Ut mislukte padjongenkottie 1.0 is vot

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 4 januari 1999 verscheen het volgende bericht over de vernieling van het volledig mislukte hangjongerenontmoetingskotje 1.0 aan de Bosweg in Deever.

Overdekte picknickplaats vernield
Diever – Enkele jaren geleden hing de jeugd steeds rond de Sint Pancratiuskerk in Diever. Het gemeentebestuur kreeg hier veel klachten over en er ontstonden vernielingen aan deur en ramen van de kerk. Door overleg tussen burgemeester Sjraar Cox en de jeugd is men tot een oplossing gekomen. Op verzoek van de jeugd in Diever heeft het gemeentebestuur van de voormalige gemeente Diever een overdekt jeugdhonk gebouwd aan de Bosweg in Diever. Het zou dienen als ontmoetingsplaats voor de jeugd van Diever. Men kon er rondhangen en zelfs enigszins overdekt zitten. De gemeente heeft voor dit project een tweetal jaren geleden tienduizend gulden uitgetrokken. Toen de overdekte ‘picknick’ was geplaatst, sprak de jeugd direct zijn ongenoegen uit. Om dit te tonen, richting het gemeentebestuur van de voormalige gemeente Diever, deed een van de jeugd, juist toen het honk was geplaatst, zijn behoefte op de tafel.
Tot op heden heeft de jeugd nimmer gebruik gemaakt van het jeugdhonk. De toeristen hebben veel genoegen beleefd aan de overdekte picknickplaats. In de zomermaanden wordt er veel gebruik van gemaakt. Men kan er lekker zitten zijn broodje te eten en de meegenomen koffie of een bordje patat of visje nuttigen, want het is geplaatst naast de visboer en de patatwagen. De jeugd heeft nieuwjaarsdag de poten er onder weggegezaagd om hun ongenoegen nog eens richting het gemeentebestuur tot uitdrukking te brengen.
De gemeente Westerveld draait een jaar en heeft voor de jeugdactiviteiten in Diever nog geen oplossing gevonden en dat begint langzamerhand bij de jeugd te prikkelen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto waarop het door de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Onaantastbare Gelijk Van De Gemiente Deever helemaal zelf bedachte hangjongerenontmoetingskotje 1.0 op het paardenmarktterrein is te zien, gemaakt op maandag 27 juli 2019. Onder het afdakje is een picknickplaatsje met inbegrip van bestrating en een afvalbakje te zien.
De Deeverse Hangjongeren Van De Achterkant Van Het Onaantastbare Gelijk hebben zich dit ouderwetse conservatieve tochtige nikspicknickenkotje natuurlijk niet door de strot laten duwen, want bijvoorbeeld in het kotje kon de gsm-telefoon niet worden opgeladen, de gratis betrouwbare draadloze verbinding met internet ontbrak en ook het gratis openbare toilet ontbrak.
De redactie heeft de kleurenfoto waarop alleen zichtbaar is de door woodcarver Henri Koeling uut de Peperstroate in Deever in de stam van een gesneuvelde ekkelboom uitgehakte en al enigszins verweerde Amerikaanse zeearend, gemaakt op woensdag 11 december 2019.
Het mislukte hangjongerenontmoetingskotje 1.0 is in het kader van de uitvoering van het project Deever op Drift in het najaar van 2019 gesloopt. Daarmee is een einde gekomen aan de bij dagjesmensen populaire overdekte picknickplaats. Over de plek van het mislukte hangjongerenontmoetingskotje 1.0 lopen nu wandelpaden van het paardenmarktterreinbrinkpark. Niet buiten de paden lopen, want dan zak je weg in het drijfzand.

Posted in Kuunst, Maarktturrein, Verdwenen object | Leave a comment

Greinspoaltie 70 stiet now an un fietspad van asfalt

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vijf kleurenfoto’s van greinspoaltie LXX (greinspoaltie 70) gemaakt in de middag van donderdag 22 november 2019.
Greinspoaltie LXX (greinspoaltie 70) staat niet meer op zijn oorspronkelijke plek, maar staat nu meer in de richting van de oorspronkelijke plek van greinspoaltie LXXI (greinspoaltie 71), langs het asfaltfietspad tussen de Olde Willem en de Bosweg bij Us Blau Hiem in Appelsga
Op un greinspoaltie hoort het wapen van de provincie Drente an de Dreinse kaante van de greinse te staan en hoort het wapen van de provincie Fryslân aan de Friese kant te staan. Dat was bij dit keurig onderhouden greinspoaltie LXX (greinspoaltie 70) wel in orde.
De redactie is vastbesloten van elk nog aanwezig provinciaal greinspoaltie op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellinwaarf in Fryslân een flink aantal zelf gemaakte foto’s in ut Deevers Archief op te nemen. En zo mogelijk ook veel foto’s van bezoekers van ut Deevers Archief. Ech wè.

Posted in Aarfgood, de Olde Willem, Greinse, Greinspoal, Woater’n | Leave a comment

Greinspoaltie 50 steet op 100 meter van de olde stee

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vier kleurenfoto’s gemaakt in de middag van donderdag 22 november 2019.
Greinspoaltie L (greinspoaltie 50) is aanwezig. Greinspoaltie L (greinspoaltie 50) staat op het rechte deel van de Drents-Friese greinse tussen de wegen De Monden en de Appelsgascheweg, maar staat niet meer op zijn oorspronkelijke plek. Greinspoaltie L (greinspoaltie 50) staat nu ongeveer honderd meter ten westen van zijn oorspronkelijke plaats.
Op een greinspoaltie hoort het wapen van de provincie Drente an de Dreinse kaante van de greinse te staan en hoort het wapen van de provincie Fryslân aan de Friese kant van de greinse te staan. Dat is bij dit keurig onderhouden greinspoaltie L (greinspoaltie 50) wel in orde.
De redactie is vastbesloten van elk nog aanwezig provinciaal greinspoaltie op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellinwaarf in Fryslân een flink aantal zelf gemaakte foto s in ut Deevers Archief op te nemen. En zo mogelijk ook mooie oude foto’s van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief. Ech wè.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Zorgvliet | Leave a comment

Een groepsleider heeft mij verschrikkelijk mishandeld

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 21 februari 2020 bijgaande heftige reactie van de heer Jan …, met de jongensnaam Jan van der Meulen, over zijn tijd in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik ben ook in kamp ‘de Eikenhorst’ geweest in de jaren 1967-1968. Ik was elf  jaar toen ik daar binnenkwam. Ik heb daar mijn twaalfde verjaardag gevierd. Toen heette ik Jan van der Meulen. Ik heb inmiddels een andere achternaam.
Ik kan mij maar weinig van die tijd herinneren, omdat ik heel veel herinneringen aan het gebeurde in die tijd heb verdrongen. En de zaken die ik mij wel herinner van kamp ‘de Eikenhorst’ zijn niet zo leuk.
Ik heb jaren met wraakgevoelens rondgelopen. Ik wilde die groepsleider opzoeken, die mij op een verschrikkelijke manier heeft mishandeld. Het enigste wat ik deed was naar het toilet gaan. Het licht ging uit, toen ik uit het toilet kwam. Hij heeft mij toen geschopt en getrapt en in elkaar geslagen en zwaar toegetakeld. En ik weet echt nog steeds niet waarom.
Ik ben naar mijn bed gestrompeld, toen ik weer een beetje bij kwam. Alles zat onder het bloed, mijn gezicht, mijn rug. Mijn benen en nek waren bond en blauw.
De volgende ochtend heel vroeg, zo rond 5 uur ben ik weggeslopen. Ik ben gaan lopen. Ik heb er twee dagen over gedaan om de 56 kilometer van ‘de Eikenhorst’ bij Geeuwenbrug naar huis in Groningen te lopen op mijn sandalen. Ik heb een nacht in het bos geslapen. Dat was in het bos van de Appelbergen, zo’n vijf kilometer van Haren, want ik was bang gevonden te worden. De volgende dag werd ik wakker in het bos, waarna ik ben begonnen aan het laatste stuk naar de stad Groningen om weer thuis te kunnen zijn. Ik was liever thuis, dan maar op mijn donder krijgen van mijn dronken stiefvader. Dat duurde maar even, want ik was nog maar net thuis of ik werd al opgehaald en teruggebracht naar het kamp.
Ik moest toen veertien dagen in de ziekenboeg van het kamp liggen, dat moest omdat ik er niet uit zag.
In het kamp waren slechts twee personen, die ik voor mijn gevoel kon vertrouwen. Slechts één groepsleider was te vertrouwen, dat was de heer Dagelet. En de kok van de keuken was te vertrouwen.
Ik weet niet waarom van mijn zware mishandeling geen aangifte is gedaan. Ik kan daar geen antwoord op geven.
Ik plaats daarvan ben ik van kamp ‘de Eikenhorst’ naar kamp ‘Ekinga’ in Appelsga overgebracht. Ook kreeg ik in kamp ‘Ekinga’ een andere naam. Mij werd bruut en zonder enige uitleg gezegd: ‘Jij heet vanaf nu Jan ….’ En dat zeiden ze tegen een kind van twaalf jaar, die net in een ander internaat aankwam. Ik stond aan de grond genageld. Mijn wereld stortte in. Dat heeft me zoveel pijn en onbeschrijfelijk verdriet gedaan.
Ik wil hierover verder niet schrijven, het verleden doet mij pijn, ik krijg daar last van.
Ik ben wel op zoek naar jongens, die zich kunnen herinneren wat toen met mij in kamp ‘de Eikenhorst’ is gebeurd.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Jan …., met de jongensnaam Jan van der Meulen, bijzonder erkentelijk voor zijn verhaal. De redactie heeft hem uitdrukkelijk om zijn toestemming voor publicatie in ut Deevers Archief gevraagd en gekregen. Ook daar is de redactie hem bijzonder erkentelijk voor. 

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Op de Wittelterweg in Oll’ndeever in de haast

De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto, staande op de Wittelterweg ter hoogte van de boerderij waar vroeger de familie Pouwels woonde en kijkend in de richting van Deever, gemaakt op 21 november 2014.
De redactie vond een uitsnede van deze kleurenfoto wel geschikt te worden gebruikt als kopafbeelding van de webstee van ut Deevers Archief. Als zodanig is deze uitsnede van 21 november 2014 tot en met 18 januari 2015 gebruikt.
De Nederlandse vertaling van het Deeverse woord ‘haast’ is ‘herfst’. De Nederlandse vertaling van het in ut Deevers geschreven zinnetje ‘Gien hoast op de Wittelerweg in Oll’ndeever in de haast’ is ‘Geen haast op de Wittelterweg in Oldendiever in de herfst’.
De redactie vervangt regelmatig de kopafbeelding van de webstee van ut Deevers Archief.
Als je in het bezit van een mooie afbeelding van een onderwerp uut de gemiente Deever en je acht een uitsnede van deze afbeelding geschikt als kopafbeelding van deze webstee, aarzel dan niet deze afbeelding naar de redactie te sturen.

Posted in Kopplètie, Oll'ndeever, Wittelerweg | Leave a comment

Mijn bed stond midden in de slaapzaal

Johan van Doorn uit Rotterdam stuurde de redactie van ut Deevers Archief op 12 mei 2015 als reactie op het bericht ‘Over de organisatie van jongenskamp ‘de Eikenhorst” bijgaand bericht over zijn eigen tijd in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik denk dat ik in 1961 in ‘de Eikenhorst’ zat. De heer Verdonk was mijn groepsleider in groep Transvaal. Ik heb daar een hele fijne tijd gehad met de heer Verdonk.
Mijn bed stond midden in de slaapzaal. Dat was niet altijd zo gunstig in verband met het gooien van onze kisten(schoenen).
Ik heb het idee dat in mijn tijd net een wisseling van leider is geweest. Een vrouw werd opgevolgd door de heer Verdonk. De naam van de leidster weet ik niet meer.
Later ben ik de heer Verdonk op de Vlietlaan in Rotterdam tegengekomen, maar ik heb niet laten merken dat ik hem herkende. Later had ik daar spijt van.
Tegenover het kamp staat een huisje. In mijn kamptijd stond ik samen met Robbie, die ook uit Rotterdam kwam, een keer bij dat huisje te dromen. We wilden met een boot teruggaan naar Rotterdam, maar we wilden ons eerst een dag verstoppen in het huisje en dan een boot nemen naar Rotterdam. Ik ben nu op vakantie in dat huisje.
Als ik na onze vakantie terug ben in Rotterdam, zal ik terugkomen op mijn kampleven.

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Sportveld met kinderboerderij in ′de Eikenhorst’

De redactie van ut Deevers Archief wil nieuwe aanwinsten in zijn verzameling ansichtkaarten graag tonen aan de trouwe bezoekers van ut Deevers Archief.
In dit geval in het bijzonder de aanwinst tonen aan voormalige bewoners van het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.
De aanwinst betreft een zwart-wit ansichtkaart van het sportveld en de kinderboerderij in het jongenskamp.
De zwart-wit ansichtkaart is in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw uitgegeven.
Voormalige bewoners van het jongenskamp worden verzocht een en ander te vertellen over het reilen en zeilen bij het sporten in het kamp en in het bijzonder wie op deze foto zijn te zien.

Posted in Ansigtkoate, de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Graffity kunst in Deever – Een huis moet oud zijn

Achter een in 2014 gesloopt blok huurwoningen aan de Binnenesch in Deever heeft een plaatselijke graffity kunstenaar (wie meldt zich ?) een duidelijk protest op een muur gespoten. Het betreft de zijmuur van de schuur van de woning met adres Binnenesch 16, waarvan de leden van de familie Naber de eerste bewoners waren.
Het kunstwerk op de muur is wellicht het eerste kunstwerk in zijn soort in de gemiente Deever. Het kunstwerk kreeg als toepasselijke protesttitel: Een huis moet oud zijn.
Moet een huis oud, versleten en vervallen zijn om als een rotte kies getrokken te worden ? Is bij de vorming van het besluit de voormalige gemeentelijke huurwoningen te slopen de mogelijkheid van duurzame renovatie wel in voldoende mate in beschouwing genomen ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze kleurenfoto gemaakt op 15 november 2013.

Posted in Binnenesch, Deever, Kuunst | Leave a comment

Reacties van ‘Deeversen in de vrömde’ gevraagd

De redactie van ut Deevers Archief weet uit reacties op berichten in ut Deevers Archief dat het merendeel van de bezoekers buiten de grenzen van de voormalige gemiente Deever elders in Nederland woont.
De redactie van ut Deevers Archief zou graag van Deeversen in de vrömde willen weten aan welke onderwerpen de redactie in het bijzonder aandacht aan zou moeten besteden.
De redactie nodigt Deeversen in de vrömde ook graag uit een bijdrage in de vorm van een artikel of foto’s aan ut Deevers Archief te leveren.

Posted in Alle Deeversen | Leave a comment

Hiele mooie ansichtkoate van de olde Kruusstroate

De redactie van ut Deevers Archief laat de trouwe bezoekers van ut Deevers Archief graag mooie dorpsbeelden van ut olde Deever zien. De bijgaande afgebeelde zwart-wit ansichtkaart met witte rand is in 1950 uitgegeven door het bedrijf JosPé in Arnhem. Op de achterkant van deze kaart staat niet vermeld bij wie deze kaart te koop was. Deze ansichtkaart is in 1954 door politieagent Gerrit Temmingh en familie verzonden naar kennissen in Amsterdam.
Deze ansichtkaart is pas jaren later in 1955 heruitgegeven en verkocht door Kampeercentrum Ellert en Brammert, gevestigd tussen de Deeverbrogge en de Gowe en in 1955 nog een keer
 heruitgegeven, maar nu verkocht door de Firma Albert Kuiper, die een bakkerij en levensmiddelenbedrijf an de Peperstroate in Deever had.
Jij zal toch maar het oudste exemplaar van deze ansichtkaart met dat hiele mooie olde Deeverse dorpsbeeld in jouw verzameling hebben en deze ansichtkaart in een mooi zuurvrij plastic mapje in een luxe en dure verzamelmap bewaren. Dan hoor jij pas echt bij de top !
 

Aan de rechterkant is te zien het hotel-café-restaurant Centrum van Klaas Doorten en Berendina Slagter.
Daarnaast is te zien de Esso-benzinepomp van Jan Slagter, tevens eigenaar van een rijwielzaak en een fietsen- en bromfietsenmakerij, tevens winkelier in electrische en huishoudelijke apparaten, tevens uitbater van een taxi. Bij de Esso-benzinepomp staat het autootje van dorpszuster Broer.
Daarnaast staat het oude kerkgebouw van de gereformeerde geloofsgemeente. Daarnaast is het pand te zien waarin de kruidenierswinkel van Albert Fledderus was gevestigd. De familie Albert Fledderus emigreerde in 1951 naar Canada.
Achter het pand van Albert Fledderus is de boerderij van Arend Trompetter te zien.
Aan de linkerkant is helemaal links te zien de woning van De Graaf.
In het pand daarnaast is de winkel en de drukkerij van Roelof (Roef) van Goor te zien. Op het uithangbord aan de gevel van de winkel van Roelof (Roef) van Goor zijn twee merken te lezen, te weten Talens en Gluton.
Daarnaast staat de nieuwe woning van de dominee van de gereformeerde geloofsgemeente.
Naast de pastorie staat achter de leilinden de boerderij van
timmerman Roelof Santinge, Helprig Smit en Wietske van Leeuwen woonden daar in die tijd ook een poosje. Deze boerderij is in 1952 afgebrand.
Daarnaast staat de woning van de familie Hendrik Pook.
In het pand links op de achtergrond woonde Roelof Klasen en Reinder Postma.
De redactie weet niet wie in het pand rechts op de achtergrond woonde.
Let vooral op de bestrating van veldkeitjes links en rechts van de verharding van asfalt.
De redactie ontvangt bijzonder graag aanvullingen en verbeteringen op de voorgaande tekst.

Posted in Ansigtkoate, Kruusstroate, Verdwenen object | Leave a comment

The incredible dr. Pol is geboor’n op Woater’n

Op de televisiezender National Geographic is nog steeds (lees 10 juli 2015) de zo genoemde ‘reality show’ met de titel ‘The incredible dr. Pol’ te volgen. De hoofdpersoon in deze zo genoemde ‘reality show’ is dierenarts dr. Jan Harm Pol. The incredible dr. Pol was onlangs op bezoek in zijn geboortestreek Woater’n.

Jan Harm Pol werd geboren op Woater’n in de boerderij, toen met adres Wateren 40, het huidige adres is Wateren 20. Hij ging niet ‘hen de skoele op Woater’n’, maar ging volgens eigen zeggen met ‘ut bussie’ naar de lagere school in Diever. Dat moet dan de lagere school van de gereformeerde geloofsgemeente zijn geweest.
De boerderij is te zien op de hier afgebeelde zwart-wit foto. Deze foto is gebruikt op een ansichtkaart die is uitgegeven in augustus 1955. Deze ansichtkaart heeft als titel ‘Kampeerboerderij ‘Pol’ Wateren Zorgvlied’. Blijkbaar verdienden de ouders van Jan Harm Pol in de zomer wat bij met het verhuren van hun lege koestal (in die tijd liepen de koeien ’s zomers gelukkig nog in ut laand) aan groepen. Zie ook de bijgevoegde advertentie die op 16 juni 1958 in de Leeuwarder Courant werd gepubliceerd.
Zijn ouders Harm Pol en Klaasje Schreuder liggen op Zorgvliet begraven. Harm Pol werd geboren op 21 augustus 1896 op de Smilde en overleed op 9 september 1964 in Donkerbroek. Klaasje Schreuder werd geboren op 5 oktober 1901 op de Smilde en overleed op 13 juni 1996 te Oosterwolde.

De webstee van de televisiezender van National Geographic vermeldde het volgende over the incredible dr. Pol:
Dr. Jan Pol werd op 4 september 1942 in Nederland geboren en groeide op in een familiemelkveebedrijf. Hij studeerde in 1970 af aan de Universiteit van Utrecht en beoefent de diergeneeskunde al langer dan 35 jaar. Na het huwelijk met zijn vrouw Diane in 1967 verhuisde het koppel naar Harbour Beach in Michigan, waar hij in dienst was van een andere dierenarts. In 1981 opende het echtpaar hun eigen praktijk aan huis. Dr. Pol behandelt paarden, varkens, koeien, schapen, alpaca’s, geiten, kippen en soms zelfs rendieren.

Het veterinaire bedrijf van Jan Harm Pol is gevestigd te 3959 West Jordan Road – Weidman – Michigan – United States of America.
In de webstee Youtube is een filmpje over een bezoek van Jan Harm Pol aan Wateren te zien.
De webstee Wikipedia vermeldt meer informatie (waaronder ook kritische) over de incredible dr. Pol. Zie ook de kritische informatie op de webstee Petadviser.
De webstee Mijnwoordenboek geeft twee betekenissen voor incredible: ongelofelijk en ongeloofwaardig.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van de situatie ter plekke gemaakt op 7 augustus 2015.

Abracadabra-285

Posted in Ansigtkoate, Dr. Pol, Jan Haarm Pol, Recreatie, Woater’n | Leave a comment

Ansichtkaart Groeten uit Diever in spiegelbeeld

Her kan gebeuren dat je al jarenlang een ansichtkaart in de verzameling hebt en bij het zien van de ansichtkaart het vage vermoeden hebt dat iets mis is met de kaart. Dat is het geval met deze ansichtkaart uit het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw. Op het eerste gezicht is het een gewone ansichtkaart met een foto van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw aan de brink van Deever, korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever, het Schultehuis aan de brink van Deever en het oude gemeentehuis aan de brink van Deever, totdat je in de gaten krijgt dat de vier negatieven, met inbegrip van het wapen van de gemiente Deever, in spiegelbeeld zijn afgedrukt. Het kan gebeuren. Deze misdruk is blijkbaar zonder problemen uitgegeven en verkocht.

Posted in Ansigtkoate, Gemientehuus, Kaarke an de brink, Meule van Oll’ndeever, Skultehuus, Woap'm van Deever | Leave a comment

Vernietiging van ut Waarme Hart van Deever

Op 16 september 2013 verscheen in de webstee van RadioTelevisieDrenthe (www.rtvdrenthe.nl) het volgende bijzonder hoopvolle en veel verwachting scheppende bericht over de financiering van de verbouwing van Oens Dingspilhuus, ut Waarme Hart Van Deever.

DIEVER – De gemeente Westerveld stopt 1,2 miljoen euro in de verbouw van zalencentrum Dingspilhuus in Diever. Dat bleek vanavond op een bijeenkomst. Dit is bijna 4 ton meer dan de gemeente eerst wilde investeren. Het extra geld is nodig om een veilig gebouw te krijgen, zo blijkt uit een rapport van een extern bureau.
Een deel wordt afgebroken en opnieuw opgebouwd.
Uit het onderzoek blijkt ook dat de exploitatie van het zalencentrum niet uit kan.
Gemeente en gebruikers gaan nu kijken hoe ze die wel passend kunnen krijgen.
Het bureau stelt onder meer voor om inwoners van Diever te vragen mee te helpen bij de bouw en om er vrijwilligerswerk te verrichten.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het begon in de periode 2008-2013, in die tijd van crisis en stevige krimp, zo langzamerhand op te vallen dat in door allerlei dure en chique adviesbureau’s opgestelde documentjes en rapportjes en raadgevinkjes ten behoeve van de Hoge Heren en Dames Van Het Grote Onaantastbare Dorpshuizengelijk Van De Gemeente Westenveld aan de plaatselijke dorpskrachten schaamteloos werd gevraagd veel vrijwillig en veel gratis mee te werken aan met schaars belastinggeld betaalde projecten. Waren de plaatselijke kleine bouwbedrijven het eens met de gemeentelijke suggestie om bij de verbouwing van ut Waarme Hart Van Deever gratis dorpskrachten in te zetten, terwijl de schaarse werkgelegenheid bij die bouwbedrijven onder grote druk stond ?
Het resultaat van de in 2013 voorgenomen verbouwing van Oens Dingspilhuus, ut Waarme Hart
Van Deever, is anno 2019 gevoeglijk en pijnlijk bekend bij de bevolking van Deever. De vernietiging van ut Waarme Hart Van Deever was, zoals door de Minder Hoge Heertje en Dametje Van Het Grote Onaantastbare Dorpshuizengelijk Van De Gemeente Westenveld al ver van te voren was aangekondigd, gründlich en punktlich vóór het einde van 2019 afgerond. Zie de bijgevoegde afbeeldingen van drie kleurenfoto’s, die de redactie van ut Deevers Archief op 11 december 2019 heeft gemaakt.
De Hoge Heren en Dames Van Het Grote Onaantastbare Gemeentelijke Gelijk Van De Deeverse Sociale Samenhang 
hebben met de mededogenloze vernietiging van Oens Dingspilhuus ut Waarme Hart uit het dorp Deever gerukt, een grote open wond achtergelaten en de bevolking van Deever voor een hele lange tijd harteloos opgescheept met een sporthalletje en een theaterzaaltje en iets wat op een ontmoetingsruimtetje moet lijken, die zijn aangebouwd aan het Deeverse krimpkrimp-filiaaltje van scholenmoloch Stad en Westereschje uit Meppel.
Dit alles is ogenschijnlijk bedoeld om het bestuur van scholenmoloch Stad en Westereschje uit Meppel te pamperen en dat bestuur, voor zo lang het nog duurt, of voor zolang het wellicht is afgesproken,
te weerhouden zijn Deeverse krimpkrimp-filiaaltje te sluiten. Want voor het voorspellen van de toekomstige sluiting van het Westereschjefiliaaltje van scholenmoloch Stad en Westereschje hoef je geen hoogdoorgestudeerde bevolkingskrimpdeskundge te zijn.
En een toppunt van mededogenloos asociaal cynisme van De Hoge Heren en Dames Van Het Onaantastbare Grote Gemeentelijke Gelijk Van De Deeverse Sociale Samenhang is toch wel aan die aanbouwseltjes van het Deeverse krimpkrimp-filiaaltje van scholenmoloch Stad en Westereschje
 uit Meppel de treurige verdoezelnaam ‘Hart van Diever’ te geven. Maar dan wel het Stienkolde Hart Van Deever.
En een ander toppunt van mededogenloos asociaal cynisme is het Stienkolde Hart Van Deever 
niet te laten openen door twee of drie of vier of meer echte Deeversen, maar in het bijzijn van de breed grijnzende Hoge Heren Directeuren Van Scholenmoloch Stad en Westerseschje te laten openen door twee personen uut Dwingel, twee volslagen frömd’n, nooit van hen gehoord.
Het Stienkolde Hart Van Deever zal nooit de vervanger van ut Waarme Hart van Deever worden.

Posted in Deever, Dingspilhuus, Dorpskracht, Gemientebestuur, Krimpsignaal, Verdwenen object | Leave a comment

Ik had een klein gaatje in de houten wand gemaakt

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 2 februari 2015 van Max Bouwens de navolgende reactie over zijn verblijf in het internaat ‘de Eikenhorst’ an de Gowe. De redactie heeft de tekst een beetje geredigeerd.
Max Bouwens richt zich tot Kor. Zie van Kor het bericht ‘Ik heb ook nog een paar medailles van klei’. 
Wellicht kan Max zijn verhaal nog verder aanvullen met herinneringen, geen enkel probleem om die te publiceren. Gescande foto’s zijn ook van harte welkom.

Hallo Kor,
Gezien mijn leeftijd zou het best wel zo eens kunnen zijn dat wij in diezelfde tijd daar hebben gezeten. Ik ben ook 57 jaar
Maar het enige verschil is -geloof ik- dat ik in Klondike heb gezeten.
Ik herken ook het Marmottendorp op de foto’s hier en ook onze barak.
In onze slaapzaal sliep ik langs de kant, maar dan aan de kant waar de leiding ook sliep. Ik had daar een klein gaatje in de houten wand gemaakt, zodat ik kon zien wat ze daar allemaal uitvogelden.
Hahahaha, dat kwam in me op, toen ik die barak weer zag op de foto’s.
Nu komen er steeds meer herinneringen naar boven …

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Ut verropp’m van un saandweggie in Oll’ndeever

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante, Meppeler Courant) van 6 september 2010 stond een ingestuurde brief van de zeer geachte heer Wim Dooren over ut verropp’m van een old saandweggie in Oll’ndeeverer.

Een zandweggetje in Westerveld
Inwoners van Oldendiever, gemeente Westerveld, voeren een handtekeningenactie. Ze willen dat Burgemeester en Wethouders een oud zandweggetje van zo’n 200 meter lengte in stand houdt. Dat betekent zo nu en dan wat takken snoeien en de begroeiing van het weggetje verwijderen.
Dit Oostwegje komt voor op oude landkaarten uit 1853 en is alleen daarom al cultuur-historisch en landschappelijk waardevol. Veel van zulke weggetjes zijn gesneuveld tijdens de ruilverkaveling. Wat er in het Westerveldse landschap nog over is aan oud en authentiek moet worden behouden.
De Oldendieverse actievoerders zullen ongetwijfeld succes behalen. Zo maakte Progressief Westerveld zich al eerder eens sterk voor een stukje zandweg nabij de openbare basisschool in Diever. Het Oostwegje in Oldendiever is ontegenzeggelijk van veel groter cultuur-historisch belang.
Nog belangrijker dan dit ene weggetje is een gemeentebestuur dat zulke blunders gewoon niet maakt. Zodat burgers niet om de haverklap handtekeningenacties moeten voeren voor iets waarover elke discussie overbodig is.
Nodig is een gemeentebestuur dat simpelweg oog heeft voor de zaken die Westerveld maken tot wat het is: natuurwaarden, cultuur-historische waarden in bebouwd én onbebouwd gebied, kleinschalige economische bedrijvigheid en toerisme vanwege natuur, landschap en cultuur. Projecten zoals Culturele gemeente 2009, Dorpskern Dwingeloo, Havelterberg 2009, Duurzame Landschapsontwikkeling zijn uiteindelijk veel minder belangrijk dan cultureel, historisch en groen besef in de dagelijkse van gewone lopende zaken. Als dat dagelijkse besef ontbreekt, dan zijn die grootschalige projecten eigenlijk alleen maar bestuurlijke protserigheid: de kleren van de keizer.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De veelal niet Deeverse Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk In Het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever hebben zich voor geen ene cultuur-historische mallemoer wat aangetrokken van de ingestuurde zeer terechte brief van de zeer verontruste zeer geachte heer Wim Dooren.
Want heden ten dage is het deel van het verdwenen saandweggie bee’j ut hüsie van de Oosies an de Holteweg niet meer openbaar toegankelijk. Het publiek wordt via het groene bordje an de stiele van ut hekke gesommeerd vooral weg te wezen en rond te lopen. An de stiele van ut hekke is geen bordje ‘Verboden toegang’ en ook geen bordje ‘Eigen weg’ bevestigd. Ut saandweggie is klaarblijkelijk wel toegevoegd aan het landgoedje met de naam Oostkaampie van de twee uitvinders van het midwintertoeteren in Oll’ndeever, top-Oll’nendeeversen , top-interviewers en mede-redacteurs van het boekje ‘Oldendiever in de twintigste eeuw’. Hebben de twee midwintertoeteraars ut saandweggie gekocht van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk ?
Zouden de twee midwintertoeteraars uut Oll’ndeever, top-Oll’nendeeversen, top-interviewers en mede-redacteurs van het boekje ‘Oldendiever in de twintigste eeuw’ en bewoners van het landgoedje met de naam Oostkaampie ook deelgenomen hebben aan de handtekeningenactie voor het behoud van het openbare saandweggie vóór hun landhuisje ? Ut saandweggie was een cultuur-historisch juweeltje van de eerste orde.
De redactie betwijfeld ten zeerste dat ut saandweggie ooit de naam Oostweggie heeft gehad. En Oostkaampie is ook geen oude veldnaam. De redactie heeft het kastanjebruine vermoeden dat de twee midwintertoeteraars de bedenkers van de namen Oostweggie, Oostkaampie en Oosthüsie zijn. Maar was is de cultuur-historisch juiste naam van ut saandweggie ?
Het aan het landgoedje Oostkaampie toegevoegde deel van ut saandweggie is op de eerste foto te zien en is door middel van een hek afgesloten van het openbare deel van ut saanweggie.
Het openbare deel van ut saandweggie is te zien op de tweede foto. De Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Gelijk, kantoor houdende in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever, zijn wellicht voor ut saandweggie bewust vergeten voor het snoeien van overhangende takken en het verwijderen van begroeiing een onbetaald contract te sluiten met de midwintertoeterverening uut Oldendeever.
Op de derde foto is de bijna (bewust ?) verborgen ingang van ut saandweggie vanaf de saandweg met de naam Zuurlanderes te zien.
De redactie heeft de drie hier afgebeelde kleurenfoto’s op woensdag 19 september 2018 gemaakt.

Posted in Aarfgood, Oll'ndeever, Saandweg | Leave a comment

Boerderijtje van Hendrik Nijboer brandt in 1939 af

In het Nieuwblad van Friesland (Hepkema’s courant) verscheen op 1 mei 1939 het navolgende bericht over de brand in het boerderijtje van Hendrik Nijboer an de Wittelterweg in Oldendeever..

Brand te Oldendiever.
Diever, 28 april. Hedenmiddag ongeveer half vijf ontstond brand in het boerderijtje van Hendrik Nijboer te Oldendiever. Het vuur greep zoo snel om zich heen, dat de bewoners zich overhaast in veiligheid moesten stellen.
Het op stal aanwezige vee wist men naar buiten te krijgen, doch overigens werd alles een prooi der vlammen.
De brand is vermoedelijk in of nabij den schoorsteen ontstaan.
Huis en inboedel waren verzekerd.
Even bestond er nog gevaar voor het in brand geraken van de arbeiderswoning van Cornelis Hunneman, doch doordat het flink regende, bleef dit huis gespaard.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de plek van het boerderijtje an de Wittelterweg in Oldendeever werd een grotere boerderij gebouwd. In deze boerderij is nu een leliekweker gevestigd. De arbeiderswoning (het was een hut) van Cornelis Hunneman bestaat al lang niet meer.

Reactie van Henk Nijboer, versie van 2015-03-30
Mooi stukkie, daar ben ik hartstikke blij mee.
Volgens mijn familie is de brand ontdekt door Hendrik Mulder uut 
Deever, die op zijn land aan het werk was bee de Liendert. Mijn vader vertelde altijd dat als een wagen met hooi op de deel stond, dan stond het paard op de Wittelterweg. Zo dicht stond het boerderijtje op de weg. Zou van dit boerderijtje nog ergens of bij iemand een foto bewaard zijn gebleven ? Wie het weet, die mag dit natuurlijk melden.

Posted in Atlas van de gemeente Diever, Boerdereeje, Keutereegie, Oll'ndeever | Leave a comment

De dreejbrogge an de Gowe in 1938 en in 1945

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende tekst over de olde dreejbrogge an de Gowe bij afbeelding 78 van een in ± 1938 gelopen zwart-wit ansichtkaart opgenomen. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is aandacht besteed aan de draaibruggen in de Drentse Hoofdvaart als hindernis voor gejaagde en getrokken schepen 

78 – Geeuwenbrug – Draaibrug – ± 1938
De oude brug is omstreeks 1885 vervangen door de hier zichtbare ijzeren draaibrug. In die tijd konden schepen van Assen tot de Geeuwenbrug aan weerskanten van de vaart worden gejaagd of getrokken. Zo konden de schippers de tollen 4, 5, 6, 7 en 10 in de rijksweg ontduiken.
Het jagen en het trekken langs de stuwdijk was niet alleen ongewenst wegens het vertrappen van de aarden wal, maar ook vanwege het overbrengen van de lijnen bij de bruggen. Die hadden bijna allen hun draaipunt en hun spanwerken aan de stille kant van de vaart, zoals ook bij de Geeuwenbrug is te zien.
Een strakgetrokken lijn kon de spanstangen beschadigen. Voor het tegengaan van het gebruik van de stuwdijk waren op de spanstangen van de Smildiger bruggen tevergeefs mesvormige ijzers voor het beschadigen en doorsnijden van de lijnen aangebracht.
Bij gejaagde of getrokken schepen klom de jager of de trekker op de openstaande brug om de lijn over of langs de hoofdstijlen te kunnen gooien. Door het gesjor aan de lijn en het geloop op de brug begon deze te duiken en te schommelen. Daar had de draaispil nogal van te lijden. Bovendien kon de bewegende brug in aanraking komen met het passerende schip. Een en ander werd vermeden door een verbod op het jagen en trekken van schepen op de stille kant van de hoofdvaart. Op de stuwdijk tussen de Oude Dieverbrug en de Eerste Uffelterbrug werd omstreeks 1885 ook wel eens gejaagd en getrokken om zo tolgeld te ontduiken. Dit was afgelopen toen de vroegere sluiswachter van de Witteltersluis het jagen en trekken over zijn land niet langer toestond.
De draaibrug werd aan het eind van de oorlog opgeblazen door de Duitsers en na de oorlog vervangen door een ophaalbrug.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie van ut Deevers Archief neemt het de maker van het fotoboekje ‘Diever, ie bin ’t wel …’ toch wel een beetje kwalijk dat hij het bouwjaar van de nieuwe draaibrug an de Gowe niet helemaal goed heeft onderzocht. Omstreeks 1885 blijkt 1872 te zijn. Zie de bijgevoegde advertentie van het resultaat van de aanbesteding van de nieuwe draaibrug, die verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 28 december 1871.
Op de afbeelding van de wit omrande zwart-wit ansichtkaart is aan de linkerkant van de voat (de Drentse Hoofdvaart) de riekseweg in de gemiente Deever te zien. De huizen aan de rechterkant staan in de gemiente Dwingel. Aan de rechterkant van de afbeelding van de wit omrande zwart-wit ansichtkaart is nog net een deel van het brugwachtershuisje bij de draaibrug te zien.
Op de afbeelding van de zwart-wit foto is de in 1945 aan het einde van de Tweede Wereldoorlog door de terugtrekkende Duitse bezetter flink vernielde dreejbrogge an de Gowe te zien. De boerdereeje mit pothokke aan de linkerkant van de zwart-wit foto staat in de gemiente Dwingel en heeft als adres Het Lot 1. Ook op deze foto is het brugwachtershuisje bij de draaibrug te zien. Deze zwart-wit foto is aanwezig in het Drentsch Archief in de Collectie Dwingels Eigen en is geregistreerd onder fotonummer DH0441113001.
De redactie zal te gelegener tijd, en zeker niet in geschwinde spoed en zeker ook niet in gestrekte draf, enige kleurenfoto’s van de huidige situatie ter plekke bij dit bericht opnemen.

Posted in Ansigtkoate, de Gowe, Diever, ie bint 't wel ..., Greinse, Tweede Wereldoorlog, Verdwenen object | Leave a comment

Vukaansiecentrum Ellert en Brammert an de Brogge

Deze ansichtkaart werd in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw verkocht in vakantiecentrum Ellert en Brammert. Het kantoor van het vakantiecentrum is op de achtergrond van de ansichkaart te zien. Het gebouw aan de rechterkant is de kantine.
De ingang naar het vakantiecentrum was bij het huis met de naam ‘de Wildschut’ aan de rijksweg langs de Drentse Hoofdvaart tussen de Deeverbrogge en de Gowe.
Heel veel ansichtkaarten uut de gemiente Deever hebben het vakantiecentrum Ellert en Brammert als onderwerp. Deze zeker meer dan tachtig verschillende ansichtkaarten zijn niet zo zeldzaam, maar de grote kunst is wel van al die ansichtkaarten een mooi en gaaf gelopen en en een mooi en gaaf ongelopen exemplaar van de oudste uitgave in de verzameling te krijgen. Ech wè.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie | Leave a comment

Sölfklever van ammeteurzender Eenzame Jager

De redactie van ut Deevers Archief is op zoek naar ut vrogger van amateurzender Eenzame Jager vanaf de locatie Studio Deever.
Had de amateurzender ook andere lokaties ?
Bestaat de amateurzender nog ?
In welke periode was de amateurzender in gebruik ?
Wie was de eigenaar zenderamateur (etherpiraat ?) ?
De eigenaar zenderamateur (etherpiraat ?) van amateurzender Eenzame Jager heeft in elk geval wel een tijdje aan de weg getimmerd en geplakt met een mooie zwarte zelfklever met gele tekst en tekening.
Een zelfklever wordt ook wel met het rare woord plaksticker aangeduid.
Wanneer is deze sölfklever bemaakt ?
Wie van de bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie op het spoor zetten van de zenderamateur (etherpiraat ?) van deze amateurzender ? Was het un Deeverse ?

Posted in Cultuur, Etherpiraat | Leave a comment

Eetzaal in ut jongenskamp De Eikenhorst an de Gowe

De redactie van ut Deevers Archief wil uiteraard de afbeelding van mooie zwart-wit ansichtkaarten graag tonen aan de trouwe bezoekers van de webstee Deevers Archief. In dit geval in het bijzonder het tonen aan voormalige bewoners van het jongenskamp De Eikenhorst an de Gowe.
De afbeelding betreft die van een ansichtkaart van de eetzaal in het kamp De Eikenhorst. De kaart is in het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw uitgegeven. Voormalige bewoners van het kamp worden vooral verzocht een en ander te vertellen over het reilen en zeilen in de eetzaal van het jongenskamp.

