De kruusing bee hotel restaurant Blok an de Brogge

Het is de redactie van ut Deevers Archief een genoegen toch maar weer een mooi kleurenfragmentje uit het verleden in de gemiente Deever te kunnen tonen aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief.
In 1968 was bijgaande kleuren ansichtkaart van Hotel Restaurant Blok uiteraard te koop bij Hotel Restaurant Blok an de Deeverbrogge. Deze kaart is tegelijkertijd met nog een paar kleuren ansichtkaarten, waaronder een ansichtkaart van het interieur van de eetzaal in het hotel-restaurant, uitgegeven.
Let vooral op de bij het hotel-restaurant geparkeerde auto’s. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief herkent merken en modellen ? De redactie verneemt het graag.
De weg van Deever hen Dwingel kruiste de riekseweg nog vlak bij Hotel Restaurant Blok. Het was een voorrangskruising, zoals uit het verkeersbord mag blijken. Het was een bepaald niet ongevaarlijke kruising. De auto’s moesten de drukke riekseweg schuin oversteken. De kruising is omstreeks 2002 vervangen door een rotonde.

Posted in An de Deeverbrogge, Ansigtkoate, Hotel Blok | Leave a comment

De tremhaltechef is overeplaèst hen de Smilde

Op 3 maart 1933 verscheen in het Nieuwsblad van Friesland het volgende bericht over de overplaatsing van Jan Benthem van de tramstation Dieverbrug naar de tramstation Hijkersmilde.

Hijkersmilde, 2 maart.
De heer J. Benthem, haltechef bij de Nederlandsche Tramweg Maatschappij te Dieverbrug, is met ingang van 1 maart jongstleden. overgeplaatst naar het station alhier.

Aantekeningen van ut Deevers Archief
Jan Benthem is de jongste zoon van marktschipper, schipper, schuitenvoerder, tolgaarder, logementhouder en caféhouder Sjoert Benthem en Grietje Merk. Hij is geboren op 12 mei 1894 an de Deeverbrogge. Jan Benthem trouwde op 3 augustus 1923 in Avereest met Hillechina Helena de Roode. Toen hij trouwde was hij chef van het tramstation van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij an de Deeverbrogge.
Vanwege de sluiting van de tramlijn van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij tussen Meppel en Hijkersmilde in 1933 en derhalve vanwege de sluiting van de tramhalte an de Deeverbrogge werd Jan Benthem overgeplaatst naar het tramstation Hijkersmilde. Tramstation Hijkersmilde bleef toen vooralsnog wel bestaan als station in de tramlijn Assen-Hijkersmilde-Oosterwolde.

Posted in An de Deeverbrogge, Café-Logement, Stoomtram | Leave a comment

Bee un lorrie op smalspoor in ut Olde Willemsveld

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 14 februari 2022 van de heer Paul Gols, woonachtig op Zorgvlied, bijgaande scan van een fraaie foto – een afdruk van een glasplaatnegatief – van ontginningswerkzaamheden in ut Olde Willemsveld. De redactie is de heer Paul Gols bijzonder erkentelijk voor het beschikbaar stellen van deze afbeelding met hoge geschiedkundige waarde. Voorwaar een topstuk.

De N.V. Ontginningsmaatschappij De Drie Provinciën werd op 18 september 1924 opgericht. Deze maatschappij leidde in de twintiger jaren van de vorige eeuw onder meer de ontginningen in ut Olde Willemsveld. Deze foto is afkomstig uit de collectie van Wessel Jansema, een kleinzoon van de opzichter/rentmeester van De Drie Provinciën. Op de foto staat werkvolk bij een lorrie op een smalspoor in ut Olde Willemsveld. De lorrie wordt getrokken door een paard. De man die aan de linkerkant tegen de lorrie leunt is opzichter Jansema. Het is jammer dat de namen van de andere mannen niet bekend zijn.
Het rechtlijnige smalspoor van het type Deceauville door ut Olde Willemsveld is nog niet ingetekend op de topografische kaart uit 1909. Dit smalspoor is voor het eerst ingetekend op de topografische kaart uit 1926. Zie bijgaande afbeelding van een detail van de topografische kaart uit 1926. Ter plekke van de Deceauvillebaan is na voltooiing van de ontginning van ut Olde Willemsveld de weg door de Olde Willem aangelegd.
De redactie heeft het vermoeden dat het smalspoor dat is te zien op de afbeelding niet direct onderdeel is van het rechtlijnige smalspoor dat door ut Olde Willemsveld loopt, maar een stuk smalspoor is, zeg maar een zijspoortje is, dat steeds op een ander te ontginnen perceel werd gelegd, immers het smalspoor was gemakkelijk te verplaatsen. De afgegraven onbruikbare grond werd op de lorries geschept en afgevoerd. Maar waar naar toe ?
De heer Paul Gols merkte terecht op dat deze afbeelding samen met de afbeelding van de diepploeg de meest sprekende afbeeldingen zijn voor de ontginning van ut Olde Willemsveld. Van handkracht naar paardekracht en van paardekracht naar mechanische kracht.
Bijgaande afbeelding is eveneens opgenomen op bladzijde 130 van het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever.

Posted in de Olde Willem, Ontginning, Topstuk | Leave a comment

Juffrou Naleke Bos-Evers mit heur dochtertie Willie

De redactie van ut Deevers Archief vond in de papieren nalatenschap van zijn moeder bijgaande afgebeelde prachtige sepiakleurige ansichtkaart van het korte deel van de Dorpsstroate op Zorgvliet, met aan de rechterkant de bebouwing bij de Rooms Katholieke kerk. Deze ansichtkaart is toch wel weer een mooi fragmentje uit het verleden in Zorgvliet. Deze ansichtkaart is in het najaar van 1931 uitgegeven door de in 1910 opgerichte firma J.F. le Roux in Assen. De kaart zal ongetwijfeld te koop zijn geweest bij een van de kruidenierswinkeltjes aan het lange deel van de Dorpsstroate op Zorgvliet. Wellicht in de winkel van Pieter Bos.
Achter op de ansichtkaart had de redactie’s moeder geschreven wie de vrouw en het kindje op de afbeelding zijn. De vrouw is schooljuffrouw Naleke Bos-Evers. Het kindje aan haar hand is haar dochtertje Wemke Wilhelmina Maria. De redactie’s moeder kende deze mensen heel goed. Per slot van rekening had ze als kind jaren in de klas gezeten bij juffrouw Bos.
Naleke Evers is geboren op 9 juli 1893 in Noordwolde als dochter van Cornelis Hendrik Evers en Hendrica van der Vaart. Zij trouwde op 4 mei 1918 in Deever met handelsreiziger Jan Gerrit Bos. Hij was een zoon van Pieter Bos en Wemke Egbert Dokter. Pieter Bos had een winkel an de Dorpsstroate op Zorgvliet. Naleke Bos-Evers was schooljuffrouw in de skoele op Woater’n. Zij is overleden op 27 december 1978 op Zorgvliet. Zij is begraven op Zorgvliet op de neeje kaarkhof aachter Obadja.
Wemke Wilhelmina (Willie) Maria Bos is geboren op 9 maart 1930 op Zorgvliet. Zij is overleden op 11 december 2019 in Deever. Ze is begraven op Zorgvliet op de neeje kaarkhof aachter Obadja. Zie ook het bericht Willy Hielkema-Bos is estör’m op 11 december 2019.

In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven Magnus Opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is in het hoofdstuk Zorgvlied op bladzijde 176 ook een afbeelding van een exemplaar van de hier afgebeelde ansichtkaart opgenomen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Deze foto gemaakt in maart 2019 en is afkomstig uit google.com/maps (© 2022 Google)

Posted in Ansigtkoate, Dorpsstroate, Zorgvliet | Leave a comment

De skièr’nslieper kwaamp mit de woonwaèg’n

De redactie van ut Deevers Archief kocht alweer jaren geleden in het guldentijdperk op een verzamelbeurs in Utrecht een krantenknipsel, met daarop bijgaande sepiakleurige afbeelding, met daarop enig volk in de Dorpsstroate op Zorgvliet in Drente, net aan deze kant van de Drents-Friese grens. Op de afbeelding is ook een woonwagen te zien. Volgens de moeder van de redactie was dat de woonwagen van een scharenslijper (zigeuners ?). Die kwam elk jaar naar Zorgvliet en Woater’n. Een scharenslijper sleep natuurlijk ook messen.
Op de achterkant van het prachtige sepiakleurige knipsel is met potlood als jaartal ±1930 geschreven. Op de achterkant van het krantenknipsel is niet vermeld in welk geïllustreerd tijdschrift de afbeelding is gepubliceerd. De redactie heeft de bron nog steeds niet kunnen achterhalen, dus nog even geduldig doorzoeken.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op woensdagmiddag 11 december 2019. Op de klok van de oudejaars-slepen-en-niet-slopen-vereniging Tiet Zad is het twintig over vijf. En het was blijkbaar toen nog niet donker. Waren ze vergeten op zondag 27 oktober de klok een uur terug te zetten ?

Bijgaande sepiakleurige afbeelding is als zwart-wit afbeelding opgenomen op bladzijde 176 van het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, waarbij de ellipsvormige afbeelding om onduidelijke redenen helaas, jammer genoeg, ocharm, is bijgesneden tot een rechthoekige afbeelding.

Posted in Heufdstroate, Zorgvliet | Leave a comment

De villa Villa Nova an de Dorpsstroate op Zorgvliet

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 36 een zwart-wit ansichtkaart van de villa met de naam Villa Nova an de Dorpsstroate op Zorgvlied opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1919 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer enige aandacht besteed aan de Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt en de gebroeders mr. Lodewijk Guillaume en dr. Julius Johannes Verwer. Een afbeelding van de bet3reffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

36 – Zorgvlied – Villa Nova – ± 1919
In de Landbouw-courant van 21 oktober 1869 verscheen het artikel Het landgoed Zorgvlied van den heer J.F. de Ruijter de Wildt. Het geeft een heel aardig beeld van de streek, nadat de Maatschappij van Weldadigheid in 1859 een deel van de kolonie Groot- en Klein Wateren had verkocht aan Jacobus Franciscus de Ruijter de Wildt. De ex-Indiëganger nam de ontwikkeling van zijn landgoed Zorgvlied voortvarend ter hand. Een passage uit het artikel luidt aldus:
Als men in aanmerking neemt dat daar waar men nu grasrijke weiden, heerlijke korenvelden, aangename dreven, vruchtbare akkers en weelderige bosschen aantreft, vroeger niet veel beter dan heideveld te vinden was, dan mag men wel zeggen dat de weinige jaren, die de heer de Ruijter de Wildt aan deze grootsche onderneming heeft besteed, geen onvruchtbare zijn geweest.
In 1879 kochten de gebroeders mr. Lodewijk Guillaume en dr. Julius Johannes Verwer het landgoed Zorgvlied en de rest van de ex-kolonie Groot- en Klein Wateren. Met name mr. Lodewijk Guillaume Verwer zag mogelijkheden om het landgoed verder te ontwikkelen tot een welvarende land- en bosbouwonderneming.
Zij lieten daartoe boerderijen, schuren, arbeidershuizen, een sigarenfabriekje en een cichoreifabriekje bouwen. Ook lieten ze mooie huizen in het jonge dorp bouwen: het Witte Huis naast het oude Rooms Katholieke kerkje, het huis Aurora, waar hun Noord Nederlandsche Hypotheekbank en levensverzekeringsmaatschappij was gevestigd, Villa Laanzicht, die bewoond werd door Johannes Fredericus Houwing, de directeur van de hypotheekbank, en het statige woonhuis met de naam Villa Nova.
De eerste steen van deze hier zichtbare villa werd op 23 juni 1888 gelegd door Idse Johannes Verwer, enige zoon van mr. Lodewijk Guillaume Verwer en Johanna Cornelia Ludovica van Wensen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief 
Het bericht in de Landbouw-courant van 21 oktober 1869 is een kopie van het originele bericht in de Purmerender Courant van 25 augustus 1869.
De redactie heeft de kleurenfoto van villa Villa Nova gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

Posted in Ansigtkoate, Diever, ie bint 't wel ..., Villa Nova, Zorgvliet | Leave a comment

Un pèèr winkelties an de Dorpsstroate op Zorgvliet

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 34 een zwart-wit ansichtkaart van oude winkeltjes en het Amsterdamsche Huis, an de Dorpsstroate op Zorgvliet opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1917 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer aandacht besteed aan de neringdoenden en hun nering in de winkeltjes an de Dorpsstroate op Zorgvliet. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

34 – Zorgvlied – Dorpsstraat met Amsterdamse Huis – 1917 
Dit is de mooiste foto die ik ken van het oude Zorgvlied. De kaart die voor deze afbeelding is gebruikt is één van de drie tot nu bekende exemplaren. In het linker pand was de kruidenierswinkel van Kees Bos en Trui Buin gevestigd. Deze winkel is omstreeks 1936 overgenomen door Hidde Visser en Trijntje Dijkstra.
Naast deze winkel bevond zich het manufacturenwinkeltje van Klaas de Boer. Daar was je aan het goede adres voor blauwe en zwarte wol, katoenen garen, band, sokken, ondergoed en lapjes stof. Zijn vrouw deed het werk in de winkel. Klaas was mit ’t pak béj ’t pad, dat wil zeggen dat hij met een grote koffer gevuld met manufacturen voor op zijn transportfiets zijn klanten bezocht in de wijde omgeving van Zorgvlied.
In die tijd woonde postbode Paulus Mulder in het typische Amsterdamse huis. De evangelisatievereniging OBADJA kocht het pand in 1928. Vanaf 1929 werd het huis bewoond door evangelist Hendrik Betten, zijn vrouw Trijntje Louwerse en hun kinderen Adriaan en Janna.
Rechts naast het Amsterdamse huis woonden vanaf 1919 poststationhouder Egbertus Huging, zijn vrouw Clara (Klaosie) Catharina Meijerink en hun zonen Bernardus Johannes, Lambertus Petrus en Ludivicus Lucia. Ook zij hadden een kruidenierswinkeltje. Het winkeltje bevond zich achter het achterste raam, links daarvan was de ingang. De ruimte stond vol met onder meer koekjes, suiker, boter, rijst, soda, Klok zeeppoeder en Sunlight zeep. Daar kocht je als kind een stengel zoethout voor één cent. Soms had je een stuiver voor een reep Kwatta chocolade. Daarom werd het soldaatje uit het wikkel geknipt, want vijf soldaatjes waren een reep waard. Het poststation was in het winkeltje gevestigd. Het station was ook op zondagmorgen geopend, zodat dan de krant kon worden gehaald. Dan kon ook nog een vergeten boodschap worden gekocht.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie heeft in de openbare bronnen nog geen gegevens van Kees Bos en Trui Buin gevonden.

De redactie heeft in de openbare bronnen nog geen gegevens van Hidde Visser en Trijntje Dijkstra gevonden.
De redactie heeft in de openbare bronnen nog geen gegevens van Klaas de Boer en zijn echtgenote gevonden.
Paulus Mulder is geboren op 21 juni 1875 in Boyl en is overleden op 30 juli 1975 op Zorgvliet. Hij trouwde op … met Uilkje Maat. Zij is op … geboren in Boyl. Zij is overleden op 22 oktober 1944 op Zorgvliet. Beiden zijn begraven op de kaarkhof bee Obadja op Zorgvliet.
Hendrik Betten is geboren op 4 november 1889 in Oosterwolde. Hij is overleden op 2 februari 1947 op Zorgvliet. Hij trouwde op 26 mei 1921 met Trijntje Louw. Zij is geboren op … in …. Beiden zijn begraven op de kaarkhof bee Obadja op Zorgvliet.
De redactie heeft in de openbare bronnen nog geen gegevens van de kinderen Adriaan en Janna gevonden.
Egbertus Huging is geboren op 14 februari 1891 in Wouterswoude. Hij is overleden op …. op Zorgvliet. Hij trouwde op 17 mei 1919 met Clara Catharina Meijerink. Zij is geboren op 21 juli 1889 in Blesdijke. Zij is overleden op 22 september 1935 op Zorgvlied. Beiden zijn begraven op de kaarkhof bee Obadja op Zorgvliet.
De redactie heeft in de openbare bronnen nog geen gegevens van hun kinderen Bernardus Johannes, Lambertus Petrus en Ludivicus Lucia gevonden.
De redactie heeft de kleurenfoto van het Amsterdamsche Huis en de panden waarin de winkeltjes waren gevestigd, gemaakt op 8 augustus 2015, zie afbeelding 3.
De redactie heeft de kleurenfoto van de Dorpsstraat en Villa Nova gemaakt op 4 april 2013, zie afbeelding 4
De redactie zal te gelegener tijd nog enige kleurenfoto’s aan dit bericht toevoegen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Afbeelding 4

Posted in Ansigtkoate, Diever, ie bint 't wel ..., Dorpsstroate, Neringdoende, Zorgvliet | Leave a comment

Un skier kuunstwaark van gesinterde bakstien’n

In het niet zo verre verleden zijn op Woater’n in zo genoemde ‘wandelende’ veldovens stenen gebakken voor het bouwen van boerderijen. Wat toen kon, dat moet nu nog steeds kunnen. Sterker nog. Dat moeten we zelf kunnen, dachten enige enthousiastelingen op Zorgvlied, niet te zeer gehinderd door kennis.
In 2019 is eerst een proef gedaan met een kleine veldoven om ervaring op te doen met onder meer de beheersing van de temperatuur bij het stoken en de toe te passen hoeveelheid turf tussen de lagen steen bij het opbouwen van de oven. Bij de proefoven zijn enkele grote en vele kleine stookgaten en een schoorsteen toegepast.
De proef bleek geen succes te zijn. De hoeveelheid turf die tussen de lagen steen was aangebracht en de hoeveelheid turf die tijdens het stoken was toegevoegd bleken veel te groot zijn geweest. In plaats van de noodzakelijke eindtemperatuur van 1000 tot 1100 °C, moet volgens deskundigen de temperatuur in de proefoven boven de 1500 °C zijn geweest. Met als gevolg dat veel stenen in de proefoven min of meer begonnen te smelten, werden gesinterd.
De proef was mislukt, maar was wel geslaagd, want leverde wel een mooi resultaat op. Want de berg gesinterde stenen uit de proefoven moet eigenlijk toch wel echt als een soort van wonderbaarlijk kunstwerk worden beschouwd. Zie bijgaande kleurenfoto. Welke baksteenkunstenaar krijgt zoiets voor elkaar ?

Afbeelding 1 – Foto van een berg gesinterde baksteen uit de proefoven (© 2019 – Hans Salverda) 

Posted in Kuunst, Woater’n | Leave a comment

Un nee huus an de Dorpsstroate 48 op Zorgvlied

Studio JK in Oosterwolde is de ontwerper van het woonhuis dat op de plek is gebouwd waar tot in 2020 de woning van wijlen mevrouw Willy Hielkema-Bos stond, adres Dorpsstraat 48 op Zorgvlied.
De redactie van ut Deevers Archief heeft enige tijd geleden twee foto’s van dit nieuwe woonhuis in ut Deevers Archief opgenomen. Zie het bericht Op de stee van Willy steet now een neemoods huus.
De redactie is Studio JK in Oosterwolde, de bouwkundig zeer creatieve ontwerper van dit neemoodse woonhuis bijzonder erkentelijk voor het mogen opnemen van bijgaande vier ontwerptekeningen in ut Deevers Archief.
De redactie zal te gelegener tijd op de tekeningen gelijkende kleurenfoto’s van het nieuw woonhuis aan dit bericht toevoegen.

Afbeelding 1 
Rechter vooraanzicht woonhuis Dorpsstraat 48 op Zorgvlied (© Studio JK, https://studiojk.nl)
Afbeelding 2
Linker vooraanzicht woonhuis Dorpsstraat 48 op Zorgvlied (© Studio JK, https://studiojk.nl)

Afbeelding 3 
Rechter achteraanzicht woonhuis Dorpsstraat 48 op Zorgvlied (© Studio JK, https://studiojk.nl)

Afbeelding 4
Linker achteraanzicht woonhuis Dorpsstraat 48 op Zorgvlied (© Studio JK, https://studiojk.nl)

Posted in Dorpsstroate, Zorgvliet | Leave a comment

Un vuroddening uut 1865 wödde in 1954 eskrapt

In het Algemeen Dagblad van 10 augustus 1954 verscheen een artikel over het afschaffen in de gemiente Deever van een gemeentelijke verordening, die Burgemeester en Wethouders de mogelijk gaf ingezetenen van de gemeente te dwingen tot het verlenen van hand- en spandiensten.

Oude Drentse gebruiken geraken in onbruik – Diever schaft hand- en spandiensten af
(Van onze correspondent) Meppel, 10 Augustus
De gemeente raad van Diever heeft een oude verordening ingetrokken, waarbij het Burgemeester en Wethouders mogelijk was de ingezetenen tot zogenaamde hand- en spandiensten te verplichten. Het ging hier om een verordening van 13 september 1865, waarin de invordering van hand- en spandiensten als belasting in natura was geregeld. Volgens deze regeling waren de ingezetenen verplicht gedurende bepaalde rijd werkzaam te zijn ten behoeve van een aan de gemeente toebehorend werk, hetzij persoonlijk, hetzij met behulp van een wagen, bespannen met één of twee paarden.
De verordening was eigenlijk een vastlegging van een in de Drentse dorpen sinds eeuwen bestaande gewoonte, die van het boerwerk. Van ouds vormden de dorpen afgesloten gemeenschappen, die geheel ‘self-supporting’ waren. In de gezamenlijke essen, de weiden, de bossen en de heide had ieder zijn aandeel. Voor woningbouw, voor het werk op de essen en andere werkzaamheden was onderlinge hulp nodig. Daaruit groeide het boerwerk, hetwelk niet alleen de onderlinge hulp van de ‘noabers’, de buurtgenoten omvatte, maar ook de gezamenlijke hulp bij werken, die het algemeen belang ten nutte waren. waar ‘de gemeyne bueren’ een regeling troffen, kwamen ook overtredingen voor. De ‘buurspraak’ was dan ook een der oudste vormen van rechtsbedeling.
Toen het isolement der dorpen werd verbroken, het gezamenlijke bezit door de verdeling der marken verdween, bleef het boerwerk in ere waar de omstandigheden dat eisten. Dorsen, het graven van sloten, het ontginnen van het land, het graven van turf, het aanleggen of verbeteren van wegen, dat alles geschiedde nog gezamenlijk. Voor het dorsen heeft men thans evenwel de dorsverenigingen, die er een of meer dorsmachines op na houden. Het turfgraven geschiedt voor eigen rekening, waar het nog mogelijk is. Het ontginnen van land neemt geen grote vlucht meer, omdat er nog maar heel weinig te ontginnen valt. Het graven van sloten geschiedt waar nodig in waterschapsverband. Een van de weinig voorkomende gevallen van hand- en spandiensten op dit gebied vond onlangs onder Ruinerwold plaats, waar de boeren gezamenlijk een in onbruik geraakte sloot schoonmaakten om een noodafvoer te verkrijgen voor het water, dat door de hevige regenval hun landerijen bedreigde.
Aanleg van wegen geschiedt thans van gemeenteweg, onderhoud van wegen eveneens of soms door een marke. Slechts een enkele keer komt het nog voor, in een gemeente, zoals Zuidwolde, bijvoorbeeld, dat de hulp van de aanwonenden wordt ingeroepen voor het verbeteren van één van de nog weinige zandwegen door het aanvoeren van zand met paard en wagen. de samenwerking in de dorpen komt in onze tijd meer tot uitdrukking in de steun aan de instellingen ten algemene nutte, zoals kruisverenigingen, de stichting van wijkgebouwen en buurthuizen en dergelijke.
De Dieverder verordening vond in de laatste jaren in de praktijk geen toepassing meer. Het was daarom, dat van de zijde van het provinciaal bestuur in overweging werd gegeven het in 1865 genomen besluit maar in te trekken.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De grote vraag is natuurlijk waarom het voorstel voor het in overweging nemen van het afschaffen van de in het artikel beschreven feodale archaïsche dwangmiddel van het provinciaal bestuur moest komen en waarom burgemeester en wethouders, in casu Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) met de zijnen, niet zelf met een voorstel aan de gemeenteraad kwamen. Wist burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) wel van het bestaan van dit feodale archaïsche dwangmiddel af ? Of had burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) vanwege zijn voortdurende bemoeienis met het openluchttheater geen tijd of geen zin aan de gemeenteraad voor te stellen uit de tijd geraakte gemeentelijke verordeningen te schrappen ?
De redactie zal in het archief van de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) het verslag van de betreffende vergadering van de gemiente Deever opzoeken en toevoegen aan dit bericht. Voor wat het waard is.

Posted in Gemiente Deever, Traditie | Leave a comment

Un paèr olde fotoos van museum Dieverza

De redactie van ut Deevers Archief ontving alweer enige tijd geleden twee bijgaand afgebeelde kleurenfoto’s van het echtpaar Ron Zegers en Eefke Steketee, tot eind 2002 de eigenaren van museumboerderij Dieverza an de brink van Deever. Zij hebben tegenwoordig een winkel met de naam Diverza in Schoondijke in Zeeuws-Vlaanderen. De redactie heeft van hen toestemming deze twee foto’s te tonen in ut Deevers Archief.  De redactie is hen bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Die twee foto’s zijn toch maar weer twee mooie kleurenfragmentjes uit het museumverleden in de gemiente Deever.
Bij de baanderdeure aan de voorkant van de boerderij met de originele naam ‘de Boerderij’, die de ingang was van hun museumboerderij Dieverza, staan te verkopen spulletjes uitgestald, ter gelegenheid van de zo nodig zo genoemde ‘historische dag’ op zaterdag 12 juli 1997.
Op afbeelding 2 is een man (Peter Kuiper ??) bezig met het toeteren op een zo nodig zo genoemde handgemaakte midzomerhoorn. Het moet een midzomerhoorn zijn geweest, want de midwinterhoorn hangt in de zomer verplicht aan de muur, daar blijf je in de zomer met de fikken van af, daar toeter je in de zomer niet op, dan maak je boze wintergeesten wakker. Het toeteren op de midzomerhoorn en de midwinterhoorn is bepaald geen historische Deeverse streekeigen traditie, maar wel een soort van bestrijdenswaardige exotische bezigheid. Het kan natuurlijk ook zo zijn dat de toeteraar uit zuid-oost Drente, of Twente of Salland afkomstig was en naar Deever was gekomen om reclame te maken voor het toeteren op zo’n instrument in de zomer.
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021. In het boerderijgedeelte van dit pand met nog steeds de naam ‘de Boerderij’ is geen winkel meer gevestigd.

Afbeelding 1 – © Eefke Zegers-Steketee

Afbeelding 2 – © Eefke Zegers-Steketee
Afbeelding 3 – © Ut Deevers Archief

Posted in Museum | Leave a comment

Ut setboasie vurrinnewièt de ruïne tot hee vot is

De redactie van ut Deevers Archief heeft toestemming van de heer Rik Roelfzema bijgaande mooie kleurenfoto van wat steeds minder over is van de ruïne van de boerderij ‘de Uilenhorst’ in de Olde Willem en een mooie kleurenfoto van de verdwijnende toegangsweg tot ‘de Uilenhorst’ te tonen in ut Deevers Archief. De redactie is de heer Rik Roelfzema bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. De heer Rik Roelfzema is actief op het internet in zijn eigen eigenzinnige webstee https://www.rikroelfzema.nl. Lees vooral de publicaties in zijn webstee.
De heer Rik Roelfzema denkt dat zetbaasje Staatsboschbeheer de ruïne gewoon door de tanden van de tijd laat verruïneren. Maar dat is een illusie. Zetbaasje Staatsboschbeheer helpt zo nu en dan zelf met het beetje bij beetje versneld verruïneren (lees vernielen) van de witte kalkzandstenen resten van ‘de Uilenhorst’. Het zetbaasje vindt het blijkbaar onbestaanbaar dat resten van menselijke bewoning aanwezig zijn in de door hem gecomponeerde cultuurnatuur. Dus het advies aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief is zo nu en dan in het voorbijgaan even de stand van zaken op de foto zetten. De redactie wil die foto’s graag tonen in ut Deevers Archief.
Hij schijft in zijn webstee:
Wij houden in Nederland van opgeruimd, dus ruïnes zijn een doorn in het landschap. We laten ze verruïneren tot ze compleet verdwenen zijn. Maar dan is ook een stukje zichtbare historie verdwenen. Zo ook boerderij ‘de Uilenhorst’ bij het gehucht Oude Willem. Eenzaam staan nu nog de resten van wat eens boerderij ‘de Uilenhorst’ was. Spierwit in een ondergaande zon is hij het mooist. Onschuldige stenen in de aanloop van een schuldige historie. En je zult wel weer snel moeten zijn om de ruïne nog te kunnen zien, want wij houden niet van rommel. Wij houden van ‘opgeruimdheid’ en waar doet die term mij in het Duits zo afschuwelijk aan denken ?

Afbeelding 1
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)
Hij schrijft bij deze foto:
Nog zichtbaar is de toegangsweg.

Afbeelding 2
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Afbeelding 3
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Afbeelding 4
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Afbeelding 5
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Afbeelding 6
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Afbeelding 7
Foto gemaakt op 24 juli 2019 (© Rik Roelfzema, www.rikroelfzema.nl)

Posted in de Olde Willem, de Uilenhorst, Verdwenen object | Leave a comment

Un skiere veerloeks ansichtkoate uut Deever

De redactie van ut Deevers Archief kwam pas onlangs achter het bestaan van de hier afgebeelde ansichtkaart. Deze zo genaamde vierluiks ansichtkaart is rond 1970 uitgegeven door Van der Meulen in Sneek. Na het einde van de zestiger jaren van de vorige eeuw werden bijna geen zwart-wit ansichtkaarten meer uitgegeven, wel steeds meer ansichtkaarten in kleuren.
Van de vier kleurenfoto’s op de ansichtkaart is ook van elke foto apart een gewone ansichtkaart in kleuren uitgegeven. In elk geval van de twee bovenste foto’s. De redactie is nog niet bekend met een ansichtkaart van de onderste twee foto’s. Als een zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief wel in het bezit is van een ansichtkaart in kleuren van een van de onderste twee foto’s, dan verneemt de redactie dat bijzonder graag.
Op de foto links onder op de ansichtkaart is een weiland met koeien en een grote boerderij te zien. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief weet welke boerderij het betreft ?
De foto rechts onder op de ansichtkaart is op diverse ansichtkaarten te zien. Op de foto is een man te zien, die bezig is bij een gaaste rogge (op de Heezeresch ?). De redactie heeft altijd gedacht en denkt nog steeds dat de man op de foto Harm van Nijen is. Hij was getrouwd met Janna Hunneman. Ze woonden an de Binnenesch in Deever. Wellicht kan één van hun kinderen Albertje, Trijntje, Jan, Roelof, Annie, Gerda of Wijnand daar antwoord op geven.

Posted in Ansigtkoate | Leave a comment

Van wie was toch die eig’n Deeverse postsegel ?

Op een persoonlijke postzegel van 44 eurocenten is een tekening van het kerkgebouw van de hervormde kerkgemeente en de gemeentelijke toren in de kaarkhof an de brink van Deever, waarbij aan de linkerkant de smederij van alleskunner Klaas Kleine is te zien. Het standpunt van Bert Ellmendorp, de maker van deze tekening, was dus in de Kleine Peperstraat.
De redactie van ut Deevers Archief heeft deze prachtige tekening voor het eerst waargenomen op de voorkant van het in mei 2000 uitgegeven must-have boek Het Mirakel van alleskunner Klaas Kleine. Zie ook het bericht Klaas Kleine hef ok ut book ut Meraèkel eskree’m.
Alleskunner Klaas Kleine heeft in de winter van zijn leven vermoedelijk bewust gekozen voor deze winterse afbeelding op de voorkant van zijn boek, waarmee hij zijn naderende dood en zijn verbondenheid met de hervormde kerk symboliseerde.
De grote vraag is natuurlijk: wie heeft het aangedurfd de afbeelding op de voorkant van het boek Het Mirakel van alleskunner Klaas Kleine te gebruiken voor een persoonlijke postzegel, die in juli 2010 op een avond om 22.00 uur in Zwolle is gestempeld ? Heeft hij nog meer persoonlijke postzegels waarop Deeverse onderwerpen zijn te zien ? De redactie wil deze graag tonen in ut Deevers Archief.

Posted in Deeverse prullaria, Kaarke an de brink, Klaas Kleine, Toor'n an de brink | Leave a comment

Un wièdelose Shakespearemaarktmunt uut Deever

In de Leeuwarder Courant van 4 augustus 1987 verscheen een kort berichtje over de Shakespeare-markt in Deever met onder meer de opvoering van een schulterechtspraak, een optreden van een chirurgijn, een demonstratie van het handmatig slaan van munten en middeleeuwse muziek. En dat allemaal ter vermaak van de toeristen en ter forse verhoging van de omzet van de Deeverse neringdoenden.
Tijdens de munterij werd een soort van Shakespeare-markten-herinnerings-munt geslagen. Zie de twee afbeeldingen. Het was geen echte munt, het was ook geen valse munt, de munt toonde ook geen geldelijke waarde, het was letterlijk met alle respect een waardeloze munt. De Rabobank an de Peperstroate in Deever heeft de munterij blijkbaar mede mogelijk gemaakt, gelet op het logo in de muntzijde van de munt.
Echte muntenverzamelaars, verzamelaars van Shakespeare-prullaria uut Deever en mensen die ernstig lijden aan de Deeverse variant van Shakespearitis hebben echter wel belangstelling voor deze waardeloze munt.
Op de kopzijde van de munt is het volgende voor keukentegeltjes geschikte Shakespeare-wijsbegerigheidje te lezen: ‘Nooit is iets verkeerd of ongepast, wat eenvoud in oprechte ijver biedt.’ Dat kon gewoon niet missen.

Shakespeare-markt in Diever weer kleurrijk feest
Voor het tweede achtereenvolgende jaar is gisteren in Diever een drukbezochte Shakespeare-markt gehouden, waarbij een toneelstuk werd opgevoerd dat speciaal voor deze gelegenheid was geschreven door CDA-raadslid Meine Schaap.
Het stuk vertelde over de zogenaamde schulterechtspraak, de rechtzaak in de Middeleeuwen. De hoofdrollen werden gespeeld door Jeep Lok, als schulte (rechter), agent Westerhof als rakker (agent) en Kees Bakker als schepen (de griffier).
De Shakespeare-dag werd georganiseerd op initiatief van de plaatselijke V.V.V. en de middenstand.
Van twee uur ’s middags tot negen uur ’s avonds stond het Drentse dorp in het teken van de Middeleeuwse schrijver en dichter en was iedereen zoveel mogelijk in historische kleding gehuld.
Een modeshow was in verband met de regen verplaatst naar de kerk. Daar werden in de loop van de middag de fraaie klederdrachten getoond die de afgelopen veertig jaar bij de openluchtspelen zijn gebruikt.

Posted in Shakespeare prullaria, Shakespearitis | Leave a comment

Leever op de boerdereeje dan in de huusholling

Hans Salverda en Ebbing Kiestra besteden in hun prachtige must-have boek Groot Wateren – Een oase van weldaad gelukkig ook terecht aandacht aan de boerderijen op Groot Wateren. In hun boek besteden ze op de bladzijde 23 en 24 aandacht aan de boerderij in ut Mattensstok (het Martensstuk).
De plaats waar de boerderij stond werd in de Woaterse volksmond ut Mattensstok (Martensstuk) genoemd, echter mr. Albertus Christiaan van Daalen, de eigenaar van het landgoed Berkenheuvel, gaf aan deze plaats de naam Martenshoek, uit respect en waardering voor zijn trouwe en betrouwbare boschbaas Marten Wouwenaar.
Willempje Hofman-van Olphen is in deze boerderij in ut Mattensstok geboren op 30 maart 1910. ‘Zij herinnerde zich haar geboorteboerderij, toen ze op 30 maart 2010 honderd jaar werd: ‘Ik heb vroeger altijd op Wateren gewoond. Daar hadden we een boerderij. Ik werkte liever op de boerderij dan in de huishouding.’
Op een detail van de topografische kaart uit 1964 (zie afbeelding 1) is te zien dat de boerderij in ut Mattensstok ligt in het gebied met de naam ’t Hertenkamp vlak bij een oude vloeiweide en vlak bij de Martenswal. De boerderij ligt tamelijk dicht bij de grens tussen de gemiente Deever en de gemeente Vledder.
Op een detail van de topografische kaart uit 1974 (zie afbeelding 2) is te zien dat de boerderij niet meer is ingetekend in ut Mattensstok in het gebied met de naam ’t Hertenkamp vlak bij een oude vloeiweide en vlak bij de Martenswal.
Rond 1971-1972 heeft de N.V. Berkenheuvel het ten westen van de Woaterseweg gelegen deel van het landgoed verkocht aan de Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten.
De Hoge Dametjes en Heertjes Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland hebben de boerderij met alles wat er om heen stond rond 1971-1972 laten afbreken. Denk nou niet dat die grote berg sloopmateriaal netjes naar een puinbreker is afgevoerd. Nee, in 1971-1972 moesten woorden, zoals duurzaam, hergebruik, circulair, klimaatneutraal en planetproof nog worden uitgevonden. Nee, de Hoge Dametjes en Heertjes Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland hebben in 1971-1972 die grote berg sloopmateriaal ter plekke laten begraven in een -het kan niet anders- gigantisch gat. En dat terwijl de Hoge Heren Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland misschien wel de uitvinders waren van de spreuk: Laat niet als dank voor het aangenaam verpozen, de eigenaar de schillen en de dozen. Moet deze ondergrondse berg bouw- en sloopafval in ut Mattensstok alsnog worden opgegraven en worden afgevoerd naar een recyclingbedrijf ? Het duurzame antwoord is: ja !!
In de beeldbank in de collectie Monumentenzorg van het Drents Archief in Assen zijn enige mooie zwart-foto’s van de niet meer bestaande boerderij in ut Mattensstok aanwezig. Een fotograaf van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg heeft de hier afgebeelde vijf foto’s gemaakt op 13 oktober 1970. Deze foto’s zijn zonder toestemming te kopiëren, te wijzigen en te verspreiden.

