De student’nkaam’pm bee ut Mast’nveltie

De Verenigde Christelijke Jongeren Bond (V.C.J.B.) begon in 1922 met kampen, goedkoper van opzet en met meer zelfwerkzaamheid. Deelnemers waren aanvankelijk leerlingen van het voortgezet lager onderwijs.
In 1923 werd door de Verenigde Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.) en de Verenigde Christelijke Jongeren Bond (V.C.J.B.) gezamenlijk kampwerk opgezet.
In 1924 kwam tot stand de ‘Centrale Raad van het Vrijzinnig Christelijk Jeugdwerk’. Het was een samenwerkingsverband van beide hiervoor genoemde bonden voor wat betreft het jeugdwerk, meer in het bijzonder het kampwerk. Onder andere werden van beide zijden leiders geleverd voor de gemeenschappelijke kampen.
Een van de kampen was het kamp in Deever aan de Bosweg bij het Mastenveldje. Het kampterrein in Deever aan de Bosweg bee ut Mast’nveltie was van de ‘Centrale Raad van het Vrijzinnig Christelijk Jeugdwerk’, die het terrein in erfpacht had genomen van mr. Albertus Christiaan van Daalen, de eigenaar van het landgoed Berkenheuvel.
De zwerfstenen op de voorgrond van deze eenvoudige tekening uit 1932 zijn nog steeds aanwezig op het voormalige kampterrein.

Posted in Bosweg, Mast'nveltie, Student’nkaamp, Tiekening | Leave a comment

Foto van de brink van Deever

De redactie van ut Deevers Archief heeft deze foto van de brink van Deever met het Schultehuis en het kerkgebouw met de gemeentelijke toren gemaakt op 20 november 2005. Voor wat deze foto waard is.

Posted in Brink, Deever, Kaarke an de brink, Skultehuus, Toor'n an de brink | Leave a comment

Wee goat mit de snikke hen de maarkt in Möppel

In het Nieuwsblad van het Noorden van 9 december 1896 verscheen het navolgende bericht over ervaringen met het vervoer per snikke van de Deeverbrogge hen Möppel.

Gemengd Nieuws.
Uit Drenthe’s Zuidwesthoek schrijft men aan de ‘Telegraaf’:
Drente is door natuur en menschen beide al zeer stiefmoederlijk bedeeld. De dorre heidevelden worden door een armoedige bevolking bewoond, die tracht van den schralen zandgrond nog te halen wat er van te halen is. En de noodige middelen om de producten van het land te vervoeren en het vee ter markt te brengen, zijn slechts in geringe mate aanwezig en vaak nog zeer primitief. In deze streken moet men zich nog behelpen met het vervoer per trekschuit, een vaartuig dat de bewoners van meer bevoorrechte oorden alleen nog uit de Camera Obscura kennen.
’t Is waar, er bestaat een dagelijksche stoombootdienst der Duitsche Stoomvaartmaatschappij. Hare booten, die geregeld vice-versa voorbij Smilde, Dieverbrug, Uffelte en Havelte tusschen Meppel en Assen varen, maken het mogelijk aan de bewoners deze streken iederen dag naar Assen of Meppel te komen en hunne goederen daarheen te zenden.
Maar wat voor het personenvervoer nogal lastig is, deze booten gaan zeer langzaam (moeten langzaam varen om de wallen der Drentsche Hoofdvaart niet te beschadigen) en, dit geldt ook voor het goederenvervoer, zijn erg duur. Onze boeren maken er dan ook zoo weinig mogelijk gebruik van. Wie op een niet-marktdag te Meppel moet wezen, en ieder onzer moet er zo nu en dan zijn, gaat per as (op een hortenden boerenwagen) of te voet.
Als het markt te Meppel is (Donderdag) echter gaan we met de trekschuit. We staan vroeg op, vroeg althans naar steedsche opvatting en hebben als we te Uffelte of Havelte wonen, keus uit vier trekschuiten, twee Dieversche en twee Uffelter ‘snikken’ (trekschuiten). Haasten we ons een goed plaatsje uit te zoeken, want als gewoonlijk zijn de ‘snikken’ meer dan vol, zoowel aan personen als goederen.
Wat ’n drukte in het vroege morgenuur. Boeren op klompen (de boer draagt altijd klompen, ’s zomers en ’s winters, op zon- en werkdagen), die varkens of geiten voortdrijven, boerinnen met oorijzers en witte muts, die manden met boter of eieren torsen, allen eenigszins gehaast om in de ‘snikke’ te komen. Als allen er op zijn, gaat het vooruit, natuurlijk bedaard, doodbedaard, zooals het ’n trekschuit past.
Laten we nu eens ’n kijkje in de schuit nemen. Op vier banken zitten de passagiers opeeengepakt. Geen wonder bij zo’n volte, dat het er na een half uur al benauwd wordt en dat veelen te Meppel met ‘heufdzeerte’ (hoofdpijn) aankomen. Men gaat er niet licht toe over een raampje open te zetten, want de plattelandbewoner vreest niets zoozeer als tocht. De meest verpestende atmosfeer is hem liever dan het gevaar van op den tocht te zitten. Opgeschoven ramen ziet men zelfs op snikheete zomerdagen slechts bij uitzondering.
Zo’n reisje per trekschuit is, vooral als men het reeds eenige malen meegemaakt heeft, verre van gezellig. Luister slechts waar die passagiers over redeneeren, die beide bejaarden in den hoek. De een beweert dat goede mest toch het ware is op het land, waarop zijn buurman bevestigend knikt.
Deze bewering is niet juist nieuw voor hem; vóór een halve eeuw was hij reeds van de waarheid ervan overtuigd. Een oud moedertje weidt lang en breed uit over de goedkoopte van de varkens, welke mededeeling voor hare toehoorders ook al geen nieuws bevat. Maar wie ter wereld zou in een trekschuit ook met wat nieuws voor den dag komen ? Toch heb ik eens een nieuwe stelling hooren te berde brengen, door een man met bakkebaardjes en laarzen. Hij was dus geen boer. Een boer heeft baard noch knevel en draagt geene laarzen. De man beweerde met kracht van woorden en gebaren (hij sloeg bij iederen zin met flinken slag op knie van zijn buurman), dat het liggen gaan van koren niet zooals de heerschende mening wil, het gevolg is van ‘geilheid’ (overmaat aan vruchtbaarheid), maar juist van gebrek aan voedsel. In de ‘snikke’ is men het altijd met elkaar eens, maar met iemand, die wat nieuws zegt, nooit. Een opgewekt debat volgde dan ook. Gelukkig, want dit verkortte den drie uren langen, anders eindeloos vervelende tocht.
Godsdienst-quaesties of politieke dito worden nooit besproken.  Eens hoorde ik ’n ouden boer beweren, dat die van Houten toch een flinke kerel was en dat de nieuwe kieswet … Maar de man praatte voor doove oren. Niemand interesseerde dit onderwerp. Er is maar ééne enkele zaak, die den boer belang inboezemt, dat is het boerenbedrijf. Al wat daar buiten ligt, is voor hem terra incognita en daar bemoeit hij zich niet mee.
Eindelijk zijn wij te Meppel, want zelfs een trekschuit komt ten slotte op de plaats harer bestemming.
Meppel is onze stad. Meppel is de plaats waar we onze producten en onze ‘diers’ (dieren) aan den man brengen. Meppel is ook de stad, waar we onze inkoopen doen. Veele huishoudelijke benodigdheden, kleederen, eetwaren (vleesch bijvoorbeeld) zijn op onze landbouwdorpen niet te krijgen of erg duur en slecht.
We zijn dan erg ingenomen met onze ‘snikken’, die ons den tocht naar Meppel mogelijk maken en zeer goedkoop zijn. Toch zouden we het oogenblik zegenen, dat we hier een tram kregen. Er is al eens over gepraat. En we hopen dus !

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De schrijver van bovenstaand artikel probeert op enigszins negatieve manier de sfeer in de snikke te beschrijven tijdens het vervoer van mensen, dieren en goederen van de Deeverbrogge hen Möppel.
Desalniettemin nochthans evenwel had publicatie van dit verhaal in hoofdstuk 6 ‘Transport’ van het onvolprezen boekje ‘An de Brogge’, dat de heemkundige vereniging uut Deever in 2014 heeft uitgegeven ter gelegenheid van haar 20-jarig bestaan, niet misstaan.

In het artikel is sprake van Duitsche Stoomvaartmaatschappij, dit moet zijn Drentsche Stoomboot Maatschappij.
Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1905 ligt voor de löswal an de Deeverbrogge de snikke van waarschijnlijk Sjoert Benthem.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van ansichtkaarten op papier is, kan de hier afgebeelde ansichtkaart ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 44 van het in 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige Gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door een keur van vrijwilligers van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Abracadabra-451

Abracadabra-449

Abracadabra-450

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, Café-Logement Sjoert Benthem, de Voat, Snikke, Vervoer | Leave a comment

Ut bidplaetie van Jurjen Bos uut Zorgvlied

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag bidprentjes van rooms katholieken die zijn geboren in de gemiente Deever en zijn overleden in de gemiente Deever of zijn geboren in de gemiente Deever, maar niet zijn overleden in de gemiente Deever of niet zijn geboren in de gemiente Deever, maar wel zijn overleden in de gemiente Deever. Dit bericht toont de voorkant en de achterkant van het bidprentje van Jurjen Bos. Hij is niet geboren in de gemiente Deever, maar hij is wel overleden in de gemiente Deever.

Gedenk in Uw gebeden en H.H. Misoffers Jurjen Bos, echtgenoot van Alida van den Akker,
Geboren te Blesdijke 28 maart 1875, overleed hij voorzien van het Heilige Oliesel te Zorgvlied 5 maart 1957; 9 maart daar aan volgend werd hij begraven op het Rooms Katholieke kerkhof te Zorgvlied in afwachting van de glorievolle verrijzenis.
Met kinderlijk blijde geest, die heel zijn leven kenmerkte, vervulde hij de plichten, die God hem had opgelegd. In liefdevolle toewijding zorgde hij voor zijn huisgezin, dat hem zo dierbaar was. Vol rechtvaardigheid en zorg gaf hij het voorbeeld van christelijke naastenliefde. Zo zal hij ook bij velen in dankbare herinnering blijven.
Vele jaren -van 15 maart 1920 tot 20 april 1956- was hij lid van het kerkgebestuur van de Sint Andreasparochie te Zorgvlied en stond hij op de bres voor kerk en parochianen, vooral gedurende de laatste oorlog.
Dierbare vrouw, heb dank voor Uw zorg. Lieve kinderen, eert mij in Uw moeder en volgt mijn voorbeeld na. Steeds bereid als God U roept.
Gebed
Open voor hem, o Heer, de deur des hemels en maak hem deelachtig aan de vreugde der heiligen in Gods eeuwige glorie.
Hij ruste in vrede.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Jurjen Bos is begraven op de rooms katholieke kaarkhof an de Monden op Zorgvlied.

Posted in Bidplètie, Zorgvliet | Leave a comment

Un foto van de olde Kruusstroate in Deever

Drukkerij en Boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever heeft het boek De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld in januari 1975 uitgegeven. De Deeverse boerenzoon Arend Mulder is de schrjjver/samensteller van dit boek. In het boek is op bladzijde 105 een afbeelding van een oude zwart-wit foto uit omstreeks 1910 te zien. Onder de afgebeelde zwart-wit foto op bladzijde 105 staat de volgende tekst.

De doolhof
Zoals deze foto laat zien, is de zogenaamde Doolhof nu lang niet meer wat hij vroeger was. Waaraan de Doolhof zijn naam ontleend wordt in dit boek nader omschreven.
Op de voorgrond zien we het café van P. Seinen (nu geheel verbouwd tot pension-restaurant van ”t Olde huus’ van W. de Lange, met daarnaast het huis van de vroegere bewoner Albert Mulder (in de volksmond Albert Kuiper) en z’n vrouw Aoje Draod, een dorpsfiguur uit die jaren. Menig huisvrouw immers riep haar hulp in als er wat te naaien of te verstellen was.
Later is op dit perceel het café B. Slagter, genaamd De Veehandel,  verrezen. Thans heet het Hotel Centrum en wordt het bestuurd door L. Warnders.
Op de voorgrond links zien we het vroegere café van de eigenaar Reinder Hummel, thand verbouwd en bewoond door de familie de Graaf.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
P. Seinen is Pieter Seinen. Hij is geboren op 26 februari 1862. Hij is overleden op 20 maart 1946. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
W. de Lange is Willem de Lange. Hij is geboren op 4 februari 1913. Hij is overleden op 2 januari 1991. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
Albert Mulder is geboren op 1 april 1849 in Deever. Hij is overleden op 24 februari 1916 in Deever. Hij trouwde op 1 mei 1872 in Deever met Reintje Houwer. Na het overlijden van Reintje Houwer hertrouwde hij op 29 april 1903 met Aaltje Draat (Oaje Droat), dochter van kleermaker Albert Draat en Aaltien Hendriks Scheper. Albert Mulder werd Albert Kuiper genoemd, omdat hij in zijn jonge jaren boterkuipjes voor de boeren maakte; zijn vader Egbert Jans Mulder was ook kuiper. Albert Kuiper was winkelier, toen hij met Aaltje Draad trouwde.
B. Slagter is Berend Slagter. Hij is geboren op 10 augustus 1882 in Ruinen. Hij is overleden op 4 maart 1967 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Hij trouwde met Femmigje Mulder, die een dochter was van Albert Mulder en Reintje Houwer. Het café heette niet De Veehandel, maar De Veemarkt.
L. Warnders is Lambertus Warnders (Bertus Waanders). Hij is op 12 mei 1925 geboren an de Deeverbrogge. Hij is overleden op 4 november 1999 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Lambertus Warnders was brandstoffenhandelaar an de Deeverbrogge, voordat hij het café overnam van Klaas Doorten en Alberdina Slagter.
Reinder Hummel is Reinder Hummelen. Hij is geboren op 17 december 1852 in Deever. Hij is overleden op 8 maart 1914 in Deever.
Familie de Graaf is de familie Martinus de Graaf.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van het lezen van tekst op papier is, kan de hier weergegeven tekst uiteraard ten zeerste lezen in het boek De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld, dat in januari 1975 uitgegeven. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dit steeds zeldzamer wordende papieren boek zijn of dit papieren boek bij iemand in kunnen zien.

Posted in Braandkoele, Eendeviever, Kruusstroate, Publicatie | Leave a comment

De lüder van de klokk’n in de toor’n an de brink

De redactie van ut Deevers Archief kreeg in de jaren 2000-2005 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder, een Deeverse uut de Aachterstroate, die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte en later in Assen woonde, steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels en documenten over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten in het blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever te publiceren, dan maar postuum en beetje bij beetje opnemen in ut Deevers Archief.

Tussen de documenten zat ook het rijmsel, dat wijlen Anne Mulder voor dorpsfiguur Geert Dekker schreef ter gelegenheid van diens veertigjarige luiderschap van de klokken in de gemeentelijke toren an de brink van Deever.

Geachte gemeente
Veertig lange, lange jaren
Werd het orgel en de klok
Van de kerk in ’t dorpje Diever
Regelmatig als een klok
Trouw bediend door steeds dezelfde
Alom bekende dorpsfiguur
Geert Dekker en wij weten
Hoe trouw en hoe secuur
Hij deze functies naast veel anderen
Als nevenfuncties heeft verricht
En hoe hem dit werk bezielde
Als man van eer en deugd en plicht.

Geachte jubilaris
Ik weet, U bent een man van eerzucht
Niet één, die graag gehuldigd wordt
Maar toch, als Diever dit thans naliet
Schoot het schromelijk tekort
Aan z’n verplichting tegen iemand
Als U, die hier bij groot en klein
De klokkenluider van ’t dorp Diever
Was en is en nog zal zijn
Wat hebt ge in al die veertig jaren
Niet aan Uw oog voorbij zien gaan
Bij hoeveel verenigingen en burgers
Hebt ge al niet in dienst gestaan ?
U bent, in dubbele zin gesproken
Naast de kerk hier opgegroeid
Zelfs met begrafenis en ’t kerkhof
Was u jarenlang gemoeid
Nooit, in al die veertig jaren
Was u daarbij eens absent
Hetgeen getuigd, hoe kerngezond U
En uit welk hout U gesneden bent
Diever, zonder een Geert Dekker
Zou bepaald ondenkbaar zijn
In deze dorpsgemeenschap vast verankert
Is U, bij oud en jong, bij groot en klein
Naast U, zie ik voor mijn oog verschijnen
Eén, die thans met u jubileert
Een vrouwspersoon achter ’t gordijntje
Van ’t olde huus, Uw zuster Geert
Zij was die U steeds verzorgde
Meeleefde met haar werk en geest
Als een figuur achter de schermen
Zij is deelachtig aan dit feest
Ik hoop van harte, trouwe dienaar
Dat u nog lang het klokketouw
Als voorheen moogt bedienen
Zowel bij vreugde, als bij rouw
En dat ook de orgeltonen
Nog zullen galmen jarenlang
Met behulp van Uwe krachten
Bij des Heerens lofgezang.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie verwijst voor berichten over Geert Dekker naar het bericht Geert Dekker, Aebel Wiekstroa en Hillechien Dekker en naar het bericht Er staat een kerk op instorten. In het laatst genoemde bericht is ook een foto van Geert Dekker opgenomen.
Oook stond er in het christelijke weekblad de Spiegel van 6 juni 1956 een foto van Geert Dekker.

Posted in Alle Deeversen, Deever, Dorpsfiguur, Geert Dekker, Toor'n an de brink | Leave a comment

De ofscheidskoate van ut somerkaamp

In de verzameling van ut Deevers Archief is bijgaande zwart-wit ansichtkaart aanwezig. Op de afbeelding is de gemeentelijke toren en het kerkgebouw aan de brink van Deever te zien.
De zichtbare deur aan de linkerkant van de kerk dateert nog uit de tijd dat in het westelijke deel van de zuidelijke beuk van de kerk de lagere school van Deever was gevestigd. Deze deur is terecht verdwenen tijdens de grote restauratie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw in de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Let vooral ook op het zwaar vervallen dak van de kerk. En let vooral ook op de glint’n um de braandkoele op de brink.
De achterkant van de kaart is tussen 13 en 20 augustus 1948 beschreven. Daarmee is nog niet duidelijk of de kaart in 1948, 1947 of 1946 is uitgegeven en ook is op de achterkant van de kaart niet vermeld bij welke neringdoende in Deever deze meer dan 70 jaar oude ansichtkaart te koop was. De kaart werd zelfs in Deever nog verkocht in 1950 !
Uit de tekst op de achterkant blijkt dat de kaart is beschreven door de kampleiding van zomerkamp IV van de Vrijzinnig Christelijke Jeugd Centrale (V.C.J.C.). De redactie heeft het vermoeden dat iedere deelnemer aan zomerkamp IV met zo’n afscheidskaart naar huis ging. De V.C.J.C. hield haar zomerkampen in Deever an de Bosweg bee ut Mastenveltie. De redactie weet niet wat de afkortingen op de achterkant van de ansichtkaart betekenen en weet ook niet wie zijn naam bij een afkorting heeft geschreven.
In het tekstgedeelte van de ansichtkaart is de volgende tekst geschreven:
Verbonden met allen die van goeden wille zijn ….
Volledig luidt deze nog steeds toepasselijke zegenspreuk: Verbonden met allen die van goeden wille zijn, geroepen tot vernieuwing van de wereld en ons leven, willen wij ieder voor zich en tezamen een teken van hoop, geloof en liefde zijn in de wereld van vandaag !
Op de plaats voor de postzegel is een wijnroodkleurig plaatje geplakt. De redactie zou van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief graag willen weten of dit het logo van de V.C.J.C. was en wat de betekenis van dit logo was.
De V.C.J.C. maakte ook reclame voor haar zomerkampen, zie de bijgevoegde afbeelding van een aanplakbiljet, dat in 1938 werd ontworpen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De heer Henk Matthijssen stuurde naar aanleiding van de zin ‘Verbonden met allen die van goeden wille zijn’ op de achterkant van de hier afgebeelde ansichtkaart op 8 september 2020 een reactie naar ut Deevers Archief. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze reactie, die luidt als volgt.
Uit mijn tijd bij de Vrije Vogels (ook van de V.C.J.C.) herinner ik mij dat de hele spreuk was:
Verbonden met allen die van goeden wille zijn, gedragen door hoger kracht, geroepen tot vernieuwing van ons leven en de wereld, willen wij God met al onze krachten dienen.
Is deze langere spreuk bij iemand bekend?


Posted in Ansigtkoate, Kaarke an de brink, Student’nkaamp, Toor'n an de brink | Leave a comment

Frièrik Westerling hef ok mulder in Oll’ndeever ewest

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 31 maart 1881 het volgende berichtje over de brand in de molen van Frederikus Westerling in Oll’ndeever.

Diever, 29 maart. Hedennacht ten half twee is de voor twee jaar nieuw gebouwde korenmolen van Frederik Westerling totaal afgebrand. Oorzaak natuurlijk onbekend. De molenaar was sedert enige dagen afwezig. Alles verzekerd.


In het Het Nieuws van den Dag : Kleine Courant verscheen op 4 april 1881 het volgende berichtje over de brand in de molen van Frederikus Westerling in Oll’ndeever. De achternaam van de molenaar Westerling is in het berichtje per abuis als Wesseling vermeld.

In de gemeente Diever (Drente) is Maandagnacht de korenmolen van den Heer Wesseling geheel afgebrand. De oorzaak is nog onbekend.


In de Opregte Steenwijker Courant verscheen op 22 december 1884 de volgende advertentie over de verkoop van ‘den windkoornmolen’ van Frederikus Westerling in Oll’ndeever.

De Notaris Mr. J. Beckeringh van Loenen te Dwingelo, zal op Woensdag 24 december 1884, des namiddags om 3 uren, ten huize van Lense Dijkstra te Diever, ten verzoeke van F. Westerling te Oldendiever, bij palmslag publiek verkoopen den windkoornmolen te Oldendiever, gemeente Diever, met daarbij staand nieuw gebouwd huis, benevens eenige perceelen groenland, bouwland en heideveld, een en ander bij den eigenaar in gebruik.


In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op woensdag 15 juli 1891 de volgende advertentie over de verkoop van de ‘windkoornmolen’ en het daarbij staande huis van molenaar Frederikus Westerling in Oll’ndeever.

Uit de hand te koop: een goed onderhouden en welbeklante windkoornmolen te Oldendiever, met daarbij staand huis, toebehoorende aan en in gebruik bij F. Westerling.
Te aanvaarden 1 november 1891 of 1 mei 1892.
Te bevragen bij den eigenaar en ten kantore van mr. J. Beckeringh van Loenen, notaris te Dwingelo.


In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 9 april 1892 de volgende advertentie over de verkoop van dieren en inboedel van molenaar Frederikus Westerling ten huize van en op verzoek van Frederikus Westerling in Oll’ndeever.

Mr. J. Beckeringh van Loenen, notaris te Dwingelo, zal op woensdag 13 april eerstkomende, des voormiddags 10 uur, ten huize en ten verzoeke van Frederikus Westerling te Oldendiever, publiek verkoopen:
een best 12-jarig ruinpaard (mak in alle tuigen), melkkoe, 7 varkens (waarvan 2 drachtig), 2 beste wagensopzet, chais, groote sneeuwslede, koornwinde met sjouw, karn, kookpot van 100 hectoliter, trog en verder boeren-, deel- en melkgereedschappen, eet- en pootaardappelen, stroo, mest, zoden, gezaagd eikenhout, voorts huismeubelen als: ouderwets eikenhouten kabinet, kleerkast, groote kookkachel met ketels, klok, spiegels, tafels, stoelen, glas- en aardewerk en verder huisraad, naaimachine, groote harmonica, enzovoort.


In de Opregte Steenwijker Courant verscheen op 15 januari 1894 de volgende advertentie over de verkoop van een welbeklanten windkorenmolen in Oll’ndeever.

Mr. J. Beckeringh van Loenen, Notaris te Dwingelo, zal op Dinsdag 23 Januari 1894, des voormiddags 11 uur, in het Logement van R. Seinen te Diever, voor de Erven Jan Hessels Rz., publiek bij palmslag verkoopen: een welbeklanten windkorenmolen te Oldendiever, met daarbij staande molenaarswoning en bijgelegen perceel bouwland. Zeer laag ingezet, als: de molen op f. 1450.-, de woning op f. 206.- en het bouwland op f. 101.-.


Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief

Het moet molenaar Frederikus Westerling in 1884 niet zijn gelukt zijn ‘windkoormolen’  uit de hand te verkopen, want op 15 juli 1891 verscheen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) een nieuwe advertentie over de voorgenomen verkoop van de ‘windkoornmolen’ van Oll’ndeever. Blijkbaar lukte het hem in juli 1891 wel de ‘windkoornmolen’ uit de hand te verkopen, met aanvaarding op 1 mei 1892, want op 9 april 1892 verscheen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) een advertentie, waarin Frederikus Westerling de voorgenomen verkoop van levende have en nogal wat inboedel aankondigt. Frederikus Westerling en zijn gezin verhuisden op 3 juni 1892 van Oll’ndeever naar Odoorn.

Molenaar Jakob Friedrichs Westerling is geboren op 14 juli 1805 in Nieuwe Pekela. Hij is op 14 augustus 1884 op 79-jarige leeftijd overleden in Oll’ndeever. Aleid Geerds Penning is geboren op 11 november 1811 in Bunde in Duitsland. Zij is op 2 augustus 1882 op 70-jarige leeftijd in Oll’ndeever overleden. Zij zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Molenaar
Jacob Friedrichs Westerling en Aleid Geerds Penning zijn de ouders van molenaar Frederikus Westerling.

Molenaar Frederikus Westerling is geboren op 16 februari 1840 in Bunde in Duitsland. Hij is overleden op 11 mei 1912 in Duitsland. Zijn laatste woonplaats was ’t Haantje bij Sleen. Hij was toen in dat dorp de molenaar van molen ‘Alberdina’. Hij trouwde op 3 augustus 1867 in Borger met Geesien Middeljans. Zij is geboren op 24 december 1840 in Borger. Zij is overleden op 19 maart 1924 in ’t Haantje bij Sleen.
Aleida Westerling is geboren op 16 november 1868 in Anloo. Zij is een dochter van molenaar Frederikus Westerling en Geessien Middeljans. Zij trouwde op 8 februari 1918 met boschopzichter Jan Meijer. Zij is overleden op 7 december 1958 in Sleen.
Jacob Westerling is geboren op 31 januari 1871 in Buinen. Hij is een zoon van molenaar Frederikus Westerling en Geessien Middeljans. Hij is overleden op 25 februari 1872 in Buinen.
Jacob Westerling is geboren op 16 november 1872 in Elp. Hij is een zoon van molenaar Frederikus Westerling en Geessien Middeljans. Hij is overleden op 21 februari 1940 in Sleen.
Grietje Westerling is geboren op 18 maart 1875 in Balinge. Zij is een dochter van molenaar Frederikus Westerling en Geessien Middeljans.
Grietje Westerling is geboren op 13 december 1876 in Balinge. Zij is een dochter van molenaar Frederikus Westerling en Geessien Middeljans. Zij is overleden op 12 januari 1839 in Sleen.

Blijkbaar verkocht molenaar Frederikus Westerling zijn welbeklanten windkorenmolen aan Jan Hessels Rz., want begin 1894 stond deze molen weer te koop.

Posted in Meule, Meule van Oll’ndeever, Oll'ndeever | Leave a comment

Wie hef de olde sluuswaachterswoning ekocht ?

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 4 april 1881 een aankondiging van de verkoop van de oude sluiswachterswoning bij de afgebroken Witteltersluis.

Verkoop van een huis en land te Wittelte.
De ontvanger der registratie en domeinen te Meppel, zal op vrijdag 15 april 1881 des morgens elf uur, ten huize van Jan Wanders, herbergier aan de Wittelterbrug, ten overstaan van mr. W.O. Servatius, notaris te Dwingelo, publiek verkoopen:
de oude sluiswachterswoning te Wittelte, gemeente Diever, met omliggenden tuin, bouw- en weiland, kadastraal in die gemeente bekend in sectie D nummers 863, 1003, 865, 862 en 866, te zamen groot 98.24 aren, beide laatste perceelen thans in pacht bij Roelof Snijders, tolpachter te Wittelte.
Aanvaarding van huis en schuur met 1 mei, van tuin en een stukje weiland dadelijk, van een ander perceel weiland 1 november en van bouwland na den oogst.
Inlichtingen ten kantore van den ontvanger.
(Zie de gedrukte biljetten.)

Aantekeningen van de redacie van ut Deevers Archief
De redactie heeft nog niet kunnen achterhalen wie de oude sluiswachterswoning en de tuin en het bouw- en weiland hebben gekocht in 1881.
Klaas de Boer schrijft in zijn onvolprezen boek ‘Wittelte. Geschiedenis van de boerderijen vanaf 1770 tot heden’, dat te bekomen is bij de Wittelter Dorpsvereniging, dat de bewoners van het oude sluiswachterswoning, te weten Jan Pot en zijn gezin, in 1902 verhuisden naar de boerderij met het huidige adres Rijksweg 70 en dat de sluiswachterswoning in 1903 publiekelijk is geveild en dat de koper Klaas Klaassen is.
Dat is dan toch wel een niet te verdoezelen verschilletje tussen de aankondiging in de Provinciale Drentsche en Asser Courant en dat wat Klaas de Boer heeft geschreven ! Dat is toch wel een dingetje ! Dat behoeft wel enig grondig onderzoek !
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van de boerderij ter plekke van de voormalige oude sluiswachterwoning bij ut Wittelterschut gemaakt op 9 april 2013. Het voorste woongedeelte van de boerderij is de oude sluiswachterswoning geweest. De redactie zal te gelegener tijd en zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf enige nieuwe kleurenfoto’s van deze locatie toevoegen aan dit bericht.
Zie in het bijzonder ook het bericht Ièst mit de vlegel un legge rogge döss’n op de deele.

Posted in de Voat, Witteler skut, Wittelte | Leave a comment

Ièste anplakbiljet van ut eup’mlochtspel uut 1946

Dorpsdokter Ludolf Dirk Broekema maakte in 1946 eigenhandig het eerste aanplakbiljet voor het aankondigen van de uitvoering van ‘een Midzomernachtsdroom’ van William Shakespeare.

De gedreven dorpsdokter Ludolf Dirk Broekema was de grote man achter het succes van de opvoeringen van stukken van William Shakespeare in het openluchttheater van Diever. Hij was mede-oprichter van de toneelvereniging Diever op 24 mei 1946.
Hij was het die toen voorstelde die zomer de Midzomernachtsdroom van William Shakespeare te spelen. Leden vroegen zich af of dat niet te hoog gegrepen was. De dokter was echter de mening toegedaan dat Shakespeare zijn 37 stukken had geschreven voor het gewone volk. Hij had zijn toekomstplannen in gedachten al klaar.
Zo gebeurde het dat al kort daarna op 31 augustus en 2 september 1946 (beginnende op 8.30 precies) een voorstelling werd gegeven. Een lange en zeer succesvolle traditie van Shakespeare spelen door het volk en voor het volk was begonnen. Want nooit is iets verkeerd of ongepast, wat eenvoud in oprechten ijver biedt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In 2006 was het zestig jaar geleden dat in Deever in de bos voor het eerst het Openluchtspel werd opgevoerd.
De redactie van ut Deevers Archief heeft in 2005 voor de zeer gewaardeerde leden van de heemkundige vereniging uut Deever voor het kalenderjaar 2006 een zogenaamde ‘historische kalender’ gemaakt. Het samenstellen van deze kalender was een echte wandeling op de wegen der vrijheid.
Deze kalender toont mooie beelden uit de beginjaren van het Openluchtspel. De redactie wil de zeer gewaardeerde
 bezoekers van ut Deevers Archief een afbeelding van het allereerste aanplakbiljet van het Openluchtspel van 1946, die ook het voorblad van genoemde kalender siert, niet onthouden.
Dorpsdokter Ludolf Dirk Broekema heeft deze affiche met eigen hand gemaakt, de gedrevenheid straalt van deze afbeelding af. Het origineel van deze afbeelding bevindt zich in ut 
Drents Archief in Assen.
Opvallend is dat in het eerste jaar van het Openluchtspel maar twee uitvoeringen zijn gegeven. De entreeprijs was twee gulden. De kaarten voor het Openluchtspel van 1946 konden worden gekocht in café Figeland an de brink
 van Deever.

Posted in Cultuur, Deever, Eup’mlogtspel, Historische kalender, Kuunst, Topstuk | Leave a comment

Maurice Domingo hef sien oorlogsherinneringskruus

De staat der Nederlanden kende op 2 januari 1951, wel een beetje erg rijkelijk laat, het Oorlogsherinneringskruis met de gesp ‘Krijg te land 1940 – 1945’ toe aan de Franse parachutist Maurice Domingo uit Narbonne. Bij de onderscheiding zat geen fraai gekalligrafeerd en door de koningin der Nederlanden ondertekend diploma, maar een tamelijk nogal in vette ambtelijke taal geschreven papperasje, niet ondertekend door de koningin der Nederlanden, die was even niet op kantoor, die was op wintersportvakantie in Sankt Anton, ook niet ondertekend door de minister van oorlog en ook niet ondertekend door de tijdelijke minister van buitenlandse zaken, maar uiteindelijk onder aan de hiërarchische ladder ondertekend door de secretaris-generaal van het ministerie van oorlog.

De tekst van het papperasje luidt als volgt.
Wij Juliana, bij de gratie Gods, koningin der Nederlanden, prinses van Oranje, enz., enz., enz. 
Op de gemeenschappelijke voordracht van onze minister van oorlog en van buitenlandse zaken van 20 december 1950, DG Litt, Z 310; en van 27 december 1950, directie kabinet en protocol  /DE, no. 127018; hebben goedgevonden en verstaan: Toe te kennen het oorlogsherinneringskruis met de gesp ‘Krijg te land 1940 – 1945’ aan Maurice Domingo, van het voormalig 3e ‘Regiment de Chasseurs Parachutistes’ der S.A.S. troops van het Franse leger; wegens: ‘Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden, door na in de nacht van 7 op 8 april 1945 per valscherm in Drenthe achter de vijandelijke linies te zijn geland, op onverschrokken wijze deel te nemen aan de daaropvolgende gevechten. Door dit optreden mede te werken aan de bevrijding van Nederland en daardoor de belangen van de Nederlandse staat te dienen.’ Onze ministers van oorlog en van buitenlandse zaken zijn, ieder voor zoveel hem betreft, belast met de uitvoering van dit Besluit, waarvan afschrift zal worden gezonden aan de kanselier der Nederlandse orden. Sankt Anton, 2 januari 1951. Juliana. De minister van oorlog, H.L. s’ Jacob. De minister van buitenlandse zaken a.i., W. Drees. Overeenkomstig het oorspronkelijke, de secretaris-generaal van het ministerie van oorlog, Rietveld. Voor eensluidend uittreksel, de secretaris-generaal van het ministerie van oorlog.

De redactie van ut Deevers Archief heeft in enige berichten aandacht besteed aan de Franse parachutist Maurice Domingo. De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan deze berichten vinden door in het rechter deel van het scherm de categorie ‘Franse parachutist’ aan te klikken of via het zoekvenster te zoeken naar ‘Maurice Domingo’.
Het Oorlogsherinneringskruis diende als beloning voor a). militairen, in dienst van het koninkrijk der Nederlanden; b). Nederlanders of Nederlandse onderdanen, dienende aan boord van Nederlandse koopvaardij- of vissersschepen onder Nederlands dan wel geallieerd beheer; c). Nederlanders of Nederlandse onderdanen, deel uitmakende van vliegtuigbemanningen der Nederlandse burgerluchtvaart onder Nederlands dan wel geallieerd beheer.
De Franse luchtcommando Maurice Domingo voldeed niet aan deze drie voorwaarden, maar kreeg desalniettemin het Oorlogsherinneringskruis met de gesp ‘Krijg te land 1940 – 1945’ toegekend. Want ut was ur iene mit hoar op de koes’n.

Posted in Fraanse parachutist, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Wie hef toch die plèsnème Zorgvlied bedaagt?

Historische kringen op Zorgvlied zijn bezig uit te zoeken wie toch de bedenker is van de naam Zorgvlied of hoe de naam Zorgvlied is ontstaan.
Was Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt de bedenker van deze naam ?
Of komt Lodewijk Guillaume Verwer de eer toe ?
Of heeft het dorp zijn naam ontleend aan Huize Zorgvlied, de villa die Jacobus de Ruijter de Wildt liet bouwen op het toen nagenoeg lege Wateren ?
Maar wie gaf de naam Huize Zorgvlied aan de villa ? Was het de eerste eigenaar Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt of was het de tweede eigenaar Lodewijk Guillaume Verwer ?
Had de villa eerst de naam Castra Vetera om vervolgens omgedoopt te worden tot Huize Zorgvlied of omgekeerd ? Of kreeg de villa pas veel later de naam Castra Vetera ?
De redactie van ut Deevers Archief wacht rustig de resultaten van dit diepgaande en belangwekkende heemkundige uitzoekwerk af en zal hier te zijner tijd over berichten.
Wellicht weet een zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief de antwoorden, aarzel dan niet een reactie in te sturen.