Posted in Ansigtkoate, de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Foto’s jongenskamp De Eikenhorst uit 1961-1963

De redactie van ut Deevers Archief kreeg op 25 december 2019 van de toen 80-jarige heer Pieter Verdonk de melding dat hij een serie van 24 foto’s, die hij gemaakt heeft in zijn tijd als groepsleider in het V.B.S.-jongenskamp ‘de Eikenhorst’ (V.B.S. staat voor Vorming Buiten Schoolverband) an de Gowe (aan de Geeuwenbrug), geschikt had gemaakt voor publicatie op het internet.
De redactie verzocht hem toestemming te geven voor het publiceren van deze serie van 24 foto’s in ut Deevers Archief. Die toestemming gaf hij en de redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
De redactie vermeldt uitdrukkelijk dat alle rechten op de serie van 24 foto’s bij de heer Pieter Verdonk blijven berusten (© Pieter Verdonk).
De heer Pieter Verdonk stuurde ook een reactie naar ut Deevers Archief toe hij 75-jaar was. Hij stuurde ook de tekst van het kamplied naar ut Deevers Archief.
Jongens – aan het begin van 2020 mannen van bijna 70 jaar en ouder – die de foto’s hebben bekeken en zichzelf of medebewoners herkennen, worden uitdrukkelijk verzocht te reageren. De redactie neemt hun verhalen graag op in ut Deevers Archief.

Foto’s 1, 2 en 3
Kerstmis 1961. In de eetzaal, die omgetoverd was tot toneelzaal, werd een kerstuitvoering gehouden. Natuurlijk geruime tijd voor 25 en 26 december, want met kerstmis gingen alle jongens (van 10 tot 14 jaar) naar huis. De Eikenhorst was een internaat waar de kinderen op vrijwillige basis geplaatst werden.

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Foto’s 4, 5 en 6
In de groepen werd kerstmis natuurlijk ook gevierd. Het kerstverhaal werd voorgelezen, er was een broodmaaltijd (anders werd er altijd in de eetzaal gegeten). Per groep was er ook een kerstboompje. Met echte kaarsjes, want electrische kerstverlichting was een luxe, die nog maar enkelen hadden.

Foto 4

Foto 5

Foto 6

Foto’s 7, 8 en 9
Het bos was natuurlijk een ideaal speelterrein. Ruimte was er meer dan genoeg, van Geeuwenbrug tot aan het landgoed Berkenheuvel bij Diever.

Foto 7

Foto 8

Foto 9

Foto’s 10, 11 en 12
Vanaf het kampterrein was het maar een paar minuten lopen en je was in het bos. Er kon heerlijk gespeeld worden, vooral als er sneeuw lag… De jongens hebben hier bijna allemaal een overalletje aan. Of het verplicht was een overall te dragen als we naar het bos gingen, weet ik niet meer.

Foto 10

Foto 11

Foto 12

Foto’s 13 en 14
Het groepsverblijf was de huiskamer van de groep. Hier zijn we in de groep Transvaal. De vier groepsbarakken heetten Klondike, Perú, Transvaal en Alaska, landen waarin goud werd gevonden. In het kamp betekenden die namen, dat naar “het goud van de vriendschap” gezocht werd.

Foto 13

Foto 14

Foto 15
Deze foto geeft een kijkje in de slaapzaal van Transvaal. In zo’n zaal stonden 16 bedden. Naast de bedden staan de kastjes, waar de jongens hun eigendommen in konden opbergen.

Foto’s 16 en17
Sinterklaas was ook een van de feesten, die terdege werd gevierd. De jongens kregen ieder een handvol centen. De staf richtte in de eetzaal een soort markt met allerlei stands in. Voor een cent konden de jongens bij elke stand iets kopen, muziek laten spelen enzovoort. Op foto 16: links, lange man: “commandant” (directeur) R. Sanderman. Naast hem, met bril, magazijnmeester De Vries.

Foto 16

Foto 17

Foto 18
Op deze foto staan kampmonteur Harm Winter en zijn vrouw.

Foto’s 19 en 20
Ook in de eetzaal (multifunctionele ruimte) werden soms voorstellingen door artiesten gehouden. Foto 19 en foto 20 tonen het optreden van de Spaanse danser Frans Rafall met zijn pianist.

Foto 19

Foto 20

Foto 21
Op deze foto is te zien het sportveld van het kamp, met op de achtergrond de kinderboerderij met de naam ‘Bertus Frens Hoeve’.

Foto 22
Er waren dieren in het kamp, waar de jongens zelf voor konden zorgen. Er was een compleet marmottendorp. Op deze foto zien we het dierenverblijf van de groep Alaska of Transvaal, dat weet ik niet meer. Daar konden de jongens bezig zijn met hun eigen dieren.

Foto 23
Elke week moest een brief naar huis worden geschreven, waarin de gebeurtenissen
van de laatste tijd werden verteld.

Foto 24
Tenslotte, om niet te vergeten de kinderboerderij, waar de eigen pony Caesar in de buurt rondliep. In de kinderboerderij was een grote schouw, waarin je ’s avonds een prachtig open vuur kon aanleggen. En dan zingen… en verhalen vertellen…

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Ansichtkaart en sukersakkie van Hotel Café Centrum

De foto voor de ansichtkaart in kleuren moet in de tweede helft van de zeventiger jaren van de vorige eeuw zijn gemaakt, dit vanwege de kleur oranje van de zitting en de rugleuning van de in kunststof verpakte metalen terrasstoelen.
Oranje was in die tijd de modekleur, oranje voorraadbussen, oranje bloemenvazen, oranje gordijnen, oranje vergieten, enzovoort, enzovoort.
In die tijd zal het café nog eigendom zijn geweest van Klaas Doorten en Alberdina Slagter (dochter van Berend Slagter).
Het sukersakkie is uit de tijd dat voormalig kolen- en petroleumboer Lambertus (Battus) Warnders (Waanders) van de Deeverbrogge (geboren op 12 mei 1925, overleden op 4 november 1999) en zijn vrouw Geertje Kloosterman (geboren op 26 april 1925, overleden op 8 november 1990) de uitbaters van dit etablissement waren.

Posted in Ansigtkoate, Café Centrum, Deever, Kruusstroate, Sukersakkie | Leave a comment

Henduk Gièrad van Os is hielemoale kloar in Deever

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende tekst uit het geïllustreerde christelijke gezinsweekblad De Spiegel over het aanbieden van de Van Osbank aan burgemeester Hendrik Gerard van Os bij zijn afscheid in 1939 opgenomen bij een afbeelding van deze gebeurtenis uit een ander tijdschrift.

81 – Diever – Afscheid van burgemeester Van Os – 16 november 1939
Het geïllustreerde christelijke gezinsweekblad De Spiegel besteedde aandacht aan het afscheid van burgemeester Van Os:
Een plechtigheid vol ernst en hartelijkheid had Woensdag 15 november te Diever plaats, toen burgemeester H.G. van Os afscheid nam van deze gemeente, waaraan hij zijn beste krachten had gewijd en oprecht dank en waardeering heeft geoogst.
Het mooie oude Schultehuis was de plaats van deze plechtigheid. De scheidende burgemeester hield bij al het moderne ook de folkloristische traditie in eere, met name het Palmpaaschfeest voor de jeugd. Het was daarom een zeer aardig en toepasselijk idee om door de schoolkinderen een fraaie foto van dat feest aan te laten bieden.
Den Donderdag daarop bood de burgerij een monumentale bank aan, die de tijden kan tarten. De overdracht had plaats, waar de oude en nieuwe weg naar Wapse samenkomen. Uit alle buurtschappen der gemeente zijn de keien voor deze bank aangevoerd, zoodat zij een symbool is geworden van een groote gemeenschappelijke dankbaarheid. Ondanks het slechte weer was er een groot publiek aanwezig, waaronder ook de schooljeugd.
Reeds op 18 November had de blijde intocht en installatie plaats van zijn ambtsopvolger, den heer Meyboom. Met vertrouwen is ieder hem tegemoet getreden, zoodat met gerustheid voorspeld kan worden, dat op de 40-jarige ambtsperiode van den scheidenden burgemeester in het belang van Diever nu door een jongere kracht zal worden voortgebouwd. De kennismaking was wederkeerig hartelijk en vol vertrouwen, eigenschappen die in deze zware tijden wel extra nodig zijn.
Bij de hier weergegeven foto uit een ander tijdschrift stond:
Bewoners van alle gehuchten in de gemeente Diever brachten in het hoofddorp een groot aantal keien bijeen, waarvan een monumentale bank werd gebouwd, zulks als een hulde aan den heer H.G. van Os, die na een 40-jarige ambtsperiode afscheid nam als burgemeester der gemeente. De heer van Os spreekt een woord van dank.
Rechts achter burgemeester Hendrik Gerard van Os en zijn vrouw is de dan juist onthulde Van Os Bank te zichtbaar. Op de voorgrond zijn enkele leden van het muziekcorps Advendo te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft nog niet kunnen achterhalen in welk tijdschrift de hier afgebeelde foto heeft gestaan.
De redactie is nog niet in het bezit van een digitale kopie van het genoemde artikel in het geïllustreerde christelijke gezinsweekblad De Spiegel.
De redactie heeft in ut Deevers Archief uitputtend aandacht besteed aan burgemeester Hendrik Gerard van Os en aan de Van Osbank en verwijst de trouwe bezoeker van ut Deevers Archief naar de betreffende berichten in ut Deevers Archief, klik bijvoorbeeld in het rechter deel van het scherm of aan het einde van dit bericht op de categorie Burgemeester van Osbank.
Hendrik Gerard van Os overleed op 9 oktober 1958 in ’s Gravenhage. Zie het bijgevoegde overlijdensbericht.

Posted in Burgemeister Van Osbank, Overlijdensbericht | Leave a comment

Bidprentje van Johanna Josephina Maria Verwer

Een bidprentje is een gedachtenisprentje van een overledene met aan de voorzijde een foto of een religieuze afbeelding en aan de achterkant een In Memoriam met persoonsgegevens en eventueel een kort gebed of bijbeltekst. Het bidprentje van Johanna Josephine Maria Verwer voldoet aan de omschrijving van een bidprentje.

Johanna Josephina Maria Verwer werd geboren op 29 september 1879 te Leeuwarden, zij overleed op 11 februari 1942 in Overveen. Zij was een dochter van mr. Lodewijk Guillaume Verwer en Johanna Cornelia Ludovica van Wensen. Johanna Josephina Maria Verwer zal langere tijd in villa Castra Vetera (ut Kastiel) op Zorgvlied hebben gewoond. Ze zal ook op Wateren naar de lagere school zijn geweest ?
Huwelijksakte nummer 15 van 15 juli 1908 in de Burgerlijke Stand van de gemiente Deever luidt als volgt:
Bruidegom: Theodorus van Sonsbeeck, geboren te Zwolle; oud: 37 jaren; beroep: burgemeester, zoon van Epimachus Jacobus Ignatius van Sonsbeeck en Sophia Susanna Caroline Helmich.
Bruid: Johanna Josephina Maria Verwer, geboren te Leeuwarden; oud: 28 jaren; beroep: zonder, dochter van Lodewijk Guillaume Verwer, beroep: advocaat, en Johanna Cornelia Ludovica van Wensen, beroep: zonder.
Theodorus van Sonsbeeck was van 1901 tot 1912 burgemeester van de gemeente Weerselo.
In het dagblad De Tijd verscheen op 13 februari 1942 een advertentie van het overlijden van Johanna Josephina Maria Verwer, die op 11 februari 1942 in huize Duinrust in Overveen overleed. Huize Duinrust was gebouwd als rusthuis voor welgestelde ouden van dagen. Dat zij in 1942 in huize Duinrust overleed is enigszins merkwaardig te noemen, omdat tussen mei 1940 en mei 1945 de Duitse Kriegsmarine in huize Duinrust was gevestigd. Of was de Duitse bezetter slechts bezetter van een deel of vleugel of verdieping van huize Duinrust ?

Reactie van de heer Hans Speurwerk (pseudoniem ?) van 18 oktober 2021:
Huize Duinlust is op 27 mei 1942 door de Duitse marine gevorderd. Op 8 juni 1942 is Huize Duinlust vrijgegeven, maar op 14 augustus 1942 weer gevorderd. Toen blijvend tot mei 1945.
Het is dus niet zo vreemd dat mevrouw Verwer in februari 1942 in Huize Duinlust is overleden.
Bron voor de data: het Noord-Hollands Archief, archiefnummer 285, inventarisnummer 511. Zie de papiertjes achterin. Alles is  online te raadplegen.

Posted in Bidplètie, Kattelieke Kaarke, Lodewijk Guillaume Verwer, Overlijdensbericht, Zorgvliet | Leave a comment

Een en ander behoort tot de historie van Deever ??

In het blaadje ‘Avondzon’ van de sectie Diever van de Stichting Welzijn Ouderen verscheen in april 1977 in nummer 4 van jaargang 5 het artikeltje ‘Diever’s mooiste’.

Diever’s mooiste
Wanneer we familie of vrienden van elders op visite krijgen, dan gaan we, als het goed is, reeds van te voren overleggen, op welke wijze we ze eens de mooiste punten van ons woongebied zullen laten zien. Alleen als er iets niet helemaal pluis is, zoals achter het ijzeren gordijn, waar dingen zijn die het daglicht niet kunnen verdragen, hebben we daar moeite mee.
Zulks is niet het geval met ons geliefd Diever. Mocht daar al eens iets zijn, dat minder fraai is, dan verbergen we dat niet, maar tonen dat openlijk, aan ieder die ons met een bezoek wil vereren.
Dan stellen we ons voor, de excursie te beginnen, daar waar we het gewoonlijk doen, bij, of tegenover de eendenvijver.
De daar ontstane ruimte, keurig en smaakvol van bestrating voorzien, met nog wat gelegenheid om te rusten, voor de wat ouderen, stellen we onze bezoekers voor, als een erfenis van onze vorige burgemeester. Voorwaar een nalatenschap, die de investering is waard gebleken.
Maar dan komt de grote schrik: Er is een bezoeker bij, die wat vrij rondkijkt en maling heeft aan onze explicatie. Hij ontdekt daar de wanstaltige overblijfselen, waar de familie Keizer eens woonde, en wilde daar ook wel eens van weten of dat soms Diever’s mooiste was.
U begrijpt, dat wij daardoor lelijk in verlegenheid kwamen. Heel wat woorden hadden we nodig om uit de doeken te doen, waarom een dergelijke puinhoop op oudejaarsnacht door de jeugd niet was opgeruimd.
Zo goed en zo kwaad als ons dat mogelijk was, hebben we geprobeerd, uiteen te zetten, dat onze vroegere burgervader, breed geschouderd als hij was, zich daar steeds als een hinderpaal heeft vóór gezet, maar dat we nu, met veel minder breed geschouderde, hoopten, spoedig van dit monsterlijke dorpsbeeld te worden verlost.
Het is een van buiten komende bezoeker niet goed duidelijk te maken, waarom met het fatsoeneren van deze plek, in ons mooie dorp, alsmaar wordt gewacht, terwijl het een ergernis voor de wandelaar is.
De handige bezoeker veronderstelde, dat onze burgemeester mogelijk nooit deze kant uitkomt, iets dat wijzelf voor onmogelijk hielden.
Het ware te wensen, dat nog vóór het komende seizoen, dit obstakel verwijderd gaat worden, anders kunnen we reclame ‘Ga liever naar Diever’ voorlopig wel in de ijskast bergen.
Mocht een en ander naar onze wens, vóór het verschijnen van ‘Avondzon’ zijn uitgevoerd, dan kan deze bijdragen toch nog als bladvulling dienen.
Een en ander behoort tot de historie van Diever.
Een wandelaar

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Een en ander behoort tot de historie van Deever ? De redactie denkt van niet en denkt volledig het tegendeel.
De redactie denkt dat het stukje tekst gewoon uit de dikke duim of de dikke pijp gezogen is.
Excursies beginnen natuurlijk niet bij de eendenvijver (een voormalige braandkoele) an de Kruusstroate (wie wil er nu naar eenden koekeloeren ?), maar op de brink van Deever, die ooit vol stond met erfgoed.
Wie zou toch die schrijver met de uiterst merkwaardige schuilnaam ‘Een wandelaar’ kunnen zijn ? Zou het een zwalkend rechts conservatief liberaal lid van de zogenaamde ‘dikke boerenstand’ uut Deever kunnen zijn geweest; een agrarisch toptalent, die zich in 1977 dood ergerde aan het bouwvallige arbeiderskeuterijtje van Albert Keizer naast transportbedrijf De Graaf an de Kruusstroate in Deever ?
Schreef hij dit stukje tekst om een slijmerig wit voetje bij burgemeester Hermen Overweg te halen ?
Het is bepaald geen positief stukje tekst ter bevordering van het welzijn van de Deeverse ouden van dagen, die vast en zeker de familie Albert Keizer goed hebben gekend.
De schrijver ‘Een wandelaar’ vindt dat de Deeverse jeugd het bouwvallige keuterijtje in de oudejaarsnacht had moeten opruimen. Dit getuigd van een totale minachting van de Deeverse jeugd en de Deeverse oudejaarstraditie. De jeugd sleepte vroeger op oudejaarsavond alles wat los en vast zat naar de brink van Deever, maar vernielde niet. Wellicht dat de jeugd elders, bijvoorbeeld op Neejevene of op Koldervene, om een paar volstrekt willekeurige plaatsen te noemen, dit vroeger wel deed, maar de redactie denkt toch van niet.
De schrijver ‘Een wandelaar’ geeft de schuld van de voortdurende aanwezigheid van het bouwvallige arbeiderskeuterijtje naast transportbedrijf De Graaf an de Kruustroate aan 
de breedgeschouderde (??) burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd), echter ome Kees en de zijnen hadden bewezen ware kampioenen in het afbreken van Deevers aarfgoed te zijn. Aan ome Kees kan het niet hebben gelegen.
Tijdens het bewind van burgemeester Hermen Overweg werd het arbeiderskeuterijtje van Albert Keizer alsnog afgebroken en werd een eindje verder richting ’s Kasteel (Kasteel 2) als schrale troost een soort van nieuw nepkeuterijtje nagebouwd. En weer was een fraai Deevers erfgoedpand verdwenen.
De twee kleurenfoto’s van het huisje van de familie Albert Keizer zijn gemaakt door wijlen Henk van de Bos.
Op de tweede foto zijn te zien Albert Keizer (geboren op 14 augustus 1883, overleden op 30 december 1979, hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg) en Koendert Tissingh (geboren op 11 maart 1906, overleden op 20 mei 1983 in Deever, hij ligt begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg).

Posted in Aarfgood, Alle Deeversen, Deever, Keutereegie, Kruusstroate, Verdwenen object | Leave a comment

Ansichtkoate van ut monement op Baark’nheuvel

Van het monument op het landgoed Berkenheuvel van mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom hebben Deeverse middenstanders verschillende foto’s op prentbriefkaarten uitgebracht, zo ook de bijgaande afbeelding van een zwart-wit ansichtkaart uit 1936..
Het monument is in 1925 geplaatst ter gelegenheid van de voleindiging van de ontwikkeling van het landgoed. Op de foto is mooi de oorspronkelijke omgeving van het monument te zien. De bos rododendrons bij het monument is niet goed te zien, maar oogt nog klein.
Op een van de zijkanten van het gedenkteken staat een voor de gelegenheid aangepast deel uit een strofe van het gedicht ‘Aan een heereboer’ van Petrus Augustus de Génestet (1829-1861):
Daar rijz’, uit stuivend zand en ledige aard, een lachend paradijs.
De originele tekst staat in het elfde couplet van het gedicht Aan een heereboer en luidt als volgt:
Daar, o Verhoorder ! rijz’, Uit stuivend zand en ledige aard, Een lachend Paradijs !

Posted in Ansigtkoate, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

U.L.O.-skoele in Deever officieel eupend

In de Heerenveense Koerier van dinsdag 26 juni 1951 verscheen het navolgende bericht over de officiële opening van de uitbreiding van de U.L.O.-school an de Tusschendarp in Deever.

De in 1947 gebouwde hulpschool voor openbaar U.L.O.-onderwijs te Diever, die kort geleden werd uitgebreid met 2 lokalen en daardoor werd herschapen in een zeer moderne onderwijsinrichting, werd Zaterdagmiddag officieel geopend door de commissaris der koningin in de provincie Drente, baron de Vos van Steenwijk, in tegenwoordigheid van het gemeentebestuur, het personeel, alle leerlingen, de ouders der leerlingen en vele oud-leerlingen.
In de openingsrede wees burgemeester Meiboom er op, dat deze U.L.O.-school niet alleen voor Diever bestemd is, maar ook leerlingen aantrekt uit Dwingelo, Vledder, Havelte en andere plaatsen uit de wijde omgeving.
De commissaris der koningin begon zijn toespraak met de woorden: ‘Diever kan heel wat’, Dit heeft men vrijdagavond in het openluchttheater bewezen en nu bij de totstandkoming van deze school heeft men er opnieuw een bewijs van. Aan het slot van zijn rede wekte de commissaris de ouders op hun kinderen deze school te laten bezoeken en wenste het hoofd en het personeel der school veel succes bij de uitoefening van hun moeilijke maar mooie taak. Na een woord tot de jeugd om Diever helpen hoog te houden, verklaarde de commissaris de school voor geopend.
De inspecteur van het lager onderwijs in de inspectie Meppel, de heer Venema, bracht vervolgens dank aan het gemeentebestuur voor de voortvarendheid waarmee te werk was gegaan en verklaarde, dat de gemeente met een gerust hart de verantwoordelijkheid voor en juist gebruik van de pas voltooide school aan het personeel kon overdragen.
Verder werd nog het woord gevoerd door de heer R. Pit van Leggelo, die namens de oudercommissie een enveloppe met inhoud aanbood, wethouder Bijker van Dwingelo, de heer Nijrees, die namens het personeel een enveloppe met inhoud aanbood, de leerling Jan Berends, die namens zijn mede-leerlingen een draaitafel voor grammofoonplaten offreerde, de heer Andreae, hoofd van de openbare lagere school, en de heer Zijlstra, hoofd van de nieuwe school.
Na deze officiële bijeenkomst ontsloot de commissaris der koningin de deur van het gebouw, waarna de keurig en modern ingerichte school werd bezichtigd.
Tot slot speelden de leerlingen op het gemeentelijk sportterrein een voetbalwedstrijd tegen hun ouders. De oude lieden werden na een sportief gevecht, waarvan de leiding bij de heer Nijrees in goede handen was, door hun kroost met een 4-1 nederlaag, met gebogen hoofden en stijve benen naar huis gezonden.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze twee zwart-wit foto’s van de oude U.L.O.-school an de Tusschendarp in Deever gemaakt op 11 november 1999, kort voor de millennium-wisseling.
Leerlingen van deze school, waar uitgebreid lager onderwijs werd gegeven, worden uitgenodigd verhalen en foto’s over de tijd dat zij les kregen in het hier zichtbare klaslokalen in te sturen. Publicatie in ut Deevers Archief zal dan zeker volgen.
De redactie van ut Deevers Archief is ook op zoek naar foto’s van deze school en van klassefoto’s.   

Abracadabra-391Abracadabra-392Abracadabra-319

Posted in Tusschendarp, U.L.O.-skoele, Verdwenen object | Leave a comment

Bidprentje van Bernardus Johannes Nibbelke

Een bidprentje is een gedachtenisprentje van een overledene met aan de voorzijde een foto of een religieuze afbeelding en aan de achterkant een In Memoriam met persoonsgegevens en eventueel een kort gebed of bijbeltekst. Het bidprentje van Bernardus Johannes Nibbelke voldoet aan de omschrijving van een bidprentje.

Bernardus Johannes Nibbelke werd geboren op maandag 22 november 1858 in Veendam, zoon van scheepsbouwer Johannes Jans Nibbelke en Jantje Hindriks Koenen. Hij overleed op 28 september 1930 op Zorgvlied. Bernardus Johannes Nibbelke was hoofdconducteur bij de Staats Spoorwegen. Hij ligt op Zorgvlied begraven op de Rooms Katholieke kerkhof. Hij trouwde op zondag 20 november 1887 met Gesina Maria Bernards, dochter van rijksambtenaar Arnoldus Jozef Bernards en Geertruida Elizabeth van de Horst. Zij overleed op vrijdag 11 maart 1955 op 93-jarige leeftijd op Zorgvlied.
De redactie van ut Deevers Archief heeft in publiek toegankelijke archieven niet kunnen vinden of het echtpaar kinderen had. Waarschijnlijk niet. De redactie zou graag willen weten wanneer, waarom en waar het echtpaar op Zorgvlied ging wonen.

 

Posted in Bidplètie, De aandere kaante van de Deeverse bos, Kaarkhof de Monden, Kattelieke Kaarke, Zorgvliet | Leave a comment

Ansichtkoate van ut speulturrein in Ellert en Brammert

Van recreatiecentrum Ellert en Brammert is een groot aantal ansichtkaarten bekend. De redactie van ut Deevers Archief houdt een catalogus van alle bekende ansichtkoat’n uut de gemiente Deever bij. De redactie heeft in deze catalogus ook meer dan zeventig ansichtkaarten van het recreatiecentrum Ellert en Brammert geregistreerd.
Dit goedkope betaalbare recreatiecentrum lag an de Riekseweg tussen de Deeverbrogge en de Gowe met de ingang bij het huis met de naam de Wildschut. Na de sloop van de bebouwing is op het terrein het dure vakantiepark Landgoed ’t Wildryck gebouwd.
Van het klassiek ingerichte speelterrein in het recreatiecentrum Ellert en Brammert is ook een aantal ansichtkaarten bekend, onder meer de hier afgebeelde. Wellicht is het de mooiste en de oudste zwart-wit ansichtkaart van dit recreatiecentrum.
Jij kan deze zeldzame kaart toch maar beter wel in een mooi opbergmapje van zuurvrij plastic in een mooie viergats ordner in jouw eigen vursaemeling van ansichtkoat’n uut de gemiente Deever hebben; ech wè !
Op de afbeelding zijn te zien een paar tolters (schommels), wat zitplanken, een verhard volleybalveldje, een lange loopplank, een wupwap (wipwap), een draaidingetje en saand, veul saand, heel veul saand. Wat willen kinderen nou nog meer !?
Deze ansichtkaart is in 1956 uitgegeven door N.V. Recreatiecentrum Ellert en Brammert, Dieverbrug (Bos en Hei), telefoon 05219-1207.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Bedrief, Ellert en Brammert, Toeristenindustrie, Verdwenen object | Leave a comment

See hept de Van Osbaank wièr vusleept

De afdeling communicatie van de gemeente Westenveld publiceerde op de webstee van deze gemeente op 8 oktober 2019 het volgende persberichtje over de overbodige en redenloze versleping van de geschiedkundige Burgemeester Van Osbank van zijn tweede standplaats naar zijn derde standplaats.

Persbericht Historische Van Osbank verplaatst
8 oktober 2019
Op vrijdag 4 oktober 2019 is de verplaatsing van de bijna tachtig jaar oude Van Osbank in gang gezet. De bank stond aan de Hoofdstraat ter hoogte van het gemeentehuis, tegenover de bushalte.
Op dinsdag 8 oktober 2019 is de bank op de hoek Kasteel – Ten Darperweg geplaatst. De bank is verplaatst omdat deze op de nieuwe plek beter zichtbaar is. Daardoor komt de bank beter tot zijn recht en heeft ook meer functie dan op de oude plek.
Het was de tweede keer dat deze bank een verplaatsing heeft doorgemaakt. De eerste keer gebeurde dat toen de aansluiting van de Hoofdstraat op de Ten Darperweg haaks is gemaakt.

De Van Osbank
De Van Osbank is opgemetseld van veldkeien ter gelegenheid en herinnering aan het afscheid van burgemeester H.G. van Os, die van 1900 tot 1939 burgemeester van de gemeente Diever was. De bank was gelegen buiten de bebouwde kom op de plaats waar in die tijd de Hoofdstraat aansloot op de Ten Darperweg. De Hoofdstraat liep toen nog rechtdoor en sloot schuin aan op de Ten Darperweg.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Persberichtjes worden met een zekere bedoeling gepubliceerd en zijn bedoeld om geheel of deels overgenomen te worden. De redactie heeft het persberichtje wel in zijn geheel overgenomen, maar vindt het berichtje bepaald niet het beste in zijn soort.
De Minder Hoge Heertjes En Dametjes Van De Voorkant Van Het Grote Communicatiegelijk Van De Gemeente Westenveld voeren in het persberichtje als eerste reden aan dat de bank is versleept, omdat deze op de nieuwe plek beter zichtbaar is. Niets is natuurlijk minder waar. Op de nieuwe derde plaats op het paardenmarktterrein is de bank tussen de ekkelboo’m veel minder zichtbaar. Voor gebruikers van de drukke doorgaande vroemvroembroembroemlawaaiklinkerweg, bestaande uit het Moleneinde, een deel van de Hoofdstraat en de Kruisstraat, door Deever, die de verbinding vormt tussen de provinciale weg N855 ten oosten van Deever en de provinciale weg N855 ten westen van Deever zal de bank zeker in het geheel niet opvallen.
Op zijn tweede plaats aan het einde van de Heufdstroate in Deever was deze grote berg veldkeien van alle kanten uiterst zichtbaar.
De Minder Hoge Heertjes En Dametjes Van De Voorkant Van Het Grote Communicatiegelijk Van De Gemeente Westenveld voeren in het persberichtje als tweede reden aan dat de bank op zijn nieuwe plek meer functie heeft dan op zijn oude plek. Niets is natuurlijk minder waar. Deze bank heeft onafhankelijk van zijn plek gewoon zitruimte bieden als enige functie.
De redactie van ut Deevers Archief trekt dus resoluut en zonder enige slagen om de arm de definitieve conclusie dat de Minder Hoge Heertjes En Dametjes Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld de Burgemeester Van Osbank zonder vermelding van enige geldige reden van zijn tweede standplaats naar zijn derde standplaats hebben doen verslepen.
Het persberichtje mag dan wel een redenloos persberichtje voor de dorpsbühne zijn, maar wat is de reden van dit redenloze persberichtje ? Welke echte reden is niet in het berichtje genoemd ? Welke echte reden is verdoezeld ?
De redactie van ut Deevers Archief stelt wel vast dat de Minder Hoge Heertjes En Dametjes Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld de grote berg veldkeien met de naam Burgemeester Van Osbank welhaast heel precies, welhaast tot op de millimeter nauwkeurig, op de plek hebben doen plaatsen, waar tot 1 juli 2019 zesentwintig jaren lang de snackwagen van Gerrie Jissink stond. Toevallig ? Bestaat toeval ? Een Freudiaanse versleping ? Een Freudiaanse vergissing ? Zie de bijgevoegde kleurenfoto, die de redactie van ut Deevers Archief heeft gemaakt op woensdag 11 december 2019.
Lees vooral ook aandachtig het bericht op de webstee van R.T.V.-Drenthe. Lees vooral ook aandachtig het bericht Ut is wè elokt, die hook is now leeg.
De grote berg veldkeien met de naam Burgemeester Van Osbank is het zoveelste voorwerp dat absoluut niet thuis hoort op het goede oude oorspronkelijk te houden paardenmarkterrein, dat in het kader van het overbodige zo genoemde project Diever op Drift is verworden tot een verhollandiseerd en vershakespearificeerd
paardenmarktterreinbrinkwandelpark.
De redactie van ut Deevers Archief is ten zeerste van mening dat de Minder Hoge Heertjes En Dametjes Van De Voorkant Van Het Grote Openbare Zitbankengelijk Van De Gemeente Westenveld de grote berg veldkeien met de naam Burgemeester Van Osbank, in plaats van naar zijn derde standplaats, veel beter terug had kunnen laten verslepen naar zijn eerste en oorspronkelijke en uiterst zichtbare standplaats, die plaats is nog steeds ongeveer aanwezig. Zie de bijgevoegde kleurenfoto, die de redactie op woensdag 11 december 2019 speciaal voor de gelegenheid heeft
 gemaakt.
De redactie van ut Deevers Archief is van mening dat de grote berg veldkeien met de persoonsverheerlijkende naam Burgemeester Van Osbank, ondanks het feit dat deze grote berg veldkeien meer dan tachtig jaren oud is, en ondanks het feit dat de bevolking van de gemiente Deever de veldkeien bij elkaar moest zoeken
, toch geen echt Deevers monument is, toch geen echt Deevers aarfgood is en ook nooit zal worden. Het moeten vernoemen van één straatje naar twee burgemeesters van de gemiente Deever in de periode 1875-1939 is meer dan voldoende.

Posted in Burgemeister Van Osbank, Maarktturrein | Leave a comment

Ik heb rond 1953 in kamp ‘de Eikenhorst’ gezeten

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 27 januari 2020 van de heer Pieter Bos bijgaand kort bericht over zijn tijd in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ aan de Geeuwenbrug. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor dit bericht.

Ik heb rond 1953 in kamp ‘de Eikenhorst’ aan de Geeuwenbrug gezeten.
Mijn naam is Philiphus Nicolaas Pieter Bos. Ik ben geboren op 7 oktober 1943 in Amsterdam.
Mijn vader was vrachtwagen chauffeur. Hij is in mijn tijd op ‘de Eikenhorst’ één keer langs geweest en mijn moeder ook één keer. Mjn vader was vaak voor zijn werk van huis was en mijn moeder kon de vijf kinderen niet echt de baas. Dat is de reden waarom ik uit huis ben geplaatst. Ik was nogal te avontuurlijk ingesteld en dat had tot gevolg dat jeugdzorg mij uit huis heeft geplaatst. Mijn moeder kon mij niet de baas. Ik heb eerst zes weken in het burgerweeshuis in Amsterdam gezeten. Aansluitend heb ik zes weken in een tehuis in Heelsum bij Rhenen gezeten. Daarna heb ik drie maanden in een kamp in Hummelo gezeten. En aansluitend heb ik een jaar in kamp ‘de Eikenhorst’ bij Geeuwenbrug gezeten.
De indrukken die die tijd in mij hebben achtergelaten, die staan mij niet meer zo helder voor de geest.
Wel was het zo dat ik toen nog niet elke nacht droog kon doorkomen en daardoor door de kamer genoten enigszins gemeden werd. Er was echter een leidster die mij begeleidde en mij hielp met wassen. Ze waste mijn lakens waarna ik deze ’s avonds uit het drooghok op kon halen. Zij was in mijn tijd de enige samen met de leraar Peer die mij nog enige vorm van liefde gaven.
Mijn leraar was Peer. Wij noemden hem Peer de Schuimer. Hij was een aardige vent. Hij kwam uit Eck en Wiel. Hij was een oude auto aan het restaureren.
Ik heb veel vrijheid in het kamp gehad. Waarom ik in kamp ‘de Eikenhorst’ zoveel vrijheid kreeg en andere dingen mocht doen, dat is mij nog steeds een raadsel.
Ik mocht ook een boer helpen met aardappelen rooien en met houtzagen. Bij het aardappelen rooien, dat deden we nog op je knieën met een riek en een gevlochten rieten mand. Ik kreeg koffie in een mok en dikke plakken roggebrood met spek van de boerin. Ik voelde me daar een hele kerel. De boerderij moet nabij de kruising van de Kanaalweg en de Oude Groningerweg staan. Daar heb ik kachelhout staan zagen met een ouderwetse beugelzaag. Het aardappelrooien moet op de plaats zijn geweest waar nu de schuur staat aan de Pastoorszandweg, dus nabij het kamp.
De boer die ik mocht helpen was een soort tuin- en klusjesman. Hij heeft me veel bijgebracht over de natuur.
Ik mocht ook alleen vissen in de vaart. Dat deed ik bij de sluiskom.
Het zandpad achter het kamp, waar we in het najaar cantharellen vonden, is op Google Maps duidelijk herkenbaar. We hebben deze opgebakken met een uitje en een tomaat.
Ik denk dat ik in het najaar ben weggegaan uit het kamp.
Helaas is alles inmiddels zo lang geleden, dat ik van mijn medebewoners geen scherp beeld meer heb .
De vlagceremonie kan ik me nog wel herinneren, maar namen van barakken en van mijn medebewoners weet ik helaas niet meer. Helaas kan ik je ook geen foto’s uit die tijd geven. Zo blijven veel dingen je bij, maar helaas is ook veel niet helder meer voor de geest te halen.
Ik kon na een jaar door naar het leerkamp in Appelscha, wat ik niet zag zitten. Wel ben ik nog steeds verbaasd dat ik mij zo weinig kan herinneren over de scholing die ik daar moet hebben gehad, maar de handarbeidlessen staat mij nog wel duidelijk voor de geest. Het is mogelijk dat daar de basis is gelegd voor vaardigheden, die mij in mijn verdere leven goed van pas zijn gekomen.
Na allerlei te korte opleidingen ben ik in het transport beland en ik heb daar mijn werkzame leven afgesloten.
Ik heb altijd een mooie herinnering aan jongenskamp ‘de Eikenhorst’ gehad. Ik heb daar geleerd voor mijzelf op te komen.
Enige vorm van kindermisbruik heb ik nooit ervaren, mogelijk was ik te jong om zulke dingen op te merken.
Uiteindelijk heeft deze tijd mij gevormd en ook enigszins vervormd, waardoor ik ook op latere leeftijd te vaak mijn eigen weg meende te moeten gaan en daardoor niet altijd in het gareel kon lopen. Ik kan wel stellen dat ik te vaak mijn eigen weg ging en te weinig aandacht had voor anderen, wat een relatie niet ten goede komt. Ik was twintig toen ik trouwde, we kregen twee dochters, maar dit huwelijk is gestrand. Inmiddels houdt mijn tweede huwelijk al zevenendertig jaar stand, met af en toe een hobbel en een kuiltje, maar dat hoort er bij. Toen ik 59 jaar was, ben ik met de vut gegaan. Sindsdien varen wij elk jaar met ons schip naar Denemarken en Zweden en genieten van elke dag.

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

De koostal van un boerdereeje in Veenhuus’n

De redactie van ut Deevers Archief toont graag foto’s van het boerenleven uit de vorige eeuw in de gemiente Deever.en dan liefst nog foto’s die in boerderijen zijn gemaakt.
In het Drentsch Archief bevinden zich in de Collectie Monumentenzorg twee mooie foto’s van koeien op de stal in een boerderij aan de Veenhuizerweg in Veenhuizen, een van de kluften van Wapse. Deze boerderij had in 1981 als adres Veenhuizerweg 6.
In het Drentsch Archief is afbeelding 1 geregistreerd onder fotonummer MZ10705030106 (negatiefnummer 4261-08). Deze foto is gemaakt op 18 november 1981. In het Drentsch Archief is afbeelding 2 geregistreerd onder fotonummer MZ10705030107 (negatiefnummer 4261-09). Deze foto is gemaakt op 18 november 1981.
Wie van de vaste trouwe bezoekers van boerenafkomst kan een beschrijving van wat is te zien op beide afbeeldingen voor publicatie in ut Deevers Archief aanleveren ? De redactie is hem of haar bij voorbaat al bijzonder erkentelijk.

Afbeelding 1
Afbeelding 2

Posted in Boer'nlee'm, Boerdereeje, Veenhuus’n, Wapse | Leave a comment

Paviljoen Vierhoo’m an de Bosweg in Deever

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op dinsdag 25 januari 1938 het volgende korte bericht over de verkoop van paviljoen Berk en Heuvel an de Bosweg in Deever.

Naar we vernemen heeft de heer P. Punter zijn paviljoen ‘Berk en Heuvel’ in de bosschen alhier, verkocht aan den heer C. Vierhoven te Dieverbrug voor f. 3100.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de hier afgebeelde zwart-wit-ansichtkaart uit omstreeks 1949-1950 is het nog originele paviljoen Berk en Heuvel an de Bosweg in Deever te zien. Wie kan de redactie gegevens met betrekking tot de juiste datum van uitgifte van deze ansichtkaart verschaffen ?
De in het bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) genoemde C. Vierhoven is Kornelis Vierhoven en de genoemde P. Punter is Pieter Punter. Kornelis Vierhoven is geboren op 11 februari 1915 en is overleden op 10 februari 1972. Hij is begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
Bij de ingang van paviljoen Vierhoven staat een witte ijsco-kar.
De redactie heeft het vermoeden dat de ijsco-kar, met op de zijkant van de kar de woorden consumptie en ijs, een kar is van de firma Huberts uit Steenwijk. Wie kan de redactie gegevens met betrekking tot deze ijco-kar verschaffen ?
Op de plek van paviljoen Vierhoven staat nu het zo genoemde restaurant Route 36.
In google.nl/maps is een afbeelding van de huidige bebouwing te vinden. Iets van het oorspronkelijke paviljoen, met name de vorm van het dak, is te herkennen in de huidige bebouwing.

Posted in Ansigtkoate, Bosweg, Landgoed Berkenheuvel, Paviljoen Berkenheuvel | Leave a comment

Ut Hoarschut an de Gowe in 1884

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is de volgende tekst over het verleden van ut Hoarschut an de Gowe gepubliceerd bij afbeelding 2 van een zwart-wit foto uit 1884. De op de foto afgebeelde Haarschutsluis of Haarsluis, Hoarschut in ut Deevers, ligt weliswaar een paar meter over de grens in de gemiente Dwingel, maar de redactie van ut Deevers Archief vind het toch zeker wel de moeite waard een keer aandacht te besteden aan dit ‘grensgevalletje’.

