Hessels, die deze grenssteen gelukkig heeft gered uit de slopershanden van de gezagsgetrouwe medewerkers van de voorkant van het gelijk.
Het grappige is dat de eigenaren de naam Deever op de steen hebben uitgebreid tot Oll’ndeever. En terecht, want de gemiente Deever had eigenlijk de gemiente Oll’ndeever moeten hebben geheten.
Dit stuk versierd beton heeft, tot vóór de dag waarop de gemienten Deever, Dwingel, Vledder en Oavelt gedwongen opgingen in de gemeente Westenveld, langs de Doldersummerweg op de grens van de gemiente Deever en de gemiente Vledder gestaan.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de voorgevel van de boerderij Oll’ndeever 10 mit ut pothokke op 4 november 2017 gemaakt. Het dak van ut pothokke is in 2016 vernieuwd. Hulde aan de eigenaren die dit letterlijke en figuurlijke erfgoed goed weten te onderhouden. Ech wè.

Posted in Aarfgood, Gemiente Deever, Oll'ndeever, Woap'm van Deever | Leave a comment

Un kap op de kaarke en un spitse op de toor’n

In de Amsterdamse Courant van 1 maart 1760 verscheen het navolgende bericht over de aanbesteding van bouwwerkzaamheden aan het kerkgebouw en de gemeentelijke aan de brink van Deever.

De Carspellieden van Diever zyn voornemens op Dinsdag 25 Maart 1760, ten huize van Andries Hummel te Diever, te besteden het maaken van een Kap op de Kerk en Spits op den Tooren, nevens de leverantie der materiaalen daar toe nodig; zullende het Bestek 14 dagen te vooren by het Gerigte aldaar te zien zijn.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Werd met Carspellieden van Deever het bestuur van het wereldse kerspel Deever bedoeld of het bestuur van het kerkelijke kerspel Deever of werden beide besturen bedoeld ? Deze vraag kan gesteld worden, omdat wellicht het kerkgebouw eigendom van het kerkelijke kerspel was en de toren eigendom van het wereldse kerspel was.
Waarom moest op het kerkgebouw een kap en op de toren een spits worden gemaakt ? Was het houtwerk van het dak en de spits verrot of vermolmd of was er brand geweest ?
Met ten huize van Andries Hummel zal in de herberg van Andries Hummel (is Hummelen) zijn bedoeld. Andries Klazen Hummelen werd op 22 december 1726 in Deever geboren als zoon van Hermannus Hummelen. Hij trouwde op 15 april 1759 met Maria Timens Winst. De herberg moet gevestigd zijn geweest in een boerderij aan de Brink.
Met Gerigte zal het schultehuis aan de brink zijn bedoeld.


Op de hier afgebeelde ansichtkaart uit omstreeks 1950 is de in verval geraakte gemeentelijke toren en het in verval geraakte kerkggebouw aan de brink van Deever te zien en is de braandkoele -omgeven door glint’n en rhodondendrons- nog aanwezig op de brink. Het bestuur van de gemiente Deever greep de bouw van het nieuwe gemeentehuis aan de brink en de restauratie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw in de jaren 1956/1957 aan om de brink anders in te richten, beter gezegd grondig te vernielen.

Posted in Ansigtkoate, Brink, Kaarke an de brink, Toor'n an de brink | Leave a comment

Kees Verhoef sög nog steeds Kees van Duin

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaand artikel samengesteld op basis van een telefonisch interview met de heer Kees Verhoef, die in de periode 1950-1952 een jaar in kamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe verbleef.

Ik ben geboren in 1939 in Putten in Gelderland geboren. Mijn moeder is met mij van mijn vader weggelopen. In de oorlog heb ik in de Lombokstraat in Amsterdam gezeten bij mijn opa. Daarna ging ik in de oorlog naar een inrichting in Utrecht.

De man die bij mijn moeder was, dat was mijn stiefvader. Die had niet veel met mij. Die sloeg en schopte mij. Als dat gebeurde, dan kon ik niet thuis zijn, dan klom ik lang de regenpijp het dak op en ging ik achter de schoorsteen zitten. Daar kon hij mij niet pakken. De buren hebben op een gegeven moment de politie ingeschakeld. Daarna hebben mensen van de gemeente mij weggehaald. Zo ben ik in kamp ‘de Eikenhorst’ terecht gekomen.

