Category Archives: An de Deeverbrogge

Pakschuitendienst tusschen Assen, Deever en Meppel

In de krant Het nieuws van den dag (kleine courant) verscheen op 20 april 1877 het navolgende bericht over de oprichting der naamlooze vennooschap Drentsche Stoomboot Maatschappij (D.S.M.) te Assen.

De Koninklijke bewilliging is verleend op de akte van oprichting der naamlooze vennootschap ‘Drentsche Stoombootmaatschappij’ te Assen. Vooreerst zal de werkkring der Maatschappij zich bepalen tot het voortzetten der volgende bestaande diensten: de stoombootdienst tusschen Assen en Zwolle, de bargedienst tusschen Assen en Groningen, de bargedienst tusschen Assen en Veenhuizen en de pakschuitendienst tusschen Assen, Diever en Meppel.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 haar twintigjarige bestaan opgeluisterd met een zo genoemd jubileumboekje met de titel ‘An de Brogge’, waarin aandacht is besteed aan de geschiedenis van de Deeverbrogge.
De redactie van ut Deevers Archief heeft helaas nog niet de tijd gevonden het te verifiëren, maar in het boekje zijn ongetwijfeld onderwerpen aan de orde gekomen, zoals de bewoners, de boerderijen, de Bolderhoek, de pothokken, de snikke, de barge, de stoombootdiensten van de Drentse Stoombootmaatschappij, de postkar, de pakschuiten, de scheepvaart, de turfschippers, de transportbedrijven, het steenfabriekje, de kalkovens, Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, het busstation, de bedrijvigheid aan de loswal, de bedrijven an de Deeverbrogge, de stoomtram, de tramlijn, het tramemplacement, het tolhek, het tolhuis, veeartsen, hotel Blok, logementen, café-logement Sjoert Benthem, Concordia, het hulppostkantoor, meubelfabriek ‘de Toekomst’, het melkfabriekje, de wolspinnerij, de schutsluus, de brogge, de Tweede Wereldoorlog, de winning van turf, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen, dansavonden, enzovoort, enzovoort.  

Het is interessant te lezen dat ook vóór 1877 een pakschuitendienst werd onderhouden tussen Assen, Deever en Meppel. Waren dat door paarden getrokken pakschuiten ? Een mooie klus voor de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever om dit uit te zoeken.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, D.S.M., Scheepvaart | Leave a comment

Wee goat mit de snikke hen de maarkt in Möppel

In het Nieuwsblad van het Noorden van 9 december 1896 verscheen het navolgende bericht over ervaringen met het vervoer per snikke van de Deeverbrogge hen Möppel.

Gemengd Nieuws.
Uit Drenthe’s Zuidwesthoek schrijft men aan de ‘Telegraaf’:
Drente is door natuur en menschen beide al zeer stiefmoederlijk bedeeld. De dorre heidevelden worden door een armoedige bevolking bewoond, die tracht van den schralen zandgrond nog te halen wat er van te halen is. En de noodige middelen om de producten van het land te vervoeren en het vee ter markt te brengen, zijn slechts in geringe mate aanwezig en vaak nog zeer primitief. In deze streken moet men zich nog behelpen met het vervoer per trekschuit, een vaartuig dat de bewoners van meer bevoorrechte oorden alleen nog uit de Camera Obscura kennen.
’t Is waar, er bestaat een dagelijksche stoombootdienst der Duitsche Stoomvaartmaatschappij. Hare booten, die geregeld vice-versa voorbij Smilde, Dieverbrug, Uffelte en Havelte tusschen Meppel en Assen varen, maken het mogelijk aan de bewoners deze streken iederen dag naar Assen of Meppel te komen en hunne goederen daarheen te zenden.
Maar wat voor het personenvervoer nogal lastig is, deze booten gaan zeer langzaam (moeten langzaam varen om de wallen der Drentsche Hoofdvaart niet te beschadigen) en, dit geldt ook voor het goederenvervoer, zijn erg duur. Onze boeren maken er dan ook zoo weinig mogelijk gebruik van. Wie op een niet-marktdag te Meppel moet wezen, en ieder onzer moet er zo nu en dan zijn, gaat per as (op een hortenden boerenwagen) of te voet.
Als het markt te Meppel is (Donderdag) echter gaan we met de trekschuit. We staan vroeg op, vroeg althans naar steedsche opvatting en hebben als we te Uffelte of Havelte wonen, keus uit vier trekschuiten, twee Dieversche en twee Uffelter ‘snikken’ (trekschuiten). Haasten we ons een goed plaatsje uit te zoeken, want als gewoonlijk zijn de ‘snikken’ meer dan vol, zoowel aan personen als goederen.
Wat ’n drukte in het vroege morgenuur. Boeren op klompen (de boer draagt altijd klompen, ’s zomers en ’s winters, op zon- en werkdagen), die varkens of geiten voortdrijven, boerinnen met oorijzers en witte muts, die manden met boter of eieren torsen, allen eenigszins gehaast om in de ‘snikke’ te komen. Als allen er op zijn, gaat het vooruit, natuurlijk bedaard, doodbedaard, zooals het ’n trekschuit past.
Laten we nu eens ’n kijkje in de schuit nemen. Op vier banken zitten de passagiers opeeengepakt. Geen wonder bij zo’n volte, dat het er na een half uur al benauwd wordt en dat veelen te Meppel met ‘heufdzeerte’ (hoofdpijn) aankomen. Men gaat er niet licht toe over een raampje open te zetten, want de plattelandbewoner vreest niets zoozeer als tocht. De meest verpestende atmosfeer is hem liever dan het gevaar van op den tocht te zitten. Opgeschoven ramen ziet men zelfs op snikheete zomerdagen slechts bij uitzondering.
Zo’n reisje per trekschuit is, vooral als men het reeds eenige malen meegemaakt heeft, verre van gezellig. Luister slechts waar die passagiers over redeneeren, die beide bejaarden in den hoek. De een beweert dat goede mest toch het ware is op het land, waarop zijn buurman bevestigend knikt.
Deze bewering is niet juist nieuw voor hem; vóór een halve eeuw was hij reeds van de waarheid ervan overtuigd. Een oud moedertje weidt lang en breed uit over de goedkoopte van de varkens, welke mededeeling voor hare toehoorders ook al geen nieuws bevat. Maar wie ter wereld zou in een trekschuit ook met wat nieuws voor den dag komen ? Toch heb ik eens een nieuwe stelling hooren te berde brengen, door een man met bakkebaardjes en laarzen. Hij was dus geen boer. Een boer heeft baard noch knevel en draagt geene laarzen. De man beweerde met kracht van woorden en gebaren (hij sloeg bij iederen zin met flinken slag op knie van zijn buurman), dat het liggen gaan van koren niet zooals de heerschende mening wil, het gevolg is van ‘geilheid’ (overmaat aan vruchtbaarheid), maar juist van gebrek aan voedsel. In de ‘snikke’ is men het altijd met elkaar eens, maar met iemand, die wat nieuws zegt, nooit. Een opgewekt debat volgde dan ook. Gelukkig, want dit verkortte den drie uren langen, anders eindeloos vervelende tocht.
Godsdienst-quaesties of politieke dito worden nooit besproken.  Eens hoorde ik ’n ouden boer beweren, dat die van Houten toch een flinke kerel was en dat de nieuwe kieswet … Maar de man praatte voor doove oren. Niemand interesseerde dit onderwerp. Er is maar ééne enkele zaak, die den boer belang inboezemt, dat is het boerenbedrijf. Al wat daar buiten ligt, is voor hem terra incognita en daar bemoeit hij zich niet mee.
Eindelijk zijn wij te Meppel, want zelfs een trekschuit komt ten slotte op de plaats harer bestemming.
Meppel is onze stad. Meppel is de plaats waar we onze producten en onze ‘diers’ (dieren) aan den man brengen. Meppel is ook de stad, waar we onze inkoopen doen. Veele huishoudelijke benodigdheden, kleederen, eetwaren (vleesch bijvoorbeeld) zijn op onze landbouwdorpen niet te krijgen of erg duur en slecht.
We zijn dan erg ingenomen met onze ‘snikken’, die ons den tocht naar Meppel mogelijk maken en zeer goedkoop zijn. Toch zouden we het oogenblik zegenen, dat we hier een tram kregen. Er is al eens over gepraat. En we hopen dus !

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De schrijver van bovenstaand artikel probeert op enigszins negatieve manier de sfeer in de snikke te beschrijven tijdens het vervoer van mensen, dieren en goederen van de Deeverbrogge hen Möppel.
Desalniettemin nochthans evenwel had publicatie van dit verhaal in hoofdstuk 6 ‘Transport’ van het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan, niet misstaan.

In het artikel is sprake van Duitsche Stoomvaartmaatschappij, dit moet zijn Drentsche Stoomboot Maatschappij.
Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1905 ligt voor de löswal an de Deeverbrogge de snikke van waarschijnlijk Sjoert Benthem.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 44 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door een keur van vrijwilligers van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Abracadabra-451

Abracadabra-449

Abracadabra-450

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, de Voat, Snikke, Vervoer | Leave a comment

De Kalkoom’s tuss’n de Deeverbrogge en de Gowe

De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassies scannen en vervolgens die papperrassies in de container voor het oude papier gooien), bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geachte afbeelding. In dit geval betreft het de foto op het voorblad van het niet meer bestaande maandblad Oeze Volk, nummer 7, jaargang 17, juli 1973. Wim Hiddingh uit Gasselte is de maker van de zwart-wit foto voor deze afbeelding.

In 2016 is na ruim zestig jaren helaas een einde gekomen aan het mooie Drentstalige maandblad Oeze Volk. Het Drentstalige tijdschrift Zinnig is met ingang van 1 januari 2017 de opvolger van Oeze Volk. Het Huus van de Toal is de uitgever van het tijdschrift Zinnig.

De redactie heeft toestemming van de redactie van het tijdschrift Zinnig dit mooie voorblad in ut Deevers Archief te tonen. De redactie van ut Deevers Archief is de redactie van Zinnig bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.

An de Deeverbrogge in de buurt van de Drentse Hoofdvaart langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe zijn de restanten van een kalkovencomplex aanwezig. Dit industriële complex is in 1925 gesticht als schelpkalkbranderij en omvatte in dat jaar twee schelpkalkovens en een leschhuis.
Later is het complex uitgebreid met een elektrisch aangedreven transporteur, een derde oven en een schelpenbreker.
De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter helaas jammer genoeg afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De grondstof schelpen en de brandstof turf werd aangevoerd in schepen. Het product schelpkalk werd afgevoerd in schepen, maar ook in vrachtwagens en tot 1933 ook in goederenwagons van de Nederlandse Tramweg Maatschappij (N.T.M.).