Geeuwenbrug – Haarschutsluis – 1884
De bouw van een stenen schutsluis, een sluiswachterswoning en alle bijkomende werken werd op 1 november 1883 door ’s Rijks Waterstaat aanbesteed. Aannemer Frank van Balen Gzn. uit Nieuwe Schans was de laagste inschrijver. Aan hem werd het werk voor 87840 gulden gegund. De nieuwe 6 m brede en 43 m lange sluis werd gebouwd in een te maken bochtafsnijding boven de 350 m verderop liggende oude houten sluis.
De nieuwe sluis kwam zo in zijn geheel in de gemeente Dwingeloo te liggen. Na de bouw van de sluis werden de nieuwe hier zichtbare delen van de vaart gegraven en werd de oude sluis afgebroken.
De afgesneden bocht in de vaart loopt achter het nog juist zichtbare sluiswachtershuis langs en ligt naast ’s Rijks Grooten Weg van Meppel naar Assen. Om het zo ontstane eiland te kunnen bereiken werd ook een ijzeren brug met gemetselde landhoofden gebouwd. Mede door het toenemende gebruik van stoomschepen werd het pand boven de schutsluis tot aan de Veenesluis verdiept.
In de voorkamer van de nieuwe sluiswachterswoning bevonden zich twee beddesteden en een diepe kast. In het achterhuis was ruimte voor een schapen- en een varkenshok. In de keuken en in de bergplaats was een koperen pomp aangesloten op een diepe welput buiten het huis. Het huis had ook al een privaat en een privaatput.
In de verte zeilt een vrachtboot in de richting van de nieuwe Haarschutsluis. De scheepvaart op de Drentsche Hoofvaart was in die jaren nog belangrijk, alhoewel de vaarweg het karakter van turfvaart toen al had verloren.
In 1880 passeerden hier ongeveer 9350 schepen met een inhoud van ongeveer 41000 m³ en 18 houtvlotten met een inhoud van ongeveer 5000 m³.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De grens tussen de gemiente Deever en de gemiente Dwingel loopt in het midden van de Drentsche Hoofdvaart, dus de helft van het zeilschip dat op de achtergrond in de bocht van de vaart is te zien, vaart ongeveer in de gemiente Deever.
De maker van de zwart-wit foto is fotograaf J.G. Kramer uit Groningen.
 
De redactie zal te gelegener tijd, dus niet met geschwinde spoed en niet in gestrekte draf, een kleurenfoto van ut Hoarschut an de Gowe maken vanuit het standpunt van fotograaf Kramer.
De redactie is daarnaast ook op zoek naar mooie foto’s van ut Hoarschut an de Gowe, die gemaakt zijn door bezoekers van ut Deevers Archief.

Posted in de Gowe, de Voat, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Lochtfoto van ut olde Deever

In 1932 maakte K.L.M. Aerocarto, een nevenactiviteit van de K.L.M., bijgaand afgebeelde luchtfoto van ut olde Deever.
Niet helemaal ut olde Deever, want op de foto is linksonder de Brinkstroate te zien, die als een soort van eerste uitbreiding van ut olde Deever is te beschouwen.
De Betonweg, die nu ten onrechte Ten Darperweg heet, was toen gelukkig nog niet over de kwetsbare Noorderesch aangelegd.
Ut Schultehuus an de Brink saat toen gelokkug no vaaste an de Schulteboerdereeje.
Naast de pastorie aan de brink is het begin van het kerkepad te zien; het huis met de naam Iemenhof was toen nog niet gebouwd.
Let vooral ook op de fraaie oude bebouwing an de Peperstroate.
Let vooral ook op ut slietpad dat vanaf de brink langs ut Bultie over de bouwakkers van de Binnenesch hen Oll’ndeever löp.
Achter de boerderij an de Aachterstroate, waarin tegenwoordig een restaurant is gevestigd, is een groot weiland te zien, waar in die tijd voetbalwedstrijden werden gehouden.
Op de afbeelding is rechtboven duidelijk te zien dat ut maarkturrein an de Bosweg, bestaande uit het koeienmarktterrein en het paardenmarktterrein, rechthoekig en planmatig voor de markten is aangelegd. Het marktterrein mag in de verste verre verte geen marktbrink worden genoemd.
Maar die naam marktbrink willen nostalogielogen, histerielogen, historielogen, verhollandiseerders, cultuurbarbaren, popiejopiewauwelaars, duur betaalde mannetjes van chique adviesbureau’s en over het paard getilde Minder Duur Betaalde Heertjes Van De Voorkant Van Het Onaantastbare Brinkenuitvindersgelijk Van De Gemeente Westenveld, de lang niet achterlijke echte Deeversen wel door de strot duwen.

Posted in Deever, Logtfoto | Leave a comment

Lieste van de greinspoalties 41 tot en mit 77

Het is vanuit historisch oogpunt van niet verwaarloosbaar belang te weten waar de grens tussen de gemiente Deever in de provincie Drente en de gemeente Ooststellingwerf in de provincie Friesland ligt. De provinciale grens wordt gemarkeerd door gietijzeren grenspalen.
Greinspoal XLI (greinspoal 41) staat op het driegemeentenpunt Deever, Ooststellingwerf, Vledder.
Greinspoal LXXVII (greinspoal 77) staat op het driegemeentenpunt Deever, Ooststellingwerf, Smilde.
De redactie van ut Deevers Archief heeft verdeeld over een aantal middagen van greinspoal XLI (greinspoal 41) tot aan greinspoal LXXVI (greinspoal 77) langs de uit rechte stukken bestaande grens gebanjerd om de nog aanwezige grenspalen op te zoeken en op de foto te zetten.

Op bijgaande twee afgebeelde tekeningen zijn de nog aanwezige grenspalen op de grens van de gemiente Deever in de provincie Drenthe en de gemeente Ooststellingwerf in de provincie Friesland aangegeven.

Grenspaal XLI (grenspaal 41) is niet meer aanwezig (de plaats van grenspaal 41 is een driegemeentenpunt);
Grenspaal XLII (grenspaal 42) is niet meer aanwezig;
Grenspaal XLIII (grenspaal 43) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal XLIV (grenspaal 44) staat op de oorspronkelijke plaats (knik in de grens);
Grenspaal XLV (grenspaal 45) staat aan de Verwersweg, maar niet op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal XLVI (grenspaal 46) staat op de oorspronkelijke plaats (knik in de grens);
Grenspaal XLVII (grenspaal 47) is aanwezig, maar staat 120 m van de oorspronkelijke plaats en 3,50 m uit de grens;
Grenspaal XLVIII (grenspaal 48) is niet aanwezig, staat hopelijk op een erf (knik in de grens);
Grenspaal XLIX (grenspaal 49) staat nu aan de Monden, staat tussen de oorspronkelijke plaats van grenspalen 48 en 49;
Grenspaal L (grenspaal 50) is aanwezig, staat tussen de oorspronkelijke plaats van grenspalen 50 en 51;
Grenspaal LI (grenspaal 51) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LII (grenspaal 52) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LIII (grenspaal 53) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LIV (grenspaal 54) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LV (grenspaal 55) is aanwezig; staat bijna op zijn oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LVI (grenspaal 56) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LVII (grenspaal 57) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LVIII (grenspaal 58) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LIX (grenspaal 59) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LX (grenspaal 60) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXI (grenspaal 61) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LXII (grenspaal 62) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXIII (grenspaal 63) is aanwezig; staat bijna op zijn oorspronkelijke plaats op de knik in de grens;
Grenspaal LXIV (grenspaal 64) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXV (grenspaal 65) is aanwezig; staat tussen de oorspronkelijke plaats van grenspalen 64 en 65;
Grenspaal LXVI (grenspaal 66) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXVII (grenspaal 67) is aanwezig; staat tussen de oorspronkelijke plaats van grenspalen 67 en 68;
Grenspaal LXVIII (grenspaal 68) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXIX (grenspaal 69) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXX (grenspaal 70) is aanwezig; staat tussen de oorspronkelijke plaats van grenspalen 70 en 71;
Grenspaal LXXI (grenspaal 71) is aanwezig;
Grenspaal LXXII (grenspaal 72) was aanwezig; grenspaal LXXII (grenspaal 72) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXXIII (grenspaal 73) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LXXIV (grenspaal 74) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LXXV (grenspaal 75) is niet meer aanwezig;
Grenspaal LXXVI (grenspaal 76) staat op de oorspronkelijke plaats;
Grenspaal LXXVII (grenspaal 77) is niet meer aanwezig (de plaats van grenspaal 77 is een driegemeentenpunt).

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief

In de webstee www.varenius.nl is een en ander te lezen over de grensafbakening van Friesland met Drente en Overijssel in de 19de en 20ste eeuw.
De webstee www.frdrenthe.blogspot.nl biedt bijzonder interessante gegevens over de grenspalen tussen de provincie Drente en de provincie Friesland, waaronder veel grenspalen op de grens van de gemiente Deever in de provincie Drente en de gemeente Ooststellingwerf in de provincie Friesland. Na het aanklikken van de koppeling en het openen van het scherm wel even een flink eind naar beneden ‘scrollen’ (wie weet het juiste Nederlandse werkwoord ?).
In de webstee www.panoramio.com zijn ook afbeeldingen en plaatsen te bekijken van greinspoal’n op de greinse van de gemiente Deever in de provincie Drente en de gemeente Ooststellingwerf in de provincie Friesland.
De redactie nodigt bezoekers van ut Deevers Archief graag uit te reageren met een afbeelding en een juiste beschrijving van de positie van de nog aanwezige grenspalen, waarvan de gegevens nog niet zijn opgenomen en vooral van verdwenen grenspalen.

Posted in Aarfgood, de Olde Willem, Greinse, Greinspoal, Woater’n, Zorgvliet | Leave a comment

De nepper van ut frutselwoap’m van Deever

De zo genoemde hoge raad van adel pleegde diverse plasjes over de ontwerpen van ut woap’m van de gemiente Deever van de Hoogste Heren Van Het Onaantastbare Archaïsche Gelijk Van De Gemiente Deever. Het wapen werd aan de gemiente Deever verleend op 3 september 1946 bij Koninklijk Besluit. Het definitieve ontwerp van ut woap’m van de gemiente Deever werd beschreven in het register van wapens van de zo genoemde hoge raad van adel. Zie de bijgevoegde afbeelding. Gegevens over ut woap’m van de gemiente Deever zijn ook te vinden in de webstee wikipedia.Voor wat deze gegevens waard zijn.

In het register van de zo genoemde hoge raad van adel is in de linker kolom met de archaïsche titel ‘namen der steden als mede der heerlijkheden en corporatiën’ de volgende tekst opgenomen.
Diever
In hermelijn een paal gedwarsbalkt van keel en zilver van zestien stukken, rechts boven vergezeld van een kraaghalskruikje van hunebed-aardewerk en links onder van een eschdoornblad, beide van keel. Het schild gedekt met een gouden kroon van drie bladeren en twee paarlen.
In het register is in de rechter kolom ‘aftekening van het wapen’ het afgetekende voorbeeld van het in de linker kolom beschreven wapen opgenomen.

Het is natuurlijk in de stijve archaïsche wereld van de heraldiek juridisch zo strak en formeel geregeld dat een in sierlijk schoonschrift geschreven tekst boven een los uit de pols getekend figuurtje gaat.
In de beschrijving van het wapen staat dat het kraaghalskruikje van hunebed-aardewerk rechts boven in het wapen zit en dat het eschdoornblad links onder in het wapen zit.
De tekenaar van ut frommel-en-frutselwoap’m van de gemiente Deever heeft blijkbaar de beschrijving van het wapen niet goed gelezen. Hij heeft het wapen helaas niet overeenkomstig de vastgestelde en geldende beschrijving getekend. Hij tekende bij vergissing het kraaghalskruikje van hunebed-aardewerk links boven in het wapen en het eschdoornblad rechts onder in het wapen. Maar zo is het gemankeerde wapen wel in gebruik genomen.

De redactie trekt uit het voorgaande voorzichtig wel de verbazingwekkende voorlopige conclusie dat de niets vermoedende belastingbetalende bevolking van de gemiente Deever vanaf de ingebruikname van ut frommel-en-frutselwoap’m vlak na de Tweede Wereldoorlog tot aan de gedwongen fusie van de gemiente Deever mit de gemient’n Oavelte, Dwingel en Vledder in 1998 lelijk opgescheept heeft gezeten met een spiegelbeeldige nepper van ut echte frommel-en-frutselwoap’m. Zie de bijgaande afbeelding van ut echte frommel-en-frutselwoap’m, zoals beschreven in het register van de zo genoemde hoge raad voor adel, waarbij dus het kraaghalskruikje van hunebed-aardewerk rechts boven in het wapen zit en het eschdoornblad links onder in het wapen zit

Posted in Gemiente Deever, Woap'm van Deever | Leave a comment

Hoe gaat het toch met de jongens van barak Perú ?

De heer Willem van Beek stuurde op 18 en 20 januari 2020 bijgaande korte reactie op het bericht Groepsverblijven Perú en Klondike an de Gowe en de in het bericht opgenomen afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van de barakken voor de groepen Perú en Klondike in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik heb in 1964 -1965 bij de heer Bekkering Vinkers in barak Perú gezeten.
Ik zie helaas niemand van de groep.
Ik ben benieuwd hoe het met de jongens gaat.
Uiteraard heb ik nog vele herinneringen aan de twee jaar die ik daar heb doorgebracht.
Wij klommen vaak in de grote boom.
De voornaam van de heer Bekkering Vinkers was Jaap. Hij kon hard slaan maar hij kocht ook snoep voor ons.
Ik ging veel om met Albert (uit Ameland), Otto Jaarsveld (uit Amsterdam) en Tin Cha Yu (?) (uit Amsterdam).
Wij zijn ook een keer ontsnapt ….. en helemaal tot Amersfoort gelopen ….. maar toen opgepakt. Albert niet. En dezelfde avond waren we weer in de barak.
Ik ben op de reünie geweest van de Eikenhorst, maar ik heb geen jaargenoten ontmoet.
Wat mij opviel was dat de jongens na ons het wel iets gemakkelijker dan wij hebben gehad.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Willem van Beek zeer erkentelijk voor deze korte reactie.
Wie kan de redactie op het spoor zetten van de heer Jaap Bekkering Vinkers ? Leeft hij nog ?
Wie herinnert zich Willem van Beek ?
De redactie nodigt Albert uit Ameland en Otto Jaarsveld en Tin Cha Yu uit te reageren.
De redactie roept barakgenoten van de heer Willem van Beek vooral op te reageren !

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Ut naembröttie van de Greinsweg op Baark’nheuvel

Het lijkt de redactie van ut Deevers Archief een echte uitdaging voor de vrijwilligers van de heemkundige vereniging uut Deever om bij elk van de oorspronkelijke wegen op het landgoed Berkenheuvel, uiteraard in samenwerking met de Nederlandsche Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten en het Staatboschbeheer, weer van die mooie witte kleine naambordjes met zwarte letters aan bomen te spijkeren.
En dan natuurlijk ook een naambordje plaatsen bij wegen die de Nederlandsche Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten al heeft laten overwoekeren door cultureluurnatuur.
Je mag van de Nederlandsche Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten toch wel bordjes aan bomen vastspijkeren ? Nestkastjes worden op het landgoed Berkenheuvel toch ook aan bomen vastgespijkerd ?
Laten we ons culturele erfgoed vooral behouden en de steeds meer verloren gegane en gaande namen van wegen op het landgoed Berkenheuvel aan de vergetelheid ontrukken.
Op bijgaande afbeelding op een ansichtkaart, die is uitgegeven in juli 1951, toen het landgoed Berkenheuvel nog eigendom was van de erven van mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom, is als voorbeeld het naambordje van de Grensweg bij de Hoekenbrink te zien.

Posted in Aarfgood, Albertus Christiaan van Daalen, Ansigtkoate, Bosgesigte, Landgoed Berkenheuvel | Leave a comment

Ben van Erp vraagt: Herkennen jullie dit ook ?

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 28 januari 2015 van Ben van Erp het volgende korte maar zeer gewaardeerde bericht over het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik heb in die tijd daar ook gezeten. Ik geloof in de barak met de naam Klondike. Ik weet nog wel dat het de derde barak was, gerekend vanaf de hoofdbarak waar ook de douches waren en waar je je wasgoed kon halen en brengen. En één keer per week -geloof ik- kon je daar ook snoep kopen van je zakgeld. Ik geloof dat het zakgeld iets van 25 cent of zo was. En in die tijd is ook het sportzaalcomplex met het toneelpodium gebouwd. Herkennen jullie dit ook ?

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

De kleine Henduk en de grote Henduk an ’t waark

In de beeldbank van de Historische Vereniging Nijeeveen is een mooie kleurenfoto aanwezig van de gebroeders Klaas Kleine en Berend Kleine. Lourens Schipper, de beheerder van deze prachtige beeldbank (die zouden meer historische verenigingen moeten hebben), gaf de redactie toestemming deze kleurenfoto -zie de bijgaande afbeelding- in ut Deevers Archief te tonen. De redactie is de Historische Vereniging Nijeveen en in het bijzonder Lourens Schipper, bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Maar in welk jaar is deze foto gemaakt ? Wie het weet, die mag het melden aan de redactie !

Op de foto zijn de smeden Klaas Kleine (links) (de kleine Hendrik) (Klaas, hei neeje klomp’m an ?) en zijn jongere broer Berend Kleine (rechts) (de grote Hendrik) bezig met het leggen van een ijzeren band om een houten wagenwiel. Ze zijn bezig voor de smederij met de naam ‘de grote Hendrik’ van Berend Kleine an de Heufdstroate in Deever. Het wagenwiel ligt op een oude molensteen.
Let op het bankje rechts achter Berend Kleine, dat zo te zien is gemaakt door Bouwbedrijf Nijzingh an de Brinkstroate in Deever. Achter Klaas Kleine is te zien dat achter het plantenklimrek geen deur meer zit. Aan de muur is te zien dat de ruimte waar een deur zat, ooit is dicht gemetseld.
Klaas Kleine had zijn smederij met de naam ‘de kleine Hendrik’ (let op de woordspeling; Hendrik Kleine was de vader van Klaas Kleine en Berend Kleine) an de Peperstroate aachter de kaarke. Hendrik Kleine had eerst een smederij op Koldervene (vroeger Coldervene), later in Meppel.
In dit pand op de hier afgebeelde kleurenfoto was vroeger de smederij van de gebroeders Hendrik en Albert Kloeze gevestigd. In die tijd was de deur wel aanwezig.
In dit pand is later een winkel met de naam ‘In de Lindetuin’ gevestigd geweest. De redactie heeft bijgaande kleurenfoto van deze winkel op 13 november 2008 gemaakt. Het was nog herfst. Blijkbaar was toen in de zijmuur weer een deur aangebracht en het metselwerk gerepareerd en waren de raamluiken weggehaald. In de bestrating was in 2008 de oude molensteen nog wel aanwezig.
Zie voor nog een kleurenfoto, die de redactie op 28 juli 2016 gemaakt, het bericht ‘Het leven moet niet vliegen, maar fladderen’.
Nu dit pand een rijksmonumentje is (voor zolang het duurt, je weet maar nooit), zal het gesloop en geknutsel en gedoe aan de buitengevels wel onder curatele staan.

Posted in Aarfgood, Deever, Heufdstroate, Klaas Kleine, Neringdoende, Rieksmonement | Leave a comment

Ik mösse oense tente skone maek’n

In de zomer van 1940 -in het begin van de Tweede Wereldoorlog- stuurde student J. van der Plaats bijgaand afgebeelde zwart-wit ansichtkaart naar den weledele heer A.J. van der Plaats in Beetgumermolen in Friesland.

Student J. van der Plaats schreef op de achterkant van de ansichtkaart:
Gisteren, zondag en vannacht en vanmorgen heeft het hier geregend.
Ik heb corvé gehad met mijn tent. Dan kun je zelf eerst eten krijgen en zo veel je wilt. De tent was vanmorgen vol zand. Alle strozakken in een hoek plus bagage en aan het schoonmaken.
We hebben zo wel plezier.
Ik eindig met de hartelijke groeten voor allen.
J. van der Plaats.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De student J. van der Plaats vierde vakantie in de Studentenkamp. Dat was het vakantiekamp van de Vrijzinnig Christelijke Studenten Bond (V.C.S.B.) bee ut Mastenveltie an de Bosweg in Deever. Dat kon blijkbaar nog in de eerste maanden van de Tweede Wereldoorlog.

Van het monument (gedenknaald) op het landgoed Berkenheuvel van mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom hebben Deeverse neringdoenden verschillende ansichtkaarten uitgegeven, zo ook de bijgaand afgebeelde ansichtkaart.
De vraag is natuurlijk welke neringdoende in Deever deze ansichtkaart verkocht ?
Mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom plaatste het monument (gedenknaald) in 1925 ter gelegenheid van zijn voleindiging van de ontwikkeling van het landgoed Berkenheuvel.
Op de ansichtkaart is mooi een vroegere omgeving van het monument (gedenknaald) te zien. De bos rododendrons bij het monument is wel al goed te zien, maar oogt nog klein.
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto van het monument (gedenknaald) op Berkenheuvel gemaakt op donderdag  26 april 2018. De oude bos rododentrons was toen heel hard aan groot onderhoud toe.

Posted in Ansigtkoate, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel, Student’nkaamp | Leave a comment

Greinspoaltie 63 stiet vlak bee de Kaele Duun’n

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vier hier afgebeelde kleurenfoto’s van greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63) op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellingwaarf in Fryslân gemaakt op donderdag 22 november 2019.
Greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63) staat op de knik van de greinse ten zuiden van de Kaele Duun’n in de buurt van een houten klimstellage, die gelukkig aan de Friese kant van de greinse staat.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Woater’n | Leave a comment

Greinspoaltie 61 stiet woar ut altied hef estoan

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vier kleurenfoto’s van greinspoaltie LXI (greinspoaltie 61) gemaakt in de middag van donderdag 22 november 2019. Greinspoaltie LXI (greinspoaltie 61) staat gelukkig wel op zijn oorspronkelijke plaats. Greinspoaltie LXI (greinspoaltie 61) staat waar hij altijd heeft gestaan. Greinspoaltie LXI (greinspoaltie 61) staat bijna aan de voet van de Kaele Duun’n in de buurt van de wateroverstort van ut Greinsstuwmeer (voorheen Greinspoele). Aan de linkerkant van afbeelding 1 en aan de rechterkant van afbeelding 4 is een omheining te zien. De redactie heeft zich suf gepiekerd over de functie van dit omheinde stukje grond, maar kon geen functie bedenken.
Op een greinspoaltie hoort het wapen van de provincie Drente an de Dreinse kaante van de greinse te staan en hoort het wapen van de provincie Friesland aan de Friese kant van de greinse te staan. Dat is bij dit keurig onderhouden greinspoaltie LXI (greinspoaltie 61) wel in orde.
De redactie is vastbesloten van elk nog aanwezig greinspoaltie op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellinwaarf in Fryslân een flink aantal zelf gemaakte foto’s in ut Deevers Archief op te nemen. En zo mogelijk ook mooie foto’s van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief. Ech wè.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Afbeelding 4

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Greinspoele | Leave a comment

Deevers skildereegie van Hein Auke Kray uut 1957

De kunstschilder en illustrator Hein Auke Kray (geboren op 19 april 1901 in Assen, overleden op 22 maart 1995 in Assen) maakte in juni 1957 bijgaand schilderijtje van korenmolen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever en de gemeentelijk toren en het kerkgebouw van de hervormde gemeente an de brink van Deever. Helemaal aan de linkerkant is het dak van het kort daarvoor in gebruik genomen nieuwe gemeentehuis an de brink van Deever te zien. Vlak daarnaast is de zijgevel van het kort daarvoor nieuw gebouwde woonhuis van de familie Pieter Zijlstra an de Brinkstroate te zien. Pieter Zijlstra (die in de volksmond altijd ome Piet werd genoemd) was het hoofd van de U.L.O.- school en was uitvinder van de korfbalvereniging O.D.I.V.A.L. (Ontspanning Door Inspanning Voor Alle Leerlingen). Toen hem bleek dat veel te weinig van zijn U.L.O.-leerlingen zich door inspanning bij zijn korfbalclub wilden ontspannen, veranderde hij zonder gezichtsverlies de naam van zijn club in O.D.I.V.A.L. (Ontspanning Door Inspanning Voor Alle Leden). Ook niet-U.L.O.-leerlingen mochten lid van zijn club worden.
Dit schilderijtje heeft een breedte van 37 cm en een hoogte van 26 cm. Hein Auke Kray schilderde dit werkje op een stuk hard karton. Het schilderijtje lijkt niet helemaal rechthoekig te zijn. Hij maakte dit schilderijtje ter plekke, zittend achter zijn schildersezel an de Stienwieker saandweg in Oll’ndeever.
Wie kan de redactie van ut Deevers Archief informeren over wie in juni 1957 in het huisje aan het begin van de Stienwieker saandweg woonden ? Was het een keuterboertje ? Of woonden daar toen nog Albertus (Battus) Grit en Jantien Greveling en hun kinderen Roelie, Janna, Jacob en Harma ?
De redactie van ut Deevers Archief zal te gelegener tijd in juni van dit jaar en niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf een kleurenfoto van dit dorpsbeeld van Deever in ut Deevers Archief tonen.

Posted in Alle Deeversen, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Ut fietsepad noast de olde Stienwieker saandweg

5In de collectie Dienst Landelijk Gebied van het Drents Archief is bijgaand getoonde zwart-wit foto aanwezig. Deze niet zo scherpe foto heeft fotonummer LG0507114 en is in 1971 gemaakt door de heer Constandse. Deze foto is gemaakt in het kader van de voorbereiding van de volkomen overbodige ruilverkaveling Deever.
De saandweg over de Westeresch tussen Oll’ndeever en de Dwarsdrift heeft wonder boven wonder de rampzalige cultuurvernietigende verkaveling van de oeroude esgronden in Deever en Oll’ndeever en Wittelte overleefd. Met het verdwijnen van de oeroude esgronden verdwenen ook de oeroude veldnamen. De ruilverkaveling was een cultuurhistorische ramp van de zwaarste orde.
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze saandweg op zijn lijst van Deevers aarfgood gezet.
Op de zwart-wit foto is ut fietsepad noast de Stienwieker saandweg te zien. Aan de linkerkant is de nieuwe U.L.O.-school te zien. Ook zijn te zien de gemeentelijk toren an de brink van Deever en korenmolen ‘de Vlijt’ in Oll’ndeever.
Te gelegener tijd, en zeker niet met geschwinde spoed en zeker ook niet in gestrekte draf, zal de redactie van ut Deevers Archief een recente foto van dit deel van de Stienwieker saandweg in dit bericht opnemen.

Posted in Aarfgood, Saandweg, Westeresch | Leave a comment

Vier muurschilderijen sieren biljartzaal

De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht bericht.. In de Meppeler Courant (Olde Möppeler) van 3 maart 1995 stond het volgende belangwekkende bericht inzake het aanbrengen van muurschilderijen door Jarig de Vries in de biljartzaal van het bejaardencentrum Jan Thijs Seinenhof in de Weiert in Deever. De redactie toont graag berichten in ut Deevers Archief die verband houden met Deeverse kunst.

In Jan Thijs Seinenhof te Diever
Muurschilderingen sieren biljartzaal
Diever. Kunstminnend Diever moet straks maar eens in de Jan Thijs Seinenhof gaan kijken, want wat daar op dit moment geschilderd wordt is meer dan de moeite waard.
De 72-jarige heer De Vries, lid van de Schilderskring Diever, heeft daar vier fraaie muurschilderingen gemaakt. Het gaat alle om karakteristieke plekjes in de gemeente Diever, zoals de Nederlands hervormde kerk, de kalkovens, de eendenvijver en de molen. De mogelijkheid bestaat nog voor een schildering van grazende koeien in Berkenheuvel.
De schilderingen beslaan een stuk muur van twee bij anderhalve meter. Per schildering is De Vries ongeveer dertig uur kwijt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie was totaal niet op de hoogte van het bestaan van deze vier muurschilderijen. Waarom wordt een op een muur aangebracht schilderij een muurschildering genoemd ? Beter ware het de term muurschilderij te gebruiken.

De schilder is Jarig de Vries, die in het pand an de Heufdstroate in Deever, waar eerder Geert Koster zijn schildersbedrijf had, ook een schildersbedrijf had. Hij stopte als huisschilder toen hij 62 jaar was en ging zich daarna toeleggen op het schilderen van kunst. De woningbouwvereniging Zuid-West Drenthe stelde geld beschikbaar voor de vier in het bericht genoemde muurschilderijen.
Het aardige van kunstschilder Jarig de Vries is dat hij eerst een kleine tekening van zijn onderwerpen maakte, waarna hij een onderwerp in het juiste formaat op de muur schilderde. Hij schilderde dus gelukkig niet klakkeloos een of andere foto over, daarvoor postuum alsnog hulde, hulde, hulde. 
De muurschilderijen zijn nog steeds te zien in de biljartzaal (is het wel een biljartzaal ?) van het bejaardenhuis op de hof van boer Jan Thijs Seinen. De verrassend helder gekleurde schilderijen zijn na meer dan vijfentwintig jaren gelukkig nog niet verdwenen onder lagen behang of lagen kalk. Maar wat niet is, dat kan zo maar komen.
De redactie heeft daarom voor de zekerheid op woensdag 6 november 2019 van de aanwezige muurschilderijen een kleurenfoto gemaakt; zie de bijgaande vier kleurenfoto’s. Het schilderij waarop de gemeentelijke toren aan de brink van Deever is te zien, is nota bene voorzien van een soort van lijst. In de ruimte (waar wordt die ruimte toch voor gebruikt ?) is geen muurschilderij van grazende koeien op Berkenheuvel aanwezig. 

De vraag is ook of de tekening van de vier muurschilderijen in de familie Jarig de Vries bewaard zijn gebleven. Wellicht heeft zijn oudste dochter Bregtje (of Brechtje, of Brechje, of Bregje ?) de Vries deze tekeningen in haar bezit. Bregtje (of Brechtje, of Brechje, of Bregje ?) waar ben je toch gebleven ?
De redactie zou graag in het bezit komen van een digitale versie (scan) van deze tekeningen om deze ook in ut Deevers Archief te tonen. Wie zet de redactie op het goede spoor ?

Posted in Alle Deeversen, Deever, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Iens komp de tied, de tied die rose en ekkelboom velt

De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht documentje. In dit geval gaat het om het blad ‘de Avondzon’ , 10e jaargang, nummer 3, januari 1982, in het bijzonder het op bladzijde 7 opgenomen nostalgische artikeltje ‘De oude eik’. Zie de bijgevoegde afbeelding van dit bericht. 

De oude eik
Bij de boerderij van Veenhuis staat een oude eik. Hoe oud ? ‘Zo oud als de weg’, wordt dan gezegd.
Maar hij is ouder dan de eerste straatweg. Die is er bij langs gelegd over het land van de boerderij. Dat is nu nog wel te zien.
Hij is zo fors, met geweldige takken. Als kinderen vingen wij daar altijd eekmulders (meikevers). Toen was het al een geweldige boom met zo’n dichte kruin dat hij niet doorzichtig was.
Veel gevechtswagens hebben daar een poosje gestopt. Zij meenden zich daar veilig. Ook woonwagens bleven daar wel eens een nacht over. En nu weer de huifkar. Er staat gras voor het hitje. En wat wil je dan meer. Hij was en is nog een sieraad voor de intrede van het dorp.
Nu begint zijn grootheid te tanen. Er is zomaar een dikke tak uit gevallen, niet door storm. Ze hebben het mooi vlak afgezaagd en men kan zo op het oog er niets van zien of het een ziekte is.
Vergane Glorie. Ook oude eiken moeten vallen.
‘Eens komt de tijd’. Om het met de dichter te zeggen: ‘De tijd die roos en eikebomen velt’.
Lida

Aantekeningen van de redactie van het ut Deevers Archief
De in het artikeltje bedoelde oude eik stond bij de boerderij van Veenhuis in Ten Darp bij Wapse. Een afbeelding van deze oude eik is opgenomen in ut Deevers Archief. Zie voor de begeleidende tekst bij die afbeelding het elders in ut Deevers Archief gepubliceerde bericht Ten Darp – Schilderachtig dorpsgezicht – ± 1930.
De redactie vraagt zich af of ergens bij iemand in of buiten de gemiente Deever alle jaargangen of enkele jaargangen of enkele nummers van het blad ‘de Avondzon’ bewaard zijn gebleven. Het blad werd in 1982 verzorgd door A. Andreae, T.S. de Groot, H.J. Klumpers en J. Moes. De redactie wil bijzonder graag van bewaard gebleven nummers een scan maken. Wie kan de redactie hierover informeren ?
De redactie vraagt zich af of de schrijfster met ‘gevechtwagens’ doelt op Duits oorlogsmaterieel of dat ze doelt op materieel van het Nederlandse leger, dat in de jaren na de oorlog vooral in het najaar veel oefeningen deed in de gemiente Deever.
De redactie vraag zich af wie de schrijfster Lida was. Of is het Alida ? Wie kan de redactie hierover informeren ?

De oude ekkelboom is al weer heel wat jaren geleden gesloopt door de Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Gelijk Van Het Ecologische Beheer Van Monumentale Bomen Van De Gemeente Westenveld. De redactie vraagt zich wel af hoe de ekkel waaruit de boom is gegroeid daar terecht is gekomen. Kwam het door een vlaamse gaai ? In de herfst verzamelen gaaien veel ekkels, stoppen vier of vijf ekkels in hun krop en verstoppen die als wintervoorraad in de grond, soms wel tweehonderd per dag. In de winter vinden de gaaien lang niet al hun verstopte ekkels terug. Zou de ekkelboom bee Veenhuus zijn bestaan te danken hebben gehad aan vergeetachtige gaaien ?

Posted in Ten Darp, Verdwenen object | Leave a comment

Greinspoaltie 65 steet bee ut Ekingerdiekie

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vijf kleurenfoto’s van greinspoaltie LXV (greinspoaltie LXV) gemaakt in de middag van donderdag 22 november 2019.
Greinspoaltie 65 (greinspoaltie 65) stond altijd bij de Meeuwenpoel. Greinspoaltie LXV (greinspoaltie 65) staat nu aan het begin van ut Ekingerdiekie (voorheen Ekingerpad) bij de Schaapsdrift bij een paaltje met bordjes met aanduidingen van fietsroutes.
Op een greinspoaltie hoort het wapen van Drente an de Dreinse kaant van de greinse te staan en hoort het wapen van Frylân aan de Friese kant van de greinse te staan. Dat is bij dit keurig onderhouden greinspoaltie LXV (greinspoaltie 65) wel in orde.
De redactie is vastbesloten van elk nog aanwezig provinciaal greinspoaltie op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellinwaarf in Fryslân een flink aantal zelf gemaakte foto’s in ut Deevers Archief op te nemen. En zo mogelijk ook mooie foto’s van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief. Ech wè.

Posted in Aarfgood, de Olde Willem, Greinse, Greinspoal, Woater’n | Leave a comment

Ut bolder’n was, is en blef Deevers aarfgood

De redactie van ut Deevers Archief heeft de hier afgebeelde zeven kleurenfoto’s gemaakt in de middag van woensdag 6 november 2019 tijdens ut bolder’n. De kleurenfoto’s zijn gemaakt op de Bolderbrink an de Dwarsdrift in Deever.
Na het overlijden van de gebroeders Gerrits (de Garries jongen) en Teunis Roozeboom was de vaste groep bolderaars hard aan uitbreiding en ‘verjonging’ toe. Gelukkig zijn enige echte ‘jonge’ Deeverse jongen met het spel mee gaan doen, zodat nu met gepaste trots kan worden gemeld dat in november 2019 de ‘jongste’ bolderaar achtenzestig jaar was. Maar de groep bolderaars kan nog wel met enige spelers worden uitgebreid, want er was een tijd dat ze met elf man speelden. Een nieuwe speler hoeft niet per sé een echte Deeverse te zijn. Want de speler met het donkerblauwe vest is een echte Dwingeler. Een nieuwe speler hoeft niet per sé direct bee ut bolder’n ut Deevers te proat’n, mor möt ut Deevers wè good vurstoan, 
De redactie van ut Deevers Archief signaleerde enige nieuwe ontwikkelingen in ut bolder’n.
Onder het blok met daarop de eurocenten ligt nu een zwarte rubberen mat. Door deze mat is het zicht op de eurocenten, die na het omgooien van het blok op de rubberen mat zijn gevallen, verbeterd. De gevallen eurocenten zijn gemakkelijker van de mat te rapen dan in het zand. Het zand moet zo nu en dan wel van de rubberen mat worden geveegd. Daarvoor dient de meegebachte bessem.
De eigenaar van het aangrenzende tippie gruunlaand heeft zijn tippie met gaas afgerasterd en heeft bij un vreenpoal un stiggeltie gemaakt. Als een bolderstien in het vuur van de strijd toch onverhoopt aan de andere kant van de afrastering terecht komt, dan hoeft het gaas niet verropt te worden, dan kan de bolderaar voor het passeren van de afrastering gebruik maken van ut stiggeltie. Ut stiggeltie kan ook gewoon worden gebruikt als rustplaats voor de minder jonge bolderaar.
De redactie van ut Deevers Archief verwijst voor de volledigheid naar de berichten die zichtbaar worden na het aanklikken van de categorie Bolderen in het rechter deel van het scherm of onder aan het bericht.

 

Posted in Aarfgood, Alle Deeversen, Bolder’n, Traditie | Leave a comment

Greinspoaltie 67 steet now op un aandere stee

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vijf kleurenfoto’s van greinspoaltie LXVII (greinspoaltie 67) gemaakt in de middag van donderdag 22 november 2019.
Greinspoaltie LXVII (greinspoaltie 67) staat niet meer op zijn oorspronkelijke plaats, maar staat nu 142 meter in de richting van de oorspronkelijke plek van greinspoaltie LXIIX (greinspoaltie 68), op het kruispunt van een zandweg en een zandweg met een fietspad, dat onderdeel is van een fietsroute.
Op een greinspoaltie hoort het wapen van de Drente an de Dreinse kaante van de greinse te staan en hoort het wapen van Fryslân aan de Friese kant van de greinse te staan. Dat was bij dit keurig onderhouden greinspoaltie wel in orde.
De redactie is vastbesloten van elk nog aanwezig provinciaal greinspoaltie op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellinwaarf in Fryslân een flink aantal zelf gemaakte foto’s in ut Deevers Archief op te nemen. En zo mogelijk ook mooie foto’s van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief. Ech wè.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Woater’n | Leave a comment

Set ut huus ur neet oarug uut ?

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van twee boerderijen an ut Brinkie in Deever is in 1906 verstuurd, de precieze datum was niet te ontcijferen. In die tijd mocht de achterkant van een ansichtkaart alleen worden gebruikt voor het vermelden van de naam van de geadresseerde en zijn adres. Vandaar dat uitgever H. ten Brink uit Meppel onder de afbeelding ruimte had vrijgelaten voor het beschrijven met vrije tekst van de afzender. 

Lieve Familie,
De briefkaart heb ik Maandag ontvangen.
Zeker een lekker tochtje gemaakt, het was ook heerlijk weer, en nog steeds is het heerlijk weer, nu begint de zomer.
Ziet het huis er niet aardig uit ? X is de huiskamer. XX Salon. Aan de achterkant boven slaap ik. Tuin voor het huis waar wij steeds zitten.
Een hartelijke zoen voor allen van …

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De redactie kon de naam van de afzender niet ontcijferen, maar heeft het sterke vermoeden dat het een lid van de burgemeestersfamilie Hendrik Gerard van Os was. Wellicht is Saakje Lena van der Veen, de echtgenote van burgemeester Hendrik Gerard van Os, de afzendster.
Hendrik Gerard van Os was van 1900 tot 1939 burgemeester van de gemiente Deever. In het begin van zijn ambtsperiode woonde hij en zijn gezin tijdelijk in de boerderij van Roelof Hendrik Wesseling en Annigje Smidt.
De redactie verwijst voor de volledigheid naar het bericht Diever – Kleine Brink – 1904.
Op de afbeelding van de ansichtkaart staat het kruisje (X) tussen de twee ramen aan de linkerkant van de voordeur en staan de twee kruisjes (XX) tussen de twee ramen aan de rechterkant van de voordeur. 

Posted in Ansigtkoate, Kleine Brink, Verdwenen object | Leave a comment

Is dit hangjongerenontmoetingskotje 3.0 ?