Ik ben twee keer ondervoed geweest. We kenden thuis geen vettigheid. Thuis was het armoede. In het kamp was het eten goed. We kregen prima te eten. Er was goed brood met beleg. We aten in de barak met de keuken en de eetzaal.

Ik kan mij de naam van de commandant van het kamp niet meer herinneren. De commandant had een eigen woning. Die man zag je nooit. Die zat heel ver weg. Die kreeg z’n centen zeker voor niks. De naam van de adjudant was meneer Groen. We wisten zijn voornaam niet. Zo ging dat. Gelijk links van de ingang stond de barak van de leiding. We mochten het terrein niet af. We mochten niet in café Jonkers komen. We gingen niet naar het zwembad in Diever. Ik herinner mij het kanaal nog wel.

In het begin kregen we geen school in het kamp. Mijn taak was werken in het magazijn. Ben Nielen uit Wormerveer was de magazijnmeester. Hij was ook onze sportleraar. In het magazijn had ik wat verantwoordelijkheid. Dat gaf ook enige macht. We droegen militaire kistjes, van die hoge schoenen. Die werden steeds maar gerepareerd, totdat ze uit elkaar vielen. Ik zei dan dat zo’n versleten paar schoenen nog wel een tijdje meeging, maar daar besliste de magazijnmeester dan anders over.

We hadden ook corvee. Daar was een corveelijst voor. We moesten werken in de keuken en in de kantine. We moesten de afwas doen van de jongens uit alle barakken. Voor mij was structuur en discipline in mijn leven positief. In de afwasbarak moesten we alles met de hand afwassen. Met de corveelijst was alles goed geregeld. Er was structuur. Je wist waar je aan toe was. Dat was thuis heel anders. Ik heb in het kamp geleerd voor me zelf te zorgen. Het was goed dat je wat moest doen. Aan mijn tijd in kamp ‘de Eikenhorst’ heb ik veel gehad.

De jongens uit de barak Perú gingen met elkaar om en gingen weinig met de jongens van de andere barakken om. Daar heb ik geleerd wat kameraadschap en discipline is. De jongens onder elkaar vochten wel, maar als je onder kwam te liggen, dan had je verloren, dan was het afgelopen. Maar die Henk Staal hield zich daar niet aan en bleef de jongen die onder lag hard in zijn gezicht stompen. Dat was heel gemeen. In de barak sliepen we op een stromatras. Zo nu en dan werd het stro vervangen door nieuw stro.

Elke ochtend werd de Nederlandse vlag gehesen, net zoals tijdens de militaire dienst. We liepen in de gelid naar de vlag, dan werd de vlag gehesen. We moesten ook regelmatig flink wat kilometers door de bossen lopen. Dat was zwaar.

We hadden eens een hut gegraven in de zandvlakte. Dat mocht van de leiding. We gingen kijken waar de kippen van de commandant waren. We roofden de eieren van zijn kippen. We kregen leverpastei uit een blikje op ons brood. In zo’n leeg blikje kookten we de geroofde eieren van de commandant.

Kees van Duin was mijn kameraad, die kwam uit Scheveningen, vlak bij de haven. Ik kwam uit Groede, vlak bij de haven van Breskens. We praatten over loggers en botters en vissersschepen. Ik ben hem kwijt geraakt. Ik heb naar hem gezocht op Facebook, maar ik heb hem nog steeds niet gevonden.

Ik heb een hele mooie tijd gehad in het kamp. Ik heb een goed gevoel over het kamp ‘de Eikenhorst’. Ik ben daar een jaar geweest. Het is een mooie tijd geweest. De leiding was niet streng. Ze schreven wel alles over je op. Na een jaar ben ik overgeplaatst naar een kamp in Maarsbergen, daar moest ik een vak leren. Ik heb daarna nog in een kamp in Veenendaal gezeten, daar mocht je roken. In een metaalfabriek in Veenendaal heb ik als leerling gaten in scharnieren geponst. Later ben ik gaan varen op de binnenvaart.