Afbeelding 1
De boerderij in het Martensstuk ligt in een gebied met de naam ’t Hertenkamp vlak bij een oude vloeiweide en vlak bij de Martenswal. Deze boerderij is op de topografische kaart uit 1964 nog ingetekend

Afbeelding 2
De boerderij in het Martensstuk lag in een gebied met de naam ’t Hertenkamp vlak bij een oude vloeiweide en vlak bij de Martenswal. Deze boerderij is op de topografische kaart uit 1974 niet meer ingetekend, dat wil zeggen dat de boerderij is afgebroken.

Afbeelding 3


Afbeelding 4

Afbeelding 5

Afbeelding 6

Afbeelding 7
Foto van de vervallen schuur bij de boerderij in het Martensstuk

Posted in Boerdereeje, Verdwenen object, Woater’n | Leave a comment

Mijn dagen als nieuwe pees zal ik niet gauw vergeten

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 23 maart 2016 van de heer Rob Tijssen het volgende uitgebreide verhaal over zijn jaar in het jongenskamp ‘de Eikenhorst’ an de Gowe.

Ik ben Rob Tijssen en ik ben geboren op 19 april 1950 in Nieuwer-Amstel. Mijn verhaal over het jongensinternaat ‘de Eikenhorst’ bestrijkt de periode 3 september 1962 tot 18 juli 1963.
Ik ben na mijn lagere schooltijd naar het jeugdinternaat ‘de Eikenhorst’ gestuurd. De redenen en de juiste motivatie daarvoor zijn mij nooit verteld en zeker niet uitgelegd.
Ik was niet een van de gemakkelijkste. Ik had een hekel aan leugens en ik had ook een groot rechtvaardigheid gevoel. Iets wat mij vaak in conflictsituaties bracht, die ik dan vaak met losse handjes oploste.
Mijn ouders hebben mij op mijn twaalfde weggebracht naar het verre Geeuwenbrug in Drenthe. Mijn vader mocht daarvoor de bedrijfswagen van zijn werkgever L.J. Kramer gebruiken, een Fiat.
Op maandag 3 september 1962 gingen wij op pad met een koffer met kleding, waar door mijn moeder speciaal besteld, een geborduurd naam- en nummerstrookje was ingenaaid (het wasnummer). Ik had nummer 38, voor zover ik mij kan herinneren. Dit gebeurde aan de hand van een lijst die mijn ouders was toegezonden. Hierop stond ook precies welke kleding ik bij mij moest hebben. Verders wat persoonlijke dingen, zoals een foto en dergelijke.
Na ongeveer 2,5 uur rijden arriveerden wij na enig zoeken en vragen bij het internaat, wat je van de rijksweg af niet zag liggen. We vroegen de weg bij café Jonkers tegenover de Geeuwenbrug. Over een zandpad langs het café kwamen we bij de ingang van het internaat en stopten voor -wat later bleek- de stafbarak.
Wij hadden in het jongenskamp veel meer reuring verwacht, maar het was uitgestorven. We zagen niemand. We hoorden na het uitstappen een typemachine, dus er was wel iemand. Na op het geluid af te zijn gegaan, maakten we kennis met de heer Schievink, de administrateur van het internaat. Hij vertelde ons dat niemand aanwezig was en dat de jongens die middag terug zouden komen van hun verlof. Eens in de zes tot acht weken kreeg je verlof. Dit was onder andere afhankelijk van hoe het uitkwam met de feestdagen, zoals Kerstmis en Pasen. De heer Schieving stuurde ons letterlijk en figuurlijk het bos in met het verzoek later die middag terug te komen.
Nadat we de omgeving hadden verkend en foto’s hadden genomen, gingen wij terug naar het internaat.
Ik was ingedeeld in de groep ‘Klondike’. Ik bracht mijn spullen naar de barak en zette die op het aan mij toegewezen bed. We sliepen met ongeveer zestien jongens op een zaal. Naast een bed stond een kast voor het opbergen van eigen spullen en kleding. Deze plek heb ik gedurende mijn periode daar gehouden.
Later die dag werd mij een oudere jongen toegewezen, die mij uitlegde hoe ik mijn kast moest inrichten en indelen en gaande weg uitlegde wat de regels waren en waar ik me aan moest houden. Ook heeft die jongen mij geholpen mijn bed op te maken, wat heel strak volgens militair voorschrift moest gebeuren. Bij een inspectie of zo, je stond dan voor jouw bed, werden jouw gepoetste kistjes (kleine maat militaire schoenen) en jouw kast geïnspecteerd. De liniaal werd langs jouw stapeltje kleding gelegd, Als jouw bed niet in orde was, dan kreeg je een berisping en werd het bed door de leider afgehaald en kon je opnieuw beginnen. Mijn leider was in die periode Harry Peek uit Breukelen. Soms trok hij ook zo jouw hele kast leeg op de grond als hij vond dat je te vaak een loopje met hem nam, en niet alles erin lag, zoals het volgens de regels moest.
Abracadabra-1280

Mijn eerste dagen als nieuwe pees -dit was de bijnaam voor een nieuwkomer- zal ik niet gauw vergeten. Vooral de jongens die al langere tijd in het kamp waren, voelden zich heel wat. Maar met mijn vechtersmentaliteit (letterlijk en figuurlijk) had ik al snel mijn draai gevonden.
De dag na mijn aankomst moest ik naar de foerier, de heer de Vries, om mijn kistjes, overall, sportkleding en verdere kampuitrusting te halen. Bij hem kwam je ook één keer per week om het zakgeld -ik meen f. 0,50- op te halen. Hij had ook een ruimte, waar we wat snoepgoed konden kopen, dat met het zakgeld werd verrekend. Ik weet niet meer of je de rest van je centen dan mee kreeg of dat het werd opgeschreven.
Na een soort test -meen ik- werd ik voor onderwijs ingedeeld in groep C en kreeg les in O II (zie de tekening van de plattegrond), wat voor mij inhield V.G.L.O. (Voortgezet Lager Onderwijs). We kregen les van van mijnheer Bergsma. Mijnheer Sjoerd Schokker gaf les in O I aan de -wat leren betreft- wat mindere broeders. We kregen sportles van mijnheer Bosman, die trompet speelde. Handenarbeid kregen we van mijnheer Besselink.
In de naschoolse tijd was je op je groepsleider aangewezen voor vermaak en dergelijke of je had corvee. Je had vaak ook wel tijd voor jezelf, maar je mocht alleen niet van het terrein af. Ik ging vaak naar wat wij het ‘Zandje’ noemde. Daar stond een schommel en daar was een klimboom.
In het weekeinde werd een programma gedaan met ’s zaterdagmorgen corvee, waarbij eenmaal in de vier weken jouw groep iemand naar de eetzaal moest sturen om die te reinigen en de vloer daar in de boenwas (bruine drab uit een groot blik) te zetten met een blokker. Dat was een zwaar metalen blok met een steel en met daaronder een borstel. De anderen van jouw groep maakten dan de slaapzaal, de gemeenschappelijke ruimte, het halletje, de wasruimte en de toiletten van de groep schoon. Hierbij kreeg iedereen een taak toegewezen. Als je dacht dat je het corvee goed had uitgevoerd, dan meldde je je bij de groepsleider en als deze vond dat je het goed had gedaan, dan kreeg je tot de lunch vrij. Regelmatig kreeg ook wel iemand strafcorvee. In de middag maakten we vaak een boswandeling of deden we een spel in het bos, meestal wel iets sportiefs. Soms organiseerde de groepsleider ’s avonds iets met een toneelstukje of zingen in jouw eigen groep of een spelletjesavond. In de winter werd dan die grote zwarte oliekachel aangestoken, als die al bij de gratie Gods mocht branden. Ook was meestal op zondag gelegenheid (lees verplicht) om een briefje naar huis te sturen. Die werd gecensureerd. De envelop mocht je niet dicht plakken. Dit gebeurde nadat de kerkgangers terug waren van hun kerkbezoek, iets wat de meesten van hen als een uitje zagen. Wat we dan ook wel deden en georganiseerd door de groepsleiders, was op het voetbalveld tegen een ander groep voetballen. Soms kregen we vrijaf en mochten we wat voor ons zelf doen.
In die tijd was mijnheer Verdonk de leider van de groep Perú. Hij trok volgens mij ook veel op met mijnheer Peek, want soms trokken die groepen wel eens met elkaar op.
Zo ook was jouw groep regelmatig verantwoordelijk om de tafels in de eetzaal te dekken of na het eten af te ruimen en de afwas te doen. Vele handen maken licht werk.
Elke week was een jongen of waren twee jongens -dat weet ik niet meer- koksmaatje. Een koksmaatje moest de kok helpen in de keuken. Als ik me goed herinner heette de kok Westerhof. Ik zie me daar nog zitten met die teil met aardappelen, die gepit moesten worden voor ongeveer zeventig personen, want de leiders aten ook mee. Zo ook de adjudant mijnheer van Tilburg, die ons dan om stilte vroeg, om hen die wilden bidden de gelegenheid te geven dit te doen. Ouders die op bezoek kwamen bij hun kind aten ook wel een enkele keer mee.
Een doordeweekse dag begon om ongeveer 7.30 uur met opstaan en wassen en na het aankleden bed opmaken, waarna de inspectie werd gehouden met aantreden voor het bed of voor de barak waar je een en ander werd medegedeeld en de opdrachten voor die dag werden verdeeld. Dan rechtsom in colonne naar de appelplaats waar we stonden opgesteld. Het appel werd afgenomen door de adjudant, waarna de vlag werd gehesen. Na deze ceremonie gingen we in colonne terug naar onze barak, waar we wachten tot de bel werd geluid, waardoor we wisten dat we konden gaan ontbijten. Het kan ook zijn dat het appel na het ontbijt plaats vond, dat weet ik niet meer.
Na het eten gingen we terug naar de barak en wachtten op de bel om naar ons leslokaal te gaan. Rond het middaguur gingen die jongens met een taak (corvee) die vervullen. De rest ging terug naar zijn barak om te wachten op de bel, waarna we warm gingen eten. Op donderdag -vaste prik- kregen we lever als vlees. Ik kon lever niet door mijn strot krijgen.
Na het warme eten gingen we weer naar de barak, waar je even tijd had v oor jezelf of waar je corvee ging doen, zoals je was opgedragen. Na de bel gingen we weer naar ons klaslokaal tot 15.30 uur, daarna had je wat vrije tijd voor jezelf of om met een vriendje uit jouw groep iets te ondernemen op het kampterrein.
Als de bel luidde gingen we eten of hadden we eerst appel met de vlaggenceremonie (strijken van de vlag), dat weet ik niet meer, waarna we -als iedereen zijn corvee en dergelijke had gedaan- nog even wat buiten gingen doen of gezamenlijk in de groep, dat was ook afhankelijk van het weer. Om 20.00 uur moesten we ons wassen, onze tanden poetsen en dan naar bed. Om 20.30 uur ging het licht uit en dan moest iedereen stil zijn. Als je dat niet was, dan moest je in jouw nachtkleding in het halletje staan bij de kamer van de leider, soms wel een uur en geloof me je kreeg het dan eigenlijk wel koud. Ik weet ook nog dat een keer een jongen buiten voor de barak moest staan, nou dat was helemaal geen lolletje.
Als we terug kwamen van een verlof, dan hield de kok daar zeker de eerste dagen rekening mee, dan was er wat minder te eten, omdat iedereen wel snoep en snaaiwerk mee van huis had gekregen van oma en van moeder, die je dat dan wat toestopten.
Maar toen wij in januari 1963 terugkwamen van verlof, had zowat niemand wat te snaaien, want thuis was ook alles nodig om die strenge winter te overleven. Na een paar dagen ging het fout en lagen we met honger in bed en konden we in de onverwarmde slaapzaal niet in slaap komen. Twee Rotterdammers gingen er toen op uit en zijn door het kolenhok de keuken in gegaan en hebben daar een paar rode kolen gestolen, die we rauw in bed hebben verorberd. Dat gaf de volgende dag bij de warme maaltijd de nodige consternatie, we werden toegesproken door de adjudant, maar het had wel tot gevolg dat we wel weer genoeg te eten kregen. Volgens mij was alles financieel strak geregeld om binnen een budget te blijven en werd de kachel daardoor ook minimaal gestookt.
Mijn oma overleed, toen ik net enige weken in het kamp zat. We noemde het internaat in die tijd ‘het kamp’. De Drent noemde ons kampjongens. In het Drents kaampjong’n. Ik moest tussen de middag naar het kantoortje van de adjudant in de stafbarak en kreeg daar plompverloren te horen dat mijn oma was overleden. Ik kon weer gaan met al mijn verdriet. Ik werd door mijn groepsleider, die het ook gehoord had, enigszins opgevangen, Aan hem vertelde ik dat ik minstens naar de begrafenis wilde en dat de adjudant dat bij voorbaat al had geweigerd. Harry Peek reed motor en zei tegen mij dat we desnoods samen op zijn motor naar Aalsmeer zouden gaan, maar dat ik daar zou zijn. Op stafniveau is daar toen over gesproken, waarna ik bij uitzondering de nodige reisbescheiden kreeg op kosten van het internaat. De dag vóór de begrafenis heeft Harry Peek mij op zijn motor naar het station in Meppel gebracht.
Een ander voorval was, toen op het avondappel een jongen ontbrak. Hij was weggelopen om een of andere reden. De commandant, de heer Sanderman, is met zijn auto (een van de eerste DAFjes van het type 33, de trutteschudder) achter hem aangegaan en heeft de jongen teruggebracht. Deze jongen is daarna flink bestraft en was een paar weken later met groot verlof, maar was waarschijnlijk naar een ander internaat gestuurd. Als je na ongeveer 1 jaar naar huis ging, dan noemden wij dat je met groot verlof ging.
Er waren soms wel leiders, die niet capabel waren om leiding te geven en je dan maar een klap of meerdere klappen gaven. Gelukkig is mij dat nooit overkomen, want ik vermoed dat het kampterrein dan te klein was geweest.
Sjoerd Schokker woonde volgens mij een paar huizen verwijderd van café Jonkers. Hij reed in een bestelwagen Citroën 2 CV (Lelijke eend).
Verders herinner ik mij nog wel wat namen van jongens uit de groep Klondike. Maar de bezetting van de groep veranderde telkens weer. Jan Schipper uit Den Bosch (hij wilde graag bokser worden), Ben Vermeulen uit Duivendrecht, Hans Hurk uit Eindhoven, Charles Tisserand uit Amsterdam, Frits Riemers, Tjang Jhen Chao uit Arnhem, Sier Koning, Cor Broertjes uit Amsterdam.
Ook was er een tuinman en klusjesman, de heer Winters, waar je ook wel heen werd gestuurd als je strafcorvee had. Dan moest je hem helpen. Ik vond dat eigenlijk niet eens zo erg en vond het wel een aardige man. De heer Winters woonde met zijn gezin buiten het kamp aan het zandweggetje dat langs café Jonkers liep op ongeveer 150 meter achter Café Jonkers. Zijn vrouw deed wat verstel- en reparati werk aan kapotte kleding, zoals sokken stoppen en knopen aanzetten.
Eind januari begin februari was ik erg ziek en lag in de ziekenboeg in de stafbarak tegenover de kamer van Veronika Jong, de leidster van groep Alaska. De andere kamer grenzend aan haar kamer was die van Tineke de Graaf, tegenover de ziekendienst waar je s’ avonds terecht kon voor een pleister, aspirientje of wat levertraanzalf als je schrale lippen had. Maar dat even terzijde. Ze durfden mij in eerste instantie niet te vervoeren, omdat ik spontaan bewusteloos was geraakt en ik ben daar volgens mij door dokter Broekema uit Diever behandeld, die dat deed in overleg met het ziekenhuis in Meppel. Deze huisarts kwam mij dagelijks op zijn motor met zijspan vanuit Diever bezoeken. De kok kookte voor mij toen speciaal licht verteerbaar voedsel bestaande uit droge rijst met jam.
Als je jarig was, dan had je een dag vrij en mocht je met een vriendje op de fiets in de omgeving rondtoeren. Op mijn verjaardag ben ik samen met Charles naar mijnheer Winters geweest om een fiets op te halen. We gingen om 10.00 met een lunchpakketje op stap. Over het zandpad langs camping Ellert en Brammert en langs het hunebed naar Diever, waar eigenlijk niets te beleven viel en we al gauw waren uitgekeken. We waren daar compleet vreemd en ook werden we herkend als kaampjong’n. Toen zijn we maar naar Dwingeloo gegaan en hebben het dorp verkend en over de Brink gelopen. Ergens op een van de binnenwegen hebben we ons lunchpakketje genuttigd en we zijn toen via een omweg terug gefietst naar Geeuwenbrug. We waren om 15.00 uur terug in het kamp, waar we overgingen tot de orde van de dag.
Verder heb ik nog wel prettige herinnering aan een vakantie op de fiets naar Giethoorn van 15 juni tot en met 19 juni 1963, zie ook de kopie van het logboek, We deden een piratenspel met geheimschrift en een schatkaart  Het spel was bedacht door mijnheer Besselink. We begonnen het spel al een week voordat we naar Giethoorn gingen. We konden met corvee en sport nepgeld verdienen, dat bestond uit glad gestreken zilverpapier van bonbon snoepjes, zilverpapier uit een pakje sigaretten en dergelijke. Als je genoeg geld had, dan kon je de schatkaart kopen of een deel van de brief, die uiteraard in geheimschrift was geschreven. In Giethoorn sliepen we in tenten en hadden we een paar punters tot onze beschikking. De eerste nacht stormde het en vielen er stortbuien. Tenten storten in, Nadat we de tenten in de regen met zelfgemaakte haringen weer hadden opgezet, bleken deze zo lek als een mandje te zijn, want het waren enkeldoeks tentjes. Maar dat mocht de pret niet drukken. Het spel op zich was hartstikke leuk en goed bedacht door de leiding, Volgens mij kookten we zelf en was onze groepsleidster juf Tineke de Graaf ook aanwezig.
Ik zou mogelijk nog wel meer weten, maar ik denk dat ik zo wel een redelijke indruk heb gegeven van hoe het er in het kamp aan toeging.

Abracadabra-1279

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst, Tiekening | Leave a comment

Rond ut olde bidhuus an de brink in Deever

Bijgaand afgebeelde pentekening is aanwezig in de beeldbank van het Drents Archief in Assen. Deze afbeelding mag vrij worden gebruikt en mag ook vrij van de webstee van het Drents Archief worden geplukt. De afbeelding is niet auteursrechtelijk beschermd.
De autodidactische tekenaar en illustrator Jan Otter is de maker van de hier afgebeelde pentekening met de titel ‘Rond het oude bedehuis (Diever)’. Hij zal deze vóór de grote restauratie van de gemeentelijk toren en het kerkgebouw in de kaarkhof an de brink van Deever hebben gemaakt, immers de klok in de zuidzijde van de gemeentelijke toren is boven het galmgat getekend.
De redactie heeft het vermoeden dat de originele pentekening een zwart-wit tekening is en dat de afbeelding in een geïllustreerde weekblad heeft gestaan en dat een lezer (een kind ?) van dit blad een poging heeft gedaan de zwart-wit afbeelding in zijn exemplaar van dit blad in te kleuren, als ware het een kleurplaat en dat de ingekleurde afbeelding op de een of andere manier in de beeldbank van het Drents Archief is beland.
Op de tekening is de omheinde braandkoele in de brink te zien. Op de brink loopt een boer naast zijn door een paard getrokken wagen. Achter de braandkoele is aan de linkerkant het door molenaar Hendrik Figeland gepachte café Brinkzicht te zien.
Het is de redactie van ut Deevers Archief niet duidelijk waarom onder de tekening de volgende spreuk van de schrijver Jan Fabricius is vermeld: “Er is niets beroerders dan een gemakkelijk leven. Werken, vechten tot je er bij neervalt, maar … weer opspringen – dat is leven; dat heeft een mensch nodig als zuurstof.”
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is bijgaande afbeelding in bijgesneden vorm en met bronvermelding opgenomen op bladzijde 54.

Posted in Braandkoele, Brink, Kuunst, Tiekening | Leave a comment

Un putretfoto van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma

Bijgaand afgebeelde zwart-wit portretfoto is met kenmerk DM26002 aanwezig in de beeldbank van het Drents Archief in Assen. Deze afbeelding mag vrij worden gebruikt en mag ook vrij van de webstee van het Drents Archief worden geplukt. De afbeelding is niet auteursrechtelijk beschermd.
Op bijgaande afbeelding is de in Deever en omstreken beruchte caféhouder en N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma te zien. De foto zal zijn gemaakt in de tweede helft van de Tweede Wereldoorlog, wellicht na de oprichting van de nazi-organisatie Weerwolven in 1944. Hij was sectiecommandant van de Nederlandse Landwacht en was zeer destructief actief in Deever en omgeving. Op zijn pet staat het symbool van de wolfsangel, het symbool van de nazi-organisatie Weerwolven. Het is niet bekend waar de foto is gemaakt.
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief klikke op het onderwerp ‘Klaas Marcus Balsma’ voor meer gegevens over deze persoon.

Posted in Klaas Marcus Balsma, N.S.B.'er, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Twee felle laamp’m vulogt de toor’n van de gemiente

In de nogal gedateerde webstee https://westerveld.verlichtinginbeeld.nl/factsheets/aanlichting-bezienswaardigheden van de gemeente westenveld is in gedateerde gegevens uit 2014 te lezen dat de gemeentelijke toren en het kerkgebouw in de kaarkhof an de brink van Deever wordt aangelicht door twee erg sterke lampen op palen. In die webstee zijn bijgaande twee kleurenfoto’s aanwezig.
Verder is daar te lezen dat de gemeente westenveld zelf geen gebouwen aanlicht. Dus blijkbaar ook geen eigen gebouwen. Dus blijkbaar ook niet het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever ? Maar welke gulle filantroop of idioot betaalt dan de kosten voor het zeer fel en protserig aanlichten van de gemeentelijke toren, zelfs tot en met het haantje op de toren ? En dat terwijl de gemeente westenveld in de hiervoor vermelde webstee voorschrijft: pas de felheid en lichtkleur aan aan de omgeving. Die erg hinderlijke lichtvervuiling is tot diep in de Deeverse bos waar te nemen en belemmert het waarnemen van hemellichamen en het waarnemen van de Melkweg.

Afbeelding 1
Dit is een kleurenfoto van de gemeentelijke toren in de kaarkhof an de brink van Deever. Deze kleurenfoto is gemaakt op 6 april 2015 om 23.11 uur. De klok in de gemeentelijke toren liep op die avond ongeveer 5 minuten voor. De redactie van ut Deevers Archief wil bijzonder graag de naam van de maker van deze foto vermelden.

Afbeelding 2
Dit is een kleurenfoto van de café Brinkzicht an de brink van Deever. Deze kleurenfoto is eveneens gemaakt op 6 april 2015 om 23.11 uur. De redactie van ut Deevers Archief wil bijzonder graag de naam van de maker van deze foto vermelden.

Posted in Café Brinkzicht, Toor'n an de brink | Leave a comment

Ut skulteveurhuus en de skulteboerdereeje

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van dinsdag 30 december 1930 stond de volgende bijzonder fraaie foto van het niet goed zichtbare schultevoorhuis an de brink van Deever en de gelukkig toen nog aan het schultevoorhuis vastgebouwde schulteboerderij. Wellicht en hopelijk is in het fotoarchief van deze krant het negatief van de hier afgebeelde foto bewaard gebleven.
Gelet op de oriëntatie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw in de kaarkhof an de brink van Deever ten opzichte van de zichtbare gebouwen, kan het niet anders zo zijn dan dat de skulteboerdereeje het grote gebouw is dat is te zien onder de gemeentelijke toren en het kerkgebouw.
In de tijd woonde Koendert Krol, zoon van Jan Krol en Romkje van der Burg, al in het skulteveurhuus en boerkte hij in de skulteboerdereeje. De redactie moet in de openbare bronnen nog uitzoeken met wie Koendert Krol getrouwd was en wie zijn kinderen waren.
In de periode na 1935 sloeg het noodlot toe, toen werd het skulteveurhuus als gevolg van een zo nodig zo genoemde ‘grondige restauratie’ voorgoed vernield en werd het skulteveurhuus ‘losgerestaureerd’ van de skulteboerdereeje. What the hell was going on ?
Het kan niet anders zo zijn geweest dan dat in de boerengemeensschap van Deever na 1600 de vroegere schultes ook gewoon boer waren en dus een boerderij hadden. En de ene boer woonde in een mooier veurhuus dan de andere boer.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is afbeelding 1 in bijgesneden vorm en zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 54.

Afbeelding 1
Het onzinnige onderschrift bij de foto luidt als volgt:
De kortste dag ligt al weer eenigen tijd achter ons. En met het lengen der dagen komen we steeds meer den tijd naderbij, waarin weliswaar de takken der boomen nog kaal, maar niet meer zo somber dor zijn, als midden in den winter; de tijd, waarin de schaapjes weer in de wei gelaten, die weiden zelve weer frisch groen worden en alles zich op de komende lente voorbereidt. Van dien tijd geeft bovenstaande fraaie foto uit Diever een beeld.

Posted in Brink, Skultehuus | Leave a comment

De kattelieke kaarke en de huussies noast de kaarke

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 33 een zwart-wit ansichtkaart van de oude eerste katholieke kerk op Zorgvlied en de huisjes van het Sint Anthony Gasthuis opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1916 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer enige aandacht besteed aan de Stichting Sint Anthony Gasthuis. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

33 – Zorgvlied – Katholieke Kerk en Sint Anthony Gasthuis – 1916
Op 1 januari 1916 stond op de lijst van aanwezige instellingen van weldadigheid in de gemeente Diever ook de Stichting Sint Anthony Gasthuis te Zorgvlied. Deze instelling werd op 22 september 1888 opgericht door de gebroeders mr. Lodewijk Guillaume en dr. Julius Verwer uit het Friese Makkum, beiden advocaat te Leeuwarden.
De stichting was bestemd tot verstrekking van huisvesting en zoover mogelijk eene wekelijksche toelage in geld, aan gehuwde of ongehuwde personen, onverschillig van welke Christelijke geloofsbelijdenis, wier eigen inkomsten onvoldoende zijn.
Hoewel de stichting van katholieke huize was, werd geen onderscheid gemaakt tussen katholieke en protestantse gegadigden. Wel werd voorrang gegeven aan bejaarde inwoners van Zorgvlied en de naaste omgeving. De bewoners hadden naast het recht op vrije huisvesting en het vrije gebruik van een stukje grond voor en achter de woning voor het verbouwen van groenten en aardappelen en het houden van kippen, ook recht op een geldelijke toelage van één gulden per week. Een bekende uitdrukking op Zorgvlied was lange tijd gratis wonen en nog een gulden toe.
Het Rooms Katholieke kerkje is in 1884 ontstaan uit de verbouwing van één van de panden bij de voormalige landbouwschool van de Maatschappij van Weldadigheid. Het kerkje van de Sint Andreas parochie is in 1923 afgebroken en direct daarna op dezelfde plaats vervangen door een nieuwe en grotere kerk.
Rechts naast het kerkje staat het pand met de woningen van de stichting. Dit is de verbouwde linker vleugel van de voormalige landbouwschool van de Maatschappij van Weldadigheid.
De pastorie bevond zich in 1916 nog in het linker gedeelte van het pand naast de kerk.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Op de afbeelding van de oude ansichtkaart is te zien het ‘kleine kerkje’ met daarnaast het pand, dat toen nog geen huisvesting voor hulpbehoevende bejaarden was.

In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven Magnus Opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is in het hoofdstuk Zorgvlied op bladzijde 196 een enigszins bijgeknipte afbeelding van een exemplaar van de hier afgebeelde ansichtkaart opgenomen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op donderdag 4 november 2017.


Afbeelding 4
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op woensdag 19 september 2018.

Posted in Diever, ie bint 't wel ..., Kattelieke Kaarke, Sint Anthonij Gasthuis, Topstuk, Verdwenen object, Zorgvliet | Leave a comment

Ut vuleed’n van de gemiente Diever op ut internet

Op het internet is veel te vinden over het verleden van de gemiente Deever. Voor zover ontdekt en bekend wordt hier melding gedaan van belangwekkende plaatsen op het internet, die gegevens over onderwerpen uit het verleden van de gemeente Diever bevatten.

Zuivelfabriek Diever
De melkfabriek aan het Moleneinde (Katteneinde) van Diever heeft van 1899 tot in het begin van de zeventiger jaren van de vorige eeuw gefunctioneerd. De webstees over zuivelhistorie geeft hierover enige gegevens en afbeeldingen.

Midwinterhoorns
Een neo-folkloristisch verschijnsel in Oldendiever en Diever is het blazen op de midwinterhoorn. De initiatiefnemer van dit verschijnsel heeft een eigen plaats op het internet ingericht, waar aandacht wordt besteed aan de midwinterhoorn, die hij als een soort primitieve hoorn beschouwd. Een redelijk objectieve beschrijving van de midwinterhoorn en het blazen op dat ding is te vinden in de internet-encyclopedie Wikipedia. Uit de gegevens in Wikipedia valt af te leiden dat het blazen op de midwinterhoorn geen Drentsche en zeker geen Oldendieversche traditie is, maar wat nu geen traditie is, kan dat over honderd jaar misschien wel zijn. Op het internet zijn ook filmpjes te vinden over het blazen op de midwinterhoorn in Diever. In andere landen wordt veel creatiever en natuurlijker met primitieve blaasinstrumenten omgegaan, zijn daar gewoon onderdeel van het dagelijkse leven, zoals bijvoorbeeld is te zien in dit filmpje of in dit filmpje.

Tweede Wereldoorlog – Monument aan de Bosweg
Het monument aan de Bosweg te Diever is een zwerfkei, waarop twee gedenkplaatjes zijn aangebracht. Op de metalen plaatjes staat de naam van de inwoners uit de gemeente Diever die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn omgekomen. Meer gegevens zijn te vinden in de webstee van het Nationaal Comité 4 en 5 mei.

Tweede Wereldoorlog – Monument aan de Bosweg
Op initiatief van Stichting Informatie Wereldoorlog Twee is op 01-11-2002 Oorlogsmusea.nl gelanceerd om aan de grote vraag naar informatie over aan de Tweede Wereldoorlog gerelateerde musea en bezienswaardigheden te kunnen voldoen. De webstee Oorlogsmusea.nl besteedt ook aandacht aan het oorlogsmonument aan de Bosweg. De samensteller van die webstee is van mening dat de zwerfkei met daarop de twee gedenkplaatjes de naam ‘de Zwerfkei’ heeft.

Rijkswerkkampen Diever A en Diever B in de Oude Willem
In de Tweede Wereldoorlog werden de twee kampen ingezet voor de Duitse belangen. Zo werden hier in 1942 Joodse mannen te werk gesteld om vervolgens te worden overgebracht naar het doorvoerkamp Westerbork. In de laatste oorlogsjaren werden hier evacués ondergebracht die vanwege oorlogshandelingen of -omstandigheden hun woonplaats moesten verlaten. Na de oorlog zijn hier mensen vastgezet, omdat zij er van werden verdacht te hebben samengewerkt met de bezetter, in afwachting van hun berechting. In het werkkamp zijn na de oorlog ook vrouwen en kinderen van opgepakte N.S.B.’ers ondergebracht. Meer gegevens zijn te vinden in de webstee oorlogsmusea.nl.

Webstee van het Erfgoedpunt Diever
Via de webstee diever.erfgoedpunt.nl zijn verschillende sites over de plaatselijke geschiedenis op overzichtelijke wijze bij elkaar te vinden. Op deze webstee is ook een en ander te vinden over de lokale en Drents geschiedenisnieuwtjes en is rechtstreeks door te klikken naar bijvoorbeeld de Drentse digitale Encyclopedie en het Erfgoedplein Drenthe. Erfgoed wordt als een soort van synoniem voor geschiedenis gebruikt, maar soms ook in de letterlijke betekenis.

Posted in Webstee | Leave a comment

De legere skoele wödde vurbaut tot gemientehuus

In het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is de navolgende tekst over het verleden van de eerste lagere scholen an de brink van Deever en het eerste oude gemeentehuis aan de brink van Deever met bijbehorende afbeelding 24 van een ansichtkaart uit 1913 en afbeelding 25 van een ansichtkaart uit 1913 gepubliceerd.

24 – Diever – Gemeentehuis – 1913
25 – Diever – Gemeentehuis en Pastorie – 1913
Omstreeks 1837 gingen in de zomer ongeveer 160 kinderen naar school in Diever. In de winter ging een deel van deze kinderen naar een bijschool in Wittelte en in Wapse. In Diever werd toen school gehouden in een veel te kleine, vochtige en bedompte ruimte in de kerk; eerst in de noordbeuk, later in de zuidbeuk.
Gedeputeerde Staten keurden op 4 oktober 1837 de aankoop van eene behuizinge met eene gedeelte van eenen daarbij behoorenden tuin goed. Die behuizing was een boerderij aan de Brink, op de plaats waar hier het gemeentehuis is te zien.
In maart 1839 gaf het Rijk een subsidie van 1000 gulden voor de aankoop van het perceel en de verbouwing van de boerderij tot klaslokaal en woning voor de schoolmeester. De gemeente sloot voor de rest van de kosten een lening van 1650 gulden af.
Het betreffende perceel werd voor 1150 gulden gekocht van landbouwer Hendrik van Zomeren. Dit perceel, kadastraal bekend in sectie C onder nummer 147, was volgens het kadastrale register van Diever op 1 oktober 1832 nog in het bezit van de eigenerfde boer Albert Vos.
De verbouwing werd op 15 januari 1840 voor 1450 gulden gegund aan Hendrik Warries, koopman te Dieverbrug. In het najaar van dat jaar was de verbouwing gereed. Schoolopziener Dorenbos was tevreden met de nieuwe school, maar de toenmalige schoolmeester Arend Jans van Dam moest wel les geven aan meer dan 100 kinderen in één klaslokaal van iets meer dan 100 m².
In 1875 werd een nieuwe school aan de Hoofdstraat in gebruik genomen, omdat de school aan de Brink te klein was geworden!
De school werd daarna verbouwd tot gemeentehuis, dat op 2 mei 1876 in gebruik werd genomen.
Het gemeentehuis met hek is op beide foto’s te zien. Op de linker foto is rechts het boerencafé van Jan Barelds te zien. Op de rechter foto zijn te zien naast het gemeentehuis de pastorie van de Hervormde Kerk en op de achtergrond de boerderij van de familie Jan Mulder, waarin Roelf ten Buur zijn bedrijf uitoefende.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Arend Jans van Dam is geboren in 1783 in Dwingel. Hij trouwde op 28 mei 1814 in Dwingel met de boerendochter Albertien Pieters Mulder uut Leggel. Arend Jans van Dam was, zoals in Deever in die tijd gebruikelijk, naast schoolmeester ook koster en wellicht ook voorzanger in de hervormde kerk an de brink van Deever. En het was voor een slecht betaalde schoolmeester mooi meegenomen dat hij een dochter uit de bepaald niet onbemiddelde boerenfamilie Mulder uut Leggel trouwde.
Andere aantekeningen moeten nog worden toegevoegd.
De redactie zal te gelegener tijd enige kleurenfoto’s van de huidige situatie ter plekke van het eerste oude gemeentehuis en de pastorie van de hervormde kerkgemeente toevoegen aan dit bericht.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Bijgaand afgebeelde ansichtkaart is gemaakt door fotograaf S. v.d. Zijl en was te koop bij winkelier Harm Pook an de Kruusstroate in Deever.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is bijgaande afbeelding in bijgesneden vorm en zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 58.

Posted in Brink, Diever, ie bint 't wel ..., Gemientehuus, Pastorie aan de Brink | Leave a comment

De toor’n wödde vulogt mit dree logttoeters

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart (afbeelding 2) is in 1959 uitgegeven door Van Leer’s Fotodrukindustrie in Amsterdam. De ansichtkaart was te koop bij warenhuis Jan Brugging (Jan Wiba) an de Heufdstroate in Deever.
Naast café Brinkzicht staat nog de oude schuur van de N.S.B.’er Klaas Marcus Balsma. Direct na de Tweede Wereldoorlog hebben hier onder meer N.S.B.’ers en Landwachters in afwachting van de resultaten van onderzoek naar hun wandaden vast gezeten. In het begin van de zestiger jaren van de vorige eeuw kon je nog gewoon de auto parkeren op de brink naast de kaarkhof.
Op het detail (afbeelding 1) van de ansichtkaart is te zien dat de gemiente Deever zo vlak na de grote restauratie van de gemeentelijke toren en het kerkgebouw an de brink van Deever in de jaren 1955-1957 ook al de onweerstaanbare behoefte had de gemeentelijke toren te verlichten in het donker. Zie de drie richtbare schijnwerpers, die staan opgesteld in de kaarkhof.

Afbeelding 1
Detail van afbeelding 2

Afbeelding 2
Ansichtkaart van het kerkgebouw van de Nederlands Hervormde kerkgemeente en de gemeentelijke toren aan de brink van Deever.

Posted in Kaarke an de brink, Toor'n an de brink | Leave a comment

De kermisvulogting an de kaarke bee de brink

Een peperduur onderdeel van het eveneens peperdure in 2019 en 2020 uitgevoerde zo nodig zo genoemde ‘Brinkenplan Diever Op Dreef’ van de gemeente westenveld is het volstrekt overdadig en volstrekt overbodig en volstrekt niet-duurzaam nachtelijk verlichten van het kerkgebouw van de Nederlands Hervormde Kerkgemeente en de kaarkhof van het kerkgebouw. Het is zoals Willem Shakespeare al vierhonderd jaar geleden zei: ‘En altijd weer komt duisternis na licht’. Dus waar komt die behoefte vandaan om met onnatuurlijk licht die serene natuurlijke duisternis rond het kerkgebouw te willen verdrijven ? Is het omdat donker mensen angstig maakt ?
Is de Nederlands Hervormde Kerkgemeente van Deever eigenaar van haar kerkgebouw en de kaarkhof (ok wè kaarketuun enuumd) an de brink van Deever ? Of is de gemeente westenveld eigenaar ? Of krijgt de armlastige kleine Nederlands Hervormde Kerkgemeente van Deever geld voor het moeten toelaten van die idiote kermisverlichting aan de gevels van haar kerkgebouw ?
Maar is het verlichtingsplan al uitgevoerd ? Verlichten of niet verlichten ? Dat is de vraag ! To light up or not to light up ? That’s the question ? Is de nacht donker of is de nacht licht ? Wie durft die vraag te stellen ? Wordt de nachtelijke stroom voor die toeristenpretparkverlichting geleverd door die paar zonnepaneeltjes op het platte dak van het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever ?
De redactie van ut Deevers Archief zal te gelegener tijd min of meer op de bijgaande driftig gemanipuleerde afbeeldingen gelijkende kleurenfoto’s toevoegen aan dit bericht.