De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto van het paardenmarktterrein op 29 november 2019 gemaakt. Toen was het donkere object, dat op de virtuele afbeelding is afgebeeld, nog niet gebouwd in het kader van de uitvoering van het project Deever op Drift.
De redactie tast in het duister, als een mol boven de grond bij fel zonlicht, wat betreft de bestemming van het in zijn aanstaande omgeving gevisualiseerde object.
De redactie denkt vooral dat het gaat om een constructie, die het goeie oude paardenmarktterrein nog verder gaat vernielen, dus vooral niet moet worden gebouwd.
De redactie denkt dat het kan gaan om hangjongerenontmoetingskotje 3.0, dat wil zegger de vervanger van hangjongerenontmoetingskotje 1.0 op het paardenmarkterrein en hangjongerenontmoetingskotje 2.0 op de langparkerenbrink bij de sportvelden in Deever, de hangjongerenontmoetingskotjes van voormalig C.D.A.-wethouder Homme Geertsma.
De redactie hoopt in dat geval dat in de futuristische dakconstructie wel apparatuur voor gratis wi-fi wordt geïnstalleerd en dat in de kolom (de stam van een vernielde ekkelboom ?), die de dakconstructie moet gaan dragen wel oplaadpunten voor de slimme telefoon van de hangjongeren worden opgenomen, anders gaat de doelgroep niet in hangjongerenontmoetingskotje 3.0 rondhangen. Ech neet !
De redactie denkt in iets mindere mate dat het kan gaan om een soort van podium voor een soort van mini-openluchtspel. De toeschouwers mogen dan zitten op stukken hout die wellicht gezaagd zijn uut de ekkelboo’m die in 2018/2019 wegeknooid bint uut ut pièrdemaarktturrein.
Een applausjewaardig feit is dat de Hoge Heren Van Het Grote En Wijze Beleid Voor Het Handhaven Van Het Traditionele Carbid Schieten In De Gemeente Westenveld ut kebied skeet’n op 31 december 2019 op het marktterrein van Deever hebben toegestaan. Het kebied skeet’n werd bij vergissing weliswaar op het koeienmarktterrein toegestaan en niet zoals vroeger altijd het geval was op het paardenmarktterrein. Maar was niet is geweest, zal zeker komen.
Als op 31 december 2020 de melkbussen voor het carbid schieten aan de stukken eikenhout, die te zien zijn op de virtuele afbeelding, kunnen worden vastgebonden, dan is de oeroude traditie van balder’n op ut maarktturrein helemaal in ere hersteld. Want waar kunnen boze geesten beter worden verjaagd, dan zo dicht mogelijk bij de kaarkhof ?

Noot van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft toestemming van adviesbureau Tauw (https://www.tauw.com) en het multimediacontentbureau 3Dimensions (https://www.3dimensions.nl) bijgaande virtuele afbeelding te tonen in het Deevers Archief.
Het adviesbureau Tauw heeft het ontwerp gemaakt van wat is te zien op de virtuele afbeelding.
Het multimediacontentbureau 3Dimensions is de bouwer van de virtuele omgeving van de herinrichting van het marktterrein in het kader van het project Diever op Dreef, die is gepresenteerd tijdens de bewonersavonden in 2019.
Helaas is het ontwerp van het toekomstige marktterrein na de bewonersavonden toch nog gewijzigd, dus zal de hier getoonde toekomstige situatie wellicht anders zijn geworden.

Posted in Kebied skeet’n, Maarktturrein | Leave a comment

Allerheiligen en Allerzielen in de Sint Pancratiuskerk

De redactie van het Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem belangwekkend geacht documentje. In dit geval betreft het de ‘liturgie van de zondag Allerheiligen/Allerzielen’ op 7 november 2010 van de Nederlands Hervormde Gemeente Diever. Zie de bijgevoegde afbeelding van het voorblad van dit documentje. 

Allerzielen (het feest van alle zielen) is de dag waarop in de rooms-katholieke kerk alle gelovige zielen van gestorvenen worden herdacht. Allerzielen wordt sinds de twaalfde eeuw op 2 november gevierd, op de dag na Allerheiligen. In de nederlands-hervormde kerk worden Allerzielen en Allerheiligen niet gevierd. Allerzielen wordt niet gevierd, omdat de nederlands-hervormde kerk de leer van het vagevuur ontkent. Allerheiligen wordt niet gevierd, omdat de nederlands-hervormde kerk heiligenverering afwijst.
Het is dus op zijn minst merkwaardig, om niet te zeggen hoogst merkwaardig, te noemen dat de hiervoor genoemde liturigische herdenking -zonder bemiddeling tussen levenden en doden- op zondag 7 november 2010, op de laatste zondag van het kerkelijke jaar, voor allen die gedurende dat kerkelijke jaar zijn gestorven, te bestempelen als een viering van Allerzielen/Allerheiligen. En dat nota bene in een kerkgebouw die door nephistorielogen, cultuurbarbaren en religieuze nitwits hardnekkig de katholieke Sint Pancratius kerk wordt genoemd. En dat nota bene met muzikale begeleiding van een zangclupje met de katholieke naam Sint Pancratius Cantorij.
De tekening op het voorblad van de ‘liturgie voor de viering van de zondag Allerheiligen/Allerzielen’ is zonder enige twijfel nagetekend van een zwart-wit ansichtkaart van het nederlands-hervormde kerkgebouw an de brink van Deever, die in juni 1959 is uitgegeven door kantoorboekhandel Roelof (Roef) van Goor an de Kruusstroate in Deever. Zie de bijgevoegde afbeelding.
Een uitgave van de zwart-wit ansichtkaart is in juni 1959 verkocht door Van Goor’s Kantoorboekhandel, Diever.
Een heruitgave van de zwart-wit ansichtkaart is in februari 1961 verkocht door Van Goor’s Kantoorboekhandel, Diever.
Een heruitgave van de zwart-wit ansichtkaart is in november 1965 verkocht door Van Goor’s Kantoorboekhandel, Diever.
Een heruitgave van de zwart-wit ansichtkaart is in oktober 1967 verkocht door Van Goor’s Kantoorboekhandel, Diever.
Een heruitgave van de zwart-wit ansichtkaart is in november 1968 verkocht door Van Goor’s Kantoorboekhandel, Diever.
De redactie heeft het vermoeden dat Roelof (Roef) van Goor in de periode 1959-1968 meer uitgaven van de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart heeft verkocht. Wie kan de redactie daarover gegevens verschaffen ?
Oense Abe Brouwer begon op maandag 4 maart 1957 op 56-jarige leeftijd, toen het wat slechter ging met zijn schrijverscarrière, as stroatemaeker van de gemiente Deever. Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart is aan de onderkant van de afbeelding straatwerk in uitvoering te zien. Beter gezegd: aan de onderkant van de afbeelding is veldkeitjeswerk in uitvoering te zien, want het betreft de door Oense Abe met veel geduld gemaakte veldkeitjesstrook met onder meer religieuze figuren om de kaarketuun van het kerkgebouw an de brink van Deever. Zijn de veldkeitjes onder meer afkomstig uit de vernielde Peperstroate ? De redactie heeft de veldkeitjesstrook met de figuren van Oense Abe op zijn lijst van Deevers aardgood geplaatst.

Posted in Aarfgood, Abe Brouwer, Ansigtkoate, Kaarke an de brink | Leave a comment

Plechtige afkondiging grondwetswijziging in 1953

De redactie kreeg in de jaren 2000-2008 bij zijn bezoeken aan wijlen Anne Mulder – een Deeverse uut de Aachterstroate – die eerst an de Kloosterstroate in Deever, daarna in Gasselte, later in Assen woonde en overleden is in Voorburg bij zijn dochter – steeds van hem verhalen, schrijfsels, artikelen, krantenknipsels, documenten en foto’s over Deever ter hand gesteld met de bedoeling deze voor hem al dan niet in geredigeerde vorm te publiceren en zo mogelijk van zijn foto’s te voorzien.
Het is de redactie bij het leven van Anne Mulder helaas niet gelukt al zijn Deeverse documenten en foto’s in het papieren blad Opraekelen van de heemkundige vereniging uut Deever te publiceren, dan maar posthuum – en met alle respect – en beetje bij beetje opnemen in de webstee van ut Deevers Archief.
Tussen zijn foto’s zat ook een zwart-wit foto van de plechtige afkondiging van een wijziging van de grondwet in de deur van het oude gemeentehuis an de brink van Deever. Zie de bijgaande afbeelding.

Vanaf 1948 mocht een grondwetswijziging ook in het gemeentehuis worden voorgelezen, mits de voorleesruimte vrij toegankelijk was voor het publiek.
De redactie meende eerst dat de foto gemaakt moest zijn tijdens het voorlezen van de wijziging van de grondwet in 1956, denkende dat het oude gemeentehuis pas in 1956 is gesloopt. Dat bleek een vergissing van een jaar te zijn, die achteraf te voorkomen was geweest.
Jannes Smit, oud-inwoner van Dieverbrug en oud-burgemeester van de gemeente Oudewater en de gemeente Losser, wees de redactie op het feit dat de verhuizing uit het oude gemeentehuis aan de brink van Deever naar het noodgebouw op het Bultie plaats vond in het najaar van 1955, waarna de sloop van het oude gemeentehuis direct daarna een aanvang nam. Jannes Smit is zijn ambtelijke loopbaan in het noodgemeentehuis op het Bultie op 21 augustus 1956 begonnen. Hij was daar een collega van Anne Mulder.
De redactie heeft zich op het internet suf gezocht naar andere foto’s van deze plechtigheid, die gemaakt zijn in of voor het huis van andere gemeenten, maar heeft geen foto’s kunnen vinden. De redactie trekt voorzichtig en voorlopig de conclusie dat de hier getoonde kostelijke foto uit de verzameling van Anne Mulder historische waarde heeft. De foto is een topstuk. De foto behoort tot ut fotografiese aarfgood van Deever.
De zwart-wit foto van Anne Mulder is gemaakt op 22 juni 1953. Het voorlezen van de wijziging van de grondwet begon in de ochtend om half elf. Het geeft altijd weer voldoening als de datering van een historisch waardevolle foto helemaal klopt.
De wijziging van de grondwet werd voorgelezen door Anne Mulder. Let wel ! Nota bene ! Te doen gebruikelijk bij een dergelijke zeldzame plechtigheid is dat de wijziging van de grondwet wordt voorgelezen door De Hoge Heer Burgemeester of De Minder Hoge Heer Secretaris van de betreffende gemeente. Mor neet in de gemiente Deever.
De Hoge Heer Burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) schitterde door afwezigheid. Hij had op zijn minst uit respect voor volk en vaderland in zijn zwarte pandjesjas en met zijn ambtsketting om rechts naast Anne Mulder moeten staan. Was hij in gemeentelijke werktijd voor het Openluchttheater op pad ? Had hij het te druk met het lobbywerk voor het nieuwe gemeentehuis op de plek van het oude gemeentehuis, in het bijzonder met de inrichting van zijn aanstaande nieuwe werkkamer ? Of is hij de maker van deze foto ?
En De Minder Hoge Heer Secretaris Jan Boesjes voelde zich blijkbaar ook niet geroepen die stroperige wetsteksten plechtig voor te lezen. Hij kijkt een beetje grammietug en verveeld in de lens van de camera. Hij heeft zijn armen over elkaar geslagen, lichaamstaal, een teken dat hij de plechtigheid al lang dik zat is.
De redactie van ut Deevers Archief herkende helaas niet alle personen op de foto.
De man op de voorgrond is gemeentesecretaris Jan Boesjes.
De redactie weet niet wie de man met de pijp is. Een gemeenteambtenaar ?
Achter de man die interessant aan het doen is met zijn pijp is nog net een deel van het gezicht van iemand te zien; de redactie weet niet wie die persoon is.
Rechts naast de vrouw staat commies Otte Franke van Elselo (hij is geboren op 3 april 1908 in Hindeloopen, hij is overleden op 11 september 1987 in Bergum).
De vrouw op de foto is Hennie Hulshof, die op de secretarie van het gemeentehuis werkte en die later trouwde met bakker en kruidenier Klaas Echten uit Wittelte.
De redactie weet niet wie die grote padvinder in de korte broek is.
De redactie weet niet wie de man aan de linkerkant van de foto is. Is het een wethouder ?
Te doen gebruikelijk bij een dergelijke zeldzame plechtigheid is dat de wethouders van de gemeente ook aanwezig zijn.
Wie kan de redactie voorzien van gegevens van de personen op de hier afgebeelde foto ?
Het is natuurlijk belangwekkend te weten of en hoeveel Deevers publiek stond mee te luisteren op de brink. Dat is op de foto niet te zien. In 1953 werd de grondwet beperkt herzien ten aanzien van de buitenlandse betrekkingen van het Rijk.

Posted in Aarfgood, Alle Deeversen, Gemiente Deever, Topstuk | Leave a comment

Die raere richtinganwieser bee ut pièrdemaarkturrein

Het is de redactie van ut Deevers Archief niet duidelijk of het in 2019 in uitvoering genomen peperdure herbestratingswerk met de merkwaardige naam Diever op Dreef (Deever op Drift) van de Hoge Dames en Heren Van De Voorkant Van Het Grote Toekomstbestendige Gelijk Van De Gemeente Westenveld ook voorzag in een herbewegwijzeringsplan voor fietsers.
Als dit niet het geval was, dan had de verkeersgoeroe van de Lagere Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Ontegenspreekbare Fietsersvriendelijke Gelijk Van De Gemeente Westenveld met geschwinde spoed en in gestrekte draf zo’n plan toch zeker voor één paal met wegwijzers voor fietsers tot in detail moeten hebben uitgewerkt en dit mogelijk onderhands als meerwerkje van het peperdure werk Diever op Dreef (Deever op Drift) hebben laten uitvoeren.
Het gaat om de paal met wegwijzers voor fietsers die op afbeelding 1 is te zien. Deze stond op de hoek van ut Kastiel en de Betonweg (Ten Darperweg). De redactie heeft deze foto op woensdag 6 november 2019 zo maar toevallig in het voorbijgaan gemaakt.
De fietser die bij deze paal stond en naar Wapse of Vledder wilde en niet wist via welke wegen hij daar naar toe kon fietsen, werd naar een omrijroute door wellicht de Heufdstroate of de Peperstroate gestuurd. De kortste route via de Aachterstroate of de Betonweg (Ten Darperweg) stond niet aangegeven.
De fietser die bij deze paal stond en naar de Deeverbrogge wilde, maar niet wist via welke wegen hij daar naar toe kon fietsen, werd helaas naar een omrijroute door de veel te vroemvroemvriendelijke Heufdstroate en het veel te vroemvroemvriendelijke Meul’nende gestuurd en werd daarmee niet geattendeerd op een korter tochtje over het rustige schilderachtig mooie Kastiel, door de Dwarsdrift en langs de huidige Bolderbrink naar het Moleneinde.
De fietser die bij deze paal stond en naar Assen wilde, maar niet wist via welke wegen hij daar naar toe kon fietsen, werd helaas ook naar een hele lange omrijroute door de veel te vroemvroemvriendelijke Heufdstroate en het veel te vroemvroemvriendelijke Meul’nende naar de Deeverbrogge gestuurd en werd daarmee een veel korter tochtje over de prachtige vroemvroemvrije Grönnegerweg, langs hunnebed D52 en langs ut Aar’mhuus naar de Gowe onthouden.
De bestemmingen op de onderste wegwijzer aan de rechterkant van de paal waren helaas helemaal niet meer leesbaar, maar de redactie had het vermoeden dat het ging om de plaatsen Dwingel en Möppel.
Het kan natuurlijk zo zijn dat de redactie zich op 6 november 2019 vergiste en dat de verkeersgoeroe onder de Lagere Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Ontegenspreekbare Fietsersvriendelijke Gelijk Van De Gemeente Westenveld wel degelijk in het peperdure herbestratingswerk Diever op Dreef (Deever op Drift) een slim en doorwrocht fietserswegwijsplan had opgenomen en was het wellicht de bedoeling de op afbeelding 1 zichtbare paal met de wegwijzers voor fietsers te vervangen en te verplaatsen naar een betere plaats of wordt hier wellicht een bord met een plattegrond met fietsverkeersknooppunten geplaatst of wordt hier wellicht een hypermodern toekomstbestendig toekomstvast hangjongerenbestendig duurzaam aanraakscherm met een routeuitstippelprogramma geplaatst.
Maar het had ook zo maar eens kunnen zijn dat de verkeersgoeroe van de Lagere Dametjes en Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Ontegenspreekbare Fietsersvriendelijke Gelijk Van De Gemeente Westenveld had besloten de op afbeelding 1 zichtbare paal met de verkeerde wegwijzers voor fietsers in het kader van de uitvoering van het peperdure herbestratingswerk Diever Op Dreef (Deever op Drift) wel te ruimen, maar niet te vervangen door iets anders.
Want tegenwoordig acht de gemeentelijke overheid (The Public Policy Industry) dat elke burger zich zelf moet kunnen redden tot op hoge leeftijd. Dus ook op de fiets. En dus zeker zijn eigen te volgen weg met bijvoorbeeld een routeberekenprogramma op de slimme telefoon of op de fietscomputer moet kunnen bepalen. Een kompas en een kaart gebruiken mag natuurlijk ook. Fietsers zoek het toch lekker allemaal zelf uit.
De redactie heeft de foto voor afbeelding 2 gemaakt op vrijdag 28 november 2020 zo maar toevallig in het voorbijgaan gemaakt. En wat bleek ? Niets van het hiervoor beweerde bleek te zijn uitgevoerd. Op dezelfde plek staat dezelfde paal, maar wel met nieuwe fietswegwijzers. Dus geen verbeterde bewegwijzering, geen fietsknooppuntenborden, geen plattegronden en geen apparaten met aanraakschermen. Fietsers zoek het toch lekker allemaal zelf uit.
Voor alle personen die denken het Deevers te beheersen en voor alle personen die het Deevers nog niet beheersen, maar ijverig en ernstig bezig zijn met het leren van het Deevers volgt hier de vertaling van de titel van dit bericht: Die vreemde richtingaanwijzer bij het paardenmarkterrein.

Afbeelding 1
De redactie heeft deze foto op woensdag 6 november 2019 gemaakt.
Afbeelding 2
De redactie heeft deze foto op vrijdag 28 november 2020 gemaakt.

Posted in Maarktturrein, Toeristenindustrie, Toevallige waarneming | Leave a comment

Ik vurwaagte altied bericht van oe

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart is een zogenaamde vier-luiks ansichtkaart. De kaart is in 1922 verstuurd. De kaart werd in Wapse verkocht door bakker Marten Dijkstra. De kaart is gedrukt bij G. Riezebos in Ede.
De vier afbeeldingen op de hier afgebeelde ansichtkaart zijn elk ook op een aparte ansichtkaart uitgebracht.
Zie bijvoorbeeld de afbeelding Grootmoeder aan ’t spinnen.

De in Wapse wonende Aaltje Moes verstuurde de ansichtkaart in 1922 naar haar nicht mejuffrouw H. van Housselt, paviljoen 2, Dennenoord, Zuidlaren. Op de achterkant schreef ze de volgende tekst.

Lieve Nicht,
Gij schrijft nooit en nu moet ik maar weer beginnen. ’t Is net als wij geen familie meer zijn, wij hooren geen taal of teeken van u,  noch van de Dedemsvaart. Ik wou graag weten wanneer u met verlof gaat, want dan wou ik ook haast komen op de fiets. ‘k Wou graag met de Pinksteren, want dan gaat L. uit en mijn vriendin ook.
Groeten van ons allen,
Aaltje Moes

Het niet uit eigener beweging versturen van wenskaarten is een veel voorkomend a-sociaal verschijnsel, vooral met de kerstdagen en nieuwjaar. Ai’j mee neet ièst un koatie stuurt, dan stuur ik oe ur ok gien iene. Het geval van Aaltje Moes is nog erger. Wel steeds maar weer contact zoeken, wel steeds schitterende Wapser kaartjes versturen, maar nooit antwoord krijgen.

Posted in Ansigtkoate, Wapse | Leave a comment

Klaas Kleine, de siersmid en romanticus uut Deever

In het blad ‘Kijk op het Noorden, het maandelijkse signalement van het economische, culturele, maatschappelijke en recreatieve leven in Noord-Nederland’,  jaargang 15, nummer 76, uitgave april 1983, staat op bladzijde 13 bijgaand artikeltje over alleskunner wijlen Klaas Kleine (geboren op 20 maart 1940 op Koldervene, veel te jong overleden op 24 oktober 2000 in Deever). Bestaat het blad ‘Kijk op het Noorden’ nog ?

Klaas Kleine, siersmid en romanticus

Vroeger had ieder dorp minstens één hoefsmid. Het was in de tijd, dat er in de landbouw nog veel paarden werden gebruikt. Het smeden van de ijzers in het laaiende vuur en het beslaan van de paarden waren karweitjes die meestal door een groepje mensen werd gadegeslagen. De dorpssmederij was, evenals het café, de plaats waar meestal tegen de avond mannen zich verzamelden en vooral in de winter was het een lekker warm plaatsje om het nieuws uit te wisselen en herinneringen op te halen.
Tractoren hebben de meeste paarden verdreven en de dorpssmederijen zijn vrijwel alle verdwenen. Daarmee is een stukje romantiek verloren gegaan. Maar Diever heeft nog een hoefsmid en nog wel een die zeer romantisch is aangelegd. Klaas Kleine, 42 jaar, wiens markante hoofd getooid is met een baard, hecht zeer aan het verleden. Eenmaal per jaar, in de herfstvakantie, probeert hij het zelfs zo goed mogelijk te laten herleven. Dan trekt hij zich met vrouw en kinderen terug in het achterhuis. Elektriciteitsvoorziening en waterleiding worden dan volkomen genegeerd. Het vuur levert de warmte en een oude pomp zorgt voor het water. In de smidse wordt de blaasbalg met de hand bediend. De kinderen schikken zich met veel plezier in het terugzetten van de klok naar vroeger en vermaken zich met lei en griffel.
Ook het overige deel van het jaar is Klaas Kleine een echte romanticus. Hij zet het oude ambacht, dat zijn vader ook al beoefende, voort in het smederijtje aan de Brink. Met het maken van hoefijzers kan hij uiteraard niet meer aan de kost komen. Al geruime tijd geleden begon hij zich toe te leggen op her maken van siersmeedwerk. Evenals de hoefsmeden vroeger trekt hij daar mensen mee, niet in de laatste plaats toeristen. ’s Zomers geeft hij dan ook geregeld demonstraties van siersmeden.
Kleine heeft zich ook op het maken van violen toegelegd, want hij houdt veel van muziek, vooral uit de middeleeuwen. Zijn eerste viool maakte hij van hout van sigarenkistjes, daarna knapte hij een oude viool op en zijn grote kunststuk was het nabouwen van een middeleeuwse vedel. Een andere prestatie van hem is dat hij het oude landgeitenras van de ondergang heeft gered door een fokcentrum op te richten. Hij had het geluk, dat in een dierentuin nog een paar exemplaren van het vroeger zo geliefde, maar praktisch verdwenen ras, aanwezig waren.
Het ligt voor de hand dat Kleine van zijn eigen Drentse taal houdt. Hij spreekt en leest deze niet alleen, maar enkele jaren geleden is hij ook begonnen er zelf in te publiceren. Hij schreef gedichten en begon aan een Drentse vertaling van het boek Job uit het Oude Testament.
Wie een stukje oude Drentse sfeer wil proeven kan op weinig plaatsen zo goed terecht als bij de smid Klaas Kleine.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Alleskunner wijlen Klaas Kleine (dertien ambachten en geen ongelukken, van nature kritisch en een beetje cynisch) was onder meer hoefsmid, siersmid, edelsmid, romanticus, historicus, bouwkundige, huizenbouwer, restaurateur, timmerman, metselaar, geitenfokker, kaasmaker, vioolbouwer, toneelspeler, schrijver, dichter, vertaler, onderzoeksjournalist, klokkenluider, koster, ouderling, kerkvoogd (als nog een kunde aan deze lijst moet worden toegevoegd, aarzel dan niet die aan de redactie door te geven).
Meer gegevens over Klaas Kleine zijn te vinden op een bladzijde van Wikipedia.
Wijlen Klaas Kleine (geboren op 20 maart 1940 op Koldervene, veel te jong overleden op 24 oktober 2000 in Deever) kocht op 14 oktober 1966 het huis op de hoek van de grote en kleine Peperstraat voor f. 6.000,- van Aaltje Haveman, de weduwe van Hendrik Koning, en ging met het pand aan de slag op basis van een vermetel plan voor restauratie en herbouw.
Op een afbeelding uit 1955 is het erfgoedlijstwaardige pand nog met het achterhuis te zien, vóórdat burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen besloten alvast het achterste deel van het erfgoedlijstwaardige pand af te laten breken. Op een afbeelding uit 1964 of 1965 is het overblijvende deel van het erfgoedlijstwaardige pand te zien ná de afbraak van het achterste gedeelte van het pand. Merk op dat toen in het bovenlicht van de voordeur geen levensboom als sierelement aanwezig was.
De foto in bijgaande afbeelding van het artikel is in april 1983 gemaakt in de smederij an de Peperstroate.
Op de kleurenfoto -die de redactie op 20 november 2005 heeft gemaakt- is de woning en smederij van Klaas Kleine te zien. Woonde toen de weduwe van Klaas Kleine nog in het pand, of woonde zij inmiddels elders ?
In Deever doen sterke geruchten de ronde dat ijverige dorpskrachten van de plaatselijke heemkundige vereniging weer eens bezig zijn met ‘een boekje’, deze keer is het onderwerp Klaas Kleine. Het kan bijna niet missen zo’n vijftien jaar na zijn verscheiden. De redactie adviseert de dorpskrachten ‘het boekje’ de titel ‘Klaas Kleine, het meraekel van Deever’ te geven, want de eretitel ‘oraekel’ is al vergeven.

Posted in Deever, Klaas Kleine, Neringdoende, Peperstroate | Leave a comment

Toen de Groningerweg nog helemaal een zandweg was

In het kader van het behoud en het volledige herstel van het landelijke karakter van de oude esgronden rond Diever is het erg noodzakelijk her en der bestaande bestratingen te verwijderen, dat wil zeggen de zandwegen die in de zestiger jaren van de vorige eeuw onnodig onder straatklinkers zijn verdwenen in oude glorie te herstellen.
In het geval van de Groningerweg betekent dit het opbreken van de straatweg tussen de overbodige zo genoemde Steenakkersweg en de huidige horeca-gelegenheid in het voormalige gesticht Armenwerkhuis. Het zij zo.
Tegenwoordig zijn er zandmengsels te bedenken die voldoende draagkrachtig zijn om die paar langsrijdende auto’s per dag te kunnen tillen zonder in het regen- en winterseizoen te vervormen.
Op de ansichtkaart uit de zestiger jaren van de vorige eeuw is de oude vertrouwde Groningerzandweg even voorbij het Hunebed te zien, rechts is de voorkant van de woning van de familie Bijker te zien. Waar zijn de Bijkers gebleven ?

Posted in Ansigtkoate, Deever, Grönnegerweg, Heezeresch, Saandweg | Leave a comment

Carbid schieten is nu een nationaal erfgoed

Op 30 juni 2014 verscheen in de Meppeler Courant het navolgende korte bericht over het kebid scheet’n (carbid schieten), dat op de lijst van zo genoemd immaterieel erfgoed is komen te staan.

Wapse – Carbid schieten krijgt een plaats op de nationale erfgoedlijst. De traditie waarbij een melkbus wordt gevuld met carbid die dan met veel kabaal moet ontploffen, komt als vijftigste op die lijst. Dat heeft Ineke Strouken, directeur van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) bekend gemaakt. De zo genoemde Nationale Inventaris van Immaterieel Erfgoed in Nederland moet gemaakt worden, omdat Nederland de conventie van de VN-organisatie heeft ondertekend.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Dit bericht is zeker de moeite waard in het Deevers Archief te worden opgenomen. Eindelijk is daar die nationale erkenning voor een breed over het Nederlandse platteland verspreide oudejaarsgebruik. Zie de webstee www.immaterieelerfgoed.nl.

Hebben de kebied scheeters in Deever en Wapse daar zo lang op zitten wachten ? Dat zal toch niet zo zijn ? Het nalaten van deze lawaaiige traditie aan komende generaties zal zonder die vijftigste plaats (en laatste ?) op die erfgoedlijst zeker ook wel lukken. Of zitten er voordelen aan om op zo’n lijst te staan ? Bijvoorbeeld stelt het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed uit een erfgoedfonds zo nu en dan geld beschikbaar voor het aanschaffen van nieuwe melkbussen (worden die nog wel gemaakt) ?

En waarom is de op sterven na dood zijnde prachtige traditie van bolderen niet, nog niet of nog steeds niet in die Nationale Inventaris Immateriaal Cultureel Erfgoed Koninkrijk Nederland opgenomen ? En waarom staat het ‘poasvuur sleep’m’ niet op die lijst ?.

De vraag wanneer het kebied scheet’n binnen de gemiente Deever is begonnen lijkt niet zo moeilijk te beantwoorden.
De vraag is meer wanneer Grote Frièrik Ofrein an ’t Kleine Brinkie, de Kloeze in de Heufdstroate, de Kloeze in Wittelte en Santing in Wapse daadwerkelijk zijn begonnen met autogeen lassen, want bij deze lasmethode wordt kebied gebruikt.
Het autogeen lassen dateert van na 1880. Voorstelbaar is dat deze lasmethode ongeveer 110 jaar geleden voor het eerst binnen de gemiente Deever werd toegepast. Omstreeks die tijd of later zal in de gemiente Deever met kebied scheet’n zijn begonnen. Dus deze traditie zal ongeveer een eeuw oud zijn. Voorstelbaar is ook dat het kebied scheet’n uit andere streken is overgenomen en niet in de gemiente Deever is uitgevonden..

In de naoorlogse periode van weinig geld en weinig vuurwerk kocht de jeugd tegen het oude jaar voor een paar kwartjes een klompe kebied bij de smid. Voor het gewone lichtere gebolder (geknal) maakten de jongens gebruik van goed afsluitbare blikken (bijvoorbeeld verfblikken), hoe beter het blik afsloot hoe harder de knal, maar een Buisman-blikje deed het ook wel een tijdje. Met een hamer en een spijker een gaatje in het midden van de onderkant van het blik slaan, een klontje kebied in het blikje, flink wat speeje (spuug) erbij, lid (deksel) op het blikje drukken, even schudden voor een goede gasontwikkeling, blikje onder de klomp, vuurtje bij het gaatje houden en boem. En dan doorgaan met het gebolder, totdat het blikje het begaf. Je was een soort van held voor tien minuten als je de grotere blikken vanuit de hand durfde te laten knallen.

Maar als de culturele verscheidenheid in Nederland mag worden vergeleken met de zeer rijke culturele verscheidenheid in een land, zoals Perú, dan is het in Nederland maar armoedig gesteld met het nog overgebleven immateriële culturele erfgoed.

Posted in Aarfgood, Kebied skeet’n, Poasvuur | Leave a comment

Pannekoekenboerderij Dieverszicht is niet meer

Op bladzijde 22 van de Recreatiekrant Drents-Friese Wold uit 2012, die is uitgegeven door Boom Regionale Uitgevers, stond een advertentie van de nu al niet meer bestaande pannekoekenboerderij Dieverszicht an de Aachterstroate.bee’j de Eendeviever.

De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt. De boerderij met adres Aachterstroate 9 in Deever was toen in gebruik als woning. De redactie heeft nog niet uitgezocht wanneer (ergens in 2012, 2013, 2014, 2015 of 2016) de uitbaters van pannekoekenboerderij Dieverszicht in deze toeristisch volatiele omgeving met het bakken van pannekoeken zijn gestopt. De redactie vond vooral de pannekoek met gember erg lekker.
De redactie heeft helaas geen dossiertje van deze horeca-onderneming aangelegd, maar het internet biedt gedeeltelijk uitkomst.
De redactie weet niet wanneer de pannekoekenboerderij Dieverszicht is geopend. Kort na de sluiting van museum Radio Wereld, dat tot in 1999 in deze boerderij was gevestigd ?
Wel is het zo dat de webstee www.dieverzicht.nl niet meer is te bezoeken en dat de domeinnaam www.dieverszicht.nl op dit moment te koop is.
Het is een geruststelling dat de webstee van het Internetarchief (The Internet Way Back Archive) (archive.org/web) als doel heeft voor altijd (voor altijd is wel erg lang) universele toegang te bieden tot alle via het internet bereikbare menselijke kennis. Zo ook tot de erg beperkte kennis die is opgeslagen in alle versies van de webstee www.dieverszicht.nl van pannekoekenboerderij Dieverszicht. Klik op de navolgende link voor het raadplegen van een van de versies van de webstee van pannekoekenboerderij Dieverszicht.

Posted in Aagterstroate, Bedrief, Boerdereeje, Deever, Neringdoende, Toeristenindustrie | Leave a comment

Een vierkante band van straatklinkertjes

In de Volkskrant van 1 juni 1962 verscheen nummer 340 van de door Lijntrekker getekende rubriek ‘het merckwaerdigste meyn bekent’, waarin hij aandacht besteedde aan de kerk aan de brink van Deever.
Als Lijntrekker tekende en beschreef Jan Bouman decennia lang heemkundige varia voor de Volkskrant. Geen gevelsteen, windwijzer of tegeltableau in Amsterdam en de rest van Nederland sloeg hij over. Zo vergat hij ook de kerk aan de brink van Deever niet.
De tekst die boven de zuidelijke ingang van de kerk staat, is links boven in de afbeelding duidelijk te lezen, echter de tekst van de voetnoten niet, die luidt als volgt:
In het Drentse dorp Diever staat op het ruime plein de hervormde kerk, eertijds gewijd aan Sint Pancratius. Boven de zuidelijke ingang staat een vierregelig vers te lezen, verduidelijkt door twee voetnoten, dat herinnert aan de blikseminslag van 1759, die de toren trof. Het bovendeel van de toren en de kerk brandden uit.
Bij de restauratie van het kerkgebouw in 1955 werden de resten ontdekt van niet minder dan zeven voorgaande kerken, waarvan de eerste drie uit de negende en tiende eeuw dateren.
Aan de westkant van de toren is de opmerkelijkste ‘voetnoot’ aangebracht. Een vierkante band van straatklinkertjes geeft tussen het gras de grondslag aan van de vroegere toren, die los stond van een houten zaalkerkje met versmalde absis.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft de kleurenfoto, met daarop te zien de vierkante band van straatklinkertjes, op 21 november 2014 gemaakt. De redactie heeft de kleurenfoto, met daarop te zien de markante paarsgebroekte Jans Roelof Tabak, koster en klokkenluider (en orgelpomper en lijkwagenkoetsier ?) van de Heilige Sint Pancratius Kathedraal aan de Brink van Deever, op 13 november 2008 gemaakt.

Posted in Brink, Deever, Kaarke an de brink, Tiekening, Tillegröppe, Toor'n an de brink | Leave a comment

Deeverbrogge – Uit de diligence en op de boerenkar

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 24 juli 1852 verscheen het volgende grappige korte bericht over twee diligences die in de buurt van de Deeverbrogge met de assen tegen elkaar reden.

In den nacht van woensdag op donderdag jongstleden zijn de diligence van Burgers, die van Meppel kwam, en die van Visscher en Kiesbrink, die van Assen kwam, tusschen deze plaats en Dieverbrug met de assen tegen elkander gereden, zoodat de eerstgenoemde is beschadigd, en de reiziger, welke zich daarin bevond en welke toevallig de heer Visscher was, de reis in een boerenwagen moest vervolgen; de andere diligence heeft geen letsel bekomen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging uut Deever heeft in 2014 zijn 20-jarige bestaan ‘opgeluisterd’ met de uitgave van het jubileumboek ‘An de Brogge’.
In het boek zijn volgens zeggen de resultaten van een zoektocht naar de rijke historie van de Deeverbrogge gepubliceerd.
In het boek zijn volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– kampeer- en bungalowterrein Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialen Concordia,
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Zowaar een zeer indrukwekkende en hopelijk niet-eindige lijst van onderwerpen.
De Deeverbrogge lag vanouds op het kruispunt van twee belangrijke routes. In het boek aandacht besteden aan de scheepvaart en de tramlijn is natuurlijk prima, maar ook aan het rijdende verkeer over de weg had gepaste aandacht mogen worden besteed.
In het midden van de negentiende eeuw was de diligence, een door paarden getrokken reiswagen of postwagen, een veel gebruikt vervoermiddel. Blijkbaar waren in die tijd twee concessiehouders actief op de route langs de Drentsche Hoofdvaart van Meppel naar Assen. En als een diligence het begaf, dan wachtte je als eigenaar van een diligence (Visscher) niet op de diligence van de concurrent, maar dan vervolgde je de reis op een boerenwagen.
De redactie van het Deevers Archief gaf destijds de samenstellers van het genoemde jubileumboek in overweging het hiervoor vermelde krantebericht als annekkedote op te nemen in het boek. Of dit grappige berichtje daadwerkelijk in het boek is opgenomen, dat is bij de redactie niet bekend.

Posted in An de Deeverbrogge, Openbaar vervoer | Leave a comment

De nieuwe gevangenis an de Deeverbrogge in 1852

In de Grunniger Kraante van 19 november 1852 verscheen het navolgende zeer korte berichtje over het nieuwe huis van bewaring an de Deeverbrogge.

Tot leden van het collegie van toezigt over het nieuw gesticht huis van bewaring te Dieverbrug, zijn  door den heer commissaris des Konings in  deze provincie benoemd: de heeren S. van Roijen, burgemeester van Diever en Vledder; mr. G. W. van der Feltz jr., burgemeester van Dwingelo, en mr. W.O. Servatius, advokaat en notaris ter laatstgenoemde plaats, terwijl tot cipier is aangesteld Jan Stoker, gewezen geregtsdienaar te Assen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De plaatselijke heemkundige vereniging heeft in 2014 haar 20-jarige bestaan opgeleukt met een jubileumboek, waarin volgens zeggen ten minste de volgende onderwerpen aan de orde zijn gekomen:
– scheepvaart;
– kalkovens;
– recreatiecentrum Ellert- en Brammert;
– noodslachtplaats;
– bedrijvigheid aan de loswal;
– tramlijn langs de Drentsche Hoofdvaart;
– hotel-restaurant-café Blok;
– bouwmaterialenhandel Concordia;
– postkantoor;
– steenfabriek;
– winning van ijzeroer;
– arrestantenlokaal achter hotel Blok;
– kermissen;
– markten;
– culturele voorstellingen en  filmvoorstellingen;
– dansavonden.
Voorwaar een hele kloeke uitdagende lijst, waar de dorpskrachten van de Deeverbrogge hun (kunst)tanden in stuk zullen hebben gebeten.

Het arrestantenlokaal stond bij het posthuis van kastelein Wind, later het logement van De Vroome, an de Deeverbrogge.
Mr. Stephanus van Roijen (geboren op 3 september 1798 in Vledder, overleden op 28 februari 1883 in Middelstum) was van 1848 tot 1872 burgemeester in de gemiente Deever. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Gustaaf Willem van der Feltz (geboren op 21 juni 1817 in Groningen, overleden op 4 juli 1863 in Dwingel) was van 1852 tot 1855 burgemeester van de gemiente Dwingel. In de webstee wikipedia.org zijn meer gegevens van hem te vinden.
Mr. Wicher Onko Servatius (geboren op 26 juli 1822 in Zuidlaren, overleden op 2 februari 1892 in Assen) was in de periode 1851-1883 advocaat en notaris in Dwingel.
De cipier Jan Stoker werd geboren op 4 juli 1797 in Assen en overleed op 6 november 1854 an de Deevebrogge.
De redactie weet niet of de twee hier vermelde berichten zijn verwerkt in het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever.


Posted in An de Deeverbrogge, Dorpskracht | Leave a comment

Kamplied jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe

Van de heer Pieter Verdonk (geboren in 1939) ontvingen wij op 16 september 2014 de navolgende bijdrage over zijn tijd als groepsleider in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe. Dit keer bericht hij over het kamplied van het jongenskamp .
De redactie van ut Dievers Archief is hem bijzonder erkentelijk voor deze bijdrage aan de geschiedschrijving over dit kamp. Wellicht lezen andere oud-kampbewoners dit bericht en kunnen zo nodig aangeven of de tekst van het kamplied aanpassingen behoeft.  

Leuk dat u mijn bijdrage over de organisatie van De Eikenhorst zo heeft gewaardeerd.  Ik heb nog iets, dat misschien leuk is: de tekst van het kamplied.  Wie het geschreven heeft weet ik niet, wel weet ik dat wij als jongens en staf het bij vele gelegenheden zongen.

Kamplied van De Eikenhorst
Heft aan Eikenhorsters, zingt allen het lied
van het kamp tussen eiken en berken.
Waar vind je in Nederland een mooier stuk natuur
om een jaar aan jezelf te werken.
Wij treden des morgens als jongens en staf
bij onze vlag tezamen,
en gaan dan eenieder naar ons eigen werk met spoed
om ‘s avonds te zeggen: de dag was goed,
met leren en sporten en spitten
met zingen en spelen en handarbeid.
Wij mopperen en fluiten
in groep en daarbuiten
Om na een jaar te zeggen: ‘t was een machtige tijd!

Ik hoop dat het helemaal goed is!

Vriendelijke groet,
Pieter Verdonk

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

De stand der electrificatie van Deever in 1924

Op 5 september 1924 verscheen in de Provinciale Drentsche en Asser Courant het navolgende bericht over de stand der electrificatie in de gemiente Deever.