Posted in Castra Vetera, Zorgvliet | Leave a comment

Sukersakkie van pension Vierhoven an de Bosweg

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw lag hotel-café-restaurant-pension ‘Berk en Heuvel’ van Kornelis (Knelus) Vierhoven (hij is geboren op 11 februari 1915 en is overleden op 10 februari 1972, hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg in Deever) an de Bosweg in Deever tegenover de Uitkijktoren.
Het was toen met name in de zomer een druk beklant hotel-café-restaurant-pension met nota bene een grote theetuin..
Het hotel-café-restaurant-pension met theetuin had net zoals zoveel andere hotels, cafés, restaurants, pensions, cafetaria’s, lunchrooms, kantines, enzovoort ‘eigen’ sukersakkies. Eén van die sukersakkies – aanwezig in de verzameling van ut Deevers Archief – is hier afgebeeld.
De maker van de tekening op het sukersakkie heeft zijn tekening niet zelf bedacht, maar waarschijnlijk min of meer heeft overgetekend van een mooie zwart-wit ansichtkaart.
Merkwaardig genoeg lijkt Kornelis Vierhoven zelf geen ansichtkaarten van zijn bedrijf te hebben uitgegeven.
De redactie van ut Deevers Archief is bekend met een aantal uitgaven van deze ansichtkaart.
In januari 1963 is de afgebeelde ansichtkaart uitgegeven door Roelof (Roef) van Goor’s boekhandel, Deever (Dr.).
In november 1965 is de afgebeelde ansichtkaart heruitgegeven door Levensmiddelenbedrijf Albert Kuiper, Deever (Dr.), telefoon 05219-1221.
In november 1966 is de afgebeelde ansichtkaart heruitgegeven door Hendrik Koopman, Drogisterij ‘de Gaper’, Deever (Dr.).
In januari 1968 is de afgebeelde ansichtkaart heruitgegeven door Levensmiddelenbedrijf Albert Kuiper, Deever (Dr.), telefoon 05219-1221.
In november 1968 is de afgebeelde ansichtkaart heruitgegeven door Roelof (Roef) van Goor’s boekhandel, Deever (Dr.).
Wellicht zijn er nog meer (hopelijk oudere) uitgaven geweest. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief het weet, die mag het natuurlijk zeggen.
De redactie heeft het vermoeden dat de gebruikte foto voor de ansichtkaart is gemaakt in de zomer van 1963.

 

Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, Bosweg, Sukersakkie, Toeristenindustrie | Leave a comment

Vincent en Daniëlle holt van mekaèr

In de buurt van het Monument van mr. A.C. op Berkenheuvel staan beuken, die een bast hebben, die heel geschikt is om met een scherp mes (bijvoorbeeld een Kloezie) in te snijden. Zeker in de zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw kwam het nog wel voor dat verliefde stelletjes hun verkering ‘vereeuwigden’ in een houtsnede in een beuk. Vincent en Daniëlle. Twee namen met daartussen een met een pijl doorboord hart. De letters van de houtsnede worden door het groeien van de boom elk jaar iets groter en deze letters zijn door de jaren heen steeds slechter te lezen en zullen uiteindelijk vervagen.
De rodondendrons bij het Monument op Berkenheuvel bevinden zich in een verhoute en slecht onderhouden staat. Het lijkt alsof de zeer vele erfgenamen/nazaten van mr. A.C. in geen zestig jaar naar deze struiken hebben omgekeken. De redactie van ut Deevers Archief raadt de zeer vele erfgenamen/nazaten van mr. A.C aan deze hinderlijke struiken te verwijderen.
De redactie heeft bijgaand afgebeelde kleurenfoto op 25 april 2018 gemaakt. De rodondendrons bloeiden nog niet.
De afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is in juli 1951 uitgegeven. In die tijd stonden geen rodondendrons bij het monument, zodat het monument van alle kanten goed was te zien.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Ansigtkoate, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

Bezinepompe van Laamut Roll’n an de brink

In het Nieuwsblad van het Noorden verscheen op 26 april 1926 in het krantenverslag van de vergadering van de raad van de gemiente Deever gehouden op 23 april 1926, dat Lambertus Rolden vergunning werd verleend voor het plaatsen van een ondergrondse benzine-tank met automatisch werkende pomp op gemeentegrond aan de brink van Deever.

Diever, 23 april.
In de heden gehouden raadsvergadering werd het benoemd-verklaarde lid van den raad, de heer J. Klaassen te Wittelte, na beëdiging als zoodanig toegelaten.
Verschillende ingekomen stukken werden voor kennisgeving aangenomen, onder andere besluit van Gedeputeerde Staten houdende goedkeuring instelling eiermarkt te Dieverbrug; verslag van den toestand der gemeente en dat betreffende de volkshuisvesting over 1925.
De handwerkonderwijzeressen te Wapse, mejuffrouw M. Oost en te Wateren, mej. K.H. Akkerman werden wederom voor één jaar benoemd.
Het vermenigvuldigingscijfer voor de plaatselijke inkomstenbelasting werd vastgesteld op 2,5 (vorig jaar 2,3). De opbrengst van genoemde belasting wordt dan geraamd op f. 28000.
De verordening op den keuringsdienst van vee en vleesch werd gewijzigd in verband met de aansluiting van de gemeente bij de N.V. Thermo-Chemische fabrieken te Bergum.
Vastgesteld werd een nieuwe verordening op de logementen, herbergen, tapperijen, enzovoort.
Op het verzoek van de Bataafsche Import Maatschappij, bijkantoor Groningen, om in gemeentegrond bij den rijwielhandelaar Rolden te Diever een benzine-tank met automatisch werkende pomp te mogen plaatsen, werd goedgunstig beschikt en de vergunning tot wederopzeggens verleend.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Jan Klaassen is geboren op
 16 juni 1884 in Lheebroek en is overleden  op 28 maart 1956 in Wittelte. Hij is getrouwd op 4 mei 1907 met Annigje ten Brink. Zij is geboren op 24 april 1880 in Wittelte en is overleden op 18 juli 1935 in Wittelte. Jan Klaassen hertrouwde in 1936 (?) met Grietje ten Brink. Zij is geboren op 9 maart 1882 in Wittelte en is overleden  op 15 juli 1958 in Wittelte. Zij was een zuster van Annigje ten Brink.
In 1925 werd de N.V. Nederlandsche Thermo Chemische Fabrieken (NTF) te Amsterdam opgericht door José Vigeveno, mr. M. Kan en Karel Mozes. Het gelukte deze N.V. om in 1926 haar eerste fabriek in Bergum op te richten. De eerste destructor van dit bedrijf werd op 15 april 1926 geopend. Vanaf die tijd werden kadavers van vee, zoals koeien, varkens en paarden, vervoerd naar Bergum om daar vernietigd te worden. Veel Deeversen zullen zich onder meer de stinkende kadaverbak op ’t Kasteel herinneren.
De Bataafsche Import Maatschappij was de voorloper van Shell Nederland en is vernoemd naar het olierijke Batavië (Indonesië). Rijwielhandelaar Lambertus Rolden was met zijn bedrijfje gevestigd aan de brink in Deever, op de plaats waar nu café-restaurant-cafetaria ’t Keernpunt is gevestigd. Zie bijgaande foto (gepubliceerd met toestemming van de familie Rolden). Op de foto is Hendrik Jan Rolden, de zoon van Lambertus Rolden bij de benzinepomp te zien.

 

 

 

 

 

Posted in Bedrief, Brink, Deever, Neringdoende, Topstuk, ut Kastiel | Leave a comment

Bee de schièrboas

De redactie van ut Deevers Archief heeft van Lammert Joustra toestemming de door hem geschreven artikeltjes voor het blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever op te nemen in ut Deevers Archief.
Bijgaande vijf korte artikeltjes -voorzien van een korte inleiding van de redactie- zijn gepubliceerd op bladzijden 11, 12 en 13 van Opraekelen 04/2 (juni 2004).

De redactie heeft Lammert Joustra uit Zuidwolde (Drenthe) bereid gevonden herinneringen en voorvallen (annekkedotes) uit de tijd dat hij in Deever kapper was op papier te zetten. De eerste aflevering van deze serie is gepubliceerd op bladzijden 19 tot en met 21 van Opraekelen 03/4 (zie het bericht Bee’j de scheerboas). Voor meer informatie over Lammert Joustra wordt de lezer verwezen naar de inleiding bij de eerste aflevering.
Deze aflevering gaat over de dorpsfiguur Jans (Jansie) Grit. Jans Grit werd op 8 maart 1897 geboren en overleed op 26 november 1969. Hij was de laatste verpleegde van ut Aar’mhuus an de Grönnegerweg. Hij kwam, nadat de Nederlands Hervormde kerk ut Aar’mhuus in 1967 had verkocht, en na nog enige tijd op ut Kastiel in Deever te zijn gehuisvest, helaas terecht in het bejaardenhuis Dickninge in De Wiek. Zijn lichaam is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deeverde.

Goeie mörn saem’m
Op de 2002-kalender van de Historische Vereniging Gemeente Diever staat Jans Grit afgebeeld. Hij woonde in het Armenhuis aan de Groningerweg in Deever. Jans was vaste klant bij ons, hij liet zich één keer per week scheren.
Wij scheerden Jans gratis, omdat hij weinig geld had. Maar… hij moest wel aan één voorwaarde voldoen. Zo gauw hij de zaak binnenstapte, moest hij zeggen: ‘Goeie mörn saem’m.’
Op een zaterdagmorgen vergat hij deze zin te zeggen bij het binnenstappen. We zeiden tegen Jans, toen hij aan de beurt was: ‘Jans, als we jou nu gaan scheren, dan moet je helaas wel betalen.’ Jans keek ons heel verwonderd aan. ‘Wat is dit nou toch’, moet hij gedacht hebben. Tijdens zijn consternatie zei een klant: ‘Hé, Jans, dan ga je toch even naar buiten en kom je weer binnen en dan zeg je: Goeie mörn saem’m.’ Jans vond dat de beste raad, hij ging naar buiten en kwam weer binnen met: ‘Goeie mörn saem’m.’ We hebben Jans die zaterdagmorgen net zo geschoren als op andere zaterdagen.

Betalen met een erfenis
Jans Grit was zeer gecharmeerd van horloges en klokken, dat was algemeen bekend. In de kapsalon hadden we boven op de kaptafel een klokje staan. Alleen Jans Grit mocht dit klokje opwinden.
Na ettelijke jaren van gratis scheren deden we Jans Grit een voorstel. Geert zei: ‘Jans, ik scheer je nu al zoveel jaren voor niks, kunnen we het niet zo regelen dat ik alle horloges krijg als jij er straks niet meer bent.’ Na veel nadenken -ja het duurde wel enkele weken- besloot Jans te voldoen aan die wens. ‘Now vuruit dan moar, dan doe’k dat wel.’ Er werd een stukje papier gepakt, waarop Jans eigenhandig schreef: ‘Als ik overleden ben, krijgt Geert alle horloges.’ Altijd is dat briefje bewaard in het klokje op de kaptafel. Na jaren is Jans van het Armenhuis verhuisd naar het bejaardenhuis Dickninge in de Wijk en is daar ook overleden. Maar de schenking van Jans is wel uitgevoerd. Hij was de enige klant die via een erfenis betaalde. Meer erfenissen hebben we niet gehad.

Jans en zijn horloges
Jans liep elke zondag op zijn gele klompen van het Armenhuis aan de Groningerweg naar Dwingelo, daar woonde horlogemaker Kempema. Al die uurwerken daar maakten veel indruk op de Jans. Daarom ruilde hij vaak een horloge of een klokje. Een kleine bijbetaling en hij had weer een ander uurwerk en Jans was weer de koning te rijk. Hij had twee polshorloges en twee zakhorloges. Een horloge had zelfs op de achterzijde een afbeelding van een paard. Dat horloge was zeer waardevol voor Jans.

Het luilekkerland van Jans
Jans wist zeker dat luilekkerland bestond. Wij ontkenden dat vaak, maar Jans hield vol dat het er wel was. Dat was niet uit z’n hoofd te praten. Hij wist niet precies waar het lag, ja in de buurt van Amerika. Hij wist wel dat als je daar naar binnen wilde je je dan door een berg rijstebrij met bruine suiker moest eten, maar die berg was zo groot, je kon je er gewoon niet doorheen vreten en daarom kwam je er volgens Jans nooit: ‘Ie muut oe deur ‘n baarg mit riesenbreej hen vreet’n en dat lokt oe neet, joh.’

Jans op de foto
Jans had een keer een foto bij zich waarop hij stond afgebeeld bij een dressoir, het was duidelijk te zien, de foto was genomen in een normale huiskamer. We vermoedden dat die foto was gemaakt bij horlogemaker Kempema in Dwingelo. Onze eerste vraag was: ‘Ja, hoe kom je toch aan die foto ?’ Volgens Jans was dat wel duidelijk, die had Frits, de zoon van Kempema meegenomen. Onze vraag was toen: ‘Waar woont die man dan toch ?’ ‘Now, die woont in Enschede.’ ‘Zeg Jans, ben je daar dan geweest ?’ ‘Nee’ zei Jans, ‘ik bin doar nooit ewest.’ Ik vroeg hem toen: ‘Is die foto dan misschien in Dwingelo gemaakt ?’ ‘Nee’, zei Jans ontkennend, maar toch wel iets venijniger vervolgde hij met: ‘Ie snapt ‘r ok niks van man, die Frits hef die foto mit eneum’m. Lammert, ie begriept ‘r ok niks van.’ Ik vroeg toen: ‘Hoe kan dat dan ?’ Hij antwoordde: ‘A joh, dat Fritsie kent mee’j wel van slag.’

Posted in Aar'mhuus, Neringdoende, Opraekelen | Leave a comment

In ut Deevers Archief is ut gewoon Dwingel

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 19 mei 2006 verscheen in de rubriek ‘Eertieds in dizze streek’ van Lammert Huizing (inmiddels overleden) het artikel ‘Dwingel(oo), ien o te veul’.
De redactie van ut
 Deevers Archief is het roerend eens met wijlen Reinder Smit dat Dwingelo met één o behoort te worden geschreven. Vandaar dat in berichten in ut Deevers Archief waar nodig het dorp Dwingelo consequent met één o wordt geschreven, maar bij voorkeur gewoon als Dwingel wordt geschreven.
De redactie heeft het artikel van Lammert Huizing hierna overgezet in de Deeverse streektoal. De redactie ontvangt graag reacties op de tekst in het Deevers.

Het is nog altied een roadsel hoe as Dwingel an die tweide o in sien naeme ekoo’m is. Dik veur honderd joar wödde de naeme van de vroggere gemiente mit die tweide o opeknapt.
Veur 1898 wödde de naeme al seins de Middelieuwen eskree’m mit iene o. De spelling van de naeme is ok nooit chapiter van conversoazie ewest,
In 1898 was Frank Ernst Boudewijn van den Biesheuvel Schiffer börgemeister van Dwingel. Hee stön hier tot 1924. Sien amswoning stön an de Deeverbrogge. Net as bee sien veurgangers was dat de vroggere bajes mit cipierswoning ebouwd in 1852, Sien vae liefhebberde in woap’mkunde en die tiekende een woap’m veur de gemiente van sien zeune. De börgemeister stuurde dit woap’m veur goodviend’n hen de menister van justisie. In de breef an de menister vreug hee ’te willen bevorderen’ dat de naeme van de gemiente in ’t raandschrift as Dwingeloo espelt wödt.
De börgemeister vurwees doarveur noar een besluut van de gemienteroad.
Het oardige is dat er in de notul’n van de road en ok in de vurslaeg’n van B en W niks is te viend’n van een besluut um van iene over te stapp’m noar de dubbele klinker. Ok is er gien enkel spoor van ienig historisch underzuuk noar de olde skriefwiezen van de naeme Dwingel.
De Dwingeler geschiedskriever Reinder Smit miende dat ’t toemoalige gemientebestuur amit de skriefwieze mit twee o’s deftiger vönd. Meer eernsachtig. Ok zul het könn’n dat see ansluting woll’n bee aandere plekk’n op loo in Drenthe, die sowat allemoale uutloopt op een dubbele oo. Het kön zöls weed’n dat Van den Biesheuvel Schiffer hielemoale eigenbannig ehaandeld hef.
Noa dat besluut begun de ellende over de juuste spelling van Dwingel. Van officiële en ok van niet-officiële kaante is algedurig evroagd um kloarheid in de kwestie van de extra o.
In 1950 kreeg börgemeister Wilhelm Arent Stork een breef van de P.T.T. Möt Dwingel now mit iene of mit twei o’s eskree’m wödd’n ? vreug’n see. De P.T.T. wol zökke neeje stempeltoestell’n veur ’t stempel’n van poststukk’n. Stork skreef weerumme dat de naeme mit twee o’s officieel was. Hee vurwees doarbee noar ’t vrömde roadsbesluut van 1898.
Dwingel(oo) buut’n de gemientegreins’n wöd overigens altied mit iene o eskree’m, so as de Dwingeloweg en de Dwingeloskoele in Winschoten en de Dwingelostroate in Den Haag.
Hoe dèènkt de Dwingelers sölf over de skriefwieze van de naeme van heur dörp ? See bint ewend an die o te veule en ’t heuft neet veraanderd te wödd’n, ‘umdat ’t altied so ewest hef”.
Dat de naeme sowat düzend joar lange eskree’m is mit iene o, speult gien enkele rolle.

Abracadabra-466

Posted in Aarfgood, Deevers | Leave a comment

N.S.B.-burgemeester Pier Obe Posthumus voor het hof

In de Heerenveensche Courier van 8 januari 1949 verscheen het volgende artikel over de berechting van de N.S.B.’er Pier Obe Posthumus, die in het laatste deel van de Tweede Wereldoorlog burgemeester van de gemiente Deever was.

Bijzonder Gerechtshof Assen
De ex-burgemeester van Diever, Pier Obe (Obe) Posthumus voor het Hof.
De geestelijke vader van de beruchte bloedploeg.
De N.S.B. burgemeester van Diever was geen burgervader voor zijn ingezetenen. De nu 61-jarige Posthumus (vroeger reiziger in smeerolie en landbouwmachines), was in bezettingstijd blokleider en waarnemend groepsleider van de N.S.B.
Hij nam deel aan een burgemeesterscursus in Groningen; toen volgde de benoeming tot wethouder en loco-burgemeester van Haren en 2 april 1944 kwam zijn benoeming tot burgemeester van Diever af.
Verdachte haalde de landwacht in zijn gemeente, omdat de politie niet betrouwbaar was.
Dit was het begin van de beruchte bloedploeg, onder leiding van Sanner. Verdachte was kostganger van caféhouder Balsma te Diever en kon bijzonder goed met zijn kostbaas opschieten. Zo werden de te nemen maatregelen samen besproken.
De gevolgen waren niet best voor de burgerij. Zo werd door verdachte met medewerking van Balsma gearresteerd Brulsma (Bruursema), Druhla (Dinkla) en ds. M. Geertsema, van wie laatsgenoemde in Duitsland is omgekomen. Een dag tevoren was Zwanenburg gearresteerd.
Mensen die wegbleven van de O.T.-werken moesten het vooral ontgelden.
Uit de getuigenverklaringen blijkt, dat verdachte zich weinig bemoeide met gemeentezaken, maar veel aandacht besteedde aan de O.T.
Aan de leider van de distributiedienst werd opdracht gegeven om de stamkaarten van onderduikers in te houden.
Met medewerking van de beruchte Sanner en de commandant van de S.D. te Heerenveen Krombergen werden verschillende huiszoekingen verricht, rijwielen en potten en pannen gevorderd. Alles in het belang van de O.T.
Tot de arrestanten behoorden o.a. ook dr. van Nooten te Dwingelo en H. Poot te Diever.
De smid J. Kloeze te Wittelte werd een revolver op de borst gehouden, toen hij aanvankelijk weigerde om de woning van het hoofd der school te Wittelte, André, mee leeg te halen, nadat de landwacht hem gelast had deze open te breken.
Gevallen van ‘vordering’ zijn er vele. Een schandelijke feit voor verdachte was, dat hij in de hongerwinter de mensen uit het Westen, die in Diever kwamen om wat te halen, op straat aanhield en hen van de goederen beroofde, het meenam naar zijn kosthuis en daar het gestolene opmaakte.
Wachtmeester 1e klasse van de rijkspolitie Themming (Temmingh) is ook eens door de burgemeester gearresteerd toen hij weigerde zijn medewerking te verlenen om op één middag 30 fietsen te vorderen.
De president bepaalde het requisitoir en pleidooi op 20 januari a.s.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de tekst staat Brulsma, dit moet zijn Bruursema.
In de tekst staat Druhla, dit moet zijn Dinkla, huisdokter in Dwingel.
ds. M. Geertsema was dominee van de gereformeerde geloofsgemeente in Dwingel.
O.T. is de afkorting van Organization Todt, een Duitse bouwmaatschappij tijdens het bestaan van nazi-Duitsland.
Over de bloedploeg van Norg onder leiding van Geert Sanner zijn in de webstee wo2forum.nl meer gegevens te vinden in het artikel ‘Villa Nijenhuis, het Scholtenhuis van Norg’ van Dick Heuvelman.

Posted in Deever, N.S.B.'er, Pier Obe Posthumus, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Deur ut dakraem köj mooi de toor’n an de brink seen

De redactie van ut Deevers Archief kwam in het fotoalbum van de webstee van vakantieboerderij ‘Onder de eiken’ bijgaande kleurenfoto -een topstuk- tegen. David en Monique Samson zijn de eigenaren van deze tot vakantieboerderij omgebouwde woonboerderij. De boerderij heeft als adres Heufdstroate 76 in Deever. Langs de boerderij loopt ut Swatte Pattie van de Hoofdstraat naar de Vlasstraat. Dit paadje heeft abusievelijk de naam Bultie gekregen.  David Samson heeft deze foto op 17 maart 2015 gemaakt. De redactie heeft toestemming van hem bijgaande foto in ut Deevers Archief te tonen. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
De foto is gemaakt vanuit een van de tegenwoordige slaapkamerramen in het schuine dak van de vakantieboerderij aan de kant van ut Swatte Pattie. Ja, want alleen van de kant van ut Swatte Pattie en van die hoogte is de gemeentelijke toren aan de brink van Deever zo op de foto te zetten. Wat de foto bijzonder maakt is de zwarte omlijsting van het dakraam. Deze is niet zwart gemaakt met behulp van een modern fotobewerkingsprogramma op de computer. In werkelijkheid is de betimmering van het schuine dak licht gekleurd, maar door de camera als zwart waargenomen vanwege de inval van het vele zonlicht door het dakraam.

Posted in Toor'n an de brink, Topstuk | Leave a comment

De Kalkoom’s tuss’n de Deeverbrogge en de Gowe

De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief (papperrassies scannen en vervolgens die papperrassies in de container voor het oude papier gooien), bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geachte afbeelding. In dit geval betreft het de foto op het voorblad van het niet meer bestaande maandblad Oeze Volk, nummer 7, jaargang 17, juli 1973. Wim Hiddingh uit Gasselte is de maker van de zwart-wit foto voor deze afbeelding.

In 2016 is na ruim zestig jaren helaas een einde gekomen aan het mooie Drentstalige maandblad Oeze Volk. Het Drentstalige tijdschrift Zinnig is met ingang van 1 januari 2017 de opvolger van Oeze Volk. Het Huus van de Toal is de uitgever van het tijdschrift Zinnig.

De redactie heeft toestemming van de redactie van het tijdschrift Zinnig dit mooie voorblad in ut Deevers Archief te tonen. De redactie van ut Deevers Archief is de redactie van Zinnig bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.

An de Deeverbrogge in de buurt van de Drentse Hoofdvaart langs de provinciale weg tussen de Deeverbrogge en de Gowe zijn de restanten van een kalkovencomplex aanwezig. Dit industriële complex is in 1925 gesticht als schelpkalkbranderij en omvatte in dat jaar twee schelpkalkovens en een leschhuis.
Later is het complex uitgebreid met een elektrisch aangedreven transporteur, een derde oven en een schelpenbreker.
De derde oven en het leschhuis zijn in 1959/60 echter helaas jammer genoeg afgebroken, zodat nu nog de twee oudste identieke ovens resteren en het geraamte van de transporteur.
De grondstof schelpen en de brandstof turf werd aangevoerd in schepen. Het product schelpkalk werd afgevoerd in schepen, maar ook in vrachtwagens en tot 1933 ook in goederenwagons van de Nederlandse Tramweg Maatschappij (N.T.M.).

Posted in An de Deeverbrogge, de Kalkoo’ms | Leave a comment

An de olde brink van Deever op 12 mei 1955

De maker van deze zwart-wit foto was zo slim om op 12 mei 1955, dus niet zo lang vóór het begin van de grote vernieling van de brink van Deever in de jaren 1955-1957, nog een foto te nemen. Een vernieling dit daarna tot op de dag van vandaag is doorgegaan. Let vooral op de rododendronstruiken bee de braandkoele op de brink.
Dat deze foto vóór de restauratie van het kerkgebouw, die in gebruik is bij de hervormde geloofsgemeente, is gemaakt, dat is onder meer te zien aan de klok boven het galmgat in de gemeentelijke toren.
Tegenwoordig wordt dit kerkgebouw, dat nog steeds in gebruik is bij de hervormde geloofsgemeente te pas en vooral te onpas en onterecht en zonder respect voor de huidige gebruikers Sint Pancratiuskerk of Pancratiuskerk genoemd.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds graag naar afbeeldingen op papier kijkt, die kan de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart ook ten zeerste, zij het helaas sterk bijgeknipt, bewonderen op bladzijde 64 van het Magnus Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dit dikke zware boekwerk zijn of dit dikke zware boekwerk bij iemand in kunnen zien. Wellicht is op de één of andere webstee al een pre-owned -om maar eens een nieuw Nederlands onwoord te gebruiken- exemplaar van dit dikke zware boekwerk te koop.

Posted in Ansigtkoate, Brink, Kaarke an de brink | Leave a comment

Ut bidplaètie van mr. dr. Lodewijk Guillaume Verwer

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag bidprentjes van rooms katholieken die in de gemiente Deever zijn geboren en zijn overleden of in de gemiente Deever zijn geboren, maar niet zijn overleden of niet in de gemiente Diever zijn geboren, maar wel zijn overleden. Dit bericht toont het bidprentje van mr. dr. Lodewijk Guillaume Verwer. 

Tekst op het bidprentje
Gedenk in uwe gebeden de ziel van zaliger den weledelgestrengen heer mr. Lodewijk Guillaume Verwer, echtgenoot van mevrouw Johanna Cornelia Ludivica van Wensen, geboren te Makkum 4 maart 1846; gesterkt door de genademiddelen der Heilige Kerk, overleden op den Huize Zorgvlied te Zorgvlied (Dr.) 8 november 1910 en begraven op 11 november daar aan volgend in ’t familiegraf op ’t Rooms Katholieke Kerkhof aldaar.
Ontferm U mijner, o God, volgens Uwe groote barmhartigheid. Mijn lichaam en mijn geest zijn bezweken, maar Gij, o Heer, zijt de God mijns harten en zult mijn aandeel weezen in eeuwigheid. Dat Uw naam, o Heer, in mijn nageslacht gezegend zij !
Dierbare Echtgenoote en kinderen, ik sterf, maar mijne liefde tot u sterft niet; ik zal u beminnen in den hemel, zooals ik u bemind heb op aarde. Vergeet ook Gij mij niet, maar bidt voor mij.
Barmhartigheid mijn Jezus, Lieve Moeder Maria, bid voor mij.
Onze vader, wees gegroet.
Dat hij ruste in vrede.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Als plaats van overlijden wordt voor het herenhuis van de familie Verwer op Zorgvlied nota bene niet de naam Castra Vetera, maar de naam Huize Zorgvlied vermeld !
Het bidprentje is nota bene gedrukt bij drukkerij ’t Kasteel van Aemstel in het verre Amsterdam en niet bij een plaatselijke drukker !

De redactie heeft helaas niet de beschikking over een afbeelding van de achterkant van dit waardevolle bidprentje.

De heer Harmen Altena reageerde op 11 april 2022 als volgt:
Het originele bidprentje is aanwezig in het Archief- en Documentatiecentrum van Rooms Katholiek Friesland in Bolsward, zodat u daar ook de kant met het bidprentje kunt zien.

Posted in Bidplètie, Lodewijk Guillaume Verwer, Zorgvliet | Leave a comment

’t Pattie hen van Wester sien koele

In de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw leerden de kinderen die in de buurt van de boerderij van de familie van Wester (van Wester’s jong’n) in Oll’ndeever woonden in de winter ook schaatsen op van Wester sien koele (de koele van van Wester). Dat was een niet zo kleine braandkoele aan de op bijgaande kleurenfoto zichtbare kant van de boerderij. Deze koele is jaren gedempt geweest, maar is zijn ‘oude luister’ hersteld.
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze foto gemaakt op 4 april 2013.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een goede scan van foto’s uit die wintertijd ?

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever, Pothokke | Leave a comment

Dree skiere tiekenings van de Dikke Stien’n

De redactie van ut Deevers Archief is – zoals mag blijken in de webstee ut Deevers Archief – geïnteresseerd in Deeverse kunst, maar is vooral geïnteresseerd in kunst rond hunnebed D52, dat bint de Dikke Stien’n in de Stienakkers op de Heezeresch an de Grönnegerweg bee Deever, ie weet wè, dat hunnebedde dat in vieftugger joar’n van de veurige eeuw is verinneweerd en verropt deur pefesser Van Giffen. De redactie is per slot van rekening op zo’n 300 meter van de Dikke Stien’n geboren. En per slot van rekening waren de Dikke Stien’n in de vijftiger jaren van de vorige eeuw een populaire speelplaats voor de Deeverse schooljeugd.
De redactie kwam in de prachtige webstee Dolm (oeroude geschiedenis voor iedereen) van scheppend ondernemer Harry Witbier drie pentekeningen van hunnebed D52 van hem tegen. De tekeningen zijn staande of zittende of liggende bij de Dikke Stien’n gemaakt met fineliner pennen van verschillende diktes in een schetsboekje.
De tekeningen zijn, bijvoorbeeld weergegeven op een ansichtkaart of gedrukt op een T-shirt, nog niet te koop in de prachtige webstee Dolm (oeroude geschiedenis voor iedereen) of in de prachtige webstee Gallery Stone Age Art of bij een neringdoende in de toeristenindustrie in Deever.
De redactie kreeg toestemming van kunstenaar Harry Witbier zijn drie pentekeningen te tonen in ut Deevers Archief, onder de voorwaarde deze drie tekeningen uitsluitend en alleen in ut Deevers Archief te tonen; de redactie voldoet uiteraard graag aan deze voorwaarde. De redactie is kunstenaar Harry Witbier bijzonder erkentelijk voor zijn toestemming zijn drie tekeningen in ut Deevers Archief te mogen tonen. Hij stuurde een bestand van de drie hier getoonde tekeningen van de Dikke Stien’n zonder watermerk.

Posted in Hunnebedde D52, Kuunst, Tiekening | Leave a comment

Groeten uit Wapse – Grootmoeder aan ’t spinnen

De redactie van ut Deevers Archief is graag bereid nieuwe aanwinsten te tonen aan de bezoekers van de webstee.
In dit geval betreft het bijgaande afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart, die in 1908 werd verkocht door bakker Marten Dijkstra uit Wapse.
De spinnende vrouw is Janna Rodermond en de man achter het spinnewiel is haar zoon Gerard Rodermond.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief weet wat die man toch aan het doen is ?
Enig zoeken in de burgerlijke stand van de gemiente Deever, die te vinden is in de webstee Alledrenten, leverde de volgende huwelijksakte van 6 april 1867 op:
Bruidegom: Arent Rodermond, geboren te Vledder; oud: 28 jaren; beroep: dienstknecht, zoon van Oost Rodermond, beroep: landbouwer, en Hilligje Hendriks Folkerts, beroep: zonder.
Bruid: Janna Vos, geboren te Vledder; oud: 31 jaren; beroep: dienstmeid, dochter van Pieter Jannes Vos, beroep: landbouwer, en Klaaske Klaassen, beroep: zonder.
Gerard Rodermond werd op 15 juli 1867 geboren op de Smilde (Hoogersmilde).

Abracadabra-456

Posted in Alle Deeversen, Ambacht, Ansigtkoate, Wapse | Leave a comment

Sjoerd Aukes en sien gezin hept op Woater’n ewoond

Op 10 augustus 2020 ontving de redactie van ut Deevers Archief van Jan Nicolaas Aukes, die een zoon is van Johannes Ignatius Aukes, die een zoon is van Jan Nicolaas Aukes, die een zoon is van Sjoerd Aukes, een goede scan van de hier afgebeelde foto, die in 1894 is gemaakt bij de tijdelijke woning van de familie Sjoerd Aukes op Woater’n. De redactie kent geen foto’s, die zijn gemaakt op Woater’n, die ouder zijn dan de hier afgebeelde foto uit 1894. Zou het zo kunnen zijn dat de in Deever geboren en getogen en in Noordwolde gevestigde fotograaf Hans Kuiper, in opdracht van zijn goede kennis Lodewijk Guillaume Verwer, de maker is van deze foto ?

Sjoerd Aukes is geboren op 19 mei 1850 in Woudsend in de gemeente Wymbritseradeel. Sjoerd Aukes trouwde op 10 mei 1875 met Veronica Galema. Veronica Galema is geboren op 25 januari 1856 in Bolsward. Het echtpaar kreeg negen kinderen.
Dochter Hildegonda Isabella Aukes is geboren op 16 mei 1876 in Indijk. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes landbouwer is en woont in het dorp Indijk aan het Heegermeer.
Zoon Jan Nicolaas (Johan) is geboren op 14 maart 1878 in Indijk. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes landbouwer is en woont in het dorp Indijk aan het Heegermeer.
Dochter Klasina Johanna Aukes is geboren op 3 mei 1880 in Huizum. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in het dorp Huizum bij Leeuwarden.
Zoon Albertus Joannes Aukes is geboren op 13 oktober 1882 in Leeuwarden. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Leeuwarden.
Dochter Catharina Maria Aukes is geboren op 5 augustus 1885 in Leeuwarden. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Leeuwarden.
Dochter Ysabella Alida Aukes is eveneens geboren op 5 augustus 1885 in Leeuwarden. De geboorteakte geeft eveneens aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Leeuwarden.
Dochter Johanna Elisabeth Aukes is geboren op 30 april 1888 in Leeuwarden. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Leeuwarden.
Dochter Alida Agatha Aukes is geboren op 23 juli 1890 in Leeuwarden. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Leeuwarden.
Zoon George Michiel Ludovicus Aukes is geboren op 21 mei 1894 in het boerderijtje met adres Woater’n 25. De geboorteakte geeft aan dat Sjoerd Aukes commissionair is en woonachtig is in Zorgvlied

Sjoerd Aukes was in de periode 1875-1878 landbouwer. In de periode 1878-1893 was hij commissionair en vennoot van een graanhandel in Leeuwarden. Een commissionair in granen bemiddelt bij de verkoop van graanproducten van landbouwers. Een commissionair in granen handelt op een korenbeurs. De weduwe Klaaske Galema-Huitema, de moeder van Veronica Galema stond voor een groot bedrag borg in de graanhandel van haar schoonzoon. Die graanhandel werd in 1893 in staat van faillissement gesteld. De compagnon in de graanhandel was een oplichter en was er vandoor gegaan met al het geld, ook het geld van de bank en de juwelen van Veronica Galema. Sjoerd Aukes en Veronica Galema wachtten het faillissement niet af. Zij kwamen met een gedeelte van hun gezin terecht op Woater’n in Drente.
De reden van hun komst naar Woater’n was de volgende. Een van de tantes van Veronica Galema van haar vaders kant, Sytske, dochter van Ysbrand Galema was getrouwd met notaris Idse Verwer in Bolsward. Idse Verwer en Sytske Galema hadden twee zonen: Julius en Lodewijk Guillaume Verwer, beiden waren advocaat. In Leiden, waar de twee broers rechten hadden gestudeerd aan de universiteit, trouwde Julius met Elisabeth Maria Louise van Wensen en trouwde Lodewijk Guillaume Verwer met haar zuster Johanna Cornelia Ludovica van Wensen. De gezusters Van Wensen kwamen uit een gefortuneerde familie. De twee broers kochten het landgoed Groot- en Klein Wateren alsmede Zorgvlied. Julius en Lodewijk Guilaume Verwer hebben het hun nicht Veronica Galema, haar echtgenoot Sjoerd Aukes en hun gezin vast en zeker mogelijk gemaakt een tijdje op Woater’n te komen wonen.

De familie Sjoerd Aukes werd in augustus 1893 ingeschreven op het adres Wateren 25. Met uitzondering van zoon Jan Nicolaas (Johan) Aukes, die in Megen op het Sint Anthonius Gymnasium van de paters Fransiscanen zat. Hij werd in november 1893 ingeschreven op het adres Wateren 25.
Het boerderijtje, dat vòòr 1900 het adres Wateren 25 had, is aangegeven op afbeelding 2. Paul Gols is de maker van afbeelding 2. De huidige plaats van dat boerderijtje is aangegeven op afbeelding 3.