Alles wat ik had van het kamp ‘de Eikenhorst’ is verdwenen. Ik had ook grammofoonplaten met uitvoeringen van heldentenoren gekregen van meneer Pols. Mijn stiefvader heeft alles weggegeven. Het enige wat ik nog heb, dat is deze foto. Ik kon niks van vroeger van ‘de Eikenhorst’ terugvinden. Ik zit sinds zes jaar op de computer en heb via Google in de website www.dieversarchief.nl verhalen over ‘de Eikenhorst’ gevonden. Dat was een hele gewaarwording.

Op de foto zie ik Kees van Duin staan. Hij is de jongen met het streepjesshirt. Ik zie aan de kopjes van de jongens dat ze gelukkig waren. Jantje Scholten staat ook op de foto. Hij was een klein mannetje en werd daarmee altijd geplaagd. Ik sta op de foto aan de rechterkant, met mijn handen bij elkaar. Meneer Pols, onze leider, staat achteraan op de foto. Zijn voornaam ken ik niet. Je zei meneer tegen hem, dat was alles. Alles was netjes geregeld. De foto is bij de barak van de groep Perú genomen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De jongens die omstreeks 1951-1953 in de barak met de naam Perú verbleven worden dringend verzocht te reageren op dit artikel van Kees Verhoef en vooral op de groepsfoto. In het bijzonder is de redactie op zoek naar Kees van Duin. Is Kees van Duin nog in leven ?

Abracadabra-1410

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Twee hüsies op de Baarg op ut Kastiel in Deever

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in november 1964 uitgegeven door JosPé en was te koop bij Van Goor’s Kantoorboekhandel in de Kruusstroate in Deever.

Op de Baarg op ’t Kastiel in Deever is links het keuterboerderijtje van de weduwe Evertje Davids-Vierhoven en rechts het keuterboerderijtje waar tot in 1962 de familie Helprig Smit woonde. De weduwe Elsje (Elle, Olde Elle) Smit-Oost woonde toen al in een van de eerst gebouwde bejaardenwoningen in de Weiert an de Heufdstroate.
De redactie van ut Deevers Archief heeft nog niet uitgezocht wie in 1964 in het huisje woonde.
Tussen de twee boerderijtjes staat een grote vlierboom, waar altijd veel vlierbessen aan zaten. Wietske van Leeuwen, de echtgenote van Helprig Smit, is de uitvindster van de vlierbessenjam, lekkerder jam was in Deever niet te vinden.
Evertje Vierhoven werd op 29 juli 1896 in Deever geboren als dochter van Albert Vierhoven en Trijntje Andree (Andrea of Andreae ?). Zij trouwde op 27 juni 1925 met Albert Davids, beroep arbeider, zoon van Hendrik Davids en Magrieta Sidonia Wibier. Albert Davids werd op 26 oktober 1881 geboren in Deever en overleed op 20 juni 1955 in Deever. Evertje Vierhoven overleed op 21 april 1972 in Deever. Het echtpaar ligt begraven op de kaarkhof an ut begun van de Grönnegerweg bee Deever. In de webstee nieuwenhuis-genealogie is een mooie foto uit 1950 te zien van Albert Davids, Evertje Vierhoven en hun dochter Trijntje, de foto is genomen aan de voorkant van het boerderijtje.
Elsje (Elle, Olde Elle) Oost werd op 20 maart 1893 in Deever geboren als dochter van Helprig Oost en Hilligje Prikken. Zij trouwde op 31 augustus 1912 met Hilbert Smit, beroep arbeider, zoon van Jan Smit en Margje Hilberts de Wit. Zij overleed op 4 oktober 1985. Hilbert Smit werd op 18 september 1888 geboren in het Leggelerveld (gemiente Dwingel), hij overleed op jonge leeftijd op 5 juli 1931 in Deever, hij was toen landbouwer. Het echtpaar ligt begraven op de kaarkhof an ut begun van de Grönnegerweg bee Deever.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde foto van de twee hüsies op de Baarg op ut Kastiel in Deever ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 37 van het in 2007 uitgegeven papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.