De electrificatie
Met de electriciteitsvoorziening onzer gemeente begint het al aardig op te schieten. In de kom van het dorp en ook te Dieverbrug zijn de meeste aansluitingen, zoowel buiten als binnenshuis gereed, het transformatorengebouwtje te Dieverbrug is zowat voltooid, terwijl met het bouwen van dat bij de boterfabriek een aanvang is gemaakt.
Het elektrisch licht belooft een heele verbetering te worden, vooral ook wat de straatverlichting betreft. Tot heden was alleen de kom door petroleumlantaarns verlicht; straks wordt ook de hele weg naar Dieverbrug electrisch verlicht, wat vooral een groot gemak beteekent voor menschen, die van of naar het tramstation Dieverbrug moeten.
Nu de avonden weer beginnen te komen, begint men allerwege reeds naar een spoedige stroomlevering te verlangen, hoewel dat nog wel enige tijd zal duren.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De aanleg van de electriciteitsvoorziening van Oldendeever, Kaltern, Wapse, Wittelte en ’t Moer gebeurde in de jaren na 1924.
In het bericht in de Provinciale Drentsche en Asser Courant wordt met de boterfabriek bedoeld de zuivelfabriek (de botterfebriek) aan het Moleneinde in Deever (nu is Garage Boer in het gebouw gevestigd). In dat bericht wordt met het tramstation Dieverbrug bedoeld het in het hotel-café an de Deeverbrogge gevestigde station van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij. De tramlijn langs de voart werd in 1933 opgeheven.
Op bijgaande afbeelding van de ‘overzichtkaart van den stand der electrificatie in de provincie Groningen en in het noordelijk deel der provincie Drente op 31 december 1924’ te zien. Deze overzichtskaart is afgebeeld in het gedenkboek ‘Tweestromenland, electriciteitsvoorziening in Groningen en Drenthe’ , dat is 1988 uitgegeven ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van het Electriciteitsbedrijf Groningen en Drenthe (EGD) 
Op de helaas niet zo scherpe afbeelding is zichtbaar de netkaart van het concessiegebied van het Electriciteitsbedrijf Groningen en Drenthe op 31 december 1924. Het concessiegebied in de provincie Drenthe werd aan de zuidzijde begrensd door een lijn lopende door de gemeenten Emmen en Sleen, langs de zuidgrens van de gemeente Zweeloo, door de gemeenten Westerbork en Beilen en langs de zuidgrens van de gemeenten Dwingelo, Diever en Vledder’.
De ononderbroken rode lijnen stellen de 10 kV (10.000 V) lijnen voor. De 10 kV-lijn langs de Drentsche Hoofdvaart eindigde in 1924 in Wittelte. An de Deeverbrogge liep een zijtak naar Deever en Vledder.
Op de kaart is aan de gele kleur te zien dat de aandere kaante van de bos (Olde Willem, Woater’n en Zorgvlied) niet was aangesloten op het hoogspanningsnet (voor zover 10.000 V als hoogspanning is te beschouwen) van het Electriciteitsbedrijf Groningen en Drenthe.

Posted in Gemiente Deever | Leave a comment

Ut hulp-postkantoor an de Deeverbrogge

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant verscheen op 8 maart 1864 het volgende korte bericht over het hulppostkantoor an de Deeverbrogge.

Diever, 6 maart.  Volgens opgave van den brievengaarder van het hulp-postkantoor te Dieverbrug, zijn in het verloopen jaar de navolgende particuliere brieven ontvangen, als: 6408 van Meppel, 4245 van Assen, 605 van Groningen, 139 van Havelte, 968 van Smilde en 336 uit de bus, total 12701 en verzonden: naar Meppel 5695, Assen 4686, Havelte 157 en Smilde 1124, totaal 11662, zoodat het getal verzonden en ontvangen brieven bedraagt 24363.
Wanneer men nu aanneemt, dat van iedere brief 5 cent port wordt betaald, dan hebben deze brieven eene waarde opgebragt van f. 1218,15.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het is wellicht van enig belang te weten dat an de Deeverbrogge ooit een hulppostkantoor heeft gestaan.
Of het kantoor in 1864 op de plek stond waar het hulppostkantoor in de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw stond (met hulppostkantoorhouder Jan Doorten), dat is bij de redactie van ut Deevers Archief nog niet bekend.
In het jubileumboek ‘An de Brogge’ van de heemkundige vereniging uut Deever zullen ongetwijfeld beelden en woorden zijn besteed aan de postale, telefonische en telegrafische activiteiten an de Deeverbrogge.

Posted in An de Deeverbrogge, Boek An de Brogge, Postkantoor | Leave a comment

Twee verhalen van luitenant parachutist Gilles Anspach

Twee verhalen van luitenant parachutist Gilles Anspach
De Koninklijke Bibliotheek van België (Bibliothèque Royale de Belgique) in Brussel (Bruxelles) is in het bezit van de jaargangen 1946 tot en met 1951 van het album ‘Coeurs Belges’. In het Franstalige tijdschrift komen ook Belgen aan het woord die in de Tweede Wereldoorlog een heldhaftige rol in de strijd tegen de Duitsers hebben gespeeld. Tweede luitenant parachutist Gilles Anspach beschijft in twee nummers van de jaargang 1946 van genoemd tijdschrift zijn herinneringen aan de strijd van eenheden Franse commando’s van de Britse Special Air Service (S.A.S.) bij Diever en Appelscha in de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog. De twee verhalen zijn op deskundige wijze vertaald door mevrouw Karin Broekema. De redactie is haar daarvoor zeer erkentelijk. De twee verhalen verschenen onder de titel ‘Parachutistes en campagne’ (deel 1) en ‘Le grande jour’ (deel 2).

Deel 1: Parachutisten ten strijde – Een verhaal van Gilles Anspach

Haar neef, luitenant parachutist Gilles Anspach heeft het voorrecht gehad te vechten tegen de Duitsers op de slagvelden in Frankrijk en Nederland, waar zijn briljante gedrag hem de hoogste militaire onderscheidingen opleverde. Nadat we hem onlangs in de stad hadden ontmoet, vroegen we hem om voor de lezers van Coeurs Belges wat herinneringen aan zijn campagnes op te halen. We danken hem dat hij zo vriendelijk heeft toegegeven aan onze wens.

De Duitsers werden onherroepelijk verslagen. Montgomery was over een breed front de Rijn overgestoken: deze operatie liep als een precisiemachine met in olie glijdende tandwielen. Elke avond kwamen de Engelse troepen aan op het punt dat hen de dag ervoor was aangewezen, ze bezetten onverbiddelijk het gebied van het Derde Rijk. De Amerikanen haastten zich. Patton overtrof zichzelf: zijn gepantserde eenheden drongen door tot in het hart van Duitsland

—-

In die tijd hadden Gilles Anspach en zijn medeparachutisten een rustig leven op het Engelse platteland. Zij kwamen de dagen door met zonnebaden, wandelen en het drinken van whiskysoda. Over deze ledigheid beklaagden zij zich allen. Men zei destijds tegen elkaar met een zucht: “Ze zullen de oorlog zonder ons beëindigen”. Een telefoontje van het hoofdkwartier bracht hen echter opnieuw in de strijd. De parachutisten werden met hun wapens en hun bagage naar een apart kamp gebracht. Het kamp was omringd met prikkeldraad, want de Engelsen houden er niet van aan geheime militaire operaties ruchtbaarheid te geven. De parachutisten begrepen direct dat hen iets te wachten stond.

De Britse commandant had besloten een einde te maken aan de Duitse weerstand in Nederland. Het tweede Canadese leger moest Nederland in tweeën delen, zodat de Noordzee in de omgeving van de stad Groningen kon worden bereikt, terwijl het grootste gedeelte van de Engelse troepen richting Bremen zou trekken. Het vierde Franse bataljon van parachutisten, waaronder de eenheid van Gilles Anspach moest in groepen van tien personen landen voor de Canadese troepen. Het bataljon moest talrijke bruggen in de omgeving van de stad Groningen ontdoen van mijnen. Ook moest het bataljon de bruggen bezetten tot de komst van de geallieerden. Belgische parachutisten namen eveneens deel aan deze operatie. Deze parachutisten bevonden zich reeds in Nederland en waren uitgerust met jeeps en carriers. Deze Belgische parachutisten stonden in dienst van de Britse verkenningstroepen.

Op 7 april 1945 verliet het bataljon het kamp in Engeland. Het bataljon verliet het kamp in bezit van wapens en munitie. Bij de aankomst op het vliegveld bekeken de parachutisten hun parachutes. De parachute van Gilles Anspach had niet dezelfde kleur als die van zijn medeparachutisten. Dat beviel hem niet. “Het klinkt misschien belachelijk, maar op zo’n moment word je natuurlijk bijgelovig.”, aldus Gilles Anspach.

De Engelse en de Franse commandanten kwamen voor de laatste keer bij elkaar. Elke eenheid bestond uit twintig mannen (redactie: deze bestond niet uit twintig, maar uit vijftien mannen). De Engelsen noemden zo’n eenheid een stick, wat rozenkrans betekent (redactie: stick betekent groep). Iedere officier had tien parachutisten onder zich (redactie: geen tien, maar zes of zeven). De parachutisten van luitenant Thomé (redactie: Edgard Tüpet-Thomé) en de parachutisten van luitenant Anspach waren samen (redactie: de stick bestond uit twee ploegen, die zelfstandig konden opereren). Officier Puy du Pin (redactie: luitenant Guy Puy du Pin) sloot zich hierbij aan. Deze officier had in de herfst ervoor een kapotte knieschijf opgelopen. De commandant van de eenheid van Anspach wilde niet dat Puy du Pin bij deze operatie de functie van officier zou uitoefenen. Het zou te veel risico’s met zich meebrengen.

De eenheid van twintig mannen (redactie: vijftien mannen) vertrok per vliegtuig. De parachutisten hebben hun vertrek met zorg voorbereid. Vlak voor het vertrek overwoog ieder de kansen op een goede terugkeer. Eveneens komen op zo’n moment herinneringen aan gevallen kameraden in voorafgaande operaties naar boven. Gelukkig is een aantal van hen gestorven zonder dat zij daar erg in hadden. Dit in tegenstelling tot degenen die stierven na een nacht van schreeuwen om hulp, omringd door kameraden die niet de mogelijkheid hadden hen te helpen. Op zulke momenten denkt men aan de personen die thuis op hen wachten. Na het opstijgen van het vliegtuig was er aan boord geen sprake meer van twintig (redactie: vijftien) verschillende individuen, maar ging het om de stick.

De officier aan boord opende het luik, zodat kon worden gesprongen. Deze officier controleerde ook onze kit-bags. Dit waren grote zakken waarin wapens, munitie en de uitrusting van de parachutisten zaten. Zo’n kit-bag woog tussen de dertig en de veertig kilo. Tijdens de val komt de kit-bag enkele meters onder de parachutist te hangen. Het vliegtuig vloog ‘s nachts boven het Kanaal via Frankrijk naar Nederland. Tijdens de vlucht werd er vanuit het vliegtuig geschoten. Dit is een gewoonte van de R.A.F. (redactie: Royal Air Force) om te testen of de wapens in orde zijn. Op een gegeven moment hoorden de parachutisten van de piloot dat het nog tien minuten zou duren, voordat de parachutisten konden springen.

Gilles Anspach sprong tegelijk met Puy du Pin. De daling duurde naar zijn gevoel erg lang en hij kwam op zijn rug terecht. Even kon hij zich niet bewegen. Hij bleef tien minuten op de grond liggen en bevrijdde zich vervolgens van zijn parachute. Hij was klaar om zichzelf te verdedigen. Hij bevond zich in een bos en hij hoorde de Duitsers.

Thomé en zijn mannen zijn niet in Duitse handen gevallen. Een half uur later zijn zij weer bij elkaar en zij slapen op hun parachutes. In de verte horen zij tanks rijden. De volgende dagen in de bossen in gezelschap van Puy du Pin zijn zij op zoek naar de Duitsers. Hierbij worden zij geholpen door de Nederlanders. De trouwste onder hen is Gees, de juffrouw van het postkantoor van Diever (redactie: Geesje Jantina Schoemaker, dochter van postkantoorhouder Lambert Schoemaker en Hilligje van Es uit de Hoofdstraat). Zij was een goed meisje en was stoutmoedig als een knaap. Er was ook iemand bij die door de parachutisten ‘de man met het houten been’ werd genoemd. Wij popelden om ten strijde te gaan. De informatie uit de omgeving werd door Thomé ironisch als welwillendheid opgevat. Geweldig was de ledigheid van Thomé. Hij gedroeg zich als een god, die naar de mens op aarde keek.

Toen wij bij het aanbreken van de dag terugkwamen, nadat wij enkele schoten met de Duitsers hadden gewisseld, of misschien wel met het Nederlandse verzet, troffen wij hem slapend in zijn slaapzak aan. Wij dachten dat onze tegenslag te wijten was aan zijn afwezigheid. Thomé leek ons onvervangbaar. In het legerkamp ontstond al snel het verhaal, dat Thomé zich vrijwillig had teruggetrokken uit de strijd. Hijzelf sprak van tijd tot tijd met zekerheid tot ons over de acties die moesten worden uitgevoerd en hoe hij dacht het bos het beste te kunnen verlaten met zijn manschappen. Geïrriteerd door zijn gedrag dachten wij vaak dat het hem aan moed ontbrak en dat hij niet met ons durfde mee te komen. Wij wisten echter allen goed dat dit niet de waarheid was.

De volgende dag vernamen wij, dat de burgemeester van Diever, collaborateur en officier van het Nederlandse Quisling leger (redactie: Quisling was in de Tweede Wereldoorlog leider van de fascistische Noorse nationaal socialistische partij en werd na de oorlog gefusilleerd wegens hoogverraad; met het Quisling leger wordt hier de N.S.B. bedoeld) probeerde te vluchten, voordat de geallieerden zouden arriveren. Onze vriend ‘de man met het houten been’ vertelde ons, dat we dat moesten proberen te voorkomen. Puy du Pin was al geruime tijd gespecialiseerd in parachutistenmissies. Hij wilde, dat wij het kwaad bestreden. Zijn rugzak was gevuld met chocolade, die hij uit wilde delen aan kleine kinderen, en voor de Nederlanders tabak, waarvan zij onthouden waren tijdens de Duitse bezetting. Hij maakte ons enthousiast met de gedachte, dat wij in de toekomst zonder twijfel bekend zouden zijn als de Franse parachutisten die de collaborerende burgemeester gevangen hadden genomen. Dit stukje geschiedenis zal door iedere generatie worden doorverteld. Het was Thomé, die voor deze dag vol met energie zat: “Laten de Nederlanders hun vuile was in eigen kring wassen. Dit is een karwei waarvan wij niet opkijken.”

Onze stick loopt in de richting van de plaats Diever. Paden langs de akkers brachten ons tot de eerste huizen in Diever. Wij kwamen op een kruispunt van twee routes aan. Wij waren schietklaar, aangezien wij bang waren verrast te worden door de Duitsers. Uit de vensters staken hoofden, maar niemand durfde naar buiten te komen, waarschijnlijk omdat wij hen te veel angst aanjoegen. Zonder slag of stoot kwamen wij aan bij het huis van de burgemeester. Gilles Anspach ging in gezelschap van Puy du Pin het huis binnen. Onze vriend met het houten been had een grote man met bril omschreven: dat was bugemeester Posthumus. Wij duwden een mitrailleur in zijn ribben. Hij liet zich zonder verzet fouilleren. Hij had twee revolvers bij zich en zijn portefeuille zat vol met papieren met het hakenkruis erop. Een vrouw, mevrouw Posthumus, rende door het huis. Ze had haar haren in de war en schreeuwde als een wilde. Onze Nederlandse collega vertelde ons, dat zij nog slechter was dan haar echtgenoot, maar wij hadden niet de moed om haar mee te nemen naar ons kamp. Het huis werd snel doorzocht. Wij vonden de lijsten met namen van Nederlandse collaborateurs uit de regio en een vlag van de N.S.B. De vlag werd naar buiten gedragen door een van onze mannen. De straten, die nog uitgestorven waren toen wij kwamen, waren nu vol met mensen. Vrouwen lieten hun vuist zien en scholden onze gevangenen uit. Puy du Pin gaf chocolade aan kleine kinderen. De meisjes lachten naar onze parachutisten. Gees van het postkantoor schreeuwde Gilles Anspach toe dat hij ook mevrouw Posthumus gevangen moest nemen. Vrouwen zijn harder tegen elkaar.

Gilles Anspach maakte van zijn mannen weer een eenheid. Gilles Anspach was opnieuw bang verrast te worden door de komst van de Duitsers en het was voor hem een opluchting, dat hij het kruispunt aan het einde van Diever kon oversteken, omringd door een uitgelaten menigte. Bij aankomst in het bos trokken zij de schoenen van Posthumus uit en bonden hem vast aan een boom. Hij was in gezelschap van drie Duitsers en twee Nederlanders, die door de vijand gestuurd waren om de positie van de parachutisten te localiseren. Zij moesten een brief in het Duits opstellen waarin werd vermeld, dat als in Diever represailles zouden plaatsvinden, zij de gevangenen zouden executeren. Dit werd bij het gemeentehuis opgehangen.

De volgende dag kwamen de parachutisten bij elkaar om te besluiten hoe verder te gaan in de strijd. Thomé vertelde dat er nog acht dagen te gaan waren, voordat de Canadezen zouden arriveren. Om deze reden moest niet te snel worden aangevallen, de Duitsers zouden daardoor immers de tijd krijgen om terug te slaan. De parachutisten zouden in het bos het juiste moment afwachten. Thomé is sinds zijn eerste missies behoorlijk veranderd. Tijdens zijn eerste missies hield hij niet op de vijand te zoeken tot hij hem had gevonden. Tijdens die gevechten was hij altijd voor zijn mannen, waarvan meer dan de helft is gestorven in Lotharingen, en nu was hij degene die voorzichtigheid in acht nam.

De volgende dag ging Gilles Anspach met acht mannen op patrouille. Thomé had hen gezegd niet het avontuur op te zoeken. Hij vergat echter dat het in een vijandelijk land niet nodig is de vijand te zoeken. De vijand komt je tegemoet. Op die dag vonden wij bij toeval een bospad. Klein, één van onze onderofficieren, riep: “Duitsers”. Op enige afstand naderden enkele Duitsers op de fiets. De patrouille sprong in een sloot om niet gezien te worden. Door een verrekijker zagen zij groene uniformen. Er was geen twijfel mogelijk. Wij zagen Duitsers op de fiets in kleine groepjes van vijf of zes personen. Als wij ze zouden aanvallen, dan zouden zij niet de mogelijkheid hebben om zich te verdedigen. Een van de mannen begreep dat dit een gemakkelijk doelwit was. Deze vroeg dan ook aan de luitenant: “Zullen wij ze gevangen nemen?” De mannen kregen het bevel om de wapens te controleren, en zij gleden door het gras in de richting van de weg.

Toen de boeren die op de akkers werkten ons zagen, gingen zij weg zonder iets te zeggen. Er naderde een Duitser op de fiets die alleen was. Zijn fiets was beladen met zakken en koffers. Gilles Anspach gaf hem het bevel te stoppen. Hij richtte zijn pistool op zijn borst en gaf hem een teken dat elk verzet nutteloos zou zijn. De fietser brabbelde enkele woorden in het Duits, en zijn wangen trilden van angst. Het was een typische Duitser: dik en met een bril. Uit zijn papieren bleek dat hij een onderofficier was. Zij doorzochten direct zijn bagage, waaruit direct een geur van saucijzen en worst kwam, die hij waarschijnlijk had gevorderd bij een boerderij uit de omgeving.

Er kwam meer fietsers aan. Een man bleef achter bij de gevangene. Er kwamen acht fietsers aan en de patrouille was acht man sterk. Ze overwogen nog even zich terug te trekken, maar het was al te laat. Vanuit de sloot zagen zij de fietsers naderen. Toen ze bij ons in de buurt waren stonden wij op. Ze waren nog geen drie meter van ons af. Lucien Klein sommeerde hen om de handen omhoog te houden. In eerste instantie zagen de fietsers ons aan voor Duitsers, en ze vertelden ons dat ze tot de Duitse Wehrmacht behoorden. Wij sommeerden hen opnieuw de handen omhoog te doen. In plaats van te gehoorzamen sprongen twee mannen in het kanaal langs de weg. Anderen richtten hun pistool op ons. Gilles Anspach riep: “Vuur”, en op hetzelfde moment gaf hij een geweerschot. Van onze eerste geweerschoten vielen vier mannen op de grond tussen de omgevallen fietsen. Wij hebben hen vanaf een kleine afstand verslagen, zonder dat wij de tijd hadden om het geweer op schouderhoogte te brengen. De Duitsers is het niet gelukt om ook maar één schot naar ons te lossen. Een van de mannen van Gilles Anspach leegde zijn pistool op degenen die zich in het water bevonden, en hield niet op totdat het hele water rood van het bloed was geworden. Een gewapende Duitser was in de sloot gesprongen. Wij hebben hem gedood zonder dat hij zich op een of andere wijze kon verzetten.

Terwijl Gilles Anspach het bevel gaf om de lijken in het kanaal te gooien, liep hij naar de eerste fietser. Hij was niet bewapend. Anspach gaf hem het bevel om hem te volgen. Door het geschiet was hij versuft geraakt. Aanvankelijk weigerde hij om te volgen. Anspach richtte zijn pistool op hem en de fietser liet zich op de grond vallen en schreeuwde. Het moest snel gaan, want zij konden verrast worden door andere Duitsers. Anspach gaf zijn mannen het bevel om er een eind aan te maken. Zij kwamen met hun gevangenen in het kamp aan. Toen wij ons avontuur aan Thomé vertelden, zei hij, dat wij niet zo trots moesten zijn op onze daden, want wij waren immers soldaten en geen slagers. Misschien heeft hij niet geheel ongelijk gehad, want wij hadden ons wild niet de kans gegeven om zich te verdedigen.

Deel 2: De grote dag – Een nieuw verhaal van luitenant Gilles Anspach

Wachtend op de Canadezen
Op onze legerbasis in het bos wachtten wij op de grote dag. Thomé rustte uit en wij hadden niet veel bijzonders te doen. Er was luchtalarm. Er waren schermutselingen, waarop vervolgens niets gebeurde. Er waren kleine verspreide geheime gevechten, zoals aanslagen. Parachutisten van een andere eenheid lieten ons tijdens hun patrouille weten wat in de omgeving gebeurde en wat zes andere sticks van onze compagnie was overkomen.
“Tijdens de landing”, zeiden zij tegen ons, “is onze commandant in een denneboom terechtgekomen. De naalden van de boom hebben zijn ogen getroffen. Hij is twee dagen helemaal blind geweest, maar nu komt langzaam zijn gezichtvermogen terug.” De brug van Appelscha was ons doel. Thomé had ons beloofd die twee dagen voor de komst van de Canadezen te bezetten, maar was al onbeschadigd in handen gevallen van onze collega parachutisten. Een van hen was Duno, een Breton, die trots op zijn afkomst was. (redactie: Eerste luitenant Maurice Duno, commandant van de twaalfde stick). Hij had met zijn tien mannen (redactie: veertien mannen), midden op de dag de Duitsers verrast. Zij hadden de brug ontdaan van mijnen. Duno en zijn mannen waren nu belast met het bewaken van de brug. Andere parachutisten hadden zich bij hen gevoegd en Appelscha werd nu bewaakt door veertig Fransen. Onder hen bevond zich de commandant (redactie: kapitein Pierre Sicaud, commandant van de tweede compagnie en commandant van de tiende stick). Eén oog in het verband, het andere onder het bloed. Hij zag nauwelijks iets. Hij coördineerde de verdediging: het plaatsen van antitank wapens, die door de R.A.F. waren gedropt. Aan de andere kant kregen wij slecht nieuws te horen: een van onze sticks was aangevallen. Hiervan vreesden wij het ergste.

Verdachte boten
De Nederlanders hadden ons gewaarschuwd dat een groot binnenschip met een sleepboot, bezet door de vijand, in aantocht was. Wij verlieten opnieuw het bos. Ditmaal werd de groep door Thomé geleid. Op de weg kwamen wij drie Duitsers tegen (redactie: op de weg langs de Drentsche Hoofdvaart). Op het moment dat zij ons zagen, maakten zij zich in allerijl uit de voeten. Uit angst dat schoten de aandacht van de vijand zou trekken, verbood Thomé ons te schieten. Vier van onze mannen gingen achter de vluchtende Duitsers aan. Tien minuten later kwamen zij met twee Duitsers terug. De derde Duitser was zwemmend het water (redactie: de Drentsche Hoofdvaart) overgestoken. Onze gevangenen hadden zich zonder slag of stoot overgegeven. Halverwege het kanaal maakten wij nog onze geweren schietklaar. De stick van mij en de stick van de officier hadden de leiding over de patrouille uit Appelscha. Onze sticks moesten achterblijven om Thomé te dekken. De groep die belast was om het binnenschip in te nemen begaf zich in de richting van het kanaal. Verstopt in onze schuilplaatsen hielden wij onze adem in, opdat wij geen geluid zouden maken. Dan werd plotseling de rust van het platteland wreed verstoord door het geknetter van een motor.

Een interessante vondst
De orders die wij in Engeland hadden gekregen waren formeel: het onderscheppen van iedere motorrijder, aangezien deze personen beschikten over belangrijke informatie. Een motor met twee Duitsers erop kwam in onze richting. De bestuurder werd door een van onze mannen vanaf een afstand van zestig meter neergeschoten. De bestuurder viel achterover en kwam tegen de bijrijder aan. Thomé gaf direct het bevel om het vuren te stoppen. De mannen van onze eenheden kwamen de weg op. Op de weg lagen de bebloede lichamen van de twee Duitsers. Deze lichamen werden in het kanaal gegooid. Vervolgens ontdekten wij dat deze twee Duitsers archieven van de Gestapo te Groningen bij zich hadden.

Rustig naderde een binnenschip
Onze mannen gingen voorzichtig richting het water. Thomé en zijn voorhoede verstopten zich achter de ruïne van een stenen muurtje, enkele meters van de waterkant af (reactie: bij het Haarschut). Bij het naderen van het binnenschip bestookten zij de boot met granaten. Tegelijkertijd begonnen de overige eenheden te schieten. De ramen van de boot sprongen uiteen. De boot kwam tegen de waterkant aan. Thomé liet de boot exploderen. De explosie was enorm krachtig en hierdoor viel de boot in twee stukken uiteen. De bemanningsleden, waaronder een officier werden gevangen genomen.

Een belediging die duur komt te staan
Klein, een parachutist uit de Elzas, nam de gevangenen mee naar de overige parachutisten, toen hij ontdekte, dat de gevangenen een speld in de vorm van een hakenkruis op de borst hadden. Klein nam hen deze speld af voor zijn verzameling van oorlogssouvenirs, wat een van de Nazi’s niet beviel. Deze schold Klein uit voor ‘varkenskop’. Zo’n opmerking van een Mof kon Klein niet over zich heen laten gaan, en hij schoot de persoon in kwestie door het hoofd. Klein vond dit echter niet genoeg en nam zich voor om de tweede gevangene hetzelfde lot te laten ondergaan. Terwijl Klein zijn pistool op de tweede gevangene richtte, kwam Thomé tussen beiden. Thomé zei: “Wij zullen deze man geen haar krenken, zolang ik leef.” Dit terwijl wij wisten, dat parachutisten, die in de handen van de Duitsers waren gevallen, koelbloedig werden geëxecuteerd. Tijdens onze strijd in Nederland leek het wel of een wind van barmhartigheid door onze bataljons waaide.

Zoals in de tijd van maarschalk Jourdan
Puy du Pin en ik lieten een deel van onze mannen achter en wij voegden ons bij Thomé om de tweede boot in te nemen. De bemanning van deze boot had de tijd gehad om te vluchten. Thomé gooide een explosief naar de boot. De wrakken van de boot achterlatend, gingen wij terug naar onze legerbasis. Wij hadden de gevonden papieren van de motor bij ons. Een aantal parachutisten verliet de legerbasis en keerde terug naar de brug van Appelscha. Ik begeleidde hen voor een deel. Onder hen bevonden zich twee vertrouwelingen van mij: Domingo (redactie: Maurice Domingo), een bokser uit Narbonne, kampioen van de eerste Engelse Airborne divisie en Pralon (redactie: André Pralon), een soldaat, die in Bir-Hakem had gevochten.

Duivelse schoten … de Canadezen?
Na enkele uren gelopen te hebben, hoorden wij zeer dichtbij geweerschoten. Het was niet het geluid van Duitse wapens, het leek eerder het geluid van Engelse wapens. Op een gegeven moment kwam het geluid uit vijf of zes verschillende richtingen. “De Canadezen zijn er!”, riepen de parachutisten uit, “Laten we naar het dorp gaan om te kijken wat er gebeurt.” Vriend of vijand, iemand met een geweer in de aanslag is altijd gevaarlijk. Hierdoor leek het mij beter terug te keren naar de basis. Opeens vlogen de kogels ons om de oren. Wij merkten twee politieagenten op, die op handen en voeten liepen. Wij herkenden één van hen. Hij vertelde ons, dat onze parachutisten op hen schoten. Dit verbaasde ons niet aangezien de Nederlandse politie-agenten een pet droegen, die op de pet van een Duitse onderofficier leek. Hun kleding leek op de kleding van sommige specialisten van de Wehrmacht. Wij gaven hen het advies om hun kepie en hun vest uit te doen. Wij namen hen mee naar onze basis.

Toen ik op de basis aankwam, stonden de parachutisten in een cirkel klaar voor de strijd. Thomé stond in het midden. Ik vroeg wat er aan de hand was. Thomé vertelde, dat zij bij het horen van de geweerschoten dachten dat het de Canadezen waren. Zij wilden voor de Canadezen in Diever zijn. Hierop verlieten zij het bos. Echter het waren geen Canadezen, maar Moffen (redactie: scheldnaam voor Duitsers). Die waren speciaal voor ons gekomen. De Moffen hadden nieuwe wapens, waarvan het geluid leek op dat van de wapens van de Engelsen. Zij schoten op ons. Niemand is geraakt, omdat de Moffen te vroeg begonnen te schieten. Hierdoor konden wij allen in een sloot springen. Voor ons bevond zich een heuvel. Wij klommen hierop om de vijand te localiseren. De moffen hadden hetzelfde idee. Op de top van de heuvel kwam Thomé oog in oog met een aantal Duitsers te staan. Twee van hen keken door een verrekijker in de richting van het bos om te kijken wat er gebeurde. Thomé gooide twee granaten in hun richting. Vervolgens werden zij onder vuur genomen. De Moffen begonnen eveneens te schieten. Hierop gingen Thomé en zijn mannen terug naar het bos. Gees kwam om te vertellen, dat het dorp groen zag van de Duitsers. De Duitsers hadden in Diever tien burgers gedood, omdat de inwoners van Diever ons geholpen hadden. Dit heeft zich eveneens in Bretagne afgespeeld.

Kritieke situatie
Onze basis aan de rand van het bos werd door de vijand bestookt met brandbommen in de hoop dat het ons zoveel angst aan zou jagen, dat wij onze positie zouden verlaten. Tijdens deze beschietingen lag Gees naast ons plat op de grond. Onze camouflage was perfect. Alleen door op onze lichamen te staan, zou je ons ontdekt hebben. Wij moesten echter op de vlucht slaan. Zie dit echter niet als een afgang. Immers, jezelf zo snel mogelijk in veiligheid brengen, was vaak de enige manier om te overleven en om verder te strijden.

Richting de brug van Appelscha
Wij voegden ons bij de parachutisten op de brug van Appelscha, wat eigenlijk onze missie was. In een gat in het zand verstopten wij de papieren van de Groningse Gestapo. Aan Thomé werd gevraagd of de gevangenen moesten worden gedood. Dit leek voor velen de beste oplossing. Als de gevangenen vrijgelaten zouden worden, dan zou dat immers betekenen dat de vijand alles over ons, het aantal manschappen, onze wapens en dergelijke te weten zou komen. Hen meenemen was volgens mij geen goed idee. Daarbij kwam, dat de Duitsers in Diever als repressaille tien burgers hadden gedood. Thomé vond het executeren van onze gevangenen geen goed idee. Thomé gaf het bevel hun de schoenen terug te geven en het bevel dat zij met ons mee moesten komen. Als zij zouden vluchten, dan zouden ze worden neergeschoten. Onze gevangenen droegen onze bagage. Na tien minuten hoorden wij een serie explosies. De Duitsers schoten in de richting van onze vorige positie. De nacht viel. Volgens Thomé werd het tijd om ergens te bivakkeren. Wij sliepen in een grote cirkel. In het midden sliepen de gevangenen. Gees lag naast Thomé. Zij kon zich geen betere beschermer wensen.

De volgende dag gingen wij op weg naar Appelscha en al snel zagen wij de Canadese tanks verschijnen. Wij zouden opnieuw ten strijde gaan in Noorwegen. Door de capitulatie van het Duitse Rijk was dit echter niet meer nodig. Dit was onze laatste operatie. Die heeft enorme verliezen opgeleverd bij de twee bataljons Franse parachutisten. Deze bataljons maakten de weg vrij voor het Canadese leger. Die strijd is bij het publiek vrijwel onbekend, en valt ongetwijfeld in het niet bij de strijd van de helden van Arnhem. Alleen ik en mijn kameraden zullen onze wapenbroeders, die in het Noorden van Nederland zijn gestorven en waarmee wij het avontuur hebben gedeeld, blijven herinneren.

Het tweede van de twee verhalen van luitenant parachutist Gilles Anspach verscheen in bovenstaand nummer van het Belgische tijdschrift ‘Coeurs Belges’ (afbeelding ter beschikking gesteld door de Koninklijke Bibliotheek van België, Brussel)

Elke compagnie van de Franse parachutisten had een ‘radiomannetje’, die was uitgerust met een krachtige zend- en ontvangstinstallatie. Elke stick beschikte over een ontvanger. (collectie ‘Amicales des anciens parachutistes S.A.S. et des anciens commandos de la France libre’)

Het eerste van de twee verhalen van luitenant parachutist Gilles Anspach verscheen in bovenstaand nummer van het Belgische tijdschrift ‘Coeurs Belges’ (afbeelding van de Koninklijke Bibliotheek van België, Brussel)

Posted in Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

De olde brink van Deever mit de braandkoele in 1903

Op veel plaatsen in Deever waren braandkoel’n gegraven om in geval van brand snel te kunnen beschikken over bluswater. Zo ook de hier achter de kinderen zichtbare braandkoele op de brink van Deever. Om de braandkoele stonden witte glint’n (een wit hek).
In de gemiente Deever zijn de meeste braandkoel’n na de komst van de eerste motorspuit in de dertiger jaren van de vorige eeuw gedempt.
Echter deze braandkoele is pas tijdens de grote vernieling van de brink in het midden van de vijftiger jaren van de vorige eeuw gedempt.
Rechts is de oude pastorie van de nederlands-hervormde kerkgemeente te zien (een pastorie hoort in Deever an de brink te staan).
De fotograaf had de driepoot van zijn fototoestel zo geplaatst dat in het midden van de foto tussen de bomen juist korenmolen ‘de Vlijt’ in Oldendeever is te zien.
In het voorhuis van de boerderij aan de linkerkant woonden Hendrikje en Marie Mulder. In het achterhuis oefende Roelof (Roef) ten Buur zijn boerenbedrijf uit.
Fraai is het slijtpad over de brink te zien dat liep naar het niet zichtbare oude gemeentehuis (een gemeentehuis hoort in Deever an de brink te staan).
De oude ansichtkaart is door H. ten Brink uit Meppel uitgegeven in 1903.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de zwart-wit foto onder de oude ansichtkaart gemaakt op 13 mei 2002.

Posted in Ansigtkoate, Brink, Meule van Oll’ndeever, Pastorie aan de Brink, Topstuk | Leave a comment

Hotel Blok an de Deeverbrogge verbraand

In het krant De Sumatra Post (!) verscheen op 29 april 1932 een foto van het verbrande hotel-restaurant-café van Johan Blok an de Deeverbrugge. Bij de foto stond het volgende onderschrift.

Het uit de achttiende eeuw daterende dorpshotel te Dieverbrug (Drente), waarin tevens het plaatselijke kantoor van de Nederlandsche Tramwegmaatschappij gevestigd was, is door een fellen brand geteisterd. Het gebouw, dat vroeger als posthuis werd gebruikt, brandde tot den grond toe af. De schade bedraagt ongeveer achtduizend gulden.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok, Verdwenen object | Leave a comment

Witteler fumilienèème Bee de Baarg bestiet neet mièr

Jan bij de Berg (geboren op 19 juli 1860 te Wittelte, overleden op 3 april 1916 te Wittelte) en Lammigje Offerein (geboren op 18 mei 1860 te Wittelte, overleden op 9 juni 1932 te Wittelte) trouwden op 27 april 1888 in Deever.

Het echtpaar kreeg drie kinderen, te weten Jantje (Jantie) en Roelof (Roef) en Jantiena.
Jantje (Jantie) bij de Berg is geboren op 24 maart 1889 in Wittelte. Zij is overleden op 5 juni 1965 in Wittelte. Zij was niet getrouwd. Zij is begraven op de Baargakkers an de Grönnegerweg bee Deever.
Roelof (Roef) bij de Berg is geboren op 23 januari 1891 in Wittelte. Hij is overleden op 16 juli 1968 in Wittelte. Hij was niet getrouwd. Hij is begraven op de Baargakkers an de Grönnegerweg bee Deever.
Jantiena bij de Berg is geboren op 30 januari 1893 in Wittelte. Zij is overleden op 22 december 1903 in Wittelte.

Met het overlijden van de ongetrouwde Roelof (Roef) bij de Berg op 16 juli 1968 is de familienaam bij de Berg uitgestorven.

De redactie van ut Deevers Archief heeft Roef en Jantie goed gekend. Zij woonden aan de Wapserveenseweg -komende vanaf de Wittelterweg- in de eerste boerderij aan de linkerkant.

Uit overlijdensakte nummer 15 van 2 november 1827 blijkt dat de op 1 november 1827 in Wittelte overleden landbouwer Jan Jakobs bij de Berg is geboren op 30 september 1754 in Wittelte. Hij was een zoon van Jakob Remmelts en Geertje Jans.
Het vermoeden bestaat dat de familienaam Bij de Berg (bee de Baarg) in de Napoleontische tijd is ontstaan, toen de Franse bezetter bij het invoeren van de burgerlijke stand de mensen dwong een achternaam aan te nemen.
Deze Witteler familie moet zich verbonden hebben gevoeld met de Witteler Berg (de Baarg), woonde toen misschien wel dichter bij de Berg (de Baarg) dan Roef en Jantie aan de Wapserveenseweg. Op de vraag van de ambtenaar ‘wat is uw achternaam’ gaf Jan Jacobs wellicht als antwoord ’k hep gien aachterneème’. Op de vraag van de ambtenaar ‘waar woont u’ gaf Jan Jacobs mogelijk als antwoord ‘bee de baarg’. De reactie van de ambtenaar zal wellicht geweest zijn ‘dan schrijf ik bij uw achternaam ‘Bij de Berg’.’
De redactie heeft het graf van de familie Bij de Berg op de lijst van Deevers funerair aarfgood gezet.

Afbeelding 1  – (© Ut Deevers Archief – 26 juli 2012 – Alle rechten voorbehouden)
Jantiena bij de Berg zal elders op het kerkhof zijn begraven.

Familie Bij de Berg – Geboorteakten

Diever, geboorteakte, 7 april 1851, aktenummer 14
Kind: Lammigje bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 5 april 1851, dochter van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 32 jaren, en Jantje Willems Jonkers, beroep: zonder; oud: 33 jaren.

Diever, geboorteakte, 10 april 1856, aktenummer 8
Kind: Lammigje bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 9 april 1856, dochter van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 37 jaren, en Jantje Willem Jonkers, beroep: zonder; oud: 37 jaren.

Diever, geboorteakte, 17 oktober 1857, aktenummer 27
Kind: Janna bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 16 oktober 1857, dochter van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 39 jaren, en Jantje Willems Jonkers, beroep: zonder; oud: 39 jaren.

Diever, geboorteakte, 20 juli 1860, aktenummer 22
Kind: Jan bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 19 juli 1860, zoon van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 41 jaren, en Jantje Willems Jonkers, beroep: zonder; oud: 41 jaren.

Diever, geboorteakte, 25 maart 1889, aktenummer 13
Kind: Jantje bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 24 maart 1889, dochter van Jan bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 28 jaren, en Lammigje Offerein, beroep: zonder.

Diever, geboorteakte, 24 januari 1891, aktenummer 7
Kind: Roelof bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 23 januari 1891, zoon van Jan bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 30 jaren, en Lammigje Offerein, beroep: zonder.

Diever, geboorteakte, 1 februari 1893, aktenummer 8
Kind: Jantiena bij de Berg, geboren te Wittelte (Deever) op 30 januari 1893, dochter van Jan bij de Berg, beroep: landbouwer; oud: 32 jaren, en Lammigje Offerein, beroep: zonder.

Familie Bij de Berg, huwelijksakten

Deever, huwelijksakte, 26 april 1828, aktenummer 4
Bruidegom: Roelof Veldkamp, oud: 36 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Heime Veldkamp en Jantje Jans, beroep: landbouwersche. Bruid: Geesje bij de Berg, oud: 34 jaren; beroep: zonder, dochter van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans, beroep: landbouwersche. N.B. vader bruidegom overleden; vader bruid overleden.

Deever, huwelijksakte, 24 december 1841, aktenummer 10
Bruidegom: Roelof Jannes Hessels, geboren te Deever; oud: 36 jaren; beroep: landbouwer; weduwnaar van Hendrikje Elting, zoon van Jannes Hessel en Janna Berents, beroep: landbouwersche. Bruid: Janna Jans bij de Berg, geboren te Deever; oud: 33 jaren; beroep: zonder, dochter van Jan Jacobs en Lammigje Jans, beroep: landbouwersche. N.B. vader bruidegom overleden; vader bruid overleden.