Op de sepiakleurige foto zijn de volgende personen te zien.
De op een stoel zittende man is Sjoerd Aukes.
Naast hem staat zijn vrouw Veronica Galema.
Naast Veronica Galema staat haar oudste dochter Hildegonda Isabella Aukes. Zij is op de foto zeventien of achttien jaren oud.
Naast Hildagonda Isabella Aukes staat haar nicht Agatha Hettinga. Zij is een dochter van Jarig Hettinga en Johanna Galema, een oudere zus van Veronica Galema.
De staande man met het merkwaardige hoofddeksel is L…. Langemeier (Langemeijer ?, Langemeyer ?). Hij is op het herenhuis Castra Vetera de butler van de familie Lodewijk Guillaume Verwer. Wie van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief heeft gegevens van deze butler ? Wat was zijn voornaam ?
De op de grond zittende jongen bij de hond is Jan Nicolaas (Johan) Aukes, de oudste zoon van Sjoerd Aukes en Veronica Galema. Hij is op de foto vijftien of zestien jaren oud.
Het zou zo maar kunnen zijn geweest dat butler Langemeier (Langemeijer ?, Langemeyer ?) bij de familie Sjoerd Aukes langs is gekomen om de aanwezigen op de foto een paar dagen na de geboorte van zoon George Michiel Ludovicus Aukes op 21 mei 1894 namens Lodewijk Guillaume Verwer en Johanna Cornelia Ludovica van Wensen, te trakteren op een borrel.
Het zou zo maar kunnen zijn geweest dat butler Langemeier (Langemeijer ?, Langemeyer ?) bij de familie Sjoerd Aukes langs is gekomen om de aanwezigen op de foto op 27 augustus 1894, vanwege het vijfentwintigjarig huwelijksfeest van Lodewijk Guillaume Verwer en Johanna Cornelia Ludovica van Wensen, die op die dag zelf in het buitenland verbleven, te trakteren op een borrel.

Sjoerd Aukes is na een ernstige ziekte overleden op 2 december 1894 op Woater’n. Hij is begraven op het kleine zeer landelijke katholieke kerkhofje aan de weg met de naam De Monden op Zorgvlied. Afbeelding 4 toont zijn grafsteen. Hij was de eerste persoon die op dit kerkhofje is begraven.

Zoon Albertus Joannes Aukes verhuisde op 3 juli 1895 van Woater’n naar Bolsward, naar de boerderij ‘It Heeghhout’ van zijn grootmoeder, de weduwe Klaaske Galema Huitema.
Dochter Klasina Johanna Aukes verhuisde op 4 december 1895 van Woater’n naar Harlingen.
De oudste zoon Jan Nicolaas Aukes verhuisde op 4 maart 1896 van Woater’n naar Haskerland.
De tweelingdochters Catharina Maria Aukes en Ysabella Alida Aukes en de dochters Johanna Elisabeth Aukes en Alida Agatha Aukes verhuisden op 22 september 1897 van Woater’n naar Harlingen.
De oudste dochter Hildegonda Isabella Aukes trouwde op 3 augustus 1897 in Deever met Klaas van der Werf, zij verhuisden in september 1897 van Woater’n naar België.
Veronica Galema, de weduwe van Sjoerd Aukes, verhuisde met haar jongste kind George Michiel Ludovicus op 2 februari 1898 van Woater’n naar Bolsward, naar de boerderij ‘It Heeghhout’ van haar moeder, de weduwe Klaaske Galema-Huitema.
De weduwe Klaaske Galema-Huitema overleefde haar man 25 jaar. Bijna al die tijd bleef de boedel ongedeeld. Klaaske stond herhaaldelijk borg voor haar kinderen. Haar eigen deel van de erfenis teerde steeds meer in, zo sterk zelfs dat zij in 1898 de boerderij ‘It Heeghhout’ in Bolsward publiek liet verkopen.

Jan Nicolaas (Johan) Aukes werd door Cornelis de Jong, een kleinzoon van Douwe Egberts, opgeleid in het kruideniersvak. Op 15 juli 1902 vestigde Jan Nicolaas Aukes zich vanuit het verre Haskerland in Friesland in de Vrijstraat in Eindhoven, waar hij direct daarna een winkel in comestibles en kruideniers- en grutterswaren opende. Het was al gauw een zeer goed lopende winkel. Kort daarna verhuisde een van zijn zusters vanuit Harlingen naar Eindhoven. Later volgden nog twee zusters, zijn moeder en zijn broer.

In 1910 richtten Jacobus Johannes Ebben, Servaes Bernardus Dames, Jan Nicolaas Aukes en Johannes Bernardus Hettema, allen afkomstig uit Friesland, in Helmond een eerste gezamenlijke bedrijf op onder de naam Combinatie EDAH (samengesteld uit de eerste letter van de achternaam van de vier oprichters). Dit bedrijf zou uitgroeien tot een grote Nederlandse supermarktketen. Jan Nicolaas Aukes trouwde op 11 februari 1909 met Sophia Aleida Maria Hettema een zuster van zijn latere compagnon Johannes Bernardus Hettema. Hij verhuisde op 30 december 1916 met zijn gezin naar Helmond. Op de hier afgebeelde foto is Jan Nicolaas Aukes de jongen bij de hond.

Afbeelding 1
De op een stoel zittende man is Sjoerd Aukes. De op de grond zittende jongen is Jan Nicolaas Aukes. De staande personen zijn van rechts naar links: Veronica Galema, Hildegonda Isabella Aukes, Agatha Hettinga en butler L…. Langemeier. Let ook op de duiventil links achter de butler.


Afbeelding 2
Eerste huisnummering van Woater’n, let op de plaats van de woning met adres Woater’n 25

Afbeelding 3
Op de topografische kaart uit 1997 is de plaats van het adres Woater’n 25 in 1893 aangegeven

Afbeelding 4
Grafzerk van Sjoerd Aukes op het Rooms Katholieke kerkhofje op Zorgvlied. Op de grafzerk zijn te zien de symbolen kruis, anker en hart, respectievelijk het symbool voor geloof, hoop en liefde.

Posted in Woater’n, Zorgvliet | Leave a comment

See daanst en dan nog wè op sundagmiddag

In het Vaderland – Staat- en Letterkundig Nieuwsblad van 5 februari 1920 verscheen het navolgende bericht over het V.C.S.B.-kamp aan de Bosweg tussen Deever en de Olde Willem. De Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.) organiseerde in de twintiger en dertiger jaren van de vorige eeuw in de zomer studentenkampen op een terrein in de buurt van het Mastenveldje aan de Bosweg. Op de ansichtkaart is de groote tent in ’t Studentenkamp te zien.

Kerknieuws – V.C.S.B.
In het laatste nummer van de Berichten uit den Vrijzinnig Christelijken Studentenwereld staat een geestig stukje van professor  Heering, getiteld “O.V.C.S.B., let op uw saek”.
We schrijven over:
“Zooals bekend is hebben hare conferenties wel eens het praedicaat moeten dragen van ‘Jolig Christendom’. Hare jongenskampen waren ook te uitbundig en te sportief. En zelfs drong eens het verwijt tot me door: ‘Wat zijn dat voor Christenen in Diever. Daar wordt gedanst en nog wel op Zondagmiddag.’
Na dit verwijt heb ik ’t toen voor beter gehouden, dat de V.C.S.B. voortaan niet voetbalde , niet sprong en niet danste. Doch tot mijn schrik heb ik gemerkt, dat de wind van kritiek ook uit een tegenovergestelden hoek waait. Er rijzen klachten dat de V.C.S.B. te weinig levenslustig is, te weinig pret maakt.
Ds. Van Wijngaarden heeft een student ontmoet, die kennismakende met de V.C.S.B. , teruggedeinsd was voor de droogstoppels die er waren. Ds. Van Wijngaarden achtte wel is waar deze aanklacht overdreven, maar vond er toch aanleiding in, om in de Nieuwe Stemmen uit de Vrije Gemeente (December 1919) een ernstige waarschuwing te laten hooren, een waarschuwing zóó belangrijk, dat de N.R.C. van 9 januari, ochtenblad, haar overnam. De waarschuwing luidt: De V.C.S.B. hebbe niet te vergeten: ‘Ook bij de sportlievenden, danslustigen is het godsdienstig gevoel niet afwezig.’
Wanneer men nu aan deze bezwaren wil tegemoet komen en tegelijk de eerstgenoemde klachten niet verontachtzamen wil, dan wordt het geval moeilijk, uiterst moeilijk.
Professor Heering’s welgemeenden raad aan de V.C.S.B. is : Kunnen de danslustige en de ernstige lieden elkaar en de zoo hartelijk belangstellende buitenwereld niet tevreden stellen door het volgende in acht te nemen.
’s Zomers danse men een stemmige Quadrille des Lanciers, ’s winters na een ernstige lezing of sectie een vrolijk (maar kalm) walsje ! Zoo betracht gij binnen de grenzen van uw vereniging den rijkdom des levens en houdt allen te vriend, die met hun opbouwende critiek het werk van uwen Bond zoo krachtdadig steunen !

 

Posted in Ansigtkoate, Bosweg, Deever, Student’nkaamp | Leave a comment

Un swat-wit ansichtkoate uut de gemiente Deever

De redactie van ut Deevers Archief is vastberaden van plan van elk van de ongeveer 2000 ooit uitgegeven ansichtkoat’n van onderwerpen uut de gemiente Deever een afbeelding in ut Deevers Archief te tonen. Dat zal niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf gebeuren, maar gestaag, zo nu en dan, net zoals het uitkomt.
Elk bericht in ut Deevers Archief met een afbeelding van een ansichtkoate uut de gemiente Deever is voorzien van de categorie Ansichtkaart. De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief ziet na het aanklikken van deze categorie de stand van zaken.

Diever – Nederlands Hervormde Kerk
Deze ansichtkaart van het kerkgebouw en de gemeentelijke toren is in 1960 uitgegeven door Van Leer’s Fotodrukindustrie N.V. en was te koop bij Jan Brugging (de Wiba) an de Heufdstroate in Deever.
De foto voor deze ansichtkaart is een paar jaar na de grote restauratie in 1955/1957 gemaakt. Op de foto is links achter de bomen naast café Brinkzicht de toen nog niet afgebroken schuur van de beruchte N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te zien. Ook in 1960 bestond in Deever de behoefte het kerkgebouw en de gemeentelijke toren aan de brink te verlichten, maar dan met grote schijnwerpers. Drie van die schijnwerpers zijn te zien in de kaarketuun. Rechts naast de kerk is nog een stukje van de winkel en bakkerij van de gebroeders Hendrik en Albert Krol an de Peperstroate te zien.

Posted in Ansigtkoate, Bosweg, Kaarke an de brink | Leave a comment

Geesje Jantina Schoemaker is uut de tied ekoo’m

Geesje Jantina Schoemaker is geboren op 1 september 1920 in Deever. Zij trouwde op 30 januari 1947 met Jan van der Werf. Zie de bijgevoegde advertentie uit de Provinciale Drentse en Asser Courant van 28 januari 1947.
Zij is overleden op zondag 11 augustus 2013 op 92-jarige leeftijd in haar woonplaats Den Helder. Zie de bijgevoegde advertentie van haar overleden. Zij is op donderdag 15 augustus 2013 vanuit het oude kerkgebouw aan de brink van Deever bij haar echtgenoot Jan van der Werf op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever begraven. Zie de bijgevoegde afbeelding van de foto van de grafsteen, die de redactie van ut Deevers Archief heeft gemaakt op vrijdag 28 november 2020.
Geesje Jantina Schoemaker was in de Tweede Wereldoorlog vooral actief als koerierster van het Deeverse verzet. Zie de diverse berichten waarin ze wordt genoemd in ut Deevers Archief.
Geesje Jantina Schoemaker liet zichzelf Gees noemen. Haar roepnaam was Gees. In ut Deevers: Geese.

Posted in Alle Deeversen, Geese Schoemaker, Overlijdensbericht, Tweede Wereldoorlog, Verzet | Leave a comment

Ut woor’nbook Dreinse streektoal’n stiet op ut internet

Eén van de onderwerpen die aandacht krijgen in ut Deevers Archief is het grootste immateriële erfgoed van de gemeente Deever, te weten de Deeverse streektaal. De redactie van ut Deevers Archief wil en zal waar mogelijk aandacht besteden aan de Deeverse streektaal en zo nu dan berichten in het Deevers publiceren.
Heel veel van de Deeverse streektaal is te vinden in het ‘Woordenboek van de Drentsche Dialecten’ van dr. Geert Hendrik Kocks.
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 29 mei 2009 verscheen het navolgende bijzonder belangrijke bericht over het beschikbaar komen van de digitale versie van het onvoltooide ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’.

Drentsche dialecten op internet
Assen. Het ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’ komt woensdag beschikbaar op internet. Dat gebeurt tijdens een feestelijke bijeenkomst in het provinciehuis in Assen. De nieuwbakken commissaris van de koningin in Drenthe, Jacques Tichelaar, verricht de starthandeling.
Het ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’, het levenswerk van dr. Geert Kocks, was tot dusver alleen beschikbaar in de papieren versie. Kocks begon in 1969 al aan het woordenboek. In september van hetzelfde jaar begon Kocks met het opzetten van woordenboekgroepen in Sleen, waarna in 1973 uitbreiding naar heel Drenthe volgde. Uiteindelijk zouden 620 vrijwilligers afkomstig uit 88 plaatsen in Drenthe meewerken aan de totstandkoming van het woordenboek.
Een paar maanden voor zijn overlijden in 2003, gaf Kocks Siemon Reker en Jan Germs de ‘opdracht’ te blijven werken aan elektronische ontsluiting van het woordenboek.
Het ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’ is vanaf woensdag op drie manieren op internet te vinden: via de webstee van het Huus van de Toal, de webstee van de Rijksuniversiteit Groningen en via www.drentswoordenboek.nl.

Suggesties
De digitale versie van het ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’ biedt ongekende zoekmogelijkheden. Niet alleen Drentsche woorden zijn te vinden, maar men kan ook uitgebreid zoeken van het Nederlands naar het Drentsch, alle voorbeeldzinnen met een bepaald woord zijn in een fractie van een seconde te voorschijn te toveren en fout ingetikte woorden worden van suggesties voorzien om toch achter de juiste betekenis te kunnen komen. Ook kan men zoeken op delen van woorden, bijvoorbeeld op eindletters, waardoor het gebruikt kan worden als rijmwoordenboek.
De internetversie van het ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’ is gemaakt door vijf studenten van de afdeling alfainformatica van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij voerden de digitalisering als stageopdracht uit.
Het ‘Woordenboek van de Drentsche dialectenkan door de digitalisering eenvoudig up-to-date gehouden en uitgebreid worden.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Aan het in 1996 op papier uitgegeven ‘Woordenboek van de Drentsche dialecten’ hebben ook twee woordenboekgroepen uit de gemeente Deever meegewerkt.
De woordenboekgroep uit Deever bestond uit: Albertus Andreae, Lutina Andreae-Talen, Roelof Fransen, Fam. J. Hessels, J, Moes Hzn, en Hendrik Mulder Jzn.
De woordenboekgroep uit Wapse bestond uit: A. Barelds, A. Bennen, Roelof Remmelt Booy, Klaas Hessels, T. Santing-Veenhuis, H. Timmerman-Haveman, G. Veenhuis-Klaassen en K. Warnders.
Wie kan de redactie informeren over de ontbrekende voornamen ?
Merkwaardigerwijs was in Wittelte en in de streek Zorgvlied, Wateren en Oude Willem geen woordenboekgroep actief, toch wordt ook daar de streektaal gesproken. Voorwaar een grote tekortkoming in het onderzoek naar de Drentsche dialecten, in het bijzonder het onderzoek naar de dialecten van Zuid-West Drenthe.

Even in de webstee van het Huus van de Toal een test doen met het niet meer gebruikte en wellicht al vergeten Deeverse woord ophemmeln. Het woord ophemmeln komt inderdaad in het woordenboek voor. Bij dit woord is echter geen Deeverse voorbeeldzin vermeld. Zie de tweede afbeelding. Dan maar even de in die afbeelding weergegeven negen zinnen vertalen in het Deevers:
Wee’j zult de boel ies good ophemmeln.
De kaemer is nog neet opehemmeld.
Ie möt dat ee’m mooi ophemmeln.

Wee’j möt de törf ophemmeln.
De hof möt opehemmeld wödd’n,
De tuun mö’j in het veurjoar weer ophemmeln.
Now wi’k mee’j eerst wat ophemmeln.

De gröppe ophemmeln.
Ik moe de biest nog ophemmeln veur de keuring.

Suggestie
De tijd is al lang geleden aangebroken in elk van de dorpen en gehuchten van de gemeente Diever weer een woordenboekgroep aan het werk te zetten. Een mooie taak voor Deeverse dorpskrachten die zich betrokken voelen bij het behoud van de streektaal.

Abracadabra-459Abracadabra-460

 

Posted in Aarfgood, Deever, Deevers, Dorpskracht, Wapse | Leave a comment

Gemiente Deever liquideert zwembad ‘de Calthorne’

In de Leeuwarder Courant (Hoofdblad van Friesland) verscheen op 26 maart 1988 het volgende bericht over de liquidatie van het gemeentelijke zwembad ‘de Calthorne’ an de weg hen ut Aachterse Kalter’n bee Deever.

Gemeente Diever stoot ‘de Calthorne’ af
Diever wil ook subtropisch zwembad 

Diever. Ook Diever krijgt waarschijnlijk een subtropisch zwembad. Plannen van het gemeentebestuur om het zwembad ‘de Calthorne’ daartoe te bestemmen zijn in een vergevorderd stadium. De gemeente wil het bad echter niet zelf verbouwen en exploiteren, maar dit op de korte termijn overdragen aan een groep particuliere ondernemers, die daartoe een BV willen oprichten.
De gemeenteraad wordt binnenkort gevraagd toestemming te verlenen voor de transactie die de gemeente volgens burgemeester en wethouders ‘een belangrijke toeristische attractie’ rijker maakt en haar bovendien een besparing van ruim f. 100.000 per jaar oplevert.
Het gemeentebestuur heeft contact met de ondernemers gezocht, omdat de exploitatie van het bad de gemeente al jaren een omvangrijk tekort oplevert, dat op meer dan twee ton per jaar wordt geraamd. Dit ondanks het feit dat de boekwaarde van het complex vorig jaar december tot f. 1 werd teruggebracht.
De ondernemersgroep heeft ook het gemeentelijke openluchtbad in Zuidhorn overgenomen, dat tot een overdekte accommodatie wordt omgebouwd.
Om het zwembad te kunnen exploiteren hebben de toekomstige eigenaars als voorwaarde gesteld dat de gemeente het bad voor één gulden aan de BV verkoopt en bovendien een bijdrage ineens van f. 825.000, alsmede een renteloze lening van f. 250.000 verleent. De lening moet vanaf het tweede jaar in zeven jaar worden afgelost.
Om de gelegenheid tot zwemmen voor de eigen bewoners in de toekomst veilig te stellen, laat het gemeentebestuur in de notariële acte een kettingbeding opnemen, waarin omtrent de hoogte van de toegangsprijzen, de openstelling van het complex en de mogelijkheden voor schoolzwemmen voorwaarden worden gesteld.
Omdat de gemeente veel geld in de BV zal steken, zal zij voorstellen de burgemeester tot commissaris te benoemen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Dat was wel een ‘erg boerenslimme’, maar wel erg dure manoeuvre van de heren van het voorkant van het gelijk om het zwembad ‘de Calthorne’ met een negatieve opbrengst als gemeentelijke voorziening te liquideren.
De heren ondernemers werden voor één gulden (ongeveer de waarde van twee appels en twee eier) eigenaren van een zwembad –
let op de waardevolle grote met huizen bebouwbare oppervlakte van het zwembadterrein- en kregen bovendien een bruidschat van f 825.000 mee. Daarmee zal het ondernemersrisico van de B.V. voor de bouw van het subtropische zwembad wel bijna helemaal afgekocht zijn geweest, misschien heeft de B.V. wel geld overgehouden van deze bruidschat. Heeft de voorkant van het gelijk voor die bruidschat van f. 825.000 een lening bij de Bank Nederlandse Gemeenten moeten sluiten ?
De bewoners van de gemiente Deever liepen met het verstrekken van een renteloze lening (moest de gemeente het geld voor de renteloze lening bij de Bank Nederlandse Gemeenten tegen rente lenen ?) aan de B.V. wel een stevig risico, want hoe zouden de bewoners van de gemiente Deever hun geld terug krijgen als de heren van de B.V. het ‘subtropische zwembad’ binnen een jaar of een iets langere periode failliet zou laten gaan ?
De redactie zou graag willen weten wanneer de afgebeelde luchtfoto van het gemeentelijke zwembad ‘de Colthorne’  is gemaakt. De foto moet vóór 1988 zijn gemaakt, maar wanneer ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief het weet, die wordt vriendelijk verzocht het aan de redactie te melden.
De redactie is op zoek naar foto’s van dit gemeentelijke zwembad. Wie kan en wil een digitale kopie van zijn foto’s van dit zwembad voor publicatie in ut Deevers Archief ter beschikking stellen ?

 

Posted in Deever, Swömbad de Calthorne | Leave a comment

Ansichtkoate van de Peperstroate in Deever

Arend Mulder schrijft bij dezelfde foto op bladzijde 116 van zijn boekje met de pretentieuze titel ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ het volgende:
Ook dit beeld hoort tot het verleden. Het blijft een gissen waaraan de Peperstraat zijn naam te danken heeft. Werd hij zo genoemd, omdat dit de enige straat in Diever was, die van veldkeien was gelegd ?
Achtereenvolgens woonden hier in het eerste huis: varkenshandelaar Marines Bel, in het tweede huis: kapper Albert Vierhoven, in het derde huis: gemeente-arbeider Hendrik Beuving, in het vierde huis: boer Hendrik Punt, in het vijfde huis: boer Koop Reinders. Met op de achtergrond de schuur van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het erfgoedpand van kapper Albert Vierhoven, het erfgoedpand van gemeente-arbeider Hendrik Beuving en het erfgoedpand van Koop Reinders sneuvelden als gevolg van de naoorlogse sloopwoede van burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen. Als deze panden en de bestrating van veldkeitjes niet gesloopt maar gerenoveerd zouden zijn, dan zou de Peperstraat ongetwijfeld een beschermde straat zijn geworden.
Deze zwart-wit ansichtkaart werd in 1948 verstuurd. De redactie weet niet wie deze ansichtkaart heeft uitgegeven en welke neringdoende in Deever deze kaart heeft verkocht.
Let vooral ook op de toen nog bovengrondse elektriciteitsvoorziening.
Let vooral ook op de prachtige bestrating met veldkeitjes.

Posted in Aarfgood, Ansigtkoate, Deever, Jan Cornelis Meiboom, Klaas Marcus Balsma, Peperstroate, Verdwenen object | Leave a comment

Un wit arbeidershüsie an de Ten Darperweg

In het programmaboekje voor het openluchtspel van 1954, het jaar waarin het toneelstuk Koning Van De Vlakte van Sjakie uut Spier werd opgevoerd in het openluchttheater an de Heezenesch bee Deever, staat op de voorlaatste bladzijde een afbeelding van een wit geschilderd arbeidershüsie, nota bene met een fors pothokke. Sinds wanneer stond in de gemiente Deever bij een arbeidershüsie een pothokke ? Zie de afbeeldingen 1 en 2.
Afbeelding 3 toont een foto van hetzelfde arbeidershüsie, die waarschijnlijk is gemaakt tussen 1930 een 1940. De maker van deze foto is Hubert Adriaan Veltman (hij is geboren op 2 februari 1874 in Weert, hij is overleden op 10 november 1956 in Wassenaar). Afbeelding 3 is in 1954 gebruikt voor het maken van afbeelding 1.
De redactie van ut Deevers Archief is bij toeval achter de standplaats van dit arbeidershüsie gekomen. Deze woning bestaat nog steeds. De woning heeft als adres Ten Darperweg 5 in Wapse.
De kleurenfoto voor afbeelding 4 is gemaakt op 10 april 2016.
De kleurenfoto voor afbeelding 5 is gemaakt in 2017 en is overgenomen uit Google Maps.
De redactie heeft het vermoeden dat het huisje in 1954 werd bewoond door Jans Benthem en Albertje Winters en hun kinderen Roelofje (Roelie) en Frederik (Frekie). Wellicht kan Frekie Benthem dat bevestigen.
Daarvoor woonde in het huisje Egbert (Eppie) van Leeuwen en Griet Grit en hun kinderen Grietje, Geziena en Jochem.
Het huisje is tegenwoordig (2020) in gebruik als tweede woning. Het huisje is tegenwoordig (2020) niet meer wit geschilderd. Ut pothokke is in elk geval niet beschreven in de onvolprezen publicatie ‘Pothokken in de voormalige gemeente Diever’ uit 2007 van de heemkundige vereniging uut Deever. Blijkbaar is ut pothokke in de loop van de tijd tochniet afgebroken. Het pothokke was zo verscholen in dicht struweel, dat zelfs de makers van de de onvolprezen publicatie ‘Pothokken in de voormalige gemeente Diever’ dit pothokke tijdens inventarisatieronden over het hoofd hebben gezien.
Wie van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief heeft aanvullende gegevens over dit arbeidershüsie ?

Afbeelding 1 – Vergrootte afbeelding van de foto in het programmaboekje van het openluchtspel uit 1954
Afbeelding 2 – Afbeelding van de voorlaatste bladzijde uit het programmaboekje voor het openluchtspel in 1954 

Afbeelding 3 – Deze zwart-wit is gemaakt in de periode 1930-1940
Afbeelding 4 – Deze kleurenfoto van het huisje met adres Ten Darperweg 5 is gemaakt op 10 april 2016

Afbeelding 5 – Deze kleurenfoto van het huisje is gemaakt in juli 2017 en is overgenomen uit Google Maps

Posted in Eup’mlogtspel, Ten Darperweg | Leave a comment

Un mooie donkerazuurblauwe locht aachter de kaarke

De redactie van ut Deevers Archief las in de webstee www.westervelder.nl van 17 juli 2020 het bericht ‘Supertrio exposeert in De Tippe in Vledder’. Het bericht is geïllustreerd met bijgaande afbeelding van een schilderij van het kerkgebouw aan de brink van Deever met een prachtige donkerazuurblauwe hemel. Kunstenaar Erik Weterings is de maker van dit kleine op een houten paneeltje aangebrachte kostelijke olieverfschilderijtje. In galerie Van Weterings & Wijngaarden aan de Steenwijkerweg 2 in Oll’ndeever (ie weet wè, woar vrogger de familie Diekman woonde) zijn meer resultaten van zijn schilderwerk te zien. De redactie hoopt dat hij meer Deeverse objecten heeft geschilderd en wil daarvan ook graag een afbeelding opnemen in ut Deevers Archief.
De redactie heeft toestemming van kunstenaar Erik Weterings een afbeelding van het vermelde kunstwerkje in ut Deevers Archief te tonen. Hij noemt dat een leuk initiatief. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.
De redactie neemt niet aan dat kunstenaar Erik Weterings voor het maken van het olieverfschilderijtje een foto als voorbeeld heeft gebruikt.
In de grote verzameling van ooit in de gemiente Deever uitgegeven ansichtkaarten komt ook bijgaande ansichtkaart van de oostkant van het kerkgebouw aan de brink van Deever voor. De ansichtkaart was te koop in drogisterij De Gaper van Hendrik Mulder (die in de Deeverse volksmond altijd Henduk Moessie of Moessie Peep werd genoemd; in Deever hadden de vele Mulders allemaal een bijnaam, er was zelfs een Mulder die Witte Jezus werd genoemd) an de Heufdstroate in Deever. De ansichtkaart is in mei 1963 uitgegeven door drukkerij JosPé in Arnhem). De ansichtkaart is in latere jaren nog vele keren herdrukt.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2019.

Posted in Ansigtkoate, Kaarke an de brink, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Bidplaetie van Bertha Carolina Verwer

Afbeeldingen van bidprentjes van personen uut de gemiente Deever verdienen een plaats in ut Deevers Archief, zeker als het een kleurenprentje betreft. Veelal betreft het een bidprentje van personen die in de katholieke enclave Zorgvlied zijn geboren of op Zorgvlied hebben gewoond.
Bertha Carolina Verwer is geboren op 15 december 1884 in het Witte Huis op Zorgvlied. Zij is overleden op 5 januari 1960 in Amsterdam.
Bertha Carolina Verwer is getrouwd op 11 augustus 1908 met dr. Herman Woltring.
Herman Woltring is geboren op 17 mei 1882 in Amsterdam. Hij is overleden op 13 mei 1939 in Amsterdam. Hij was doctor in de medische wetenschappen. In het dagelijks leven was hij huisarts.
Bertha Carolina Verwer is een dochter van mr. Julius Verwer en Elizabeth Louiza Maria van Wensen.
Julius Verwer is de broer van Lodewijk Guillaume Verwer.
Elizabeth Louisa van Wensen is de zuster van Johanna Cornelia Ludovica van Wensen, deze laatste was getrouwd met mr. Lodewijk Guillaume Verwer.

Abracadabra-454Abracadabra-455

Posted in Bidplètie, Julius Verwer, Lodewijk Guillaume Verwer, Zorgvliet | Leave a comment

De Deeverse voetbal wödde opericht in de oorlog

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 juli 1941, nota bene ten tijde van het tweede oorlogsjaar van de Tweede Wereldoorlog, verscheen het hier afgebeelde bericht over de oprichting van de Voetbalvereniging Diever, heden ten dage de Voetbalvereniging Diever/Wapse.

Diever, 5 juli. Vrijdagavond werd in café Slagter een voetbalvereeniging opgericht. Als voorzitter werd gekozen de heer W.H. Stroop, hoofd der openbare lagere school alhier. Het bestuur werd als volgt gefomuleerd: de heer G. Klasen, secretaris, de heer Alb. Strik, penningmeester, de heeren Js. Bentum en M. Tigelaar, leden. Tot leden der elftalcommissie werden gekezoen de heeren J. Kamp en J. Mulder Jzn. Sr., terwijl in deze commissie bovendien een door het bestuur aan te wijzen bestuurslid zitting zal nemen. Burgemeester Meiboom accepteerde met eenige toepasselijke woorden het hem aangeboden eerevoorzitterschap. De contributie werd bepaald op f. 5,- per persoon per jaar voor leden van 16 jaar en ouder.
Het ligt in de bedoeling ook personen beneden 16 jaar als lid toe te laten tegen een nader vast te stellen contributie.
Aangaande het terrein werd een blik geslagen op het in de toekomst aan te leggen sportterrein bij de te stichten nieuwe openabare lagere school. Ter voorziening in de hiervóór liggende periode, zal het bestuur een geschikt terrein uitzoeken.
Besloten werd tot de Noord-Centrale Voetbalbond toe te treden. De vereeniging werd gedoopt met de naam: ‘Voetbalvereeniging Diever’.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie van ut Deevers Archief besteedt graag aandacht aan het sportleven in de gemiente Deever. Daarom mag het geschiedkundig waardevolle bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van dinsdag 8 juli 1941, dat gewag maakt van de oprichting van Voetbalvereeniging Diever, uiteraard niet in ut Deevers Archief ontbreken.
Het zij zijdelings en helemaal links in de linker marge opgemerkt dat de redactie vanuit zijn jeugd in de vroege vijftiger jaren van de vorige eeuw weet dat de Olde Möppeler (Meppeler Courant) in elk geval toen niet meer op dinsdag, maar wel op maandag, woensdag en vrijdag verscheen, dat is heden ten dage nog steeds zo.
De krant verscheen op dinsdag 8 juli 1941, dus de Voetbalvereeniging Diever is op vrijdag 4 juli 1941 opgericht. Spelers van de liefhebberclubjes N.O.A.D. (Niet Ophouden Altijd Doorgaan), S.H.E.L.L. (Sport Houdt Elk Lichaam Lenig) en K.M.D. (Klein Maar Dapper) uit Diever, Wittelte en Dieverbrug gingen vanaf die datum voetballen bij Voetbalvereniging Diever. De voetballers uit het eenkennige Wapse werden uiteraard geen lid van de Deeverse voetbal.
Elke rechtgeaarde oprechte ondersteuner van Voetbalvereniging Diever heeft vanzelfsprekend een kostbaar puntvaantje van de vereniging van vóór de krimpfusie met Voetbalvereniging Wapse – zie bijgaande afbeelding – boven zijn bed of in het toilet aan de muur hangen.
W.H. Stroop is Willem Hendrik Stroop, bovenmeester van de openbare lagere school an de Heufdstroate in Deever. Hij is geboren op 31 mei 1905 in Idzard in Friesland. Hij is overleden op 16 januari 1981 in Borne in Overijssel.
G. Klasen is Goosem Klasen. Hij is geboren op 3 maart 1921 in Deever. Hij is overleden op 28 januari 2001 in Sneek.
Alb. Strik is Albert Strik. Hij is geboren op 1 maart 1894 in Buinerveen
Js. Bentum is Jans Bentum. Hij is geboren op 16 december 1905 in Dwingel en is overleden op 6 september 1974 in Deever.
M. Tigelaar is Marinus Henderikus Tigelaar. Hij is geboren op 3 november 1908 in Coevorden.
J. Kamp is Jochem Kamp. Jochem Kamp is geboren op 3 augustus 1904 in Steenwijk.
J. Mulder Jzn. is Jan Mulder
Burgemeester Meiboom is Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd). Hij is geboren op 9 april 1910 in Oldemarkt. Hij is overleden op 11 februari 1982 in Bilthoven.
Wie van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief heeft gegevens over de hiervoor genoemde personen ?
In ut Deeverse Blattie (Van Goor’s Blattie) verscheen op 19 december 2007 mede ter gelegenheid van de presentatie van het onvolprezen boek met de officiële naam ‘Voetbalvereniging Diever vijfenzestig jaar – De geschiedenis van de sport- en supportersvereniging’ de hier afgebeelde ‘uitnodiging’. Het bijzonder zeer populaire boek is nog steeds verkrijgbaar bij de heemkundige vereniging uut Deever. Elke rechtgeaarde oprechte ondersteuner van heden ten dage Voetbalvereniging Diever/Wapse heeft vanzelfsprekend een exemplaar van dit kostelijke boek over de vereniging van vóór de krimpfusie met Voetbalvereniging Wapse in zijn boekenkast of op het nachtkastje liggen.

Posted in Deever, Sport, Voetbal | Leave a comment

Old-wetholder van de gemiente Deever is estörm

In de webstee www.meppelercourant.nl van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 13 juli 2013 het navolgende bericht over het overlijden van oud-wethouder Jacob Jan Smid.

Diever – Jacob Jan Smid, oud-wethouder van de voormalige gemeente Diever is dinsdagavond is in het ziekenhuis in Meppel op 80-jarige leeftijd overleden.
Jacob Jan Smid was boer te Dieverbrug en maakte jaren deel uit van de gemeenteraad van Diever voor de VVD.
Verder was Jacob Smid jaren de grote stuwende kracht bij de organisatie van diverse activiteiten van de Schilderskring ‘Diever’. Jacob was zeer creatief en één van zijn grootste hobby’s was namelijk schilderen.
Ook bij de Historische Vereniging Gemeente Diever was hij de laatste jaren zeer actief, want hij maakte de laatste twee jaar deel uit van de werkgroep voor het samenstellen van het boek over ‘Dieverbrug. Ook heeft hij nog vele artikelen voor het boek aangeleverd. De werkgroep van Dieverbrug zal de komende tijd de inzet en de kennis van Jacob missen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Heeft Jacob Jan Smid onderwerpen uut de gemiente Deever geschilderd ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan wat over hem vertellen ?
De redactie heeft kennis genomen van het feit dat de (foto)redactie van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) de weg naar de webstee van ut Deevers Archief weet te vinden en het passend vond bij het bericht over het overlijden van Jacob Jan Smit in de webstee van de Olde Möppeler (Meppeler Corant) een door de redactie gemaakte foto met bronvermelding te plaatsen.
De redactie van ut Deevers Archief hoopt dat de redactie van de Olde Möppeler (Meppeler Courant) nog vaak gebruik zal maken van inhoud van ut Deevers Archief.

 

Posted in Gemiente Deever, Gemientebestuur | Leave a comment

Echtpaar in Deever viert 60-jarig huwelijksfeest

In de papieren uitgave met de merkwaardige titel Opraekelen van januari 2017 (jaargang 23, 2017, nummer 1) van de heemkundige vereniging uut Deever is op bladzijde 1 bijgaande foto als bladvulling opgenomen. Wie leest tegenwoordig nog dit papieren clubblad van de hiervoor genoemde schijnbaar ingedutte vereniging ?
De hier afgebeelde foto is op 24 januari 1962 gepubliceerd in de Friesche Koerier (onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden).
Bij de foto in de Friesche Koerier is ook een artikeltje geplaatst. Ter wille van de onvolledigheid of misschien vanwege ruimtegebrek of gemakzucht is in het hiervoor genoemde papieren blad Opraekelen helaas niet dit volledige artikeltje gepubliceerd. De redactie van ut Deevers Archief wil met de publicatie van dit artikeltje uiteraard -zoals het hoort- wel volledigheid betrachten.