Posted in An de Deeverbrogge, de Kalkoo’ms | Leave a comment

De bouwers van de noodbrogge en de Canadezen

De Amerikaanse Begraafplaats in Margraten in Limburg, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en een monument ter nagedachtenis van de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog.
De begraafplaats ligt tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer aan de provinciale weg N278 in Zuid-Limburg.
In een soort van museumkapel zijn drie grote landkaarten te zien, deze zijn in steen uitgebeiteld, met beschrijvingen van de verrichtingen van het 1e Amerikaanse leger in de regio gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Op één van de kaarten is met een grote rode pijl naar het noorden van Nederland de opmars van the Canadian First Army, het Canadese Eerste Leger aangegeven. Zie de bijgevoegde kleurenfoto.
De naam Canadian First Army is samen met de andere geallieerde legers ook onder de kaarten vermeld. Zie de bijgevoegde kleurenfoto. Eenheden van het Canadese Eerste Leger speelde een belangrijke rol bij de bevrijding van Noord-Nederland van de Duitse bezetter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.
De bouw van een noodbrug over de Drentse Hoofdvaart ter plaatse van de opgeblazen Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 maakte de bevrijding van Deever mogelijk en versnelde en vergemakkelijkte de opmars van de Canadezen naar Friesland, Drenthe en Groningen.
Het mag toch wel een beetje onverschillig worden genoemd dat an de Deeverbrogge in de buurt van de Deeverbrogge nog steeds geen teken van waardering voor de bouwers van de noodbrug en voor het Canadese Eerste Leger is te vinden. Dit teken had mooi alsnog na zeventig jaren op 12 april 2015 onthuld geweest kunnen zijn geworden. Bijvoorbeeld door een nazaat van aannemer Albert Schipper uut Leggel. Daar is het helaas niet van gekomen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft beide kleurenfoto’s op 16 augustus 2015 op de Amerikaanse Begraafplaats in Margraten gemaakt. De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste versie van dit bericht op 20 augustus 2015 in ut Deevers Archief gepubliceerd.

Abracadabra-439 Abracadabra-440

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Canadees’n, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Hotel Johan Blok an de Deeverbrogge in 1949

Van Leer’s Fotodrukindustrie in Amsterdam heeft bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkaart uitgegeven in oktober 1949. De ansichtkaart was uiteraard te koop in het hotel Blok. Op de ansichtkaart is een druk bezocht hotel-restaurant-café-pension Blok an de Deeverbrogge te zien.
De weg langs de vaart was – zeker in de jaren na de Tweede Wereldoorlog – een belangrijke noord-zuid route door Drente, totdat de route langs Meppel, Hoogeveen, Beilen en Assen werd omgebouwd tot de A28 autosnelweg.
Het restaurant was met name een pleisterplaats voor gemotoriseerde vertegenwoordigers van stofzuigerfabrieken, radiofabrieken, uitgevers van encyclopedieën, verzekeringsmaatschappijen en al het andere wat via vertegenwoordigers aan de man kon worden gebracht.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de merken van de auto’s aan de redactie van ut Deevers Archief doorgeven ?

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van het lezen van artikelen op papier is, kan de hier getoonde ansichtkaart ook ten zeerste lezen in het hoofdstuk Dieverbrug op bladzijde 316 van het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven magnum opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat boek, of dat boek bij iemand in kunnen zien.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, Hotel Blok, Rieksstroatweg | Leave a comment

Stoomtram van de N.T.M. an de Deeverbrogge

Bijgaande afbeelding van een zwart-wit foto met begeleidende tekst is opgenomen in het in 1999 uitgegeven fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’. Het betreft -voorzover bekend bij de redactie van ut Deevers Archief- de enige bewaard gebleven foto van de stoomtram van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij bij de halte an de Deeverbrogge in de lijn Meppel – Hijkersmilde langs de Drentse Hoofdvaart.

57 – Dieverbrug – Stoomtram bij café-logement Johan Blok – 1930
De maker van deze unieke foto is de zeventienjarige student Laurent Jacobus Biezeveld, de zoon van de directeur van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij. Voor deze afbeelding is een nieuwe afdruk van het originele gave
negatief op glasplaat gebruikt.
Dieverbrug was altijd een belangrijke halte in de tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart. Locomotief 6502 staat voor het café-logement van Johan Blok. In het café bevonden zich de wachtkamer en het  agentschap van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij.
Uit de pijp van de met kolen gestookte stoomlocomotief komt rook, de veiligheidklep op de regulateur blaast stoom af en ook uit de demper van de vacuümrem ontsnapt stoom. De personeelswagen is aan de locomotief gekoppeld.
De drie mannen bij de locomotief zijn van links naar rechts van Benthem, de stationchef van de Hijkersmilde, controleur van Blanken en tramconducteur Koopmans. In het machinehuis zit machinist Jan Postuma.
In een heel aardig reisverslag uit 1926 is het volgende te lezen:
Ik was in Dieverbrug. U zult vrees ik het wijze voorhoofd rimpelen en trachten de geest te scherpen om zich te herinneren waar een plaats met zo’n naam dan wel in ons land mag liggen. Het ligt afgelegen, tenzij u een plaatsje, dat een uur stoomtramhobbelen buiten het Drentsche stadje Meppel ligt, tot de gemakkelijk te bereiken plaatsen rekent. Een paar maal per dag brengt het trammetje een enkele reiziger, wat postzaken en een pakje. Door het kanaal varen de schepen af en aan. Dat is zo de communicatie met de buitenwereld, waaronder in de eerste plaats zijn te verstaan Meppel en het nog verderaf liggende Assen…………
In 1930 was alles al aan het veranderen. De stoomtram kreeg steeds meer concurrentie van de vrachtwagen. Op 15 februari 1933 reed de laatste tram, waarna de rails werd verwijderd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In ut Deevers wordt het Nederlandse woord tram niet op zijn Hooghaarlemmerdijks als trèm, maar gewoon als tram uitgesproken, vandaar dat in de titel van dit bericht het woord stoomtram gewoon als stoomtram is geschreven.
Voor de hier getoonde zwart-wit foto heeft de beheerder van het foto-archief van de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen speciaal voor opname in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’ een nieuwe afdruk van het originele negatief op glasplaat laten maken. De redactie is de beheerder daarvoor bijzonder erkentelijk.
In de tekst staat abusievelijk vermeld dat N.T.M. de afkorting is voor Noord-Nederlandse Tram Maatschappij, dit moet zijn Nederlandsche Tramweg Maatschappij.
Het bedrijf Hohenzollern in Düsseldorf-Grafenberg leverde de hier afgebeelde locomotief in 1881 als rangeerlocomotief aan de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) met kenteken SS 401. In 1890 werd het kenteken van deze locomotief gewijzigd in SS 602. Bij de samenvoeging van het materieelpark van de Hollandse Spoorwegmaatschappij (H.S.M.) en de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) in 1921 kreeg de hier afgebeelde locomotief het kenteken NS 6502. De Nederlandse Spoorwegen hebben de NS 6502 in 1930 uit dienst genomen. De N.T.M. was 
in dat jaar de huurder geworden van deze locomotief.
De zeventienjarige Laurent Jacobus Biezeveld is de maker van deze scherpe foto. Hij is geboren op 9 oktober 1913 in Nijehaske. Hij is overleden op 20 juli 1969 in Haren in de provincie Groningen. De foto is derhalve gemaakt tussen oktober 1931 en oktober 1932. En niet in het jaar van 1930, zoals abusievelijk staat vermeld in de tekst bij de foto in het boekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ .
Dan staat locomotief NS 6502 bij het café-logement van Johan Blok. Het oude café-logement brandde in de nacht van 30 op 31 maart 1932 af. Derhalve heeft Laurent Jacobus Biezeveld de foto gemaakt tussen 9 oktober 1931 en 30 maart 1932. Echter gelet op de bladeren aan de bomen, zal hij de foto uiterlijk een aantal weken na 9 oktober 1931 hebben gemaakt.
Locomotief NS 6502 oogde als een primitieve locomotief met een open stoomleiding van de regulateur naar de cilinders en een veiligheidsklep op de regulateur. De NS 6502 woog maar 18 ton en was niet zo’n sterke locomotief. Dat was bij de N.T.M. soms wel te merken. De NS 6502 kon een zware goederentrein best op gang brengen, maar als deze dan lang aan één stuk moest doorrijden, dan kon hij geen stoom houden. Toch voldeed de NS 6502 wel bij de N.T.M., met name in de personendienst.
Op bijgaande afbeelding staat de van Meppel komende locomotief NS 6502 met goederenwagons bij de halte an de Deeverbrogge. De halte an de Deeverbrogge was een belangrijke halte voor Deever en voor Dwingel, die beiden op een afstand van ruim twee kilometer van de halte waren gelegen.
Na het opheffen van de tramlijn in 1933 werd de halte an de Deeverbrogge een belangrijke overstapplaats, toen de Drentse Autobus Onderneming (D.A.B.O.) de personendienst overnam. De bussen uit Meppel en Assen ontmoetten elkaar hier, waarna de één doorreed naar Deever en de andere naar Dwingel. Bij terugkomst ontmoetten ze elkaar weer en vervolgde de bus uit Meppel zijn reis naar Assen en vervolgde de bus uit Assen zijn reis naar Meppel.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de huidige situatie ter plekke van de situatie op de zwart-wit foto gemaakt op 31 juli 2018.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Stoomtram, Topstuk, Vervoer | Leave a comment

Ansichtkoate mit de groet’n van de Deeverbrogge

Café- en logementhouder Sjoert Benthem is de uitgever en verkoper van deze in 1910 verstuurde fraaie ansichtkaart met vijf kleine afbeeldingen van objecten/onderwerpen an de Deeverbrogge. De kaart is gedrukt bij Riezebos in Ede.
Van elk van de vijf objecten/onderwerpen heeft Sjoert Benthem gelukkig ook een ‘gewone’ ansichtkaart uitgegeven en verkocht.
De redactie van ut Deevers Archief toont van drie van deze ansichtkaarten al een afbeelding en zal bij gelegenheid van de andere twee ansichtkaarten ook een afbeelding tonen.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van de Opzichterswoning an de Deeversluus.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart met de stoomboot Assen-Zwolle.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van Hôtel S. Benthem.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Café Sjoert Benthem, Café-Logement Sjoert Benthem, Deeverse sluus | Leave a comment

Un grote saandvlakte in Ellert en Brammert

Deze zwart-wit ansichtkaart van een zandvlakte in recreatiecentrum Ellert en Brammert is in 1968 uitgegeven.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Bosgesigte, Ellert en Brammert | Leave a comment

Frömmes op de fietse op de Riekseweg

Niet veel verzamelaars van ansichtkaarten uut de gemiente Deever zijn in het bezit van een exemplaar van deze fraaie zwart-wit ansichtkaart. Let vooral op de auto bij het Hotel Dieverbrug van Johan Blok. Het merk van de auto is helaas niet te onderscheiden.
Werden dit soort ansichtkaarten in oplagen van 100 of 200 of 500 exemplaren gedrukt ? Jij kunt dus maar beter wel een echt exemplaar van deze kaart in jouw verzameling hebben.
Deze ansichtkaart uit juli 1954 is gedrukt door Jos-Pé in Arnhem en werd verkocht door de Firma Kuiper, Levensmiddelenbedrijf Diever, die toen ter tijd ook een vestinkje had an de Deeverbrogge an de Riekseweg bee’j ’t schut.
Wie zou de Riekseweg overstekende vrouw op de fiets toch kunnen zijn ?
Wie het weet, die mag het natuurlijk melden aan de redactie van ut Deevers Archief.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Hotel Blok | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Proef met nagloeiende verf

De provincie Drenthe is een proef gestart met glow-in-the-dark-markeringen op het wegdek. Deze markering is aangebracht op één van de twee fietspaden tussen de Deeverbrogge en Deever langs de provinciale weg N855.