De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van de huidige situatie op de Baarg op ut Kastiel gemaakt op donderdag 11 november 2017.

Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, ut Kastiel | Leave a comment

Un neeje kok-beheerder in ut waarkkaamp Deever B

In december 1941 besloot de Duitse bezetter joodse Amsterdammers naar de Drentsche rijkswerkkampen in Diever, Geesbrug, Gijsselte, Kremboong, Mantinge, Orvelte, Stuifzand en Vledder te sturen.
Het eerste resultaat was dat 905 mannen op zaterdag 10 januari 1942 naar Drenthe vertrokken, waarna ook mannen uit andere delen van het land gedwongen werden te gaan.
In de nacht van 2 op 3 oktober 1942 werden de rijkswerkkampen Diever A en Diever B door de Duitse bezetter ontruimd. De joodse mannen kwamen in het kamp Westerbork terecht. Vandaar werden ze gedeporteerd naar de Duitse vernietigingskampen.

Op 2 oktober 1942 verscheen in het Nieuwsblad van Friesland: Hepkema’s courant het volgende bericht.
De heer A. Posthumus alhier is benoemd tot kok-beheerder van het werkverschaffingskamp B te Diever.

Op 7 oktober 1942 verscheen in het Drentsch dagblad (officieel orgaan voor de provincie Drenthe) het volgende bericht.
De chef kok kampbeheerder van de werkkampen A en B te Diever, de heer A. Polder, is in gelijke betrekking overgeplaatst naar Vledder.

De vraag rijst wie na het vertrek van de heer A. Polder de kok-beheerder van rijkswerkkamp Diever A is geworden.

De vraag rijst of deze benoemingen verband hebben gehouden met het gedwongen vertrek van de joodse mannen uit de rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de nacht van 2 op 3 oktober 1942. Wellicht heeft de Heidemaatschappij al kort na de nacht van 2 op 3 oktober 1942 de rijkswerkkampen Diever A en Diever B weer als werkverschaffingskamp in gebruik genomen.

Op 26 oktober 1942 werd vanuit Oldemarkt in de gemeente Steenwijkerwold in Overijssel een aangetekende brief verzonden naar de heer A.A. Posthumus, kok-beheerder van rijkswerkkamp Diever B. De grote vragen zijn natuurlijk wie de afzender was van deze aangetekende brief en wat de inhoud van die brief was. De envelop van deze aangetekende brief is bewaard gebleven, zie de bijgaande afbeelding.

Posted in de Olde Willem, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Jantina en Abe hept in Romeo en Julia espeult

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantina Figeland speelde de hoofdrol van Julia in het drama met een treurige afloop The Most Excellent and Lamentable Tragedy of Romeo and Juliet, geschreven door William Shakespeare, dat in 1958 in een vertaling van Leendert Alexander Johannes Burgersdijk werd opgevoerd in het openluchttheater an de Heezeresch bee Deever.

Abe Brouwer speelde in die tragedie de rol van broeder Lorenzo, een Franciscaner monnik.
In scene 1 van acte IV is Julia bij broeder Lorenzo in zijn cel in het klooster in Verona en zegt het volgende tegen hem:
Zeg vader niet, dat gij dit hebt gehoord,
Of zeg mij ook, hoe ik ’t verhoeden kan.
En als uw wijsheid mij geen redding weet,
Erkan dan slechts wat ik besloot als wijs
En ‘k help terstond mijzelve met dit staal.
God voegde Romeo’s hart en ’t mijne saam,
Gij onze handen; en eer deze hand,
Die gij aan Romeo hebt gezegeld,
Zich aan een ander echtverbond laat zeeg’len
Of mijn trouw hart verraad pleegt, van hem afvalt
Zich naar een ander keert, doodt dit die beide.
Dus geef uit uw veeljarige ondervinding,
Mij snelle raad; of anders zij dit staal
Scheidsrechter tussen ’t dreigend lot en mij;
’t Beslecht wat uw wijsheid en ervaring
Niet tot een uitkomst brengen kan.
Spreek bondig snel, ik wens nu snel de dood,
Brengt wat gij spreekt, geen redding in mijn nood.