Echtpaar in Diever viert 60-jarig huwelijksfeest
Jacob (88) en Elsje (84) Oost nog steeds op dezelfde boerderij
Diever. Op 25 januari zal het voor het echtpaar Oost-Davids uit Diever de 60ste keer zijn, dat zij hun huwelijksdag beleven. En weer zal dat gebeuren in de boerderij aan de Burgemeester van Oslaan, waar het al die jaren al gevierd is.
Jacob Oost is 88 en zijn Elsje is 84. Het gaat nog best samen. Naar de boerderij hebben zij geen omkijken meer, het land is verhuurd en de koeien zijn verdwenen.
Hun drie kinderen en hun 15 kleinkinderen zullen allemaal tegenwoordig zijn op hun trouwdag.
De muren van de gezellige woonkamer zijn bedekt met grote plakkaten. Jacob Oost als militair aan het einde van de vorige eeuw. Gewapend met een sabel kijkt hij het leven tegemoet. Het leven met zijn vrouw, dat hem, zo zegt hij tevreden, genoeg heeft gebracht.
Feestelijke oorkondes, die zij van hun kinderen kregen toen zij 25, 30, 35 en 40 jaar getrouwd waren. Foto’s van hun kinderen, die trouwden, foto’s van hun kleinkinderen, die trouwden. Foto’s van drie kleinkinderen, die ook Jacob heten. Allemaal dingen waar ze aan gehecht zijn.
De ouderwetse olielamp hangt naast de kachel. In plaats van het oliereservoir hangt er nu echter een gloeipeertje in. Het oliereservoir staat klaar achter de bedsteedeur, want zo zegt Jacob met een schorre stem (hij heeft het in zijn keel en mag eigenlijk niet op praten, maar het is zo moeilijk om je mond te houden), het gebeurt wel eens, dat de electriciteit uitvalt en dan hoeven wij maar een lucifer af te strijken en we hebben weer licht.
Geen van de drie kinderen van het echtpaar is het boerenbedrijf ingegaan, maar dat vinden zij niet jammer. Ze hebben het goed en dat is het belangrijkste.
Jacob is nooit naar school geweest. Elsje wel. Dat was voor Jacob een beetje vernederend en zijn diensttijd heeft hij een avondcursus gevolgd, die hem leerde lezen en schrijven.
Jaren heeft Jacob, toen zijn boerderijtje niet genoeg opleverde, in Friesland gewerkt; hij kent Friesland dan ook goed.
Ze hebben het leuk samen op hun eigen boerderijtje, ze kunnen nog wandelen, voor zich zelf zorgen en met elkaar praten. Want al zijn ze zestig jaar getrouwd, uitgepraat zijn ze nog niet. ‘Hij kan zo kletsen’, zegt Elsje tegen ons. En Jacob is mans genoeg om dat te verdedigen, en zo is een nieuw gesprek tussen hen geboren.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief.
Tevens wordt voor de verdere volledigheid verwezen naar het bericht Keuterijtje op ut Kastiel in Deever in 1958.

Posted in Alle Deeversen, Keutereegie, ut Kastiel | Leave a comment

Ansichtkoate van de Schoapsdrift op Baark’nheuvel

Een schaapsdrift is een weg waarlangs een schaapsherder zijn kudde schapen dreef van een dorp naar het open veld en van het open veld naar het dorp. De kudde zelf wordt ook wel de drift genoemd.
In dorpen met een boerenverleden herinneren namen van wegen nog aan deze schaapsdriften. Een weg met de naam Schaapsdrift is onder vele andere te vinden in Vledder, Hoog Buurlo, Zevenaar, Arnhem, Woater’n, Deever, Dwingel, Doorwerth, Beek, De Bilt en Wageningen.
Deze driften zijn helaas verharde wegen geworden. Zo ook de Westerdrift in Deever. Zo ook de Bosweg in Deever.
Zeldzamer zijn schaapsdriften die zandweg zijn gebleven. Zoals bijvoorbeeld de schaapsdriften in de vroegere woeste gronden van de boermarke van Deever. Zie de bijgaande afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart van een kronkelende schaapsdrift op Berkenheuvel. De foto voor deze kaart is gemaakt in de zestiger jaren van de vorige eeuw.
De erg rechte Schaapsdrift op Woater’n is helaas wel een klinkerweg geworden, zie de kleurenfoto, die de redactie van ut Deevers Archief in 2015 is gemaakt. Was deze weg in het verleden eigenlijk wel een schaapsdrift ?

Abracadabra-418Abracadabra-419

Posted in Ansigtkoate, Boermarke, Boermarke van Deever, Bosgesigte, Deever, Landgoed Berkenheuvel | Leave a comment

De bouwers van de noodbrogge en de Canadezen

De Amerikaanse Begraafplaats in Margraten in Limburg, in het Engels: Netherlands American Cemetery and Memorial, is een Amerikaanse militaire begraafplaats en een monument ter nagedachtenis van de overleden Amerikaanse soldaten ten tijde van de strijd in Zuid-Limburg, het Ardennenoffensief en in het Roergebied, gedurende de Tweede Wereldoorlog.
De begraafplaats ligt tussen de plaatsen Margraten en Cadier en Keer aan de provinciale weg N278 in Zuid-Limburg.
In een soort van museumkapel zijn drie grote landkaarten te zien, deze zijn in steen uitgebeiteld, met beschrijvingen van de verrichtingen van het 1e Amerikaanse leger in de regio gedurende de Tweede Wereldoorlog.
Op één van de kaarten is met een grote rode pijl naar het noorden van Nederland de opmars van the Canadian First Army, het Canadese Eerste Leger aangegeven. Zie de bijgevoegde kleurenfoto.
De naam Canadian First Army is samen met de andere geallieerde legers ook onder de kaarten vermeld. Zie de bijgevoegde kleurenfoto. Eenheden van het Canadese Eerste Leger speelde een belangrijke rol bij de bevrijding van Noord-Nederland van de Duitse bezetter aan het einde van de Tweede Wereldoorlog.
De bouw van een noodbrug over de Drentse Hoofdvaart ter plaatse van de opgeblazen Deeverbrogge in de nacht van 11 op 12 april 1945 maakte de bevrijding van Deever mogelijk en versnelde en vergemakkelijkte de opmars van de Canadezen naar Friesland, Drenthe en Groningen.
Het mag toch wel een beetje onverschillig worden genoemd dat an de Deeverbrogge in de buurt van de Deeverbrogge nog steeds geen teken van waardering voor de bouwers van de noodbrug en voor het Canadese Eerste Leger is te vinden. Dit teken had mooi alsnog na zeventig jaren op 12 april 2015 onthuld geweest kunnen zijn geworden. Bijvoorbeeld door een nazaat van aannemer Albert Schipper uut Leggel. Daar is het helaas niet van gekomen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft beide kleurenfoto’s op 16 augustus 2015 op de Amerikaanse Begraafplaats in Margraten gemaakt. De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste versie van dit bericht op 20 augustus 2015 in ut Deevers Archief gepubliceerd.

Abracadabra-439 Abracadabra-440

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Canadees’n, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Hotel Johan Blok an de Deeverbrogge in 1949

Van Leer’s Fotodrukindustrie in Amsterdam heeft bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkaart uitgegeven in oktober 1949. De ansichtkaart was uiteraard te koop in het hotel Blok. Op de ansichtkaart is een druk bezocht hotel-restaurant-café-pension Blok an de Deeverbrogge te zien.
De weg langs de vaart was – zeker in de jaren na de Tweede Wereldoorlog – een belangrijke noord-zuid route door Drente, totdat de route langs Meppel, Hoogeveen, Beilen en Assen werd omgebouwd tot de A28 autosnelweg.
Het restaurant was met name een pleisterplaats voor gemotoriseerde vertegenwoordigers van stofzuigerfabrieken, radiofabrieken, uitgevers van encyclopedieën, verzekeringsmaatschappijen en al het andere wat via vertegenwoordigers aan de man kon worden gebracht.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de merken van de auto’s aan de redactie van ut Deevers Archief doorgeven ?

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van het lezen van artikelen op papier is, kan de hier getoonde ansichtkaart ook ten zeerste lezen in het hoofdstuk Dieverbrug op bladzijde 316 van het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven magnum opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat boek, of dat boek bij iemand in kunnen zien.

 

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Boek An de Brogge, Hotel Blok, Rieksstroatweg | Leave a comment

N.A.D.’ers rooit ièpels op de Noorderesch

Het kamp Diever van de Nederlandse Arbeids Dienst (N.A.D.) lag in de buurt van de Gowe, na de oorlog was daar het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ gevestigd.
Op 1 januari 1942 voerde de Duitse bezetter voor mannen en vrouwen van 18 jaar de ongewapende arbeidsdienstplicht in. Mannen werden hiervoor naar een ver van hun woonplaats gelegen kamp van de Nederlandse Arbeids Dienst gestuurd.
De arbeidsmannen van het N.A.D.-kamp an de Gowe werkten bij de ontginning van woeste gronden, maar deden ook boerenwerk.
Op deze foto, die in het najaar van 1942 is gemaakt, is te zien hoe een groepje N.A.D.-arbeidsmannen bezig is met het rooien van aardappelen op de Noorderesch van Deever.
De redactie zou graag willen weten welke boer eigenaar was van deze aardappelakker.
Of dit groepje N.A.D.-arbeidsmannen bewaakt werd door een landwachter uut de gemiente Deever valt helaas niet uit de foto af te leiden.
Wel is bekend dat een zoon van een N.S.B.’er van ’t Noave in Wapse elke dag in sien grüne pakkie mit ’t jachtgeweer op de nekke hen de kaamp an de Gowe gung.

Reactie van Wiert van der Veen van 19 juni 2017
Mijn moeder Jantje Haanstra is geboren in 1923, op Leggel of op Bottervene, Zij was een dochter van Harm Haanstra en Hendrikje Hogenkamp.
Ze heeft mij wel verteld dat ze in een bepaalde periode in de de Tweede Wereldoorlog aardappelen moest schillen voor de bezetters in een kamp. Het komt mij nu voor dat dit het N.A.D. kamp geweest moet zijn geweest.
Frappant is wel dat ik enige jaren geleden werkzaam ben geweest in de beveiliging van dat kamp, toen was het een asielzoekerscentrum.
Als iemand kan bevestigen of vrouwen daar inderdaad in de Tweede Wereldoorlog zijn ingezet voor het schillen van aardappelen, dan is weer een stukje in onze familiegeschiedenis gereed !

Posted in de Gowe, Deever, N.A.D.-kamp, Noorderesch, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Afbraak van het mooie oude boerencafé Trompetter ?

In de Friese Koerier verscheen op 1 februari 1964 het volgende bericht met foto over de mogelijke afbraak van de mooie oude boerderij van Arend Trompetter en Roelina Pit op de hoek van de Hoofdstraat en de Kruisstraat in Deever

Afbraak mooie oude boerderij ?
Dit is de boerderij van de heer A. Trompetter, Hoofdstraat 25 te Diever, vroeger onder meer in gebruik als dorpsherberg, ook als betaalplaats voor de belastingen. Omdat het gebouw van 1720 vooral ook inwendig merkwaardig is, heeft het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen besloten het op de Monumentenlijst te plaatsen. Maar de raad heeft andere plannen. Het komplan komt er door in gevaar en het pand is ook hinderlijk voor het verkeer. Daarom heeft de raad aan de minister gevraagd, het huis van de Monumentenlijst te doen afvoeren.

Posted in Boerdereeje, Café Trompetter, Deever, Gemientebestuur, Heufdstroate, Kruusstroate, Opraekelen | Leave a comment

Ut haentie van de toor’n wödde neet ereuk’n

In het Nieuwsblad van Friesland – Hepkema’s Courant van 13 maart 1940 verscheen het navolgende bericht over de  ingebruikneming van een zeer krachtige automobiel-brandspuit in Deever..

Ingebruikneming nieuwe brandspuit te Diever
Diever, 11 maart.  Onder grootte belangstelling vond hedenmiddag alhier de ingebruikstelling plaats van de nieuwe automobiel-brandspuit. Deze spuit is geleverd door de firma Van Bergen te Heiligerlee.
Onder de genodigden merkten we op den voltalligen gemeenteraad, het bestuur van de afdeling der Nederlandsche Vereeniging voor Luchtbescherming, burgemeester en wethouders van Vledder, een vertegenwoordiger van den Drentschen Brandweerbond, personeel van de brandweer te Hoogeveen en Meppel.
Als grootste prestatie van de nieuwe spuit vermelden we, dat op 900 meter afstand met drie stralen gespoten werd. Op dezen afstand werd met één straal nog 25 meter ver gespoten. Met 4 stralen tegelijk werd over het dak van de Nederlands Hervormde Kerk heen gespoten. Het haantje van de toren kon niet geheel worden bereikt,
Nadat het geheele kunnen van het brandbluschmiddel gedemonstreerd was, verzamelde men zich in café Brinkzicht, waar thee werd geserveerd. Daarbij werd het woord gevoerd door burgemeester Meiboom, die zijn vreugde er over uitte, dat thans een moderne brandspuit in de gemeente aanwezig is. Verder sprak de heer J. Boesjes, die dank bracht namens de afdeling Diever van de Nederlandsche Vereeniging voor Luchtbescherming voor het feit, dat thans ook dit onderdeel van de luchtbescherming in orde is.
Op de foto links de nu buiten gebruik gestelde handspuit van ongeveer 100 jaar oud, waarbij men eerst water door middel van van een door een man bediende handpomp in de eigenlijke spuit moest pompen en pas daarna kon met deze het water naar den brand worden gespoten.
Rechts: de nieuwe autospuit met ruim 750 m slang. De pomp met motor is voorop het chassis gemonteerd, terwijl bemanning en materiaal, zoals slangen, standpijpen, enzovoort alle onder de kap in den gesloten rooden wagen komen. Bovenop zijn een ladder en aanvoerslang geplaatst.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de rechter foto zijn bij de automobiel-brandspuit te zien rechts Lambert Rolden (geboren op 15 maart 1891, overleden op 2 februari 1958) en links zijn zoon Hendrik Jan Rolden (geboren op …., overleden op ….).
De Nederlandsche Vereeniging voor Luchtbescherming werd in 1933 in ’s Gravenhage opgericht. De vereniging probeerde met behulp van alle burgemeesters in Nederland in elke gemeente een plaatselijke afdeling op te richten. In de gemiente Deever was dit blijkbaar gelukt. In de jaren twintig en dertig verwachten veel Europese militairen en politici dat steden in toekomstige oorlogen grootschalig gebombardeerd zouden worden. in de Tweede Wereldoorlog is dit maar al te bewaarheid. De vereniging stelde zich ten doel de zelfbescherming door de bevolking bij luchtaanvallen.
Op de linker foto is de oude handbrandspuit te zien, op de rechter foto is de nieuwe motorbrandspuit te zien. De vraag is of de brandspuit op de rechter foto een nieuwe of een tweedehands brandspuit is, want het kenteken van het voertuig is niet te vinden in de kenteken-database van het Drents Archief.
Met de omstreden sluiting van de brandweerpost Deever per 1 januari 2014 door het bestuur van de gemeente Westenveld is een einde gekomen aan een periode van meer dan 120 jaar van snelle brandbestrijding door generaties betrouwbare en moedige vrijwilligers uut de gemiente Deever..
De vrijwillige brandweer van Deever is helaas geschiedenis geworden. Dat is nog steeds een mooie gelegenheid voor de boekenmakende dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever een boek samen te stellen over de ‘Geschiedenis van de vrijwillige brandweer in de gemiente Deever’. En dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever zouden met gebruik van oude foto’s van de vrijwillige brandweer ook met gemak een zo genoemde ‘historische kalender’ van de heemkundige vereniging kunnen samenstellen.

Abracadabra-289

Posted in Braandwièr, Dorpskracht | Leave a comment

De meule an de lege ruumte van de Westeresch

Op deze foto is de in verval rakende korenmolen ‘de Vlijt’ aan de rand van een gelukkig nog onbebouwde Westeresch in Oll’ndeever te zien. Een korenmolen hoort op de ruimte te staan om goed de wind te kunnen vangen.
De foto is tussen 1920 en 1940 gemaakt. De maker van deze foto is Hubert Adriaan Veltman (hij is geboren op 2 februari 1874 in Weert, hij is overleden op 10 november 1956 in Wassenaar).
De redactie zal te gelegener tijd een kleurenfoto – gemaakt vanaf het standpunt van de fotograaf – van de huidige toestand ter plekke toevoegen aan dit bericht, weliswaar niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf.
Gelet op de deur die toegang geeft tot de molen zal op de foto van de huidige toestand ter plekke aan de linkerkant het Westeresch-krimpfiliaaltje van scholenmoloch Stad en Esch uut Möppel te zien zijn.

Posted in Meule van Oll’ndeever, Westeresch | Leave a comment

Ut schultehuus is neet beholl’n moar vurropt

In het blad Heemschut verschenen in 1937 enige foto’s van het schultehuis aan de brink in Deever. Bij de foto’s stond de volgende uitermate merkwaardige tekst.

Naar de nieuwere inzichten mag men weer meer restaureren dan conserveren. Doch daarbij gaat ook wel eens iets teloor van de schilderachtige schoonheid. Bovenstaande cliché’s werden ontleend aan het jaarverslag van de Stichting ‘Oud Drenthe’.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het is onbegrijpelijk dat de Stichting Oud Drenthe heeft toegestaan dat de ambtenaren van Monumentenzorg het pand bij de zogenaamde ‘restauratie’ in de jaren 1935-1937 grondig mochten vurropp’m. Conserveren ware inderdaad vele malen verstandiger geweest, dan het gebouw – zonder betrouwbare historische gegevens of afbeeldingen – op basis van subjectieve ideeën te herontwerpen en te ‘restaureren’. Niet iets ging teloor, een heel gebouw ging teloor. Zelfs de fraaie Davidster boven de ingang moest bij het vooroorlogse geknutsel aan het gebouw verdwijnen. Maar waarom ? En waarom moest de schulteboerderij gescheiden worden van zijn voorhuis; het voorhuis dat nu schultehuis wordt genoemd ? Waren daar ‘restauratieve redenen’ voor ?

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde zwart-wit foto van het schultehuis van vóór de ‘restauratie’ ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 6 van het in september 2007 uitgegeven onvolprezen papieren boekwerkje Voormalige gemeente Diever in oude ansichtkaarten, dat is samengesteld door vrijwilligers van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Brink, Deever, Rieksmonement, Skultehuus | Leave a comment

De kaarke aan de brink van Deever in 1756

Deze tekening van ‘de Kerk te Diverde’ is gemaakt door Cornelis van Noorde (1731-1795) in 1756 gemaakt. De afmetingen van de tekening zijn 13,0 x 19,4 cm. De tekening bevindt zich in de prentencollectie van de Universiteitsbibliotheek van Leiden.
Bodel Nijenhuis (Museum Bodellianum) noteerde bij deze tekening: ‘Deze kerk heeft zeer veel duifsteen aan zich’. Duifsteen is tufsteen, dat uit Duitsland werd gehaald.
De toren had in 1756 nog geen uurwerk, uiteraard had de toren wel galmgaten. Het op de tekening zichtbare zuid-westelijke deel van het kerkgebouw aan de brink van Deever zag er in die tijd heel anders uit. Brand als gevolg van blikseminslag verwoestte de kerk in 1759.
De topografische topexpert van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever, noemt op de webstee van deze vereniging de resultaten van zijn diepgaande en diepgravende bronnenonderzoek naar de door de eeuwen heen veranderende naam van het esdorp Deever:
– Deuvre (1188);
– Deveren (1258);
– de Devere (1262);
– apud Duvere (1298-1304);
– van Dyveren (1327);
– van Deveren (1377);
– tot Deveren (1402);
– Dieveren (1475);
De topografische topexpert van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever, kan aan zijn niet-limitatieve lijstje in elk geval toevoegen: Diverde (1756) en Deever (2024).

Posted in Kaarke an de brink, Kuunst, Tiekening, Topstuk | Leave a comment

Oprichting van de Noordelijke Hypotheekbank

Op 31 maart 1887 verscheen in de Leeuwarder Courant in de rubriek Financieele Mededeelingen het volgende bericht over de door mr. Lodewijk Guillaume Verwer opgerichte Noordelijke Hypotheekbank. Deze hypotheekbank was gevestigd in het pand met de naam Aurora aan de Dorpsstraat in Zorgvlied.

Tot directeuren der te Zorgvlied, gemeente Diever, opgerichte Noordelijke Hypotheekbank zijn benoemd, de heeren L.W. van Os, te Diever, en G. Venhuizen, te Zorgvlied.
Commissarissen zijn de heeren mr. D.R. Brants, te Heerenveen, mr. J.T.H. Bekhuis te Leeuwarden, mr. G.H.M. Driessen, te Amsterdam, L.M. de Laat de Kanter, te Leiden, mr. H.W. de Blocq van Scheltinga, te Heerenveen, mr. W. Terpstra, te Leeuwarden, mr. L.G. Verwer, te Zorgvlied, dr. R. Wartena, te Noordwolde.
Het maatschappelijk kapitaal is f. 1.000.000, waarvan door de oprichters f. 229.000 is genomen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Bijzonder opmerkelijk is te noemen dat burgemeester Leonard Willem van Os werd benoemd tot een van de twee directeuren van een commerciële hypotheekbank. Daar zijn wel wat vragen bij te stellen.
Leonard Willem van Os nam bij oprichting vijfentwintig aandelen, dat wil zeggen dat hij voor f. 25.000,- deelnam in het gestorte beginkapitaal van f. 229.000,-. Die f. 25.000,- zouden heden ten dage heel veel eurootjes zijn ….
Waren die f. 25.000,- van hem zelf of was hij stroman voor iemand anders ?
Had hij voor deze schnabbelbaan toestemming van de Commissaris der Koningin in Drenthe ?
Hoeveel tijd was de burgemeester kwijt aan dit bijbaantje ?
Wat vond de gemeenteraad van dit directeurschapje ?
Ontving hij voor dit baantje een vergoeding ?
Zo ja, werd deze vergoeding in mindering gebracht op zijn burgemeestersloon ?
Waren de heren leden van de Raad  van Commissarissen de Leidse studievrindjes (Minerva ?) van Lodewijk Guillaume Verwer ?
Volgens het bericht woonde burgemeester Leonard Willem van Os blijkbaar in maart 1887 in Deever.
Directeur G. Venhuizen is Egge Venhuizen. Egge Venhuizen was directeur van ‘De Eerste Hollandse Levensverzekeringsbank’ te Amsterdam.


Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Noordelijke Hypotheekbank, Zorgvliet | Leave a comment

Geert Dekker, Aèbel Wiekstroa en Hillegie Dekker

Arend Mulder schreef  op bladzijde 92 van zijn boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ (uitgegeven in januari 1975) het volgende over ‘De woning van Geert Dekker’.

Onbegrijpelijk, dat geen enkele daartoe bevoegde instantie heeft belet, dat dit knusse boederijtje na overlijden van de eigenaar en bewoner Geert Dekker, met de grond gelijk is gemaakt. Nam het niet ook en klein een aparte plaats in, betreffende zijn bewoners als folkloristen van Diever ?
Alleen al door het feit dat het steeds bewoond is geweest door twee opeenvolgende oude dorpsfiguren, te weten Abel Wijkstra (in de volksmond Aebel Allen of ‘de Smorre’ genoemd). en z’n oomzegger Geert Dekker, zonder welke figuren Diever bijna niet denkbaar was, is dit haast niet te geloven. Samen met Hillegien (zuster van Geert) die immer wat ziekelijk was en niet veel verder dan in en om huis kwam, woonde het drietal daar eenvoudig en tevreden.
Geert Dekker had verschillende bijbaantjes. Hij was namelijk 40 jaar lang klokkeluider, koster en orgelpomper der Nederlands Hervormde Kerk. Bij deze feestelijke herdenking werd hij koninklijk onderscheiden. Landlopers, zwervers en dergelijke lieden warden door hem onderdak verschaft in een hok onder de toren en van eten en drinken bediend, in opdracht van de burgemeester.
Vanaf de oprichting van de lijkwagenvereniging in 1912 tot 1938, dus 26 jaar lang, reed hij de lijkwagen. Zelf reed hij naar Assen en Groningen om de overledenen van het betreffende ziekenhuis te halen. Op deze reizen, in alle weer en wind gemaakt, vergezelde hem dikwijls zijn oom Abel (zelf al ruim 80 jaar). Toen deze in 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever overleed en enkele jaren later ook zijn zuster Hillegien, bleef Geert alleen achter.
Veel ook zag men hem werken in de tuintjes van diverse burgers en niet minder in zijn eigen tuin ‘op ’t Bultien’.
Hij bezat als koster de sleutel der kerk en heeft menig toerist, zowel voor als na de restauratie der kerk, het gebouw laten zien. Elke zondagmorgen luidde hij om 9 uur de klok en bij de aanvang van de dienst. Nooit verzuimde hij een dienst, wat wel een bewijs was van zijn sterk gestel. Maar de sterkste boom moet eens vallen. Zo ook Geert Dekker. Op 6 maart 1953 overleed hij  naar een kortstondig ziekbed in een verpleegtehuis te Oosterwolde op de leeftijd van 87 jaar.
Hij schonk bij testament zijn huisje en grond aan de afdeling van het Groene Kruis en de Kerkvoogdij der Nederlands Hervormde Gemeente te Diever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. ……. Geert Dekker …….. Tallozen heeft hij uitgeluid, Weinigen hebben hem uitgeleid.

Lammert Huizing schreef In de Meppeler Courant van 14 november 2011 in zijn wekelijkse artikelenreeks ‘Eertieds in dizze streek’ een artikel met de titel ‘Deever, niet denkbaor zunder Geert Dekker. Het is geschreven in een soort van net niet echt Hoogeveens dialect. Dit artikel is ook te vinden in de webstee van de heemkundige vereniging van Diever. Dit artikel is een bewerking van het hiervoor weergegeven artikel van Arend Mulder.

Oldere inwoners van Diever hebt nog weet van twei dorpsfiguren, zunder wie Diever niet denkbaor was. Dat waren Aobel Wiekstra, die Aebel Allen (zien va was Alle Wiekstrao) weur enuumd of ‘de smorre’ en zien oomzegger Geert Dekker. Zij woonden in een boerderijgien op ’t Bultien. Het is al meer as veertig jaor eleden dat Geert Dekker in een verpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp.
Aobel Wiekstra mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide kerels weuren verzorgd deur Hillechien, een zuster van Geert. Hillechien was niet stark, vake ziek en kwaamp niet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkenluder, koster en orgelpomper in de staotige Pancratiuskarke op de Brink. Doe hij dit veertig jaor edaone had, kreeg hij een keuninklieke medallie.
Een hok under de toren was het underdak veur laandlopers, zwarvers, dronken volk en kleine krimmenelen. As ’t er iene op esleuten was veur ien of meer nachten, dan mus Geert in opdracht van de borgemeister de arrestant in ’t hokke veurzien van eten en drinken.
Geert was ok de man van de liekwagen. Doe in 1912 de liekwagenverieneging weur op ericht, weur hij mitiene an esteld as vaste voorman. Daorveur weur een boerenwagen gebruukt, waorop de kiste weur eplaotst op een legge uutgedorst roggenstro. Aoverledenen haalde Geert niet allennig uut het starfhuus in dorp en naoste umgeving, maor ok uut Assen en Grunning, as daor iene uut het darp was aoverleden. Dizze reizen, vake dagreizen, weuren bij tienden emaakt in weer en wiend.
Oom Abel, die de 80 al passeerd was, gunk vake mit hum mit. Oom Aobel aoverleed in 1930, 93 jaor old. E paar jaor later kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allent achter.
Tot 1938 bleef hij de voorman op de liekwagen, wat hij doe 26 jaor lang edaon had. Tot wied in de viefteger jaoren had hij as koster de sleutel van de Hervormde karke. Zowel veur as nao de resteraosie hef hij honderden toeristen rond eleid in de olde karke, die ok wel de kattedraal van Drenthe enuumd wordt. Elke zundagmorgen um negen ure en an het begun van de dienst bengelde hij de klokke. Het is bekend dat hij nooit een dienst verzuumd hef, wat een bewies is veur zien starke gestel.
Nao een kort ziekbedde aoverleed Geert Dekker in 1963 op 87-jaorige leeftied.’Tallozen hef hij uut elod – weinigen hebt hun uut eleid’, schreef in 1975 de plaatselijke kroniekschriever Aorend Mulder.
Het boerderijgie mit grond was deur Geert Dekker bij testament vermaakt an de ofdieling van het Grune Kruus en an de karkvoogdij van de hervormde gemiente. Zij verkochten het huussie an een annemer uut Beilen, die vergunning kreeg um het te slopen. Een ofbraok die achterof deur hiel wat meinsen weur betreurd.

De redactie van ut Deevers Archief heeft de tekst van het artikel van Lammert Huizing voor de echte liefhebbers van het Deevers vertaald in het Deevers.

Oldere inwoners van Deever hept nog weet van twei dörpsfiguur’n, sunder wie Deever neet denkboar was. Dat waar’n Aèbel Wiekstroa, die Aèbel Allen (sien vä was Alle Wiekstroa) of de Smorre wödde enuumd, en sien oomzegger Geert Dekker.
See woon’n in un boerdereegie op ut Bultie. Ut is al mièr as vièrtug joar elee’n dat Geert Dekker in un vurpleeghuus in Oosterwolde uut de tied kwaamp. Aebel Wiekstroa mit zien onofscheidelijke pette, ‘knooide’ wat in de grond in de hof rond zien huus. De beide keerels wödd’n vuzorgd deur Hillegie, un zuster van Geert. Hillegie was neet staark, vaèke seek en kwaamp neet veule wieder as in en rond heur huus.
Geert was klokkelüder, koster en orgelpomper in de stoatige Pancratiuskaarke an de brink. Doe hee dit vièrtig jaor edoane haar, kreeg hee een keuninklukke medallie.
Un hok under de toor’n was ut underdak veur laandlopers, zwaarvers, dronk’n volk en kleine krimmeneel’n. As ur iene op esleut’n was veur iene of meer naacht’n, dan mus Geert in opdracht van de börgemeister de arrestant in ut hokke veurseen van eet’n en drink’n.
Geert was ok de man van de liekwaèg’n. Doe in 1912 de liekwaègenvurening wödde op ericht, wödde hee mitien an esteld as vaaste veurman. Daarveur wödde ’n boer’nwaeg’n ebruukt, woarop de kiste wödde eset op een legge uutedöste roggestro. Overlee’n haèlde Geert neet allennig uut ut staarfhuus in ut dörp en noaste umgeving, mor ok uut Assen en Grönning, as doar iene uut ut dörp was overlee’n. Disse reizen, vaèke dagreiz’n, wödd’n bee tied’n emaek in weer en wiend.
Ome Aèbel, die de 80 al pesseerd was, gunk vaèke mit hum mit. Ome Aèbel overleed in 1930, 93 joar old. Een paèr joar laèter kwaamp ok Hillechien uut de tied en bleef Geert allennig aachter.
Tot 1938 bleef hee de veurman op de liekwaeg’n, wat hee doe 26 joar laank edoane haar. Tot wied in de viefteger joar’n haar hee as koster de sleutel van de hervormde kaarke. Sowel veur as noa de resteroasie hef hee honderd’n toerist’n rond eleid in de olde kaarke, die ok wel de kattedraal van Drente enuumd wöd. Elke sundagmörn um neeg’n ure en an ut begun van de dienst bengelde hee de klokke. Ut  is bekend dat hee nooit un dienst versuumd hef, wat een bewies is veur sien staarke gestel.
Noa een köt seekbedde overleed Geert Dekker in 1963 op 87-joarige leeftied. ‘Tallozen hef hee uut elut – weinigen hept hum uut eleid’, schreef in 1975 de plaeselukke kroniekschriever Aorend Mulder.
Ut boerdereegie mit grond was deur Geert Dekker bee testement vermaèkt an de ofdieling van ut Gruune Kruus en an de kaarkvoogdij van de hervormde gemiente. See veukocht’n ut hüsie an un annemer uut Beilen, die vurgunning kreeg um ut te sloop’m. Un ofbroak die aachterof deur hiel wat meins’n wödde betreurd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het mag ook voor de minder oplettende bezoeker van ut Deevers Archief duidelijk zijn dat de genoemde Lammert Huizing zich in zijn artikel in de Meppeler Courant (wekelijkse artikelenreeks Eertieds in dizze streek) volledig heeft bediend van de tekst van Arend Mulder en het hier en daar wat heeft aangedikt en omgevormd en opgeleukt.
Voor meer gegevens over de journalist Lammert Huizing wordt verwezen naar de webstee van Wikipedia.
Abel Wijkstra werd geboren op 26 maart 1837 in Deever. Hij was een zoon van Alles Abels Wijkstra, landbouwer en Jacobje Jans Kremer. Abel Wijkstra werd ook wel Olde Abel, Abel Allen, Allen Abel, de Smorre of Abeltje Smok genoemnd. Abel Wijkstra overleed op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Diever.
Geert Dekker werd geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij was een zoon van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra. Marchje Wijkstra was een zuster van Abel Wijkstra. Geert Dekker overleed op 6 maart 1963 in het Diaconessenhuis in Möppel. Zie het bijgevoegde overlijdensbericht.
Hilligje Dekker werd geboren in Dwingel op 7 april 1869, Zij was een dochter van Jan Dekker, arbeider en Marchje Wijkstra.
Blijkbaar was Lammert Huizing niet op de hoogte van de woonplaats van Arend Mulder, want de ‘plaatselijke kroniekschrijver’ Arend Mulder woonde in 1975 in Norg.
Geert Dekker stierf in 1963 en liet het huisje na aan de plaatselijke afdeling van het Groene Kruis en de kerkvoogdij van de Nederlands Hervormde Gemeente te Deever. Deze verkochten het aan een aannemer uit Beilen, die jammer genoeg vergunning kreeg om het slopen. Juist in die jaren probeerden burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen rücksichtslos en meedogenloos al het karakteristieke mooie oude te slopen wat in het oude centrum van Deever te slopen viel, denk aan bebouwing bij de kleine Brink, een groot deel van de Peperstraat en panden aan de Hoofdstraat, het niet herbouwen van verbrande panden. En dat is ze aardig gelukt, daarmee verdween de ziel uit ut olde Deever.
De instantie die hem in eerste instantie tegen had kunnen houden was natuurlijk de gemeenteraad van de gemiente Deever (wie zaten toen in de gemeenteraad ?), maar wellicht kon of wilde die geen weerstand bieden aan de ambitieuze burgervader. Bij burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) stonden woorden en termen, zoals cultuurhistorisch erfgoed, pand voor een streekmusuem, woonboerderijtjes, waardevol voor de toeristenindustrie, beschermd dorpsgezicht, koesteren en restaureren niet in zijn neo-liberale woordenboek.

Posted in Aarfgood, Alle Deeversen, Deevers, Geert Dekker, Overlijdensbericht, Verdwenen object | Leave a comment

Jongenskamp ‘de Eikenhorst’ had eigen kampgeld

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 7 januari 2015 van Alexander Moes de volgende reactie over het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

In een artikel uit de Tielse courant van 18 januari 1950 wordt een beschrijving gegeven van de organisatie van Kamp Eikenhorst.
In het artikel staat te lezen dat de jongens 50 cent zakgeld per week kregen, dat gebruikt kon worden voor aankopen in de kantine.
Maar ze konden er ook een duif of een konijn voor kopen als er genoeg gespaard was.
Het zakgeld was niet het normale Nederlandse geld, maar zogeheten kampgeld (biljetten of fiches), een eigen uitgifte, deze waren genummerd en er stond een stempel op.
De vraag is of lezers nog voorbeelden, afbeeldingen, hebben van dit kampgeld en indien mogelijk met ons zou willen delen.

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Het landgoed Castra Vetera op Zorgvlied – 1938

In de Leeuwarder Courant van 2 april 1938 verscheen het volgende bericht naar aanleiding van de verkoop van het landgoed Castra Vetera op Zorgvlied door de heer Friedrich Wilhelm Ackermann.

Vlak bij het dorpje Zorgvlied, een plaatsje bij de Friesch-Drentsche grens, ligt het 40 ha groote landgoed Castra Vetera. daar de uitgestrekte terreinen met zijn groote villa onder de hamer zijn geweest en voor f. 17.113,50 aan den heer D.H. Pasman te ’s Gravenhage, eertijds mede-directeur van de Pasman’s fabrieken te Steenwijk is verkocht, willen we iets van de interessante geschiedenis van dit landgoed vertellen. Onderstaande bijzonderheden werden ons meegedeeld door den heer F.W. Ackermann, die Castra Vetera heeft verkocht.
Het huis is gebouwd in plusminus 1850 door den gepensioneerden schout bij nacht W.J. de Ruijter de Wildt, die tevens de omliggende heidevelden liet ontginnen. In 1861 ging het huis in eigendom over aan de familie Verwer. Vooral de heer L.G. Verwer heeft de ontginning krachtig voortgezet, waardoor aan honderd arbeiders gedurende lange tijd werk werd verschaft.
De heer Verwer heeft veel gedaan voor de ontwikkeling van de streek rondom Zorgvlied. Hij stichtte er een zeevaartschool (!) welke later weer opgeheven is, een bankgebouw en mede bevorderde hij de oprichting van de tegenwoordige stoomzuivelfabriek ‘De drie gemeenten’ in 1887.
Van 1913 tot 1919 was Castra Vetera onbewoond en werd het landgoed verwaarloosd, zelfs zoo erg, dat de villa bijna een ruïne gelijk werd.
De heer Ackermann kocht het landgoed in 1919 en besteedde honderden guldens om alles weer een goed aanzien te geven. In de daarop volgende jaren legde hij fraaie boschcomplexen aan, zoodat het landgoed er thans keurig verzorgd uitziet en een prachtig natuuroord vormt. Enkele jaren terug is midden in het bosch begonnen met de aanleg van een groot natuurbad. De grootsche plannen zijn echter door de plotselinge dood van mevrouw Ackermann niet geheel uitgevoerd.
De nieuwe eigenaar, de heer Pasman, zal op het landgoed speciaal de paardensport beoefenen. Omtrent de bestemming van de villa kon men ons nog niets positiefs mededeelen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De bouwer van het landhuis Zorgvlied is Johannes Franciscus de Ruiter de Wildt, die was geen gepensioneerd schout bij nacht, maar een gepensioneerd koloniaal. Hij was employé bij het agentschap van de factorij te Semarang van de Nederlandse Handelsmaatschappij in Nederlands Indië.
In de op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. is bijgaand afgebeelde krantenfoto zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 179.