Afbeelding 1-dag

Afbeelding 1-nacht

Afbeelding 2-dag

Afbeelding 2-nacht

Afbeelding 3-dag


Afbeelding 3-nacht

Afbeelding 4-dag

Afbeelding 4-nacht

Afbeelding 5-dag

Afbeelding 5-nacht

Posted in Kaarke an de brink, Kaarkhof an de brink | Leave a comment

De onthulling van ut monement op Baark’nheuvel

De redactie van ut Deevers Archief heeft in de periode 1999-2003 een paar keer een bezoek gebracht aan Albertus (Bert) Christiaan Doorman, de eerste kleinzoon van mr. Albertus Christiaan van Daalen, de eigenaar van het landgoed Berkenheuvel. Albertus (Bert) Christiaan Doorman woonde met zijn vrouw in het huis in ut tippie bos op de hoek van de Bosweg en de weg langs de Noorderersch. Albertus (Bert) Christiaan Doorman is geboren op 3 maart 1918. Hij is overleden op 12 oktober 2004 in Deever.
De redactie mocht van hem -met instemming van de bewindvoerder van de N.V. Berkenheuvel- de oude foto’s uit het oude fotoalbum van het landgoed Berkenheuvel, dat aanwezig is in het landhuis Berkenheuvel aan de Noorderesch, scannen en gebruiken in berichten over het landgoed Berkenheuvel. De redactie is hem daar postuum bijzonder erkentelijk voor.
De twee hier afgebeelde foto’s zijn ook aanwezig in het genoemde album. Mr. Albertus Christiaan van Daalen is niet de maker van deze foto’s. De maker moet deze foto’s in opdracht van het geïllustreerde tijdschrift ‘Noorden in woord en beeld’ hebben gemaakt, want beide foto’s zijn gebruikt in een bericht in ‘Noorden in woord en beeld’. Zie ook het bericht Op de boer’nkarre deur ut saand van Baark’nheuvel. Een afdruk van de glasplaatnegatieven van deze twee foto’s is gelukkig terecht gekomen in het oude fotoalbum van het landgoed Berkenheuvel.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

Kolt en stief op un hadde plaanke sitt’n

De zo nodig zo genoemde ‘historische kalender’ voor het jaar 2006 van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever had ter gelegenheid van het 60-jarig bestaan van het Openluchtspel als onderwerp: oude beelden uit de beginjaren van het Openluchtspel. Afbeelding 3 toont het kalenderblad voor de maand juli 2006. De tekst op dit kalenderblad is navolgend weergegeven.

1952 – Vergeet koude, stijfheid en de harde plank zonder leuning
In 1952 werd als openluchtspel het stuk ‘Elck wat wils’ (As you like it) van William Shakespeare opgevoerd. Op deze foto spreekt regisseur dokter Ludolf Dirk Broekema het publiek voor aanvang van het stuk toe. Een deel van het openingswoord van hem is te lezen als bijschrift bij een foto in een van de vele albums van Jantina Figeland: ……….. overigens is het zo: wij bewonderen u, dat u het uithoudt om een gehele avond op die harde plank zonder leuning te zitten, maar wij hopen dat de ongebreidelde blijheid van ‘Elck wat wils’ u van binnen zo moge verwarmen, dat u daardoor de koude en de stijfheid en
de harde plank vergeet ……
In 1953 werden de ruwe en harde houten planken vervangen. De Meppeler Courant van 19 juni 1953 berichtte hierover het volgende: ….. in 1948 had de vereniging houten banken laten timmeren. Daar heeft het publiek vijf toneelseizoenen lang op gezeten. Dit jaar zijn er voor het eerst goede banken in het theater, met makkelijke zittingen en rugleuningen. Ze konden uit eigen middelen worden aangeschaft. En zo is het al die jaren gebleven: houten banken met rugleuningen, maar een avond lang makkelijk zitten is toch wel heel iets anders..

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Afbeelding 1 toont een zwart-wit ansichtkaart van het openluchttheater met rechtsonder de souffleursbak. Deze ansichtkaart is in augustus 1962 uitgegeven door het bedrijf JosPé uit Arnhem en was te koop bij Van Goor’s Boekhandel an de Kruusstroate in Deever. Op afbeelding 1 zijn de ‘goede banken met makkelijke zittingen en rugleuningen’ en de gesloten souffleursbak te zien.
Op afbeelding 2 zijn in de souffleursbak te zien tekstinfluisteraarster burgemeestersmevrouw Nell Meiboom-Veltman (die in de Deeverse volksmond altijd tante Nel werd genoemd) en de jonge inspiciënt Lambert Brugging (zoon van Jan Wiba en Griet Oost).
De twee foto’s op afbeelding 3 zijn afkomstig uit de verzameling van wijlen Jantina Figeland uit Lochem.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 117.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Mevrouw Nell Meiboom-Veltman en Lambert Brugging in de souffleursbak van het openluchttheater. De hier afgebeelde foto is afkomstig uit de verzameling van wijlen Jantina Figeland uit Lochem.

Afbeelding 3

Blad voor de maand juli uit de historische kalender 2005 van de Historische Vereniging Voormalige Gemeente Diever. De twee hier afgebeelde foto’s zijn afkomstig uit de verzameling van wijlen Jantina Figeland uit Lochem.

Posted in Ansigtkoate, Eup’mlogtspel | Leave a comment

Op de boer’nkarre deur ut saand van Baark’nheuvel

Het geïllustreerde tijdschrift ‘Het Noorden in woord en beeld’, jaargang 1, 1925-1926, nummer 24, publiceerde op 11 september 1925 twee foto’s, die gemaakt zijn tijdens de onthulling van het monument op Berkenheuvel. Bij de twee sepiakleurige foto’s stond de volgende tekst.

Ter herdenking van het feit dat het Dieverzand in Drenthe geheel ontgonnen, en tot een der schoonste gedeelten van ons land geworden is, en tevens dat de boschbaas Harm Smit zijn dienst vervulde, werd Zaterdag een gedenkteeken onthuld, waarbij de Commissaris der Koningin, en verschillende andere autoriteiten aanwezig waren.
Links: Een foto van het Monument, terwijl de heer Van Tienhoven een rede houdt.
Rechts: Na de onthulling maakten de gasten een toer met boerenwagens om kennis te maken met de schoone omstreken van het Dieverzand.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De tekst bij de linker foto vermeldt dat de heer Van Tienhoven een rede houdt; dit is onjuist; het is de heer Etienne Daniël van Dissel, de directeur van Staatsboschbeheer.

Op de rechter foto staat in het midden bij een van de boerenwagens mr. Albertus Christiaan van Daalen, de eigenaar van het landgoed Berkenheuvel, en zijn eerste kleinzoon Albert Christiaan (Bert) Doorman.
De boermarke van Deever stelde de boerenkarren en de menners om niet ter beschikking voor het rondrijden van de gasten van mr. Albertus Christiaan van Daalen. 

De onthulling van het monument op Berkenheuvel gebeurde op 5 september 1925 in de stromende regen.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is de rechter afbeelding zonder bronvermelding opgenomen op bladzijde 105.
De linker foto op bijgaande afbeelding is ook als aparte afbeelding in ut Deevers Archief opgenomen.
De rechter foto op bijgaande afbeelding is ook als aparte afbeelding in ut Deevers Archief opgenomen.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

Un kleur’nfoto van ut skildereeje ‘Vrau an de wasse’

In de Wolder Courant van 25 juli 2018 verscheen het volgende bericht over de in Deever geboren en getogen huisschilder, decoratieschilder, kunstschilder en fotograaf Hans Kuiper. Waarschijnlijk is een lid van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever – gelet op het wapen van de gemiente Deever in de rechter bovenhoek van het bericht – de opsteller van dit belangstellingwekkende bericht. Maar wie was de opsteller ?

Hans Kuiper, een leergierige fotograaf en schilder
Hoe is een dorp ontstaan ? Wat is de achtergrond van bepaalde gebruiken, gebouwen en gebeurtenissen in een streek ? Over het verleden valt veel te vertellen. Op deze plek krijgen de historische verenigingen in De Wolden en Westerveld een podium om een breed publiek met de historie van eigen woonplaats/leefomgeving in aanraking te laten komen. Deze keer Hans Kuiper, fotograaf en schilder.
Hij is geboren in Diever op 8 juli 1855 en huwde te Diever op 23 oktober 1880 met Margje Eist, uit Noordwolde. Direct na hun huwelijk vestigden zij zich in Noordwolde. Hij overleed op 3 november 1937 te Blesdijke aan de gevolgen van een ongeluk.
Hans Kuiper heeft dus de eerste 25 jaren van zijn leven doorgebracht in Diever. Hij werd, net als zijn vader, huisschilder en decoratieschilder. Direct na hun huwelijk trokken ze in bij de ouders van zijn schoonmoeder die een winkel/café-nering dreven en hulpbehoevend waren. Voordat hij daar introk, heeft Hans Kuiper zich in het bedrijf van opa ingekocht. Zij namen dus het bedrijf over en in het naast gelegen koetshuis startte hij zijn schildersbedrijf. Hans Kuiper was een echte vakman en al spoedig liet hij het huisschilderwerk zoveel mogelijk over aan zijn knechten. Zelf werkte hij vrijwel uitsluitend als fotograaf en als kunstschilder. Hij gaf prentbriefkaarten (ansichtkaarten) uit met onderwerpen uit de omgeving. De meeste verschenen in zwart-wit, later ook ingekleurd en vervolgens in kleur.
Kuiper stond bekend als een uitstekend vakman en goede leermeester. De kunstenaar was leergierig en verlangde van zichzelf resultaten tot in het perfecte. Er werden door hem veel portretten gemaakt en vele schilderijen van boerderijen en landschappen. In opdracht schilderde hij toneeldecors.
De ongeschoolde schilder vergaarde veel kennis en kreeg adviezen van bevriende en reeds bekende kunstschilders, zoals A.J. Sap van Drenthe van de bekende (Frits) Schillergroep, vader en zoons Van Kregten (de bekendste was zoon Fedor, geboren te Diever op 16-01-1871) en Jan Mankes uit De Knijpe bij Heerenveen. Zijn fotografische benadering van schilderen veranderde al vrij snel in de vereiste en juiste manier van opzetten van een schilderij.
Hij ontpopte zich als een zeer verdienstelijk kunstschilder. De eerste opdrachten stammen uit 1889. Hij ontving vele opdrachten van welgestelde families uit vrijwel heel Nederland.
Hans Kuiper vervaardigde zijn schilderijen vanaf foto’s en dat ging met steeds meer succes. Het oudst bekende schilderij is van 1886. Van één onderwerp maakte hij dikwijls meerdere schilderijen om tot steeds meer perfectie te komen. Het werkgebied voor zijn onderwerpen, die hij per fiets bestreek, werd ongeveer begrensd door de lijn Blesdijke-Oldeberkoop-Appelscha-Diever-Nijensleek.
Hans Kuiper had ook een goede relatie met de familie Verwer, waarvoor hij veel opdrachten voor portretten heeft uitgevoerd. Hetzelfde geldt voor de pastoorsfamilie Leemkoel.
Hij heeft het plafond van de R.K. huiskapel van de familie L.G. Verwer in Zorgvlied beschilderd en zo goed als zeker de twee gebrandschilderde glas-in-loodramen met portretten van het echtpaar Verwer/van Wensen in de R.K. kerk in Zorgvlied vervaardigd, de hiervoor door Hans Kuiper gemaakte ontwerpfoto’s zijn bewaard gebleven.
Mocht u in bezit zijn van schilderstukken, foto’s of wetenswaardigheden van Hans Kuiper, laat ons dat weten via het secretariaat.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De schrijver van het bericht in de Wolder Courant van 25 juli 2018 heeft zich nogal in enige mate laten inspireren door het bericht Hans Kuiper, een regionale kunstschilder, dat gepubliceerd is in het papieren blad van de historische vereniging ’t Fledder Kerspel.

In het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is nota bene al in 1999 aandacht besteed aan het schilderij ‘Vrouw aan de was’. Zie het bericht Ut skildereeje ‘Vrau an de wasse’ van Hans Kuiper. Van het schilderij ‘Vrouw aan de was’ is in het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’  een zwart-wit afbeelding opgenomen. De redactie zag tot zijn genoegen in het bericht in de Wolder Courant van 25 juli 2018 (zie afbeelding 1) voor het eerst een kleurenafbeelding van het schilderij ‘Vrouw aan de was’. De redactie zou bijzonder graag in het bezit willen komen van een scherpe digitale kleurenafbeelding van dit schilderij.
De redactie is van mening dat het zeer moeite waard is na te gaan of over huisschilder, decoratieschilder, schilder en fotograaf Hans Kuiper een modeste publicatie is samen te stellen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Bericht in de Leeuwarder-Courant van 3 november 1937 over het dodelijk verongelukken van Hans Kuiper bij Blesdijke. 

Posted in Alle Deeversen, Hans Kuiper, Kuunst | Leave a comment

Un waètervaarfskildereeje van de meule in Oll’ndeever

Al op 9 april 2020 kreeg de redactie van ut Deevers Archief toestemming van de Deeverse kunstenaar Ernest Mols bijgaande afbeelding van een door hem gemaakt waterverfschilderij in ut Deevers Archief op te nemen. De redactie is hem alsnog bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. Hij was zo vriendelijk een goede digitale afbeelding van zijn schilderij ter beschikking te stellen voor opname in ut Deevers Archief. Ernest Mols heeft het kunstwerk op 31 oktober 2013 gemaakt.
De veelzijdige kunstenaar Ernest Mols, die al een paar keer Deevers, Drents en daarmee eigenlijk ech wè meteen ook Nederlands, Europees en Wereld kampioen vuistbijl hakken was, liet zich bij het maken van dit waterverfschilderij, ook wel aquarel genoemd, bijzonder inspireren door molen ‘de Vlijt’. En aquarelleerde daarbij en passant ook een soort van onherkenbaar lomp ding.
De redactie heeft op donderdag 4 november 2017 bijgaande kleurenfoto’s gemaakt. Op een van de twee kleurenfoto’s is te zien wat Ernest Mols heeft gewaterverfd. En dan is de grote vraag wat voor ding het is ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief het weet, die mag het melden.
Ernest Mols zou als vooraanstaand lid van de Schilderkring Diever, kijkend vanuit het op de tweede kleurenfoto zichtbare clubgebouw van de Schilderskring Diever, op het idee van het schilderen van dit aquarel kunnen zijn gekomen.

Posted in Aquarelle, Kuunst | Leave a comment

Un landbouwtrekmotor an ’t waark in de Olde Willem

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 5 januari 2015 van de heer Paul Gols, woonachtig op Zorgvlied, bijgaande tekst en fraaie foto -een afdruk van een glasplaatnegatief- van ontginningswerkzaamheden in de Olde Willem. De redactie is de heer Paul Gols bijzonder erkentelijk voor het beschikbaar stellen van deze historisch waardevolle afbeelding.

Deze foto is afkomstig uit de collectie van Wessel Jansema, een kleinzoon van de rentmeester van ‘De Drie Provinciën’, die in de jaren 1911-1920 onder meer de ontginningen in de Olde Willem leidde. Op de foto is heel veel werkvolk bij een stoom- of benzinetrekker met nummerplaat G2673 te zien en mogelijkerwijs ook de rentmeester zelf en de eigenaar van de te ontginnen gronden.

De redactie van ut Deevers Archief ontving op 15 februari 2015 van de heer Hans Salverda de volgende reactie op de bijgaande foto. De redactie is de heer Hans Salverda bijzonder erkentelijk voor deze bijdrage.

Dit is een prachtige foto van de ontginning en wat een grote groep mensen.
Het kenteken van de ’trekker’ geeft aan dat deze afkomstig was uit de provincie Noord-Holland.
Naast Wessel Jansema kunnen nog enkele andere namen genoemd worden, zoals Arthur Bigot en Floris Vos.
Floris Vos woonde in het Gooi en mogelijk heeft hij gezorgd dat deze trekker naar Oude Willem is gebracht en kon worden ingezet bij de ontginning. Deze Floris Vos was een kleurrijk figuur en had een landelijke partij opgericht om de tolwegen in Nederland af te schaffen. Voor deze partij zat hij ook in de Tweede Kamer. Hij ligt begraven op het kerkhof van Naarden.
Arthur Bigot was ook medewerker van de Heidemaatschappij en zijn vrouw heeft volgens het telefoonboek, dat onlangs in ut Deevers Archief is gepubliceerd, nog gewoond in het huis Goede Weide dat nu nog in Oude Willem staat. De camping van de familie Theunissen heeft dezelfde naam: Groene Weide.
Arbeiders die bij Arthur Bigot (op zijn Frans uitgesproken als Biegoo) werkten zeiden al gauw dat ze ‘bij God’ werkten………..

Aantekeningen van de redactie van Ut Deevers Archief van 16 januari 2022

De redactie citeert uit het boek ‘Techniek in Nederland in de twintigste eeuw. Deel 3. Landbouw, voeding’ van A.A.A.de la Bruhèze, H.W. Lintsen, A. Rip,  J.W. Schot op bladzijde 29 de volgende tekst:
Een jaar na een eerste proef in 1911, schafte de Heidemij een uit Groot-Brittannië afkomstige ‘motorploeg’ aan. Deze machine combineerde het voordeel van een veel grotere wendbaarheid met een bredere inzetbaarheid.
Kort daarna, in 1913, zette de N.V. Landontginningsmaatschappij ‘De Drie Provinciën’ bij haar ontginningswerk in het Zuidwest-Drentse Diever de eerste ‘landbouwtrekmotor’ (lees: trekker) in ons land in: een 60 pk Caterpillar rupstrekker. De Caterpillar kon het werk van 30 ossen of paarden aan.

Bijgaande afbeelding is eveneens opgenomen op bladzijde 130 van het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever.

Posted in de Drie Provinciën, de Olde Willem, Landbouw, Ontginning | Leave a comment

De winkel en de bakkereeje van Marinus Diekstroa

In het fotoboekje ‘Diever, Ie bint ’t wel …’ is de navolgende tekst over het verleden van de bakkerij en kruidenierswinkel van Marinus Dijkstra en Geertje Wouwenaar met bijbehorende afbeelding 16 van een ansichtkaart uit 1908 gepubliceerd.

16 – Wapse – Winkel van Marinus Dijkstra – 1908
Voor de bakkerij en kruidenierszaak van Marinus Dijkstra poseren veel buurtbewoners. Alle meisjes zijn links opgesteld en alle jongens aan de rechterkant.
Marinus Dijkstra werd op 24 augustus 1854 in Doldersum geboren en overleed op 30 september 1920 in dit huis. Hij was getrouwd met Geertje Wouwenaar (Bakkers Geertie), de dochter van boschbaas Marten Wouwenaar. Zij werd op 9 maart 1859 geboren te Berkenheuvel en overleed op 3 mei 1945 in dit huis. Hier werden hun kinderen Marten, Lambert, Arnold en Trijntje geboren. Geertje is de middelste van de vijf dames midden op de foto.
De broodoven werd met bakkersturf aangemaakt en vervolgens met takkebossen warm gestookt. Het brandhout werd gesnoeid uit holtwall’n of uit boerenbos in de buurt. Marinus Dijkstra betaalde een gulden tot een daalder voor honderd takkebossen.
Bakker Dijkstra had ook een lösse karre met kleppen, waarmee hij bee’j de weg ventte. Geertje deed de winkel, ze had wel aardig verstand van zaken.
Het winkeltje was niet zo groot, maar er was van alles te krijgen, onder meer groene zeep, lösse süker, zeemleer en kachelpoets. Jannes Santing (Jans van d’Olde Smit) wist zich nog goed te herinneren dat sien mow hum seins mit de pot hen Geertie stuurde um lösse stroop te koop’m. Remmelt Kamer herinnerde zich het sütholt voor één cent en de klompen die door elkaar op de zolder lagen. Hendrikje Buiter-Roelofs wist nog dat in de winter een ton met pekelharing op de grote deele stond. Voor een stuiver kocht je een zoute haring tegen de griep. Ze herinnerde zich ook dat ze ronde boll’n en zwarte roggestoete bakten. Ook kon eigen meel naar de bakkerij worden gebracht, waar dan brood van werd gebakken.
Tegenover de school en tussen het pand van Marinus Dijkstra en het daarachter liggende huis van Abel Kamer en Aaltje Pit lag het schoelpattie hen ’t Noave.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Marinus Dijkstra is geboren op 24 augustus 1854 in Doldersum en is overleden op 30 september 1920 in Wapse.
Geertje Wouwenaar is geboren op 9 maart 1959 op Berkenheuvel en is overleden op 3 mei 1945 in Wapse.
Marinus Dijkstra trouwde op 25 december 1883 met Geertje Wouwenaar.
Marten Dijkstra is geboren op 28 maart 1893 in Wapse en is overleden op 18 augustus 1893 in Wapse.
Lambert Dijkstra is geboren op 28 augustus 1898 in Wapse en is overleden op 10 december 1975 in Wapse. Lambert Dijkstra was getrouwd met Jantina van Zomeren,
Arnold Frederik Dijkstra is geboren op 14 oktober 1900 in Wapse en is overleden op 2 april 1986 in Varsseveld. Arnold Frederik Dijkstra was getrouwd met Elisabeth Keizer.
Trijntje Dijkstra is geboren op 1 juni 1891 in Wapse en is overleden op 27 oktober 1957 in Wapse.
Trijntje Dijkstra was getrouwd met Hendrik Trompetter.
De zeer gewaardeerde trouwe bezoeker van ut Deevers Archief wordt vriendelijk verzocht meer gegevens van de familie Dijkstra aan de redactie te melden. Zie voor meer gegevens over de familie Dijkstra ook het artikel Foto van groep I van de Wapser skoele uut 1905.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op donderdag 26 april 2018.

abracadabra-535

Posted in Ambacht, Ansigtkoate, Diever, ie bint 't wel ..., Neringdoende, Wapse | Leave a comment

Jongen uut groep Alaska in de Eikenhorst op de foto

De heer Frans Bakkers stuurde bijgaande zwart-wit foto’s uit zijn tijd dat hij deel uitmaakte van groep Alaska in jongenskamp de Eikenhorst an de Gowe. Frans Bakkers heeft in de periode augustus 1965 tot juli 1966 in het kamp gezeten.
Hij zat in groep Alaska met onder andere Martin Kievits, Harm Kuiper(s), Henk Linthorst, Rob Malta, Herman Kreft, René in ’t Veen en Wim Paling.
Wie herkent de jongens op de foto’s ? De redactie van Ut Deevers Archief verneemt het graag.

Op 16 april 2022 ontving de redactie de volgende reactie van de heer Martin Kievits bij afbeelding 1
Op deze foto staat Wim Kempe uiterst rechts.
Ha, voor het eerst een foto waar ik op sta ! Heel fijn !!

Afbeelding 1
Deze foto van de jongens van groep Alaska is gemaakt op 27 september 1965. Normaal bestond de groep uit 16 jongens. Deze foto is gemaakt op het moment dat jongens naar huis zijn gegaan en de nieuwe jongens nog moesten komen. De maker van deze foto is Frans Bakkers. Wie van de hiervoor genoemde jongens staat op deze foto ? Wie herkent de jongens ? De staande man in het midden is de leider Gerard Blikman.
De heer Frans Bakkers reageerde op 14 januari 2022 als volgt: 

Boven van links naar rechtes: Marius van Gorp, Rob Malta, Harm Kuiper(s), leider Gerard Blikman, Martin Kievits en Wim Kempe.
Onder van links naar naar rechts: ……., Herman Kreft, René in ’t Veen, ……
Afbeelding 2
Deze foto van dezelfde jongens van groep Alaska is eveneens gemaakt op 27 september 1965. De maker van deze foto is leider Gerard Blikman.

Afbeelding 3

Deze foto is gemaakt op 13 juni 1966 bij een bezoek aan een juffrouw. Welke juffrouw ? De maker van deze foto is Frans Bakkers.
De heer Frans Bakkers reageerde op 14 januari 2022 als volgt:
Linker jongen……., kwam van een andere groep (Transvaal?), de naam van de juf is mij niet meer bekend; ze was wel heel populair !, Henk Linthorst en Rob Malta.
Afbeelding 4

Deze foto is gemaakt op 13 juni 1966 bij een bezoek aan een juffrouw. Welke juffrouw ? Waarschijnlijk moesten de jongens een tekening van het gezicht van de juffrouw maken. Waarschijnlijk heeft de juffrouw deze foto gemaakt.
De heer Frans Bakkers reageerde op 14 januari 2022 als volgt:
Links Frans Bakkers en rechts Henk Linthorst, die heel goed paarden kon tekenen. We moesten geen tekening maken, het was een spontane actie.

 

Posted in de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Ut olde gemientehuus en de olde pasterie an de brink

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’  is als afbeelding 13 een zwart-wit ansichtkaart van het oude gemeentehuis en de oude pastorie an de brink van Deever opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1906 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer enige aandacht besteed aan de verhuizing van de gemeentekamer in het café-logement van Roelof Seinen naar de tot gemeentehuis verbouwde lagere school an de brink van Deever. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

13 – Diever – Gemeentehuis en Pastorie op de Brink – 1906
In de vergadering van 2 mei 1876 deelde burgemeester Leonardus Willem van Os namens het college van Burgemeester en Wethouders de raad mee dat het gebouw voor het gemeentehuis gereed was en in gebruik kon worden genomen.
Voordat de raad de kamer in het café van Roelof Seinen aan de Hoofdstraat (Diever 104) verliet, bracht de burgemeester hulde aan de familie Seinen voor de flinke wijze waarop het gemeentehuis in hun huis was gehouden. De raad besloot de familie daarvoor schriftelijk te bedanken. Vervolgens begaf de raad zich naar het nieuwe gemeentehuis aan de Brink. Daar aangekomen bedankte de voorzitter de raad voor het besluit dat de gemeente een eigen gemeentehuis en de burgemeester een betere woning had bezorgd. Op 3 mei 1876 schreven Burgemeester en Wethouders de volgende keurige bedankbrief aan de familie Roelof Seinen:
In de op gisteren gehouden vergadering van den raad dezer gemeente en bij gelegenheid van de verplaatsing van het gemeentehuis van uwe woning naar het nieuwe daarvoor bestemde locaal, heeft de voorzitter met een kort woord in herinnering gebragt op welke wijze uwe familie steeds aan het gemeentebestuur is verbonden geweest. De verstandhouding was steeds goed; de bediening en de zorg uitmuntend. Een en ander heeft dan ook aanleiding gegeven dat de raad met algemeene stemmen heeft aangenomen het voorstel om uwe familie dank te zeggen voor de billijke wijze waarop door haar het gemeentehuis steeds ten hare huize is gehouden. Door dit schrijven daaraan gevolg gevende, bevelen wij ons in uw vriendschap aan.
Op de bomenrijke brink is rechts het gemeentehuis te zien. Daarachter staat de pastorie van de Hervomde Kerk. Op de voorgrond is een deel van de glinten om de Hervormde Kerk te zien.

Aantekeningen van de redactie van Ut Deevers Archief
Deze ansichtkaart was te koop in het boerencafé van Harm Pieter Hummelen an de brink van Deever. Harm Pieter Hummelen werd in de Deeverse volksmond natuurlijk gewoon Haarm Hummel genoemd. De hier getoonde zwart-wit ansichtkaart is een topstuk, ondanks het feit dat de originele glasplaat onder- en overbelicht is.
Jij kunt als verwoede verzamelaar van ansichtkaarten uut de gemiente Deever een exemplaar van deze kaart maar beter wel in jouw verzameling hebben, want anders hoor jij niet bij de club.
De brink en de kaarkhof (ook wel kaarketuun genoemd) bij de brink van Deever was in 1906 volop en niet te weinig begroeid met bomen, zoals dat op een karakteristieke en karaktervolle Deeverse brink hoort te zijn. Daar moeten bomen staan, veel bomen, vooral veel eiken. En over de brink moeten geen nepslijtpaden lopen, maar echte in het zand gesleten paden. En de brink heeft een braandkoele. En de brink heeft geen diepe struikelkanalen voor de afvoer van hemelwater. En op de brink staan geen design-zitbankjes. En in een straat op de brink liggen geen nazi-klinkers. En de kaarkhof hoort niet bij de brink.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op vrijdag 28 november 2020.

Posted in Ansigtkoate, Brink, Diever, ie bint 't wel ..., Gemientehuus, Topstuk | Leave a comment

De ièste arbeiders van de Deeverse botterfubriek

In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 7 juli 1899 verscheen het volgende korte berichtje over de benoeming van het eerste personeel van de nieuwe handkrachtboterfabriek an ut Katt’nende in Deever.

Diever, 5 Juli.
In eene vergadering, gehouden ten huize van C. Andreae alhier, zijn tot arbeiders aan de handkrachtboterfabriek alhier benoemd Jan Jonkers, Arend Klaster en Roelof van Nijen.
Het melkrijden werd aangenomen door Jannes Moes te Oldendiever voor Wittelte voor f. 7,80 per week en door Jannes Koning te Oldendiever voor Diever, Oldendiever en Kalteren voor f. 6 per week.
De levering van botervaten werd opgedragen aan Hendrik Mulder te Diever/

Aantekeningen van de redactie van Ut Deevers Archief
Het melkrijden was het vervoeren met paard en wagen van de melkbussen met melk van de boerderijen naar de botterfubriek en de melkbussen zonder melk van de botterfubriek naar de boerderijen langs een vaste route, die melkrit werd genoemd.
Hendrik Jans Mulder is geboren op 15 juni 1852 in Deever. Hij is overleden op 6 maart 1920. Hij trouwde op 30 oktober 1874 met Hilligje Hilberts Noorman. Hendrik Mulder was in 1899 al kuiper, dat wil zeggen maker van botervaten. Hij zal het vak van zijn vader hebben geleerd, want ook zijn vader Jan Klasen Mulder was kuiper.
Vóór het begin van de Deeverse botterfubriek produceerden de boeren (boerinnen) zelf boter op hun boerderij, waarbij de boter werd verpakt in botervaten. De boter werd verhandeld op de stedelijke botermarkten.
Maar wie in Deever maakten de ijzeren hoepels voor de botervaten ? Waren dat de plaatselijke smeden ? Of werden deze elders gemaakt ?
In een botervat ging een acht’ndiel boter, dat wil zeggen 40 pond. Het Deeverse woord acht’ndiel is na de oprichting van de botterfubriek in onbruik geraakt.
De redactie heeft van de andere vermelde personen nog geen gegevens in de openbare bronnen kunnen vinden.

Posted in Süvelfubriek Deever | Leave a comment

Un Wapser voetballer in ut Nederlaanse elftal

Arend Hessel Schoemaker is geboren op 8 november 1911 in Wapse. Hij is een zoon van Remmelt Schoemaker (beroep: hoofd eener school) en Aafje Hessels (beroep: zonder). Remmelt Schoemaker is een zoon van brievengaarder Jan Schoemaker en Jantje Trompetter. Remmelt Schoemaker is geboren op 10 juni 1884 in Deever. Remmelt Schoemaker was een broer van Lambertus Schoemaker. Arend Hessel Schoemaker was een volle neef van Geesje Jantina Schoemaker.
Arend Hessel Schoemaker is zijn voetballoopbaan vast begonnen bij Wapser Boys. Arend Hessel Schoemaker speelde als aanvaller voor H.V. & C.V. Quick uit Den Haag. Hij speelde op 10 december 1933 eenmaal in het Nederlands voetbalelftal in een oefenwedstrijd tegen Oostenrijk, die met 0-1 in het Olympisch Stadion in Amsterdam werd verloren. Hij maakte ook deel uit van de selectie voor het wereldkampioenschap voetbal in 1934. Hij is overleden op 11 mei 1982. Zie het bijgevoegde overlijdensbericht.
Arend Hessel Schoemaker staat op één van plaatjes (zie de bijgaande afbeelding) van een ongenummerde serie voetbalplaatjes van de firma K. Tiktak Koffie en Theehandel in Groningen uit 1932. In die serie is een plaatje van de volgende voetballers opgenomen:
Wim Anderiesen (Ajax), Elisa Hendrik (Bep) Bakhuys (Z.A.C.), Jan van Diepenbeek (Ajax), Johannes Hendrikus Adrianus Graafland (H.B.S.), Gerardus (Puck) van Heel (Feyenoord), Jan Halle (Go Ahead), Karel Hollander (Xerxes), Wim Lagendaal (Xerxes), Karel Lotsy (Feyenoord), Adri van Male (Feyenoord), Gejus van der Meulen (H.F.C. Haarlem), Jaap Mol (K.F.C.), Kees Mijnders (D.F.C.), Joop van Nellen (D.H.C.), Toon Oprinsen (N.O.A.D.), Henk Pellikaan (T.S.V. LONGA), Sjef van Run (P.S.V.), Arend Schoemaker (Quick Den Haag), Kick Smit (H.F.C. Haarlem), Leen Vente (SC Neptunus), Mauk Weber (ADO), Frank Wels (Unitas).
In het Limburgs Dagblad van 11 juni 1980 stond een foto uit dat jaar, waarop Arend Hessel Schoemaker is te zien. Zie afbeelding 2. De foto is gemaakt in het Feyenoord-stadion.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van Ut Deevers Archief heeft meer gegevens van Arend Hessel Schoemaker ?

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3
Bericht van overlijden van Arend Hessel Schoemaker in de Telegraaf van 12 mei 1982.

Posted in Sport, Voetbal, Wapse | Leave a comment

De ièste kantine in de soldoat’nkaamp op de Oeren

In het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is als afbeelding 10 een zwart-wit ansichtkaart van de eerste min of meer provisorische kantine in de Kaamp op de Oeren opgenomen. Deze zwart-wit ansichtkaart is in 1905 verstuurd. In de tekst bij de afgebeelde ansichtkaart is onder meer enige aandacht besteed aan de totstandkoming van het soldatenkamp. Een afbeelding van de betreffende bladzijde uit het fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’ is in dit bericht opgenomen.

10 – Wapse – Kantine in de Kaamp op de Oeren – 1905
Op 23 maart 1905 maakte burgemeester Hendrik Gerard van Os bekend dat het negende Regiment Infanterie veldoefeningen zou houden op de heidevelden in het Watersche, het Dieversche, het Oldendieversche en het Wapser Veld. De burgemeester vertrouwde erop dat deze mededeling door de ingezetenen met genoegen zou worden vernomen, omdat de aanwezigheid van zo’n aanzienlijke troepenmacht aan neringdoenden en anderen belangrijke voordelen zou verschaffen. De eigenaren die bezwaren hadden tegen het kosteloos betreden van hun heidevelden door het leger, konden die kenbaar maken. Alle eigenaren hadden bezwaren en wilden uiteraard een vergoeding voor het gebruik van hun heidevelden, zodat de landmacht met hen een huurprijs per jaar overeenkwam.
Het negende Regiment Infanterie hield zijn veldoefeningen in 1905 van 25 juli tot 3 augustus en van 11 tot 28 september, in 1906 van 15 juli tot 15 oktober, in 1907 van 7 tot 16 augustus en voor het laatst in 1908 van 12 tot 21 september.
Het soldatenkamp stond op de Oeren op de heidevelden van Jan van der Veen, Johannes Haveman Fzn, Hendrik Mulder, Meine Kiers, Hendrik Zagt, Jan Jans Veenhuis, Johannes Hilberts en Johannes Hilberts Hzn.
In totaal werd voor de percelen 929, 933, 1228, 1229, 1230, 1400 en 1401 in sectie E een huur van 146,25 gulden per jaar betaald.
Koop Boer van de Dieverbrug was zo’n ondernemer die nering zag in de aanwezigheid van het soldatenkamp. Op deze foto is zijn ogenschijnlijk snel in elkaar gezette kantine te zien. Het jaar daarop werd deze vervangen door een veel grotere. Op een bord bij de kantine stond ‘koffy en bier’. Ook konden de soldaten er pap, worst en pannekoeken kopen. Voor de kantine poseren de eigenaar, zijn familie, personeel, soldaten en inwoners van Wapse.

Aantekeningen van de redactie van Ut Deevers Archief
De redactie heeft al in veel berichten aandacht besteed aan het soldatenkamp op de Oeren tussen Kalter’n en Soerte.
Het moet vermeld worden dat de afgebeelde ansichtkaart aanwezig was in de grote en mooie verzameling Deeverse ansichtkaarten van wijlen Klaas Vording. De redactie weet helaas niet wat de erfgenamen met deze unieke verzameling hebben gedaan, maar zou het wel graag willen weten. Is zijn verzameling bij zijn erfgenamen gebleven ? Is zijn verzameling geveild ? 

Posted in Ansigtkoate, de Kaamp op de Oeren, Diever, ie bint 't wel ... | Leave a comment

Wat is ur echt terechte ekoom’m van ut Gruunplan ?

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 1 augustus 1979 verscheen het volgende artikel over de ontwikkeling en financiering van het zogenaamde Groenplan. 