Deever, huwelijksakte, 7 mei 1850, aktenummer 9
Bruidegom: Roelof Jans bij de Berg, geboren te Deever; oud: 31 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans, beroep: landbouwersche. Bruid: Jantje Willems Jonkers, geboren te Dwingelo; oud: 32 jaren; beroep: naaister, dochter van Willem Fredriks Jonkers, beroep: landbouwer, en Janna Schippers, beroep: zonder. N.B. vader bruidegom overleden.

Deever, huwelijksakte, 28 april 1877, aktenummer 7|
Bruidegom: Hendrik Hessels, geboren te Deever; oud: 34 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Roelof Hendriks Hessels en Hilligje Willems Mulder. Bruid: Lammigje bij de Berg, geboren te Deever; oud: 21 jaren; beroep: zonder, dochter van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer, en Jantje Willem Jonkers, beroep: zonder. NB. vader bruidegom overleden; moeder bruidegom overleden.

Deever, huwelijksakte, 14 mei 1885, aktenummer 6
Bruidegom: Hendrik Boerhof, geboren te Smilde; oud: 28 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Harm Boerhof en Grietje Hendriks Eis. Bruid: Janna bij de Berg, geboren te Deever; oud: 27 jaren; beroep: zonder, dochter van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer, en Jantje Willems Jonkers, beroep: zonder. N.B. vader bruidegom overleden; moeder bruidegom overleden.

Deever, huwelijksakte, 27 april 1888, aktenummer 7
Bruidegom: Jan bij de Berg, geboren te Deever; oud: 27 jaren; beroep: landbouwer, zoon van Roelof Jans bij de Berg, beroep: landbouwer, en Jantje Willems Jonkers, beroep: zonder. Bruid: Lammigje Offerein, geboren te Deever; oud: 27 jaren; beroep: zonder, dochter van Fredrik Kornelis Offerein en Jantje Koops Eleveld. N.B. vader bruid overleden; moeder bruid overleden.

Familie Bij de Berg, overlijdensakten

Deever, overlijdensakte, 2 november 1827, aktenummer 15
Overledene: Jan Jakobs by de Berg, geboren te Deever op 30 september 1754; beroep: landbouwer; overleden te Wittelte (Diever) op 1 november 1827; oud: 73 jaren, zoon van Jakob Remmelts en Geertje Jans. Gehuwd geweest met N.N. N.N., in leven.

Deever, overlijdensakte, 24 september 1831, aktenummer 18
Overledene: Geesje Jans bij de Berg, geboren te Deever op 24 juni 1803; overleden te Deever op 22 september 1831; oud: 28 jaren, dochter van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans Bult. Gehuwd geweest met Roelof Heimen Veldkamp, in leven.

Deever, overlijdensakte, 16 oktober 1854, aktenummer 25
Overledene: Lammigje Roelofs bij de Berg, geboren te Deever op 5 april 1851; beroep: zonder; overleden te Wittelte (Deever) op 15 oktober 1854; oud: 3 jaren, dochter van Roelof Jans bij de Berg en Jantje Willems Jonkers.

Deever, overlijdensakte, 7 augustus 1857, aktenummer 14
Overledene: Grietje Jans bij de Berg, geboren te Deever op 15 juli 1798; beroep: zonder; overleden te Deever op 6 augustus 1857; oud: 59 jaren, dochter van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans Bult. Gehuwd geweest met Harm Bartelds Bos, in leven.

Deever, overlijdensakte, 8 april 1880, aktenummer 13
Overledene: Janna bij de Berg, geboren te Deever op 7 mei 1808; beroep: landbouwersche; overleden te Oldendiever (Deever) op 7 april 1880; oud: 71 jaren, dochter van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans. Gehuwd geweest met Roelof Jans Hessels, overleden.

Deever, overlijdensakte, 7 november 1888, aktenummer 39
Overledene: Roelof Jans bij de Berg, geboren te Deever op 3 oktober 1818; beroep: landbouwer; overleden te Wittelte (Deever) op 6 november 1888, zoon van Jan Jacobs bij de Berg en Lammigje Jans. Gehuwd geweest met Jantje Willems Jonkers, in leven.

Deever, overlijdensakte, 23 december 1903, aktenummer 47
Overledene: Jantiena bij de Berg, geboren te Deever op 30 januari 1893; overleden te Wittele (Deever) op 22 december 1903; oud: 10 jaren, dochter van Jan bij de Berg, beroep: landbouwer, en Lammigje Offerein.

Deever, overlijdensakte, 4 april 1916, aktenummer 13
Overledene: Jan bij de Berg, geboren te Deever; beroep: landbouwer; overleden te Wittelte (Deever) op 3 april 1916; oud: 55 jaren, zoon van Roelof Jans bij de Berg en Jantje Willems Jonkers. Gehuwd geweest met Lammigje Offerein, in leven.

Deever, overlijdensakte, 18 april 1918, aktenummer 7
Overledene: Lammigje bij de Berg, geboren te Deever; beroep: zonder; overleden te Deever op 17 april 1918; oud: 62 jaren, dochter van Roelof Jans bij de Berg en Jantje Willem Jonkers. Gehuwd geweest met Hendrik Roelofs Hessels, overleden.

Deever, overlijdensakte, 2 februari 1925, aktenummer 3
Overledene: Janna bij de Berg, geboren te Diever; beroep: zonder; overleden te Deever op 1 februari 1925; oud: 67 jaren, dochter van Roelof Jans bij de Berg en Jantje Willems Jonkers. Gehuwd geweest met Hendrik Boerhof, in leven.

Posted in Aarfgood, Alle Deeversen, de Witteler Baarg, Wittelte | Leave a comment

Vukaansiewoning De Witte Raaf in de Olde Willem

De redactie van ut Deevers Archief is in het voorjaar van 2017 in het bezit gekomen van enige zwart-wit foto’s van een woning uit de veertiger of vijftiger jaren van de vorige eeuw, waarbij op de achterkant van de foto’s met potlood Diever staat geschreven. De redactie toont hierbij één van de zwart-wit foto’s van dat huis
De redactie piekert zich als enige dagen suf over waar dit huis zou kunnen staan of zou kunnen hebben gestaan, maar is er tot nu toe niet uitgekomen. Zo te zien staat de woning in een bosrijke omgeving.
Wie van de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief weet óf en zo ja wáár deze woning in de gemiente Deever staat of stond ? De redactie verneemt het bijzonder graag.

De heer Fred van der Zanden reageerde op 29 oktober 2017 gelukkig als volgt
Het huis doet mijn denken aan het huis met adres Bosweg 23 of Bosweg 25 in de Oude Willem, schuin tegenover camping Hoeve aan den Weg ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Fred van der Zanden bijzonder erkentelijk voor zijn reactie.
Het is inderdaad zo dat de woning op de zwart-wit foto aan de Bosweg in de Olde Willem staat.
De woning heeft als adres Bosweg 23, 8439 SN Olde Willem.
De redactie heeft een serie kleurenfoto’s op 2 november 2017 gemaakt, waaronder de hier afgebeelde foto.
Het gaat om de ongeveer tachtig jaar oude vakantiewoning met de naam De Witte Raaf. Een witte raaf is iets wat zeer zeldzaam is. In de vooroorlogse gemiente Deever waren vakantiewoningen inderdaad zeer zeldzaam.
Zie ook de beschrijving van de vakantiewoning in de webstee van Airbnb.
Enige van de Franse parachutisten die in de nacht van 7 op 8 april 1945 bij Deever en Appelscha landden, zijn deze vakantiewoning, toen eigendom van de familie Veenstra uit Assen, zeer plotseling binnengevallen en hebben de woning van beneden tot boven doorzocht op de aanwezigheid van Duitsers.

Posted in Bosweg, de Olde Willem, Gemiente Deever, Toeristenindustrie | Leave a comment

De aftakeling van een horeca-gelegenheid

Op de hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van de boerderijtjes in het Groenendal uit 1955 is op de achtergrond het boerderijtje van de familie Booiman te zien, op de plek waar in november 2014 een vervallen horeca-gelegenheid stond.
Op de kleuren-ansichtkaart van hotel-restaurant ‘de Walhof’ uit 1988 ziet het gebouw aan de Hezenesch vlak bij het openluchtspel en landelijk gelegen tussen de bossen en akkers er nog prima uit.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto op 21 november 2014 gemaakt.
Het gebouw was toen na allerlei knutselachtige uitbreidingen en aanbouwseltjes verloederd, afgetakeld en verworden tot een ruïne, gereed voor de sloop of voor een zeer grondige opknapbeurt.

Hotel-Restaurant ‘de Walhof’, Familie R.A. ter Wal, Hezenes 6, 7981 LC, Diever, telefoon 05219-1793.
Uniek gelegen tussen de bossen en landbouwgronden. Prachtig tuinterras. Ansichtkaart uit 1988.

Posted in Ansigtkoate, Bedrief, Deever, Heezeresch, Recreatie, Toeristenindustrie | Leave a comment

Bergplaats voor benzine en petroleum op ’t Kastiel

In de Provinciale-Drentsche en Asser Courant van 27 juli 1931 verscheen het volgende korte bericht over het verlenen van een hinderwetvergunning.

Door Burgemeester en Wethouders is vergunning verleend aan de N.V. ‘De Automaat’ tot het oprichten van een bergplaats voor benzine en petroleum bij het huis van J. Gerrits, Kasteel.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
De Automaat is de Maatschappij tot Detailverkoop van Petroleum ‘De Automaat’, gevestigd in Rotterdam.
J. Gerrits is Jan Gerrits (Garries) (hij is geboren op 23 januari 1899, hij is overleden op 13 mei 1968).
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto op 2 januari 2017 gemaakt.
In 1931 was het adres van het boerderijtje van de familie Gerrits gewoon Kasteel. Tegenwoordig staat het boerderijtje vanwege een dwaling van de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Gemiente Deever in de straatnaamgeving nog steeds aan de Van Oslaan.

In de herinnering van de redactie moet de bergplaats voor de pietereulie achter het links zichtbare boerderijtje op ’t Kastiel zijn geweest, op de plek die op de foto is te zien. Jan en Pieter Gerrits -twee zonen van Jan Gerrits en Aafje van der Weij- waren ook pietereulieventer. Pieter is nog niet zo lang geleden overleden; hij is geboren op 3 oktober 1931 en is overleden op 13 april 1916,


Posted in Alle Deeversen, Boerdereeje, Deever, ut Kastiel | Leave a comment

Promise of the dawn – Belofte van het ochtendgloren

De redactie van ut Deevers Archief heeft de vier kleurenfoto’s op 2 januari 2017 gemaakt.
De huidige eigenaren zijn van plan binnen afzienbare tijd het vervallen en totaal onbewoonbaar geworden pand op ’t Kastiel in Deever met als adres Kasteel 14 te laten afbreken en ter plekke een nieuwe woning te laten bouwen.
De redactie herinnert zich uit zijn jeugd dat in het boerderijtje (keuterijtje) de zusters Jannoa (Janna) van Ankorven (geboren op 20 januari 1903, overleden op 10 juni 1990) en Roefie (Roelofje) van Ankör’m (Ankorven) (geboren op 24 januari 1909, overleden op 23 juni 1996) woonden. Zij liggen beiden begraven op de kaarkhof aan de Grönnigerweg.
De laatste bewoonster van dit pand heeft in haar laatste levensjaren in een staat van zware zelfverwaarlozing in dit totaal onbewoonbaar geworden huis gewoond.
Bij een rondgang in het huis zag de redactie in een van de ‘vensterbanken’ in de ‘woonkamer’ allerlei spullen liggen. De redactie heeft de conclusie getrokken dat de laatste en vorig jaar overleden bewoonster ooit wel van pepermuntjes en snoepjes heeft gehouden. King pepermunt. Fortuin pepermunt. Werther’s Echte. Wie is die vrouw op het kleine fotootje (haar moeder ?).
Hield de laatste bewoonsters ooit ook van Oosterse muziek ? In die ‘vensterbank’ lag ook een muziekcassette in een doosje. De redactie heeft de cassette uit het doosje gehaald om deze te kunnen fotograferen. De titel van deze casssette is Promise of the dawn (Belofte van het ochtendgloren). Op deze muziekcassette uit 1980 staan liedjes uit de spirituele praktijk van Hazrat Inayat Khan. Was de laatste bewoonster van dit pand een soefist ? Had ze een mystieke en muzikale aanleg ? Trok ze zich daarom niets van het wereldse aan ?

Abracadabra-577Abracadabra-575 Abracadabra-576

Posted in Boerdereeje, Deever, Keutereegie, ut Kastiel | Leave a comment

De woning van de familie Andreae is verdwenen

Op de plaats op ’t Kastiel waar in 2016 nog de kleine en gezellige oude woning van de familie Albert Andreae (het was een genot om bij Jantje Andreae-Oost -die alleen maar echt Deevers kon praten- op bezoek te gaan) stond (zie de bijgaande afbeelding), is een immense woning gebouwd.
Dit huis is een soort van neo-antieke mengselversie van een soort van kloon van een soort van saksonisch soort van boerij geworden. Dus wat voor soort van bouwsel is het eigenlijk geworden ? Kort door de bocht gesteld: het is een weinig authentiek brouwsel geworden.
Maar waarom gaven de Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Bouwgelijk Van De Gemeente Westenveld een bouwvergunning voor dit merkwaardige brouwsel, met aan de ene kant een grote lelijke dakkapel en aan de andere kant een onderbroken daklijn af, terwijl de Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Bouwgelijk Van De Gemeente Westenveld elders op ’t Kastiel bij een nieuw te bouwen boerderijachtig woninkje met een onderbroken daklijn wel moeilijk deden over de bouwvergunning ?
Let vooral bij de linker kleine kleurenfoto op het eeuwenoude openbare zandweggetje aan de linkerkant tussen de ekkelboo’m. Dit mag onder geen beding door de Hoge Heren en Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Verhardingsgelijk worden vernield met een verharding.
De redactie heeft beide kleine kleurenfoto’s in de ochtend van 2 januari 2017 gemaakt. Het had de nacht daarvoor een beetje gesneeuwd.

Posted in Deever, Gemeente Westenveld, Keutereegie, Saandweg, ut Kastiel, Verdwenen object, Woningbouw | Leave a comment

De jonge boerenzoon Jans Roelof Tabak

In het Drentsch Archief bevindt zich in de collectie Monumentenzorg bijgaand afgebeelde zwart-wit foto. Het fotonummer is MZ1070010103, het negatiefnummer is 553.09. De foto is gemaakt op 18 juni 1969.
De op 20 november 2019 overleden Jans Roelof Tabak staat hier als een jongen van ruim twintig jaren in boerenoverall, op klompen en met een hooivork in de hand bee de siedbaander van de boerderij van zijn ouders Jan Tabak en Griet Bennen an de Aachterstroate (vrogger de Zaandhook) in Deever. Bijna een volwassen kerel. Klaar voor de toekomst. Klaar voor het grote boerenwerk.
De boerderij had toen nog als adres Aachterstroate 8. De boerderij had op 20 november 2019 als adres Aachterstroate 10.
Links voor de boerderij staat een wagen met melkbussen. Achter de boerderij staan een kunstmeststrooier en een auto. Tegen de muur bij de siedbaander staat een weidewaterpomp voor koeien.
De redactie van ut Deevers Archief heeft op woensdag 11 december 2019, de kleurenfoto van de boerderij van wijlen Jans Roelof Tabak gemaakt. Met op de voorgrond een nostalgische, toekomstbestendige, klimaatbestendige, fairtrade straatlantaarn in de vorm van een imitatie van de tot 1925 in Deever gebruikte petroleumlantaarn. Voorwaar een neemoedse achterwaartse sprong naar de toekomst. Maar niet heus.
De redactie heeft de tweede kleurenfoto van de boerderij van wijlen Jans Roelof Tabak overgenomen uit google maps. Deze foto is in mei 2019 gemaakt.

Posted in Aagterstroate, Baander, Boerdereeje, Jans Roelof Tabak, Siedbaander | Leave a comment

Greinspoaltie 47 steet bee un olde kerreven

Langs de greinse tussen Fryslân en Drente ligt het overblijfsel van een zo genoemde landweer. Deze landweer stamt waarschijnlijk uit de late middeleeuwen en heeft globaal op de grens van de provincie Drente en de provincie Fryslân gelegen. Een landweer is een opgeworpen aarden verdedigingswal. Deze wal moest mensen en dieren, die vanuit Drente naar Fryslân wilden, tegenhouden. Tussen de weg van Zorgvlied naar Elsloo en de Appelschaseweg is het overblijfsel van een deel van de landweer nog in goede staat.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de hier afgebeelde vier kleurenfoto’s gemaakt op woensdag 11 december 2019.
Ter hoogte van recreatiepark Groot Bartje op Zorgvlied staat op het overblijfsel van de landweer het greinspoaltie XLVII (greinspoaltie 47). Het wapen van Fryslân op het greinspoaltie is keurig aan de Friese kant van het paaltje te zien. Het wapen van Drente op het greinspoaltie is keurig aan de Drentse kant van het paaltje te zien.
Op het overblijfsel van de landweer in de buurt van het greinspoaltie XLVII (greinspoalyie 47) staat zo te zien al jaren een met algen bedekte caravan weg te rotten en wat is de bedoeling van die tractorband ? Heeft de eigenaar van de aangrenzende recreatiewoning dan totaal geen respect voor de historische waarde van het overblijfsel van de landweer ?
Is de eigenaar van het aangrenzende perceel, waarop de zichtbare – niet voor permanente bewoning bedoelde – recreatiebungalow staat, ook de eigenaar van het aangrenzende deel van de landweer ? Toch zeker niet ? Het deel van het overblijfsel van de landweer ter plekke zal van de provincie Drente of van de provincie Fryslân of van beide provincies zijn. Wellicht is de eigenaar van de niet-verplaatsbare recreatiewoning en de recreatiegrond op enigerlei wijze te vermurwen zijn gammele met algen bedekte wegrottende verplaatsbare recreatiewoning naar zijn eigen recreatiegrond te slepen ? Of moet het bevoegd gezag gaan handhaven ?
De redactie verwijst voor de volledigheid ook naar het bericht Greinspoaltie 47 niet op dezelfde plaats herplaatst.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief van 19 april 2023
De heer Hans Salverda heeft op 19 april 2023 met zijn slimme telefoon de coördinaten van grenspaal 47 opgemeten:
52°55’34.7″ Noorderbreedte en 6°15’11.9″ Oosterlengte.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Zorgvliet | Leave a comment

Symbionische Zuil op de rotonde an de Deeverbrogge

In de krant Aanpakken verscheen op 7 juni 1995 het volgende hierna afgebeelde korte bericht over het project ‘Kunstrotondes Drenthe’.

Kunstobject op plein Zorgvlied
Zorgvlied. Op het Dorpsplein in Zorgvlied komt in het najaar een kunstobject te staan. Dat gebeurt in het kader van het project ‘Kunstrotondes Drenthe’, waar de gemeente Diever aan deelneemt. Op een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vier meter en een hoogte van een halve meter wordt vier keer per jaar een ander beeld geplaatst. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montage kruis. Het project loop vijf jaar. Na die tijd krijgt één van de beelden een permanent plekje in Zorgvlied.
Over de beelden en de kunstenaars die ze gaan maken is nog weinig bekend. Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘horizon Drenthe’. Horizon omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft horizon de kunstenaar de mogelijkheid om haar of zijn blik op Drenthe in eigen stijl via een kunstwerk gestalte te geven.
De kunstwerken moeten eigenlijk bij rotondes staan, maar die heeft de gemeente Diever niet binnen haar grenzen. Burgemeester en wethouders zijn van mening dat het objekt het beste op het plein in Zorgvlied geplaatst kan worden. Andere lokaties aan de Kruisstraat en de Achterstraat in Diever vielen wegens ruimtegebrek af.
In Zorgvlied is die ruimte wel en er vertoeven de meeste toeristen in deze gemeente. In 1989 is in het hart van Zorgvlied een fraai multi-functioneel dorpsplein met zitbanken aangelegd. Op het plein worden diverse activiteiten georganiseerd. Plaatselijk Belang Zorgvlied, Wateren, Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar het benodigde geld ontbrak. De deelnemende gemeenten aan het kunstrotondeproject betalen elk f. 10.000. Ook de gemeente Vledder doet aan het project mee.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van vrijdag 19 januari 1996 verscheen het hierna afgebeelde bericht ‘Kunstrotonde Drenthe’ krijgt vorm. De redactie heeft dit bericht niet overgetikt.
De redactie verwijst voor de volledigheid ook naar het bericht De Symbionische Zuil past beter in het Ekingerzand.
In het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ was het de bedoeling in de deelnemende gemeenten een kunstwerk op een rotonde te plaatsen. In enige deelnemende gemeenten was echter geen rotonde te bekennen, zodat in dat geval voor het kunstwerk een andere tijdelijke standplaats dan een rotonde werd aangewezen. In de deelnemende gemiente Deever was in 1996 nog net geen rotonde an de Deeverbrogge gebouwd en werd de koloniebrink op Zorgvlied als tijdelijke standplaats van het door de gemiente Deever gekozen kunstwerk aangewezen.
Het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ heeft vijf jaren geduurd en om de drie maanden moet op de sokkel op de koloniebrink op Zorgvlied een ander kunstwerk hebben gestaan. De redactie heeft dit destijds niet zelf kunnen vaststellen, en is daarom op zoek naar een foto van elk van die op de koloniebrink geplaatste kunstwerken.

De tijd is ondertussen voor de Hoge Heren Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten In De Gemeente Westenveld zo zoetjes aan wel aangebroken om het roesterige kunstwerk met de ronkende naam ‘Symbionische Zuil’ van de koloniebrink op Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotondebrink an de Deeverbrogge, de eerste en gelukkig enige rotonde in de gemiente Deever.
Immers de rotondebrink an de Deeverbrogge is niet zo lang ná de beëindiging van het project ‘Kunstrotonde Drenthe’ en al vóór de milenniumwisseling aangelegd, dus het roesterige kunstwerk met de naam ‘Symbionische Zuil’ had al twintig jaren op de rotondebrink an de Deeverbrogge kunnen staan en in die periode hadden vele honderdduizenden passeerders het kunstwerk gezien kunnen hebben.
Teneinde De Hoge Heren En De Minder Hoge Heertjes Van De Voorkant Van Het Grote Gelijk Van De Roestbruine En Vastgeroeste Kunsten Van De Gemeente Westelveld in enige mate te faciliteren en een beetje gemakkelijk te maken bij de gedachtenvorming heeft de redactie een zo genoemde ’two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink an de Deeverbrogge met daarop het grote brok roesterige ijzer met de naam ‘Symbionische Zuil’ gemaakt. Zie de afbeeldingen van de rotondebrink van vóór en ná de virtuele plaatsing van het roesterige stuk buispaal met de naam ‘Symbionische Zuil’ op de rotondebrink.        
De reactie heeft de kleurenfoto van de rotondebrink met de richtingaanwijzers an de Deeverbrogge gemaakt op 25 april 2018.
De redactie heeft de zo genoemde ’two dimensional virtual reality colour image’ van de rotondebrink met het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ gemaakt op 11 december 2019. De paal voor het bevestigen van de richtingaanwijzers kan zonder probleem in het centrum van de holle buis van het kunstwerk worden herplaatst, dat doet geen afbreuk aan de symbionische waarde en de hyperbionische beleving van het kunstwerk.
De redactie heeft de kleurenfoto van het kunstwerk ‘Symbionische Zuil’ op de koloniebrink van Zorgvlied gemaakt op 21 november 2014.


Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvliet | Leave a comment

En zal ik staan en zult gij op mijn troon zitten ?

Al op 31 juli 2019 verscheen op de webstee van Gardeluxe b.v., fabrikant van luxe buitenmeubelen, gevestigd in het Overijsselse Weerselo, een nieuwsbericht over de levering van luxe zitbanken van het type Ikarus aan de gemeente Westenveld. Deze worden geplaatst in de openbare ruimte van het dorp Deever in het kader van de uitvoering van het project Deever op Drift. De bezoeker van dit bericht wordt aangeraden eerst het elders in het Deevers Archief opgenomen bericht Keloel van Sjakie uut Spier eponst in ieser’n baankies te lezen.
De redactie van ut Deevers Archief ontdekte via het nieuwsbericht dat in de rugleuning van alle te leveren luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardeluxe b.v. het enige tijd geleden bedachte gortdroge, saaie, inerte, grausame, groeveswatte logo van het dorp Deever (hebben de concurrerende dorpen Dwingel, Vledder en Oavelte ook recht op zo’n merkwaardig met belastinggeld betaald eigen logo ?) zal worden geponst.
En in de rugleuning van enige te leveren luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. zal ook een of ander zinloos zinnetje uit een toneelstuk van Sjakie uut Spier worden geponst.
De redactie heeft op woensdag 11 december 2019 weer een rondje door Deever en ook over het marktterrein gemaakt, teneinde reeds geplaatste luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. tegen te komen en op de foto te zetten.
Op een opgepimpt, opgedirkt en opgeshowd paardenmarktterrein aan de Shakespearealley (voorheen Bosweg) vol met verraderlijk drijfzand vond de redactie die dag al gauw weer twee luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. Zie de bijgaande drie kleurenfoto’s.
In de rugleuning van de linker luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. is geponst de Engelse tekst: Shall I stand and thou sit on my throne ? In de rugleuning van de rechter luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. is geponst de Nederlandse tekst: En moet ik staan, met jou daar op mijn troon ?
Deze Nederlandse tekst is waarschijnlijk bedoeld als een soort van brutale vrije popie-jopie vertaling van de Engelse tekst, maar slaat de plank finaal mis.
De tekst Shall I stand and thou sit on my throne ? wijkt nota bene ook iets af van de originele tekst.
In het koningsdrama Hendrik VI, deel 3, acte 1, scene 1 zegt koning Hendrik VI: And shall I stand, and thou sit on my throne ?
De letterlijker en veel mooiere vertaling is dus: En zal ik staan en zult gij op mijn troon zitten ?
En dat terwijl het koningsdrama Hendrik VI, deel 3 nog nooit als openluchtspel is opgevoerd in het openluchttheater an de Shakespearebrink  (voorheen Bolderbrinkin ut Grünedal an de Heezenesch bee Deever !
Maar wat niet is, dat zal hopelijk ook nooit komen !
De redactie heeft sich suf gesocht op de ontelbare webstees met populaire Sjakie-uut-Spier-citaten, maar heeft het citaat And shall I stand, and thou sit on my throne ? gelukkig niet kunnen vinden. De redactie heeft de conclusie getrokken dat dit citaat ook niet in de top-tweeduizend van populaire Sjakie-uut-Spier-citaten staat.
Maar wat niet is, dat zal hopelijk ook nooit komen !

Posted in Maarktturrein, Shakespearitis | Leave a comment

Greinspoaltie 72 is now ee’m vot

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op donderdag 22 november 2019. Op de kleurenfoto ligt het zichtbare deel van de Olde Willemsweg in de provincie Fryslân.
Greinspoaltie LXXII (greinspoaltie 72) op de greinse van de gemiente Deever in Drente en de gemiente Oooststellingwaarf in Fryslân stön in de baarm van de Olde Willemsweg an de kaante van de Tilgröppe, mor is now ee’m vot. Het paaltje is op de afgebeelde kleurenfoto niet meer aan de rechterkant te zien.
De redactie heeft in de middag van 22 november 2019 aan beide kanten van de weg over een langer stuk in de bermen, in de bermsloten en in de weilanden lang en nauwkeurig gezocht, maar heeft greinspoaltie LXXII (greinspoaltie 72) helaas niet gevonden.
De afgelopen maanden (najaar 2019) is gewerkt aan de verharding en de bermen van de Olde Willemsweg. Wellicht is greinspoaltie LXXII (greinspoaltie 72) daarvoor tijdelijk even verwijderd en aan de kant gelegd. Daardoor was greinspoaltie LXXII (greinspoaltie 72) helaas gemakkelijk en snel oplaadbaar en vervoerbaar geworden.
Wellicht heeft een fanatieke verzamelaar ut swoare greinspoaltie alleen of met de hulp van een tweede persoon op een aanhangwagentje achter een auto geladen en meegenomen.
Bij de strikt noodzakelijke herplaatsing van greinspoaltie LXXII (greinspoaltie 72) zal zorgvuldig aandacht moeten worden besteed aan een stevige verankering van de paal in de bodem.

Posted in Aarfgood, de Olde Willem, Greinse, Greinspoal | Leave a comment

Weinigen hebben Geert Dekker uitgeleid

De kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever is de laatste rustplaats van de Deeverse dorpsfiguur Geert Dekker. Hee was keuterboertie, mor ok liekwaeg’nmenner, koster, orgelpomper en klokkelüder. Dorpsfiguur Geert Dekker is geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij is een zoon van arbeider Jan Dekker en Marchje Wijkstra. Na een kort ziekbed overleed dorpsfiguur Geert Dekker op 5 maart 1963 op 87-jarige leeftijd in het ziekenhuis in Meppel. Dorpsfiguur Geert Dekker is niet getrouwd geweest.

Zijn stoffelijke resten en zijn zerk zijn anno 2019 gelukkig nog wel aanwezig op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Zie de bijgevoegde kleurenfoto, die de redactie van ut Deevers Archief op woensdag 12 december 2019 van zijn zerk heeft gemaakt. De redactie heeft dit graf op zijn lijst van Deevers aarfgood gezet. De zerk van dorpsfiguur Geert Dekker moet toekomstbestendig, klimaatbestendig, grafsteenblunderbestendig, sloopbestendig en duurzaam bewaard blijven voor de komende generaties.

De zerk van Geert Dekker behoeft wel enig onderhoud, bijvoorbeeld flink schrobben met heet sodawater. De zerkenecoloog van de gemeente Westenveld zou echter na diepgaande bestudering van de begroeiing van de zerk van Geert Dekker tot de conclusie kunnen komen dat bijvoorbeeld een witte ronde vlek op de zerk het beschermde, uiterst zeldzame en met uitsterven bedreigde Deeverse zerkenkorstmosje is en vervolgens het schoonmaken door middel van bijvoorbeeld het flink schrobben met sodawater per gemeentelijk decreet verbiedt.

Arend Mulder schreef in 1975 in zijn boekje ‘De historie en pre-historie van Diever in woord en beeld’ op bladzijde 93 over dorpsfiguur Geert Dekker: Tallozen heeft hij uitgeluid, weinigen hebben hem uitgeleid.

Weinigen hebben hem uitgeleid. De redactie zou wel graag willen weten: wie was de menner van de liekwaeg’n waarop de kist met het lichaam van liekwaeg’nmenner Geert Dekker naar de kaarkhof is gebracht ? Nog minder dan weinigen zullen na zijn dood op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever zijn geweest om zijn graf te bezoeken. Anno 2019 zal niemand, behalve misschien wellicht alleen de kaarkhofstrüners en kaarkhofkenners wijlen Jans Tabak en de redactie van ut Deevers Archief, zijn graf hebben bezocht.

De Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Kaarkhof Uitbaten Van De Gemeente Westenveld, die zijn belast met de positieve financiële uitbating van de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever, hebben bij graven waarvoor weer de exorbitant hoge huurpenningen voor de grafgrond moeten worden afgedragen, bedacht dat bij het passeren van het uiterlijke tijdstip van afdracht van deze exorbitant hoge huurpenningen, de betreffende zerk direct, maar dan ook direct, en met geschwinde spoed en in gestrekte draf, moet worden gesloopt.

Een dergelijk overijverig, fanatiek, gründlich en pünktlich sloopgedrag kent zijn gelijke niet in de keiharde wereld van het met een positief financieel resultaat uitbaten van kerkhoven. En levert bij het minste of geringste foutje of haperingetje of kortsluitinkje in de vertaling van de resultaten van de Grote Gemeentelijke Geautomatiseerde Grafpenningen Vergaarsysteem naar een Betrouwbare Actuele Slooplijst fatale oerdomme fouten op, bijvoorbeeld in de vorm van het onlangs onterecht slopen van zerken op de kaarkhof bee Deever. En getroffen nabestaanden konden daardoor witheet, roodwoedend en gewelddadig worden.

Maar het leverde in 2019 natuurlijk voor het Van Dale Groot Woordenboek Van De Nederlandse Taal wel een van de prachtigste nieuwe woorden op: grafstenenblunder. En wie van de Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Kaarkhof Uitbaten Van De Gemeente Westenveld was toch die grafstenenblunderaar ? De Deeverse vertaling van het woord grafstenenblunderaar zou ongeveer bij benadering zaark’nknooier zijn.

De stoffelijke resten in een graf, waarvan de zerk is gesloopt, worden vooralsnog niet geruimd. Vooralsnog niet, maar wanneer dan wel ? Rechthebbenden en nabestaanden en anderen kunnen dus voorlopig nog wel naar de plaats van het graf gaan (wel de plek goed onthouden, even een fotootje maken), mogen van de uitbater van de kaarkhof misschien nog wel een bloemetje of een plantje of een frutseldingetje op het graf zetten, maar kunnen niet meer naar de zerk van hun dierbare kijken.

Dat lijkt de stok te zijn waarmee de rechthebbenden en nabestaanden en anderen worden geslagen voor het niet meer willen, niet meer kunnen, of helaas niet op tijd afdragen van de exorbitant hoge huurpenningen voor de grafgrond aan de Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Kaarkhof Uitbaten Van De Gemeente Westenveld. Dat lijkt het nieuwe, verhollandiseerde, zakelijke, keiharde, kille, no nonsence, lik-op-stuk beleid te zijn van de Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Kaarkhof Uitbaten Van De Gemeente Westenveld.

Zit het slopen van een zerk bij de exorbitant hoge huurpenningen voor de grafgrond inbegrepen ?
Of wordt voor het slopen van een zerk een aparte rekening naar de ex-rechthebbenden gestuurd ?
Worden de kosten voor het herstellen van de materiële en vooral de immateriële schade na een grafsteenblunder verrekend in nieuwe exorbitanter hoge penningen voor het huren van grafgrond ?
Zijn de rechthebbenden van een te slopen zerk eigenaar van hun eigen zelf betaalde zerk of is de gemeente Westenveld plotsklaps eigenaar van die te slopen zerk geworden ?

De redactie schat in dat de exorbitant hoge huurpenningen voor de grond waarin Geert Dekker is begraven, al lang niet meer zijn afgedragen. Er zijn geen rechthebbenden. Er zijn geen nabestaanden. Er zijn geen belangstellenden. Er zijn geen bezoekers. En dan faalt het nieuwe, verhollandiseerde, zakelijke, keiharde, kille, no nonsence, lik-op-stuk beleid van de Minder Hoge Heertjes Van Het Grote Kaarkhof Uitbaten Van De Gemeente Westenveld. Want niemand kan met de uitvoering van dat beleid worden getroffen. Dus is het gevaar voor accute sloop van de zerk van Geert Dekker betrekkelijk klein te noemen.

Posted in Aarfgood, Dorpsfiguur, Geert Dekker, Kaarkhof an de Grönnegerweg | Leave a comment

Gièt Dekker huust nog op un lie’m vloere

In de krant Friese Koerier (onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden) verscheen op 1 mei 1959 het volgende artikel over dorpsfiguur Geert Dekker die an de brink van Deever woonde. Dorpsfiguur Geert Dekker was keuterboertie, liekwaeg’nmenner, koster, orgelpomper, klokkenist, klokkelüder en tuunman. 

Geert Dekker – 83 jaar – in Diever huist nog op lemen vloer
“Ga maor naar de olde kloklúder”, zeiden ze tegen mij in Diever; “Geert hebt wel een sleutel van de karke.” En zo belandde ik in de woonkamer van de heer Geert Dekker, 83 jaar oud, die heel opgewekt tegen mij zei: “Ga der maar efkes bij sitten.”
Sommige mensen laten de tijd stil staan, zij worden nooit helemaal oud. Geert Dekker is zo’n mens, op z’n 83ste nog een rimpelloos blozend gezicht en twee heel pientere oogjes. Ook om hem heeft de tijd stil gestaan: Dekker zit met de zwarte klompen aan zijn voeten in de leunstoel, een cadeau van de begrafenisvereniging, toen Dekker 25 jaar koetsier op de lijkwagen was geweest. De vloer van zijn kamer is nog van leem, netjes bestrooid met droog wit zand. Er zijn diepe paden in uitgelopen, zo om de tafel, voor de kachel, van de deur naar de leunstoel en naar wat kasten. Daarom staan de tafel, de stoelen langs de bedsteewand, de kast en de kachel, ook een 30 centimeter hoger dan de rest; het is net, alsof deze meubelstukken op terpjes zijn gezet.
Het is een echte oude Drentse kamer, waarin Geert Dekker woont. Helemaal alleen; twee jaar geleden is zijn zuster overleden, 93 jaar oud. Dekker is geboren in Dwingelo, maar verloor zijn vader en moeder, toen hij zes jaar oud was. Met zijn zuster werd hij toen opgenomen in het gezin van zijn grootmoeder, die met een oom in Diever woonde. Heel lang heeft dit gezelschap samen gewoond; tot eerst de oom stierf en later de grootmoeder. Allen op hoge leeftijd.
Dekker bleef met zijn zuster achter: “Och, en daaromme heb ik ook nooit een wief e’nomen: dat zou niet aardig voor mijn zuster zijn geweest. Mijn oom zei altijd: Vrouwen hebben wide rokken en daarom dikkels ruzie. Er hoort maar één vrouw in een hús. Daar hew ik mij an holden.”
“Van alles hew ik deen, mal en mooi. Allerlei baantjes: 40 jaar orgelpomper, 33 jaar klokkenist, langer as 40 jaar klokkelúder, ik was bijkans altijd in de karke. Vroeger hadden wij ook nog wat vee en ik ben jarenlang túnman weest bij de burgemeester. Daar had ik niet voor leerd, maar het ging toch naar de man z’n zin. En kijk hier eens….”
Trots haalt Dekker zijn lakens jasje te voorschijn, zeker al 50 jaar oud. In het knoopsgat hangt de bronzen medaille van de Orde van Nassau: “Hew ik kregen, toen ik 40 jaar kloklúder was.”
Nu is de hele zaak electrisch in Diever al zorgt Dekker er nog wel eens voor, dat de klok precies gelijk loopt. Hij is ook de man, die de electrische luiderij in bedrijf mocht stellen: een feit, dat vereeuwigd is op een marmeren plaat in de hal van het gemeentehuis. Een man als Dekker heeft veel vrienden en weinig vijanden.
Trots kijkt Dekker zijn kamer rond. “Old spul, hè. Ik hew aan de gemeentearchitect gevraagd, of na mijn dood dit hier ook zo kon blijven, helemaal in de olde trant. Ze hadden er wel oren na. Maar nu komt ergens anders in het dorp een oudheidkamer en daar kan mijn kastje en mijn secretaire dan ook wel heen. Komt er een papierke aan te hangen: in eerbiedige nagedachtenis van die en die.”
Ja, het is oud spul daar in huis. Misschien niet eens van veel waarde – een Jouster klok, een echt Drents kabinet met een gezellige dikke buik, een klein kastje, wat roze Saksisch porcelein – veel is er niet. Want ook in Drente was het meestal wat kaal in de woning van de kleine man, vroeger.
Maar de nagedachtenis aan Dekker – dat hij nog lange jaren in leven mag blijven – zal ook zonder een papierke in de Oudheidkamer wel in ere blijven in Diever. Want “olde Dekker, de kloklúder”, wie hem gekend heeft, vergeet hem niet weer.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Geert Dekker is in Deever grootgebracht door zijn grootmoeder Jacobje Jans Kremer, die getrouwd was met Alle Abels Wijkstra. Bij zijn grootmoeder woonde ook de ongetrouwde oom Abel Wijkstra in.
Alle Abels Wijkstra overleed op 10 maart 1870 in Deever.
Jacobje Jans Kremer is geboren op 10 maart 1805 in Deever en is overleden op 24 juni 1896 in Deever.
Jan Dekker is geboren op 13 juni 1841 in Lhee. Jan Dekker is overleden op 26 juni 1882 in Lhee.
Margje Wijkstra is geboren op 5 mei 1840 in Deever als dochter van dienstknecht Alle Abels Wijkstra en Jacobje Jans Kremer. Margje Wijkstra is overleden op 19 november 1880 in Dwingel.
Geert Dekker is geboren op 26 februari 1876 in Dwingel. Hij is een zoon van arbeider Jan Dekker en Margje Wijkstra.
Hilligje Dekker is geboren op 7 april 1869 in Dwingel. Zij is een dochter van arbeider Jan Dekker en Margje Wijkstra. Zij is overleden op 31 augustus 1955 in Deever. Het graf van Hilligje Dekker bevindt zich naast het graf van Geert Dekker.
Abel Wijkstra is geboren op 26 maart 1837 in Deever als zoon van dienstknecht Alle Abels Wijkstra en Jacobje Jans Kremer. Abel Wijkstra werd in de Deeverse volksmond altijd Aebeltie All’n of Aebeltie Smok genoemd. Abel Wijkstra is overleden op 18 september 1930 op 93-jarige leeftijd in Deever. Abel Wijkstra is niet getrouwd geweest.
Na een kort ziekbed overleed dorpsfiguur Geert Dekker op 5 maart 1963 op 87-jarige leeftijd in het ziekenhuis in Meppel. Dorpsfiguur Geert Dekker is, zoals hij zelf in het artikel aangeeft, niet getrouwd geweest.