Posted in Castra Vetera, de Ruiter de Wildt, Lodewijk Guillaume Verwer, Zorgvliet | Leave a comment

In de kaarke an de brink van Deever

De schilder Maarten ’t Hart (1950) schildert graag onderwerpen, zoals oude verlaten stationsgebouwen, afgelegen staande huizen en bijzondere gebouwen in binnen- en buitenland, met name vanwege de lichtval op oude muren van interieur en exterieur, die een object vaak onwerkelijk en verlaten doet lijken. Hij past bij het schilderen graag de tempera techniek toe.
Het tekenen en schilderen van interieurs en exterieurs van Middeleeuwse kerken is zijn specialiteit.
Dat is te zien op bijgaande afbeelding van zijn schilderij (olieverf op paneel) Interieur kerk te Diever naar het koor. Het betreft een deel van het interieur van het kerkgebouw aan de brink van Deever.
Het is de redactie van ut Deevers Archief  niet bekend in welk jaar dit schilderij is gemaakt.
De andere afbeelding is een afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw, die de schilder gelukkig niet heeft gebruikt als voorbeeld voor zijn kunstwerk.
De schilder wekt de indruk van onwerkelijkheid en verlatenheid in het schilderij niet zozeer door de lichtinval, als wel door zoveel mogelijk in het schilderij weglaten van wel aanwezige voorwerpen in het interieur, zoals stoelen en kerkmeubilair en daarnaast door het licht-eiken-achtig schilderen van de preekstoel en de deur die toegang geeft tot de consistoriekamer.
Liggen vóór in het kerkgebouw aan de brink van Deever werkelijk zoveel plavuizen van natuursteen ? Het rechter raam is in werkelijkheid lager dan het linker raam. Wel heeft de schilder mooi de kringen van opgetrokken vocht onder in de muren van het koor geschilderd.

Posted in Ansigtkoate, Brink, Kaarke an de brink, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Ut saandstien’n pottokke van Teunis Kuper

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag afbeeldingen van nog steeds bestaande pothokken bij bestaande boerderijen in de gemiente Deever. Maar de redactie toont nog liever afbeeldingen van niet meer bestaande pothokken bij bestaande boerderijen in de gemiente Deever. En de redactie toont het allerliefst afbeeldingen van niet meer bestaande pothokken bij niet meer bestaande boerderijen in de gemiente Deever.

In de publicatie Pothokken in de voormalige gemeente Diever.van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, verschenen in 2007, staan op bladzijde 16 enige gegevens van ut pottokke van Teunis Mulder (Teunis Kuper) en Maria Houwer op ut Kastiel in Deever.

De woning met adres Kasteel 6 was vroeger een keuterijtje, vandaar dat bij de woning un pottokke stond. Vanuit de pompestraote konden de bewoners zo ut pottokke inlopen. Teunis Mulder had ook un pèèr koegies, die liepen in de zomer in gehuurd weiland in de Olde Willem. Na de hernummering van de melkbussen in 1950 stond nummer 2 op zijn melkbussen.

Dat pottokke bestaat nog steeds, zie afbeelding 1. De afgebeelde foto is gemaakt vóór de verbouwing van het pand in 2023/2024. In 2006/2007 hadden de toenmalige bewoners (wie ?) ut pottokke in gebruik als schildersatelier. Wanneer is Teunis Rozeboom (kleinzoon van Teunis Mulder) in de woning met adres Kasteel 6 gaan wonen ? Voor welke doeleinden gebruikte Teunis Rozeboom ut pottokke ?

De redactie attendeert de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief graag op het bericht Maria Houwer steet bee heur husie op ut Kastiel.

Afbeelding 1 – (© Gert Hardeman – www.ghardeman.nl – 19 mei 2023 – Alle rechten voorbehouden)

Afbeelding 2

Posted in Pothokke, ut Kastiel | Leave a comment

Anthonij Gasthuis – Gratis wonen en een gulden toe

Akte van Schenking en Stichting 

Heden den twee en twintigsten September achttienhonderd acht en tachtig compareerden voor mij Anthonius Bernardus Sjerp, notaris te Leeuwarden, in tegenwoordigheid der na te noemen getuigen:
De heeren Mr. Lodewijk Guillaume Verwer, advocaat, wonende te Zorgvlied, gemeente Diever, en Mr. Julius Verwer, advocaat, wonende te Leeuwarden.

Die verklaarden, omtniet en onherroepelijk af te staan aan de hiermede te Zorgvlied, gemeente Diever, provincie Drenthe, opgericht wordende Stichting van Weldadigheid, het St. Anthonij Gasthuis, bestemd tot verstrekking van huisvesting en zoover mogelijk eene wekelijksche toelage in geld, aan gehuwde of ongehuwde personen, onverschillig van welke Christelijke Geloofsbelijdenis, wier eigen inkomsten onvoldoende zijn.

Primo.
Een gebouw te Zorgvlied, gemeente
Diever, als Pastorij in gebruik bij de Roomsch Katholieke gemeente te Zorgvlied, en als zoodanig ten kadaster bekend gemeente Diever, sectie A, nummer 695, geheel groot twee roeden zestig el, wordende echter niet afgestaan het erf ten zuiden onder dit nummer begrepen, noch de turfloods op dat erf gebouwd, doch alleen het hoofdgebouw en voor de houders het recht van gebruik en bewoning van dit perceel, toekomende aan de Roomsch Katholieke gemeente te Zorgvlied tot het jaar negentien honderd zeventien, of zoveel vroeger als het door het Kerkbestuur zal worden ontruimd.

Secundo.
Het gebouw, naast het vorige, bekend ten kadaster als schuur gemeente en sectie als voren, onder nummer 696, groot vier en twintig el.

Tertio.
Het gebouw, naast het vorige, bekend ten kadaster als huis, gemeente en sectie als voren, onder nummer 697, groot vijf en dertig el.

Quarto.
Zoodanig gedeelte van het perceel ten kadaster als tuin bekend, gemeente en sectie als voren, onder nummer 693, geheel groot zeven en zeventig roeden vijftig el, als gelegen is tusschen de sub primo, secundo en tertio omschreven gebouwen en den publieken weg ten noorden, groot ongeveer tien roeden en zoals op het terrein door paaltjes is aangewezen; alles onder voorwaarde, dat de stichting zal moeten dichtmaken de deur tusschen den stal en perceel nummer 697 en al de deuren en lichtscheppingen in den zuidelijken muur, die in nummers 697 en 696 dadelijk, die in 695 bij het eindigen van het recht van gebruik en bewoning voorschreven, terwijl de comparanten zich voorbehouden het recht van deurslag in hun koetshuis en uitweg door de koetshuisdeur ten noorden, en het recht om in den zuidelijken muur balken te leggen en daartegen te timmeren, terwijl de goot aan den muur ter bede zal liggen, en de stichting gehouden zal zijn alle water op eigen erf te leiden en aftevoeren, zodra dit door de comparanten wordt gevorderd.

Welke perceelen door de comparanten, onder meer, zijn verkregen bij koopacte den twintigsten Mei achttien honderd negen en zeventig voor den notaris Johannes Gijsbertus Moll te Arnhem verleden, overgeschreven ten kantore der hypotheken te Assen den vijfden Juni daaraanvolgende, in deel 474 nummer 43.

De comparanten verklaarden de voorschreven perceelen aftestaan onder de volgende

Voorwaarden en bepalingen:
1.
De stichting zal geheel onafhankelijk en vrij zijn van Staats-, Provinciaaal of Gemeente bestuur;
2.
Haar zetel zal zijn te Zorgvlied in de gebouwen op voorschreven perceelen aanwezig of te stichten;
3.
Zij zal den naam dragen van “St Anthonij Gasthuis”;
4.
De geldelijke baten, die het gasthuis verkrijgt, zullen door het Bestuur rentegevend worden belegd, van de renten, zoodra deze minstens twee en vijftig gulden ’s jaars bedragen, zal wekelijks aan den bewoner der eerste kamer een gulden worden uitgereikt en het restant worden opgelegd, zoodra het kapitaal door giften en opgelegde inkomsten drie duizend gulden zal bedragen zal ook de bewoner van de volgende kamer in het genot der bijdrage worden gesteld; vervolgens zal behoudens het hierna bepaalde, het restant der opkomsten worden opgelegd tot dat bij het einde van voorschreven recht van gebruik en bewoning, de ruimte, thans als Pastorie gebezigd, vrijkomt en voor provenierskamers zal worden ingericht, als wanneer de inkomsten dit toelatende, de bewoners van de derde, vierde en vijfde kamers evenzeer in het genot der toelage zullen worden gesteld.
De verder overig zijnde renten kunnen naar het goedvinden van het Bestuur tot kapitaal vorming en verdere uitbreiding der stichting of tot verhooging der bijdragen van de proveniers worden aangewend, terwijl het aan het Bestuur vrij zal staan , ook op andere wijze de zedelijke of maatschappelijke belangen der omgeving daaruit te bevorderen.
5.
De kamers zullen zoo veel mogelijk worden gegeven aan personen uit den burger of boerenstand, die om de eene of andere reden aan eenige bijstand behoefte te hebben, doch niet geheel onvermogend zijn; ten blijke daarvan zullen zij voor hunne intrede aan het Bestuur moeten aantoonen, dat zij een eigen en vast inkomen hebben van minstens twee gulden vijftig cents ’s weeks, of zoo gehuwde lieden als proveniers worden aangenomen, van vier gulden ’s weeks. Bij elke kamer zal na negentien honderd zeventien eene strook tuingrond ter breedte van de kamer in gebruik worden gegeven.
6.
De keuze van proveniers geschiedt door het Bestuur in volle vergadering, na gemeen overleg in eene vorige vergadering, bij meerderheid van stemmen, met gesloten briefjes.
7.
De proveniers of bewoners van elke kamer moeten vóór hunne intrede ten behoeve van het gasthuis storten eene som van vijftig gulden, welk bedrag eigendom wordt der stichting.
8.
De proveniers, die door slecht gedrag, verregaande onzindelijkheid of andere gewichtige redenen, naar het oordeel van het Bestuur zich het beneficie onwaardig maken, zullen na verloop van eene maand na waarschuwing en kennisgeving door het Bestuur, zonder eenigen vorm van proces, via facti uit de stichting kunnen worden verwijderd, in welk geval hun, het door hen gestorte bedrag wordt teruggegeven; alle proveniers zullen vóór hunne intrede eene verklaring teekenen, ten bewijze dat zij zich naar dien, en andere door voogden te maken bepalingen van orde onderwerpen, alzoo, dat hun genot van huisvesting en toelage geheel ter bede bestaat.
9.
De voogden zullen van bovenstaande bepalingen omtrent het minimum van eigen inkomsten der proveniers, het bedrag der toelagen en storting slechts mogen afwijken wanneer in enig geval, volgens hun oordeel, daartoe bijzondere aanleiding bestaat.
Mochten zich niet dadelijk geschikte proveniers voordoen, dan zullen de Voogden, in afwachting daarvan, de kamers ten behoeve der stichting kunnen verhuren.
10.
Het bestuur der stichting zal bestaan uit drie voogden, die onderling hunne functiën zullen verdeelen en regelen, de voogd die met het geldelijke bestuur is belast, zal een nauwkeurigen staat bijhouden van de bezittingen der stichting, jaarlijks rekening doen en bij het eindigen van zijn bestuur, van zijn beheer door de gezamenlijken voogden worden gedéchargeerd.
De verdere wijze van uitvoering dezer beschikkingen, de regeling van het bestuur en van de huishoudelijke orde worden overgelaten aan het overleg en de rechtschapenheid der voogden, die uit de bovenstaande bepalingen de bedoelingen van de stichters genoegzaam zullen kunnen afleiden.
11.
Twee der voogden zullen bij voorkeur uit de bloed- of aanverwanten der stichters worden gekozen en zal in ieder geval één der drie voogden met derwoon moeten zijn gevestigd in eene der gemeenten Diever, Vledder, Oost- of Weststellingwerf.
Bij overlijden of ontstentenis door welke oorzaak dan ook, van één der voogden zullen de overgeblevenen zijn opvolger benoemen, terwijl bij tijdelijke verhindering om aan het beheer deel te nemen, iedere voogd een plaatsvervanger zal kunnen benoemen.
Als voogden van de stichting worden reeds aangesteld de stichters Mr. Lodewijk Guillaume Verwer en Mr. Julius Verwer voornoemd.
Die verklaarden hunne benoeming aantenemen en de voorschreven goederen te zullen doen stellen ten name der stichting met bestemming als boven is omschreven, en zich een derden voogd te zullen assumeeren.

Waarvan akte.

Verleden te Leeuwarden, ten huize van mij notaris, in tegenwoordigheid van Anskarius Schelte Hoffman, kleermaker, en Lieuwe George Leenhart Hoekstein, boekdrukker, beiden wonende te Leeuwarden, als getuigen, even als de comparanten mij notaris bekend.

Onmiddellijk na voorlezing hebben de comparanten met de getuigen en mij  notaris deze minuut-akte onderteekend.

Geteekend: Mr. L.G. Verwer,  Mr. J. Verwer, A.S. Hoffman, L.G.L. Hoekstein, A.B. Sjerps , notaris.

Geregistreerd te Leeuwarden, den vijf en twintigsten September 1800 acht en tachtig, deel 168, folio 54, ve……vak 4, twee bladen drie renvooien.

Ontvangen voor recht één gulden twintig cent f. 1.20.

De Ontvanger B.A. (geteekend) van Walsem.

Uitgegeven voor Afschrift. A.B. Sjerps. Notaris te Leeuwarden.    

Het Gemeente-bestuur van Diever verklaart naar aanleiding van artikel 7 der wet van 12 Augustus 1854 (Staatsblad nr. 100) mededeling te hebben ontvangen van de bepalingen betreffende de inrichting en het bestuur van de Stichting van Weldadigheid “het St. Anthonij Gasthuis” te Zorgvlied gemeente Diever, opgericht bij akte van den 22 September 1888 voor den te Leeuwarden residerenden notaris A.B. Sjerps verleden.

Diever, 12 November 1888

Het Gemeente-bestuur voornoemd

L….. H. van Os, Burgemeester

W. Mulder, Wethouder

Rectificatie

De ondergetekende Mr. Lodewijk Guillaume Verwer, advocaat, wonende te Zorgvlied, gemeente Diever en Mr. Julius Verwer, avocaat, wonende te Leeuwarden,

Partijen in eene akte van Schenking en Stichting op den 22 September 1888 voor den notaris Antonius Bernardus Sjerps te Leeuwarden verleden, overgeschreven ten kantore van bewaring der hypotheken te Assen, den 4 October 1888, in deel 603, n: 2.

Posted in De aandere kaante van de Deeverse bos, Kattelieke Kaarke, Lodewijk Guillaume Verwer, Sint Anthonij Gasthuis, Zorgvliet | Leave a comment

In de Heufdstroate van Deever in 1954

Bijgaande zwart-wit ansichtkaart was in 1954 te koop bij Roelof (Roef) van Goor, Kantoorboekhandel an de Kruusstroate in Deeveraan. De fotograaf van deze mooie afbeelding stond ter hoogte van de boerderij van Hendrik Krol. Links is nog net een deel van het muurtje voor de Gereformeerde School te zien. Rechts staan de woningen van Hendrik Gruppen en … Eising. Wie kan meer gegevens verschaffen over de zichtbare panden en hun bewoners in die tijd ?

Posted in Ansigtkoate, Heufdstroate, Kaarke an de brink | Leave a comment

Anne Mulder over Albert Egges van Giffen

De echte Deeverse wijlen Anne Mulder vertelde in een interview in 1991 in Assen enige persoonlijke herinneringen aan professor doctor Albert Egges van Giffen aan de redactie van ut Deevers Archief. Deze heeft de herinneringen van wijlen Anne Mulder op papier uitgewerkt en in maart 2000 gepubliceerd in het nummer 00/1 van Opraekelen, het papieren blad van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever.

Mijn ambtelijke contacten met Van Giffen
In de negentwintig jaren die ik heb gewerkt op de secretarie van het gemeentehuis in Diever, heb ik met de professor op prettige wijze over verschillende zaken contact gehad.

Van Giffen, de bosbewoner
Hij had een tweede woning op de Heezeberg. Daar vertoefde hij regelmatig. Dat was de plaats waar hij het liefst verbleef. Op de Heezeberg was het bosonderhoud een geliefde bezigheid van hem. Hij had altijd een tang bij zich om takken af te kunnen knippen. Na zijn dood heeft zijn oudste zoon Jan daar gewoond.

Van Giffen, zijn contacten met het dorp
Voor zover mij bekend hebben Van Giffen en zijn vrouw nooit deelgenomen aan het gemeenschaps- en verenigingsleven in Diever. Op één uitzondering na. Hij was lid van de commissie van aanbeveling van een geldinzamelingsactie voor de restauratie van de Nederlands Hervormde kerk van Diever. Die actie heeft succes gehad, want de restauratiecommissie heeft de kerk in 1959 schuldenvrij overgedragen aan de kerkvoogdij.

Van Giffen, de altijd gedrevene
Hendrik Jan ter Mast fungeerde als toezichthouder op zijn bosgebied op de Heezeberg. Op een gegeven moment vertelde de professor aan Hendrik Jan over zijn grootse plannen voor de komende jaren inzake de beplanting en het onderhoud van het areaal bos. Hendrik Jan reageerde daarop met: “Mor dan moei’t oasemhael’n neet vergeet’n meneer”, waarop de professor antwoordde met: “Ik zal erom denken Ter Mast”.

Van Giffen, de grappenmaker
Het kwam wel eens voor dat hij bij het hunnebed mensen aantrof die uit het westen van het land kwamen. Hij maakte met zijn kleine gestalte en een pet op zijn hoofd dan niet bepaald een professorale indruk. Hij vertelde dan die mensen wel eens de gekste verhalen over de hunnebedden en de wijze waarop ze waren ontstaan. En met die verhalen togen ze dan huiswaarts.

Van Giffen, de onverbiddelijke
Mijn broer Egbert had een tijdlang het alleenrecht van jagen op zijn grondgebied. Totdat de Dieverse jagers, waaronder mijn broer, eens op de rand van dat gebied de jacht uitoefenden. De oude Hendrik Jubbega (Henduk Jubbegoa) uit Oldendiever was op een gegeven moment moe en ging even zitten. Op dat moment was ook professor Van Giffen ter plaatse en constateerde dat Hendrik Jubbega op het uiterste puntje van zijn bosgebied was gaan zitten. Meteen ontnam de professor Egbert definitief het alleenrecht op de jacht in zijn bosgebied. Maar daarmee was de professor niet van mijn broer af, want wie ligt naast hem en zijn vrouw begraven op de algemene begraafplaats in Diever ? Jawel, de jager Egbert Mulder ! Nu zijn en blijven ze nog buren ook.

Van Giffen, de opmerker
Bij een wandeling door het dorp ontdekte professor Van Giffen een pol huislook op het dak van onze boerderij, Achterstraat 10. Hij vroeg aan mijn moeder, die buiten stond, of hij een stuk huislook mocht hebben. “Eiglijk neet”, zei mijn moeder, “want ‘k vun oe vrogger in de skoele moar een kreng, want ie kneep’m mee altied in de wange”. Ze zaten immers bij elkaar in de klas toen de professor als jongen in Diever woonde. Zij werd geboren op 9 januari 1884 en hij op 14 maart 1884.
De professor wenste zich niet te herinneren wat mijn moeder zei. Het had ook niets met hunnebedden, grafheuvels en urnenvelden te maken. Desondanks heeft hij wel een stukje huislook meegekregen. Ik weet niet hoe die pol huislook op ons dak is gekomen. Misschien is die pol meegebracht door mijn vader, want die was rietdekker van beroep.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Professor doctor Albert Egges van Giffen was namens de Drentsche Praehistorische Vereniging lid van het bestuur van de Stichting ‘Oud-Drenthe’ te Assen, de stichting die in het voorjaar van 1935 meende in de eerste plaats zijn gehele aandacht te moeten concentreren op het behoud en herstel van het zo genoemde Schultehuis an de brink in Deever.
In het zo genoemde Schultehuis is nu gevestigd het zo genoemde Oermuseum, dat wel bijzonder schatplichtig is aan de niet in Deever geboren en ook niet in Deever getogen professor doctor Albert Egges van Giffen.
Lezers die Deeverse herinneringen hebben aan professor doctor Albert Egges van Giffen worden verzocht deze op papier te zetten en voor publicatie in ut Deevers Archief in te sturen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de afgebeelde zwart-wit foto van het boerderijtje an de Aachterstroate in Deever, waar vroeger de familie Mulder woonde, op 10 februari 2000 gemaakt, da’s ook al weer meer dan zestien jaar geleden.

De heer Klaas Kleine reageerde op 19 augustus 2000 als volgt.
Wat betreft de huislook heb ik een paar opmerkingen. Ook op ons huis aan de Peperstraat staan twee pollen huislook op het dak. Die zijn goed tegen de pest, de tering, blikseminslag en ander ongerief. Het is niet zeker of het helpt. Deze pollen, een kleine en een hele dikke, zijn nakomelingen van de pollen huislook op het dak van de boerderij, Achterstraat 10. Ik kreeg een pol van Eppie Bas (Egbert Mulder).

Abracadabra-1248

Posted in Albert Egges van Giffen, Heezerbaarg, Hunnebedde D52, Oudheidkunde | Leave a comment

De jeud’n muss’n ’s naachts hen Westerbörk loop’m

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ zijn als afbeeldingen 67 en 68 een afbeelding van twee zwart-wit ansichtkaarten van rijkswerkkamp Diever A an de Woaterseweg in de Olde Willem opgenomen. De foto’s voor deze ansichtkaarten zijn in 1935 gemaakt. Toen waren de rijkswerkkampen Diever A en Diever B in het kader van de werkverschaffing nog werkkampen voor werkloze mannen uit andere delen van het land. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaarten is aandacht besteed aan de tijd dat hier joodse mannen werden geïsoleerd van hun familie en werden verzameld voor verplaatsing naar het grote doorvoerkamp Westerbork. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen

67 en 68 – Oude Willem – Rijkswerkkampen Diever A en B – 1935
Het Ministerie van Sociale Zaken huisvestte in de rijkswerkkampen Diever en Diever B in de dertiger jaren van de vorige eeuw werklozen die onder meer heidevelden moesten omspitten. De kampen stonden bij Hoeve aan den Weg in de Olde Willem. Beiden boden plaats aan zesennegentig personen.
In december 1941 besloot de Duitse bezetter Joodse Amsterdammers naar de Drentsche werkkampen in Diever, Geesbrug, Gijsselte, Kremboong, Mantinge, Orvelte, Stuifzand en Vledder te sturen. Het eerste resultaat was dat 905 mannen op zaterdag 10 januari 1942 naar Drenthe vertrokken, waarna ook mannen uit andere delen van het land gedwongen werden te gaan.
Hier volgen een paar aangrijpende citaten uit brieven die manufacturier Jozef Leefsma uit Gorredijk vanuit rijkswerkkamp Diever A aan een vriend schreef:
De lui die hier zijn, lijken wel wolven. Die zijn uitgehongerd. Het lijken wel rovers. Ze zeggen dat wij, als we er veertien dagen zijn, ook zo worden, maar dat weet ik nog niet. Daar ben ik zelf bij. In het kamp mag niets, ofschoon de kampchef een beste kerel is. Maar dat is nu eenmaal voorschrift……….
Ik kon jullie niet bedanken deze week. Ik was wat vol. Daar heb ik tegenwoordig meer last van. Zo gauw ik aan thuis denk of iemand mij er over spreekt, huil ik als een kind en ik kan er niets aan doen……….
In de nacht van zwarte vrijdag 2 oktober 1942 werden de rijkswerkkampen Diever A en Diever B door de Duitse bezetter ontruimd. De Joodse bewoners kwamen in het kamp Westerbork terecht. Vandaar werden ze gedeporteerd naar Duitse concentratiekampen.
Jozef Leefsma heeft het niet overleefd. Welke andere Joodse Nederlanders zaten in de rijkswerkkampen Diever A en Diever B ? …….. Wie van hen overleefden de hel van de vernietigingskampen ? ……….
Niets in de wijde omgeving herinnert aan het feit dat deze kampen als isolatie- en verzamelkamp van joodse landgenoten zijn gebruikt….. Van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B, lopend naar Westerbork, en dan per trein naar Auschwitz, Birkenau, Bergen-Belsen, Dachau, Majdanek, Mauthausen, Neuengamme, Schöppenitz, Sobibor, Sosnowiec, Theresienstadt, Treblinka ………………

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft in een aantal berichten in ut Deevers Archief aandacht besteed aan de geschiedenis van de rijkswerkkampen Diever A en Diever B.

Inmiddels staat gelukkig – hopelijk mede een klein beetje dank zij de tekst in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’- an de Woaterseweg in de Olde Willem wél een gedenkteken bij de plaats van de voormalige rijkswerkkampen Diever A en Diever B.
De twee ansichtkaarten zijn in 1935 uitgegeven door en waren te koop bij Roelof (Roef) van Goor, Copieer Inrichting, an de Heufdstroate in Deever. De twee ansichtkaarten waren ongetwijfeld ook te koop in de kantine van rijkswerkkamp Diever A


Posted in Ansigtkoate, de Olde Willem, Diever, ie bint 't wel ..., Joodse inwoner, Tweede Wereldoorlog, Werkkampen Diever A en B | Leave a comment

Plaetie 16 uut Bussink’s album ‘Mijn land – Drenthe’

Het boekwerk ‘Bussink’s Album – Mijn land – deel VIII – Drenthe’ is geschreven door G.J. Nijland. Het album is in 1934 uitgegeven door Bussink’s Koekfabriek uit Deventer (ja, die van de Deventer koek). Het album was verluchtigd met 100 plaatjes en 2 platen. Bijgaande kleine afbeeldingen tonen de voorkant en de achterkant van plaatje nummer 16. De redactie van ut Deevers Archief toont dit topplaatje graag aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van zijn webstee.
Op de voorkant van het plaatje is ut olde skultehuus an de brink van Deever te zien. Let vooral op het zeldzaam originele licht boven de voordeur in de vorm van de Davidster. Het is het schultehuis, zoals het was in 1933, een paar jaar voor de ‘grote knutselrestauratie’, toen het schultehuis gelukkig nog niet gescheiden was van de schulteboerderij. De redactie van ut Deevers Archief vraagt zich nog steeds af waarom het zo zeldzaam originele bovenlicht in de vorm van de Ster van David bij de ‘restauratie’ is weggeknutseld.
En zoals het meestal met getekende onderwerpen uut de gemiente Deever gaat, is voor dit plaatje ook een ansichtkaart als voorbeeld gebruikt. Deze ansichtkaart uit 1933 is hier ook afgebeeld. De overtekenaar van de ansichtkaart moest op zijn tekening de vrijheid nemen een toegangshek in de ‘glinten’ voor het schultehuis te tekenen, omdat hij het wél op de ansichtkaart aanwezige perspectief niet voldoende volgde. Dat hek was wel aanwezig en is op de ansichtkaart nog net een beetje aan de linkerkant te zien. Ook rommelde de overtekenaar wat met de plaats van de bomen -zo te zien geen geleide linden- voor het schultehuis. De overtekenaar heeft zijn tekening ingekleurd, dat heeft hij bepaald niet slecht gedaan. De overtekenaar van de ansichtkaart is waarschijnlijk niet in Deever geweest.

Abracadabra-1291Abracadabra-1290

Abracadabra-1292

Posted in Ansigtkoate, Brink, Kuunst, Skultehuus, Tiekening | Leave a comment

Over de organisatie van jongenskamp ‘de Eikenhorst’

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 7 september 2014 van de 75-jarige heer Pieter Verdonk bijgaand verhaal over zijn tijd als groepsleider in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe. De redactie van ut  Deevers Archief is hem bijzonder erkentelijk voor deze bijdrage aan de geschiedschrijving over dit kamp.

Van 1961 tot 1963 ben ik groepsleider geweest in het VBS-kamp, later BJ-kamp ‘de Eikenhorst’ te Geeuwenbrug. De Vorming Buiten Schoolverband, later Buitengewoon Jeugdzorgwerk in Internaatsverband kampen en internaten gingen uit van het toenmalige ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen. De grote baas in Den Haag was mr. A.J.M. Schats.

De jongens (van 10 tot 14 jaar) konden opgenomen worden als er bijvoorbeeld moeilijkheden thuis of op school waren. Voorwaarde was dan wel dat tijdens het verblijf van de jongen in het kamp aan de thuissituatie het nodige gedaan zou worden. De plaatsing van de jongens verliep via contactambtenaren, die verzoeken tot opnamen van bijvoorbeeld scholen, huisartsen of  de ouders zelf behandelden. Al naar gelang het inkomen van de ouders was er een ‘ouderbijdrage’.

Op ‘de Eikenhorst’ verbleven de jongens een jaar. Om in contact te blijven met de  gezinssituatie was er voor de jongens een paar maal ‘verlof”, bijvoorbeeld met Kerstmis.

Het kamp in Geeuwenbrug bood ruimte aan 64 jongens, die verdeeld waren over vier groepen van 16 jongens. In ‘mijn tijd’ is de bezetting altijd 100% geweest.

Wat het personeel betreft, de directie werd gevoerd door ‘de commandant’, die bijgestaan werd door ‘de adjudant’. Dan waren er minstens vier groepsleiders, twee (bevoegde) onderwijzers, een sportleider en een leider voor de creatieve vakken, zoals tekenen, knutselen en dergelijke. Er waren naar ik meen twee jonge vrouwen die voor de huishoudelijke dienst zorgden en tegelijkertijd ‘groepsdame’ waren. Ze draaiden naast hun hoofdtaak mee in de groepen om het ‘vrouwelijk element’ bij de benadering van de jongens te realiseren. De onderwijzers waren veelal militaire dienstweigeraars, die hun vervangende dienstplicht in het kamp doorbrachten.

De commandant en de adjudant hadden eigen woningen op het terrein, de overige stafleden hadden een (slaap)kamertje in de groepsbarakken. Voor de administratie was er een aparte kracht. Verder waren er een kok, een magazijnmeester en een kampmonteur, die buiten het terrein woonden.

Op ‘de Eikenhorst’ werd het ‘goudzoekersspel’ gespeeld. In de loop van hun jaar konden de jongens rangen van ‘kompel’ tot en met ‘goudzoeker’ doorlopen. Het ‘goudzoekersspel’ was bedoeld om de jongens het goud van de vriendschap bij te brengen en op die manier aan hun problematiek te werken. De vier groepsbarakken hadden de namen Peru, Klondike, Transvaal en Alaska, streken waar ‘echt’ goud werd gevonden.

Voor de dagelijkse activiteiten buiten de groep waren de jongens ingedeeld in vier aparte groepen. De jongens met de meeste mogelijkheden, bijvoorbeeld in schoolkennis, werden ingedeeld bij groep C, iets minder ontwikkelden kwamen in groep L, daarna volgde A en tenslotte N. Samen: Clan!

Overdag, op ongeveer dezelfde tijden als ’thuis’, namen de jongens deel aan onderwijs, sport, creativiteit en corvee. De groepsbarak was het eigen home van de jongens. Er was een slaapzaal met 16 bedden, een toilettengroep en een ‘washalletje’. Verder was er het ‘schoenenhalletje’ en het groepsverblijf. In mijn tijd stonden in de groepsverblijven levensgrote kolenkachels. De eerste taak van een groepsleider na een verlof in de winter was de kachel aan te steken, want dan kon het venijnig koud zijn in de barakken.

Er was een aparte barak met douches en met wasmachines. De ‘gewone was’ werd niet in het kamp gedaan, maar de ‘straaljagerwas’ werd gedaan met de kamp-wasmachine. ‘Straaljagers’ waren jongens die in hun bed plasten. ‘Bommenwerpers’ heb ik in mijn tijd gelukkig niet meegemaakt.

In het dagelijks leven werd een forse discipline gehandhaafd. Ging men ‘s morgens van de groep naar de eetzaal, dan gebeurde dat netjes in een rij, die voor de barak gevormd werd. De groepsleider moest dan zeggen: ‘In de stand – staat!’,  waarop de jongens in de houding sprongen. Het volgende commando was dan ‘Kwartdraai linksom – naar de eetzaal!’.

Voor de dagactiviteiten begonnen was er nog het ‘vlagappel’, waarbij de jongens per leefgroep rond de vlaggenmast in de houding stonden en de vlag door een van hen gehesen werd.

Natuurlijk is in de loop der jaren het regime veranderd; daar kunnen anderen misschien nog eens over vertellen.

Verder: het is mogelijk, dat ik in mijn verhaal dingen ben vergeten of niet helemaal precies juist gesteld. Vergeet daarbij niet dat het meer dan een halve eeuw geleden is dat ik op ‘de Eikenhorst’ werkte en dat ik nu 75 ben!

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Al is de crisis nog zo fel, de liefde trotseert hem wel

De hier getoonde afbeeldingen zijn in 1933 gepubliceerd in het tijdschrift Eigen Erf (geïllustreerd familieweekblad voor Overijssel en Drente).

De tekst onder de afbeeldingen luidt als volgt.
Vanwege Kieskring I van het D.L.G. werd te Diever de jaarlijksche landbouwtentoonstelling annex veekeuring en volksfeest gehouden. Links een overzicht van de keuring. Recht een wagen uit den optocht.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De afkorting van het Drentsch Landbouw Genootschap is D.L.G.
De linker foto is gemaakt op het koeienmarktterrein an de Bosweg in Deever. Veel boeren in een donkere colbertjas op zondagse schoenen met zondagse pet en vaak ook met wandelstok, die gebruikt werd om een koe de maat te nemen. Het koeienmarktterrein is tegenwoordig niet meer in gebruik als onverharde parkeerplaats voor de levende koe, maar als verharde voorlopig gratis langparkeerbrink voor de heilige blikken koe.
Op de rechter foto is een versierde wagen uit de optocht te zien. Het jaar 1933 was een slecht jaar in de grote vooroorlogse economische crisis. Dat blijkt ook wel uit de toepasselijke tekst op de versierde wagen: Al is de crisis nog zo fel, de liefde trotseert hem wel.
Wie herkent mensen die op de twee afbeeldingen zijn te zien ?
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie voorzien van een goede scan van foto’s van de Deevermaarkt van vóór de Tweede Wereldoorlog ? 

Posted in Bosweg, Landbouw, Maarktturrein | Leave a comment

Stoomtram van de N.T.M. an de Deeverbrogge

Bijgaande afbeelding van een zwart-wit foto met begeleidende tekst is opgenomen in het in 1999 uitgegeven fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’. Het betreft -voorzover bekend bij de redactie van ut Deevers Archief- de enige bewaard gebleven foto van de stoomtram van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij bij de halte an de Deeverbrogge in de lijn Meppel – Hijkersmilde langs de Drentse Hoofdvaart.