Miljoen subsidie
Diever krijgt karakteristiek terug
‘Het is een uniek voorbeeld van optimale inspraak van de bevolking. Ik ben er ontzettend blij om dat onze gemeente dit voordeel in de schoot is gevallen. Ik heb er enorme verwachtingen van’. Dat zegt burgemeester H. G. Overweg van Diever naar aanleiding van het feit dat kort geleden bekend werd dat het zogenaamde Groenplan voor dit dorp door het ministerie van volkshuisvesting en de stichting landschapsbeheer Drente met in totaal voor ongeveer een miljoen gulden zal worden gesubsidieerd. Door dit plan zal Diever binnen een aantal jaren een geheel ander fraaier gezicht krijgen. Zo zal de karakteristiek van een oud esdorp door diverse aanplantingen en herbestratingen worden geaccentueerd en zullen de minder fraaie gedeelten van Diever door -onder andere- bossages worden gecamoufleerd.
Het is de plaatselijke tuinarchitect Jan Albert Zoer geweest, die een aantal jaren geleden de voorzet gaf, die door het gemeentebestuur met een waardevolle goal werd afgerond. Tijdens een van de regelmatig gehouden inspraakavonden opperde de heer Zoer (35) het idee om in overleg met diverse instanties een Groenplan voor de gemeente op te zetten. Jan Albert Zoer: ‘Diever was vroeger een echt mooi esdorp, maar is dat al lang niet meer. In de loop der jaren zijn veel van de bestaande brinken verdwenen en ons dorp had eigenlijk al lang niet meer het specifiek Drentse karakter. Door een speciale beplanting kun je daar erg veel aan doen. Je kunt erg veel van de oude sfeer terugbrengen, je kunt er ook voor zorgen dat de noodzakelijke nieuwbouwwijken, die vaak helemaal niet bij een bepaald dorp passen, dezelfde karakteristiek krijgen. Ook dat is in het Groenplan opgenomen. Ik heb er alle vertrouwen in dat het dorp over een aantal jaren een schoolvoorbeeld van een Drents esdorp zal zijn. Daarom ben ik zo ontzettend blij met deze subsidietoezeggingen’.
Commissie
Nadat Jan Albert Zoer het idee had geopperd bleef men in Diever niet stil zitten. Er werd een speciale commissie gevormd, die het plan nader moest gaan uitwerken, er werd een stedebouwkundig bureau ingeschakeld en op het gemeentehuis ging men wegen na om subsidie los te krijgen. Burgemeester Overweg: ‘Onmiddellijk nadat we ermee aan de gang waren gegaan, waren de verwachtingen hoog gespannen. We hebben enorm snel respons gekregen. Dat ons zo vlug dit kapitaal zou worden toegezegd, dat hadden we eigenlijk geen van allen verwacht’.
Er gingen heel wat besprekingen, vergaderingen en onderzoekingen aan vooraf, voordat eindelijk het verrassende bericht uit Assen kwam. Jan Albert Zoer: ‘Eerst is er een uitgebreide inventaris gemaakt over het groen dat we hier in het dorp nog hadden. we zijn ervan geschrokken hoe weinig dat eigenlijk nog is. Ik voor mezelf vind Diever op dit moment een van de lelijkste dorpjes van Drente. Dat klinkt niet zo mooi, maar toch vind ik dat. Er hoeven in dit dorp maar een paar karakteristieke bomen bijvoorbeeld te verdwijnen, of het hele beeld zal drastisch veranderen.
Daarom heb ik ook steeds gezegd: “We moeten er nu iets aan doen, want al we nog een paar jaar wachten, dan is het te laat. Er is veel oude beplanting verdwenen. De karakteristiek van een dorp wordt voor een erg groot deel bepaald door de bebouwing en de groenvoorzieningen. Er zijn in ons dorp in de achterliggende periode al erg veel panden verdwenen of hopeloos verpest. Door het aanbrengen van bijpassende groenvoorzieningen kan nog erg veel worden gered”.
Langzaam
Het ‘nieuwe Diever’ zal langzaam gestalte krijgen. ’t Is niet zo dat met ingang van morgen onmiddellijk begonnen zal worden met de nieuwe aanplant. Volgens Jan Albert Zoer is het een proces dat heel langzaam zal gaan groeien. “De gemeente zal er rekening mee houden bij het  vaststellen van bijvoorbeeld nieuwe bestemmingsplannen. Dan zal er worden gehandeld met het Groenplan in de hand. Nieuwe woonwijken zullen volgens dit plan worden ingedeeld. Het zal langzaam gaan, maar Diever zal er een stuk mooier door worden.”
“Op oude foto’s kun je het nog wel goed zien. Vroeger kende Diever een enorme hoeveelheid aan knooppunten van wegen. Die zijn jaren geleden allemaal eens kleine brinkjes geweest. Eigenlijk hebben we er nu nog maar een over. Dat is toch vreselijk jammer ? Iemand, die Diever goed kent weet dat in de kern van het dorp nog enorm veel zogenaamde paardeweitjes zijn. Open plekken achter de huizen. Dat geeft ons dorp een specifiek landelijk karakter. Zonder dit plan zou de kans groot zijn geweest, dat de ruime bebouwing in nieuwe woonwijken niet toegepast zou worden. Nu hebben we alles ook wat dat betreft heel duidelijk op papier staan.”
Andere dorpen
Jan Albert Zoer is ervan overtuigd dat een dergelijk Groenplan ook door andere Drentse gemeenten zou moeten worden bestudeerd en uitgewerkt. Hij zegt: “Vandaag staan al die oude bomen er nog wel, maar het is gevaarlijk om nu al niet voor alternatieven te gaan zorgen. Neem Dwingeloo. Ze hebben daar een werkelijk fantastische brink, maar je moet er niet aan denken hoe die brink eruit zou zien, wanneer al die bomen plotseling zouden verdwijnen. Toch kan dat vandaag of morgen gaan gebeuren, die dingen hebben het eeuwige leven tenslotte ook niet. Daar zou je nu alvast wat aan moeten doen door jongen aanplant, die straks de oude kan vervangen. De noodzakelijkheid daarvan wordt nu nog niet ingezien. Men ziet dat vaak pas als het te laat is.”
Jan Zoer vindt ook dat Diever erg voorzichtig moet omspringen met haar essen. “Als je die gaat volbouwen met woningen, dan blijft er op een gegeven moment niet zoveel van het echts Drents eigene over. Die essen, dat is voor een gemeente een kostbaar gegeven. Als je op een gegeven moment niet meer weet waar je je woningen dan moet neerzetten, dan kun je altijd nog uitwijken naar dorpen zoals Wapserveen. Waarom zou je die niet een nieuwe impuls geven ? Ik ben ervan overtuigd dat er genoeg belangstelling voor zal bestaan. Maar ook daar zal je voorzichtig met je karakteristiek moeten omspringen. Niet maar zo een grote puist erbij aan, maar eerst lang denken en pas dan beginnen.”
Voorbeeld
Burgemeester Overweg over het Groenplan: “Ik vind het prachtig voor ons dorp, maar ik vind het minstens zo fijn voor de inspraak. Heel vaak worden er overal in het land hoorzittingen gehouden, waarvan het publiek eigenlijk nauwelijks enig resultaat bemerkt. Dit is een schoolvoorbeeld hoe het kan. Het idee van een particulier wordt door verschillende overheden opgepakt en nader bestudeerd. Nu blijkt toch overduidelijk dat hoorzittingen en inspraakavonden er niet altijd voor niets zijn.”
“Daarnaast vind ik het een unieke kans voor ons dorp om zicht te verfraaien. Ik vind Diever nog altijd een mooie plaats, maar daarover kunnen de meningen verschillen. Maar ik ben ervan overtuigd dat Diever na voltooiing van het plan, wanneer dat dan ook maar mag zijn, veel mooier zal zijn. En dat is natuurlijk een vreselijk positieve zaak.”

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Burgemeester H.G. Overweg is Hermen Gerrit Overweg.
De heer Jan Albert Zoer merkt in het artikel op: “Diever was vroeger een echt mooi esdorp, maar is dat al lang niet meer. In de loop der jaren zijn veel van de bestaande brinken verdwenen …” Dat is natuurlijk volstrekt onjuist opgemerkt van Jan Albert Zoer. Diever heeft maar één openbare ruimte die brink wordt genoemd en dat is de open ruimte waar het Schultehuis en het oude gemeentehuis van de gemiente Deever aan staan. Maar die brink is niet eens een echte originele Saksische boerenbrink. Het oude veemarktterrein aan het begin van de Bosweg is ook geen brink, maar wordt door allerlei ondeskundigen helaas vaak ten onrechte en te onpas marktbrink genoemd. De open ruimte bij de t-splitsing van de Heufdstroate en de Peperstroate werd door Deever-kenner wijlen Jans Roelof Tabak vaak de ‘kleine brink’ genoemd. Het is eigenlijk ook niet nodig te onderzoeken of dit een echte originele Saksische boerenbrink is, want de ‘kleine brink’ is pas ontstaan ná de bouw van de rooms-katholieke Sint Pancraskerk in Deever.
De heer Jan Albert Zoer merkt in het artikel op: “Er zijn in ons dorp in de achterliggende periode al erg veel panden verdwenen of hopeloos verpest.” Dat is terecht opgemerkt. Burgemeester Jan Cornelis Meyboom (die in de Deeverse volksmond altijd met respect en met eerbied en met de pet in de hand ome Kees werd genoemd) vierde na de Tweede Wereldoorlog zijn sloopwoede bot op oude erfgoedwaardige panden in het hele binnendorp van Deever. Daardoor is het karakteristieke van het binnendorp van Deever volledig verloren gegaan. Dat kon zelfs het idealistische utopische Groenplan, met tien miljoen guldens subsidie in plaats van één miljoen guldens, niets meer aan veranderen.
De heer Jan Albert Zoer vindt dat Diever erg voorzichtig moet omspringen met zijn essen. Zie het detail van de topografische kaart uit 1979 (zie afbeelding 5). De redactie is het met de mening van Jan Albert Zoer roerend eens. Het sparen van de essen is tot op de dag van vandaag niet gelukt. Onder het bewind van burgemeester Hermen Gerrit Overweg is helaas de vernieling van de Westeresch wel doorgegaan. En ook de Kleine Es is helemaal volgebouwd met woningen. Het noordelijke deel van de Westeresch is inmiddels tot aan de Molenzandweg ook helemaal volgebouwd met woningen. Maar dank zij de wakkere mannen van de planologische dienst in Assen is een halt toegeroepen aan het volplempen van het zuidelijke deel van de Westeresch met woningen. Een andere grove blunder is het bouwen van die verschrikkelijke en volstrekt overbodige ruilverkavelingsasfaltsnelweg over de Heezeresch, die nota bene ook nog de naam Steenakkerweg heeft gekregen.
De essen worden voorlopig en onder voorbehoud en met de nodige slagen om de arm gespaard. In Deever vindt daarom driftig nieuwbouw, overigens zonder voor Deeversen betaalbare huurwoningen, plaats in het nieuwe puistje met de naam Kalterbroeken I. Zie het detail van de topografische kaart uit 2019 (zie afbeelding 6). En na Kalterbroeken I zullen vast en zeker de puistjes Kalterbroeken II en Kalterbroeken III en Kalterbroeken IV worden volgebouwd. Het zuidelijke deel van de Westeresch zal volledig worden omsingeld met woonwijken. Dus Deever kreeg door de uitvoering van dat archaïsch utopische kosmetische Groenplan zijn karakteristiek van een oud esdorp niet terug. Ook al zijn in het kader van dit plan heel veel bomen opgegraven en elders in het dorp herplant.

Afbeelding 1
Op deze afbeelding is aan de linkerkant het begin van de Grönnegerweg te zien en aan de rechterkant is de weg over ut Kastiel.
Afbeelding 2
De redactie heeft deze kleurenfoto van de Grönnegerweg en de weg over ut Kastiel gemaakt op vrijdag 3 mei 2018.

Afbeelding 3
De redactie heeft deze kleurenfoto van de Grönnegerweg en de weg over ut Kastiel gemaakt op vrijdag 3 mei 2018.
Afbeelding 4
Artikel in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 1 augustus 1979.

Afbeelding 5
Detail van de topografische kaart uit 1979.

Afbeelding 6
Detail van de topografische kaart uit 2018.

Posted in Deever | Leave a comment

Boschboas Haarm Smit is ur in 1934 mit estopt

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) verscheen op 29 mei 1934 het volgende bericht over het einde van het tijdperk Harm Smit als boschbaas op het landgoed Berkenheuvel. Zijn zoon Wolter Smit werd op 27 mei 1934 benoemd als de nieuwe boschbaas.

Boschbaas neemt afscheid van zijn werk
Hij ontvangt de zilveren medaille der Oranje-Nassau Orde.
Op het Landgoed ‘Berkenheuvel’ had heden een kleine plechtigheid plaats. Dit hield verband met het neerleggen van zijn werk door den boschbaas Smit. De bestuurder van het Landgoed, mr. A.C. van Daalen, sprak hierbij het echtpaar Smit als volgt toe:
Harm Smit en Jacoba Smit-Mones !
Toen wij in 1925 hier te samen waren, om uw zilveren feest als Beheerders van Berkenheuvel te vieren en de voltooiing van het vastleggen der zandverstuivingen, was dit met een grooter en voornamer gezelschap van vele autoriteiten van Provincie, Gemeente en Lichamen die Behoud en Bevordering van het Natuurschoon beoogen, ook door bebossching. Nu zijn wij bijeen in kleiner en beslotener kring, wegens den druk der omstandigheden, niet alleen maatschappelijke, maar ook huiselijke, want al moogt gij zoo gelukkig zijn al uw kinderen en kleinkinderen om U hier tegenwoordig te zien, met mij is dit niet het geval, door ziekte en afwezigheid in onze Oost-Indische bezittingen. Slechts één mijner kinderen van de 5 en geen der 12 kleinkinderen kan hierbij nu aanwezig zijn.
Toch mocht deze bijeenkomst niet worden verzuimd, daar het mij een behoefte is, ook namens mijn echtgenoote en kinderen, U dank te zeggen voor uw onvolprezen trouw en ijver, de aanhankelijkheid en vriendschap ons betoond, in de behartiging der groote belangen U toevertrouwd, alsof het uw eigen belangen waren; en dat waren zij ook geworden, daar gij, evenals wij samen vastgegroeid zijn aan de onvergelijkelijk schoone bezitting, waardoor onze geslachten ook door een hechten band samen verbonden zijn. Moge dat nog vele geslachten zoo blijven !
Een groote schrede op deze weg doen wij heden, want voor U beiden is deze dag van gemengde vreugde, evenals voor mij, maar nu gij afscheid neemt van uw levenswerk, wordt gij opgevolgd door uw zoon en schoondochter Wolter en G. Smit-Barelds, die wij heden in deze betrekking bevestigen, terwijl ook uw kleinzoon Harm de eerste stappen voor eenzelfde toekomst heeft gedaan. Moge ik hetzelfde van mijne kinderen verwachten !
De regeering heeft uwe verdienste erkend door de toekenning der zilveren medaille der Oranje-Nassau Orde, die ik u gaarne zelf overhandigd had, maar waarvoor ik nochtans mijn eerbiedigen dank betuig aan allen, die hiertoe hebben meegewerkt.
Nu nog een persoonlijk woord, ook aan u Coba, die niet alleen uw man steeds zoo krachtig hebt terzijde gestaan in zijn moeilijke en verantwoordelijke betrekking, maar ook mij en mijn gezin steeds een zoo aangenaam tehuis hebt bezorgd als wij hier bij U in huis waren, terwijl onze kinderen samen van hun jeugd genoten. Moge ook dat zoo blijven en die steeds zeldzamer verhouding ook door onze kinderen worden voortgezet.

Aantekeningen van de redactie van Ut Deevers Archief
De tweede boschbaas van het landgoed Berkenheuvel was Harm (Haarm) Smit. Hij was boschbaas in de periode 1900 – 1934. Hij is geboren op 11 december 1867 in Noordwolde in de gemeente Weststellingwerf. Hij is geboren als zoon van Wolter Smit en Gezina Catharina Vogelzang. Harm (Haarm) Smit is overleden op 11 oktober 1944 in Deever.
Harm (Haarm) Smit, die toen nog boerenknecht was, trouwde op 15 mei 1891 in Dwingel met dienstmeid Jacoba Monis. Zij is geboren op 6 oktober 1863 in Uffelte als dochter van een onbekende vader en Grietje Monis. Jacoba Monis overleed op 15 februari 1956 in Deever. Harm (Haarm) Smit en Jacoba Monis zijn begraven op de kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever.
De kinderen van Harm Smit en Jacoba Monis zijn Wolter (geboren op 5 mei 1893 in Deever), Gezina Catharina (geboren op 7 april 1895 op Kalter’n), Gerard Smit (geboren op 7 juni 1897 op Kalter’n), Jannes Smit (geboren op 17 december 1899 op Kalter’n), Geert Smit (geboren op 20 juni 1903 op Kalter’n) en Grietje Smit (geboren op 4 april 1909 op Kalter’n).

In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is het bericht met afbeelding in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 29 mei 1934 opgenomen op de bladzijden 113 en 114.

Afbeelding 1
Bericht in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 29 mei 1934.
Afbeelding 2
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto gemaakt op 21 januari 2016.
De tekst op de zichtbare plaat van het monument luidt:
Boschbazen
Marten Wouwenaar 1854 – 1894
Harm Smit 1900 – 1934
Wolter Smit 1934 – 1964
Wolter Douwsma 1964 – 1988

Afbeelding 3
In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van 28 mei 1934 verscheen ook een kort bericht over de pensionering van boschbaas Harm Smit. Hef Coba Monis ut oorieser op ? Voor dit bericht is een andere foto gebruikt dan de foto in het bericht in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van 29 mei 1934. Maar beide foto’s zullen wel kort na elkaar door dezelfde fotograaf zijn gemaakt.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Landgoed Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

De soldoat’nkaamp hef op un urn’nveld estoane

Bijgaand afgebeelde ansichtkaart van de soldatenkaamp op de Oeren tussen Kalteren en Soerte is op 20 september 1906 verstuurd aan mejuffrouw J. Bakker per adres mejuffrouw F. Molenaar in Koudum in Friesland. Het is de redactie van ut Deevers Archief niet gelukt de naam van de afzender te ontcijferen. Maar wie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan dit wel ?
De hier afgebeelde ansichtkaart werd verkocht door bakker Marinus Dijkstra in Wapse. De foto voor deze ansichtkaart is wellicht gemaakt in 1905, toen het kamp voor de eerste keer op het heideveld met de naam de Oeren stond.
Op de ansichtkaart zijn op de achtergrond de tenten van het soldatenkamp te zien. De twee zichtbare hokjes aan de rechterkant zijn soldatenlatrines. Aan de rechterkant is ook de nationale vlag te zien.
De soldatenkamp stond op twee baargies. De op de hier afgebeelde ansichtkaart zichtbare saandweg liep tussen de twee baargies door en werd daarom Tweeënberg genoemd. Bij opgravingen bleek later dat de twee baargies een urnenveld bedekten.
De redactie verwijst voor meer informatie met name naar het bericht De soldoat’nkaamp op ut heideveld De Oer’n.


Posted in Ansigtkoate, de Kaamp op de Oeren, Tweeënberg, Wapse | Leave a comment

Ut neeje Deeverse skut an de Deeverse brogge

In de Nederlandsche Staatscourant van 4 januari 1878 verscheen de volgende wet tot onteigening van eigendommen in de gemiente Dwingel voor de bouw van een nieuwe Deeverse sluus in de Drentse Hoofdvaart.

Staatsblad nummer 221.

Wet van den 9den December 1877, tot onteigening van eigendommen in de gemeente Dwingelo, ten behoeve van den bouw eener nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart.

Wij Willem III, bij de gratie Gods, koning der Nederlanden, prins van Oranje-Nassau, groot-hertog van Luxemburg, enzovoort, enzovoort, enzovoort.
Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut ! doen te weten:
Alzoo wij in overweging genomen hebben, dat het maken van eene nieuwe sluis op de Drentsche Hoofdvaart, ter vervanging van de bestaande Dieversluis, in het algemeen belang noodig is;
Gelet op de wet van 28 augustus 1851 (Staatsblad nummer 125);
Zoo is het, dat wij, den Raad van State gehoord en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk wij goedvinden en verstaan bij deze:
Eenig artikel.
Wij verklaren, dat het algemeen nut de onteigening vordert, ten name van den Staat, van eigendommen in de gemeente Dwingelo, benoodigd voor het maken eener afsnijding in de Drentsche Hoofdvaart, ten einde eene nieuwe sluis op die vaart ter vervanging van de bestaande Dieversluis te bouwen.
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, collegien en ambtenaren, wiens zulks aangaat, aan de naauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven te ’s Gravenhage, den 9den december 1877.
Willem.
De minister van waterstaat, handel en nijverheid, Tak van Poortvliet.
Uitgegeven den vier en twintigsten december 1877.
De minister van justitie, H.J. Smidt.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Willem is koning Willem III.
In de tekst van de wet is Dwingel gelukkig in het Nederlands geschreven zoals het hoort: Dwingelo. En niet zoals het niet hoort: Dwingeloo.
Het oude Deeverse skut lag dichter an de Deeverse brogge dan het nieuw te bouwen Deeverse skut. Het nieuwe Deeverse skut is in 1879-1880 gebouwd. Op de afbeeldingen van een detail van topografische kaarten is de situatie an de Deeverse brogge voor en na de bouw van het nieuwe Deeverse skut te zien, alsmede de situatie in 2020.
De redactie heeft eveneens uitgezocht van wie in 1877 een stuk grond werd onteigend in het belang van het algemeen, maar kon zo gauw het betreffende documentje niet vinden. De redactie moet dat documentje te zijn er tijd nog toevoegen.

Afbeelding 1

Afbeelding 2
Situatie an de Deeverse brogge met de oude schutsluis vlak bij de brug in 1878.

Afbeelding 3
Situatie an de Deeverse brogge met de nieuwe schutsluis in 1880

Afbeelding 4
Situatie an de Deeverse brogge met de schutsluis en de jachthaven (blijkbaar geen passantenhaven) in 2020.

Posted in An de Deeverbrogge, Deeverse sluus | Leave a comment

Ut skiere waètervaarfskildereegie ‘Bee Woater’n’

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen, schilderijen, etsen, enzovoort kunnen worden getoond, hoe liever het de redactie is. Kunstwerken zijn zeer zeker ook kleine vaak kleurrijke fragmentjes uit het verleden in de gemiente Deever.

De redactie verzocht kunstenares mevrouw Trijntje Muys een afbeelding van haar prachtige aquarel met de naam ‘Bij Wateren’ te mogen tonen in ut Deevers Archief. Zij gaf daar toestemming voor. De redactie is haar bijzonder erkentelijk voor deze toestemming. De redactie ontving de volgende zeer gewaardeerde reactie van haar.

Ik vind het prima een afbeelding van mijn aquarel ‘Bij Wateren’ in het Dievers Archief te tonen. Al fietsend vanaf het bezoekerscentrum in Terwisscha in de richting van mijn huis in Dwingeloo kwam ik de plek tegen. Wat mij trof was de waterpartij die langs het fietspad stroomde. Dat water kwam tenslotte in een groot ven/plas terecht. Dat was ongeveer bij fietsknooppunt nummer 61. Afgelopen zomer 2021 ben ik nog eens langs die plek gefietst.
Vanuit een laag standpunt nam ik enkele foto’s en thuis heb ik het aquarel geschilderd.  Dit schilderij heb ik in 2019 geschilderd en ook verkocht. De lijst is 30 centimeters breed en 60 centimeters hoog.
Van onderwerpen in het Drents-Friese Wold heb ik vaker aquarellen geschilderd, maar dan is niet specifiek te zien waar dat is, bijvoorbeeld een bos of een zandpartij.

De kunstenares woont en schildert in Dwingel, an de aandere kaante van de Voat. Zij heeft een mooie overzichtelijke eigen webstee Trijntje Muys.

Afbeelding 1
Kunstenares Trijntje Muys schilderde het aquarel ‘Bij Wateren’, in 2019.

Afbeelding 2
Kaart met fietsknooppunt 61 vlak bij de Drents-Friese grens.

Posted in Aquarelle, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Un mooie ansichtkoate van ut Pension Vierhoven

Op deze afbeelding van een mooie zwart-wit ansichtkaart, uitgegeven in juni 1951 door Van Leer’s Fotoindustrie in Amsterdam, is aan de linkerkant Pension Vierhoven (eerder Paviljoen Berkenheuvel) an de Bosweg bee’Deever, nog in min of meer de oorspronkelijke staat te zien.
Het is niet zo gek dat ’s zomers bij Pension Vierhoven een ijscokar (met het opschrift Consumptie-ijs) stond, want tegenover het pension, aan de andere kant van de Bosweg, stond op een heuvel de in januari 1950 afgebouwde uitkijktoren, die na betaling van een klein bedrag beklommen kon worden door mensen uit de omgeving en vakantiegangers.
Pension Vierhoven was in die tijd eigendom van Kornelis (Knelus) Vierhoven (geboren op 11 februari 1915, overleden op 10 februari 1972) en Grietje Enting (geboren op 8 oktober 1913, overleden op 24 maart 1989).

Posted in Ansigtkoate, Bosweg, Paviljoen Berkenheuvel | Leave a comment

Langs ut saandpad an de Noorderesch van Deever

De kunstenaar Arie Goedhart is op zondag 9 augustus 2020 op 76-jarige leeftijd in Hoogeveen overleden. De favoriete bezigheid van wijlen kunstenaar Arie Goedhart was tekenen met pen en inkt, dat is arceren en werken met natuurlijke structuren, maar vooral het weergeven van de stilte en de rust van de natuur. Het motto van kunstenaar Arie Goedhart was: Het is een voorrecht bezig te zijn met de schoonheid van de natuur.
Maar kunstenaar Arie Goedhart deed zijn inspiratie niet alleen op in de natuur, maar ook aan de rand van natuur en cultuur, bijvoorbeeld langs de essen van Deever. Hij vond daar vaak een verrassend mooi hoekje. Zo ook an de Noorderesch van Deever waar hij, gezeten langs de saandweg met zijn gezicht naar de Bosweg, bijgaande prachtige pentekening maakte.
Ut saandpad an de Noorderesch bee Deever is Deevers aarfgood. Doar mö’j mit de fikk’n van of blie’m.
De redactie van ut Deevers Archief correspondeerde zo nu en dan per e-mail met kunstenaar Arie Goedhart en kreeg op 30 januari 2019 toestemming van hem een afbeelding van zijn mooie zomerlandschapspentekening met de titel ‘Bospad bij Diever’ te tonen in ut Deevers Archief. De redactie is hem daarvoor postuum bijzonder erkentelijk.
De redactie heeft de hier afgebeelde kleurenfoto gemaakt op zaterdag 17 december 2022.

Posted in Kuunst, Noorderesch, Saandweg, Tiekening | Leave a comment

Van Doal’n hef de kaarke al in 1891 op de foto eset

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie zwart-wit foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde foto waarop het kerkgebouw aan de brink van Deever in 1891 is te zien, ook ten zeerste bewonderen als afbeelding nummer 3 in het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien. In dit bericht is eveneens de bij afbeelding 3 vermelde tekst opgenomen.

3 – Diever – Brink met Hervormde Kerk – 1891
De kerk kreeg zijn huidige vorm in de zestiende eeuw. Op 27 augustus 1759 brandde de kerk na een blikseminslag voor een groot deel af. Bij de herbouw ontbrak het aan geld om de ingestorte gewelven te herstellen. Uit armoede werden houten zolderingen aangebracht. Ook werd bezuinigd op het herstel van het dak. Het zadeldak op de zuidbeuk werd niet als zodanig hersteld. In plaats daarvan werd het dak van het schip doorgetrokken tot de zuidelijke muur, waardoor het hier zichtbare doorgaande dakvlak ontstond.
Door de eeuwen heen is de kerk verbouwd. Zo werden onder meer ramen en nissen dichtgemetseld, werden tussen zijbeuken muren geplaatst en werd op diverse plaatsen in de buitenmuur een extra deur gemaakt.
Bij de grote restauratie in de vijftiger jaren werd tien centimeter onder de tegelvloer een vloer van rode plavuizen gevonden. Onder deze vloer werd vijfentwintig centimeter lager nog een vloer gevonden, ditmaal van groene en gele tegeltjes.
Links voor de kerk en achter het hek om de kerk is het in 1878 gebouwde baorhuusie te zien. In dit houten gebouwtje stond de lijkbaar van het dorp. Voor het verrichten van een lijkschouwing werd hier soms iemand tijdelijk opgebaard, zoals een man die verdronk in het Witteveen. Het gebouwtje is helaas al ver vóór de grote restauratie van de kerk in de vijftiger jaren afgebroken.
Links op de voorgrond is het hek voor het gemeentehuis zichtbaar. Rechts achter de kerk is links het boerderijtje van bakker Albert Kuiper te zien. Rechts is een gedeelte van het op 21 juni 1945 verbrande boerderijtje te zien.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Mr. Albertus Christiaan van Daalen uit Bennekom heeft de hier afgebeelde foto in 1891 gemaakt. Hij was toen net eigenaar geworden van het landgoed Berkenheuvel.
Op de foto is duidelijk te zien dat de kaarkhof (ook wel kaarketuun genoemd) van het kerkgebouw aan de brink met behulp van een hek is gescheiden van de brink. Eigenlijk is de brink van Deever wel beschouwd maar een kleine brink, en wel beschouwd niet eens een echte. Het is een nepbrink, want het is geen Saksische boerenbrink. De brink van Deever is pas ontstaan ná de bouw van de eerste houten kerk boven op een heidense tempel. De brink van Deever is een brink van de tweede soort. Een soort van reservebrink.
In de laatste alinea moet een fout worden hersteld. De tekst vermeld dat links het boerderijtje van bakker Albert Kuiper is te zien. Dit is onjuist. In 1891 was Albert Kuiper nog niet als bakker an de Peperstroate in Deever gevestigd. De redactie moet nog uitzoeken wie in 1891 wel de eigenaar was van dit boerderijtje. Bakker Albert Kuiper zal dit boerderijtje pas zo’n kleine twintig jaar later hebben gekocht. De redactie moet ook dat nog uitzoeken.

Posted in Albertus Christiaan van Daalen, Diever, ie bint 't wel ..., Kaarke an de brink | Leave a comment

Un paèr joar eleene he’k un bookie eskree’m

De heer Frans Bakkers stuurde op 1 januari 2022 bijgaande reactie naar de redactie van ut Deevers Archief. Zijn reactie heeft betrekking op het bericht Wie bint toch die aandere jongen bee barak Alaska ? 

Ik heb in de periode augustus 1965 tot juli 1966 in jongenskamp De Eikenhorst gezeten. Ik was toen 12/13 jaar.
Ik zat in groep Alaska met onder andere Martin Kievits, Harm Kuiper(s), Henk Linthorst, Rob Malta, Herman Kreft, René in ’t Veen en Wim Paling.
Ik heb een goede tijd in het kamp gehad. Met prima leiders en onderwijzers, zoals Juf Kievits, Juf Klomp, Robert Mulder, Sjoerd Schokker, Gerard Blikman en Han Besseling.
Enkele jaren geleden heb ik deze periode beschreven in een klein ‘boekje’ met veel anekdotes.
Als het Deevers Archief belangstelling voor dit ‘boekje’ heeft, dan stuur ik dit jullie toe.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Frans Bakkers bijzonder erkentelijk voor deze reactie.

De redactie heeft uiteraard belangstelling voor het ‘boekje’ met veel anekdotes en heeft dit direct aan de heer Frans Bakkers kenbaar gemaakt. Zo’n ‘boekje’ is een mooi geschreven fragmentje uit de geschiedenis van jongenskamp De Eikenhorst an de Gowe in de zestiger jaren van de vorige eeuw. De redactie zal dit ‘boekje’ opnemen in ut Deevers Archief. Zo leggen de ex-bewoners zelf beetje bij beetje de geschiedenis van jongenskamp De Eikenhorst vast. Nu het nog kan. Nu veel ex-bewoners van het kamp zestigers, zeventigers en tachtigers zijn en niemand het eeuwige leven heeft. Dat de komende tijd elke ex-bewoner van jongenskamp De Eikenhorst zijn eigen ‘boekje’ moge schrijven.
Wat was de voornaam van juf Kievits ?
Wat was de voornaam van juf Klomp ?

Posted in Alle Eikenhorsters, de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Wat vleug ur so gauw over ut dörp Deever ?

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van vrijdag 11 maart 1927 verscheen het volgende korte bericht over de mogelijke inslag van een meteoorsteen in de gemiente Deever. Of was het iets anders ?

Een meteoorsteen ?
Gisteravond ongeveer half twaalf is door een 3-tal jongelui alhier een merkwaardig natuurverschijnsel waargenomen. Toen ze even buiten ons dorp liepen te wandelen, werden ze opeens in een fel licht geplaatst. Aanvankelijk meenden ze, dat dit het licht van een naderende auto was, doch toen dit niet het geval bleek te zijn, keken ze onwillekeurig naar boven en zagen een buitengewoon scherpe lichtstreep in Oostelijke richting aan het hemelgewelf, welke gedurende eenige seconden een verblindend licht verspreidde. Nadat men toen een harden knal had gehoord, verdween de streep even snel als ze gekomen was. Een meteoorsteen ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief 
Een onidentificeerbaar vliegend object ?
Een ongeïdentificeerd vliegend object ?
An unidentifiable flying object ?
An unidentified flying object (UFO) ?
Een ruimteschip van buitenaardse wezens ?
Als het een door de aarde aangetrokken meteoorsteen is geweest, dan is deze ergens in de Oosterse Kaamp’m, in Leggel of in Eemster ingeslagen.

Posted in Deever | Leave a comment

Un eulievaarfskildereeje van ut dörp Deever

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen getoond kunnen worden, hoe liever het de redactie is. Zo’n kunstwerk is toch ook een klein kleurrijk fragmentje uit het verleden in de gemiente Deever.
De kunstenares Marion Fernhout heeft dit olieverfschilderij gemaakt in 1986. Het kunstwerk is geschilderd op linnen. Het schilderij heeft een breedte van 40 centimeters en een hoogte van 50 centimeters. De redactie is nog op zoek naar gegevens van Marion Fernhout.
Het zal de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief wellicht duidelijk zijn dat de kunstenares haar schilderij ‘Het dorp Diever’ ergens aan de betonweg of op de Noorderesch heeft gemaakt. De geschilderde boerderijen en huizen staan an de Aachterstroate in Deever. Zie voor de beeldvorming de bijgaande afbeelding.
De redactie zal te zijner tijd en zeker niet met geschwinde spoed en ook niet in gestrekte draf een kleurenfoto die hij zal nemen op het punt waar de kunstenares heeft gezeten of gestaan. Of misschien heeft ze op dat punt wel een kleurenfoto gemaakt die ze als basis heeft gebruikt voor het maken van dit schilderij.

Posted in Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Vurening Ut Grondbezit hef Baark’nheuvel besögt

In het rijk geïllustreerde weekblad Het Noorden In Woord En Beeld, jaargang 12, 1936-1937, nummer 14, 19 juni 1936, bladzijden 16 en 17 verscheen de fotoreportage Gasten te Diever ! De redactie van ut Deevers Archief wil de mooie sepiakleurige foto’s in deze reportage in zijn geheel niet onthouden aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief.

Gasten te Diever !

Bijschrift bij de foto link boven aan bladzijde 16:
Op Donderdag 11 juni werd in de bosschen van Diever een excursie gehouden door een gezelschap van een kleine honderd personen, allen leden van de Vereniging Het Grondbezit. De entree was bij de Haarsluis, waar door een tweetal dames in Oud-Drentsch costuum namens de V.V.V. van Diever ansichten werden aangeboden. Deze schilderachtige ingang geeft deze foto weer (foto in cirkel).

Bijschrift bij de foto deels onder aan bladzijde 16 en deels links onder aan bladzijde 17:
Behalve bosch, heide, duin en esch, werd ook het gedenkteeken, als monument voor Diever en Omstreken opgericht, door de gasten bezichtigd.

Bijschrift bij de foto deels rechtsboven op bladzijde 16 en deels linksboven op bladzijde 17:
Een prachtig vergezicht genoot men op een der hoogste duinen over het verre landschap in deze mooie hoek van Drenthe, die zoo sterk aan de Veluwe doet denken en waar het verleden nog spreekt in hunebed en resten van burcht en legerplaats.

Bijschrift bij de foto rechts boven aan bladzijde 17:
De Berkenheuvel te Diever is een der vele schilderachtige boschpartijen, waarin de duinen een nieuw kleur-effect brengen. De 1200 hectare is een waar juweel !

Bijschrift bij de foto rechts onder aan bladzijde 17:
Zo’n heerlijk rustige boschlaan, waar de zon niet door een scherpe wind getemperd wordt, en de dennengeur ons opwekkend omgeeft, lokt wel tot een bezoek aan het gastvrije groote landgoed De Berkenheuvel te Diever.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
V.V.V. is de afkorting van Vereniging Voor Vreemdelingen Verkeer.
De scan van bladzijde 16 miste aan de rechterkant een strookje en de scan van bladzijde 17 miste aan de linkerkant een strookje, zodat de redactie van de twee bladzijden helaas geen volledig op elkaar aansluitende afbeelding bij elkaar kon vogelen. Vandaar dat in de titel van de fotoreportage de D van Diever ontbreekt.
De redactie heeft de kleurenfoto van het monument op Berkenheuvel gemaakt op donderdag 4 april 2013.

In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever zijn twee van de sepiakleurige foto’s op bijgaande afbeelding ook te zien op bladzijde 118. Echter de cirkelvormige foto in de linker bovenkant van bijgaande afbeelding is in het Magnum Opus merkwaardig genoeg te zien als rechthoekige illustratie. Echter de bovenaan over bladzijden 16 en 17 verdeelde foto is in het Magnum Opus merkwaardig genoeg te zien als één bijgesneden ononderbroken illustratie. Het ware aan te raden geweest in plaats daarvan de foto met het monument onder aan bladzijde 16 van bijgaande afbeelding op te nemen in het Magnum Opus.

Posted in Landhuis Berkenheuvel, Monement op Baark'nheuvel | Leave a comment

Gerard Krol hef kukelvlaai en kukelbrood ebakt

De redactie van ut Deevers Archief is in de maanden november en december van 2021 – ten tijde van de steeds maar voortdurende coronapandemie – weer druk bezig geweest met het digitaliseren (scannen) van enkele honderden nummers van ut Deeverse Blattie (Weekblad voor de gemeente Diever, Van Goor’s Blattie). De redactie kwam bij het scannen van nummers uit de jaargang 2001 op bladzijde 4 van ut blattie van 11 april 2001 de hier afgebeelde advertentie (afbeelding 2) en op bladzijde 2 van ut blattie van 29 augustus 2001 het hier afgebeelde bericht (afbeelding 1) over de overdracht van de bakkerij van Gerard Krol aan August van Vilsteren. De redactie wil de advertentie en het bericht de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief niet onthouden.

Gerard Krol, de echte bakker van Deever
Als zaterdag 1 september ook de laatste oven is uitgeschakeld, dragen Gerard en Rita Krol de sleutels van de bakkerij over aan hun opvolgers August van Vilsteren en Dorien Popkema.
En op maandag 3 september zal Diever ontbijten met het vers gebakken brood van de “echte bakker” Van Vilsteren.
Diever houdt dus z’n warme bakker, en dat is goed nieuws voor de consument. Die kan er bovendien op rekenen, dat de vermaarde ambachtelijke kwaliteit van Bakkerij Krol gehandhaafd blijft. Met hetzelfde vertrouwde assortiment aan brood, koek en banket. Want het zijn immers dezelfde medewerkers in de bakkerij én in de winkel, die onder hun ‘nieuwe’ baas Van Vilsteren, hun dagelijkse werk voortzetten.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is een fervent verzamelaar van onder meer eerste of laatste gebeurtenissen in de gemiente Deever. Zo’n gebeurtenis kan een waardig en waardevol fragmentje uit het verleden in de gemiente Deever zijn. Zo’n laatste gebeurtenisje is ook de sluiting van bakkerij Gerard Krol an de Peperstroate in Deever op zaterdag 1 september 2001. Daarmee kwam na honderd jaar een einde aan het familiebedrijf.
Gerard Krol was de vierde generatie, die bakker was an de Peperstroate.