In het boek ‘The complete works of William Shakespeare’ van William James Craig, heruitgegeven in 1980 in Londen, is op de bladzijden 850 en 851 de navolgende hopelijk oorspronkelijke Engelse tekst van de hiervoor weergegeven tekst van Julia te lezen.
Tell me not, friar, that thou hear’st of this,
Unless thou tell me how I may prevent it:
If, in thy wisdom, thou canst give no help,
Do thou but call my resolution wise,
And with this knife I’ll help it presently.
God joint’d my heart and Romeo’s, thou our hands;
And ere this hand, by thee to Romeo seal’d,
Shall be the label to another deed,
Or my true heart with treacherous revolt,
Turn to another, This shall slay them both.
Therefore, out of thy long-experience’d time,
Give me some present councel; or behold,
Twixt my extremes and me this bloody knife
Shall play the umpire, arbitrating that
Which the commission of thy years and art
Could to no issue of true honour bring.
But not so long to speak; I long to die,
If what thou speak’st speak not or remedy.

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantina Figeland moest zich in de rol van Julia behelpen met de archaïsche vertaling van Leendert Alexander Johannes Burgersdijk. Je zal zo’n vastgeroeste ellenlange tekst maar moeten uitspreken ! Tegenwoordig maakt elke zichzelf belangrijk en onmisbaar vindende regisseur van een semi-semi-semi-professioneel of een semi-semi-professioneel of een semi-professioneel of een professioneel Shakespeare-gezelschap zijn eigen vrije vertaling van een te spelen Shakespeare-toneelstuk.

De fenomenaal goede toneelspeelster Jantien Figeland, die zichzelf Jantina noemde, excelleerde vanaf het begin van het openluchtspel in 1946 gedurende 13 seizoenen in het openluchtspel. Jantien (Jantina) Figeland, is geboren op 13 september 1928 in Meppel en is overleden op 20 december 2016 in Lochem.

De Friese schrijver, dichter, toneelspeler en stratenmaker Abe Brouwer is geboren op 18 september 1901 op de Bergumerheide bij Noordbergum in Friesland en is overleden op 18 maart 1985 in Franeker. Abe Brouwer begon op maandag 4 maart 1957 op 56-jarige leeftijd, toen het wat slechter ging met zijn schrijverscarrière, as stroatemaeker van de gemiente Deever.

Bijgaande prachtige en unieke zwart-wit foto van scéne 1 van acte IV van de tragedie Romeo en Julia met Jantina Figeland en Abe Brouwer is onlangs opgedoken.

Posted in Abe Brouwer, Alle Deeversen, Eup’mlogtspel, Shakespearitis | Leave a comment