57 – Dieverbrug – Stoomtram bij café-logement Johan Blok – 1930
De maker van deze unieke foto is de zeventienjarige student Laurent Jacobus Biezeveld, de zoon van de directeur van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij. Voor deze afbeelding is een nieuwe afdruk van het originele gave
negatief op glasplaat gebruikt.
Dieverbrug was altijd een belangrijke halte in de tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart. Locomotief 6502 staat voor het café-logement van Johan Blok. In het café bevonden zich de wachtkamer en het  agentschap van de Noord-Nederlandse Tram Maatschappij.
Uit de pijp van de met kolen gestookte stoomlocomotief komt rook, de veiligheidklep op de regulateur blaast stoom af en ook uit de demper van de vacuümrem ontsnapt stoom. De personeelswagen is aan de locomotief gekoppeld.
De drie mannen bij de locomotief zijn van links naar rechts van Benthem, de stationchef van de Hijkersmilde, controleur van Blanken en tramconducteur Koopmans. In het machinehuis zit machinist Jan Postuma.
In een heel aardig reisverslag uit 1926 is het volgende te lezen:
Ik was in Dieverbrug. U zult vrees ik het wijze voorhoofd rimpelen en trachten de geest te scherpen om zich te herinneren waar een plaats met zo’n naam dan wel in ons land mag liggen. Het ligt afgelegen, tenzij u een plaatsje, dat een uur stoomtramhobbelen buiten het Drentsche stadje Meppel ligt, tot de gemakkelijk te bereiken plaatsen rekent. Een paar maal per dag brengt het trammetje een enkele reiziger, wat postzaken en een pakje. Door het kanaal varen de schepen af en aan. Dat is zo de communicatie met de buitenwereld, waaronder in de eerste plaats zijn te verstaan Meppel en het nog verderaf liggende Assen…………
In 1930 was alles al aan het veranderen. De stoomtram kreeg steeds meer concurrentie van de vrachtwagen. Op 15 februari 1933 reed de laatste tram, waarna de rails werd verwijderd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In ut Deevers wordt het Nederlandse woord tram niet op zijn Hooghaarlemmerdijks als trèm, maar gewoon als tram uitgesproken, vandaar dat in de titel van dit bericht het woord stoomtram gewoon als stoomtram is geschreven.
Voor de hier getoonde zwart-wit foto heeft de beheerder van het foto-archief van de Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en Tramwegwezen speciaal voor opname in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ‘t wel …’ een nieuwe afdruk van het originele negatief op glasplaat laten maken. De redactie is de beheerder daarvoor bijzonder erkentelijk.
In de tekst staat abusievelijk vermeld dat N.T.M. de afkorting is voor Noord-Nederlandse Tram Maatschappij, dit moet zijn Nederlandsche Tramweg Maatschappij.
Het bedrijf Hohenzollern in Düsseldorf-Grafenberg leverde de hier afgebeelde locomotief in 1881 als rangeerlocomotief aan de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) met kenteken SS 401. In 1890 werd het kenteken van deze locomotief gewijzigd in SS 602. Bij de samenvoeging van het materieelpark van de Hollandse Spoorwegmaatschappij (H.S.M.) en de Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen (S.S.) in 1921 kreeg de hier afgebeelde locomotief het kenteken NS 6502. De Nederlandse Spoorwegen hebben de NS 6502 in 1930 uit dienst genomen. De N.T.M. was 
in dat jaar de huurder geworden van deze locomotief.
De zeventienjarige Laurent Jacobus Biezeveld is de maker van deze scherpe foto. Hij is geboren op 9 oktober 1913 in Nijehaske. Hij is overleden op 20 juli 1969 in Haren in de provincie Groningen. De foto is derhalve gemaakt tussen oktober 1931 en oktober 1932. En niet in het jaar van 1930, zoals abusievelijk staat vermeld in de tekst bij de foto in het boekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ .
Dan staat locomotief NS 6502 bij het café-logement van Johan Blok. Het oude café-logement brandde in de nacht van 30 op 31 maart 1932 af. Derhalve heeft Laurent Jacobus Biezeveld de foto gemaakt tussen 9 oktober 1931 en 30 maart 1932. Echter gelet op de bladeren aan de bomen, zal hij de foto uiterlijk een aantal weken na 9 oktober 1931 hebben gemaakt.
Locomotief NS 6502 oogde als een primitieve locomotief met een open stoomleiding van de regulateur naar de cilinders en een veiligheidsklep op de regulateur. De NS 6502 woog maar 18 ton en was niet zo’n sterke locomotief. Dat was bij de N.T.M. soms wel te merken. De NS 6502 kon een zware goederentrein best op gang brengen, maar als deze dan lang aan één stuk moest doorrijden, dan kon hij geen stoom houden. Toch voldeed de NS 6502 wel bij de N.T.M., met name in de personendienst.
Op bijgaande afbeelding staat de van Meppel komende locomotief NS 6502 met goederenwagons bij de halte an de Deeverbrogge. De halte an de Deeverbrogge was een belangrijke halte voor Deever en voor Dwingel, die beiden op een afstand van ruim twee kilometer van de halte waren gelegen.
Na het opheffen van de tramlijn in 1933 werd de halte an de Deeverbrogge een belangrijke overstapplaats, toen de Drentse Autobus Onderneming (D.A.B.O.) de personendienst overnam. De bussen uit Meppel en Assen ontmoetten elkaar hier, waarna de één doorreed naar Deever en de andere naar Dwingel. Bij terugkomst ontmoetten ze elkaar weer en vervolgde de bus uit Meppel zijn reis naar Assen en vervolgde de bus uit Assen zijn reis naar Meppel.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de huidige situatie ter plekke van de situatie op de zwart-wit foto gemaakt op 31 juli 2018.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Stoomtram, Topstuk, Vervoer | Leave a comment

De Kwoasloot begunt in de Stroet’n op Kalter’n

De redactie van ut Deevers Archief vroeg zich in het bericht Woar laag’n ok awièr de Stroet en de Kreulenakker waar het groenland met de naam de Stroet is gelegen. Het groenland met de naam de Stroet is niet vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’. Deze publicatie van de heemkundige vereniging uut Deever is nergens te vinden in de webstee van deze induttende vereniging. Nota bene de allerbelangrijkste van alle publicaties, die de heemkundige vereniging uut Deever in zijn vijfentwintig jarige bestaan heeft gemaakt, is niet te vinden in de webstee van deze vereniging.
Het groenland met de naam de Stroet of de Stroeten ligt aan de weg van Deever naar Wapse. De Stroetweg loopt langs de Stroeten. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze twee namen in het rood in een detail van een wandelkaart van het landgoed Berkenheuvel uit 1946 aangegeven. Zie de bijgaande afbeelding. Op het detail van de wandelkaart is te zien dat de Stroetweg bij de kruising met de Schaapsdrift overgaat in de Stroetlaene. Tegenwoordig heeft de Stroetweg de naam de Stroeten. De Stroetlaene is op tegenwoordige luchtfoto’s helaas niet meer terug te vinden. De Vereniging Voor De Grote Verwildering Van Natuurmonumenten is in de gemiente Deever al jaren en voortdurend stiekem bezig met het najagen van zijn archaïsche utopietje, het utopietje van een tot in de puntjes geplande en gemaakte en onderhouden cultuurwildernis en het achterbaks weren van alle menselijke aanwezigheid uit zijn deel van het landgoed Berkenheuvel.
In ut Deevers Archief is een zwart-wit ansichtkaart van koeien in het groenland met de naam de Stroet aanwezig. Zie de bijgaande afbeelding van deze zwart-wit ansichtkaart. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1943 uitgegeven door Copieer Inrichting Roelof (Roef) van Goor in Deever.
Het Drentse en Deeverse woord stroet heeft de betekenis van een laag nat terrein in een heideveld, waar water uit de omgeving zich verzamelt. Het groenland met de naam de Stroet langs de weg van Deever naar Wapse zal daarvoor heideveld met de naam de Stroet zijn geweest en komt als zodanig niet voor in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’. Die veldnamen hebben betrekking op bouwland en groenland. Dit heideveld zal zijn ontgonnen in de tijd dat mr. Albertus Christiaan van Daalen bezig was met de ontwikkeling van het landgoed Berkenheuvel, dus veel later dan 1832.
In het lage en natte heideveld en later het groenland met de naam de Stroet stroomt het water naar het begin van de Kwasloot. Het water in de Kwoasloot stroomt naar de Wapserveense Aa.
De redactie van ut Deevers Archief zal te zijner tijd en zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf enige kleurenfoto’s van de toestand ter plekke van de Stroet of de Stroeten maken en in dit bericht tonen.

Posted in Ansigtkoate, Kalter’n, Landgoed Berkenheuvel, Veldnème | Leave a comment

Kantinetente mit militaer’n in de kaamp op de Oeren

De redactie van ut Deevers Archief vond in de fotocollectie van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie de hier afgebeelde foto van de kaamp op de Oeren bee Kalter’n. De redactie is het Nederlands Instituut voor Militaire Historie bijzonder erkentelijk voor de vrije beschikbaarheid van deze afbeelding.
Op de foto is te zien een kantinetent in het soldatenkamp op het heideveld op de Oeren bij Kalteren in de gemiente Deever. De militairen in een voor de kantinetent zijn van het negende regiment infanterie van de landweer, zoals de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief hopelijk kunnen lezen op het bord bij de vlaggemast.
De maker van de foto is helaas niet bekend. De foto is in de collectie van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie gedateerd op 6 januari 1909. Op die datum kan de foto niet zijn gemaakt. De militairen oefenden in de periode 1905-1908 in de zomer op de heidevelden in de gemiente Deever. De foto is wellicht in 1908 gemaakt en wellicht aan het begin van 1909 gearchiveerd.
Als de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief meer berichten over het soldatenkamp op het heideveld op de Oeren bij Kalteren willen lezen, dan worden zij verzocht onder aan dit bericht of in de lijst met categorieën de categorie de Kaamp op de Oeren aan te klikken.

Posted in de Kaamp op de Oeren | Leave a comment

Winternoamedag op ’t Kastiel in jannewoari 1979

OWijlen U.L.O-meester Henk van de Bos, niet geboren, maar wel een leven lang getogen in Deever, heeft deze foto van de boerderij van Klaas Fledderus op ut Kastiel in Deever gemaakt bij het vallen van de avond in de sneeuwrijke winter van 1978 op 1979. Tussen de bomen is Klaas Fledderus te zien. Achter de boerderij van Klaas Fledderus is zichtbaar het boerderijtje, waarin de gezusters Janna (Jannoa) en Roelofje (Roefie) van Ankorven woonden. Wat een fraaie en stemmige foto.

Posted in Alle Deeversen, Boerdereeje, Deever, ut Kastiel, Winter | Leave a comment

Un lochtfoto van ut midd’n van ut olde Deever

De luchtfoto voor de hier afgebeelde ansichtkoate van ut midde’n van ut olde Deever is in 1952 gemaakt door Luchtfoto Nederland. Bijzonder fraai is de omheining van de kaarketuun te zien. Was dat nu nog maar zo ! Na de grote vernieling in de jaren 1955/1957 en als vervolg daarop de grote vernieling in de jaren 2019/2020 is niets echts meer over van de openbare ruimte in het midden van ut olde Deever.

Een exemplaar van de hier afgebeelde ansichtkaart is in 1952 verzonden aan den heer P. Barelds, p/a Knud Hansen, Ammendrup, Helsinge, N-Sjaelland, Denemarken. De kaart is verstuurd door de familie Jan Kloeze, Wittelte 13, post Dieverbrug, Holland.
De familie Barelds had en heeft een boerenbedrijf aan de Wittelterweg in Wittelte.
Hendrik Lefferts Barelds is een zoon van Pieter Barelds en Hilligje Wesseling. Hij is geboren op 6 oktober 1900 in Wittelte. Hij is overleden op 10 augustus 1954 in Wittelte. Hij trouwde op 9 juni 1926 met Aaltje Pieper
P. Barelds zal Pieter (Piet) Barelds zijn. Hij is een zoon van Hendrik Lefferts Barelds en Aaltje Pieper,.
De redactie heeft de gegevens van Pieter (Piet) Barelds niet in openbare bronnen op het internet kunnen vinden. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie hierbij helpen ?
Het is wel aannemelijk dat boerenzoon Pieter Barelds uut Wittelte een tijdje bij boer Knud Hansen in het gehucht Ammendrup bij het dorp Helsinge in het noorden van Zeeland in Denemarken in de leer is geweest. Een stage ? Een zomer lang ? Een heel jaar lang ? De redactie verwijst ook naar het bericht Café Berend Slagter an de Kruusstroate in Deever.

Posted in Ansigtkoate, Kaarke an de brink, Logtfoto, Toor'n an de brink | Leave a comment

Ut olde postkantoor an de Heufdstroate in Deever

In de Friese koerier, onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden, verscheen op 8 juli 1957 het volgende bericht over de pensionering van Lambertus Schoemaker, kantoorhouder van het postkantoor an de Heufdstroate in Deever.

Kantoorhouder Schoemaker verlaat de dienst
Diever, – Ingaande 1 juli jongst leden heeft de heer L. Schoemaker, kantoorhouder der posterijen alhier, de P.T.T.-dienst mdet pensioen verlaten. De naam Schoemaker is verweven met de P.T.T. diensten in Diever. De thans scheidende functionaris is vanaf oktober 1916 bij de posterijen werkzaam, de eerste 4 jaar onder meer als hulpbesteller en sedert 20 december 1920 als kantoorhouder. In deze laatste functie volgede de heer Schoemaker zijn vader, de heer J, Schoemaker op, die 32 jaar lang kantoorhouder en besteller is geweest.
Het postkantoor is plusminus 70 jaar lang in hun woning aan de Hoofdstraat gevestigd geweest. Met ingang van 28 juni jongst leden is het verplaatst naar een barak van het voormalige noodgemeentehuisin het uitbreidingsplan.
De directeur-generaal van het staatsbedrijf der P.T.T. heeft in een schrijven zijn dank betuigd voor de vele arbeid en hem erkentelijkheid betuigd voor zijn betoonde activiteit in de bezettingsjaren. Te dien tijde ontving hij ook een schrijven van Z.K.H. Prins Berhard, die hem als bevelhebber van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten zeer verdiende dank bracht voor de belangrijke diensten, verleend bij het ondergrondse verzet.
Maar ook in velerlei ander opzicht heeft de heer Schoemaker de gemeenschap gediend. Zo is hij sedert de bevrijding lid van de raad van Diever voor de V.V.D. Verder is hij voorzitter van de afdeling Diever van de bond voor staatspensionering en secretaris van het bestuur van de coöperatieve boerenleenbank, terwijl hij in het verleden diverse andere functies heeft bekleed.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief.
De heer L. Schoemaker is Lambertus Schoemaker. Hij is geboren op 16 oktober 1900 in Deever. Hij is overleden op 27 januari 1960 in Deever. Hij heeft maar een paar jaren van zijn pensioen kunnen genieten. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Lambertus Schoemaker trouwde op 26 maart 1920 met Hilligje van Es.
Hilligje van Es is geboren op 15 augustus 1898 in Beilen en is overleden op 18 februari 1978 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
De verzetsvrouw Geesje Jantina Schoemaker is een dochter van Lambertus Schoemaker en Hilligje van Es.
Lambertus Schoemaker was een zoon van brievengaarder Jan Schoemaker en Jantien Trompetter.
Jan Schoemaker is geboren op 1 oktober 1856 in Dwingel en is overleden op 23 februari 1946 in Deever. Jan Schoemaker trouwde op 29 april 1882 in Deever met Jantien Trompetter.
De redactie weet niet wanneer het blokkendoosvormige postkantoor met woning precies is gebouwd. Omstreeks 1900 ? De redactie verwijst ook naar het bericht Ut riekstillefoonkantoor is in 1902 eup’mt.

Het lukt de redactie niet goed de datum waarop of het jaar waarin de kleurenfoto met het oude postkantoor is gemaakt te schatten. De kleurenfoto is uiteraard na de Tweede Wereldoorlog gemaakt. Gelet op de vrouw met de Solex brommer zou de kleurenfoto in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw kunnen zijn gemaakt. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief herkent de vrouw met de Solex brommer ? De vrouw vóór het postkantoor zou Hilligje van Es kunnen zijn, zij is op de foto zeker in de buurt van de 65 jaren oud, dan zou de kleurenfoto in de eerste helft van de zestiger jaren van de vorige eeuw kunnen zijn gemaakt.
De redactie heeft nog niet kunnen uitzoeken wanneer het blokkendoosvormige gebouw is afgebroken. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief weet wanneer dit postkantoor is afgebroken ? Wellicht zijn leden van de familie Zoer in het bezit van foto’s van de afbraak van het postkantoor ?
De redactie heeft de niet zo geslaagde kleurenfoto van het huis dat gebouwd is op de plek van het oude postkantoor gemaakt op donderdag 4 november 2017. De redactie zal te gelegener tijd deze kleurenfoto vervangen door een kleurenfoto van betere kwaliteit.

Posted in Alle Deeversen, Heufdstroate, Postkantoor, Verdwenen object | Leave a comment

Un kwitaansie mit kwitaansiesegel van grote Frièrik

In de jaren na de Tweede Wereldoorlog werd in de gemiente Deever het boerenwerk nog gedaan met behulp van werkpaarden.  De smeden in het dorp Deever hadden vooral de vele boeren als klant. Dorpssmid Frederik (grote Frièrik) Offerein was gediplomeerd hoefsmid. Zijn smederij was gevestigd aan ut kleine brinkie in Deever.
De boer ging met zijn paard naar de smederij, waar de hoeven van het paard warm werden beslagen. Voor een nieuw hoefijzer en het beslaan van een paard met dit nieuwe hoefijzer bracht grote Frièrik twee guldens in rekening.
De boeren konden voor het repareren van een houten handvat aan de boom van een zeis ook bij grote Frièrik terecht. Voor een nieuwe dol en het aanbrengen van die dulle aan de zeisboom bracht grote Frièrik tachtig centen in rekening. De kötte dulle saat ut wiedst van de sende.
Veel mensen liepen in die tijd op klompen. Vaak gebeurde het dat de roef van een klompe brak of scheurde. Dat kon gerepareerd worden met een klompkram of een kramband. Voor een klompkram en het aanbrengen van een klompkram over de bovenkant van een klomp bracht grote Frièrik tien centen in rekening.
Het was vaak de vrouw van de boer, die in ut pothokke naast de boerderij het voer voor de varkens in een grote ketel kookte. Die ketel kon door het gebruik lek raken. Grote Frièrik kon dit gat in de ketel door middel van solderen of lassen dicht maken. De redactie van ut Deevers Archief weet niet of boer Roelof Bennen met de grote zware ketel naar de smederij moest of dat grote Frièrik de ketel ter plekke in ut pothokke herstelde.
Blijbaar liep grote Frièrik twee keer per jaar met de kwitanties langs zijn klanten. De kwitantie voor geleverde materialen en gedane arbeid over de tweede helft van 1948 voor Roelof Bennen Kzn. is gedateerd op 1 januari 1949. Blijkbaar had grote Frièrik niet zo’n haast met het innen van de schulden, want pas in februari 1949 werd de kwitantie voldaan en voorzien van een kwitantiezegel met de handtekening van grote Frièrik.
Roelof Bennen is een zoon van Klaas Bennen en Hendrikje Bolding. Roelof Bennen is geboren op 13 november 1901 in Deever en is overleden op 28 mei 1982 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Roelof Bennen trouwde op 1 mei 1926 met Geesje Krol. Geesje Krol is geboren op 17 april 1899 op de Smilde en is overleden op 15 juni 1978 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
De boerderij van Roelof Bennen en Grietje Krol staat an de Aachterstroate in Deever. Wijlen Jans Tabak is een kleinzoon van Roelof Bennen en Grietje Krol en woonde in die boerderij.
Het origineel van de hier afgebeelde nota is aanwezig in de verzameling van wijlen Jans Tabak.

Posted in Alle Deeversen, Boer'nlee'm, Jans Roelof Tabak, Neringdoende | Leave a comment

Mit de hondekarre onder de tolboom deur

Toen Jan Hessels nog leefde sprak de redactie van ut Deevers Archief regelmatig met hem bij hem thuis in zijn boerderij over ut olde Deever, over het boerenleven, over het boerenwerk. Jan hield van het vertellen van annekkedotes, zoals hij die korte en altijd grappige verhaaltjes noemde. De redactie prijst zich gelukkig enige daarvan te hebben vastgelegd. Zijn annekkedotes zijn -het kan niet anders- opgeschreven in ut Deevers. Jan Hessels sprak ut Deevers, net zoals Jantje Oost dat deed, zoals je ut Deevers hoort te spreken. Het is jammer dat ut Deevers in het volledig verhollandiseerde en vercocacolariseerde Deever bijna dood is.

Mit de hondekarre onder de tolboom deur
Ik were neet of ut vurhoal woar is, mor ut is mee wè veur woar vurteld. Ut is gebeurd in de tied dai’j in Wittelte veur ut onderhold van de neeje stroate tuss’n Deever en de Wittellerbrogge tol möss’n betèèln.
Lète op de oam’d belde un knecht van un boer bee de Wittelerbrogge an bee de dokter in Deever. Sien bosschop was dat ut sowiet was mit de vrou van de boer. De dokter was neet so bliede mit disse bosschop, want heesölf, sien menner en ut pièrd haad’n een drokke dag ehad. Hee kön ur neet onderuut, mor he vönd ut toch wè een beetie bezwoaluk so lète ut pièrd wièr in te spann’n.
‘Dat gef neet’, see de knecht. ‘Ie kunt wè mit mee mitried’n, ai’j moar persies doot wa’k oe onderweg zegge.’ ‘Dat is goed’, see de dokter.
See stapt’n op de hondekarre en göng’n mit un flinke gaank deur Oll’ndeever hen de Wittelerbrogge. Iniens brulde de knecht bee ut tolhuus: ‘Now hiel diepe bukk’n !!’ See bukt’n glad en gauw en so steu’m see mit grote voat onder de tolboom deur.
Dat scheelde mooi wièr un pèèr cent’n tolgeld.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De grote vraag is natuurlijk of voor een hondekarre tolgeld moest worden bewaard.
Op het tolgeldbord aan de voorgevel van het voormalige tolhuisje an de Wittelerweg in Wittelte staat de hond niet vermeld, maar zal wel 1 cent zijn geweest.

Posted in Deevers, Tol, Verdwenen object, Wittelte | Leave a comment

De haandtiekening van Leonard Willem van Os

In de Opregte Steenwijker Courant verscheen op 4 juni 1900 het bericht van overlijden van Leonard Willem van Os, burgemeester van de gemiente Deever.

Heden overleed zacht en kalm, na eene korte ongesteldheid in den ouderdom van bijna 56 jaren, onze geliefde Echtgenoot en Vader, de Heer Leonard Willem van Os, Burgemeester en Secretaris der gemeente Diever.
Mede namens de Kinderen, Mevrouw de Weduwe L.W. van Os-Mulder.
Diever, 28 mei 1900.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Leonard Willem van Os, burgemeester en secretaris van de gemiente Deever stuurde op 3 mei 1899 namens het gemeentebestuur een bericht op een open kaart aan den heer burgemeester der gemeente Havelte, zie afbeelding 2 en hij stuurde op 27 februari 1900 namens het gemeentebestuur een bericht op een open kaart aan den heer burgemeester der gemeente Workum in Friesland, zie afbeelding 3. De redactie beschikt helaas niet over een afbeelding van het ongetwijfeld belangwekkende bericht op de achterkant van de twee open kaarten.
Toch mooi meegenomen dat op de adreskant van die twee open kaarten wel de handtekening van burgemeester Leonard Willem van Os is te zien.
Waarschijnlijk stond in het Koninklijk besluit van 7 november 1876 (Staatsblad no. 192) dat een gemeentebestuur voor het verzenden van een officieel bericht door middel van een open kaart vrijgesteld was van het plakken van postzegels op die kaart.
Leonard Willem van Os verstuurde de twee berichten op een open kaart een paar maanden voor zijn overlijden op 28 mei 1900.
Leonard Willem van Os is geboren op 6 juli 1844 in Sneek en is overleden op 28 mei 1900 in Deever.
De echtgenote van Leonard Willem van Os was Leentje Mulder. Zij is geboren op 10 februari 1846 in Oldemarkt en is overleden op 23 december 1924 in Deever.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Posted in Gemiente Deever, Overlijdensbericht | Leave a comment

Ièpels rooi’n op de nes bee de Kaamp

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande foto van boer’nwaark op de nes bee de Kaamp in de namiddag van 3 oktober 2012 gemaakt vanaf de Ten Darperweg tussen de Kaamp en Soerte.
Het rooien en opladen van ièpels op transportwagens gebeurt tegenwoordig volledig gemechaniseerd.

Posted in Boer'nlee'm, Boer'nwaark, Ten Darperweg, Wapse | Leave a comment

Ie kriegt de groet’n uut Deever in Drente

In de gemiente Deever zijn vanaf het bestaan van de ansichtkaart in het begin van de twintigste eeuw door de jaren heen ook ansichtkaarten te koop geweest met de titel ‘Groeten uit Diever (Dr.). Zo ook bijgaand afgebeelde kleuren ansichtkaart met vier foto’s, een zo genoemd vijfluik. De hier afgebeelde kaart is in 1980 uitgegeven.
De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief het kijken naar oude mooie afbeeldingen van ut olde gemientehuus an de brink van Deever, de kaarke an de brink van Deever en de Kruusstroate in Deever niet onthouden.
Het mag de zeer gewaardeerde trouwe bezoeker van ut Deevers Archief duidelijk zijn dat de foto van ut olde gemientehuus an de brink van Deever later is gemaakt dan de foto van de kaarke an de brink van Deever. Dat valt op te maken uit de grote zwerfsteen op het grasveld voor ut olde gemientehuus an de brink van Deever, die is niet aanwezig op de foto van de kaarke an de brink van Deever. Op de laatst genoemde foto is op de plek van de grote zwerfsteen een kleine zwerfsteen te zien. Stond op die kleine zwerfsteen ooit een zonnewijzer op ?

Posted in Ansigtkoate, Gemientehuus, Kaarke an de brink, Kruusstroate | Leave a comment

Dames van de buurtvurening van ut Kastiel

De redactie van ut Deevers Archief heeft als streven in zijn berichten zoveel mogelijk Deeversen op foto’s te tonen en daarbij ten minste de naam van de personen op de foto’s te noemen; iedere Deeverse heeft zijn of haar eigen geschiedenis.
Op bijgaande foto zijn enige dames van de buurtvereniging van ut Kastiel in Deever te zien.
De foto is zo te zien tijdens een Deevermaarkt in de zomer op het marktterrein gemaakt. Het is niet bekend op welke datum deze foto is gemaakt.
De redactie roept de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief vooral te reageren op dit bericht, want veel is nog onduidelijk. De redactie is dringend op zoek naar aanvullende gegevens.
Gelet op het feit dat Grietje Jonker afkomstig is uit Havelte, zal deze foto na haar trouwen met Willem Dijkman zijn gemaakt, dus na 1924, waarschijnlijk rond 1930 ?
Woonden alle dames op ut Kastiel ?
Of woonden maar een paar dames op ut Kastiel en waren de anderen vriendinnen ?
Zijn alle dames geboren op ut Kastiel ?
Woonde het echtpaar Willem Dijkman en Grietje Jonker op ut Kastiel, zo ja waar dan ? Of woonden ze in Oll’ndeever ?

Van links naar rechts zijn de dames op de foto voor het gemak van 1 tot en met 6 genummerd.

1.
Annigje (Anna) van Nijen
Zij is geboren op 22 september 1899 in Deever. Zij is een dochter van Roelof van Nijen en Geertje Westerhof. Zij is overleden op 7 december 1992 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
Zij is op 29 mei 1926 in Deever getrouwd met rietdekker Dirk Nijboer.
Dirk Nijboer is geboren op 17 februari 1898 in Deever. Hij is een zoon van rietdekker Mannes Nijboer en Eltje Kuiper. Hij is overleden op 18 augustus 1968 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.

2.
Margje Bel
Zij is geboren op 7 november 1899 in Deever. Zij is een dochter van koopman Berend Bel en Zijntje Bakker.
Zij is op 25 april 1925 getrouwd met bakker Gerard Kloosterman.
Gerard Kloosterman is geboren op 30 januari 1897 an de Deeverbrogge. Hij is een zoon van arbeider Arent Kloosterman en Hilligje Booiman uut Oll’ndeever.

3.
Jantje Klaster
Zij is geboren op 19 maart 1898 in Deever. Zij is een dochter van arbeider Berend Klaster en Lammegien Moes
Zij is op 6 december 1924 in Deever getrouwd met boer Harm Kloosterman.
Harm Kloosterman is geboren op 16 januari 1893 in Deever. Hij is een zoon van boer Hendrik Kloosterman en Geertje Klaster. Hij is overleden op 28 maart 1963 in Meppel. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.

4.
Grietje (Griet) Jonker
Zij is geboren op 17 januari 1902 in Havelte. Zij is een dochter van arbeider Lambert Jonker en Margje Pouwels. Zij is overleden op 7 december 1973 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
Zij is op 3 mei 1924 in Deever getrouwd met veekoopman Willem Dijkman.
Willem Dijkman is geboren op 16 maart 1901 in Oll’ndeever. Hij is een zoon van arbeider Harm Dijkman en Lammigje Woudstra. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.

5.
Margaretha (Griet) Oost
Zij is geboren op 15 april 1903 op ut Kastiel in Deever. Zij is een dochter van arbeider Jacob Oost en Elsje Davids. Zij is overleden op 15 februari 2001.
Zij is getrouwd geweest met Jan Brugging.
Jan Brugging is geboren op 20 augustus 1901 in Wapse. Hij is een zoon van arbeider Lambert Brugging en Meintje Noorman. Een broer van Jan Brugging was Jan Bruggink, die was getrouwd met Roelofje Roelofs; zij woonden op het Achterste Kalteren. Jan Bruggink en Roelofje Roelofs waren de grootouders van schoolmeester en historicus wijlen Reinder Smit uut Dwingel.

6.
Albertje Folkerts
Zij is geboren op 28 november 1902 in Deever. Zij is een dochter van timmerman Wolter Folkerts en Maria Smit
Zij is getrouwd op 4 augustus 1923 in Deever met melkmeter Roelof Ofrein.
Roelof Ofrein is geboren op 1 januari 1889 in Deever. Hij is een zoon van boer Hendrikus Ofrein en Hillechien Bruggink. Hij is overleden op 1 april 1984 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.

Abracadabra-1454
Posted in Alle Deeversen, Cultuur, Deevermarkt, Topstuk, ut Kastiel, Vurening | Leave a comment

Un baarg swaarfstien’n veur un friet- en snekkot

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 3 juli 2020 stond een bericht over de hopeloos verloren strijd van friet- en snackverkoper Gerrie Jissink tegen de Hogere en Lagere Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Onweerlegbare Grote Gelijk Van Het Rechtvaardig Verlenen Van Standplaatsvergunningen In De Gemeente Westenveld.
Zo één enig en geschiedkundig waardevol bericht over het strenge, koude, kille, keiharde, no-nonsense, rechtvaardige, objectieve, eerlijke, transparante, glasheldere, open, democratische, non-anticipatieve, non-compassieve, behoorlijke bestuur van de gemeente Westenveld moet zeker als een echt zoals-het-hoort voorbeeld in ut Deevers Archief zijn opgenomen.

Snackkar Diever moet verdwijnen
Diever – Friet- en snackverkoper Gerrie Jissink heeft zijn strijd tegen de gemeente Westerveld over zijn standplaats op de hoek Ten Darperweg / Kasteel in Diever definitief verloren.
Woensdag verklaarde de Raad van State zijn hoger beroep tegen de geweigerde standplaatsvergunning ongegrond. Jissink heeft dertig jaar met zijn snackwagen op de standplaats gestaan.
Vanaf 1919 kreeg hij geen nieuwe vergunning meer in verband met de herinrichting van het Kasteel. Jissink (60) zegt zich belazerd te voelen. Hij heeft zwart op wit van een gemachtigde van de gemeente dat hij tot zijn pensionering daar zou kunnen blijven staan. Hij heeft ook een brief waarin de gemeente rept van een vaste standplaats.
De Raad van State vindt echter dat Jissink zich niet kan beroepen op toezeggingen van de kant van de gemeente. Daar is meer voor nodig. Verder is de Raad van State het eens met Westerveld dat Jissink al sinds 2013 weet dat er een einde komt aan zijn standplaats op het Kasteel. Een proceskostenvergoeding hoeft de gemeente ook niet te betalen, bepaalde de Raad van State woensdag. De gemeente heeft Jissink een alternatieve locatie aangeboden. Die heeft hij afgewezen, omdat hij zijn roodwitte snackwagen daar ’s avonds niet mag laten staan.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Uitspraak 201907836/I/A3 van de Raad van State is hier te lezen.
Bij wijze van spreken was friet- en snackverkoper Gerrie Jissink nog maar amper met tranen in zijn ogen vertrokken met zijn rootwitte snackwagen of die lelijke berg gemetselde zwerfkeien met de eufemistische naam Burgemeester van Osbank (ja, die burgemeester van de zeven koeien en een os) stond al tot op de millimeter nauwkeurig op de plaats van de snackwagen van Gerrie Jissink.
De uitbater van het frietkot aan de brink van Deever zal zich na de eliminatie van de friet- en snackwagen van Gerrie Jissink dagenlang de tranen hebben gelachen, want wat is mooier dat het hebben van het monopolie op de verkoop van friet en snacks in een toeristisch-industrieel gebied, zoals de gemiente Deever ?
De redactie heeft de kleurenfoto van die lelijke mistroostige berg gemetselde zwerfkeien gemaakt op een druilerige droevige vrijdag 28 november 2020. De redactie vraagt zich al een hele tijd af wat de gemeente Westenveld in al die geheimzinnige groene kastjes in het binnendorp van Deever heeft verborgen. Zitten in die groene kastjes wifi-volgsystemen ingebouwd ?

Posted in Gemeente Westenveld | Leave a comment

Tweehonderd eek’n in ut Grünedal

Op 11 januari 1919 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden de volgende advertentie over de publieke verkoop van bomen en schel- en weekhout in Deever..

Boomen en Schel- en Weekhout, Diever
Notaris Bon te Dwingelo zal op vrijdag 17 januari aanstaande, des voormiddags plusminus 11 uur, ten huize van B. Seinen te Diever, publiek verkoopen:
1.
Voor de Marktgenooten van Diever:
Plusminus 200 eikenboomen in het Groenendal te Diever. Aanwijzing J. Seinen.
2.
Voor Lucas Tijmes:
1 zware populier bij het huis.
3.
Voor gebroeders Offerein:
3 populieren bij het huis.
4.
Voor dezelfden en G. Krol:
de Wal in Kamp van G. Krol, die aanwijst.
5.
Voor mr. A.C. van Daalen:
5 percelen in het Oude Wapserzand.
1 perceel achter de Noordesch. Aanwijzing H. Smit op dinsdag 14 januari aanstaande.
Samenkomst voormiddag 10 uur op Berkenheuvel bij Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Wie was B. Seinen, was hij caféhouder ? Of wordt hier café- en logementhouder Roelof Seinen bedoeld ?

De weg vanaf de Bosweg tot aan het Openluchtspel zou gewoon weer Groenendal moeten heten. Of veel beter in ut Deevers: Grünedal.
Een mooie klus voor de dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever om bij De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Straatnamengelijk Van De Gemeente Westenveld
 de verandering van de naam Hezenesch in Grünedal te bewerkstelligen.
Of is dit een mooi klusje voor de straatnamendeskundige van de politieke partij Dorpsbelangen ?
Met marktgenooten worden de markegenoten van de boermarke Deever bedoeld.
Jan Seinen (geboren 15 juli 1876 in Wapse, overleden op 13 december 1950 in Deever) was lid van het bestuur van de boermarke van Deever.
Lucas Tijmes (geboren op 25 maart 1855 in Beilen, overleden op 8 december 1934 in Deever).
Wie waren de gebroeders Offerein ?
Blijkbaar werd het hakhout op de wal langs de Kamp van Gerard Krol verkocht. Waar lag de Kamp van Gerard Krol ?
De naam Oude Wapser Zand komt niet voor op de wandelkaart van het landgoed Berkenheuvel.
H. Smit is Harmen (Haarm) Smit. Hij is geboren op 10 december 1867 in Deever. Hij is overleden op 11 oktober 1944 in Deever. Hij
ligt begraven op de kerkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Hij is de tweede boschbaas van het landgoed Berkenheuvel.
In de advertentie komen ook enige veldnamen voor: Groenendal, Kamp van Gerard Krol, Oude Wapserzand.

Posted in Boermarke van Deever, Grünedal, Landgoed Berkenheuvel, Noorderesch, Veldnème | Leave a comment

Woar laag’n ok awièr de Stroet en de Kreulenakker ?

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 20 juni 1930 het volgende bericht over de verkoop van enige percelen vaste goederen in het café van Berend Slagter an de Kruusstroate in Deever.

Diever, 20 juni. Hedenmorgen had in het café B. Slagter alhier ten overstaan van notaris Bolk te Dwingeloo de palmslag plaats van de navolgende perceelen vaste goederen, ten verzoeke van mejuffrouw de weduwe J. Haveman en kinderen alhier.
Koopers werden:
Perceel 1.
Huis met tuin, groot 1.40 are, laatst bewoond door L. Wanningen;
Perceel 2.
Huis met tuin, groot 0,60 are, laatst bewoond door J. Leijer, gevoegd met perceel 1.
kooper F. Haveman voor f. 490;
Perceel 3.
Huis met tuin, groot 2.40 are, bewoond door F. Haveman, kooper IJ. Winters voor f. 400, overname f. 60.
Perceel 4
Boerenbehuizinge met hooibergen en hof, bewoond door H. Moes Dzn, groot 21.45 are,
kooper D. Moes voor f. 2920, overname f. 75.
Perceel 5
Groenland Stroet, groot 1.29.00 hectare, kooper J. van Nijen Sr. voor f. 1420.
Perceel 6
Groenland Kalterbroek, groot 1.44.69 hectare, kooper J. Seinen voor f. 2360.
Perceel 7
Groenland De Maat, groot 72.70 are, kooper H. Kerssies voor f. 1500.
Perceel 8
Bouwland Zandakker, groot 28.40 are, kooper D. Moes voor f. 250.
Perceel 9
Bouwland Bergakker, groot 29.20 are, kooper H. Houwer voor f. 300.
Perceel 10
Bouwland Gierakker, groot 16.10 are, kooper H.H. Smidt voor f. 60.
Perceel 11
Bouwland Zwarte Bergje, groot 26 are, kooper L. Meekhof voor f. 150.
Perceel 12
Bouwland Noord-Esch, groot 39 are, kooper D. Moes voor f. 190.
Perceel 13
Bouwland Iepenkamp, groot 19.90 are, kooper H. Smit, Berkenheuvel voor f. 250.
Perceel 14
Boerijwaardeel in de Marke van Diever, kooper H. Mulder Gzn. voor f. 30.
Voor den heer H. Koning te Kalteren,
1 perceel bouwland De Kreulenakker, kooper D. Moes voor f. 150.
Alle koopers wonen te Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
B. Slagter is Berend Slagter. Hij is geboren op 10 augustus 1882 en is overleden op 4 maart 1967. Zijn café stond an de Krussstroate in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
J. Haveman is Jan Haveman  Hij is geboren op 8 december 1845 in Eemster. Hij is overleden op 24 oktober 1928 in Deever.
De weduwe L. Haveman is Stiena Boois. Zij is geboren op 21 juli 1853 in Lhee. Zij is overleden op 6 oktober 1932 in Wapse.
L. Wanningen is Lambert (Lamut) Wanningen. Hij is geboren op 4 april 1856 en is overleden op 21 april 1938. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
J. Leijer is klompenmaker Johannes Leijer. Hij is geboren op 11 januari 1866 in het Koekangerveld (de Wiek). Hij is overleden op 3 mei 1942 in Deever.
F. Haveman is Frederik (Frièrik) Haveman. Hij is geboren op 8 mei 1876 in Deever. Hij is overleden op 25 maart 1939 in Wapse. Hij is een zoon van Jan Haveman en Stiena Boois.
IJ. Winters is Eise Winters. Hij is geboren op 15 juni 1859 in Wittelte. Hij is overleden op 14 augustus 1943 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
H. Moes is Harm Moes. Hij is geboren op 3 januari 1906 in Deever. Hij is overleden op 8 februari 1993. Hij is een zoon van Dirk Moes en Aaltje Timmerman. Hij trouwde op 3 mei 1930 met Janna Eggink uut Dwingel. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
D. Moes is Dirk Moes. Hij is geboren op 5 januari 1876 in Deever. Hij is overleden op 14 juni 1952 in Möppel.
J. van Nijen Sr. is Jan van Nijen. Hij is geboren op 8 september 1896. Hij is overleden op 15 mei 1943. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
J. Seinen is Jan Seinen. Hij is geboren op 25 juli 1876 in Wapse. Hij is overleden op 13 december 1950 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
H. Kerssies is Hendrik Kerssies.
H. Houwer is Hendrik Houwer. Hij is geboren op 19 mei 1880. Hij is overleden op 20 februari 1970. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
H.H. Smidt is Klaas Hummelen Smidt. Hij is geboren op 30 september 1898 in Deever.
L. Meekhof is Lubbert Meekhof. Hij is geboren op 25 april 1899 in Vledder. Hij is overleden op 7 september 1972 in Möppel. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
H. Smit is Harm Smit. Hij is geboren op 12 september 1895 in Spier. Hij is overleden op 29 oktober 1972 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
H. Mulder Gzn. is Hendrik Mulder. Hij is een zoon van Gerke Mulder. Harm Mulder is geboren op 29 oktober 1882 in Deever.