Generatie 1 – Albert Kuiper en Anne Wieringa
Hij is geboren op 25 juli 1868 in Deever. Hij is een zoon van Durk Kuiper en Johanna Ekkels. Hij is overleden op 20 september 1949 in Deever. Bakkersknecht Albert Kuiper trouwde op 4 oktober 1893 in Ruinen met Anna Wieringa. Anna Wieringa is geboren op …. in Grootegast. Zij is overleden op 8 mei 1957 in Deever.
Hun dochter Anje Kuiper is geboren op 12 december 1893 in Ruinen.
De redactie is nog op zoek naar meer gegevens in de openbare bronnen of elders.
De grote vraag is natuurlijk wanneer zij met hun bakkerij an de Peperstroate in Deever zijn begonnen ?

Generatie 2 – Gerard Krol en Anje Kuiper
Hij is geboren op 26 november 1892 in Wapse. Hij is een zoon van boer Hendrik Krol en Hendrikje Karsten. Hij is overleden op ….. Hij trouwde op 17 februari 1916 in Deever met Anje Kuiper.
De redactie is nog op zoek naar meer gegevens in de openbare bronnen of elders.

Generatie 3 – Hendrik Krol en Jacoba Hartsuiker en Albert Krol en ………….
De redactie moet de betreffende gegevens zo mogelijk nog opzoeken in de openbare bronnen of elders.
Generatie 4 – Gerard Krol en Rita Lutterot
De redactie moet de betreffende gegevens zo mogelijk nog opzoeken in de openbare bronnen of elders.

Bakker Gerard Krol bleef tot het einde toe een wel bijzonder interprovinciaal georiënteerde enige echte warme bakker an de Peperstroate in Deever, want in zijn allerlaatste maar dan ook echt allerlaatste advertentie in ut Deeverse Blattie van 11 april 2001 adverteerde hij ter gelegenheid van Pasen op zondag 15 april 2001 met Limburgse kukelvlaai en Limburg kukelbrood, in plaats van bijvoorbeeld met ambachtelijke Deeverse krentewegge of ambachtelijke Dwingeler heidekook’n of ambachtelijke Vledderse swaarfkei’n of zoals zijn vader Hendrik Krol in ut Deeverse Blattie adverteerde met Deeverse ronde krentestoet’n of Deeverse kruudkoeke.

Afbeelding 1
Bericht betreffende de overdracht van bakkerij Gerard Krol in ut Deeverse Blattie van 29 augustus 2001.
Afbeelding 2
De laatste advertentie van bakkerij Gerard Krol in ut Deeverse Blattie van 11 april 2001.

Posted in Alle Deeversen, Neringdoende, Peperstroate | Leave a comment

Die nazi-klinkers ligt nog steeds veur ut skultehuus

De webstee www.dieveropdreef.nl is al een tijdje definitief van het internet gehaald. De Hoge Dametjes en Heertjes Van Het Brinkenplan Diever op Dreef noemen dit ogenschijnlijk volksverlakkerig en eufemistisch uitgedrukt ‘Deze website is voor onbepaalde tijd offline’. De redactie van ut Deevers Archief zag deze ambtelijke schijnbeweging al lang aankomen en heeft voor de zekerheid alle digitale nieuwsbrieven met de naam ‘Brinkenplan Diever op Dreef’ van de nu welhaast met 0,000001 procent onzekerheid opgeheven webstee geplukt. Want je weet het maar nooit. Want je weet maar nooit of deze digitale nieuwsbrieven wel of niet onder de Archiefwet vallen.
Zo heeft de redactie ook de digitale nieuwsbrief van juni 2020 gelukkig kunnen redden. Zie de twee bijgaande afbeeldingen. Daarbij gaat het de redactie met name om het bedenkelijke bericht Cultureel erfgoed in de brink van Diever op bladzijde 1 van deze nieuwsbrief. Zie afbeelding 1.
De redactie wist tot het lezen van het bericht ‘Cultureel erfgoed in de brink van Diever’ absoluut totaal volstrekt niet dat in de bestrating vóór het skultehuus op de brink van Deever en in de Brinkstroate straatklinkers uit een nazi-Duitse-startbaan van vliegveld Steenwijk zijn gebruikt. Nota bene in de Tweede Wereldoorlog heeft de beruchte in dienst van nazi-Duitsland staande bloedgroep Norg het skultehuus als martelkamer gebruikt.
De redactie vraagt zich ten zeerste af wanneer de gemeente Westenveld deze paar duizend mentaal zwaar beladen geworden nazi-straatklinkers, figuurlijke straampelstien’n, definitief en voor altijd gaat wegslopen en wanneer de gemeente Westenveld ter hoogte van de winkel van de joodse familie Zaligman an de Heufdstroate in Deever voor elk in de concentratiekampen omgekomen lid van de familie Zaligman een straampelstien in het voetgangerspad gaat aanbrengen. Op 4 mei 2022 ?
Volgens de commercieel ingestelde erfgoedgoeroe van de gemeente Westenveld zijn de nazi-klinkers, in volslagen tegenstelling tot wat in het bericht ‘Cultureel erfgoed in de brink van Diever’ in de nieuwsbrief van juni 2020 van het ‘Brinkenplan Diever op Dreef’ ten stelligste wordt beweerd, volstrekt en totaal geen cultureel erfgoed.
Dus daar hoeft de gemeente Westenveld in zijn geheel niet zuinig op te zijn. Dus waar wacht de gemeente Westenveld op ? Kan het vervangen van die verdammte nazi-straatklinkers in de straat voor het skultehuus en in de Brinkstroate nog alsnog als een klein stukje meerwerk van het toch al peperdure project ‘Diever op Dreef” worden uitgevoerd ? Zo mogelijk vóór 4 mei 2022 ?

Afbeelding 1 – Bladzijde 1 van de nieuwsbrief.

Afbeelding 2 – Bladzijde 2 van de nieuwsbrief.

Posted in Brink, Tweede Wereldoorlog | Leave a comment

Ut weilaand woar see hept efilmd veur Fanfare

Het laatste deel van de film Fanfare, te weten het beroemde muziekconcours, nam filmmaker Bert Haanstra in juni 1958 op in een weiland an de Kloosterstroate in Deever. Dat zeldzame binnendorpse weiland is helaas geen weiland meer, maar is ten prooi gevallen aan woningbouw, op die plek staan al lang vier burgerwoningen.
Bert Haanstra schonk een duurzaam houten zitbankje aan de inwoners van de gemiente Deever, als dank voor het gebruik van het weiland en de inzet van vele Deeverse figuranten bij de opnamen. Dit duurzame houten zitbankje heeft zijn plekje an ut asfaltpad langs de Bosweg, vlak bee ut huus woar vrogger bode Vossie hef ewoond en woar Roelof (Roef) Zoer ok hef ewoond. Dit duurzame houten zitbankje is van de inwoners van Deever. Het is Deevers aarfgood. Ech wè.
De Hoge En Lage Dametjes En Heertjes Van De Voorkant Van Het Onweerspreekbare Gelijk Van Het Medeedogenloos En Rücksichtlos Inrichten Van De Openbare Ruimte Van Het Binnendorp Van Deever hebben helemaal voor zichzelf een eigen nep-Fanfare-bankje in de kaarkhof (ok wè kaarketuun enuumd) bij de brink van Deever laten plaatsen. Daar kunnen ze tijdens hun welverdiende tussen-de-middag-reces lekker in de zon genieten van het likken aan een Shakespeare-ijsje.
Op de fraaie hier afgebeelde afdruk van een kleurendia is de set voor de opnamen van de film Fanfare in juni 1958 op het weiland an de Kloosterstroate in Deever, aachter ut huus mit de naeme ut Zonnehoekje en noast de boerdereeje van Koendert Krol te zien. Weer zo’n fraai kleurenfragmentje uit het vrij recente verleden in de gemiente Deever.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is bijgaande kleurenfoto ten zeerste op bladzijde 6 te bewonderen, zij het nogal bijgesneden en als zwart-wit afbeelding. Het is toch wel een beetje jammer dat het erg vet gesponsorde Magnum Opus niet in kleurendruk is verschenen. Immers de fragmentjes uit het verleden in de gemiente Deever zijn niet zwart, zijn niet wit, zijn niet zwart-wit, maar zijn zeer kleurrijk.

Posted in Fanfare, Kloosterstroate | Leave a comment

Un neet so mini minibieb bee de meule in Oll’ndeever

De redactie heeft de twee kleurenfoto’s toevallig in het voorbijgaan gemaakt op donderdag 22 april 2021.
Het culturele verschijnsel minibieb is dan eindelijk toch ook doorgedrongen tot in Oll’ndeever. Dit kleine bibliotheekje staat bij het huis bij korenmolen ‘de Vlijt’. En minibieb kan van alles zijn is. Het kunnen enige boeken op een klein plankje bij iemand in de tuin zijn (niet zo handig, want bij regen worden de boeken nat), maar het kan ook een flinke wind- en regendichte kast zijn, zoals op de twee kleurenfoto’s is te zien. Deze kast is gelukkig ook nog eens een keer goed gevuld, bijna uitpuilend goed gevuld. Een minibieb is geen bibliotheek waar je lid van moet zijn. Voorbijgangers kunnen boeken gratis lenen of ruilen. Bij deze minibieb kunnen ze bij mooi weer ook een boek pakken, op het klapstoeltje bij de minibieb gaan zitten, lekker in de zon een stukje in het boek lezen, het boek terugzetten en op een ander zonnig tijdstip terugkomen om verder te gaan met het lezen van het boek. Mits het dan nog aanwezig is. Bijvoorbeeld het op de middelste plank in het midden zichtbare erg grappige stripverhalenboek De avonturen van Pa Pinkelman en Tante Pollewop van Godfried Bomans.

Posted in Oll'ndeever, Toevallige waarneming | Leave a comment

De Deevers’n bint steeds wieser mit heur eig’n vlagge

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) van vrijdag 11 februari 2005 verscheen het volgende bericht over de eigen vlag van de gemiente Deever.

Dieverse trots op nagemaakte vlag
Een witte vlag met rode banen, een Maple leaf en een urn erop, wappert fier in de wind voor de Jan Thijs Seinenhof in Diever. Wie niet beter weet zou denken dat het de vlag is die vanaf het midden van de jaren zeventig tot eind jaren negentig voor het gemeentehuis hing. Niets is echter minder waar, dit exemplaar is gemaakt door Geertje Kragt-van Gijssel (80), bewoonster van de Jan Thijs Seinenhof. Ze naaide eigenhandig een nieuwe vlag toen de oude te zwak bleek om nog langer buiten te hangen. De precieze betekenis en achtergrond van de vlag kent Geertje Kragt-van Gijssel niet. Volgens de Historische Vereniging kreeg Diever de vlag in 1946, toen de gemeente ook een gemeentewapen kreeg. De vlag wapperde bij speciale gelegenheden voor het gemeentehuis. De Maple-leaf staat voor de bevrijding door de Canadezen.
Raadsel
Hoe de vlag in een kast in de Jan Thijs Seinenhof terechtkwam is de Dieverse een raadsel, maar feit is dat een hulp de vlag daar op een dag vond, naast de Nederlandse vlag. ‘We hebben de vlag bekeken en toen eerst opgevouwen laten liggen’, vertelt de Dieverse. Maar op een gegeven moment kregen de bewoners het idee de vlag gewoon op te hangen. ‘De stof was hier en daar wat verstaft, de vlag zag er echt niet best uit’, weet Kragt-van Gijssel nog, ‘maar ik heb hem opgeknapt.’ Het doek hing er een klein jaartje, toen de stof ging rafelen. Mevrouw Kragt-van Gijssel naaide er nog eens een lapje op, maar toen het doek weer kapot ging, besloot ze hem niet meer te maken.
‘Ik heb toen niets gezegd, maar eens de vlaggencentrale gebeld om een stukje stof. Ik heb de vlag daarna helemaal nagemaakt. Het was een heidens karwei’, vertelt ze. De witte vlakken werden uitgemeten en de Mapleleaf en de urn zijn er met flinke zigzagsteken opgezet.
Sinds september 2003 hangt de vlag voor de ingang van de Jan Thijs Seinenhof. ‘We hebben hem nog een winter binnengehaald, omdat we het anders zonde vonden’, vertelt Kragt-van Gijssel, die de vlag ook echt als ‘haar vlag’ beschouwt.
Sinds vorig jaar mei hangt de vlag elke dag aan de mast’, mits er geen rood-wit-blauw. ‘We weten niet wat er mee gebeurt als de nieuwbouw klaar is, maar ik houd het wel goed in de gaten’, zegt de maakster.
De Historische Vereniging heeft de originele vlag.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Mevrouw Geertje Kragt-van Gijssel is te beschouwen als de pionier van het letterlijke en het figuurlijke behoud van de Deeverse vlag en het uitsteken van de Deeverse vlag.
De redactie ziet gelukkig in de gemiente Deever sinds enige tijd bij steeds meer huizen de vlag van de gemiente Deever wapperen. De redactie vindt dat een positieve ontwikkeling. Dat steeds meer mensen de behoefte hebben de Deeverse vlagge te tonen, dat mag worden beschouwd als een gebrek aan binding tussen de bewoners van de hoofddorpen van de gemeente Westenveld en een gebrek aan vertrouwen in de fusiegemeente Westenveld, want anders zou bij steeds meer huizen in de gemiente Deever wel die rare vlag van de gemeente Westenveld aan de vlagstok hangen. 
 

Posted in Gemiente Deever | Leave a comment

Op de skeuvels hen Ass’n en hen Beil’n

De heer Bertus Jager heeft bijgaand afgebeelde prachtige foto in de winter van 1970 gemaakt. Deze foto hangt bij hem in Doldersum boven de eettafel. De heer Hans Salverda mocht deze geschiedkundig waardevolle foto van hem lenen en scannen voor het maken van een promotiekaart voor de kerstdagen 2021 en het nieuwe jaar 2022. De heer Bertus Jager heeft toestemming gegeven voor het tonen van deze foto in ut Deevers Archief. De redactie van ut Deevers Archief is de heren Jager en Salverda bijzonder erkentelijk het tonen van deze foto mogelijk te maken.

Op dit punt in de Hertenkamp op Woater’n stroomt het water van de Tillegröppe in de Vledder Oa. Het water in de Oa stroomt van links naar rechts. Bertus Jager maakte de foto gelukkig aan de Doldersumse kant van de Oa. Daardoor is het terrein aan de rechterkant van de Tillegröppe, dat in de gemiente Deever ligt, nog net zichtbaar.
De Vledder Oa en de Tillegröppe zijn op deze foto nog als resultaat van de kanalisatie en stuwenbouw in de vijftiger jaren van de vorige eeuw te zien. Op bijgaande afbeelding van de topografische kaart uit 1970 is de samenloop van de gekanaliseerde Oa en de Tillegröppe te zien.

De heer Bertus Jager was en is een groot liefhebber van schaatsen. Als het ijs het toeliet dan schaatste hij over de Vledder Oa bee Doldersum en over de Tillegröppe hen de Smilde en dan over de Voat hen Ass’n of hen Beil’n en wièr terogge. Maar bij de stuwen en bij andere hindernissen, zoals vaste bruggen, moest hij natuurlijk wel klünen. Maar deed hij dat in de strenge Elfstedentochtwinter van 1968 of in de winter van 1970 ? Das war einmal.
De heer Bertus Jager is op 27 oktober benoemd tot erelid van de historische vereniging ‘t Fledder Kerspel. Hij is één van de oprichters van deze vereniging en bestuurslid van het eerste uur.

De redactie van ut Deevers Archief vervangt zo nu en dan voor de broodnodige verandering de kopafbeelding van ut Deevers Archief. De redactie heeft en uitsnede van de mooie winterfoto uit 1970 van Bertus Jager gemaakt, zie de bijgaande afbeelding, en deze opgenomen als kopafbeelding.

Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van deze webstee, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie. Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (300 dpi). Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken. Als jij een reeds getoonde kopafbeelding graag nog een keer als kopafbeelding van ut Deevers Archief wilt zien, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie.



Posted in Kopplètie, Tillegröppe, Vledder Oa, Woater’n | Leave a comment

Op de stee van Willy steet now un neemoods huus

Dorpsfiguur mevrouw Wemke Wilhelmina (Willy) Maria Hielkema-Bos is geboren op 9 maart 1930 op Zorgvlied. Zij is overleden op 11 december 2019 in Deever. Ze is begraven op de kaarkhof van Zorgvlied. Zie ook het bericht Willy Hielkema-Bos is estör’m op 11 december 2019.
De redactie van ut Deevers Archief weet niet wanneer ze is verhuisd naar het huis met adres Dorpsstraat 48 op Zorgvlied. De redactie weet wel dat ze daar tot kort voor haar overlijden heeft gewoond. De redactie heeft de kleurenfoto van haar huis gemaakt op woensdag 6 november 2019. Kennelijk waren de kinderen van Willy toen al begonnen aan de grote onvermijdelijke ontruiming en opruiming, want de container naast haar huis is behoorlijk vol.
Gelet op de vorm van het huis, moet het, vóórdat mevrouw Willy Hielkema-Bos in dit huis kwam te wonen, een keuterboerderijtje zijn geweest.
Het honderd jaar oude huis is in 2020 helaas niet grondig gerenoveerd, maar gesloopt. Op het terrein is un neemoods huus gebouwd. Bewoners op Zorgvlied vinden dit neemoodse huus in zijn geheel niet passen bij de andere huizen an de Dorpsstroate. Wat vorm betreft lijkt het neemoodse huus ergens wel enigszins een klein beetje op het gesloopte huis.
De redactie heeft de twee kleurenfoto’s van het huis gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

Posted in Alle Deeversen, De aandere kaante van de Deeverse bos, Dorpsstroate, Zorgvliet | Leave a comment

Ut vurdrunk’n cultuurlaand in ut Olde Willemsveld

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaand afgebeelde bijna zwart-witte kleuren foto tegen het vallen van de avond in het Olde Willemsveld bij de zandweg naar de Uilenhorst gemaakt op vrijdag 19 november 2021. Een uitsnede van deze foto is gebruikt als kopafbeelding.

Sinds een aantal jaren is het Olde Willemsveld eigendom van de Nederlandse Staat, dus van de Nederlandse belastingbetaler, met als archaïsch utopisch maakbaarheidsdoel cultuurgrond te veranderen in natuurgrond. Maar wordt het dan natuurcultuurgrond of cultuurnatuurgrond of natuureluurcultuureluurgrond of cultureluurnatuureluurgrond  ?
De Hoge Heertjes En Dametjes Van De Door De Nederlandse Staat Ingehuurde Beheerder Van Het Olde Willemsveld zijn met erg schaars Nederlands belastinggeld druk bezig van het Olde Willemsveld een soort van mislukt Verdronken Land Van Saaftinge te maken. Water, water en nog eens water. Voor een wandeling door het gebied kan je maar beter een paar hoge kaplaarzen aanschaffen. De redactie heeft het op vrijdag 19 november 2021 zonder die kaplaarzen aan den lijve ondervonden.

Maar in zo’n namaaknepmoerasgebied, zie afbeelding 3, is weinig wolvenvoedsel te vinden. Dan worden de mogelijkheden voor het herbergen van slechts één aanstaand roedeltje wolven in de Deeverse bos wel erg beperkt, want een roedeltje wolven heeft bij voldoende voedsel zeker ten minste 50 km² territorium nodig, dat is zo’n 5000 hectare, dus slechts één zo’n roedeltje wolven heeft veel méér dan de hiele Deeverse bos als leefgebied nodig. En dat blijkt nu al met die ene verkennende wolf, die om de haverklap gemakkelijk vangbare schapen buiten de voor hem blijkbaar veel te onleefbare Deeverse bos afslacht. Dus in de Deeverse bos is voor één wolf nu al te weinig gemakkelijk vangbaar wild te vinden ? Waar moet dat dan heen met slechts één aanstaand roedeltje wolven, dat uit wel ten minste tien hongerige wolven en hongerige wolfjes kan bestaan ? Dat roedeltje gaat  ’s nachts hele kuddes erg gemakkelijk vangbare schapen in de buurt van de Deeverse bos afslachten. Die liggen overdag goed verstopt geduldig op de loer om ’s nachts toe te slaan. Daar kan je eerst bliksem en daarna donder op zeggen. En wellicht is in de Deeverse bos ruimte voor twee tolerante roedeltjes wolven, omdat in de buurt van de Deeverse bos zoveel erg gemakkelijk vangbare schapen zijn. Eén roedeltje wolven aan de oostkant van de Woaterse weg en één roedeltje wolven aan de westkant van de Woaterse weg ?

De redactie van ut Deevers Archief vervangt zo nu en dan voor de broodnodige verandering de kopafbeelding van ut Deevers Archief. Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van deze webstee, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie. Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (300 dpi). Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken. Als jij een reeds getoonde kopafbeelding graag nog een keer als kopafbeelding van ut Deevers Archief wilt zien, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie.

Afbeelding 1
De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021 an de weg deur ut Olde Willemsveld.

Afbeelding 2

Afbeelding 3
De redactie heeft deze kleurenfoto gemaakt op donderdag 22 april 2021 bij de Tillegröppe in ut Olde Willemsveld

Posted in de Olde Willem, Kopplètie, Wolf | Leave a comment

Hoe hef ut skultehuus ur in ut echt uut eseene ?

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) verscheen op vrijdag 1 november 1935 een bericht van de heer Jan Boesjes, secretaris van de gemiente Deever, over het schultehuis an de brink van Deever en zijn bewoners.

Het schultehuis te Diever en zijn bewoners
In den jare 1604 verrees aan den Brink te Diever het gebouw, dat thans -ruim drie eeuwen later- in veler belangstelling staat. Ten zuiden van de Nederlands Hervormde Kerk werd toen namelijk gesticht het zoogenaamde schultehuis. Stichter was de toenmalige schulte van Diever Berend Ketel. Na hem hebben nog vijf leden van de familie Ketel, die alle het schulte-ambt van Diever bekleedden, het huis tot woning gekozen.
De naam schultehuis zal zich in den loop der jaren gevormd hebben, doordat de woning steeds den schultes tot huisvesting diende. Van een gebouw met een publiekrechtelijke bestemming kan niet worden gesproken. Het huis was steeds particulier eigendom en is waarschijnlijk door vererving en koop achtereenvolgens overgegaan in handen van de elkander opvolgende plaatselijke magistraatpersonen. Eigendom van een publiekrechtelijk lichaam is het gebouw nimmer geweest.
’t Is niet onmogelijk, dat op de plaats van het tegenwoordige schultehuis vroeger (vóór 1604) een tot het klooster van Ruinen behoorend gebouw heeft gestaan. Bij de restauratie welke thans plaats vindt, kwamen verschillende steenen te voorschijn, die blijkbaar tot een vorig huis behoord hebben. Het betreft hier steenen van zeer bijzondere vorm, welke vermoedelijk vroeger hebben dienst gedaan voor de bevestiging van glas-in-lood ramen. Verder legde men een vloertje bloot van geglazuurde tegeltjes.
De tand des tijds heeft ook het huis der Ketels niet ongeschonden gelaten. De verschillende eigenaren tastten zowel het uit- als het inwendige van het gebouw aan, waarbij de voorgevel er gelukkig nog het beste afkwam. Deze gevel, die na de voltooiing der restauratie een sieraad voor het dorp en meer in het bijzonder voor de brink zal zijn, geeft een voornaam uiterlijk aan het gebouw. Het jaartal 1604 is met muurankers aangebracht. Ter linkerzijde van de zware voordeur -welke voorzien is van een antieken deurklopper- bevinden zich twee, ter rechterzijde drie groote ramen met ieder niet minder dan 48 ruiten.
Boven de deur is het wapen van de familie Ketel (van Hackfort) aangebracht, namelijk in zilver een blauwe dwarsbalk met gekroonde helm. Als helmteeken een zilveren drakenkop en hals met gouden tong en blauwe halsband. De kruisjes die er op voorkomen zijn waarschijnlijk toevoegsels van een bewoner en behooren niet tot het wapen. We hopen dat bij de restauratie dit wapen van de daarop aangebrachte verflaag zal worden ontdaan.
De zijgevels en de achtergevel hebben veel te lijden gehad van diverse verbouwingen. Op een bepaalde plaats was tegen den zuidelijken zijgevel zelfs een tweede muur aan gemetseld.
In het gebouw trekt een muurvak met tegels de aandacht en ook de bewerkte zolderbalken mogen niet aan onze opmerkzaamheid ontsnappen. Momenteel omvat het huis twee groote en één kleine voorkamer, gang, keuken, achterkamer en opkamer, waaronder kelder.
De bewoners
Omtrent de vroegere bewoners, meer specifiek de schultes, die tevens bewoner van het huis waren, kunnen we het volgende vermelden.
De eerste bewoner, zoals gezegd tevens stichter, was Berend Ketel. Deze was in 1595 schulte van Diever en schijnt tijdens zijn leven te zijn afgetreden, in dit geval na 18 juni 1619. Hij leefde nog in 1626, doch is vóór 21 maart 1628 overleden. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Helmich Ketel, die het eerst als schulte wordt vermeld op 20 april 1622, het laatst op 20 april 1642. Op hem volgde Richard Ketel, die 9 mei 1644 als schulte in functie was en laatst bekend op 18 januari 1660. Pierre Ketel, die dan volgde, werd 28 februari 1660 door Ridderschap en Eigenerfden den Stadhouder als schulte voorgedragen (hij was toen nog minderjarig) en door dezen benoemd. Hij teekende als schulte 19 mei 1666 en stierf vermoedelijk begin 1689. Vervolgens kregen we Richard Ketel, op 11 maart 1690 door Ridderschap en Eigenerfden aan den Stadhouder voorgedragen; vermoedelijk overleden begin 1713. Opvolger van Richard Ketel was Pierre Ketel Richardzoon. Gedoopt 10 september 1704, werd hij, nog geen 10 jaar oud zijnde, op 21 maart 1713 tot schulte aangesteld. Tijdens zijn minderjarigheid (1713-1724) trad er een soort regent (‘verwalter’) voor hem op. Pierre Ketel stierf in 1737. Evenals zijn beide voorgangers was hij tevens schulte van Wapserveen. De laatstgenoemde 4 schultes Ketel waren waarschijnlijk afstammelingen in rechte linie van elkander. Met het overlijden van Pierre Ketel Richardzoon was de familieregeering der Ketels voor Diever afgesloten. Van 1595 tot 1737, dus gedurende bijna anderhalve eeuw, heeft deze familie hier het heft in handen gehad. Bijna al dien tijd bewoonden ze het huis aan den brink, dat thans nog hun wapen boven de voordeur draagt.
Omtrent latere bewoners is weinig bekend. De schultes en burgemeesters, die na de familie Ketel kwamen, hebben vermoedelijk geen van allen het schultehuis bewoond. Wel is het waarschijnlijk, dat er een bakker in gehuisvest geweest is, waarop bepaald metselwerk duidt. Ook heeft een der vroegere bewoners blijkbaar in connectie gestaan met een walvischvaarder. Op den zolder van het oude gebouw is namelijk zoolang de heugenis reikt, een graat van een walvisch geborgen geweest. Deze graat geeft een lengte van ruim 2 meter met een diameter van ± 10 centimeter en is nog volkomen gaaf. In het gerestaureerde huis zal deze bezienswaardigheid stellig de aandacht trekken.
Restauratie
Ongeveer twee jaar geleden staken eenige personen, van wie we speciaal wenschen te noemen burgemeester van Os van Diever en dr. van Giffen te Paterswolde, de hoofden bijeen om te trachten het schultehuis als historisch voorwerp te behouden. De zaak kwam vervolgens ter sprake bij de commissie van bestuur van het provinciaal museum van oudheden en geschiedkundige voorwerpen in Drente, de zogenaamde museumcommissie. Aangezien deze commissie geen rechtspersoonlijkheid bezit en dientengevolge het gebouw niet in eigendom kan verkrijgen, wendde men zich tot de stichting Oud-Drente. In deze stichting hebben zitting: voor de provincie Drente: mr. dr. R.H. baron de Vos van Steenwijk, commissaris der koningin in Drente, voorzitter, voor het provinciaal museum van oudheden enzovoort: mr. dr. J. Linthorst Homan, burgemeester van Vledder, vice voorzitter, voor de Drentse praehistorische vereniging: dr. A.E. van Giffen, directeur van het biologisch-archeologisch instituut der rijksuniversiteit te Groningen en notaris Tonckens te Assen, penningmeester.
De stichting is rechtspersoon en heeft volgens de acte van oprichting ten doel onder andere het aankoopen van uit architectonisch oogpunt belangrijke gebouwen.
De museumcommissie vond het bestuur der stichting bereid de zaak ter hand te nemen.
Eerste zorg was de aankoop van het gebouw. Dit toch verkeerde in zoodanigen staat van verwaarloozing, dat herstel dringend was. Van de eigenaresse werd het huis aangekocht voor f. 2000. Door het rijksbureau voor de monumentenzorg werden de kosten voor herstel geraamd op f. 3520. Het ministerie van onderwijs, kunsten en wetenschappen zegde een rijksbijdrage toe van f. 1408. De gemeenteraad van Diever, die ook het belang van een dergelijk gebouw voor de gemeente inzag, subsidieerde met f. 1000. De stichting Oud-Drente zelf bestemde f. 1500 uit haar kasmiddelen voor het schultehuis, terwijl van verschillende zijden kleine en grootere giften binnenkwamen of toegezegd werden. De financiële zijde was hiermee dus bijna afgewikkeld.
Met de restauratie werd onmiddellijk aangevangen. De architect Onnes van het rijksbureau voor de monumentenzorg had de plannen reeds uitgewerkt. Omdat het werk zich niet leende voor publieke aanbesteding werd met de plaatselijke timmerlieden Bennen, Nijzingh en Koning een overeenkomst aangegaan en aan dezen het bouwwerk opgedragen. Begonnen met de afbraak, bleek echter pas hoe bouwvallig het huis was. Een geheel nieuwe kap moest worden aangebracht en verschillende muurgedeelten opnieuw opgemetseld. Uitwendig is daarvan evenwel weinig te zien. De deskundige architectuur heeft daarvoor gezorgd. De uitwendige restauratie verkeert thans in een vergevorderd stadium, de inwendige moet nog plaats vinden.
Reeds herhaaldelijk hoorden we de vraag stellen: ‘Wat wil men nu met dat gebouw ?’ Het ligt in de bedoeling een of meer vertrekken tegen vergoeding beschikbaar te stellen voor het houden van vergaderingen en dergelijke. Een plaatselijke commissie zal met het dagelijksch beheer worden belast. Niet onmogelijk is, dat in het gebouw oudheidkundige voorwerpen uit deze omgeving afkomstig, welke thans in het museum te Assen zijn geborgen, worden geplaatst.
We eindigen met den wensch, dat het gerestaureerde schultehuis nog eens een veelbezocht gebouw mag worden, bezocht zoowel door vreemdelingen uit oudheidkundig oogpunt, als door de ingezetenen om er vergaderingen en dergelijke bij te wonen.
J. Boesjes.
Diever, October 1935.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
J. Boesjes is Jan Boesjes. Hij was secretaris van de gemiente Deever.
De aandacht van de redactie werd vooral getrokken door de eerste zin van de derde alinea van het verhaal van Jan Boesjes. Blijkbaar was die uiterst speculatieve veronderstelling geen belemmering om in de vijftiger jaren van de vorige eeuw de nieuwe straat over ut Bultie de naam Kloosterstraat te geven. Was Jan Boesjes een soort van spindoctor van burgemeester Jan Cornelis Meyboom met de zijnen ? Een soort van straatnamenfluisteraar ?
Tussen 1737 en 1935 liggen bijna twee eeuwen, zodat anno 1935 na tweehonderd jaar van onderhoud, verbouwingen, vernieuwingen, verval, wederopbouw, enzovoort geen sprake meer kon zijn van een gebouw dat ook maar in de verste verte leek op het gebouw waarin de schulte anno 1604 woonde. Zijn van het huis waarin de schultes woonden beschrijvingen, tekeningen, schetsen, etsen, schilderijen, notariële akten, documenten uit de periode 1595-1737 bewaard gebleven ? Zo nee, dan is het gebouw van na de ‘restauratie’ een nepgebouw. Het resultaat van koffiedik kijken, in een wazige glazen bol koekeloeren, op een ontstoken dikke duim zuigen, enzovoort.
De redactie is fervent verzamelaar van foto’s, studies, krantenberichten, tijdschriftartikelen, rapporten, dissertaties, boeken, tekeningen, posters, bestekken, enzovoort, met als onderwerp ut huus woar ooit de skulte woonde an de brink van Deever.
Dit berichtje is hier voor de dossiervorming en ter informatie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die met name is geïnteresseerd in de geschiedenis van ut huus woar ooit de skulte woonde an de brink van Deever. Wie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan dit belangwekkende dossier verder aanvullen ?
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

 

Posted in Skultehuus | Leave a comment

Emigrant Klaassen kwaamp mit de busse

In de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) verscheen op vrijdag 25 september 1953 het volgende korte bericht over het bezoek van emigrant Klaassen aan zijn familie an de Deeverbrogge.

Emigrant na 30 jaar terug
Ruim 30 jaar geleden vertrok een zoon van de heer Klaassen naar Amerika. De laatste jaren hoorde men niets meer van hem, zodat verondersteld werd, dat hij overleden was.
Zaterdag stapte hij echter gezond en wel uit de bus. Het praten in het Nederlands had hij geheel verleerd, maar dat werd al spoedig beter.
Hij moet vreemd hebben staan kijken. In Meppel: waar is de tram naar Dieverbrug ? Te Dieverbrug: waar is Hotel Benthem ? Er kan veel veranderen in dertig jaar tijds.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is op zoek naar gegevens van emigrant Klaassen. Hij is vermoedelijk een zoon van brandstoffenhandelaar Klaassen. Emigrant Klaassen vertrok omstreeks 1923. Hij zal toen in de twintig zijn geweest, dus zal hij omstreeks 1900 zijn geboren. Maar naar welk land emigreerde hij ?
Dat zijn wel heel weinig gegevens. Maar wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie toch helpen met het oplossen van deze puzzel ?
Op 15 februari 1933 reed de laatste tram van de Nederlandse Tramweg Maatschappij (N.T.M.) over het traject Meppel-Hijkersmilde (of reed de laatste tram van Hijkersmilde naar Meppel ?) langs de Drentse Hoofdvaart, waarna de tramlijn werd opgeheven en de rails al snel daarna werden verwijderd.
In de nacht van 30 op 31 maart 1932 brandde het hotel-restaurant-café-pension van Johan Blok -vroeger hotel-logement Sjoerd Benthem- helemaal af. Al aan het einde van 1932 werd het nieuwe hotel-restaurant-café-pension Blok in gebruik genomen.

Posted in An de Deeverbrogge, Emigrant | Leave a comment

Gesigt op ut dörp Deever van Jean François Obbes

Vrijdag 9 juli 2021 was een zeer heuglijke en gedenkwaardige dag, want op die dag reikte de heer Homme Geertsma, nog steeds voorzitter van het hoofdbestuur van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever, het eerste exemplaar van de in eigen beheer uitgegeven fotobijbel Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever uit aan zijn vroegere collega de heer doctorandus Hendrikus (Rikus) Jager, voorzitter van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Westenveld. De uitreiking vond plaats in scholengemeenschap Stad en Esch op de Westeresch van Deever.

De redactie van ut Deevers Archief beschouwt deze bijna 600 bladzijden tellende fotobijbel, let op, nota bene, mind you, toch echt wel als het magnum opus van een veteranenkern van vrijwilligers van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever.

Op bladzijde 4 van de genoemde fotobijbel staat de volgende verouderde clichétekst.
© 2021, Historische Vereniging Gemeente Diever. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotografie, microfilm of op welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Historische Vereniging Gemeente Diever.
Dat is een stevige juridische tekst van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Toch wel een tekst om bang van te worden.

In de fotobijbel Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever is op bladzijde 52 ter illustratie een tekening van Jean François Obbes opgenomen. Deze tekening heeft als titel Gezicht Op Het Dorp Diever. Achter het dichte gebladerte van geboomte is het bovenste deel van de gemeentelijke toren te zien. Echter de redactie kan in deze fotobijbel nergens, maar dan ook nergens, de naam van de rechthebbende van deze illustratie vinden.

De redactie toont bijzonder graag getekende en geschilderde objecten uut de gemiente Deever aan de zeer gewaardeerde trouwe bezoekers van ut Deevers Archief. Hoe meer afbeeldingen van tekeningen en schilderijen zijn opgenomen in ut Deevers Archief, hoe liever het de redactie is. De redactie zou daarom de bij hem onbekende tekening met de titel Gezicht Op Het Dorp Diever van Jean François Obbes in ut Deevers Archief willen tonen.

Nu kan de redactie natuurlijk bladzijde 52 van de fotobijbel rücksichtlos op de scanner leggen, deze bladzijde scannen en van de tekening Gezicht Op Het Dorp Diever een digitaal bestand maken en vervolgens tonen in ut Deevers Archief, maar dan zou de redactie, gelet op de hiervoor weergegeven verouderde copyright-tekst, last kunnen krijgen van het hoofdbestuur van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Die zou het wel eens totaal anders kunnen gaan doen. Daar heeft de redactie ervaring mee (with just another filthy memory) .

En om dat reële risico te vermijden doet de redactie hier de volgende oproep.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een digitaal bestand van de tekening Gezicht Op Het Dorp Diever van Jean François Obbes ? De redactie heeft zich op het internet al een slag in de rondte gezocht, maar helaas nog geen afbeelding van deze tekening kunnen vinden.