De provincie Drenthe onderzoekt of de toepassing van dit materiaal voordelen heeft boven het gebruik van de gebruikelijke markeringsstrepen. Aanleiding voor de proef is de vraag vanuit de omgeving om de zichtbaarheid van de fietspaden te verbeteren. Langs dit weggedeelte staan geen lichtmasten, omdat de provincie er naar streeft de openbare verlichting in het buitengebieden te beperken.
Omdat de fietspaden aan weerzijden van de N855 tussen Dieverbrug en Diever vanaf één richting worden bereden, hebben de paden geen middenlijn. Daardoor zijn de fietspaden in het donker niet altijd goed te zien en kunnen fietsers in de berm belanden.
De proef die nu wordt uitgevoerd, vindt plaats op een gedeelte van 650 meter van beide fietspaden tussen Dieverbrug en Diever. In de richting Diever is een reguliere strepenmarkering aangebracht. In de richting Dieverbrug zijn ronde plaatjes aangebracht die overdag licht absorberen. In het donker geven ze licht af. Het fietspad zou daardoor beter zichtbaar moeten zijn.
Via een enquête onder gebruikers van de fietspaden wil de provincie onderzoeken welk type markering het meeste effect heeft. De enquête wordt in het begin van 2015 uitgevoerd.

Bron: Provincie Drenthe, 7 november 2014

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Glow-in-the-dark-verf is nagloeiende verf, die als het donker is nog geruime tijd oplicht. Dit heeft als voordeel dat men gemakkelijk een weg kan volgen. Deze vorm van markering wordt voornamelijk toegepast in parkeergarages. Het toepassen van nagloeiende verf is in Duitsland in parkeergarages voor vluchtroutes al verplicht.
De vraag is of de genoemde plaatjes tussen pakweg een half uur na zonsondergang en pakweg een half uur voor zonsopkomst wel voldoende gelijkmatig blijven gloeien of dat ze bijna letterlijk als een nachtkaars uitgaan. En wat als het najaar of winter is, de zon de hele dag niet schijnt en het heel vroeg donker en heel laat licht is ?
Door blijven gloeien zou wel moeten, want de alcoholnuttigende jeugd op de brommer en op de fiets moet bij het zwalken over de weg bij nacht en ontij en regen en wind wel de mogelijkheid worden geboden tijdig bij te sturen. En wie heeft er tegenwoordig nog licht op zijn fiets ?
Maar zijn die ronde plaatjes nu aan beide kanten of in het midden van het fietspad aangebracht ?
In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw waren in de betonweg tussen de Deeverbrogge en Deever in het midden van de weg twee rijstroken lichtweerkaatsende ‘katteogen’ aangebracht. Die vier ‘katteogen’ (voor beide richtingen twee) zaten nooit lang in het rubberen omhulsel, omdat de ‘padjongen’ deze mooie ‘hebbedingetjes’ met hun ‘kloezie’ uit het rubber peuterden. Als de proef met de nagloeiende verf mislukt, dan zou het aanbrengen van ‘katteogen’ een keuzemogelijkheid kunnen zijn.
De redactie beseft dat in het Deevers Archief tot nu weinig aandacht is besteed aan verkeer en vervoer in de gemeente Diever. De redactie biedt haar bezoekers excuses aan voor dit ongemak. In het vervolg zal over dit onderwerp regelmatig een berichtje worden geplaatst.
Hopelijk hebben de Deeverbrogse dorpskrachten niet vergeten dit voor het knoopunt Deeverbrogge zo belangrijke onderwerp, wellicht belangrijkste onderwerp in het boek ‘An de Brogge’ uitgewerkt: snikke, baarge, stoomboot, diligence, tram, tramhalte, tramemplacement, jaegpad, löswal, zeilende vrachtschepen, gemotoriseerde vrachtschepen, turfschepen, turfschippers, snikkejaegers, logementen, hotels, restaurants, café’s, kanaal, bruggen, noodbrug, brugwachter, sluus, sluuswachter, autobus, auto
bushalte, overstapplaats, autobusgarage, DABO, DVM, benzinestation, rijksweg, provinciale weg, straatwegen, knooppunt van wegen, auto’s, vrachtwagens, vertegenwoordigers, het jaarlijkse TT-gebeuren an de Brogge (moters kiek’n), en zo verder.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Deever, Verkeer en vervoer | Leave a comment

Bouwers van de noodbrogge kriegt un gedenkplaete

De redactie van ut Deevers Archief besteedde op 5 augustus 2013, alweer in een tamelijk ver en grijs verleden, in zijn eerste versie van het bericht Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons aandacht aan het veel te lang ontbreken van een gedenkteken voor de mannen die in de nacht van 11 op 12 april 1945 an de Deeverbrogge een noodbrogge over de Voat bouwden, de noodbrogge waarover in de vroege morgen van 12 april 1945 met succes zwaar materieel van het Eerste Canadese Leger, de Royal Canadian Dragoons, kon passeren, waarna in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog en de Canadezen via de de Kop van Overijssel snel konden oprukken naar en in Friesland.

De redactie citeert het volgende stukje tekst uit zijn eigen hiervoor genoemde bericht:
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien.

De redactie was bijzonder verbaasd in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 14 februari 2020 het bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ te lezen. In dit bericht wordt verslag gedaan van het tijdverdrijf van het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever in het kader van het herdenken van het feit dat het op 12 april 2020 het vijfenzeventig jaar zal zijn geleden dat in de gemiente Deever een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog.

De redactie citeert uit het hier afgebeelde bericht ‘Historie wordt in beeld gebracht’ het volgende stukje tekst:
Op initiatief van de Historische Vereniging wordt er dit jaar ook een gedenkplaat geplaatst bij de Dieverbrug. In de nacht van 11 op 12 april 1945 werd door burgers van Dwingelo en Diever hier een noodbrug gebouwd, ter vervanging van de opgeblazen Dieverbrug. Dit gebeurde om de gevechtswagens van het Canadeze leger de mogelijkheid te bieden de Drentse Hoofdvaart over te steken om het getroffen Diever te bevrijden. ‘We willen de inspanningen die burgers uit Dwingelo en Diever hebben geleverd om een noodbrug te bouwen blijven herinneren.’, zo vult redactielid Henk ter Walle aan.

De redactie denkt dat hij in zijn hiervoor genoemde bericht uit 2017 het eerste stille voorzetje en het eerste stille aanzetje voor het plaatsen van een gedenkplaat an de Deeverbrogge heeft gegeven. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit. De redactie is bijzonder verrast dat het stelletje steeds hoogbejaarder, eigenwijzer, eenkenniger en geraniumfähiger wordende vrijwilligers van de induttende heemkundige vereniging uut Deever nu, maar wel met veel herrie, veel bombarie en veel poeha-publiciteit, opvolging geeft aan het voorzetje en aanzetje van de redactie en eindelijk uitvoering gaan geven aan het plaatsen van de door de redactie bedoelde gedenkplaat bee, op, an, onder, boo’m, veur of aachter de Deeverbrogge. En dan doaluk mit ut hiele stellegie mit de snötkoker veuran bee de gedèènkplaete bee de brogge stoan veur de foto in de kraante. Dat kan ook weer een mooi sappig persmomentje opleveren voor de politiek gesneefde ex-wethouder en nog steeds voorzitter van de induttende heemkundige vereniging uut Deever.

De redactie van ut Deevers Archief wil de wakkere bezoeker van ut Deevers Archief graag aanraden vooral ook het bericht De zeven lange sterke ijzeren balken van Oere Chris te lezen. In dat bericht beschrijft wijlen Albert Schipper uut Leggel in zijn eigen streektaal op bijzonder nuchtere wijze de bouw van de noodbrogge an de Deeverbrogge. Geen herrie, geen bombarie, geen poeha-publiciteit en bij leven geen erkenning.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadees’n, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Plaquette voor de Royal Canadian Dragoons

In de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden is een plaquette ingemetseld. De tekst op de plaquette herinnert aan 15 april 1945, de dag waarop de Royal Canadian Dragoons (het eerste Canadeze leger) Leeuwarden bevrijdde van de Duitse bezetter.
De tekst op de plaquette luidt:
Het jaartal 1883. Het wapen van de Royal Canadian Dragoons. Het jaartal 1983.
De Engelse tekst: This plaque commemorates the liberation of Leeuwarden on 15 april 1945 by the Royal Canadian Dragoons. It was placed here during the centennial of the Regiment.
De versnelde bevrijding van Friesland was mogelijk geworden, omdat mannen uit de omgeving van de Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadeze leger een sterke noodbrug bouwden ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentse Hoofdvaart.
Van wijlen de schrijver Reinder Smit uut Dwingel is het volgende korte citaat:
Het schijnt, dat de Canadeze bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadeze verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.
Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld, de heemkundige vereniging van Deever en die van Dwingel, de oorlogsdeskundige van de heemkundige vereniging uut Deever en de plaatstelijke Dorpskrachten, die bezig zijn met de samenstelling van een boek over de geschiedenis van de Deeverbrogge, toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de succesvolle bouw van de tijdelijke noodbrug, de daarover oprukkende Canadeze bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen vandien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadeze bevrijders. Zo ook de plaquette in de voorgevel van het Stadskantoor van Leeuwarden, zoals te zien op bijgaande foto.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De eerste versie van dit bericht is gepubliceerd op 5 augustus 2013.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadees’n, Dorpskracht, Gemiente Deever, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Sukersakkies van een kantine van Ellert en Brammert