Shakespeare ‘stencil wand’ an de brinq van Deever

De Amsterdamse urban artist (stedelijke kunstenaar) Hugo Kaagman, die zichzelf de ‘stencil koning’ noemt, is de maker van een ‘stencil wand’ gevuld met Delftsblauwe afbeeldingen die verband houden met het ernstig aan shakespearitis lijdende dorp Deever, de toneelstukkenschrijver William Shakespeare en de toneelstukken van William Shakespeare, die zijn gespeeld in het openluchttheater an de Heezeresch bee Deever. Zie de bijgevoegde afbeelding.
De sjabloonsnijder Hugo Kaagman heeft de ‘stencil wand’ in juni 2017 gemaakt in opdracht van de ‘Foundation Diever Village of Shakespeare’ (Stichting Deever Dorp van Shakespeare).
Deze foundation (stichting) is in Deever in het leven geroepen voor het bevorderen van het financieel uitbaten in de gemiente Deever van de naam Shakespeare door middel van allerlei activiteiten, met als doel het trekken van veel meer toeristen naar de gemiente Deever, het trekken van veel meer bezoekers naar de toneelspeelplaatsen an de Heezeresch, het bereiken van veel meer boekingen in de gemiente Deever voor overnachtingen het hele jaar door, het bereiken van veel meer omzet voor de neringdoenden, het bereiken van veel meer omzet in de toeristenindustrie en derhalve het sterk vergroten van de daadwerkelijke opbrengst van de gemeentelijke toeristenbelasting (resultaatsverwachting ten minste € 3.000.000).
En dat met de wetenschap dat de Deeverse toeristenbelasting geen doelbelasting is, maar in de schatkist met algemene middelen van de gemeente Westenveld terecht komt, waaruit bijvoorbeeld ook de dorpshuizen van Vledder, Dwingel en Oavelt zouden kunnen worden gesubsidieerd.
De ‘stencil wand’ heeft in de zomer van 2017 niet op maar naast de niet-Saksische BadQualityBrinQ van Deever gestaan, op de plek waar vroeger het erfgoedboerderijtje (die in de volksmond ‘de Reddingsboei’ werd genoemd) van Albert Kuiper stond.
De ‘stencil wand’ heeft met name dienst gedaan als decor van een door Hugo Kaagman zo genoemde selfie spot (sölfie stee), dat wil zeggen dat de ‘stencil wand’ als achtergrond kon worden gebruikt bij het maken van foto’s, waarbij de makers met de telefoon in de hand of op een stok (tillefoontie op mien stokkie) zichzelf of zichzelf met anderen op de foto zetten. De verwachting was dat The Netherlands zou worden overspoeld met Shakespeare-selfies. To selfie, or not to selfie. That’s no question.
Wie denkt dat de ‘Foundation Diever Village of Shakespeare’ het reclamebordje zo maar naast de niet-Saksische BadQualityBrinQ van Deever kon plaatsen, die vergist zich.
Nee, het openbare besluitenlijstje (blijkbaar bestaat een geheime besluitenlijstje ook) van het college van burgemeester en wethouders van 13 juni 2017 vermeldt bij de portefeuille Openbare Ruimte van de toenmalige hoogedelgestrenge heer wethouder Homme Geertsma de volgende twee wel erg zware wik-en-weeg-beslissingen, te weten 1) instemmen met het plaatsen van de Selfie Wall door de Stichting Diever Village of Shakespeare en 2) ontheffing verlenen aan de Stichting Diever Village of Shakespeare voor het aanvragen van een omgevingsvergunning.
Maar het besluitenlijstje van de toenmalige hoogedelgestrenge heer wethouder Homme Geertsma vermeldt niet tot wanneer de ontheffing geldig is. Toch wel een minpuntje voor de hoofdbeleidsmedewerker (zeg maar een soort van pseudo-wethouder) voor de openbare ruimte van de gemeente Westenveld, die besluit welke besluiten op het openbare besluitenlijstje komen te staan.
Het is wel een slimme zet van Hugo Kaagman het wapen van de gemiente Deever op de ‘stencil wand’ te plakken en gelukkig niet het wapen van de gemeente Westenveld, want het Shakespeare-gedoe is niet van de gemeenten Vledder, Dwingel of Oavelt, maar enkel van de gemiente Deever.
De vraag is natuurlijk waar de Stichting Deever Dorp van Shakespeare het reclamebordje heeft gelaten ?
Wie het weet die mag het natuurlijk melden bij de redactie ! Want de redactie van ut Deevers Archief wil nog wel graag een foto van de huidige staat van dit kunstwerk maken.
De redactie heeft de kleurenfoto van de plek waar de ‘stencil-wand’ heeft gestaan op 25 november 2017 gemaakt.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een andere foto van de ‘stencil wand’.