Posted in Kuunst, Tiekening | Leave a comment

Tante Aal en tante Greet bint in Broabaant estör’m

De redactie van ut Deevers Archief ontving van de heer Frank Halman een kleurenfoto van de grafsteen van zijn tante Greet en een kleurenfoto van de grafsteen van zijn tante Aal. Beide tantes zijn geboren op Zorgvlied in de gemiente Deever, maar buiten de gemiente Deever overleden. De redactie is de heer Frank Halman bijzonder erkentelijk voor zijn zoekwerk naar de twee hier afgebeelde kleurenfoto’s.

Tante Aal is Alida Elisabeth Halman.
Zij is geboren op 21 mei 1913 op Zorgvliet in de gemiente Deever. Zij is getrouwd op 23 september 1938 op 25-jarige leeftijd in Waalre met Thomas Joseph Maria Strijbos. Zij is overleden op 21 oktober 2003 in Veldhoven.
Tante Greet is Margaretha Bernardina Halman.
Zij is geboren op 9 juni 1918 op Zorgvliet in de gemiente Deever. Zij is overleden op 24 december 2008 op 90-jarige leeftijd in Waalre. Zij staat op een in 1925 gemaakte foto van leerlingen van de skoele op Woater’n.
De redactie verwijst voor de volledigheid voor meer gegevens over de familie Halman naar het bericht De fumilie Halman woonde op Woatern en Zorgvliet.
Het monogram IHS op de grafsteen van Alida Halman is de weergave van de eerste drie letters van Jezus in Griekse hoofdletters (ΙΗΣΟΥΣ): Iota, Eta en Sigma.

Posted in Alle Deeversen, Zorgvliet | Leave a comment

Moar hoe kwaamp de gemiente an die boerdereeje ?

In de Olde Möppeler (Meppeler Courant) verscheen op 17 december 1969 het volgende bericht over een mager plan van burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) met de zijnen om de bewoners van het dorp Deever een soort van tweedehands en tweederangs gemeenschapscentrum in een oude boerderij op ut Kastiel in de maag te splitsen. Met een beetje ontspoorde fantasie is dat gemeenschapscentrum van Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) met de zijnen een soort van Dingspilhuus 0.0 te noemen. De wakkere leden van de raad van de gemiente Deever trapten daar natuurlijk niet in. Die wilden de mogelijkheid van een volwaardig ontmoetingscentrum onderzoeken. De geschiedenis heeft geleerd dat dit uiteindelijk in 1974 heeft geleid tot Dingspilhuus 1.0.

Diever heeft behoefte aan gemeenschapscentrum
Commissie onderzoekt mogelijkheden
Diever – De gemeente Diever heeft geen passende bestemming kunnen vinden voor de oude boerderij aan het Kasteel, die nog maar sinds kort in haar bezit is. Het was de bedoeling om er een dienstencentrum te vestigen voor de bejaarden in het plan De Wijert. Het rijk verleent echter alleen een financiële bijdrage in de kosten wanneer tachtig bejaardenwoningen centraal liggen of er binnen een straal van 800 meter 450 bejaarden wonen, en dit blijkt voor de gemeente moeilijk te realiseren te zijn.
Het gemeentebestuur heeft ook onderzocht welke mogelijkheden er zijn om de boerderij te verbouwen tot gemeenschapscentrum, met een aula, vergaderruimte en eventueel een bibliotheek. Aan een dergelijk gebouw is in Diever grote behoefte. Uit een gesprek met een aantal besturen van plaatselijke verenigingen is echter wel komen vast te staan, dat dit plan financieel moeilijk te  verwezenlijken is.
Burgemeester en wethouders hebben om verder verval van de boerderij te voorkomen geen andere mogelijkheid gezien dan de hofstede van de hand te doen. Er was een gegadigde, de heer G. Krol, die er een pension wil vestigen.
Discussie
Het voorstel van het college vormde maandagmiddag tijdens de raadsvergadering de inzet voor een uitvoerige discussie, die op gang werd gebracht door mevrouw W. Zoer-Vos (PvdA) en haar fractiegenoot H. de Vries. Zij betreurden het dat aan de plannen een gemeenschapscentrum te stichten geen inhoud kon worden gegeven.
De boerderij ligt op een bijzonder gunstige plaats. Wanneer de gemeente de hofstede verkoopt moet maar worden afgewacht wanneer een dergelijke kans. Het raadslid P. Boelens (PvdA) had verwacht dat de raad wel met enige suggesties was gekomen. De heer K. Hessels (Protestants Christelijken) vroeg zich af of een pension kan worden gecombineerd met een gemeenschapscentrum. De pensionhouder zou bijvoorbeeld de boerderij beschikbaar kunnen stellen als vergaderruimte. Burgemeester J.C. Meyboom tenslotte: ‘Het is voor ons een bijzonder teleurstellende zaak geworden’. Het voorstel om de boerderij te verkopen (voor f. 24.500) aan de heer Krol haalde de eindstreep, met vier stemmen van de PvdA-fractie tegen.
Commissie
Dit besluit (voor f. 24.500) betekent niet dat Diever de gedachte aan een gemeenschapscentrum naast zich neer heeft gelegd. Er werd een commissie ingesteld, die zich over deze zaak zal beraden.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De grote vraag is natuurlijk hoe burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen aan die kapitale boerderij op ut Kastiel waren gekomen ?
Had de voormalige eigenaar (Frederik Offerein ?) die kapitale boerderij cadeau gegeven aan de gemeente Diever ? Vast en zeker niet.
Hadden burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen die kapitale boerderij op ut Kastiel zonder goedkeuring van de raad van de gemiente Deever gekocht ? Vast en zeker niet.
Dus burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen hebben de kapitale boerderij op ut Kastiel met goedkeuring van de raad van de gemiente Deever gekocht. Voor welk bedrag heeft het bestuur van de gemiente Deever deze kapitale boerderij gekocht ?
Dus het bestuur van de gemeente Deever heeft eerst een kapitale boerderij op ut Kastiel gekocht om daarna voor deze kapitale boerderij een bestemming te bedenken ? Dat is de omgekeerde wereld. Die werkwijze was gedoemd te mislukken. Eerst een doel met daarbij een programma van eisen bedenken en dan de logische vervolgstappen nemen. Burgemeester Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd ome Kees werd genoemd) en de zijnen maakten hier een bestuurlijke blunder van de eerste orde.
De heer Gerard Krol, die toen nog een pension aan het begin van de Bosweg bij het marktterrein in Deever uitbaatte, moet zich dagenlang een slag in de rondte hebben gelachen, toen hij als enige gegadigde die kapitale boerderij op ut Kastiel voor het luttele bedrag van f. 24.500 kon kopen van de gemiente Deever. Na een verbouwing opende hij in de kapitale boerderij het pension Lindehoeve. Zie de bijgevoegde afbeelding van een in februari 1974 uitgegeven vierluiks kleuren ansichtkaart, die tevens is voorzien van het wapen van de gemiente Deever.
De redactie heeft de kleurenfoto van de Lindehoeve gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

Posted in Ansigtkoate, Dingspilhuus, Gemiente Deever | Leave a comment

Ansichtkoate – Groet’n uut Deever

In de gemiente Deever zijn in de loop van de jaren zeker meer dan 200 ansichtkaarten uitgegeven met de titel ‘Groeten uit Diever (Dr.)’ of een daar op lijkende titel. Bijgaande ansichtkaart is daar een goed voorbeeld van.
Deze kaart is uitgegeven door het bedrijf Van der Meulen uit Sneek in Meulen’s Ultracolor 03856. Deze kaart is derhalve uitgegeven in de beginjaren van de ansichtkaart in kleur, zeg in de loop van de zestiger jaren van de vorige eeuw. De kaart was te koop in de boekhandel van Roelof van Goor an de Kruusstrroate in Deever.
Op een aantal foto’s is duidelijk het toen nog agrarische karakter van de gemiente Deever te zien.
Paarden in plaats van tractoren.
Roggemiet’n in plaats van combines. Wie weet wie bezig zijn met het an de miete zett’n van de rogge ? Op welke nes is deze foto gemaakt ? ‘
Ut huusie van Albert Keizer (geboren op 14 augustus 1883, overleden op 30 december 1979) en Jantje Warring (geboren op 12 december 1888, overleden op 30 november 1972) an de Kruusstroate stiet nog op zien stee.
In ut boerdereegie op ’t Kastiel woonde toen nog Jan Klok. Was ut boerdereegie toen nog eigendom van professor Albert Egges van Giffen ?
De foto in het midden van de bovenste drie foto’s is een foto die vanaf de Noorderesch is gemaakt.
De redactie van ut Deevers Archief verneemt van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief graag verbeteringen en aanvullingen op dit bericht.

Abracadabra-452

Posted in Ansigtkoate, Boer'nlee'm, Kruusstroate, Meule van Oll’ndeever, Noorderesch, ut Kastiel | Leave a comment

Ut woap’m van Deever hangt an ut tolhuussie

Het direct na de Tweede Wereldoorlog bij elkaar gefantaseerde en nota bene op 3 september 1946 door de Hoge Raad van Adel goedgekeurde wapen van de gemiente Deever is her en der binnen de grenzen van de gemiente Deever terug te vinden op bewaard gebleven ‘grensstenen’.
Zo hangt een kennelijk goed onderhouden exemplaar, uiteraard zonder sokkel, die voor het ontstaan van de gemeente Westenveld op 1 januari 1998 ergens op een sokkel op de gemeentegrens langs een weg stond, aan een muur van ut vroggere tolhuussie an de Bosweg 2 in Deever. Zie de afbeeldingen 1, 2 en 3. Door het ronde raampje in de zijgevel kon de (vrouw van de) tolgaarder het aankomende verkeer op de Bosweg uit de richting van Woater’n in de gaten houden.
Gegevens over ut woap’m van de gemiente Deever zijn onder meer te vinden in het Nederlandse deel van de webstee van Heraldry of the World (Internationale Overheidsheraldiek). De in die webstee opgenomen verklaring bij ut woap’m van Deever bevat helaas enige geschiedkundige onjuistheden. De geïnteresseerde bezoeker van ut Deevers Archief vindt na het aanklikken van het onderwerp Woap’m van Deever veel meer gegevens over ut woap’m van Deever.

De redactie van ut Deevers Archief heeft de drie kleurenfoto’s gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

Op afbeelding 3 is het niet helemaal goed te zien, maar aan de linkerkant van het fietspad staat gelukkig nog steeds het enige eerste en echte Bert Haanstra-bankje. De Hoge en Lage Dametjes En Heertjes Van de Voorkant Van Het Ontzagwekkende En Onweerspreekbare Gelijk Van De Inrichting Van De Openbare Ruimte In De Gemiente Deever hebben als ‘wij bepalen wel wat goed voor u is’ sleutelaartjes alvast het tweede en onechte Bert Haanstra-bankje op de kaarkhof (ook wel kaarketuun genoemd) naast de brink van Deever geplaatst. Dit rare onduurzame niet-fair-trade stuk metaal moet daar zo snel mogelijk worden weggesloopt.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Posted in Bosweg, Fanfare, Gemiente Deever, Woap'm van Deever | Leave a comment

Ut kantoor van de Rabo besteet neet mièr

Moet jij voor jouw geldzaken binnenkort naar het kantoor van de Rabo an de Peperstroate in Deever ? Doe dat niet, let even op, want reeds per 1 juli 2021 is deze vestiging voor eeuwig en altijd opgeheven.
De bank heeft daarvoor als verklaring dat klanten steeds minder naar dit kantoor kwamen. Klanten, ook de digibete ouden van dagen, regelen hun geldzaken steeds meer via het internet, worden steeds meer gedwongen hun geldzaken via het internet te regelen. En dat is door de corona-pandemie in een versnelling geraakt. De loop was uit het kantoor an de Peperstroate. De medewerkers zaten een groot deel van de werkdag duimen te draaien, nagels te vijlen en te lakken en uit het raam te staren. Dus moest het kantoor van de Rabo (Ruimt Alle Bankmedewerkers Op ?) an de Peperstroate in Deever sneuvelen.
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande twee kleurenfoto’s van het ontruimde pand van de Rabo an de Peperstroate in Deever gemaakt op vrijdag 19 november 2021.
In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven papieren Magnum Opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is op de bladzijden 467, 468, 469 en 470, voorzien van fraaie illustraties, zeer terecht aandacht besteed aan de Boerenleenbank, de Raiffeisenbank en de Rabobank. Driewerf hulde daarvoor: hulde, hulde, hulde. Het papieren Magnum Opus verscheen te kort na de sluiting van het pand an de Peperstroate. Toen was het voorbereidende werk voor het papieren boekwerk al gedaan. Toen kon in het dikke papieren boekwerk de sluiting van het pand an de Peperstroate begrijpelijkerwijs niet meer worden gemeld.
Maar gelukkig kan de redactie van ut Deevers Archief dit onheuglijke feit wel flexibel en online en op elk moment en waar ook ter wereld melden. Dit onheuglijke feit is nu al een niet onbelangrijk fragmentje uit het recente verleden van de gemiente Deever geworden.

Posted in Boer’nlienbaank, Peperstroate | Leave a comment

De muurskildering in Villa Nova hef last van vocht

De redactie van ut Deevers Archief drinkt zeker één keer per jaar, maar liefst vaker, een kopje koffie in hotel-restaurant Villa Nova an de Dorpsstroate op Zorgvlied. De redactie was zich al die keren niet bewust van het feit dat het café-restaurant een sousterrein heeft en dat op een van de muren van het sousterrein een schildering is aangebracht.
Het sousterrein in hotel-restaurant Villa Nova an de Dorpsstroate op Zorgvlied bevindt zich -zoals de naam zegt- beneden het omliggende terreinniveau. In het sousterrein worden vergaderingen, bijeenkomsten, enzovoort gehouden. De schildering bestaat uit Zorgvliedse dorpsbeelden. Zie de drie bijgevoegde kleurenfoto’s. De redactie van ut Deevers Archief heeft deze drie kleurenfoto’s gemaakt op vrijdag 19 november 2021. De redactie heeft de kleurenfoto van de voorgevel van hotel-restaurant Villa Nova eveneens gemaakt op vrijdag 19 november 2021.
Het is de redactie in de gauwigheid van het bezoek niet duidelijk geworden of de muurschildering in het sousterrein een fresco is, dat wil zeggen of de schilder de verf direct op natte kalk heeft aangebracht. Wie van de zeer geachte bezoekers van ut Deevers Archief kan daar duidelijkheid over verschaffen ?
Wat wel duidelijk is dat vanwege de corona-pandemie het sousterrein niet of nauwelijks is gebruikt, waardoor de ruimte ook niet of nauwelijks verwarmd is geweest. Als gevolg daarvan is door de muur trekkend vocht niet voldoende meer verdampt en is daardoor de fraaie muurschildering helaas flink beschadigd. Dit is goed te zien op afbeelding 3.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Afbeelding 4

Posted in Corona-pandemie, Kuunst, Skildereeje, Villa Nova | Leave a comment

De ièste stien an de gevel van villa Villa Nova

Idse Johannes Verwer, de op 27 augustus 1874 geboren zoon van Lodewijk Guillaume Verwer en Johanna Cornelia Ludovika van Wensen, was op 23 juni 1888 de legger van de eerste steen van het nieuwe woonhuis met de toepasselijke latijnse naam Villa Nova op Zorgvliet. Die gevelsteen in de zijmuur van villa Villa Nova is toch ech wè een fraai fragmentje uit het verleden van de gemiente Deever. In Villa Nova is tegenwoordig hotel-restaurant Villa Nova gevestigd. Meer gegevens en enige mooie foto’s zijn te vinden in de webstee villa-nova.nl van het bedrijf.

Gegevens over Idse Johannes, Lodewijk Guillaume en Julius Verwer zijn te vinden op bladzijden 85 en verder van het boek Erf en wereld van J.P. Wiersma dat te vinden is in de webstee zuivelhistorienederland.nl.

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto op 27 juli 2012 om 10 uur en 36 minuten gemaakt.

In het Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever zijn op bladzijde 4 de volgende twee holle nepfrasen over de rechten van illustraties opgenomen: De Historische Vereniging Gemeente Diever streeft ernaar de rechten van illustraties volgens wettelijke bepalingen te regelen. Iemand die zich desondanks te kort gedaan voelt, kan dit melden via het secretariaat van de vereniging.

De redactie heeft na nauwkeurige vergelijking van bijgaande kleurenfoto met de bijgesneden zwart-wit afbeelding op bladzijde 204 van het Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever de conclusie getrokken dat de samenstellers (wie van de samenstellers zonder zonde is legge de eerste steen) van het Magnum Opus bijgaande kleurenfoto van de webstee Ut Deevers Archief (www.dieversarchief.nl) hebben gekopieerd zonder de rechten op deze kleurenfoto te respecteren, zonder afspraken met de maker van deze kleurenfoto gemaakt te hebben.
De grote vraag is natuurlijk of de redactie zich door de verantwoordelijke samensteller te kort gedaan voelt. Integendeel ! De redactie voelt zich te lang gedaan ! Dit is ech wè heel erg veel eer ! De redactie kan nu trots aan iedereen die het maar weten wil, vertellen dat een door hem gemaakte kleurenfoto, mind you, nota bene, let op, om niet en zonder bronvermelding in het Magnum Opus is opgenomen ! Wat een eer ! Wat kan de redactie nu een sappige annekkedote over die twee holle nepfrasen vertellen ! Weer zo’n merkwaardig ervarinkje met het hoofdbestuur van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. With just another filthy memory.


Posted in Lodewijk Guillaume Verwer, Toevallige waarneming, Villa Nova, Zorgvliet | Leave a comment

Un neeje reet’n doake op un olde boerdereeje

De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande kleurenfoto (afbeelding 1) gemaakt op vrijdag 19 november 2021. Op de boerdereeje mit siedbaander met adres Kastanjelaan 20 in Oll’ndeever is aan deze kant -de zuidwestkant- van de woonboerderij een nieuw rieten dak aangebracht.
Rieten daken hebben niet het eeuwige leven. Op afbeelding 2 is de slechte staat van de reet’n doake niet goed te zien, maar wel dat het oude dak met mos is begroeid geraakt. De bron van afbeelding 2 is https://google.com/maps. Afbeelding 2 is gemaakt in augustus 2021. Dan hebben de rietdekkers in de haarfst van 2021 wel heel snel vakwerk geleverd. Is het dak gedekt mit Geeters reet of is het bedekt met riet dat geïmporteerd is uit een ver oosters land ?
De redactie heeft bijgaande kleurenfoto (afbeelding 3) gemaakt op donderdag 4 oktober 2017. Op deze kleurenfoto is wel duidelijk de slechte staat van het rieten dak te zien.
Vergelijk van afbeelding 3 met afbeelding 1 leert dat an de siebaander en aan de zijgevel tussen 4 oktober 2017 en 19 november 2021 is gesleuteld. Dat zal in augustus 2021 zijn geweest. Zie afbeelding 2, waarop de zijgevel met groen zeil is afgedekt, dus vòòr dat de neeje reet’n doake werd aangebracht.
Deze drie afbeeldingen zullen over een aantal jaren toch wel mooie fragmenten uit de geschiedenis van Oll’ndeever zijn geworden.

De gevel van deze boerderij is ten zeerste te bewonderen op de voorkant van de zeer druk belopen toeristische wandelroute Kuierrondtie deur Oldendiever. Wie wil er nou niet een wandeling door het enige echte Olde Deever maken !? Deze afbeelding staat ook in het hoofdstuk Oldendiever op bladzijde 360 van het Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. In het genoemde hoofdstuk Oldendiever is om voor de redactie onduidelijke redenen geen aandacht besteed aan deze oude geschiedkundig interessante woonboerderij met adres Kastanjelaan 20.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3

Posted in Boerdereeje, Oll'ndeever | Leave a comment

Stroom op de skrikdroad’n teeg’n dass’n

Blijkbaar hebben enige bewoners an de Dorpsstroate op Zorgvlied in de gaten gekregen dat in hun buurt oprukkende dassen actief zijn geworden. Misschien willen die oprukkende dassen wel een burcht in hun voortuintje graven en op sappige wormen jagen in de grond van hun achtertuintje. Je moet er niet aan denken dat die oprukkende dassen met succes een burcht op je eigen terrein bouwen, want een dassenburcht is wettelijk beschermd. Daar moet je volgens de wet met je fikken van afblijven. En flink gravende oprukkende dassen worden in de bebouwde omgeving al snel als hinderlijk en schadelijk ervaren. En om hinder en schade te voorkomen hebben de bewoners zo te zien schrikdraad om hun kostbare bezit getrokken. En bee de dam staat een bordje met de tekst ‘Vanwege dassen van 20.30 uur tot 7.30 uur stroom op schrikdraad’. Maar oprukkende dassen kunnen deze barrière ook om 20.28 uur of 7.32 uur in het donker passeren. Maar oprukkende dassen kunnen ook gewoon de dam oplopen en via de aan de rechterkant zichtbare spoorbielzen de tuin inwandelen en direct beginnen met graven.
En helpen die onder stroom staande schrikdraden ook tegen de in de gemiente Deever oprukkende wolf ?
De redactie van ut Deevers Archief heeft bijgaande twee kleurenfoto’s in het voorbijgaan gemaakt op 19 november 2021.

Posted in Toevallige waarneming, Zorgvliet | Leave a comment

De keun könn’n so moar deur de gliev’m hen binn’n

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds een verstokte liefhebber van afbeeldingen van mooie zwart-wit foto’s op papier is, kan de hier afgebeelde foto waarop het Schultehuis van vóór de restauratie is te zien, ook ten zeerste bewonderen als afbeelding nummer 35 in het in 1999 verschenen fotoboekje ‘Diever, ie bint ’t wel …’. Maar ja, dan moet je wel in het bezit zijn van dat papieren boekwerkje of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien. In dit bericht is eveneens de tekst bij afbeelding nummer 35 opgenomen.

35 – Diever – Schultehuis – 1918
Het oude gebouw werd in 1918 in zijn geheel bewoond door het echtpaar Jan Krol en Romkje van der Burg en hun kinderen Saakje, Geesje, Koendert, Jan en Tjibbe. Voor het huis zitten de breiende Saakje en haar zuster Geesje. Achter hen is nog net naast het linker gordijn een glimp van hun moeder Romkje te zien.
Door verbouwingen in de achttiende eeuw kreeg de voorgevel het aanzien, zoals dat gedeeltelijk op deze foto is te zien.
In 1933 achtte het Rijksbureau voor de Monumentenzorg het gebouw absoluut onbewoonbaar, vanwege de gevaarlijke toestand van het dak en de zeer vervallen staat van een groot gedeelte van het metselwerk. Het achterhuis was zelfs zo zwaar vervallen dat Koendert Krol zich nog herinnerde dat de keun so maor deur de gliev’m hen binn’n könn’n.
De Stichting Oud Drenthe heeft de bouwval van de ondergang gered. In 1934 kocht zij het unieke gebouw voor 2000 gulden van Marria Hillagonda Mulder. Met een eerste rijkssubsidie en een bijdrage van de gemeente Diever werd op 12 juli 1935 onder leiding van het Rijksbureau voor de Monumentenzorg begonnen aan de restauratie, die om diverse redenen tot in 1941 zou duren.
Het belendende huis aan de zuidzijde werd tegen het einde van 1935 afgebroken. Het Rijksbureau voor de Monumentenzorg meende toen uit een dichtgemetseld kruiskozijn in de vrijgekomen gevel van het  de oorspronkelijke grootte en vorm van de kozijnen in de voorgevel af te kunnen leiden.
In het najaar van 1936 werd met de restauratie van de voorgevel begonnen. Daarbij werden de ramen, waarvan er drie op de foto zijn te zien, en de ingang vervangen, bleef de wapensteen boven de ingang behouden, maar moest het fraaie bovenlicht met de Davidster om onduidelijke redenen verdwijnen.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De hier afgebeelde zwart-wit foto is gemaakt door fotograaf C. Steenbergh voor de Rijksdienst voor de Monumentenzorg.
De redactie van ut Deevers Archief heeft de kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021.
Vergelijking van de zwart-wit foto met de kleurenfoto leert dat de op de kleurenfoto zichtbare muurankers met de cijfers 1, 6, 0 en 4 boven de ramen niet op de in 1935 gemaakt zwart-wit foto staan. Die muurankers op de kleurenfoto zijn neppers. Die zijn daar tijdens de restauratie ter opleuking van het gefröbel met dit gebouw geplaatst. Alsof het jaartal 1604 boven de deur al niet voldoende aanwijzing was voor een mogelijke eventuele wellichtelijke ouderdom van de allereerste versie van het gebouwtje. De
 redactie is wel benieuwd of één van die echte boerensmeden in de gemiente Deever die vier nieuwe muurankers mocht maken.
De redactie is ook wel benieuwd of de allereerste versie van het gebouwtje was gemaakt van hout of van regionale baksteen, bijvoorbeeld uit een veldoven op Groot Woater’n of uit een veldoven an de Stroom.
De Nederlandse vertaling van de Deeverse titel van dit bericht ‘de keun könn’n so maor deur de gliev’m hen binn’n’ is als volgt: ‘de biggen konden zo maar door de scheuren naar binnen.’ Daarmee gaf Koendert Krol op rake wijze de staat van verval van het Schultehuis weer.  Let wel, mind you, nota bene, het bankje op de kleurenfoto is helaas niet het bankje dat net niet op de zwart-wit foto is te zien.

Posted in Brink, Diever, ie bint 't wel ..., Rieksmonement, Skultehuus, Topstuk | Leave a comment

Ut algemien protestants kristelukke pepermuntie

In de Gereformeerd Kerkblad van 9 december 1995 neemt in de rubriek ‘Kris kras uit eigen archief’ de vroegere domeneer Onno Doorn van de gereformeerde gemeente uut Deever een artikeltje uit het Gereformeerd Kerkblad van 30 april 1966 van domeneer Goldschmeding uit Dussen over. Dit artikeltje luidt als volgt.

Het algemeen protestants christelijk pepermuntje
Een domme vraag. Onlangs vroeg iemand hoe het toch kwam, dat de eerste woorden van een preek de gemeente vaak zo in opschudding kunnen brengen.
Nauwelijks heeft de dominee een paar woorden gezegd, of je merkt hoe er een hele deining ontstaat onder het kerkvolk. Hij vroeg zich af, hoe het kwam, dat die eerste woorden zo ingeslagen waren.
U merkt wel: dit kan nooit een geoefend kerkganger zijn geweest, anders had hij het antwoord wel geweten. De gemeente was namelijk niet diep getroffen door ’s predikanten woorden. De man was nog maar pas begonnen. Het was iets anders. Zodra de dominee begonnen is, breekt voor de gemeente een bijna geheiligd ogenblik aan. Dan gaan de tassen open, opa graait in zijn broekzak … er ritselt papier; de gemeente eet.
Ik waag het niet, aan deze traditie te tornen. Die is misschien nog ouder dan de beste liturgische gebruiken. Je kunt het een christenmens ook niet aandoen hem een half uur naar een preek te laten luisteren zonder een kleine hartversterking. Dat zou bijna onmenselijk zijn.
Zelf heb ik hiervoor altijd zoveel mogelijk pastoraal begrip gehad. Voordat ik begin, wacht ik vaak even om de mensen de gelegenheid te geven hun hartversterking tot zich te nemen. Maar vreemd, zolang ik wacht maakt niemand van de gelegenheid gebruikt. Soms denk je: toe dan, pak die pepermunt dan ! Maar nee hoor, niemand. Pas als je met de preek begint, is het of het startsein gegeven is. Dan begint de smulpartij. Dat is niet typisch Dussens, o nee zo gaat het overal.
Ik dacht zo: als u uw pepermuntje, uw dropje, uw gombal, nu eens nam in die kleine pauze voor de preek . Dan kunnen we er allemaal van het begin af rustig met onze gedachten bij zijn. Gebruik de tijd, die u gegund wordt, goed.
Of dit stukje zal helpen ? Ik zou er blij om zijn. Maar ik weet: tradities zijn hecht, vooral die van het algemeen protestants christelijk pepermuntje. Maar wie weet, wie weet …… misschien zal het begin van onze preken minder deining veroorzaken ?

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het kan natuurlijk ook zo zijn dat het kaarkvolk nogal sünig was en pas op zijn algemeen protestants christelijke pepermuntje wilde gaan zuigen, zodra oense domeneer echt begonnen was met zijn preek.
Het kan natuurlijk ook zo zijn dat het kaarkvolk oense domeneer tijdens zijn preek in zijn geheel niet wilde storen met gehoest, geproest, genies, gekuch, gekeelschraap, gesnuif, gekwalster en gerochel en daarom respectvol en sünig tot het einde van de preek op een pepermuntje zoog, wat die domeneer Goldschmeding toch echt wel in zijn stukje had mogen noemen.

Het natuurzuivere King pepermuntje was een populair want hard pepermuntje, waar de sünige kerkganger lang op kon zuigen, zeker wel een preek lang. Ech wè.

Op de zwart-wit foto uit 1936 is vooral vrouwelijk kaarkvolk in de Gereformeerd Kerk an de Kruusstroate te zien tijdens de dienst ter gelegenheid van het feit dat op 31 oktober 1936 het 100 jaar geleden was dat in Deever de gereformeerde kerk werd gesticht. Moesten of wilden de vrouwen – veelal (voor de gelegenheid ?) met oorijzer (waar zijn toch al die oorijzers gebleven ?) – zo veel mogelijk bij elkaar zitten ?
Bezoekers van het Deevers Archief worden vriendelijke verzocht namen van personen op deze foto aan de redactie door te geven. Alvast daarvoor hartelijk dank.
De zwart-foto van het kaarkvolk  – een topstuk – is afkomstig uit de fotoverzameling van Margreeth Dijkstra, dochter van domeneer Harmen Ages Dijkstra en Aaltje Kok. Op de zwart-wit foto van het kaarkvolk is rechts onder de geridderde emeritus domeneer Harmen Ages Dijkstra te zien.

Op de afbeelding van de zwart-wit ansichtkaart uit 1965 is het oude kerkgebouw van de gereformeerde gemeente an de Kruusstroate te zien. Vlak achter de kruidenierswinkel van Jan Breimer is een auto te zien. Blijkbaar mocht de Peperstroate toen nog in twee richtingen worden bereden.


Posted in Alle Deeversen, Ansigtkoate, Griffemiède kaarke, Kruusstroate, Topstuk | Leave a comment

Braand in café-hotel Blok an de Deeverbrogge

In het Nieuwblad van het Noorden verscheen op 31 maart 1932 het navolgende bericht over de brand in het café-hotel van Johan Blok an de Deeverbrogge in de nacht van 30 op 31 maart 1932.

Hotel Blok te Dieverbrug afgebrand – De schade geschat op f. 8000.
Het bekende café Blok te Dieverbrug, gelegen aan de Rijksstraatweg Assen – Meppel en den straatweg Diever – Dwingelo is hedennacht geheel afgebrand. De bewoners moesten in nachtgewaad het perceel verlaten. Van de inboedel is niets gered. Alleen een luxe- en een vrachtauto werden aan de vlammen onttrokken. Ook de inventaris van het in hetzelfde gebouw ondergebrachte tramstation ging verloren.
De oorzaak is onbekend. Verzekering dekt de schade. De brandweer van Diever en die van Dwingelo waren aanwezig.
Nader vernemen wij nog:
Op het ogenblik dat de brand uitbrak kwam de eigenaar van het hotel, de heer Blok, juist thuis. Hij snelde het brandende gebouw in en slaagde er in zijn vrouw en drie kinderen te redden. Bij zijn verdere pogingen om nog enkele voorwerpen in veiligheid te brengen, werd Blok door den rook bedwelmd en raakte hij bewusteloos. Men wist hem echter spoedig uit het huis te halen, waarna hij weer bij kennis kwam. Gasten bevonden zich niet in het hotel.
De brandweren uit Diever en Dwingelo waren spoedig ter plaatse, doch konden weinig tegen de vuurzee uitrichten.
Het gebouw dateerde uit de 18e eeuw en werd in den ouden tijd als posthuis gebruikt.
In het hotel was tevens gevestigd het plaatselijk kantoor van de Nederlandsche Tramweg Maatschappij dat verwoest is.
Ook enig geld is verloren.
Het blusschen was om 5 uur hedenmorgen afgeloopen.
De schade bedraagt ongeveer f. 8000 en wordt door verzekering gedekt.

Posted in An de Deeverbrogge, Hotel Blok | Leave a comment

Un flesse cojac esteul’nuut café Trompetter

In het Nieuwsblad van het Noorden van 1 juli 1930 verscheen het volgende bericht over het stelen van een flesch cognac uit café Trompetter op de hoek van de Hoofdstraat en de Kruisstraat in Diever.

Terwijl een tweetal Utrechtsche werkloozen – te werk gesteld bij de normalisatie van de Oude Vaart en gehuisvest in de barakken te Wittelterbrug – gisteren hun vrije dag hadden, belandden ze in het café van den heer A. Trompetter alhier. Na het gebruiken van eenige consumptie, vertrokken zij. De dochter van Trompetter, die bediende, had, toen de mannen nog aanwezig waren, even het café verlaten en in dien tijd had één van hen kans gezien een flesch cognac te stelen. Direct na het vertrek van de mannen werd de daad ontdekt. Een achtervolging begon en de mannen waren spoedig ingehaald. Een hunner bleek de flesch in den binnenzak te hebben. De man bekende de daad te hebben gepleegd. Door Trompetter is aangifte bij de politie gedaan, die procesverbaal opmaakte. Naar we vernemen hebben reeds vaker dergelijke diefstalletjes plaats gehad, zoodat de diverse caféhouders op hun qui vive zijn.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
A. Trompetter is natuurlijk Arend (Oarend) Trompetter. 
Een flesch cognac (skink mee’j moar ‘n cojakkie in) is natuurlijk geen fles echte Franse cognac, maar een fles echte Schiedamse vieux (namaakcognac).
Het bericht leert dat aan het begin van de dertiger jaren van de vorige eeuw een barakkenkamp voor te werk gestelde werklozen an de Wittelterbrogge stond. Het kamp stond op de plaats waar nu camping Wittelterbrug is gevestigd. De afbeelding toont een afbeelding van het kampgebouw van camping Wittelterbrug uit het jaar 1976.

Posted in Ansigtkoate, Café Trompetter, Deever, Kruusstroate, Wittelte | Leave a comment

Ome Kees is op 11 febewoari 1982 estör’m

In het NRC Handelsblad van zaterdag 13 februari 1982 verscheen bijgaand bericht van overlijden van Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd met ontzag en eerbied ome Kees werd genoemd), oud-burgemeester van de gemiente Deever.

Heden overleed toch nog onverwacht mijn lieve man, onze vader, schoonvader en grootvader
Jan Cornelis Meyboom
oud-burgemeester van Diever (Dr.), op de leeftijd van 71 jaar.
Bilthoven:
N. Meyboom-Veltman.
Northampton (Engeland):
P.E. Townsend-Meyboom
R.J. Townsend
Walter
Dedemsvaart:
W.A. Meyboom
H.J. Meyboom-Klok
Kees, Elke, Kars en Rozemarijn.
Groesbeek:
H.A. Meyboom
Chr. Meyboom-de Bruin
Jan-Kees en Kolja.
Borkel en Schaft:
J.A. Meyboom
C.J.P. Meyboom-van der Schalk
Wilfred en Daniëlle.
Lelystad:
P. Meyboom
B. Meyboom-Donker.
3723 BM Bilthoven, 11 februari 1982.
Rubenslaan 1, flat 278.
Ingevolge de wens van de overledene geen bloemen.
De crematieplechtigheid zal plaatshebben op dinsdag 16 februari om 13.00 uur in aula 1 van het crematorium Daelwijck, Floridadreef te Utrecht-Noord (Overvecht).
Na de plechtigheid gelegenheid tot condoleren in de ontvangkamer van het crematorium.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Jan Cornelis Meiboom (die in de Deeverse volksmond altijd met ontzag en met eerbied ome Kees werd genoemd) was van 17 november 1939 tot 14 april 1944 en daarna van 20 april 1945 tot 1 mei 1975 burgemeester van de gemiente Deever. Hij was dus in de Tweede Wereldoorlog in de periode 14 april 1944 tot 20 april 1945 geen burgemeester van de gemiente Deever.
De nette rouwadvertentie van het college van burgemeester en wethouders van de gemiente Deever (afbeelding 2) stond eerder in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) dan het overlijdensbericht van de Meiboompjes in NRC Handelsblad (afbeelding 1).
Ook de naamloze vennootschap met de naam 
Intercommunaal Gasbedrijf Meppel en Omstreken (I.G.M.O.) (afbeelding 3) en de Shakespeare-vereniging (afbeelding 4) plaatsten een net bericht van medeleven in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante)
De redactie heeft in enige Olde Möppelers (Möppeler Kraant’n) van kort na 11 februari 1982 naarstig gezocht naar een door de Meiboompjes geplaatst bericht van overlijden van ome Kees, maar heeft deze niet kunnen vinden. De Meiboompjes
hadden het blijkbaar niet nodig gevonden via deze in de gemiente Deever stukgelezen regionale krant de Deeverse bevolking kond te doen van het verscheiden van zijn vroegere burgemeester Jan Cornelis Meiboom. En dat terwijl ome Kees ongeveer 34 jaar lang zijn brood met beleg verdiende in de gemiente Deever, daar samen met tante Nel Meiboompjes kreeg en waar zijn Meiboompjes opgroeiden. De vraag is of een bericht van zijn overlijden in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante) enige beroering in de Deeverse gemeenschap teweeg zou hebben gebracht.

Afbeelding 1
Bericht in NRC Handelsblad van 13 februari 1982.

Afbeelding 2
Bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 12 februari 1982.

Afbeelding 3
Bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 februari 1982.

Afbeelding 4
Bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 15 februari 1982.

Posted in Gemiente Deever, Jan Cornelis Meiboom, Overlijdensbericht | Leave a comment

Un hiele mooie echte fotokoate van Wapse

Soldaat G. van der Meer van het het tweede bataljon van de vierde compagnie, gelegerd in het eerste soldatenkamp op de Oeren tussen Kalter’n en Soerte, stuurde op 30 juli 1905 de hier afgebeelde wel heel fraaie echte fotokaart naar zijn meisje Doetje L. de Jong, per adres weduwe L.W. de Jong te Oenkerk in Friesland.
Van het eerste soldatenkamp en de soldaten in het eerste kamp waren in 1905 in Deever en in Wapse waarschijnlijk nog geen ansichtkaarten te koop. Dat was een mooie bijkomstigheid, daardoor verstuurden de soldaten veel ansichtkaarten met Wapser dorpsbeelden. Het zou best eens zo kunnen zijn dat in 1906 de uitgevers van ansichtkaarten van het soldatenkamp gewoon foto’s hebben gebruikt die in 1905 zijn gemaakt.
De redactie verwijst voor meer gegevens over het hier afgebeelde dorpsgezicht naar het bericht Bee de smedereeje van Roef Santing in Wapse.