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in januari van het jaar 1968 uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207.
In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw lag het bondsvacantiecentrum later recreatiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge bij het huis met de naam de Wildschut aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de voart tussen Meppel en Assen. Het was in de zomer een druk bezocht vacantiecentrum.
In de zoveelste versie van de recreatiezaal in het hoofdgebouw– zeg maar de kantine – van het vacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge kon men natuurlijk ook koffie en thee drinken. In de kampwinkel naast de kantine van het vacantiecentrum waren – gelet op het reclamebord – ook zakjes Smtih’s Chips te verkrijgen.
De kantine had net zoals zoveel andere kantines, lunchrooms, hotels, restaurants en cafés ‘eigen’ sukersakkies. Twee van die sukersakkies zijn aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief en zijn hier voor de trouwe bezoeker van het Deevers Archief afgebeeld.
De maker van de tekening op de sukersakkies heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar deze min of meer overgetekend van de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart (?). De lange mast met de televisieantenne heeft de overtekenaar op zijn tekening weggelaten. Wellicht bestaat van het sukersakkie ook een blauwe of een gele of een andere uitvoering. Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.
Wie heeft andere sukersakkies van Ellert en Brammert en is bereid daarvan een goede scan naar de redactie te sturen voor publicatie in het Deevers Archief ?
Zie ook een ander bericht in het Deevers Archief.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Ellert en Brammert, Recreatie, Sukersakkie, Tiekening, Toeristenindustrie | Leave a comment

Sukersakkies van een kantine van Ellert en Brammert

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in februari van het jaar 1959 uitgegeven door vacantiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug, telefoon 05219-207.
In de vijftiger jaren van de vorige eeuw lag het bondsvacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge bij het huis met de naam de Wildschut aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de voart tussen Meppel en Assen. Het was in de zomer een druk bezocht vacantiecentrum.
In de zoveelste versie van de recreatiezaal – zeg maar de kantine – van het bondsvacantiecentrum Ellert en Brammert an de Deeverbrogge kon men natuurlijk ook koffie en thee drinken.
De kantine had net zoals zoveel andere kantines, lunchrooms, hotels, restaurants en cafés ‘eigen’ sukersakkies. Twee van die sukersakkies zijn aanwezig in de verzameling van het Deevers Archief en zijn hier voor de trouwe bezoeker van het Deevers Archief afgebeeld.
De maker van de tekening op de sukersakkies heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar deze min of meer overgetekend van de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart. Wellicht bestaat van het sukersakkie ook een blauwe of een gele of een andere uitvoering. Wie het weet, die mag het natuurlijk zeggen.
Wie heeft andere sukersakkies van Ellert en Brammert en is bereid daarvan een goede scan naar de redactie te sturen voor publicatie in het Deevers Archief ?
Zie ook een andere bericht in het Deevers Archief

abracadabra-569abracadabra-570
abracadabra-568

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Ellert en Brammert, Sukersakkie, Tiekening, Toeristenindustrie | Leave a comment

Waterverfschilderij ‘Bee de löswal an de Brogge’

In het onvolprezen boekje An de Brogge met zwart-wit afbeeldingen (het boekje bevat dus erg helaas geen afbeeldingen in kleur), dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarige bestaan, hebben de samenstellers op bladzijde 216 ook bijgaande door ondernemer Sjoert Benthem in 1905 uitgegeven ansichtkaart opgenomen.
Echter in het boekje is van de ansichtkaart helaas het rechter gedeelte naast de snikke niet opgenomen en dat gedeelte laat juist zo mooi en beeldend de olde dreejbrogge met op de achtergrond een zeilend vrachtschip zien.
Op de ansichtkaart is aan de linkerkant een opslagloods (van hout ?) te zien, met direct rechts daarvan het kruidenierswinkeltje van Olde Oalida.
Het witgekalkte oude gebouw achter de leilinden is het café-logement van Sjoert Benthem en Griet Merk. De grafstenen van beide personen zijn nog steeds te vinden op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
In de vaart ligt voor de löswal een bezeild vrachtschip en een snikke (de snikke van Sjoert Benthem en Hendrik Warries ?).
De schilderskring Diever houdt de laatste jaren elk jaar een door haar zo genoemde zomerexpositie in het kerkgebouw aan de brink van Deever, waarbij werkstukken van de leden worden getoond.
Op de door de redactie van ut Deevers Archief op vrijdag 7 augustus 2015 in genoemde kerkgebouw gemaakte kleurenfoto is het fraaie waterverfschilderij ‘Aan de Dieverbrug’ (an de Deeverbrogge) van Ernest Mols te zien.
Het mag de bezoeker van ut Deevers Archief duidelijk zijn dat de zwart-wit-ansichtkaart uit 1905 als kleur-inspirerend voorbeeld voor het fraaie waterverfschilderij van kunstenaar Ernest Mols heeft gediend. De kunstenaar haalt zijn inspiratie graag uit oude ansichtkaarten.
Gelukkig heeft de schilder niet de afbeelding op bladzijde 216 van het boekje An de Brogge als voorbeeld gebruikt.
De redactie van ut Deevers Archief kon het schilderij door de spiegeling van het glas in de omlijsting van het schilderij helaas in het kerkgebouw niet goed fotograferen.
Op 9 april 2020 kreeg de redactie toestemming van de heer Ernest Mols een afbeelding van zijn waterverfschilderij aan dit bericht toe voegen. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Hij was zo vriendelijk een goede afbeelding van dit schilderij voor publicatie in ut Deevers Archief ter beschikking te stellen. Zie de bijgaande afbeelding.
Bezoekers van ut Deevers Archief kunnen met hem in contact treden via zijn telefoonnummer 0521-592005 of via de webstee van Kunstrondje Diever of via de Schilderskring Diever. Hij is bezig met de ontwikkeling van een eigen webstee.

Abracadabra-437

Abracadabra-438

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Café-Logement Sjoert Benthem, Kuunst, Scheepvaart, Skildereeje, Topstuk | Leave a comment

Un ienvoldig gedèènktiek’n bee de Deeverbrogge

In de nacht van 11 op 12 april 1944 bouwden mannen uit de omgeving met vereende krachten en met succes voor de tanks van het oprukkende Canadese leger een noodbrug ter plaatse van de door de Duitsers opgeblazen Deeverbrogge over de Drentsche Hoofdvaart.

Van wijlen de schrijver Reinder Smit uit Dwingelo is het volgende citaat:
Het schijnt, dat de Canadese bevelvoerder na deze voorspoedige vorming van het bruggehoofd Dieverbrug het krijgsplan gewijzigd heeft en meteen Friesland en de Kop van Overijssel heeft meegenomen. Dezelfde morgen omstreeks elf uur stonden de Canadese verkenners voor Steenwijk en nog dezelfde dag werd Wolvega bereikt. Is het teveel gezegd dat de Friezen, die er op enkele plaatsen na (onder andere Pingjum) bijna zonder kleerscheuren zijn afgekomen, dit mede te danken hebben aan de man(nen) van Rijkswaterstaat en hun Drentse medewerkers.

In de gemiente Deever herinnert alleen het esdoornblad (maple leaf, het nationale symbool van Canada) in het na de Tweede Wereldoorlog door burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) cum suis bij elkaar gefantaseerde wapen van de niet meer bestaande gemiente Deever aan de Canadese bevrijders, een wel erg magere herinnering. De gemiente Deever heeft dit wapen bij het opgaan van de gemiente Deever in de gemeente Westenveld (officieel of officieus ?) in eigendom overgedragen aan de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever. Daarmee bestaat geen officiële band meer tussen het plaatselijke bestuur en de Canadese bevrijders.

In de gemiente Deever staat een gedenksteen bij het onderduikershol, is een omgekomen Canadese vliegtuigbemanning op het kerkhof van Diever begraven, zijn de tien op 10 april 1945 vermoorde mensen op het kerkhof van Diever begraven, staat een herinneringsteken in de Olde Willem op de plek waar een Canadese bommenwerper is neergestort, staat een herinneringsteken bij de als kamp voor de doorvoer van joden gebruikte rijkswerkkampen Diever A en Diever B, en staat een herinneringsteken op het marktterrein voor de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen mensen in de gemiente DeeverDeever toont veel respect voor de tragische gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog.

Het moet in samenwerking tussen de gemeente Westenveld en de plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever en die van Dwingel toch voor een paar centen mogelijk zijn om bij, op, aan, onder of boven de Deeverbrogge een eenvoudige teken (bij voorkeur geen teken aan een zwerfkei) aan te brengen ter herinnering aan de bouwers van de noodbrug, de over de noodbrug oprukkende Canadese bevrijders en de daardoor versnelde bevrijding van de gemiente Deever, de kop van Overijssel en Friesland met alle goede gevolgen van dien. Op verschillende plekken in Friesland zijn wel platen te vinden, die respectvol herinneren aan de Canadese bevrijders.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de eerste versie van dit bericht gepubliceerd op 1 november 2016.
Commies der Belastingen Wopke Veenstra maakte deze unieke foto op 12 april 1945. De foto is afkomstig uit de verzameling van mevrouw Lonnie Zoer-Veenstra uut Dwingel. Op de foto is an de Deeverbrogge an de Deeverse kaante een Canadese gevechtswagen te zien. Deze pantserwagen van het type Britse Universal Carrier, beter bekend onder de naam Bren Gun Carrier, had een kaliber 0.303 Brengun als bewapening. Dit wapen is op de afbeelding goed te zien.
De man met geweer links op de voorgrond is brandstoffenhandelaar Jan Oostenbrink, wonende an de Deeverbrogge an de Dwingeler kaante. Het meisje met pop is Alone (Lonnie) Veenstra, dochter van Wopke Veenstra en Lia van Delden.
Het huis met de gesloten luiken links op de achtergrond is vanwege een latere reconstructie van het kruispunt an de Deeverbrogge afgebroken.
Juffrouw Rigtje van der Land van de Openbare Lagere School in Deever (hiel veule Deeversen hept bee heur in de klasse seet’n ?) en haar ouders (haar vader overleed in 1944 en haar moeder in 1950, beiden zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever) woonden in de oorlog in het huis (adres Rijksweg 34), dat rechts naast het huis met de gesloten luiken is te zien. Zij en haar moeder hebben niets gemerkt van de bouw van de noodbrug bij de opgeblazen Deeverbrogge. Dit gebeurde immers ’s nachts. Het bleek dat ze bevrijd waren, toen ze ’s morgens ontwaakten. De eerste Canadese tank, die over de noodbrug kwam, hebben ze in het geheel niet gezien.