Het groenland met de naam Stroet is niet vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het groenland met de naam Kalterbroek lag in sectie C1 (Diever) en is onder de naam Kaltersebroek of Kalterbroeken vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het groenland met de naam De Maat lag in sectie E1 (Zuid-Wapse) en is onder de naam De Maat vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam Zandakker lag in sectie B4 (Kalteren) en is onder de naam De Zandakker vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam Bergakker lag in sectie B4 (Kalteren) en is onder de naam Bargakkers vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam Giergakker lag in sectie B4 (Kalteren) en is onder de naam Gieren vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam Zwarte Bergje lag in sectie B4 (Kalteren) en is vermeld onder de naam Zwarte Bergje of Zwarte Bargien in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam Noord-Esch lag in sectie B4 (Kalteren), maar is in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’ niet vermeld onder deze naam, wel komen in die publicatie de namen Noordesch tegen de Boskamp en Noordesch tegen de Bos voor. De Noorderesch is nogal groot voor één bouwland.
Het bouwland met de naam Iepenkamp moet zijn met de naam Iemenkamp en lag in sectie C1 (Diever) en is onder de naam Iemenkamp vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.
Het bouwland met de naam De Kreulenakker is niet vermeld vermeld in de publicatie ‘Veldnamen gemeente Diever omstreeks 1832’.

Posted in Veldnème, Verdwenen object | Leave a comment

Woar is ‘Sorry, Mister Shakespeare …!’

In ut Deevers Archief heeft de redactie al een keer aandacht besteed aan de schrijvende straatmaker of straatmakende schrijver Abe Brouwer.
In de webstee Wikipedia zijn gegevens over Abe Brouwer te vinden. Voor wat deze gegevens waard zijn.
Abe Brouwer deed in zijn Deeverse tied (hij woonde eerst an de Veentiesweg en daarna an de Kloosterstroate) ook mee aan de opvoering van toneelstukken van William Shakespeare in het Openluchtspel aan het Groenendal in Deever.
Naar aanleiding van zijn ervaringen met het straatmaken in Deever en het toneelspelen in het Openluchtspel zal hij het werk ‘Sorry, Mister Shakespeare …!’ met als subtitel ‘Di(e)vertimento van een stienelegger’ hebben geschreven.
Abe Brouwer schreef dit werk in 1970.
De redactie van ut Deevers Archief is nu op zoek naar een exemplaar van dit werk.
Wie heeft een exemplaar ?
Wie zet de redactie op het goede spoor ?

Posted in Abe Brouwer, Eup’mlogtspel | Leave a comment

Fietsehaandel van Laamut Roll’n an de brink

Lambert Rolden liet in 1919 een nieuw pand aan de brink van Deever bouwen. In het aan de brink liggende gedeelte van het huis werd de woning ingericht, in het middengedeelte kwam een winkel, terwijl in het achterhuis een werkplaats werd gemaakt, die gebruikt werd voor het herstellen van fietsen, later ook voor het onderhouden van auto’s.
Op het witte bord boven de deur van de werkplaats staat ‘L. Rolden – Rijwielhandel’.
Naast het huis is de Shell-benzinepomp te zien. Deze pomp werd met de hand bediend.
Lambert Rolden staat naast zijn Dodge met kenteken D-421. Deze auto had een groot met leer bekleed stuur. Op een gegeven moment was de motor versleten. Toen is er nog voor vijf gulden de motor van een sloopauto in gezet. In de loop van de dertiger jaren werd de auto afgedankt.
De auto achter de Dodge is eveneens van Lambert Rolden. Deze auto met kenteken D-8464 is van het merk Oakland. Het kentekenbewijs van deze auto werd op 12 september 1932 in Assen aan Lambert Rolden afgegeven.
Wegens gebrek aan ruimte in de werkplaats stalde Lambert Rolden zijn auto’s in de schuur bij het pand van café Brinkzicht van Klaas Marcus Balsma, die ook aan de brink van Deever woonde.
Lambert Rolden verhuisde zijn bedrijf in 1936 naar de Hoofdstraat. De foto moet tussen 1932 en 1936 zijn gemaakt.
De zwart-wit foto is afkomstig uit de verzameling van de erven Hendrik Jan (Henneman) Rolden. De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het pand aan de brink gemaakt op 13 november 2014.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen op papier is, kan de hier afgebeelde foto ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 20 van het papieren blaadje Opraekelen nr. 23/1 (september 2023) van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dat papieren blaadje zijn of dat papieren blaadje bij iemand in kunnen zien.

Posted in Bedrief, Brink, Deever, Olde auto | Leave a comment

In het Grünedal in de winter van 1955-1956

Deze fraaie zwart-wit foto is in de winter van 1955 op 1956 gemaakt van de keuterijtjes (arbeiderswoningen) aan ut Grünedal (Groenendal), zeg maar de zandweg naar het Openluchtspel vlak bij het boerderijtje van de familie Booiman (in de volksmond werd Booiman altijd uitgesproken als Baaiman), dat op de achtergrond is te zien.
De elektrische energie werd in die tijd nog boven de grond getransporteerd door middel van koperen draden bevestigd aan houten palen.
In de zestiger of zeventiger jaren van de vorige eeuw werd het fraaie karakter van ut Grünedal (Groenendal) vernield en door burgemeester Meiboom en de zijnen opgeofferd aan de belangen van het Openluchtspel: de bochtige zandweg werd helaas omgebouwd tot een rechte asfaltweg.
De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Straatnamengelijk Van De Gemiente Deever voorkant heeft van deze weg helaas (wanneer ?) de eeuwenoude naam Grünedal (Groenendal) ten onrechte gewijzigd in Heezenesch. Een esch is een esch en geen zandweg.
In het voorste wit geschilderde huisje aan de zandweg (was de weg nu ook nog maar een zandweg) naar het Openluchtspel woonden Jitse Betten (geboren op 25-03-1914, overleden op 14-11-1969, hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever) en Eltje (Eltie) Oost (zie de afgebeelde overlijdensadvertentie, die op 10 september 1997 in de Meppeler Courant (de Olde Möppeler) stond). Eltje Oost woonde in de winter van haar leven bij haar zoon Hendrik-Jan Warries in Apeldoorn.

Posted in Alle Deeversen, Grünedal, Heezeresch, Overlijdensbericht, Veldnème | Leave a comment

De familie Zaligman uut de Heufdstroate in Deever

Op woensdag 29 januari 2020 verscheen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) het hier bijgevoegde artikel ‘Elfde gebod: wees niet onverschillig’, zie afbeelding 2. In het artikel is onder meer beschreven dat 800 vrijwilligers in het Herinneringscentrum Kamp Westerbork tot en met 27 januari 2020, de dag dat het vijfenzeventig jaar geleden was dat het Rode Leger het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau bevrijdde van de Nazi’s, de namen van de 102.000 uit Nederland weggevoerde Joodse landgenoten, Sinti en Roma voorlazen. Waaronder die van 235 Meppeler Joodse stadsgenoten.
De namen van deze 235 mensen zijn genoemd in het bericht in de Olde Möppeler. De namen van deze 235 mensen staan op het Joods Monument in het Slotplantsoen in Möppel. Aan de onderzijde van dit monument staat een tekst uit de Bijbel (Jesaja 56:5): Ik geef hun een eeuwige naam, die niet uitgeroeid zal worden.
Vier van deze 235 Meppeler Joodse stadsgenoten waren tot 26 april 1940 Deeverse Joodse dorpsgenoten. Het gaat om leden van de familie Zaligman:
– Philippus (Flip) Zaligman, geboren op 21 september 1893 in Dwingel, overleden op 28 februari 1944 in Auschwitz;|
– Heintje (Hennie) Wilda, geboren op 10 mei 1894 in Coevorden, overleden op 8 oktober 1942 in Auschwitz;
– Levie (Loeki) Salomon Zaligman, geboren op 21 december 1921 in Deever, overleden op 28 februari 1943 in Schöppenitz;
– Hendrika (Rikie) Henriëtte Zaligman, geboren op 26 oktober 1925 in Deever, overleden op 8 oktober 1942 in Auschwitz.
Martha Hendrika Zaligman, geboren op 8 december 1920 in Deever, en haar man en haar dochter overleefden het concentratiekamp Theresienstadt.
De redactie van ut Deevers Archief toont in afbeelding 1 uit afbeelding 2 het gedeelte van de lijst met omgekomen Meppeler Joodse stadsgenoten, waarin voorkomen de namen van Philippus (Flip) Zaligman, Heintje (Hennie) Wilda, Levie (Loeki) Salomon Zaligman en Hendrika (Rikie) Henriëtte Zaligman.
De redactie van ut Deevers Archief verwijst tevens naar onder meer de berichten Bee de winkel van Flip Zaligman in de Heufdstroate en Ut gezin Zaligman vurhuusde in 1936 hen Móppel.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Posted in Joodse inwoner, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Greinspoaltie 46 stiet noord van de Verwersweg

In de knik van de greinse tussen de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellingwaarf in Frylân iets ten noorden van de Verwersweg op Zorgvlied staat het zwart-wit-geschilderde goed onderhouden gietijzeren provinciale greinspoaltie XLVI (greinspoaltie 46).
De redactie van ut Deevers Archief heeft de twee bijgaande kleurenfoto’s van dit greinspoaltie in de middag van woensdag 19 september 2018 gemaakt. De redactie stond daarvoor met toestemming van de eigenaar in een weiland in de provincie Frylân.
De redactie schat in dat minder dan 1 ‰ (1 op de duizend) van alle inwoners van de gemiente Deever dit greinspoaltie ooit heeft gezien.
Op een greinspoaltie hoort het wapen van de provincie Drente aan de Drentse kant van de grens te staan en hoort het wapen van de provincie Fryslân aan de Friese kant te staan. Dat is bij greinspoaltie XLVI (greinspoaltie 46) wel in orde.
De redactie heeft in de loop van de jaren ongeveer alle greinspoalties op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellingwaarf in Fryslân zelf op de foto gezet en in ut Deevers Archief opgenomen. Desalniettemin wil de redactie ook graag foto’s van greinspoalties tonen van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief.
Greinspoaltie XLVI (greinspoaltie 46) heeft ook een hele tijd in de sloot naast de greinse gelegen, wat is te zien op foto 3. Grenspalenliefhebber en grenspalenkenner Herman Posthumus heeft foto 3 op 21 september 2007 gemaakt. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor het mogen opnemen van deze foto in ut Deevers Archief.

Foto 1 – Greinspaoltie 46 op 19 september 2018
Foto 2 – Greinspaoltie 46 op 19 september 2018
Foto 3 – Greinspoaltie 46 lag op 21 september 2007 in de grenssloot (foto Herman Posthumus)

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Zorgvliet | Leave a comment

Deever. De stee um te weed’n ?

In de Heerenveense Koerier (onafhankelijk dagblad voor Midden-, Zuid-, Oost-Friesland en Noord-Overijssel) verscheen op 14 juni 1950 het navolgende bericht met de titel ‘Diever, een ideaal recreatieoord – Opening brandtoren’.

“De toeristische ontsluiting van het natuurgebied in de gemeente Diever, kan”, zo zeide burgemeester J. C. Meyboom, “indien zij niet op de juiste wijze wordt uitgevoerd, ongelooflijke rampen met zich medebrengen”.
De grootste ramp die de uitgestrekte bossen in deze gemeente zou kunnen treffen, zal zijn de “rode haan”. Om nu een mogelijke opstand van dit ongedierte op afdoende wijze te bestrijden en ontstane vuurhaarden zo spoedig mogelijk de kop te kunnen indrukken, was een brandwacht in Dievers prachtige boscomplexen onontbeerlijk.
Vooral dit punt baarde het gemeentebestuur grote zorg. Toch wist burgemeester Meyboom in samenwerking met de autoriteiten van de Bosbrandweer een oplossing te vinden
Het gelukte hen in Schoonebeek een boortoren op de kop te tikken, die nu in een zilveren kleed op het 1100 ha. omvattende landgoed “Berkenheuvel” als een fonkelende parel 25 m. boven A.P. Dievers natuurschoon staat uit te dragen.
De brandtoren, die vooreerst alleen op Zondag met een brandwacht zal worden bezet, zal voor de toeristen tevens dienst kunnen doen als uitzichttoren.
Daar het Dievers vroede vaderen al meermalen was gebleken, dat het natuurgebied in haar gemeente te weinig bekendheid in ons land genoot, hebben ze deze gelegenheid aangegrepen om vooraanstaande personen uit de Natuurbescherming, Staatsbosbeheer, Vreemdelingenverkeer en afdeling Bosbouw van de Stichting van de Landbouw, uit te nodigen de officiële opening van de toren te willen bijwonen.
De burgemeester kon dan gistermiddag als resultaat van zijn bemoeiïngen een illuster gezelschap welkom heten op het temidden der bossen gelegen paviljoen “Berkenheuvel”.
Onder de genodigden merkten wij op mr. M. C. Bloemers, hoofd van het Bureau Natuurbescherming van het Ministerie van O. K. en W.
Deze zeide onder meer, dat hij getroffen was door de grote liefde van het gemeentebestuur en noemde Diever een der fraaiste gemeenten van ons land.
Deze liefde kwam enige tijd geleden zeer sterk tot uiting, toen er een keuze moest worden gemaakt tussen Diever, Appelsga en Havelte, wat betreft het aanleggen van een militair oefenterrein. Hiertegen heeft het gemeentebestuur zich met hand en tand verzet, welker weerstand met succes is bekroond, nu de keus op Havelte is gevallen.
Hierna werd door de heer Bloemers met de hem door de burgemeester ter hand gestelde sleutel de brandtoren annex uitkijktoren geopend.
Van de toren heeft men een schitterend uitzicht over de bossen die met de belendingen in Appelsga, Doldersum en Smilde het grootste boscomplex in het noorden van ons land vormen.
Hierna werd langs bloeiende korenvelden en door oude dennenbossen een wandeling ondernomen, waarbij men kon genieten van de rijke flora in dit gebied.
Ook het zwembad, dat knusjes in de bossen ligt verscholen en door eendrachtige samenwerking door de dorpelingen zelf is gegraven, is evenals het openluchttheater een symbool van gemeenschapszin, die er in dit landelijke dorp heerst.
In het Schultehuis, waar het gezelschap hierna bijeenkwam, werd nog het woord gevoerd door ir. De Fremery, hoofd van de afdeling Bosbouw van de Stichting voor de Landbouw. Onder anderen gaven nog van hun belangstelling blijk mr. Halbertsma van de Stichting voor de Landbouw en de heer G. J. Comelfo, inspecteur van de brandweer in district V.
Dit gebied is voor de rustige vacantieganger, wars van amusement, een ideaal recreatieoord.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Bijgaand artikel werd als bladvulling op bonusbladzijde 33 van Opraekelen 14/1 (maart 2014), het papieren blad van de heemkundige vereniging uut Deever opgenomen. Echter de laatste vier alinea’s van het artikel zijn niet naar bonusbladzijde 33 van Opraekelen 14/1 (maart 2014) gekopieerd. Ook de foto (een vergroting van een deel van de foto op een in mei 1950 uitgegeven ansichtkaart van de uitkijktoren), die wel op bonusbladzijde 33 van Opraekelen 14/1 (maart 2014) staat, die staat uiteraard niet in het artikel in de Heerenveense Koerier; werkelijk een oogstrelend jaloersmakend staaltje van dalemaniaanse redactievoering.
De bonusbladzijde in het blad Opraekelen is ontstaan, omdat de Rabobank (Raiffeisen- en Boerenleenbank) voor het laatst in Opraekelen 13/1 (maart 2013) op bladzijde 33 reclame wenste te maken. Wat zou daar toch de reden van zijn geweest ?
Burgemeester J.C. Meyboom is burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd), die met de zijnen in de vijftiger jaren van de vorige eeuw al het oude, karakteristieke, fraaie en beeldbepalende erfgoed in de bebouwde kom van Deever wilde slopen en daar voor een groot deel ook in slaagde.
Bijgaand afgebeelde foto is gemaakt in de vijftiger jaren van de vorige eeuw, maar stond niet bij het bijgaande bericht in de Heerenveense Koerier verscheen op 14 juni 1950.

Posted in Braandtoor’n, Jan Cornelis Meiboom, Uutkiektoor’n, Verdwenen object | Leave a comment

Oaltie Keuning-Hoaveman bee huus op ut Kastiel

De redactie van ut Deevers Archief ontving bijgaande zeldzame afbeelding van een oude foto van Koop Koning. Op de foto staat één van de overgrootmoeders van Koop Koning. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze bijdrage aan ut Deevers Archief.
De redactie neemt bijzonder graag hiele olde foto’s mit un vurhoal op in ut Deevers Archief. Als het zo was dat in de jaren vòòr de Tweede Wereldoorlog zo nu en dan een beroepsfotograaf uut Möppel of uut Stienwiek een rondje door de gemiente Deever maakte en zoveel mogelijk mensen bij hun woning op de foto zette en die vervolgens aan de gefotografeerden verkocht, dan kunnen nog heel veel olde Deeverse foto’s uit oude albums te voorschijn komen.
Koop Koning is een zoon van Hendrik Koning en  Evertje Koopman. Hendrik Koning is geboren in 1932 in het huis met adres Kalteren 17, tegenwoordig Ten Darperweg 14. Evertje Koopman is geboren in 1936 in Wapse. Hendrik Koning is een zoon van Michiel Koning en Grietje Dorenbos.
Michiel Koning is geboren op 1 april 1905 in Deever en is overleden op 5 juli 1963 in Deever. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Grietje Dorenbos is geboren op 14 november 1904 in Deever en is overleden op 8 april 1997 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Michiel Koning en Grietje Dorenbos trouwden op 4 mei 1929 in Deever. Grietje Dorenbos woonde na het overlijden van Michiel Koning in het huis met adres Vlasstraat 1 in Deever. Michiel Koning is een zoon van Hendrik Koning en Aaltje Haveman.
Hendrik Koning is geboren op 9 mei 1875 in Dwingel en is overleden op 28 december 1953 in Möppel. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Aaltje Haveman is geboren op 14 september 1879 in Deever en is overleden op 6 oktober 1967 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Hendrik Koning en Aaltje Haveman trouwden op 23 februari 1900 in Dwingel.
In Deever woonden Hendrik Koning (Henduk Keuning) en Aaltje Haveman (Oaltie Hoaveman) op ut Kastiel. Op bijgaande afbeelding is Aaltje Haveman (Oaltie Hoaveman) bij haar woning op ut Kastiel te zien. Let vooral op het eigengehaakte witte gordijn voor het bovenlicht van de voordeur van het boerderijtje. Dat was nog eens iets echts, echt anders dan zo’n gietijzeren of plastic nep-levensboom.
Het boerderijtje (keuterijtje) stond tussen het huis van Egbert Mulder en het huis van Harm Kloosterman. Het boerderijtje brandde op 27 januari 1914 af.  Van de plaatselijke correspondent verscheen over deze brand op 28 januari 1914 het navolgende bericht in het Nieuwsblad van het Noorden.
Koop Koning heeft het vermoeden dat Hendrik Koning en Aaltje Haveman en hun kinderen na de brand naar de Ten Darperweg in Wapse (Kalteren ?) zijn verhuisd, maar dat wil hij nog uitzoeken.
De redactie heeft in het bericht Skoelfoto van de legere skoele van Deever – 1922 aandacht besteed aan Albert Koning, zoon van Hendrik Koning en Aaltje Haveman. Het feit dat Albert Koning hen de legere skoele an de Heufdstroate in Deever ging, doet vermoeden dat de familie Koning niet in Wapse woonde, wellicht op Kalteren woonde, anders had Albert Koning wel op de Wapser skoele gezeten.
In het bericht De olde kouwe van Oaltie Keuning-Hoaveman is beschreven dat Hendrik Koning en Aaltje Haveman na het overlijden in 1939 van Frederik (Freerk) Haveman, een broer van Aaltje Haveman, zijn verhuisd hen de Peperstroate in Deever.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief beschikt over een topografische tekening van ut Kastiel van vòòr 1914, waarop de woningen van Egbert Mulder, Hendrik Koning en Harm Kloosterman duidelijk zijn te zien ?

Posted in Alle Deeversen, Keutereegie, Topstuk, ut Kastiel, Verdwenen object | Leave a comment

Aubut Kuper hef ut Grünedal veur 65 gull’n ekocht

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 30 oktober 1912 bijgaand berichtje over de afloop van de verkoop van enige landbouwgronden in de gemiente Deever.

Diever, 29 october
Ten overstaan van notaris Bon werd heden bij Seinen voor de familie Hummelen palmslag gehouden.
Koopers werden van:
Perceel 1.
Het Broekje, R. Wever voor f. 2168.
Perceel 2.
De Geeuwenmaat, mr. van Daalen, f. 2401.
Perceel 3.
De Brinkemade, in twee perceelen: 1. A. Westerhof voor f. 230, 2. voor f. 194.
Perceel 4.
Vier perceelen in de Westerma, L. Warries voor f. 1308.
Perceel 5.
De Dikte, K. Offerein voor f. 415.
Perceel 6.
Bouwland:
Westereschakker, H. Krol voor f. 182,50;
Hilgensteen, J. Smit voor f. 555;
Groote Aarlange, R. Seinen voor f. 315,50;
Kleine Aarlange, K. Timmerman voor f. 110;
Het Beentje, J. Oost voor f. 94,50;
Bottekoele, R. van Nijen voor f. 122,50;
Klootzakkien, idem voor f. 71;
Noordeschakker, R.T. Barelds te Emmen voor f. 445;
Zandakker, W. Bakker voor f. 429,50;
Steenakker, R.H. Wesseling voor f. 188,50;
Groenendal, A. Kuiper voor f. 65.
Perceel 7.
Bosgrond:
Delakker, mr. van Daalen voor f. 21,50.
Er heerschte veel animo.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Bij Seinen was in het café-logement van Roelof Seinen an de Heufdstroate in Deever.

Mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom was in 1912 nog steeds druk bezig beetje bij beetje zijn landgoed Berkenheuvel uit te breiden.
Na de opname van De Geeuwenmaat en de Delakker in het steeds groter wordende landgoed Berkenheuvel zal het gebruik van deze twee veldnamen in de volksmond verloren zijn gegaan.
Perceel 3 lag in Leggele en de percelen 4 en 5 lagen in Eemster.
Albert Kuiper, de koper van de akker met de veldnaam Groenendal, zal vast en zeker bakker Albert Kuiper uit de Peperstraat zijn geweest. Verbouwde hij zijn eigen rogge voor het bakken van roggebrood ? Zijn kleinzoon Gerard Krol weet dit wellicht uit overlevering.

Het is opvallend dat ook in 1912 de landbouwgronden niet met hun kadastrale aanduiding, maar nog steeds met hun veldnaam werden aangeduid; elke boer in Deever wist dan gelukkig voldoende.  
Wie van de olde Deeversen kent nu nog de veldnaam van bepaalde akkers buiten de bebouwing ? Wie het weet, die mag het natuurlijk de redactie melden. De redactie is zeker benieuwd naar de ligging van het akkertje met de veldnaam Klootzakkien.
De redactie verwijst voor een uitgebreid en volledig overzicht van de veldnamen in de gemiente Deever graag naar het vanuit cultuurhistorisch oogpunt uiterst belangrijke monnikenwerk van Bart Buiter met de zijnen, dat wellicht nog aanwezig is in het papieren archief van de heemkundige vereniging uit Deever. Veldnamen zijn cultureel erfgoed.
Het bouwland met de veldnaam Groenendal ligt langs de weg naar het Openluchtspel. Zie de afgebeelde fraaie zwart-wit ansichtkaart, die in 1964 is uitgegeven. 
Wie woonden toen in het witte huisje aan de weg naar het Openluchtspel en wie woonden toen in het witte keuterijtje bij het Openluchtspel ? Wie het weet, die mag het natuurlijk de redactie melden.

Posted in Aarfgood, Ansigtkoate, Bosweg, Grünedal, Landbouw, Veldnème | Leave a comment

Ut husie van de fumilie Andree wöd vurboud

De prachtige zwart-wit ansichtkaart van ut Kastiel – die toen helaas nog Burgemeester van Oslaan werd genoemd – is in 1951 uitgegeven door boekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruustroate in Deever. Deze zwart-wit ansichtkaart is een topstuk.
Aan de linkerkant is de oude woning van het echtpaar Albert Andreae (Aubut Andree) en Jantje (Jantie) Oost te zien. De foto is genomen in de richting van de Kruusstroate.
Blijkbaar hebben volgende bewoners ut boerdereegie (ut keutereegie) – zie de kleurenfoto – verbouwd tot een soort van boerderijachtige woning, wellicht om in de woning meer ruimte te hebben. Bij een van die verbouwingen moest blijkbaar ook de schoorsteen verdwijnen.
Maar aan al het oude en mooie komt een einde. Binnenkort gaat de woning met adres Kasteel 10 weer grondig worden verbouwd. Het is daarom tijd dat de dorpskrachten van de heemkundige vurening uut Deever zich met geschwinde spoed en in gestrekte draf en in groten getale en gewapend met foto- en filmcamera naar het genoemde adres begeven om de binnen- en de buitenkant grondig en uitgebreid te bestuderen, te fotograferen, te filmen en te documenteren. Voor het te laat is. The end is at hand.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de twee kleurenfoto’s gelukkig nog net op tijd op 2 januari 2017 kunnen maken. Het had in de nacht van 2 op 3 januari een beetje gesneeuwd op ut Kastiel.

Posted in Ansigtkoate, Keutereegie, Topstuk, ut Kastiel, Winter | Leave a comment

Bijna hiel Deever is in 1581 plat ebraant

In de Drentsche Volksalmanak van 1838 staat in de rubriek Geschiedkundige Herinneringen bij de maand januari dat het dorp Deever in januari 1581 door Rennenberg is geplunderd en verbrand.
In de Drentsche Volksalmanak van 1838 staat in de rubriek Geschiedkundige Herinneringen bij de maand februari dat op 19 februari 1580 in Drenthe de kerkenplundering en beeldenstorm plaats vond.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
George van Lalaing, beter bekend als graaf van Rennenberg of kortweg Rennenberg (Hoogstraten 1536 – Groningen 23 juli 1581), was stadhouder van Friesland, Groningen, Drenthe en Overijssel. Hij was afkomstig uit een Henegouws geslacht van landsbestuurders. Zijn ouders waren Filips van Lalaing, tweede graaf van Hoogstraten en Anna van Rennenberg.
Of de kerkenplunderingen en de beeldenstorm in 1580 ook de rooms-katholieke kerk aan de brink van Deever hebben getroffen is bij de redactie van ut Deevers Archief niet bekend, maar mag niet worden uitgesloten.
Burgemeeester Hendrik Gerard van Os vertelde in een interview:
Den 9 Februari 1581 is nagenoeg het heele dorp door krijgslieden plat gebrand.

Posted in Deever, Geschiedenis | Leave a comment

Twee neeje broene beuk’n an de brink van Deever

De redactie van ut Deevers Archief heeft in twee berichten aandacht besteed aan twee vergiftigde oude bruine beuken in een schaduwrijke particulier tuin an de niet-Saksische brink van Deever, te weten het bericht Wie vurmoordde twee beuk’n an de brink van Deever ? en het bericht Twee stervende fageus sylvatica atropunicera.
De redactie van ut Deevers Archief heeft op vrijdag 29 november 2019 de kleurenfoto voor afbeelding 1 gemaakt. Op die dag waren de twee vergiftigde oude bruine beuken al verwijderd, het tuintje lag er verwaarloosd bij.
De redactie van ut Deevers Archief heeft op maandag 8 juni 2020 de twee bijgaand afgebeelde kleurenfoto’s (afbeeldingen 2 en 3) van twee jonge bruine beuken (fagus sylvatica atropunicera) in de hiervoor genoemde particuliere tuin an de niet-Saksische brink van Deever gemaakt.
De Lagere Dametjes En Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van Het Bemoeien Met De Inrichting Van Particuliere Tuinen Van De Gemeente Westenveld hebben de bewoners van het particuliere huis met adres Brink 5 het planten van de twee bruine beuken in hun particuliere tuin an de niet-Saksische brink van Deever opgelegd. Aangezien de bewoners niet van plan waren twee bruine beuken te planten, laat staan te bekostigen, zijn de twee jonge bruine beuken compleet met boompalen in de particuliere tuin geplant op kosten van de betaler van gemeentelijke belastingen aan de met geld smijtende gemeente Westenveld. En dat terwijl zelfs elke amateuristische hovenier het de Lagere Dametjes En Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van Het Bemoeien Met De Inrichting Van Particuliere Tuinen Van De Gemeente Westenveld had kunnen uitleggen dat de fagus sylvatica atropunicera helemaal niet geschikt is voor kleine particuliere tuinen. En dat terwijl het in Deever een feodale traditie is dat bruine beuken alleen op het erf van opmerkzamen, zoals de burgemeester, de dokter en de dominee, en op het erf van rijke boeren mogen staan.
Het niet meer aanwezig zijn van de twee oude grote zonbelemmerende bruine beuken in de particuliere tuin an de niet-Saksische brink van Deever heeft de eigenaren wel geïnspireerd tot een volledig nieuwe inrichting van die verwaarloosde tuin. En een groot bijkomend voordeel is ook dat nu vóór het huis langer in de zon kan worden gezeten. Elk nadeel heeft zo zijn voordeel. Van schaduwrijk naar zonovergoten. Deever heeft er an de brink een Zonnehoekje bij.

Afbeelding 1: De redactie heeft deze kleurenfoto op vrijdag 29 november 2019 gemaakt.

Afbeelding 2: De redactie heeft deze kleurenfoto op maandag 8 juni 2020 gemaakt.
Afbeelding 3: De redactie heeft deze kleurenfoto op maandag 8 juni 2020 gemaakt.

Posted in Brink | Leave a comment

Grindbiggels op ut oorlogsmonement an de Bosweg

Vanwege de coronapandemie is in de avond van 4 mei 2020 in Deever geen dodenherdenking gehouden.
Daarom kon de Deeverse padvinderij dit jaar geen bijdrage leveren aan de plechtigheden in de vorm van het helpen bij de kranslegging, het begeleiden van de tocht van zwijgende mensen van het oorlogsmonument an de Bosweg in Deever naar de oorlogsgraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever en het leveren van een erewacht bij de graven van de oorlogsslachtoffers.
Als blijk van respect voor het feit dat het dit jaar 75 jaar geleden is dat de geallieerde strijdkrachten Nederland bevrijdden van de Duitse bezetter hebben de jonge Deeverse padvinders grote witte grindbiggels beschilderd met de Nederlandse vlag en teksten, zoals 75 jaar vrijheid. De kleurrijk beschilderde grindbiggels zijn neergelegd op de sokkel van het oorlogsmonument an de Bosweg in Deever. Geen kransen, geen toespraken, geen publiek, geen stille tocht, maar beschilderde grindbiggels. Zo kan het ook. Daarom driewerf hulde voor de jonge Deeverse padvinders: hulde, hulde, hulde.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de twee hier afgebeelde foto’s gemaakt op maandag 8 juni 2020.
De redactie heeft afbeelding 2 gebruikt voor het uitsnijden van een kopafbeelding voor de webstee van ut Deevers Archief. Dit ter ere van de Deeverse padvinders. Deze kopafbeelding, zie afbeelding 3, is op 19 juni 2020 gepubliceerd.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3 : Kopafbeelding van ut Deevers Archief

Posted in Bosweg, Kopplètie, Oorlogsmonement, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Ut Rabobankjebankje op de kaarkhof bee de brink

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 10 februari 2017 bijgaand kort berichtje over de onthulling van een door de Rabobank gesponsord zitbankje tegenover de Rabobank an de Peperstroate in Deever.

Het dorp Diever is weer een bank rijker
Directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe onthulde woensdag in het centrum van Diever het nieuwe straatmeubilair. De zitbank bij de Peperstraat is aan Dorpsbelang Diever geschonken na een oproep van één van de klanten van de bank om zogenaamde random readers in te leveren en te recyclen. De apparaatjes waarmee geldzaken konden worden geregeld, waren overbodig geworden na de invoering van de raboscanner.
Als tegenprestatie voor het inleveren van de reader bij de Rabobank, zijn er een aantal banken beschikbaar gesteld in het werkgebied van Rabobank Zuidwest-Drenthe.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op afbeelding 1 staat het bestuur van de politieke vereniging Dorpsbelangen Deever. Van links naar rechts zijn te zien voorzitter Rikus Kloeze, bestuurslid Jannie Brouwer, secretaris Adrie Gaasbeek, bestuurslid Henk Heijnen en bestuurslid Thijs Zuidema. Aan de rechterkant is directievoorzitter Hans van der Werff van Rabobank Zuidwest-Drenthe te zien.
Het gezelschap staat op een winterse dag bij het te onthullen zitbankje op de hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstraat in Deever.
Een grote vraag is natuurlijk welke naam het duurzame houten dertien-in-een-dozijn zitbankje heeft gekregen: Rabobank, Rabobankje, Rabobankbank, Rabobankjebank, Rabobankbankje of Rabobankjebankje ? De redactie houdt het vooralsnog op Rabobankjebankje.
Een andere grote vraag is of Dorpsbelangen Deever van De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld vergunning voor het plaatsen van het Rabobankbankje heeft gekregen of dat De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld het Rabobankbankje heeft gedoogd of dat hier sprake is van het illegaal plaatsen van een particulier object in de publieke ruimte ?
De redactie heeft de kleurenfoto van de zo genoemde Kerkstraat op donderdag 4 november 2017 gemaakt. Het Rabobankjebankje van Dorpsbelangen Deever wordt zo te zien nog steeds bij de helaas nog steeds scheef staande verkeersbordpaal gedoogd. Het zitbankje wordt wel erg dicht bij de straat gedoogd.
Een andere grote vraag is of het Rabobankjebankje mag blijven staan ? Want op bijgaande afbeelding van een detail van een tekening van De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Herbestratingsgelijk Van De Gemeente Westenveld min of meer bij benadering schier voorlopig echt wel definitief vastgestelde virtuele ontwerp- en bouwtekening van het zo genoemde brinkenplan Diever van 12 december 2017 is geen Rabobankjebankje ingetekend, maar is op tien meter afstand op de andere hoek van de zo genoemde Kerkstraat en de Peperstaat wel een nieuw zitbankje ingetekend.
Heeft de voorzitter van Dorpsbelangen Deever, die -let wel- tevens lid is van het zo genoemde projectteam dat een beetje met de De Lagere Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Herbestratingsgelijk Van De Gemeente Westenveld mocht meebabbelen en meekeuvelen over het brinkenplan Deever, tijdens die meebabbel-meekeuvel-bijeenkomsten zitten slapen ?
De grote vraag is natuurlijk ook of het nieuw geplande zitbankje met schaars publieksgeld zal worden bekostigd of dat de luxe brood- en banketbakker uit de Peperstraat indringend zal worden aangemoedigd de aankoopkosten (plusminus 400 euro) en de beheerkosten tijdens de levensduur van het zitbankje (plusminus 400 euro) tegenover zijn nering te betalen in ruil voor een aan de rugleuning te bevestigen metalen eeuwige roemplaatje met inscriptie ?
De redactie heeft de kleurenfoto van de hoek van de Peperstraat en de zo genoemde Kerkstraat op maandag 8 juni 2020 gemaakt. Het Rabobankjebankje was op die dag al gesloopt
. Het zitbankje is -zoals voorspelbaar was- gesneuveld in het grote Deeverse herbestratingsgeweld met de snorkende naam ‘Deever op Drift’. Het geplande zitbankje tegenover de luxe brood- en banketbakkerij aan de Peperstraat is niet geplaatst, die was blijkbaar slechts virtueel gepland.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van een snorkerig, derkerig, superluxe, superduur, onduurzaam, toekomstonbestendig en milieuonvriendelijk geverfd metalen zitbankje van het type Ikarus van Gardelux b.v. voorzien van het starre, gortdroge, saaie beeldmerk van Deever op de gemeentelijke kaarkhof bee de brink van Deever op maandag 8 juni 2020 gemaakt, zie afbeelding 5. Aan het gemeentelijke zitbankje is een messing plaatje met inscriptie bevestigd. De inscriptie luidt: ‘Aangeboden door de Rabobank’. Aangeboden door de Rabobank ??
De grote vraag is natuurlijk of De Hoge Dames En Heren Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld het hebben aangedurfd de rekening voor het aanschaffen en plaatsen van het nieuwe metalen onduurzame Rabobankjebankje neer te leggen bij de directievoorzitter van Rabobank Zuid-West-Drenthe of dat ter vervanging van het vernielde duurzame houten Rabobankjebankje het onduurzame metalen zitbankje op kosten van de belastingbetalende burger is geplaatst ?
Op afbeelding 5 is te zien dat de poten van het zitbankje al helemaal zijn vervuild. Van welke Deeverse vereniging zullen de zeer gewaardeerde vrijwilligers worden opgezadeld met het zo nu en dan schoonmaken van alle metalen zitbankjes van het type Ikarus van Gardelux b.v. in de openbare ruimte van Deever ? Een vereniging die zijn bijeenkomsten na de sloop van ut Dingspilhuus eind 2019 liever ergens anders dan in het Koude Hart van Deever houdt ?   