Posted in Ansigtkoate, de Kaamp op de Oeren, Wapse | Leave a comment

Oense Leeve Vrouwe steet in de Mariakapelle

Het kerkgebouw an de brink van Deever was vóór 1598 het kerkgebouw van de rooms-katholieke geloofsgemeente. De kerk was gewijd aan Sint Pancras en had acht altaren. Het kerkgebouw an de brink van Deever wordt tegenwoordig erg vaak en erg te onpas Sint Pancratius-kerk of Pancratius-kerk genoemd. What the hell is going on.
Het voornaamste altaar was het altaar voor Sint Pancras. De andere zeven altaren waren voor het Heilig Kruis, Sint Stephanus, het Heilig Sacrament, Onze Lieve Vrouwe, Sint Maarten, Sint Antonie en Sint Anna.
Het altaar voor Onze Lieve Vrouwe bevond zich vrijwel zeker in een kapel aan de oostkant van de zuidbeuk. Deze zogenoemde Mariakapel is na de grote restauratie in de vijftiger jaren van de vorige eeuw ingericht als huwelijkskapel.
Zie ook het bericht Elk joar un vette kiepe uut elk huus in Vledder.

De hier getoonde sfeervolle kleurenfoto is gemaakt door amateurfotograaf Ben Berwers. De redactie weet nog niet wanneer deze foto is gemaakt en ten tijde van welk cultureel evenement. Wie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan daar duidelijkheid over verschaffen ? De foto is op 10 juni 2019 opgenomen in de webstee https://unsplash.com en mag onder de voorwaarden van de unsplash license vrij worden gebruikt. Op de kleurenfoto is in de huwelijkskapel een beeld van Onze Lieve Vrouwe Maria te zien. De plaatser van het Mariabeeld tracht bij de bezoeker de suggestie te wekken in de vroegere Mariakapel te zijn. Voor Ben Berwers was het zien van het beeld van Maria in de vroegere Mariakapel een plezierige verrassing. Het nodigde hem uit tot een moment van stil stilstaan.

De hier getoonde zwart-wit ansichtkaart van het interieur van het kerkgebouw aan de brink, waarop de huwelijkskapel is te zien, is in mei 1963 uitgegeven door JosPé in Arnhem. De kaart was te koop bij drogist en huisschilder Hendrik Mulder (die in de Deeverse volksmond altijd Henduk Moesie of Moesie Peep werd genoemd) an de Heufdstroate in Deever. Hendrik Mulder (die in de Deeverse volksmond altijd Henduk Moesie of Moesie Peep werd genoemd) was de uitbater van drogisterij De Gaper. Volgens alleskunner Klaas Kleine uut de Peperstroate in Deever, die de achterbuurman was van Hendrik Mulder, had Hendrik Mulder ook de bijnaam Moesie Mulder. Die bijnaam komt de redactie van ut Deevers Archief even niet bekend voor. Dat in de vijftiger en zestiger en zeventiger jaren van de vorige eeuw de vele Mulders in Deever allemaal een bijnaam hadden, dat was gewoon, twee bijnamen was al een uitzondering, maar drie bijnamen….

Posted in Ansigtkoate, Kaarke an de brink, Kattelieke Kaarke | Leave a comment

Ut olde plisiebro an de Tussendorpstroate in Deever

De hier afgebeelde zwart-wit ansichtkaart was in 1954 te koop in het warenhuis van Jan Brugging (Jan Wiba) en Griet Oost an de Heufdstroate in Deever. Weer zo’n mooi fragmentje uit het verleden van de gemiente Deever. De redactie weet nog niet wie de uitgever van deze kaart was.
Op de afbeelding is rechts op de voorgrond het in 1950 in gebruik genomen politiebureau met twee dienstwoningen te zien. In het politiebureau was ook een gevangenis aanwezig. Vanaf 1950 werden landlopers, dronkelappen, caféknokkers, messentrekkers, stropers en dieven neet mièr onder de toor’n opgesloten, maar in een schoon cachot an de Tusschendarp.
Op de achtergrond is de woning en de praktijkruimte van veearts Wijnand van der Eijk te zien.
Achter deze woning is een stuk van de U.L.O.-school van ome Piet Zijlstra te zien.
De hier zichtbare bebouwing stond natuurlijk niet aan de Tussendorpstraat, maar aan de Tusschendarp. De bebouwing ligt op de akkers met de veldnaam Tusschendarp.
Deze afbeelding is ook ten zeerste in bijgeknipte vorm te bewonderen op bladzijde 548 van het Magnum Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever.
De redactie heeft de kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021. Zou de gevangenis nog in het oude politiebureau aanwezig zijn ?

Posted in Ansigtkoate, Tusschendarp | Leave a comment

Un neimoeds waètervaarfskildereegie van de kaarke

Kunstenaar Erik Weterings is de maker van het bijgaand afgebeelde fraaie kleine aquarel van de kaarke an de brink van Deever. In galerie Van Weterings & Wijngaarden an de Stienwiekerweg 2 in Oll’ndeever (ie weet wè, woar vrogger de familie Haarm Diekman woonde) zijn meer resultaten van zijn schilderwerk te zien.
De vertaling van de Deeverse titel Un neimoeds waètervaarfskildereegie van de kaarke van dit bericht is: Een modern waterverfschilderijtje van de kerk.
Het Deeverse woord neimoeds (modern) is een woord dat door de Deeverse-toal-vurneejer wijlen Jans Roelof Tabak uut de Aachterstroate (vrogger de Saandhook) is bedacht. Neimoeds is de naam van een winkel an de Heufdstroate in Deever.
Het Deeverse woord oldmoeds (ouderwets) is een woord dat door de redactie van ut Deevers Archief hier en nu op 26 november 2021 tijdens het redigeren van dit bericht is bedacht. Oldmoeds is een neimoeds synoniem voor olderwets.
De redactie van ut Deevers Archief hoopt dat kunstenaar Erik Weterings meer Deeverse objecten heeft geschilderd, aan het schilderen is of gaat schilderen en wil daarvan uiteraard ook graag een afbeelding opnemen in ut Deevers Archief.
De redactie heeft toestemming van kunstenaar Erik Weterings een afbeelding van dit aquarel in ut Deevers Archief te tonen. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.
De redactie heeft het vermoeden dat het waterverfschilderijtje is gemaakt in 2020, in elk geval nadat in het kader van het gemeentelijk project ‘Diever op Dreef’ de onslijtbare -uit een of ander wondermateriaal bestaande- namaakslijtpaden in de kaarkhof bij de brink zijn aangebracht.
De redactie heeft de bijgevoegde kleurenfoto gemaakt op vrijdag 19 november 2021.

Posted in Kaarke an de brink, Kuunst, Tiekening | Leave a comment

De hulsebossies mit rooie bessies an de Wittelerweg

De redactie van ut Deevers Archief is zich met het schaamrood op de kaken bewust van het feit dat hij in ut Deevers Archief te weinig aandacht besteedt aan het verleden van ut mooie Oll’ndeever. Voor het gemak en vooralsnog verwijst de redactie naar het boek Oldendiever in de twintigste eeuw dat is uitgegeven door de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Voor het gemak en vooralsnog verwijst de redactie ook naar de bestseller Fragmenten uit het verleden van de vroegere gemeente Diever die is uitgegeven door de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever.
Om die te weinig aandacht een beetje goed te maken, toont de redactie in dit bericht drie kleurenfoto’s van de eerste bocht in de weg van Oll’ndeever hen Wittelte. De redactie heeft deze drie kleurenfoto’s gemaakt op vrijdag 19 november 2021.
Aan beide zijden van deze bocht in de weg stonden en staan nog steeds hulsebossie, zoals is te zien op de drie foto’s. Die hulsebossies hadden en hebben rooie bessies. De redactie herinnert zich uit de zestiger jaren van de vorige eeuw dat deze hulsebossies zo vlak voor de kerstdagen in het langs fietsen zijn aandacht hadden en dat hij in het bijzonder aandacht had voor takk’n mit veule rooie bessies. Als die te zien waren, dan was het tijd om bee donkeroam’d mit ut skaarpe kloesie hen te goan, opdat het ouderlijk huis daarna met natuurlijk materiaal kon worden versierd.

Posted in Oll'ndeever, Wittelerweg | Leave a comment

Un olde foto van de Galama State an de Hünderweg

Bijgaande foto van de boerderij met de naam Galama State an de Hünderweg op Woater’n is aanwezig in de verzameling van mevrouw ….. Mensink-Boersma. Zij is een dochter van één van de twee broers ….. en ….. Boersma, die de laatste pachters waren de boerderij met de naam Galama State an de Hünderweg op Woater’n.
De redactie is mevrouw ….. Mensink-Boersma en de heer Hans Salverda, die de foto op de kop wist te tikken, bijzonder erkentelijk voor het beschikbaar stellen van een goede scan van de hier afgebeelde boerderij. De boerderij was van het zeldzame kop-lange-hals-brede-romp type.
De foto is uiteraard vóór de afbraak van de boerderij in 1970 gemaakt. Maar in welk jaar ?
Let vooral ook op ut grote pothokke bee de boerdereeje. Was ut pothokke wit gekalkt of was het uit witte kalksteen opgetrokken ?

Posted in Boerdereeje, Verdwenen object, Woater’n | Leave a comment

De greinsstien an de Wittelerweg is ur nog !

Op zondagmiddag 30 mei 2021 om ongeveer 16.35 uur ontstond door nog onbekende oorzaak brand in de woonboerderij met adres Wittelterweg 3 in Oll’ndeever. Ie weet wè, woar vrogger de familie Pouwels woonde. De woonboerderij en de schuur zijn volledig uitgebrand en zijn als verloren te beschouwen.
De redactie van ut Deevers Archief verwijst gemakshalve naar het bericht De boerdereeje mit adres Wittelerweg 3 is ofebraand  en naar het bericht In Oll’ndeever stiet nog een Deeverse greinsstien.
De redactie is op vrijdag 19 november 2021 poolshoogte gaan nemen op het toen al kale terrein waar de woonboerderij en de schuur stonden. De resten van de uitgebrande woonboerderij en de schuur zijn inmiddels afgevoerd naar een puinbreker. De greinsstien mit ut woap’m van de gemiente Deever staat aan de rand van het erf en zal na de herbouw van de woning gelukkig weer bij de woning worden geplaatst. De redactie heeft op die dag de drie bijgaande kleurenfoto’s gemaakt.
De greinsstien mit ut woap’m van de gemiente Deever heeft de brand en het bluswater overleefd en heeft wonder boven wonder geen onherstelbare schade opgelopen. De redactie biedt de eigenaren nog steeds ten zeerste aan te helpen met het restaureren van deze grenssteen. Het beton van de steen moet worden geschuurd en het geheel met inbegrip van de achterkant moeten worden geverfd. De achterkant is in het verleden al een keertje geverfd, want in de originele staat stond op de achterkant de standplaats van de grenssteen vermeld. Dit echte stukje Deevers aarfgoed is het waard duurzaam bewaard te blijven voor toekomstige generaties.

Posted in Aarfgood, Gemiente Deever, Oll'ndeever, Verdwenen object, Woap'm van Deever | Leave a comment

Reinder vön un stien’n biele uut de neeje stientied

De redactie van ut Deevers Archief is zich met het schaamrood op de kaken bewust van het feit dat hij in ut Deevers Archief te weinig aandacht besteedt aan het verleden van ut mooie Oll’ndeever en ook aan het hele verre verleden in de gemiente Deever. Om dit enigszins recht te zetten toont de redactie hier het navolgende bericht dat verscheen in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 12 januari 1987. Het bericht beschrijft de vondst van een stenen bijl uit de nieuwe steentijd. Reinder van der Helm, boer in Oll’ndeever, vond deze bijl bij werkzaamheden op zijn land.. 

Van der Helm sr. vindt neolitische bijl in Diever

Hier woonden dus altijd al boeren ?
Diever – Bijlen zijn in de landbouw erg belangrijk en toen Reinder van der Helm uit Diever enkele weken geleden een stenen exemplaar op zijn land vond, was hij meteen op zijn hoede. Ook zijn zoon Jan, die oudheidkundig nieuws in de kranten volgt, zag onmiddellijk de waarde van het stenen voorwerp.
Maar wat moet je met zo’n ding ? Veel weet je er niet van en wat is eigenlijk de waarde in geld uitgedrukt ? Mag je zoiets houden of moet het naar een museum ?
Van der Helm sr. besloot de krant te bellen. Hij zocht contact met een man wiens oordeel hij het meest vertrouwde, Rein Schut uit Meppel, die zo mooi over vogels schrijft. Schut waarschuwde het provinciaal museum in Assen en onze redactie en zo kwam het archeologische balletje aan het rollen, want het werd al snel duidelijk dat de stenen bijl archeologische waarde bezat. Althans dat veronderstelden de deskundigen en zo bevonden zich op een winterse dag Arnold Berbers uit Meppel, die veel van steensoorten weet, Rein Schut, de natuurman, iemand van de krant en Jaap Beukers van het provinciaal museum zich per auto onderweg naar de familie Van der Helm aan de Wittelterweg.
Tot in de verre omtrek waren er alleen de silhouetten van bospartijen en woningen te zien. Toen men aankwam bij de Van der Helms, bleek het boerenerf bezaaid met stenen, grote en kleine. Hier woonde, dat was duidelijk, een ‘stenenman’.

Wolken
Dikke sneeuwwolken pakten zich samen boven de eenzame boerderij, toen men er naar binnen ging om ‘de bijl’ te zien, misschien wel de vondst van het jaar. De nieuwsgierigheid was extra geprikkeld door de mededeling van tussenpersoon Schut, die van Van der Helm sr. had gehoord dat er grote stenen gevonden waren in diens akker. Misschien was er wel een hunebed gevonden of resten daarvan. Misschien was Van der Helm wel op een steenkistgraf gestoten, een uit zwerfkeien bestaand langwerpig graf, zoals er al eens een exemplaar gevonden is in Diever.
Van der Helm liet de groep niet lang in het ongewisse. Als een goochelaar die een konijn uit een hoge hoed tovert, stond hij plotseling op kousenvoeten in de kamer met de bijl in de hand.

Geen gat
Het ding ging van hand tot hand. Het was meteen duidelijk, het betrof hier een oorspronkelijk gladde maar door erosie-invloeden beschadigde stenen bijl van het trechterbekertype. Minstens 4700 jaar oud. Van der Helm sr.: ‘Maar er zit geen gat in voor de steel’. Jaap Beuker legde uit: Het is niet zoals nu dat ze de steel in de bijl stopten, nee, het was net andersom, ze stopten de bijl in de steel. Het drukpunt zat daarbij aan de dunne rechte zijkanten en niet aan de gewelfde onder- en bovenkant, want dan zou het hout onmiddellijk splijten. Maar men hakte er hout mee, bomen met name, en je zou versteld staan als je zag hoe effectief men er mee werkte…

Klein
Het bijltje was vrij klein, ongeveer 15 centimeter lang bij een breedte van 6 centimeter en een dikte van 4 centimeter. Het hele oppervlak was sterk geërodeerd en er liepen bruine sporen door de steenaders. Petroloog Berbers stelde na enig wikken en wegen vast dat het hoogstwaarschijnlijk anifiboliet was, vandaar de roestkleur. Maar archeoloog Beukers dacht dat de bruine kleur afkomstig was van de vindplaats niet ver van een waterloopje. Zijn vragen richtten zich dan ook onmiddellijk op een nauwkeurige beschrijving ervan. Deze kon door Van der Helm sr. worden gelokaliseerd op de door Beukers meegebrachte topografische kaarten en alles werd nauwkeurig beschreven en ingetekend.
De landbouwer had de bijl uit het land zien steken met de scherpe kant naar boven. Voor hem was de situatie zo klaar als een klontje: ‘Er hebben hier dus al mensen gewoond ?’ Met deze uitspraak bevestigde hij de in de beroepsarcheologie steeds meer gehoorde mening dat er in de meeste Drentse nederzettingsgebieden sprake is van een doorgaande bewoning vanaf neolithische tijden, toen zich hier de eerste boeren vestigden.
Ook later op de middag getuigden Van der Helm sr. en zoon Jan op een oorspronkelijke en juiste wijze over archeologische vondsten zoals bijlen te kunne oordelen.

Hunebed ?
Bij het ploegen van een akker stootten beiden op een hard voorwerp. Bij controle van de bodem ontdekten vader en zoon Van der Helm op circa 1 meter diepte een dikke kei met er omheen een serie kleinere stenen. Alles leek door mensenhand aangebracht. Beuker wist er niet goed raad mee. Een hunebed ziet er totaal anders uit en van een steenkistgraf was evenmin sprake.
Na enige discussie kwamen de aanwezigen tot d conclusie dat het oordeel moest worden opgeschort. Eerst graven, aldus Beuker, die de situatie ter plekke graag had willen onderzoeken, maar die zich in dit voornemen gehinderd zag door de bevroren grond en het donkere weer.
‘Ik kom nog wel eens terug.’, zei de provinciaal archeoloog.
Wel werden de uitgegraven stenen bekeken. Het waren imposante zwerfkeien die de nog frisse kleuren bezaten van niet aan de buitenlucht blootgestelde gesteenten. Staande bij de verzameling stenen aan de rand van het bosje boerengeriefhout, dat Van der Helm de Tippe noemde, wees Beuker op de eigenaardigheden van de zwerfkeien. Er lagen enkele fraaie zandstenen bij, die vlak zijn en plat. Op deze stenen werden de bijlen gewet. ‘Je hebt hier een paar fraaie slijpstenen liggen Van der Helm,’, zei Beuker.
De landbouwer beschreef de situatie van kort na de oorlog., hoe het er allemaal had uitgezien in het Wittelterveld. Er waren toen nog houtwallen, heideveld zelfs en veel bos. Bij het graven was hij wel eens op oude wegen gestoten. karresporen die door zandverstuivingen leidden. Ook zijn echtgenote wist nog van de verdwenen heidevegetatie en betreurde het verloren gaan van veel moois in het landschap. Dat verdween trouwens langzaam maar zeker onder een dunne laag jachtsneeuw, alleen de paaltjes van de afrasteringen en de bomen toonden hun grauwe gestalte. De talloze grote zwerfkeien hurkten als vormloze gedrochten op de grond. De avond was gevallen.
Van der Helm bleef achter met zijn trechterbekerbijl die had toebehoord aan zijn voorvaderen. Beuker had hem uitgelegd dat die bijl niet naar het museum hoefde, het was zijn eigen land en hij had zelf de vondst gedaan. Alleen bij zeer belangrijke vondsten, zoals munten, grafheuvels en dergelijke speelt de overheid mee. Maar voor Van der Helm was de bijl wel degelijk belangrijk. ‘Dat daar nou nou mensen mee hebben gewerkt.’ Schut repliceerde onmiddellijk: ‘Ja daar werkten boeren vroeger mee en dat doen ze nu nog…’

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Het merkwaardige aan dit gemakkelijk leesbare bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) is dat een aparte foto van dichtbij van de gevonden stenen bijltje uit de nieuwe steentijd ontbreekt. En daar ging alles toch om ?

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds teksten op papier wil lezen en nog steeds naar afbeeldingen op papier wil kijken, die kan het bovenstaande bericht en de hier getoonde illustraties ook ten zeerste bewonderen op de bladzijde 39, 40 en 41 van het Magnus Opus van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dit dikke zware boekwerk zijn of dit dikke zware boekwerk bij iemand in kunnen zien. Wellicht is op de één of andere webstee al een pre-owned -om maar eens een nieuw Nederlands onwoord te gebruiken- exemplaar van dit dikke zware boekwerk te koop.

Afbeelding 1

Afbeelding 2

Afbeelding 3 – Bericht in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante, Meppeler Courant) van 12 januari 1987.

Afbeelding 4 – (© Egbert Sinkgraven)

Afbeelding 5 – Overlijdensbericht in de Olde Möppeler (Möppeler Kraante, Meppeler Courant) van 31 augustus 2012.

Posted in Oll'ndeever, Oudheidkunde | Leave a comment

Ur mist nog un paèr olde Gowse ansichtkoat’n

Bijgaand afgebeelde zwart-wit vierluiks-ansichtkaart was in het jongenskamp De Eikenhorst an de Gowe te verkrijgen voor de bewoners van het kamp. Deze ansichtkaart is in juli 1964 uitgegeven.
Op deze ansichtkaart staat een afbeelding van een groep jongens in de gemeenschapsruimte van barak Alaska (Groep Alaska), een groep jongens die met de handen aan het werk is (Handarbeid), de kantoren met de stafverblijven, een groep jongens op het sportveld (Sportles).
Van die vier afbeeldingen op de ansichtkaart is ook een afzonderlijke ansichtkaart uitgegeven. In ut Deevers Archief is slechts aanwezig een afbeelding van de ansichtkaart met een groep jongens in de gemeenschapsruimte van barak Alaska.
De redactie zou ook bijzonder graag een afbeelding van de ansichtkaarten met de titel Handarbeid, Kantoren en Sportles in ut Deevers Archief opnemen. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief -wellicht één van de voormalige bewoners van De Eikenhorst- kan de redactie helpen aan een goede scherpe scan van die drie genoemde ansichtkaarten ?
De jongens van barak Alaska stuurden de hier afgebeelde ansichtkaart op 14 augustus 1964 met de hartelijke groeten en met de wens van spoedige beterschap naar mejuffrouw W. de Groot, Buiksloterweg 97-I. Amsterdam. Het adres werd aldaar doorgehaald en op 17 augustus 1964 blijkbaar (als onbestelbaar ?) teruggestuurd naar mejuffrouw W. de Groot, p/a kamp De Eikenhorst, Dieverbrug (Dr.). Het is de redactie niet duidelijk hoe deze ansichtkaart precies is gelopen. Wellicht was mejuffrouw W. de Groot al zeer spoedig beter en vliegensvlug weer afgereisd naar de Gowe ? Is de kaart met één postzegel twee keer verzonden geweest ?

Posted in Ansigtkoate, de Gowe, Jongenskamp de Eikenhorst | Leave a comment

Ut woap’m van Deever op un olde koate

De redactie van ut Deevers Archief herinnert zich dat na de opening van het nieuwe gemeentehuis an de brink van Deever in de vijftiger jaren van de vorige eeuw de gemeente presentkaarten met daarop gedrukt ut woap’m van de gemiente Deever uitdeelde, want ome Kees en tante Nel waar’n moar wat wies mit heur woap’m. Daar had ome Kees flink zijn best voor gedaan.
De redactie heeft deze kostelijke kaart al meer dan zestig jaar zorgvuldig bewaard en voor de gelegenheid voorzichtig en met witte handschoentjes aan uit het zuurvrije plastic mapje gehaald en gescand en daar een digitale kleurenafbeelding van gemaakt. Zie in bijgaande illustratie het op die manier bereikte.

In het op vrijdag 9 juli 2021 uitgegeven Magnus Opus Fragmenten Uit Het Verleden Van De Vroegere Gemeente Diever van de Historische Vereniging Vroegere Gemeente Diever is in het hoofdstuk Inleiding en vervolgens voor de zekerheid nog een keer in de paragraaf Het Wapen Van De Vroegere Gemeente Diever van het hoofdstuk Bestuur een respectabele verhandeling opgenomen over ut woap’m van de vroggere gemiente Deever. Hulde daarvoor, want dat wapen is echt wel een brokstukje uit het verleden van de vroggere gemiente Deever. 

De redactie verwijst de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief voor meer gegevens over ut woap’m van de gemiente Deever voor het gemak naar het bericht Ut woap’m van de gemiente Deever. Bovendien kan de geïnteresseerde bezoeker ook het onderwerp Woap’m van Deever in het rechter deel van het scherm of aan het einde van dit bericht aanklikken voor nog veel meer zaken die betrekking hebben op ut woap’m van de gemiente Deever. Be my guest.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog steeds niet zonder afbeeldingen op papier kan, die kan het hier afgebeelde wapen van de gemiente Deever ook ten zeerste op de rug en helaas alleen in zwart-wit weergave bewonderen op bladzijde 2 en nog een keer op bladzijde 10 en nog een keer op bladzijde 86 van het Magnus Opus. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dit dikke zware boekwerk zijn of dit dikke zware boekwerk bij iemand in kunnen zien. Wellicht is op de één of andere webstee al een pre-owned -om maar eens een nieuw Nederlands onwoord te gebruiken- exemplaar van dit dikke zware boekwerk te koop.

Posted in Gemiente Deever, Woap'm van Deever | Leave a comment

Un old skildereeje van un Woaterse skoapsdrift

Kunstschilder en fotograaf Hans Kuiper is op 8 juli 1855 geboren in Deever an de Kruusstroate, adres Diever Nummer 129, later vernummerd in Kruisstraat 8, sinds 1 oktober 1976 vernummerd in Kruisstraat 6. Hij is op 3 november 1937 op 82-jarige leeftijd overleden in Blesdijke.
Hans Kuiper maakte van diverse onderwerpen op Zorgvliet en op Woater’n een schilderij.
Hans Kuiper maakte het schilderij Skoapsdrift (Schaapsdrift) omstreeks 1925, hij was toen ongeveer 70 jaren oud. De redactie van ut Deevers Archief heeft de precieze datum van voltooiing van dit bijna honderdjarige schilderij nog niet kunnen achterhalen. Als ondergrond voor dit fraaie schilderij gebruikte Hans Kuiper helaas vergankelijk karton.
De redactie weet niet of dit schilderij is beschreven in de Hans-Kuiper-catalogus van de nazaten van Hans Kuiper.
De redactie heeft het vermoeden dat Hans Kuiper eerst enige foto’s (glasplaatnegatieven) van de situatie ter plekke heeft gemaakt en dat hij vervolgens in zijn werkplaats in Noordwolde het schilderij Skoapsdrift heeft gemaakt met behulp van één van die foto’s.
De heer Hans Salverda, mede-auteur van het prachtige boek met als titel Groot Wateren: een oase van weldaad, heeft intensief onderzoek gedaan naar de plaats van het geschilderde onderwerp. Hij heeft die plaats gevonden en heeft van die plaats een foto opgenomen op bladzijde 29 van zijn prachtige boek met als titel Groot Wateren: een oase van weldaad. Deze plaats ligt an de Skoapsdrift, die min of meer evenwijdig an de Vledder Oa loopt. Ut begun van de saandweg Skoapsdrift is recht en helaas verhard. Kan het zijn dat de op 18 april 1929 overleden Sijbrand Donker de geschilderde schaapsherder is, hij was de laatste scheper op Woater’n. Van hem is bekend dat hij tijdens het hoeden van de schapen van de wol van de Woaterse skoap’m op bestelling en tegen betaling sokken breide.
De redactie zal te gelegener tijd van de plaats van het geschilderde onderwerp an de Skoapsdrift op Woater’n een kleurenfoto maken en deze aan dit bericht toevoegen.
Op de voorkant van het prachtige boek met als titel Groot Wateren: een oase van weldaad is een afbeelding van het schilderij Skoapsdrift van Hans Kuiper opgenomen. Het is de heer Hans Salverda alweer enige tijd geleden gelukt de verblijfplaats van dit bepaald niet kleine schilderij op te sporen. Tijdens een eerste bezoek aan de eigenaar van het schilderij Skoapsdrift heeft hij met zijn slimme-telefoon foto’s van het schilderij gemaakt, waarvan hij één heeft gebruikt voor de afbeelding op de voorkant van zijn boek.
De heer Hans Salverda is na het drukken van zijn prachtige boek met als titel Groot Wateren: een oase van weldaad wederom op bezoek gegaan bij de eigenaar van het schilderij Skoapsdrift, teneinde hem te bedanken en hem een present-exemplaar van zijn boek aan te bieden en met zijn slimme-telefoon enige foto’s van de eigenaar met zijn schilderij Skoapsdrift in de linkerhand en met het boek in de rechterhand te maken.
De redactie toont hierbij met toestemming van de heer Hans Salverda één van zijn toen gemaakte foto’s. De redactie heeft de originele kleurenfoto aan de linkerkant enigszins bijgeknipt. Het gezicht van de eigenaar van het schilderij Skoapsdrift is om redenen van privacy weggeknipt.
Op de kleurenfoto is duidelijk aan de bovenkant van het schilderij te zien dat het schilderij hard toe is aan een grondige restauratie.

Posted in Hans Kuiper, Kuunst, Skildereeje, Woater’n | Leave a comment

Ut hunnebedde bee Deever wöd restereerd

In de Friese Koerier (onafhankelijk dagblad voor Friesland en aangrenzende gebieden) van vrijdag 23 april 1954 verscheen het volgende berichtje over het begin van de restauratie van hunnebed D52 an de Grönnegerweg bee Deever.

Hunebed te Diever wordt gerestaureerd
Vorig jaar herfst is men begonnen met de restauratie van het hunebed aan de Groningerweg te Diever. Na enige tijd moest men dit werk echter door gebrek aan geldmiddelen weer neerleggen. Thans heeft men de werkzaamheden, die onder leiding staan van prof. dr. A.E. van Giffen uit Groningen, weer kunnen hervatten.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is fervent verzamelaar van foto’s, studies, krantenberichten, tijdschriftartikelen, rapporten, dissertaties, boeken, enzovoort, met als onderwerp ut hunnebedde D52 in de Stienakkers an de Grönnegerweg bee Deever. 
Dit berichtje is hier voor de dossiervorming en ter informatie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die met name is geïnteresseerd in de geschiedenis van ut hunnebedde. Wie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan dit hunnebedde-dossier verder aanvullen ?
De grote vraag is natuurlijk of professor doctor Albert Egges van Giffen voor het leiding geven aan de restauratie van ut hunnebedde steeds aanwezig was of slechts een of twee of drie dagen per week aanwezig was. De professor woonde tijdens zijn aanwezigheid ongetwijfeld vierhonderd meter verderop in zijn geliefde zomerhuisje op de Heezerbaarg (ongeveer 15 meter boven N.A.P.).


Posted in Hunnebedde D52 | Leave a comment

Natuurmonement’n hef de Galama State begreu’m

Hans Salverda en Ebbing Kiestra besteden in hun prachtige boek Groot Wateren – Een oase van weldaad gelukkig ook terecht aandacht besteed aan de boerderijen op Groot Wateren. De redactie van ut Deevers Archief citeert met instemming van Hans Salverda de volgende tekst op bladzijde 27 van genoemd boek over de niet zo kleine boerderij met de naam Galama State:

De boerderij Galamastate (gebouwd rond 1900) lag net op de oude gemeentegrens van Diever en Vledder aan de Huenderweg. Deze boerderij werd in opdracht van Lodewijk Guillaume Verwer gebouwd met geld van de rijke familie Galama uit Koudum. Verwers moeder was Sietske IJsbrands Galama, een dochter van deze familie. Zij trouwde met Ids Johannes Verwer en werd in 1846 moeder van Lodewijk Guillaume en in 1853 van Julius Verwer.

Bij het bovenstaande citaat uit het boek van Hans Salverda en Ebbing Kiestra is een niet zo duidelijke afbeelding van een foto van de boerderij met de naam Galama State opgenomen. Deze bladzijde uit het boek op de scanner leggen en de afbeelding scannen en vervolgens tonen in ut Deevers Archief heeft daarom weinig zin. De bron van deze afbeelding is een foto die deskundig amateur-historicus-onderzoeker Hans Salverda met zijn slimme-telefoon heeft gemaakt bij de eigenaar van de originele zwart-wit foto, familie van de laatste boer van de Galama State. De originele foto is ongetwijfeld in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw gemaakt door het niet meer bestaande bedrijf Lucht Foto Nederland (L.F.N.).

De redactie toont hier met instemming van Hans Salverda een afbeelding van zijn slimme-telefoon foto. Zie afbeelding 1. Op het zwart geschilderde boeibord onder het wolfsdak van de boerderij is in witte letters Galama State geschilderd. De bouw van de boerderij is een beetje merkwaardig. Is het woonhuis met het boerderij gedeelte achter het woonhuis eerst gebouwd en later dwars daarop een nog veel grotere bedrijfsruimte ? Of is het geheel in één keer gebouwd ? De initiële omvang van het bedrijf van 110 hectare doet vermoeden dat het geheel niet in fasen is gebouwd. Gelukkig stond bij deze boerderij wel een pothokke ! De bewoners van de boerderij staan rechts naast de boerderij te zwaaien naar de bemanning van het vliegtuigje van het bedrijf Lucht Foto Nederland (L.F.N.).
De heer Hans Salverda heeft de foto van de L.F.N-luchtfoto ongeveer zes jaar geleden bij mevrouw Boersma in Wolvega gemaakt. De boerderij werd ten tijde dat de luchtfoto is gemaakt gepacht door de gebroeders Boersma. Eén broer woonde op de boerderij aan de Huenderweg en de andere woonde an de Dörpsstroate op Zorgvliet. De eigenaresse van de L.F.N.-foto woonde an de Dörpsstroate op Zorgvliet.

In de Tweede Wereldoorlog woonde Oosterhof op deze boerderij. Volgens de heer Hans Salverda was hij de eigenaar en later de verpachter van de boerderij en de bijbehorende gronden. De jongen die in op 8 september 1944 de executie in het Wapserveld overleefde, kroop vanuit een nabijgelegen onderduikershol naar de boerderij met de naam Galama State. Hij bleef in leven, maar werd blijvend invalide.

Op afbeelding 2 is de plaats van de boerderij met de naam Galama State an de Hünderweg op Groot Woater’n en nog net in de gemiente Deever te zien. Nergens elders in de gemiente Deever heeft een boerderij zo dicht op de gemeentegrens gestaan. De Hoge Heren Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland hebben de boerderij met alles wat er om heen stond rond 1970 laten afbreken. Denk nou niet dat die grote berg sloopmateriaal netjes naar een puinbreker is afgevoerd. Nee, in 1970 moesten woorden, zoals duurzaam, hergebruik, circulair, klimaatneutraal en planetproof nog worden uitgevonden. Nee, de Hoge Heren Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland hebben in 1970 die grote berg sloopmateriaal ter plekke laten begraven in een -het kan niet anders- gigantisch gat. En dat terwijl de Hoge Heren Van De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten In Het Verre ‘s-Graveland misschien wel de uitvinders waren van de spreuk: Laat niet als dank voor het aangenaam verpozen, de eigenaar de schillen en de dozen. Moet deze ondergrondse berg bouw- en sloopafval aan de Huenderweg alsnog worden gesaneerd ?

De heer Gerard Galema reageerde op 30 november 2021 als volgt.
Sietske Galema was geen familie van de familie Galama uit Koudum. Zij was een dochter van Ysbrand Klazes Galema (Bolsward, Tjerkwerd). De Galama’s uit Koudum waren van adel. In 1813 is de laatste telg uit die familie overleden.
Dan de vraag wie op deze boerderij gewoond heeft. Lodewijk Verwer is in 1910 overleden in villa Zorgvlied.

Afbeelding 1
De boerderij met de naam Galama State in het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw. De boerderij is van het zeldzame kop-lange-hals-brede-romp type. Is ut pothokke wit gekalkt of is het opgetrokken met witte kalksteen ?


Afbeelding 2
Op de topografische kaart uit 1964 is de boerderij met de naam Galama State aan de Huenderweg op Groot Wateren ingetekend.

Afbeelding 3
Op de topografische kaart uit 1974 is de boerderij met de naam Galama State aan de Huenderweg op Groot Wateren niet meer ingetekend. De Vereniging Tot Behoud Van Natuurmonumenten heeft de boerderij rond 1970 af laten breken.

Afbeelding 4
Dat de boerderij met de naam Galama State bij de stichting omstreeks 1900 bepaald geen kleine boerderij was, dat mag blijken uit het volgende bericht in de Olde Möppeler (Meppeler Courant) van 22 mei 1922.
Diever – Dinsdagmorgen had ten overstaan van notaris Bolk te Dwingeloo, in ’t café Slagter, de inzate plaats van de kapitale boerenhoeve, genaamd Galama-State, gelegen onder Wateren. De 22 perceelen, groot ongeveer 110 hectare, werden ingezet voor een totaal bedrag van f. 20920.

Posted in Boerdereeje, L.F.N.-logtfoto, Lodewijk Guillaume Verwer, Woater’n | Leave a comment

Verkoop panden cum annexis van de erven Pereboom

Op 29 oktober 1983 verscheen in het Nieuwsblad van het Noorden bijgaande advertentie van de publieke verkoop van twee woonhuizen en een cafépand cum annexis op Zorgvliet.
De redactie van ut Deevers Archief weet niet in welk jaar Peter Pereboom zijn café in het pand is begonnen. Daarvoor was het pand ook een winkelpand (kruidenierswinkel, bakkerij).
Peter Pereboom is op 11 september 1925 in Diemen geboren, hij is op 10 september 1983 op Zorgvliet gestorven, hij was toen bijna 58 jaren oud (scheelde één dag). Zijn vrouw Margrietha Johanna Wesselink is op 3 april 1926 geboren in Amersfoort, zij is op 12 oktober 2009 op Zorgvliet overleden, ze was toen 83 jaren oud.
De redactie ontving bijgaande kleuren-ansichtkaart van Frank Halman (veel dank daarvoor), een zoon van Bernardus Valentinus Halman (zie de schoolfoto), die weer een zoon is van Johannes Halman, die vóór de Tweede Wereldoorlog een bakkerij in het op de foto zichtbare pand had.
De ansichtkaart is omstreeks 1978 uitgegeven door café-restaurant Peter Pereboom, Dorpsstraat 30, Zorgvliet, telefoon 05212-7254.

Linksboven op de ansichtkaart is de volgende spreuk te lezen:
Jaag vrij en blij,
Maar zorg daarbij,
Dat het jachtbedrijf,
Een redelijke verposing blijft.

De redactie van ut Deevers Archief zet deze causerie (zeg maar gebabbel) nu voort met het volgende gedicht:
De wens zij immer Zorg Vlied heen
Toch blijven Mens en Zorgen één
Zo slechts de Vlied niet wordt tot Vloed,
Wien zijn dan niet, ook zorgen goed !
Geloof en Liefd’rijk zorgen
Zij zijn den Mens tot Borgen
Der Hoop op schoner Morgen,

Dit gedicht stond op een bord (het stond niet op de muur) in het plaatselijke café Pereboom, zie de bijgaande afbeelding (de lijst van het bord is niet helemaal op de ansichtkaart afgebeeld).
Heeft het bord ook in café van der Helm en dáárvoor in café de Harmonie gehangen ? Waar is het bord gebleven ? Het zou aardig zijn dit grappige bord met gedicht op Zorgvliet te hebben en te plaatsen op de lokale materiële erfgoedlijst. Waar is de jukebox (een Wurlitzer ?) van Peter Pereboom gebleven ? Waar zijn de kinderen van Peter Pereboom en Margrietha Johanna Wesselink gebleven ?