Posted in An de Deeverbrogge, Canadees’n, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Sukersakkie van hotel Blok an de Deeverbrogge

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw lag hotel-café-restaurant Johan Blok an de Deeverbrogge aan de doorgaande drukke Riekseweg langs de Drentse Hoofdvaart. De autosnelweg A28 van Meppel via Hoogeveen en Beilen naar Assen bestond nog niet. Het was toen een druk beklant hotel-restaurant-café.
Het hotel-restaurant-café had net zoals zoveel andere hotels, restaurants en cafés, enzovoort ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies – aanwezig in de verzameling van ut Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar min of meer (meer min dan meer) overgetekend van een mooie zwart-wit ansichtkaart, die Johan Blok in juni 1956 heeft uitgegeven.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Hotel Blok, Sukersakkie | Leave a comment

Vukaansiecentrum Ellert en Brammert an de Brogge

Deze ansichtkaart werd in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw verkocht in vakantiecentrum Ellert en Brammert. Het kantoor van het vakantiecentrum is op de achtergrond van de ansichkaart te zien. Het gebouw aan de rechterkant is de kantine.
De ingang naar het vakantiecentrum was bij het huis met de naam ‘de Wildschut’ aan de rijksweg langs de Drentse Hoofdvaart tussen de Deeverbrogge en de Gowe.
Heel veel ansichtkaarten uut de gemiente Deever hebben het vakantiecentrum Ellert en Brammert als onderwerp. Deze zeker meer dan tachtig verschillende ansichtkaarten zijn niet zo zeldzaam, maar de grote kunst is wel van al die ansichtkaarten een mooi en gaaf gelopen en en een mooi en gaaf ongelopen exemplaar van de oudste uitgave in de verzameling te krijgen. Ech wè.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie | Leave a comment

Ansichtkoate van ut speulturrein in Ellert en Brammert

Van recreatiecentrum Ellert en Brammert is een groot aantal ansichtkaarten bekend. De redactie van ut Deevers Archief houdt een catalogus van alle bekende ansichtkoat’n uut de gemiente Deever bij. De redactie heeft in deze catalogus ook meer dan zeventig ansichtkaarten van het recreatiecentrum Ellert en Brammert geregistreerd.
Dit goedkope betaalbare recreatiecentrum lag an de Riekseweg tussen de Deeverbrogge en de Gowe met de ingang bij het huis met de naam de Wildschut. Na de sloop van de bebouwing is op het terrein het dure vakantiepark Landgoed ’t Wildryck gebouwd.
Van het klassiek ingerichte speelterrein in het recreatiecentrum Ellert en Brammert is ook een aantal ansichtkaarten bekend, onder meer de hier afgebeelde. Wellicht is het de mooiste en de oudste zwart-wit ansichtkaart van dit recreatiecentrum.
Jij kan deze zeldzame kaart toch maar beter wel in een mooi opbergmapje van zuurvrij plastic in een mooie viergats ordner in jouw eigen vursaemeling van ansichtkoat’n uut de gemiente Deever hebben; ech wè !
Op de afbeelding zijn te zien een paar tolters (schommels), wat zitplanken, een verhard volleybalveldje, een lange loopplank, een wupwap (wipwap), een draaidingetje en saand, veul saand, heel veul saand. Wat willen kinderen nou nog meer !?
Deze ansichtkaart is in 1956 uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Bedrief, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie, Verdwenen object | Leave a comment

Deeverbrogge – Uit de diligence en op de boerenkar

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 24 juli 1852 verscheen het volgende grappige korte bericht over twee diligences die in de buurt van de Deeverbrogge met de assen tegen elkaar reden.

In den nacht van woensdag op donderdag jongstleden zijn de diligence van Burgers, die van Meppel kwam, en die van Visscher en Kiesbrink, die van Assen kwam, tusschen deze plaats en Dieverbrug met de assen tegen elkander gereden, zoodat de eerstgenoemde is beschadigd, en de reiziger, welke zich daarin bevond en welke toevallig de heer Visscher was, de reis in een boerenwagen moest vervolgen; de andere diligence heeft geen letsel bekomen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 zijn 20-jarige bestaan ‘opgeluisterd’ met de uitgave van het jubileumboek ‘An de Brogge’.
In het boek zijn volgens zeggen de resultaten van een zoektocht naar de rijke historie van de Deeverbrogge gepubliceerd.
In het boek zijn volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– kampeer- en bungalowterrein Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialen Concordia,
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Zowaar een zeer indrukwekkende en hopelijk niet-eindige lijst van onderwerpen.
De Deeverbrogge lag vanouds op het kruispunt van twee belangrijke routes. In het boek aandacht besteden aan de scheepvaart en de tramlijn is natuurlijk prima, maar ook aan het rijdende verkeer over de weg had gepaste aandacht mogen worden besteed.
In het midden van de negentiende eeuw was de diligence, een door paarden getrokken reiswagen of postwagen, een veel gebruikt vervoermiddel. Blijkbaar waren in die tijd twee concessiehouders actief op de route langs de Drentsche Hoofdvaart van Meppel naar Assen. En als een diligence het begaf, dan wachtte je als eigenaar van een diligence (Visscher) niet op de diligence van de concurrent, maar dan vervolgde je de reis op een boerenwagen.
De redactie van het Deevers Archief gaf destijds de samenstellers van het genoemde jubileumboek in overweging het hiervoor vermelde krantebericht als annekkedote op te nemen in het boek. Of dit grappige berichtje daadwerkelijk in het boek is opgenomen, dat is bij de redactie niet bekend.

Posted in An de Deeverbrogge, Openbaar vervoer | Leave a comment

De nieuwe gevangenis an de Deeverbrogge in 1852

In de Grunniger Kraante van 19 november 1852 verscheen het navolgende zeer korte berichtje over het nieuwe huis van bewaring an de Deeverbrogge.

Tot leden van het collegie van toezigt over het nieuw gesticht huis van bewaring te Dieverbrug, zijn  door den heer commissaris des Konings in  deze provincie benoemd: de heeren S. van Roijen, burgemeester van Diever en Vledder; mr. G. W. van der Feltz jr., burgemeester van Dwingelo, en mr. W.O. Servatius, advokaat en notaris ter laatstgenoemde plaats, terwijl tot cipier is aangesteld Jan Stoker, gewezen geregtsdienaar te Assen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeleukt met een jubileumboek, waarin volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde zijn gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– recreatiecentrum Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialenhandel Concordia;
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en  filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Voorwaar een hele kloeke uitdagende lijst, waar de dorpskrachten van de Deeverbrogge hun (kunst)tanden in stuk zullen hebben gebeten.

Het arrestantenlokaal stond bij het posthuis van kastelein Wind, later het logement van De Vroome, an de Deeverbrogge.
Mr. Stephanus van Roijen (geboren op 3 september 1798 in Vledder, overleden op 28 februari 1883 in Middelstum) was van 1848 tot 1872 burgemeester in de gemiente Deever. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Gustaaf Willem van der Feltz (geboren op 21 juni 1817 in Groningen, overleden op 4 juli 1863 in Dwingel) was van 1852 tot 1855 burgemeester van de gemiente Dwingel. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Wicher Onko Servatius (geboren op 26 juli 1822 in Zuidlaren, overleden op 2 februari 1892 in Assen) was in de periode 1851-1883 advocaat en notaris in Dwingel.
De cipier Jan Stoker werd geboren op 4 juli 1797 in Assen en overleed op 6 november 1854 an de Deevebrogge.
De redactie weet niet of de twee hier vermelde berichten zijn verwerkt in het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever.


Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht | Leave a comment

Ut hulp-postkantoor an de Deeverbrogge

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 8 maart 1864 het volgende korte bericht over het hulppostkantoor an de Deeverbrogge.

Diever, 6 maart.  Volgens opgave van den brievengaarder van het hulp-postkantoor te Dieverbrug, zijn in het verloopen jaar de navolgende particuliere brieven ontvangen, als: 6408 van Meppel, 4245 van Assen, 605 van Groningen, 139 van Havelte, 968 van Smilde en 336 uit de bus, total 12701 en verzonden: naar Meppel 5695, Assen 4686, Havelte 157 en Smilde 1124, totaal 11662, zoodat het getal verzonden en ontvangen brieven bedraagt 24363.
Wanneer men nu aanneemt, dat van iedere brief 5 cent port wordt betaald, dan hebben deze brieven eene waarde opgebragt van f. 1218,15.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het is wellicht van enig belang te weten dat an de Deeverbrogge ooit een hulppostkantoor heeft gestaan.
Of het kantoor in 1864 op de plek stond waar het hulppostkantoor in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw stond (met hulppostkantoorhouder Jan Doorten), dat is bij de redactie van ut Deevers Archief nog niet bekend.
In het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever zullen ongetwijfeld beelden en woorden zijn besteed aan de postale, telefonische en telegrafische activiteiten an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Postkantoor | Leave a comment

Hotel Blok an de Deeverbrogge verbraand

In het krant De Sumatra Post (!) verscheen op 29 april 1932 een foto van het verbrande hotel-restaurant-café van Johan Blok an de Deeverbrugge. Bij de foto stond het volgende onderschrift.

Het uit de achttiende eeuw daterende dorpshotel te Dieverbrug (Drente), waarin tevens het plaatselijke kantoor van de Nederlandsche Tramwegmaatschappij gevestigd was, is door een fellen brand geteisterd. Het gebouw, dat vroeger als posthuis werd gebruikt, brandde tot den grond toe af. De schade bedraagt ongeveer achtduizend gulden.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Verdwenen object | Leave a comment

Symbionische Zuil op de rotonde an de Deeverbrogge

In de krant Aanpakken verscheen op 7 juni 1995 het volgende hierna afgebeelde korte bericht over het project ‘Kunstrotondes Drenthe’.