Posted in Alle Deeversen, Dorpsfiguur, Geert Dekker | Leave a comment

Goa toch leever hen Deever

De redactie van ut Deevers Archief heeft alweer een hele tijd geleden voor de aardigheid het aantal ordners en dozen en mappen en stapels van zijn particuliere archief geteld. De redactie telde in totaal iets minder dan 140 ordners en dozen en mappen en stapels en schatte het totale aantal bladzijden op niet veel minder dan 35.000 en schatte het totale aantal items op niet veel minder dan 75.000.
De redactie van ut Deevers Archief heeft alweer een hele tijd geleden om te beginnen alle uit oude kranten afkomstige bladzijden tekst zonder een moment te aarzelen in de oud-papier-container gegooid, dat waren meer dan 100 ordners en dozen en mappen en stapels, dat ruimde heel lekker op.
Want alles, maar dan ook echt alles, wat ooit in kranten is gepubliceerd, is tegenwoordig snel terug te vinden in het nog steeds toenemende aantal via internet raadpleegbare goed toegankelijke digitale krantenarchieven.
De redactie van ut Deevers Archief vindt het met al dat papiergedoe wel mooi geweest na 50-jaar voorzitter/secretaris/archivaris/beheerder van zijn eigen papieren particuliere historische vereniging te zijn geweest. Het digitale krantentijdperk is al een paar jaar geleden op volle kracht aangebroken. To accept or not to accept, that is not a question.
De redactie van ut Deevers Archief vindt bij het digitaliseren van het overgebleven deel van zijn papieren archief (paperasje scannen en vervolgens dat paperasje in de container voor het oude papier gooien), bestaande uit nog steeds te veel ordners, te veel dozen, te veel mappen en te veel stapels met veel foto’s, tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders uut de gemiente Deever, en zo voort, en zo voort, en zo voort, zo nu en dan een door hem voor opname in het Deevers Archief belangwekkend geacht document, in dit geval gaat het om het reclameblaadje ‘Ga liever naar Diever’ uit 1959.

Op de achterkant van het geschiedkundig zeer waardevolle en zeer gegevensrijke reclameblaadje ‘Ga liever naar Diever’, dat in mei 1959 is uitgegeven en gratis is uitgedeeld door de Vereniging Voor Vreselijk Veel Vreemdelingen Verkeer (V.V.V.V.V.V.) uut Deever is een soort van plattegrond van ut dörp Deever afgedrukt. Zie de bijgaande afbeelding.
Ut dörp Deever was in 1959 gelukkig nog lang niet zo volgebouwd en volgestouwd als tegenwoordig in 2019. Tot in 1959 waren alleen aan de zuidkant van het oude dorp de kostelijke oeroude esgronden opgeofferd aan de neebau.
Op de plattegrond is te zien dat de inwoners van Deever in mei 1959 nog gebruik moesten maken van een noodpostkantoor an de Kloosterstroate. Het nieuwe – inmiddels al lang weer afgedankte – postkantoor is helaas na het nodeloos slopen van enige prachtige erfgoedpanden an de Peperstroate gebouwd.
An de Heufdstroate haa’j in de olde legere skoele nog ut gimmestieklokaal van de legere skoele en de U.L.O.-skoele an de Tusschendarp. De redactie herinnert zich uit zijn voetbaltijd dat de A’s en de B’s van voetbalvereniging Diever in de winter ook één keer in de week ‘s avonds in de olde skoele trainden. Op de plaats van de oude lagere school is later het – helaas inmiddels nodeloos afgedankte – Dingspilhuus gebouwd.
De openbare lagere school (O.L.S.) stond in 1959 nog an de Tusschendaarp.
Ook de school voor uitgebreid lager onderwijs (U.L.O.-school) stond in 1959 nog an de Tusschendaarp.
En ook het politiebureau stond in 1959 nog an de Tusschendaarp.
In 1959 moesten alle buitensportverenigingen, dat klinkt interessant, maar het waren slechts de voetbalvereniging Diever en de korfbalvereniging O.D.I.V.A.L. (Ontspanning Door Inspanning Voor Alle Leerlingen, dat wil zeggen de korfbalvereniging voor U.L.O-leerlingen van hoofdmeester Ome Piet Zijlstra), nog gebruik maken van het gemeentelijke sportveld, mit de ingang an de Tusschendaarp. De leerlingen van de U.L.O.-school en de leerlingen van de Openbare Lagere School hadden in 1959 een eigen ingang naar het gemeentelijke sportterrein via een deur in de omheining.
De in 1955 in gebruik genomen nieuwe kleuterschool met de merkwaardige naam ‘de Buitelbam’ staat an de Binn’nesch.
De Griffemeerde Kaarke an de Kruusstroate was in 1959 nog lang niet vervangen door een nieuwe kerk.

Het grote verzoek aan de trouwe bezoekers van ut Deevers Archief is: wie wil een goede scherpe scan van foto’s van het gymnastieklokaal aan de Hoofdstraat, het gemeentelijke sportterrein aan de Tusschendarp, de lagere school aan de Tusschendarp, de U.L.O.-school aan de Tusschendarp (en de bijbehorende noodgebouwen), de kleuterschool ‘de Buitelbam’ aan de Binnenes, de oude Gereformeerde Kerk aan de Kruisstraat en het noodpostkantoor aan de Kloosterstraat, ter beschikking stellen voor publicatie in ut Deevers Archief ?

Posted in Deever, Verdwenen object | Leave a comment

Over Wolter Smit en twee vrachtwaègn’s van de fubriek

De redactie bezocht in het voorjaar van 2019, alweer enige tijd geleden, Roelof Smit in zijn aanleunwoning van het bejaardenhuis in De Weiert an de Heufdstroate in Deever. Heel veel Deeverse en Deeverbrogse onderwerpen waren al aan de orde geweest, totdat op een gegeven moment Roelof Smit vroeg: ‘Mor wat kooi’j hier doon ?’
De redactie vertelde hem dat hij was gekomen zijn toestemming te vragen het artikel ‘Over Wolter Smit en twee vrachtauto’s’, dat hij in 1999, toen hij nog in Nieuwe Pekela woonde, over zijn vader Wolter Smit schreef, en dat in juni 1999 is gepubliceerd in het papieren blad Opraekelen (nummer 99/2) van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever
, in ut Deevers Archief op te nemen. Dat mocht, die toestemming gaf hij. De redactie is Roelof Smit bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Roelof Smit is overleden op 17 mei 2021 in Deever. Zie het bijgevoegde overlijdensbericht.

Over Wolter Smit en twee vrachtauto’s
Roelof Smit haalt herinneringen op aan zijn vader Wolter Smit en de vrachtauto’s D-6250 en D-8622 van de zuivelfabriek van Diever.

Mijn vader Wolter Smit werd geboren op 13 juli 1902. Mijn vader en moeder zijn op 28 april 1928 getrouwd en gingen in dat jaar wonen in het tolhuisje aan de Dieverse kant van de Dieverbrug. Mijn vader was toen hulpbesteller bij de post en mijn moeder beheerde het tolhek. Toen mijn moeder in 1929 in verwachting raakte van mijn zuster Margje keken ze uit naar ander werk. Trouwens ik geloof dat ook het tolhek in dat jaar werd opgeheven, daar is nog wel een verhaaltje over te maken. In 1929 kochten mijn ouders het huis tegenover Heluto. Op de plek van het afgebroken oude huis staat nu een nieuw huis. In 1934 bouwden mijn ouders een nieuw huis, Dieverbrug 2, nu Dieverbrug 3.

De Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmaalderij ‘Diever’ kocht aan het einde van de twintiger jaren voor het eerst een vrachtauto. Daarvoor werd een chauffeur gezocht. Mijn vader solliciteerde naar deze baan en werd aangenomen. Een bijzonder detail daarbij was dat hij op dat moment nog geen rijbewijs had.

Toen hij chauffeur werd in 1929 was hij 27 jaar. Hij heeft tot en met april 1945 op de zuivelfabriek gewerkt. Hij is toen naar het distributiekantoor in Diever gegaan, wetende dat de distributie van goederen en bonkaarten een aflopende zaak zou zijn, maar het loon was twee keer zo hoog als het loon van chauffeur en dat was te aanlokkelijk. Tot 1948 heeft hij deze baan gehad. Daarna is hij korte tijd vertegenwoordiger in textiel geweest en vanaf het begin van de vijftiger jaren tot zijn overlijden in 1967, vlak voor zijn pensioen, was hij medewerker van de kalkzandsteenfabriek te Smilde.

De eerste vrachtauto van de fabriek was van het merk Chevrolet en werd geleverd door een garagehouder uit Meppel, misschien was het Rijkmans aan het Zuideinde, voor zover ik weet was die Chevrolet-dealer. De Chevrolet was een gewone vrachtauto. De auto werd gebracht door een monteur. Hij gaf in één middag de instructie in de omgeving van Diever aan mijn vader. Aan de aanstaande chauffeur zonder rijbewijs werd uitgelegd en gedemonstreerd hoe alles werkte en hoe gehandeld moest worden. Daarna moest mijn vader zich maar zien te redden. Het instructieboek van deze vrachtauto heb ik nog steeds bewaard.

Mijn zuster heeft nog een hele kleine onduidelijk foto van de eerste vrachtauto voor de fabriek, waarop ook mijn vader Wolter Smit en Frederik (Freerk) Ofrein staan. Het is een hele rare foto, afgedrukt op een heel dun stukje blik, de voorkant lijkt wel van mica. De foto is zo donker, dat bijna niets is te onderscheiden. Ik heb deze foto met een loupe onder een felle lamp bekeken. Het is een auto met een kleine laadbak. De foto is verkeerd afgedrukt, want de nummerplaat aan de voorkant staat in spiegelschrift. Het nummer is bijna niet te ontcijferen, maar jawel hoor het is D-6250.

Na korte tijd moest Wolter Smit een proefrit doen. De examinator was iemand die in Frederiksoord woonde, vermoedelijk de burgemeester van Vledder. Op de dag van het examen was het koud en guur weer, waarschijnlijk in het najaar van 1929. De examinator bleef op de stoep voor zijn woning staan, omdat hij het eigenlijk te koud vond om naar buiten te komen. Hij gaf de kandidaat opdracht om voor z’n woning langs te rijden en bij de eerstvolgende kruising te keren en nogmaals langs te rijden. Alles werd dus op afstand bekeken. De proef werd geslaagd bevonden, dus werd het rijbewijs aan mijn vader verstrekt!

In het begin van de dertiger jaren schafte de fabriek een tweede vrachtauto aan. Dit was een Ford of een Dodge. Als het een Ford is geweest, dan is hij vermoedelijk geleverd door garage Greve aan het Noordeinde in Meppel. Mijn vader werd de chauffeur van deze op de foto afgebeelde trekker met oplegger. Frederik (Freerk) Ofrein werd toen de chauffeur van de Chevrolet. De oplegger werd onderhouden door machinefabriek Huisman, gevestigd aan de Galgenkampslaan bij de Galgenkampbrug, waarschijnlijk ook de bouwer van de oplegger.

De foto van de tweede vrachtauto is gemaakt in het begin van de dertiger jaren bij de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmaalderij aan het Moleneinde in Diever. Bij de vaten boter op de aanhanger zit botermaker Johannes Nijboer.
Achter het stuur van deze vrachtwagen zit Jan Boelens, een medewerker van de zuivelfabriek. Mijn vader Wolter Smit, de man die in die tijd de chauffeur van deze vrachtauto was, staat niet op deze foto.

Soms ging mijn vader vier keer per dag naar Meppel voor veekoeken en meel voor varkens, koeien en paarden, enzovoort. Veevoeder werd gehaald bij de Landbouwbank in Meppel, ingang Noordeinde, direct achter de Galgenkampbrug. Ook kunstmest werd gehaald bij de Landbouwbank in Meppel, ingang Zomerdijk, aan de haven. Dit alles ten behoeve van de aangesloten boeren van de coöperatieve zuivelfabriek. Verder werd kaas afgeleverd aan pakhuizen in onder meer Steenwijk en Leeuwarden. Het pakhuis in Steenwijk stond komende uit Frederiksoord direct over het spoor links. Leeuwarden was onbekend voor mij. Boter werd onder meer afgeleverd bij transportbedrijf Mastenbroek. Hun pakhuis stond, vanaf de watertoren komend, via de Ceintuurbaan, over de Wold Aa en rechts door de Eendrachtstraat, aan het water van de Grote Oever. Na het lossen van de vaten met boter werd een lading lege vaten mee terug genomen naar de fabriek. Steenkolen voor de stoomketel werden gehaald van het tramstation te Hijkersmilde.

In de dertiger jaren werd rogge ongeschikt gemaakt voor menselijke consumptie. Het zogenaamde kleuren van rogge werd gedaan in de loods naast de fabriek. De rogge werd gemengd met een rode kleurstof. Tonnen rogge moesten worden doorgeschept met deze kleurstof. De gekleurde rogge werd onder meer afgeleverd in Oldeberkoop.

De tweede vrachtauto is vlak voor de oorlog door het Nederlandse leger of vlak na de bezetting door de Duitsers gevorderd geweest. De vrachtauto is wel weer teruggekomen, maar is in de oorlog verkocht aan veetransporteur Danhof uit het gehucht Tweeloo bij Meppel, gelegen aan de Ruinerwoldseweg. Dit gehucht is later opgeslokt door de stad Meppel. Toen de auto was verkocht en de fabriek maar beperkt brandstof kreeg toegewezen, heeft mijn vader verschillende werkzaamheden gedaan op de fabriek en op het kantoor, ook hij was melkventer en melkrijder en ook bracht hij met paard en wagen kaas naar Steenwijk. Dat was een wagen op luchtbanden met daar op een autocabine ter bescherming van de voerman tegen weer en wind.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De foto van Wolter Smit, de afbeelding van het titelblad van het instructieboek van de Chevrolet-vrachtwagen, de foto van Wolter Smit en Frederik Ofrein en de foto van de tweede vrachtwagen van de Zuivelfabriek zijn afkomstig uit de verzameling van wijlen Roelof Smit.
De foto van de pijprokende Wolter Smit en Frederik (Frièrk) Ofrein is gemaakt in de Kruusstroate in Deever, achter de fietsers is het café van Berend Slagter (Berend Pikkie) te zien.
Volgens het registers van houders van nummerbewijzen in de provincie Drenthe, dat aanwezig is in het Drents Archief in Assen is het kenteken D-6250 voor de Chrevrolet-vrachtwagen van de Zuivelfabriek Diever op 17 juni 1929 afgegeven door de provincie Drente en is het kenteken D-8622 voor de Ford- of Dodge-vrachtwagen van de Zuivelfabriek Diever op 10 februari 1933 afgegeven door de provincie Drente.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie foto’s op papier is, kan afbeelding 5 ook ten zeerste bewonderen op bladzijde 25 van het in 2008 uitgegeven papieren boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente. 1930 – 1980, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien.

Afbeelding 1
Wolter Smit

Afbeelding 2
Het eerste vrachtwagentje van de Coöperatieve Zuivelfabriek ‘Diever’ was een Chevrolet uit de LQ-serie met een laadvermogen van 1½ ton met een volledig stalen cabine en schijfwielen. Het chassis en de cabine werden in de U.S.A. in 1929 verkocht voor 650 dollars. (afbeelding uit een reclamefolder)

Afbeelding 3
Titelblad van het instructieboek

Afbeelding 4
Wolter Smit (rechts) en Frederik Ofrein (links)

Afbeelding 5
De foto van de tweede vrachtauto is gemaakt in het begin van de dertiger jaren bij de Coöperatieve Zuivelfabriek en Korenmaalderij aan het Moleneinde in Deever. Bij de vaten boter op de aanhanger zit botermaker Johannes Nijboer.
Achter het stuur van deze vrachtwagen zit Jan Boelens, een medewerker van de zuivelfabriek. Mijn vader Wolter Smit, de man die in die tijd de chauffeur van deze vrachtauto was, staat niet op deze foto.

Posted in Alle Deeversen, Olde auto, Overlijdensbericht, Süvelfubriek Deever | Leave a comment

Broembroem en vroemvroem in de stilte

De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief uiteraard alle mooie en lelijke hoeken en mooie en lelijke uithoeken en mooie en lelijke gaten van de gemiente Deever laten zien en daar hoort zeer zeker de greinse van de gemiente Deever bij.
De redactie heeft de drie hier getoonde kleurenfoto’s van ut Ekingerpattie in de Ekingerbrook tuss’n ut greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63) en ut greinspoaltie LXV (greinspoaltie 65) op de greinse van de gemiente Deever en de puvincie Fryslân in de noamedag van donderdag 22 november 2019 emeuk’n. Greinspoaltie LXIV (greinspoaltie 64) stön ok langus ut pattie, mor is vot, is verdween’n, wie hef dat poaltie mit eneu’m ?
De looprichting van de redactie was van greinspoaltie LXV (greinspoaltie 65) hen greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63).
Ut Ekingerpattie ligt jammer genoeg op een soort van diekie, een soort van barrière, daarmee is de grote stille cultuurheide in wording openlandschappelijk en ecologisch gezien lelijk verminkt en in tweeën gesneden. Die verhoogde ligging is waarschijnlijk bedoeld om ut schelp’mpattie bij veel wateroverlast te behoeden voor overstromingen. Dan moet wel heel veel regen in het gebied vallen. Maar ut Ekingerpattie is daardoor wel bijzonder toekomstvast en klimaatbestendig geworden.
De redactie verbaasde zich bij het lopen over ut Ekingerpattie dat die ene overgebleven maar wel bijzonder beeldbepalende ekkelboom langus ut pattie in de natte Ekingerbrook, vlak bee de Kaele Duun’n, daar nog steeds staat en nog steeds niet door de cultuurnatuuruitvinders van de Stoat om zeep is geholpen. Daarmee is het archaïsche en utopische droombeeld van die zogenaamde grote stille kale barre verlaten Atlantische steppe vlak bij die zogenaamde grote stille kale barre verlaten Atlantische woestijn wel volledig verstoord. En daardoor is kettingzaaggevaar wel degelijk aanwezig. Deze ekkelboom moet derhalve met geschwinde spoed en in gestrekte draf op de lijst van monumentale bomen in de gemiente Deever worden geplaatst. En aan de ekkelboom moet ook een speciaal fluoriserend bordje met de volgende tekst komen te hangen: Streng verboden om te kettingzagen.
De redactie dacht bij het lopen over ut Ekingerpattie in de Ekingerbrook in een stiltegebied te lopen en alleen het suizen van de wind, het vallen van de regen, geluiden van vogels en zijn eigen voetstappen te zullen horen, maar dat bleek helaas niet het geval te zijn.
Vanaf verschillende kanten was die hele middag voortdurend het irritante zenuwslopende broembroem geronk van kettingzagen te horen, blijkbaar gaat de kaalslag in het cultuurbosgebied gewoon door.
En ook duidelijk te horen was het storende monotone vroemvroem gedruis van het drukke verkeer op de provinciale weg N381 tussen Beilen en Drachten, die langs de aandere kaante van Appelsche had moeten lopen. Dit kan alsnog gebeuren bij een mogelijke toekomstige ombouw van de N381 tot autosnelweg. Dan kan een flink deel van de bestaande N381 worden gesloopt en worden teruggegeven aan de cultuurnatuuruitvinders van de Stoat. Dan kunnen daar bijvoorbeeld zuurstoffabrieken en koolzuurslurpers in de vorm van ekkelboo’m worden geplant.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Staatsbosbeheer | Leave a comment

Keloel van Sjakie uut Spier eponst in ieser’n baankies

Al op 31 juli 2019 verscheen op de webstee van Gardeluxe b.v., fabrikant van luxe buitenmeubelen, gevestigd in het Overijsselse Weerselo, een nieuwsbericht over de levering van luxe zitbanken van het type Ikarus aan de gemeente Westenveld. Deze worden geplaatst in de openbare ruimte van het dorp Deever in het kader van de uitvoering van het project Deever op Drift. Zie de bijgaande afbeelding van het nieuwsbericht. Gardeluxe is een verbastering van het Franse Jardin de Luxe, wat luxe tuin betekent. Ikaros is een hoogmoed-komt-voor-de-val-figuur uit de Griekse mythologie.
De redactie van ut Deevers Archief ontdekte via het afgebegelde nieuwsbericht dat in de rugleuning van alle te leveren luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardeluxe b.v. het enige tijd geleden bedachte gortdroge, saaie, inerte, grausame, groeveswatte logo van het dorp Deever (hebben de concurrerende dorpen Dwingel, Vledder en Oavelte ook recht op zo’n merkwaardig met belastinggeld betaald eigen logo ?) zal worden geponst. En in de rugleuning van enige te leveren luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. zal ook een of ander zinnetje uit een toneelstuk van Sjakie uut Spier worden geponst.
De redactie heeft op vrijdag 29 november 2019 een rondje door Deever en ook over het marktterrein gemaakt, teneinde reeds geplaatste luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. tegen te komen en op de foto te zetten. Dat is gelukt, zie alvast de bijgaande drie kleurenfoto’s.
Op een opgepimpt paardenmarktterrein aan de Shakespearealley (voorheen Bosweg) vol met verraderlijk drijfzand vond de redactie al gauw een luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. met daarin geponst de tekst: A kingdom for a stage, princes to act. En de redactie zag tot zijn stomme verbazing naast deze luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. nog een luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. staan.
Een soort van twee-eenheid-zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v., waar de gebruikers van de twee luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. slechts één luxe peperduur design-afvalbakje van 50 liter van het type Zetabin met boldeksel van Gardelux b.v. met blauwe plastic afvalzak moeten delen. Of wordt ter plekke van het rood-witte plastic lint ook nog een luxe peperduur design-afvalbakje van 50 liter van het type Zetabin met boldeksel van Gardelux b.v. met blauwe afvalzak geplaatst ?
In de rugleuning van de rechter luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. is geponst de Nederlandse tekst: Vorsten als spelers, een rijk als toneel. Deze Nederlandse tekst is waarschijnlijk bedoeld als een wel erg vrije en gedurfde interpretatie van de Engelse tekst in de rugleuning van de linker luxe zitbank van het type Ikarus van Gardeluxe b.v.
De letterlijke vertaling is: Een koninkrijk voor een podium, vorsten om toneel te spelen.
Deze vertaling is begrijpelijker voor de niet zo cultureel onderlegde eenvoudige ééndagsbezoeker, die amper of niet een veel te duur toegangskaartje voor het openluchtspel kan kopen, die amper of niet een paar flesjes veel en veel te duur Sjakie-uut-Spier-bier in de enige plaatselijke zelfbedieningswinkel kan kopen, die amechtig op de linker of op de rechter luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. zit bij te komen van al die kunst, van al die geschiedenis, van al die cultuur, van al dat lopen van de Sjakie-uut-Spier-tegelroute, van al die opdringerige Sjakie-uut-Spier-reclame, van al dat lopen van de kunstwerkenroute, van al dat lopen van de ambachtsliedenroute, van al dat lopen van de oorlogsoverblijfselenroute, van al dat lopen over een voorgekauwde wandelroute door de bos, van het bezoeken van korenmolen ‘de Vlijt’, van het bezoeken van het zo genaamde Oermuseum, van het beklimmen van de gemeentelijke toren, van het beklimmen van de Dikke Stien’n an de Grönnegerweg, van al dat wandelen over de paden van het paardenmarktterreinbrinkpark (niet naast de paden lopen, want dan zak je weg in het drijfzand) van al die drukke toeristen en al die drukke grijskopjes die voortrazen op hun elektrisch aangedreven fiets.
En die eenmaal een beetje op adem gekomen ééndagsbezoeker kan niet van die luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v naar die verlossende patat- en ijscokraam op de hoek van ut Kastiel en de Betonweg strompelen, want die kraam is weg, want op die plek staat nu met voorbedachten rade die uit de tijd geraakte protserige en feodale veldkeientroon met de naam Van-Osbaank.
De redactie zelf is nog niet achter de hogere betekenis van het stukje tekst op de rechter luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v.: Vorsten als spelers, een rijk als toneel. Of is dit stukje tekst wellicht op te vatten als een gemeentelijke republikeinse laatdunkende toespeling op de uitgeholde ceremoniële rol van ons constitutionele staatshoofd ?
De tekst ‘A kingdom for a stage, princes to act’ is overgenomen uit de gezongen proloog van de eerste akte van het toneelstuk Hendrik V. En dat terwijl het toneelstuk Hendrik V nog nooit als openluchtspel is opgevoerd in het openluchttheater an de Shakespearebrink  (voorheen Bolderbrink) in ut Grünedal an de Heezenesch ! Maar wat niet is, dat kan komen.
De redactie heeft sich suf gesocht op de ontelbare webstees met populaire Sjakie-uut-Spier-citaten, maar heeft het citaat ‘A kingdom for a stage, princes to act’ gelukkig niet kunnen vinden. De redactie heeft de conclusie getrokken dat dit citaat niet in de top-tweeduizend van populaire Sjakie-uut-Spier-citaten staat. Maar wat niet is, dat zal hopelijk ook niet komen.
De sluikreclame voor Sjakie-uut-Spier op de luxe zitbanken van het type Ikarus van Gardelux b.v. in Deever is betaald met erg schaars belastinggeld. Of heeft wellicht de bulkend rijke plaatselijke amateurtoneelvereniging deze persoonsverheerlijkende sluikreclame betaald ? Het is alarmerend vast te moeten stellen dat ook de politieke en ambtelijke dienaren van de bevolking van de gemeente Westenveld in ernstige mate besmet zijn geraakt met Shakespearitis.
Voor het terugkalefateren van het paardemarktterrein naar een soort van achttiende eeuwse toestand moet nog wel het stenen gebouwtje dat op de eerste en de tweede foto achter de luxe zitbank van het type Ikarus van Gardelux b.v. worden gesloopt. En het is bij dat terugkalefateren goed te beseffen dat in de tijd dat op het marktterrein een molen stond, vanwege de windvang, vanwege het recht op wind, helemaal geen ekkelboo’m op het marktterrein stonden. Die ekkelboo’m zijn daar pas na het slopen van de molen in keurig kaarsrechte rijen geplant. Dus het ruimen van al die ekkelboo’m in het kader van het project Deever op Drift was vooralsnog als voorlopig begin helemaal niet zo’n gek idee ? Maar wat te doen als de heren amateur-geschieddeskundigen van de heemkundige vereniging uut Deever aan kunnen tonen dat vóórdat die molen werd gebouwd, het marktterrein wel vol stond met keurig in kaarsrechte rijen geplante ekkelboo’m ? Dus het ruimen van al die ekkelboo’m in het kader van het project Deever op Drift was vooralsnog wel een gek idee ?



Posted in Maarktturrein, Shakespearitis | Leave a comment

De zoore poal van droefheid en van leed

Het jaarboek 1869 van het tijdschrift De Oude Tijd bevat onderwerpen, zoals geschiedenis, maatschappelijk en huiselijk leven, monumenten, volkseigenaardigheden, overleveringen, kunst, nijverheid, gebruiken, kleeding, volksverhalen, spreekwoorden en liedjes uit Noord- en Zuid-Nederland. De samenstelling van het jaarboek 1869 stond onder leiding van David van der Kellen jr. met medewerking van Noord- en Zuid-Nederlandsche geschied- en oudheidkundigen en kunstenaars.
In het genoemde jaarboek 1869 staat in het hoofdstuk Bijzonderheden uit het Drentsche volksleven op de bladzijden 306, 307 en 308 het artikel De Zoore Poal van Cornelis van Schaick. Hij was predikant, dichter en prozaschrijver. Hij was van 1838 tot in 1851 gemeentepredikant in Dwingel. In de streek heeft hij van dichtbij het volksgebruik (het is onterecht te spreken van een volksgericht) van het brengen van de zoore poal aan een jongen of meisje die de bons had gekregen, meegemaakt. In de gemiente Deever heeft dit volksgebruik zeer zeker ook bestaan. 

De Zoore Poal
Kom waar gij wilt, in Noord of Zuid, in Oost of West, gelijk ieder volk zijn eigen taal heeft, zoo heeft het ook zijn eigenaardigheden en zeden, gebruiken en spreekwoorden, liedjes en deuntjes, uitspanningen en vermaken, en dat in de steden zowel als op het platteland. Hoe stil, ernstig en in zich zelven gekeerd de Drenth over ’t algemeen en vooral in den boerenstand ook zij, toch is hij niet blind en doof voor gezellig verkeer en voor uitspanning en genot. Ik verzeker u, als hij loskomt durft hij er te wezen, stout den besten student of elken vroolijken Piet.
En waarom niet ? Een boer is immers ook een mensch, zoowel als de voornaamste edelman. De boog kan immers niet altijd gespannen zijn ! Op kermissen en bruiloften weet hij zoowel van uithalen en pret maken als de stedeling. Genot en vorm verschillen, hij geniet op zijn wijs. Hij springt en danst, hij zingt en drinkt en haalt zijn hart op naar eigen smaak. En daarover valt niet te twisten. – En nu ter zake ! Wij mogen ’t geduld onzer lezers niet te lang op de proef te stellen.
Sedert onheugelijke jaren was het ten platten lande in Drenthe het gebruik, om hem of haar, die met een ander in ’t huwelijk zou treden, dan waarmee hij of zij gevrijd had en nu, zoo als men ’t noemde, de bons kreeg, in de bruidsdagen een ouden dooden wilgen boom of groot stuk hout, soms in versleten mans of vrouwen kleeren gewikkeld, naar gelang van omstandigheden, met alle staatsie en onder allerlei gebaar en getier te huis te brengen. Zoodra zij, met hun last op de schouder, de woning der teleurgestelden naderen, nemen onze knapen een diep stilzwijgen in acht, om ongemerkt ’t zij voor of achter, binnen te dringen. Gelukt hun dit, dat juist niet altijd het geval is, dan stuiven zij met woest alarm het huis in, werpen hun last van den schouder voor de voeten van hem of haar die zoo jammerlijk teleurgesteld is, ter vergoeding van zijn of haar gemis. Een der gasten vangt in aller naam aldus aan:

Hier brengen wij u een zoore poal,
Van droefheid en van leed.
Het is wel meer gebeurd,
En ook wel meer geschied.
Waarom eerwaarde maagd !
Zijt zij zoo hoog bedroefd ?
Dat gij in stilheid klaagt,
Laat hangen zoo uw hoofd.
Dit hebben wij gezien
Die groote droefheid stof.
En om ’n troost te bien,
Zijn wij gekomen of,
Het is N.N. gewis
Waarom dat gij zoo klaagt
Die nu de bruigom is
Al met een ander maagd.
Zoudt gij daarom zoo treuren ?
Gij frissche, jonge maagd
Komt dit u hier gebeuren
Al met den echten staat.
Zie dan de zoore poal
Zie dan de groene struik
Die voor u neder staat
En kijk weer vroolijk uit.
Kies nu met volle vreugd
Een frisschen, jongen maat
Waarmee gij leven meugt
Al in den echten staat.
Kom ! hoor mijn reden aan,
Ga gij uw tranen droogen
En laat uw schreijen staan,
Al is uw hart bewogen
Al heeft uw liefste u verlaten,
Die u zoo menigmaal
Met minnelijke taal 
Wist tot u toe te praten.
En nu tot uw verdriet
Als gij voor oogen ziet
Zal hij een ander trouwen.
En binnen korten tijd,
Al met zijn lief  verblijd,
Een vroolijk bruiloft houden.
Die zaak gaat zoo aan ’t end.
Kom, treur om hem niet meer !
Een ander, die gij kent,
Dien geven wij u weer.
Is N.N. u ontgaan.
Laat A.B. er in plaats staan.
Het is een oud gebruik
Dat men een groene struik
Een zoore poal daarneven
Gaat zetten voor den mensch
Die het niet naar zijn wensch
In ’t minnen heeft gekregen.
Kom leg de poal op ’t vuur
En brand voor ons plezier,
En wil daarbij tracteeren
Al voor dit rijmgedicht,
Dat voor u is gesticht.
Het is voor u met eeren,
En juist naar ons begeeren.

Onmiddelijk laten wij hierop volgen een soortgelijk rijm waar ’t een teleurgesteld jonkman geldt.

Wij brengen u een dorren poal,
Ons dunkt het moet nu wezen.
Dient tot verbetering van uw kwaal,
Die dient toch wel genezen.
Dit beeld N.N. nu af,
Die gij eens plag te vreijen.
Die gij zoo menig kusje gaf,
Gaat nu een ander vreijen.
Is het N.N. die het doet,
Nu moet het op een anderen voet,
Gij moet niet langer weenen.
Is N.N. u ontgaan,
Wil weer een ander zoeken.
Ja, vriend ! dat hebben wij u te raan,
Ga vrij in alle hoeken.
Daar zijn wel meisjes abondant,
Die u wel mogen lijken.
Kom ! wil dan nu maar heel plaisant,
De kurk van ’t fleschje strijken.
Schenk in, en drink de schrik van ’t hart,
Wij zullen u wel helpen.
En drinken wij dan zonder smart,
Dat zal uw droefheid stelpen.
Nu, vriend ! nu scheiden wij er uit
En wenschen u veel zegen.
En wenschen u ook tot besluit,
Veel voorspoed op uw wegen.
Wij wenschen dat nu binnen kort,
Dat wij haar dan als uwe bruid,
En u als bruigom groeten.

Na afloop dezer formaliteit werden de wakkere maats, ondanks zich zelven, door den teleurgestelde getracteerd, ten einde allerlei onaangenaamheden voor te komen. Oudtijds op bier, stoet en brood – later op koffie – soms op jenever.
Niet altijd gelukte het binnen te dringen. Menig malen kwam men voor een gesloten deur. In dat geval werd de zoore poal voor ’t huis neergelegd en allerlei straatrumoer gemaakt, soms grove baldadigheden gepleegd.
Langzamerhand echter raakt het thuis brengen van den zoore poal in onbruik en zal wel spoedig behooren tot het verledene, naarmate de beschaving ten platten lande door goed geordend onderwijs veld wint.
Eer wij dit artikel besluiten, voegen wij er nog bij een fragment van een soortgelijk rijm, bedrieg ik mij niet, te Diever in gebruik, zoo wel bij jonkman als bij maagd.

Het is een oud gebruik,
Dat men een groene struik,
Of zoore poal daarnevens.
Gaat zetten voor den mensch.
Die niet naar hartewensch.
In ’t vrijen is bedreven.
En deze groene tak
Tot troost ik die afbrak,
Wilt hem ook zoo aanschouwen.
Ik wensch na korten tijd,
U gansch te zijn verblijd,
Naar wensch te mogen trouwen, 
Enzovoort.

Wij zouden wenschen dat zij, die in het bezit waren van soortgelijke rijmen, ze deponeren in de Oude Tijd. De voorraad is met het geleverde niet uitgeput. Drenthe levert bouwstof op dat gebied in overvloed. Er is zeer veel dat verdient aan de vergetelheid te worden onttrokken.

Noot van de schrijver bij het begrip ‘groene tak’ of ‘groene struik’:
Niet altijd en overal werd de groene struik bij de zoore poal gevoegd. Op enkele plaatsen gebruikte men de struik niet. En waar die gewoonte in zwang was, hing het af van de meer of minder gunstige stemming of toegenegenheid waarin de teleurgestelde mocht delen.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Cornelis van Schaick beschrijft in zijn artikel de Zoore Poal dat in 1869 is gepubliceerd het volksgebruik van ‘het brengen van zoore poal’ in Dwingel en omstreken van vóor 1851, immers hij woonde tot in 1851 in Dwingel, daarna in Paramaribo in Suriname. Cornelis van Schaick beschrijft een mild, eerlijk en sober volksgebruik.
Volwassen en trouwlustige jeugdigen wilden het liefdesverdriet en de teleurstelling delen met de jongen die of het meisje dat de bons had gekregen, ze wilden hem of haar een hart onder de riem steken, ze wilden de zoore poal of het zoore holt (de oude liefde) daadwerkelijk verbranden (vergeten) en met het brengen van een groene struik of tak (dat zal in de winter een dennetak of een hulsttak zijn geweest) de jongen of het meisje een nieuwe verkering, nieuw liefdesgeluk toewensen.
En de volwassen en trouwlustige jeugd wilde natuurlijk in het huis van de betreffende het liefdesverdriet en de teleurstelling delen onder het genot van een drankje en een hapje (in die volgorde). Dat vindt de redactie zeer begrijpelijk, dat zou de redactie ook hebben gewild. Daar kan geen koud en kil en afstandelijk hedendaags digitaal sociaal (?) medium tegenop. De redactie vindt het ook begrijpelijk dat de volwassen en trouwlustige jeugdigen flink rumoer gingen maken als zij niet binnen geraakten, want de buurt moest het dan getoonde asociale gedrag van het meisje of de jongen dat in de steek was gelaten toch vooral weten.
In jaargang 2019, nummer 1 van Opraekelen, het papieren blad van de heemkundige vereniging uut Deever, staat een artikel over het brengen van de zoore poal, waarin dit al vóór 1900 verdwenen milde, eerlijke en sobere volksgebruik als een soort van sensationeel volksgericht met allerlei woeste varianten wordt afgeschilderd.
De redactie betreurt het ten zeerste dat Cornelis van Schaick de Nederlandse vertaling van de ongetwijfeld in het Dwingels of Deevers uitgesproken verzen tijdens het overhandigen van de zoore poal niet in het Dwingels of het Deevers heeft opgenomen in het hier opgenomen artikel. De redactie vindt het bijzonder jammer dat het laatste vers niet volledig is weergegeven.
Mannen domineerden bij het brengen van de zoore poal. De redactie heeft uit het artikel van Cornelis van Schaick niet kunnen concluderen dat volwassen en trouwlustige meisjes de zoore poal brachten naar een meisje dat in de steek was gelaten door een jongen. En al helemaal niet dat volwassen en trouwlustige meisjes de zoore poal brachten naar een jongen die in de steek was gelaten door een meisje. Het is goed voorstelbaar dat de deur van in de steek gelaten meisjes vaker dicht bleef dan de deur van in de steek gelaten jongens.
De redactie stelt zich voor dat op de plaats van N.N. werd gelezen de naam van de persoon die het betreffende meisje of de betreffende jongen in de steek had gelaten. De redactie stelt zich voor dat op de plaats van A.B. werd gelezen de naam van een mogelijk nieuwe kandidaat voor het betreffende meisje.

Posted in Traditie | Leave a comment

Ut kottie van Homme Geertsma is vot

De redactie van het Deevers Archief besteedde in het bericht Spartaans hangkotje op de onverharde gratis langparkeerbrink aandacht aan de plaatsing van een onvernielbaar stalen hangjongerenontmoetingskotje 2.0 op de gratis langparkeerbrink bij de sportvelden op de Westeresch van Deever. De redactie heeft de bij dat bericht geplaatste twee kleurenfoto’s gemaakt op 4 november 2017.

De redactie bezocht de gratis langparkeerbrink bij de sportvelden op de Westeresch opnieuw op maandag 27 juli 2019. Het onvernielbare stalen hangjongerenontmoetingskotje 2.0 van wethouder Homme Geertsma stond niet meer op zijn plek. De gratis langparkeerbrink bleek te zijn voorzien van een verharding. De redactie vroeg zich in het bericht De nu nog gratis langparkeerbrink op de Westeresch af of het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) ergens in de struiken was geplaatst of dat het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) was verplaatst naar de gratis langparkeerbrink aan de Shakespearealley (voorheen Bosweg) in Deever.

Het kon natuurlijk ook zo zijn dat het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) vanwege de bestratingswerkzaamheden op de gratis langparkeerbrink bij de sportvelden op de Westeresch tijdelijk even ergens anders was geparkeerd en na oplevering van deze werkzaamheden met geschwinde spoed en in gestrekte draf weer terug zou zijn geplaatst. Om dit vast te stellen heeft de redactie de gratis langparkeerbrink nog een keer bezocht en bijgaande twee kleurenfoto’s op vrijdag 29 november 2019 gemaakt.

Ook deze keer waren op de gratis langparkeerbrink geen motorvoertuigen te bekennen. Dat is toch wel een zorgelijk dingetje. Zou het zo kunnen zijn dat de gemeente Westenveld de behoefte aan lang parkeren binnen de bebouwde kom van het dorp Deever totaal verkeerd heeft ingeschat ?

En het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) was ook op vrijdag 29 november 2019 niet teruggeplaatst ! Derhalve borrelen de volgende prangende vragen op. Is het stalen Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) verkocht aan een oud-ijzer-boer ? Staat het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) op een andere plek in de openbare ruimte van de gemiente Deever ? Heeft de gemeente Westenveld het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) wellicht als afscheidskado gegeven aan CDA-wethouder-in-ruste Homme Geertsma en staat wellicht het kotje in zijn achtertuin te dienen als hangplek voor zijn kleinkinderen ?
Wie van de trouwe bezoekers van ut Deevers Archief  kan de redactie voorzien van gegevens over de huidige verblijfplaats van het Homme-Geertsma-kotje (hangjongerenontmoetingskotje 2.0) ?