Abracadabra-1605Abracadabra-1606

Posted in Ansigtkoate, Café Pereboom, De aandere kaante van de Deeverse bos, Dorpsstroate, Zorgvliet | Leave a comment

Un skier waètervaarfskildereegie van ut hunnebedde

Kunstenaar Erik Weterings is de maker van het bijgaand afgebeelde fraaie kleine aquarel van ut hunnebedde an de Grönnegerweg bee Deever. In galerie Van Weterings & Wijngaarden an de Stienwiekerweg 2 in Oll’ndeever (ie weet wè, woar vrogger de familie Haarm Diekman woonde) zijn meer resultaten van zijn schilderwerk te zien. De redactie hoopt dat hij meer Deeverse objecten heeft geschilderd en zal gaan schilderen en wil daarvan ook graag een afbeelding opnemen in ut Deevers Archief. De redactie heeft toestemming van kunstenaar Erik Weterings een afbeelding van dit op 26 augustus 2020 gemaakte aquarel in ut Deevers Archief te tonen. De redactie is hem bijzonder erkentelijk voor deze toestemming.

De redactie van ut Deevers Archief vervangt zo nu en dan voor de broodnodige verandering de kopafbeelding van ut Deevers Archief. Als jij in het bezit bent van een mooie afbeelding uut de gemiente Deever en jij acht deze echt wel geschikt als kopafbeelding van deze webstee, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie. Het formaat van een kopafbeelding is 940 x 198 puntjes (300 dpi). Als jij de hier afgebeelde kopafbeelding lelijk vind als kopafbeelding van ut Deevers Archief, aarzel dan niet jouw mening luid en duidelijk aan de redactie kenbaar te maken. Als jij een reeds getoonde kopafbeelding graag nog een keer als kopafbeelding van ut Deevers Archief wilt zien, aarzel dan niet dit kenbaar te maken aan de redactie.
De redactie heeft van het hier getoonde aquarel van Erik Weterings een uitsnede gemaakt, die een tijdje zal zijn te zien als kopafbeelding van ut Deevers Archief.


Posted in Hunnebedde D52, Kopplètie, Kuunst, Skildereeje | Leave a comment

Wat mös ik dan nog doon in mien droe’mtuun ?

De redactie van ut Deevers Archief toont bijzonder graag bidprentjes van rooms katholieken die zijn geboren in de gemiente Deever en zijn overleden in de gemiente Deever of zijn geboren in de gemiente Deever, maar niet zijn overleden in de gemiente Deever of niet zijn geboren in de gemiente Deever, maar wel zijn overleden in de gemiente Deever. Dit bericht toont de voorkant en de achterkant van het bidprentje van Maria Margaretha Brinkmann, echtgenote van Johannes Halman. Zij is op Zorgvlied geboren, maar zij is niet overleden in de gemiente Deever.

Gedenk in uw gebeden
Maria Margaretha Brinkman
Echtgenote van
Joannes Halman
geboren te Diever 7 juni 1886, overleden in het St. Jozefziekenhuis 31 mei 1959, voorzien van de H.H. Sacramenten der Stervenden en begraven op het R.K. Kerkhof te Aalst 3 juni 1959.

Zij was enkel bedacht op God en op allen, die God aan haar moederlijke liefde had toevertrouwd; zichzelf wist zij steeds te vergeten en op te offeren. Daarom juist spaarde God haar de zware last van de doodstrijd en riep hij haar schone moederziel zo onverwacht tot zich in de zalige, nooit eindigende vreugde van het paradijs.

Beste man, met wie ik zovele jaren lief en leed gedragen heb, mijn lieve kinderen en kleinkinderen, bidt voor mij en volgt het voorbeeld na, dat ik, naar best vermogen, getracht heb te geven.

Ik wenk U tot het eeuwig blijde weerzien, wanneer de goede Heiland ook voor U het sterfelijk leven af zal breken om het om te zetten in de eindeloze hemelse zaligheid.

Mijn Jezus barmhartigheid. (300 dagen aflaat.)
Moeder Maria, bid voor mij. (300 dagen aflaat.)

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
Maria Margaretha Brinkmann is geboren op 7 juni 1886 op Zorgvlied in de gemiente Deever. Zij is overleden op 31 mei 1959 op 72-jarige leeftijd in het Sint Joseph Ziekenhuis aan de Aalsterweg in Eindhoven. Zij is een dochter van Bernardus Frederik Brinkmann (geboren op 8 december 1845 in Haskerdijke, overleden op 28 februari 1901 op Zorgvlied) en Johanna Elisabeth Meijer van Putten (geboren op 15 mei 1850 in Zuidveen, overleden op 25 oktober 1914 op Zorgvlied).
De redactie verwijst voor meer gegevens over Maria Margaretha Brinkmann gemakshalve naar het lange en uitgebreide bericht De familie Halman woonde op Woater’n en Zorgvlied.

De spreuk ‘Wat is ‘t, dat ik aan mijnen wijngaard nog had moeten doen en niet gedaan heb ?’ is te lezen in vers 4 van Jesaja 5.

Posted in Bidplètie, Kattelieke Kaarke, Zorgvliet | Leave a comment

Gien wiendmeule veur de Saandroos-communeros

De redactie van ut Deever Archief kijkt bijzonder graag met behulp van luchtfoto’s naar zogenaamde duurzame ontwikkelingen in de gemiente Deever. Hoe gemakkelijk wil je het hebben. Je zou dit zelfs in een dorp diep en hoog in het Andesgebergte kunnen doen. In dit bericht gaat het niet over het opsporen van illegale bouwseltje in de gemiente Deever, maar over de dakbedekking van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever.
In 2015 lagen op het voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever nog geen zonnepanelen. Zie afbeelding 3.
In 2016 was het voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever voor minder dan de helft bedekt met zonnepanelen. Zie afbeelding 2.
In 2020 was het voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever tot grote schrik van de redactie van ut Deevers Archief helaas nog steeds voor minder dan de helft bedekt met zonnepanelen. Zie afbeelding 1.
Wat een dieptreurige anti-duurzame blamage voor de gemeente Westenveld. Dat is dus bepaald geen duurzame situatie. Dat is dus bepaald wel een zorgelijke onduurzame situatie. Dat hele voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever moet zo snel worden bedekt met zonnepanelen en ook het platte dak van die architectonisch gedrochtelijke loods op het voetbalveldgrote platte dak moet worden bedekt met zonnepanelen.
En als de gemeente Westenveld die extra kilowattuurtjes niet nodig heeft voor de energievoorziening van het energiezuinige raadhuis aan de Gemeentehuislaan, dan zou de lege oppervlakte van het voetbalveldgrote platte dak voor plaatsing van zonnepanelen voor vet geld kunnen worden verhuurd aan die mekkerende geitewollen borstrokken- en sokkentypes, die de wooncommune Zandroos bevolken. Die willen graag volledig energieneutraal wonen, dat wil iedereen tegenwoordig met die sterk stijgende energieprijzen, maar hun zonnepaneeltjes op het dak van hun wooncommune produceren te weinig kilowattuurtjes per jaar. Hè, wat jammer nou toch. Dus de thermosstaat nog even op 18 °C zetten en over die heerlijke zelfgebreide geitewollen borstrok een heerlijke zelfgebreide schapewollen trui met daaroverheen een heerlijke zelfgeweven lamawollen poncho aantrekken ?
Op het voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever is nog zeker vrije ruimte voor de produktie van meer dan 40 megawattuurtjes per jaar, dat zijn 40.000 kilowattuurtjes per jaar, dat zijn 40.000.000 wattuurtjes per jaar. Dat moet ruim genoeg zijn voor die zielige Zandroos-communeros. Als één Zandroosje per jaar 4.000 kilowattuurtjes verbruikt, dan kunnen 100 Zandroos-huilebalkjes meegenieten van de duurzaam geproduceerde zonne-energie op het voetbalveldgrote platte dak van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever.
Maar voorlopig jammeren en huilen en mekkeren die zielige Zandroos-communeros tot vervelens toe nog voortdurend over een klein niet zo hoog windmolentje, die niet in de achtertuintjes van de commune mag of kan komen te staan (not in my backyard = NIMBY), want dan kunnen die actieve, spirituele en milieubewuste levensgenieters niet goed hun levensvruchten plukken, niet goed de kracht van hun bloemen en boerenkool voelen en niet goed hun levenservaring delen met die andere zielige NIMBY-communeros. Nee, voor hun beoogde lawaaiproducerende en lelijk ogende windmolentje moet ergens in de gemiente Deever een dom boertje of een dom grondbezittertje opdraaien.
De gemeente Westenveld is erg druk bezig met het bedenken van beleid voor het dichtdraaien van de gaskraan in 2050. Daar heeft zich een groot gemeentelijk witteboordenleger op gestort: beleidswethouders, beleidsambtenaren, beleidsmedewerkers, beleidsregisseurs, beleidssouffleurs, beleidsbedenkers, beleidsvoorbereiders, beleidscommuniceerders, beleidsondersteuners, beleidsinfluencers, beleidsbeslissers, beleidsuitvoerders, beleidsanalisten, beleidssecretarissen, beleidscontroleurs, beleidsopzichters, beleidshandhavers, enzovoort, enzovoort. De ‘public policy industry’ draait op volle toeren. Slechts een pover resultaat is te vinden in de webstee van de gemeente Westenveld. Iedereen in het raadhuis heeft opeens achter zijn bureautje de duurzaamheidspet op, maar zijn het halflege voetbalveldgrote platte dak boven hun duurzaamheidspet en boven hun intelligente beleidshoofdjes zonneklaar vergeten. De toename van resultaat is omgekeerd evenredig met de toename van beleid.
En wat te denken van het idee het ideaal op het zuiden liggende weilandje ten noorden van de Gemeentehuislaan, zie afbeelding 1, vol te bouwen met zonnepanelen ? De beleiders achter de ramen van de eerste verdieping van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 hebben dagelijks zicht op dat weilandje. Ook weer goed voor ten minste 40.000.000 wattuurtjes per jaar. Iinitiatiefrijke particulieren in de gemeente Westenveld wachten niet op het opgeheven gij-zult vingertje van de beleiders in hun luxe kantoortuinen en luxe kantoorparken op de eerste verdieping van het raadhuis aan de Gemeentehuislaan 1 in Deever, die zijn al lang bezig met plannen voor het plaatsen van zonnepanelen in veldopstelling op steeds meer braakliggende weilandjes. Zie het voorbeeld in het bericht Sunnepaneel’n bee un boerdereeje in Oll’ndeever.

Afbeelding 1
In 2020 was het platte dak van het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever nog steeds voor minder dan de helft bedekt met zonnepanelen.

Afbeelding 2
In 2016 was het platte dak van het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever voor minder dan de helft bedekt met zonnepanelen.

Afbeelding 3 
In 2015 lagen op het platte dak van het Raadhuis aan de Gemeentehuislaan in Deever nog geen zonnepanelen.

Posted in Sunnepaneel | Leave a comment

See hept de stee van de stienoo’m evun’n

De redactie ontving van de heer Hans Salverda op 19 september 2021 het volgende persbericht over de uitgave van het boek ‘Groot Wateren: een oase van weldaad’.

Groot Wateren: een oase van weldaad
Deze week komt een nieuw boek uit met als titel ‘Groot Wateren : een oase van weldaad’. Samen met Ebbing Kiestra heb ik een bodemkundig onderzoek gedaan bij Wateren bij de Huenderweg. Het doel was om de keiliemkoele te zoeken, die gebruikt is voor het opgraven van de keileem, waarmee zo’n 200 jaar geleden stenen zijn gebakken, ten tijde dat de Maatschappij van Weldadigheid eigenaar was van de kolonie Wateren.
Het is ons gelukt om deze liemkoele bij toeval te localiseren. En na het uitbreiden van het onderzoeksgebied hebben we hoogst waarschijnlijk ook de plek gevonden waar de steenoven heeft gestaan.
Uitgebreid met veel extra plaatselijk historisch onderzoek is volgens mij een leuk boek tot stand gekomen. In het boek wordt aandacht besteed aan de grote vloeiweide, de tillegruppe, de natuurontwikkeling omstreeks de laatste eeuwwisseling en de ruilverkaveling in de vijftiger jaren van de vorige eeuw. Veel oude en recente foto’s sieren het boek. In het boek staan in de diverse hoofdstukken veel unieke wetenswaardigheden. In het boek wordt ook aandacht besteed aan de families Ekkels en Benthem, die zich na 1850 vestigden in ‘nieuw Wateren’ op gronden die tot dan toe tot de marke van Diever behoorden. Veel aandacht wordt besteed aan de opbouw van de bodem. Als laatste noem ik nog het ‘mysterieuze plateau’ op Kolonie Landarbeid, waaraan in het boek ook aandacht wordt besteed.
Het boek verschijnt aan het einde van deze week en kost € 7,50. De prijs van het boek is laag, omdat de plaatselijke recreatiebedrijven als sponsor zijn opgetreden.

Tekst op de achterkant van het boek ‘Groot Wateren : een oase van weldaad’ (zie afbeelding)
In het westen van de provincie Drenthe ligt een bijzonder gebied. Dit gebied, dat grenst aan de gemeenten Oost- en Weststellingwerf in Friesland, kent een fascinerende geschiedenis. Een geschiedenis die je niet meteen verwacht wanneer je hier als toerist je vakantie viert op een van de fraaie campings of vakantieparken. Van oudsher is dit nog altijd wat onbekende deel van Drenthe dunbevolkt. Het bestond vooral uit heide, veen en zandverstuivingen. In het verre verleden settelden de eerste bewoners zich bij de samenkomst van de beken Tillegröppe en Vledder Ao. Bekend is dat er in 1832, vlakbij deze plek, een aantal boerderijen stonden rond het zeer oude kruispunt Huenderweg – Appelschaseweg. Vanuit Groot Wateren, zo werd deze
buurtschap genoemd, en het nabij gelegen Klein Wateren zijn later Wateren en Zorgvlied ontstaan. Voor de ontwikkeling van deze dorpen is met name de Maatschappij van Weldadigheid van groot belang geweest, maar ook de inzet van de bekende Lodewijk Guillaume Verwer was groot. Zo stichtte Verwer een zuivelfabriek in het aangrenzende Elsloo-Zuid en begon een hypotheekbank en sigarenfabriek in Zorgvlied. Daarnaast steunde de bekende filantroop P.W. Janssen de Maatschappij van Weldadigheid en bouwde een aantal boerderijen. Zijn ontginningsmaatschappij zou in 1924 overgenomen worden door ’De Drie Provinciën’.
Aanleiding voor het schrijven van dit boek is in de eerste plaats het onderzoek dat in 2020 en 2021 plaatsvond naar een steenbakkerij. Daarbij werd door de bodemkundigen Ebbing Kiestra en Hans Salverda eerst gezocht naar keileemlagen waar mogelijk leem voorkwam dat gebruikt werd voor het bakken van stenen. Aan de hand van het onderzochte gebied werd uiteindelijk begin 2021 de plek gevonden waar de steenbakkerij, die in gebruik is geweest door de Maatschappij van Weldadigheid, heeft gestaan. Onderzocht is ook welke gebouwen in de omgeving ervan gebouwd zouden kunnen zijn met de hier gebakken stenen. Van het bodemonderzoek werd door Kiestra en Salverda een rapport samengesteld, dat in het tweede deel van het boek opgenomen is.
In de tweede plaats wordt in het boek ingegaan op het gebruik van een paar vloeiweiden die eertijds naast de beide beken lagen. Bij vloeiweiden gaat het om een oud bevloeiingssysteem waarbij water uit een naastgelegen beek op grasland wordt gelaten en dat door middel van een uitlaat weer terug kan stromen in diezelfde beek.
In het boek is er ook aandacht voor andere interessante kenmerken en onderwerpen van het gebied rond Wateren. Door een en ander aanschouwelijk te maken is er bovendien een wandelkaart met uitleg in opgenomen, en er kan gebruik gemaakt worden van een exclusieve excursie door het beschreven gebied met als gids auteur Hans Salverda.
Foto: de kruising Huenderweg – Appelschaseweg in 2021 Prijs boek: € 7,50.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De redactie is de heer Hans Salverda bijzonder erkentelijk voor dit bericht. Zo te lezen is het boek zonder tussenkomst van de historische vereniging uut Deever (an de aandere kaante van de bos) tot stand gekomen. De heer Hans Salverda gaf aan dat hij het boek in eigen beheer zal uitgeven. Het boek is te bestellen via zijn e-mail adres: hanssalverda@hetnet.nl.
Hij was zo vriendelijk een afbeelding van de voor- en de achterkant van het boek en een afbeelding van de voor- en de achterkant van de aan het boek toegevoegde bladwijzer ter beschikking te stellen voor opname bij dit bericht. De redactie is hem daarvoor bijzonder erkentelijk.
Bij de proefdruk van het boek was de kleur van de achtergrond van de achterkant van het boek groen, zie de bijgevoegde afbeelding. Groot Wateren was een groene oase van weldaad. Bij de uitgegeven versie van het boek is de kleur van de achtergrond van de achterkant van het boek echter diepblauw. Geen groene oase van weldaad zonder diepblauwe wateren. De achterkant met de groene achtergrond van de proefdruk is nu al een verzamelaarsobject.
De redactie zal te gelegener tijd, dus zeker niet in turbodraf en ook niet met turbospoed, aandacht besteden aan onderdelen van de inhoud van het boek.


 

Posted in Publicatie, Woater’n | Leave a comment

Mös de Heufdstroate in Deever awièr op de skuppe ?

De gemeente Westenveld heeft in de periode 2019-2020 in het binnendorp van Deever het peperdure her- en onderbestratingsproject met de naam ‘Diever op Dreef” met veel tamtam en reclame doen uitvoeren. Het project had nota bene, mind you, let op, zelfs een eigen webstee.
De gemeente Westenveld gaf aan dat dank zij het project ‘Diever op dreef’ de bestrating in het dorp weer dertig jaar mee kan, dus dat geldt ook voor het op afbeelding 1 zichtbare deel van de Heufdstroate.
Maar dat gold blijkbaar niet voor de in 2004-2005 uitgevoerde reconstructie van het op afbeelding 2 zichtbare deel van de Heufdstroate, want het resultaat van die reconstructie in 2004-2005 is in 2019 al na 15 jaar, ver voor het einde van die gehanteerde afschrijfperiode van 30 jaar drastisch gesloopt. De gemeente Westenveld was echt op dreef ! Of op drift ? Zou het zo kunnen zijn dat schaars belastinggeld van de inwoners van Deever is vernietigd ?

Afbeelding 1
De redactie heeft deze kleurenfoto van de Heufdstroate in Deever gemaakt op woensdag 11 december 2019.

Afbeelding 2
De redactie heeft deze kleurenfoto van de Heufdstroate in Deever gemaakt op 16 oktober 2004.

Posted in Gemeente Westenveld, Heufdstroate | Leave a comment

Sunnepaneel’n op de doake van Kloosterstroate 9

De redactie van ut Deevers Archief beschouwt het berichten over actuele ontwikkelingen in de gemiente Deever als het bedrijven van geschiedschrijving. In dat kader is het voor de redactie onvermijdelijk aandacht te besteden aan ontwikkelingen die inspelen op het volledig dichtdraaien van de aardgaskraan in Deever in 2050. De nabije toekomst is verleden tijd voordat je het in de gaten hebt.

Op het huis met vroeger het adres Kloosterstraote 9 (nu Kloosterstroate 27) in Deever, waar gelukkig nog een blok beton versierd met het wapen van de gemiente Deever op de dam steet, liggen op de ongunstig op het oosten gelegen doake toch acht zonpanelen, zo ook op het huis met vroeger het adres Kloosterstroate 10 (nu Kloosterstroate 29).
Dit type dubbele woning an de Kloosterstroate is in januari/februari 1951 in het aardgasloze tijdperk opgeleverd, staat daar na 65 jaar nog steeds en zal daar in het volgende aardgasloze tijdperk na 2050 nog steeds staan, terwijl de in 1956 opgeleverde dubbele woningen an de Kloosterstroate in de richting van de brink al in 2014 zijn gesloopt.
De woningbouwvereniging vond het blijkbaar rendabel (subsidie ?) voor dit type dubbele woning een klein begin te maken met de verduurzaming en de onvermijdelijke overgang van de fossiele brandstof gas naar duurzaam geproduceerde elektrische energie. Koken de bewoners van deze woningen al op een elektrische koopplaat of op een inductie kookplaat ?
Als binnen afzienbare tijd dit type woningen flink wordt geïsoleerd en ook een hele forse elektrische warmtepomp in of bij dit type woningen wordt geïnstalleerd en het aardgas wordt afgekoppeld, dan mogen op de doake aan de ongunstige oostkant, na het verleggen van de acht aanwezige zonpanelen, nog wel vier zonnepanelen bij worden geplaatst en mogen op de doake aan de ongunstige westkant zeker ook nog wel ten minste acht zonnepanelen worden geplaatst en mogen op de schuur achter de woningen ook nog wel zes zonnepanelen worden geplaatst, want een forse elektrische warmtepomp verbruikt fors wat niet-zelf-geproduceerde elektrische energie, zeker in het stookseizoen in de winter bij een bewolkte hemel en laagstaande zon. Want waarom zou jij elektrische energie kopen als jij die zelf op de doake kunt produceren ? En zeker is wel te voorspellen dat dan de huur van deze woningen met zeker meer dan 25 procent zal stijgen.
En wat weerhoudt de eigenaar van de open onrendabele ruimte achter het gaas aan de linker kant van de afbeelding, die vroeger in gebruik was als ‘speelweide’, later als ‘schapenweide’, hier een ‘zonnepanelenweide’ van te maken en een kleine rendabele zonnepanelencentrale te bouwen ?  Wellicht is het daarvoor nodig een zonnepanelencoöperatie van omwonenden op te richten ! Bewoners, omwonenden, wacht niet tot de Hoge Dametjes En Heertjes Van Het Duurzame Gelijk In De Gemeente Westenveld met een opgeheven Gij-Zult-wijsvingertje op de stoep staan. Wacht niet ! Neem het initiatief !
De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief wordt voor de beeldvorming verwezen naar de bijgevoegde luchtfoto. Het voorgestelde zonnepanelenpark is geprojecteerd op het terrein, dat omringd is door woningen an de Kloasterstraote, de Binnenesch en de Veentiesweg. Daar moet wel een vijfenzestig jaar oude boom voor sneuvelen.
De redactie heeft de kleurenfoto op 26 april 2018 gemaakt.

Posted in Kloosterstroate, Sunnepaneel | Leave a comment

Wapse hef sien olde naèmbröt terogge

De redactie van ut Deevers Archief vond bij het digitaliseren (scannen) van zijn papieren archief, bestaande uit vooral veel dozen en veel mappen en veel ordners met kranten- en tijdschriftenknipsels, reclamemateriaal, en zo voort, en zo voort, en zo voort, uut de gemiente Deever bijgaand kranteknipsel uit de niet meer bestaande papieren krant De Westervelder van 20 juli 2005 tegen. Dit redactie wil dit knipsel graag tonen aan de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief. 

Wapse heeft oude borden terug
Het was een heel gedoe met de provincie Drente eind 1994. De bekende en vertrouwde witte borden met blauwe rand, met opschrift Wapse, moesten maar eens vervangen worden, zo oordeelde de provincie vanuit de ivoren toren. In januari 1995 kwamen na flinke protesten vanuit het dorp de oude borden terug.

Aantekeningen van de redactie van ut Deevers Archief
De Ten Darperweg door Kalteren en Wapse is een provinciale weg.
De afgebeelde foto op de afbeelding is gemaakt aan de Ten Darperweg op de grens van Kalteren en Wapse. Het andere bord moet hebben gestaan aan het einde van de Ten Darperweg op de grens van de gemeente Vledder en de gemiente Deever.

Op de afbeelding is onder het oude bord een bord met de volgende in ut Deevers vertaalde tekst te lezen:  
Wee bint ur wièr so ai’j seet
So möt ut blie’m veur altied’.
De redactie verwijst de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief gemakshalve ook graag naar het bericht Ut olde plaènaèmbröt Wapse – Gemiente Deever.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een goede scan van het oude plaatsnaambord Wapse – Gemiente Deever ?

Posted in Gemiente Deever, Ten Darperweg, Wapse | Leave a comment

Un sesloeks kleur’n ansichtkoate uut Zorgvliet

De eigenaren van het tweesterren hotel-restaurant Villa Nova, Dorpsstraat 38 op Zorgvlied zetten zo nu en dan in hun ansichtkaartenrekje bij de receptie van het hotel nieuwe ansichtkaarten met dorpsbeelden van Zorgvlied te koop. Daar kwam de redactie van ut Deevers Archief ook de hier afgebeelde zo genoemde zesluiks kleuren ansichtkaart tegen. De uitgever van deze ansichtkaart is uitgeverij Van der Meulen b.v. in Sneek. De redactie van ut Deevers Archief heeft nog niet uitgevogeld wanneer of in welk jaar deze kleuren ansichtkaart is uitgegeven. In elk geval na de datum waarop het stuk verroeste boorpaal in de openbare ruimte aan de Dorpsstraat vóór het tweesterren hotel-restaurant Villa Nova is geplaatst.

De kleuren ansichtkaart toont de volgende zes dorpsbeelden:
linkerbovenluik : hotel-restaurant Villa Nova an de Dörpsstroate op Zorgvlied;
middenbovenluik: rooms-katholiek kerk an de Dörpsstroate op Zorgvlied;
rechtsbovenluik: is dit het bruggetje in de bos dat ook door Hans Kuiper is geschilderd ?;
linksonderluik: de kapel van Obadja an de Dörpsstroate op Zorgvlied;
middenonderluik: het verdwaalde kunstwerk De Verroeste Boorpaal an de Dörpsstroate op Zorgvlied;
rechtsonderluik: de vier bejaardenhuisjes bij de rooms-katholieke kerk an de Dörpsstroate op Zorgvlied.

Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie de plaats van het bruggetje melden ?

Posted in Ansigtkoate, Zorgvliet | Leave a comment

De fumilie Diekstroa veur de olde pasterie

Op de hier afgebeelde foto (afbeelding 1) staat voor de oude pastorie van de Gereformeerde Kerk an de Kruusstroate in Deever op een winterse dag de familie Dijkstra. Harmen Ages Dijkstra was de domeneer van de gereformeerde geloofsgemeente in de gemiente Deever.
De persoon aan de linkerkant is Ynschken (Ina) Dijkstra, Zij is geboren op 1 april; 1884 in Opsterland. Zij is overleden op 12 mei 1965 in Hoogeveen.
Naast Ina Dijkstra staat Margaretha (Margreeth) Tjitske Dijkstra. Zij is geboren op 29 januari 1910 in Deever. Zij is overleden op 9 september 2005 in Assen.
De derde persoon van links gezien is Aaltje Kok. Zij is geboren op 11 september 1867 in Dwingel. Zij is overleden op 23 mei 1960 in De Wijk. Aaltje Kok is een achterkleindochter van de bekende meister Albert Kok.
De derde persoon van rechts gezien is dominee Harmen Ages Dijkstra. Hij is geboren op 3 april 1856 in Oosterend (Hennaarderadeel). Hij is overleden op 27 februari 1942 in Zuidlaren.
De tweede persoon van rechts gezien is Johanna Hilberdiena (Jo) Dijkstra. Zij is geboren op 6 augustus 1905 in Deever. Zij is overleden op 19 april 1960 in Assen.
De man aan de rechterkant is de verloofde van Johanna Hilberdiena (Jo) Dijkstra. Tot een huwelijk is het echter niet gekomen. Jo werd onderwijzeres en bleef haar hele leven vrijgezel.

Niet op de afgebeelde foto (afbeelding 1) staat zoon Age (Ed) Dijkstra. Hij is geëmigreerd naar Sioux City in de deelstaat Iowa van de Verenigde Staten van Amerika. Hij noemde zich daar Edward (Ed) D. Dijkstra. Hij is geboren op 21 mei 1887 in Opsterland. Hij is overleden op 2 mei 1958 in Des Moines, hoofdstad van de deelstaat Iowa van de Verenigde Staten van Amerika. Age (Ed) Dijkstra zal op de dag dat de hier afgebeelde foto (afbeelding 1) is gemaakt al lang zijn geëmigreerd. Niet op de afgebeelde foto (afbeelding 1) staat Harm Dijkstra. Hij is geboren op 19 september 1894 in Deever. Hij is overleden op 23 maart 1975 in Winschoten.

De hier afgebeelde foto (afbeelding 1) is rond 1931 op een winterse dag gemaakt. Zou het zo kunnen zijn dat de foto is gemaakt op zondag 4 januari 1931 ? Op die datum hield dominee Harmen Ages Dijkstra zijn afscheidsdienst in de Gereformeerde Kerk an de Kruusstraote in Deever, waarna hij met emeritaat ging. Harmen Ages Dijkstra is 42 jaren lang, van 6 januari 1889 tot en met 4 januari 1931, dominee van de gereformeerde geloofsgemeente in de gemiente Deever geweest. Als je zó lang domeneer in Deever bent geweest, dan ben je toch echt wel un Deeverse geworden.

Aan de rechterkant van de hier afgebeelde foto (afbeelding 1) is nog net een klein stukje van de boerderij van boer en timmerman Roelof Santing en Janna Bolding te zien. De redactie moet met het schaamrood op de kaken toegeven, dat het hem nog steeds niet is gelukt een mooie afbeelding van de gehele boerderij van Roelof Santing en Janna Bolding an de Kruusstroate in Deever aan zijn verzameling toe te voegen en te tonen aan de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief. Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief kan de redactie helpen aan een goede scan van een foto van deze boerderij ? De oude pastorie is in 1931 op dezelfde plek vervangen door een nieuwe. Dit pand bestaat nog steeds. In het pand an de Kruusstroate in Deever is nu een kapperszaak gevestigd.

Let bij de hier afgebeelde foto (afbeelding 1) op de bevestiging van de bovengrondse elektriciteitsdraden aan de gevel van de oude pastorie. Let ook op de trekbel in de deurpost, De vraag is wel wat in het gebouwtje direct naast de pastorie werd gedaan ? Was dit gebouwtje onderdeel van de pastorie ? Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief het weet, die mag het zeggen.

Van de vijf kinderen van dominee Harmen Ages Dijkstra is gelukkig wel een mooie groepsfoto bewaard gebleven.
De kinderen Ynschken (Ina) en Age (Ed) waren kinderen van Harmen Ages Dijkstra en zijn eerste vrouw Tjaltje Sytsma.
De kinderen Harm, Johanna (Jo) Hilberdiena en Margaretha (Margreeth) Tjitske waren kinderen van Harmen Ages Dijkstra en zijn tweede vrouw Aaltje Kok. De groepsfoto is gemaakt omstreeks 1930. Waarschijnlijk was Age (Ed) Dijkstra toen op familiebezoek in Nederland. Wat zijn oude Friese meisjesvoornamen toch prachtige voornamen: Ynschken, Tjaltje, Tjitske.

Van de familie Age (Ed) Dijkstra is gelukkig wel een moooie gezinsfoto bewaard gebleven. Deze gezinsfoto is gemaakt omstreeks 1932.

Het echtpaar Harmen Ages Dijkstra en Aaltje Kok is begraven in perk A van ut kaarkhof an de Grönnegerweg bee Deever. Zie de bijgevoegde kleurenfoto van de twee grafstenen, die de redactie van ut Deevers Archief heeft gemaakt op maandag 3 september 2018.

Afbeelding 1
De hier afgebeelde foto is afkomstig uit de fotocollectie van Margaretha (Margreeth) Tjitske Dijkstra, dochter van dominee Harmen Ages Dijkstra en Aaltje Kok.

abracadabra-561

Posted in Deever, Griffemiède kaarke, Kruusstroate, Topstuk | Leave a comment

De allerièste kleur’n ansichtkoate uut Wapse

Bij neringdoenden in Wapse zijn na de Tweede Wereldoorlog erg weinig ansichtkaarten van onderwerpen uit Wapse te koop geweest. In de zestiger jaren van de vorige eeuw zijn een aantal zwart-wit ansichtkaarten uitgegeven door Hennie Koning’s Zelfbediening en Café Louwes in Wapse. De in Wapse geboren Roelof (Roof) van Goor, die an de Kruusstroate in Deever een boehandel en een drukkerij had, heeft ook een aantal zwart-wit ansichtkaarten van Wapser onderwerpen verkocht, waaronder een zwart-wit ansichtkaart, waarop het boerderijtje waar hij is geboren is te zien.
De allereerste kleuren ansichtkaart uit Wapse – zie de bijgevoegde afbeelding – was in het begin van de zeventiger jaren te koop bij café-restaurant Het Witte Huis, adres Wapse 88. Het pand staat nog steeds aan de provinciale weg met de naam Ten Darperweg. De kaart is gedrukt bij Uitgeverij Van der Meulen in Sneek. Jij kunt als verzamelaar van ansichtkaarten uut de gemiente Deever, maar beter wel een exemplaar van deze zeldzame, meer dan een halve eeuw oude Wapser kleuren ansichtkaart in jouw verzameling hebben. Ech wè.
Dit café is vroeger lang café Land geweest. Het kan zijn dat achter de twee linker parasols nog het voetbalveld van Sportvereniging Wapse lag, maar misschien ook net niet meer, want in het begin van de zeventiger jaren van de vorige eeuw is Sportvereniging Wapse verhuist naar de nieuwe sportvelden bij de Rollestraat. Toen hoefden de voetballers zich niet meer om te kleden in het café, maar konden ze gebruik maken van een eigen kleedruimte.
De naam van de voetbalvereniging Wapser Boys is in de tweede helft van de zestiger jaren van de vorige eeuw veranderd in Sportvereniging Wapse. Op het oude voetbalveld zijn in de eerste helft van de tachtiger jaren van de vorige eeuw de huisjes van zomerhuisjespark Nieuwland gebouwd.

De zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief, die nog een verstokte liefhebber van Wapser afbeeldingen op papier is, die kan de hier afgebeelde kleuren ansichtkaart van café-restaurant Het Witte Huis ook ten zeerste in zwart-wit weergave bewonderen op bladzijde 37 van het in 2008 uitgegeven papieren boekwerkje Diever, zoals het was in de voormalige gemeente, 1930-1980, dat is samengesteld door vrijwilligers van de heemkunduge vurening uut Deever. Maar ja, dan moet je wel in het bezit van dat papieren boekwerkje zijn of dat papieren boekwerkje bij iemand in kunnen zien. Wellicht is op één of andere webstee een tweedehands exemplaar te koop.

Posted in Ansigtkoate, Café-Restaurant Het Witte Huis, Wapse | Leave a comment

Van ut eup’mlogtspel bestiet iene ansichtkoate

De redactie van ut Deevers Archief heeft in zijn digitale foto-archief wel een scan van enige zwart-wit ansichtkaarten -dus uit de periode tot 1970- van het oude originele openluchttheater an de Heezeresch bee Deever, maar slechts één scan van een kleuren ansichtkaart van ut eup’mlogtspel. De redactie wil een afbeelding van deze unieke kleuren ansichtkaart niet onthouden aan de zeer gewaardeerde bezoeker van ut Deevers Archief. Zie de bijgevoegde afbeelding.
Op de achterkant van de kleuren ansichtkaart, die is gedrukt bij uitgeverij Van der Meulen in Sneek is het jaar van uitgave helaas niet vermeld. De redactie kent wel een exemplaar van een op 14 september 1979 gelopen kaart. De vier foto’s van ut eup’mlogtspel zullen dan naar alle waarschijnlijkheid niet zijn gemaakt  in 1979, maar in 1978.
In 1978 werd het openluchtspel ‘The comedy of errors’ gespeeld, in het Nederlands ‘Een grappig vrolijk stuk over fouten’. Dit grappige vrolijke stuk over fouten is erg lang geleden -in 1592-1594- in het Engels geschreven door William Shakespeare, een toneelstukkenschrijver die wellicht bekend is bij de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief.
Wie van de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief herkent de vier afgebeelde scènes en kan bevestigen of het inderdaad gaat om scènes uit het grappige vrolijke stuk over fouten ? De redactie verneemt het graag. En een nog moeilijker vraag voor de zeer gewaardeerde bezoekers van ut Deevers Archief is de vraag: wie herkent de spelers in de vier scènes ? De redactie verneemt het graag.

De saandvlakte veur ut eup’mlogttheater is gien saandvlakte mièr, maar een steenvlakte voor het eventjes parkeren van auto’s van mensen die in het bijna najaar één van die paar voorstellingen in ut eup’mlogttheater bezoeken. Vroeger werd op die zandvlakte door Deeversen gebolderd. Vroeger was het een mooie grote boldervlakte. Tegenwoordig -anno 2021- noemt een uitbater van een eet-, drink- en slaapgelegenheid in de buurt van de boldervlakte deze trieste verlaten verharde gratisparkeerplaats eufemistisch een cultuurbrink. Maar welke cultuur dan ? De elandenbiefstukeetcultuur ? De openluchtspelcultuur ? De williamshakespearecultuur ? De metverdelgingsmiddelenbesproeidebloembollenveldencultuur ?
In Drente kan een ruimte alleen een brink zijn als aan die brink enige boerderijen liggen, hebben gelegen. Dat is bij de ruimte voor ut eup’mlogttheater niet het geval. In Deever hebben wel meer mensen last van het toevoegen van een zelfstandig naamwoord aan brink. Zo wordt de brink van Deever ook wel foutief kerkbrink genoemd. De brink van Deever is zelfs geen origineel Saksische brink. Zo wordt ut maarktterrein van Deever, vaak ten onrechte marktbrink genoemd. Ergo de parkeervlakte bij ut eup’mlogttheater kan en mag geen cultuurbrink worden genoemd. Een niet door enige kennis gehinderde uitbaatzuchtig denkende cultuurbarbaar heeft waarschijnlijk die naam bedacht.

Posted in Ansigtkoate, Eup’mlogtspel, Heezeresch | Leave a comment