Kunstobject op plein Zorgvlied
Zorgvlied. Op het Dorpsplein in Zorgvlied komt in het najaar een kunstobject te staan. Dat gebeurt in het kader van het project ‘Kunstrotondes Drenthe’, waar de gemeente Diever aan deelneemt. Op een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vier meter en een hoogte van een halve meter wordt vier keer per jaar een ander beeld geplaatst. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montage kruis. Het project loop vijf jaar. Na die tijd krijgt één van de beelden een permanent plekje in Zorgvlied.
Over de beelden en de kunstenaars die ze gaan maken is nog weinig bekend. Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘horizon Drenthe’. Horizon omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft horizon de kunstenaar de mogelijkheid om haar of zijn blik op Drenthe in eigen stijl via een kunstwerk gestalte te geven.
De kunstwerken moeten eigenlijk bij rotondes staan, maar die heeft de gemeente Diever niet binnen haar grenzen. Burgemeester en wethouders zijn van mening dat het objekt het beste op het plein in Zorgvlied geplaatst kan worden. Andere lokaties aan de Kruisstraat en de Achterstraat in Diever vielen wegens ruimtegebrek af.
In Zorgvlied is die ruimte wel en er vertoeven de meeste toeristen in deze gemeente. In 1989 is in het hart van Zorgvlied een fraai multi-functioneel dorpsplein met zitbanken aangelegd. Op het plein worden diverse activiteiten georganiseerd. Plaatselijk Belang Zorgvlied, Wateren, Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar het benodigde geld ontbrak. De deelnemende gemeenten aan het kunstrotondeproject betalen elk f. 10.000. Ook de gemeente Vledder doet aan het project mee.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 19 januari 1996 verscheen het hierna afgebeelde bericht ‘Kunstrotonde Drenthe’ krijgt vorm. De redactie heeft dit bericht niet overgetikt.
De redactie verwijst voor de volledigheid ook naar het bericht De Symbionische Zuil past beter in het Ekingerzand.
In het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ was het de bedoeling in de deelnemende gemeenten een kunstwerk op een rotonde te plaatsen. In enige deelnemende gemeenten was echter geen rotonde te bekennen, zodat in dat geval voor het kunstwerk een andere tijdelijke standplaats dan een rotonde werd aangewezen. In de deelnemende gemiente Deever was in 1996 nog net geen rotonde an de Deeverbrogge gebouwd en werd de koloniebrink op Zorgvlied als tijdelijke standplaats van het door de gemiente Deever gekozen kunstwerk aangewezen.
Het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ heeft vijf jaren geduurd en om de drie maanden moet op de sokkel op de koloniebrink op Zorgvlied een ander kunstwerk hebben gestaan. De redactie heeft dit destijds niet zelf kunnen vaststellen, en is daarom op zoek naar een foto van elk van die op de koloniebrink geplaatste kunstwerken.

De tijd is ondertussen voor de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten In De Gemeente Westenveld zo zoetjes aan wel aangebroken om het roesterige kunstwerk met de ronkende naam ‘Symbionische Zuil’ van de koloniebrink op Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotondebrink an de Deeverbrogge, de eerste en gelukkig enige rotonde in de gemiente Deever.
Immers de rotondebrink an de Deeverbrogge is niet zo lang ná de beëindiging van het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ en al vóór de milenniumwisseling aangelegd, dus het roesterige kunstwerk met de naam ‘Symbionische Zuil’ had al twintig jaren op de rotondebrink an de Deeverbrogge kunnen staan en in die periode hadden vele honderdduizenden passeerders het kunstwerk gezien kunnen hebben.
Teneinde De Hoge Heren En De Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten Van De Gemeente Westelveld in enige mate te faciliteren en een beetje gemakkelijk te maken bij de gedachtenvorming heeft de redactie een zo genoemde ’two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink an de Deeverbrogge met daarop het grote brok roesterige ijzer met de naam ‘Symbionische Zuil’ gemaakt. Zie de afbeeldingen van de rotondebrink van vóór en ná de virtuele plaatsing van het roesterige stuk buispaal met de naam ‘Symbionische Zuil’ op de rotondebrink.        
De reactie heeft de kleurenfoto van de rotondebrink met de richtingaanwijzers an de Deeverbrogge gemaakt op 25 april 2018.
De redactie heeft de zo genoemde ’two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink met het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ gemaakt op 11 december 2019. De paal voor het bevestigen van de richtingaanwijzers kan zonder probleem in het centrum van de holle buis van het kunstwerk worden herplaatst, dat doet geen afbreuk aan de symbionische waarde en de hyperbionische beleving van het kunstwerk.
De redactie heeft de kleurenfoto van het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ op de koloniebrink van Zorgvlied gemaakt op 21 november 2014.


Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvliet | Leave a comment

Kuunstwaark op de rotonde an de Deeverbrogge

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (papier scannen en daarna weggooien) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever in één van de dossiertjes inzake kunstwerken in de gemiente Deever bijgaand berichtje uit de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 2 juni 1995.

In kader project Kunstrotondes Drenthe
Kunstwerk voor Zorgvlied
Zorgvlied – Het kunstwerk dat de gemeente Diever in het kader van het project Kunstrotondes Drenthe gaat plaatsen, komt op het dorpsplein in Zorgvlied. In de vergadering van de gemeenteraad van 24 november werd daar positief over beslist, ofschoon de raad aardig verdeeld was. De gemeente Diever heeft geen rotonde binnen de grenzen, maar het college vindt wel dat er plaats is voor een kunstwerk.
Voordat voor Zorgvlied gekozen werd, passeerde een aantal mogelijkheden de revue, zoals de Kruisstraat en de Achterstraat. Het dorpsplein in Zorgvlied werd echter vrij vlot als meest voor de hand liggende locatie gezien. Daar is de ruimte, want de plaats die door de gemeente wordt aangewezen wordt voorzien van een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vierhonderd centimeter en een hoogte van vijftig centimeter. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montagekruis. In Diever is in genoemde straten geen ruimte voor een dergelijk omvangrijk gevaarte.
Het college wijst er op dat in Zorgvlied de meeste toeristen van de gemeente verblijven. ‘In 1989 is in het hart van Zorgvlied een multifunctioneel dorpsplein aangelegd. Op dit plein worden diverse activiteiten georganiseerd, terwijl zitbanken voor de nodige rustpunten zorgen. Plaatselijk Belang Zorgvlied/Wateren/Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar in verband met de investering is de aankoop op de lange baan geschoven’, aldus B en W.
Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘Horizon Drenthe’. ‘Horizon’, omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft ‘horizon’ de kunstenaar de mogelijkheid om zijn of haar blik op Drenthe in een eigen stijl middels een kunstwerk gestalte te geven.
Met Plaatselijk belang wordt op korte termijn overlegd omtrent de locatie op het dorpsplein.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het gooi maar in pet gehalte van dit bericht is tamelijk hoog: horizon Drenthe, een achter de horizon verdwijnend lint van zeer herkenbare sokkels, kunstzinnige horizon. Bla, bla, bla, bla.
Al langere tijd is in de gemiente Deever een rotonde aanwezig, namelijk de rotonde an de Deeverbrogge, maar de Hoge En Mindere Hoge Dametjes en Heertjes Van Het Grote Weervast Stalen Gelijk In Het Gemeentehuis Aan De Raadhuislaan Van De Gemeente Westenveld zijn helaas nog steeds niet in staat geweest het kunstig gemaakte stalen voorwerp op de koloniebrink van Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotonde an de Deeverbrogge. Die tijd is nu toch echt wel aangebroken. Maar wellicht is die verhuizing ontsnapt aan de aandacht van de Hoofdbeleidsmedewerker Voor De Schone Kunsten Van De Voorkant Van Het Gelijk In Het Gemeentehuis Aan De Raadhuislaan Van De Gemeente Westenveld. Maar wellicht is het zoals gewoonlijk een gevalletje van ambtelijke en politieke onwil.
Het is in verleden al een keer voorgekomen dat een groot object van Zorgvliet hen de Deeverbrogge is verhuist, namelijk de monumentale Villa Laanzicht.

Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvliet | Leave a comment

Tuunvusiering op un heede an de Deeverbrogge

De redactie van ut Deevers Archief heeft de hier getoonde kleurenfoto op 26 april 2018 gemaakt bij de winkel met de naam Diverse Pluimage die is gevestigd in un boerdereeje an de Deeverbrogge.
Op de heede langs het fietspad is veelkleurige tuindecoratie te zien. Disse tuunvursiering die in un heede of in de grond kan worden gestoken, trekt bij elke voorbijgang toch steeds weer een beetje de aandacht.
De redactie vond het wel een aardige gedachte deze gekleurde dingen (de redactie is niet bekend met de juiste naam van deze gekleurde dingen) een tijdje te tonen als kopafbeelding van ut Deevers Archief.
De redactie heeft deze kopafbeelding gepubliceerd op 4 oktober 2019.
Voor personen die het Deevers echt willen gaan beheersen, zoals kiender van Deeversen die het Deevers neet meer van heur Deevers proat’nde vae en mow hept eleerd, of Drentenierders (import) die druk en ernstig bezig zijn met een indeeveringscursus Deevers voor Drentenierders, volgt hier de vertaling van de titel van dit bericht: Tuindecoratie op een heg an de Deeverbrogge. Het gaat in deze titel natuurlijk om het schitterende, maar helaas in onbruik geraakte Deeverse woord heede. Het woord tuunvursiering is natuurlijk een vudeeverdisoasie van het woord tuindecoratie.

Posted in An de Deeverbrogge, Deevers, Kopplètie | Leave a comment

IJsvermaak an de Deeverbrogge

Op 28 december 1917 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden het navolgende bericht.

Diever, 25 december – Te Dieverbrug heeft het ijsvermaak Zondagavond een schandelijk verloop gehad. ’s Avonds ontstond in de herberg van de weduwe Benthem ruzie, zoodat de politie genoodzaakt was reeds vroeg deze plaats van samenkomst te sluiten, waarop een paar glasruiten werden verbrijzeld. Later in den avond werd er buiten gevochten, waarbij een in de nabijheid wonend jongmensch een schot in ’t hoofd ontving, dat hem waarschijnlijk een oog zal kosten. Op raad van dr. Houwert heeft de gewonde zich direct naar Groningen begeven om zich daar onder behandeling te stellen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Aardig is te lezen dat in december 1917 an de Deeverbrogge wel op de Drentsche Hoofdvaart kon worden geschaatst, blijkbaar waren de winters in die tijd veel strenger. Met de herberg van de weduwe Benthem wordt het café van Grietje Merk, de weduwe van Sjoert Benthem an de Deeverbrogge bedoeld. Café-logementhouder Sjoert Benthem overleed op 50-jarige leeftijd op 20 maart 1915 an de Deeverbrogge. Zijn vrouw Grietje Merk zette het café tot aan haar overlijden op 30 november 1932 voort, daarbij geholpen door haar dochter Jantje.
Ook in die tijd kon het binnen en buiten uitgaansgelegenheden ruig toegaan.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement Sjoert Benthem | Leave a comment

Un holt’n dekskiptjalkie bee de Deeverse sluus

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 11 een zwart-wit ansichtkaart van de Deeverse sluus opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1906 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer aandacht besteed aan de totstandkoming van de nieuwe Deeverse schutsluis in 1878-1879. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