Posted in Deever, Kuunst, Shakespearitis, William Shakespeare | Leave a comment

Ansichtkoate en foto van ‘de Keet’ op de Heezebaarg

De oudheidkundige professor doctor Albert Egges van Giffen (geboren op 14 maart 1884 te Noordhorn, overleden op 31 mei 1973 te Zwolle, begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever) staat op deze ansichtkaart in de voordeur van zijn geliefde buitenhuisje genaamd de Keet op zijn landgoed de Heezebaarg aan de rand van de Heezeresch bee Deever.
Professor doctor Albert Egges van Giffen stuurde deze fotokaart -gemaakt van een eigen foto- op 16 september 1956 naar de familie Zijp-Laan, Oostwoud 56 in Noord-Holland. De kaart is ondertekend door professor doctor Albert Egges van Giffen en zijn vrouw Guda Erica Gerharda Duijvis (ja, die van de pinda’s) (klik hier voor meer gegevens over Albert Egges van Giffen). De tekst op de kaart luidt: Diever, de ‘Heezeberg’, ons buitenhuisje. Veel dank voor uw kaart van de reis. Met vele groeten.
De Keet is inderdaad de keet die bij de grote oudheidkundige afgraving van de terp van Ezinge stond (klik hier voor meer gegevens over de afgraving van de terp van Ezinge). Deze keet werd na 1934 afgebroken en weer opgebouwd op de Heezebaarg (de baarg an de raand van de Heezeresch).
In 1997 was met name de houten onderkant van de Keet in een dusdanig slechte toestand (houtrot) dat de eigenaren, een kleindochter van professor doctor Albert Egges van Giffen en haar echtgenote, het houten huisje hebben laten afbreken, waarna direct daarna op dezelfde plaats een groter stenen vakantiehuis is gebouwd. De afbraak van het oude en de bouw van het nieuwe is uitgevoerd door bouwbedrijf Schipper uut Dwingel (eerder gevestigd in Leggel).
Kleindochter Tineke Zweers-van Giffen schreef op 8 december 1997 aan de redactie van ut Deevers Archief:
Het heeft ons beslist moeite gekost te besluiten de oude Heezeberg af te breken en te vervangen door een nieuwe woning. We zijn nu uiteindelijk toch wel blij, dat we de beslissing hebben genomen, want het huisje bleek hard aan vervanging tot. 

De avond voor de afbraak in de tweede helft van oktober 1997 hebben de redactie van ut Deevers Archief en de eigenaren van de Keet bij wijze van afscheid nog lekker gezellig een poosje in het woonkamertje van de Keet op de Heezebaarg gezeten en daar een kopje thee gedronken en een koekje gegeten.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de hier afgebeelde kleurenfoto op de dag vóór de afbraak tegen het vallen van de avond met flitslicht gemaakt. Het zal één van de allerlaatste ooit gemaakte foto’s van dit huisje zijn geweest.

Reactie van J. Smit van 5 december 2017
Ik ben in de zestiger jaren van de vorige eeuw enkele keren met mijn vader Wolter Smit, die de exclusieve jachtrechten op de gronden rond de Heezeresch had verkregen van de familie Van Giffen, in aanwezigheid van Jan van Giffen (de zoon van professor doctor Albert Egges van Giffen) in het verblijf geweest. Het was inderdaad een eenvoudig zomerhuisje op een prachtige locatie in een fraaie omgeving !

Abracadabra-1253
Abracadabra-844Abracadabra-1254

Posted in Albert Egges van Giffen, Ansigtkoate, Deever, Heezerbaarg, Heezeresch, Oudheidkunde, Topstuk | Leave a comment

De sloop van de hüsies van de Sint Anthonij Stichting

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 juni 1981 verscheen het volgende korte bericht over het slopen van de gasthuisjes van de Sint Anthonij Stichting naast de Rooms Katholieke Kerk op Zorgvlied.

Slopershamer in gasthuisjes
Zorgvlied. De vier gasthuisjes in Zorgvlied naast de rooms katholieke kerk worden afgebroken. Op dezelfde plaats zullen door de Stichting Woningbouw Zuidwest-Drenthe nieuwe woningen worden gebouwd. De gasthuisjes hebben jaren op de monumentenlijst gestaan, maar zijn onlangs afgevoerd.
De huisjes zijn altijd eigendom geweest van de Stichting van Weldadigheid ‘Het Sint Anthony Gasthuis’. Men is jaren bezig geweest om te proberen ze te laten restaureren. Het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk had echter geen geld voor de restauratie. Door de slechte toestand van de woningen was men genoodzaakt om ze toen dicht te spijkeren.
Wanneer met de nieuwbouw wordt begonnen is nog niet bekend, want financieel is de zaak nog niet helemaal rond.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie verwijst de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief tevens naar bijvoorbeeld het bericht Anthonij Gasthuis – Gratis wonen en een gulden toe.
De eerste afbeelding is een afbeelding van een foto, die gemaakt is door de welbekende Deeverse dorpsfiguur en dorpsfotograaf Harm (Haarm) Hessels, en die de situatie van de gasthuisjes tijdens de sloop toont.
De tweede afbeelding is een afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart en toont de situatie van de gasthuisjes vóór de sloop. Nog net aan de rechterkant is te zien het huis dat op de plek staat waar vroeger een koetshuis stond. Deze ansichtkaart werd nota bene niet door een neringdoende op Zorgvliet verkocht, maar door Roelof (Roof) van Goor an de Kruusstroate in Deever. Deze kaart is in juni 1966 gedrukt door JosPé in Arnhem.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven Magnus Opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is in het hoofdstuk Zorgvlied op bladzijde 193 een enigszins bijgeknipte afbeelding van een exemplaar van de hier afgebeelde ansichtkaart opgenomen.