Afbeelding 1: Foto van het Rabobankjebankje in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 10 februari 2017
Afbeelding 2: De situatie bij het Rabobankjebankje op 4 november 2017 

Afbeelding 3: Ontwerp- en bouwtekening van het herbestratingswerk met de naam Deever op Drift
Afbeelding 4: Het Rabobankjebankje was op maandag 20 juni 2020 niet meer aanwezig

Afbeelding 5: Op een bankje op de hof van de kaarke zit een plaatje met de tekst: Aangeboden door de Rabobank

Posted in Deever, Gemeente Westenveld | Leave a comment

De Deeverse Terras Route löp neet over Zorgvlied

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vier hier getoonde kleurenfoto’s gemaakt op maandag 8 juni 2020, nota bene ten tijde van de coronapandemie. Het met fraaie ijzeren beelden van paarden gelardeerde prachtige en rustige terras van hotel-restaurant Villa Nova op Zorgvlied was gelukkig op die dag met strikte toepassing van de officiële corona-regels weer open.
In het voorjaar van 2020 heeft een beperkt aantal uitbaters in de Deeverse toeristenindustrie een commerciële zo genoemde Terras Route bedacht. En deze Terras Route Voor Bij Voorkeur Berijders Van Een Elektrisch Aangedreven Fiets loopt niet langs de Dorpsstraat op Zorgvlied.
Dus waren op het terras van hotel-restaurant Villa-Nova aan de Dorpsstraat op Zorgvlied op maandag 8 juni 2020 ook geen wild met stempelkaarten zwaaiende en zwalkende Terras Route Berijders Van Een Elektrisch Aangedreven Fiets te bekennen. Dus was bij hotel-restaurant Villa-Nova aan de Dorpsstraat op Zorgvlied bij een consumptie ook geen stempel op die vermaledijde stempelkaart te halen en dus ook geen ludiek aandenken aan de zo genoemde Terras Route te verkrijgen.
De redactie schat in dat het gesubsidieerde Terras Route initiatief van een beperkt aantal uitbaters in de Deeverse toeristenindustrie een zachte dood zal sterven.

Posted in Dorpsstroate, Toeristenindustrie, Villa Nova | Leave a comment

Ièst mit de vlegel un legge rogge döss’n op de deele

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante, Meppeler Courant) van 18 mei 2020 verscheen het bericht van overlijden van Klaas de Boer, geboren en getogen Witteler. 

Klaas de Boer is op 28 juli 1938 geboren in de voormalige woning van de verlaatmeester van het Wittelterverlaat, later woning van de schutmeester van het Wittelterschut in de Drentse Hoofdvaart, heden ten dage de woning met adres Rijksweg 74 in Wittelte. Hij is op 14 mei 2020 overleden in zijn woonplaats Nijeveen.
Klaas de Boer is een zoon van Kornelis de Boer en Christina Hendrika Klaassen. Christina Hendrika Klaassen is een dochter van Klaas Klaassen en Geertruida Pot. Geertruida Pot is een dochter van schutmeester Jan Pot en Christina Hendrika Leonora Bakker.
Nadat hij op zijn 65-ste was gestopt als boer raakte hij uiteindelijk door jaren bezig geweest te zijn met de geschiedenis van Nijeveen – de familie de Boer is oorsponkelijk afkomstig uit Nijeveen – weer geïnteresseerd in het vrogger in Wittelte, de boerderijen en de boerenfamilies die daar in de loop van de tijd woonden en de ontwikkelingen in de streek.
Zijn kennis van boerenfamilies en hun boerderijen in de streek Wittelte heeft hij vastgelegd in het mooie boek en het zeer nuttige naslagwerk ‘Wittelte – Geschiedenis van de boerderijen vanaf 1770 tot heden’, met als motto:
De boer stön vrog opmit de vlegel döste hee dan ièst een legge rogge op de deele.
Klaas de Boer hef ut veule waark veur sien book over Wittelte allennug edoane, doar haar hee gien leutergroep en gien nepskriever bee neudig. 
De hechte dorpsvereniging van de streek Wittelte heeft het boek in 2018 in eigen beheer en nota bene zonder ISBN-nummer uitgegeven. Daarvoor alsnog een driewerf hulde: hulde, hulde, hulde.
De voorkant van het boek is hierbij afgebeeld, zie afbeelding 3. Hierop is de afbraak van de Witteltersluis vanaf het benedenpand in 1880 te zien. Maar de vooral voor wijlen Klaas de Boer van belang zijnde woning van zijn overgrootvader Jan Pot, die de laatste schutmeester van het Wittelterschut was, is helaas niet op afbeelding 3 te zien. De woning had ooit als adres Wittelte 126, nu heeft de woning als adres Rijksweg 74. Klaas de Boer heeft in zijn boek op bladzijden 78 tot en met 88 aandacht besteed aan de woning en zijn bewoners.
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van de voormalige woning van de meester van het Wittelterverlaat, daarna Wittelterschut gemaakt op 9 april 2013, zie afbeelding 5.
Het is ten zeerste te hopen dat de hechte dorpsvereniging van de streek Wittelte een gratis exemplaar van het boek van wijlen Klaas de Boer naar het Nationaal Archief in ’s Gravenhage heeft gestuurd of dat alsnog zal doen.
Ter gelegenheid van het verschijnen van het boek van wijlen Klaas de Boer schreef de Deeverse correspondent in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante, Meppeler Courant) van 14 maart 2018 sien stukkie veur de kraante, dat schreef de correspondent gewoon over van de tekst op de achterkant van het boek van wijlen Klaas de Boer. Dat mag toch wel een vlotte bijverdienste worden genoemd.
De nazaten van bewoners van boerderijen in de streek Wittelte en geïnteresseerden in het verleden van de streek Wittelte mogen wijlen Klaas de Boer dankbaar zijn voor het resultaat van zijn kennis, zijn inzet en zijn doorzettingsvermogen. Dat hij ruste in vrede.

Afbeelding 1: Bericht van overlijden van Klaas de Boer in de Olde Möppeler van 18 mei 2020

Afbeelding 2: Bericht over het boek van Klaas de Boer in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 14 maart 2018

Afbeelding 3: Afbeelding van de voorkant van het boek van Klaas de Boer

Afbeelding 4: Afbeelding van een foto van het opruimen van het Wittelterschut in 1880

Afbeelding 5: Foto van de voormalige woning van de sluismeester van het Wittelterschut

Posted in Alle Deeversen, Overlijdensbericht, Verdwenen object, Witteler skut | Leave a comment

N.A.D.’ers op de foto bee de Hoarsluus an de Gowe

Deze zwart geüniformeerde arbeidsmannen uit het werkkamp van de Nederlandsche Arbeidsdienst (N.A.D.) an de Gowe vervulden hun arbeidsdienstplicht (ongewapende dienstplicht) in de periode van 7 juli 1943 tot en met 15 december 1943.
Ten tijde van hun verblijf in het werkkamp an de Gowe is de groep mannen an de raand van ut Hoarschut an de Gowe op de foto gezet. De redactie van ut Deevers Archief is niet bekend met de namen van de mannen op de foto.

Posted in de Gowe, N.A.D.-kamp, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Is Tied Zat de tied zat of besteet de tied neet mièr ?

De redactie van ut Deevers Archief heeft op Zorgvlied bijgaande kleurenfoto van het blauwe bord met de tekst ‘Tied Zat plein – 2007-2007’ gemaakt op woendag 19 september 2018.
De redactie van ut Deevers Archief heeft op Zorgvlied bijgaande kleurenfoto van de koloniebrink, voorheen Tied Zat plein gemaakt op maandag 8 juni 2020, ten tijde van de coronapandemie.
De redactie zag bij eerdere wandelingen door Zorgvlied en over de koloniebrink, voorheen Tied Zat plein, nog wel een uurwerk zonder wijzers in de kast van de uurwerkmast, die op de tweede foto aan de linkerkant is te zien, maar op maandag 8 juni 2020 was deze kast doorzichtig leeg.
Is oudejaarsvereniging (helejaardoorvereniging ?) Tied Zat de tied zat of besteet de tied neet mièr op Zorgvlied of gaat Tied Zat binnenkort een nieuw uurwerk in de kast aanbrengen ?
Het op de foto zichtbare roestige stalen buispaalkunstwerk met de esoterische naam Symbionotische Zuil staat jammer genoeg nog steeds op de koloniebrink,voorheen Tied Zat plein, want het had al heel lang definitief op de rotonde an de Deeverbrogge moeten staan.
Wellicht kan Tied Zat dit kunstwerk op de wijze van zijn oudejaarsavondgrappen voorgoed verslepen naar de rotonde an de Deeverbrogge of anders voorgoed verslepen naar het Ekingerzand aan de Friese kant van de provinciegrens.

Posted in De aandere kaante van de Deeverse bos, Kuunst, Zorgvliet | Leave a comment

Jans Tabak is estör’m an de Saandhook in Deever

Jans Roelof Tabak is op 20 november 2019 estör’m in sien boerdereeje an de Aachterstroate. Op de stee woar hee op de wereld is ekoom’m, doar wol hee ok staar’m, doar is hee estör’m. In de boerdereeje an de weg die vrogger de Saandhook hedde.
Ut bericht over sien dood stön ok in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van vreedag 22 nevember 2019.
De redaksie van ut Deevers Archief hef op vreedag 29 nevember 2019 un kleur’nfoto emeuk’n van sien graf op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. In de grond van wat vrogger de Baarkakkers waar’n. De plète op sien graf laag die dag nog vol mit mooie bloemstokk’n.
De redaksie van ut Deevers Archief hef op maendag 8 juni 2020 ok un kleur’nfoto emeuk’n van sien graf op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Op de plète op sien graf stön’n die dag twee pott’n van posselein. De redactie wet neet of ut theepott’n of koffiepott’n bint. Ut sult wè pott’n uut de veinsterbaankversèmuling van Jans weed’n. Sien dochter sol die pott’n doar wel nièr eset hem’m. De redaksie van ut Deevers Archief hef de foto van de versèmuling pott’n in de veinsterbaank van sien booerdereeje an de Saandhook emeuk’n op woensdag 12 december 2019.
Jans was Deever. Jans wus alles van ut olde Deever. Jans wus alles van de olde Deeversen. Jans haar alles van ut olde Deever. Jans daacht in ut olde Deevers. Jans daacht over ut olde Deever. Jans daacht over de olde Deeversen, Jans preut in ut olde Deevers. Jans preut over ut olde Deever. Jans preut over de olde Deeversen. Mor Jans skreef neet over ut olde Deever, skreef neet over de olde Deeversen, skreef neet over ut vrogger in de gemiente Deever.
Jans hef al sien vurhoal’n miteneu’m in sie graf.
Ai’j un paer beriggies over hum wilt lees’n, dan kö’j dat hier vien’n, of hier vien’n, of hier vien’n, of hier vien’n.
Un oarig fluttie foto’s van hum kö’j hier vien’n.

Posted in Alle Deeversen, Jans Roelof Tabak, Overlijdensbericht | Leave a comment

De olde kouwe van Oaltie Keuning-Hoaveman

De redactie van ut Deevers Archief laat de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief graag meegenieten van nieuwe aanwinsten in zijn verzameling objecten uut de gemiente Deever. Eén daarvan is bijgaand afgebeelde zwart-dwit ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw. 

Uit de mond van wijlen Anne Mulder schreef de redactie van ut Deevers Archief het volgende op over het hoekhuis an de Peperstroate in Deever:
Omstreeks 1932 werd het hoekhuis an de Peperstroate bewoond door Frederik Haveman. Hij was niet gehuwd. Hij was eertijds bediende bij de Coöperatieve Verbruiksvereniging ‘Samenwerking’ in Deever. Op latere leeftijd heeft hij in Wapse zijn intrek genomen in het gezin van Hendrik Koning, die gehuwd was met zijn zuster Aaltje Haveman. Na het overlijden van Frederik Haveman -zijn overlijdensdatum is te lezen op een eenvoudige grafzerk in het gesloten gedeelte van de begraafplaats- zijn Hendrik Koning en Aaltje Haveman verhuisd naar het hoekhuis an de Peperstroate.

Roelof Santing herinnert zich het volgende van de mensen die in zijn jeugd in dit huis woonden:
Voordat Aaltje Koning-Haveman bewoonster van het huis aan de Peperstraat werd, woonde daar haar broer Frederik Haveman. Op het dorp stond hij bekend als Freerk Punt of Freerk Puntien. In mijn herinnering was dit een markante persoonlijkheid, al kwam dit niet tot uitdrukking in zijn figuur. Gezeten op de steen, zoals die is te zien op de afbeelding, gaf hij in de dertiger jaren van de vorige eeuw zijn visie op de politieke toestand van die tijd, waarbij hij het uit het Oosten dreigende gevaar zeer wel onderkende.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Frederik (Freerk) Haveman is geboren op 8 mei 1876 in Deever en is overleden op 25 maart 1939 in Wapse. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Hendrik Koning is geboren op 9 mei 1875 in Dwingel en is  overleden op 28 december 1953 in Meppel. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Aaltje Haveman is geboren op 14 september 1879 in Deever en is overleden op 6 oktober 1967 in Deever. Zij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
In het begin van de twintigste eeuw woonden in het zichtbare pand schoenmaker Berend Slagter met zijn vrouw Femmigje Mulder.
De foto voor de zwart-wit ansichtkaart is in 1964 of 1965 gemaakt. Dat is een paar jaar nadat burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) van de gemiente Deever in 1956, 1957 of 1958 (?) alvast het achterste deel van het pand liet afbreken in het kader van de zo genoemde krotopruiming.
Het achterste deel is bewoond geweest door bakker Jonkman, kapper Jan de Boer en de familie Hendrik Baaiman. De familie Baaiman werd eerst naar een woning aan de Wapserveenseweg in Wittelte verbannen, waarna het achterste deel kon worden gesloopt.
Ome Kees had grootse -ja bijna megalomanistische- plannen met de dorpskern. Vele prachtige en beeldbepalende cultuurhistorisch waardevolle ‘olde kouw’n’ in het warme hart van het dorp Deever pasten niet in zijn plannen en moesten daarom bij voorbaat al worden gesloopt. Volop en niet te weinig.
De gemiente Deever, onder leiding van ome Kees, werd gelukkig op tijd een zogenaamde artikel 12-gemeente, zodat niet het hele warme hart van Deever vernield en gesloopt is geworden, maar waren wel de mooiste en oudste panden verdwenen.
Bij de sloop van het achterste deel van het pand ontstonden gaten in de tussenmuur, die toen buitenmuur van de achtergevel van het op de afbeelding zichtbare pand van de weduwe Koning was geworden. Van oude stenen werd een muur tegen de kapotte achtergevel gemetseld. Het rieten dak werd gesloten met een wolfseind.
Alleskunner wijlen Klaas Kleine (geboren op 20 maart 1940, overleden op 24 oktober 2000) kocht op 14 oktober 1966 de ‘olde kouwe’ voor f. 6.000,- van Aaltje Haveman, de weduwe van Hendrik Koning, en ging met het pand aan de slag op basis van een vermetel plan voor restauratie en herbouw.
De redactie merkt op dat in het bovenlicht van de voordeur van het oude pand geen wit geschilderde levensboom aanwezig is.
Wie van de nog erg weinige sprekers van ut Deevers weet nog de betekenis van het niet meer gangbare woord ‘kouwe’ ? Bijvoorbeeld in de zin: See haad’n ut gloep’ms kolt in de olde kouwe. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief is bereid te reageren ?
De verstokte liefhebber van afbeeldingen op papier kan de hier afgebeelde ansichtkaart van de olde kouwe van de weduwe Oaltie Keuning-Hoaveman ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 14 van het boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente, 1930-1980, die is samengesteld door vrijwilligers van de Historische Vereniging Gemeente Diever en in 2008 is verschenen. Maar ja, jij moet dat boekwerkje dan wel toevallig in jouw bezit hebben of bij iemand in kunnen zien.
De redactie heeft bijgaand afgebeelde kleurenfoto van het huis van Klaas Kleine gemaakt op donderdag 4 november 2017.

Abracadabra-1214

Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, Deever, Klaas Kleine, Peperstroate | Leave a comment

Van Daalen in Bennekom en in Deever

In de Kostersteen, het orgaan van de Vereniging Oud-Bennekom, verscheen in nr. 58 van november 1996 het navolgende artikel ‘Van Daalen in Bennekom en Diever’. Het bestuur van deze historische vereniging was zo welwillend toestemming te geven voor publicatie van dit artikel in ut Deevers Archief. De redactie van ut Deevers Archief is het bestuur van de Vereniging Oud-Bennekom bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.
Het artikel draagt bij aan de geschiedschrijving over het landgoed Berkenheuvel. Het publiceren  van oude jaargangen van haar verenigingsorgaan in digitale vorm op haar webstee is een bijzonder goed initiatief van deze historische vereniging. Dat zou de heemkundige vereniging uut Deever ook ernstig in overweging moeten nemen. Wellicht een onderwerpje voor een aanstaande jaarvergadering ?

Aanleiding
Tijdens een recent bezoek aan het landgoed Berkenheuvel in de gemeente Diever (Dr), eigendom van de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten, vertelde de beheerder mij dat het bezit in 1970 was verkregen door aankoop van de familie Van Daalen. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Wie waren die Van Daalens en wat had hen tot de verwerving van ruim 1000 ha in midden Drenthe gebracht ?

Familiebeschrijving
Er bestaat een genealogie van de familie Van Daalen. die in 1925 geschreven is door de gepensioneerd generaal-majoor E.A.F. Blokhuis.  Uit deze publikatie ontleen ik het volgende.
De Van Daalens zijn afkomstig uit Brakel in de Bommelerwaard. De voor dit verhaal van belang zijnde tak van de familie is via Harderwijk in Wageningen en Bennekom terecht gekomen.

Herrnannus B. van Daalen (1782-1850)
Geboren te Harderwijk vestigde hij zich vóór l811 in Wageningen. Hij werkte daar als advocaat, notaris, stadssecretaris en houthandelaar. Hij was maatschappelijk zeer actief en genoot het nodige aanzien. Alleen de huidige Wageningse houthandelaar Daniëls heeft nog slechte herinneringen aan de man. In zijn familie is bekend dat zijn betovergrootvader in 1811-midden in de Franse Tijd- uit Wageningen moest vluchten, omdat Van Daalen hem van anti-Franse uitlatingen had beschuldigd. Hernannus van Daalen had vijftien kinderen uit drie huwelijken. Voor dit verhaal is zijn zoon Albertus van belang.

Albertus van Daalen (l8l2-1864)
Hij werd opgeleid voor de militaire dienst en trok in 1830 als achttienjarige cadet op tegen de Belgische opstandelingen. Te velde werd hij tot officier bevorderd. In 1842 nam hij ontslag uit het leger en vestigde zich in Bennekom, waar hij werkzaam was als Rijksontvanger. Hij werd lid van Gedeputeerde Staten van Gelderland en bevorderde de verbetering van de afwatering in de Gelderse Vallei. Bij de watersnoden van 1855 en l86l begeleidde hij Koning Willem III in het rampgebied en ontving hem in zijn huis te Bennekom. Dat huis Dorpzicht had hij in 1853 laten bouwen aan de weg naar Wageningen op de plaats waar nu het Bart van Elstplantsoen is.
Albert is twee maal getrouwd geweest. In beide gevallen met een gezuster Cau uit Zierikzee. De Cau’s waren een zeer gegoede familie, die veel hebben bijgedragen aan de welstand van de Van Daalens.
Albert bemoeide zich met allerlei bestuurlijke aangelegenheden in Bennekom, zoals de verkoop van de onontgonnen domeinen ten oosten van het dorp. Hij kreeg acht kinderen, waarvan alleen de jongste, Albertus Christiaan volwassen werd.

Albertus Christiaan van Daalen (1853-1939)
A.C. van Daalen studeerde rechten in Leiden, promoveerde in 1880 en vestigde zich in Arnhem. Daar was hij secretaris van de Militieraad en een ijveraar voor de bevordering van het toerisme naar Arnhem en omgeving.
Zo richtte hij de VVV in Arnhem op en nam het initiatief tot de aanleg van de weg Roozendaal-Beekhuizen-Heuven (langs de Posbank).
Albertus C. van Daalen trouwde in 1890 met Albertina Johanna Sichterman uit Groningen. Het echtpaar ging in zijn ouderlijk huis Dorpzicht wonen.
Uit het huwelijk werden vijf kinderen geboren, te weten: Albert Christiaan (189l), Antoinette (1893), Josephina Hermanna Johanna (1894). Christina Albertina (1896) en Mello (1897).
Josephina trouwde in l913 met Paul Carel Louis Doorman. Hun zoon Albert Christiaan werd in 1918 geboren en woont in Diever.

De familie Sichterman is verbonden met het gelijknamige patriciërshuis aan de Ossemarkt in Groningen. De voorvaderen van Albertina Johanna kwamen in de zeventiende eeuw als militairen naar Groningen. In 1716 moest Jan Albert Sichterman vluchten als gevolg van een duel met dodelijke afloop voor zijn tegenstander. Hij vertrok op een schip van de VOC naar Indië, waar hij carrière maakte onder andere als Directeur van Bengalen. In 1744 voer hij thuis als admiraal van de jaarlijkse retourvloot.
In Indië had hij een groot fortuin vergaard en een indrukwekkende inboedel verzameld. Bij zijn thuiskomst liet hij het Sichtermanhuis aan de Ossemarkt bouwen, dat in die tijd een ware bezienswaardigheid was in de stad en dat nog steeds een belangrijk monument in Groningen is.
Door de vorstelijke staat die hij voerde, werd Jan Albert wel ‘de Koning van Groningen’ genoemd. Of het ruimhartige beheer van zijn vermogen bij zijn overlijden in 1764 tot rijke erfgenamen geleid heeft, valt te betwijfelen.

Mr. A.C. van Daalen moet -als enig erfgenaam- bij zijn huwelijk in l890 een gefortuneerd man geweest zijn met veel maatschappelijke invloed en relaties. Hij was vele jaren Dijkgraaf van het polderdistrict Wageningen en Bennekom en voorzitter van de collegiën der Exonereerende Landen (de gezamenlijke waterschappen in de Gelderse vallei), die de Grebbedijk en de waterlossing via de ‘Rode Haan’ bij Veenendaal onderhielden.
Zijn welstand blijkt uit de aankoop in 1890 van Berkenheuvel, een landgoed van 700 ha in de gemeente Diever. De aankoop en ontginning van de Drentse markegronden (grond in gemeenschappelijk bezit van de bewoners) was omstreeks 1850 begonnen door Friese ondernemers.
De laatste van deze ontginners, mr. A.J. Hoekwater, verkocht Berkenheuvel aan Van Daalen. Volgens zijn kleinzoon, A.C. Doorman, die nu nog op een deel van het oorspronkelijk landgoed woont,  kocht Van Daalen het vooral voor de jacht, waarvan hij een groot liefhebber was.
Onder invloed van zijn vrouw, die tegen de jacht was, ging hij zich steeds meer op het beheer. de uitbreiding, ontginning en bebossing van het gebied richten. Ln 1925 was Berkenheuvel uitgebreid tot 1300 ha en waren er een tiental woningen op gebouwd.

Van Daalen voerde het beheer samen met een Dieverse bosbaas en bezocht zijn bezittingen regelmatig. Rond 1900 reisde hij met de trein van Ede naar Nijkerk om daar over te stappen naar Meppel. Daar werd hij per rijtuig opgehaald om de laatste twintig kilometer naar Diever af te leggen. Later kwam er een stoomtram. maar dan moest hij de laatste kilometers van Dieverbrug naar Berkenheuvel te voet afleggen. Volgens oude Dieversen waren er dan altijd wel jongens die een centje wilden verdienen met het dragen van zijn koffer. Van Daalen logeerde tijdens zijn verblijf in een bescheiden optrekje op het erf van de bosbaas. Later is het uitgebreid tot een chalet-achtig familiehuis.

Het spreekt vanzelf dat Van Daalen het landgoed op economische basis wilde exploiteren. Volgend Doorman vergde dit hoge investeringen, waar tegenover in de lange aanloopperiode slechts geringe opbrengsten stonden. In de jaren dertig is het zelfs gebeurd dat een deel van het Bennekomse bezit werd afgestoten om Berkenheuvel te kunnen financieren. Toch heeft Van Daalen veel bevrediging gevonden in zijn Drentse ontginning en hij liet anderen daarvan mee profiteren. Zo stelde hij ruimte beschikbaar voor studentenkampen, legde wegen aan en liet een zwembad voor de Dieverse bevolking maken.
Na het overlijden van A.C. van Daalen in 1939 heeft de familie de eigendommen in Bennekom verkocht. waaronder het huis Dorpzicht, Neder-Veluwe en de Hullenberg (met het koepeltje). De exploitatie van Berkenheuvel is voortgezet tot 1970, toen het in twee ongeveer gelijke delen verkocht werd aan Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer.

Het gebied is een bezoek zeker waard. Het Handboek van Natuurmonumenten zegt er onder meer het volgende over: ‘Uitgestrekte oude grove dennenbossen op sterk geaccidenteerd stuifzand bepalen grotendeels het karakter van het terrein. Onder de licht doorlatende kronen hebben zich uitgebreide tapijten kraaiheide ontwikkeld, rijk aan mossen en korstmossen, plaatselijk met rode bosbes. Door deze altijd groene onderbegroeiing maakt het bos ook ’s winters een levendige indruk. Dit bostype wordt nergens in Nederland over een zo grote aaneengesloten oppervlakte aangetroffen’.

Ir. N.H.A. Greve

Literatuur
E. A. F. Blokhuis. Het Brakel-Harderwijksche geslacht Van Daalen.  1925, (niet in de handel).
Gerrit Breman. Alleen in het belang en ten behoeve van de gemeente Bennekom. De Kostersteen 54 (oktober 1995) en 55 (januari 1996).
Coevorder Courant, 8 januari 1993 (over Berkenheuvel).
Eigen Haard 51, l9 september 1925 (over Berkenheuvel).
C.A. Heitink. Ter dankbare herinnering aan Mr. A.C. van Daalen. De Kostersteen 22 (oktober l987).
De Kampioen (ANWB), 11 en 18 september 1925 (over Berkenheuvel).
Wiet Kuhne-van Diggelen, Jan Albert Sichterman, VOC-dienaar en ‘Koning’ van Groningen. Regio-project Groningen 1995. ISBN 90-5028-058-7.
A.C’. Zeven. Hermannus Bernardus van Daalen. Oud-Wageningen l5 (1987).

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Albertus Christiaan van Daalen liet niet het zwembad ‘Dieverzand’ bouwen, de bevolking van Deever deed dat zelf in de Tweede Wereldoorlog. Zie de diverse artikelen in ut Deevers Archief over het zwembad Dieverzand.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Landgoed Berkenheuvel | Leave a comment

Ansichtkoate mit de groet’n van de Deeverbrogge

Café- en logementhouder Sjoert Benthem is de uitgever en verkoper van deze in 1910 verstuurde fraaie ansichtkaart met vijf kleine afbeeldingen van objecten/onderwerpen an de Deeverbrogge. De kaart is gedrukt bij Riezebos in Ede.
Van elk van de vijf objecten/onderwerpen heeft Sjoert Benthem gelukkig ook een ‘gewone’ ansichtkaart uitgegeven en verkocht.
De redactie van ut Deevers Archief toont van drie van deze ansichtkaarten al een afbeelding en zal bij gelegenheid van de andere twee ansichtkaarten ook een afbeelding tonen.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van de Opzichterswoning an de Deeversluus.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart met de stoomboot Assen-Zwolle.
Zie de afbeelding van de ansichtkaart van Hôtel S. Benthem.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Café Sjoert Benthem, Café-Logement Sjoert Benthem, Deeverse sluus | Leave a comment

De piepe van de botterfubriek kö’j nog net seen

Op bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkoate zijn op de achtergrond de huizen aan de Veentjesweg in Deever te zien. Boven het politiebureau, dat op de hoek van de Tusschendarp en de Veentiesweg stond, is nog net een stuk van de schoorsteen van de zuivelfabriek aan het Moleneinde in Deever te zien. Op de voorgrond zijn enige koeien van boer Jans Kruid te zien. De maker van de foto voor deze ansichtkoate stond op de weg naar Oldendeever.
De ansichtkoate is in november 1965 uitgegeven door JosPé in Arnhem en werd verkocht door levensmiddelenbedrijf A. Kuiper (Aubut Kuper) an de Peperstroate in Deever. De maker van de foto voor deze ansichtkoate zal deze in de zomer of het najaar van 1965 hebben gemaakt.

Posted in Ansigtkoate, Boer'nlee'm, Veentiesweg | Leave a comment

Un wandelkoate veur Bark’nheuvel uut 1936

In nummer 09/4 (december 2009) van Opraekelen, het papieren blad van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkundugge vurening uut Deever, verscheen als gemakkelijke bladvulling (16 van de 32 bladzijden) het artikel ‘Een wandeling op het landgoed Berkenheuvel’. De samensteller van het artikel maakt terecht trots melding van het feit dat de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, zeg maar de heemkundugge vurening uut Deever, in het bezit is van een wandelkaart uit 1936, die is uitgegeven door de N.V. Maatschappij tot Exploitatie van het Landgoed Berkenheuvel van eigenaar mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom.
De redactie van ut Deevers Archief prijst zich evenzeer gelukkig ook een exemplaar van deze wandelkaart, uitgegeven in mei 1936, in zijn archief te hebben (waar het aflopen van veilingen al niet goed voor is). De twee hier getoonde afbeeldingen betreffen de voorkant en de achterkant van de wandelkaart.
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan deze twee digitale afbeeldingen hier kopiëren en kan dan zelf een scherpe afdruk van de wandelkaart maken en de op de achterkant van de kaart vermelde routes gaan wandelen.
Maar de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief moet niet te lang wachten met het willen gebruiken van deze kaart voor het lopen van een op de achterkant van deze kaart voorgestelde wandelroute of voor het lopen van een zelf bedachte wandelroute, want de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten uit het verre ’s Graveland, de huidige eigenaar van de helft van het landgoed Berkenheuvel, is overijverig bezig alle wegen in zijn gebied niet te behouden, wel te blokkeren, wel te barricaderen, wel te laten overwoekeren, niet meer te onderhouden, uit te wissen, om te ploegen, want het heeft er alle schijn van dat deze almachtige vereniging liever in het geheel geen mensen ziet rondlopen op zijn deel van het landgoed Berkenheuvel. En dit streven lijkt sterker te worden nu in het gebied zich een roedeltje exotische uitheemse eeuwenlang afwezige agressieve schapenverscheurende angstaanjagende wolven aan het vestigen is. Een roedeltje wolven van 2 tot 10 dieren heeft ongeveer 200 vierkante kilometer territorium nodig, dus in de Deeverse bos met een oppervlakte van zo’n 60 vierkante kilometer is ruimte voor een paar mini-roedeltjes van 2 tot 4 wolven. In de aangrenzende 60 vierkante kilometer weilanden zijn immers genoeg makkelijk bejaagbare schapen te vinden.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Landgoed Berkenheuvel, Toeristenindustrie | Leave a comment

Ansichtkoate van de meule in Oll’ndeever

Op deze zwart-wit ansichtkaart uit 1963 is te zien dat het pand bij molen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever van oorsprong un boerdereegie mit siedbaander moet zijn geweest. De siedbaander van het pand van molenaar Arend Uiterwijk Winkel is al dichtgemetseld. De redactie van ut Deevers Archief weet niet wanneer dat is gebeurd; op een zwart-ansichtkaart uit 1954 was de siedbaander nog wel aanwezig.
Het pand stond redelijk dicht an de Brinkstroate (heet de weg ter plaatse van het pand nog Brinkstroate of heet de weg daar Oll’ndeever ?). Later is het pand afgebroken en is op een andere plaats een nieuwe woning gebouwd. De afgebroken boerderij heeft als voorbeeld gediend voor de nieuwe woning. Die kwam verder van de Brinkstroate en wat verder van de straat met de naam Dingspil te liggen. Is (een deel van) het bouwmateriaal dat is vrijgekomen bij het slopen van het oude pand weer gebruikt bij de bouw van het nieuwe pand ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto op 13 november 2014 gemaakt.
De laatste beroepsmolenaar Arend Uiterwijk Winkel van molen ‘de Vlijt’ is in de zestiger jaren met zijn echtgenote en hun twee kinderen Bert en Anneke verhuisd naar Hoogeveen. Arend Uiterwijk Winkel is geboren op 22 september 1921 in Hoogeveen en is overleden op 31 december 2009 in Meppel. Zie het hier afgebeelde overlijdensbericht.

Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, Meule van Oll’ndeever, Oll'ndeever, Overlijdensbericht, Verdwenen object | Leave a comment

If you steal, then you are marked

Op de voormalige kaarkhof bij het kerkgebouw aan de niet-origineel-Saksische brinQ van Deever -die in 2018 of 2019 zal worden opgekalefaterd tot een QualiteitsbrinQ van de eerste en ergste orde- staat een uiterst kostbaar in Uffelte gemaakt bronzen beeld van Adrianus (Arie) Teeuwisse uit 1970. Het bijna vijftig jaar oude bronzen beeld geeft een voorstelling van de smokkende elfenkoningin Titania en Spoel de Wever in de tweede scene van het derde bedrijf uit het openluchtspel Midzomernachtsdroom van William Shakespeare. Zal de voorkant van het gelijk dit uiterst kostbare bronzen beeld in 2019 na de Geldverslindende Grote Opkalefatering van de brinQ nog op de voormalige kaarkhof laten staan ? Hopelijk niet.
De aandacht wordt niet alleen getrokken naar het toch wel kunstig vorm gegeven stuk brons, maar naar beneden ook naar de hoge stenen sokkel, die helaas geen kleinformaat hunnebedsteen is, naar het gedicht Midzomernachtdroom van de Beiler dichter Roel Reyntjes, en vooral naar het ronkende en luidruchtige bordje onder aan de sokkel.
Op dat bordje staat ‘Beveiligd met SDNA’ en ‘Onze eigendommen zijn gemarkeerd’ en de in slecht Engels geschreven zin ‘You steal, you are marked’.
De grote vragen zijn natuurlijk wat voor spul SDNA (synthetisch DNA?) is, wat voor beveiliging SDNA biedt, hoe het SDNA-systeem werkt, wat per object de jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten zijn en wie opdraait voor de kosten ?
Wat heb je aan een duur SDNA-systeem als dieven en inbrekers -zelfs op klaarlichte dag- het uiterst kostbare bronzen topstuk op een vrachtwagen kunnen laden (er hangt geen camera, er gaat geen sirene af), rechtstreeks naar een smelterij kunnen rijden en daar het uiterst kostbare bronzen beeld kunnen laten omsmelten ? Brons bevat wel ten minste zeventig procent erg duur koper. Of is het gewoon een nepbordje wat dieven en inbrekers zou moeten afschrikken ? Maar wat als de dief of de inbreker geen Engels kent ?
De nog grotere vraag is of in de openbare ruimte zo maar een object mag worden beveiligd met een SDNA-systeem ? Of is voor toepassen van een dergelijk systeem een vergunning van het bevoegd gezag nodig ?
En is het beeld ‘Het leven’, dat voor het gemeentehuis van de gemiente Deever staat, ook beveiligd met een duur SDNA-systeem ? Of heeft de voorkant van het gelijk dat beeld al lang afgeschreven ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto op donderdag 4 november 2017 gemaakt.

Posted in Beeld, Deever, Kaarkhof an de brink, Kuunst, William Shakespeare | Leave a comment