11 – Dieverbrug – Dieverder schutsluis – 1906
In 1878 was voor het eerst geld gereserveerd op de begroting van het Departement van Waterstaat, Handel en Nijverheid voor de bouw van een stenen sluis ter vervanging van de houten Dieverschutsluis op de Drentsche Hoofdvaart. De nieuwe schutsluis
kwam ongeveer tweehonderd meter ten zuidwesten van de oude sluis te liggen en kwam daardoor in zijn geheel in de gemeente Dwingeloo te liggen.
Na aankoop van de benodigde gronden in het voorjaar van 1878 vond op 27 december 1878 de aanbesteding plaats. Alle inschrijvers zaten echter ver boven de raming, zodat op 31 januari 1879 een herbesteding plaats vond. Het werk werd toen voor 91700 gulden gegund aan Peter Rijnders, aannemer te Valkenswaard.
Het werk bestond uit het maken van een stenen schutsluis, het maken van een afsnijding in de bocht beneden de houten sluis, het gedeeltelijk dempen, verbreden en verdiepen van het bestaande kanaal voor een stroomkanaal en een loswal, het bouwen van een stenen duiker, het bouwen van een ijzeren brug over het stroomkanaal, het bouwen van een sluiswachterswoning, het
opruimen van de houten schutsluis en het maken van een beschoeiing langs de loswal.
Voor het opruimen van de oude sluis en het afdammen van het te verlaten gedeelte moest de vaart een korte periode worden afgesloten. Op 6 oktober 1879 kon de Commissaris des Konings aan de Minister van Verkeer, Handel en Nijverheid melden dat op 4 oktober voor het eerst door de nieuwe sluis was geschut.
Op de foto boomt een schipper zijn houten dekschiptjalkje uit de stenen sluis in de richting van de Dieverbrug. De woning van de schippersfamilie bevindt zich onder het niet verhoogde achterdek.
Recht achter het schip is links de sluiswachterswoning en rechts de woning van de opzichter van de Rijkswaterstaat te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de dag dat de foto in 1906 werd gemaakt, waaide het -aan het wateroppervlak te zien- blijkbaar te weinig om te zeilen van het schip te kunnen hijsen.
De in de tekst genoemde Commissaris van koning Willem III was de heer Van Kuijk.

Het dekschiptjalkje of de dektjalk is geen echt scheepstype, maar een tjalk zonder roef
De redactie heeft de kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt. Het was die ochtend omstreeks 9.00 uur bij de opkomende zon nagenoeg windstil. De op de kleurenfoto zichtbare wit geverfde ruime erker was in 1906 nog niet aan de opzichterswoning gebouwd.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart met de titel ‘Gezicht op de Sluis’ ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 40 van het in september 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

abracadabra-547
abracadabra-548

Posted in An de Deeverbrogge, Deeverse sluus, Diever, ie bint 't wel ..., Scheepvaart, Verkeer en vervoer | Leave a comment

Boerenprotest tegen opheffen tramlijn

In de krant Het Vaderland (Staat- en Letterkundig Nieuwsblad) van maandag 6 juli 1931 verscheen het volgende bericht over protesten tegen een mogelijke opheffing van de tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart van Meppel naar Hijkersmilde.

De tramlijn Meppel – Smilde
De besturen van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Handelsvereeniging te Dwingelo, de coöperatieve Zuivelfabriek en Graanmalerij Eemster en Leggelo te Eemster, gemeente Dwingelo, de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Diever, te Diever, de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Ons Belang te Wapse, gemeente Diever, en de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Graanmalerij Nooit Gedacht te Hoogersmilde, pleiten in een adres aan den minister van Waterstaat voor het behoud van de tramlijn Meppel-Smilde. De opheffing van deze tramlijn zou volgens hen een groote ramp betekenen voor den geheelen Zuidwesthoek van Drente, als zijnde het eenige middel voor geregeld snelvervoer, niet alleen voor personen, maar ook voor goederen, die de streek voor haar ontwikkeling noodig heeft en dient af te voeren.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Het bestuur en de directie van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Diever aan het Katteneinde in Deever en het bestuur en directie van de coöperatieve Stoomzuivelfabriek en Korenmalerij Ons Belang te Wapse laten met het behoudende adres aan de minister van Waterstaat zien veel te weinig oog te hebben voor de toen al duidelijke zichtbare ontwikkeling van het vervoer van goederen in vrachtauto’s, waarmee de stoomtram tussen Meppel en de Smilde in toenemende mate moest wedijveren, wat uiteindelijk leidde tot het opheffen van de tramlijn in 1933-1934.
De twee boerenondernemingen zullen bevreesd zijn geweest voor verstoring van onder meer de aanvoer van veevoer en kunstmest vanuit Meppel of de Smilde, de afvoer van zuivelproducten van de twee fabrieken naar de afnemers. Of waen ze bevreesd voor hogere kosten van het transport van goederen per vrachtauto ? Of zagen de twee boerenondernemingen op tegen het investeren van geld in eigen vrachtauto’s ? Maar hoe was het vervoer van de goederen naar en van de twee fabrieken naar de tramhalte an de Deeverbrogge geregeld ? Met paard en wagen ?
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeluisterd met het onvolprezen jubileumboek ‘An de Brogge’, waarin onderwerpen aan de orde komen, zoals scheepvaart, kalkovens, kampeercentrum Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid aan de löswal, hotel Blok, bouwmaterialenhandel Concordia, het postkantoor, de steenfabriek, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden. Ook is enige aandacht besteed aan de tramlijn Meppel-Hijkersmilde.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht, Gemiente Deever, Stoomtram, Süvelfubriek Deever, Süvelfubriek Wapse | Leave a comment

An de Deeverbrogge – Restanten van de kalkovens

An de Deeverbrogge zijn langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe restanten aanwezig van een kalkovencomplex, gesticht in 1925 als schelpkalkbranderij en in dat jaar omvattende twee schelpkalkovens en een leschhuis. Leter is het complex uitgebreid met een elektrische transporteur, een derde oven en een schelpenbreker. De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De restanten liggen in de buurt van Drentse Hoofdvaart, die van belang was voor de aanvoer van de grondstof schelpen, de brandstof turf en de afvoer van het product schelpkalk.
Het zijn de restanten van twee flesvormige kalkovens van het sedert 1860 door de Alkmaarse koopman W.F. Stoel verbeterde schachtoven-type. De te halver hoogte taps toelopende schacht van de ovens is opgetrokken uit in kruisverband gemetselde zachtrode baksteen en heeft enkele lichtgetoogde lucht-, laad- en los- en kijkgaten; de slanke cilindrische schoorsteen is opgetrokken uit helderrode strengperssteen, heeft klimijzers en ijzeren banden; de top wordt benadrukt door een even uitgemetselde rand. Tussen beide ovens in staat nog het geraamte van een ijzeren transporteur.
De restanten van het kalkovencomplex zijn van cultuurhistorisch en industrieel-archeologisch belang monument vanwege de geschiedenis van de Nederlandse schelpkalkbranderij in het algemeen en die van de provincie Drente in het bijzonder, de betekenis van het complex voor de 20ste-eeuwse economie van Drente en de gemiente Deever in het bijzonder en de herinnering aan deze in de 20ste eeuw aldaar bloeiende bedrijfstak, het feit dat (restanten van) schelpkalkbranderijen in Drente, maar ook in Nederland inmiddels zeer zeldzaam zijn geworden, vanwege het hiervoor vermelde type met een relatief kleine middellijn en een grote hoogte en vanwege de historisch belangrijke ligging aan een waterweg en een provinciale weg.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie hoopt niet dat de flinke groep dorpskrachten van de Deeverbrogge (Deevebroggers, Deevebroggenaren, Broggers, Broggenaren of hoe noemen zij zichzelf eigenlijk ?), die de samenstellers van het boek ‘An de Brogge’ zijn, de cultuurhistorisch waardevolle kalkovens zijn vergeten te beschrijven in hun boek, dat in 2014 ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van de heemkundige vereniging uut Deever is verschenen.
Hopelijk zijn de dorpskrachten niet vergeten in hun boek enige ‘annekkedotes’ op te nemen van de arbeiders van de kalkovens. De redactie heeft de hier afgebeelde kleurenfoto van de twee kalkovens en de restanten van de transporteur bij een donkerazuurblauwe hemel op 1 april 2005 (geen grap) gemaakt.  

Posted in Aarfgood, An de Deeverbrogge, Bedrief, Boek An de Brogge, Cultuurhistorie, de Kalkoo’ms | Leave a comment

Het steenfabriekje van Willem Bolt in de Holthe

In de Provinciale en Asser Courant van 13 september 1856 verscheen de navolgende advertentie van Willem Nicolaus Bolt, eigenaar van een steenfabriekje aan de Deeverbrogge.

Ondergetekende beveelt zich beleefdelijk aan tot het leveren van metselsteenen aan zijne fabriek in de nabijheid van Dieverbrug voorhanden. Diever, augustus 1856.
W.N. Bolt.

In de Provinciale en Asser Courant van 4 juli 1857 verscheen de navolgende advertentie van Willem Nicolaus Bolt, eigenaar van een steenfabriekje aan de Deeverbrogge.

Ondergetekende beveelt zich beleefdelijk aan tot het leveren van oude graauwe mondsteenen, klinkers en andere metselsteenen, aan zijne fabriek in de nabijheid van Dieverbrug voorhanden.
W.N. Bolt.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeluisterd met een jubileumboek, waarin volgens zeggen onderwerpen aan de orde zijn komen, zoals scheepvaart, kalkovens, Ellert- en Brammert, de noodslachtplaats, de bedrijvigheid aan de loswal, de tramlijn, hotel Blok, Concordia, het postkantoor, de steenfabriek, de winning van ijzeroer, het arrestantenlokaal achter hotel Blok, kermissen, markten, culturele voorstellingen, filmvoorstellingen en dansavonden.
De redactie publiceert dit bericht, teneinde de dorpskrachten, die met het jubileumboek bezig zijn geweest, te complimenteren met het zoeken naar gegevens over de steenfabriek an de Deeverbrogge.
Volgens de lokale deskundige heemkundigen zou deze steenfabriek, beter gezegd dit steenfabriekje, nabij de huidige zuiveringsinstallatie hebben gestaan.
Willem Nicolaus Bolt werd in 1826 in Rottevalle in Friesland geboren. Hij trouwde op 35-jarige leeftijd op 2 maart 1861 met Hennetta Zuanna Slomp uit Havelte. In de Holthe was hij landbouwer en koopman. Maar in welke boerderij woonde hij ? Kinderen van het echtpaar werden in de Holthe geboren.
Het lijkt er meer op dat zijn steenfabriekje meer in de richting van de Holthe en waarschijnlijk ook dichter in de buurt van de vaart moet hebben gestaan.
Als grondstof voor zijn steenfabriekje moest hij natuurlijk zand gebruiken, want waar in de gemeente Diever is goede klei te vinden ? Het is bekend dat Willem Bolt zandduinen kocht van de marke van Diever om daar kalkhoudend zand uit af te graven. Zijn fabriekje zal dus witte kalkzandsteen hebben geproduceerd. Het zou best wel eens zo kunnen zijn geweest dat de plaggenhutten achter in de Bolderhoek zijn herbouwd met kalkzandsteen van het lokale steenfabriekje.
Maar wat zijn oude graauwe mondsteenen en waarom adverteerde Willem Bolt met oude en geen nieuwe ? Grauwe mondsteen blijkt rode baksteen te zijn. Maar werd die rode baksteen in de Holthe gebakken of werd die van elders per schip aangevoerd ?
Willem Bolt verkocht ook klinkers, maar die waren gemaakt van klei. Voerde de koopman Willem Bolt deze klinkers ook per schip aan van elders ?
Het was een mooie taak en uitdaging voor de Dieverbrug-deskundigen van de plaatselijke heemkundige vereniging om één en ander goed en grondig uit te zoeken en in het jubileumboek met een heemkundig verantwoord verhaal te komen, maar daar is het helaas niet van gekomen..