Abracadabra-1409

Posted in Ansigtkoate, Lodewijk Guillaume Verwer, Sint Anthonij Gasthuis, Verdwenen object, Zorgvliet | Leave a comment

Ut hüsie van klompemaeker Johannes Leijer

De redactie van ut Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde en overleden is bij zijn dochter in Voorburg, steeds van hem verhalen, schrijfsels, foto’s, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm – zo mogelijk – te publiceren in Opraekelen, het papieren blad (papier is erg geduldig) van de induttende heemkunduge vurening uut Deever.
Het lukte d
e redactie de navolgende tekst van de hand van Anne Mulder gepubliceerd te krijgen in Opraekelen 01/1 (maart 2001). Anne Mulder schreef deze tekst in de loop van het jaar 2000 na het zien van de hier afgebeelde zwart-wit foto.

Omstreeks 1932 werd het hoekhuis aan de Peperstraat bewoond door Frederik Haveman. Hij was niet gehuwd. Hij was eertijds bediende bij de coöperatieve verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ in Diever. Op latere leeftijd heeft hij in Wapse zijn intrek genomen in het gezin van Hendrik Koning, die gehuwd was met zijn zuster Aaltje Haveman.
Na het overlijden van Frederik Haveman -zijn overlijdensdatum is te lezen op een eenvoudige grafzerk in het gesloten gedeelte van de begraafplaats- zijn Hendrik Koning en Aaltje Haveman verhuisd naar het hoekhuis aan de Peperstraat.
Ik vind zeker het vermelden waard dat pal naast het hoekhuis een klein huisje heeft gestaan, dat bewoond werd door de ongehuwde klompenmaker Johannes Leijer. Hierover zijn mij geen bijzondere gegevens bekend. Wel herinner ik mij nog dat bij hem een paar klompen tussen de tachtig centen en één gulden kostte.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de hier afgebeelde zwart-wit foto op 20 mei 1998 gemaakt; alleskunner met twee rechterhanden en duizend poten Klaas Kleine woonde toen nog op de hoek van de Grote en de Kleine Peperstroate.
De coöperatieve verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ was gevestigd in het pand Heufdstroate 42, waarin onder meer ook de Vereniging Voor Vreselijk Veel Vreemdelingen Verkeer (V.V.V.) en rijwielbedrijf Jan Warnders gevestigd zijn geweest.
Frederik (Frièrik) Haveman is geboren op 8 mei 1876 in Deever en is overleden op 25 maart 1939 in Wapse.
Johannes Leijer is geboren op 11 januari 1866 in het Koekangerveld en is overleden op 3 mei 1942 op 76-jarige leeftijd in Deever. De redactie weet niet of Johannes Leijer is begraven in Deever. Johannes Leijer trouwde op 9 april 1892 met Klaasje Lamberts. Zij is overleden op 24 december 1909 in Zwolle.
Johannes Leijer was volgens verschillende akten in de burgerlijke stand op jongere leeftijd huisschilder van beroep. Volgens Anne Mulder (hij had een geheugen als een pot) was Johannes Leijer in de Peperstroate klompenmaker; er waren meer klompenmakers in de familie Leijer.

Posted in Alle Deeversen, Ambacht, Klaas Kleine, Peperstroate, Verdwenen object | Leave a comment