Posted in Gemeente Westenveld | Leave a comment

Un modderige Stienwieker saandweg

De redactie van ut Deevers Archief heeft de eerste kleurenfoto van de modderige saandweg tussen Oll’ndeever en de Westerdrift gemaakt op vrijdag 29 november 2019. Dit is een saandweg, zoals een Deeverse saandweg in het natte najaar moet zijn: onbegaanbaar, modderig, uitgereden, vol met kuilen, vol met water. En dat geldt ook voor het naastliggende fietspad.
Driewerf prachtig: prachtig, prachtig, prachtig. Zo zouden alle saandwegen in de gemiente Deever moeten zijn.
Het gemeentelijke verkeersbord aan de rechterkant van de saandweg, bij de gemeentelijke reclame voor Sjakie-uut-Spier geeft aan dat deze saandweg een doodlopende saandweg is. Echter gelet op de vele sporen kunnen auto’s en door paarden getrokken volgeladen boerenkarren de saandweg gewoon gebruiken. Neet aarg, hoe verropter en verrinneweerder un saandweg geraakt, hoe ogenschijnlijk onbruikbaarder deze is, hoe hoger het gebruiksgenot van deze saandweg zal zijn. ’t Is mor hoe ai’j ’t bekiekt.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de tweede kleurenfoto van de droge saandweg gemaakt op woensdag 19 september 2018 gemaakt.

Posted in Oll'ndeever, Saandweg | Leave a comment

Ut Greinsstuwmeer bee de Kaele Duun’n

De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief uiteraard alle mooie hoeken en mooie gaten van de gemiente Deever laten zien en daar hoort zeer zeker de greinse van de gemiente Deever bij.
De redactie heeft de vier hier getoonde kleurenfoto’s van ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele) (vroeger de Grenspoel) bee de Kèèle Duun’n op donderdag 22 november 2019 gemaakt. Ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele), de naam zegt het al een beetje, ligt op de grens van de provincie Drente en de provincie Fryslân.
Het stuk van ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele) dat op de eerste kleurenfoto is te zien, ligt in de gemiente Deever in de provincie Drente.
De stukken van ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele) die op de tweede, de derde en de vierde kleurenfoto zijn te zien, liggen in de provincie Fryslân.
Ut greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele) is te vinden tussen greinspoaltie LIX (greinspoaltie 59) en greinspoaltie LX (greinspoaltie 60). De greinse löp dwas deur ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele).
De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart van de Greinspoele bee Zorgvliet met op de achtergrond de Appelsgasche Zandduinen (de Kèèle Duun’n) is in juni 1958 uitgegeven, da’s alweer meer dan zestig jaar geleden.
Ut Greinsstuwmeer was toen gelukkig nog een Greinspoelegie. Het overtollige hemelwater kon in die jaren nog ongehinderd en onbetutteld via een beekje naar lager gelegen gebieden ten zuiden van de Appelsgasche Zandduinen (de Kèèle Duun’n) naar de Vledder Aa stromen.
Op de achterkant van de zwart-wit ansichtkaart is helaas niet vermeld wie de uitgever van deze kaart was en bij wie deze kaart op Zorgvliet te koop was.

Posted in Aarfgood, Ansigtkoate, Greinse, Greinspoal, Greinspoele, Meer, veen, ven, plas, enzovoort, Woater’n | Leave a comment

Kuunstwaark op de rotonde an de Deeverbrogge

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (papier scannen en daarna weggooien) van zijn papieren archief bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met veel foto’s, kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, folders, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever in één van de dossiertjes inzake kunstwerken in de gemiente Deever bijgaand berichtje uit de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 2 juni 1995.

In kader project Kunstrotondes Drenthe
Kunstwerk voor Zorgvlied
Zorgvlied – Het kunstwerk dat de gemeente Diever in het kader van het project Kunstrotondes Drenthe gaat plaatsen, komt op het dorpsplein in Zorgvlied. In de vergadering van de gemeenteraad van 24 november werd daar positief over beslist, ofschoon de raad aardig verdeeld was. De gemeente Diever heeft geen rotonde binnen de grenzen, maar het college vindt wel dat er plaats is voor een kunstwerk.
Voordat voor Zorgvlied gekozen werd, passeerde een aantal mogelijkheden de revue, zoals de Kruisstraat en de Achterstraat. Het dorpsplein in Zorgvlied werd echter vrij vlot als meest voor de hand liggende locatie gezien. Daar is de ruimte, want de plaats die door de gemeente wordt aangewezen wordt voorzien van een standaard sokkel met een uitwendige diameter van vierhonderd centimeter en een hoogte van vijftig centimeter. De sokkel is van geschuurd roestvrij staal en voorzien van een montagekruis. In Diever is in genoemde straten geen ruimte voor een dergelijk omvangrijk gevaarte.
Het college wijst er op dat in Zorgvlied de meeste toeristen van de gemeente verblijven. ‘In 1989 is in het hart van Zorgvlied een multifunctioneel dorpsplein aangelegd. Op dit plein worden diverse activiteiten georganiseerd, terwijl zitbanken voor de nodige rustpunten zorgen. Plaatselijk Belang Zorgvlied/Wateren/Oude Willem was in die jaren op zoek naar een kunstwerk, maar in verband met de investering is de aankoop op de lange baan geschoven’, aldus B en W.
Bij het kunstrotondeproject is gekozen voor het thema ‘Horizon Drenthe’. ‘Horizon’, omdat het lint van de zeer herkenbare sokkels altijd achter de horizon verdwijnt. Door wisseling van de beelden wordt eveneens de kunstzinnige horizon verbreed. Ook geeft ‘horizon’ de kunstenaar de mogelijkheid om zijn of haar blik op Drenthe in een eigen stijl middels een kunstwerk gestalte te geven.
Met Plaatselijk belang wordt op korte termijn overlegd omtrent de locatie op het dorpsplein.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het gooi maar in pet gehalte van dit bericht is tamelijk hoog: horizon Drenthe, een achter de horizon verdwijnend lint van zeer herkenbare sokkels, kunstzinnige horizon. Bla, bla, bla, bla.
Al langere tijd is in de gemiente Deever een rotonde aanwezig, namelijk de rotonde an de Deeverbrogge, maar de Hoge En Mindere Hoge Dametjes en Heertjes Van Het Grote Weervast Stalen Gelijk In Het Gemeentehuis Aan De Raadhuislaan Van De Gemeente Westenveld zijn helaas nog steeds niet in staat geweest het kunstig gemaakte stalen voorwerp op de koloniebrink van Zorgvlied te laten verhuizen naar de rotonde an de Deeverbrogge. Die tijd is nu toch echt wel aangebroken. Maar wellicht is die verhuizing ontsnapt aan de aandacht van de Hoofdbeleidsmedewerker Voor De Schone Kunsten Van De Voorkant Van Het Gelijk In Het Gemeentehuis Aan De Raadhuislaan Van De Gemeente Westenveld. Maar wellicht is het zoals gewoonlijk een gevalletje van ambtelijke en politieke onwil.
Het is in verleden al een keer voorgekomen dat een groot object van Zorgvliet hen de Deeverbrogge is verhuist, namelijk de monumentale Villa Laanzicht.

Posted in An de Deeverbrogge, Kuunst, Zorgvliet | Leave a comment

Liekwaeg’nschuutie wöd gien groevemuseumpie

In het dorp Deever is in 1913 een liekwaeg’nschuutie gebouwd op het gemeentelijke marktterrein an de Bosweg. Het huisje is in opdracht van de Vereeniging Lijkwagendienst uut Deever gebouwd. Het schuurtje was de stalling voor de liekwaeg’n.
De om werk verlegen dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever hebben het in verval geraakte liekwaeg’nschuutie in 2016 een flinke opknapbeurt gegeven.
De Deeverse padvinderij heeft in het verleden het schuurtje in gebruik gehad als een soort van clubschuurtje en heeft -volgens zeggen- ramen en raampjes in de twee zijgeveltjes aangebracht en heeft -volgens zeggen- in het voorgeveltje aan de kant van de Bosweg de oorspronkelijke dubbele deur vervangen door een enkele deur en een raampje. Dus de Deeverse padvinders hebben het huisje flink verropt.
De om werk verlegen dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever hebben vorig jaar de ramen en de raampjes in de zijgeveltjes met een soort van gelijklijkende baksteen dichtgemetseld. Deze plaatsen blijven helaas wel duidelijk zichtbaar. Het is niet anders. De dakpannen zijn van de doake gehaald en hebben een grondige wasbeurt gehad.
De om werk verlegen dorpskrachten van de heemkundige vereniging uut Deever hebben vorig jaar de enkele deur en het raampje in de voorgeveltje vervangen door een dubbele deur. Het voorbeeld voor deze dubbele deur zit in het achtergeveltje, maar is niet nagemaakt.
Het is toch wel intrigerend waarom in het voorgeveltje ook een dubbele deur zat en nu weer zit.
Opende de liekwaeg’nmenner Geert Dekker noa un groeve beide baanders en reed hij dan met paard en lijkwagen de aachterbaander in, om zo de (zware ?) liekwaeg’n alvast in de goede uitrijrichting op te stellen ? De liekwaeg’nmenner spande daarna het paard uit en sloot vervolgens beide baanders ? Dan moet het paard wel onder de niet al te hoge baanderdeuren door hebben gekund.
De redactie is wel benieuwd of het bestek en de bouwtekening van het liekwaeg’nschuutie bewaard zijn gebleven. Want de redactie wil nog wel controleren of zijn beweringen ten aanzien van de vier geveltjes van het schuurtje juist zijn.
De beroemde autodidactische groevedeskundige van de plaatselijke heemkundige vereniging wijlen Jans Tabak uut de Aachterstroate in Deever was bijzonder geïnteresseerd en onderlegd in groeverituelen en was voornemens in het schuurtje een soort van particulier groevemuseumpie in te richten. Het zal er door zijn overlijden helaas ook niet meer van komen. Van zijn kennis van groeverituelen is niets op papier vastgelegd.
Het liekwaeg’nschuutie staat ook vermeld op de lijst van zogenaamde provinciale monumenten. Maar wat is eigenlijk zo’n vermelding waard ? Wat zijn de lusten en de lasten van een vermelding op deze lijst ? Levert zo’n vermelding geld voor beheer en onderhoud op ? Of zijn de lasten groter dan de lusten ?
De redactie van het Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto’s op 2 januari 2017 gemaakt.

Posted in Aarfgood, Bosweg, Deever, Jans Roelof Tabak, Lijkwagendienst, Maarktturrein, Vurening | Leave a comment

Greinspoaltie 59 steet in ut aarg hoge grondwaeter

De redactie van ut Deevers Archief wil de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief uiteraard alle mooie hoeken en mooie gaten van de gemiente Deever laten zien en daar hoort zeer zeker de greinse van de gemiente Deever bij, in het bijzonder de greinse tussen de gemiente Deever in Drente en de gemiente Ooststellingwaarf in Fryslân.
De redactie heeft in een apart bericht een lijst van negenendertig greinspoalties op de grens van de gemiente Deever die tevens de grens is tussen de provincie Drente en de provincie Friesland opgenomen.
Greinspoaltie LIX (greinspoaltie 59) staat iets ten westen van ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele). De grens loopt van greinspoaltie LIX (greinspoaltie 59) recht door ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele) naar het verdwenen greinspoaltie LX (greinspoaltie 60) ten oosten van ut Greinsstuwmeer (vrogger de Greinspoele).
De redactie heeft de vijf hier afgebeelde kleurenfoto’s gemaakt op donderdag 22 november 2019, in een zonloze grijsbewolkte druilerige middag.
Ut greinspoaltie staat keurig onderhouden met zijn poot in het erg hoge grondwater, dat bij ut greinspoaltie aan de oppervlakte komt. Zeer opvallend is dat op een nogal erg hoogliggend deel, bijna het hoogstliggende deel van dit gebied bij de provinciegrens, meer dan tien meter boven het normaal Amsterdams peil (N.A.P.), de grondwaterstand zo hoog blijft staan. Zou de Stoat in dit gebied in alle stilte verborgen wateropstuwende maatregelen hebben genomen ? Het heeft er alle schijn van.
Op de derde en vierde kleurenfoto is te zien, nou ja niet helemaal, dat het wapen van Frylân aan de Friese kant van de greinse is te zien en dat het wapen van Drente an de Dreinse kaante van de greinse is te zien.
Op de eerste kleurenfoto is op de provinciale greinse ook un swaarfstientie te zien. De redactie vraagt zich af of dit een achtergebleven greinsstien is, dat wil zeggen een vroege voorloper van de huidige greinspoalties ? De redactie heeft elders op ut Deeverse diel van de puvinciale greinsroute gien swaarfstien’n op de greinse eseene, maar dat wil uiteraard niet zeggen dat deze niet aanwezig zijn.
De redactie wil van elk van de negenendertig greinspoalties, te weten greinspoaltie XLI (greinspoaltie 41) tot en met greinspoaltie LXXVI (greinspoaltie 76), een afbeelding in ut Deevers Archief opnemen. Dat gaat zeker wel lukken, echter de redactie heeft het vermoeden dat beheerder provincie Fryslân van die 36 oorspronkelijke greinspoalties een flink aantal heeft weggehaald. Dat wil zeggen dat de beheerder van de greinspoalties zich niet meer houden aan de oude regel dat op lange rechte stukken van de greinse bij elk greinspoaltie het voorgaande greinspoaltie en het volgende greinspoaltie moet zijn waar te nemen.
De redactie nodigt de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief graag uit te reageren met foto’s van greinspoalties en een juiste beschrijving van de plaats waar een foto van een greinspoaltie is gemaakt.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Greinspoele, Woater’n | Leave a comment

De Zwalk langs de Sjakie-tegels in Deever

Op 21 juli 2008 verscheen in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het poeha-bla-bla-poeha-bericht met de snorkende titel ‘Kop Shakespeare in trottoirs Diever’ betreffende het verwezenlijken van een Shakespearetegelwandelroute langs de Deeverse neringdoenden in het centrum van Deever.
Op 2 maart 2009 verscheen in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het bericht ‘Walk of Shakespeare in Diever’ betreffende het verwezenlijken van een Shakespearetegelwandelroute langs de Deeverse neringdoenden in het centrum van Deever.

Op 16 maart 2009 verscheen in de Olde Möppeler (de Meppeler Courant) het bericht ‘Walk of Shakespeare verrijst in Diever’ betreffende het verwezenlijken van een Shakespearetegelwandelroute langs de Deeverse neringdoenden in het centrum van Deever.

Kop Shakespeare in trottoirs Diever
Diever – Beeltenissen van de door Shakespeare geschreven stukken worden aangebracht in de trottoirs van Diever. Het is een idee van de plaatselijke straatmaker Frans Kamphuis. Het gaat om 36 afbeeldingen, die maart volgend jaar worden aangeboden aan de gemeenschap.
Frans Kamphuis treedt in de voetsporen van voormalig straakmaker/schrijver Abe Brouwer. In de zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw heeft Brouwer diverse figuren en uitbeeldingen in de straat van Diever aangebracht. Zo het straatwerk rond de kerk; het parkeerterrein bij de Havo-Mavo en voor het oude postkantoor van Diever. Woendagmorgen wordt met de werkzaamheden begonnen. Er moeten mallen worden gemaakt, waarin beton kan worden gestort. Het worden stenen van 50 bij 50 centimeter en een dikte van 8 cm. Het is de bedoeling dat zo een wandelroute door Diever ontstaat.

‘Walk of Shakespeare’ in Diever
Diever – Diever krijgt een ‘Walk of Shakespeare’. In het centrum van het Zuidwest-Drentse dorp worden trottoirtegels gelegd met daarop de titels van de door William Shakespeare geschreven stukken. De ‘Walk of Shakespeare’ is een idee van de historische vereniging Diever.
In het voorjaar van 2008 is het idee van de historische vereniging al met Frans Kamphuis besproken. Dat gebeurde naar aanleiding van Duusternis en Loakeblad in het kader van culturele gemeente Westerveld.
Wandelroute
De trottoirtegels die in het centrum van Diever gelegd worden, vormen een wandelroute. Volgens Jack Nieborg, regisseur van de toneelvereniging Diever, zijn de tegels ook een bijzondere verfraaiing van het dorp. De Shakespeare-tegels worden zo in de trottoirs aangebracht, zoals Abe Brouwer, schrijver en stratenmaker van de voormalige gemeente Diever, het in de jaren vijftig van de vorige eeuw heeft uitgevoerd.
Financiën
‘In eerste instantie is het initiatief  besproken met de wethouder en met ambtenaar Bas Spliet. Beide waren zeer enthousiast en is door de wethouder aangekaart bij Annet Klinkhamer, die op dat moment druk doende was met de voorbereiding en uitvoering van activiteiten in het kader van de culturele gemeente Westerveld’, aldus Nieborg.
‘In eerste instantie kregen we mondeling een positieve toezegging over de financiën, maar een maand geleden kregen we bericht via het projectbureau, dat er geen geld beschikbaar was voor het door ons ingediende project. Gelukkig is de Stichting Cultuurfonds Westerveld ons financieel tegemoet gekomen en kan het leggen van de Shakespeare-tegels toch doorgaan.
Onthulling
De werkzaamheden van het vervaardigen van de tegels is door een groepje vrijwilligers uitgevoerd. De teksten op de stenen zijn aangebracht door een bedrijf in Groningen. De onthulling van de eerste steen in het Shakespeare-dorp Diever zal plaatsvinden bij de opening van het nieuwe gemeentehuis van Westerveld. Dat zal zijn op donderdag 16 april.

Bijzondere tegels vormen wandelroute door Drents brinkdorp
‘Walk of Shakespeare’ verrijst in Diever
Diever – Met het plaatsen van de eerste steen is vanmorgen in de Peperstraat in Diever een begin gemaakt van de ‘Walk of Shakespeare’. De komende weken worden door het hele dorp nog tientallen monumentale, opvallende terragekleurde betontegels gelegd. In elke tegel staat de titel van een tragedie, komedie of koningsdrama van William Shakespeare gegraveerd. Ook staat er een beeltenis op van de Engelse toneelschrijver.
Shakespeare schreef bijna veertig tragedies, koningsdrama’s en komedies. Een tegel met daarop de tekst ‘Shakespearedorp Diever’ krijgt een plek voor het nieuwe gemeentehuis in Diever. De Shakespearetegels vormen uiteindelijk een wandelroute van een paar kilometer door het brinkdorp. De Shakespeareroute is vanzelfsprekend een verwijzing naar de Shakespearevoorstellingen die sinds 1946 jaarlijks worden gegeven in het openluchttheater van Diever.
De ‘Walk of Shakespeare’ is half april officieel geopend.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
In 2008 en 2009 nam in het dorp Deever de Shakespearitis waarlijk epidemische vormen aan. Het absolute kopstuk van de Historische Shakespearesupportersvereniging Gemeente Diever bedacht – daartoe wellicht geïnspireerd door de Walk of Fame op de Hollywood Boulevard en Vine Street in Hollywood bij Los Angeles – deze keer als nieuw veteranentijdverdrijf het maken van zesendertig Sjakie-tegels, dat wil zeggen rode tegels van beton met daarop aangebracht de naam van een toneelstuk van William Shakespeare (die in de Deeverse volksmond altijd Sjakie-uut-Spier of kortweg Sjakie wordt genoemd) en de kop van William Shakespeare (die in de Deeverse volksmond altijd Sjakie-uut-Spier of kortweg Sjakie wordt genoemd) en vervolgens het aanbrengen van deze Sjakie-tegels in looppaden van het dorp Deever en dan liefst elk exemplaar zo veel als mogelijk was recht voor de ingang van de zaak van een Deeverse neringdoende. Want het niet-onbelangrijke nevendoel van al die Sjakie-tegels is de Sjakie-tegelroutezwalker, die voor de ingang van de winkel van een neringdoende stil staat om naar de tekst op een Sjakie-tegel te koekeloeren, de winkel in te lokken.
De redactie heeft het altijd uiterst merkwaardig gevonden dat op die Sjakie-tegels de naam van een toneelstuk van Sjakie en de kop van Sjakie is aangebracht. Niet de toneelstukken van Sjakie en niet de kop van Sjakie, maar wel de gedreven en getalenteerde amateurtoneelspelers, vrogger waad’n dat de Deeversen, hebben ut Deeverse eup’mlochtspel groot en populair gemaakt. De naam van toneelspelers, zoals Jantina Figeland, Theo Rutgers, Abe Brouwer,
Albertus Andreae, Pieter Boelens, Marinus Mulder en vele goede anderen, had op een Sjakie-tegel moeten staan. Daarmee kan de glorie van ut eup’mlochtspel voor eeuwig sterk worden benadrukt. Nou ja, eeuwig is wel heel erg lang.
Met Deeverse cultuur of aarfgoed van Oense Abe had en heeft het peperdure Sjakie-gezwalk niets te maken. De Sjakie
-tegels zullen nooit Deevers aarfgood worden. De figuur’n van Oense Abe bint dat wè.
Het zou best eens zo kunnen zijn dat toeristen en dagjesmensen en Sjakie-fanaten bij de plaatselijke V.V.V., gevestigd aan de Shakespearealley (voorheen Bosweg) in Deever, een beschrijving van de route langs de Sjakie-tegels kunnen bekomen. Dat zou wel zo moeten zijn. Of kan de Zwalk langs de Sjakie-
tegels in Deever met behulp van een handig epje op de slimme telefoon worden gemaakt ?
De redactie heeft het altijd uiterst merkwaardig gevonden dat de wethouder van cultuur van de gemeente Westenveld en de regisseur van de toneelvereniging Diever zo enthousiast hun plasje pleegden over het miraculeuze a-culturele idee en dat uiteindelijk de Stichting Cultuurfonds Westenveld opdraaide voor de kosten voor de bestrijding van die plotselinge aanval van Shakespearitis van het absolute kopstuk van de heemkundige vereniging uut Deever. Noch de gemeente Westenveld, noch de bulkend rijke toneelvereniging Diever, noch de bepaald niet onbemiddelde club van Deeverse neringdoenden heeft financieel bijgedragen aan het maken, het plaatsen en het onderhouden (?) van deze bepaald niet toekomstbestendige, niet toekomstvaste, niet duurzame, niet
kleurvaste, niet scheurvaste en niet slijtvaste Sjakie-tegels.
De redactie is van mening dat op de verrijzenis van de zesendertig Sjakie-tegels in de Deeverse looppaden bij uitstek de titel van een toneelstuk van Sjakie-uut-Spier van toepassing is: Veel drukte om niets (Much ado about nothing).
De redactie is zo maar willekeurige langs een paar van die Sjakie-tegels gezwalkt voor het maken van enige kleurenkiekjes.
De redactie heeft op woensdag 6 november 2019 kleurenfoto 1 en kleurenfoto 2 gemaakt. Op de twee kleurenfoto’s is de kapotte Sjakie-tegel bij een neringdoende in aardappelen-groenten-en-vruchten an de Kruusstroate van Deever te zien. De redactie zag dat de naam van het toneelstuk van Sjakie op de tegel was vervaagd. De kop van Sjakie was ook niet meer aanwezig. De redactie weet niet of deze kapotte Sjakie-tegel in de Kruusstroate het herbestratingsgeweld van het peperdure project Deever op Drift heeft overleefd of dat deze is gesneuveld en is gestort op de betonpuinberg van bijvoorbeeld een koninklijk onderscheiden puinbreker. De redactie trekt de conclusie dat deze tien jaar oude Sjakie-tegel niet toekomstbestendig, niet toekomstvast, niet duurzaam, niet kleurvast, niet scheurvast en niet slijtvast is en dus niet voldoet aan de strenge eisen die het project Deever op Drift stelt aan objecten in de openbare ruimte. De neringdoende in de Kruusstroate en de veteranenhobbytegelzettersclub hebben tien jaar geleden wel een beetje zitten slapen, want de Sjakie-tegel had toch wel voor de ingang van zijn winkel moeten zijn geworden geplaatst.
De redactie heeft op donderdag 22 november 2019 kleurenfoto 3 en kleurenfoto 4 gemaakt. Op de twee kleurenfoto’s is de Sjakie-tegel pal voor de ingang van een neringdoende in kleren-en-zo an de Heufdstroate in Deever te zien. De redactie kon op de Sjakie-tegel wel de enigszins vervaagde naam van het toneelstuk van Sjakie lezen, zijnde Richard III. De kop van Sjakie was niet meer op de Sjakie-tegel te zien. Binnen enige jaren zal de naam van het toneelstuk in zijn geheel zijn verdwenen. En wat heb je aan een Zwalk langs steeds meer verkleurende Sjakie-tegels waarop niets is te lezen ?
De redactie heeft op donderdag 22 november 2019 kleurenfoto 5 en kleurenfoto 6 gemaakt. Op de twee kleurenfoto’s is de Sjakie-tegel pal voor de ingang van een neringdoende in drogisterij-en-zo-artikelen an de Heufdstroate van Deever te zien. De redactie kon op de Sjakie-tegel de vervaagde naam van het toneelstuk van Sjakie
gelukkig niet meer ontcijferen. De kop van Sjakie was gelukkig ook niet meer op de Sjakie-tegel te zien. De Sjakie-tegel op kleurenfoto 5 kan gelukkig als verloren worden beschouwd en moet met geschwinde spoed en in gestrekte draf uit de Zwalk-langs-de-Sjakie-tegels-route worden geschrapt.
De redactie stelt voor dat de gemeente Westenveld op deze plaats op 4 mei 2020, 75-jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, tijdens de Dodenherdenking, geen struikelsteen, maar een dikke vlakke plaat van roestvast metaal plaatst, met daarin gegraveerd een tekst ter nagedachtenis aan de in de Duitse vernietigingskampen omgekomen joodse familie Zaligman, die hier tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog heeft gewoond en een manufacturenwinkel had. Dat zou nog eens van historisch besef en respect getuigen. Lees de betreffende berichten elders in het Deevers Archief. Lees bijvoorbeeld het bericht Bij de manufacturenwinkel van Flip Zaligman – 1936.



Kleurenfoto 1 en kleurenfoto 2

Kleurenfoto 3 en kleurenfoto 4

Kleurenfoto 5 en kleurenfoto 6

Posted in Joodse inwoner, Shakespearitis, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

‘Drie fasen van een gedachte’ hangen in de griffie

De set van drie bij elkaar horende schilderijen met de naam ‘De drie fasen van een gedachte’ hangen helaas niet in de raadzaal maar in de zo genoemde griffie van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.

Mevrouw Paula van Hees -de tegenwoordige projectleider voor de schone kunsten en de cultuur- van de gemeente Westenveld meldde op 12 juni 2017 via een elektronisch postbericht het volgende:
U heeft gereageerd op de e-mail, die ik u op 6 mei 2017 heb verzonden. Het drieluik hang bij ons bij de Griffie, om zo de link met de raad te behouden.

Aantekeningen van de redactie van het Deevers Archief
Over het drieluik ‘De drie fasen van een gedachte’ zijn in het Deevers Archief twee berichten gepubliceerd, te weten het bericht Drie fasen van een gedachte hangen in het raadhuis en het bericht Drieluik in raadzaal Diever gepresenteerd.
De Griffie (mevrouw Paula van Hees schrijft het woord met een hoofdletter) is het kantoor van de griffier.
Een griffier is een ander woord voor secretaris. Het kantoor van een griffier of zijn ambt in het algemeen wordt de griffie (zonder hoofdletter, het is geen Duits). Voor de voorkant van het gelijk van de gemeente Westenveld was het gebruik van de naam secretaris blijkbaar te armoedig, nee het moest het duur klinkende griffier worden. En een griffier kantoort in een griffie. Je kan toch maar beter secretaris heten, want griffier of greffier is ontleend aan het Latijn en Frans en betekent schrijver. Een griffel is een schrijfstift van leisteen.
Dus blijkbaar secretarieert de griffier niet in het ambtelijke kantoorpark van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever, maar in een aparte kamer, die de griffie wordt genoemd. Het is in elk geen openbaar toegankelijke ruimte; de vraag is zelfs welke raadsleden het bij de besluitvorming in de raad ter inspiratie bedoelde drieluik ‘De drie fasen van een gedachte’ ooit hebben gezien.
Het verdient overweging de drie schilderijen terug te geven aan de maakster.

Posted in Gemeente Westenveld, Kuunst | Leave a comment

Roesterig veulenbeeld bij de ingang van Villa Nova

Bij de ingang van hotel-restaurant Villa Nova an de Dorpsstroate op Zorgvlied staat een beeld van een veulen, waarmee de eigenaren van hotel-restaurant Villa Nova blijkbaar willen aangeven dat klanten van hun bedrijf Villa Nova hun eigen paard mee kunnen nemen naar Zorgvlied en dat paard kunnen stallen in het zo genoemde paardenhotel, dat zal wel een soort van luxe paardenstal zijn.
Bij daglicht is het door de roesterige kleur van het metaal of de steen of het hout of het plastic niet zo gemakkelijk goede foto’s van het veulenbeeld te maken. De redactie van ut Deevers Archief heeft al verschillende pogingen gedaan, maar was geen enkele keer tevreden met het resultaat. De redactie heeft daarom bij het vallen van de avond ook een poging gedaan. De redactie van ut Deevers Archief heeft de twee bijgaande kleurenfoto’s op donderdag 21 november 2019 gemaakt, maar is nog niet echt tevreden over het resultaat.
De redactie moet bij de eigenaren van paardenhotel Villa Nova nog nagaan wat de naam van het veulenbeeld is, wie de maker van het veulenbeeld is, of het veulenbeeld van metaal, steen, hout of plastic is, of het veulenbeeld een uniek exemplaar is of dat van het veulenbeeld meerdere exemplaren bestaan.

Posted in Kuunst, Villa Nova, Zorgvliet | Leave a comment

Uutkiekplatform stiet veul te wiet van ut stoefsaand

De redactie van ut Deevers Archief kwaamp bee sien haarfsttochte van ut iene dreegemient’npunt Deever, Vledder, Ooststellingwaarf langs de greinse van de gemiente Deever hen ut aandere dreegemient’npunt Deever, Smilde, Ooststellingwaarf ok langs greinspoalie LXIII (greinspoaltie 63), woar de greinse tuss’n de puvincie Drente en de puvincie Freeslaand un flinke knikke mak.
De redactie saag un raer holt’n lomp uutkiekplatform in de buurte van dat greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63). Ut uutkiekplatform steet wè an de Freese kaante van de greinse, dus gelokkug neet in de gemiente Deever. Leerlingen van ut Bezundere Jeugdwaark Aekinga uut Appelsga hept ut uutkiekplatform in 1995 ebout.
Ut lompe uutkiekplatform hef dree hiele grote platforms, die as neet neudig bint, so veule volluk löp doar nooit rond. Van al dat holt haar’n die jonges van ut jeugdwaark uut Appelsga ok un toch seker twee kièr so hoge mor dan echte uutkiektoor’n kunn’n bouw’n. Ech wè. En de lompe baarg holt steet ok op de vukeerde plekke. Neet umdat ut platform veul te dichte bee de greinse van de gemiente Deever steet, mor umdat ut platform veul te wiet van de Kaele Duun’n steet. Ut platform möt seshonded meter hen ut noorden wöd’n vuplaest, hen de Kaele Duun’n, dan hept de trouwe klaant’n van de Stoat noa de vurbouwing van ut lompe platform tot un echte hoge uutkiektoor’n, boo’m op die toor’n un meraekels mooie uutkiek over die veul en veul te groot ewöd’n Kaele Duun’n, die de Stoat söls un ‘Atlantisch woestijntje’ durft te nuu’m, mor dan wè iene die de Stoat deur un grote groffe ontbossing van De Zuurstoffabriek En Koolzuurslurper Van Friesland gau sölf ee’m emeuk’n hef.
De redactie van ut Deevers Archief hef de twee kleu’nfoto’s emeuk’n op donderdag 21 november 2019. Op de tweede kleu’nfoto is greinspoaltie LXIII (greinspoaltie 63) wè te seen, ee’m good kiek’n, ut is gien suukplaetie.

Posted in Aarfgood, Greinse, Greinspoal, Woater’n | Leave a comment

Bouwbord geeft deels een indruk van Brink 6.0

De gemeente Westenveld toont in het kader van het zo door haar genoemde Brinkenplan op bouwborden hoe een deel van de omgeving van de brink van Deever bee de Heufdstroate en de kaarkhof (vrogger ok wè kaarketuun enuumd) na voltooiing van het plan in 2020 zal zijn. Op ut Van-Os-kaampie an ut ende van de Heufdstroate stiet ok ut hier eteunde bouwböd (nog beter is bouwbröt). Zie de bijgaande betreffende afbeelding. De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto voor deze afbeelding op woensdag 6 november 2019 gemaakt.
De redactie merkt op dat de naam Brinkenplan geen juiste naam voor het project is, want de vrije ruimte tussen het Schultehuis en het gemeentehuis van de gemiente Deever is de enige brink in het dorp Deever.
Dus een ruimte in het dorp Deever, die van horen zeggen maar al te graag als brink wordt gebombardeerd, is geen brink, mits verantwoord historisch en wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat deze ruimte wel een brink is.
Het betreft overduidelijk de ruimte bij de t-splitsing van de Heufdstroete en de Aachterstroate, die in de volksmond ook wel Kleine Brink wordt genoemd. Het betreft overduidelijk de vrije ruimte aan het begin van de Bosweg, die tegenwoordig door ignoranten en amateur-histerielogen te onpas marktbrink wordt genoemd. Derhalve moet het plan vooralsnog, maar hopelijk voor altijd als Brinkplan de geschiedenis in gaan. Zeg maar het zoveelste Brinkplan, zeg maar het plan voor de inrichting van Brink 6.0, met de zekerheid dat de toekomstbestendigheid van het resultaat van dit plan een ijdele illusie is.
Op de afbeelding zijn paden over de brink en over de kaarkhof (vrogger ok wè kaarketuun enuumd) te zien. Het mogen zo te zien geen door het natuurlijke gebruik ontstane slingerende slijtpaden in de zanderige ondergrond worden, nee het lijken wel rechtlijnige, voorgekauwde kunstmatige – gij zult hier en niet in het gras lopen – paden te worden. Paden die worden gemaakt van een of ander volledig nadeelvrij, roodbruin, kleurvast, slijtvast, duurzaam, toekomstvast, toekomstbestendig, milieuvriendelijk, klimaatvriendelijk, klimaatbestendig, waterbestendig, niet-verweekbaar, waterdoorlatend, zonbestendig, vorstbestendig, dooizoutbestendig, luchtdoorlatend, onkruidwerend, graswerend, molwerend, onscheurbaar, vervormbaar, warmteabsorberend, hangjongerenbestendig, volledig herbruikbaar, circulair en uiterst goedkoop en uiterst concurrerend cradle-to-cradle wondermateriaal.
De redactie van ut Deevers Archief is en blijft voorstander van zandpaden, die hebben al eeuwenlang hun bestaansrecht bewezen, soas ut now verropte kaarkepad tuss’n Deever, Kalter’n en Wapse of ut Raggerspad tussen Deever, Oll’ndeever en de Oll’ndeeversebrogge.
De struikelende naar het wonderwandelpadmateriaal kijkende vrouw heeft op haar rug een zakje met het logo van het Brinkplan en de naam Diever. Deze rugzakjes zullen ongetwijfeld binnenkort bij Deeverse neringdoenden te koop zijn of wellicht te koop zijn bij de balie aan de publieksbrink in het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever.
Op de brinkdam lopen duiven, een ogenschijnlijk Amsterdamse Drentenierster is bezig de duiven op de dam te voeren.
De redactie van ut Deevers Archief ontwaart op de brinkdam links achter de man met het blauwe rugzakje een kunstwerk. Het kunstwerk zal zo te zien helaas niet op een ten minste honderdenvijftigduizend jaar oude grote uiterst toekomstbestendige Deeverse zwerfsteen worden geplaatst, maar wellicht op een duurzaam, toekomstvast, toekomstbestendig, milieuvriendelijk, klimaatvriendelijk, klimaatbestendig, vorstbestendig, onscheurbaar, volledig herbruikbaar, circulair en uiterst goedkoop en uiterst concurrerend cradle-to-cradle materiaal.
Op de brinkdam en op de kaarkhof (vrogger ok wè kaarketuun enuumd) komen enige zitbankjes te staan. De grote vraag is natuurlijk of deze zitbankjes met schaars belastinggeld worden betaald of dat de uitbaters van cafe’s, restaurants, lunchrooms, snackbars, ijsco- en patatkramen, brood- en banketbakkerijen en andere neringdoenden een duit in het zakje moeten doen en geacht worden deze voorzieningen te betalen. Pecunia non olet.
Het is uiterst voorstelbaar en uiterst voorspelbaar dat vanwege het gekozen monotone, uniforme, saaie, dikmetalen, hangjongerenbestendige en dus onverwoestbare zitmeubilair op de brinkdam en op de kaarkhof (vrogger ok wè kaarketuun enuumd) het aandoenlijke Plattelandsvrouwenbankje op de brink zal worden geruimd of misschien al is geruimd en wellicht en hopelijk elders zal worden herplaatst. Het is uiterst voorstelbaar en uiterst voorspelbaar dat vanwege het gekozen monotone, uniforme, saaie, dikmetalen, hangjongerenbestendige en dus onverwoestbare zitmeubilair op de brinkdam en op de kaarkhof (vrogger ok wè kaarketuun enuumd) het aandoenlijke Rabobankbankje in het grasveldje tegenover de Rabobank zal worden geruimd of misschien al is geruimd en wellicht en hopelijk elders zal worden herplaatst.
De redactie van ut Deevers Archief suggereert het Plattelandsvrouwenbankje en het Rabobankbankje in de buurt van de huidige standplaats van de Van-Os-Baank te herplaatsen, op die manier ontstaat een soort van openluchtmuseumpje van afgedankte door burgerinitiatief ontstane en met burgergeld betaalde zitbankjes. Derhalve valt zeer te overwegen het misgesitueerde aandoenlijke Bert-Haanstrabankje aan het loop- en fietspad langs de Shakespearealley (voorheen Bosweg) ook te verplaatsen naar de nabijheid van de huidige standplaats van de Van-Os-Baank. En op korte termijn zou ook het op Zorgvlied staande aandoenlijke Incredible-Doctor-Jan-Haarm-Polbankje hier een laatste rustplaats kunnen krijgen. In de buurt van die andere hakhoutkunstwerken De Vliegende Deur en de Oehoeboeroe.
Langs het Oense-Abe-erfgoedhobbelpad van ten minste honderdenvijftigduizend jaar oude uiterst toekomstbestendige Deeverse veldkeien met religieuze tekens komen autoverrinnewièd’nde flinke ten minste honderenvijftigduizend jaar oude uiterst toekomstbestendige Deeverse zwerfkeien te liggen. De gemeente Westenveld is wellicht al een tijdje bezig met het sparen van deze stenen, wellicht komen de twee bee ut liekwaeg’nschuurtie verdwenen zwerfstenen hier ook te liggen.
De redactie van ut Deevers Archief had een oja-belevenis, een aha-erlebnis en een déjà vu ervaring bij het zien van de lantaarnpalen. Deze komen voor op oude ansichtkaarten, bijvoorbeeld die van de brink 3.0 in de sneeuw uit 1920. Alleen waren het toen carbid-lampen die de omgeving verlichtten, nu zullen het wel energiezuinige langelevensduur led-lampen worden, het carbid kan beter worden gebruikt bee ut kebiedskeet’n mit oldejaor.
De redactie van ut Deevers Archief ontwaart rechts achter de man met het blauwe rugzakje een groene auto die in de richting van de Rabobank rijdt. Is de maker van deze poster verkeerd geïnformeerd ? Of mag het autoverkeer de Peperstraat of het deel van de Peperstraat tot aan de zogenaamde Kerkstraat binnenkort in twee richtingen berijden ?

Posted in Brink, Deever | Leave a comment

De umvang van de Baarg in Wittelte op un lochtfoto

De redactie van het Deevers Archief viel bij het bekijken van een luchtfoto met daarop de Baarg in Wittelte enkele dingen op. Deze luchtfoto, die te zien is in Google Maps, en is gemaakt in 2019, is hier eveneens voor de beeldvorming getoond.
Links is de Wittelterweg aangegeven. De Meester Hendrik Broerweg is nog net aan de bovenkant van de afbeelding te zien.
In het weiland is de huidige grootte van de Baarg te zien, deze is min of meer cirkelvormig. Deze is ten opzichte van zijn omgeving iets lichter van kleur.
Op de Baarg is ongeveer in het middelpunt, in de vorm van een dikke stip, het beeld met de naam Witto te zien. De afrastering om de Baarg is eveneens te onderscheiden.
Buiten om de Baarg is een min of meer ringvormige bredere zone waar te nemen, daar is het gras iets schraler. Zo groot zou de omvang van de Baarg in een vrij recent verleden kunnen zijn geweest.
Om die schralere min of meer ringvormige graszone is een nog bredere minder schrale min of meer ringvormige graszone waar te nemen, deze zone steekt goed waarneembaar af ten opzichte van zijn omgeving. Dit zouden de contouren van een nog grotere omvang van de Baarg kunnen zijn, maar zouden ook de contouren van de veronderstelde brede sloot (gracht ?) om de Baarg kunnen zijn. De redactie denkt aan de eerst aangegeven mogelijkheid.

Posted in de Witteler Baarg, Oudheidkunde, Wittelte | Leave a comment