Posted in An de Deeverbrogge, Bedrief, Dorpskracht, Steenfabriekje | Leave a comment

De wolspinnereeje van Hielkemeier an de Brogge

Drukkerij en Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever heeft het boek De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld in januari 1975 uitgegeven. De Deeverse boerenzoon Arend Mulder is de schrjjver/samensteller van dit boek. In het boek is op bladzijde 83 een afbeelding van een ansichtkaart uit 1908 van het café-logement van Sjoert Benthem an de Deeverbrogge te zien. De tekst op bladzijde 83 luidt als volgt.

Dieverbrug (wolspinnerij)
Deze fabriek is nog in dezelfde vorm gebleven als in 1916, toen bovenstaande foto is gemaakt.
Volgens oud-ingezetenen van Diever heeft zij eerst gediend als zuivelfabriek. Zelfs van Smilde, Dwingeloo, Eemster, Leggelo en Diever werd melk aangevoerd.
In de Nieuwe Drentsche Volksalmanak, bladzijde 117, wordt vermeld in een lijst der fabrieken van de provincie Drenthe op 31 augustus 1816: 1 Wolleververijen, 2 Zadelmakerijen en 3 Zeepziederijen. Bedoeld wordt hier deze de wolververij.
Hiermee is meteen de vraag opgelost, waarom het dubbele woonhuis staande halfweg Diever-Dieverbrug en vroeger bewoond door de familie Piet Helmers en Meine Boscha, die beiden op deze fabriek werkten, het zogenaamde ‘blauwvaarvers-huussien’ genoemd werd. Later zal deze fabriek zijn overgegaan tot een wolspinnerij, waar de foto van spreekt.
Vast staat dat de heren J. Hielkemeier en K.J. Bottema eigenaren waren, met als beheerder J. Kannegieter. Daarna is ze overgegaan tot de pannefabriek ‘Concordia N.V.
In de kalkovens staande aan Dieverbrug (nu echter op non-actief) werden schelpen verbrand voor het maken van kalk. Van de drie ovens is er in de laatste jaren één afgebroken.
De fabriek doet nu alleen nog dienst als opslagplaats voor de verkoop van bouwmaterialen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
J. Hielkemeier is de ondernemer Jan Frederik Hilkemeijer. Hij is geboren op 13 december 1858 in Nijensleek. Hij is overleden op 23 juni 1935 in Groningen.
De redactie is in de openbare bronnen nog op zoek naar gegevens van K.J. Bottema. Maar was hij wel mede-eigenaar van de stoomwolspinnerij ?
De redactie is in de openbare bronnen nog op zoek naar gegevens van Piet Helmers.
De redactie is in de openbare bronnen nog op zoek naar gegevens van Meine Bosscha.
Arend Mulder is in zijn tekst het spoor een beetje bijster. In 1816 bestond het hier afgebeelde gebouw nog niet. Het jaartal is 1816 ? Maar toen werd de Nieuwe Drentsche Volksalmanak nog niet uitgegeven ? Het jaartal is 1916 ? Maar toen bestond de stoomwolspinnerij niet meer.
De redactie verwijst naar het bericht De massienale wolspinnereeje an de Deeverbrogge.
De redactie verwijst naar het bericht De stoomwolspinnereeje wodde in 1912 vukogt.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate uut 1908, Bedrief, Wolspinnerij | Leave a comment

Stoomspinnerij an de Deeverbrogge

In het Nieuwblad van Friesland verscheen op 23 november 1901 het navolgende bericht van de correspondent uit Frederiksoord.

Frederiksoord, 21 bovember – Onze ondernemende plaatsgenoot, de heer J.F. Hilkemereijer, breidt zijne zaken voortdurend uit. Naast de stoomkoffiebranderij alhier is een machinale brei-inrichting, waar tegenwoordig een veertigtal meisjes werken.
De stoomzuivelfabriek van Diever is in den loop van dit jaar veranderd in een stoomspinnerij, die zoveel produceert, dat alles lang niet verwerkt kan worden aan de brei-inrichting.
Daarom wil de heer Hilkemeijer nu, naast de bestaande, een vijftal brei-machines plaatsen, welke door stoom gedreven worden. Deze machines van de nieuwste constructie, zijn al besteld en komen in ’t begin van het volgende jaar in werking.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Na de oprichting in 1899 van de coöperatieve zuivelfabriek aan het Katteneinde in Deever kwam de particuliere stoomzuivelfabriek van J.F. Hilkemeijer an de Deeverbrogge (en niet in Deever, zoals het artikel vermeldt) uiteraard zonder melk te zitten, vandaar dat hij dit fabriekje in 1901 ombouwde tot een stoomspinnerij.
De stoomzuivelfabriek, later stoomspinnerij stond an de Deeverbrogge aan de weg van de Deeverbrogge hen Deever. In het gebouw is later en nog steeds de Concordia gevestigd.
De vraag is of in de dubbele woning aan de weg van Deever hen de Deeverbrogge de an de Deeverbrogge geproduceerde wol eerst werd geverfd, alvorens naar Nijensleek te worden afgevoerd ? Wie heeft daar meer gegevens over ?

Posted in An de Deeverbrogge, Stoomspinnereeje | Leave a comment

Vervanging van de Deeverse sluus

In het Algemeen Handelsblad van 14 april 1878 verscheen het navolgende bericht over het koninklijk besluit inzake het vervangen van de Deeverse sluus.

Besluiten en benoemingen
Bij koninklijk besluit van 7 dezer is bepaald dat ten behoeve van het maken eener afsnijding in de Drentsche Hoofdvaart, ten einde eene nieuwe sluis op die vaart ter vervanging van de bestaande Dieversluis te bouwen, ten algemeenen nutte, in het publiek belang en ten name van den Staat, ter uitvoering der wet van 9 December 1877, onteigend zullen worden eenige eigendommen, aangeduid in het plan en de kaarten, die op de secretarie der gemeente Dwingelo ter openbare inzage hebben gelegen.

In de krant De Tijd van 14 april 1878 verscheen het volgende korte bericht.

Aanwijzing van de te onteigenen percelen
De Staats-Courant bevat de aanwijzing der perceelen, welke onteigend moeten worden ten behoove van het maken van eene nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart, ter vervanging van de bestaande Dieversluis.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Deeversesluus was in 1878 aan vervanging toe. Steeds 
meer en grotere  vrachtschepen voeren door de vaart. De Deeversesluus lag in de gemeente Dwingel, vandaar dat de betreffende documenten op de secretarie van het gemeentehuis in Dwingel ter openbare inzage lagen. Of in Deever en Dwingel vóór het koninklijk besluit ook allerlei inspraakprocedures zijn doorlopen, dat is bij de redactie niet bekend. De sluus die in de gemiente Dwingel lag, had merkwaardigerwijs niet de naam Dwingelersluus, maar de naam Deeversesluus.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 31 juli 2018 gemaakt. De redactie weet niet of de sluisdeuren van de Deeversesluus aan de kant van het benedenpand uit 1879 dateren, waarschijnlijk niet, maar de versleten deuren zien er wel steeds ecologischer en schilderachtiger uit. Hopeliijk worden deze versleten houten deuren nog lang niet vervangen en hopelijk groeien steeds meer planten op en aan deze deuren, da’s ech wè ecologischer en schilderachtiger.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Deeverse sluus, Economie, Scheepvaart | Leave a comment

An de Deeverse sluus an de Deeverbrogge

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende tekst over een fragment uit het verleden van de Deeverse sluus gepubliceerd bij afbeelding 53 van een zwart-wit ansichtkaart uit ± 1929. Voor de volledigheid is in dit bericht de betreffende bladzijde uit het genoemde fotoboekje als afbeelding opgenomen. 

53 – Dieverbrug – Bij de Dieversluis – ± 1929
Door de drukke scheepvaart was het waterpeil in de Drentsche Hoofdvaart lange tijd moeilijk te handhaven. Daar kwam op maandag 10 november 1925 met het in bedrijf stellen van de nieuwe electrische gemalen bij de Paradijs-, Havelter-, Uffelter, Diever-, Haar- en Veenesluis drastisch verandering in.
Een krantebericht meldt daarover het volgende:
Het heeft zeer veel moeite gekost het zoo ver te krijgen. Ongeveer een jaar is nodig geweest om deze veelomvattende bouwwerken met toeleidingskanalen, stortebedden, grondwerken, enzovoort te voltooien……….
De gemalen zijn er en de opening ervan, mag een voor Drenthe zeer gewichtige gebeurtenis genoemd worden. Al is er op den openingsdag geen feest gevierd, ons inziens was daartoe voor de betrokken streek, ja voor een groot deel van Drenthe alle reden geweest……….
Zijn wij juist ingelicht, dan hebben de nieuwe gemalen een capaciteit van 100 m3 per minuut, dus van 6000 m3 per uur, voorwaar een niet geringe hoeveelheid. Vooral als men weet dat de oude gemalen dateerdend van 1863 het slechts tot 30 m3 per minuut konden brengen. De pompen, zogenaamde verticale schroefpompen, zijn geleverd door de Machinefabriek van Gebr. Stork te Hengelo. De electrische apparaten werden geleverd door Heemaf te Hengelo. Beide fabrieken zijn specialist op dit gebied……….
De ellende, gepaard gaande met den lagen waterstand, is nu geleden. Een beperking tot een diepte van 90 cm zal niet meer voorkomen. Overlading van groote schepen in lichters, wat tot nu toe te Meppel geschiedde, zal niet meer voorkomen……….
Wij zullen eindigen met den wensch, dat deze werken een vooruitgang zullen zijn voor de scheepvaart en tevens voor de landbouwende bevolking van Drenthe……….

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de bijgevoegde kleurenfoto gemaakt op 21 november 2014.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, Deeverse sluus, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment